Posted on

Zijn rechtse mensen niet goed bij hun hoofd?

Hoe bont kun je het maken? De Duitse kinderarts Herbert Renz-Polster verklaart in een interview met Der Spiegel het succes van rechts-populisten uit hersenbeschadigingen die stemmers op deze partijen in hun kinderjaren hebben opgedaan.

“Emotionele nood in de eerste levensjaren verklaart het populistische geloof in autoriteit,” aldus de kinderarts. In een interview met Deutschlandfunk zei Renz-Polster dat vervreemding en angst voor globalisering de ruk naar rechts zeker kan verklaren, maar “dit alles werkt alleen op basis van bestaande kwetsbaarheden. Zelfs als ik onzeker ben in mijn sociale positie, hebben de persoonlijke overtuigingen een diepere reden, en die liggen in de kinderjaren.” Nu heeft schrijver dezes wel enig recht van spreken als het gaat om geestelijke verwarring, maar mijn kindertijd was warm en geborgen en de politieke voorkeur lag in mijn jeugd juist bij extreem-links.

Progressief of conservatief brein

Maar waar Renz-Polster de opvoeding de schuld geeft, gaan wetenschappelijke onderzoeken in de Verenigde Staten een stap verder. Een aantal jaren terug deed een Amerikaans onderzoek nogal wat stof opwaaien. Volgens wetenschappers zou het brein van progressieven en conservatieven van elkaar verschillen. Via MRI-scans moesten reacties in de hersenen op foto’s van bijvoorbeeld dierenmishandeling of vieze toiletten aantonen dat de proefpersoon conservatief of progressief was.

Voorspellen

Het zal geen verbazing wekken dat het conservatieve volksdeel er volgens de schedellichters slechter van afkomt. Psychiater Gail Saltz legde in het linkse webzine Salon uit dat progressieven een grotere gyrus cinguli anterior bezitten. Dat onderdeel van de hersenen is verantwoordelijk voor het opnemen van nieuwe informatie en het gebruiken ervan voor het nemen van besluiten en keuzes. Conservatieven daarentegen hebben een grotere amygdala, een diep in de hersenen liggende kern die emotionele impulsen reguleert; “specifiek angst-gebaseerde informatie”, aldus Saltz.

De door de New York Times getypeerde ‘pop-psycholoog’ gaat nog een stapje verder door te stellen dat op basis van deze verschillen in de hersenen men in staat zal zijn te voorspellen wie conservatief en wie progressief wordt. Hoewel Saltz toegeeft dat het verschil tussen links en rechts in hersenstructuur niet zwart-wit is, maakt ze wel duidelijk dat conservatieven meer angstige mensen (slecht) zijn en progressieven open staan voor nieuwe informatie (goed). De Vlaamse schrijver Yves Petry maakt zich terecht boos over dat links het alleenrecht op empathie claimt.

Biologische factoren

Onwillekeurig moet de lezer hierbij denken aan de rel die in 1989 ontstond toen neurobioloog Dick Swaab zei dat de hersenen van hetero’s en homo’s van elkaar verschillen. Links Nederland was te klein. Demonstraties, dreigbrieven, bommeldingen en zelfs Kamervragen waren het gevolg. Of de affaire Buikhuisen, 10 jaar voor de rel rond Swaab. Criminoloog Buikhuisen schreef dat criminaliteit mogelijk mede uit biologische factoren verklaard kan worden. Links Nederland begon een heksenjacht en Buikhuisen moest het veld ruimen. In de 21ste eeuw vindt links het blijkbaar heel normaal om politieke verschillen uit biologische factoren te verklaren. The-times-they-are-a-changin’.

F-schaal

Het is de Frankfurter Schule all over again. Grondlegger Theodor Adorno betoogde in een omstreden ‘studie’, ‘The Authoritarian Personality’, dat hang naar autoriteit leidt tot fascisme. In dit lijvige boek – bijna 1000 pagina’s – introduceert Adorno de ‘F-schaal’, een test om te onderzoeken hoe vatbaar iemand is voor fascistische ideeën. Maar liefst negen persoonlijkheidskenmerken leiden naar fascisme. Kenmerken die in de kinderjaren worden aangeleerd en versterkt. Onderdanigheid, agressie, anti-intellectualisme, bijgeloof en een overspannen bezorgdheid over seks, zijn hier voorbeelden van. Renz-Polster is gewoon een goede leerling van Adorno. Niet vreemd dat het boek van Adorno dit najaar bij de linkse uitgever Verso in herdruk verschijnt. De tijd lijkt er weer rijp voor.

Eugenetica

Het is de ultieme progressieve droom. Eind 19de eeuw en in de eerste decennia van de vorige eeuw hield links vurige pleidooien voor eugenetica en het van staatswege ingrijpen in gezinnen. De nationaal-socialisten in Duitsland maakten dankbaar gebruik van dit gedachtengoed. Tot ver in de 20ste eeuw werd in Zweden zo’n bevolkingspolitiek, waar sterilisatie van zogeheten ‘onbekwamen’ en abortus onderdeel van waren, toegepast. Het lijkt erop dat het ongelukkige huwelijk tussen wetenschap en psychologie, dat in de vorige eeuw tot zulke vreselijke resultaten leidde, in deze eeuw door links weer wordt gepropageerd. Het is natuurlijk het ultieme wapen. Verzet je je tegen genoemde psychologische verklaringen, dan is er juist iets met je aan de hand. Hoe groter je verzet, hoe krachtiger de therapie. En als je echt niet wilt luisteren, is er altijd een operatie mogelijk.

Ingrepen

Progressieven die stiekem dromen van het uitschakelen van hun conservatieve tegenstanders via therapie, ingrijpen in de opvoeding of zelfs neuro-chirurgische ingrepen? Het lijkt een droom – of liever een nachtmerrie – maar gezien het podium dat kinderarts Herbert Renz-Polster krijgt, worden de linkse geesten rijp gemaakt.

Posted on

“Het zijn de slechtsten die regeren”

Het bestuur van westerse landen vertoont kenmerken van een kakistocratie, vindt cognitiewetenschapper Tjeerd Andringa. “Het zijn de slechtsten die regeren.” De enigen die hier een einde aan kunnen maken, zijn wijzelf. “Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel.”

“Kakistocracy, een 374 jaar oud woord, is zojuist opgenomen in het woordenboek.” Aldus kopte The New York Times op 13 april 2018. Wat bleek? Voormalig CIA-directeur John O. Brennan had een tweet de wereld ingestuurd waarin hij president Donald Trump toebeet: “Jouw kakistocratie staat op instorten na de bedroevende weg die deze heeft afgelegd.”

Omdat vrijwel niemand begreep wat Brennan bedoelde met ‘kakistocracy’, gingen zijn Twitter-volgers massaal op zoek naar de betekenis van het woord. Bij online-woordenboek Merriam-Webster vingen ze aanvankelijk bot, maar de redactie liet er geen gras over groeien en voorzag de zoekers alsnog van een uitleg. ‘Kakistos’ is oud-Grieks voor ‘slechtsten’ en kratos’ betekent ‘macht’. Een kakistocratie betekent dus dat de slechtsten aan de macht zijn. Het tegenovergestelde van een aristocratie, waarin de besten (aristos) het voor het zeggen hebben.

Volgens Tjeerd Andringa, universitair hoofddocent cognitiewetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen, zijn westerse democratieën niet vrij van kakistocratische elementen. Dit zou onder meer blijken uit de banden die inlichtingendiensten onderhouden met terroristische groeperingen en pedofielennetwerken. Om een bestuursvorm te krijgen van en voor het volk is niet minder dan een psychologische revolutie nodig. Mensen moeten leren inzien dat ze zoveel beter af zouden zijn als ze hun lot in eigen hand namen en zich niet langer afhankelijk stelden van incapabele,  machtswellustige, of zelfs kwaadaardige autoriteiten. Self-empowerment, burgers die zichzelf in hun kracht zetten, is de sleutel tot een betere wereld.

Andringa heeft een eigen website, Geopolitics and Cognition, die weliswaar al sinds een paar jaar niet meer actief beheerd wordt, maar een interessant inkijkje biedt in Andringa’s politiek-psychologische inzichten. De website was een hobbyproject, en staat los van Andringa’s werkzaamheden aan de universiteit, waar hij studenten helpt op academisch niveau te leren denken en begrijpen.

Deelt u de mening van voormalig CIA-directeur Brennan? Is de regering Trump een kakistocratie? 

[pullquote]Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers.[/pullquote]

Er zitten ongetwijfeld kakistocratische elementen in de Amerikaanse regering, maar dat was onder de voorgangers van Trump niet anders. Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers. Dat zag je duidelijk bij Obama. Die werd wel genoemd teleprompter in chief, omdat hij weinig meer leek te doen dan het oplezen van teksten van een schermpje. Alles van enig belang komt niet bij zo’n president vandaan. Het begint er al mee dat je geen kans maakt op het presidentschap zonder brede financiële en andere steun van de Deep State, de permanente machtsbasis in de VS waaraan de Council of Foreign Relations een groot deel van de bemensing levert.

Niks nieuws onder de zon dus met Trump?

Trump was een ongeleid projectiel. Het was niet de bedoeling dat hij president zou worden. Het is hem toch gelukt, omdat hij met z’n vele geld in staat was zelf zijn campagne te betalen, en ook door zijn botte charme, die hij voor een groot deel van de Amerikanen heeft. Dat was bedreigend voor het bestel. Ze hebben Trump nu onder controle gekregen, door mensen om hem heen te zetten die hem voeden met ideeën, waardoor hij geen dingen doet die teveel in strijd zijn met wat het bestel eigenlijk wil. John Bolton zie ik als een typische vertegenwoordiger hiervan. Hij is in april van dit jaar naar voren geschoven als veiligheidsadviseur van Trump. Hij is nauw verbonden met het neocon-netwerk, dat destijds de oorlog tegen Irak in gang heeft gezet door volstrekt ongegronde beschuldigingen te verzinnen over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in het land. Een oorlog op leugens baseren is typisch kakistocratie. En ook dat een samenleving zoiets accepteert is typerend voor een kakistocratie.

Psychopaten zijn volgens u oververtegenwoordigd in hogere kringen? Zij vormen de kern van elke kakistocratie?

Als een systeem kandidaten voor een toppositie selecteert op basis van het vermogen om koste wat kost resultaten te krijgen, dan kun je verwachten dat er veel intelligente en gewetenloze personen tussen zitten die precies weten wat ze moeten doen om een respectabel aanzien te verwerven. Zo’n systeem selecteert op intelligentie en psychopathie. Want psychopaten hebben een amper ontwikkeld geweten. Probleem daarbij is dat weinig psychopaten capabel genoeg zijn voor hoge posities. Het kost dus moeite om ze te vinden en op te leiden.

In een interview heeft u de term kakistocratie genoemd in verband met pedofielennetwerken. Volgens u oefenen inlichtingendiensten macht uit door mensen op hoge posities te plaatsen die chantabel zijn.

Om mensen op machtsposities onder controle te houden is het belangrijk dat ze chantabel zijn. Anders hebben ze te veel vrijheid en doen ze wellicht wat ze zelf belangrijk en moreel vinden. Dat is nu precies wat moet worden voorkomen. Het is daarom een  standaard werkwijze van inlichtingendiensten en andere netwerken om mensen te selecteren op chantabiliteit.

Het is een beproefde tactiek van inlichtingendiensten om personen in compromitterende situaties te brengen, de zogeheten honey trap. Maar u stelt dat hiervoor zelfs kinderen worden ingezet?

Dat hangt ervan af wat je wilt. Als je de meest gewetenloze mensen zoekt, die in staat zijn de meest kwetsbare individuen probleemloos te misbruiken, dan vormen seksfeesten met kinderen een prima selectiemechanisme. Personen die deelnemen aan dit soort evenementen, zijn zich er van bewust dat ze op deze manier chantabel worden gemaakt. Maar het maakt ze niet uit, omdat ze hiermee tegelijkertijd toegang krijgen tot machtsposities waar ze anders nooit in terecht zouden kunnen komen. Het is dan een soort initiatieritueel.

Het zal voor iedereen inmiddels bekend zijn dat er talloze bewezen gevallen zijn van pedofielen in hogere kringen. Maar waaruit blijk dat deze personen hebben deelgenomen aan seksfeesten georganiseerd met de bedoeling ze te rekruteren?

Daar hebben we alleen maar veel anekdotisch bewijs voor. Er zijn heel wat getuigenissen van kinderen die claimen misbruikt te zijn op feesten en ook gevallen waarbij overheden op allerlei manieren hebben geprobeerd politieonderzoek te ondermijnen. Zie onder meer de Dutroux-affaire in België, het Franklin-schandaal in de VS en een groot aantal schandalen in het Verenigd Koninkrijk rond onder anderen media-persoonlijkheid Jimmy Savile en voormalig premier Edward Heath. Juridisch bewezen zijn deze affaires niet omdat ze altijd ergens stranden. Maar waarschijnlijk lijkt het wel. Overheden lijken beter te zijn in het in de doofpot stoppen van de eigen kwalijke praktijken dan in het aanpakken ervan.

U stelt ook dat inlichtingendiensten aanslagen faciliteren die worden toegeschreven aan extremistische moslims?

Vast niet alleen inlichtingendiensten maar ook andere netwerken. Zeker is dat geheime organisaties aanslagen hebben gepleegd op de eigen bevolking. Operatie Gladio is daarvan een duidelijk voorbeeld. Dat was een geheim netwerk in Europa van rechtsextremistische groepen, dat gesteund werd door de CIA en de NAVO, en dat in Italië aanslagen heeft gepleegd op de burgerbevolking. Er is een groot aantal boeken over en ook een prima BBC-documentaire, getiteld Operation Gladio.

