Posted on

Nieuwsbrief 6 december





 

Blue Tiger Studio geopend door
prof. Kinneging. Bekijk hier de beelden:
dda7b7e1-e187-487c-b053-692a79614060.png


Verschenen! Michael en Epoque nr. 6

Epoque Magazine nr 6 is verreweg het meest bijzondere nummer wat we gemaakt hebben, en de bestellingen en abonnementen stromen wederom binnen. Terecht! Dit bijzondere nummer over de steden Shanghai, maar vooral Wenen, is het beste wat ooit over de legendarische en haast eeuwige stad Wenen is verschenen, en het boeiendste wat er in Nederland over de moderne stad gemaakt is. Kijk onderaan deze nieuwsbrief voor de bij nr. 6 behorende video’s.  
LEES MEER >>

Lees je liever eerst gratis onze mini-Epoque? Klik dan hier.

d44d9430-b29a-4443-8c1b-aa3beac8be56.jpgHetzelfde geldt voor de roman Michael. Dit boek is zo’n bijzonder project, waaraan auteur Menno Kalmann zo lang gewerkt heeft, dat het uitgegroeid is tot een fantastisch familie-epos. Afgelopen week werd het gepresenteerd in het Goethe-instituut te Amsterdam, werd het overhandigd aan de hoofdpersoon Michael (78) die uit Israël overkwam en werd het hemelhoog geprezen door Frits Barend, Anton de Goede en Ronny Naftaniël.
Wat een romancier niet kan verzinnen, gebeurt in werkelijkheid onder onze ogen. En Menno Kalmann heeft het uniek talent om zelfs in zijn eigen familie de werkelijkheid scherp onder ogen te zien. Rond de Tweede Wereldoorlog komen de verhaallijnen van twee families samen en lopen ze weer uiteen, bepalend voor alle betrokkenen en hun nageslacht. Kalmann weet dit verhaal bijzonder knap te componeren tot een kroniek die van de eerste tot de laatste pagina boeit.
Weekblad Libelle wist aan verschijning van het boek direct een lezersactie te verbinden, en dat is nog maar het begin. Recensie-aanvragen stromen binnen en interviews met Kalmann worden nu aan de lopende band opgenomen. Wil je een schitterend epos om de winteravonden mee door te brengen, wacht dan niet!


MICHAEL

32.00 EUR

BESTEL!

Epoque nr. 6

20.00 EUR

BESTEL!

4 keer per jaar, plus: ontvang gratis het boek Permafrost

59,00 EUR

Abonneer je!

Kerstaanbiedingen

Volgende week komen onze kerstaanbiedingen, dus hou onze nieuwsbrief extra goed in de gaten!

Hieronder de video’s bij Epoque Magazine nr. 6:


 

De beroemde zangeres Laura Fygi – in China nog veel bekender dan in Nederland – ging voor Epoque Magazine met KLM naar Shanghai en zong op het eeuwfeest van KLM in deze bruisende wereldstad. Kijk de video, reis met Laura mee naar Shanghai en kom in gesprek met KLM over wonen in China, zakendoen met Chinezen, cultuurverschillen en alles wat zowel Nederland als China zo heerlijk maken om te zijn.
 

Twitter


Facebook


Website


Copyright © *|CURRENT_YEAR|* *|LIST:COMPANY|*, All rights reserved.

*|IFNOT:ARCHIVE_PAGE|*
*|LIST:DESCRIPTION|*

Our mailing address is:

*|HTML:LIST_ADDRESS_HTML|* *|END:IF|*

Want to change how you receive these emails?
You can update your preferences or unsubscribe from this list.

*|IF:REWARDS|* *|HTML:REWARDS|*
*|END:IF|*


 

Posted on

Terra Benedicta: Hongaarse wijnavond

Epoque was met Marco van den Boomgaard, kenner van Hongaarse wijnen, te gast op de Hongaarse ambassade in Den Haag voor een exclusieve proeverij van Hongaarse wijnen. Een geknipt avondje voor Blauwe Tijgers: veel wijn, uitmuntend gezelschap en ook nog eens uit het prachtige Hongarije. De wijnproeverij-masterclass kreeg de naam mee Terra Benedicta, the land of Hungarian Wine. Dus deze (be)neven(/l)functie geven we u gelijk maar even cadeau. Transparantie alom in het Haagse, nietwaar?

Vinologe Andrea Furjak

De zojuist gerenoveerde en opnieuw geopende locatie van de ambassade droeg bij aan een welkome en hartelijke sfeer. De ambassadeur, H.E. András Kocsis, en de  gehele staf stonden met open armen voor ons klaar. Eenmaal op onze stoel was het al snel duidelijk dat dit een serieuze masterclass ging worden. De Hongaarse vinologe, Andrea Furjak, had de selectie gemaakt van witte en rode wijnen waarbij de witte voornamelijk van vulkanische bodem afkomstig waren. Tevens een mooie gelegenheid om de inheemse Hongaarse druiven te presenteren.

Aan de bovenzijde van het Balatonmeer bevinden zich zeer gerenommeerde wijnhuizen met een specialiteit aan ‘nog te ontdekken’ wijndruiven, aldus Andrea Furjak. Zo passeerde deze avond de Rhein Rizling, de Olaszrizling en de Juhfark onze tafels. Vulkanische bodem geeft veel mee aan de smaak hebben we mogen ervaren. Zo waren we verrast door de zeste van citrus en de kruidigheid van onder andere zwarte pepers.

Er gaat uiteraard geen Hongaarse wijnproeverij voorbij zonder de alom bekende Tokaij wijn. Deze streek in het noord-oosten van Hongarije stond in het verleden bekend om de zoete witten wijnen, de Aszu. Des te meer vreugde om te zien dat er nu ook veelbelovende droge witte wijnen uit Tokaij komen. De streek is eigenlijk een berg, wederom een vulkanische berg  welke goed gevoede grond heeft dankzij twee rivieren die om deze berg lopen. Het klimaat geeft een droge herfst die de ‘nobele rotting’ goed doet. Maar goed, droge witte Tokaij dus die de vinologe ons deze avond voorschrijft en wat voor één? De hárslevelü druif uit 2018 van het wijnhuis Kikelet. De mooie ronde zuurtjes van abrikozenschil bepalen de smaak waarbij het in de neus kruidiger en meer stro en hooi deed lijken. Een waar genot voor de sommelier om met dit gerecht de juiste wijn spijs combinaties te adviseren.

Op naar de rode wijnen. Ook daarin was weer een mooie selectie gemaakt. Zo mochten we beginnen met de Kékfrankos van wijnhuis Luka. Een fruitig druifje vanuit de Balaton regio heeft snel iets weg van aalbessen en framboos kortom een echte appetizer.

Na het fruitige was het tijd voor wat kanonslagen, de “Bikavér”. Bikavér (wat letterlijk Stierenbloed betekent) is wat Chianti voor de Italianen is: de meest bekende rode wijn uit het land van herkomst. Stierenbloed wordt geproduceerd in twee gebieden. De bekendste is uit Eger (de Egri Bikavér) maar we mogen beginnen met de variant uit Szekszárd. Deze plaats ligt 160 kilometer lijnrecht onder Boedapest en is dus een wat zuidelijke wijnstreek wat de rode wijnen ten goede komt. Ook hier is de bodem van vulkanische soort en dat geeft de Ivanvölgyi Bikavér een wat rokerige neus en mooie zwarte pepers in de mond. Vanuit Szekszárd werden we meegenomen naar de meest bekende Egri Bikavér. De wijn uit deze stad was de Superior van het huis Bólyki.  Een wijn waarbij mes en vork gewenst is en die in het rijtje van de Gigondas en Châteauneuf-du-pape past. Ik raad de lezers aan zich eens te verdiepen in de historie van het Stierenbloed; zeer de moeite waard.

En dan als klap op de vuurpijl: Regio Villany, druif Cabernet Francs, wijnhuis Gere. De regio Villany is één van de meest belovende wijngebieden van Europa. Dit gebied is gelegen onder de stad Pécs en ligt tegen de Kroatische grens aan. De afstand met de evenaar is gelijk aan die van Bordeaux, dus zonuren genoeg. Daarnaast heeft deze regio invloeden van een mediterraan klimaat wat het nog wat droger maakt in het seizoen. Gevolg is dat de druif wat meer extract levert en dat is te proeven. De bodem is rijk gevoede kalkgrond waarnaast direct een bosrijke omgeving vergelijkbaar met de Loire. Dat is tevens de reden waarom de Cabernet Francs een ware parel is in Villany. Waar de Loire moeite heeft met deze druif in combinatie met klimaatverandering, heeft dit juist zijn voordelen in Zuid-West Hongarije. De Cabernet Francs geniet hier van vroege lentes en langere zomers en dat proef je. De smaak? Intens, fruitig, laurier met zijdezachte tannines. Alle wijnhuizen in Villany produceren nu ook de, in naam omgedoopte, “Villanyi Francs”, en zijn elk jaar weer in competitie om de beste  te produceren. Bij ons was de Csillagvölgy Villanyi Francs 2017 van wijnhuis Gere inmiddels in het glas geschonken, en bij de eerste slok wist ik het meteen: mooier dan dit kon het vandaag niet worden.

