Posted on

Bericht over Hongkong

Op 14 november vorig jaar was Theresa Cheng, de Hongkongse minister van Justitie, op uitnodiging van het Britse Chartered Institute of Arbitrars naar de hoofdzetel in Londen gekomen voor een uitleg over de werking van Hongkong als centrum voor arbitrage rond allerlei geschillen tussen bedrijven onderling en met de overheid.

Arbitrage is een methode om rechtszaken te vermijden en alles binnenskamers te regelen. Hongkong is nu eenmaal een van ‘s werelds grootste financiële draaischijven en belangrijk op het vlak van de arbitrage. En dus was haar komst de meest logische zaak mogelijk.

Gewelddadige rellen

Het is een bezoek dat ze zich wel nog heel lang zal blijven herinneren. Voor haar leek het echter een routineklus. Londen kende ze uiteraard heel goed en bovendien was ze ooit voorzitter geweest van deze instelling. Dit ging dus vlot gaan, dacht ze vermoedelijk.

Maar in Hongkong was de toestand op dat ogenblik chaotisch met tienduizenden betogers, vooral studenten en ook scholieren, die op een uitermate gewelddadige wijze poogden de lokale regering te doen vallen en China zo te provoceren dat het haar leger ging laten ingrijpen. Een tweede Tiananmen dus met opnieuw een pak doden. Wat faalde.

Theresa Cheng, de Hongkongse minister van Justitie, werd op 14 november vorig jaar in het centrum van London op straat door gemaskerde betogers het hospitaal ingeklopt. Resultaat een gebroken arm en een ontwricht hand. De Britse regering noemde zich ‘bezorgd’ en de Londense politie… die doet niets. Britse hoffelijkheid?

Waarna een ‘verontwaardigde’ Verenigde Staten dan zoals met Tiananmen in 1989 nog maar eens sancties uitvaardigde tegen China en ditmaal ook Hongkong. Wie weet opnieuw gevolgd door de Europese Unie en Japan.

Kwestie van de pijn voor de Chinese regering zo groot mogelijk te maken. Kort ervoor was er ook de eerste dode gevallen. Een 70-jarige man die nadat hij tegen dit vandalisme had geprotesteerd door de betogers werd aangevallen en vermoord. Een andere tegenstander stak men dan weer in brand.

Wie had gedacht dat de Hongkongse minister daarom bij haar bezoek politiebewaking zou krijgen was echter verkeerd. Er was in de verste verten duidelijk geen politie te zien toen ze in Holborn in het centrum van de Britse hoofdstad naar haar afspraak trok.

Toen ze nog maar een honderd meter van de hoofdzetel van de organisatie op Bloomsbury Square verwijderd was verschenen plots een, naar gelang de bron, 30 tot 50 gemaskerden die de minister aanvielen en brutaal tegen de grond schopten en sloegen. Resultaat een gebroken arm en een ontwricht hand die hospitalisatie en weken revalidatie vergden.

Wie die gemaskerden waren is na meer dan zes maanden officieel nog steeds niet geweten. Ondanks de massa’s camera’s die de Londense straten sieren. De aanvallers spraken Kantonnees, het dialect van Hongkong en de erom liggende provincie Guandong. Arrestaties werden niet verricht en het was het personeel van het instituut dat haar wist te ontzetten. De politie was nergens te bespeuren.

Protest China en Hongkong

Natuurlijk was er onmiddellijk een publiek protest van zowel het vertegenwoordigingskantoor van Hongkong in Londen als van de Chinese ambassade die beiden ook een gerechtelijk onderzoek en maatregelen vroegen.

De politie zou, volgens zowel de televisiezender Euronews als de Londense krant Evening Standerd een onderzoek naar de zaak doen (1). Zeer opmerkelijk was echter de reactie op het incident van de Britse conservatieve regering van toen nog Theresa May. Die stelde: “Zich zorgen te maken”. Zorgen? Over wat? De verkeerde arm gebroken misschien?

Terwijl Hongkong en China een veroordeling van die aanval op een minister van hun regering vroegen toonde Londen zich alleen maar ‘bezorgd’. Een veroordeling in welke termen dan ook van die aanval kon er niet eens af. Het toont perfect welke de positie van Theresa May en haar regering over de rellen in Hongkong juist was.

Grote delen van de betogers vroegen de VS en de vroegere koloniale meesters om hulp tegen hun regering. Nog een groep die denkt dat de VS hen gaat helpen richting het paradijs. Moeten de Britten hen terug opium bezorgen en de VS hun leger sturen om Hongkong dan helemaal te vernielen?

Men moest immers al stekeblind zijn om niet te zien dat die extreem gewelddadige revolte in Hongkong toen niet alleen gebeurde in nauw overleg met de VS maar ook de volle steun had van de Britse regering. En dus was de Britse regering ‘bezorgd’.

Intussen zijn we al meer dan 6 maanden later maar van enige politieactie is kijkend naar de media niets te horen of te zien. Geen arrestaties, geen actualisatie van het onderzoek, geen persbericht of welke mededeling over deze zaak dan ook. Ook de Britse regering van nu Boris Johnson zwijgt. Het is wat Londen betreft een afgesloten dossier. Dat lijkt duidelijk.

Freedom of No Information Act

Navraag hierover via de Freedom of Information Act bij de Londense Metropolitan Police Service (MPS) leverde ook in beroep niets op. De vragen waren nochtans simpel: Is er een onderzoek van de politie en zijn er al mensen aangehouden of in verdenking gesteld?

Simpele vragen waar je in welk gerechtelijk dossier ook als journalist zo vlot antwoorden krijgt. Zeker daar het hier een bezoekend minister betrof en de zaak in het openbaar gebeurde en toch wel grote beroering veroorzaakte. Zelfs internationaal.

“We kunnen het noch bevestigen, noch ontkennen”, was ook in beroep het antwoord van de MPS. De reden was voor hen simpel. Zo stelt men dat hierop met ja of neen antwoorden bepaalde personen schade zou kunnen berokkenen en om reden van privacy kon zij daarom hierop noch met ja of neen antwoorden.

Grenville Cross, van 1997 tot 2009 hoofdaanklager in Hongkong en nu vicevoorzitter van de Internationale Vereniging van Openbare Aanklagers, stelt dat China geheel in zijn recht is met de plannen voor wijzigingen aan de Basis Law van Hongkong, de grondwet.

Maar hoe hier op die twee vragen antwoorden schade zou kunnen berokkenen aan wie dan ook is wel bijzonder raar daar de feiten toen wereldwijd in de media rondgingen en men ook geen namen van eventueel gearresteerden vroeg.

Het publiek mag het niet weten

“Alhoewel gij in uw vraag geen namen noemt zou ons antwoord (indien we die info hadden) leiden tot de identificatie van de betrokken individuen”, stelde de MPS op pagina 5 van hun lijvig maar 14 pagina’s rond de pot draaiend antwoord. Wat verder op pagina 7 komt de echte aap dan uit de mouw gekropen en geeft men omfloerst de ware reden om het antwoord te weigeren op die twee gewone vragen.

Indien we die (info, nvdr,) hadden zou het vrijgeven van die informatie kunnen leiden tot een grotere publieke participatie en debat met betrekking tot het politieoptreden hier. Het zou er ook toe kunnen leiden dat leden van het publiek om rekenschap vragen van de overheden en zo goed geïnformeerde keuzes te maken.”

Met andere woorden. Het publiek mag hier niet weten wat er aan de hand is en wil de daders beschermen nemen en in wezen op die wijze ze zelfs steunen. Waarop dan natuurlijk de vraag komt: Wie waren die aanvallers dan? Een door de Britse overheid ingehuurde knokploeg? En is dit de verklaring waarom de minister die avond geen politiebescherming had?

Joshua Wong hier met de Amerikaanse Republikeinse senator Marco Rubio. Verdedigers van de vrijheden in Hongkong zoals ze zich noemen. Na verloop van tijd zal men voor Joshua Wong in de VS wel een job vinden. Het broodje voor deze Amerikaanse posterboy lijkt gebakken.

Uiteindelijk steunt de Britse regering in Hongkong de massale vernielingen, geweld tegen burgers en politie met zelfs moord en poging tot moord. En dan is het neerslagen van een minister van die regering voor Londen klein bier. Het toont ook dat die fameuze Freedom of Information Act waardeloos is.

Artikel 23

Intussen heeft China met steun van de Hongkongse regering eindelijk maatregelen genomen om het politiek geweld onder controle te brengen. Probleem was artikel 23 van de basiswet van 1997, de grondwet van deze regio. Nog tegen augustus gaat het Staand Comité van het Chinese parlement dit artikel dat onder meer gaat over landverraad, poging tot afscheiding, terrorisme en buitenlandse inmenging goedkeuren.