Wat is de logica achter aanslagen op de eigen bevolking?

Van de Gladio-aanslagen in Italië weten we dat het de bedoeling was het angstniveau van de bevolking te vergroten en te voorkomen dat de communisten te machtig werden. Want wat doen mensen als ze bang worden voor aanslagen? Dan richten ze zich voor hun bescherming tot de overheid. Die moet maatregelen nemen om verdere aanslagen te voorkomen.

Maar u stelt dus dat, voor het plegen van aanslagen in eigen land, rechts-extremistische groepen zijn verruild voor extremistische moslims?

[pullquote]Aanslagen leiden altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.[/pullquote]

Daar lijkt het wel op. Er is een belangrijk principe in politieonderzoek: cui bono, wie heeft er voordeel van? Ik zie geen enkel politiek of militair nut voor moslims en zelfs niet voor moslimextremisten. Die aanslagen leiden wel altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.

Bij moslims telt niet alleen het politieke en militaire nut van hun daden. Het religieuze nut staat voorop.

Religieus nut is een wat rare term: een religie is vooral een moreel construct dat je helpt om de wereld te begrijpen en moreel gedrag te kiezen. Religieus besef kan heel rijk en includerend zijn, maar ook heel beperkt en excluderend. Fundamentalistische gelovigen, of ze nu christen, moslim, hindoe, of anders zijn, worden gekenmerkt door een beperkt begrip van de wereld: ze kunnen heel intelligent zijn, maar ze hebben grote moeite met diversiteit aan opinies. Ze nemen hun religieuze teksten letterlijk en iedereen die hun interpretatie niet deelt is een ketter en daarmee niet beschermenswaardig.

De Saoedische machthebbers hebben sinds het begin van de zeventiger jaren overal in Afrika en Centraal-Azië geïnvesteerd in wahabistische moslimscholen die zich vooral richten op het uit het hoofd leren en reciteren van de Koran. Niet de beste voorbereiding op een rol in moderne samenlevingen. Maar het is wel een prima kweekvijver voor moslimhuurlingen die je overal kunt inzetten, omdat de meeste mensen, moslim of niet, hun beperkte wereldbeeld niet graag willen delen. De wahabistische huurling beschermt niemand die zich niet heeft bekeerd tot hun religieuze interpretatie van de islam. Dat bekeren vinden ze moreel, het terugbrengen van diversiteit in religieuze interpretatie ook, desnoods met geweld. Precies zoals bij ons destijds de inquisitie.

Die wahabistische huurlingen zijn overal ingezet: Afghanistan, Tsjetsjenië, Bosnië, Somalië, Soedan, Indonesië, Pakistan, Irak, Libië, en nu al vijf jaar in Syrië. Dus ja, het religieuze nut staat zeker voorop, maar niet voor de religieuze fundamentalisten, en wel voor de mensen die hen inhuren voor geopolitieke doelen.

Het is geen geheim dat de VS en bondgenoten al sinds begin jaren tachtig moslim-extremisten inzetten als huurlingen in andere landen. Maar dat is niet hetzelfde als het faciliteren van aanslagen in eigen land. Ziet u bijvoorbeeld de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs als een false flag?

Ik kan me niet herinneren dat ik in het geval van Charlie Hebdo ooit solide forensisch bewijs heb gezien, dus ik weet niet wat ik ervan moet vinden. Maar neem nu bijvoorbeeld dat paspoort dat onder een stoel van de vluchtwagen werd gevonden, pas 24 uur na de aanslag. Het Charlie Hebdo-verhaal bevat te veel elementen die mensen dingen laten concluderen die ze graag willen concluderen. In dit geval dat Al Qaida het had gedaan. De aanslag leidde weer tot meer macht voor de staat en de inlichtingendiensten. Dus het past in het patroon. Trouwens vlak voor de laatste verkiezingen in Groot-Brittannië waren er ook weer wat aanslagen. Zonder het psychologische effect van die aanslagen had premier Theresa May er mogelijk niet meer gezeten.

Ziet u 9/11 als een false flag?

Wat ik in ieder geval niet geloof is het officiële verhaal. Neem alleen al Gebouw 7, dat op 110 meter afstand stond van de Twin Towers. Het is niet geraakt door een vliegtuig, en toch is het in elkaar gestort. Je kunt dat moeilijk aan Al Qaida toeschrijven. Het is ongeloofwaardig dat Gebouw 7 precies door de staalconstructies viel die het overeind moesten houden. Het is net alsof het staal tijdelijk even in boter veranderde en daarna weer terug veranderde in staal. En twintig minuten voordat Gebouw 7 in elkaar stortte, vertelde een correspondente van de BBC het al op tv, met nota bene het toen nog fier overeind staande gebouw duidelijk zichtbaar op de achtergrond. Ik heb consistentie nodig om iets voor waar aan te nemen. En ook verifieerbare feiten om een theorie op te bouwen. Het officiële verhaal mist beide.

We hebben gezien waar 9/11 toe heeft geleid. De Amerikanen, en de Britten ook trouwens, hebben een groot deel van hun privacy en overige burgerrechten opgegeven, en ze lieten zich meesleuren in de oorlogen tegen Afghanistan en Irak. Het interessante is dat de plannen daarvoor al gemaakt waren ruim voor 9/11. Zo lag de Patriot Act, een antiterreurwet van zo’n 1000 pagina’s, al klaar om goedgekeurd te worden door het Congres. En een week na 9/11 hadden de VS al plannen klaarliggen om de regeringen van zeven landen in vijf jaar tijd aan te vallen en te vernietigen. Met Syrië zijn ze nog bezig en Iran staat nog op het wensenlijstje.

Kortom, aanslagen houden de kakistocratie in stand, tenzij we ophouden er bang voor te zijn?

Benjamin Franklin, de achttiende-eeuwse Amerikaanse politicus en wetenschapper, zei ooit: “Zij die bereid zijn essentiële vrijheden in te leveren, om een beetje tijdelijke veiligheid te verwerven, verdienen noch vrijheid noch veiligheid.” Ik denk dat hij daar helemaal gelijk in heeft. En trouwens, als je kijkt naar het lijstje van doodsoorzaken dan staat terrorisme ergens onderaan. Als je dan toch bang wilt zijn, wordt dan bang voor hart- en vaatziekten, kanker, verkeersongelukken en gladde badkamervloeren. Angst voor terrorisme is echt irrationeel.

Als kenmerk van een kakistocratie ziet u ook machthebbers die binnenlandse belangen offeren aan buitenlandse belangen?

John Perkins beschrijft in zijn boek Confessions of an Economic Hitman uit eigen ervaring hoe het Westerse financiële systeem invloedrijke personen in andere landen benadert, meestal mensen die daar geaccepteerd worden als leiders, om grote investeringen in die landen voor elkaar te krijgen. Vaak zijn die mensen bereid daarin mee te gaan, ondanks dat dit ten koste gaat van hun eigen land. Ze dienen dan de belangen van het Westen, omdat ze er zelf beter van worden.

Een Britse minister zei begin twintigste eeuw: ‘Wij controleren Egypte helemaal niet, wij controleren alleen maar hun leiders.’ Je controleert ze door ze bijvoorbeeld een opleiding in Cambridge te geven, zodat ze in een sociaal netwerk terecht komen waarbinnen de norm de Britse norm is. Terug in eigen land lijkt het dan alsof zo iemand zijn eigen land vertegenwoordigt, terwijl hij in feite bezig is Britse geopolitiek uit te voeren.

Je hoeft dus niet corrupt of chantabel te zijn om je eigen land te verraden?

Dat is inderdaad niet nodig. Internationaal denkende mensen lijken meer op elkaar dan op de mensen in hun eigen land. Hun norm is: internationaal, globaal, vaak progressief, denken. Erg aardige mensen allemaal. Maar ze zullen vooral keuzes maken binnen dat internationale systeem. Ook als ze leiders in hun eigen land worden. Als ze nationalistische keuzes gaan maken, dan raken ze de steun van de internationale gemeenschap kwijt. Dan komen de National Endowment for Democracy en andere non-gouvernementele organisaties naar hun land om de oppositie te steunen en onrust te stoken en ontstaan er problemen voor dat soort leiders. Totdat ze weer de dingen doen die ze geacht worden te doen, zoals IMF-hervormingen doorvoeren en World Trade Organisation-beleid uitvoeren.

U lijkt globalisering te zien als een negatieve ontwikkeling.

Een centraal geleide, uniforme wereld gaat ten koste van de individuele autonomie en houdt geen rekening met verschillen en mogelijkheden op lokaal niveau. Het leidt tot een verstikkende wereldbureaucratie die meer connecties heeft met de top van het internationale bedrijfsleven dan met de wereldbevolking.

Ik zou zeggen dat elk land, elke regio, zelfvoorzienend moet zijn en in 75 procent van de eigen basisbehoeften moet kunnen voorzien. Zo’n land kan daarnaast nog prima internationaal samenwerken. Maar het gebeurt dan vanuit lokale kracht, niet vanuit lokale zwakte.

Op Geopolitics and Cognition schrijft u dat veel mensen de ‘oncomfortabele waarheden’ op uw website als schokkend zullen ervaren.

Voor velen is het nieuw wat ik beschrijf. Dat is omdat ze via de mainstream media niet of nauwelijks met dit soort ideeën in contact komen. Veel mensen willen het ook niet weten. Vooral mensen die een beperkt begrip hebben van de wereld, zich netjes aan de regels houden en sterk leunen op autoriteiten. Die bewijs je geen dienst als je ze vertelt dat de autoriteiten wellicht totaal onbetrouwbaar zijn en mogelijk horen tot de slechtsten in de wereld. Je haalt dan de grond onder hun voeten weg.

Tegelijk vindt u het van groot belang dat mensen de spelletjes doorzien die er gespeeld worden op het wereldtoneel.

Ik vraag de lezers van de website: Waarvoor zet jij je in? Voor jezelf en voor alles waar je van houdt en waarmee je je verbonden voelt? Of voor een anonieme groep die jou in de val heeft gelokt met het spelen van een spel dat je niet volledig kunt overzien of begrijpt? Wellicht is onze huidige wereld een soort casino, dat zo is opgezet dat je gegarandeerd verliest. De Cyprioten zijn het grootste deel van hun spaargeld kwijtgeraakt en de Polen de helft van hun pensioenen. Dus waar hebben ze al die tijd voor gewerkt en gespaard? In elk geval minder in hun eigen voordeel dan ze altijd hadden gedacht. Dat kan in Nederland ook gebeuren.

[pullquote]De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden.[/pullquote]

Ik zeg dan: De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden. Als je besluit je leven door te brengen in een bubble van zalige onwetendheid, inschikkelijkheid en goedgelovigheid, dan is de kans groot dat daar misbruik van zal worden gemaakt en dat je wordt uitgebuit door dezelfde krachten die je onwetend en goedgelovig houden en inschikkelijk maken.

Door de machtsspelletjes aan de top te doorzien, stoot je minder snel je hoofd?

Ja, en je bent dan ook beter in staat bij te dragen aan een betere wereld. De Amerikaanse dichter Carl Sandburg zei ooit: “Eens beginnen ze een oorlog waar niemand komt opdagen.” En dat is een van de verborgen waarheden van de wereld waarin we leven: als wij ons niet langer lenen voor spelletjes die we bij voorbaat verliezen, zullen er geen oorlogen meer zijn, geen georganiseerde onderdrukking, geen dictatuur. Mensen moeten leren het verschil te zien tussen machtswellustige psychopaten en wijze leiders. Nog beter is het als ze geen leiders meer nodig hebben omdat ze zelf wijs genoeg geworden zijn.

U bent optimistisch gestemd over de invloed van het individu op de wereldpolitiek?

Ontwikkelingen op micro- en macroniveau zijn nauwer met elkaar verbonden dan mensen geneigd zijn te denken. Geopolitiek wordt weliswaar beïnvloed door wat er aan de conferentietafels van Bilderberg, Davos of elders wordt besproken, maar wordt uiteindelijk niet daar bepaald. Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel. Zie de Sovjet-Unie. Die is in elkaar geklapt omdat niemand er meer in geloofde. De mogelijkheden die we tot onze beschikking hebben om de wereld te begrijpen zijn groter dan ooit. Dankzij internet is er een enorme hoeveelheid kwalitatief goede informatie voorhanden. Die is tussen alle rotzooi niet altijd even makkelijk te vinden. Maar de informatie is er, en is toegankelijker dan ooit. Als we ons door zelfstudie onafhankelijk maken van autoriteiten buiten onszelf, wacht de mensheid een zonnige toekomst met eindeloze mogelijkheden.

Een socialist zou nu zeggen: Als individu bereik je niks. Je moet je verenigen.

Dat lijkt me een slecht idee. Je mag je wel verenigen, maar je moet je nooit afhankelijk maken van een groot systeem. Want dan word je weer iemand die blind in een ideologie gelooft en conformistisch is, in plaats van kritisch-creatief.

U verkiest de weg van het anarchisme?

Nou ja, kijk. De biosfeer, de natuur, het leven zijn opgebouwd zonder centraal leiderschap. Dus laat overheden eerst maar bewijzen dat ze ook op lange termijn toegevoegde waarde bieden. Tot die tijd gebruik ik de behoefte aan een overheid als een maat voor een niet-ontwikkeld intellectueel vermogen.