Tom Zwitser

 

Ook de kok van de ambassade deed nog een duit in het zakje met een voortreffelijk lichtgebonden kalfsbouillon met aardappel dumpling, groente en dragon waarna de Somloi Galuska volgde. Een heerlijk dessert van sponscake met walnoot, cacao, vanilleroom en rumrozijnen. Verkwikt en voldaan gingen we allen weer onze eigen weg maar één ding was duidelijk en bleef mij bij: Hongarije is “Terra Benedicta”, een gezegend land!

Henk-Jan Prosman en Marco van den Boomgaard

(Met dank aan H.E. András Kocsis en de gehele staf van de Hongaarse ambassade)

Marco van den Boomgaard, Andrea Furjak en H.E. András Kocsis

Tekst: Marco van den Boomgaard
Beeld: Henk-Jan Prosman en Tom Zwitser.

Posted on

Verdacht: u bent te braaf.

Het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft de jagers in het vizier. Terwijl in de maatschappij de onrust groeit over illegaal wapenbezit en er bijna wekelijks wordt bericht over schietpartijen en afrekeningen in het criminele circuit, scherpt de minister de controle op de jachtwapens aan. Dit leidde tot de invoering van de e-screener.

Is er een probleem met jagers en hun wapenvergunning? Daarvan lijkt geen sprake te zijn. De toekenning van een wapenvergunning, de jaarlijkse verlenging en de controle daarop zijn al bijzonder goed geregeld. Toch voerde het ministerie het afgelopen jaar een bizarre maatregel in. Iedereen met een wapenvergunning moet een digitale test invullen op basis waarvan de politie een risicoprofiel kan vaststellen.

Deze e-screener is ontwikkeld door het Trimbos instituut en het TNO en biedt de politie de mogelijkheid om met de betrokken aanvrager dieper in te gaan op risico-indicaties. Hiertoe moet de aanvrager maar liefst 100 vragen beantwoorden over zijn gewoonten, zijn jeugd, morele opvattingen et cetera. Enkele voorbeelden van de vragen die moeten worden beantwoord:  Gooit u papierafval op de grond als er geen prullenbak in de buurt is? Heeft u weleens iets slechts of gemeens verteld over een ander? Was u als kind weleens brutaal tegen uw ouders? Wast u altijd uw handen voor een maaltijd? Vindt u dat het huwelijk een ouderwetse zaak is die net zo goed kan worden afgeschaft? Elke vraag moet met ja of nee beantwoord worden. Het meest voor de hand liggende antwoord – dat gaat u geen bal aan! – staat er niet tussen.

Hier is dus een overheid aan het werk die zonder duidelijke noodzaak een groep burgers psychologisch wil uithoren. Ik vind dit een griezelige ontwikkeling. Deze digitale test is bovendien zo ingesteld dat vooral mensen die de test ‘voorbeeldig’ invullen als risico worden gezien. De jager van wie ik de uitslag onder ogen kreeg, was ingegaan op de uitnodiging en had de honderd vragen in 45 minuten naar eer en geweten ingevuld. Vier dagen later stond de politie voor de deur om zijn jachtakte, wapens en munitie in te nemen. De reden was dat zijn antwoorden ‘te sociaal wenselijk’ waren en hij de test te ‘braaf’ had ingevuld. De Nederlandse Jagersvereniging meldt dat veruit de meeste intrekkingsbesluiten zijn gebaseerd op dit kenmerk van  ‘sociale wenselijkheid’.

Vanaf het begin is er kritiek geweest op deze e-screener. Waarom is het ministerie er dan toch mee doorgegaan? De Nederlandse Jagersvereniging denkt dat het de minister eigenlijk om iets anders te doen is. Namens die vereniging wijst  mr. P.M. Timmer-Arends erop dat het wel heel toevallig is dat de e-screener versneld werd ingevoerd nadat de Hoge Raad had geoordeeld dat de politie Hollands Midden onrechtmatig had gehandeld in de zaak van de Alphense schutter Tristan van der Vlis: “Terwijl de Hoge Raad oordeelde dat de politieregio Hollands Midden onrechtmatig handelde door de schutter een verlof te geven voor het voorhanden hebben van een vuurwapen verlegde de korpschef onder verantwoordelijkheid van de Minister zijn aandacht naar de groep mensen die niet eerder voor problemen had gezorgd. Het is een reflex die tot op de dag van vandaag door belanghebbende(n) niet wordt begrepen.”

Het is de ironie van deze zaak dat een overheid die zelf gefaald heeft, zijn greep op de burger wil versterken door deze digitaal te gaan screenen. Deze e-screener is daarmee symptomatisch voor een overheid die het contact met de burger verliest en deze met digitale middelen in zijn greep probeert te krijgen. Denk hierbij ook aan de discussie over SyRi (Systeem Risico Indicatie): een systeem van de overheid dat persoonsgegevens van burgers aan elkaar koppelt om fraude, misbruik en overtredingen op te sporen. Laat de e-screener dan tenminste deze risico-analyse hebben opgeleverd: ook de burger die ‘voorbeeldig’ blijkt te zijn kan het wantrouwen van de overheid over zich afroepen. U bent gewaarschuwd!

Posted on

Azov Bataljon in Hong Kong? En wel hierom:

De VS sleepte in 1992 al Moedjahedien naar Bosnië – vanuit Noord-Afrika, het Nabije Oosten en het Midden-Oosten – om daar Joegoslavië als land tot ontploffing te brengen, wat uitmondde in een verschrikkelijke ‘burgeroorlog’. Later deed ze hetzelfde met de Syrische ‘burgeroorlog’, en nog recenter werden IS-bataljons van Irak naar Khorasan (Centraal Azië) overgevlogen omdat IS haar werk in Syrië er klaarblijkelijk op had zitten, maar effectiever zou zijn in de regio, omdat IS daar druk kan zetten naar China (Oeigoeren), naar Rusland en naar Iran.

Maar hetzelfde gebeurt met zogenaamd extreem-rechtse groeperingen. Kenden we in de Koude Oorlog het project Gladio, in de laatste decennia zagen we hoe de VS en de NAVO extreem-rechtse groeperingen bewapende in Kiev, die overigens ook banden hadden met IS-terroristen in het Midden-Oosten. Behalve bij de terroristen van IS, vechten deze Oekraïense neonazi’s nu ineens mee met de demonstranten in Hong Kong. Wat? Inderdaad.

In de westerse media is men van links tot rechts van de legitimiteit van deze demonstranten overtuigd, want wat is er slechter dan China? Zoals activist Jim Glover opmerkte, gedragen de Hongkong-demonstranten zich dermate slecht dat ze in de VS veel slechter behandeld zouden zijn dan nu in Hong Kong, en zouden ze in de VS al veel eerder zijn afgetuigd, neergeschoten en zijn opgesloten dan in Hong Kong. Maar ze demonstreren tegen China, dus is alles geoorloofd en westerse mainstream media promoten dat idee honderd procent.

 

Nou, daar is inmiddels al heel veel op af te dingen. Zo bleek Hong Kong een safe space voor Chinezen die het te heet onder de voeten werd in eigen land en wegens corruptie en andere criminaliteit vervolging boven het hoofd hing. Hong Kong leverde immers niemand uit aan ‘Peking’. Ongeacht het niveau van de Chinese rechtstaat, wil geen enkel land natuurlijk met een de facto verzelfstandigde provincie opgescheept zitten die alle schurken huisvest om vervolging te willen ontlopen van dat land. Een wetsvoorstel moest daar dus verandering in brengen en hoppa, opeens gingen studenten de straat op om te protesteren. Nu vraagt u zich, in tegenstelling tot de hele westerse pers, direct af waarom uitgerekend studenten gaan protesteren tegen een wet die uitlevering van Chinese criminelen mogelijk maakt aan China. Wat hebben studenten daarmee te maken? Goeie vraag! Want ik zou het ook niet weten, behalve dat de inzet van studenten al meer dan 50 jaar een beproefd middel is om iets te forceren dat niets met studeren te maken heeft.