Het invullen hiervan was in 1997 door China overgelaten aan Hongkong. In 2003 poogde Hongkong dit dan te laten goedkeuren maar dit faalde wegens lokaal verzet, aangevuurd door de VS en het Verenigd Koninkrijk.

En gezien de toestand in Hongkong zal, vreest China, het dat ook de komende jaren niet lukken. Daarom dat China dit per decreet zal doen waarna het automatisch in de vroegere Britse kroonkolonie wet wordt.

Krantenuitgever Jimmy Lai hier met John Bolton, de gewezen republikeinse minister van Buitenlandse Zaken en een ook in de VS gevreesde oorlogsstoker. Jimmy Lai stelde in zijn krant de emigratie van Chinezen naar Hongkong ooit gelijk met de komst van een sprinkhanenplaag.

Men is er namelijk vanuit de VS en met steun van onder meer Jimmy Lai, de uitgever van Apple Daily de grootste krant in Hongkong, in geslaagd om veel inwoners van deze regio op te zetten tegen China. Een fenomeen dat onderhuids al decennia leefde maar dankzij een goed uitgebouwd propagandanetwerk almaar meer aanhang kreeg.

Met zelfs steeds luider geroep om onafhankelijkheid. Een dodelijke zonde voor alle Chinese leiders die hun land zijn positie van vroeger terug willen zien innemen. Eeuwenlang was het immers een der grootmachten in de wereld die het dankzij vooral de Britten en ook Japan vanaf de negentiende eeuw met o.m. de Opiumoorlogen verloor.

Chinees nationalisme

En in wezen is China na veertig jaar economische groei terug op dit punt geraakt. Volgens het door het IMF gebruikte systeem van koopkrachtpariteit zelfs een 33% groter dan de VS. (27,8 biljoen $ versus 20,2 biljoen $) En dat poogt men in de VS nu met alle mogelijke middelen te verhinderen door China zoveel als mogelijk te kortwieken. De VS willen immers de enige wereldmacht blijven.

Zo steunt Washington de gewelddadige bewegingen in Xinjiang, met de salafistische terreurgroepen van Oeigoeren, in Tibet met de aanhangers van de Dalai Lama en in Hongkong. Ook steunt men nu voluit de huidige regering in Taiwan in haar streven om zich officieel af te scheiden van China (2). Met provocaties en harde woorden o.a. rond de coronacrisis tot gevolg. Met een pers die aan de Taiwanese lippen hangt.

De Hongkongse advocaat Chang Tze-chin liet op 24 mei tijdens een betoging van die rebellen zijn ongenoegen blijken en kreeg van hen dan ook een stevig pak slaag, tot bloedens toe. In onze media noemt men die betogers vrijheidslievende opponenten die streven naar de democratie. Het is een traditie bij onze media om door de VS gesponsorde terreurgroepen op te hemelen.

Geen verwondering daarom dat onze media al die door de VS gefinancierde bewegingen als helden zien. Het zijn de goeden versus een duivelse regering. Een klassiek verhaal dat we ook kennen van onder meer Irak, Syrië, Egypte, Joegoslavië, Rusland, Libië, Iran, enzovoort.

Maar door het eenzijdig invoeren van die nog uit te werken Chinese veiligheidswet – Legco moet er niet over stemmen – is China en Hongkong beter gewapend om op te treden tegen die Amerikaanse en ook Britse plannen.

Jimmy Lai

Veel hangt natuurlijk af van de wettekst en nog meer misschien van de interpretatie ervan. Het is duidelijk dat figuren als krantenuitgever Jimmy Lai, advocaat Martin Lee en de jonge studentenleider Joshua Wong nauw samenwerken met de VS om Hongkong te destabiliseren en zo China te provoceren.

En ook dat mensen als Martin Lee en de gewezen journaliste Emily Lau dit fysiek geweld tegen burgers, moord en het vernielen van die eigendommen en het parlement mee steunden. Een veroordeling ervan is op het internet niet te vinden.Ze uiten wel geen openbare steun aan die vernielzucht maar een afkeuring kon er tot heden voor zover geweten niet af.

Martin Lee van de Democratische Partij en Jimmy Lai werden recent al in beschuldiging gesteld wegens het deelnemen aan illegale betogingen. Toen de eerst toegelaten manifestaties in juni vorig jaar ontaarden in grootschalig geweld werden nadien praktisch alle protestmarsen verboden.

Niet alleen in Hongkong maar ook in Syrië had je volgens onze media dergelijke naar mensenrechten en democratie snakkende vrijheidsstrijders. Hier Aboe Sakkaar, ooit de leider van de jihadisten in de stad Homs. Een held voor het journaille tot bleek dat hij daarnaast ook al eens voor kannibaal speelde. Dan zwegen de kranten.

Of het zover zal komen dat ook Jimmy Lai en zijn Apple Daily wordt aangepakt is een belangrijke vraag. Het latente racisme dat in Hongkong al decennia, en dus ook onder de Britten, aanwezig is wordt door Jimmy Lai via zijn niet aflatende ophitsing door Apple Daily steeds groter gemaakt. En Jimmy Lai is kind aan huis bij de extremisten binnen de Amerikaanse Republikeinse Partij. John Bolton en Mike Pompeo zijn vrienden.

Intussen is in de Legco in Hongkong een wet in behandeling die het beledigen van het Chinees volkslied, Mars van de Vrijwilligers, strafbaar zal maken. Het gaat in de Legco begin juni naar zijn laatste stemronde en wordt dan wet. Men gaat die opstandelingen dus strenger kunnen aanpakken. En dat zal gebeuren.

En zoals verwacht kwam de harde kern van die rebellen hiertegen vorige week in verzet. Daarbij stellende dat dit het einde is van Hongkong en de in 1997 tussen China en het Verenigd Koninkrijk afgesproken politiek van ‘een land, twee system’. Het einde van onze vrijheid klinkt het bij mensen als Joshua Wong, de nieuwe posterboy van de VS en de westerse massamedia.

De betogingen waren echter beperkt tot enkele duizenden en gemakkelijk onder controle te houden door de politie. Er werden maar een paar honderd betogers opgepakt, veelal voor identificatie. De ordediensten waren ditmaal ook nog veel beter voorbereid dan vorig jaar. Het geweld tegen burgers en politie van die betogers was trouwens ook beperkt.

Grenville Cross

Ook onze media praten zoals verwacht deze visie van de VS slaafs naar de mond. De vrijheid is in gevaar klinkt het. Onzin zegt de Britse gewezen topmagistraat Grenville Cross die van 1997 tot 2009 in Hong Kong Director of Public Prosecution was, de hoofdaanklager dus.

Hij stelt het in een recent opiniestuk in de South China Morning Post zo (3):

Although Article 23 is mandatory, the national security laws have still, after 23 years, not been enacted. While there is no timetable for implementation, it was obviously expected within a reasonable time…..

Alhoewel artikel 23 verplicht is is er 23 jaar nadien nog steeds geen nationale veiligheidswet. En alhoewel er geen tijdschema voor voorzien is is het toch begrijpelijk dat dit binnen een redelijke termijn dient te gebeuren.

It is paradoxical that those who have most strenuously opposed its enactment, such as former governor Chris Patten, who in February said he was “surprised and saddened” that Article 23 was again being mooted are the very same people who wax loudest about Beijing’s alleged non-compliance with the Basic Law. The Basic Law, after all, is a two-way street, and Hong Kong has fallen down on its responsibilities towards the country.

Het is paradoxaal dat diegene die protesteren tegen het invullen van artikel 23, zoals de vorige Britse gouverneur Chris Patten (4), nu nog in februari stellen verrast en triest te zijn door die plannen. En dat Beijing dit plande een breuk met de grondwet betekent. Uiteindelijk is deze grondwet een zaak van China en Hongkong waarbij die laatste verzaakte aan zijn verantwoordelijkheid tegenover China.

Wat China dus nu gaat doen is dit hiaat in de wetgeving invullen zeker nu de VS poogt haar wil via die opstandelingen door te drijven. En de toestand in Hongkong blijft gevaarlijk. Zo werden in maart alleen al 2,6 ton explosieven ontdekt en vijf vuurwapens in beslag genomen. De vrees voor extra geweld lijkt dan ook gerechtvaardigd.

Zelfs in Oekraïne heb je zo’n door onze kranten opgehemelde vrijheidsstrijders wier streven geheel in het teken staat van de strijd voor de (sic) mensenrechten en de democratie. Een Oekraïne waar pleinen en straten nu genoemd zijn naar diegenen die ooit meehielpen aan de holocaust. Zij krijgen zelfs steun van Israël. En vorig jaar trok een groep van die ‘vrijheidsstrijders’ zelfs naar Hongkong om er hun vrienden een hart onder de riem te steken.

