Posted on

“Het zijn de slechtsten die regeren”

Het bestuur van westerse landen vertoont kenmerken van een kakistocratie, vindt cognitiewetenschapper Tjeerd Andringa. “Het zijn de slechtsten die regeren.” De enigen die hier een einde aan kunnen maken, zijn wijzelf. “Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel.”

“Kakistocracy, een 374 jaar oud woord, is zojuist opgenomen in het woordenboek.” Aldus kopte The New York Times op 13 april 2018. Wat bleek? Voormalig CIA-directeur John O. Brennan had een tweet de wereld ingestuurd waarin hij president Donald Trump toebeet: “Jouw kakistocratie staat op instorten na de bedroevende weg die deze heeft afgelegd.”

Omdat vrijwel niemand begreep wat Brennan bedoelde met ‘kakistocracy’, gingen zijn Twitter-volgers massaal op zoek naar de betekenis van het woord. Bij online-woordenboek Merriam-Webster vingen ze aanvankelijk bot, maar de redactie liet er geen gras over groeien en voorzag de zoekers alsnog van een uitleg. ‘Kakistos’ is oud-Grieks voor ‘slechtsten’ en kratos’ betekent ‘macht’. Een kakistocratie betekent dus dat de slechtsten aan de macht zijn. Het tegenovergestelde van een aristocratie, waarin de besten (aristos) het voor het zeggen hebben.

Volgens Tjeerd Andringa, universitair hoofddocent cognitiewetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen, zijn westerse democratieën niet vrij van kakistocratische elementen. Dit zou onder meer blijken uit de banden die inlichtingendiensten onderhouden met terroristische groeperingen en pedofielennetwerken. Om een bestuursvorm te krijgen van en voor het volk is niet minder dan een psychologische revolutie nodig. Mensen moeten leren inzien dat ze zoveel beter af zouden zijn als ze hun lot in eigen hand namen en zich niet langer afhankelijk stelden van incapabele,  machtswellustige, of zelfs kwaadaardige autoriteiten. Self-empowerment, burgers die zichzelf in hun kracht zetten, is de sleutel tot een betere wereld.

Andringa heeft een eigen website, Geopolitics and Cognition, die weliswaar al sinds een paar jaar niet meer actief beheerd wordt, maar een interessant inkijkje biedt in Andringa’s politiek-psychologische inzichten. De website was een hobbyproject, en staat los van Andringa’s werkzaamheden aan de universiteit, waar hij studenten helpt op academisch niveau te leren denken en begrijpen.

Deelt u de mening van voormalig CIA-directeur Brennan? Is de regering Trump een kakistocratie? 

[pullquote]Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers.[/pullquote]

Er zitten ongetwijfeld kakistocratische elementen in de Amerikaanse regering, maar dat was onder de voorgangers van Trump niet anders. Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers. Dat zag je duidelijk bij Obama. Die werd wel genoemd teleprompter in chief, omdat hij weinig meer leek te doen dan het oplezen van teksten van een schermpje. Alles van enig belang komt niet bij zo’n president vandaan. Het begint er al mee dat je geen kans maakt op het presidentschap zonder brede financiële en andere steun van de Deep State, de permanente machtsbasis in de VS waaraan de Council of Foreign Relations een groot deel van de bemensing levert.

Niks nieuws onder de zon dus met Trump?

Trump was een ongeleid projectiel. Het was niet de bedoeling dat hij president zou worden. Het is hem toch gelukt, omdat hij met z’n vele geld in staat was zelf zijn campagne te betalen, en ook door zijn botte charme, die hij voor een groot deel van de Amerikanen heeft. Dat was bedreigend voor het bestel. Ze hebben Trump nu onder controle gekregen, door mensen om hem heen te zetten die hem voeden met ideeën, waardoor hij geen dingen doet die teveel in strijd zijn met wat het bestel eigenlijk wil. John Bolton zie ik als een typische vertegenwoordiger hiervan. Hij is in april van dit jaar naar voren geschoven als veiligheidsadviseur van Trump. Hij is nauw verbonden met het neocon-netwerk, dat destijds de oorlog tegen Irak in gang heeft gezet door volstrekt ongegronde beschuldigingen te verzinnen over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in het land. Een oorlog op leugens baseren is typisch kakistocratie. En ook dat een samenleving zoiets accepteert is typerend voor een kakistocratie.

Psychopaten zijn volgens u oververtegenwoordigd in hogere kringen? Zij vormen de kern van elke kakistocratie?

Als een systeem kandidaten voor een toppositie selecteert op basis van het vermogen om koste wat kost resultaten te krijgen, dan kun je verwachten dat er veel intelligente en gewetenloze personen tussen zitten die precies weten wat ze moeten doen om een respectabel aanzien te verwerven. Zo’n systeem selecteert op intelligentie en psychopathie. Want psychopaten hebben een amper ontwikkeld geweten. Probleem daarbij is dat weinig psychopaten capabel genoeg zijn voor hoge posities. Het kost dus moeite om ze te vinden en op te leiden.

In een interview heeft u de term kakistocratie genoemd in verband met pedofielennetwerken. Volgens u oefenen inlichtingendiensten macht uit door mensen op hoge posities te plaatsen die chantabel zijn.

Om mensen op machtsposities onder controle te houden is het belangrijk dat ze chantabel zijn. Anders hebben ze te veel vrijheid en doen ze wellicht wat ze zelf belangrijk en moreel vinden. Dat is nu precies wat moet worden voorkomen. Het is daarom een  standaard werkwijze van inlichtingendiensten en andere netwerken om mensen te selecteren op chantabiliteit.

Het is een beproefde tactiek van inlichtingendiensten om personen in compromitterende situaties te brengen, de zogeheten honey trap. Maar u stelt dat hiervoor zelfs kinderen worden ingezet?

Dat hangt ervan af wat je wilt. Als je de meest gewetenloze mensen zoekt, die in staat zijn de meest kwetsbare individuen probleemloos te misbruiken, dan vormen seksfeesten met kinderen een prima selectiemechanisme. Personen die deelnemen aan dit soort evenementen, zijn zich er van bewust dat ze op deze manier chantabel worden gemaakt. Maar het maakt ze niet uit, omdat ze hiermee tegelijkertijd toegang krijgen tot machtsposities waar ze anders nooit in terecht zouden kunnen komen. Het is dan een soort initiatieritueel.

Het zal voor iedereen inmiddels bekend zijn dat er talloze bewezen gevallen zijn van pedofielen in hogere kringen. Maar waaruit blijk dat deze personen hebben deelgenomen aan seksfeesten georganiseerd met de bedoeling ze te rekruteren?

Daar hebben we alleen maar veel anekdotisch bewijs voor. Er zijn heel wat getuigenissen van kinderen die claimen misbruikt te zijn op feesten en ook gevallen waarbij overheden op allerlei manieren hebben geprobeerd politieonderzoek te ondermijnen. Zie onder meer de Dutroux-affaire in België, het Franklin-schandaal in de VS en een groot aantal schandalen in het Verenigd Koninkrijk rond onder anderen media-persoonlijkheid Jimmy Savile en voormalig premier Edward Heath. Juridisch bewezen zijn deze affaires niet omdat ze altijd ergens stranden. Maar waarschijnlijk lijkt het wel. Overheden lijken beter te zijn in het in de doofpot stoppen van de eigen kwalijke praktijken dan in het aanpakken ervan.

U stelt ook dat inlichtingendiensten aanslagen faciliteren die worden toegeschreven aan extremistische moslims?

Vast niet alleen inlichtingendiensten maar ook andere netwerken. Zeker is dat geheime organisaties aanslagen hebben gepleegd op de eigen bevolking. Operatie Gladio is daarvan een duidelijk voorbeeld. Dat was een geheim netwerk in Europa van rechtsextremistische groepen, dat gesteund werd door de CIA en de NAVO, en dat in Italië aanslagen heeft gepleegd op de burgerbevolking. Er is een groot aantal boeken over en ook een prima BBC-documentaire, getiteld Operation Gladio.

Wat is de logica achter aanslagen op de eigen bevolking?

Van de Gladio-aanslagen in Italië weten we dat het de bedoeling was het angstniveau van de bevolking te vergroten en te voorkomen dat de communisten te machtig werden. Want wat doen mensen als ze bang worden voor aanslagen? Dan richten ze zich voor hun bescherming tot de overheid. Die moet maatregelen nemen om verdere aanslagen te voorkomen.

Maar u stelt dus dat, voor het plegen van aanslagen in eigen land, rechts-extremistische groepen zijn verruild voor extremistische moslims?

[pullquote]Aanslagen leiden altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.[/pullquote]

Daar lijkt het wel op. Er is een belangrijk principe in politieonderzoek: cui bono, wie heeft er voordeel van? Ik zie geen enkel politiek of militair nut voor moslims en zelfs niet voor moslimextremisten. Die aanslagen leiden wel altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.

Bij moslims telt niet alleen het politieke en militaire nut van hun daden. Het religieuze nut staat voorop.

Religieus nut is een wat rare term: een religie is vooral een moreel construct dat je helpt om de wereld te begrijpen en moreel gedrag te kiezen. Religieus besef kan heel rijk en includerend zijn, maar ook heel beperkt en excluderend. Fundamentalistische gelovigen, of ze nu christen, moslim, hindoe, of anders zijn, worden gekenmerkt door een beperkt begrip van de wereld: ze kunnen heel intelligent zijn, maar ze hebben grote moeite met diversiteit aan opinies. Ze nemen hun religieuze teksten letterlijk en iedereen die hun interpretatie niet deelt is een ketter en daarmee niet beschermenswaardig.

De Saoedische machthebbers hebben sinds het begin van de zeventiger jaren overal in Afrika en Centraal-Azië geïnvesteerd in wahabistische moslimscholen die zich vooral richten op het uit het hoofd leren en reciteren van de Koran. Niet de beste voorbereiding op een rol in moderne samenlevingen. Maar het is wel een prima kweekvijver voor moslimhuurlingen die je overal kunt inzetten, omdat de meeste mensen, moslim of niet, hun beperkte wereldbeeld niet graag willen delen. De wahabistische huurling beschermt niemand die zich niet heeft bekeerd tot hun religieuze interpretatie van de islam. Dat bekeren vinden ze moreel, het terugbrengen van diversiteit in religieuze interpretatie ook, desnoods met geweld. Precies zoals bij ons destijds de inquisitie.

Die wahabistische huurlingen zijn overal ingezet: Afghanistan, Tsjetsjenië, Bosnië, Somalië, Soedan, Indonesië, Pakistan, Irak, Libië, en nu al vijf jaar in Syrië. Dus ja, het religieuze nut staat zeker voorop, maar niet voor de religieuze fundamentalisten, en wel voor de mensen die hen inhuren voor geopolitieke doelen.

Het is geen geheim dat de VS en bondgenoten al sinds begin jaren tachtig moslim-extremisten inzetten als huurlingen in andere landen. Maar dat is niet hetzelfde als het faciliteren van aanslagen in eigen land. Ziet u bijvoorbeeld de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs als een false flag?

Ik kan me niet herinneren dat ik in het geval van Charlie Hebdo ooit solide forensisch bewijs heb gezien, dus ik weet niet wat ik ervan moet vinden. Maar neem nu bijvoorbeeld dat paspoort dat onder een stoel van de vluchtwagen werd gevonden, pas 24 uur na de aanslag. Het Charlie Hebdo-verhaal bevat te veel elementen die mensen dingen laten concluderen die ze graag willen concluderen. In dit geval dat Al Qaida het had gedaan. De aanslag leidde weer tot meer macht voor de staat en de inlichtingendiensten. Dus het past in het patroon. Trouwens vlak voor de laatste verkiezingen in Groot-Brittannië waren er ook weer wat aanslagen. Zonder het psychologische effect van die aanslagen had premier Theresa May er mogelijk niet meer gezeten.

Ziet u 9/11 als een false flag?

Wat ik in ieder geval niet geloof is het officiële verhaal. Neem alleen al Gebouw 7, dat op 110 meter afstand stond van de Twin Towers. Het is niet geraakt door een vliegtuig, en toch is het in elkaar gestort. Je kunt dat moeilijk aan Al Qaida toeschrijven. Het is ongeloofwaardig dat Gebouw 7 precies door de staalconstructies viel die het overeind moesten houden. Het is net alsof het staal tijdelijk even in boter veranderde en daarna weer terug veranderde in staal. En twintig minuten voordat Gebouw 7 in elkaar stortte, vertelde een correspondente van de BBC het al op tv, met nota bene het toen nog fier overeind staande gebouw duidelijk zichtbaar op de achtergrond. Ik heb consistentie nodig om iets voor waar aan te nemen. En ook verifieerbare feiten om een theorie op te bouwen. Het officiële verhaal mist beide.

We hebben gezien waar 9/11 toe heeft geleid. De Amerikanen, en de Britten ook trouwens, hebben een groot deel van hun privacy en overige burgerrechten opgegeven, en ze lieten zich meesleuren in de oorlogen tegen Afghanistan en Irak. Het interessante is dat de plannen daarvoor al gemaakt waren ruim voor 9/11. Zo lag de Patriot Act, een antiterreurwet van zo’n 1000 pagina’s, al klaar om goedgekeurd te worden door het Congres. En een week na 9/11 hadden de VS al plannen klaarliggen om de regeringen van zeven landen in vijf jaar tijd aan te vallen en te vernietigen. Met Syrië zijn ze nog bezig en Iran staat nog op het wensenlijstje.

Kortom, aanslagen houden de kakistocratie in stand, tenzij we ophouden er bang voor te zijn?

