Posted on

Waarom Kurz wel uitkijkt om met Groenen te regeren

Kurz

Tussen de ideeën van Angela Merkel en haar opvolger Annegret Kramp-Karrenbauer enerzijds en die van Sebastian Kurz anderzijds ligt een wereld van verschil. Afgelopen zondag bleek wel welke ideeën meer aanslaan. 

De Duitse media wilden dit echter overduidelijk niet weten. Zij hoopten naar aanleiding van de uitslag vooral op een coalitie van de ÖVP met de Groenen. Dit zou dan de blauwdruk moeten vormen voor een vergelijkbare coalitie in Duitsland. En het is waar, de FPÖ leed verlies, met name vanwege de Ibizi-affaire. De Groenen konden daarentegen hun resultaat meer dan verdrievoudigen ten opzichte van 2017. Want destijds vielen ze – mede door een afsplitsing – net onder de kiesdrempel. De verkiezingswinst van de Groenen geldt onder Duitse mainstream commentatoren als signaal dat de grote verkiezingswinnaar ÖVP nu net als Merkel naar links moet zwenken. En toenadering moet zoeken tot de Groenen.

Kiezers rechts van het midden

ÖVP-leider Kurz is echter terughoudend. Hij heeft de omvang van zijn overwinning mede te danken aan de schandalen bij de FPÖ. Maar die zullen mettertijd wegzakken. Bovendien weet hij dat hij zijn overwinning aan kiezers rechts van het midden te danken heeft. Zijn campagneboodschap was immers voor hen aantrekkelijk. De pas 33-jarige sterpoliticus heeft de Oostenrijkse zusterpartij van de CDU/CSU het beste verkiezingsresultaat in haar geschiedenis gebracht. Maar dat deed hij met een profiel dat zich nauwelijks scherper konden onderscheiden van de CDU onder Merkel.

Kloof tussen Kurz’ ÖVP en Merkels CDU

Binnenlandse veiligheid en belastingverlichting, strenge controle op en inperking van immigratie en asiel, een liberaal economisch beleid. Wie dit vergelijk met het beleid van CO2-belasting en open grenzen, kan de kloof die gaapt tussen de Duitse en Oostenrijkse christendemocratie niet missen.

Kurz schuwde rechtse samenwerking niet

Sinds afgelopen zondag is daarbij niet meer te missen, welk concept het meeste succes belooft en welk concept naar geleidelijke aftakeling leidt. Ook schuwde de ÖVP na aanvankelijke aarzeling de vorming van een rechts blok met de FPÖ niet. Een partij die men als Oostenrijkse tegenhanger van de AfD kan zien. Deze samenwerking schaadde de ÖVP klaarblijkelijk niet.

Rechtervleugel CDU gesterkt door Kurz’ overwinning

De tekenen uit Wenen scheppen derhalve de nodige problemen voor bondskanselier Angela Merkel en haar tot nog toe vlakke opvolger als CDU-leider, Annegret Kramp-Karrenbauer, die vasthoudt aan Merkels koers. De conservatieve vleugel van de CDU rond de WerteUnion ziet zich daarentegen gesterkt door het succes van Sebastian Kurz, in wie ze een geestverwant zien.

Fris imago Kurz versus Angelas Kleine Kopie

De personele component komt daar nog bij. Terwijl Kurz de frisheid en rechtlijnigheid van een stormachtig nieuw begin belichaamt, treedt AKK van begin af aan als een afgedragen kopie van Merkel. Daarmee zal een nieuw begin voor de CDU niet slagen.

Les voor AfD in FPÖ-debacle

Voor de AfD bevatten de resultaten uit Oostenrijk het impliciete advies om te werken aan het imago van een serieuze partij die zou kunnen besturen en het gekrakeel van de beginfase achter zich te laten. Zelfs de veel gevestigdere zusterpartij FPÖ heeft immers moeten ondervinden hoe zeer het beeld van mankerende ernst tot fatale verkiezingsnederlagen kan leiden.

Posted on

Wat afsplitsers FvD kunnen leren van afsplitsingen AfD

afsplitsingen AfD

De laatste tijd is er het nodige te doen over ex-FvD’ers die voor zichzelf willen beginnen. Een kijkje bij onze oosterburen leert echter dat dergelijke afsplitsingen weinig kans van slagen hebben. 

Sinds de oprichting van de nationaal-conservatieve Alternative für Deutschland in het voorjaar van 2013 had de jonge partij steeds weer met afsplitsingen te kampen. De afsplitsingen bleken echter nauwelijks een bedreiging te vormen voor de verkiezingsresultaten van de AfD.

Bernd Lucke en de Liberal-Konservative Reformer

Bernd Lucke heeft inmiddels de handdoek in de ring geworpen. Bij de door hem opgerichte partij Liberal-Konservative Reformer (LKR) gaat bijna het licht uit. Aan de komende verkiezingen voor de landdagen van Saksen, Thüringen en Brandenburg neemt ze niet eens deel. Lucke was in 2013 een van oprichters en enige tijd voorzitter van de AfD. In 2015 sprak hij echter van een ruk naar rechts en verliet de partij. Sindsdien bracht hij nog een boek over de euroreddingspolitiek uit, maar speelt hij in het publieke debat nauwelijks nog een rol.