Sommige diersoorten kennen alfa-mannetjes en vrouwtjes die het zaakje leiden.

Dat is zo. Maar daar heb je het over een ander soort leiderschap dan je doorgaans ziet in de mensenwereld. Een leidende rol in de dierenwereld krijg je alleen als je heel goed bent in het uitvoeren van een belangrijke taak. En niet door te netwerken of verkiezingen te houden.

U houdt zich bezig met stadslandbouw. Heeft dat een plaats in uw denken over geopolitiek?

Wij laten met de Stadsakker zien dat de boerderij van een eeuw geleden in essentie nog prima functioneert. Onze landbouw was vroeger volledig duurzaam. We nemen daar met de Stadsakker een voorbeeld aan en dat is ons al bijna gelukt.

De industriële landbouw bestaat nog maar 70 jaar. Die bestaat bij de gratie van groei, schuld en kosten die elders worden neergelegd. Dat systeem is gedoemd in elkaar te storten. Tegenwoordig moet je in de Noordoostpolder soms al drie meter diep ploegen om nog aan goede grond te komen; daarboven is alles volledig uitgewoond.

Je kunt een systeem dat je niet aanstaat, zoals de industriële landbouw, bevechten, maar je kunt het ook irrelevant maken, door op een plek te gaan zitten waar het systeem er geen last van heeft en jij je gang kunt gaan. Tegen de tijd dat het systeem zichzelf heeft opgeblazen kom jij met betere ideeën naar voren.

U stelt dat mensen in grote, bureaucratische organisaties gefnuikt worden in hun leerproces, omdat de omgeving waarin ze werken is losgezongen van de werkelijkheid. 

Wij hebben systemen gecreëerd die zo ver afstaan van de werkelijkheid dat we vaak niet meer worden geconfronteerd met de consequenties van ons eigen handelen buiten die systemen. Er is daarom een duidelijk verschil in competenties tussen managers, politici, ambtenaren en anderen die werken binnen zo’n systeem en bijvoorbeeld een tandarts. Als een tandarts iets fout doet, dan krijgt hij dat onmiddellijk terug van zijn klanten of hij ziet het bij het volgende consult. Hij wordt direct geconfronteerd met zijn eigen falen en leert daarvan. Politici, ambtenaren, managers, maar ook journalisten hebben amper zicht op de impact van hun acties in de echte wereld. Dit wil niet zeggen dat ze niet kunnen leren van hun fouten, maar in hun geval is het een stuk moeilijker.

Een politicus hoort iets, roept het een paar keer en het idee wordt overgenomen. Maar of het werkelijk klopt? Hij heeft geen flauw idee. Hij hoeft niet te begrijpen waar het over gaat, wat de consequenties zijn. Daarom kan een politicus ook zo’n waanzinnig laag begrip van de wereld hebben. Het enige wat hij van de werkelijkheid hoeft te begrijpen is hoe hij politicus kan blijven, dus hoe hij steeds weer mensen kan meekrijgen in zijn systeem of ideologie. Of dat een relatie heeft met de werkelijkheid doet er verder niet toe. Wijsheid is vaak ver te zoeken in de politiek. 

U stimuleert uw studenten wijsheid na te streven, onafhankelijke denkers te worden, zich te ontwikkelen tot educated minds.

[pullquote]Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en toch geen educated mind zijn.[/pullquote]

Onderwijspsycholoog William Perry heeft bestudeerd hoe het leerproces verliep bij zijn studenten aan Harvard. Op basis daarvan heeft hij de kenmerken beschreven van de educated mind. Het is niet per sé iemand die veel weet. Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en dan toch geen educated mind zijn. Het gaat om de manier waarop iemand leert en denkt. Een educated mind is vooral kritisch op de eigen gedachten en heeft zo geleerd om zich kennis van hoge kwaliteit eigen te maken. Zo iemand voelt zich ongemakkelijk met kennis die niet te onderbouwen is.

U maakt een onderscheid tussen wijsheid en intelligentie?

Die twee hebben inderdaad verrassend weinig met elkaar te maken. Hoewel intelligentie kan helpen om sneller wijs te worden, is het geen garantie hiervoor. Intelligentie, zoals gemeten in een test of examen, kun je zien als het vermogen om op basis van beschikbare informatie een van tevoren bekend ‘juist’ antwoord te geven. Intelligentie stelt je in staat, als je ervoor kiest, heel goed te worden op school en universiteit. Met hoge cijfers, een mooi diploma en een goed ontwikkeld taalvermogen komen intelligente mensen in belangrijke banen en op centrale posities terecht. Als ze wel intelligent maar niet wijs zijn, gaan ze daar precies doen wat ze hebben geleerd: de norm vertegenwoordigen. Zinvol improviseren en het beste maken van de mogelijkheden is heel wat anders. En dat doen ze niet.

U spreekt in dat verband van ‘superpapegaaien’?

Een ‘superpapegaai’ is iemand die op het juiste moment precies zegt wat de docent, of een andere autoriteit, graag wil horen, en die optreedt als spreekbuis van de door de autoriteiten voorgekauwde norm. Als verdedigers van de norm torpederen ze de verbetering van de leefomgeving. Nieuwe en goede, maar nog fragiele ideeën worden in de kiem gesmoord. En velen van hen noemen zich dan nog progressief ook.

[pullquote]Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig.[/pullquote]

Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig. Ze zijn geïnteresseerd in argumenten, inzichten, feiten waarvan ze kunnen leren. Als iemand met een prikkelend inzicht komt, wordt hun interesse gewekt. Iemand met levenswijsheid verstaat ook de kunst onder complexe omstandigheden met onvolledige informatie vaak juist te oordelen en te handelen. Die wijsheid doe je op door actief mee te doen in de wereld, hiervan te leren en de consequenties van het geleerde te aanvaarden.

Hoe voorkom je dat mensen ‘superpapegaaien’ worden? Of hoe stimuleer je dat ze zich ontwikkelen tot educated minds?

Je kunt anderen begeleiden naar self-empowerment, maar ze moeten het uiteindelijk zelf doen. Het is als het vrij laten van een dier dat opgegroeid is in een kooi. Je kunt de deur openzetten, maar als het dier te bang is om zijn vertrouwde omgeving te verlaten, dan zal het niet de vrijheid nemen die je het toestaat. Vrijheid word je nooit gegeven, je moet het nemen, en vaak zonder een open deur die je toelacht. Je empowert jezelf door ervaring op te doen en aan zelfvertrouwen te winnen. Van belang daarbij is een stabiele, veilige thuissituatie, een stimulerende omgeving, waar je op terug kunt vallen bij mislukkingen, je successen kunt vieren en aangemoedigd wordt.

Het is misschien makkelijker om mensen tot papegaai te maken? 

Het disempoweren van anderen is het belangrijkste dat je nodig hebt om macht te verwerven en houden. Er zijn nogal wat organisaties die hiervoor kunnen worden ingezet: de mainstream media, het leger, onderwijsinstellingen, en ook georganiseerde religies, denktanks en liefdadigheidsinstellingen, en niet in de laatste plaats overheden en grote bedrijven.

Mensen die disempowered zijn, tonen zich vaak sterk afhankelijk van nota bene de structuren die ze in hun zelfontplooiing tegenhouden, die ze in hun denken en handelen beperken en problemen voor ze veroorzaken en in stand houden. Disempowerment zorgt ervoor dat mensen zich door autoriteiten laten vertellen wat ze moeten denken en doen.

Mensen die existentieel afhankelijk zijn van autoriteit worden door u aangeduid met de term authoritarians.

Ik onderscheid twee soorten authoritarians. De ene soort gelooft alles wat ze verteld wordt, hoe vaak het verhaal ook veranderd wordt. De andere groep die nog enigszins zelf kan nadenken, en de eigen regering niet meer vertrouwt, blijft toch in de basis afhankelijk van een autoriteit buiten zichzelf, want schenkt zijn vertrouwen aan een nieuwe regering met hetzelfde gemak waarmee hij zijn vertrouwen heeft geschonken aan de vorige.

Terugkomend op 9/11: Het belangrijkste is niet wat er precies gebeurd is die dag, maar de vraag: geloof je blind het officiële verhaal of heb je het intellectuele vermogen om zelf een solide onderbouwde mening te vormen? Als je tot de eerste groep hoort, dan maakt het niet uit hoe belachelijk het verhaal is dat autoriteiten je vertellen. Je zult het hoe dan ook verdedigen en je zult redenen vinden om mensen die wat anders geloven in diskrediet te brengen.

Als je zo denkt dan ben je een brave pion, zoals Adolf Eichmann, één van de hoofdverantwoordelijken voor de massamoord op de joden en andere slachtoffers van het Derde Rijk. Voor Eichmann maakte het niet uit of het systeem dat hij diende verwerpelijk was of niet. Voor hem was moreel gedrag het zo goed mogelijk bijdragen aan het systeem. De mensen die hem onderzochten, toen hij door de Israëli’s gevangen genomen was, vonden hem vooral normaal en erg aardig.

[pullquote]Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken.[/pullquote]

Mensen die het systeem waar ze deel van uitmaken niet kunnen bekritiseren, kunnen de gedachte niet verdragen dat ze aan een kakistocratie bijdragen. Zij houden deze daarmee uiteindelijk in stand. Door het simpelweg niet voor mogelijk te houden dat ze bestuurd worden door de slechtsten. 

Is het niet moeilijk om als educated mind een positie aan de universiteit te verwerven en te behouden?

Ik hou mij voldoende aan de regels om er niet uitgegooid te worden, en ik krijg goede evaluaties van mijn studenten. Het is ook niet voor niets dat ik associated professor ben en geen hoogleraar. Als hoogleraar zit je vast aan een vakgebied. Dat wil ik niet. Na vijf jaar wil ik iets anders gaan doen. Ik ben iemand die steeds naar plekken gaat waar iets te ontdekken valt, of dat nu signaalanalyse, cognitiewetenschap, geluidsoverlast of geopolitiek is. Ik kom weleens buiten de comfortzone van mensen. Dat vinden ze niet leuk. Maar dat heb je overal. Niet alleen aan de universiteit. Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken. Als ze echt goed kunnen nadenken heb ik vertrouwen in hun gedachten, hun opinies en de uitkomsten van hun handelen en bemoei ik me niet met wat ze precies denken.

Posted on

AIVD onderschat extreemlinks

NRC Handelsblad publiceerde in de krant van 30 mei jongstleden een analyse over het al of niet gevaarlijke karakter van extreemlinks. De journalist van de avondkrant maakte de analyse op basis van eigen informatie vanuit de inlichtingendiensten. Het artikel laat, onbedoeld wellicht, maar weer eens zien dat de AIVD haar werk niet goed doet.

De analyse van de NRC maakt een op het eerste oog overzichtelijke, maar rare onderverdeling van extreemlinks in vijf groepen, in rangorde van dreiging: anti-Baudet-activisten, anti-Zwarte Piet-activisten, antiglobalisten, dierenactivisten en antifascisten. Het is op z’n minst alarmerend dat mensen binnen de inlichtingendiensten niet schijnen te beseffen dat de harde kern van extreemlinks zich beweegt in al de genoemde activistische groepen. Want de antifascisten die aanslagen pleegden op Janmaat en Fortuyn, zijn dezelfden als die Baudet bedreigen, die rellen veroorzaken tijdens de intocht van Sint-Nicolaas of vooraan staan bij de demonstraties tegen bijvoorbeeld de G20-bijeenkomsten. Bij iedere gelegenheid zijn de ‘nuttige idioten’ ook van de partij, maar de harde activistische kern vinden we overal terug. Behalve in de dossiers van de AIVD.

Volgens de dienst ontwikkelt extreemlinks zich vooral in reactie op extreemrechts. Ergo: als we de laatsten weghalen verdwijnen de eersten ook. Sterk staaltje wishful thinking van de spionnenafdeling, want zo werkt het in de praktijk helemaal niet. Extreemlinks noemt steeds meer personen en organisaties ‘extreemrechts’, omdat ze er baat bij heeft een zo groot mogelijk vijandsbeeld te creëren. Want als de fascisten uitgestorven zijn, vinden de antifa’s ze gewoon ter plekke opnieuw uit. Uiteindelijk is in het wereldbeeld van extreemlinks iedereen die niet tot hun sekte behoort een fascist. Volgens de Duitse terroristen van de jaren zeventig had “de kleinburgerlijke samenleving het fascisme mogelijk gemaakt”.

Daar komt nog bij dat, binnen de dodelijke fantasiewereld van extreemlinks, het ‘verborgen fascisme’ in de maatschappij aan het licht moet worden gebracht. Zodra het ware gezicht van de machthebbers onthuld wordt komen de “onderdrukte massa’s” in beweging en zullen zij de revolutie uitroepen. Bovendien zochten de radicalen juist de confrontatie met politie en andere overheidsfunctionarissen om het “gewelddadig karakter van de staat” te onthullen. De overheid stond voor een onmogelijke keuze: niets doen betekende meer linkse terreur; wel reageren betekende meer linkse terreur. “Wir sagen, natürlich, die Bullen sind Schweine, wir sagen, der Typ in der Uniform ist ein Schwein, das ist kein Mensch, und so haben wir uns mit ihm auseinanderzusetzen. Das heißt, wir haben nicht mit ihm zu reden, und es ist falsch, überhaupt mit diesen Leuten zu reden, und natürlich kann geschossen werden,” zei Ulrike Meinhoff, een van de grondleggers van de Rote Armee Fraktion, in 1970. Er is een duidelijke samenhang tussen het studentenverzet, de buitenparlementaire acties en de extreemlinkse terreur van de jaren zeventig in Duitsland, stelt Gerd Koenen. Koenen was ooit actief in de studentenbeweging en lid van diverse communistische organisaties. Nu schrijft hij als historicus boeiende analyses van die organisaties en heeft hij afscheid genomen van zijn rode idealen. Koenen noemt de ‘beweging van 68’ een “Weltuntergangssekte”, die ervan overtuigd was “dat oorlog en fascisme zowel als de intriges van het kapitaal een bedreiging vormen, en dat men verplicht is deze te stoppen, het beste door middel van een revolutie”.

