Posted on

Onzin en hysterie over gifaanval in Verenigd Koninkrijk

Een golf van hysterie gaat op dit ogenblik door het Verenigd Koninkrijk en die golf heeft ook haar gevolgen voor de VS en de rest van de EU. Hoe diep de haat in Europa voor dat land ook is en Brexit of niet, al na enkele dagen liep men in Parijs, Berlijn en de rest van de EU braafjes in de Britse pas. Merkwaardig. En wee diegene die twijfels heeft aan wat de Britse premier Theresa May beweert. Haar woorden zijn heilig, een dogma.

Onder spionnen

Volgens het verhaal van de Britse regering werden ene Sergey Skripal en zijn dochter Yulia zwaar ziek aangetroffen op een bank in de Britse stad Salisbury en liggen ze sindsdien in kritische toestand in een hospitaal. Skripal is een Rus die voor de Britten spioneerde en die na zijn veroordeling in Rusland en wat jaren cel geruild was voor andere spionnen.

De Britse premier Theresa May schreeuwt het tegen iedereen uit dat de Russen het zenuwgas novichok hebben gebruikt tegen twee in haar land verblijvende Russen. Boris Johnson, haar minister van Buitenlandse Zaken, stelde zelfs dat Poetin persoonlijk hiervoor de opdracht gaf. Nog een beetje geduld en we horen dat Poetin zelf met een vermomming dat gif in Salisbury rondstrooide.

 

En, stelde de Britse regering al na enkele dagen, zij waren het slachtoffer van een aanval met het zenuwgas novichok. En dat, stelde zij met nog meer overtuiging, is een Russisch zenuwgas dat niemand anders in de wereld heeft. Conclusie: Daders bekend!

Het zo bij Amazon te bestellen boek van de Russische overloper Vil Mirzayanov. Het is deze man die enkele jaren geleden naar een journalist van de Washington Post met dit verhaal over novichok stapte. Het is maar wat je gelooft natuurlijk. En het voordeel hiervan is dat men nooit kan bewijzen dat zijn beweringen allemaal nep zijn.

Hoe zij weet dat niemand anders dit novichok heeft is natuurlijk een goeie vraag die onze kranten tot op heden echter niet stelden. Het is nochtans een zeer logische vraag, maar waar dus ook geen antwoord op komt. Een andere vraag die niemand in de traditionele pers stelt is of er dan wel bewijzen zijn dat dit novichok werkelijk bestaat en wat het precies is.

Het is, stellen de bijeengeroepen ‘experts’, tot zelfs 10 keer krachtiger dan het uiterst dodelijke VX waarvan een druppel op zelfs dikke kleding al dodelijk is. Maar hier overleefden beide slachtoffers dan die aanval met dit ‘nog dodelijker’ gas. Wat in de kranten dan weer zorgt voor soms hilarische veronderstellingen. Logisch denken is dan niet meer nodig, het is zelfs een doodzonde.

Uiteindelijk is er voor zover bekend maar een man die beweert dat novichok bestaat en dat is Vil Mirzayanov, een gewezen militair en wetenschapper die overliep naar … de VS. Nog een voor het Westen werkende spion dus. Voor Rusland zijn dit mensen die voor een flink pak dollars hun land hebben verraden.

En wie gelooft nu eenmaal de verhalen van spionnen en geheime diensten?  Hetzelfde voor die van regeringen of de klassieke media. Naïeve mensen natuurlijk die mits men de leugens voldoende herhaalt die toch voor waar aannemen.

Volgens Boris Johnson, de Britse minister van Buitenlandse Zaken, was het de Russische nu herkozen president Vladimir Poetin die hoogstpersoonlijk het bevel gaf voor die aanval. Vragen we zijn bewijzen voor deze toch wel heel zware aanklacht tegen een staatshoofd?

En ja, er is recent nog een andere persoon opgedoken die het bestaan van novichok bevestigde. En dat is de Brit Hamish de Bretton-Gordon (1) die in de media steeds als een specialist wordt omschreven. Zonder echter in veel gevallen te zeggen wie deze expert precies is. En dat heeft zoals een kritisch waarnemer kan vermoeden natuurlijk zijn reden.

