Posted on

Daniël Maes: “Westen zal blijven proberen Syrië te onderwerpen”

Eerder berichtte Novini reeds over het openingscongres van het nieuwe Geopolitiek Instituut Vlaanderen-Nederland (GIVN) in Leuven op 5 mei jongstleden en gaven we de lezing van de Nederlandse filosoof en uitgever Tom Zwitser door. Een andere spreker op dit congres was pater Daniël Maes, die uit eigen ervaringen in Syrië verslag kon doen. Bij Uitgeverij De Blauwe Tijger verscheen eerder het eerste en onlangs het tweede deel van zijn Syrisch Oorlogsdagboek, nu samen met korting verkrijgbaar.

Ook van zijn lezing in Leuven is een opname gemaakt, die hieronder te bekijken is:

Posted on

“De Russische media zijn zeer divers”

Russische opinieleiders die het opnemen voor Vladimir Poetin zijn een zeldzaam verschijnsel in de Westerse media. Dmitry Babich, een zelfverklaarde ‘linkse conservatief’, behoort tot dit illustere gezelschap. Als politiek analist van Sputnik International (voorheen radiozender Voice Of Russia) is hij te zien geweest bij de BBC, CNN, Al Jazeera en ook de NOS, in actualiteitenrubriek Nieuwsuur. Babich zegt dat hij zijn meerderen nooit vooraf op de hoogte stelt van zijn buitenlandse tv-optredens. Ook gaat hij er prat op dat hij nooit met dubbele tong spreekt. Russen of niet-Russen, hij stemt zijn opinies niet af op zijn gehoor.

Novini nodigde Dmitry Babich uit voor een gesprek over de Russische media, met als deelonderwerpen: Russisch nepnieuws; de maatregelen die de VS hebben getroffen tegen RT en Sputnik; het geweld tegen Russische journalisten; en de blijvend lage ranking van Rusland in de persvrijheidsindexen.

U staat op de loonlijst van Sputnik. Zowel Sputnik als RT ontvangen financiering van de Russische staat. Ze worden in het Westen beschuldigd van propaganda. Hoe kijkt u daar tegenaan? [1]

De reden dat invloedrijke personen in het Westen zo kwaad zijn op RT en Sputnik is dat wij de westerse media te kijk zetten, meestal ook nog gebruik makend van citaten opgetekend uit diezelfde westerse media. In feite observeren wij de observator. En wij zetten die observator te kijk als vooringenomen en misleidend.

Verder moeten degenen die ons beschuldigen van propaganda eerst maar eens met bewijzen komen dat wij de zaak bedriegen.

Misschien zetten RT en Sputnik de werkelijkheid een beetje naar hun hand door sommige zaken consequent wel te melden en andere niet?

Elk nieuwsmedium is in zekere zin selectief, en dat kan ook niet anders omdat je niet al het nieuws en alle opinies kunt brengen die er zijn. Maar RT is duidelijk minder selectief dan de Westerse media. Zo worden representanten van het pro-Amerikaanse Moscow Carnegie Center wel aan het woord gelaten bij RT, terwijl het onvoorstelbaar is dat CNN zendtijd geeft aan Rusland-sympathisanten uit de VS.

Maar u bent wel op CNN te zien geweest.

Ik ben geen Rusland-sympathisant uit de VS. Ik ben een Rus, wonend in Rusland, geen Amerikaan. Maar inderdaad, ik ben op CNN geweest. Eén keer. Vier jaar gelden, en niet als iemand die de andere kant van het verhaal mocht belichten.

Hoe was het om te gast te zijn in het programma Nieuwsuur?

De eerste keer was één of twee dagen na de ramp met MH17. De interviewer sprak daarover alsof het 100 procent zeker was dat het vliegtuig was neergehaald door Russen of hun handlangers in het gebied, en dat het allemaal de schuld was van Poetin. Mijn pogingen hem er op te wijzen dat het niet alleen de schuld kon zijn van Rusland werden afgedaan als ‘pro-Poetin talk’. Ik was bijna in tranen toen. Niet alleen vanwege de manier waarop ik werd aangesproken, maar ook omdat de ramp zelf mij heel erg aangreep.

Toen de redactie mij daarna nog een keer vroeg, heb ik toegezegd op voorwaarde dat ik op een beleefde manier bejegend zou worden.

Terug naar RT en Sputnik. RT wordt in de Westerse media vaak genoemd in verband met nepnieuws over een Russische jongen die gekruisigd zou zijn in Oekraïne, en een Russisch meisje dat verkracht zou zijn in Duitsland door vluchtelingen.

Ten eerste zijn die verhalen niet de wereld ingeholpen door RT, maar door de Russische tv-zender Kanaal 1. En ten tweede heeft Kanaal 1 die verhalen niet gebracht met de bedoeling het publiek te misleiden, maar omdat ze dachten dat ze echt waren.

Ik vind het niettemin onprofessioneel van Kanaal 1 dat ze een verhaal zoals dat over de gekruisigde jongen niet hebben geverifieerd voordat ze het uitzonden. Maar in de Westerse pers wemelt het van dat soort verhalen. Neem Omran, het bloedbevlekte jongetje uit Aleppo. Er is geen tv-zender in het Westen die daar geen beelden van heeft uitgezonden, en steeds met de onderliggende boodschap: Kijk eens hoe barbaars de Syrische en Russische luchtmacht tekeer gaan boven Aleppo. RT spoorde Omran en zijn vader op en het bleek dat het hele verhaal nep was, en in scene was gezet door de grote favorieten van het Westen in Syrië, de zogenaamde Witte Helmen, die trouwens op zichzelf al een neporganisatie zijn.

Terwijl Rusland zich met RT en Sputnik richt op een Westers publiek zijn de VS na afloop van de Koude Oorlog nooit opgehouden met Voice Of America, Radio Free Europe en Radio Liberty.

Belastinggeld uit het Oosten en belastinggeld uit het Westen, een groot verschil nietwaar? Als ‘filantropen’ als George Soros bepaalde media financieren, dan kun je er ook zeker van zijn dat hij dit doet vanwege de belastingaftrek. Uiteindelijk wordt alles betaald uit de belastingkas.

De VS hebben recentelijk RT America aan banden gelegd, door ze onder meer te verplichten zich te laten registreren als ‘foreign agent’. Rusland heeft inmiddels tegenmaatregelen genomen.

De Russische Foreign Agent wetgeving uit 2012 is vooral een kopie van de American Foreign Agents Registration Act  uit 1938. De wet wordt gebruikt voor niet-gouvernementele organisaties, NGO’s, die politieke doeleinden nastreven en gefinancierd worden vanuit het buitenland. De Russische wet is nooit bedoeld geweest voor de media, en is er ook nooit voor gebruikt. Maar in de VS hebben ze nu besloten dat ze hun wet uit 1938 gaan gebruiken tegen RT en Sputnik. Met het gevolg dus dat Rusland hetzelfde gaat doen.

In de Westerse media wordt veel en vaak gesproken over de zogenaamde trollenfabriek in Sint-Petersburg, van waaruit het Westen wordt bestookt met nepnieuws, en discussies op sociale media worden beïnvloed.

Ik geloof niet in Russische trollenfabrieken, omdat het gewoonweg onmogelijk is dat die verantwoordelijk kunnen zijn voor de stortvloed aan lezersreacties op anti-Rusland artikelen zoals te zien zijn op zoveel verschillende buitenlandse websites. In tientallen verschillende talen ook nog.

Ik ben goed bekend met mijn collega’s van de Poolse afdeling van Sputnik, en ik weet daarom hoe moeilijk het is om in Rusland mensen te vinden die fatsoenlijk Pools spreken en schrijven. Maar toch tref je steeds weer honderden of duizenden reacties aan van verontwaardigde Poolse lezers op artikelen in de Poolse pers waarin gewaarschuwd wordt voor ‘het Russische gevaar’ of waarin nepnieuws over Rusland wordt opgevoerd, bijvoorbeeld over Russen die in 2010 het ongeluk met het presidentiële vliegtuig zouden hebben veroorzaakt door het vliegveld van Smolensk in de mist te zetten.

De Westerse media zijn van zichzelf al zo vooringenomen, tegenstrijdig, en vaak ook gewoonweg nep, dat er geen Russische trollen nodig zijn om dat aan het licht te brengen. Dat doet het publiek in het Westen zelf al.

Oppositiejournalist Oleg Kashin schreef onlangs in The Moscow Times dat de Westerse media niet langer een rolmodel zijn voor de onafhankelijke media in Rusland, vanwege het vervormde beeld dat Westerse journalisten schetsen van Rusland sinds anderhalf jaar.

Dat is zeker waar, maar de desillusie over de Westerse media ontstond al veel eerder. De Westerse verslaggeving van de oorlogen in Tsjetsjenië en Joegoslavië was zo bevooroordeeld en eenzijdig, dat journalisten en anderen in Rusland die in staat waren het Westerse nieuws te volgen teleurgesteld begonnen te raken. De openlijke steun van de Westerse pers aan de gewapende opstand in Syrië en aan het wrede nationalistische regime in Oekraïne heeft inmiddels voor iedereen in Rusland die toegang heeft tot het internet duidelijk gemaakt hoe ‘objectief’ de Westerse pers in werkelijkheid is.

De Russische media zijn ‘niet vrij’, volgens twee toonaangevende organisaties die overal ter wereld de vrijheid van pers meten. Wat vindt u van die kwalificatie?

Het is onmogelijk de vrijheid van pers te meten. Het is nepwetenschap.

Maar de Russische media zijn erg divers in vergelijking met de Westerse media. Wij hebben bijvoorbeeld kranten die steun betuigen aan de Westerse interventie in Syrië en die de Russische hulp aan de Syrische regering afwijzen. Grote kranten als Vedomosti, Kommersant en Nezavisimaya hebben dat voortdurend gedaan. Noem mij in Frankrijk of Groot-Brittannië een krant die schrijft: “We hadden Assad met rust moeten laten. We hebben er verkeerd aan gedaan ons met Syrië te bemoeien want door onze inmenging zijn er vele levens verwoest.”

Ander voorbeeld: Er zijn Russische kranten die volledig op de hand zijn van het regime van Porosjenko in Oekraïne. Zo noemde het weekblad Sobesednik de Maidan-coup van 2014 een ‘waardige revolutie’ en de milities in Donbass ‘criminelen’. Sobesednik is geen marginale publicatie. Het is een grote krant die je overal hier in Moskou in de kiosk kunt kopen.

Het idee dat de Russische pers niet vrij is lijkt erg te worden bepaald door berichten in de Westerse pers over geweld tegen journalisten.

De meeste moorden op journalisten in Rusland hadden van doen met het aan de kaak stellen van onoorbare praktijken van machtige lokale oligarchen, burgemeesters en gouverneurs, die onder Jeltsin als koningen regeerden. Onder Poetin hebben ze veel van hun macht moeten inleveren. De gouverneurs, en ook de burgemeesters, weten nu dat zelfs het geringste vermoeden van betrokkenheid bij moord het einde kan betekenen van hun carrières.

Er zijn dit jaar twee journalisten vermoord. In 2016 nul. Maar toch lijkt het de goede kant uit te gaan. Uit de cijfers van het Amerikaanse Committee To Protect Journalists (CPJ) blijkt dat er onder Jeltsin dubbel zoveel werd gemoord als onder Poetin. In het Westen lijkt iedereen juist te geloven dat juist Poetin de boosdoener is. Dat hij een moordgolf in gang heeft gezet.

De moordgolf op journalisten nam een aanvang onder Gorbatsjov. In de laatste jaren van de Sovjet-Unie werd er een privatisering in gang gezet. Dit creëerde een ‘markt’ voor moorden. Machtige clans raakten met elkaar slaags in de strijd om de controle over eigendommen, waaronder mediaconcerns.

Waarom denkt u dat er zo weinig moorden zijn opgelost?

Er zijn wel degelijk veel moorden opgelost. Het probleem is dat de Westerse media er niet over berichten als ze zijn opgelost of tot een veroordeling hebben geleid. Dat zou teveel in tegenspraak zijn met de leidende verhaallijn van het ‘wetteloze Rusland’. De moord op Anna Politkovskaya is bijvoorbeeld opgelost, de moordenaars zijn veroordeeld tot lange gevangenisstraffen, maar in het Westen leek niemand werkelijk geïnteresseerd.

Maar de meerderheid van de zaken is niet opgelost.

Ik ken de precieze statistieken niet. Over het algemeen is het moeilijk huurmoorden op te lossen. De moordenaars worden vaak weer door andere criminelen uitgeschakeld, en het is moeilijk te achterhalen wie opdracht heeft gegeven voor de moord. Zelfs als je de verdachte vindt, dan is het moeilijk diens schuld aan te tonen.

Radio-presentatrice en columniste Yulia Latynina, die onlangs uit Rusland is gevlucht omdat ze meermaals is aangevallen, verwijt de overheid een gebrek aan bescherming. Ze zegt: “Het is niet dat Poetin of het Kremlin achter dit soort aanvallen zitten. Ze knipogen naar degenen die ze organiseren.” 

Yulia Latynina had het aan de stok met bepaalde criminele elementen, die haar met stront besmeurden, onder het motto van: ‘We imiteren Latyninas manier schrijven over Rusland”.

Ik vind het walgelijk; ik kan dit soort acties niet goedkeuren.

Maar anders dan Latynina zou ik niet willen beweren dat de staat oppositiejournalisten in het geheel niet beschermt. Er zijn vele gevallen waarbij de daders van soortgelijke acties tegen bekende leden van de oppositie in de gevangenis belandden.

Het zijn steeds liberale journalisten die worden aangevallen. Wat drijft burgers die hiervoor verantwoordelijk zijn? Yulia Latynina zegt dat ze denkt dat de mensen niet echt kwaad zijn op haar. “Hun motivatie is dat ze groot willen worden in de ogen van Poetin.”

Ik deel die mening niet. Mensen zijn wel degelijk boos. Als je Echo Moskou aanzet, het ulra-liberale radiostation waar Latynina nog steeds haar wekelijkse programma presenteert, dan hoor je daar dat de Sovjet-Unie erger was dan Hitlers Duitsland; dat het in de genen van de Russen zit om te leven onder een dictatuur; dat de Russische president optrekt met moordenaars. Zulke uitspraken maken mij kwaad, omdat ze onwaar zijn en oneerlijk.

Russische liberalen worden in eigen land wel uitgemaakt voor ‘landverrader’. Waarom is dat?

Russische liberalen, zoals Vladimir Kara-Murza, spreken zich in het buitenland vaak uit voor hardere sancties tegen Rusland, omdat, zoals ze zeggen, “Poetins regime geen andere taal begrijpt.”

Voor veel kwaadheid zorgden ook liberalen die de slachting goedkeurden die het Oekraïense leger aanrichtte in Donetsk en Loegansk. De krant Sobesednik is daar een voorbeeld van. Er waren zelfs liberalen die zich vrolijk maakten over gesneuvelde Donbass-soldaten.

U erkent dat zowel liberalen als conservatieven zich schuldig maken aan haatzaaïerij, en het verontrust u dat de kloof tussen beide partijen alleen maar groter is geworden. Wat moet er gebeuren?