Benjamin Franklin, de achttiende-eeuwse Amerikaanse politicus en wetenschapper, zei ooit: “Zij die bereid zijn essentiële vrijheden in te leveren, om een beetje tijdelijke veiligheid te verwerven, verdienen noch vrijheid noch veiligheid.” Ik denk dat hij daar helemaal gelijk in heeft. En trouwens, als je kijkt naar het lijstje van doodsoorzaken dan staat terrorisme ergens onderaan. Als je dan toch bang wilt zijn, wordt dan bang voor hart- en vaatziekten, kanker, verkeersongelukken en gladde badkamervloeren. Angst voor terrorisme is echt irrationeel.

Als kenmerk van een kakistocratie ziet u ook machthebbers die binnenlandse belangen offeren aan buitenlandse belangen?

John Perkins beschrijft in zijn boek Confessions of an Economic Hitman uit eigen ervaring hoe het Westerse financiële systeem invloedrijke personen in andere landen benadert, meestal mensen die daar geaccepteerd worden als leiders, om grote investeringen in die landen voor elkaar te krijgen. Vaak zijn die mensen bereid daarin mee te gaan, ondanks dat dit ten koste gaat van hun eigen land. Ze dienen dan de belangen van het Westen, omdat ze er zelf beter van worden.

Een Britse minister zei begin twintigste eeuw: ‘Wij controleren Egypte helemaal niet, wij controleren alleen maar hun leiders.’ Je controleert ze door ze bijvoorbeeld een opleiding in Cambridge te geven, zodat ze in een sociaal netwerk terecht komen waarbinnen de norm de Britse norm is. Terug in eigen land lijkt het dan alsof zo iemand zijn eigen land vertegenwoordigt, terwijl hij in feite bezig is Britse geopolitiek uit te voeren.

Je hoeft dus niet corrupt of chantabel te zijn om je eigen land te verraden?

Dat is inderdaad niet nodig. Internationaal denkende mensen lijken meer op elkaar dan op de mensen in hun eigen land. Hun norm is: internationaal, globaal, vaak progressief, denken. Erg aardige mensen allemaal. Maar ze zullen vooral keuzes maken binnen dat internationale systeem. Ook als ze leiders in hun eigen land worden. Als ze nationalistische keuzes gaan maken, dan raken ze de steun van de internationale gemeenschap kwijt. Dan komen de National Endowment for Democracy en andere non-gouvernementele organisaties naar hun land om de oppositie te steunen en onrust te stoken en ontstaan er problemen voor dat soort leiders. Totdat ze weer de dingen doen die ze geacht worden te doen, zoals IMF-hervormingen doorvoeren en World Trade Organisation-beleid uitvoeren.

U lijkt globalisering te zien als een negatieve ontwikkeling.

Een centraal geleide, uniforme wereld gaat ten koste van de individuele autonomie en houdt geen rekening met verschillen en mogelijkheden op lokaal niveau. Het leidt tot een verstikkende wereldbureaucratie die meer connecties heeft met de top van het internationale bedrijfsleven dan met de wereldbevolking.

Ik zou zeggen dat elk land, elke regio, zelfvoorzienend moet zijn en in 75 procent van de eigen basisbehoeften moet kunnen voorzien. Zo’n land kan daarnaast nog prima internationaal samenwerken. Maar het gebeurt dan vanuit lokale kracht, niet vanuit lokale zwakte.

Op Geopolitics and Cognition schrijft u dat veel mensen de ‘oncomfortabele waarheden’ op uw website als schokkend zullen ervaren.

Voor velen is het nieuw wat ik beschrijf. Dat is omdat ze via de mainstream media niet of nauwelijks met dit soort ideeën in contact komen. Veel mensen willen het ook niet weten. Vooral mensen die een beperkt begrip hebben van de wereld, zich netjes aan de regels houden en sterk leunen op autoriteiten. Die bewijs je geen dienst als je ze vertelt dat de autoriteiten wellicht totaal onbetrouwbaar zijn en mogelijk horen tot de slechtsten in de wereld. Je haalt dan de grond onder hun voeten weg.

Tegelijk vindt u het van groot belang dat mensen de spelletjes doorzien die er gespeeld worden op het wereldtoneel.

Ik vraag de lezers van de website: Waarvoor zet jij je in? Voor jezelf en voor alles waar je van houdt en waarmee je je verbonden voelt? Of voor een anonieme groep die jou in de val heeft gelokt met het spelen van een spel dat je niet volledig kunt overzien of begrijpt? Wellicht is onze huidige wereld een soort casino, dat zo is opgezet dat je gegarandeerd verliest. De Cyprioten zijn het grootste deel van hun spaargeld kwijtgeraakt en de Polen de helft van hun pensioenen. Dus waar hebben ze al die tijd voor gewerkt en gespaard? In elk geval minder in hun eigen voordeel dan ze altijd hadden gedacht. Dat kan in Nederland ook gebeuren.

[pullquote]De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden.[/pullquote]

Ik zeg dan: De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden. Als je besluit je leven door te brengen in een bubble van zalige onwetendheid, inschikkelijkheid en goedgelovigheid, dan is de kans groot dat daar misbruik van zal worden gemaakt en dat je wordt uitgebuit door dezelfde krachten die je onwetend en goedgelovig houden en inschikkelijk maken.

Door de machtsspelletjes aan de top te doorzien, stoot je minder snel je hoofd?

Ja, en je bent dan ook beter in staat bij te dragen aan een betere wereld. De Amerikaanse dichter Carl Sandburg zei ooit: “Eens beginnen ze een oorlog waar niemand komt opdagen.” En dat is een van de verborgen waarheden van de wereld waarin we leven: als wij ons niet langer lenen voor spelletjes die we bij voorbaat verliezen, zullen er geen oorlogen meer zijn, geen georganiseerde onderdrukking, geen dictatuur. Mensen moeten leren het verschil te zien tussen machtswellustige psychopaten en wijze leiders. Nog beter is het als ze geen leiders meer nodig hebben omdat ze zelf wijs genoeg geworden zijn.

U bent optimistisch gestemd over de invloed van het individu op de wereldpolitiek?

Ontwikkelingen op micro- en macroniveau zijn nauwer met elkaar verbonden dan mensen geneigd zijn te denken. Geopolitiek wordt weliswaar beïnvloed door wat er aan de conferentietafels van Bilderberg, Davos of elders wordt besproken, maar wordt uiteindelijk niet daar bepaald. Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel. Zie de Sovjet-Unie. Die is in elkaar geklapt omdat niemand er meer in geloofde. De mogelijkheden die we tot onze beschikking hebben om de wereld te begrijpen zijn groter dan ooit. Dankzij internet is er een enorme hoeveelheid kwalitatief goede informatie voorhanden. Die is tussen alle rotzooi niet altijd even makkelijk te vinden. Maar de informatie is er, en is toegankelijker dan ooit. Als we ons door zelfstudie onafhankelijk maken van autoriteiten buiten onszelf, wacht de mensheid een zonnige toekomst met eindeloze mogelijkheden.

Een socialist zou nu zeggen: Als individu bereik je niks. Je moet je verenigen.

Dat lijkt me een slecht idee. Je mag je wel verenigen, maar je moet je nooit afhankelijk maken van een groot systeem. Want dan word je weer iemand die blind in een ideologie gelooft en conformistisch is, in plaats van kritisch-creatief.

U verkiest de weg van het anarchisme?

Nou ja, kijk. De biosfeer, de natuur, het leven zijn opgebouwd zonder centraal leiderschap. Dus laat overheden eerst maar bewijzen dat ze ook op lange termijn toegevoegde waarde bieden. Tot die tijd gebruik ik de behoefte aan een overheid als een maat voor een niet-ontwikkeld intellectueel vermogen.

Sommige diersoorten kennen alfa-mannetjes en vrouwtjes die het zaakje leiden.

Dat is zo. Maar daar heb je het over een ander soort leiderschap dan je doorgaans ziet in de mensenwereld. Een leidende rol in de dierenwereld krijg je alleen als je heel goed bent in het uitvoeren van een belangrijke taak. En niet door te netwerken of verkiezingen te houden.

U houdt zich bezig met stadslandbouw. Heeft dat een plaats in uw denken over geopolitiek?

Wij laten met de Stadsakker zien dat de boerderij van een eeuw geleden in essentie nog prima functioneert. Onze landbouw was vroeger volledig duurzaam. We nemen daar met de Stadsakker een voorbeeld aan en dat is ons al bijna gelukt.

De industriële landbouw bestaat nog maar 70 jaar. Die bestaat bij de gratie van groei, schuld en kosten die elders worden neergelegd. Dat systeem is gedoemd in elkaar te storten. Tegenwoordig moet je in de Noordoostpolder soms al drie meter diep ploegen om nog aan goede grond te komen; daarboven is alles volledig uitgewoond.

Je kunt een systeem dat je niet aanstaat, zoals de industriële landbouw, bevechten, maar je kunt het ook irrelevant maken, door op een plek te gaan zitten waar het systeem er geen last van heeft en jij je gang kunt gaan. Tegen de tijd dat het systeem zichzelf heeft opgeblazen kom jij met betere ideeën naar voren.

U stelt dat mensen in grote, bureaucratische organisaties gefnuikt worden in hun leerproces, omdat de omgeving waarin ze werken is losgezongen van de werkelijkheid. 

Wij hebben systemen gecreëerd die zo ver afstaan van de werkelijkheid dat we vaak niet meer worden geconfronteerd met de consequenties van ons eigen handelen buiten die systemen. Er is daarom een duidelijk verschil in competenties tussen managers, politici, ambtenaren en anderen die werken binnen zo’n systeem en bijvoorbeeld een tandarts. Als een tandarts iets fout doet, dan krijgt hij dat onmiddellijk terug van zijn klanten of hij ziet het bij het volgende consult. Hij wordt direct geconfronteerd met zijn eigen falen en leert daarvan. Politici, ambtenaren, managers, maar ook journalisten hebben amper zicht op de impact van hun acties in de echte wereld. Dit wil niet zeggen dat ze niet kunnen leren van hun fouten, maar in hun geval is het een stuk moeilijker.

Een politicus hoort iets, roept het een paar keer en het idee wordt overgenomen. Maar of het werkelijk klopt? Hij heeft geen flauw idee. Hij hoeft niet te begrijpen waar het over gaat, wat de consequenties zijn. Daarom kan een politicus ook zo’n waanzinnig laag begrip van de wereld hebben. Het enige wat hij van de werkelijkheid hoeft te begrijpen is hoe hij politicus kan blijven, dus hoe hij steeds weer mensen kan meekrijgen in zijn systeem of ideologie. Of dat een relatie heeft met de werkelijkheid doet er verder niet toe. Wijsheid is vaak ver te zoeken in de politiek. 

U stimuleert uw studenten wijsheid na te streven, onafhankelijke denkers te worden, zich te ontwikkelen tot educated minds.

[pullquote]Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en toch geen educated mind zijn.[/pullquote]

Onderwijspsycholoog William Perry heeft bestudeerd hoe het leerproces verliep bij zijn studenten aan Harvard. Op basis daarvan heeft hij de kenmerken beschreven van de educated mind. Het is niet per sé iemand die veel weet. Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en dan toch geen educated mind zijn. Het gaat om de manier waarop iemand leert en denkt. Een educated mind is vooral kritisch op de eigen gedachten en heeft zo geleerd om zich kennis van hoge kwaliteit eigen te maken. Zo iemand voelt zich ongemakkelijk met kennis die niet te onderbouwen is.

U maakt een onderscheid tussen wijsheid en intelligentie?

Die twee hebben inderdaad verrassend weinig met elkaar te maken. Hoewel intelligentie kan helpen om sneller wijs te worden, is het geen garantie hiervoor. Intelligentie, zoals gemeten in een test of examen, kun je zien als het vermogen om op basis van beschikbare informatie een van tevoren bekend ‘juist’ antwoord te geven. Intelligentie stelt je in staat, als je ervoor kiest, heel goed te worden op school en universiteit. Met hoge cijfers, een mooi diploma en een goed ontwikkeld taalvermogen komen intelligente mensen in belangrijke banen en op centrale posities terecht. Als ze wel intelligent maar niet wijs zijn, gaan ze daar precies doen wat ze hebben geleerd: de norm vertegenwoordigen. Zinvol improviseren en het beste maken van de mogelijkheden is heel wat anders. En dat doen ze niet.

U spreekt in dat verband van ‘superpapegaaien’?

Een ‘superpapegaai’ is iemand die op het juiste moment precies zegt wat de docent, of een andere autoriteit, graag wil horen, en die optreedt als spreekbuis van de door de autoriteiten voorgekauwde norm. Als verdedigers van de norm torpederen ze de verbetering van de leefomgeving. Nieuwe en goede, maar nog fragiele ideeën worden in de kiem gesmoord. En velen van hen noemen zich dan nog progressief ook.

[pullquote]Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig.[/pullquote]

Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig. Ze zijn geïnteresseerd in argumenten, inzichten, feiten waarvan ze kunnen leren. Als iemand met een prikkelend inzicht komt, wordt hun interesse gewekt. Iemand met levenswijsheid verstaat ook de kunst onder complexe omstandigheden met onvolledige informatie vaak juist te oordelen en te handelen. Die wijsheid doe je op door actief mee te doen in de wereld, hiervan te leren en de consequenties van het geleerde te aanvaarden.

Hoe voorkom je dat mensen ‘superpapegaaien’ worden? Of hoe stimuleer je dat ze zich ontwikkelen tot educated minds?