Het radicaliseren van kinderen van 18 jaar en minder tot zelfs 12 jaar is met een professionele omkadering immers niet zo heel moeilijk. En de VS weet beter dan wie ook hoe dat aan te pakken. Uiteindelijk waren de rellen van juni tot in november vorig jaar uitzonderlijk brutaal.

Zo werden honderden burgers door de betogers in het hospitaal geslagen, een burger in brand gestoken en een gedood terwijl men een politieman neerstak. Ook werden massa’s brandbommen naar de politie gegooid, het parlementsgebouw, universiteiten en de metro en de luchthaven grondig vernield. Dikwijls zelfs door kinderen van 12 jaar.

Dat er daarbij – behoudens een ongeluk – langs de betogerszijde geen doden vielen toont trouwens de professionaliteit van de lokale politie. Het was bijvoorbeeld recent in Frankrijk met de Gele Hesjes en nu in de VS wel anders.

Joshua Wong

Maar dat was voor onze pers geen probleem om continu van politiegeweld te spreken en die rellenschoppers te bestempelen als de ‘democratische’ oppositie. Het is een klassiek fenomeen.

Opstandelingen die de steun van de VS krijgen, of dat nu vroeger in Vietnam was of recenter in Oekraïne, Iran, Joegoslavië of Syrië, zijn de goeden. Zelfs al waren ze hondsbrutaal, het blijven voor onze massamedia democratische vrijheidsstrijders.

Opvallend is wel dat het verzet in Hongkong tegen China lijkt af te nemen. De twee recente betogingen lokten wel een pak betogers maar zeker niet meer de vele tienduizenden van vorig jaar. Dat blijkt ook uit de verhalen van The Financial Times die het had over afkalvende steun.

Er komen kortelings echter nog cruciale data. Zo wordt eerstdaags de goedkeuring verwacht van de wet over het beledigen van het Chinese volkslied. En in augustus zal de nieuwe veiligheidswet (artikel 23) door het Staand Comité van het Chinees parlement goedgekeurd worden. Belangrijk zijn ook de voor september voorziene verkiezingen voor het parlement, de Legco. Men verwacht hier een overwinning voor de oppositie.

Deze burger wou die betogers weg uit zijn buurt. Het resultaat was dat men hem overgoot met benzine en in brand stak. Hij overleefde het. Nadien poogde het Franse staatspersbureau AFP het nog voor te stellen als nep en het werk van een acteur. De betogers hebben vijf centrale eisen die van hen zonder discussie moeten ingewilligd worden. Daarbij is dat men niemand mag vervolgen voor wat de betogers toen deden. Dus ook dit. Een van de kopstukken van die rebellie weigerde in een interview de daders hiervan zelfs te veroordelen.

Vandaar dat men hier snel die wetten nog wil laten goedkeuren. Het is duidelijk wat de VS ook wil realiseren China hier geen enkele duimbreed zal toegeven. Voor hen zal het keizerrijk één of niet zijn. In 1997 beloofde China dat Hongkong via het systeem van een land en twee systemen een grote vorm van autonomie ging krijgen.

Maar grote autonomie is niet hetzelfde als totale autonomie. Groot is een relatief begrip in te vullen door de noden van de dag. Hongkong zal altijd binnen China een apart geval zijn maar er is voor Beijing maar een weg voorwaarts en dat is die van de trage maar gestage assimilatie. Het temmen is nu begonnen.

En voor de leiders van die opstand rest hen alleen dit aanvaarden of ballingschap. En figuren als Joshua Wong zullen in de VS wel een vetbetaalde job vinden. Wie weet is er voor hem een zoveelste prestigieuze door de media opgeklopte prijs…. Die van de vrijheid? En dat de VS moord en brand schreeuwt zal op Beijing niet de minste indruk maken. Eenheid is DE rode Chinese lijn. Dat weet Washington trouwens heel goed.

En bovendien staat de VS hier steeds meer geïsoleerd. Tijdens een interne discussie in de EU over hoe men moest reageren stond alleen Zweden pal achter de VS. De rest wil gewoon een tussenpositie innemen. China is wel een rivaal maar ook een handelspartner die men broodnodig heeft. Washington kan de pot op.

Zelfs binnen het clubje van de zogenaamde ‘Five Eyes’, het samenwerkingsverband van de spionagediensten van de VS met het Verenigd Koninkrijk en haar drie blanke ex-koloniën, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland, was er dissidentie. Nieuw-Zeeland produceerde dan maar een eigen verklaring los van de partners. Zelfs hier kalft de macht van de VS af.

Noten

1) Euronews, 15 november 2019, Rachael Kennedy, ‘British police probe alleged assault of Hong Kong justice secretary Teresa Cheng’. https://www.euronews.com/2019/11/15/british-police-probe-alleged-assault-of-hong-kong-justice-secretary-teresa-cheng

Evening Standaard, 15 november 2019, Sean Morrison, ‘Hong Kong justice secretary Teresa Cheng ‘seriously injured’ as she is ‘attacked’ by protesters while visiting London’. https://www.standard.co.uk/news/london/hong-kong-justice-secretary-seriously-hurt-as-she-is-attacked-by-protesters-in-london-a4287806.html

2) De kwestie van Taiwan is een reliek van de Chinese burgeroorlog die van 1911 en de val van het keizerrijk duurde tot 1949 en de overwinning van de Chinese KP met Mao Zedong. Het eiland was origineel bevolkt door etnische groepen die verwant zijn met die uit de Filippijnen. Zij leven er nog als een kleine minderheid.

De komst van Nederlandse en Spaanse veroveraars in de zeventiende eeuw zorgde voor een kort intermezzo waarbij die elkaar bevochten vanuit o.m. Fort Zeelandia bij de stad Tainan. Met de Nederlanders die het haalden. Er woonden toen ook al veel Chinese vissers, piraten en handelaars.

Dat werd verstoord door de machtsstrijd in China tussen de Mantsjoes die de laatste Chinese dynastie van de Qing installeerden en de naar het zuiden gevluchte aanhangers van de Ming keizers. Onder leiding van de Chinese ambtenaar Zheng Chenggong (Koxinga) (1624-1661) verjoeg die de Nederlanders en claimde het eiland voor zijn Koninkrijk van Tungning. Tot de Qing in 1683 het eiland veroverden.

In 1895 bezette Japan Taiwan waarna het in 1945 na de Japanse nederlaag terug naar China en de regering van de Kwomintang van Chiang Kai-shek ging. Na de nederlaag tegen de Chinese KP trok deze zich terug op het eiland. Een integratie die zeer moeilijk verliep.

Van hieruit claimde hij de rest van het grote China als het zijne. Taiwan heeft daardoor een aparte geschiedenis voor een groot deel los van China zelf verliep. Het had trouwens al onder het keizerrijk een moeilijke relatie met China.

Officieel is die claim van de Kwomintang er nog steeds. In kaarten eisen ze niet alleen de Zuid-Chinese Zee op maar zelfs Mongolië. Het noemt zich officieel ook nog steeds de Republiek China met de vlag van toen.

3) South China Morning Post, 29 mei 2020, Grenville Cross, ‘If Hong Kong had enacted national security laws on its own, Beijing wouldn’t be stepping in’. https://www.scmp.com/comment/opinion/article/3086440/if-hong-kong-had-enacted-national-security-laws-its-own-beijing.

4) Chris Patten is de Britse conservatieve politicus die ook de laatste gouverneur van Hongkong was en de overdracht regelde. Eerst poogde de Britse premier Margaret Thatcher bij de start van de onderhandelingen met China Hongkong voor de Britten te behouden. Maar dat werd nog diezelfde minuut door de Chinese leider Deng Xiaoping van tafel geveegd. Nu zit Chris Patten die onder zijn bewind zelf het koloniaal systeem behield te ijveren voor meer…. democratie in Hongkong.

 

Posted on

Noord-Korea: Voorspelling voor 2019

The National Interest, een toonaangevend tijdschrift over internationale betrekkingen, heeft onlangs aan 27 Noord-Korea experts gevraagd om in 500 woorden aan te geven wat hun voorspellingen zijn voor 2019. Gaan we terug naar “Fire and Fury” of ligt er een duurzame Koreaanse vrede in het verschiet? Via Novini doe ik graag mijn bijdrage. 

Waar 2017 bekend stond om ‘Fire and Fury’, was 2018 het jaar van ‘de Koreaanse vrede die niet kwam’.