In de europarlementsverkiezingen van dit jaar behaalde de LKR met 0,2 procent van de stemmen niet één zetel. Eerder hadden de andere europarlementariërs die in 2014 voor de AfD gekozen waren en zich samen met Lucke afsplitsten, de LKR reeds verlaten vanwege Luckes bestuursstijl.

Lucke neemt nu zijn hoogleraarschap aan de Universiteit Hamburg weer op. De 56-jarige zal in het komende semester weer doceren, zo bevestigt een zegsvrouw van de universiteit. Over de toekomst van de nog slechts enkele honderden leden tellende partij zwijgt Lucke vooralsnog. Gezien de volledige ontstentenis aan electorale perspectieven ligt ontbinding voor de hand.

Frauke Petry en de Blaue Partei

Iets dergelijks geldt voor de Blaue Partei, die in Saksen onder de naam Team Petry wel aan de komende verkiezingen voor de landdag deelneemt. Lijsttrekker is de oud-AfD-voorzitter Frauke Petry. De gepromoveerde scheikundige verliet de AfD direct nadat ze in de herfst van 2017 in de Bondsdag gekozen was.

Haar hoop een conservatieve beweging tussen de AfD en de CDU in te vestigen lijkt inmiddels vervlogen. Zelfs in haar eigen deelstaat Saksen heeft ze amper honderd medestrijders. Haar laatste hoop is nu dat de Blaue Partei erin slaagt in de landdag gekozen te worden. ‘Conservatief. Maar fatsoenlijk’, is de verkiezingsleus van de partij. “De CDU is niet conservatief en de AfD allang niet meer fatsoenlijk. De verbinding vormt de Blaue Partei”, aldus Petry. Meetbare steun voor de partij is er echter niet. Petry heeft voorlopig haar positie als lid van de Bondsdag nog, maar het is onwaarschijnlijk dat ze daar in geval van nieuwe verkiezingen op eigen kracht terug kan keren.

André Poggenburg en de Aufbruch Deutscher Patrioten

Ook voor de enige afsplitsing van de AfD ter rechterzijde geldt dat er geen meetbare steun is. Met veel bombarie verliet deelstaatvoorzitter in Saksen-Anhalt André Poggenburg begin dit jaar de AfD. Anders dan Lucke en Petry meende hij dat zijn voormalige partij teveel toenadering zocht tot het establishment en steeds liberaler werd.

Er blijkt echter weinig animo te zijn voor de nieuwe partij Aufbruch Deutscher Patrioten. Ze slaagde er weliswaar in om in Saksen op het stembiljet te komen. Maar naar haar steeds groots aangekondigde demonstraties komen zelden meer dan enkele tientallen aanhangers.

Posted on

Verkiezingen zondag kunnen Duitse regering ten val brengen

Komende zondag begint in Duitsland met de Europarlementsverkiezingen en de deelstaatverkiezingen in Bremen het zogenoemde “kleine Superwahljahr” 2019. Vooral voor de SPD staat er veel op het spel. Daardoor zou ook de federale regeringscoalitie ter discussie kunnen komen te staan.

Bremen en Bremerhaven (donkergroen) vormen samen de kleinste deelstaat van Duitsland.

Bremen is de kleinste deelstaat van Duitsland qua oppervlakte. Toch zijn er niet weinig politici die van de uitkomst van de deelstaatverkiezingen daar ernstiger gevolgen voor de federale coalitie verwachten dan van de Europese verkiezingen diezelfde dag. Want voor het eerst sinds 73 jaar lijkt het er op dat de CDU de sterkste partij in Bremen wordt.

Verantwoordelijk daarvoor is naast de federale trend ook de 58-jarige lijsttrekker Cartsen Meyer-Heder, die ruim een jaar geleden bij de meeste CDU-leden nog niet eens bekend was. Tegenover deze zelfstandige softwareondernemer, steekt de slechts twee jaar oudere burgemeester Carsten Sieling als een relict uit het verleden af.

Peilingen

In de meest recente peilingen lag de CDU met 26 procent nipt voor de sociaaldemocraten. De in Bremen vanouds relatief sterke Groenen kwamen op 18 procent, Die Linke op twaalf en de FDP met zes procent net boven de kiesdrempel. Met momenteel acht procent in de peilingen zou ook de AfD opnieuw in het deelstaatparlement komen. In Bremen heeft de AfD concurrentie van de eveneens rechts-conservatieve Bürger in Wut. Dat is een partij die al langer bestaat dan de AfD, maar buiten Bremen nooit echt doorgebroken is. Deze partij zou ook in het deelstaatparlement terug kunnen keren, waarbij het profiteert van het gegeven dat het ook volstaat om alleen in Bremerhaven vijf procent te halen om over de kiesdrempel te komen.