Je kunt anderen begeleiden naar self-empowerment, maar ze moeten het uiteindelijk zelf doen. Het is als het vrij laten van een dier dat opgegroeid is in een kooi. Je kunt de deur openzetten, maar als het dier te bang is om zijn vertrouwde omgeving te verlaten, dan zal het niet de vrijheid nemen die je het toestaat. Vrijheid word je nooit gegeven, je moet het nemen, en vaak zonder een open deur die je toelacht. Je empowert jezelf door ervaring op te doen en aan zelfvertrouwen te winnen. Van belang daarbij is een stabiele, veilige thuissituatie, een stimulerende omgeving, waar je op terug kunt vallen bij mislukkingen, je successen kunt vieren en aangemoedigd wordt.

Het is misschien makkelijker om mensen tot papegaai te maken? 

Het disempoweren van anderen is het belangrijkste dat je nodig hebt om macht te verwerven en houden. Er zijn nogal wat organisaties die hiervoor kunnen worden ingezet: de mainstream media, het leger, onderwijsinstellingen, en ook georganiseerde religies, denktanks en liefdadigheidsinstellingen, en niet in de laatste plaats overheden en grote bedrijven.

Mensen die disempowered zijn, tonen zich vaak sterk afhankelijk van nota bene de structuren die ze in hun zelfontplooiing tegenhouden, die ze in hun denken en handelen beperken en problemen voor ze veroorzaken en in stand houden. Disempowerment zorgt ervoor dat mensen zich door autoriteiten laten vertellen wat ze moeten denken en doen.

Mensen die existentieel afhankelijk zijn van autoriteit worden door u aangeduid met de term authoritarians.

Ik onderscheid twee soorten authoritarians. De ene soort gelooft alles wat ze verteld wordt, hoe vaak het verhaal ook veranderd wordt. De andere groep die nog enigszins zelf kan nadenken, en de eigen regering niet meer vertrouwt, blijft toch in de basis afhankelijk van een autoriteit buiten zichzelf, want schenkt zijn vertrouwen aan een nieuwe regering met hetzelfde gemak waarmee hij zijn vertrouwen heeft geschonken aan de vorige.

Terugkomend op 9/11: Het belangrijkste is niet wat er precies gebeurd is die dag, maar de vraag: geloof je blind het officiële verhaal of heb je het intellectuele vermogen om zelf een solide onderbouwde mening te vormen? Als je tot de eerste groep hoort, dan maakt het niet uit hoe belachelijk het verhaal is dat autoriteiten je vertellen. Je zult het hoe dan ook verdedigen en je zult redenen vinden om mensen die wat anders geloven in diskrediet te brengen.

Als je zo denkt dan ben je een brave pion, zoals Adolf Eichmann, één van de hoofdverantwoordelijken voor de massamoord op de joden en andere slachtoffers van het Derde Rijk. Voor Eichmann maakte het niet uit of het systeem dat hij diende verwerpelijk was of niet. Voor hem was moreel gedrag het zo goed mogelijk bijdragen aan het systeem. De mensen die hem onderzochten, toen hij door de Israëli’s gevangen genomen was, vonden hem vooral normaal en erg aardig.

[pullquote]Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken.[/pullquote]

Mensen die het systeem waar ze deel van uitmaken niet kunnen bekritiseren, kunnen de gedachte niet verdragen dat ze aan een kakistocratie bijdragen. Zij houden deze daarmee uiteindelijk in stand. Door het simpelweg niet voor mogelijk te houden dat ze bestuurd worden door de slechtsten. 

Is het niet moeilijk om als educated mind een positie aan de universiteit te verwerven en te behouden?

Ik hou mij voldoende aan de regels om er niet uitgegooid te worden, en ik krijg goede evaluaties van mijn studenten. Het is ook niet voor niets dat ik associated professor ben en geen hoogleraar. Als hoogleraar zit je vast aan een vakgebied. Dat wil ik niet. Na vijf jaar wil ik iets anders gaan doen. Ik ben iemand die steeds naar plekken gaat waar iets te ontdekken valt, of dat nu signaalanalyse, cognitiewetenschap, geluidsoverlast of geopolitiek is. Ik kom weleens buiten de comfortzone van mensen. Dat vinden ze niet leuk. Maar dat heb je overal. Niet alleen aan de universiteit. Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken. Als ze echt goed kunnen nadenken heb ik vertrouwen in hun gedachten, hun opinies en de uitkomsten van hun handelen en bemoei ik me niet met wat ze precies denken.

Posted on

“Demonisering Poetin is zeer gevaarlijk”

Marie-Thérèse ter Haar is de grande dame van de Nederlands-Russische betrekkingen. Sinds begin jaren tachtig, toen Rusland nog onderdeel uitmaakte van de Sovjet-Unie, zet ze zich in voor een beter wederzijds begrip tussen de landen. Als tolk-vertaalster en koppelaarster begeleidt zij multinationals als Shell, ABN Amro, Rabobank, Philips, Campina en Grolsch op de Russische markt. In Moskou, waar zij een deel van het jaar woont, en ook in Sint-Petersburg, maakt zij studenten aan de universiteit wegwijs in de Nederlandse taal en cultuur. In haar vrije tijd speelt zij viool in het Moskou Symfonieorkest en zet ze zich in voor de Rotary Club Moskou.

Vanuit haar tweede woonplaats Arnhem, reist Ter Haar het land door voor het verzorgen van lezingen over Rusland-gerelateerde onderwerpen, maar ook voor het geven van solovoorstellingen over de levens van de tsarina’s Catharina de Grote en Alexandra Romanov. Verder verzorgt zij culturele groepsreizen; zowel naar Rusland als naar andere voormalige sovjet-republieken.

Plaats van gesprek is Ter Haars Rusland & Oost-Europa Academie, gevestigd in een statig pand langs de Arnhemse Rijnoever. Ze is net terug van een lezing in Tilburg, voor een ondernemersvereniging, en moet duidelijk nog even stoom afblazen over de reacties die ze daar voor haar kiezen kreeg: de gebruikelijke aantijgingen over agressieve Russen die elk moment Europa kunnen binnenvallen en een dictatoriale Poetin die iedereen uit de weg ruimt die hem voor de voeten loopt.

Ter Haar: “Toen na afloop de wijn ging werken waren er tien macho-meneertjes, die allemaal hun zegje deden, waarbij de een het nog beter wist dan de ander, en ik terloops naar het hoofd geslingerd kreeg dat ik geïndoctrineerd was, het allemaal niet meer helder zag, en men zich hardop afvroeg of ik misschien door de Russische regering betaald werd. Van alle aanwezigen die het zo goed dachten te weten, was er maar één met Rusland-ervaring. Hij was één keer in het land geweest. Als toerist.”

Ter Haar benadrukt dat er veel niet in orde is in Rusland, en dat ze niks wil goedpraten wat fout is. Ze vindt alleen dat er weinig klopt van het algemene beeld dat wij in het Westen van Rusland hebben, en dat de politiek en media hiervoor verantwoordelijk zijn. “Onze berichtgeving toont weinig oog voor de achtergronden van het land”, zegt ze. “Laten we, voordat we oordelen, eerst eens onze westerse bril afzetten, en proberen in de schoenen te gaan staan van de Russen. Wij in het Westen vinden Poetin maar niks. Maar de grote meerderheid van de Russen loopt met hem weg. Die kunnen toch niet allemaal gek zijn?”

Een gesprek over: de Russische presidentsverkiezingen van 18 maart, de toenemende dreiging van een oorlog met het land, en de anti-Poetin-retoriek in de Nederlandse pers en politiek.

Jij schrijft in jouw boek De Ontgoocheling – Rusland en het Westen dat de Nederlandse pers niet veel verschilt van de Russische?

Ook in Nederland worden er feiten verdraaid en belangrijke zaken weggelaten. Er is sprake van stemmingmakerij, de nuance ontbreekt. Zelden wordt een spreker aan het woord gelaten die de zaak van een andere kant belicht.

Het zijn vooral de hardliners die een podium krijgen in de media. Van kopstukken uit de VVD, PvdA en D66 tot en met NAVO-secretarissen; en van virulente Ruslandhaters tot en met betweterige parlementsleden die nog nooit in Rusland zijn geweest. Allen appelleren ze aan het Koude-Oorlog-spookbeeld van ‘De Russen komen’.

Er zijn veel westerlingen met verstand van Rusland, die begrip hebben voor de Russische positie of die kritisch zijn ten opzichte van de westerse politiek. Zij komen bij ons nauwelijks aan het woord in de media. Alleen op het internet en bij de Russische zenders Rossia 1 en RT krijgen ze de ruimte.

Wij, met onze vrije pers, gaan ervan uit dat onze nieuwsvoorziening niet gemanipuleerd wordt en onbevooroordeeld is. En daarin schuilt wel het grootste gevaar. Wij zijn zelf het slachtoffer van de grootste zelfcensuur in de westerse media sinds de Tweede Wereldoorlog.

Jij citeert in jouw boek met instemming Henry Kissinger die zich kritisch uitlaat over de ‘demonisering’ van Poetin. Zelf noem je die demonisering ‘een zeer gevaarlijke zaak’. Waarom? 

Op Kerstavond stond ik op het vliegveld in Moskou, met een reisgezelschap dat ik leidde. Het was de bedoeling dat we Kerst zouden vieren in Rusland. Ik werd er uit de rij gehaald door een douanier. Hij zei: “Uw papieren zijn niet in orde. U moet terug naar Nederland.” Ik zei: “Beste meneer, ik ben verantwoordelijk voor al die mensen die u net heeft doorgelaten. Zij staan al aan de overkant. Ik heb nooit problemen. Ik woon al dertig jaar in Rusland. Wat kan hier aan de hand zijn?” Het leek mij een eerlijke man. Geen Brezjnev-type. Dus ik dacht dat er een kans was dat ik hem nog om kon praten. Maar toen mij eenmaal duidelijk werd dat ik toch op het vliegtuig terug gezet zou worden, smeekte ik hem: “Ik ben uw land goedgezind. Hier, ik bied u 200, 300 euro om mij er door te laten.” Dat was totaal verkeerd geschoten van mij. Hij veranderde van een aardige in een boze man, die mij bulderend duidelijk maakte hoezeer het hem dwars zat dat wij vanuit het Westen de Russen steeds maar weer de les lezen en schofferen. Hij zei: “U in het Westen beschuldigt ons er van een corrupt land te zijn. En wat doet u? U probeert mij om te kopen.”
Zoals deze meneer zijn er tegenwoordig velen in Rusland. Ze pikken het niet langer, ons opgeheven vingertje, de sancties tegen hun land, onze militaire dreigementen, onze betweterigheid, onze bemoeizucht. Je ziet daaraan: De schade die wij hebben aangericht in Rusland is enorm. Rusland was eerst nog op de hand van het Westen. Ze namen een voorbeeld aan ons. Maar sinds een jaar of twee is dat helemaal aan het omdraaien. Het nationalisme neemt toe. De Russen keren zich steeds meer van ons af, en zoeken steeds meer toenadering tot China en andere niet-Westerse landen. Ze zien: In het Oosten daar gebeurt het. Daar liggen de economische kansen.

Is jou inmiddels duidelijk geworden waarom je er werd uitgepikt bij de douane?

Van de Russische ambassade in Den Haag hoorde ik achteraf dat ik niet de enige was die die dag was teruggestuurd naar Nederland. Er zat ook iemand bij van Philips en drie journalisten, waarvan twee waarschijnlijk van de Volkskrant. En waarschijnlijk had het er mee te maken dat het ‘code rood’ was voor de Russen. Op Kerstavond was bekend geworden dat de VS weer nieuwe wapens zouden leveren aan Oekraïne. 

Het is spijtig dat de verhoudingen zo verstoord zijn. Maar hoezo vind je dat ‘zeer gevaarlijk’? 

Door de demonisering van Rusland begint er een draagvlak te ontstaan voor het voeren van een oorlog. Aan beide zijden.

In de Baltische staten houdt de NAVO schietoefeningen langs de Russische grens. Er vliegen Russische bommenwerpers langs de Noorzeekust. Er hoeft maar een ongelukje te gebeuren, in Oekraïne of in Estland, iemand van de NAVO of van het Russische leger die zijn geduld verliest, of een inschattingsfout maakt, en we hebben de poppen aan het dansen.

In juli 2016 heeft Gorbatsjov nog alarmerende woorden gesproken op de Russische televisie. Hij heeft gezegd de indruk te hebben dat de NAVO voorbereidingen treft voor een aanval op Rusland.

De Amerikaanse minister van Defensie James Mattis heeft afgelopen maand gezegd Rusland en China als een grotere bedreiging te beschouwen dan terroristische groeperingen als IS en Al Qaida.

Je kunt je afvragen hoe het mogelijk is dat de Amerikanen Donald Trump tot president hebben verkozen. Maar met Hilllary Clinton was het niet beter geweest. Als minister van Buitenlandse Zaken heeft ze er alles aan gedaan om de relatie met Rusland te verstoren, niet in de laatste plaats in Oekraïne.

In het begin van de jaren ’80 werd er in Nederland nog massaal gedemonstreerd tegen de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten. Het nummer De Bom van Doe Maar was een grote hit. Nu lijkt niemand in Nederland zich nog bewust van het gevaar van een kernoorlog. Hoe zit dat met de Russen? Zien die de ernst in van de situatie?

Ook in Rusland is het gevaar van een kernoorlog geen onderwerp van gesprek. Mensen willen er waarschijnlijk liever niet aan denken dat het met één knal afgelopen kan zijn. Het gaat het menselijk voorstellingsvermogen te boven.

Donald Trump heeft in zijn eerste persconferentie nog gewaarschuwd voor een ‘nuclear holocaust’, en de pers ervan beschuldigd het hem onmogelijk te maken de relatie met Rusland te verbeteren. Hoe verklaar jij de anti-Russische houding van de westerse media?