Op 1 januari 2018 deed Kim Jong-un in zijn nieuwjaarstoespraak – naast aangeven dat zijn nucleaire arsenaal was voltooid – een handreiking aan Zuid-Korea om de relaties te verbeteren. Vanaf dat moment greep de toenaderingsgezinde president Moon Jae-in van Zuid-Korea zijn kans op een diplomatieke doorbraak. En die kwam er. Succesvolle diplomatie tijdens de Olympische Winterspelen in Pyeongchang, en topontmoetingen tussen de leiders van Noord- en Zuid-Korea volgden. Het hoogtepunt van 2018 was op 12 juni toen in Singapore de historische ontmoeting tussen de Amerikaanse president Trump en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un plaatsvond. Beide leiders spraken het vertrouwen in elkaar uit om in goede wil te gaan onderhandelen om de problemen op het Koreaanse schiereiland op te lossen. Richtlijn voor deze onderhandelingen was het ‘June 12 Joint Statement’, waarin werd aangegeven dat beide landen zouden toewerken naar ‘duurzame vrede’ en de ‘denuclearisatie van het Koreaanse Schiereiland’.

Onderhandelingen zitten muurvast

Al snel werd echter duidelijk dat, ondanks de zalvende woorden van Trump en Kim, de Amerikanen en de Noord-Koreanen nog steeds lijnrecht tegenover elkaar staan. Het probleem komt op het volgende neer: De Amerikanen willen dat Noord-Korea per direct alle nucleaire wapens opgeeft, en willen dan pas onderhandelen over vrede. De Noord-Koreanen zien dit als onvoorwaardelijke overgave, en willen het ‘Joint Statement’ stapsgewijs implementeren: eerst onderhandelen over veiligheidsgaranties voor het regime en sanctieverlichting, dan over denuclearisering, daarna over een vredesverdrag.

Denktanks

De onderhandelingen tussen beide landen zitten dus muurvast. Daarbij heeft de vooringenomen berichtgeving in de media ook niet geholpen. Regelmatig werd er informatie ‘gelekt’ door militair-industriële denktanks dat de Noord-Koreanen zouden ‘vals spelen’ en ‘niet te vertrouwen zijn’. Hetgeen niet mogelijk is aangezien er nooit een bindende overeenkomst is getekend.

Onenigheid in het Witte Huis

Wat ook niet heeft geholpen is de onenigheid in het Witte Huis over hoe met de Noord-Koreanen te onderhandelen. De onconventionele president Trump gaf meerdere keren aan vredesonderhandelingen een kans te geven. “KOREAN WAR TO END!”, twitterde hij op 27 april. Maar zijn adviseurs en medewerkers staan hier minder welwillend tegenover.

Toenadering

Wat kunnen we verwachten in 2019? Ik verwacht dat Noord- en Zuid-Korea onverminderd door zullen gaan met het beleid van toenadering. Onlangs werden er landmijnen en bewakingsposten verwijderd uit de zwaarbewapende ‘gedemilitariseerde zone’, en er lijkt binnenkort een trein over de grens te gaan rijden. Kleine maar belangrijke stappen om wederzijds vertrouwen te creëren.

Nieuwe top

Daarnaast verwacht ik dat er een tweede ontmoeting plaats zal gaan vinden tussen Trump en Kim. Waarschijnlijk ergens in het voorjaar. Aangezien het voor de beleidsmakers van beide landen niet mogelijk is gebleken om verder te komen met de onderhandelingen, moet een nieuwe top tussen de leiders de impasse doorbreken.

Diplomatie

Ik verwacht niet dat de spanningen uit 2017 snel zullen terugkeren. Dat is in niemands belang. Een nieuwe nucleaire test of raketoefening van Noord-Korea zal al het opgebouwde krediet van Kim Jong-un op het wereldtoneel teniet doen. Daarin moet de rol van China ook niet worden vergeten. Peking heeft altijd laten weten niets op te hebben met de testen. Voor Trump zou het afbreken van de onderhandelingen de ultieme diplomatieke nederlaag betekenen. De kans is groot dat oorlogszuchtige haviken in het Witte Huis dan over willen gaan op daadwerkelijke militaire actie. Zover zullen beide leiders het hopelijk niet laten komen.

Michiel Hoogeveen ~ Het kluizenaarskoninkrijk

Posted on

‘Handelsoorlog VS-China duurt nog minstens 20 jaar’

Jack Ma

Jack Ma, een van de meest succesvolle en wereldwijd meest bekende Chinese ondernemers heeft over de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China onlangs een duistere prognose afgegeven.

De oprichter van het Chinese internetplatform Alibaba zei dat de handelsoorlog tussen de beide landen nog meer dan 20 jaar zou kunnen voortduren. Zoals de self made miljardair het ziet, ijveren de twee grootste economieën van de wereld om de mondiale suprematie. Ma gaat er van uit dat deze strijd ook met het einde van het presidentschap van Donald Trump niet zal eindigen.

Importheffingen

De waarschuwing van de Chinese zakenman kwam op het moment dat het conflict tussen de beide grootmachten zich verder toespitste. Trump kondigde de invoering van importheffingen op Chinese import ter waarde van 200 miljard Amerikaanse dollar aan. Met deze stap zal de helft van de totale Amerikaanse import uit China aan importheffingen onderhevig zijn. In eerste instantie geldt vanaf 24 september een heffing van tien procent voor de geselecteerde Chinese goederen die in de VS ingevoerd worden. Mocht Peking in de strijd niet toegeven dan zou begin komend jaar de heffing naar 25 procent stijgen. In het geval dat China ervoor kiest vergelding te zoeken door er heffingen tegenover te stellen – zoals voor de hand ligt – heeft Trump een derde fase aangekondigd. Deze zou dan zonder uitzondering alle Amerikaanse import uit China treffen.

Vorige maand had de Amerikaanse president reeds importheffingen van 25 procent op de import van staal en tien procent op aluminium ingevoerd. Daar bovenop voerde Trump een extra afdracht van 25 procent op Chinese goederenleveringen naar de VS ter waarde van 50 miljard dollar in. In reactie daarop heeft de Chinese leiding heffingen op Amerikaanse goederen van vergelijkbare omvang ingesteld.

Oneerlijke handelspraktijken

De Amerikaanse president verdedigt zijn beleid door te stellen dat hij wil bereiken dat China de eigen markt sterker opent, investeringsbelemmeringen voor buitenlandse bedrijven wegneemt en tegen de diefstal van technologie optreedt. “Maandenland hebben we er bij China op aangedrongen deze oneerlijke handelspraktijken te veranderen en Amerikaanse bedrijven eerlijk te behandelen”, aldus Trump.

De leiding in Peking lijkt tot nu toe echter geen krimp te geven. De voortekenen wijzen eerder op escalatie. Als antwoord op de nieuw ingevoerde Amerikaanse heffingen, kondigde het Chinese ministerie van Handel aan van zijn kant additionele heffingen op Amerikaanse goederen van 60 miljard dollar in te stellen. Ondertussen wordt in Peking nog over een geheel andere mogelijkheid om de VS te straffen nagedacht. Diverse media melden namelijk dat de Chinese leiding de invoerheffingen voor belangrijke andere handelspartners wil verlagen.

De Chinese invoer beliep vorig jaar zo’n 130 miljard dollar. 40 procent van deze invoer was onderhevig aan importheffingen. Met de aangekondigde tegenmaatregelen van China zal het aandeel stijgen naar 85 procent. Voor verdere uitbreiding is dus weinig ruimte. China zal bij verdere escalatie dus bestaande heffingen verder op moeten schroeven of naar zogenaamde non-tarifaire handelsbelemmeringen moeten grijpen. Daaronder valt bijvoorbeeld de invoering van voorschriften of technische maatstaven die buitenlandse aanbieders van de binnenlandse markt moeten weren.

Uitblijvende hervormingen

Intussen neemt ook vanuit Europa de druk op China toe. Veel bedrijven uit EU-landen delen de Amerikaanse kritiek op het gebrek aan bereidheid tot hervormingen bij de Chinese leiding. Peking heeft weliswaar veranderingen aangekondigd, maar onder Europese investeerders die in China actief zijn, neemt de frustratie over uitblijvende hervormingen toe, zo komt naar voren uit een onderzoek van Roland Berger consultancy onder 1600 Europese bedrijven die in China actief zijn. Ruim de helft van de ondervraagden uitte de vrees dat in de komende jaren de administratieve belemmeringen en regulering in China toe zullen nemen. 62 procent van de ondervraagden bekritiseren dat Chinese bedrijven betere toegang hebben tot Europese markten dan Europese bedrijven tot de Chinese markt.