http://www.novini.nl/spd-bolwerk-bremen-wankelt/

Drie-partijencoalitie

Wat zich aftekent is dat een drie-partijencoalitie de kleinste Duitse deelstaat zal gaan regeren. CDU en SPD zien het hier namelijk niet als wenselijk om met elkaar te gaan regeren. De SPD hoopt dat een coalitie met de Groenen en Die Linke mogelijk zal zijn. De CDU zet ondertussen in op een zogenoemde Jamaica-coalitie met Groenen en FDP. Oud-burgemeester Henning Scherf wil een grote coalitie onder leiding van de sociaaldemocraten echter niet uitsluiten: “Het is een nek-aan-nek-race en men moet zich niet voorbarig vastleggen. De overgrote meerderheid binnen de partij zal voor rood-rood-groen zijn. In een coalitie met de CDU de kleinere partner te zijn, zal geen steun vinden. Andersom kan ik me een rood-zwarte coalitie wel voorstellen, waarbij de SPD opnieuw de burgemeester levert. Men moet voorlopig niets uitsluiten.”

Electorale debacles

Niet uit te sluiten, maar zelfs waarschijnlijk, is dat het verlies van Bremen voor de SPD tot aanzienlijke turbulentie binnen de partij zal leiden. Want ook bij gelijktijdig plaats vindende Europarlementsverkiezingen tekent zich voor de sociaaldemocraten een debacle af. Waar de SPD in 2014 nog op ruim 27 procent kwam, zo belandden ze recent tussen de 16 en 18 procent. Een dergelijke daling zou ook de toekomst van de grote coalitie in Berlijn in twijfel kunnen trekken.

Europarlementsverkiezingen

Ook voor de Unie van CDU en CSU ziet het er overigens niet rooskleurig uit. Waar deze vijf jaar geleden nog op meer dan 35 procent kwam, zo mag ze nu blij zijn als ze nog boven de 30 kan komen. De Groenen hebben intussen de wind van de mediaal aangejaagde klimaathype in de rug. Zij lijken met een kleine twintig procent voor het eerst de op een na grootste partij te worden. Voor de liberale FDP en socialistische Linke dreigt met elk zes procent een slecht resultaat.

Alternative für Deutschland

De grootste onbekende in deze verkiezingen is hoe de AfD het zal doen. Recent vallen de nationaal-conservatieven weer wat terug in de peilingen. Lijsttrekker Jörg Meuthen vermoedt dat dit onder andere te maken heeft met de voortslepende Brexit-perikelen. Hoe dan ook lijkt de partij winst te kunnen boeken. Waar ze in 2014 onder leiding van Bernd Lucke ruim zeven procent haalde, lijkt nu 12 à 13 procent mogelijk. Federaal fractievoorzitter Alice Weidel verwacht dat haar partij net als in de Bondsdagverkiezingen in de eindspurt nog winst kan boeken.

Oud-AfD-leider Bernd Lucke zal in ieder geval niet meer terugkeren in het Europees Parlement. De andere europarlementariërs die meegingen met zijn Liberal-Konservative Reformer hebben die partij inmiddels weer verlaten, vooral vanwege Luckes leiderschapsstijl. Voor opiniepeilers is de LKR niet meetbaar.

Posted on 1 Comment

Duitsland: Hetze tegen rechts gaat over in grof geweld

Een bomaanslag op een AfD-kantoor in Döbeln en het door drie gemaskerde mannen bijna doodslaan van een AfD-Bondsdaglid in Bremen, onderstrepen dat de sfeer in Duitsland in verkiezingsjaar 2019 steeds grimmiger wordt. 

De bomaanslag op het AfD-kantoor in Döbeln (in de deelstaat Saksen) en de aanval op de Bremer AfD-leider en Bondsdaglid Frank Magnitz waren denkbaar slechts de eerste dieptepunten in een ongeziene ontsporing van de Duitse politiek. Het geweld komt niet uit de lucht vallen. Linkse en extreemlinkse actoren hebben hiervoor het klimaat geschapen en in sommige gevallen openlijk opgeroepen tot fysiek geweld.

 

SPD en Antifa

Wat opvalt is dat de scheidslijn tussen links en extreemlinks niet slechts heimelijk vervaagt, maar ook openlijk doorbroken wordt. Al in september sprak Angela Marquardt, medewerker in het kantoor van SPD-leider Andrea Nahles en directeur van de SPD-denktank, zich ervoor uit dat de SPD in de ‘strijd tegen rechts’ ook met Antifa en ‘Anti-Duitsen’ zou moeten samenwerken. In het artikel in partijkrant Vorwärts distantieerde Marquardt zich weliswaar van geweld. Hoe het voormalige PDS-Bondsdaglid, dat in 2008 naar de SPD overging, Antifa en geweld überhaupt van elkaar wil scheiden bleef echter onduidelijk.

‘Fascisten’ in elkaar slaan

Op 30 december publiceerde het linkse dagblad Taz een lange bijdrage, waarin de tactiek van Britse Antifa’s om fascisten in elkaar te slaan tot ze de straat niet meer op durven zonder kritiek gepresenteerd werd. Als voorbeelden van contemporaine ‘fascisten’ werden namen als Donald Trump, Jaroslaw Kaczynski, Thilo Sarrazin, Matteo Salvini en Björn Höcke genoemd. Taz-auteur Rolf Sotscheck spreekt zich er vooral uitdrukkelijk tegen uit om überhaupt het gesprek aan te gaan met AfD-politici. De tijd van debat is wat hem betreft voorbij en daarmee ook de tijd van democratische deliberatie. De seinen staan op politieke vernietiging.