Maar deze protesten in Hong Kong zijn geen noviteit. In mijn boek Permafrost heb ik uitgebreid de protesten uit 2014 behandeld. Kent u Occupy Central nog, de goedgemarkte verzetsbeweging die met hippe logo’s, bedrukte spandoeken en door marketeers bedachte slogans en symbolen streed “voor meer burgervrijheid en minder inmenging van Peking”? Wat een nobel idee! Wie is er niet voor meer burgervrijheid, meer zelfbestuur en minder controle van de Partij? Iedereen in het Westen is er dus voor. Maar of die Chinese inmenging werkelijk wel zo slechts was, vraagt niemand zich hier af.[i] Wat nu als deze beweging enkel de frontorganisatie is voor westerse aanwezigheid in de regio, en strategische spelletjes om Peking bezig te houden in eigen land, de bevolking, waar mogelijk, op te zetten tegen het landsbestuur en de openbare orde, en natuurlijk tegelijkertijd een beroep te doen op ónze afkeer van dat Chinese bestuur terwijl dat Chinese bestuur de bevolking meer democratie geeft dan tijdens de hele Britse bestuursperiode het geval was?

 

Wel, zo simpel is dat. In 2014 werd Occupy Central door de NED aangejaagd en gesponsord, Deze CIA-organisatie was al actief in Hong Kong, twee jaar voordat de stad in 1997 aan China zou worden overgedragen door Groot-Brittannië. En vergeet ook niet het flinke aantal genânte ontmoetingen tussen Britse, Amerikaanse, Duitse en andere westerse consuls in Hong Kong met protestleiders als Joshua Wong, Benny Tai en anderen tussen 2012 en nu en wellicht al voor 2012.[ii] Uit alles blijkt dat westerse overheden en hun (n)go’s maar wat graag in ‘vijandig gebied’ stoken, partijen tegen elkaar opzetten en zich dus van begin tot einde met “buitenlandse aangelegenheden” bemoeien.

 

En nu haalt het Russische nieuwsbureau Sputnik facebookposts naar voren waaruit blijkt dat de nuttige idioten die in Oekraïne al jaren dood en verderf zaaien, dat nucook in Hong Kong doen. Want Amerika beloont haar knechten doorgaans best behoorlijk. Ben je mobiel, dan is strijden in het Amerikaanse proxylegioen heel lucratief. De vlag van IS kan snel ingewisseld worden voor die van andere ‘islamitische’ splintergroepen, en ‘demonstranten’ kunnen in een vloek en een zucht van de ene naar de andere door het Westen opgezette kleurenrevolutie overstappen, en voor allerlei ‘democratische’ bewegingen c.q. knokploegen werken die niet alleen Hong Kong maar ook Kiev van de regen in de drup hielpen, en alleen al in Oekraïne tienduizenden doden ten gevolg had en nog steeds heeft. De deurtjes blijven hetzelfde, maar de naambordjes en logo’s zijn snel veranderd. De stroom van geld en ‘adviseurs’ is de enige constante.

 

In Hong Kong wordt wederom enorm veel geplunderd waardoor de middenstand tegen het bestuur opgezet wordt omdat ze geen orde creëren. Dezelfde strategie hanteert Antifa en andere rioters ook bij ons: Creëer een breed gevoel van onveiligheid onder de bevolking en de regering zwicht snel voor de eisen van opstandelingen. Dat westerse regeringen ondertussen zelf de grootste terrorist van de middenstand zijn, dringt nu langzaam door in Europa en Amerika. Ook bij ons zijn de meeste ‘demonstraties’ in feite weinig meer dan bewust door de overheid opgezette publiekscampagnes, zoals de hele scholierenklimaathysterie, die vanaf de allereerste aanzet door de EU en andere instellingen is gefinancierd om de bomenkap, elektrisch rijden en windfarms op zee en op land er doorheen te kunnen jassen. Hersenspoel de jeugd en je wint de toekomst, maar vooral heel veel geld. Vernietig het MKB, boeren en vissers en je controleert het land. Dit zijn zomaar wat algemene leidraden uit de huidige politieke praktijk. Het gaat er natuurlijk om al die punten met elkaar te verbinden in een groter verband. Connect the dots: who benefits? Een van de leidraden uit mijn eigen boek Permafrost is dat de oorlog in het buitenland dezelfde is, als die in eigen land. En dat zie je telkens weer terug. De eisen van ‘opstandelingen’ komen bepaalde westerse regeringen altijd erg goed uit. Of het nu gaat om milieuclubs die via de rechter afdwingen dat door de overheid ingevoerde milieunormen eindelijk eens gehandhaafd gaan worden, of om het zaaien van verdeeldheid en creëren van hoofdpijndossiers voor de regeringen in Moskou en Peking. Het Westen bestaat inmiddels al lang niet meer uit soevereine landen: de EU, VN, IMF, ECB, zijn vehikels van multinationals, investeringsfondsen en banken om beleid te implementeren dat enkel in hun voordeel is en soevereine volkeren onderwerpt aan een ondoordringbaar web van internationale regelgeving, jurisprudentie en netwerken. Dit is volledig onttrokken aan elke vorm van grip van de volkeren zelf.

 

Ondertussen vinden de Hongkongse demonstranten het, zoals verwacht, helemaal niet erg dat dit Oekraïense tuig er ook tussen loopt. Elk van deze groepen staat in dienst van een kracht die groter is dan zij, en die hen gebruikt voor een ander doel dan wat zij beogen. Dus komen ze ook niet verder dan dat ook Azov-tuig ‘vrijheid van meningsuiting’ heeft, terwijl het hen natuurlijk op molotovs en stenengooien naar de politie aankomt, en daarbij is iedere hand welkom. Dus zijn ze welkom. ‘Instructies van bovenaf’, denk je dan meteen:

 


NOTEN:


[i] “The situation isn’t so black and white. The NPC did indeed agree to allow universal suffrage for chief executive elections in 2017 at the earliest, with Hong Kong’s Legislative Council elected by universal suffrage in 2020.

It must be noted that the interpretation of universal suffrage in the city’s Basic Law, which has served as Hong Kong’s constitution since 1997, stipulates the following: “The ultimate aim is the selection of the Chief Executive by universal suffrage upon nomination by a broadly representative nominating committee in accordance with democratic procedures.”

This effectively means that China cannot be accused of reneging on its commitments to allow Hong Kong residents full universal suffrage to vote because universal suffrage – as defined by the territory’s own laws – always required that candidates be vetted by a nominating committee. The Sino-British joint declaration of 1984 that paved the way for the handover made no mention of universal suffrage.

While activists may not be happy about accepting these legal stipulations, it should be acknowledged that the planned 2017 reforms would still allow the population to directly elect the chief executive through one-person-one-vote for the first time in history. Direct elections were never held at any point during the British colonial period, while a 1,200-member electoral college – made up of elite figures and tycoons – currently elects the chief executive.

Although there may be an unsavory caveat in the electoral process that requires a nominating committee to approve candidates, the new system is a far more democratic process than any previously practiced in Hong Kong’s history. Popular elections are undoubtedly a move toward a more representative framework.”

https://www.rt.com/op-ed/191824-hongkong-rally-conflict-protests-violence/

 

[ii]  ‘NDI will work with civil society organizations on parliamentary monitoring, a survey, and development of an Internet portal, allowing students and citizens to explore possible reforms leading to universal suffrage.’

 

http://www.ned.org/publications/annual-reports/2012-annual-report/asia/china-hong-kong

 

Posted on

Gevraagd: UBO-informatie!

In 2020 treedt de wet op de UBO’s in werking, de wet die duidelijk moet maken wie de Ultimate Beneficial Owner van een organisatie is: de uiteindelijke eigenaar. Er komt een UBO-register. “Prachtig!” hoor ik u zeggen! Maar of dat echt zo is, is nog maar de vraag …

Aan deze wet wordt vanuit de EU al meer dan tien jaar gewerkt, zogenaamd om witwassen tegen te gaan. Waarom duurde dat allemaal zo lang? Nou, deze ultieme transparantiewet moet natuurlijk wel zodanig ingeperkt worden dat het bepaalde mensen uit de wind houdt: de échte UBO’s. Want u en ik die weinig tot niks hebben en op ieder moment van alles onteigend kunnen worden, moeten natuurlijk volledig transparant zijn, maar dat geldt niet voor het handjevol mensen dat werkelijk alles in handen heeft.

We gaan daarom journaals maken die alle aspecten van dit UBO-register voor u op een rijtje zet. En we gaan tegelijk de echte UBO-top-20 van dit land in kaart brengen. En daarom een oproep! Wij weten van enkele van deze UBO’s dat ze waarschijnlijk veel meer bezitten en verdienen dan wat uit de officiële kanalen, zoals de jaarcijfers van hun bedrijven, is op te maken. We gaan dus het voor u en mij verplichte UBO-register aanvullen met de echte UBO’s: de mensen die van dit nieuwe nepregister zijn vrijgesteld: niet alleen vanwege de uitzonderingsregels die bedongen zijn, maar die waarschijnlijk ook een behoorlijke zwarte economie als ijsbergen onder hun multinationals en hedgefunds hebben hangen, waarvan het witte topje boven de zeespiegel uitsteekt.