Ook de Handelskamer van de Europese Unie in Peking lijkt de kritiek van Trump te delen, deze noemt China “een van de meest restrictieve economieën ter wereld, ver achter de meeste newly industrialized countries”. De confrontatiegerichte koers van de Amerikaanse regering lijkt echter althans voor de afzienbare toekomst de problemen alleen maar te verergeren.

Posted on

China en Noord-Korea: tegen wil en dank tot elkaar veroordeeld

De ogen waren in het Westen steeds gericht op Trump en Kim Jong-un, maar hoe staat het eigenlijk met de verhouding tussen Noord-Korea en China? Na al het retorische geweld en vervolgens de vredige top tussen de leiders van de Verenigde Staten en Noord-Korea, blijft het uiterst relevant te weten welke invloed China achter de schermen uitoefent. Hoe zag de verhouding tussen China en Noord-Korea er de afgelopen decennia überhaupt uit? En welke ontwikkelingen maken dat, na een dieptepunt in 2015, de betrekkingen nu plotseling aanzienlijk beter lijken te zijn?

Het is 4 september 2015. In de Chinese hoofdstad Peking zit de toenmalige Zuid-Koreaanse president Park Gyeun-hye prominent naast haar Chinese collega president Xi Jinping. Geamuseerd kijken ze naar een legerparade ter ere van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl beide leiders innig in gesprek zijn, zit Choe Ryong-hae – een hoge functionaris uit Noord-Korea – op enkele meters afstand. Decennia geleden had een vertegenwoordiger van Noord-Korea op de stoel naast de Chinese president gezeten en was dit beeld ondenkbaar geweest. De functionaris, die werd uitgezonden als de persoonlijke vertegenwoordiger van Kim Jong-un, werd zelfs een korte ontmoeting met Xi Jinping geweigerd. Het onderstreepte de diepe kloof die bestond tussen de twee landen.

De Zuid-Koreaanse president Park Geun-hye kreeg een prominente plaats op de tribune bij een militaire parade ter herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Peking, 2015.

Hoe anders is het beeld sinds maart 2018. De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un is inmiddels tot drie keer toe op bezoek geweest bij de Chinese president. Met zijn zwaar gepantserde trein raasde Kim door het Chinese landschap. Peking werd compleet voor hem stilgelegd. Na een innige ontmoeting en een urenlange bespreking waren Kim en zijn vrouw te gast bij een uitgebreid staatsbanket. Speeches volgden. Beide leiders prezen de zeventig jaar lange ‘goede’ relatie tussen beide landen. Xi beloofde economische samenwerking. Alsof er drie jaar geleden niets was gebeurd. Het is tekenend voor de ongemakkelijke relatie tussen beide landen. China is niet blij met het gedrag van Noord-Korea, dat al jarenlang aan een nucleair wapenarsenaal werkt. Toch blijft China trouw steun verlenen aan Kims regime. Waar komt deze onvoorwaardelijke steun vandaan? Wat belemmert het machtige China in te grijpen? En hoe verhoudt deze ongemakkelijke relatie zich tot het geopolitieke schaakspel dat Noordoost-Azië sinds de Koude Oorlog in haar greep houdt?

Veiligheidsparaplu
De innige vriendschap tussen beide communistische volkeren ontstond tijdens de Koreaanse Oorlog die van 1950 tot en met 1953 gevoerd werd. Het Chinese volksleger van Mao Zedong schoot de Noord-Koreanen te hulp nadat de troepen van de Verenigde Naties dicht bij de Chinese grens kwamen. Met hulp van de Chinezen werden de VN-troepen weer teruggedrongen naar de 38-ste breedtegraad. Het is dankzij de Chinezen dat Noord-Korea überhaupt bestaat.

Na de wapenstilstand van 1953 – een vredesverdrag werd nooit getekend – trokken China en Noord-Korea samen op. Hun onvoorwaardelijke vriendschap werd verankerd in het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag van 1961. In dit verdrag verklaren de twee staten zich met ‘alle nodige maatregelen’ te zullen verzetten tegen elk land of elke coalitie van landen die één van hen zou kunnen aanvallen. Na de Koreaanse Oorlog schaarde Noord-Korea zich onder de ‘veiligheidsparaplu’ van China. Zuid-Korea schaarde zich onder die van de Verenigde Staten.

Tijdens de Koude Oorlog veranderde er weinig in de Sino-Noord-Koreaanse betrekkingen. Hoewel er ten tijde van de Culturele Revolutie spanningen waren – naar verluidt vonden de Noord-Koreanen het ‘een grote krankzinnigheid’ – heeft China decennialang onvoorwaardelijke economische en politieke steun verleend. Voor China heeft Noord-Korea altijd gediend als een ideale bufferstaat tussen China zelf en het kapitalistische Zuid-Korea en Japan, die beide onder invloed van de Verenigde Staten staan. Hoewel arm en weinig invloedrijk, diende Noord-Korea de belangen van China door in de regio tegen de Amerikanen te ageren.

Een faalveilig mechanisme
Na de Koude Oorlog veranderde dit beeld. Toen de Sovjet-Unie instortte en wegviel als economische donor van Noord-Korea, probeerde China het gat op te vullen. China kreeg echter al snel te maken met eigen economische problemen. Hierdoor kwam Noord-Korea er alleen voor te staan. Overal ter wereld zag het Noord-Koreaanse regime voormalige onvoorwaardelijke allianties uit elkaar vallen. Socialistische dictaturen werden bloedig omvergeworpen en maakten plaats voor de liberale marktdemocratie. In 1994 overleed president Kim Il-sung en was de Noord-Koreaanse economie volledig ingestort, met een enorme hongersnood tot gevolg. Noord-Korea stond op de rand van de afgrond.

China transformeerde ondertussen tot een economische grootmacht. In dit proces haalde China zelfs de banden met Zuid-Korea aan. Terwijl Zuid-Korea als soeverein land werd erkend door China en Rusland, weigerden Japan en de Verenigde Staten hetzelfde te doen met Noord-Korea. De Chinese ‘veiligheidsparaplu’ leek weg te vallen. Wat was het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag nog waard? Het kwetsbare Noord-Korea had een faalveilig mechanisme nodig om overleving van het regime te garanderen. Het besloot kernwapens te ontwikkelen.

Speldenprikjes
China heeft de afgelopen decennia vaak laten weten niets op te hebben met deze nucleaire ambities. De constante spanningen die erdoor oplaaien in de regio zijn niet in het belang van de Chinezen. Zij willen juist regionale stabiliteit ten behoeve van de groei van de Chinese economie.

Toch heeft China bijzonder weinig gedaan om de ontwikkeling van Kims kernwapenprogramma tegen te werken. Terwijl de internationale gemeenschap na iedere nucleaire test steeds weer strengere sancties oplegde, bleef China Noord-Korea oogluikend ondersteunen. VN-resoluties werden afgezwakt door Chinees toedoen en in de praktijk vaak niet uitgevoerd. Terwijl Peking beweerde zijn best te doen de sancties tegen Noord-Korea te handhaven, werd in Dandong aan de grens met Noord-Korea nog volop gehandeld.

De maatregelen die China wél tegen Noord-Korea heeft genomen zijn slechts speldenprikjes geweest. Voorbeelden daarvan zijn het tijdelijk afknijpen van de olietoevoer, het aan banden leggen van de import van Noord-Koreaanse kolen en het geven van een diplomatieke voorkeursbehandeling aan Zuid-Korea. Hoewel de Chinese maatregelen leidden tot ongemakken in de Noord-Koreaanse samenleving, hebben ze op geen enkel moment het regime aan het wankelen gebracht. China heeft er altijd voor gezorgd dat Noord-Korea het hoofd boven water kon houden.

De reden daarvoor is dat het alternatief voor de Chinezen nog vele malen onaantrekkelijker is. Een ineenstorting van het Kim-regime zou voor China desastreus uitpakken. China zou ten eerste te maken krijgen met een ongekende vluchtelingenstroom aan zijn grenzen. Ten tweede is het allerminst zeker wat voor regime de macht in Noord-Korea zou overnemen. Bij regime change is bijna altijd sprake van bloedvergieten. Zeker omdat daar kernwapens bij kunnen worden ingezet, wil China dat risico liever vermijden. Ten derde zal China met het wegvallen van Kim aanzienlijke regionale politieke invloed verliezen. Als Zuid-Korea – met een economie bijna veertig keer zo groot als die van de noorderbuur –- invloed zou krijgen over Noord-Korea, kunnen de Amerikanen heel dicht bij de Chinese grens komen.

Amerikaanse druk
De Amerikanen ergeren zich al jaren aan het tegenstrijdige beleid van China. Zij willen het liefst Noord-Korea politiek en economisch zoveel mogelijk onder druk zetten tot Kim eindelijk zal toezeggen zijn kernwapens op te geven. President Trump zei: “Zonder de hulp van China kan Noord-Korea niet eens eten. Om het Noord-Koreaprobleem op te lossen, moeten we achter China aan.”