De AIVD en Bureau Beke uit Arnhem vinden dat de dreiging van extreemlinks niet overschat moet worden. Het is immers maar een reactie op extreemrechts. En die zijn verzwakt door een aantal arrestaties, melden de onderzoekers. Dus hoeven we van extreemlinks niet veel te vrezen, luidt de conclusie. Het lijkt erop dat de veiligheidsexperts zich niet kunnen voorstellen dat extreemlinks een eigen agenda heeft. Dat is de klassieke blinde vlek als het gaat om radicaal-linkse terreur. Het wordt altijd vergoelijkt én onderschat. Terwijl Gerd Koenen de stelling aandurft dat de communistische ideologie de ‘totalitaire conditie’ (met een knipoog naar Hannah Arendt) veel dichter naderde dan het nationaalsocialisme. Maar zo’n historische analyse gaat de NRC-journalist boven zijn pet. Dan liever een gemakzuchtig stukje over dat het allemaal wel meevalt met de linkse radikalinski’s

Posted on

Rood geweld tegen De Rode Hoed

Extreemlinkse activisten gooien met stenen de ruiten van debatcentrum De Rode Hoed in, kalken met verf leuzen op de deuren en spuiten met lijm de sloten van het gebouw dicht. Reden is dat het Forum voor Democratie op vrijdagavond 25 mei haar Renaissancelezing in De Rode Hoed hield. Een beproefde tactiek van de linkse straatterroristen, waarmee ze zonder twijfel weg zullen komen. Want eerder deze week werd bekend dat extreemlinkse activiteiten – waaronder het plegen van aanslagen, het bekladden van huizen, ‘naming and shaming’ en andersoortige bedreigingen – niet of nauwelijks door Justitie worden vervolgd.

De verklaring waarin de antifascisten de aanslag opeisen, ademt de welbekende identiteitspolitiek die zo kenmerkend is voor hedendaags links. “Door fascisten een platform te geven om hun haat en leugens te verspreiden roep je deze vormen van actie over jezelf uit (sic). Met iedere plek waar fascisten mogen spreken neemt het geweld tegen niet witte mensen, mensen die queer zijn en anderen toe. We moeten onszelf verdedigen. Als je ruimte biedt aan fascisten kies je een kant en komen we achter je aan,” ronkt de verklaring. Het is ook een duidelijke oproep tot geweld, tegen objecten, organisaties en personen. En dat is, samengevat, het credo van extreemlinks, zoals de Russische nihilist Sergej Netchajev (1847-1882) dat op schrift stelde in zijn ‘Catechismus van de Revolutionair’ (1869). Dat boek is overigens volgend jaar 150 jaar oud en past daarmee mooi in het rijtje linkse herdenkingsdagen: 100 jaar Russische revolutie, 200 jaar Karl Marx, 50 jaar ‘1968’, 70 jaar Chinese revolutie, 60 jaar Cubaanse revolutie.

“Het doel heiligt alle middelen” is de centrale gedachte van de ‘Catechismus van de Revolutionair’. Dat hebben de Russische anarchisten (Bakoenin was in eerste instantie een vriend van Netchajev) en nihilisten bloedig in praktijk gebracht. En in navolging van hen heeft extreemlinks de vorige eeuw heel wat angst en terreur gezaaid. Om ons te beperken tot Nederland: de krakersrellen die in het voorlaatste decennium van de vorige eeuw de grote steden in Nederland teisterden (Amsterdam, Utrecht, Nijmegen, Groningen), de PSP-jongeren poster “Doe meer, saboteer”, de brand- en bomaanslagen van RaRa, de brand in Kedichem, waar de Centrumpartij van Hans Janmaat vergaderde en waarbij zijn secretaresse Wil Schuurman een been verloor, de moord op Pim Fortuyn, en al die andere gewelddadige acties van extreemlinkse activisten tot nu toe. En tot slot een actuele uit de Verenigde Staten – waar antifascistisch geweld aan de orde van de dag is: “Sabotage Christian Supremacy”…

Het extreemlinkse wereldbeeld is een totalitaire ideologie. “Het is een emancipatiebeweging van een barbaars type, van de ene mens ten koste van de andere, bevrijding door haat, opbouw door vernietiging,” schrijft Erik van Ree in zijn boek ‘De totalitaire paradox’. Van Ree analyseert ook treffend hoe links geweld niet alleen naar buiten toe is gericht, maar ook in de eigen gelederen. Want dezelfde ‘zuiverheid’ die men eist van de samenleving, legt men ook op binnen de eigen organisatie. “Als Stalin of zijn lokale knechten hadden besloten dat met een partijlid zou worden afgerekend, dan werden eerst de zogenaamde activisten bijeengeroepen… Op een dergelijke bijeenkomst werd het aanstaande slachtoffer vogelvrij verklaard. Het jachtseizoen was geopend.” Iedere communistische partij of extreemlinkse actiegroep heeft dit principe toegepast, zowel naar buiten (Janmaat, Fortuyn, Baudet, maar ook wetenschappers als Buikhuisen en Eysenck) als naar binnen.

Terreur zit in de genen van extreemlinks. De jaren 1918-1919 in Duitsland en de eerste jaren van de jaren dertig vorige eeuw in Spanje zijn wat dat betreft verhelderend. In de Nederlandse geschiedenisboeken worden deze jaren aangehaald als het begin van de nationaalsocialistische en fascistische dictaturen van respectievelijk Hitler en Franco. Maar het linkse geweld op straat en de terreur die de activisten uitoefenden tegen personen met een andere mening dwongen de autoriteiten er toe de orde te handhaven of te herstellen. Het was de linkse terreur in Spanje in 1934 die ertoe leidde dat het leger onder leiding van Franco moest ingrijpen. De Spaanse burgeroorlog begon al in 1934, niet twee jaar later. De Spaanse journalist Pio Moa was ooit lid van de radicaallinkse terreurgroep Grapo (verantwoordelijk voor 84 doden en een groot aantal ontvoeringen), maar werd later verdediger van Franco en zijn militair optreden. Hij heeft een aantal boeken geschreven over de mythen van de Spaanse burgeroorlog en de rol van links daarin.

Op internet staat een video van een lezing van Moa in 2008 op de Universiteit Carlos III in Madrid. Linkse activisten verstoren de toespraak en vallen Moa aan. Tijdens het geschreeuw zegt Moa dat we hier een voorbeeld zien van de Republikeinen zoals ze in de jaren dertig in Spanje waren en waarom hun revolutie mislukt is. “Het is de geest van de Tsjeka,” zegt hij. Er loopt een bloedrode lijn vanuit Netchajev naar Franco, Janmaat en Fortuyn en Baudet. In dat opzicht is de naam van het object van het extreemlinkse geweld in Amsterdam afgelopen week wel treffend.

Posted on

Joelen en klappen voor Angela Davis

“Tweeduizend jongeren joelen en klappen als Angela Davis opkomt”, schreef dagblad Trouw over het bezoek van Davis aan de Sorbonne in Parijs, op 3 mei jl. Het was die dag exact 50 jaar geleden dat de studentenopstand in Parijs begon. Met de actievoerende jongeren anno 2018 joelde de Trouw-verslaggeefster mee. Het portret dat de krant op 8 mei publiceerde is een hagiografie van een zwarte activiste die ooit – en waarschijnlijk nog steeds – de Verenigde Staten graag als ‘Amerikkka’ typeerde (de kkk behoeft hier verder geen uitleg).

Trouw omschrijft de Black Panther-beweging als “een organisatie die streed voor de rechten van zwarte mensen”. Dat lijkt een club met een nobel doel, zoiets als Martin Luther King Jr., maar niets is minder waar. De Black Panther Party was een terroristische organisatie die er niet voor terugschrok politieagenten neer te schieten, maar ook, naar goed radicaal links gebruik, mensen uit de eigen beweging die men ‘verdacht’ vond. Laat Angela Davis nu begin jaren zeventig nauw betrokken zijn geweest bij de Black Panthers. Voor schrijver David Horowitz, ooit een links icoon en medestrijder van Angela Davis en de Black Panthers, was de moord op een vriendin van hem door Panther-activisten het begin van zijn werdegang. Hij bekeerde zich van het marxisme – en alle bevrijdingstheorieën die daarmee verwant zijn – stemde in 1984 op Reagan en verkeert nu in neoconservatieve kringen.

Davis ging onverschrokken voort in de marxistisch geïnspireerde zwarte beweging. Terwijl de meeste communistische sympathisanten na de inval van het Sovjetleger in Praag in 1968 twijfels kregen over het ‘reëel bestaande socialisme’, sloot Davis zich in dat jaar juist aan bij de Communistische Partij van de Verenigde Staten. Geen onverwachte keuze, want van jongs af aan verkeerde zij al tussen een aantal bekende communisten, zoals Herbert Aptheker (de partij-ideoloog) en Herbert Marcuse. In 1970 kwam ze op de opsporingslijst van de FBI nadat ze betrokken was bij de gijzeling in een rechtbank. Doel van de gijzeling was de vrijlating van Black Panther George Jackson, die gevangen zat in de Soledad-gevangenis. Zijn boek over zijn gevangenistijd, Soledad Brother, werd een internationale bestseller. De Nederlandse vertaling (1971) in de ‘Kritiese Bibliotheek’ van uitgevers De Bezige Bij en Van Gennep stond op vele boekenplankjes in studentenkamers. Tijdens de gijzeling werd rechter Harold Haley door zijn hoofd geschoten met een geweer dat op naam stond van Angela Davis. Het activistische verhaal – dat ook terug te vinden is op Wikipedia en bijvoorbeeld in het Historisch Nieuwsblad – pleit Davis vrij van de moord. Maar tijdens het proces in 1972 waarin ze terecht stond, trad Davis op als haar eigen advocaat. Dit betekende dat ze niet aan een kruisverhoor onderworpen kon worden en zelf een aantal getuigen kon oproepen die haar alibi – een partijtje Scrabble op kilometers afstand van de gijzeling – bevestigden. Al die getuigen waren trouwe communisten. Getuigen a charge werden door Davis en haar medestanders weggehoond: ze waren blank, dus konden geen betrouwbaar getuigenis geven. Davis werd vrijgesproken, waarna ze de lieveling van radicaal links wereldwijd werd. Overal werd ze als een ‘martelaar voor de goede zaak’ onthaald. Tegenwoordig is ze overigens actief in de beweging ‘The Prison-Industrial Complex’, die alle gevangenen met een minderheidsachtergrond wil vrijlaten, omdat “ze politieke gevangenen zijn van de racistische Verenigde Staten”.

In 1979 ontving ze in de DDR de ‘Internationale Lenin Prijs voor de Vrede’ (voorheen de Stalin Prijs voor de Vrede). Ze was kandidaat vice-president voor de Communistische Partij tijdens de verkiezingen in 1980 en 1984. Ze steunde de inval in Tsjechoslowakije in 1968 en in Afghanistan in 1979. Pas in 1991 werd ze uit de partij gezet nadat ze afstand had genomen van de coup tegen Gorbatsjov.

Niet dat ze haar marxistische idealen aan de wilgen heeft gehangen. Na het uiteenvallen van de Sovjetunie in 1992 vormde Davis met communistische medestanders de ‘Committees of Correspondence’. Typerende naam voor een klassieke communistische mantelorganisatie, want de comités hebben als doel “het bevorderen van democratie en socialisme” oor middel van acties, seminars op universiteiten, stakingen, burgerlijke ongehoorzaamheid, etc. In 2008 steunde het comité de campagne van Barack Obama.

Davis is hoogleraar ‘History of Consiousness’ aan de Universiteit van Californië. De naam geeft treffend het cultureel marxistisch curriculum aan dat de studenten kunnen volgen. Een greep: African and African American Studies, ethnic studies, queer theory, feminism, disability studies, histories and theories of race and racialization, animality studies, post-colonial studies, Marxism, psychoanalysis, globalization, history of movements of the left and right, environmentalism, popular culture, cultural studies. Davis’ coming-out als lesbiënne past in dit cultureel marxistische gedachtengoed. Voor haar was het “een politiek statement”, zei ze zelf. Wel gemakkelijk gezegd voor iemand die zich uitspreekt voor een “radicale omverwerping van de kapitalistische klasse”, met een salaris van zes cijfers en een honorarium voor spreekbeurten dat ligt tussen de tien en twintigduizend dollar.

Van 12 tot en met 17 mei is Angela Davis in Nederland voor een aantal spreekbeurten. Ze is een week lang te gast in het programma ‘Moving Together: Activism, Art, and Education – A Week with Angela Davis’, waarin “het werk van Angela Davis centraal staat en dat een divers programma voor een breed publiek biedt”, aldus de organisatoren (waarin bekende namen als Amal Alhaag, Quinsy Gario, en Bojana Mladenović). Davis neemt deel aan het programma-onderdeel ‘Public Dialogue: Radical Solidarity and Intergenerational Coalitions’, en verzorgt de belangrijkste speech, waarin ze ongetwijfeld zal ingaan op identiteitspolitiek, feminisme, intersectionaliteit en andere postmoderne en verhuld marxistische nachtmerries.