De meeste haatdragende taal komt van de ultra-liberalen[2] of van voormalige ultra-liberalen die, na de gebeurtenissen in Libië, Syrië en Oekraïne, gewoonweg zijn overgelopen naar het patriottische kamp. Zoals Vladimir Solovjov. Hij werkte lange tijd voor het ultra-liberale tv-station NTV onder de pro-Westerese oligarch Vladimir Goesinski. Daar leerde hij hoe je weg kunt komen met de ergste beledigingen. Van iedereen die tekeer gaat tegen Echo Moskou is hij de grofste.

Er zijn onder Poetin veel maatregelen genomen om de media aan banden te leggen. We hadden het net al over de ‘foreign agents’ wetgeving. Er is nu ook een wet die het aandeel van buitenlandse eigenaren in Russische mediabedrijven beperkt tot 20 procent.

Die wet is heel makkelijk te ontlopen, en dat gebeurt ook. Veel buitenlandse eigenaren maken nu gebruik van dekmantels. Ze betalen Russische bedrijven om zich voor te doen als eigenaar. Zo is het dagblad Vedomosti in Moskou begonnen als gezamenlijk project van The Wallstreet Journal en The Financial Times. Na de invoering van de nieuwe wet heb ik geen verschil waargenomen in de redactionele koers. Deze is nog steeds onversneden pro-Westers, en wie op dit moment de eigenaar ook moge zijn, de ultra-liberale invloed spreekt dagelijks uit de pagina’s.

The Moscow Times van Derk Sauer werk ook met een dekmantel. De krant staat geregistreerd in Nederland, maar wordt uitgegeven door het Russische Korsamedia.
Wat heeft de Russische overheid eigenlijk te vrezen van buitenlandse media-eigenaren? Vormen zij een bedreiging?

Het hangt er van af. Op dit moment niet. Maar in een bepaalde crisissituatie misschien wel. Het is nu al zo dat 80 procent van de Russische kwaliteitspers anti-Poetin is: Vedomosti, Kommersant, RBC, Nezavisimaya Gazeta, Novaya Gazeta, MK, Sobesednik, et cetera.

Op het moment dat president Viktor Janoekovitsj werd afgezet in Oekraïne, had hij 90 procent van de media tegen zich. Het probleem was dat Janoekovitsj zich nooit iets aantrok van wat de kranten over hem schreven. Hij dacht dat economie en diplomatie belangrijker waren. Dat was een grote vergissing.

De meeste Russen verkrijgen hun nieuws van tv-zenders die in eigendom zijn en onder controle staan van de staat. Dus wat valt er dan te vrezen van de oppositiekranten?

Ook op de staatszenders zijn er programma’s waarin kritisch gesproken wordt over de overheid en Poetin persoonlijk. De pro-westerse leider van de ultra-liberale partij Jabloko, Grigory Javlinski, sprak laatst nog 30 minuten aan een stuk op Kanaal 1 over zijn politieke programma en zijn kritiek op Poetins buitenlandpolitiek.

De staatszenders zijn wat dat betreft diverser dan de ultra-liberale pers, waar het anti-Poetin sentiment overheerst.

Verdenkt de Russische overheid buitenlandse NGO’s en media-eigenaren ervan aan te sturen op regime change?

De meeste oorlogen van de afgelopen twintig jaar begonnen als burgeroorlogen, die ontketend werden vanuit het buitenland. In zowel Syrië als Libië begon het met een opstand. Maar die opstanden van radicale soennieten waren aangezwengeld door Al Jazeera en werden daarna volop gesteund door de Westerse media. Met zulke voorbeelden voor ogen, moet je een idioot zijn om niet in te zien dat dezelfde tactieken van regime change ook op Rusland worden uitgetest.

Welke bewijs ziet u dat het Westen aanstuurt op regime change?

De voormalige Amerikaanse vice-president Joe Biden zei, tijdens zijn bezoek aan Moskou in 2010, dat hij niet wilde dat Poetin opnieuw president zou worden. Dit was een openlijke intentieverklaring. Tel daar de retoriek bij op van de  Russische media die onder controle staan van Amerikaanse en Europese eigenaren. Alles wijst op regime change-intenties.

 In 1996 werd president Boris Jeltsin herkozen met behulp van een Amerikaans campagneteam. Misschien dat dat nog een rol speelt in de argwanende manier waarop Russen kijken naar buitenlandse invloeden in hun land?

Het Russische volk is het niet vergeten, maar de belangrijkste rol werd gespeeld door corrupte Russen, de oligarchen die praktisch alle kranten in handen hadden. Jeltsin genoot in januari 1996 een waardering van 5 procent. Hij was zeer impopulair. De oligarchen besloten daarom hun krachten te bundelen en hun kranten aan het werk te zetten om Jeltsin herkozen te krijgen. En het lukte ze nog ook, met de hulp overigens van de buitenlandse media. Zoals een Franse journalist toen tegen mij zei: “In het Westen hebben we maar één kandidaat voor het Russische presidentschap: Jeltsin”.

Volgens hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times begeef je je in de gevarenzone als je aan de financiële belangen komt van Poetin en diens naasten. Toen journalisten van RBC een vriend van Poetin in verband brachten met de Panama Papers, kwam RBC in de problemen met de Belastingdienst, werd de hoofdredacteur ontslagen en werd directeur Derk Sauer opeens verdacht van aandelenfraude.

Het heeft RBC er niet van weerhouden door te gaan met het bekritiseren van Poetin. Als je kijkt naar RBC, maar ook naar Kommersant, Novaya Gazeta of Nezavisimaya Gazeta, dan zie zie je dat 50 procent van hun artikelen gaan over Big Money en Poetin of andere regeringsfunctionarissen. En dus is het wel degelijk mogelijk daar over te schrijven.

Kijk ook even wie de voormalige eigenaar is van RBC (de voormalige baas van Derk Sauer, EvdB): de miljardair Mikhail Prokhorov. Hij nam het op tegen Poetin tijdens de presidentsverkiezingen van 2012. Toch bleef de Westerse pers benadrukken dat RBC één van de laatste bastions was van de onafhankelijke journalistiek in Rusland.

Ik vind Prokhorov een cynische en verdorven man. U herinnert zich misschien dat hij in Frankrijk gearresteerd werd? Hij verkeerde in het gezelschap van zestien vrouwen. De politie verdacht hem ervan die vrouwen aan te bieden aan zijn vrienden. Na drie dagen werd hij weer op vrije voeten gesteld. Omdat hij tegen Poetin was, sloot de politie het onderzoek en werd hij door de Franse overheid onderscheiden met het Légion d’Honneur. Het zal waarschijnlijk de enige keer in de Franse geschiedenis zijn geweest dat iemand die er van verdacht werd pooier te zijn op zo’n manier werd geëerd.

Dus u denkt dat de publicatie over de Panama Papers niet heeft geleid tot de problemen bij RBC? Dat het allemaal toeval was?

De naam van Poetin komt helemaal niet voor in de Panama Papers. Alleen een vriend van Poetin, die cellist. Maar hij is niet dezelfde persoon als Poetin, en het is ook geen familielid van Poetin. Maar op de een of andere manier besteedde de Westerse pers, schrijvend over de Panama Papers, meer aandacht aan Poetin dan aan de Oekraïense president Porosjenko, wiens naam wel voorkomt in de Panama Papers omdat hij wel zijn geld op die rekeningen had staan. En niemand die hem vraagt wat hij doet met de pers in zijn land, die drastisch is veranderd onder Porosjenko. Het is in Oekraïne niet langer mogelijk iets positiefs te zeggen over Rusland. Ook is de journalistiek een gevaarlijk beroep  geworden in Oekraïne. Maar de Westerse pers blijft liever gefocust op de positie van journalisten in Rusland. Het lijkt ze niks uit te maken dat sinds Porosjenko aan de macht is er jaarlijks journalisten worden vermoord in Oekraïne.


[1] Nieuwsuur-presentator Eelco Bosch van Rosenthal kondigde vorig jaar Dmitry Babich aan tijdens een bijeenkomst in De Balie door te zeggen dat het onzinnig was te beweren dat RT een ‘propaganda-middel’ is. Zie videoregistratie vanaf de 38ste minuut.

[2] Dmitry Babich verstaat onder ultra-liberalen: neoliberalen. Hij prefereert de term ultra-liberalen, omdat volgens hem het belangrijkste kenmerk van het ultra-liberalisme niet is dat het ‘nieuw’ is maar ‘ultra’, een extreme vorm van liberalisme.

 

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

‘Doel van regime change heiligde alle middelen in Syrië’

De jonge Vlaamse onderzoeksjournalist Jens de Rycke reisde de afgelopen jaren door het door oorlog verscheurde Syrië en publiceerde hierover onlangs zijn ‘Dagboek van granaten in Damascus’. Yves Pernet sprak voor Novini met hem over zijn boek en zijn ervaringen in Syrië, over de rol van andere actoren, zoals regionale staten en de westerse politiek en media.

Voor we beginnen met de inhoud van het boek een vraag over het boek zelf. Hoe ben je er toe gekomen dit te schrijven? Het conflict daar is dan wel bekend vanaf het begin, maar er zelf onderzoek naar doen is toch nog iets anders. 

Het boek, mijn interesse in de Syrische oorlog alsook het begin van mijn journalistieke carrière zijn allemaal met een toevallige ontmoeting begonnen. Deze bewuste ontmoeting was er één met een Melkitische priester op de luchthaven van Stockholm en het bracht me ertoe om me in de Syrische oorlog te gaan verdiepen. Uiteindelijk ben ik een jaar na deze ontmoeting zelf naar het land kunnen afreizen en toen ik nadien terug in Vlaanderen mijn ervaringen deelde vertelden personen in mijn omgeving me dat dit een goed idee voor een boek zou zijn. Daarom besloot ik om nog eens terug naar Syrië te gaan en op zoek te gaan naar de verhalen van de burgers die in het Syrië van al-Assad (over)leven. Op deze manier wou ik hen via mij en het boek de kans te geven om hun verhaal te delen. 

Jij bent ter plaatse geweest, hebt kunnen spreken met de plaatselijke bevolking. Hoe makkelijk of moeilijk is het voor een West-Europese journalist om toegang te krijgen tot betrouwbare informatie? Kreeg je veel staatsbegeleiding mee? Werd er gecontroleerd op wat voor antwoorden je kreeg? 

De eerste keer dat ik in Syrië was ervoer ik dat men mij, alsook de andere genodigden, de visie van de Syrische regering wilde tonen. Er was begeleiding en we reden enkel naar de plekken die ze ons wilden laten zien. Er was geen ruimte om zelf op verkenning te gaan, dit ook omwille van het veiligheidsrisico.  Foto’s nemen van bijvoorbeeld het gebombardeerde hotel waarin ik verbleef alsook van andere beschadigde gebouwen stelden ze niet op prijs, omdat men een ander beeld van Damascus (zijnde een hoofdstad waar het leven toch nog normaal kan zijn) wilde tonen. Maar informeel lukte het me toch om met enkele Syriërs te praten en ook hun verhaal te horen. Dit hebben ze in alle eerlijkheid en zonder controle kunnen doen want personen die vreesden dat hun verhaal niet goed zou vallen bij de veiligheidsdienst heb ik een alias gegeven.

Tijdens mijn tweede reis heb ik wel met meer vrijheid kunnen werken maar ik was me er wel van bewust dat ik in het oog werd gehouden. 

Langs de andere kant: denk je dat je collega’s die veel meer aandacht gaven aan de versie van de rebellen oprecht geloofden dat het om vrijheid en democratie ging of werden/worden zij ingeschakeld in hogere belangen? Udo Ulfkotte schreef zo bijvoorbeeld al over de invloed van staatsactoren in de journalistiek. 

Het was duidelijk dat de mediaberichtgeving in het Westen het conflict herleidde tot een goed/slecht-verhaal waarbij Assad de wrede dictator was die werd gedemoniseerd en de rebellen als vrijheidsstrijders werden geschilderd. Uiteraard is het niet meer dan terecht dat de wandaden van de Syrische regering worden benoemd, aangekaart en veroordeeld. Maar de berichtgeving over de oorlog werd zeer éénzijdig doordat Assad de schuld kreeg van alle oorlogsgeweld en (islamistische) strijders ondanks al hun misdaden nog steeds werden voorgesteld als democratisch verzet. Het echte verhaal over de Syrische oorlog gaat dieper dan dat. Beide partijen hebben bloed aan hun handen in deze vreselijke oorlog en het feit dat vanaf het begin de oorlog in Syrië geen opstand was maar een proxy-oorlog tussen verschillende (regionale) staten werd nooit voldoende benoemd. 

Maar het klopt ook dat bepaalde mediabedrijven alsook journalisten zich hebben laten inschakelen om de agenda van een regimewissel in Damascus te ondersteunen. Een mooi voorbeeld van zo’n mediabedrijf is Al Jazeera. De regering van Qatar beïnvloedt duidelijk de berichtgeving van Al Jazeera ten behoeve van haar politieke belangen en Qatar is sinds het begin van het conflict één van de drijvende krachten in de oorlog tegen president Assad. 

Je schrijft dat de samenleving in Syrië op het vlak van samenwonen tussen religies vreedzaam was. Is dit eigen aan Syrië an sich of toch vooral een verwezenlijking van Hafez al-Assad)? 

De familie al-Assad regeerde met harde hand over Syrië en onderdrukte  (gewelddadig) iedereen die zich niet bij hun status quo neerlegde. Ze handhaafden met geweld een seculiere maatschappij maar werden hierdoor door minderheden alsook gematigde soennieten gezien als een dam tegen het extremisme.

Syrië is altijd al een mozaïek geweest van culturen, religies en volkeren. Lang voor het Sykes-Picotverdrag dat Syrië zijn huidige grenzen gaf was dit al het geval. Uiteraard brengt samenleven met zoveel verschillen veel spanningen met zich mee. Helaas zijn deze breuklijnen  door buitenlandse actoren misbruikt om het sektarisch vuur dat tot deze oorlog leidde aan te wakkeren. 

Dan het conflict zelf. Je toont in je boek aan dat buitenlandse actoren (Verenigde Staten van Amerika, Iran, Rusland, Israël, Turkije, Qatar,…) aan beide kanten een belangrijke rol spelen. Die van Iran en Rusland is bekend. Welk nut hebben landen als Israël en Amerika echter met het steunen van groepen opstandelingen? 

Zowel Israël als de VS hebben een gemeenschappelijk doel in Syrië: De invloed van Iran in de Levant breken. Syrië maak deel uit van de zogenoemde ‘as van het verzet’. Een bondgenootschap tussen Iran – Syrië en de sjiitische beweging Hezbollah in Libanon (alsook in mindere mate Irak ) dat zich verzet tegen de Amerikaanse en Israëlische aanwezigheid in het Midden-Oosten.

Mocht er een regimewissel in Syrië zijn geweest dan zou Iran zijn belangrijkste bondgenoot in de regio hebben verloren en zouden de wapenlevering alsook trainingscapaciteiten van Hezbollah wegvallen. Daarnaast bezet Israël nog steeds de Golanhoogten, een stuk Syrisch grondgebied dat strategisch ontzettend belangrijk is alsook gasvoorraden herbergt. Een regimewissel in Syrië en de daaropvolgende chaos in het land zouden het Israël makkelijker hebben gemaakt om zijn positie op de Golanhoogten te behouden.