Geen politiek proces maar fysiek aanvallen

De publicatie ‘Losgaan – fight AfD’ sluit hier naadloos op aan. Daar heet het: “De tijd voor discussie, opheldering en praten moet voorbij zijn.” De confrontatie kan bij de stembus noch in het gesprek gewonnen worden. Dat wil zeggen: Ook democratische verkiezingsuitkomsten worden zo nodig van de hand gewezen. In plaats daarvan moet de strijd tegen de AfD, haar leden en sympathisanten volgens de schrijvers van het vlugschrift “praktischer en persoonlijker worden”. “Openlijke strijdlust, outings en allerlei creatieve acties” moeten ertoe dienen de AfD’ers “uit de dekking te halen en aan te vallen”. Dat hiermee geen verbale aanvallen bedoeld worden is uit het voorgaande wel duidelijk.

Burgeroorlog

Teksten en oproepen als deze markeren een volledig afscheid van de vormen van democratische deliberatie en debat. De politieke tegenstander wordt tot persoonlijke vijand, de andersdenkende burger tot onpersoon die men de politieke en burgerrechten kan betwisten. Hier klinken de klaroenstoten voor een burgeroorlog. Döbeln en Bremen laten zien dat deze oproepen niet aan dovemansoren gericht zijn.

Posted on

Nog eenmaal een ‘grote coalitie’

Net nu uit een peiling blijkt dat CDU/CSU en SPD bij nieuwe verkiezingen geen meerderheid meer zouden halen, hebben de partijen een akkoord bereikt over een regering op basis van een zogenaamde ‘grote coalitie’, waarvan de naam verwijst naar de voorbije vanzelfsprekendheid dat christendemocraten en sociaaldemocraten gezamenlijk altijd een meerderheid hebben.

Voor de Duitsers is het hele gebeuren een leerrijke ervaring. De Duitsers zijn immers een volgzaam volk, dat het zijn heersende klasse over het algemeen niet moeilijk maakt. Omdat de Duitser niets zo zeer vreest als chaos, heeft hij iedere regering, zelfs de meest miserabele, liever dan het vooruitzicht van chaos zonder leiderschap. Deze houding verleent Duitsland een door andere landen vaak bewonderde stabiliteit.

Deze volgzaamheid van de Duitsers nodigt echter ook tot misbruik uit. Met de vrees voor chaos laat het volk zich immers in het gareel brengen. Deze natuurlijke houding van de Duitser is dan ook alles behalve behulpzaam bij de ontwikkeling van democratisch zelfbewustzijn tegenover de machthebbers.

Zo bezien hebben de Duitsers in de afgelopen tijd een paar waardevolle ervaringen opgedaan: Hoewel de politieke klasse er een half jaar over deed om een regering tot stand te brengen – elders niet ongebruikelijk, maar ongewoon lang voor Duitse begrippen, is het land daardoor niet in chaos verzonken. Van de andere kant konden ze in 2015 beleven hoe regeringen geenszins altijd voor orde en veiligheid garant staan, maar ook wanorde kunnen stichten. Zonder missionaire regering hadden de bevoegde diensten die zomer automatisch de geldende wetten en verdragen toegepast, wat miljoenen illegale binnenkomsten had voorkomen. De regering Merkel moest er aan te pas komen om dit terzijde te stellen, met alle gevolgen van dien.

Wind of change

Dezer dagen kunnen de Duitsers gadeslaan hoe een zootje versleten politici aan de macht blijft hangen. Een weinig verheffende aanblik, maar mogelijk toch een leerrijke. Het zou de Deutscher Michel aanleiding kunnen geven om zijn trouwhartige, dikwijls blinde vertrouwen in zijn politieke elites over boord te zetten.

Dat in de meest recente peiling van INSA SPD en AfD met respectievelijk 17 en 15 procent nog slechts twee procentpunten uit elkaar lagen, toont aan hoeveel dit – maar al te vaak ongefundeerde – vertrouwen al te lijden heeft gehad. Ook aan de basis van de gevestigde partijen kalft het vertrouwen af, de hang aan de ‘eigen’ partij waarop men altijd gestemd heeft, wordt steeds losser.

Deze (niet meer zo) grote coalitie is een oudbakken verbond voor de laatste meters van een afgeleefde politieke klasse. Merkel en Schulz hebben hiermee de voltrekking van hun politieke lot weer een poos voor zich uit weten te schuiven. Maar als hun tijd straks alsnog gekomen is, zal het meer betekenen dan alleen het einde van een bepaalde coalitie.

Er hangt in Duitsland een meer fundamentele verandering van het politieke landschap en het politieke denken in de lucht. Vooral voor de Duitsers in de voormalige DDR is de aansluiting van hun deelstaten bij Bondsrepubliek als markant politiek  moment in herinnering gebleven, voor de oude Bondsrepubliek was het simpelweg ‘verder zo’. Het tijdperk van ‘simpelweg verder zo’ lijkt echter ten einde te lopen.