Heeft u over onze miljardairtjes en multinationals concrete cijfers of informatie?  Deel het dan met ons, dat kan eventueel anoniem via ons contactvenster, maar ook via onze email: info [ @ ] deblauwetijger.com

Het is belangrijk dat we deze zoveelste neptransparantiemaatregel – met grote impact op uw en ons privéleven – goed onderbouwd neerzetten. Want onze jeugd in de Eerste en Tweede Kamer begrijpt er overduidelijk weinig van, of doet net alsof.

Posted on

Boekpresentatie Michael

Vrijdag 29 november werd in het Goethe Instituut te Amsterdam de roman Michael van Menno Kalmann gepresenteerd. In dit boek vertelt Kalmann het verhaal van een Joodse familie die in de jaren 30 naar Nederland vlucht voor het nazi-regime. De auteur van de roman is een halfbroer van de hoofdpersoon, het jongetje Michael. Deze Michael Ben Dror is inmiddels een man van 79 en was bij de presentatie aanwezig.

De auteur, Menno Kalmann

 

Een ander belangrijk karakter in de roman is de Duitse schrijver Georg Hermann, de opa van Michael. Hij woonde in die jaren in Hilversum en via hem krijgen we een indruk van het Nederlandse intellectuele milieu rond mensen als uitgever Emanuel Querido en dirigent Peter Van Anrooy. Kalmann slaagt er zo in niet alleen personages van vlees en bloed te beschrijven, maar ook het mileeu en de omstandigheden waarin zij verkeerden tot leven te wekken.

Ronny Naftaniel en Frits Barend ontvangen een exemplaar uit handen van de auteur.

 

De roman neemt de lezer mee in het leven van opgejaagde Joden, door Frankrijk Zwitserland. En hun lot is weer verbonden met talloze andere mensen. We lezen over Chaim Pazner die vanuit Genève dag en nacht werkt om zoveel mogelijk Joden uit de kampen naar Palestina te laten vertrekken. Als hij in Bazel is en daar hoort over de Endlösung waartoe op de Wannseeconferentie is besloten, keert hij verslagen terug naar Genève: “De zon breekt door. De treinreis langs de Bielersee en even later langs het meer van Neuchatel is adembenemend mooi. Bijna thuis, langs het meer van Genève, grijpt de onbeschaamde schoonheid van het landschap hem dermate aan dat hij niet meer naar buiten wil kijken. De lente is in aantocht, ver weg nog, maar de natuur viert het al. Onverstoorbaar en haast minachtend naar de mens, die ervoor gekozen heeft het eigen leven tot een hel te maken.”

De Palestina-lijst zal voor een kleine groep Joden toch nog hun redding betekenen. Dat wordt niet alleen beschreven vanuit het perspectief van de betrokken Joden. Kalmann neemt ons mee naar het Haifa van 1933 waar we de smid Ulrich Goetz ontmoeten; een lid van een sektarische gemeenschap van Duitse protestanten, de zogenaamde Templergemeinschaft. Zijn zoontje heeft als peuter uit een fles loog uit de smederij gedronken en is daardoor gruwelijk verminkt: “Hij is taai en weigert dood te gaan, en zijn slokdarm laat na een jaar kleine stukjes voedsel door. Maar zijn hele groei en ontwikkeling zijn verstoord. Hij wordt uiteindelijk niet groter dan 1 meter 20. Zijn borst steekt als een ijsbreker vooruit.” Dat bedoel ik nu met personages van vlees en bloed.

Michael is met ruim 450 pagina’s een stevige roman. Er zit veel onderzoek in en in het nawoord worden diverse mensen genoemd die in het verhaal voorkomen en die Kalmann nog heeft kunnen spreken. Dat maakt Michael tot een rijke roman maar ook tot een deel van een levende geschiedenis die, vrij naar Bilderdijk, steeds in het heden present blijft.

Michael en Co de Kloet

Het is ongetwijfeld een tour de force geweest om deze roman te voltooien. De grote belangstelling voor de boekpresentatie en de prachtige locatie waren beslist een bekroning op dit werk.

Menno Kalmann, Michael, Groningen, De Blauwe Tijger, 2019.
€ 32,00 te bestellen via de webwinkel.

Posted on

Epidemiologica: de samenzweringstheorie achter Medialogica

Ik heb een raar weekeinde achter de rug. Zaterdagmorgen was ik op het kantoor van Forum voor Democratie om een lezing te geven. Het onderwerp was ironie. Ik heb het vooral over Kierkegaard en Houellebecq gehad en we hebben een tekst van de Amerikaanse filosoof Richard Rorty gelezen. ’s Middags presenteerde ik in Utrecht een debat over Rusland, georganiseerd door het Metis genootschap. Voor aanvang nog even gebabbeld met Joost Niemöller en na afloop met Wierd Duk, die een van de sprekers was.

Nadat ik zondag in twee kerkdiensten was voorgegaan, keek ik ’s avonds nog even naar de documentaire Medialogica, Handboek voor haatzaaiers. Afgaande op de bezwerende stem van Clairy Polak zou ik me op dat moment rot moeten zijn geschrokken. Forum voor Democratie en Joost Niemöller zouden zich in het centrum van een extreemrechts netwerk bevinden dat zich voedt met radicale ideeën uit de Verenigde Staten en nu haar tentakels in Nederland begint uit te breiden. En ik maar denken dat ik me de afgelopen dagen, in aangenaam gezelschap, discussiërend en exegetiserend nuttig had gemaakt.

De titel van de documentaire Medialogica suggereert dat er een soort mediastrategie is waarmee ‘Alt-right’ (wat dat is wordt nergens helemaal duidelijk) de toon bepaalt op sociale media, waar politiek rechts oververtegenwoordigd zou zijn. Je zou verwachten dat een documentaire die mediamanipulatie als onderwerp heeft, extra goed kijkt naar de integriteit van de eigen journalistieke methode. Daar blijkt niet veel van. De documentaire was eenzijdig en suggestief en had alle kenmerken van een hijgerig complot-denken.

De reportage steekt in een met een zorgwekkende impressie van de toon van het maatschappelijk debat; dat zou door rechts worden ‘vergiftigd’. Er komen mensen aan het woord die zich inzetten voor ‘medemenselijkheid’, hulp aan vluchtelingen et cetera. Die zouden door rechtse twitteraars zijn geïntimideerd. Iedereen die langer dan een week actief is op sociale media, weet dat dit gebeurt, onafhankelijk van politieke richting. Maar volgens de documentairemakers, Hansje van de Beek en Myrthe Buitenhuis, wordt de geëngageerde burger en journalist het leven bijkans onmogelijk gemaakt.

Na een shot van Afshin Ellian en Geert Wilders en enkele opmerkingen over mensen die kritiek hebben op het Nederlandse immigratiebeleid, gaat de reportage uitvoerig in op intimidaties en bedreigingen in de game-wereld in de Verenigde Staten. Blijkbaar moet de kijker de indruk krijgen dat conservatieven onder een hoedje spelen met mannelijke gamers in de Verenigde Staten. Ik kan me vergissen, maar de mensen die ik de afgelopen dagen ontmoette, zijn wel de laatsten die sympathiseren met de virtuele subcultuur van bankhangende, chips-etende gameverslaafden uit de Verenigde Staten.

Moeten conservatieve of rechtse cultuurcritici zich nu ook al verantwoordelijk gaan voelen voor de game-industrie, met al haar dubieuze manifestaties? Moeten zij zich het lot aantrekken van de nogal neurotisch ogende feministische game-developer Brianna Wu, die prominent aan het woord is in de reportage en die blijkbaar het slachtoffer is geworden van de gamecultuur waar ze zelf een integraal onderdeel van is?

Het verhaal is in de eerste tien minuten van de uitzending al rond: de slachtoffers van de culture wars zijn pro-immigratie activisten, radicale feministen en linkse game-programmeurs. En uit het reservoir van meelijwekkende, haatdragende game-verslaafden zou de conservatieve beweging in Nederland haar aanhang rekruteren. En zo is er een scenario mogelijk waarin witte nationalisten naar de macht grijpen, dissidenten monddood maken en “alle niet-blanken hun burgerrechten willen ontnemen.”

Dit lijkt me toch wel een heel sterk staaltje van suggestieve berichtgeving door wit-linkse journalisten die zelf iedereen die het niet met hen eens is in een kwaad daglicht stellen. Maar het is nog erger. Want die journalisten presenteren zichzelf ook nog eens als slachtoffer. Zij worden immers op hun beurt gemanipuleerd door diezelfde blanke nationalisten, die achter de schermen blijkbaar de dienst uitmaken in de media, en zo hun ideeën op slinkse wijze mainstream maken.