Opmerkelijk is dat de week vol politiek activisme een initiatief is van SNDO, School voor Nieuwe Dansontwikkeling. Waarschijnlijk gaan de deelnemers veel joelen en klappen.

Posted on

Wat Hubert Smeets niet snapt over ’68 en cultuurmarxisme

1968, dit jaar 50 jaar geleden. De eerste herdenkingsnummers liggen al in de winkel. Hubert Smeets, Oost-Europa expert en columnist van NRC Handelsblad, doet op een van de eerste dagen van dit jubileumjaar in zijn krant ook een duit in het zakje. Zijn insteek is niet de opstandige minderheid van studenten die in dat jaar de straten en universiteiten van een groot aantal westerse steden bezette, maar het ‘cultuur-marxisme’. Volgens de oud-correspondent maken “nieuwrechtse denkers in Europa en Amerika” een fout door de geest van ’68 te zien als “als bron van al het kwaad dat ons teistert”. 1968 was juist “een kraamkamer voor krachten waaraan het marxisme ten onder zou gaan”.

Smeets maakt niet alleen een karikatuur van het begrip ‘cultuur-marxisme’, hij laat ook zien dat hij er niets van heeft begrepen. De voorbeelden die hij noemt – Dubcek in Tsjechoslowakije, Michnik in Polen en Sacharov in de Sovjetunie – zijn volstrekt willekeurig. Want 1968 was ook het jaar van het Tet-offensief in Vietnam, waarmee de communisten in Hanoi lieten zien dat ze nog lang niet verslagen waren. 1968 was ook het jaar waarin Mao Zedong, dankzij de Culturele Revolutie die hij twee jaar eerder had uitgeroepen, zijn macht over de Communistische Partij versterkte. 1968 tenslotte was ook het jaar waarin de Khmer Rouge, een tot dan toe onbekende illegale beweging, voor het eerst een landelijke opstand in Cambodja ontketende. Maar deze gebeurtenissen verdonkeremaant Smeets, omdat ze niet in zijn kraam te pas komen. Iets wat hij de critici van de geest van ’68 juist verwijt.

Want voor die critici, die het begrip ‘cultuur-marxisme’ hebben gemunt, is het jaartal 1968 slechts een symbool. De geest van ’68 mag dan wel in dat jaar met veel rumoer van zich laten horen, de geestelijke wortels van de studentenbeweging reiken veel dieper in de geschiedenis. Historici van het beruchte decennium noemen daarvoor een instituut, de Frankfurter Schule. Deze groep van Duitse sociologen en filosofen begon voor de Tweede Wereldoorlog vanuit een marxistische visie kritiek te leveren op maatschappelijke structuren. Na hun vlucht naar de Verenigde Staten na de machtsovername van Hitler cs. vonden de ideeën van Horkheimer, Adorno, Marcuse en Fromm steeds meer ingang op de Amerikaanse universiteiten. Hun boeken gingen in de jaren zestig van hand tot hand.

De kritiek op de soixant-huitards – getypeerd als ‘cultuur-marxisme’ – richt zich niet op de voormalige socialistische heilstaten in het oosten. De kritiek richt zich op de macht van de babyboomers in de media en het onderwijs in westerse landen. In het Oostblok heeft de bevolking zich op eigen kracht vrijgevochten van het communistische juk. In het Westen heeft het (cultuur)marxisme tot in de diepste poriën van de samenleving haar invloed doen gelden (een overwinning waar de communistische machthebbers van toen alleen maar over konden dromen). En de ironie, die Smeets ook niet noemt, is dat de voormalige Oostbloklanden politiek gezien duidelijk afstand nemen van de ‘cultuur-marxistische’ verworvenheden, terwijl de met Mao-vlaggen zwaaiende en met Che Guevara-buttons getooide vertegenwoordigers van de generatie van 1968 vijf decennia lang hun invloed uit konden oefenen in de westerse samenlevingen. Op dat laatste richt de conservatieve kritiek anno 2018 zich.

Posted on

“Ik hou heel erg van Russen”

Bas van der Plas woont in de stad Narva in Estland, op 100 meter afstand van de Russische Federatie. “Ik heb de NAVO al gezegd dat ze hier geen troepen hoeven stationeren, want ik kijk goed uit mijn raam en als ik de Russische tanks zie aankomen dan bel ik wel even”, aldus de schrijver annex activist.

Hoewel zeer kritisch over de NAVO, het buitenlandbeleid van de VS en de ‘koude oorlogsjournalistiek’ van de Westerse media, kan Van der Plas onmogelijk verdacht worden van pro-Poetin-sympathieën. “Op 7 mei wordt Poetin president van een politiestaat”, twitterde hij in 2012 vanuit zijn toenmalige woonplaats Sint-Petersburg. “Tijd om te vertrekken. In de herfst ben ik hier weg.”

Het is een zienswijze die je in Nederland niet vaak aantreft. Althans niet in de mainstreammedia, waarin het anti-Poetin-geluid vrijwel altijd gelijk opgaat met een pro-NAVO, pro-liberale en pro-VS ideologie.

Bas van der Plas stelt in zijn laatste boek, gewijd aan de oppositie in Rusland, dat de VS protesten aansturen, via liberale partijen die nauwe betrekkingen onderhouden met het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Tegelijk beweert hij dat de protesten, die ‘in aantal en kracht toenemen’, een getrouwe afspiegeling zijn van de maatschappelijk onvrede die zou heersen onder brede lagen van de bevolking, over onder meer de stijgende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse oneerlijk verlopen verkiezingen. Vandaar de titel van het boek, Hij maakt alleen de dood leefbaarder, die Van der Plas ontleende aan de tekst die hij op een spandoek zag van een oudere dame die in Sint-Petersburg demonstreerde tegen Poetin.

In de bijlage van zijn boek heeft Van der Plas een opmerkelijk document opgenomen, getiteld De Witte Revolutie, waarvan hij zegt dat het circuleert in liberale kringen. In het document wordt beschreven hoe de liberalen de macht willen grijpen in Rusland. Onder meer door te infiltreren in de redacties van kranten, radio en tv. Volgens het document zou de oppositie de ‘hoogwaardige media’ inmiddels al domineren.

Het is weer bijna Kerst. Ik las vorig jaar op uw Facebook-pagina dat er dan jaarlijks bij uw woonplaats Narva een opmerkelijk vredesinitiatief plaatsheeft?

De Russische Kerstman ontmoet dan op de brug boven de grensrivier de Narva de Estse Kerstman. Die brug wordt genoemd: de Brug van de Vriendschap. Het is om aan te tonen dat het wel meevalt met die zogenaamde vijandigheid tussen de twee landen.

Die Estse Kerstman is niet toevallig een etnische Rus?

Nee, een Est. Een groot deel van de Russen in Estland heeft na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie de Estse nationaliteit aangenomen.

De Esten hebben volgens u geen Russische inval te vrezen?

Hier in Narva krijgen we regelmatig Westerse journalisten op bezoek die duidelijk proberen te maken dat de etnische Russen in Estland een soort vijfde colonne van Poetin vormen. Dat slaat nergens op. Het is propaganda om te rechtvaardigen dat de NAVO troepen plaatst en oefeningen houdt in de Baltische staten.

In 2015 was er in Narva een militaire parade van de NAVO. Het wrange was: Die parade begon op 10 meter van de Russische grens. Dat was een duidelijke provocatie aan het adres van de Russen. Van militair machtsvertoon aan de Russische kant van de grens met Narva heb ik nooit iets gemerkt.

Boze brieven schrijven naar de krant heeft geen zin. Die worden toch niet geplaatst. Zoals mijn ingezonden brief aan Trouw over een tendentieus artikel in die krant over Narva. En lees ook vooral mijn open brief aan mijn vrienden en kennissen in Nederland, getiteld Laat je niet ongerust maken door de oorlogshitserij van de Nederlandse media! 

Maar aan een vergelijking tussen de Nederlandse en Russische media wilt u zich niet wagen?

Ik lees met enige regelmaat vier Russische kranten: Novaya Gazeta, Sovetskaya Rossiya, Rossiyskaya Gazeta en Nezavisimaya Gazeta. Ik kijk ook dagelijks op televisie naar de uitzendingen van Vesti, Vremya en Segodnya. Maar van de Nederlandse kranten lees ik alleen nog wat ik toegestuurd krijg van vrienden en kennissen in Nederland, en wat ik voorbij zie komen op Facebook. Via Uitzending Gemist kijk ik nog wel eens naar het NOS Journaal. Dat heeft mij regelmatig bloeduitstortingen aan mijn voeten opgeleverd omdat ik mijn tenen tegen elkaar moest knijpen als ik David Jan Godfroid weer over Rusland hoorde. De suggesties en de verdachtmakingen vliegen je om de oren. Zoals toen met MH17. Godfroid meldde vanuit het oosten van Oekraïne dat “de rebellen enkele dagen de tijd hadden gehad om bewijsmateriaal te laten verdwijnen.” Hij vervolgde: “Ik zeg niet dat ze dat gedaan hebben, maar het zou zomaar kunnen.” Dat is dan het niveau van ‘nieuwsgaring’ over de tragiek van bijna 300 mensen. Het is valse stemmingmakerij, en hij doet dat regelmatig. Hetzelfde gebeurde met zijn voorganger, Peter d’Hamecourt, die er dezelfde verborgen agenda op na hield. De enige tv-correspondent voor wie ik nog enige waardering kon opbrengen was Jeroen Akkermans van RTL4 vanwege zijn open manier van verslaggeving. 

Wat is dan de verborgen agenda van Godfroid en d’Hamecourt? En waarom denkt u dat ze die hebben?

Zij moeten een bepaald beeld in Nederland neerzetten over hoe de situatie in Rusland is, om bijvoorbeeld de sancties tegen Rusland te rechtvaardigen.

U denkt dat ze aangestuurd worden?

Dat zou kunnen. 

Hoe ziet u de website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink die hiervoor drie ton subsidie hebben gekregen van het Rijk?

Ik heb een paar boeken gelezen van Laura Starink en Hubert Smeets, en ze schrijven op zich best goed en ik ben het ook in sommige opzichten met ze eens. Maar dat ze zich verbonden hebben aan Raam op Rusland heeft mijn woede gewekt. Met die drie ton belastinggeld hebben ze hun onafhankelijkheid verkwanseld. Daarbij kan ik Laura Starink ook niet meer serieus nemen vanwege haar propagandistische boekje over Oekraïne. Dat verscheen in de aanloop naar het referendum van 2016 en was alleen maar bedoeld om mensen ervan te overtuigen dat ze moesten stemmen voor het associatieakkoord.

We gaan het over uw boek hebben. U stelt daarin dat de VS protesten aansturen via liberale partijen in Rusland. Waaruit blijkt dat? En wat willen ze er mee bereiken?

Er lopen diverse geldstromen naar de liberale oppositie, onder meer via de Amerikaanse ambassade in Moskou en organisaties die gelieerd zijn aan met name kringen rond personen uit de Democratische Partij als Hillary Clinton en Madeleine Albright. Er is bijvoorbeeld een fonds, Democracy Promotion Community, waaruit diverse organisaties worden gefinancierd, waaronder USAID, National Endowment For Democracy, The Orange Ring en Freedom House. Dat soort organisaties maakt zich sterk voor politieke veranderingen in de Russische Federatie.

Het zijn organisaties die de democratie willen bevorderen in Rusland en in andere landen. Dat betekent niet noodzakelijk dat ze aansturen op protesten, onrust en revolutie.

Juist wel. Want kijk hoe dat gegaan is in onder meer voormalig Joegoslavië, Georgië, Tadzjikistan en Oekraïne.

U merkt in uw boek op dat, hoewel de protesten tegen Poetin vooral georganiseerd worden door de liberalen, het complete politieke spectrum van Rusland er aan deelneemt. Toch maakt dit de liberalen er niet populairder op. Ze blijven een marginale politieke groepering. Hoe verklaart u dat?

Liberalisme en democratie worden in Rusland nog steeds heel sterk geassocieerd met de Jeltsin-periode, toen mensen hun spaargeld en werk kwijtraakten, de roebel zijn waarde verloor, de kosten voor levensonderhoud heel erg stegen, de maffia de macht overnam en de oligarchen opkwamen. Zie mijn boek over de Russische maffia, waarin ik beschrijf hoe in de jaren negentig de georganiseerde misdaad een samenwerking aanging met hoge ambtenaren die doorgaven welke maatregelen er aan kwamen en jonge economen die wisten hoe een kapitalistische maatschappij functioneert.

Is het terecht dat de liberalen van nu in verband gebracht worden met wat er in de jaren negentig is gebeurd?

Dat niet. Maar ze hebben nog wel steeds die naam. Het zit bij de mensen nog stevig verankerd tussen de oren. Het is nog maar kort geleden. De liberalen, of eigenlijk de democraten, want zo worden ze in Rusland genoemd, zijn tot zondebok gemaakt.

U heeft in uw boek een opmerkelijke bijlage opgenomen. Een vertrouwelijke document getiteld De Witte Revolutie, waarvan u zegt dat het in liberale kringen rondgaat, en waarin beschreven staat hoe ze de macht willen overnemen in Rusland. Weet u zeker dat dit een authentiek document is, en niet zoiets als de Protocollen van Zion, bedoeld om een bepaalde groep mensen zwart te maken? 

Ik weet zeker dat het authentiek is. Ik heb het gekregen van mensen die actief zijn in die bewegingen.