Om dit alles te bereiken hadden ze geen enkel probleem om extremistische soennieten – die omwille van religieuze redenen zelf tegen sjiieten strijden – te gebruiken als strijders in hun strijd tegen Iran en zijn bondgenoten. Zoals Machiavelli destijds terecht beweerde: het doel heiligt de middelen. 

In de oorlog leerde je een collega, Khaled, goed kennen. Hij is echter omgekomen bij een raketaanval van Daesh. Wat deed zoiets met je? 

Om zijn verhaal met de wereld te delen alsook zijn offer als oorlogsjournalist te eren heb ik besloten om het boek aan hem op te dragen. Ik heb onlangs nog met zijn moeder gesproken via Messenger. Zij was blij om te horen dat mijn boek aan hem was opgedragen omdat zo haar zoon op een bepaalde manier toch nog verder leefde. Ik heb haar beloofd een exemplaar te bezorgen en ik ga mijn best doen om mijn belofte aan haar te houden. 

Aanvankelijk was het een grote shock en het is er één die nog steeds nazindert. Ik beschouwde het schrijven van het boek eerst als een groot avontuur, maar toen ik Syriërs persoonlijk leerde kennen en ook vrienden maakte kreeg de oorlog ook een persoonlijke dimensie voor mij. Je hoort iedere dag over Syriërs die sterven door het oorlogsgeweld maar doordat je hen niet kent zijn het maar onbekende namen en uiteindelijk zelfs maar cijfers… Met Khaled veranderde dit alles omdat ik voor het eerst iemand in de oorlog verloor die ik niet alleen kende maar die ik ook als een vriend van mij beschouwde.

Je schrijft in je boek over de mentale impact die de inname van Palmyra door Daesh had op de Syriërs. Hoe komt het dat de ruïnes van deze oude stad nog steeds zo belangrijk zijn voor hun collectieve identiteit? 

Syrië kent vele archeologische prachten maar Palmyra had als ‘parel van de woestijn’ een unieke plaats in de Syrische geesten. Mede doordat de stad verbonden is met Zenobia en haar unieke verhaal dat zich tijdens de Oudheid afspeelt. De vernietiging van de ruïnes zagen zij als een aanval op hun unieke Syrische geschiedenis alsook als een poging van IS om hun Syrische identiteit weg te vagen. Dit was ook het doel van de vernietiging van de ruïnes door IS: de Syrische identiteit vernietigen en deze door hun ideologie te vervangen.

Daarnaast gaat de verovering van Palmyra ook gepaard met de brutale moord die IS op Khaled al-Assad pleegde. Een moord die naast de Syriërs ook de internationale gemeenschap schokte.

De christenen van het Nabije Oosten hebben eigenlijk slechts marginaal weinig aandacht gekregen. Voor de Jezidi’s was bijvoorbeeld de aandacht veel groter. Waarom sluiten politici en media praktisch altijd hun ogen voor het lot van de christenen in die regio? En is er nog een toekomst voor de christenen in Syrië? 

Er zijn bepaalde politici die aandacht vragen voor het lot van de christenen, maar het geeft een wrang gevoel om te zien dat diezelfde politici vaak in het verleden diezelfde rebellen steunden die christenen vervolgen. Het was voor het Westen moeilijk om toe te geven dat deze zogenaamde vrijheidsstrijders minderheden vervolgden omdat ze hierdoor toegaven dat de zogenaamde gematigde rebellen in werkelijkheid religieuze extremisten zijn.

Daarnaast denk ik dat in het post-christelijke, cultuur-marxistische Westen veel politici het ongemakkelijk vinden om op te komen voor de christenen van het Midden-Oosten omdat zij onze wortels herbergen. Een voor het Westen exotische minderheid zoals de Jezidi’s, wier leed we ook niet mogen minimaliseren, is makkelijker om voor op te komen omdat we bij hen niet met onze eigen christelijke wortels worden geconfronteerd.

Voor de oorlog was tien procent van de Syrische bevolking christelijk. Dat percentage is nu zwaar verminderd door het oorlogsgeweld en door het feit dat deze minderheid van het begin af aan door de verschillende extremistische soennitische groeperingen werd geviseerd. Zo deel ik in het boek het verhaal van de christelijke bevolking van Damascus die door Jaysh al-Islam (leger van de Islam) dagelijks mortieraanvallen kreeg te verduren enkel omwille van hun geloof. Maar er is zeker nog toekomst voor de christenen in Syrië. Ze zullen een kleinere kudde zijn en onze hulp zeker nodig hebben om hun plaats in het Syrië van na de oorlog te behouden.

N.a.v. Jens de Rycke, Dagboek van granaten in Damascus (Polemos: Antwerpen, 2017), paperback, 160 pagina’s.

Posted on

Turkije en Qatar hielden marine-oefening

De Turkse en Qatarese marines hebben een tweedaagse gezamenlijke marine-oefening gehouden in de Qatarese territoriale wateren, zo melden Qatarese media.

De directeur Defensiecommunicatie van de staat aan de Perzische Golf, luitenant-kolonel Nawaf bin Moebarak bin Saif al-Thani stelde dinsdag dat verschillende onderdelen van de Qatarese marine en kustwacht naar tevredenheid hadden deelgenomen aan de gezamenlijke oefening met de Turkse marine.

Vlootformatiecommandant kapitein-luitenant ter zee Falah Mahdi al-Ahbadi licht toe: “De oefening bestond uit twee fasen. De eerste omvatte gezamenlijke maritieme gevechten en anti-piraterijmanoeuvres, de tweede omvatte gezamenlijke manoeuvres in het enteren en inspecteren van verdachte schepen”.

De gezamenlijke marine-oefening van Qatar en Turkije vond plaats in het kader van de defensiesamenwerking tussen de twee landen en bilaterale akkoorden over de bestrijding van terrorisme en smokkel. Van Turkse zijde nam onder andere het fregat TCG Gökova (foto) aan de marine-oefening deel.

Eerder hield het Turkse leger al een gezamenlijke oefening met het leger van Qatar. Turkije heeft een militaire basis in Qatar. Een parlementslid en vice-voorzitter van de Turkse regeringspartij AKP, Yasin Aktay, stelde tegenover de vanuit Qatar opererende televisiezender Al Jazeera dat de Turkse militaire aanwezigheid op het schiereiland bijdraagt aan de stabiliteit in de regio. “Turkije beschermt zijn eigen belangen door middel van de basis in Qatar, in plaats van partij te kiezen tussen de twistende partijen. Ankara’s belangen vereisen stabiliteit in de regio”, Turkije heeft zodoende volgens Aktay geen belang bij een gewapend conflict tussen Saoedi-Arabië en Qatar.

Posted on

Schieten op Qatar, om FIFA te treffen

Voor de Europese voetbalorganisaties komt de diplomatieke crisis rond Qatar als geroepen. Eindelijk is er een geschikte aanleiding om de onvrede over het wereldkampioenschap voetbal dat in 2022 in het emiraat gehouden moet worden, de vrije loop te laten.

Dat de woestijnstaat vermoedelijk terroristen ondersteunt, dat het het WK met steekpenningen gekocht heeft, dat de buitenlandse arbeiders die aan de bouw van de WK-stadions werken als slaven behandeld worden – het was allemaal al lang bekend. Wie dat nu als reden aanvoert om zelfs een boycot voor te stellen, is meer dan hypocriet.

De voetbalfunctionarissen schieten op Qatar, maar willen de FIFA treffen. Het is hen een doorn in het oog, dat het WK vanwege de hitte tussen 21 november en 18 december gehouden moet worden. Dat schopt het wedstrijdrooster van de Europese clubs in de war, die dan midden in hun seizoen zitten.

Bovendien vreest men in de dwergstaat, waar niet het voetbal maar veeleer het racen met kamelen volkssport is, lege stadions aan te treffen tijdens het toernooi. Dat is slecht voor het imago.

Maar, geen zorgen: Zolang clubs als FC Bayern München of FC Barcelona sponsorcontracten met Qatarese bedrijven hebben, zal de officiële proteststem tegen het Golfstaatje wel weer verstommen. Business must go on.

Posted on 2 Comments

“Zonder Poetin was Syrië er geweest”

Volgens de Vlaamse pater Daniël Maes, die sinds 2010 in Syrië woont, klopt er niks van de berichtgeving over de oorlog in het land. Niet president Bashar al-Assad is het probleem, maar onze eigen politici, die ISIS en Al Nusra steunen om de Syrische regering ten val te brengen. “De echte terroristenleiders zitten in het Westen en Saoedi-Arabië.”

De 79-jarige pater Daniël Maes is tijdelijk terug in zijn geboorteland België. Hij verblijft in de norbertijner abdij van het Vlaamse Postel, van waaruit hij in 2010 vertrok naar Syrië, dat toen nog niet in oorlog was. In Qara beleefde hij precaire momenten, toen in 2013 het 25.000 zielen tellende dorp werd ingenomen door een rebellenleger van 60.000 man. Nu is hij ‘op vakantie’ in België, om aan te sterken, nadat hij in Syrië zwaar ziek was geworden (‘Ik dacht: Het is gedaan’), en het eten daar niet meer kon verdragen. Maar ook om de mensen in de Lage Landen het ‘echte verhaal’ te vertellen over Syrië, omdat ze dat van de mainstream media niet te horen krijgen. Midden juni vertrekt hij weer, zijn valiezen gevuld met hulpgoederen voor de noodlijdende Syrische bevolking. 

U woont in een klooster uit de zesde eeuw na Christus, in een land ver van huis.  Hoe kwam u daar zo terecht? 

Ik kwam daar op uitnodiging van de moeder overste, zuster Agnes-Mariam. Zij is een bijzondere figuur. Ze heeft jarenlang als hippie de wereld rondgezworven. En zij heeft de gave de authenticiteit van het monnikenleven in een aangepaste stijl te brengen. Ik vond in het Mar Yakub klooster waar ik mijn hele leven mee bezig was geweest: charismatische bezieling, oecumenische openheid, het missionarissenwerk en de zorg voor de armen. Het klooster was een ruïne, toen moeder Agnes-Mariam het aantrof, en het is vanaf het jaar 2000 onder haar leiding prachtig gerestaureerd. Ik kwam er als toerist, en ik zou er als toerist weggaan, maar Agnes-Mariam vroeg mij of ik een propedeutisch jaar wilden organiseren, een voorbereiding voor de priesteropleiding, het allereerste katholieke seminarie van heel Syrië. En zo ben ik gebleven.

Wat was uw indruk van Syrië voordat de oorlog uitbrak?

Het was een prachtig land. De persoonlijke politieke vrijheden bleken niet al te groot te zijn; dat had ik wel verwacht. Maar voor het overige werd ik aangenaam verrast. Er heerste een weldadige oosterse gastvrijheid, en een rust en orde zoals wij die in eigen land nooit hebben gekend. Stelen en baldadigheden waren nagenoeg onbestaande. De vele verschillende gelovige en etnische groepen leefden harmonieus naast elkaar.

Het land had geen staatsschuld en kende geen daklozen. Integendeel, vele honderdduizenden vluchtelingen van omringende landen, zoals Irak, werden opgenomen en ook onderhouden als eigen burgers.

Het dagelijks leven was bovendien zeer goedkoop, zoals de voeding. Scholen, universiteiten en ziekenhuizen waren gratis, zelfs voor ons vreemdelingen. Ik sprak een Franse chirurg die zei dat de ziekenhuizen in Syrië beter waren dan die in Frankrijk.

Hoe is het conflict in Syrië begonnen? De heersende opinie in het Westen is dat de eerste protesten in Homs vreedzaam begonnen, en dat dat op slag veranderde door het harde optreden van de regering.

Dat is klinkklare nonsens. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die zogenaamde volksopstand ontstaan is in Qara. Op een vrijdagavond in november  2011, onderweg naar de pastorie, waar ik was uitgenodigd, zag ik bij de centrale moskee een groep van zo’n vijftien jongeren. Ze riepen dat Assad een dictator was, en dat hij weg moest. En ik zag andere jongeren die daar foto’s van maakten. Ze maakten zoveel herrie dat het mij een unheimisch gevoel gaf. Ik meldde dat bij de pastoor, maar die wist er al van. Hij zei: ‘Sinds enige tijd komen hier mannen van buiten Syrië. Die komen herrie maken, en die nodigen dan onze jongeren uit om daar foto’s  en video’s van te maken. Als ze die aan de Al Jazeera bezorgen, dan krijgen ze daar geld voor.’

Toen waren er nog geen protesten geweest in Homs?

Het moet rond de tijd zijn geweest dat daar de protesten begonnen. De Nederlandse Pater Frans van der Lugt, die in Homs woonde, en die later daar vermoord is, heeft ook gezien en gemeld in zijn brieven dat het niet de politie was die begon met schieten, maar de terroristen die zich te midden van de demonstranten bevonden.

De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders vindt dat Assad zou moeten worden berecht door het Internationaal Strafhof in Den Haag vanwege oorlogsmisdaden. U ziet dat anders?

Die Koenders is een kleine jongen die daar staat als een koning maar niet weet dat hij geen kleren aan heeft. Iedereen met een klein beetje verstand ziet dat hij een marionet is van de Amerikanen, die precies zegt wat ze hem influisteren.

Wie de belangen van vreemde grootmachten dient om andere volken in de diepste ellende te storten, is een terroristenleider, de naam van staatsman onwaardig.

Assad heeft niks verkeerds gedaan?

Zie de gifgasaanval in Goutha, bij Damascus, in 2013, waarvan Assad onmiddellijk werd beschuldigd. Iedereen die zich daar ook maar een klein beetje in verdiept, ziet meteen dat het de terroristen waren die daar achter zaten.

Een jaar voor de gifgasaanval had Obama gezegd: ‘Het gebruik van chemische wapens is een rode lijn.’  Iedereen in de journalistiek zou toen moeten hebben gedacht: ‘Klinkt dat niet een beetje als president Bush, die indertijd zei: Binnen 48 uur moeten de massavernietigingswapens van Irak bovenkomen.’

Maar ze trapten er opnieuw in. Met veel mediaomhaal werd er een internationale onderzoekscommissie naar Damascus gestuurd, en juist toen ze waren gearriveerd, was er die enorme gifgasaanval, praktisch onder hun neus. In Ghouta nota bene, een onbewoonde streek, waar de mensen allang waren gevlucht.

En binnen twee uur verschenen er foto’s van kamers met stervende kinderen. Van Hollywood-kwaliteit. Sommige bleken lang tevoren te zijn genomen, andere twee uur na de aanval. En nergens een treurende moeder te zien.

Er waren wel ouders die hun kinderen herkenden op de foto’s. Maar die woonden niet in Ghouta, maar 200 kilometer verderop, in dorpen rondom Latakia. Twee weken voor de gifgasaanval waren hun dorpen overvallen door terroristen, en die hadden hun kinderen gekidnapt. Het waren dus gekidnapte kinderen die we op de foto’s te zien kregen, die vermoord waren om een mediastunt uit te halen. Hoe is het mogelijk dat er zoveel stomme journalisten zijn die dat niet doorhebben? U kunt het nalezen in het rapport van Moeder Agnes-Mariam.