China en Rusland zijn opkomende machten, en de VS willen die de kop indrukken omdat ze streven naar alleenheerschappij. Zie de Wolfowitz-doctrine die ik in mijn boek noem, en Project For A New American Century. Natuurlijk speelt ook de lobby van de Amerikaanse wapenindustrie een grote rol. Die heeft er belang bij dat de spanningen tussen Oost en West in stand worden gehouden.

Wij in Nederland worden meegezogen in dat Amerikaanse verhaal van gecreëerde vijanden. We kunnen kennelijk niet onze eigen koers bepalen.

Jeltsin en later ook Poetin hebben te kennen gegeven open te staan voor een lidmaatschap van de NAVO. De toenmalige secretaris-generaal van de NAVO was voor, net als Duitsland en Frankrijk. Maar de Amerikanen waren tegen. Zij hebben de controlerende stem binnen de NAVO.

Zijn er nog andere partijen die belang hebben bij het opvoeren van de spanningen met Rusland en het afvoeren van Poetin van het politieke toneel? 

Tijdens de chaos van de jaren negentig had een club oligarchen zich het hele land toegeëigend. Toen Poetin de macht wilde terugbrengen bij de staat, en begon met het innen van achterstallige belastingbetalingen, is een aantal van die oligarchen naar het Westen gevlucht. In hun kielzog volgden personen als Masha Gessen, Bill Browder en Gary Kasparov. Die verdienen hun brood met het demoniseren van Poetin. Ze worden overal uitgenodigd, en komen overal, tot in de Balie en de Rode Hoed aan toe.

De Russen zien deze mensen als de Vijfde Kolonne. Ze zijn er heel erg allergisch voor. 

Je zegt in je boek een verschil te zien tussen de Nederlandse en de  Duitse pers.

Die vormen een positieve uitzondering. Veel vooraanstaande Duitsers pleiten in de media en in de politiek voor betere betrekkingen met Rusland en benadrukken dat de westerse waarden en vrijheid niet worden bedreigd door Rusland. De Duitsers kijken breder en minder door een NAVO-bril. Het lijkt alsof zij meer de ernst zien van een dreigende oorlog op ons continent. Zij begrijpen beter dat Rusland zich omsingeld voelt door NAVO-troepen en ze vragen zich af of de EU niet te ver is gegaan door Oekraïne binnen de Europese invloedssfeer te halen zonder Rusland hierin te kennen.

Je houdt in je boek een pleidooi voor een meer genuanceerde berichtgeving. Ben je hierover al eens in gesprek geweest met Nederlandse correspondenten en Rusland-deskundigen?

Om gericht met mensen hierover in gesprek te gaan ontbreekt mij helaas de tijd. Maar ik kom ze wel eens tegen, Hubert Smeets, Michel Krielaars en Peter d’Hamecourt. En ik heb wel eens aan ze gevraagd: “Waarom laten jullie maar steeds één kant van het verhaal horen?” Onder vier ogen is het goed praten met ze, vooral als ze een borrel op hebben. Dan erkennen ze soms zelf dat het niet deugt bij de media waarvoor ze werken. Maar op de televisie of in de krant vertellen ze weer het bekende verhaal over Rusland waar niks goed is of het deugt niet.

Wat vind je van de met belastinggeld betaalde website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink? Sommigen, waaronder Stan van Houcke, noemen dat een ‘anti-Ruslandwebsite’.  

Ik vind het niet te pruimen. Ik begrijp niet wat er met die mensen is gebeurd. Waarom schrijven ze alleen nog wat de Nederlandse politiek en media willen horen? Ik kon het vroeger zo goed met ze vinden. Ik kijk wel eens naar mijzelf in de spiegel; niet om mijn haar te kammen, maar met de vraag: “Ben ik misschien degene die de nuance uit het oog is verloren, in plaats van zij?” Maar ik denk dan: “Vroeger keek ik tegen ze op, omdat ze ouder waren dan ik en meer ervaren, en misschien zie ik nu pas hoe ze werkelijk zijn.”

Hubert Smeets en Laura Starink zijn nu geen correspondent meer bij het NRC. Maar hun opvolger Steven Derix is geen haar beter. In zijn artikelen ontbreekt elke nuance. Hij geeft zijn lezers de indruk dat Rusland een verschrikkelijk land is om in te leven, en dat alles de schuld is van Poetin.

Je lijkt een medestander te hebben in hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times. Zij vindt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ en noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant.

Dat ziet ze inderdaad goed. Maar in haar analyse van de Russische media zie ik dat zij echt een leerling is van Derk Sauer, de eigenaar van die krant. Ik ken hem nog van een cursus Ruslandkunde die wij gevolgd hebben, in 1993 of 1994. Ik heb respect voor hoe hij in de jaren negentig in Rusland een media-imperium heeft opgebouwd. Hij had dé persoon kunnen zijn die in Nederland het echte Rusland kon laten zien. Maar helaas. Wat ben ik teleurgesteld in hem. Het enige wat hem nog lijkt te interesseren is de vraag: “Hoe kom ik zo vaak mogelijk bij Jinek en De Wereld Draait Door?”

In navolging van Eva Hartog liet ook Pieter Waterdrinker onlangs weten dat er iets mankeert aan de berichtgeving over Rusland. Hij heeft zelfs Poetin in verdediging genomen tegen zijn westerse critici, en maakt geen gebruik meer van kwaadsprekende anonieme bronnen.

Pieter Waterdrinker heeft lange tijd in dubio gestaan. Vertel ik wat de politiek en media willen horen? Of vertel ik een genuanceerd verhaal? Tijdens borrels heb ik hem heel vaak kritisch gehoord over de Nederlandse Ruslandverslaggeving. Maar in zijn publieke optredens praatte hij weer heel anders. Ik ben blij dat dat nu anders is. Ik heb er ook respect voor, dat hij het uiteindelijk heeft aangedurfd kleur te bekennen.

Correspondent Joost Bosman van het Financieele Dagblad stelt dat het niet zo gek is dat Rusland vaker in het nieuws komt over mensenrechtenschendingen dan bijvoorbeeld een land als Duitsland. Hij zegt: “Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen.”  

Ik snap zijn reactie. Natuurlijk moet hij daarover schrijven, en ik prijs Joost Bosman voor zijn eerlijke verslaggeving. Maar ik vind het onterecht de huidige regering daar zo hard op af te rekenen. Het land komt van achthonderd jaar achterstand. Je kunt dan toch niet in tien jaar tijd alles goedmaken wat er fout is? Je mag dan ook wel kijken wat er in de afgelopen pakweg tien jaar is verbeterd. Zoals de hervorming van het gevangeniswezen, onder Dmitri Medvedev, toen die president was.
In tegenstelling tot Joost Bosman begin ik steeds meer waardering te krijgen voor Vladimir Poetin, omdat ik steeds meer ben gaan inzien wat het betekent om een land als Rusland te besturen. Russen, maar ook veel Oost-Europeanen, beschouwen het als een vanzelfsprekendheid dat de staat voor je zorgt. Ze nemen zelf weinig initiatief, stellen zich erg afhankelijk op. Dat is iets wat wij in Nederland maar niet kunnen bevatten. Steeds als de Russische overheid maatregelen neemt, dan zien wij dat als een verdere aantasting van de vrijheid van het Russische volk. Wat we niet zien is dat die maatregelen worden genomen bij gebrek aan initiatieven vanuit de bevolking zelf.

Hoe zie jij de rol van de mensenrechtenorganisaties in de demonisering van Rusland?

Bij organisaties als Amnesty werken veel mensen van goede wil, geweldig lieve mensen. Maar ik ben mij inmiddels gaan afvragen wat de werkelijke bedoelingen zijn van sommige van die organisaties. Zoals de NGO’s van meneer George Soros. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die in Kiev de mensen opjutten om in opstand te komen. Ik ben daardoor gaan begrijpen waarom de Russen mensenrechtenorganisaties met argwaan bekijken.

Je beschrijft in jouw boek een oud-medewerker van de AIVD die met jou op groepsreis ging naar Rusland. Hij zag dingen die er niet waren, zoals drie mannen in een zwarte auto die hem achtervolgden, en moest uiteindelijk door de Nederlandse SOS-dienst worden teruggevlogen naar Schiphol omdat hij helemaal was doorgedraaid. De paranoïde wanen van deze meneer doen mij denken aan bepaalde politici in Den Haag die overal Kremlintrollen zien.

Het is een treffende vergelijking. Die meneer Buma die zegt dat de Russen vuurtjes stoken in Nederland, en mevrouw Ollongren die vreest voor Russische beïnvloeding van de gemeenteraadsverkiezingen. Wat moet ik daar verder op zeggen? Ik kan er met mijn pet soms niet bij hoe deze mensen denken. Het is voer voor psychiaters. Minister Sergej Lavrov van Buitenlandse zaken heeft een keer grappend gezegd: “Wij Russen voelen ons gevleid dat wij de Amerikaanse presidentsverkiezingen hebben gewonnen.”

Ik probeer mij wel eens voor te stellen hoe ik zou hebben gedacht over Rusland als ik het land nooit had leren kennen. Ik denk dat het met je persoonlijkheid te maken heeft. Als iedereen in één richting praat, dan zullen de meesten denken: “Het zal wel zo zijn.” Slechts een enkeling denkt: “Klopt het wel?” Ik durf niet te zeggen dat ik tot de enkelingen had behoord. Ik kan het alleen hopen. Zo’n 95 procent van de Nederlanders die nog nooit in Rusland zijn geweest, hebben hun oordeel al klaar: “Het land deugt niet.” Het is bijna onmogelijk daar enige nuance in aan te brengen. Het is het gevolg van een jarenlange, dagelijkse stroom aan propaganda.

Op 18 maart kiezen de Russen een nieuwe president. Er zijn 14 kandidaten. Maar het wordt zo goed als zeker opnieuw Vladimir Poetin. Hoe kan dat? Jij verklaart Poetins populariteit uit de orde die hij heeft aangebracht in de chaos die zijn voorganger Jeltsin had aangericht in de jaren negentig. Toch is er de afgelopen jaren veel onvrede ontstaan over de toenemende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse verkiezingen die oneerlijk zouden zijn verlopen. Hoe kan het dat geen van de kandidaten die het opneemt tegen Poetin er in slaagt daar politieke munt uit te slaan?

Dat is omdat de Russen het idee hebben dat geen van die kandidaten een plan B heeft, een geloofwaardig alternatief biedt voor de huidige koers van de regering. Bovenal zijn de Russen bang voor de zoveelste revolutie. Met het wildwest-kapitalisme van de jaren negentig nog vers in het geheugen zitten ze niet te wachten op een nieuw experiment. Ze kiezen voor safe. Voor zover ze ontevreden zijn en hopen op verbetering is die hoop niet gevestigd op andere politici maar op de huidige machthebbers.
Daar komt bij dat de meeste Russen helemaal niet geïnteresseerd zijn in politiek. Een praatcultuur zoals bij ons in Nederland, over ‘wat wil Pechthold’, ‘wat doet Rutte’ en ‘wat vinden we van Ollongren’, kennen ze daar helemaal niet. Ik zie het althans heel weinig in mijn omgeving: mensen uit de middenklasse en studenten aan de universiteit.

Al die demonstraties in Rusland lijken een ander beeld te geven. Volgens Ruslandkenner Bas van der Plas, die een aantal van die demonstraties bezocht, nemen ze al sinds enige jaren in aantal en omvang toe.

Ik herken dat niet. Op die demonstraties in Moskou en Sint-Petersburg wordt altijd flink ingezoomd, zodat het lijkt alsof ze heel groot zijn. Maar in werkelijkheid lopen er dan maar iets van 8000 mensen door de straten. Zet dat tegenover het inwonertal van Moskou: ruim 12 miljoen.

Je schrijft in jouw boek dat er in 2012 zoveel protestmarsen waren in Moskou dat het verkeer ernstig belemmerd werd, en je regelmatig te laat kwam op jouw afspraken.

Het leek toen inderdaad een doorgeslagen protestmaatschappij. Op de ene hoek stonden jonge anarchistische neo-bolsjewieken te protesteren en op een andere hoek aanhangers van Poetins partij Verenigd Rusland. Een paar stoplichten verder gingen veertig bejaarden met vlaggen van hamer en sikkel de straat over, om vervolgens bij de Doema op een protestmars van een anti-WTO beweging te stuiten. Het verkeer werd daardoor ernstig belemmerd.

Sinds een paar jaar moet je daarom een vergunning aanvragen voor demonstraties. Ik snap niet waarom wij daar in het Westen over vallen. Dat is bij ons toch ook normaal? Bij ons moet je toch ook een vergunning aanvragen om in protest de straat op te gaan? Soms krijg je zo’n vergunning niet, en als je dan toch gaat demonstreren, maakt de politie er een einde aan.

Poetin is, in tegenstelling tot zijn tegenkandidaten, iedere dag op televisie te zien. Dat zorgt er voor dat zijn populariteit groot blijft.

Die tegenkandidaten mogen van mij vaker op televisie, maar ik denk niet dat ze daarmee hun kansen vergroten. Ook bij de meeste Russen die buiten Rusland wonen is Poetin heel populair.

We horen in het Westen veel over Aleksej Navalny, die niet mee mag doen aan de verkiezingen en al een paar keer in de gevangenis is beland.

Drie jaar geleden zag ik nog wat in hem. Ik dacht: “Die doet tenminste wat. Hij heeft een leuke uitstraling. Hij vertegenwoordigt een nieuwe generatie Russen.”