Het is niet op internet te vinden?

Dat weet ik niet. Ik denk het niet, want het is mij gepresenteerd als een vertrouwelijk document dat in besloten bijeenkomsten besproken is.

Het is nog niet gelekt naar de Russische pers?

Natuurlijk niet.

U heeft dus de primeur?

Ik ben geen journalist. Ik houd mij niet met primeurs bezig. Ik heb het bij toeval in handen gekregen. Ik heb een groot en breed netwerk in Rusland, dat ik heb opgebouwd via het reisbureau Czarina dat ik jarenlang heb gehad.

Waarom denkt u dat ze u het document hebben toegespeeld? Omdat ze in u een liberaal of democraat vermoeden?

Dat in elk geval niet. Ik had zelf een klein partijtje in Rusland dat bestond uit maar acht leden. Ik heb nooit een geheim gemaakt van mijn politieke overtuiging.

Wat is dan uw politieke overtuiging?

Ik was revolutionair socialist en tegenwoordig ben ik anarcho-socialist. Als revolutionair socialist streef je naar een voorhoedepartij en een sterke staat die de voorwaarden moet scheppen om het socialisme te bereiken. Als je naar de Russische geschiedenis kijkt, dan zie je wat er gebeurt als zo’n partij de macht overneemt. Ik heb het revolutionaire socialisme afgezworen. Het gaat mij er nu om dat mensen vanuit de onderste lagen van de bevolking tot zelfbeheer komen. Daar past geen voorhoedepartij bij en ook geen sterke staat.

Hoe ziet u het document van de Witte Revolutie?

Het document bevat niet alleen een stapsgewijs plan over hoe van Poetin af te komen, maar ook een analyse van de huidige situatie. Zo wordt gesteld dat de oppositie al een belangrijk deel van de sociale media en de ‘hoogwaardige media’ domineren. Genoemd worden: Novaya Gazeta, The New Times, Vedomosti, Moskovsky Komsomolets, Ogonyok, Nezavismaya Gazeta, Echo van Moskou, REN TV en een deel van Kommersant. Als enige hoogwaardige kranten die nog op de hand van de autoriteiten zijn worden genoemd: Komsomolskaya Pravda, de Rossiyskaya Gazeta en een deel van de Izvestia.

Ziet u dat ook zo? Domineren de liberalen de belangrijkste media? Laten de genoemde media een duidelijk liberaal geluid horen?

Toen Garri Kasparov het in de Russische presidentsverkiezingen opnam tegen Poetin beklaagde hij zich er over dat hij geen enkele toegang had tot de Russische media.

Was het terecht dat hij zich hierover beklaagde? Had hij geen toegang tot de Russische media?

Voor een deel niet.

Dus de Russische autoriteiten hoeven zich geen zorgen te maken over de liberale infiltratie van de sociale media en kwaliteitsmedia?

Ik denk het niet. In elk geval niet zolang de overheid nog de belangrijkste televisiekanalen in handen heeft. Ze hebben daarmee een belangrijk propagandamiddel in handen. De meeste mensen in Rusland laten zich informeren over het nieuws via de televisie. Ik kijk daar met kromme tenen naar. Zoals afgelopen maandag, naar het Russische journaal op Kanaal 1 dat een half uur duurt. Het ging een kwartier lang over het feit dat Poetin in Syrië was, daarna acht minuten over een nieuwe televisieserie en tussendoor nog even een halve minuut over een aanslag in New York. Dat was dan het nieuws. Dat is dus de manier waarop het gros van de Russische bevolking geïnformeerd wordt.

Daarnaast is het zo dat de mensen die buiten de grote steden wonen nauwelijks landelijke kranten lezen, maar wel de regionale en lokale kranten. Ik lees die ook graag, omdat de inhoud ervan minder wordt aangestuurd en gecontroleerd door de liberalen of de Poetin-clan. De journalisten van die kranten functioneren redelijk zelfstandig. Ik vind het belangrijkere bronnen dan de grote kranten.

Over de liberale oppositieleider Aleksej Navalny, die het in de presidentsverkiezingen van maart 2018 wil opnemen tegen Poetin, wordt in het document gezegd dat hij niet de juiste figuur is om de  Witte Revolutie te leiden. Men lijkt te wachten op een soort Verlosser?

Eigenlijk wel ja.

Komt het document over de Witte Revolutie uit een Amerikaanse koker?

Het zou kunnen. Ik kan het niet zeggen.

In welke vorm heeft u het ontvangen?

Op een CD-ROM. Het beslaat ongeveer 40 pagina’s. In mijn boek staat alleen een samenvatting. Poetin wordt in het document overigens geen Poetin genoemd, maar ‘VVP’, dus bij zijn initialen, Vladimir Vladimirovitsj Poetin. Ik heb het vertaald naar ‘Poetin’.

Over naar een ander onderwerp: de maatschappelijk onvrede in Rusland, waarvan u zegt dat die breed leeft en grotendeels te verklaren is uit de dalende levensstandaard. U schrijft dat er fors is bezuinigd op sociale voorzieningen; dat de kosten voor het levensonderhoud al jaren sneller stijgen dan de lonen en uitkeringen; dat de lonen steeds vaker vaak niet of niet op tijd worden uitbetaald; en dat steeds meer mensen steeds zwaarder in de schulden komen te zitten.

Op 18 maart 2018 zijn er weer verkiezingen, dus we kunnen voor die datum weer een verhoging van de pensioenen tegemoet zien, om Poetin in een gunstig daglicht te stellen. Maar geen enkele verhoging van de pensioenen compenseert de sterk gestegen kosten voor het levensonderhoud. Ik ben getrouwd met een Russische vrouw. Zij was wetenschapster en ontvangt nu een Russisch pensioen van 120 euro per maand. De woonlasten van de flat die ik met haar bewoonde in Sint-Petersburg bedragen inmiddels 70 euro per maand. Blijft over 50 euro in de maand om van te leven. Zo zijn er dus heel veel mensen in Rusland. Ik heb een groot netwerk van Russen uit alle lagen van de bevolking, werknemers, werklozen, gepensioneerden, geslaagde zakenlieden, stedelingen, mensen in de provincie. Iedereen klaagt over sterke stijging van de woonlasten en de prijzen in de winkels.

De onvrede is te begrijpen. Maar is het terecht de overheid de schuld te geven? U schrijft zelf in uw boek dat de economische problemen van Rusland grotendeels het gevolg zijn van externe factoren: de gedaalde olieprijzen en de Westerse sancties. De inkomsten voor de overheid zijn daardoor flink afgenomen. 

Dat klopt. Maar het geld dat er is wordt op een verkeerde manier uitgegeven. Want wie van de Russische bevolking heeft gevraagd om Olympische Winterspelen en om een WK Voetbal? Het nieuwe voetbalstadion in Sint-Petersburg heeft maar liefst een miljard dollar gekost, en de helft van dat bedrag is verdwenen in de verkeerde zakken.

Maar de overheid kan er toch niks aan doen als de lonen niet of niet op tijd worden uitbetaald?

De overheid zou dan moeten bijspringen. Dat kan ze doen als er niet zoveel winst vanuit de bedrijven zou verdwijnen naar het buitenland, via Cyprus en andere offshore constructies. Zie de Panama Papers en de Paradise Papers.

Poetin heeft niks gedaan tegen de belastingvlucht? In de eerste jaren van zijn presidentschap maakte hij naam met gemaskerde politieteams die binnenvielen bij machtige bedrijven.

Dat was alleen maar schijn. In werkelijkheid veranderde er niets. Het heeft niet geleid tot minder belastingontduiking van de grote bedrijven.

Als oorzaak voor de groeiende maatschappelijke onvrede wijst u in uw boek ook naar de sociale ongelijkheid. U spreekt over een ‘staatskapitalistische onderneming’ en over een ‘ongebreidelde zelfverrijking van de Kremlin-clan’. U verwijst naar het Global Wealth Report 2016 waaruit blijkt dat er in geen ander land ter wereld zoveel rijkdom in handen is van zo weinig mensen. Niettemin wordt Poetin nog steeds gezien als de man die de macht van de oligarchen heeft gebroken die zich onder Jeltsin het land hadden toegeëigend.

De macht van een paar oligarchen is gebroken, waaronder die van de inmiddels overleden Boris Berezovski. Hetzelfde verhaal met Michail Chodorkovski. Maar bijvoorbeeld Roman Abramovitsj spreidt nog steeds zijn rijkdom ten toon, en zo zijn er nog een paar. Je kunt in Rusland gerust een oligarch zijn, als je Poetin maar met rust laat, geen politieke aspiraties toont en wat douceurtjes aan de Russische staat gunt. Zie Alisjer Oesmanov. Die werd aanvankelijk bedreigd met eenzelfde proces als Chodorkovski vanwege zogenaamde belastingontduiking. Die heeft dat afgekocht door de complete kunstcollectie van de cellist Mstislav Rostropovitsj te kopen en die cadeau te doen aan de Russische staat. De collectie staat nu tentoongesteld in het paleis dat Poetin zich heeft toegeëigend in het paleis net buiten Sint-Petersburg.

Rekent u het Poetin persoonlijk aan dat er in Rusland zo’n grote sociale ongelijkheid bestaat? Die was er toch al voor Poetin?

Toen Poetin eind 1999 aan de macht kwam, werd hij gezien als de man die orde op zaken zou stellen en een einde zou maken aan het zogeheten ‘junglekapitalisme’ van Boris Jeltsin. Die belofte heeft hij voor een deel ingelost. Hij heeft gezorgd voor rust en orde in het land. Zo heeft hij met de verhoging van de salarissen van de politie een einde gemaakt aan de ergste uitwassen van de corruptie binnen het politiekorps. En zoals gezegd: Hij is de strijd aangegaan met Berezovski en Chodorkovski. Dat is in het collectieve geheugen gegrift. Hij wordt daarom nog steeds door velen gezien als de redder des vaderlands. Ze zien over het hoofd dat Poetin het met de overige oligarchen heeft laten afweten; dat hij het met ze op een akkoordje heeft gegooid.

Toch geniet Poetin nog steeds een grote populariteit in Rusland.

Dat heeft dus te maken met de successen uit zijn eerste jaren als president. Maar het heeft er ook mee te maken dat er geen alternatief is. Er is geen tegenkandidaat die een serieuze kans maakt op het presidentschap.

Waarom is er geen serieuze tegenkandidaat? Is dat omdat bijvoorbeeld Aleksej Navalny niet mag meedoen aan de verkiezingen?

Het is allerminst zeker dat Navalny niet zal meedoen aan de verkiezingen. Van een adviseur uit het Kremlin hoorde ik dat overwogen wordt hem toch mee te laten doen. Dit om een democratisch tintje te geven aan de verkiezingen, en ook omdat hij gezien wordt als ongevaarlijke kandidaat en zijn deelname de aandacht zou kunnen afleiden van de serieuzere kandidaten.

Heeft Poetin zijn populariteit misschien ook te danken aan het oprukken van de NAVO en de manier waarop hij hierop heeft gereageerd?

Dat denk ik niet. Russen zijn niet bang voor de NAVO. Dat is omdat het Kremlin al heel lang benadrukt dat Rusland een sterke natie is, die veel geld uitgeeft aan de ontwikkeling van nieuwe wapensystemen. Dat wordt ook breed in de pers uitgemeten.

Poetin heeft zich wel populair gemaakt inzake Oekraïne en de Krim?

Daar wel mee. Het was een welkome afleiding voor de belabberde economische situatie.
Maar even terug naar de Jeltsin-periode: Rusland werd toen als een derderangs-natie beschouwd, zonder enige macht internationaal. Onder Poetin werd Rusland terug op de kaart gezet als wereldmacht. Dat was belangrijk voor de Russen. Er is niemand die in een ondergeschikt, derde wereldland wil leven.
Poetin was de juiste man op de juiste plaats, maar die tijd is voorbij. Ik heb de hoop dat de Russische bevolking tot een andere keuze gaat komen.

Uit uw boek spreekt teleurstelling over de linkse oppositie in Rusland. De liberalen gaan voorop in het protest, de Communistische Partij is niet echt communistisch meer en de autoriteiten hebben geweigerd Links Front mee te laten doen aan de verkiezingen.

Ik ben teleurgesteld, niet alleen in de linkse oppositie in Rusland. Ik ben teleurgesteld in de linkse oppositie in de hele wereld. Als ik naar Nederland kijk dan zie ik ook geen enkele linkse partij meer.

In mijn adolescentie werd ik links. Toen ik in de twintig was had ik de overtuiging dat ik tijdens mijn leven nog een andere maatschappij zou meemaken. Ik maak nu een andere maatschappij mee, maar precies het tegenovergestelde van wat ik voor ogen had.

Maar het komt wel weer. Ik blijf hoop houden en ik blijf trouw aan mijn idealen. Van de onlangs overleden PSP-voorman Fred van der Spek, die in een interview erkend heeft dat hij in zijn leven niks heeft bereikt, heb ik het adagium overgenomen ‘Ik wankel niet in mijn overtuiging’. Je kunt toch niet, zoals veel linkse mensen gedaan hebben, van de ene op de andere dag lid worden van D66? Of van een neoliberale club als GroenLinks?

Hoe is uw interesse ontstaan voor Rusland?