Zijn er dan helemaal geen oorlogsmisdaden gepleegd door de Syrische autoriteiten? Amnesty International bracht in februari nog een rapport uit over massaexecuties in een gevangenis in de buurt van Damascus.

Als je als journalist wilt weten hoe het werkelijk zit, dan moet je geen rapporten van Amnesty gaan lezen, dan moet je naar het land zelf gaan. En ik vraag u: Hoe kan het dat een president die zoveel oorlogsmisdaden begaat tegen zijn eigen volk, zolang in leven kan blijven, terwijl het land vol zit van terroristen die hem naar het leven staan? En hoe kan het dat je overal in Syrië mensen ziet met de foto van Assad op de achterruit van hun auto?

De christenen, sjiieten, druzen en alawieten misschien. Maar ook de soennieten?

Absoluut. De overgrote meerderheid van de soennieten staat achter Assad. En als je in Tartus komt, waar veel soennieten wonen, dan zie je daar niet alleen foto’s van Assad, maar ook die van Poetin.

Voor het rapport van Amnesty over de Saydnaya-gevangenis zijn tientallen getuigen geïnterviewd.

Dat is vals. Het laatste verhaal is dat Assad duizenden mensen heeft gecremeerd in die gevangenis. Dat kan helemaal niet. Die is zo klein, daar kunnen nooit in zo’n korte tijd zoveel mensen zijn omgebracht.

Amnesty heeft gezegd dat ze het Amerikaanse verhaal van de crematies niet kan bevestigen.

Ze spreken het ook niet tegen. En intussen hebben de media de verdenking zo vaak herhaald, dat de mensen het zijn gaan geloven.

Hoe ziet u de rol van de journalistiek? Hoe kan het dat zij een beeld schetsen van Syrië dat u totaal niet herkent?

Daarvoor moet u het boek lezen van de Duitse journalist Udo Ulfkotte, Gekochte Journalisten.  Als je niet meegaat met de heersende opinie, het opgelegde draaiboek niet volgt, dan kom je onvermijdelijk in botsing. Dan word je buitengezet.

Maar erger vind ik nog een organisatie als Pax Christi, die in naam van kerkelijke instanties reclame maakt voor de zogenaamde ‘gematigde rebellen’, en zich daarmee totaal keert tegen de christenen in Syrië, tegen de bisschoppen en patriarchen daar. Pax Christi steunt het uitmoorden van Syrische christenen.

Ik heb een voordracht gezien van een zogenaamde Midden-Oosten expert van Pax Christi. Aan het einde van haar voordracht toonde ze haar bronnen. Die waren: Al Jazeera, Al Jazeera en Al Jazeera.

Wat betreft die journalisten: Ik begrijp het wel een beetje. Ze hebben vaak een gezin waarvoor ze moeten zorgen. Maar ik zou wel willen dat ze wat meer ruggengraat toonden.  Het zijn zakken, platbroeken, die je overal neer kunt zetten, omdat ze zelf geen enkele mening hebben.

Waarom denkt u dat zoveel landen af willen van Assad?

In 2009 heeft Qatar Bashar al-Assad gevraagd een pijpleiding aan te leggen door Syrië naar de Middellandse Zee. Assad heeft toen gezegd: Wij gaan dat niet doen want we zijn al bezig zo’n pijplijn aan te leggen met Rusland en Iran. Toen is de oorlog begonnen. Niet in 2011.

We moeten niet vergeten: Homs, waar de protesten begonnen, is een belangrijke locatie voor de doorgang van de pijpleiding. Het is geen toeval dat juist daar de gewelddadigheden begonnen, en dat de nieuwszender van Qatar, Al Jazeera, daar bovenop zat.

En de overige landen? Waarom zijn zij Assad vijandig gezind?

Voor het Westen is het onaanvaardbaar dat Syrië nog een van de weinige landen is met een bank die onafhankelijk is, en dat het land geen staatsschuld had en dus niet ‘gered’ hoefde te worden.

En de Turken die willen gewoonweg het Ottomaanse rijk terug. Het is ook schandalig wat ze in Aleppo hebben gedaan. Aleppo was het economische hart van Syrië. De Turken hebben daar in een paar dagen tijden alle fabrieken ontmanteld en meegenomen naar Turkije.

Israël is ook een hele belangrijke motor achter het conflict. De zionisten willen een pure joodse staat van de Nijl tot de Eufraat. Ze willen dat Syrië in kleine staatjes uiteen valt, en dat die staatjes elkaar gaan bevechten. Divide et empera.  Verdeel en heers.

De Israëli’s bombarderen in Syrië, ze verplegen gewonde terroristen en ze leveren wapens.

Ik denk dat het zionisme even slecht is voor het jodendom als ISIS voor de islam. Maar laten we dat maar niet hardop zeggen, want dan is men voor veel protestanten in Nederland de duivel zelve.

De Israeli’s zeggen dat ze zich in het conflict mengen vanwege de aanwezigheid van milities van Hezbollah.

Dat is waar. Maar Hezbollah is één van de mooiste verzetsbewegingen die er bestaan. Ik heb jongemannen van Hezbollah gesproken, en zij zeggen: ‘Wij zijn ontstaan toen de zionisten onze families kwamen verjagen en uitmoorden. En wij helpen daarom degenen die op dezelfde wijze zo onderdrukt worden’.

U zegt zelfs dat u uw leven te danken heeft aan Hezbollah.

Het is mede dankzij Hezbollah dat zoveel christenen en andere Syriërs nog in leven zijn.  Ze zijn ons op de moeilijkste momenten te hulp geschoten. En hetzelfde geldt voor het Syrische leger en de Russen. Als Poetin niet gekomen was in 2015, dan had Syrië zeker niet meer bestaan.

Van de Russen wordt gezegd dat ze zich in het conflict hebben gemengd om hun positie in Syrië te verdedigen.

Er zal zeker eigenbelang bijzitten. Maar Poetin is ook iemand die de christenen wil verdedigen. En hij wil ook een multipolaire wereldorde, waarin niet één land, Amerika, alles bepaalt. Het ergert Poetin dat de Amerikanen zich niks aantrekken van internationale regels. Ze plegen een staatsgreep in Oekraïne, en zijn dan nog zo brutaal om te zeggen dat de Russen zo agressief reageren.

Syrië is een soeverein land. Dat is wat Poetin benadrukt. Hij zegt ook: Wij zijn er niet ter bescherming van Assad, maar ter bescherming van de Syrische staat.

De Russen zijn de enigen die, met toestemming van de Syrische regering, militair aanwezig zijn in Syrië. Wat doen de Belgische en Nederlandse F16’s daar? Die hebben er niks te zoeken. Zij werken mee aan de vernietiging van een land.

Het Westen zegt ISIS te bestrijden. Maar u betwijfelt dat?

U herinnert zich vast nog de Hollywoodopnamen van ISIS die Syrië binnenreed, een eindeloze colonne van gloednieuwe Toyota’s, dwars door de woestijn. Die zouden toch in een half uur opgeruimd moeten zijn geweest als het Westen dat werkelijk gewild had? Maar dat is niet gebeurd hè? En van wie hadden ze die Toyota’s? Ga dat maar eens uitzoeken.

Wat we wel steeds horen is dat ISIS bij vergissing wapens in handen krijgt die bedoeld zijn voor de gematigden, en dat bij vergissing het Syrische regeringsleger wordt gebombardeerd. En hier en daar wordt dan misschien nog eens een ISIS-strijder getroffen, maar dat zijn meer de uitzonderingen.

Christenen vormen een minderheid in Syrië. Hoe zien zij het geweld van ISIS, Al Nusra en andere groeperingen? Als een probleem van de islam?

In de eerste plaats zien zij het als een politiek middel van het Westen, om Syrië te ontwrichten en een regeringswissel te brengen. En niet alleen de christenen, ook de moslims in Syrië zien dat zo. Zij schamen zich voor ISIS en Al Nusra. Zij zeggen: ‘Dat is niet de islam.’

Hoe ziet u zelf het geweld binnen de islam?

De islam is dubbelzinnig. In de Koran staan hele mooie verzen over de vrede. Maar in de Koran staat ook dat de ongelovigen, dus de niet-moslims, afgemaakt moeten worden.

De Bijbel en de Torah zijn ook niet vrij van geweld.

Dat is zo. Maar de onvolmaaktheden van het Oude Testament komen tot ontplooiing in het Nieuwe Testament. En van de Koran zou je kunnen zeggen: het is het Oude Testament zonder de geest van het Nieuwe Testament.

Jezus zei: ‘Ik kom niet om de vrede te brengen, maar het zwaard.’

Als jij iemand met het zwaard doodt of verwondt, dan zal in heel de christenheid niemand zeggen: ‘Die man volgt het evangelie.’ Maar als een moslim zichzelf opblaast midden in een grote groep mensen, dan zijn er helaas moslims die zeggen: ‘Ik zou dat eigenlijk ook moeten doen, maar ik heb de moed niet.’

Maar uw ervaringen met moslims in Syrië zijn overwegend positief?

Ik ben door moslims altijd even gastvrij ontvangen als door christenen. Syrië is een seculiere staat. Syriërs zien zichzelf in de eerste plaats als Syriër, en daarna pas als christen, soenniet, druz, alaviet of sjiiet. Je ziet dat ook in de regering. Daar zie je ministers van diverse religies. Iedereen mag zichzelf zijn. De harmonieuze samenwerking van bevolkingsgroepen is altijd kenmerkend geweest voor Syrië. Ze zien zichzelf als één familie.

Ik heb zelfs een kolonel meegemaakt van het Syrische leger, die mij vroeg of ik hem wilde zegenen voordat hij naar Aleppo vertrok. Dat was een soenniet.

Hoe denken christenen in Syrië over de steun die westerse regeringen geven aan gewapende groeperingen?

Ze lijden eronder dat hun geloofsgenoten in het Westen niet solidair zijn met ze. Ze begrijpen het ook niet.

Misschien zijn er in Syrië ook christenen die het juist toejuichen dat het Westen bepaalde gewapende groepen steunt?

Ik ken ze niet. Maar als u ernaar op zoek gaat, zult u ze misschien vinden. Er zijn altijd en overal uitzonderingen op de regel. Maar de doorsnee Syriër moet daar niets van hebben.

Heeft u contact gehad in België of in Nederland met politici?

Met Herman van Rompuy, in 2012, toen hij voorzitter was van de Europese Raad. Ik had de indruk dat hij nauwelijks wist waar Syrië lag. Het enige wat hij over Syrië dacht te weten, had hij uit rapporten die het land omschreven als de vreselijkste dictatuur ter wereld. Die ontmoeting heeft mij echt ontgoocheld. Ik vertelde hem dat mijn ervaring was dat Assad gesteund werd door brede lagen van de bevolking, ook door de soennieten. Maar het leek alsof die man dat ervoer als heiligschennis. Ik had sterk de indruk dat hij vooral bezig was met de vraag: ‘Hoe voorkom ik dat ik op die 28 paar tenen ga staan in de Europese Raad?’

Pieter Omtzigt van het CDA heb ik vorig jaar ontmoet. Die weet werkelijk wat er gaande is en is ook bereid zich in te zetten.

Ik heb begrepen: In Nederland hebben de christelijke partijen gestemd voor een motie om de steun te staken aan het Vrije Syrische Leger. Maar de PVV heeft tegen gestemd. Begrijpt u dat? Is dat omdat zij zionisten zijn? Als je tegen de radicale islam bent, waarom stem je dan voor het steunen van islamitische terroristen in Syrië?

Veel Syriërs zijn gevlucht naar Libanon en naar gebieden in Syrië die onder controle zijn van de Syrische staat. Wat onderscheidt deze vluchtelingen van degenen die  naar het Westen vluchten?

Iedereen die de kans had te vluchten naar gebieden die door het regeringsleger gecontroleerd werden, heeft dat gedaan. Uitgezonderd degenen die geen toekomst meer zagen in Syrië.

Er is kritiek op Syrische jongemannen die naar het Westen gevlucht zijn. Daarover wordt gezegd: Waarom zijn die gevlucht? Waarom vechten ze niet terug?

Het is een georganiseerde ontwrichting. Die jongemannen zijn naar Europa gelokt, want Europa moet geïslamiseerd worden.

Kan iedere jongeman dienst nemen in het Syrische leger? Bestaat er een dienstplicht?

Jazeker. Alleen wie vluchten ontkomen daaraan. Daar staat tegenover dat veel oudere mannen zich vrijwillig hebben aangemeld.

Het Westen leidt een boycot tegen Syrië. Hoe houden de Syriërs zich desondanks in leven?

Veel komt het land binnen via liefdadigheid. Maar ik heb tot mijn verbazing, net voor mijn vertrek uit Syrië, medicamenten gezien die in Aleppo gemaakt waren. Dus ondanks alle verwoesting daar zijn ze er toch weer in geslaagd opnieuw te beginnen.

In een eerder interview sprak u de hoop uit dat president Donald Trump voor verandering zou zorgen van het Amerikaanse beleid. Bent u nog steeds zo hoopvol gestemd over hem?

Trump zei tijdens zijn verkiezingscampagne wat elk verstandig mens in zijn plaats gezegd zou hebben: ‘We moeten stoppen met wapens leveren aan rebellen, want we weten niet wie het zijn. Laten we stoppen met interveniëren in soevereine landen. En laten we samen met Rusland het terrorisme bestrijden.’

Dat was hoopvol. Maar intussen is hij in de greep gekomen van de Deep State, de werkelijke machthebbers in het land. Hij heeft die raketten afgevuurd op dat militaire vliegveld in Syrië. Waarschijnlijk onder druk van de Deep State. Desondanks heeft hij de Syriërs verwittigd. Zodat er weinig schade is aangericht. De meeste vliegtuigen waren al weggehaald. En de helft van de raketten was niet eens aangekomen. De dag erna was het vliegveld alweer operationeel.

U bent nu op vakantie in België. Gaat u met een gerust hart terug naar Syrië? U heeft er benauwde momenten doorgemaakt.

In 2013 werd Qara ingenomen door een leger van 60.000 terroristen. Ze liepen schietend door de stad. We hebben ons toen verstopt in de kelder van het klooster. Na een week werden ze verdreven door het Syrische leger. Die waren maar met 200 man! Maar toch sloegen de terroristen op de vlucht, terug naar Libanon, de ene groep na de andere. Dat was omdat ze geen sterk geheel vormden. Ze bestreden elkaar. Toch is er geen enkele menselijke verklaring voor waarom ze met zulk een overmacht het klooster niet hebben ingenomen.

U bent toen niet bang geweest?

De meesten van ons hebben geen enkele vrees gehad, zelfs niet op de momenten dat we dachten: Het is gedaan. We hadden ook geen tijd om ons zorgen te maken, omdat er kinderen en vrouwen en zwakken van gestel waren om wie we moesten denken. Er is zelf nog een kind geboren bij ons. Iedereen was erg bekommerd om elkaar. De kinderen moesten bezig gehouden worden. We deden spelletjes, we hebben gebeden en gezongen. We hadden na een paar dagen geen water meer, maar nog wel melk. En aan het einde van de week begon het te sneeuwen. Dat was het begin van het einde van de belegering.