Trump voerde de druk op China op om de strenge sancties tegen Noord-Korea te handhaven. President Xi werd voor het blok gezet. Óf het Kim-regime blijven steunen, óf de Chinese handelsbelangen met Amerika behartigen. Even leek China voor het laatste te kiezen. Onder druk van de Amerikaanse president werd recent zelfs de handel in de Chinese grensgebieden zo goed als stil gelegd. Tot er iets historisch gebeurde. Kim Jong-un beloofde te stoppen met het testen van nucleaire wapens en langeafstandsraketten. Van kreupelende sancties en oorlogsretoriek ging het ineens over het sluiten van een vredesverdrag en diplomatieke toenadering. Op 12 juni 2018 vond een ontmoeting plaats tussen Trump en Kim Jong-un. Dat was de eerste keer dat een leider van Noord-Korea en een zittende Amerikaanse president elkaar ontmoetten. De twee leiders beloofden met elkaar te onderhandelen. Hierdoor was de diplomatieke druk van de ketel. Omdat de Amerikanen toenadering zochten tot Noord-Korea, kon Xi zich losweken van de druk om de sancties uit te voeren. Sinds de top van 12 juni wordt er weer volop gehandeld over de Chinese grens. Er gaat zelfs het gerucht dat president Xi binnenkort naar de Noord-Koreaanse hoofdstad Pyongyang zal afreizen om Kim te ontmoeten.

Breekijzer
Xi ziet het liefst een politiek stabiel en economisch voorspoedig Noord-Korea aan de grens. Daarom wil China dat Noord-Korea zijn economie hervormt, zoals het land zelf onder Deng Xiaoping eerder in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw heeft gedaan. China zat in de jaren zeventig van de vorige eeuw nog in een vergelijkbaar parket als waar Noord-Korea momenteel in zit. Er is sprake van een totalitaire leider, een failliet economisch systeem en het land wordt bovendien internationaal verguisd vanwege het kernwapenprogramma en de massale schending van de mensenrechten. In een opmerkelijke en tegelijkertijd indrukwekkende transformatie veranderde China binnen enkele decennia in een economische en politieke wereldmacht. Noord-Korea zou op zijn minst een vergelijkbare ontwikkeling op economisch gebied kunnen doormaken.

vrachtwagens wachten tot ze de grens tussen China en Noord-Korea over mogen (foto: Roman Harak).

Momenteel vinden officieus al op beperkte schaal economische hervormingen in Noord-Korea plaats. Maar hoewel zo’n tachtig procent van de bevolking afhankelijk is van de kapitalistische grijze en zwarte markten, blijft de regering vasthouden aan het socialistische ideaal. Evenals China stelt Noord-Korea bij alle ontwikkelingen altijd de veiligheid en het voortbestaan van het regime voorop. Daarom kan er pas nu Noord-Korea zijn kernwapenprogramma op orde heeft worden toegewerkt naar een hervorming van de economie. Dat gebeurt langzaam maar gestaag. Sinds enkele jaren mogen Noord-Koreaanse staatsbedrijven wat ze produceren boven de door de overheid voorziene quota zelf op de markt brengen en de winst behouden. Bedrijven zijn vrij om dat geld zelf te investeren. Het resultaat is een flexibelere economie, die steeds meer in contact treedt met het buitenland.

Een glimp daarvan valt op te vangen bij de halfjaarlijkse Pyongyang International Trade Fair. Een soort huishoudbeurs waar Chinese bedrijven hun producten slijten aan vermogende Noord-Koreanen. Tijdens mijn reizen heb ik gezien dat er een enorme aanloop was op deze beurs. Flat screentelevisies, keukenapparatuur en zelfs zonnepanelen werden massaal verhandeld. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het vond bij de Noord-Koreanen gretig aftrek. Op de beurs wordt, opvallend genoeg, afgerekend in Chinese yuan of Amerikaanse dollars. De Chinezen zien nieuwe zakelijke kansen in Noord-Korea en hopen met het investeren in de Noord-Koreaanse economie het land meer te openen naar de buitenwereld, en vooral naar  China toe.

De Nieuwe Zijderoute
Uiteraard vormt de economie ook een belangrijk onderwerp bij de besprekingen tussen Xi en Kim. In het eerste gesprek met Kim vertelde Xi zeer verheugd te zijn met het besluit van Pyongyang om prioriteit te geven aan economische ontwikkeling. Een vervolg liet niet lang op zich wachten. In mei 2017 nodigde China Noord-Korea uit voor de eerste Belt and Road-top. Noord-Korea maakt vooralsnog geen deel uit van China’s Belt and Road-initiatief – een reusachtig plan voor het bouwen van hoogwaardige infrastructuur op het Euraziatische continent. Maar dat ziet China graag veranderen. Met de uitnodiging aan Noord-Korea om deel te nemen aan dit initiatief geeft China aan klaar te staan om flink in Noord-Korea te investeren. Daar wil China niet alleen financieel wijzer van worden.

Een prioriteit is om van Noord-Korea een stabielere en voorspelbaarder bondgenoot te maken. Het valt nog te bezien of Kim Jong-un gevoelig is voor het Chinese grote geld. Noord-Korea blijft als de dood dat buitenlandse investeerders zich in binnenlandse politieke aangelegenheden zullen mengen. Maar als Kim zijn economie op het beloofde ‘wereldniveau’ wil brengen, zal hij het ook moeten aandurven om buitenlandse investeringen aan te trekken.

Of dit gaat gebeuren hangt voor een groot deel af van de gesprekken tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten. Als die onderhandelingen mislukken, kunnen de spanningen tussen China en Noord-Korea ook snel weer groter worden. De druk van de Verenigde Staten op China om de sancties te handhaven zal dan weer toenemen. Het bewijst eens te meer dat de relatie tussen Noord-Korea en China een bijzonder ongemakkelijke is. Het is dan ook de vraag of Kim Jong-un bij een eventueel bezoek aan een toekomstige, grote Chinese militaire parade naast Xi Jinping mag zitten, of genoegen moet nemen met een plekje achterin.

Michiel Hoogeveen ~ Het kluizenaarskoninkrijk

Posted on

China en de obsessie van Jonathan Holslag

De column ‘Zwichten voor China’ (Knack 11 juli 2018) is een klassiek werk van Jonathan Holslag voor wie China een obsessie is, een synoniem voor al het kwaad dat er op deze aarde te beleven is. Ik vermoed dat de man er nachtmerries over heeft met de Chinese president Xi Jinping in een hoofdrol.

Het resultaat is natuurlijk een enorm pak onzin en kant noch wal rakende prietpraat. Zo stelt hij: “Die (Chinese, red.) banken, overigens, weigeren ook maar enigszins om met Europa in gesprek te gaan over de manier waarop ze in het buitenland hun krediet verstrekken. De OESO probeert reeds tien jaar om ze een aantal spelregels te laten aanvaarden, maar tevergeefs.”

Te zot voor woorden. Alsof een bepaalde natie aan een ander land dient te zeggen hoe diens banken moeten werken. Moet de Europese Investeringsbank (EIB) eerst in Peking gaan praten hoe ze kredieten aan andere landen moet geven? Compleet krankzinnig. Hetzelfde voor de OESO (OECD) waar China geen lid van is.

AIIB

Zijn artikel ging in de eerste plaats over het Belgische lidmaatschap van de Aziatische Infrastructuur en Investeringsbank (AIIB). Hij ontdekte dit nu terwijl die beslissing tot lidmaatschap door de federale minister van Financiën en de regering Charles Michel al zeker twee jaar geleden werd genomen.

Hij schrijft daarbij dat dit onder ‘Chinese druk’ gebeurde. België werd lid nadat praktisch alle landen van de EU, groot en klein, er al lid van waren. Het eerste land in de EU om lid te worden was trouwens het Verenigd Koninkrijk. Wij waren de voorlaatste.

 

Zoals The Financial Times over de AIIB toen regelmatig schreef was er grote Amerikaanse druk op landen om GEEN lid van die AIIB te worden. Uiteindelijk was Japan het enige land in Azië om geen lid te worden. Als er in dit verhaal dus druk was, dan werd deze volgens The Financial Times niet door China maar door de VS uitgeoefend.

De reden voor de oprichting van deze AIIB heeft vooral te maken met de veranderde economische verhoudingen in Azië. China is nu de grootste economie ter wereld met India op de derde plaats. De Aziatische Ontwikkelingsbank die normaal instaat voor het financieren en regelen van grote investeringsprojecten in die regio is hieraan niet aangepast.