Maar inmiddels is hij op de populistische toer gegaan, en roept nu dingen als: “Als ik president van Rusland wordt, dan gaan alle tsjorni, alle zwarten eruit.” (Tsjetsjenen en mensen uit de Aziatische voormalige sovjet-republieken, EvdB) Vergelijk dat met het beleid van de Russische overheid van de afgelopen tien jaar. Om het fundamentalisme onder moslims tegen te gaan is er flink geïnvesteerd in onderwijs, en ook in de ‘onderbuik van Rusland’, in de economieën daar, van de deelrepubliek Tsjetsjenië tot en met de buurlanden Kazachstan, Oezbekistan en Tadzjikistan.

Een andere presidentskandidaat waar we in het Westen veel over horen is tv-persoonlijkheid Ksenia Sobtsjak. Het NRC suggereert dat zij een verlengstuk is van Poetin en meedoet om de verkiezingen meer aanzien te geven en ook om stemmen bij de liberale partijen weg te kapen. Hoe zie jij haar kandidatuur? 

De reden dat de Westerse media haar afschilderen als een beschermeling van Poetin is omdat hij een student is geweest van Sobtsjaks vader, toen die professor was aan de Universiteit van Leningrad. En ook omdat Poetin in 1999 als premier een einde maakte aan het corruptieonderzoek dat tegen haar vader liep. Maar ik zie niet hoe Poetin belang heeft bij de kandidatuur van Ksenia Sobtsjak. Geen van de andere liberale kandidaten vormt een bedreiging voor Poetins herverkiezing. Ook Sobtsjak maakt geen enkele kans. De Russen zien haar als talkshowpresentatrice en glamourgirl. Iedereen die weet wat ervoor nodig is Rusland te besturen lacht om haar kandidatuur. Ze heeft geen enkele bestuurlijke ervaring. Ze heeft zelf ook al aangegeven dat ze weinig kans maakt Poetin op te volgen. De reden waarom ze dan toch meedoet? Ze staat graag in de belangstelling. En misschien ook om te kijken hoever ze komt. 

Jij zegt: ‘Wij wanen ons in het Westen superieur aan Rusland.’ Zijn er zaken waarvan jij zegt: Wij kunnen nog een voorbeeld nemen aan Rusland?

Op zaterdagavond lijkt het hier in de binnenstad van Arnhem een sport te zijn zoveel mogelijk MacDonalds-zakken en Coca Cola-flessen op straat te gooien. Als je op zondagochtend door de stad loopt is het een grote ravage. In Rusland zal je zoiets nergens zien. Mensen spreken elkaar er op aan dat het not done is je afval op straat te gooien.

Ik zie daarnaast dat het de norm is in Rusland om niet al te luidruchtig te praten in publieke ruimtes, zoals in restaurants, op vliegvelden, op scholen, in de metro, op vergaderingen. Dreinende peuters worden terecht gewezen. In de metro zie je jonge mensen opstaan voor ouderen en heren voor dames.

In Nederland leggen wij dat negatief uit. We zien het als een achteruitgang dat de Russen conservatiever en patriottischer worden, het gezinsleven voorop stellen en dat de kerk weer een grotere rol gaat spelen. Maar ik ervaar het als een verademing de mensen zo te zien knokken voor beschaving. Ze doen hard hun best om, na de ellende van het communisme en de chaos van de jaren negentig, hun land weer op de rails te krijgen.

Andere zaken waar we in Nederland een voorbeeld aan kunnen nemen?

De Russen zijn er trots op dat hun land geen noemenswaardige staatsschulden meer heeft. Dit in tegenstelling tot de megaschulden van de VS en de EU.

De Russen zijn ook erg gesteld op hun cultuur. De theaterzalen zitten avond na avond bomvol. Ze zijn trouw aan hun tradities, zoals Internationale Vrouwendag. Dan komt meneer Grolsch naar mij toe en die vraagt: “Wat moet ik daar toch mee? Dan wordt er zeker weer van mij verwacht dat ik aan de vrouwelijke medewerkers rozen uitdeel en gedichten van Tolstoi?” Dan zeg ik: “Dat is wel de manier om uw waardering te tonen aan de vrouwen hier, en als u daar in meegaat, dan geven ze u het beste wat ze te bieden hebben.” Maar dan zegt meneer Grolsch: “Ik wil helemaal niks met cultuur, ik wil dat het personeel mij helpt de omzet te versnellen.”

Daar gaat het dus mis tussen de Russen en de Nederlanders. Zij willen gewaardeerd worden om hun eigen identiteit, en wij kunnen daar maar geen begrip voor opbrengen.

Hoe is de positie van de vrouw in Rusland?

Aan de ene kant ongeëmancipeerd. Je ziet weinig mannen achter een kinderwagen lopen of een aardappeltje meeschillen. Maar aan de andere kant is de Russische vrouw veel geëmancipeerder dan de Nederlandse. In Rusland zitten er veel meer vrouwen op topfuncties. Dat is een erfenis van het communisme. De Russische vrouw is al decennialang hoogopgeleid. Ze heeft recht op een zwangerschapsverlof van een jaar en de garantie dat ze bij terugkeer op haar werk weer aan de slag kan in haar oude functie.

Wat heb jij met Catharina de Grote? Jij verbeeldt haar in jouw solovoorstellingen, en er staat een borstbeeld van haar in jouw Rusland & Oost-Europa Academie.

Er is veel dat ik in haar herken. Zij was een vrouw die leefde tussen twee culturen, de westerse en de Russische. Van Duitse prinses werd ze tsarina van Rusland. Zij stuitte op veel onbegrip van westerse tijdgenoten als Voltaire en Montesquieu, die vonden dat ze het land waarover ze regeerde niet snel genoeg hervormde. Dan schreef ze teleurgesteld: “Die filosofen en politici zitten daar in hun westerse studeerkamers en chique paleizen, en dan denken ze dat ze mij kunnen vertellen hoe ik van Rusland in een paar jaar een Europees land moet maken. Ze hebben geen idee van het grote verschil in cultuur en mentaliteit.”

Ik ervaar dat net zo. Dan zie ik zo’n Frans Timmermans, of in de VS Hillary Clinton. Het zijn geen grote filosofen als Voltaire en Montesquieu, maar ze zijn even betweterig. Ze eisen van de Russische regering dat die het land à la minute omtovert in een democratie naar westers model. Ik kan mij daar flink aan ergeren. Dat heb ik gemeen met Catharina.

Jij stelt dat Poetin een enorme populariteit geniet bij Russische vrouwen. Hoe verklaar je dat?

Het is waar. Ik schat zijn populariteit bij vrouwen op 82 procent, uit alle lagen van de bevolking, van jong tot oud. Ze hangen aan Poetin. Heel apart. Ik vraag wel eens aan de vrouwen die ik ken, bij de Rotary, in het orkest waar ik speel en op de universiteit. “Wat zien jullie toch in die man?” De antwoorden die ik dan hoor komen meestal aardig overeen: “Hij drinkt en rookt niet, hij sport, hij is een patriot, hij wil het beste voor Rusland, hij heeft ons uit de ellende geholpen en heeft ons land weer op de kaart gezet.”

Ik zeg wel eens grappend tegen mijn studentes: “Prima als je hem zo’n goede president vind. Maar je moet geen Poetin t-shirt aantrekken, want dan ga ik gillen.”


Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

“Pers in Rusland was veel te vrij”

Als student journalistiek aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle belandde Joost Bosman in 1991 in wat toen nog de Sovjet-Unie was. In hetzelfde jaar schreef hij voor Nederlands Dagblad zijn eerste artikelen over onder meer de staatsgreep tegen de toenmalige president Michail Gorbatsjov. Terug in Nederland studeerde hij Ruslandkunde aan de Universiteit van Amsterdam, om vervolgens via een omweg (regionaal verslaggever PZC en eindredacteur persbureau DPD) weer in Rusland te belanden.
Sinds 2014 is Joost Bosman vaste correspondent in Moskou. Eerst nog voor de DPD, maar nu vooral nog voor Het Financieele Dagblad en BNR Nieuwsradio.

Een gesprek met Joost Bosman over de Russische journalistiek en de Nederlandse Rusland-verslaggeving.

Bestaat er een vrije pers in Rusland?

In de jaren ‘90 was de pers vrijer dan ooit in Rusland. Sterker nog: ze waren veel te vrij. Ze schreven maar raak, over corruptie die er soms niet was, ze deelden links en rechts beschuldigden uit, en dat kon allemaal maar. Ministers en andere politici konden wel naar de rechter stappen, maar ze zagen daar meestal van af, want er was geen beginnen aan. De media in Rusland zijn dus gegaan van: een strenge censuur in de Sovjet Unie, naar volledig losgeslagen in de jaren negentig, naar een soort mengvorm onder Poetin.

De pers is dus nog wel vrij?

Er zijn nog altijd kranten die min of meer schrijven wat ze willen, waaronder Kommersant. Die krant is in handen van Alisjer Oesmanov, een van de rijkste mensen van Rusland. Hij heeft nauwe banden met het Kremlin, maar heeft ook van meet af aan gezegd: Ik ga me niet met de redactie bemoeien. Daar houdt hij zich aan. Ik vind het een erg goede krant, die feiten en meningen goed van elkaar gescheiden houdt, wat bij Russische kranten nog wel eens een euvel is. Kommersant heeft het bewijs geleverd dat er militairen van het Russische leger aanwezig waren in de Donbass, in het oosten van Oekraïne. Ze hebben die daar ter plekke gesproken. Dat heeft dus in de krant gestaan. Ze hebben dat kennelijk mogen publiceren.

Vooral Novaya Gazeta geniet in het Westen een grote bekendheid.

Het is de moedigste krant van Rusland. Zes journalisten van Novaya zijn vermoord, onder wie de belangrijkste, Anna Politkovskaja. Maar toch gaan ze door met waar ze mee bezig waren. Novaya levert kritiek op het Kremlin als geen ander. Poetin en het Kremlin kunnen in hun ogen niks goeds doen. Ik vraag mij wel af: Kun je het nog wel een krant noemen? Het lijkt meer op een activistenblad dan op een journalistiek medium. Maar ze halen wel feiten boven water. Zo hadden ze eerder dit jaar die primeur over gevangenissen in Tsjetsjenië waar homo’s worden gemarteld en vermoord. De Tsjetsjeense overheid is daardoor in blinde paniek geraakt. De leider van Tsjetsjenië, Ramzan Kadirov, heeft direct de oorlog verklaard aan Novaya. De journaliste die het artikel schreef heeft moeten onderduiken. Zij is overigens tegelijk mensenrechtenactiviste. Dat tekent een beetje die krant.
Ze hebben trouwens weinig geld. Ik heb wel eens gehoord dat ze geen van allen een salaris krijgen. Waar ze dan van leven weet ik ook niet.

Novaya Gazeta heeft in elk geval geld ontvangen van de Nederlandse ambassade in Moskou.

Ja, en ook van George Soros hebben ze geld gekregen. Maar dat is eigenlijk meer om de krant overeind te houden dan dat ze daarvan  salarissen kunnen betalen waarschijnlijk. Ze zullen het niet breed hebben. Als je op de redactie rondloopt, dan ziet het er vrij mager uit allemaal, een beetje shabby zelfs. Maar ze maken die krant toch maar drie keer per week.

Ik heb de adjunct-hoofdredacteur van Novaya een keer geïnterviewd en die zei: ‘Wij mogen schrijven wat we willen omdat wij voor het Kremlin een uithangbord zijn, een visitekaartje. Als er vanuit het Westen gemekker komt over de persvrijheid in Rusland, dan kunnen de autoriteiten zeggen: ‘Hoezo? We hebben Novaya toch? Kijk eens wat die een bagger over ons uitstorten.’

En ten tweede zegt hij: ‘Stiekem heeft iedere minister de krant op z’n bureau liggen, om te zien wat er nu echt gebeurt in Rusland en om de stemming te peilen in het land.’

Maar helemaal vrij wordt de krant niet gelaten. Als Novaya iets schrijft wat de autoriteiten niet bevalt, dan worden opeens de papier- en drukkosten verhoogd

Daar zit de overheid achter? Die vertelt de drukkerij dat die de papier- en drukkosten moet verhogen?

Daar zijn zij van overtuigd. En het kan ook geen toeval zijn. Als zij iets lelijks schrijven over bijvoorbeeld Poetin, en drie dagen later krijgen ze te horen dat de huur wordt verhoogd of dat de papier- en drukkosten worden verhoogd…

Maar ze zijn toch voortdurend kritisch over Poetin en het Kremlin?

Jawel. Maar de autoriteiten grijpen alleen in als ze vinden dat Novaya echt over de schreef gaat.

Waar het om gaat: Novaya heeft het economisch heel erg moeilijk. De autoriteiten maken daar gebruik van door ze dat af en toe flink te laten voelen.
De enige reden dat Novaya nog steeds niet verboden is, noemde ik al: Novaya is een symbool geworden voor de persvrijheid in Rusland. Het verbieden van die krant, zou een grote imagoschade voor de autoriteiten met zich meebrengen.

Kunnen kranten verboden worden in Rusland? Is er een wet die dat mogelijk maakt?

Telekanal Dozjd (TV Rain, EvdB) was een televisiestation dat in heel Rusland te ontvangen was. Ze zijn groot geworden eind december 2011, toen er in de grote steden tienduizenden mensen de straat op gingen om te demonstreren vanwege de fraude die er gepleegd was tijdens de parlementsverkiezingen. Dat leek een soort revolutie te worden. Dozjd besteedde uitgebreid aandacht aan de demonstraties. Ze namen ook heel duidelijk stelling. Ze zeiden: ‘Het kan niet door de beugel wat er gebeurd is.’ De reporters van Dozjd gingen zelfs, naar het voorbeeld van de demonstranten, met witte lintjes opgespeld, de straat op. Heel activistisch dus, een beetje zoals Novaya Gazeta, maar dan op televisie.