Noot van de redactie: Aanvankelijk is per abuis een ongecorrigeerde versie van het interview gepubliceerd. Om 10.37 uur is derhalve een aantal kleine correcties gedaan.

Posted on

Gifgasaanvallen: Westerse media zijn doorgeefluik Al Qaida

Toch merkwaardig, telkens wanneer er een cruciale stap gezet wordt in het diplomatiek ontwarren van de complexe oorlog in Syrië gebeurt er iets schokkends dat de vooruitgang teniet doet of dat poogt te doen. Nu kwam dit nieuws over de gifgasaanval bij Khan Sheikhoun bijna vlak na de officiële beslissing van de Amerikaanse regering om Assad de facto te erkennen. Met op datzelfde ogenblik ook een conferentie in Brussel over zogenaamde Europese hulp bij de wederopbouw.

Waarbij de EU zich in een publieke verklaring nog wel tegen de Syrische president keerde maar voor het eerst openlijk stelde dat het Syrische volk zelf moet beslissen wie hun president wordt. Met andere woorden: De Syriërs mochten van de arrogante EU zelf ook Assad kiezen. Hoe genereus toch! Voor de EU een zoveelste draai richting een oplossing van die oorlog.

Shajul Islam

En ditmaal is dit nieuwe obstakel naar vrede niet het gevolg van nog maar eens een uit Qatar komend rapport over de regering Assad van Human Rights Watch of Amnesty International. Neen, het is weer een vermeende gifgasaanval, ditmaal dus in de stad Khan Sheikhoun

Een plek gelegen in de provincie Idlib en vlakbij de provincie Hama waar een twintig kilometer verderop dit ogenblik hard wordt gevochten. We kregen hier dus een herhaling van de eerdere gifgasaanval van 21 augustus 2013 vlakbij Damascus in Oost-Ghouta.

Het nieuws live op de sociale media en in de journaals werd gebracht door een daar in Khan Sheikhoun actieve dokter genaamd Shajul Islam, een man die vlekkeloos Brits Engels sprak en ons vertelde over de aanval met gifgas door de Syrische luchtmacht, die als we hem en zijn vrienden moeten geloven resulteerde in bijna honderd doden en een groot pak gewonden.

Shajul Islam maakte als eerste de zaak van de gifgasaanval in Khan Sheikhoun openbaar. Maar hoe geloofwaardig is dit verhaal komende van een Britse Syrië-strijder actief in het land van al Qaida?

Al onmiddellijk na deze aanval met chemische wapens liet Shajul Islam de wereld weten dat het Syrische leger gifgas had gebruikt. En de media en de westerse regeringen geloofden zijn verhaal als ware het een evangelie. De Britse minister van Buitenlandse Zaken Boris Johnson beaamde het zelfs al diezelfde dag: Dit was voor hem en zijn regering een zoveelste oorlogsmisdaad van Assad.

Veel vragen stelde men niet en snel klonk het unisono: Dit was het werk van, dixit de westerse media, de brutale dictator en slachter van Syrië Bashar al Assad. Zich afvragen wie er baat had bij die heisa rond die gasaanval hoefde niet.

De vraag of dit voor het Syrische leger militair zinvol was opperde men evenmin. En vragen of dit misschien wel eens een provocatie, een ‘false flag’, van al Qaida kon zijn was er evenmin bij. Barbertje moet hangen. Erg simpel.

Shajul Islam, uw vriendelijke Salafistische dokter, volgens het Britse gerecht specialist in het kidnappen van o.m. journalisten en het plegen van terroristische activiteiten. In 2013 en 2014 voor de pers een groot monster, nu de held in diezelfde media. Niets toont beter de algehele onbetrouwbaarheid van onze kranten dan de transformatie van deze ‘dokter’.

En dus deed men ook in de pers geen onderzoek naar wie Shajul Islam precies is, die Britse dokter in oorlogsgebied en actief in door al Qaida gecontroleerd territorium. En de reden waarom niemand die vraag stelde blijkt vrij snel logisch te zijn. De man is immers een van de paar duizend Britse Syrië-strijders die er aan de zijde van al Qaida of een van die andere Salafistische terreurgroepen vechten.

En dus is het voor onze media en regeringen best om daar geen vragen bij te stellen. Het zou immers de geloofwaardigheid van zijn verhaal zo doen instorten. En een onderzoek zou nochtans erg simpel zijn en snel gaan, men moest maar het eigen krantenarchief raadplegen. Shajul Islam is immers een in Londen opgeleide arts die in de Britse pers in het verleden een zeer slechte reputatie bijeen wist te sprokkelen.

Ontvoeringen

In oktober 2013 werd hij immers bij zijn terugkeer uit Syrië op de luchthaven van Heathrow gearresteerd wegens zijn betrokkenheid bij de ontvoering in de periode van 17 tot 26 juli 2013 van de persfotografen John Cantlie en Jeroen Oerlemans (1). Ultrasnel en reeds op 11 november 2013 klapte de zaak voor de rechtbank in elkaar. Officieel wegens een gebrek aan getuigen. Maar was dat de echte reden?

John Cantlie zat toen in november al opnieuw gevangen, ditmaal bij ISIS. En Jeroen Oerlemans (2) leek wel met de noorderzon verdwenen. En omdat beide getuigen niet kwamen opdagen stopte het openbaar ministerie eigenaardig al na enkele weken de zaak.

Een van de argumenten voor de rechtbank van Shajul Islam was dat hij er als dokter alleen humanitair werk deed en de Britse regering de zaak van de Syrische jihadisten ook voluit steunde.

Wat natuurlijk klopte want tot dan had de Britse regering zelfs nooit opgetreden tegen die stroom van salafisten die richting Syrië trok. En hij zal dat argument ook gebruiken in een uitgebreid interview met Bilal Abdul Karim, de met al Qaida verbonden journalist van On the Ground News (OGN) (3).

In dat interview geeft hij trouwens toe dat hij betrokken was bij die ontvoering maar dan als dokter om hen te verzorgen. De barmhartige Samaritaan dus. Tijdens dat recent gehouden gesprek doet hij ook het verhaal over hoe de Britse regering massaal Belgische FAL’s van FN leverde aan die jihadisten, en dus ook aan al Qaida. Een ongeprovoceerde daad van oorlog tegen Syrië vanwege de Britse regering en dus een oorlogsmisdaad.

ISIS en James Foley

De gids van de twee fotografen kon later echter ontsnappen en de buitenwereld verwittigen waardoor ze na een vuurgevecht vrij raakten. John Cantlie was nadien zeer negatief over de houding van de Britse dokter die hem verzorgde van de schotwonden die hij bij zijn ontvoering had opgelopen. Daar ze geblinddoekt waren wist hij echter hun identiteit niet. Hij wist alleen dat het er enkele tientallen waren, in essentie buitenlanders.

In 2014 was er in het Verengd Koninkrijk en de VS een vermoeden dat Razul Islam, broer van Shajul, de man was die James Foley had vermoord. Mogelijks is deze foto echter een enscenering en gebruikte men een green screen effect om de waarheid te verhullen.

Razul en Najul Islam, zijn broers, zijn volgens de Britse pers intussen ook in Syrië of Irak. Daarbij zou Razul de kant gekozen hebben van ISIS. Britse en Amerikaanse veiligheidsdiensten vermoedden trouwens dat Shajul Islam meer wist over de ontvoering en onthoofding door ISIS van journalist James Foley. (4) (5) Men dacht trouwens dat Razul Islam wel eens de moordenaar zou kunnen zijn.

Shajul Islam werd op 13 november 2016 door de Britse Medical Association zelfs van de lijst van geneesheren geschrapt. Van de traditionele media legde de voorbije weken alleen de Londense Times de link van Shajul Islam met die eerdere terreurverhalen. De rest zweeg, van The Telegraph over The Guardian tot The Sun. Ook de BBC hulde zich in geheel stilzwijgen. De burger mocht het niet weten!

Het is alsof Salah Abdeslam op TV dit verhaal zou brengen en al onze media over zijn verleden zouden zwijgen. Het klinkt schokkend maar is een feit en het toont hoe de Britse klassieke media vals spelen en gewoon instrumenten zijn van het Britse buitenlandse beleid. Voor dit verhaal over Shajul Islam diende men elders bij alternatieve media en RT te zoeken waaronder ook bij Breibhart trouwens (6).

Uit zijn twitteraccount (7) blijkt trouwens dat Shajul Islam in contact staat met de Britse ngo One Nation, een islamitische hulporganisatie met adressen in Leicester en Batley. Via deze kan men voor zijn werk (en dat van al Qaida?) stortingen doen.

Op 1 april, vier dagen voor die vermeende gifgasaanval, bleek die ngo trouwens tien gasmaskers aan hem te hebben geleverd. Naast dan Artsen Zonder Grenzen die er die dag ook leverde. Allemaal juist op tijd voor de Grote Dag. Toeval? Wie gelooft dat?

Helderziende Feras Karam

Het verhaal van Shajul Islam is echter verre van de enige reden waarom er hier aan dit gifgasverhaal een geurtje hangt. Zo is er natuurlijk het feit dat dit gebied bezet wordt door al Qaida en zij dus qua informatie alles onder controle heeft. Wat een normaal mens toch achterdochtig moet maken en veel vragen zou moeten doen stellen.

De journalist Feras Karam, sterreporter van de televisiezender Orient News, een vanuit de Verenigde Arabische Emiraten opererende jihadistennieuwszender, wist al op 3 april te melden dat er op 4 april een luchtaanval met gifgas ging plaatshebben. En dit niet met raketten of granaten maar dus zelfs met een luchtbombardement. Een slimme jongen die Feras Karam.

Zo is er ook nog de tweet van een zekere Feras Karam, een topreporter van Orient News, een jihadistische propagandazender die werkt vanuit de Verenigde Arabische Emeritaten. Deze Feras Karem wist op 3 april om 17 uur fier te melden dat men de volgende dag in de provincie Hama, dus vlakbij Khan Sheikhoun, een reportage gaat maken over het gebruik van chemische wapens daar. Vreemd want er waren hier tot dan nog geen dergelijke verhalen te horen.

Een helderziende man dus die zelfs wist dat er een luchtaanval ging plaatshebben met gifgas. Wat later wordt dat dan bij een volgende tweet een verhaal over chloorgas. De echtheid van die tweets worden ook door niemand betwist.

Wel worden ze zoals steeds door de massamedia doodgezwegen. Het is een traditie. Maar wie dit koppelt aan de op 1 april toegekomen zending van een set gasmaskers krijgt inderdaad de indruk dat die jihadisten wisten dat er wat stond te gebeuren.

Feras Karam is de man die in februari dit jaar op zijn zender Orient TV het verhaal bracht dat president Bashar al Assad zeer zwaar ziek in een hospitaal lag, dat er in Damascus een staatsgreep bezig was en dat Iraanse en Russische troepen daarbij met elkaar slaags waren geraakt (8). Een typevoorbeeld van wat men tegenwoordig met een modewoord ‘fake news’ noemt. Oorlogspropaganda dus.

Ondanks die duidelijke tekenen dat men hier dus zeer voorzichtig moest zijn met dit verhaal over Khan Sheikhoun, rees er op dag twee, de kranten van 6 april, geen enkele twijfel meer, de ‘bloeddorstige dictator’ was nog maar eens schuldig aan het gebruik van gifgas, hier sarin.

Khan al Asal

En ook de Westerse regeringen, veelal de ‘Internationale Gemeenschap’ genoemd, volgden uiteraard die visie. Overal van Brussel over Canberra tot Washington en de lakeien in Londen klonk het woord oorlogsmisdaden.

Met dus als eerste Boris Johnson, de Britse minister van Buitenlandse Zaken. Diezelfde man die tot kort voor hij minister werd opriep tot militaire steun aan Assad en er op het Londense Trafalgar Square zelfs actie voor voerde (9). Waarbij het opvalt hoe de massamedia voor zover geweten zwijgen over die grote kloof tussen zijn optreden toen hij nog Londens burgemeester was en nu. De man mist dan ook elke geloofwaardigheid. En niet alleen hier.

Boris Johnson, minister van Buitenlandse Zaken van het Verenigd Koninkrijk. Vorig jaar als burgemeester van Londen een fervent verdediger van Bashar al Assad. Nu ziet diezelfde Boris Johnson Assad als de grootste crimineel mogelijk. Maar wie in ‘s hemelsnaam neemt deze man serieus?

Uiteraard is dit niet het enige verhaal over chemische wapens in deze oorlog. De eerste aanval met chemische wapens had plaats op 19 maart 2013 vlakbij Aleppo in het stadje Khan al Asal en resulteerde volgens de regering in 25 doden en 110 gewonden, allen soldaten en burgers in een op dat ogenblik nog door de regering gecontroleerde plaats.

Dit gebied werd toen aangevallen door salafistische terreurgroepen en op het ogenblik dat de VN-missie van Ake Sellström met haar onderzoek begon was Khan al Asal al veroverd door die salafisten. De jihadisten beweerden daarbij dat dit sarin door de Syrische luchtmacht was gebruikt. Behoudens hun beweringen leverden zij hiervoor echter geen bewijzen.

De jihadisten en gifgas

Onderzoek van 21 tot 23 augustus 2013 door de VN-missie bewees volgens de VN echter het gebruik van sarin op de slachtoffers. Wat bijna zeker aantoont dat al Qaida en haar bondgenoten hier sarin gebruikten.

Dit gifgas was voorheen in december 2012 door de verovering van de vlakbij Khan al Asal gelegen legerbasis Sheikh Suleiman, alias basis 111, in het bezit geraakt van een grote hoeveelheid chemische wapens waaronder sarin. (10)

Alhoewel men ook nu nog in onze media, de ngo’s en de Westerse regeringen straal blijft ontkennen dat al Qaida over sarin beschikt zijn de aanwijzingen hiervoor vrij groot. Zo is er de toch officiële brief van Ban Ki-moon, de vorige secretaris-generaal van de VN, dat men obussen met sarin ontdekte bij die terreurgroepen.(11)

Ook is er de toch wel merkwaardige dreiging van Abd al Baset Tawila, toen commandant  van het Noordelijk Front Vrije Syrische Leger gedaan op 10 juni 2013 op de Qatarese Arabischtalige nieuwszender al Jazeera. (12)

“I give the international community one month to provide the rebels and the FSA with weapons and ammunition, so that we can defeat this criminal regime. We give them one month. If we see that the international community continues to desert our revolution, we will reveal all the evidence we have [about use of chemical weapons]. I think you know full well that I mean what I say.”

“Ik geef de Internationale Gemeenschap een maand om de rebellen van het VSL van wapens en munitie te voorzien zodanig dat we dit criminele regime kunnen verslaan. We geven hen een maand. En als we zien dat die Internationale Gemeenschap onze revolutie blijft weigeren te steunen, dan zullen we al het bewijsmateriaal openbaren dat we hebben (over het gebruik van chemische wapens). Ik denk dat U voldoende beseft wat ik hiermee bedoel.”

Ook Amnesty International, gedurende deze oorlog veelal de spreekbuis van al Qaeda, Qatar en de VS, moest om haar zogenaamde neutraliteit te tonen blijkbaar ook al eens die terreurgroepen beschuldigen van het gebruik van gifgas, vooral hier dan chloor. (13) De op dit vlak bekend geraakte serie beschuldigingen richting die terreurgroepen is dan ook groot.