Posted on

Duitse ‘grote coalitie’ verliest meerderheid in peilingen

Als er komende zondag Bondsdagverkiezingen zouden zijn, zouden de zogenaamde traditionele volkspartijen samen niet eens meer een meerderheid behalen. Dat komt naar voren uit een recente peiling. CDU/CSU en SPD onderhandelen momenteel over de vorming van een regering.

In de Bondsdagverkiezingen van september 2017 behoorden de Unie van CDU en CSU en de SPD reeds tot de grote verliezers. CDU en CSU behaalden samen 32,9 procent van de stemmen, de SPD slechts 20,5 procent. Zowel voor Angela Merkel als Martin Schulz was dit een bar slecht resultaat. Vooral bij de SPD was sprake van een debacle, nadat men eerder zoveel had verwacht van Schulz’ lijsttrekkerschap.

De SPD stelde echter de boodschap van de kiezer begrepen te hebben en in de oppositie te zullen gaan. Nadat een zogenaamde Jamaica-coalitie van CDU/CSU, FDP en Groenen echter niet haalbaar bleek, nam de SPD na veel vijven en zessen alsnog aan de onderhandelingstafel plaats, in eerste instantie voor verkennende gesprekken. Inmiddels zijn de echte onderhandelingen begonnen en de peilingen liegen er niet om.

In een recente peiling van INSA blijven CDU en CSU samen nog net boven de dertig procent. In 2013 was dat nog 41,5 procent. Nog dramatischer is het verlies bij de SPD. De sociaaldemocraten behaalden in september 2017 met 20,5 procent het slechtste resultaat in hun geschiedenis. In de genoemde peiling is het nog 17 procent.

De sociaaldemocraten voelen inmiddels de hete adem van de nationaal-conservatieve AfD in de nek. De AfD, die in september met 12,6 procent voor het eerst in de Bondsdag kwam, staat in de peiling op 15 procent. Dat is een verdriedubbeling ten opzichte van 2013. De AfD lijkt de interne onenigheid waardoor ze lange tijd werd beziggehouden te boven te zijn gekomen en weet, ondanks de tegenwerking door de andere fracties, de aanwezigheid in de Bondsdag voor veel kiezers overtuigend te benutten. Met slechts twee procentpunten is de afstand tussen AfD en SPD kleiner dan ooit tevoren, waarmee de vraag opkomt of de nationaal-conservatieven er in zullen slagen de sociaaldemocraten voorbij te streven.

Intussen onderhandelen CDU/CSU en SPD gewoon verder over de vorming van een grote coalitie. Maar een regering die voor ze tot stand is gekomen haar meerderheid in de kiezersgunst al verliest, staat vanzelfsprekend niet erg sterk.

Posted on

Zelfs het politieke midden in Duitsland verlangt naar iets nieuws

De onderhandelingen over een nieuwe grote coalitie leggen bloot hoe versleten de traditionele volkspartijen in Duitsland zijn. De roep om een politieke hergroepering neemt toe.

De (pre-)sonderingen voor een te vormen nieuwe federale regering konden zelfs de gezagsgetrouwe gemiddelde Duitser al slechts matig interesseren. Ook de berichtgeving over de taaie onderhandelingen over een Jamaika-coalitie van christendemocraten, liberalen en groenen lieten de Duitse burgers gelaten over zich heen komen. Maar inmiddels lijken zelfs de mainstream media nog maar met een half oog acht te slaan op de hernieuwde poging om tot een grote coalitie te komen. Niemand wacht ‘koortsachtig’ op de uitkomst van de gesprekken, debatten over het thema leggen noemenswaardige verwachtingen noch grote vrees bloot. Het is allemaal tamelijk om het even.

Politieke belangstelling

En dat terwijl de belangstelling van de Duitsers voor de politiek geenszins teruggelopen is. In tegendeel: Recent onderzoek wijst uit dat de Duitse burgers zich niet minder, maar juist meetbaar meer voor politiek interesseren dan enkele jaren geleden. Het lukt alleen de volkspartijen niet meer om deze belangstelling te baat te nemen.

Het einde van het gevestigde partijsysteem is al dikwijls bezworen. Maar afgezien van het doorbreken van de AfD is er tot nu toe niet veel veranderd. Maar dat zou kunnen veranderen… en het zijn juist de sleetse onderhandelingen over een nieuwe grote coalitie, die op dit punt de verbeelding tot in het midden van het politieke spectrum op gang brengen.

Op links ventileert Oskar Lafontaine reeds het idee van een nieuwe linkse volkspartij bestaande uit delen van Die Linke, SPD en Groenen. Een project dat, met het oog op de vertwijfeling van veel SPD-aanhangers, de verdeeldheid in Lafontaines Linke en de verstarring bij de Groenen na het mislukken van de Jamaica-coalitie, tot de verbeelding spreekt.