Alles aan deze documentaire heeft de trekken van een samenzweringstheorie. Dat blijkt ook uit de manier waarop de beide ‘experts’ die aan het woord komen (Jelle van Buuren en Robert Farris) over de vermeende invloed van rechtsextremisten spreken. Zij geven beide aan dat het feitelijk maar om een marginale groep gaat. In plaats van te concluderen dat er dus niet zoveel aan de hand is op rechts, draaien ze het om: die kleine groep manipuleert de hele rechterflank, heeft directe invloed op de uitslagen van verkiezingen (Trump) en zet de media naar zijn hand. Deze strategie is een ware epidemie die zich over de gehele wereld verspreidt en ook Nederland bereikt.

De ‘onderzoeksjournalisten’ van Medialogica steken zo de ‘Kronieken van de wijzen van Sion’ naar de kroon: laat je niet voor de gek houden! Er is een groep mensen die achter de schermen aan de touwtjes trekt. En die samenzwering laat zich het beste beschrijven als een bacterieel gevaar dat mogelijk een epidemische vorm kan krijgen.

Een voorbeeld van deze aanpak is Volkskrant-journalist Hassan Bahara. Ik heb hem en Annieke Kranenberg bij meerdere conservatieve bijeenkomsten mogen verwelkomen. Ze waren nooit geïnteresseerd in een gesprek. Vervolgens krijgen ze in de Volkskrant hele pagina’s tot hun beschikking. Nooit gaan zij inhoudelijk in op de ideeën die bij deze bijeenkomsten werden bediscussieerd. Ze werken als epidemiologen wier taak het is de besmettingsgraad in kaart brengen. Er worden lijntjes getrokken tussen gewone conservatieven, vermoedelijke alt-right elementen, rechtse politici en hun afstand tot extreemrechts En zo komt Hassan Bahara tot zijn volstrekt ongefundeerde inzichten over hoogopgeleide Nederlandse jongemannen die een verlengstuk zijn van het Amerikaanse Alt-right en in Nederland hun blanke superioriteitsdenken verspreiden waarvan ‘moorddadigheid’ de uiteindelijke consequentie is. De analogie met het bacteriële gevaar van rechts wordt vervolmaakt door een ‘twitter analyse’ van Jelle van Buuren. Hij laat op een scherm felgekleurde bewegende bolletjes oplichten die een bepaalde concentratie van extremisme op Twitter weer zouden geven.

Met deze mensen kun je natuurlijk ook niet gewoon in gesprek, want het zijn mensen die je eigenlijk in hun online chat-kanalen moet bespieden. Want daar zeggen ze wat ze echt vinden. Naar buiten doen ze zich voor als fatsoenlijke mensen, maar in werkelijkheid zijn het nazi’s, verheerlijken ze Hitler en streven naar een ‘blanke etnostaat’ (voor deze beweringen wordt overigens geen enkele vorm van bewijs geleverd). De enige keer dat Medialogica de gesuggereerde media manipulatie meent te kunnen aantonen is door een retweet van Thierry Baudet te laten zien van een twitterbericht van Joost Niemöller (“de meest invloedrijke twitteraar uit het alternatief-rechtse kamp”). Wat een scoop! Gelukkig hebben we academici als Jelle van Buuren die ons de slinksheid van deze manipulatietechnieken openbaren: ze verkeren onder ons, ze verspreiden haast ongemerkt hun radicale ideeën en met hun dogwhistles hebben ze “een schadelijke invloed op het leven van andere mensen.”

Als ik ‘onderzoeksjournalisten’ als Hansje van de Beek en Myrthe Buitenhuis serieus zou moeten nemen, ben ik deel van een rechts-nationalistisch complot, ben ik een white-supremacist en deel van een gevaarlijk netwerk. Zij zijn het geweten der natie en dreigen zelf ten prooi te vallen aan rechtse manipulatie.

Terugdenkend aan de conservatieve bijeenkomsten waar ik geregeld kom, zie ik kleine groepjes mensen die serieus bezig zijn met maatschappelijke en politieke vragen. Journalisten als Hassan Bahara zijn welkom, ook al weet ik van tevoren dat hun berichtgeving op zijn minst tendentieus zal zijn. Voor een lezing krijg ik een flesje wijn en – als ik geluk heb – een vergoeding voor mijn reiskosten. Als ik de aftiteling van Medialogica bekijk bedenk ik me dat deze journalistieke flauwekul met belastinggeld is gefinancierd, dat er alleen linkse ‘experts’ aan het woord komen met goedbetaalde aanstellingen aan Nederlandse en Amerikaanse universiteiten. Zelfs het onderzoek van Thomas Boeschoten (de ‘twitter analyses’) waar deze uitzending grotendeels op is gebaseerd, was een gesubsidieerd project. De bezorgde journalisten zitten er, met andere woorden, warmpjes bij. In een opwelling van cynisme bedenk ik me dat ze hun pijlen juist op de sociale media richten, omdat dat het enige medium is dat ze maar niet in hun greep krijgen. Maar die gedachte moet wel voortkomen uit mijn irrationele zwakte voor complottheorieën.

Posted on

De terugkeer van mei 68 en zijn toekomstobsessie

In 2018 werd uitdrukkelijk het vijftigjarig jubileum van mei 68 gevierd. 2019 zal de geschiedenis ingaan als haar finale wraakoefening. Mei 68 is niet alleen terug, maar zegeviert overal. De opstand van de boeren laat eindelijk zien wat er al decennia is voorbereid, en wat in enkele voorstadia al (door onder meer Sicco Mansholt) is voorbereid: grootschalige afschaffing van zowel privé-eigendom als van publieke middelen, de afschaffing van zelfstandige mensen en de uitbouw van een almachtig superviserend systeem, aangestuurd door letterlijke slechts enkele tientallen supperrijken. Als je gaat zoeken, kom je het overal tegen. Zoals we gisteren op onze sociale media uit het ‘toekomstplan‘ van de gemeente Hollands Kroon citeerden:

Twee weken geleden schreef ik in dit commentaar dat de val van de muur alleen kon plaatsvinden, omdat elders al nieuwe muren zijn opgetrokken, gordijnen zijn neergelaten en nieuwe fronten zijn ontstaan. Onzichtbaar weliswaar, maar beter. Een idee dat ik uitgebreid in mijn boek Permafrost behandel. Ook bij mei 68 is dat meer dan zichtbaar. Vorig jaar vierden we tijdens de herdenking van 50 jaar mei 68 het einde ervan. Maar de revolutie van 68 kon juist een stille dood sterven omdat ze almachtig is geworden, omdat de beweging is opgegaan in iets dat groter is dan waaruit het is voortgekomen. Het systeem waaraan mei 68 ten dienste stond, is gestaag uitgebouwd tot een systeem waaruit geen ontsnappen mogelijk is. De rebellen van toen zitten nu op de hoogste posten en verschuilen zich achter kromme, doodgejurispondeerde rechtstaten, democratische instellingen die niet bij te sturen zijn, geneutraliseerde grondwetten waar slechts een ambitie uit spreekt: elk vrijheidslievend initiatief van buiten of onderop onmogelijk te maken.

In 1968 schreef de Freiherr Caspar von Schrenk-Notzing:

Als Amerika niest, is Europa verkouden. Zwaar verkouden stormt de Europese jeugd door de straten, balt de vuisten, spuit met verf, gooit molotov-cocktails en bouwt barricades omdat in het lexicon staat dat wie barricades bouwt, geschiedenis maakt. Op geen enkele andere grond treedt de linkse jeugd op. Men zoekt naar het recept waaruit de toekomst gebrouwen kan worden. De jeugd denkt dat de poort naar de toekomst met twee sleutels open gaat: de sleutel van het plan, het programma, is zonder de sleutel van de macht nutteloos. het ‘verbond’ met de revolutionaire bewegingen in de derde wereld draait enkel om de baardmode, niet om de bestaande machtsverhoudingen.