Het befaamde bewijs van Human Rights Watch, Eliot Higgins (alias Bellingcat) en The New York Times dat de 104de brigade van het Syrische leger die raketten met sarin had afgevuurd. Wonderwel konden zij twee lijnen trekken, en zie, ze kwamen uit vlakbij het presidentieel paleis. In wezen echter kon die ene met enige zekerheid geïdentificeerde raket maar 1 km ver vliegen. Maar als men dat bekend maakt dan zwegen HRW & Company. Want ja, het waren dus hun vrienden van al Qaida….

En dan is er nog het verhaal van de Syrische nieuwssite al Masdar die de regering steunt. Die maakte melding maakt van een rapport van de aan de VN gelieerde Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens (OVCW). Daarin stond dat die salafisten nog steeds twee depots controleren waar normaal chemische wapens zouden moeten liggen opgeslagen. Plekken die door de OVCW niet konden bezocht worden. (14)

Zo is er verder ook het verhaal van 13 mei 2016 toen de door de Koerdische YPG gecontroleerde wijk Sjeik Maksoed in de stad Aleppo volgens berichten met chloorgas werd aangevallen met, aldus de YPG en de regering, 83 doden tot gevolg, waaronder 30 kinderen. Waarbij dan ook ongeveer 700 gewonden zouden zijn gevallen.

Vragen over de OVCW

Wat de salafistische Britse website Het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten bevestigde en waarbij de terreurgroep Het Leger van de Islam zich nadien hiervoor zelfs verontschuldigde. (15) Merkwaardig genoeg bleef men bij de OVCW doof voor de Syrische en Russische vraag voor een onderzoek in deze zaak. In het Westen bewoog niemand. Men was plots potdoof.

Volgens klachten uit Syrië en Rusland zou men bij de OVCW geen onderzoeksdelegatie willen afvaardigen naar de door de VS gebombardeerde Syrische luchtmachtbasis van Shayrat (foto) of naar Khan Sheikhoun. Nochtans beweert de VS dat die vliegtuigen met hun sarin van hier in Shayrat waren opgestegen. En dus ligt het eventuele bewijs hier voor het rapen.

Waren er echter beschuldigingen door al Qaida en haar bondgenoten dan schoot de OVCW bijna onmiddellijk in actie. Waarbij de Westerse regeringen in navolging van al Qaida luidkeels de overheid in Damascus veroordeelden voor het gebruik van chloorgas. De OVCW zal over die serie beweringen van al Qaida zelfs een rapport maken en in haar conclusies de Syrische overheid beschuldigen van het gebruik van chloorgassen.

Het eigenaardige hierbij is dat de OVCW haar conclusies geheel baseerde op enkele getuigenissen, foto’s en materiaal welke exclusief afkomstig waren van die jihadisten. Wat die conclusies op wetenschappelijk vlak uiteraard waardeloos maken. De mogelijke dader geeft dus zelf het bewijsmateriaal van zijn onschuld en de schuld van zijn tegenstander. Te zot om los te lopen natuurlijk.

Het is als zeggen dat er sprake is van klimaatverwarming zonder echter een degelijke wetenschappelijke basis te geven waarop men die verklaring baseert. Niemand zou dit aanvaarden. Waarom hier dan wel?

Chloorgas

Vooreerst waren er al grote vragen over het optreden van de in Den Haag gevestigde en door Ahmet Üzümcü, een Turks diplomaat, geleide OVCW. Deze was voorheen ambassadeur bij de NAVO. Waarom weigerde men in Syrisch rebellengebied onderzoek te doen naar die beschuldigingen?

Waarom weigerde men, behoudens enkele, bijna alle door die jihadisten gepleegde vermeende gasaanvallen te onderzoeken? Men had dit nochtans in vele gevallen snel en tot in de details en in bijna perfecte omstandigheden kunnen onderzoeken.

Wat toch cruciaal is in dit soort zaken. En als men langs regeringszijde die paar maal toch iets onderzocht dan constateerde men wel de doden en slachtoffers van die mogelijke gasaanvallen maar kon het OVCW nooit bepalen wat er juist gebeurd was.

En dan waren er de twijfels over de beschuldigingen komende van die terreurgroepen. Klopten die wel? Een onderzoek van de nieuwssite The Indictor en de Zweedse Dokters voor de Mensenrechten (16) stelt aan de hand van een erg technisch forensisch onderzoek een boel vragen en uit grote twijfels bij die jihadistische beweringen.

Zij oppert daarbij de mogelijkheid dat de door die terreurgroepen gepresenteerde slachtoffers van die chloorgasaanvallen gewoon gevangenen van die terroristen waren. The Indictor dacht in een specifiek geval dat het om christenen ging.

Voorheen bij de aanval in Oost-Ghouta poneerde kloosterzuster Agnes Mariam in haar rapport een gelijkaardig vermoeden. In haar op de foto’s van die jihadisten gebaseerde analyse opperde zij de mogelijkheid dat de slachtoffers daar alevieten en Armeniërs waren die men de weken ervoor had ontvoerd.

Met steun van al Qaida

En dan stelt zich dus toch wel de vraag naar de betrouwbaarheid van het rapport van de OVCW over dat chloorgas. Het Russische persagentschap TASS geeft een mogelijkheid (17). Volgens haar waren onderzoeken van de stalen gedaan door een niet door het OVCW gecertifieerd laboratorium.

En inderdaad veel van het gebruikte klinisch materiaal is afkomstig van die jihadisten, de beschuldigende partij. Zij leverden de stalen, getuigenissen en de vermeende slachtoffers. De analyseresultaten waren met andere woorden in dit geval waardeloos. Men hoeft geen toponderzoeker te zijn om te weten dat een op dit materiaal gebaseerd rapport als bewijsmateriaal onbruikbaar is en een aanfluiting is voor wat forensisch onderzoek hoort te zijn.

Grondig onderzoek van dit verslag van de OVCW zou normaal weinig heel laten van de conclusies van dit rapport en eerder tot resultaat leiden dat er hier geen zekerheden zijn. Bij forensisch onderzoek is het niet een partij die alle materiaal levert maar gaat men zonder enige belemmering zelf op zoek. Hier gebeurde het tegendeel.

De vraag is trouwens of men op een correcte wijze een moordonderzoek van die omvang kan uitvoeren terwijl men in oorlogsgebied zit. Het lijkt om allerlei redenen gewoon onmogelijk. Het verreist immers bijvoorbeeld voor de enquêteurs een algehele vrijheid van optreden. En dat kan hier niet.

Indien dit rapport het onderwerp zou worden van een serieuze publieke discussie onder specialisten dan zou onmiddellijk blijken hoe dit gewoon een stukje oorlogspropaganda is, een simpele herhaling van de beweringen van al Qaida en haar bondgenoten. Het verslag zou als een boemerang in het gezicht van de OVCW en het Westen ontploffen.

Die houding van de OVCW en het Westen is vermoedelijk een gevolg van de flop die Washington en haar salafistische bondgenoten van het Arabisch schiereiland meemaakten met het eerste rapport in 2013 van de VN-missie geleid door de Zweed Ake Sellström.

1 km vliegbereik

Ake Sellström geeft zijn tweede rapport over gasaanvallen in Syrië af aan toenmalig secretaris-generaal van de VN Ban Ki-moon. Ze waren voor wie grondig las vernietigend voor die salafistische terreurgroepen en hun vrienden. En op zijn persconferentie kort nadien maakte hij hen helemaal verdacht toen hij begon over het vliegbereik van die raket.

Die trok wel naar jihadistengebied en verzamelde er getuigenissen en omgevingsstalen die men dan in een gecertificeerd lab deed onderzoeken. Met dien verstande dat het verzamelen van stalen en de getuigenissen geheel onder strikte controle gebeurde van die jihadisten.

Het resultaat was dat voor wie de twee door hen gemaakte rapporten goed leest het verhaal van al Qaeda, Human Rights Watch, Artsen Zonder Grenzen, Eliot Higgins, The New York Times en het Westen als leugenachtig diende beschouwd te worden. Vooral het heel duidelijke verhaal over de gifgasaanval in Khan al Asal in het tweede en finale rapport was, zonder de daders echt aan te wijzen, heel duidelijk.

Zeker toen Ake Sellström tijdens zijn persconferentie van 12 december 2013 in de VN in New York stelde dat de raketten die bij die aanval zouden gebruikt zijn maar een reikwijdte hadden van slechts 2 km. Wat hij nadien zelfs afzwakte tot amper 1 km. (18) Dit terwijl het Syrische leger toen op meer dan twee kilometer afstand stond van waar die aanvallen zogenaamd hadden plaats gehad. Logische conclusie: Die jihadisten hadden het gedaan!

Professor emeritus Theodore A. Postol, de Amerikaanse raketspecialist, maakte al in 2013 brandhout van de beweringen van de VS en de rest van de Westerse elite over de zaak. Ook van de beweringen over deze recente aanval bij Khan Sheikhoun blijft er na zijn twee rapporten niets meer over. Hij lacht het Amerikaans rapport gewoon weg als het werk van amateurs en leugenaars.

Het was een visie die ook al door Theodore A. Postol (19), de Amerikaanse emeritus professor van het MIT op het gebied van rakettechnologie al verklaarde. Voorheen hadden al Qaida en haar vrienden steeds gesteld dat die raketten een afstand hadden van 9 km en afgevuurd waren van bij het presidentieel paleis door de 104de brigade, toen gezien als de sterkste eenheid van het leger. Men wou die duidelijk via bombardementen door de VS laten uitschakelen.

Achteraf heeft de NYT zich in haar krant hiervoor verontschuldigd. Human Rights Watch – die toen opriep om Damascus te bombarderen – weigerde op een vraag hierover zelfs te antwoorden. Het typeert.

Een onderzoek dat moest zorgen voor een nieuwe aanklacht tegen de Syrische regering draaide voor het Westen en al Qaida uit op een grote flop. Zij stonden integendeel in de beschuldigingsbank. Geen verbazing dus dat er voor het tweede rapport van Ake Sellström in het Westen bij de massamedia amper nog interesse was. Le Monde, voorheen hier haantje de voorste, bestede er zelfs geen enkele aandacht aan.

Geen pottenkijkers

 

Een zak met chloor gevonden in het eerder door al Qaida & Co gecontroleerde deel van Aleppo. De zak komt uit Saoedi-Arabië.

Vermoedelijk is dat de reden waarom men nu naar die aanvallen met chloorgassen in het grootste geheim onderzoek deed en elke publieke discussie poogt te vermijden. Het is heel waarschijnlijk ook de reden waarom al Qaida & co zowel journalisten als onderzoekers van de OVCW en VN de toegang tot hun gebied weigeren. Het zijn nu eenmaal pottenkijkers die zij niet echt volledig controleren.

Door bezoeken onmogelijk te maken kunnen de jihadisten de gehele controle behouden over de onderzoeken en de communicatie hierover naar de buitenwereld. En wat zij beweren staat de volgende dag voor waar in al onze kranten. Dat is de regel.

Trouwens zelfs toenmalig president Barack Obama stelde in zijn fameus interview met het maandblad The Atlantic dat hij door sommige van zijn veiligheidsdiensten in deze kwestie was belogen;

Zo staat er:

Obama was also unsettled by a surprise visit early in the week from James Clapper, his director of national intelligence, who interrupted the President’s Daily Brief, the threat report Obama receives each morning from Clapper’s analysts, to make clear that the intelligence on Syria’s use of sarin gas, while robust, was not a “slam dunk.” (20)

Obama was ook onzeker geworden door een verrassingsbezoek vroeg in de week van James Clapper, zijn Nationale Veiligheidsadviseur, die de dagelijkse briefing van de president, het dreigingsrapport dat Obama elke ochtend van de mensen van Clapper ontvangt, kwam verstoren. Hij maakte de president duidelijk dat de informatie over het Syrisch gebruik van sarin wel stevig maar een verre van uitgemaakte zaak was.

Om een tweede fiasco als dat met het rapport van Sellström te vermijden ging men dus voor dat over de chloorgassen anders te werk. En daarom stelt men in het Westen en in onze media steevast dat die beschuldigingen over gifgas komen van de VN en de OVCW. Technisch juist maar de beschuldigingen zijn nergens op gebaseerd. Wat men dan vergeet.

Ook nu weer met de gifgasaanval in Khan Sheikhoun krijgt men al hetzelfde scenario. Zo maakte het Russisch persbureau Tass melding van een felle ruzie tijdens een vergadering van de OVCW over die kwestie. Volgens dat bericht van Tass waren er al stalen genomen en was men onder leiding van twee Britten al begonnen met het maken van een rapport. (17) Met andere woorden: MI6 of een verwante organisatie doet het onderzoek.

Geen sarin

Maar hoe, wanneer en waar men de stalen voor dat onderzoek had genomen blijft geheim. Het OVCW weigert om er over te communiceren. Bovendien was een van de basiseisen van Rusland dat de mensen die het onderzoek doen uit verschillende regio’s zouden komen – lees ook specialisten uit China en Rusland – en men vetorecht kreeg over de samenstelling van die missie.

Verder bleek men volgens Tass bij de OVCW niet eens meer geïnteresseerd in een bezoek aan de Syrische luchtmachtbasis van Shayrat welke door de VS was aangewezen als die vanwaar die vliegtuigen met hun gifgas waren opgestegen. Dit terwijl de Syrische regering expliciet aandrong op een bezoek ter plekke. Nog steeds volgens Tass weigert men trouwens ook Khan Sheikhoun te bezoeken. Conclusie: Men weet dus dat dit verhaal nep is.

Tijdens onderhandelingen tussen de Amerikaanse en Russische ministers van Buitenlandse zaken, Rex Tillerson en Sergeï Lavrov, zou men overeengekomen zijn om te onderzoeken of men hiervoor een ‘meer objectieve’ missie kan samenstellen.

De Amerikaanse neurofarmacoloog Dennis O’Brien, professor emeritus van de Universiteit van Missouri, lacht de beweringen over het gebruik van sarin in Khan Sheikhoun gewoon weg.

Volgens de Amerikaanse neurofarmacoloog Dennis O’Brien is er hier bij Khan Sheikhoun trouwens geen sprake van een aanval met sarin. (21) Uit zijn klinische studie van de beelden van de slachtoffers blijkt dat sommige van de op de video’s te zien patiënten wel ziek zijn maar zeker niet van een aanval met sarin. “Het kan gewoon niet en diegenen die men op die video’s de vermeende slachtoffers ziet behandelden hadden in dit geval normaal allen zelfs dood moeten zijn”, oppert hij met wetenschappelijke zekerheid.

De klassieke symptomen zoals een onmiddellijke spontane grootschalige stoelgang, overvloedig tranende ogen en uitgebreid urineren zijn volgens hem nergens op de beelden merkbaar. Men ziet integendeel bijvoorbeeld mensen met propere onderbroeken en nergens sporen van ontlasting.

Andere op die beelden getoonde merkbare symptomen, oppert hij, zoals schuimen of spasmen duiden dan weer in de richting van een ander gif. Spasmen of met de mond schuim maken toont aan dat de spieren nog werken. Wat bij een aanval met sarin na een paar seconden al onmogelijk is. Bovendien maakten een aantal getuigen trouwens gewag van een grote stank terwijl sarin juist geurloos is.