Macronisering

In het doorgaans regeringsgezinde dagblad Die Welt droomt een prominente commentator van een “goeroe” die de “macronisering van het Duitse partijenlandschap op gang brengt”. Men verlangt met andere woorden naar een jonge, dynamische charismaticus die de oude partijstructuren compleet uit de scharnieren licht. Dat is opmerkelijk: Tot nog toe werd er hoofdzakelijk over gediscussieerd wie in de CDU Angela Merkel zou kunnen vervangen of wie er de nieuwe ‘kroonprins’ van de SPD zou kunnen worden, nu de Martin Schulz-trein in rook is opgegaan, Olaf Scholz zich kennelijk niet buiten Hamburg waagt en Sigmar Gabriel zich nog altijd niet vast laat pinnen.

Het verlangen naar ‘macronisering’ laat zien hoe de hoop al wegebt dat de beide grote partijen überhaupt nog in staat zijn om zichzelf nog eens te vernieuwen. Voor de CDU zou een dergelijke macronisering bezegelen dat de inhoudelijke willekeur van een Angela Merkel, in combinatie met haar capaciteit om concurrenten binnen haar partij te verdringen, deze ooit grote volkspartij uiteindelijk uitgeput en daarmee overbodig gemaakt heeft.

Posted on

Links gaat vooral oppositie voeren tegen AfD in plaats van tegen Merkel en co.

De nieuwe Bondsdagleden van de Alternative für Deutschland hadden er toch al niet mee gerekend dat ze door de andere partijen van harte welkom zouden worden geheten, met ontsporingen als die van SPD-Bondsdaglid Johannes Kahrs zullen ze ook niet gerekend hebben. Nu zouden de “rechtsradikalen Arschlöcher” in de Bondsdag aangekomen zijn, zo commenteerde Kahrs de verkiezingsoverwinning van de AfD.

Zó primitief heeft verder geen andere afgevaardigde gereageerd, maar één ding hebben de andere te verwachten oppositiepartijen al duidelijk laten merken: Ze zullen niet in de eerste plaats oppositie voeren tegen de regering, zoals hun opdracht is als oppositiepartij, maar vooral tegen de op één na sterkste oppositiepartij. De oppositie van links tegen de nieuwe regering zal daarmee in de komende jaren denkbaar tegenvallen, omdat de meeste aandacht uit zal gaan naar de AfD.

Daarmee valt het aan de AfD toe om de regering “op te jagen”, zoals Alexander Gauland het zo plastisch formuleerde. Menigeen valt nu over deze opmerking van Gauland en ziet het als een bewijs van een  verdere verruwing van het Duitse politieke klimaat. Feit is echter dat Ludger Volmer, een politicus van de Groenen, al dezelfde uitdrukking gebruikte op de verkiezingsavond in 1994.

Het zal de AfD overigens niet makkelijk gemaakt worden om dat te doen. Want de ervaring leert dat de andere partijen alles in het werk zullen stellen om de AfD op hoogst ondemocratische wijze van het deelnemen aan het parlementaire werk uit te sluiten. Om een voorbeeld te noemen: In de volksvertegenwoordiging van de deelstaat Hamburg wordt de AfD tweeënhalf jaar na de verkiezingen nog altijd de zetel die haar toekomt ontzegd in de commissie die zich buigt over wat er moet gebeuren met uitgeprocedeerde asielzoekers die om een of andere reden niet uitgezet kunnen worden en bijvoorbeeld een tijdelijk verblijfsrecht toegewezen kan worden.

Ook op andere manieren wordt de AfD gehinderd. Toen de Sleeswijk-Holsteinse AfD-fractie bijvoorbeeld door middel van een landelijke advertentie een wetenschappelijk medewerker wilde zoeken, liet marktleider Axel Springer Verlag weten, dat men “uit principiële overwegingen” überhaupt geen advertenties van de AfD wil publiceren.

Ook in de Bondsdag zullen de AfD-afgevaardigden met dergelijke tegenwerking en hinder ook op praktisch niveau moeten rekenen. Daar gaat van beide kanten tijd en energie in steken, die ook besteed had kunnen worden aan het eigenlijke werk van de volksvertegenwoordiging: het controleren van de regering.

Posted on

Het verschil van inzicht keert terug in de Bondsdag

De laatste dagen voor de Bondsdagverkiezingen heerst er grote nervositeit in de burelen van de gevestigde politiek in Duitsland. En niet zonder reden, want we staan aan de vooravond van een historische gebeurtenis.

De Bondsdagverkiezingen van 2017 zullen diepere sporen in de geschiedenis van de Bondsrepubliek achterlaten dan alle andere stembusgangen sinds 1990, toen de Duitsers over de richting van hun zopas opnieuw verenigde land besloten.

Voor de SPD dreigt de zwaarste naoorlogse nederlaag. De CDU zal de verkiezingen winnen, maar lijkt als partij meer dan ooit gereduceerd tot de droevige rol van slippendrager voor haar voorzitter, wat een onzekere toekomst voor partij belooft. De AfD als meest gevreesde tegenstander van alle gevestigde partijen kan volgens de peilingen met een dubbel zo goed resultaat rekenen als de Groenen toen die in 1983 voor het eerst in de Bondsdag kwamen.