Ik heb een tijd gewoond met mijn ouders in Amsterdam-Noord. Daar had je de Oostzanerdijk. Vandaaruit kon je op de fiets naar Zaandam. Daar had je houtzagerijen, en daar lagen schepen uit Rusland die hout kwamen brengen. Ik ben toen als jongetje, een beetje brutaal, de loopplank van zo’n Russisch schip opgelopen. Ik werd daar hartelijk ontvangen door de matrozen. Ik kreeg thee, koekjes en ze gaven mij Russische kopeken. Ik vond dat heel exotisch. Ik heb daarna nog een paar keer dat soort bezoeken gebracht, en heb toen mijn vader gevraagd of hij voor mij een boekje wilde kopen over de Russische taal, Hoe en wat zeg je in het Russisch? Ik leerde zo met handen en voeten met die scheepsbemanningen communiceren. In 1973 ben ik voor het eerst naar Moskou gegaan om bij het Poesjkin Instituut een cursus Russisch te volgen, daarna nog een vervolgcursus. In 1978 heb ik INSUDOK, een informatie en documentatiecentrum over de Sovjet-Unie, opgezet. En zo is het eigenlijk allemaal een beetje gaan lopen.

Ik hou heel erg van Russen. Ze zijn heel warm in vergelijking met Nederlanders. Ik keek laatst naar een uitzending van Nieuwsuur. Die opende met de vraag: ‘Wat kost een dag sneeuw in Nederland?’ Dat is dus typisch Nederlands, het gaat altijd in de eerste plaats over de kosten, en daarna pas over wat het voor mensen betekent. Dat zal je in Rusland nooit meemaken.

Een ander voorbeeld: uitvaarten. Ik was twee weken geleden in Nederland vanwege het overlijden van mijn moeder. Mijn vrouw, die voor het eerst zoiets meemaakte in Nederland, was verbijsterd. Je komt in zo’n uitvaartcentrum, er wordt een toespraak gehouden, na afloop krijg je twee kopjes koffie en een koekje, en dat was het dan. Terwijl in Rusland ga je met z’n allen naar een restaurant of ergens anders heen, om uitgebreid te eten. Voor de overledene wordt ook nog een bordje neergezet en een glaasje wodka ingeschonken Er wordt op hem of haar een toast uitgebracht. Het blijkt dan dat degene die overleden is een hele belangrijke plek innam en ook blijft innemen.

Ik voel mij tegenwoordig meer Rus dan Nederlander, juist vanwege de warmte die je van Russische mensen krijgt, en vanwege de meer intense verhoudingen zonder dat er ook maar over geld of wat dan ook gesproken wordt. Eén van de grootste complimenten die ik ooit gekregen heb was van mijn zwager die zei: ‘Bas is geen buitenlander, hij is één van ons.’ Het is sowieso het mooiste compliment dat je kunt krijgen daar. 

Hij maakt alleen de dood leefbaar is verkrijgbaar via bol.com voor €20,95 (incl. verzendkosten binnen Nederland).

Voor een gesigneerd exemplaar aangetekend verstuurd vanuit Estland: maak €25 over op rekeningnummer NL37INGB0002142763 ten name van B.H.K. van der Plas, onder vermelding van ‘oppositie’ of ‘oppositie gesigneerd’ en de eigen adresgegevens.

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is het laatste deel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eerder verschenen in deze reeks:

Posted on

Metro 2033 – Een dystopische toekomst met kenmerken van het Russische verleden

In 2002 verscheen op de website van Dmitry Glukhovsky het boek Metro 2033 in delen online. Het boek was volledig gratis te lezen, en is dat in het Russisch nog steeds. De spelontwikkelaars 4A Games maakten er een succesvolle tweedelige spellenreeks van (Metro 2033 en Metro: Last Light). Naar aanleiding van deze spellen werd het boek in het Engels vertaald, waardoor het beschikbaar werd voor de niet-Russischtaligen onder ons. Voor velen in het Westen geeft het een inzicht in de Russische psyche en visie op mens en maatschappij.

Het boek speelt zich af in het jaar 2033, zoals de titel al aangeeft, en is een dystopische roman. Vaak kan men via utopieën en dystopiëen een inzicht krijgen in het tijdperk waarin ze geschreven zijn. In de Angelsaksische wereld is uit het Warhammer 40 K universum de term “grimdark” ontstaan om de dystopieën te beschrijven die zodanig grimmig en duister zijn dat er een nieuwe samengestelde term voor nodig was. Om Metro 2033 ten volle te begrijpen, kan het echter geen kwaad om de Russische geschiedenis en cultuur al wat te kennen. Rusland heeft vele totalitaire onderdrukkingen en bijna-vernietigingen gekend. Gaande van het Mongoolse juk en Timoer Lenk die op het punt stond Moskou te vernietigen tot het verstikkende etatisme van Brezjnev e.d. Daarnaast kenden ze ook periodes van complete chaos waarin het leek alsof Rusland verzwolgen zou worden door de krachten die het land verscheurden. Denk daarbij aan de Tijd der Troebelen, de Russische Burgeroorlog,  de vervolging der oudgelovigen, etc. De voetafdrukken van die elementen zijn duidelijk terug te vinden in Metro 2033.

Het is geen pretje in het Rusland van 2033. Twintig jaar voor aanvang van het boek, in 2013, vond een kernoorlog plaats die de beschaving wegvaagde. Althans, dat is toch blijkbaar het geval. De mensheid in Moskou vluchtte ondergronds in de metro om te overleven. Meerdere metrostations werden omgebouwd in sloppenwijken van enkele verdiepingen hoog waar mensen proberen te overleven. Het basisvoedsel is champignons geworden aangezien die nog kunnen gedijen in de duisternis van de Moskovische metro. Tussen de metrostations lopen er handelsroutes over de sporen, die in variërende staat zijn. De rijke stations hebben vaak toegang tot routes die volledig met trolleys afgelegd kunnen worden, andere gebieden moeten te voet bezocht worden.

Metro 2033 volgt de belevenissen van Artyom, geboren in 2013 in een Russisch metrostation. Een horde agressieve, gemuteerde ratten vielen het station aan en doodden iedereen. Artyom overleefde enkel doordat een Russische militair, Sukhoi, hem kon redden en meebracht naar het station VDNKh, waar de roman begint. De duisternis die vanaf het begin de protagonist en zijn omgeving omringt, is tastbaar. Er is geen vreugde in het leven, enkel een grote zwaarmoedigheid die de overlevenden allen torsen. Levensplezier is goedkope sigaretten roken en een vieze alcoholische drank naar binnen gieten terwijl men op wacht staat aan de ingang van het station. De enige verlichting daar een brandende ton. Gemuteerde of gewone hongerige, wilde dieren proberen regelmatig de verdediging van stations te testen. Er zijn verhalen over mutanten die vanaf de oppervlakte zouden proberen de metro binnen te dringen. Verhalen over karavanen die verdwijnen in de onmetelijke tunnels zijn legio. Af en toe verdwijnt alle communicatie met sommige stations, die daarna vernietigd of verlaten blijken te zijn (bijv. Smolenskaya). Kortom: meer dan overleven zit er niet in voor Artyom en zijn lotgenoten.

Er volgt een avontuur door de tunnels dat tevens een reis is door de Russische geschiedenis en psyche. In de centrale ring die de Moskouse metrolijnen met elkaar verbindt, hebben de stations een confederatie gevormd die ze de Hansa noemen. Dit zijn de rijkste stations aangezien zij de handelslijnen tussen de meeste stations controleren. Zij zijn de rijksten en de enige met uitgebreide toegang tot licht en stromend water. Hun bestuur is nog het meest democratische van al de stations, maar is ook duidelijk oligarchisch. In tegenstelling tot andere politea in de Moskovische metro, hebben zij geen andere idealen dan rijkdom vergaren. Men ziet hierin de hedendaagse oligarchen die weinig gaven om de rest van Rusland en die qua idealen flexibel genoeg waren om met alles en iedereen te handelen om zo, zonder scrupules, hun eigen luxe te veilig te stellen. Waarbij zij blind waren, of arrogant, om de gevolgen van zo’n houding in te zien. Tevens ziet men hierin de Republiek Novgorod die destijds met Moskovië streed om het primaat in Rusland, en indirect ook de mal waarin de Russische ziel zou gegoten worden. Het absolutisme van Moskovië won van het westers gerichte handelsimperium van Novgorod, dat overigens nooit het Mongoolse juk kende zoals Moskovië.

Men ziet hierin een visie die bij veel Russen is terug te vinden: het plaats geven van het lijden van de mens. Wie geen juk gekend heeft en geen kruis gedragen, zal worden gecorrumpeerd door luxe en de valse beloften van vrijheid (democratie de facto gecontroleerd door oligarchie). Om uiteindelijk ten val gebracht te worden door hen waarmee je handel hebt gedreven.

Daarnaast heb je ook de Rode Lijn en het Vierde Rijk.  Zij vormen de uitersten in de Russische politieke geschiedenis. Zij zijn beide spiegels van elkaar. Het zijn totalitaire systemen waarbij de partijlijn alles bepaalt. Met als verschil dat de auteur, vanuit de Russische historische ervaringen, het communistische gedeelte ziet als dan wel enorm machtig, maar log en inefficiënt, maar het Vierde Rijk bekijkt door de Russische bril. De “fascisten” van het Vierde Rijk, een term die in Rusland een andere connotatie heeft dan in het Westen, zijn tevens een totalitaire entiteit, maar bijna anarchistisch in hun daden. Ze volgen een Führer-figuur, maar al hun acties lijken volledig op impuls te zijn gedreven. Aleksander Doegin schrijft over deze visie op communisme en fascisme in “De Vierde Politieke Theorie”. Hij stelt dat het communisme is gestorven als een oude man, ingestort door een opeenstapeling van gebreken inherent aan het systeem. Dit in tegenstelling tot het fascisme, dat volgens Doegin in zijn wilde jonge jaren ten onder is gegaan, Europa meetrekkende, in een explosie van energetisch, door technologische vooruitgang gedreven, geweld dat men tevens in het futurisme al zag. Het totalitarisme van de Rode Lijn wordt in het boek dan ook eerder afgedaan met een houding “Uiteraard zijn ze totalitair, het zijn de Sovjets van Stalin” terwijl het Vierde Rijk meer als een karikatuur bestaande uit impulsieve beestmensen wordt bekeken.

Daarnaast heeft men ook nog de Revolutionairen. Zij drijven handel met de Rode Lijn en voeren oorlog met het Vierde Rijk. Zij zitten meer op de lijn van Che Guevara en zijn een spiegel van Sovjet-bondgenoten als Cuba. Revolutionair, vol met communistisch vuur om de wereld rood te kleuren en bewapend door de Sovjets, maar tevens onvoorspelbaar en eerder anarchistisch ingesteld. Je voelt aan dat het enige dat de beiden verbindt de dreiging van het Vierde Rijk is, maar dat de Rode Lijn uiteindelijk wel orde wenst op te bouwen in tegenstelling tot het dromerige utopisme van de Revolutionairen.

Daarmee is de Russische politieke geschiedenis voor een aanzienlijk deel neergezet (je hebt ook nog de intelligentsia van het universiteitsdistrict e.d.), maar er is ook tegen het einde een interessante uitstap naar de spirituele wereld van de Russen. Met de instorting van de beschaving is de Russische Orthodoxe Kerk qua structuren volledig weggeblazen. In het boek wordt duidelijk gemaakt dat op religieus vlak enkel de volledig gekken de overhand hebben. En wie is voor de Russen vaak hét toonbeeld van religieuze onzin en gekheid (en uiteraard met het westen verbonden)? De Jehova’s Getuigen. Zij komen voor in een vorm waarbij zij een mengeling vormen van de Jehova’s Getuigen met hun bizarre geloofsbeginselen, het fanatisme van de Oud-Gelovigen en de bizarre verhalen die soms opduiken in de Russische geschiedenis over gesloten religieuze gemeenschappen en hun rare rituelen. Denk bij dat laatste dan vooral aan de Chlysten van de 17de eeuw. Ook dwalen in de tunnels gemeenschappen van satanisten rond. Zij zijn een mengeling van de karikatuur van satanisten en vampiers. De satanisten ontvoeren mensen om hen als slaven te laten werken in een groot graafproject om zo de hel te kunnen bereiken. Verder wordt niet ingegaan op deze satanisten, maar zij vormen een zoveelste toevoeging aan het idee dat voor sommige mensen het lijden pas genoeg zal zijn wanneer ze de hel zelf hebben kunnen bereiken.

Deze spirituele uithoek van het verhaal vindt zijn hoogtepunt in Artyom die denkt een gigantische tunnelworm te zien die voorbij raast, meerdere meters breed en tientallen meters lang. Zelf stelt hij zich vragen of hij het nu gezien heeft of niet waarbij hij zich duidelijk afvraagt in wat voor compleet absurde situatie hij terecht is gekomen. De wereld was gek geworden, heeft zichzelf vernietigd, maar het enige dat eruit is voortgekomen, lijkt wel te zijn dat de mens besluit om het allemaal nog eens op kleinere schaal over te doen.

Een uitstekend boek dus waarin de protagonist meerdere keren reisgenoten kwijtraakt. Niet is immers definitief, behalve het verval van de mens en het lijden en juk dat daaruit volgt. Een aanrader voor iedereen die eens een “goede” dystopie wenst te lezen die evenveel zegt over een mogelijke toekomst als over het verleden. Wie de Russische geschiedenis en mentaliteit al kent, zal veel rode draden zien.

Posted on

Strategie van de spanning in Italië in de jaren ’60 en ’70

De door Willi Baer en de voormalige RAF-terrorist Karl-Heinz Dellwo uitgegeven Bibliothek des Widerstands is een inmiddels tot 32 delen aangegroeid monumentaal encyclopedisch werk over de geschiedenis van linkse bewegingen, met name in de jaren ’60 en ’70.