De website Moon of Alabama (22) wijst daarbij in de richting van chloorgas. Zo maakt de nieuwssite melding van het feit dat de eerste persberichten van de OVCW en het Turkse persagentschap Anadolu Agency beiden spreken over een aanval met chloor. Wat mogelijks verklaart waarom journalist Feras Karam in zijn tweede tweet van 3 april sprak over een verwachte luchtaanval met chloor. Hij wist dus blijkbaar zelfs dit detail!

Theodor A. Postol

Ook Theodor A. Postol zal trouwens brandhout maken van deze beweringen van de regering van Donald Trump. Als reactie op het Amerikaans rapport (23) van 11 april zal hij op 13 en 14 april twee lijvige replieken schrijven (24) waarbij hij stelt dat dit verhaal een pak onwaarheden zijn, geschreven door mensen die er ofwel niets van kennen ofwel gewoon leugenaars zijn. Hierover geeft hij trouwens een uitgebreid interview aan RT. (25)

Aan de hand van een analyse (26 en 27) van het Amerikaans regeringsdocument bewijst hij dat ook hier het die jihadisten waren die deze gasaanval pleegden. En kijk, toen hij een twintig jaar terug de ganse discussie rond die Patriotraketten vorm gaf haalde hij in de VS uitgebreid alle grote media. Met Oost-Ghouta was dat nog maar een keer in The New York Times en nu…. nergens. Men zwijgt hem dood. Het heet censuur.

Volgens de video’s van al Qaida over die gifgasaanval in Khan Sheikhoun was deze baby een van de vele slachtoffers van deze aanval met sarin. Alleen toont de foto niets van mogelijke symptomen van een vergiftiging met sarin. Hij lijkt integendeel, zoals O’Brien stelt, er heel normaal uit te zien. En waar is de ontlasting? Deze opname komt uit een video.

En wie dacht dat de massamedia ditmaal niet voor spreekbuis van al Qaida ging spelen is zéér naïef. Zoals Washington en Boris Johnson gewoon de beweringen van Al Qaida letterlijk overnemen zo doen ook onze media dat.

Massamedia als woordvoerders van al Qaida

Een grondige analyse van de berichtgeving van De Morgen, De Standaard, Le Monde, de NRC, The Financial Times, The New York Times en The Washington Post bewijst dat zonder enige twijfel. Zij opereren gewoon als een soort luidspreker via welke al Qaida zijn verhaal kan doen. De kranten zijn de lakeien van de terreur.

Wie goed leest ziet hoe zij in wezen in die leugens zelfs verstrikt raken. Zo stellen die kranten zelf op een bepaald ogenblik dat al Qaida dit gebied bezet en er zelfs haar dictatuur invoerde. “Al-Nusra, een spin-off van al Qaida domineert nu de rebellengebieden. De militie voert de shariawetgeving in” (DS 8/4/2017, p 6)

Bij NRC klinkt dat op 4 april op pagina 1 zo: “Khan Shaykhun in de provincie Idlib die in handen is van de Syrische rebellen, die daar gedomineerd worden door Fatah al Sham, het voormalige filiaal van al Qaeda in Syrië.”

Le Monde ziet het in een editoriaal op 6 april zo: “Khan Cheikhoun est contrôlée par des milices rebelles filiales d’Al Qaida.” (Khan Sheikhoun staat onder controle van rebellenmilities gelieerd aan al Qaida.)

Volgens het officieel rapport van de VS viel hier de bom met sarin afkomstig van de Syrische luchtmacht. Alleen zijn dit de resten van een raket op de korte afstand. De put is ook te klein om afkomstig te zijn van een vliegtuigbom.

Eenzelfde teneur bij The New York Times waar men op 9 april in het persbericht van Reuters ‘Assad Could See U.S. Strike as Just a ‘Slap on the Wrist’’ schrijft: ‘… because Idlib is controlled by al Qaeda affiliates,’ (… omdat Idlib – de provincie nvdr. – onder controle staat van aan al Qaida gelieerde groepen).

De massamedia weten dus maar al te goed dat al die berichten die men via sociale media kreeg alleen afkomstig waren van al Qaeda en men dus alleen al om die reden uiterst behoedzaam moest zijn met die beweringen.

Raaskallen

Maar men zal die aanwezigheid van al Qaida in het geheel van de massa informatie die in de klassieke pers verschijnt doodgewoon wegmoffelen. In totaal werden bij die kranten en het weekblad Knack 103 artikels bestudeerd. Ook werd er via een zoekmachine onderzoek gedaan bij Le Monde, The New York Times en The Washington Post. Dit voor de periode van 4 tot en met 17 april 2017.

Daarbij viel de naam al Qaeda slechts tien maal en veelal terloops of in een randstukje, stak men 42 maal de schuld op de regering, was er 5 maal twijfel over de dader en gebruikte men in de voor die salafistische groepen in regel omfloerste termen als rebellen (26  gevallen), 4 maal burgers, 5 maal activisten, en 1 maal omschrijvingen als gematigde oppositie, tegenstanders, Syrisch Bevrijdingsleger, oppositiedorp en gewapende opposanten.

The Financial Times gebruikte ook 5 maal het woord activisten en tweemaal plaatselijke soennieten. De kranten grossierden vooral in scheldtermen richting Assad zoals slachter, dictator, massamoordenaar, en meer van dat fraais. Verder is er in de massamedia steevast sprake van ‘het regime’ en niet van ‘de regering’. Ziet men De Standaard al schrijven over het regime van François Hollande? Natuurlijk niet.

In wezen was het in de kranten een grootschalig raaskallen met als toppunt misschien de NRC, de zogenaamde Nederlandse kwaliteitskrant bij uitstek. Zo schrijft Karel Knip op 6 april op pagina 4 (Ademnood, speekselvloed, overgeven – Dat is sarin) over de aanval met sarin in Oost-Ghouta: “Waarvoor granaten waren ingezet”

Wat verder in de krant van diezelfde dag schrijft hun columnist Ko Colijn, voormalig directeur van het overheidsinstituut Clingendael en uiteraard een ‘groot expert’, over datzelfde incident “.. bombardement met het zenuwgas sarin door de luchtmacht van Assad”. Een visie welke hij in De Morgen van 7 mei op pagina 2 herhaalt in “De VN hebben hun relevantie verloren.” Hij is dan ook DE expert bij uitstek.

De raket die bij de aanval in Oost-Ghouta volgens de VN al Qaeda en de massamedia was gebruikt voor die aanval met sarin. Geen zorg bij de NRC. Daar heeft men het over een aanval met een granaat gevuld met sarin. Complete onzin die zo uit een sketch van Monthy Python zou kunnen komen. Dat wel.

In feite echter staat het vast dat die aanval in Oost-Ghouta niet met granaten (wat een grap) of met vliegtuigen maar met raketten gebeurde, dit met een reikwijdte van 1 km. Maar de expert is nu eenmaal onfeilbaar en voor de kranten steekt het niet nauw. Zolang men de vijand van de VS kan uitschelden en er voldoende tekst is om de krant te vullen is er geen probleem. En de waarheid? Wie maalt daarom?

Helemaal bruin bakt de NRC het ook met haar Amerikaanse correspondent die in die periode van de gifgasaanval blijkbaar lag te dromen. Zo schrijft Guus Valk vanuit Washington op 7 april: “… waarbij afgelopen weekend tientallen Syriërs om het leven kwamen.’’ Afgelopen weekend? De aanval was in de vroege ochtend van dinsdag 4 april. Geen verrassing natuurlijk dat de NRC die onzin plaatst.

Opvallend is zeker ook dat in vele artikels de aanval met sarin van 21 augustus weer ter sprake komt. In 25 gevallen wordt die zonder aarzelen op de rekening van de regering van Damascus geschoven, amper in twee gevallen uit men twijfels. Waarbij men bijna steevast het getal van 1.400 doden geeft. Wie meer?

Lastercampagne

En uiteraard komt amper of nooit de kwestie van de legaliteit of illegaliteit ter sprake. In wezen gaat men alleen in De Morgen daar in detail op die kwestie in. De teneur hiervan wekt echter geen enkele verbazing.

Theo Koele van de Nederlandse Volkskrant, zuster van De Morgen, gaat wat betreft die kwestie van de legaliteit daarvoor bij twee ‘specialisten’ te biechtte, Jaap de Hoop Scheffer, de vroegere baas van de NAVO en tegenwoordig hoogleraar internationale relaties en diplomatieke praktijk aan de Universiteit in Leiden en Geert-Jan Knoops, hoogleraar van het internationaal recht aan de Universiteit Utrecht.

En zoals kon verwacht worden hadden die heren internationaalrechtlijk hier geen enkel probleem. Volgens de vroegere NAVO-baas had Assad herhaaldelijk gifgas gebruikt en dus kon men zomaar zonder iemands toestemming bombarderen. Hij was dan ook dankzij de VS ooit op kunnen klimmen tot de grote baas van de NAVO. In zijn optiek ongetwijfeld iets om fier op te zijn.

En voor Knoops was er evenmin een probleem want door het steunen van de gewapende oppositie in Syrië was de VS al in oorlog en kon men er ginds dus evenzeer op los schieten. Alsof het met wapens of ander materiaal steunen van een gewapende opstand in een ander land geen oorlogsmisdaad is. Leve het recht dus. De soevereiniteit der naties is bij een Jaap de Hoop Scheffer, Gert-Jan Knoops en Theo Koele iets voor mietjes.

Maar misschien wel het grofst was Koen Vidal in De Morgen die een ware lastercampagne opzet tegen iedere tegenstander van die bombardementen. In de krant van 12 april onder de hoofding  ‘Extreemrechtse achterban Trump ziedend om bombardement’ wordt die ganse oppositie op een hoopje gegooid met allerlei als fascisten, racisten en idioten omschreven randfiguren. (28)

In haar rapport beweerde de VS dat men er zeker van was dat er met die put niet geknoeid was. Hoe ze dat dan met zekerheid wist is een raadsel welke vermoedelijk alleen Donald Trump zal kunnen oplossen. Hier ziet men dat dit verhaal niet klopt. Normaal hadden deze heren trouwens en samen met alle hulpverleners van die dag nu dood moeten zijn. Zoals deze heren droegen zij immers alleen een chirurgisch masker en soms handschoenen. Goed tegen het stof of een griepje, dat wel.

Ja, want stelt hij, alle informatie die poogt de schuld bij de jihadisten en niet bij Syrische regering te steken is totaal onbetrouwbaar want ze baseren zich op verhalen die komt uit de omgeving van Assad, hier dan Al Masdar News.

Het is zeer beangstigend maar de hier in detail onderzochte media die zich allen kwaliteitskranten noemen stonden luid te applaudisseren toen president Donald Trump die luchtmachtbasis in Syrië bombardeerde. Ze roepen wel om een onderzoek naar de feiten maar intussen mag men er wel al op los schieten want, onderzoek of niet, de misdadiger is bekend. Het zijn dus oorlogsstokers. Beangstigend hoe de pers werkt!

Wapens beslissen

Maar hoe moet het nu verder met Syrië? Van een politieke oplossing is helemaal geen sprake meer. VN-onderhandelaar Staffan De Mistura spreekt er wel van en zo ook de rest van het internationaal gezelschap.

De realiteit is echter dat bepaalde machtige figuren daar helemaal geen zin in hebben en ondanks de militair benarde positie van al Qaida nog steeds dromen van de verdere vernieling van Syrië. Hun hoop is om zoals men in Libië en Irak het hoofd van Saddam Hoessein en Muammar Khadaffi op een schotel aangeboden kreeg ook dat van Assad ten geschenke te krijgen.

De recente opflakkering van de gevechten tussen de jihadisten en het Syrische leger in de aan de Jordaanse grens gelegen stad Daraa is hierbij een zeer slecht voorteken. De gevechten lagen hier meer dan een jaar praktisch stil na ‘advies’ aan die jihadisten van de VS en Jordanië. De voorbije weken echter laaien de gevechten plots op. Wie is hier aan het stoken?

Zeker, de jihadisten maken ondanks hun grote inspanningen nergens vooruitgang en leiden zeer zware verliezen, maar ze blijven vechten tot de dood. Ondanks het feit dat al hun aanvallen zoals die nu in Noord-Hama eindigen in nederlagen. Onze politie maakte hun fanatieke vechtlust tot der dood al mee in Verviers.

Alle ‘vredesonderhandelingen verliepen tot heden trouwens zonder medewerking van al Qaida en haar kloon Ahrar al Sham, de twee enige overgebleven grote salafistische groepen. En die vechten zonder pardon tegen de regering en al wie hen dwarsligt. Neen, de wapens zullen zoals trouwens in alle oorlogen beslissen.

Het grote probleem is trouwens niet eens het bestaan van die terreurgroepen maar het al zeven jaar ontbreken van een duidelijke Amerikaanse politiek tegenover Syrië, zowel onder Obama als nu onder Trump. Niemand, ook Washington niet, weet bijvoorbeeld waar de VS heen wil met het door de Koerdische YPG/PKK met Amerikaanse steun veroverde oosten van Syrië.

Zo blijven er vele vragen bestaan over het Amerikaanse bombardement van de Syrische luchtmachtbasis van Shayrat. Waarom bleef zowel de Syrische als Russische luchtafweer inactief?

En met de afweersystemen S300 en S400 hadden die normaal toch zware schade kunnen aanrichten aan die aanval van kruisraketten. En als het klopt dat de Russen wisten wat komen zou, wat wist dan het Syrische leger? En daarom de vraag: was dit bombardement reëel of een enscenering?

Het is een realiteit die men in Moskou, Teheran, Beijing en Damascus vermoedelijk al goed beseft. En evenzeer in Saoedi-Arabië, Turkije (dat trouwens de recente alliantie met Rusland verbrak), het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en de VS. Figuren als een senator John McCain (29) – wiens stichting ook geld krijgt van Saoedi-Arabië – of Hillary Clinton en haar entourage willen gewoon de totale destructie van Syrië. Voor minder doen ze het niet.

Anderen wil wel een einde aan de gevechten of die beperken. Niemand weet het tot waar men in de VS wil gaan. En van de oorlog tegen de terreur is er ook onder Trump in goede Amerikaanse traditie helemaal geen sprake. Het is gewoon een cynische grap, barslecht theater. Misschien dat Trump toch nog een goede zet doet, maar dat is verre van zeker. Daarop rekenen is vrij dom.


1) BBC, 11 november 2016, ‘Syria kidnap case against doctor dropped by prosecution’. http://www.bbc.com/news/uk-24901481

2) Jeroen Oerlemans werd op 2 oktober 2016 in de Libische stad Sirte door onbekenden neergeschoten. Zijn begrafenis op 13 oktober in de Amsterdamse Zuiderkerk nadien roept echter veel vragen op. Amateuropnames van die in zeer beperkte kring gehouden plechtigheid tonen bijvoorbeeld zijn uitbundig lachende kinderen, echtgenote en zowat alle andere genodigden. Ook was er de zeer discrete aanwezigheid van wat bijna zeker geheime agenten waren. Een bizar gebeuren.