Alleen oppervlakkig ziet het er naar uit dat alles bij het oude zal blijven: Merkel wordt opnieuw bondskanselier en heeft in de SPD, de FDP en de Groenen zowaar drie potentiële coalitiepartners. Deze bizarre combinatie van opschudding van het partijensysteem enerzijds en de vermoedelijke ‘business as usual’ qua regering anderzijds, is ook terug te vinden bij de kiezers. Opinieonderzoekers registreren hier een oppervlakkige rust en tevredenheid, waarachter een diep zittende onzekerheid en vrees schuil gaat – en zeer veel ingehouden woede.

Deze dubbele verdeeldheid – zowel ‘boven’ als ‘onder’ – voedt een agressieve nervositeit, die in de laatste dagen van de verkiezingscampagne met handen te grijpen is. Tegenover de “Merkel moet weg!”-roepers stonden gevestigde media en politici die in de omgang met de AfD alle remmingen lieten varen. Sigmar Gabriels uitbarsting als zouden er met de AfD “nazi’s” de Bondsdag binnenkomen, is daarbij nog maar het topje van de ijsberg  van een nieuwe verruwing.

Zo staat het nog te bezien wat de lange termijngevolgen van de verkiezingen van 2017 zullen zijn. Ze kunnen als het aanbreken van een van de ruwste fasen van de recente Duitse politieke geschiedenis gaan gelden, maar evengoed ook als opbreken van een verlammende vastgeroestheid.

Voor die optimistische variant spreekt dat met de AfD niet alleen een antwoord op de langdurige tendens naar links het parlement binnenkomt. De partij zal ook de rol van de Bondsdag versterken als een instituut dat doet waartoe ieder democratisch parlement bestaat: de regering controleren en de oppositie een stem geven.

Bij existentiële kwesties als asiel, immigratie, grenscontroles of eurobeleid zag dikwijls een groot deel van het volk, zo niet in sommige gevallen zelfs de meerderheid, zich zonder adequate vertegenwoordiging in de Bondsdag. Daar was men het binnen de “zeer grote coalitie” waartoe geregeld de meerderheid van alle fracties behoorde over precies deze kwesties namelijk in hoofdzaak eens.

Met de doorbraak van de ‘blauwen’ naar de Bondsdag kan hier eindelijk verandering in komen. Duitse burgers kunnen dan alleen maar verwelkomen, het betekent namelijk de wedergeboorte van het parlement.

Posted on

“Gelukkig is er in Amerika meer rapaille dan in Duitsland!”

De Amerikaanse historicus en filosoof Paul Gottfried geldt als vooraanstaand denker in de paleoconservatieve beweging en als eerste die de term ‘alternative right’ (alternatief rechts) gebruikte, voordat Alt Right een merknaam werd. De nu 76-jarige professor uit Elizabethtown, Pennsylvania, is al decennia een centrale figuur op rechts in Amerika, tussen libertariërs en conservatieven. Hij is of was goed bevriend met belangrijke actoren als Richard Nixon, Pat Buchanan, Murray Rothbard en Hans-Hermann Hoppe, waarbij het hem er steeds om te doen was oud rechts en nieuw rechts, libertariërs en conservatieven bij elkaar te brengen in oppositie tegen het oorlogshitsende, neoconservatieve establishment dat de Republikeinse partij in zijn greep heeft. Minder bekend is zijn liefde voor Duitsland. Novini sprak met hem – in het Duits, daar stond Gottfried op – over de toekomst van Amerika, Duitsland en Europa.

Over ruim anderhalve maand kiezen de Duitsers de leden van de Bondsdag. U volgt de situatie vanuit Amerika op de voet, niet waar?

Ja, diep bedrukt en met weinig hoop kijk ik naar de situatie in Duitsland. Ik betreur het dat een patriottische partij er nog ver van verwijderd is het roer over te nemen.

U doelt op de AfD?

Het is betreurenswaardig dat de AfD er niet in slaagt haar interne conflicten op te lossen. Bovendien probeert de gematigde, door Frauke Petry aangestuurde vleugel de media een antifascistisch getuigschrift af te geven, wat evident strategische onzin is. Ondanks deze voorbehouden, zou ik als ik Duitser was op de AfD stemmen. Het is de enige partij die geschikt en bereid is om het immigratievraagstuk ter hand te nemen.

U heeft eens gezegd dat Duitsland en grote delen van Europa toch al “verloren” zijn.

Ja, aan de lange termijnvooruitzichten van een op afkomst en cultuur gebaseerde Duitse natie moet ik helaas twijfelen. Het lage geboortecijfer van de autochtone Duitsers maakt me even sceptisch als de zelfkastijding die de Duitsers door hun politieke en mediale elites opgelegd wordt. Daarbij komt de kadaverdiscipline waarmee het Duitse electoraat het anti-Duitse establishment volgt.

Als tot 200.000 Duitsers per jaar het land de rug toekeren, is binnen de volgende zes generaties een krimp van de autochtone bevolking te verwachten van 64 naar 11 miljoen. Het in Duitsland als staatsgodsdienst hoogtij vierende nationaal-masochisme zal er voor zorgen dat de Duitsers een minderheid in eigen land worden.