Een adviseur van het State Department en president Johnson, Zbigniew Brzezinski schetst de toekomst die al begonnen is: In de komende decennia zal de mens in het ontwikkelde deel van de wereld een mutatie doorgaan die met de langzame evolutie van het dierlijke naar het menselijke bestaan te vergelijken is. Het overgangsproces zal echter in zo’n kleine tijdsruimte plaatsvinden, dat schokeffecten niet kunnen uitblijven.De postindustriële, op electronica en communicatiemedia gefundeerde ‘technotronische’ maatschappij waarin de mutatie zich voltrekt, is tot nu toe alleen in de VS ontstaan. De technische grondwet van het nadoen, leidde in het tehnotronische tijdperk tot een ‘wereldsupercultuur’ die vanuit Amerika is beïnvloed. Door het delen van wetenschappelijk-technische kennis zal het bijdragen aan de uitbreiding van een wereldsupercultuur en tot inhoud van de Amerikaanse politiek worden. De overgang van mensen naar een gestuurd technetron – door chemische gedachtecontrole, individualiteitsverlies naar transplantiaties, manipulaties van genetische structuren en politieke controle door opslag van alle data (ook de meest private) en de razendsnelle beschikking daarover door de autoriteiten – stellen de tot gedachtefabrieken omgebouwde universiteiten voor grote opgaves. Als scheppende centra van geweldige communicatienetwerken, als uitgangspunt van een groot deel van de strategische planning voor de binnenlandse en internationale politiek, zal de universiteit ook het nieuwe type van de intellectuele politicus voortbrengen. De verwachte regeringsvorm van de persoonlijke dictatuur door ‘aangename’, magnetische persoonlijkheden die de nieuwste communicatietechnieken benutten om de gevoelens te manipuleren en het denken te sturen en zich van de individuele steun van miljoenen ongecoördineerde burgers verzekeren, vooronderstelt hersenfuncties. De schoksgewijze overgang naar het technotronische tijdperk mag niet ten koste van de stabiliteit van het internationale systeem gaan, en dat zal ook niet gebeuren vanwege alle atoom-, chemische en biologische wapens waarover de internationale supermachten beschikken, van waaruit een stabiliserende werking uitgaat

De obsessie met de toekomst in de afgelopen 75 jaar is overduidelijk. Vorige jaar vierden we 50 jaar mei 68, deze maand dertig jaar de val van de muur, en deze maanden tot aan mei 2020, vieren we 75 jaar bevrijding. Maar dit hele tijdperk ontwikkelde zich slechts in één richting: toekomstbeheersing. De uit 1968 stammende, hierboven beschreven, opbouw van een controlesysteem, het toewerken naar een onomkeerbare werkelijkheid als enig vaststaand gegeven. Alles wat daarbuiten valt moet juist zonder ankerpunten, zonder vaste gegevenheden zijn. Had je vandaag een vaste baan? Niets is vast en morgen kun je die kwijt zijn. Heb je een bedrijf? De ondernemingskamer kan die zonder enige verdere rechtsgang en bewijsvoering van je afnemen. Heb je een huis? Dat dacht je maar. Heb je een bankrekening? Morgen niet meer. Een vriend van mij ging een aantal maanden geleden met een internationaal journalistengezelschap naar Syrië. Toen hij terugkwam, werd hij een week later door de Rabobank gebeld dat hij “niet langer klant kon blijven”. Hij heeft in Syrië geen geld opgenomen en deed alles om de reis in anonimiteit te kunnen maken, maar toch mocht hij daar van die bank niet geweest zijn. Heel binnenkort zitten we gevangen in een werkelijkheid waar vrijwel geen politie meer nodig is. Overtreed je de codes van het systeem, dan verlies je je bankrekening, je hypotheek, je boerderij, je MKB-bedrijf, je werk. Dit is al werkelijkheid

Het gaat niet om stikstof, PFAS etc. 

Enkele dagen geleden verscheen in het Reformatorisch Dagblad een stuk ‘Rekenmodellen maken Nederland kapot’. Dat klopt.  Modellen van het IPCC,  het RIVM, van de Wageningen Universiteit en ga zo maar door, zijn zelden op betrouwbare meetgegevens gebaseerd, maar zijn wel de leidraad voor beleid van de VN, de EU en Den Haag. In Epoque nr. 3 publiceerden we een artikel van de scheikundige en bodemdeskudige Marc van Bemmel, waarin hij bodemonderzoek in de Krimpenerwaard en de regio rond Dordrecht onderzoekt op in het grondwater aanwezige PFAS, waaronder GenX, PFOAS en C8. De bron daarvoor is de chemische fabriek Chemours in Dordrecht. De hoeveelheden GenX in het lichaam van werknemers, maar ook in die van omwonenden, zijn schrikbarend hoog, en hoger dan het RIVM gezond acht. Absurd genoeg is zelfs de norm van het RIVM vijftien keer hoger dan wat de Europese Autoriteit als norm heeft gesteld.

Maar nu het PFAS- en stikstofdebat in Nederland speelt, wordt Chemours nog steeds niets in de weg gelegd. Dan telt zelfs ineens de verbijsterend hoge norm van het RIVM niet meer. Ineens moeten de bouw- en de agrarische sectoren worden stilgelegd. Die liggen nu al maanden stil, maar de grote vervuiler Chemours blijft doordraaien. Het gaat dus niet om de PFAS en stikstof zelf. Het stilleggen van bouwprojecten is ook niet in het nadeel van de grote bouwbedrijven. Vergelijk het met de bankencrisis van 1929. Voordien beschikte de VS over vele duizenden kleine banken en tientallen grote. Na de crisis bleven alleen de groten over. Ook deze imaginaire PFAS- en stikstofcrises zijn alleen in het nadeel van de kleine bouwers, van agrarische familiebedrijven, van de zelfstandigen zonder personeel. De recessie die voor de deur staat doet de rest. Zoals ook VNO-NCW niet in handen is van MKB-Nederland, maar van multinationals, bankiers en beroepsbestuurders, zo is Bouwend Nederland dat ook. Multinationals en grote bouwbedrijven wringen zich in de handen. Chemours hoeft niet eens te handenwringen, want mag duizenden kilo’s toxisch materiaal in het grondwater lozen, tot meer dan 15 maal het maximum dat de EU gesteld heeft. De EU doet niets, het RIVM doet niets, en de Inspectie doet niets. Maar boeren en bouwers moeten stante pede met alles stoppen en een deel ervan zal failliet zijn voordat alles weer op gang komt. Natuurlijk zonder dat ze compensatie van de overheid krijgen, want er wordt nu al gewerkt aan een formule die ze straks uit  uit de hoge hoed wordt getoverd. Boeren en bouwers zullen als vanouds mogen doorgaan, maar dan met een paar duizend kleine boeren en bouwers minder. Geschiedenismakers kijken niet op een slachtoffer meer of minder.

Hetzelfde in de visserij

In de visserij zie je hetzelfde: de kottervloot dook de afgelopen jaren massaal in het pulsvissen, verruilde de zware motoren voor veel lichtere, maar het pulsvissen werd verboden via een dubieus spel waarbij een Franse ‘milieuclub’ werd ingezet. Dit betekende het einde voor  een groot deel van de kottervloot en vele boten waarop visquota voor tong en schol rust, staan nu in de verkoop of zijn al overgenomen. De overnames komen vrijwel allemaal vanuit de echte grote visserijsector, namelijk de hecktrawlervloot, een kartel dat in Nederland officieel vier maar waarschijnlijk slechts twee reders heeft: Jacson, Vrolijk, Parlevliet-Van der Plas (PP) en Van der Zwan. Financieel vormen deze vier driekwart van de hele Nederlandse visserij, hoewel het samen om nog geen 25 varende visfabrieken gaat, zijn ze toch al drie keer groter dan de 300 garnalenkotters, en honderden platviskotters. Deze grote reders vangen vooral pelagische vis. Maar PP heeft bijvoorbeeld ook al de hele garnalenvisserij in Nederland en Duitsland in handen. En nu kopen ze alle failliete pulsvissers op.

En du moment dat ze die boten overnemen, gaat het tij keren voor het pulsvissen. Ja, het is nog verboden, maar nu begint de machine pas echt te draaien. In Visserijnieuws verscheen het eerste artikel ‘Geen dood en verderf in spoor pulskotters’. Wageningen Universiteit, de WC-eend van het Ministerie van LNV, maar ook huisvriend van de grote reders, gaat zich inzetten voor het pulsvissen:

Uit het discards overlevingsonderzoek dat door Wageningen Marine Research (WMR) is uitgevoerd blijkt bijvoorbeeld dat ruim 90% van de tong en schol in de vangsten van pulskotters levend aan dek komt. Deze tongen en schollen zijn allemaal blootgesteld geweest aan het pulsveld, zonder dat ze daar massaal aan dood zijn gegaan. Ook het blootstellen van ongewervelde dieren aan pulsvelden in het laboratorium leverde geen bewijs op dat deze dieren daaraan dood gaan. Alhoewel het onwaarschijnlijk is dat de passage van een pulskor tot grote sterfte leidt, was er nog geen onderzoek gedaan naar hoe het bodemleven er kort na de passage van een pulskor uitziet. Daarom heeft het ministerie van LNV aan WMR de opdracht gegeven een pilotstudie uit te voeren naar het bodemleven in het spoor van een pulskotter.