3) IBTimes, VK, Tareq Haddad, 7 april 2017, ‘British doctor who documented Syria ‘chemical attacks’ previously held on, terror offences.’ http://www.ibtimes.co.uk/british-doctor-who-documented-chemical-attack-previously-held-terror-offences-1615849.

Deze link bevat een lang interview van de aan al Qaeda gelieerde journalist Bilal Abdul Kareem met Shajul Islam. Hierbij heeft hij het over de levering door de Britse regering van vooral Belgische wapens. In het interview schreeuwt de man zijn onschuld uit.

4) The Telegraph, Gordon Rayner, 21 augustus 2014, ‘Net closes on ‘Jihadi John’ as London pair probed’. http://www.telegraph.co.uk/news/worldnews/middleeast/iraq/11049953/Net-closes-on-

5) Breitbart, VS, Oliver J.J. Lane, 22 augustus 2014, ‘NHS Doctor With Family Jihad Ties Sought in ‘Black Beatle’ Beheading Search’. http://www.breitbart.com/london/2014/08/22/terrorism-is-a-family-affair/Jihadi-John-as-London-pair-probed.html.

Breitbart is de o.m. aan Steve Bannon en dus ook aan president Donald Trump gelieerde alternatieve nieuwswebsite. Zou Trump dit feit dus niet kennen?

6) Breitbart, VS, Jack Montgomery, 7 april 2017, ‘Syrian Chemical Attack Doctor Tried as Jihadist in UK’. http://www.breitbart.com/london/2017/04/07/syrian-chemical-attack-doctor-tried-jihadist-uk/

7) Zijn Twitteradres: https://twitter.com/DrShajulIslam

8) Memri TV, VS , 7 februari 2017, “Pro-Opposition Syrian Journalist In Tweets And Posts: Russian Forces Thwarted Maher Al-Assad’s Iran-Backed Coup Attempt “. https://www.memri.org/reports/pro-opposition-syrian-journalist-tweets-and-posts-russian-forces-thwarted-maher-al-assads

Memri Televisie en The Long War Journal van het Amerikaanse Institute for the Defence of Democracies zijn twee door Israëlische belangen gecontroleerde Amerikaanse informatiebronnen over het salafisme. Het is dan ook nodig erg voorzichtig te zijn met de wijze waarom zij het nieuws brengen en soms natuurlijk ook verzwijgen en manipuleren.

9) The Telegraph, Boris Johnson, 27 maart 2016, ‘Bravo for Assad – he is a vile tyrant but he has saved Palmyra from Isil’. http://www.telegraph.co.uk/opinion/2016/03/27/bravo-for-assad–he-is-a-vile-tyrant-but-he-has-saved-palmyra-fr/

10) The Long War Journal, Bill Roggio, 10 december 2012, ‘Al Nusrah Front, foreign jihadists seize key Syria Army base in Aleppo’. http://www.longwarjournal.org/archives/2012/12/al_nusrah_front_alli.php

Al Nusrah is de vroegere naam van al Qaeda in Syrië. Nu noemt die terreurgroep zich Hayat Fatah al Sham, een door al Qaeda gecontroleerde koepelorganisatie waar officieel een tiental jihadistengroepen deel van uitmaken. Khan Sheikhoun is sinds de eerder dit jaar gevoerde oorlog tussen jihadisten door al Qaeda bezet. In de provincie Idlib is al Qaeda militair de sterkste formatie.

11) The Straits Times, Reuters, Singapore, 8 juli 2014, ‘Two ‘abandoned’ cylinders seized in Syria contained sarin: UN’.  http://archive.is/XuTec#selection-1581.0-1578.2

The Straits Times is zoals praktisch alle andere gedrukte media in Singapore eigendom van de lokale regering.

12) https://www.youtube.com/watch?v=nODxF4jOjCs. Verklaring van commandant Abdel Baset Tawileh gedaan op 21 juni 2013. Twee maanden voor de gasaanval met sarin in Oost-Ghouta.

13) Amnesty International, Londen, 13 mei 2016, ‘Syria: armed opposition group committing war crimes in Aleppo – new evidence’.  https://www.amnesty.org.uk/press-releases/syria-armed-opposition-group-committing-war-crimes-aleppo-new-evidence

14) Al Masdar News, Leith Fadel, 11 april 2017, Last two chemical weapons facilities in Syria belong to rebels: OPCW. https://www.almasdarnews.com/article/last-two-chemical-weapons-facilities-syria-belong-rebels-opcw/

Zie ook pagina 1 van het vooruitgangsrapport van de OVCW van 28 maart 2016 bestemd voor de VN Veiligheidsraad. http://www.un.org/ga/search/view_doc.asp?symbol=S/2016/285

15) RT, Moskou, 15 november 2016, ‘Rebels shell Syrian Army with poison gas in Aleppo, scores injured – military’, https://www.rt.com/news/366799-aleppo-chemical-weapons-attack/

16) The Indictor; Adam Larson, April 2017, Analysis of evidence contradicts allegations on Syrian gas attacks’. http://theindicter.com/analysis-of-evidence-contradicts-allegations-on-syrian-gas-attacks/

17) Tass News Agency, 14 april 2017, Moscow calls for transparent investigation of Syria chemical incident’. http://tass.com/politics/941476

18) Willy Van Damme blog, 9 maart 2014, ‘Syrische gifgasaanvallen – Vragen voor Ake Sellström en de VN’. https://willyvandamme.wordpress.com/2014/03/09/syrische-gifgasaanvallen-vragen-voor-ake-sellstrom-en-de-vn/

19) Theodor A. Postol is een emeritus professor in de wetenschap, technologie en nationale veiligheidspolitiek aan het Massachusetts Institute for Technology (MIT) in Boston, VSA. Hij werkte jarenlang als specialist en topadviseur voor zowel het Pentagon als het Amerikaans parlement en trok nadien naar Boston en het MIT.

Hij wordt gezien als de autoriteit in de VS op dit vlak en als iemand die niet terugschrikt om zijn nek uit ter steken. In het verleden maakte hij bijvoorbeeld brandhout voor de beweringen rond het raketafweersysteem Patriot dat volgens de toenmalige president George H. Bush Sr. tijdens de tweede Golfoorlog bijna 100% effectief was. Hij schatte het eerder op 0 tot 10%. Ook het Israëlische IJzeren Schild kreeg van hem eenzelfde kritiek te verwerken. Hij kreeg in 2006 voor zijn werk van de American Federation of Scientists de jaarlijkse Richard L. Garwin Prijs.

Dus ook voor dat werk rond die Patriotraketten van het industrieel conglomeraat Raytheon. Zijn werk over die eerdere vermeende aanval met sarin in Oost-Ghouta van 2013 is essentieel. Hier ontmaskerde die beweringen als een boel leugens van o.m. de Amerikaanse regering, The New York Times, Human Rights Watch en ‘expert’ Eliot Higgins, alias Brown Moses en Bellingcat. Zij moesten later hun woorden hierover inslikken. Hierover verscheen echter niets in onze media.

20) The Atlantic, Jeffrey Goldberg, April 2016, ‘The Obama Doctrine’. https://www.theatlantic.com/magazine/archive/2016/04/the-obama-doctrine/471525/

Het was James Clapper, de directeur voor de Nationale Veiligheid van de VS, die Obama toonde dat het eerste rapport van zijn veiligheidsdiensten (CIA, DIA?) over die aanval in Oost-Ghouta van 21 augustus 2013 leugens waren. Het is een zoveelste aanwijzing dat het Syrische leger hier geen sarin gebruikte en die salafistische terreurgroepen het zelf deden. Met als slachtoffers mogelijks gevangenen.

Wat het vermoeden versterkt dat bepaalde organisaties in Washington betrokken waren bij die vermeende aanval met sarin. Het verklaart ook de gecoördineerde actie toen eind augustus 2013 van HRW, Eliot Higgins en journalist C.J. Chivers van The NYT. Geen toeval dat HRW bijna onmiddellijk opriep om Syrië te bombarderen. Vermoedelijk zijn dus ook nu veiligheidsdiensten zoals MI6 bij deze nieuwe ‘gifgasaanval’ betrokken. Al Qaeda werkt nu eenmaal niet in totale isolatie.

21) LogoPhere.com, 13 april 2017, Denis O’Brien, 13 april 2017, ‘The Apr04|17 incident at Khan Sheikhoun, Syria. A series of inquiries.  LogoPhere’s Top Ten Ways to Tell When You’re Being Spoofed by False-Flag Sarin Attacks‘. http://logophere.com/Topics2017/17-04/17_017-BLA-Sarin.htm

Dennis O’Brien is professor emeritus van de University of Missoury en een veel gelauwerd wetenschapper die op zijn wetenschappelijk terrein ook baanbrekend werk verrichte.

Dennis O’Brien bekijkt de zaak op een zuiver klinisch biologische wijze door het wetenschappelijk analyseren van de vele foto’s en video’s. Hij publiceerde eerder over de aanval in Oost-Ghouta al een boek ‘Murder in the Sunmorgue’ dat gratis op het internet te downloaden is. Ook hier betwist hij dat er sarin was gebruikt maar dat men die mensen vermoordde door middel van andere gassen.

22) Moon of Alabama, 20 april 2017, ‘Chlorine, Not Sarin, Was Used In The Khan Sheikhun Incident’. http://www.moonofalabama.org/2017/04/only-chlorine-not-sarin-involved-in-the-khan-sheikhun-incident.html

23) The New York Times, 11 april 2017, ‘Declassified U.S. Report on Chemical Weapons Attack’. https://www.nytimes.com/interactive/2017/04/11/world/middleeast/document-Syria-Chemical-Weapons-Report-White-House.html

24) Theodor A. Postol, 11 april 2017, A Quick Turnaround Assessment of the White House Intelligence Report Issued on April 11, 2017 About the Nerve Agent Attack in Khan Shaykhun, Syria. https://www.scribd.com/document/344995943/Report-by-White-House-Alleging-Proof-of-Syria-as-the-Perpetrator-of-the-Nerve-Agent-Attack-in-Khan-Shaykhun-on-April-4-2017#download.

25) Ook RT, Interview met Theodor Postol. 14 april 2017, ‘White House claims on Syria chemical attack ‘obviously false’ – MIT professor (VIDEO)’. https://www.rt.com/usa/384520-postol-report-sarin-syria/

26) Washington Blog, Robert Barsocchini, 12 april 2017 MIT Rocket Scientist: White House Claims on Syria Chemical Attack “Cannot Be True”. http://www.washingtonsblog.com/2017/04/66712.html en

27) Washington Blog, Robert Barsocchini, 13 april 2017, ‘Addendum to Dr. Theodore Postol’s Assessment of the White House Report on Syria Chemical Attack.  http://www.washingtonsblog.com/2017/04/addendum-dr-theodore-postols-assessment-white-house-report-syria-chemical-attack.html

28) Hij baseerde zich op het artikel van het Digital Forensic Research Lab, Atlantic Council, VS, Ben Nimmo, Donora Barojan, 7 april 2017, ‘How the alt-right brought #SyriaHoax to America’. https://medium.com/dfrlab/how-the-alt-right-brought-syriahoax-to-america-47745118d1c9

The Atlantic Council is een Amerikaanse studiedienst en lobbygroep die deels gefinancierd wordt door Saoedi-Arabië. Deze is via haar Rafik Hariri Center erg actief rond Syrië. Een van hun voornaamste woordvoerders rond Syrië is Frederick C. Hof. Dit is een oudgediende van Buitenlandse Zaken onder Barack Obama en in de beginperiode een van de voornaamste strategen achter de oorlog tegen Syrië.

Bij De Morgen (zie Koen Vidal, 12/04/2017, ‘Extreemrechtse achterban Trump ziedend om bombardement’ hebben ze dit artikel duidelijk ook gelezen en gebruikt men het om elke kritiek op de Amerikaanse regering in deze kwestie in de grond te boren.

De bron van die kritiek is namelijk iemand die goed ligt in Damascus en dit is volgens Koen Vidal dus per definitie totaal onbetrouwbaar en te verwerpen. Dat The Atlantic Council geld uit Saoedi-Arabië krijgt is voor diezelfde De Morgen en Koen Vidal dan geen probleem. Het artikel typeert de schandelijke mentaliteit die heerst bij het overgrote deel van onze pers.

29) Disobedient Media, VS, William Craddick, 8 maart 2017, ‘McCain Institute’s Failure To Use Donations For Anti-Trafficking Purposes Raises Questions’. http://disobedientmedia.com/mccain-institutes-failure-to-use-donations-for-anti-trafficking-purposes-raises-questions/

Posted on

Koerden vechten bij Aleppo met regeringsleger tegen ‘andere rebellen’

Bij Aleppo en op andere plaatsen strijden Koerdische milities aan de zijde van Syrische regeringstroepen tegen diverse rebellengroepen. Een toonaangevende Amerikaanse denktank wil nu dat de Amerikaanse overheid de andere rebellen meer ondersteunt.

Koerdische strijders van de YPG hebben zich in de slag om Aleppo aan de zijde van het regeringsleger in de strijd gemengd. De Koerden opereren vanuit hun bolwerk Sjeikh Maqsoed. Maar ook op andere plaatsen in Syrië, Azaz-Marea, Manbidsj en Hassaka, is er inmiddels samenwerking het Syrische leger en de YPG. Dat meldt de Amerikaanse denktank Washington Institute for Near East Policy (WINEP).

Het WINEP wil dat Amerika de 'andere rebellen' meer ondersteunt, maar maakt geen onderscheid tussen islamistische rebellengroeperingen en andere.
Het WINEP wil dat Amerika de ‘andere rebellen’ (groen) meer ondersteunt, maar maakt geen onderscheid tussen islamistische rebellengroepen en andere (kaart: WINEP).

Het WINEP vindt het uiterst zorgwekkend dat de YPG-milities nu samenwerken met het Syrische leger, want het YPG wordt door de Verenigde Staten ondersteund. Dit laat volgens de denktank duidelijk zien dat de belangen van de YPG andere zijn dan die van Amerika. De Koerden zouden ook tegen zogenaamde ‘gematigde rebellen’ vechten, om zo de Koerdische invloedssfeer uit te breiden. Volgens de denktank zouden de Verenigde Staten daarom de ander rebellen meer moeten ondersteunen, om zo een tegenwicht voor de YPG te creëren.

Bij Aleppo vechten het regeringsleger en de Koerden echter vooral met islamistische groeperingen als het Al Nusra-front en Ahram al Sham.

Intussen hebben afgelopen maandag islamistische strijders in Aleppo ten minste 28 burgers gedood. Nog enkele tientallen raakten gewond, zo meldt Al Jazeera. Firas Maksad, Midden-Oosten-analist van de George Washington University voor de regeringstroepen een sleutelpositie inneemt met het oog op het openhouden van bevoorradingsroutes. Voor de rebellen kon het echter wel eens de finale slag zijn:

Als ze Aleppo verliezen, waarvan ze al vier jaar een groot deel bezetten, zouden ze ook de slag om Syrië kunnen verliezen.

Volgens Maksad lijkt het regeringsleger, dat door Rusland en Iran ondersteunt wordt, de overhand te krijgen, terwijl de rebellen zich in een slechte positie bevinden.