Het cruciale thema van onze tijd is in veler ogen de immigratie. Het ligt echter in de aard van de zaak, dat niet allen die zich aansluiten bij het verzet tegen de massamigratie, het over alle kwesties eens zijn. 

Desalniettemin moet het mogelijk zijn om, bijvoorbeeld met politiek-economisch andersdenkenden, een gelegenheidscoalitie te sluiten om samen tegen een acute dreiging op te treden. Het moet er nu om gaan Duitsland te redden van de uitwissing van zijn cultuur.

Ziet u in Europa of het Westen in het algemeen bewegingen op personen, waarop rechts in Duitsland zich kan oriënteren?

Zo voor de vuist weg: Viktor Orbán.

Welke opstelling staat u voor ten aanzien van de Europese Unie?

Frontale oppositie. De EU is tot een anti-nationaal, anti-vrijheids-, multicultureel en anti-christelijk gedrocht geworden. De globalisten hebben een verdere vervanging van de Europese naties voor en beschikken met de EU over het middel hiertoe.

Als een oppositiebeweging kans van slagen wil hebben, moet ze steeds twee zaken bij elkaar houden: verstand en gevoel. In de VS kan men op het patriottische, vrijheidsgezinde erfgoed van de Founding Fathers teruggrijpen en het debat zo in een voor de rechtse oppositie gunstige gevoelsrichting sturen. Welke gebeurtenissen, tijdperken of personen ziet u in de Duitse geschiedenis die libertariërs of conservatieven voor dergelijke doeleinden kunnen gebruiken?

Het schijnt me toe dat de Duitsers een liberale traditie hebben, maar geen libertarische. Ik wijs er op dat de gevormde burgerij in de 19e eeuw zijn liberale opvattingen in evenwicht wilde brengen met de nationale eenwording. Al waren dit dan de laatste decennia van het klassieke liberalisme in Duitsland, toch zou het zeer misplaatst zijn om de Duitsers een liberaal erfgoed te willen ontzeggen. In vergelijking met de tegenwoordige antifascistische semidictatuur in Duitsland en andere westerse landen laat het Duitse keizerrijk een voorbeeldige constitutionele rechtstatelijkheid zien.

Komen we te spreken over de situatie in uw land, de Verenigde Staten. Ook daar is de samenleving uiterst gepolariseerd, zoals men recent aan rellen in Berkeley, Californië kon zien. Sterke mediale waarneming geniet hierbij ook de zogeheten Alt Right-beweging, waarvan gezegd wordt dat u er de naamgever van bent.

De term komt van mij, maar de beweging heeft zich inmiddels ver verwijderd van mijn ideeën. Wat echter blijft, is de vaststelling dat het oude Republikeinse establishment, dat wil zeggen de neoconservatieven, nauwelijks nog in staat is, zichzelf als echte oppositie tegen de Democraten te verkopen. De doorsnee leeftijd van de kijkers van Fox News nadert de zestig al. De meeste lezers van bladen als de National Review en Weekly Standard zijn minstens even grijs en onnozel.

Tegenwoordig associeert men de jonge Alt Right-beweging echter veeleer met personen als Richard Spencer. Hoe heeft zich de politieke oriëntatie van de beweging in de afgelopen jaren veranderd?

Tot eind vorig jaar identificeerden zich ettelijke groepen met het koepelbegrip Alt Right, een zeer breed spectrum. Toen de alliantie van linkse media en gutmenschen vervolgens veel drukte maakte over het begrip Alt Right, liepen de gematigden weg. Vervolgens namen diegenen die het in de eerste plaats om “blanke identiteit” gaat, met Richard Spencer voorop, dit al grotendeels versmalde begrip voor zichzelf in beslag.

De drievoudige presidentskandidaat Patrick J. Buchanan stelde met zijn meest recente boek (Suicide of a Superpower) de provocatieve vraag of Amerika kan overleven tot 2025 of voordien uiteen zal vallen. Hoe ziet u de politieke, economische en demografische toekomst van de Verenigde Staten?

Ik moet toegeven dat ik net als Pat een multiculturele, door een ‘diepe staat’ geleide, toekomst van Amerika voor me zie. Wat ons echter van de volkomen heropgevoede Duitsers onderscheidt, is de aanwezigheid van zogenaamd rapaille (Gottfried gebruikt hier het Duitse woord ‘Pack’, dat SPD-minister Sigmar Gabriel gebruikte met betrekking tot deelnemers van Pegida, WB), dat nog altijd voor de burgerlijke normaliteit en het christelijke fatsoen wil strijden. Bij ons ligt het aandeel van de bevolking dat uit deze onbuigzamen bestaat net als in Frankrijk rond de 40 à 45 procent. Dat ook uit dit bevolkingsdeel stemmen opkomen voor meer staatsingrijpen, is te betreuren, maar niet te veranderen.

Als u de Duitsers nog een raad kon geven, wat zou dat dan zijn?

Verwerk de verwerking van het verleden! Wees trots op jullie erfgoed! En krijg meer kinderen!