De uiterst linkse uitgeverij wijdde reeds twee omvangrijke en rijk geïllustreerde bundels aan de ‘Verborgen burgeroorlog en klassenstrijd’ in Italië. De meest recente bundel concentreert zich op 1967 en de daarop volgende jaren, met als zwaartepunt de bomaanslag op het Piazza Fontana in Milaan op 12 december 1969 en de gevolgen daarvan.

De aanslag kostte 17 mensen het leven en geldt als het begin van de, door Italiaanse geheime diensten, de NAVO-‘stay-behind’-organisatie Gladio en de poppenspelers van de geheime organisatie Propaganda Due, georkestreerde ‘strategie van de spanning’.

Lotta_continua_1973

De aanval op de staat door de radicaliserende studenten- en arbeidersprotesten, die eind jaren zestig zijn hoogtepunt bereikte, moest geneutraliseerd worden; om de stemming in het land te doen omslaan in het nadeel van links, werden gerichte terroristische acties onder ‘valse vlag’ in scène gezet.

Zo ook in Milaan, waar de anarchist Giuseppe Pinelli de rol van de ‘fall guy’ in de maag gesplitst kreeg: hij viel onder nooit opgehelderde omstandigheden uit het raam van de vijfde verdieping van een politiebureau. In werkelijkheid kwam de aanslag op het conto van de fascistische organisatie Ordine Nuovo, die zich tot voltrekker van de ‘staatsterreur’ liet maken. Bijzonder belangwekkend is de bijdrage van de historicus Mimmo Franzinelli, die de verstrengelingen tussen zwarthemden en geheime diensten belicht.

De leden van de ON waren deels zeer kleurrijke figuren: de leider, Pino Rauti was een aanhanger van Julius Evola, Franco Freda een soort van ‘nazi-maoist’ die de extremistische krachten van links en rechts wilde bundelen om het ‘verval van het systeem’ tegen te gaan, terwijl Mario Merlino zowel antiklerikale als katholieke en zowel anarchistische als fascistische groepen frequenteerde. Een verscheurdheid en een zoeken naar identiteit waarin Franzinelli een algemene signatuur van die tijd in ontwaart: “Dit alles is moeilijk te begrijpen voor iemand die deze aan opschudding rijke tijd, waarin het lijkt alsof de culturele en politieke orde van vandaag op morgen in zal storten, niet beleefd heeft.”

Net als alle delen van de bibliotheek is ook deze van een dvd voorzien, die zeldzame filmbeelden bevat, waaronder een bijzondere vondst die de uitgeverij samen met Cineteca di Bologna opgedoken heeft: De 12e december (1972) is een lang verloren gewaande film, waarop niemand minder dan Pier Paolo Pasolini een groot stempel heeft gedrukt.

Uitgaande van de zaak Pinelli komt hij bij benadering tot een soort sociologische rondblik kris kras door Italië, waarbij hij gewone mensen aan het woord laat. Vooral in deze scènes is het handschrift van de auteur duidelijk herkenbaar. De film ontstond in samenwerking met de links-radicale groep Lotta Continua, waarvoor Pasolini een zekere sympathie koesterde, maar waar hij als Einzelgänger niettemin met een zekere distantie tegenover stond, zoals tegenover alle relevante groepen uit die tijd.

Verdeckter Burgerkrieg und Klassenkampf in Italien Band IIOok hij, die reeds afscheid had genomen van de revolutionaire ‘illusies’ van zijn jeugd, werd getekend door de innerlijke ‘verscheurdheid’ van zijn tijd: in dezelfde tijd als deze in rauw zwart-wit gefilmde documentaire, maakte hij grote, apolitieke kaskrakers als Il Decameron. Ondertussen groeide zijn pessimisme; Milaan kwam hem voor als het voorspel van een waarlijk ‘apocalyptische’ toekomst.

N.a.v. Willi Baer, Karl-Heinz Dellwo (red.), Verdeckter Bürgerkrieg und Klassenkampf in Italien Band II: Die sechziger Jahre. Revolte und Strategie der Spannung (Hamburg: Laika, 2015), 424 p.

Posted on 1 Comment

Europees christendom onder druk

In dit artikel wil ik het hebben over de rol van het christendom in Europa en de situatie waar het in verkeert. Ik werd hiertoe geïnspireerd door de artikelen van de Hongaarse journalist Gergely Szilvay en het vijf-jaarrapport over christianofobie in Europa, gepubliceerd door het Observatorium van Intolerantie en Discriminatie tegen Christenen in Europa (OIDCE).

“485 begraafplaatsen of religieuze plaatsen van samenkomst werden gevandaliseerd tussen 1 januari en 30 september 2010. 410 daarvan waren christelijke plaatsen, 40 islamitische en 35 joodse”, aldus de voormalig Franse minister van Binnenlandse  Zaken Brice Hortefeux.

Dit betekent dat de symbolen van de meerderheid het vaakst het doelwit zijn van anti-religieuze, of om precies te zijn anti-christelijke, aanvallen. Dit is vreemd als we weten dat het katholicisme lange tijd de officiële godsdienst is geweest in Frankrijk en dat meer dan de helft van de Fransen zich nog altijd als katholiek beschouwt. We moeten echter beseffen dat praktiserende katholieken inmiddels een minderheid zijn in Frankrijk.

We kunnen ons niettemin afvragen hoe het kan dat de zwijgende meerderheid gediscrimineerd wordt of misschien zelfs vervolgd in extreme gevallen. Er zijn andere demografische kenmerken waarbij dit een algemeen bekend verschijnsel is. Neem bijvoorbeeld vrouwen, er is altijd een meerderheid van vrouwen geweest in de samenleving, tot op de dag van vandaag horen we echter zelfs in West-Europa over vrouwen die worden achtergesteld op het werk. Zwarten zijn altijd een meerderheid geweest in Zuid-Afrika, toch werden ze decennia lang gediscrimineerd onder het apartheidsbewind.

Om tegen het christendom gericht vandalisme en discriminatie te begrijpen, moeten we eerst inzien dat de scheiding van kerk en staat in toenemende mate wordt geïnterpreteerd als de scheiding van kerk en samenleving. Het begrip ‘kerk’ wordt bovendien gelijkgesteld aan de clerus. Deze tendens neemt alleen maar toe en vind bijvoorbeeld ook zijn weg binnen de recent opkomende Piratenpartij.

Anti-clericale bewegingen hebben altijd bestaan in Europa en hebben lange tradities in veel samenlevingen, maar de gebeurtenissen van mei 1968 waren een belangrijke mijlpaal voor de huidige situatie. In mei ’68 protesteerden duizenden studenten tegen de regering van Charles de Gaulle en tegen de maatschappelijke status quo voor ‘een betere wereld’. Ze relden in de straten, blokkeerden de toegang tot universiteiten, hun leider Daniël Cohn-Bendit piste tegen de muur van de Sorbonne, ze staken de ingang van de Parijse aandelenbeurs in brand.

Deze ‘betere wereld’ betekende meer vrijheid in onderwijs, gezondheidszorg (legalisering van abortus en euthanasie), verdere stappen in de scheiding van kerk en staat, meer vrijheid in het leven van alledag (gedrag tussen kinderen en ouders, tussen leerlingen en leraren), seksualiteit (voor-huwelijkse sex) en de publieke zaak (geen militaire dienstplicht en geen doodstraf meer), minder ongelijkheid, bescherming van minderheden, bescherming van flora en fauna en ‘wereldvrede’.

Het is interessant dat, als continent, Europa het eerste christelijke continent is. Sinds de jaren ’60 wordt de rol van de christelijke godsdienst, van christelijke kerken echter zwakker, niet alleen omdat het uit de mode is, maar ook vanwege verbale en fysieke aanvallen op het christendom. We leven in een tijdperk van ‘dictatuur’ van de politieke correctheid. Hoe is het zo ver gekomen?

Er zijn veel methoden die hiertoe gebruikt zijn. Ik noem maar een paar voorbeelden uit verschillende landen:

  • EU-ambtenaren stelden een schoolagenda voor waarin feestdagen van alle godsdiensten waren opgenomen, behalve christelijke;
  • Extreem-linkse anarchistische groepen riepen op tot het in brand steken van kerken in Duitsland, ze werden uiteindelijk vrijgesproken;
  • In Frankrijk werden protestanten tegen een godslasterlijke theatervoorstelling gearresteerd door de politie;
  • Een lokale overheid organiseerde een tentoonstelling waarin christelijke persoonlijkheden werden gesodomiseerd;
  • Christelijke evenementen worden op televisie belachelijk gemaakt;
  • Missen worden verstoord door Holebi-activisten;
  • Religieuze symbolen (inclusief christelijke) worden uit scholen verbannen vanwege immigranten;
  • Religieuze websites worden gehackt;
  • Holebi-mars belastert het christendom;
  • Een verbod op het dragen van een kruisje op het werk en daaropvolgend ontslag van christelijke werknemers;
  • Bekende personen en parlementsleden die bedreigd worden, omdat zij publiekelijk hun steun uitspreken voor het traditionele huwelijk;
  • Stilzwijgen over discriminatie van christenen in Europa en in andere delen van de wereld;
  • Het opleggen van politiek-correcte maatregelen aan religieuze scholen.

Na het nader bekijken van veel van de 620 verzamelde gevallen, scheen het me toe dat het om een systematisch proces gaat en iemand er achter moet zitten. Welnu, volgens de OIDCE zitten er 3 groepen achter deze gevallen: radicale Holebi-organisaties, radicale feministen en radicale secularisten. De OIDCE verdeeld de zaken in haar rapport over 2011 over de volgende categorieën:

I- Gevallen van discriminatie

-Vrijheid van godsdienst (19)

-Vrijheid van meningsuiting (12)

-Vrijheid van geweten (12)

-Anti-christelijk handelen ingegeven door discriminerende wetten gebaseerd op gelijkheid (10)

II- Intolerantie

-Verdringing uit het openbare leven (14)

-Daden tegen religieuze symbolen (19)

-Laster (18)

III- Handelen ingegeven door haat

Een parlementair rapport in het Verenigd Koninkrijk gaf aan dat de staat tekort schiet in het beschermen van de rechten van christenen, of het nu gaat om de rechten van de meerderheid op het werk of om andere zaken. Veel deskundigen concludeerden dat christenen niet van zich laten horen. Algemeen directeur van de BBC Mark Thompson stelde dat het christendom met veel minder fijngevoeligheid behandeld wordt dan andere godsdiensten omdat het bredere schouders heeft.

Het echte probleem is de lijdzaamheid van christenen in het openbare leven en het geringe zelfbewustzijn in het spreken over het christelijk geloof en de christelijke identiteit, deels vanuit angst daar op aangevallen te worden en deels door succesvolle negatieve campagnes tegen de kerk (bijvoorbeeld inzake pedofilie, geheimen van het Vaticaan, de rol van de Kerk tijdens de Tweede Wereldoorlog enzovoort) en tegen mensen en instituten verbonden aan oude tradities of oude aristocratische/nationale/christelijke elites.

De mainstream media en contemporaine kunst vallen deze het meest aan. De traditionele kerken (katholieken, lutheranen, calvinisten) zijn verzwakt en nieuwe religieuze stromingen komen op in de samenleving (evangelischen, islamieten, boeddhisten). Dit gaat niet zonder moeilijkheden omdat religie onderdeel is van de persoonlijke maar ook van de nationale identiteit en de meeste mensen zich hiervan bewust zijn.

We kunnen zien dat de generatie van mei ’68 er in is geslaagd veel van zijn claims heeft weten te realiseren, maar de effecten zijn, in samenspel met andere factoren, catastrofaal:

Europa heeft de meest vergrijsde (Duitsland, Zwitserland) bevolking en de bevolking met de laagste vruchtbaarheidsgraad (Tsjechië, Bulgarije) ter wereld. Tientallen miljoenen abortussen zijn uitgevoerd. Het bevolkingsaantal neemt af ook al is er immigratie. Meer en meer kinderen worden geboren zonder dat de ouders getrouwd zijn (Hongarije, Frankrijk). En de meeste huwelijken eindigen in scheiding (63% in Zweden).

Een hedonistische samenleving gebaseerd op consumptie in de meeste stedelijke gebieden in Europa en een zeer groot deel van de huishoudens dat lijdt onder schulden, de consumptie is lange tijd groter geweest dan de inkomsten. En onze regeringen hebben de economische crisis waar we nu in verkeren niet voorkomen.

Onze taak als jonge christenen is om onze stem te laten horen ten aanzien van belangrijke onderwerpen die betrekking hebben op het alledaagse leven van mensen. We moeten duidelijk maken wat de voordelen zijn van tradities, van het traditionele gezin, van de traditionele samenleving, van familiebedrijven enzovoort. De mensen moeten het belang beseffen van de godsdienst en van de historische rol van de clerus. Zelfs die mensen die geen praktiserend christen zijn hebben er recht op te weten wat religie werkelijk betekent.

Vrijheden zijn wat ons betreft iets anders dan politieke correctheid.

De staten in het Westen slagen er niet in de rechten van christenen te beschermen omdat ze onder druk staan van kleine maar goed georganiseerde lobbygroepen van secularisten en minderheden en het is onze taak om onze stem te laten horen voor de zwijgende meerderheid. We moeten het goede voorbeeld geven aan de samenleving en zelf lobbygroepen vormen om op te komen voor hen die ‘bang‘ zijn om hun gezichtspunt te uiten. Het zal een lange slag zijn, maar het is de moeite waard.