Zo heeft de VS er de facto een veto en mag Japan er tweede viool spelen. Voor de anderen zijn er kruimels. Pogingen om dit te wijzigen botsten steeds op het veto van die twee.

Vandaar dat alle landen in Azië ondanks de blijkbare Amerikaanse banbliksems lid werden. En wie lid is kan zijn bedrijven zo mee laten genieten van de grote investeringsprojecten die via de AIIB gaan lopen. Dat is de heel simpele erg mercantiele reden waarom ons land lid is: Ons bedrijfsleven steunen.

Maar ja, wat kan men verwachten van een man die ooit in 2015 toen koning Philip naar ginds trok schreef dat het zinloos is om een handelsmissie naar China te sturen want de Chinezen kopen hier toch nooit iets. Een historisch te noemen bewering. Van zo iemand kun je toch geen serieuze analyses verwachten.

Spionnen aan de VUB

Het wekt dan ook geen verbazing dat hij zo te zien via uw medewerker Jan Lippens (Hoe groot is het gele gevaar binnen de VUB, Knack 11 juli ) laat insinueren dat zijn collega emeritus professor Jan Cornelis wel eens een Chinese spion zou kunnen zijn. Mooie reclame voor de VUB.

En waarom men bezwaren zou moeten maken tegen de aanwezigheid hier van het Chinese Confuciusinstituut terwijl o.m. Spanje, Duitsland, de VS en het Verenigd Koninkrijk vergelijkbare instellingen hebben is mij een raadsel. In tegenstelling tot de VS voert China trouwens ook geen oorlog tegen de EU en luistert het niet op massale schaal samen met de Britten alle telecommunicatie in ons land af.

China is volgens het IMF ’s werelds grootste economische mogendheid en het is dan ook in ‘s lands belang er goede relaties mee te onderhouden zoals trouwens ook met andere belangrijke economieën als bijvoorbeeld Brazilië, Canada en India.

Tussen haakjes er zijn in België ongetwijfeld meerdere Chinese spionnen actief zoals er ook Amerikaanse, Britse, Turkse en Russische spionnen zijn. Niets bijzonders dus. Duik in jullie archief en je zult mijn wedervaren hierover kunnen lezen. Die stelling van Knack over spionnen is dan ook een wel heel nieuwe en erg ‘schokkende’ onthulling. Om ‘bang’ van te worden. Op de tientallen buitenlandse ambassades in Brussel krioelt het ervan.


Lezersbrief aan Knack over het werk van Jonathan Holslag en het ‘Gele gevaar’. Men heeft het daarbij ook over de moeilijke toestand in de Chinese provincie Sinkiang waar veel Oeigoeren wonen die ook in veel gevallen moslims zijn.

http://www.novini.nl/nepnieuws-oeigoeren-china-als-geopolitiek-instrument/

Wat de auteur in zijn verhaal vergeet te vertellen is het zeer grote probleem daar met door buitenlandse mogendheden (Turkije, Saoedi Arabië, de EU en de VS) gesteunde salafistische terreurgroepen die er tot zelfs in Peking aanslagen plegen en ook massaal in Syrië aanwezig zijn. Of journalist Jan Lippens kent het probleem niet of, erger, hij verzwijgt het.

http://www.novini.nl/china-kampt-toenemend-oeigoers-terrorisme/

Posted on

China neemt leiding in vredesbemiddeling Afghanistan

China heeft de leiding genomen in de bemiddeling in het conflict in Afghanistan en heeft reeds een verrassend diplomatiek succes weten te boeken. Chinese diplomaten zijn er in geslaagd Afghanistan in een vredesdialoog met Pakistan over de bestrijding van het terrorisme te betrekken.

De Chinese regering had enige tijd daarvoor aangeboden Afghanistan op te nemen in een miljardeninvesteringsprogramma. In het nieuwe jaar moet er een vervolgtreffen in Kaboel plaatsvinden, waar Peking ook vertegenwoordigers van de Taliban uit wil nodigen.

Met deze ontwikkeling is China nu al succesvoller dan de VS met hun Afghanistan-beleid ooit geweest zijn. De reden daarvoor moet vooral gezocht worden in het feit dat de Chinese diplomaten zich inspannen voor het vinden van een vergelijk, terwijl de Verenigde Staten Pakistan recent vooral hard verbaal aangevallen hebben en in Afghanistan hun geld reeds langer eenzijdig op militaire aanvallen zetten. Daarbij kan China zich positioneren als vriend van de Pakistaanse regering, terwijl Washington de confrontatie zoekt met Islamabad.

Het Chinese initiatief in Afghanistan is onderdeel van de strategie van Nieuwe Zijderoutes. De regio speelt daarin een belangrijke rol. China heeft er dus zelf ook belang bij dat er naar vrede toegewerkt wordt of tenminste een verdere escalatie voorkomen wordt.

“Op de lange termijn zullen we de Pakistan-corridor met de Centraal-Chinese economische corridor en de West-Aziatische economische corridor door Afghanistan verbinden”, aldus de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi.

Met het Chinese initiatief in Afghanistan zet zich een trend uit de afgelopen maanden voort: China kan zijn invloed in het eigen nabije buitenland, maar ook in verder afgelegen regio’s van geostrategisch belang uitbreiden, terwijl de Verenigde Staten buitenlandse partners voor het hoofd stoten. Peking kan daarmee zijn buitenlandse betrekkingen bestendigen, terwijl de Amerikaanse aan toenemende belasting blootstaan.

Lees ook:

Posted on

Hoe Noord-Korea de wereld ziet

Noord-Koreaanse posters van kernbommen op Washington, aankondigingen over nucleaire proeven en raketlanceringen verschijnen van tijd tot tijd op onze televisieschermen. Vanaf komende zondag brengt de Amerikaanse president Donald Trump een bezoek aan niet alleen Zuid-Korea, maar ook Japan, China en Zuidoost-Azië. Toch zal vooral de spanning rond Noord-Korea Trumps Azië-reis domineren. Maar hoe kijkt de Noord-Koreaanse regering eigenlijk aan tegen de spanning in de regio en in de relatie met de VS? En hoe ziet Noord-Korea zijn kernwapenprogramma?

De recente rede van Noord-Koreas minister van buitenlandse zaken op de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties geeft een zeldzame mogelijkheid verder te kijken dan de schijnbaar groteske woordenstroom van en over Noord-Korea. De rede gaf een inkijkje in hoe de Democratische Volksrepubliek de wereld en haar kernwapenprogramma ziet.

War deterrent

In het kader van de Algemene Vergadering van de VN heeft Noord-Korea, net als alle andere lidstaten van de VN, een uiteenzetting gegeven van een aantal punten die voor het land belangrijk zijn. De speech van de Noord-Koreaanse minister Ri Yong Ho focuste vooral op wat het land, naar eigen zeggen, heeft bewogen een kernwapenprogramma te starten.

De rede van de minister van Buitenlandse Zaken werd geopend door een aantal verwijten aan de Verenigde Staten. Noord-Korea wijst erop dat de VS gedurende de Korea-oorlog nucleaire wapens dreigde in te zetten en later ook nucleaire wapens stationeerde op het Koreaanse schiereiland. Evenzeer ervaart het land een dreiging door militaire oefeningen tijdens en na de Koude Oorlog. “Onze nationale nucleaire strijdkrachten”, stelt Ri, “zijn voor alle voornemens en doeleinden een oorlogsafschrikkingsmiddel en om een einde te maken aan de nucleaire dreiging van de VS en het voorkomen van haar militaire invasie.” Waarbij het doel van de Democratische Volksrepubliek is om een krachtsbalans te bereiken met de VS.

Veiligheidsraad dient belangen van haar permanente leden

Naast de VS bekritiseert Ri de VN-Veiligheidsraad. Ri stelt dat de Veiligheidsraad (VNVR) alleen handelt in het belang van haar permanente leden. “Het is voornamelijk gerelateerd aan de ondemocratische praktijk van de VN-Veiligheidsraad”, zegt Ri: “Een enkel permanent lid kan de algemene wil van 190 VN-lidstaten vetoën.” Ri Yong-ho noemt een drietal voorbeelden van VNVR-resoluties waardoor Noord-Korea zich oneerlijk en onterecht behandeld voelt. Allereerst ervaart de Democratische Volksrepubliek een dubbele standaard wat betreft het lanceren van satellieten, ‘in overtreding van het vreedzaam gebruik van de ruimte door een soevereine staat.’

Daarnaast beschouwt Noord-Korea de resolutie die Noord-Korea verbiedt nucleaire proeven te houden als illegaal en vindt dat er met twee maten wordt gemeten. Ri Yong-ho wijst er in zijn rede op dat de internationale wet over het verbieden van nucleaire wapens nog niet van kracht is en dat er andere landen zijn die veel meer tests hebben uitgevoerd.