Eurazië

Hamish de Bretton-Gordon, een in het Verenigd Koninkrijk veelgevraagd ‘onafhankelijk expert’ over chemische en biologische wapens en volgens de Britse media ook een specialist wat betreft terreur. Hij is ook COO van SecureBio Limited dat op 8 juni 2015 overgenomen werd door Avon Protection Systems Inc. Volgens zijn eigen verklaring was hij als Brits militair actief in Syrië en Irak. Ongetwijfeld in een ‘onafhankelijke’ functie. Maar dan heeft de man dankzij die vermeende aanvallen ook meer werk. Kassa!

De man is namelijk een vroegere topmilitair en de gewezen commandant van de Britse militaire eenheid actief rond chemische en biologische oorlogvoering. Hij was nadien zelfs verantwoordelijk bij de NAVO voor die problematiek. Met andere woorden: Hij is dus heel waarschijnlijk een man gelieerd aan MI6, de Britse buitenlandse veiligheidsdienst en zo nog een spion.

Bovendien werd Rusland vorig jaar nog door de lidstaten aangesloten bij de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OVCW) in Den Haag door de lidstaten, waaronder die van de NAVO met het Verenigd Koninkrijk, geprezen omdat het alle chemische wapens in haar bezit had laten vernietigen.

Een ontwapening die gebeurde onder leiding van de VS. Een land dat ondanks de internationale verplichtingen nog steeds zijn chemische wapens niet liquideerde. Het Nederlandse overheidsinstituut Clingendael nam hier zelfs nog de verdediging van Rusland op zich. Die ontmanteling werd vorig jaar trouwens gevierd met het plaatsen van een herinneringsplak. Maar nu klinkt plots een ander geluid.

Maar heeft alleen Rusland dan dat vermaarde gif, als het al bestaat? Wie weet? Wat wel bekend is, is dat die naar de VS overgelopen spion Vil Mirzayanov op 18 december 2008 bij de uitgeverij Outskirts Press het boek ‘State Secrets – An Insider’s Cronicle of the Russian Chemical Weapons Program’ publiceerde. (2)

Daarin staat volgen zijn verhaal die formule voor het maken van novichok. En dat zou volgens de man zelfs vrij gemakkelijk te produceren zijn. En wie wil kan dit boek bij Amazon voor de luttele prijs van 5,89 pond sterling in digitale versie zo kopen. En dan aan de slag gaan?

Beweren dat dit dus, als het al zou gebruikt zijn en effectief bestaat, met zekerheid afkomstig is van Rusland is dan ook totale onzin. Maar er is op dit ogenblik in het Westen tegen Rusland – en vooral Poetin want men moet in de propagandaoorlog het kwaad steeds personifiëren – een oorlogshetze aan de gang die steeds maar in crescendo gaat. En dus zijn beschuldigingen als die van premier Theresa May geen verrassing.

 

Het doel hiervan is duidelijk: Verhinderen dat er een te nauwe samenwerking komt op het Euro-Aziatische continent. De grote vrees van de VS. En dus worden critici van die beweringen over Rusland van de Britse regering in de Britse media of doodgezwegen of met karrevrachten drek begoten.

Zo wou Jeremy Corbyn, de leider van Labour, die beschuldigingen niet geheel overnemen en dus kreeg ook hij die tonnen drek over zich heen. Met daarbij als smeuïge extra de klassieke persverhalen over Corbyn als de vriend van Moskou en de cryptocommunist. Een landverrader dus.

Hetzelfde voor Craig Murray, gewezen Brits ambassadeur in Oezbekistan, die tal van vragen stelde bij het verhaal en als kenner van de Britse diplomatie en het militaire establishment wees op het eigenaardige taalgebruik van premier May over de kwestie. (3) Wat de massamedia natuurlijk ontging.

Zo stelt hij dat May in haar toespraak voor het parlement in deze zaak sprak over:

“ This use of a military-grade nerve agent, of a type developed by Russia, constitutes the first offensive use of a nerve agent in Europe since the Second World War.

Verder schrijft Murray dat Porton Down, het Britse militair centrum voor onderzoek naar chemische en biologische wapens, verre van zeker is dat dit het werk is van Rusland. Het is voor hem de reden waarom men specifiek voor het woord ‘developed’ koos en niet sprak over het produceren door Rusland van dit novichok. “Het is zorgvuldig verwoorde propaganda van een type ontwikkeld door leugenaars”, schrijft hij.