Om de Franse NGO ‘ZOOM’ die in haar eentje het puslverbod voor elkaar kreeg, hangt ook een heel vreemd luchtje. Net als de wel heel laat gestarte Wageningse onderzoeken, waarvan de resultaten nu pas naar buiten mogen komen. Enfin, het einde van het liedje is: twee of drie grote reders kopen momenteel in een klap heel veel familiebedrijfjes in de kottervisserij op, na een heel verdacht spel met de EU, een Franse ngo, LNV en de WMR. Daarmee gaan ze een grote speler worden in de kottervisserij, gaan de marktprijzen bepalen, zoals ze die momenteel al voor de pelagische vis bepalen, en zo gaat de rest van de kottervloot ook op de fles. We kunnen nu al voorspellen: het pulsverbod zal niet blijven. Over een of twee jaar zal er weer met puls gevist mogen worden en dan zit een groot deel van de quota voor tong en schol, plus een prachtige vloot, in de pocket van het visserijkartel, en dan gaat ook de rest van de kottervloot naar hun pijpen dansen. 500 familiebedrijven in de kottervisserij noem je een markt, maar 2 of 3 bedrijven noem je een kartel.

Dit zijn zo de tactieken om u vandaag al af te nemen wat u gisteren nog dacht te bezitten, en waarvan u morgen bent verjaagd. Het staat er ook zo precies in dat ‘Gebiedsplan’:

Schaalvergroting: minder bedrijven, maar grotere bedrijven. Van boerengezinsbedrijven naar bedrijven met meerdere eigenaren/financiers en eigenaren op afstand.

Daarvan is geen afwijken mogelijk. Het gaat immers om de sleutel van de macht, evenzeer als om de sleutel van het plan. De nieuwe werkelijkheid is er een waarin alle macht geconcentreerd is op één plek, en alle anderen van die plek zijn uitgesloten. Das Leben der Anderen – ons leven dus – is gedoemd tot een bestaan zonder uitgangspunten, zonder zekerheden en zonder toekomst. Het tijdperk van de toekomstobsessie heeft ons van dè toekomst beroofd.

 

 

Posted on

ISIS-Vrouwen en het bloed aan onze handen

Sinjar, Irak, 2016. Teun Voeten.

Door Teun Voeten ~ De link tussen radicale islam en terreur is een no brainer. Wie dat ontkent, lijdt aan cognitieve dissonantie.

Op 11 november vieren Brabant en Limburg de aftrap van het carnaval. In België, Frankrijk en Engeland is 11 november een loodzware, gewichtige dag: Armistice, de herdenking van de wapenstilstand van de Eerste Wereldoorlog die aan Nederland voorbijging. 11 november is ook de dag dat Nederlandse rechters een uitspraak doen over een proces dat enkele vrouwelijke ISIS-aanhangers hebben aanspannen om hen, op kosten van een dwangsom van 20.000 euro per dag, terug te halen. Dit proces zal de toekomst van Nederland gaan bepalen.

‘De onschuld van Nederland is definitief voorbij’

Nederland is gesplitst in twee kampen. Grote groepen menen dat deze collaborateurs die het Westen de rug hebben toegekeerd, daar ook de consequenties van moeten dragen. Columnisten als Arthur Van Amerongen, Elma Drayer, en Erdal Balci vertolken dit standpunt. Een andere groep pleit voor terugkeer en meent dat de ‘uitreizigers’ na een gepaste straf weer prima kunnen integreren in de samenleving. Radicaliseringsexpert Amy Jane Gielen spreekt vol vertrouwen: ‘We hebben de ervaring, kennis en kunde’. Emeritus-hoogleraar culturele psychiatrie Joop de Jong krijgt een podium in de Volkskrant van waar hij verkondigt dat ‘het terughalen van Syrië-gangers best verantwoord kan’, maar wel erkent dat ‘mogelijke oorlogsmisdaden’ inderdaad deel uitmaken van de problematiek.

‘Het woord islam of moslim komt niet eenmaal voor en is de spreekwoordelijke olifant in de kamer’

De Jong heeft ervaring met oorlogsveteranen en haalt studies aan over reïntegratie van kindsoldaten in Sierra Leone en Nepal. Afgezien van het feit dat het een klap in het gezicht is van elke militair om ISIS-terroristen en hun facilitators ‘veteranen’ te noemen maakt hij een paar zeer gevaarlijk vergelijkingen. Ik had zelf ooit een onvergetelijke ervaring met gedrogeerde kindsoldaten in Sierra Leone (twee uur lang met geweren op mijn hoofd bedreigd worden met executie, kidnapping, marteling, verminking en verkrachting) en schreef er later een boek over waar dieper wordt ingegaan op thema’s als verzoening, vergeving en reïntegratie.

De Jong heeft gelijk dat er in de demobilisatie en reïntegratie van diverse strijdende partijen wereldwijd en cross-cultureel veel overeenkomsten zijn. In mijn studie over het Mexicaanse Drugsgeweld sprak ik Mexicaanse huurmoordenaars en West -Afrikaanse kindrebellen en vergeleek ze met New Yorkse gangleden en jihadisten. Er zijn veel overeenkomsten waarom mensen zich bij een gewapende groep aansluiten: peer pressure, sociale uitsluiting, nieuwsgierigheid, destructief nihilisme, avonturenlust, drang om je zelf te bewijzen, sense of belonging, verplichte rekrutering, hang naar status, ressentiment, overleving, ideologische beweegredenen.

‘In de radicale islam schuilt de essentie van het probleem dat veel radicaliseringsexperts liever niet willen zien’

Er is echter een enorm groot verschil met de jihadisten, en het is typisch dat De Jong dat niet benoemt, namelijk de lokroep van de radicale islam. Het woord islam of moslim komt in zijn artikel niet eenmaal voor en is de spreekwoordelijke olifant in de kamer. Dit werd deze maand nog eens pijnlijk duidelijk gemaakt door Femke Roosma, fractievoorzitter van Groen Links Amsterdam, die het ‘jammer’ vond dat de link islam en terreur werd gelegd. Ook op de officiële 15-jaarlijkse herdenking van ‘de gebeurtenissen’ rond Theo van Gogh werd het ‘islam’-woord niet genoemd.

Terwijl het natuurlijk allemaal heel eenvoudig is en men echt geen islamhater hoef te zijn om die link wel te erkennen: het huis van de islam heeft vele kamers. Een paar heldere bovenkamertjes en torentjes waar verlichte geesten en freischwebende mystici zetelen, wat tussenverdiepingen waar gelovigen wonen die verschillende maar nog steeds vreedzame interpretaties van hun geloof aanhangen tot bierkelders vol brallende meelopers tot uiteindelijk onderaardse gewelven waar radicale extremisten zitten die voor de duidelijkheid islamo-fascisten worden genoemd. De link tussen radicale islam en terreur is een no brainer en wie dat ontkent heeft last van cognitieve dissonantie of maakt zich schuldig aan opzettelijk misdadige ontkenning. En in de radicale islam schuilt juist de essentie van het probleem dat veel radicaliseringsexperts liever niet willen zien.

Jihadisten zijn niet zomaar rebellen met wie je kunt onderhandelen en die je uiteindelijk amnestie kunt geven. In dit opzicht verschillen ze essentieel met bijvoorbeeld de West-Afrikaanse rebellen die de regimes in Liberia en Sierra Leone bevochten en de Colombiaanse rebellen van de FARC en ELN. De West-Afrikaanse rebellen hadden weliswaar bloedige methodes, maar au fond hadden ze een waarden- en normenpatroon en modus operandi dat redelijk congruent was met de corrupte en smerige regimes die ze omver wilden werpen. De Communistische guerrilla’s in Latijns-Amerika hadden, net als de liberale regeringen die ze bestreden, een humanistische visie op mens en maatschappij. Alleen de praktische uitvoering en het te volgen parcours waren verschillend. Ook criminelen en gangleden aanvaarden door de maatschappij algemene normen zoals geld en status, maar kiezen voor een buitenwettelijke sluiproute in plaats van de lange weg die de gemiddelde respectabele burger neemt.

‘Er is geen enkele verzoening of compromis met hard core jihadisten mogelijk’

Jihadisten leven op een ander planeet. Ze verwerpen de fundamenten van onze maatschappij, de scheiding tussen kerk en staat, rationele verlichtingsidealen, het primaat van de mens als redelijk wezen dat zelf wetten ontwerpt in plaats van een goddelijk opperwezen dat zijn dictaten middels een intermediair – die men dan een profeet noemt – oplegt aan de mensheid. In de ogen van jihadisten zijn mede-moslims die minder streng zijn in de leer verraders, afvallige moslims en niet-gelovigen zijn Untermenschen die men kan afslachten. Dit is ook daadwerkelijk wat met de Yezidis in Noord-Irak gebeurde, zoals we kunnen lezen bij Brenda Stoter Boscolo die de genocide optekende.