Als derde en laatste punt wordt aangehaald dat de VNVR de ontwikkeling van nucleaire wapens door Noord-Korea als een bedreiging van de internationale vrede en veiligheid duidt. Noord-Korea ziet dit als een overtreding van artikel 51 van het Handvest van de VN met betrekking tot de zelfverdediging van elk land.  Pyongyang neemt waar dat andere landen niet op de vingers zijn getikt voor het ontwikkelen van nucleaire wapens maar Noord-Korea nu wel.

Non-Proliferatie

Er wordt door de Democratische Volksrepubliek kritiek geuit op het Non-Proliferatieverdrag over kernwapens. “Artikel 10 van het Non-Proliferatieverdrag stipuleert dat elk lid het recht heeft zich van het verdrag te onttrekken als zijn belangen in gevaar zijn gebracht”, aldus Ri, “Dit artikel erkent dat de belangen van de staten boven het belang staan van nucleaire non-proliferatie.” Vanuit dit perspectief beschouwt de Democratische Volksrepubliek het ontwikkelen van een eigen kernwapenarsenaal als een zelf-verdedigingsmaatregel.

Betreffende het inzetten van haar nucleaire wapens zegt Ri dat Noord-Korea “preventieve handelingen zal ondernemen indien de VS en haar marine enig teken laten zien van het uitvoeren van een ‘onthoofdingsoperatie’ tegen ons hoofdkwartier, een militaire aanval tegen ons land.” De minister voegt hier aan toe: “We hebben echter niet de intentie om onze kernwapens in te zetten tegen landen die zich niet aansluiten bij militaire acties tegen de Democratische Volksrepubliek Korea.”

Sancties

Een laatste punt betreft de sancties die o.a. de VS hebben ingesteld tegen Noord-Korea ‘vanaf de eerste dag van haar bestaan’. Ri zegt in zijn rede dat Noord-Korea zichzelf heeft moeten ontwikkelen gebukt onder de zwaarste sancties ter wereld. De minister geeft aan dat er momenteel een onderzoek wordt uitgevoerd naar de ‘fysieke en morele schade’ van deze sancties. “Wanneer dit palet aan sancties en druk een kritisch punt bereikt, en daarmee het Koreaanse schiereiland in een oncontroleerbare situatie drukt, dan hebben de onderzoeksresultaten [van dit onderzoekscomité] een enorme invloed op het verantwoordelijk houden [van degenen die de sancties hebben ingesteld].” Bij dit laatste punt moet worden genoemd dat Ri dit in de opbouw van zijn speech los van de inzet van kernwapens noemt. De laatste paar zinnen van zijn rede wijdt Ri aan een steunwoord voor Venezuela, Syrië en Cuba.

Speech in vogelvlucht

Samenvattend brengt de Noord-Koreaanse minister Ri het volgende ter sprake: Noord-Korea ervaart een sterke dreiging van de VS, o.a. door haar militaire oefeningen en het stationeren van kernwapens. In de VN-Veiligheidsraad heeft het land geen vertrouwen aangezien het de resoluties van de Veiligheidsraad als vooringenomen beschouwt. Ook in een Non-Proliferatieverdrag ziet de Democratische Volksrepubliek geen bescherming, omdat landen daar uit kunnen stappen. Vanuit deze optiek achtte Noord-Korea het aangewezen kernwapens te verkrijgen om nucleaire pariteit met de VS te bereiken.


Noot: De Engelse vertaling van de toespraak die is gebruikt is voor het schrijven van dit artikel bevat een aantal grammaticale fouten en is daardoor niet op alle momenten even duidelijk.

De volledige rede, inclusief vertaling, kan hier worden bekeken:

Posted on

Chinees flottielje op weg naar Oostzee voor oefening met Russen

De NAVO beschouwt de Oostzee graag als een soort binnenwateren, ook voor zover het om internationale wateren gaat. Rusland en China zijn echter voornemens er een gezamenlijke marineoefening te houden.

Onlangs heeft een Chinees flottielje vanuit de haven van Sanya, in de provincie Hainan in het zuiden van China, koers gezet naar de Oostzee, waar het aan gezamenlijke zeemanoeuvres met de Russische marine deel zal nemen.

De Chinese zeestrijdkrachten zullen aan de oefening deelnemen met de moderne torpedobootjager Changsha, het fregat Yuncheng en een bevoorradingsschip. De manoeuvre maakt deel uit van een reeks, waarvan die in Oostzee in juli als eerste plaats moet vinden, daarna volgen oefeningen in de Japanse Zee en de Zee van Ochotsk.

De reeks manoeuvres is de zesde reeks van gezamenlijke Russisch-Chinese oefeningen sinds 2012. Vorig jaar oefenden de Russische en Chinese marineschepen het afweren van onderzeebootaanvallen. Aan die oefening namen ook gevechtshelikopters deel.

Deskundigen gaan er vanuit dat in de komende jaren ook gerekend moet worden met de aanwezigheid van Chinese kernonderzeeërs in de Atlantische Oceaan.

Posted on

Chinezen willen investeren in tunnel naar de Krim

In het kader van de zogenaamde Nieuwe Zijderoute investeren Chinese ondernemers op grote schaal in infrastructuurprojecten in Centraal- en Voor-Azië, Afrika en Europa. Nu hebben Chinese investeerders ook hun oog op de Krim laten vallen.

Concreet is er sprake van een zeetunnel door de Straat van Kertsj. Zo deelde de minister van Economische Ontwikkeling van de Krim, Andrej Melnikov mee.

“Een van de werkvoorstellen die te horen was, was interesse in de bouw van een tunnel parallel aan de brug. We zullen dat bespreken. Volgens de Chinese ondernemers kunnen ze ons daarvoor tamelijk goedkope technologieën aanbieden”, aldus Melnikov.

Elders op de Krim zijn Chinese bedrijven reeds betrokken bij de bouw van een van de nieuwe luchthavens van Simferopol, zo voegde de minister er nog aan toe.

Door de gespannen verhouding met Oekraïne is het momenteel zo dat autoverkeer tussen de Krim en het vasteland van Rusland vrijwel uitsluitend per veerboot verloopt. Er staan dan ook dagelijks files. Sinds 2016 wordt gebouwd aan een brug over de Straat van Kertsj. De Straat van Kertsj verbindt de Zee van Azov met de Zwarte Zee en scheidt de Krim van het vasteland van Rusland. De bouw van de brug heeft nog wat voeten in de aarde, omdat de bodem weinig stabiel is en de stroming vrij sterk.

Posted on

Nieuwe Chinese raketten bedreiging voor Amerikaanse vliegdekschepen

Wat tien jaar geleden nog ondenkbaar leek, is nu een factor om rekening mee te houden voor zeemacht nummer 1, de Amerikaanse marine en haar vliegdekschepen. De meest recente Chinese raketproeven in de Golf van Bohai hebben volgens Chinese media aangetoond, dat Peking met de nieuwe generatie ballistische raketten zowel Amerikaanse vliegdekschepen als ook de in Zuid-Korea gestationeerde THAAD-luchtafweersystemen succesvol weerwerk kan leveren.

Tot deze inschatting komt de Chinese militair deskundige Song Zhongping in het in Peking verschijnende Engelstalige dagblad Global Times.

De Amerikanen hebben diverse gevechtsvliegtuigen, bommenwerpers, tank- en spionagevliegtuigen gestationeerd op Andersen Airforce Base op het eiland Guam.

De nieuwe generatie Chinese ballistische raket Dong Feng-26 wordt in de omgang ook wel ‘Guam killer’ genoemd. Het in de Stille Oceaan gelegen eiland Guam is een afzonderlijk territorium van de Verenigde Staten, waar een Amerikaanse marinebasis en luchtmachtbasis gevestigd zijn. Veel Amerikaanse operaties in Oost-Azië worden van hieruit uitgevoerd.

De Golf van Bohai is een baai van de Gele Zee, het noordelijke deel van de Oost-Chinese Zee (kaart: Karl Musser).

Een dag voor het bericht in de Chinese krant had het Chinese ministerie van Defensie bevestigd, dat de rakettroepen van het Chinese leger raketten van het nieuwe type getest hadden in de Golf van Bohai en daarbij het “gehoopte resultaat” behaalden.

Begin februari meldden Amerikaanse media dat China de nieuwste intercontinentale raketten van het type DF-16 met zogenaamde MIRV’s (Meervoudige Onafhankelijke Richtbare Springkoppen) getest zou hebben, die een bedreiging zouden kunnen vormen voor militaire steunpunten van Japan en de Verenigde Staten.