Telekanal Dozjd werd toen uit de lucht gehaald?

Drie jaar later, in de aanloop naar 9 mei, de dag waarop de Russen jaarlijks de overwinning vieren op Hitler-Duitsland, hield Dozjd een opinieonderzoek. Ze legden mensen de vraag voor: ‘Was het beleg van Leningrad de moeite waard? Woog het aantal mensenlevens dat dat gekost heeft op tegen het weg houden van de Duitsers uit de stad?’

Dat was heel erg tegen het zere been van de autoriteiten, en eigenlijk ook van iedereen in Rusland. Want vergis je niet, Rusland is een oerconservatief land. Alle tradities moeten behouden blijven, en vooral De Grote Vaderlandse Oorlog is heilig. Zelfs de liberalen denken er zo over.

Dat was het einde van Telekanal Dozjd?

In ieder geval op televisie. De zender is uit de ether gehaald. Je kunt hem alleen nog via internet bekijken.

De zendvergunning werd ingetrokken of niet verlengd?

Dat weet ik niet. Maar die opiniepeiling was een stok om de hond mee te slaan. Dozjd was natuurlijk al jaren een doorn in het oog van de autoriteiten omdat ze gewoon te kritisch waren.

(Russische media melden dat diverse grote providers na het schandaal rond de peiling over Leningrad besloten Dozjd uit het pakket te halen, red.)

De pers in Rusland is dus wel vrij, maar tot op zekere hoogte?

Kranten die alles schrijven wat ze willen zijn er niet veel. Sommige kranten zijn volledig gelijkgeschakeld; anderen zoals Moskovski Komsomolets zijn een mengvorm van onafhankelijk en pro-Kremlin.

Officieel is er persvrijheid. Dat de meeste media in Rusland daar niet volop gebruik van maken en te weinig kritisch zijn is het gevolg van een keuze. Het is in wezen vrijwillig. Je hebt nu een situatie die omgekeerd is aan hoe het in de Sovjet Unie ging met journalisten. Er was toen officieel censuur. Als je iets verkeerds schreef, ging het rode potlood erdoor en je kon in de problemen komen. Maar de journalisten wilden toen nog wel de waarheid schrijven. Dat werd ook een beetje een sport, zo van: ‘Wat krijg je door de censuur?’ Ze gingen heel omfloerst dingen melden, in de hoop dat de censuur er overheen zou lezen en de goede verstaanders het toch zouden begrijpen. De lezers wisten ook: ‘Je moet tussen de regels lezen.’ Nu hebben we de omgekeerde situatie. Er is geen officiële censuur meer, dus journalisten mogen eigenlijk wel schrijven wat ze willen, maar ze willen het zelf niet meer. Ze doen vrijwillig aan censuur. Dat vind ik eigenlijk een nog kwalijker situatie, want dat heeft de mentaliteit van de journalisten totaal omgedraaid.

De media in Rusland zijn sinds de annexatie van de Krim ook een nationalistischer koers gaan varen en nog meer in de armen gedreven van het Kremlin. Veel journalisten hebben zich echt heel erg beledigd gevoeld door de sancties die wij Rusland als straf hebben opgelegd. Ze begrijpen niet waarom wij ons bemoeien met iets wat zij beschouwen als een interne gelegenheid. Ze hebben zoiets van: ‘De Krim is toch van ons?’

Waarom passen Russische journalisten zelfcensuur toe?

Het is eigenlijk niet eens zozeer censuur. Het is erger dan dat. Het is de machthebbers naar de mond praten. Waar het ook over gaat, MH17, het dopingschandaal… Vanuit het Kremlin reageren ze nog steeds vanuit de vertrouwde sovjet-reflex ‘Ontkennen tot je er bij neervalt’. De kranten gaan daar volledig in mee.
Bij zelfcensuur is het zo dat je je kritiek inslikt, en dus dingen weglaat. Dat is minder erg dan leugens als waarheid presenteren.

Dat gebeurt bij ons toch ook? Zie de massavernietigingswapens van Sadam Hoessein die door de Nederlandse pers als een gegeven werden beschouwd. Het gaat om de vraag: Weten journalisten van wie jij zegt dat ze leugens verkopen dat zelf ook?

Dat weet ik niet. Misschien zijn ze al zo geïndoctrineerd dat ze dat niet eens weten.

Dat is wel een belangrijk verschil. Liegt een journalist willens en wetens? Of verkoopt hij onzin uit onwetendheid?

Misschien is het meer de indoctrinatie. Ik heb wel Russische journalisten gesproken over MH17, die zich oprecht niet konden voorstellen dat het toestel was neergehaald door de rebellen. Voor een deel geloven ze het dus zelf.

Als we nu de Russische pers vergelijken met de Nederlandse. Er zullen ondanks alle verschillen toch ook wel overeenkomsten zijn?

De Nederlandse media zullen voor een deel ook best bevooroordeeld zijn, bijvoorbeeld door Rusland te vaak in een kwaad daglicht te stellen. Dat geloof ik best. Al moet ik zeggen dat Rusland dat ook wel een beetje over zichzelf heeft afgeroepen de laatste jaren. Maar goed, los daarvan is mijn indruk dat de instelling van de westerse media anders is. Bij westerse journalisten zie je dat ze hoor en wederhoor toepassen, de medaille van twee kanten belichten. Dat is wat ik ten enen male mis in de Russische media.

Russische journalisten plegen geen hoor- en wederhoor?

Als het in de Russische pers over Oekraïne gaat, dan wordt alleen het standpunt verkondigd van de etnische Russen in de Donbass.
Er wordt geen wederhoor gepleegd in Kiev. De Oekraïense regering zal waarschijnlijk ook geen vragen van Russische journalisten meer beantwoorden. Ze hebben het zo gehad met de Russische pers. Alles wat ze zeggen, wordt toch verdraaid.

Dan zijn de Westerse media anders. Ze zijn informatiever en ze scheiden veel meer feiten van meningen.

Er kan in het Westen ook meer. Zie bijvoorbeeld het interview met Shaker Amer, de laatste Brit die gevangen had gezeten in Guantánamo Bay. Die man vertelde op prime time, op televisie dat hij ge-waterboard was, en dat hij er vrijwel zeker van was dat daar een of meerdere agenten van MI6 bij aanwezig waren geweest. Daarmee zette hij de Britse autoriteiten geweldig voor joker. Het was een schandaal. Ik weet niet hoe daar op gereageerd is, maar het kan gewoon. De BBC kon het hem vragen en die man mocht het vertellen.

Dat is iets wat je nooit op de Russische tv zult zien. Er zal nooit eens een keer een Oezbeek zijn of een ander die vertelt dat hij in het bijzijn van FSB-agenten is gemarteld.

Toch noemde je net twee voorbeelden van artikelen in de Russische pers die flink wat stof deden opwaaien: Kommersant die berichtte over Russische militairen in Oekraïne en Novaya Gazeta die schreef over homo’s in een Tsjetsjeense gevangenis.

Het kan wel. Maar zoals ik al zei: Zo’n krant krijgt daar wel problemen mee. Zoals met de huur en de druk- en papierkosten die opeens omhoog gaan. Of de mediawaakhond die op bezoek komt en ze aanspreekt op hun berichtgeving. Dat laatste zal bij de BBC niet gebeurd zijn.

In het Westen wordt met veel waardering gesproken over Novaya Gazeta. Er wordt vaak gezegd: ‘Het is de laatste oppositiekrant.’ Maar zelf hebben wij zo’n krant niet. Althans niet in Nederland. Is dat niet jammer?  

Hebben we in Nederland een oppositiekrant nodig? Is er in Nederland al niet persvrijheid genoeg? Als de persvrijheid in een land als Rusland zo onder druk staat, dan krijg je een gepolariseerd medialandschap, van voorstanders en tegenstanders van Poetin. Van de Telegraaf wordt ook wel gezegd dat het een activistisch medium is geworden. Ik kan dat niet goed beoordelen, want ik ken die krant niet goed genoeg. Maar ik vind het wel fijn dat er in Nederland kranten zijn die verschillende meningen weergeven.

Jij ziet veel diversiteit in de Nederlandse pers?

Ik volg de kranten niet meer zo goed als toen ik nog in Nederland woonde, maar voor zover ze een eenheidsworst vormen, dan komt dat waarschijnlijk doordat het relatief goed gaat in Nederland. Als er veel roering is, zoals in Rusland, dan zie je dat gereflecteerd in de pers.

De Russische journalist Dmitry Babich stelt dat de Russische pers juist diverser is dan de Westerse. Hij zegt: Er zijn Russische media die steun betuigen aan de Oekraïense regering en die de inmenging van Rusland in Syrië afwijzen. Maar er zijn geen Westerse media die de Oekraïense regering zwaar bekritiseren of die de interventie van de Russen in Syrië toejuichen.

Ik vind het een gotspe te zeggen dat de Russische media diverser zijn. Ik denk dat Porosjenko wel degelijk kritiek krijgt vanuit het Westen.

Naast Novaya Gazeta is ook het mediaconcern RBK (Engelse spelling: RBC) door de Westerse pers vaak geroemd als ‘onafhankelijke medium’. Is dat terecht? Het bedrijf was in eigendom van miljardair Michail Prochorov die het in 2012 opnam tegen Poetin tijdens de presidentsverkiezingen.

Zo heel erg anti-Poetin is Prochorov niet. Hij heeft aangekondigd een smaadzaak te beginnen tegen de klokkenluider van het Russische dopingbeleid, Grigori Rodsjenkov. Het is ook de vraag of Prochorov destijds serieus campagne heeft gevoerd voor het presidentschap. Niemand maakte een serieuze kans tegen Poetin, en Prochorov wist dat. Hij heeft zich mogelijk bewust door het Kremlin laten gebruiken als een soort schaamlap, een knuffelkandidaat. Ik denk ook dat iemand als Derk Sauer, die toen directeur was, ervoor gezorgd heeft dat de krant en het televisiekanaal redelijk onafhankelijk konden functioneren.

Vrijwel iedereen in het Westen is er van overtuigd dat Poetin journalisten vermoordt. Dit terwijl er in de tijd van Jeltsin dubbel zoveel dodelijke aanslagen waren. Er was toen niemand die Jeltsin uitmaakte voor moordenaar. Hoe verklaar jij dat? Ken jij journalisten in Rusland die beweren dat het Kremlin critici uit de weg ruimt?

Die ken ik niet.

Ik heb gesproken met een vertegenwoordiger van oppositiepartij Jabloko. Ik vroeg hem naar de toedracht van de moord op oppositieleider Boris Nemtsov in 2015. Hij zei: “Ik geloof niet dat de opdracht uit het Kremlin kwam. Maar de huidige machthebbers zijn er wel voor verantwoordelijk, want zij hebben de atmosfeer gecreëerd, of er in elk geval niks tegen gedaan dat er een atmosfeer is ontstaan waarin mensen die oppositie voeren vermoord worden.”

Maar als er in Rusland niemand is die beweert dat Poetin journalisten vermoordt, hoe kan het dan dat in het Westen wel heel sterk dat beeld bestaat?

Ik zeg niet dat niemand in Rusland zegt dat Poetin journalisten vermoordt. Ik zeg dat ik niemand ken die dat beweert.

Ik denk dat Poetins uiterlijk hem parten speelt. Althans in het Westen. Ik ken mensen in Nederland die zeggen dat ze een sterke afkeer ervaren als ze hem alleen al zien. Z’n machogedoe. Z’n narrigheid.

Daarbij komt dat hij in het Westen gezien wordt als dictator, en mensen brengen dat in verband met het uit de weg ruimen van critici, zoals andere dictators dat doen. Maar het is ongenuanceerd. Poetin is geen dictator. Hij is een autocraat.

Is het verwijt terecht dat Poetin een klimaat heeft gecreëerd waarin journalisten en andere critici worden vermoord?

Vind ik wel. Nadat de Krim was geannexeerd hing er in Moskou iets in de lucht dat ik echt heel eng vond. Zie mijn relaas hierover op TPO.  Mensen die demonstreerden tegen de annexatie van de Krim werden in elkaar geslagen of met verf besmeurd. Tegenover de radiostudio van Echo van Moskou waren vijf levensgrote portretten opgehangen, met de vermelding: ‘Verraders. Vijfde colonne’. Op één van de portretten de hoofdredacteur van Echo van Moskou, en op een ander portret Boris Nemtsov. De autoriteiten hebben daar niks tegen gedaan.

Het stadsbestuur of het Kremlin hebben de mensen niet tot kalmte gemaand?

Dat is niet gebeurd. Er is ook niet extra politie de straat opgestuurd.

Waar komt de woede op de liberale media vandaan? Heeft dat nog andere gronden dan het gedoe over de Krim?

De jaren negentig waren één groot drama voor de Russen. De roebel verloor zijn waarde, salarissen werden niet meer uitbetaald, er ontstond massawerkloosheid, bittere armoede. De Russen houden de op het Westen gerichte liberalen hiervoor verantwoordelijk. Ze voelen zich door hen verraden. Ze denken dat de liberalen van nu Rusland opnieuw willen overleveren aan het Westen.

Die woede jegens de liberalen is dus wel te begrijpen?

Het is te begrijpen, maar het is niet terecht. Want hoeveel kans heeft het liberalisme in Rusland gehad om zich te ontwikkelen? Democratie heeft in Rusland eigenlijk maar twee jaar bestaan. In oktober 1993 heeft Boris Jeltsin het parlement naar huis gestuurd en een nieuwe grondwet ingevoerd die de president extra bevoegdheden geeft, veel meer zelfs dan Jozef Stalin ooit gehad heeft. Dat heeft de basis gelegd voor de huidige autocratie onder Poetin.