‘Ons land is gespleten, terugkerende ISIS-collaborateurs zullen als katalysatoren deze verscheurdheid aanjagen’

Er is geen enkele verzoening of compromis met hard core jihadisten mogelijk, zoals ik al eerder argumenteerde in de NRC. De verzoeningsrituelen waar De Jong over spreekt werken inderdaad bij West-Afrikaanse kindsoldaten, waarvan velen verplicht gerekruteerd waren en gedwongen werden tot wreedheden op hun eigen bevolking. Maar het idee van De Jong van verzoeningsrituelen van jihadisten in een Nederlandse moskee (opeens komt islam wel tevoorschijn) is bespottelijk en ronduit cynisch. Verzoening met wie? Met overlevenden van de Yezidi-genocide die naar West-Europa zijn gevlucht en hier nog steeds bedreigd worden door jihadisten? Met de Nederlandse bevolking waar een rechtgeaarde jihadist met verachting op neerkijkt? Met de gematigde moslimpopulatie van Nederland die ook niks met hun extreme geloofsgenoten te maken willen hebben, niet in het minst omdat hun gedrag een enorme smet heeft geworpen op hun gemeenschap?

De rechters zullen maandag beslissen. Velen vrezen dat ze voor morele druk zullen zwichten, dat ze naar mensenrechten zullen verwijzen die de jihadisten en hun aanhang heel pragmatisch uitbuiten als het in hun straatje past om te overleven, maar met de voeten treden als het gaat om hun vijanden te elimineren.

Mocht er in het voordeel van de vrouwen beslist worden dan zijn de gevolgen akelig voorspelbaar. Eerst de vrouwen en de kinderen. Dan in het kader van gezinshereniging de mannen. Die komen er vanaf met een licht strafje. En dan gaat de bal rollen. Ons land is gespleten. Terugkerende ISIS-collaborateurs zullen als katalysatoren deze verscheurdheid aanjagen. Elke terugkerende jihadist wordt een condensatiepunt waar bewonderaars, sycophanten, en meelopers omheen klonteren. Als een kritische massa bereikt is ontstaan er actieve cellen. Dan komen de aanslagen. Hetzij groots en gecoördineerd, hetzij individuele acties van lone wolves. Die dan weer stelselmatig door de overheid als verwarde mannen worden bestempeld. Maar vele eenzame wolven maken een roedel.

Het is een duivels dilemma. Gaan wij de levens van enkele ISIS-vrouwen en hun kinderen opofferen? Of halen we ze terug waardoor er een zeer reële kans bestaat dat er in de toekomst bloed van Nederlandse burgers vloeit door aanslagen die onvermijdelijk zijn? Welke beslissing we ook nemen we zullen altijd bloed aan onze handen krijgen. De onschuld van Nederland is definitief voorbij. En dat is niet onze schuld.

Over de auteur: Teun Voeten is cultureel antropoloog en oorlogsreporter en woonde jarenlang in Molenbeek.

Sinjar, Irak, 2016: de verwoesting en slachtoffers van ISIS. Foto’s: Teun Voeten.

Posted on

De ineenstorting van christelijk Nederland

Afgelopen zaterdag werd er in Hardinxveld-Giessendam door het Logos Instituut een congres belegd met als doel het christendom te versterken [1]. Dit deed men door twee dagen lang diverse sprekers uit binnen- en buitenland uit te nodigen over tal van onderwerpen. Veel bijdragen raakten de problemen die veel christenen ervaren rond schepping en evolutie, met andere woorden: de verhouding tussen geloof en wetenschap. Naast de vraag of het scheppingsgeloof in onze tijd nog wel houdbaar is, kwamen ook andere kwesties aan bod, zoals de vragen rond de historiciteit van de zondvloed en een eigen verwerking van de stand van de archeologie. Dit laatste met betrekking tot de vraag in hoeverre de gebeurtenissen in – met name – het Oude Testament werkelijk zijn gebeurd en in hoeverre de archeologie deze gebeurtenissen hetzij bevestigt, hetzij als ‘nooit gebeurd’ verklaard.

Het meest opvallende van deze bijeenkomst was wel dat het klassieke christelijke geloof ook binnen christelijk Nederland steeds meer een randverschijnsel wordt. De tendens die werd beschreven was vrij eenduidig: steeds meer gelovigen, theologen en niet-theologen, zetten de klassieke verklaringsmodellen van het christendom opzij en nemen hun uitgangspunt in wat de wetenschap ons gebiedt in haar laatste stand van zaken. Ook als dit betekent dat oude opvattingen moeten sneuvelen of moeten worden aangepast.

Het geschetste tempo van aanpassing door de Nederlandse gelovigen aan ‘de wetenschap’ is adembenemend. Ook in de tot voor kort orthodoxe bolwerken zoals Evangelische Omroep en tal van strenggelovige kerken, volgt men in rap tempo het voorbeeld van Andries Knevel die in 2009 publiekelijk zijn scheppingsgeloof afzwoor en de evolutietheorie omhelsde [2]. Afgelopen zaterdag passeerden er vele namen de revue die aangaven dat de omslag op een grotere schaal bezig is dan dat ik tot voor kort dacht. Zelfs in het huisorgaan van de SGP, het Reformatorisch Dagblad, begint het te schuiven, getuige de opvattingen van iemand als dr. Rouwendal.

Het is hier niet de plek om genoemde kwestie uit te werken. Wat ik hier constateer is dat het massale inruilen van het scheppingsgeloof pas het topje van de ijsberg is. Christelijk Nederland is een slagveld: dogma’s en geloofsregels sneuvelen, het geloof in wonderen taant, de zondvloed wordt terzijde gesteld. En velen vragen zich af wat er nog waar is van alles wat er in de Bijbel staat, zoals de uittocht van het volk Israël uit Egypte, de intocht in Kanaän en tal van andere zaken. Om nog maar te zwijgen over de verhalen rond Jona, Jericho, enzovoorts.

Wist men zich al geruime tijd geen raad met alle weerbarstige en – volgens de moderne morele maatstaven – inhumane verhalen in het Oude Testament, thans moet ook het historische werkelijkheidsgehalte eraan geloven. De verkruimeling van de grondvesten van de kerk in Nederland lijkt echter het gros van kerkleiders en gelovigen niet te raken.

In plaats daarvan roert men de trom rond thema’s als klimaatverandering, vluchtelingenopvang en de strijd tegen prostitutie en voor daklozen. Op preekstoelen fulmineert men naar hartenlust tegen Baudet, tegen Trump en tegen Rusland. Van dit laatste was ik afgelopen zondag nog getuige.

De grondtrek is duidelijk: de wetenschap bepaalt in het vervolg de inhoud en de vorm van de bijbelse inhoud. Men heeft als het ware het heft uit handen gegeven. Het procedé is niet alleen van toepassing op de plek van de wetenschap. Want zoals de tijdgeest i.c. ‘de cultuur’ volgens het gros van de theologen in het vervolg de ethiek en de moraal moeten bepalen, en zoals volgens diezelfde lieden de overheid de bewegingsruimte en verantwoordelijkheid van kerken en individuele gelovigen moet definiëren, zo wordt steeds meer de grondtrek duidelijk van het moderne christendom als louter volgend en irrelevant.

Men hult zich in vaagheid, zoals Rouwendal doet in het Reformatorisch Dagblad: “Ik pleit niet voor een bepaald antwoord, maar voor het onder ogen zien van de vragen.” Of men pleit hoogstens voor de houding van de ‘geleerde onwetendheid’, zoals prof. Marc de Vries deed op het Logos-congres van afgelopen zaterdag.

Het proces van uitkleden is nog lang niet ten einde. De mogelijkheid van een christelijke cultuur of een christelijke staat, onze ‘vaderlandse geschiedenis’, de band tussen kerk en volk, onze tradities, het natuurrecht – dit alles heeft het Nederlandse christendom reeds prijsgegeven en losgelaten.

Wat van het christendom overblijft, is een spiritualiteit zonder enige substantie. Verkondigd door mannetjes en vrouwtjes die vooral heel hard meeschreeuwen met de moderne goegemeente. En prat gaan op hun bewogenheid met asielzoekers en hun afkeer van Poetin. Maar ondertussen heeft datzelfde christendom niets meer in huis dan aftreksels van wat buiten de kerk ruimschoots voorhanden is.

Het Logos-congres in Hardinxveld-Giessendam getuigt van een rest die niet met de stroom mee wil gaan: het verzet van een slinkende groep die nauwelijks wordt gehoord. En zeker niet gewaardeerd. Want we leven in een cultuur die oppositie minacht en aanpassing toejuicht. En die houding wordt door het huidige christendom meer en meer in de hand gewerkt. Hoe dom kun je zijn.

[1] https://logos.nl/evenement/tweedaags-logoscongres-2/

[2] https://www.trouw.nl/nieuws/de-evolutie-van-de-evangelische-omroep~b5f58987/