Hoe verklaar jij dat er in de Nederlandse pers zo weinig aandacht is voor de grote invloed van extreemrechts in Oekraïne? Ik kan mij in al die jaren maar één artikel herinneren dat daar uitgebreid op in ging: ‘In Oekraïne werkt Europa samen met oligarchen en fascisten’ van Chris de Ploeg.

Te weinig journalisten weten er van af, vermoed ik. Extreemrechts is redelijk invloedrijk vanwege de vrijwilligersbataljons die ze hebben opgesteld, die het Oekraïense leger ook nodig had om delen van de  Donbass weer terug te kunnen veroveren op de separatisten. Maar je moet die invloed ook niet overdrijven. Dat doen de Russische media wel.

Hoor ik jou een rechtvaardiging uitspreken voor het feit dat het Oekraïense ministerie van Defensie gevechtseenheden met wolfsangels op hun helmen en tanks heeft ingezet om separatistische Russen te verslaan?

Ik bedoel dat zeker niet als rechtvaardiging. Maar als een verklaring voor hun invloed.

In oktober was er nog een grote optocht van extreemrechts in Kiev. In de Süddeutsche Zeitung las ik er een artikel over, en misschien dat andere Duitse kranten er ook over hebben geschreven. Maar de Nederlandse pers heeft er met geen woord over gerept.

Het zal ermee te maken hebben dat de Nederlandse verslaggevers voor de voormalige Sovjet-Unie in Moskou zitten. Ik wist niet dat die demonstratie was aangekondigd. Als ik in Kiev was geweest op dat moment had ik het zeker als artikelvoorstel ingediend. Ik vernam het via de Russische televisie, nadat de demonstratie al had plaatsgehad. Ik moet je eerlijk bekennen: ik kreeg er wel een ongemakkelijk gevoel bij. Als het inderdaad zo’n grote optocht was als de Russische media het voorstelden, waarom was er in het Westen dan zo weinig belangstelling voor?

Thalia Verkade, die korte tijd voor het NRC correspondente was in Moskou, heeft opgemerkt dat je als westerse journalist makkelijker in contact komt met liberalen en de oppositie, omdat je die intuïtief beter begrijpt, dan met de conservatieve leiders van het land en degenen die hen volgen. Is dat herkenbaar voor jou?

Ik herken mij daar 100 procent in. De liberalen zijn meer ‘ons soort mensen’. Het zijn weldenkende figuren. Zij denken zoals wij in het Westen.

Maar Thalia Verkade ziet het als een valkuil. Ze zegt: die liberalen vertegenwoordigen niet het echte Rusland. Het is maar een kleine groep.

Zo zie ik het ook. Ik probeer daarom zelf Rusland zoveel mogelijk te laten zien zoals het is.

Probeer je dan bijvoorbeeld ministers te interviewen?

Het is heel erg lastig die te spreken te krijgen. Ik heb wel eerder dit jaar nog een gesprek gehad met de conservatieve denker Aleksandr Doegin. Hij is de hoofdredacteur van een tv-zender en is vaak te zien in praatprogramma’s. Ik vind het interessant om met zo’n man te spreken hoewel hij zich voortdurend beledigend uitliet over Nederland en Europa. Zo spreekt hij over ‘Gayropa’.

Nog even terug naar Thalia Verkade. Zij zegt: “Het voelt alsof je over Rusland met een opgeheven vingertje hoort te schrijven, vanuit het perspectief van de mensenrechtenactivist. Zo schrijven we toch ook niet over Duitsland of de Verenigde Staten?”

Als er ergens mensenrechten worden geschonden dan moet je daar als journalist over berichten. Het is dan niet zo gek dat Rusland vaker slecht in het nieuws komt dan een West-Europees land als Duitsland. Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen. Het is dan niet de mening van een journalist. Hij is dan alleen maar de boodschapper. En wat betreft de VS: de westerse media hebben dat land toch vaak genoeg bekritiseerd vanwege bijvoorbeeld Guantanamo Bay?

Jij hebt nooit het idee gehad dat je geacht wordt met een opgeheven vingertje te schrijven? Dat alleen negatieve artikelen over Rusland worden afgenomen door jouw opdrachtgevers?

Ik heb meegemaakt dat een opdrachtgever (niet het Financieele Dagblad, EvdB) heeft zitten knoeien in een artikel van mij met de bedoeling het beeld van Rusland te bevestigen als agressor. Het artikel ging over een gezamenlijke legeroefening van Rusland en Wit-Rusland die ik bijwoonde in september van dit jaar. Ik sprak tijdens de oefening met een Noorse en een Zweedse officier, die aanwezig waren als waarnemers. Zij zeiden de oefening te zien als business as usual, en zeker niet als bewijs van Russische agressie. Maar zo kwam het niet in de krant te staan. Een redacteur heeft, zonder overleg met mij, een commentaar van een NAVO-woordvoerder in het artikel geplaatst, die de oefening juist wel omschreef als iets waar een dreiging van uitging.

Het Financieele Dagblad is nu jouw belangrijkste opdrachtgever. Die krant laat jou volledig vrij in hoe je bericht over Rusland?

Het Financieele Dagblad laat mij volledig vrij. Ik heb daar nooit iets van druk ervaren om op een bepaalde manier te schrijven over Rusland.

En andere correspondenten?

Ik weet dat het ministerie van Buitenlandse Zaken de NOS ooit heeft gebeld om te zeggen dat ze niet blij waren met een item over Rusland. Ik weet niet meer waar dat over ging. Je zou het bij de NOS moeten navragen.

Hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times zegt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ te vinden en zij noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant. Pieter Waterdrinker heeft zich vervolgens in gelijke bewoordingen uitgedrukt. Hij zegt dat er iets niet klopt aan de perceptie van ‘hoogopgeleide, intelligente lieden’.

Daar zit wel wat in. Ik vind ook dat in Nederland een ongenuanceerd beeld bestaat van Rusland. Maar misschien is dat ook wel inherent aan het nieuws. Er zal ongetwijfeld in Nederland ook een verkeerd beeld bestaan over Amerika, over Argentinië en noem maar op.

Pieter Waterdrinker zegt dat de Russen beter geïnformeerd zijn over Nederland dan Nederlanders over Rusland.

Dat vind ik lariekoek. De Russen denken bij wijze van spreken dat wij in Nederland allemaal homo zijn, of in elk geval dat de homo’s bij ons de dienst uitmaken. Als er in de Nederlandse pers een bericht verschijnt over de NS die, om transgenders ter wille te zijn, de reizigers niet langer wil aanspreken met ‘dames en heren’, dan wordt dat in Rusland enorm opgeblazen. Alsof dat is waar het in Nederland over gaat, terwijl het een klein onderdeeltje is van de Nederlandse werkelijkheid.

Waterdrinker legt de oorzaak voor het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben bij de Angelsaksische oriëntatie van Nederlandse Ruslanddeskundigen. Zij nemen over wat zij in de Amerikaanse kranten lezen.

Ik ken ook wel Angelsaksische Ruslanddeskundigen die heel genuanceerd zijn. Zoals Mark Galeotti, die zegt: ‘Rusland is agressief, maar het is defensief agressief. Ze willen hun territorium beschermen.’

In de Nederlandse kranten zijn het vooral Amerikaanse Ruslanddeskundigen als Anne Applebaum die aan het woord komen. 

Zij lijkt inderdaad een Ruslandhaatster. Maar ik denk niet dat het in Nederland Amerikanen zijn die de opinie over Rusland heel sterk bepalen. Dat zijn vooral de Nederlandse media en Ruslandeskundigen, zoals te zien bij Raam op Rusland (van oud-NRC-correspondenten Hubert Smeets en Laura Starink, EvdB). Ik deel vaak hun kritiek, daar niet van, maar in de aanloop naar het Oekraïne-referendum vond ik ze wel heel eenzijdig. Ze waren negatief over Rusland, en nooit over Oekraïne. Zo hebben zij het anti-corruptiebureau in Oekraïne als succesverhaal neergezet. Terwijl ik later van een Nederlandse deskundige in Kiev hoorde dat dit bureau een wassen neus was. Zo solliciteerde er een openbaar aanklager die 10.000 dollar bood om aangenomen te worden. Van een ander contact in Kiev hoorde ik dat er mensen huilend vandaan kwamen.

Waarom geeft de Nederlandse overheid drie ton belastinggeld aan een website die zo negatief is over Rusland?

De website is opgezet naar aanleiding van het Oekraïne-referendum van april 2016, met de bedoeling de Nederlandse burger te informeren over Oekraïne en Rusland. Ik weet trouwens niet of ze nog steeds zo gekleurd zijn. De laatste maanden volg ik ze niet meer zo goed.

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

Oekraïense toestanden: Frustratie over minister onder Poolse officieren

Het Poolse leger heeft sinds eind 2015 een zware aderlating ondergaan, vergelijkbaar met die van de Turkse strijdkrachten na de mislukte staatsgreep tegen president Erdogan. De reden daarvoor ligt in het beleid van de minister van Defensie.

Sinds november 2015 hebben reeds meer dan 500 hoge officieren van de Poolse strijdkrachten ontslag genomen of gekregen, waaronder 34 generaals en 47 kolonels. Zodoende moest 92 procent van de leden van de generale staf en 82 procent van het personeel in andere delen van de legerleiding vervangen worden.

Luitenant-generaal Rozanski zinspeelde in de pers zelfs op de mogelijkheid van een militaire staatsgreep (foto: Ministerstwo Obrony Narodowej)

Tot degenen die gefrustreerd afscheid namen of de laan uit gestuurd werden, hoorden ook opperbevelhebber der strijdkrachten Mirosław Rózanski, de commandant van de Poolse speciale eenheden Jerzy Gut en de leider van de militaire contraspionagedienst (Słuzba Kontrwywiadu Wojskowego) Piotr Jaromir Pytel.

Oorzaak van deze personele onrust is de massale ergernis van de officieren over de aanpak van de minister van Defensie Antoni Macierewicz (PiS). Die streeft weliswaar een nauwe relatie van Polen met het Westen na, om het land tegen vermeend Russische expansionisme te beschermen. Anderzijds bruuskeert hij echter juist die militairen met goede relaties met de Amerikaanse strijdkrachten en de NAVO alsmede gevechtservaring door buitenlandse missies in Afghanistan en Irak, door ongelukkige personeelskeuzes of zelfs vormen van nepotisme. Zo maakte de minister zijn politieke pleegzoon Bartłomiej Misiewicz, een pas 27 jaar oude student zonder duidelijke kwalificatie, tot woordvoerder in zijn ministerie. Vervolgens werden generaals geacht Misiewicz te salueren, wat de toenmalige chef van de landstrijdkrachten, Waldemar Skrypczak, verontwaardigd weigerde, waarop Macierewicz hem ontsloeg.

Daarnaast wijzen veel hoge officieren de regeringsplannen voor de opbouw van een Landverdedigingsleger (Wojska obrony terytorialnej, WOT), dat niet onder het opperbevel van de strijdkrachten komt te staan, af. Het WOT moet uiteindelijk 53.000 vrijwilligers omvatten en in het geval van oorlog aan de zijde van de reguliere troepen strijden. Dat de nieuwe paramilitaire militie direct onder het Ministerie van Defensie moet komen te staan, kwam Macierewicz op het verwijt van oppositiepolitici te staan dat hij zijn eigen privémilitie zou scheppen.

De Verenigde Staten ondersteunen de oprichting van het WOT – in overeenstemming met het strategiedocument ‘Arming for Deterrence‘ van de invloedrijke denktank Atlantic Council van 19 juli 2016, waarin gepleit wordt voor het uitbouwen van Polen tot een militair bolwerk tegen Rusland.

Daarmee bevinden de westers georiënteerde officieren in een lastig parket, ze willen enerzijds loyaal zijn tegenover het bondgenootschap met de Amerikanen in de NAVO, waartoe het land in 1999 toetrad, maar anderzijds niet meewerken aan het beleid van Macierewicz, wat hun carrièreperspectieven ernstig beperkt.

Brigadegeneraal Janusz Bronowicz (links) draagt eind april 2010 het commando van de Task Force White Eagle in Afghanistan over. Minister van Defensie Macierewicz heeft met zijn beleid juist dergelijke ervaren militairen met waardevolle contacten tegen zich in het harnas gejaagd.

Gevolg hiervan is, dat de teruggetreden generaals met drastische uitspraken naar buiten kwamen in de pers. Zo waarschuwde de vroegere inspecteur van de landstrijdkrachten generaal-majoor b.d. Janusz Bronowicz onlangs dat, wanneer de minister van Defensie officieren zonder ervaring en ruggengraat blijft benoemen in belangrijke bevelsposities, Polen op enig moment een vergelijkbare nederlaag als in 1939 te wachten staat. Nog verder ging Rózanski, die in een interview met de op een na grootste krant van Polen Gazeta Wyborcza de militaire staatsgreep van maarschalk Józef Piłsudski van mei 1926 in herinnering riep – oftewel verkapt met een coup dreigde. Wat overigens niet alleen bij veel officieren, maar ook bij veel van de 20.000 reservisten op weinig verholen enthousiasme kon rekenen.

Vanwege de woelige ontwikkelingen in de afgelopen maanden is het vertrouwen van de NAVO-leiding in het Poolse leger beduidend afgenomen. Derhalve worden veiligheidsgerelateerde inlichtingen nu alleen nog mondjesmaat met de bondgenoten in het oosten gedeeld. Intussen vreest men bij de NAVO namelijk voor een regelrechte golf van openbaarmaking van geheimen door ontevredenen binnen de Poolse strijdkrachten. Temeer aangezien er reeds duidelijke aanwijzingen voor lekken zouden zijn, waarvan Russische en Chinese geheime diensten zouden kunnen profiteren, aldus goed ingevoerde Brusselse bronnen.

Posted on

Polen moet zijn vrienden anders kiezen

De westerse vijanden van de ‘dictatuur’ van de Russische president Vladimir Poetin zijn dezelfden die moord en brand schreeuwen over het ‘fascisme’ dat in de Hongaarse regeringsburelen heeft postgevat sinds de grote verkiezingsoverwinning van Viktor Orbán en het ‘anti-democratische’ karakter van de Vierde Republiek die wijlen president van Polen Lech Kaczynski voorstond.

Toen de bekende neoconservatieve tankdenker Anne Applebaum een twitter-update over “internettrollen” die presidentskandidaat Andrzej Duda ondersteunden retweette, moet het Poolse tweeps toch te denken gegeven hebben dat ze hier dezelfde term gebruikte waarmee ze ook iedereen die iets positiefs zegt over Vladimir Poetin wegzet. Een kort daaropvolgende tweet van Anne Applebaum zegt genoeg: “[V]raag die mij het meest gesteld wordt hier in [Washington] DC: ‘Gaat die nieuwe Poolse president net zo erg zijn als Victor Orban of nog erger?'”

Je kunt je moeilijk aan de indruk onttrekken dat iedere patriot uit het oosten het risico loopt als trol afgeserveerd te worden wanneer hij het waagt iets te zeggen dat het Atlantisch Imperium niet zint. Natuurlijk kun je het denken van een publicist niet beoordelen op basis van een paar tweets. Applebaum heeft echter waar het om Polen gaat onderhand wel een reputatie opgebouwd. Internationaal is ze een fel criticus van Rusland, binnenlands een fel criticus van de conservatieve partij Recht en Gerechtigheid (PiS) van de nieuwe president Andrzej Duda. Deze paradox moet Duda te denken geven.

Dit is een interessant stel feiten; belangen en sympathieën van de ‘Recht en Gerechtigheid’-partij en de partijgangers van Applebaum lijken samen te vallen. Beide groepen lijken vijandig tegenover Rusland te staan en beide lijken overtuigd dat Amerikaanse mondiale hegemonie noodzakelijk is. Vanwaar dan de vijandigheid tussen deze twee groepen?

Applebaum stemde ermee in dat de term ‘trollen’ gepast was in het spreken over aanhangers van Duda en vroeg zich af of Duda ‘erger’ zou zijn dan de premier van Hongarije – een land waarmee Polen historisch reeds lang een goede band heeft; ze zal zich er wel van bewust zijn dat haar volgers goed beseffen dat ze de term ‘trollen’ steeds in een heel specifieke betekenis gebruikt heeft. Applebaum gebruikte de term in het verleden consequent niet om irritante of grofgebekte figuren aan te duiden, maar uitsluitend voor vermeende legers van orks uit de krochten van het wereldwijde web die door het Kremlin betaald zouden worden om Poetin te dienen. Wie mevrouw Applebaum het afgelopen jaar gevolgd heeft, is zich er maar al te goed van bewust dat de term ‘trol’ voor haar een specifieke betekenis heeft.

Het hoeft niet te verrassen dat Applebaum het bestaan van authentieke supporters van de nieuwe Poolse president evenmin accepteert als het bestaan van authentieke supporters van de Russische president Vladimir Poetin. Voor mevrouw Applebaum is het zo klaar als een klontje het zijn simpelweg allemaal trollen, de aanhangers van de nieuwe Poolse president even goed als die van Poetin.

Zelfs Norman Davies, sinds een jaartje ereburger van Polen, vergat schijnbaar voor een moment zijn waardigheid door te stellen dat de aanhangers van Recht en Gerechtigheid onderdeel zijn van een ‘sekte’. Het heeft er alle schijn van dat onder sommige van de westerse vrienden van Polen, vooral een superioriteitsgevoel heerst. Mevrouw Applebaum lijkt te denken dat aangezien de gemiddelde Pool geen Pullitzer-prijs voor een boek over ‘Oost-Europa’ heeft gewonnen, hij minder verstand heeft dan Applebaum van zijn eigen land en de belangen daarvan.

In tegenstelling tot het onwetende geklets in grote delen van de westerse media, staat de partij ‘Recht en Gerechtigheid’ symbool voor de weerspannige geest van de Poolse natie die zo het ooit maarschalk Rokossovski zo moeilijk maakte. Net zoals de vertegenwoordigers van deze Poolse geest Rokossovski niet als een van de hunne wilden accepteren, zo zullen ze ook Applebaum nooit als een van de hunne accepteren, temeer omdat Applebaum anders dan Rokossovski, buiten haar huwelijk, niets met Polen te maken heeft.

Ondanks haar anti-communisme vertegenwoordigt ‘Recht en Gerechtigheid’ een specifieke cultuur die juist op communistische bodem wortel kon schieten: een unieke cultuur van christelijke solidariteit; een cultuur die simpelweg geen westerse tegenhanger heeft, omdat ze paradoxaal genoeg alleen door de gedeelde ervaring van het communisme op kon komen. Deze cultuur is geheel vreemd aan mevrouw Applebaum en het Amerikaanse imperialistische denken.

Of men er nu blij mee is of niet, ‘Recht en Gerechtigheid’ vertegenwoordigt het denken en gevoelen van het grootste deel van de Poolse natie. De Poolse tegenstanders van de partij zijn van mening dat het om de slechtste ideeën en sentimenten van het Poolse volk gaat, maar geen Pool zal beweren dat de partij een buitenlandse agent is. De meest verhitte koppen onder de binnenlandse tegenstanders van Recht en Gerechtigheid zien haar simpelweg als vertegenwoordiger van alles dat slecht is aan de Poolse natie en het katholicisme.

De kiezers die achter Recht en Gerechtheid staan zijn een mengeling van linksige voorvechters van de rechten van arbeiders en boeren in de geest van Solidarnosc en rechtse voorstanders van katholieke politiek, verenigd in de gemene zaak van Pools patriottisme. De houding van Recht en Gerechtigheid ten opzichte van Rusland is een functie van authentieke Poolse angst voor Russische overheersing die generaties terug reikt in de geschiedenis en steeds gepaard ging met naïeve hoop op Anglo-Amerikaanse uitredding.

Iedere Pool en iedere Rus die de betrekkingen tussen deze landen wil verbeteren begrijpt dat het noodzakelijk is deze Poolse angsten (en vergelijkbare Russische angsten) in het proces te betrekken, veeleer dan te doen alsof het slechts over het getier van trollen zou gaan. Een bestendige toenadering tussen Polen en Rusland is niet mogelijk als de zorgen van kiezers die op Recht en Gerechtigheid stemmen niet serieus genomen worden.

Met deze constatering in het achterhoofd, komen we bij de vraag in wiens belang het is, om zowel Polen die president Duda steunen als Russen die president Poetin steunen weg te zetten. Wie heeft er baat bij mensen in het westen wijs te maken dat deze Polen en Russen eigenlijk niet bestaan, maar slechts betaalde ‘trollen’ zijn, die alleen schrijven wat respectievelijk PiS-leider Jaroslaw Kaczynski of Vladimir Poetin maar wil? Wie profiteert er van het in stand houden van het Pools-Russische conflict en het vervolgens marginaliseren van het Poolse nationale belang zoals naar voren gebracht door president Duda?

Het is duidelijk dat het Amerikaanse imperium er op uit is de macht te breken van politieke partijen in het buitenland die zijn opgekomen uit de cultuur en geschiedenis van hun volk. De homogenisering van de politiek in de vazalstaten is voorwaarde voor de hegemonie van het Amerikaanse politieke systeem. Anders dan het Russische beleid van een multipolaire wereld, laat het Amerikaanse beleid niet werkelijk unieke nationale politieke culturen toe.

De ogenschijnlijk pro-Amerikaanse houding van de Poolse conservatieve partij ‘Recht en Gerechtigheid’ is in feite niet meer dan een reflexmatig anti-Russisch sentiment, dat in Polen al langer leeft dan de Verenigde Staten van Amerika überhaupt bestaan. Het is het resultaat van Poolse angsten die op hun beurt voortkomen uit de ongemakkelijke erfenis van de historische Pools-Russische verhoudingen. De houding van Recht en Gerechtigheid tegenover de Verenigde Staten is een uiting van een bredere historische tendens, van de neiging van Poolse elites om snelle en eenvoudige oplossingen te zoeken voor de meest ingewikkelde vraagstukken van het Poolse buitenlandbeleid, wat er in de praktijk steeds toe geleid heeft dat Polen een gewillig instrument was in de machtspolitiek van andere landen ten koste van het Poolse nationale belang.

Voor de Verenigde Staten is de poolsheid van Recht en Gerechtigheid net zo onuitstaanbaar als de poolsheid van de Poolse regering in ballingschap dat was voor de Britse premier Winston Churchill. Als het er op aan komt zal het westen de Poolse president van Recht en Gerechtigheid de rug toe keren, zoals Churchill premier Mikołajczyk de rug toekeerde. De Polen kreeg hiervan reeds een voorproefje toen de Amerikaanse president niet de moeite nam om bij de begrafenis van de Poolse president Lech Kaczynski aanwezig te zijn (terwijl de Russische president Dmitri Medvedev wel aanwezig was).

Met haar suggestie dat de aanhangers van de nieuwe conservatieve Poolse president niet meer zijn dan ‘trollen’, heeft mevrouw Applebaum slechts uitdrukking gegeven aan die algemene minachting van de Amerikaanse democratie voor de rest van de beschaafde wereld. Die minachting is het beste uitgedrukt door de bekende obsceniteiten van staatssecretaris Victoria Nuland richting de Europese Unie. De Amerikaanse minachting is een functie van democratische hoogmoed en onwetendheid.

Mevrouw Applebaum, die onder het Poolse volk verblijft, daar te gast is, is haar boekje te buiten gegaan. Ze heeft een grens overschreden die is voorbehouden aan geboren Polen die een natuurlijk recht hebben om ruzie met elkaar te zoeken, waarbij ze zich onderverdelen in partijen: ‘lemmingen’ aan de ene kant, ‘mohair baretten’ (een hoofddeksel typisch voor bejaarde vrouwen in Polen) aan de andere, om alleen ’s zondags als Polen bij elkaar te komen voor de eucharistie.

Een gast, zelfs een voorname gast, heeft niet het recht om dergelijke taal te gebruiken om de president van het land waar ze te gast is af te serveren. Zulke gasten zijn zelf trollen. Ze luisteren niet meer naar hun gastheer, omdat ze denken dat een Pullitzerprijs hen een treetje hoger plaatst dan de mensen in Polen en Rusland die Applebaum verwelkomden en haar de kans boden te leren over hun culturen.

Het valt nog te bezien of Duda, de nieuwe Poolse president, zal onderkennen dat de giftige taal van Applebaum richting de Poolse ‘Recht en Gerechtigheid’-partij waaruit hij gekozen is, dezelfde giftige taal is die zij richting president Poetin en Rusland gebruikt. Zal president Duda onderkennen dat de westerse veldtocht tegen Rusland die nu in de Oekraïne plaats vindt ten koste gaat van de Poolse nationale veiligheid en economische zekerheid? Zal hij inzien dat het liberale Westen Rusland om exact dezelfde redenen haat, als waarom het Westen Recht en Gerechtigheid, en het Polen waar die partij voor staat, op afstand houdt?

Iedereen die hoopt op een verbetering van de relaties tussen Polen en Rusland, begrijpt de gevaren die een regering van Recht en Gerechtigheid inhoudt. Niettemin heeft Duda de beste kans in tijden om de betrekkingen met Rusland blijvend te vernieuwen. Wijlen president Lech Kaczynski had die mogelijkheid ook. Niemand had een rechtse houwdegen als Kaczynski kunnen beschuldigen van onderwerping aan Rusland of van verraad, als hij er in was geslaagd goede relaties met president Medvedev tot stand te brengen. Zo is het ook ondenkbaar dat iemand president Duda als soft weg zou kunnen zetten als hij een goede verstandhouding met de Russische regering op zou bouwen. Zegt men in de Verenigde Staten ook niet, dat alleen de patriottische anti-communist Nixon naar China kon gaan? Op dezelfde manier kan alleen de patriottische anti-communist Duda naar Moskou gaan, zonder gezichtsverlies te lijden onder de Polen.

Het is hoog tijd dat Polen ophoudt met het ondersteunen van westerse revoluties in haar oostelijke grenslanden. Het Poolse nationale belang moet voorop staan voor de Poolse regering. Polen moet goede en effectieve hulp bieden aan de Polen in Wit-Rusland en Oekraïne die daar zijn achtergebleven toen Polen na de Tweede Wereldoorlog haar oostelijke gebieden verloor. Die Polen zijn niet gebaat bij een terugkeer naar de bloedige oorlog en slachtingen van de 20e eeuw zoals figuren als Applebaum die weer los hebben weten te maken in Oekraïne. Het is hoog tijd dat Polen een grote conferentie bijeen roept van alle landen die ooit lid waren van het Warschaupact: dat zou het mogelijk maken dat Oost-Europeanen aan tafel zitten met Oost-Europeanen om Oost-Europese kwesties te bespreken.

Andrzej Duda, de nieuwe Poolse president, heeft een historische kans vriendschapsbanden op te bouwen tussen vrije naties in Oost-Europa. Zal hij deze kans benutten? Zal hij leren van de fouten van Lech Kaczynski of ze slechts herhalen? Wee Polen, als de politieke capaciteiten van haar leidslieden beperkt zijn tot de russofobie van mevrouw Applebaum enerzijds en de russofobie van Recht en Gerechtigheid anderzijds.