Nepaanvallen

Het doet dan ook denken aan de woorden die de vroegere premier Tony Blair in maart 2003 gebruikte om Saddam Hoessein en Irak te beschuldigen van het bezitten van zogenaamde massavernietigingswapens.

En zoals de Britse pers toen waanzinnige verhalen produceerde over een voor de Britten gevaarlijke Saddam lopen de Britse media, gevolgd door o.m. De Standaard en de NRC, ook nu weer als een kip zonder kop achter May aan en creëren een klimaat van hysterie nodig voor desnoods een nieuwe oorlog. Zo kopte de Londense krant Sunday Times dit weekend dat Rusland op elk ogenblik het Britse elektriciteitsnet ging aanvallen en uitschakelen. Beef Britten, beef.

The Sunday Times is eigendom van Rupert Murdoch die ook eigenaar is van de Britse krant The Sun die in 2003 vlak voor de Britse aanval op Irak zijn lezers wijsmaakte dat Saddam binnen het uur het Verenigd Koninkrijk kon aanvallen met zijn gifgassen. Dit en gelijkaardige nonsens van de Britse media zorgden er toen voor dat de Britten in meerderheid toch achter die oorlog gingen staan.

The Sunday Times, eigendom van mediamagnaat Rupert Murdoch (foto), deed er zondag nog een flinke scheut bovenop en schreef dat de Russen elk ogenblik het Britse elektriciteitsnet via een cyberaanval dreigden te saboteren. In 2003 blokletterde zijn krant The Sun nog dat Saddam Hoessein geen uur nodig had om het Verenigd Koninkrijk met chemische en biologische wapens aan te vallen. Waarna toenmalig premier Tony Blair Irak kon aanvallen. Murdoch had eerder Tony Blair als premier aan de macht gebracht.

Het is trouwens vrij klassiek om via die nepaanvallen een oorlog te beginnen of te doen escaleren. Zo is er het incident in de Golf van Tonkin van 2 augustus 1964 waarbij de VS beweerde dat Vietnam in die golf het Amerikaanse oorlogschip USS Maddox had aangevallen. Het startschot voor de massale Amerikaanse bombardementen op het toenmalige Noord-Vietnam. Achteraf bleek die aanval door de VS verzonnen

Een gelijkaardig incident is dat rond de Duitse radiozender Sender Gleiwitz (de plaats ligt nu in Polen en heet Gliwice). Deze zender werd in de nacht van 31 augustus op 1 september 1939 ogenschijnlijk door Poolse militairen aangevallen. Waarna die via de zender een korte radioboodschap uitzonden.

Het was het sein voor Adolf Hitler om de dag nadien Polen aan te vallen. En dit was het definitief begin van de Tweede Wereldoorlog. Achteraf bleek de aanval echter gewoon het werk te zijn van SS’ers die verkleed waren als Poolse officieren en handelden in opdracht van de SS-leiding.

Dat dit verhaal dus eveneens nep is zou daarom zeker niet mogen verbazen. Uiteindelijk hebben wij over deze zaak alleen de woorden van de Britse regering. En wie in ‘s hemelnaam neemt dit zomaar aan voor de waarheid. Onze massamedia natuurlijk. Dat deze hysterie de met de Brexit en een grote impopulariteit worstelende May goed uitkomt ziet men daar natuurlijk niet. En een kritische pers ziet men natuurlijk evenmin.

 


1) Hamish de Bretton-Gordon is ook de man die op 30 januari 2018 in een door Anthony Deutsch gemaakt bericht van het persbureau Reuters beweerde dat er definitief bewijs is dat de Syrische regering herhaaldelijk het zenuwgas sarin had gebruikt. Immers, stelde hij, komt in alle onderzochte gevallen de stof hexamine voor en dat wijst zonder twijfel in de richting van de Syrische regering.

Alleen is hexamine een veel gebruikte stof die onder meer dienstig is in de voedingsnijverheid – In de EU bekend als nummer E239 – en bij de productie van springstoffen. Een naar verluidt in Syrië tegenwoordig veel voorkomende materiaal. In dit verhaal stelde men de Bretton-Gordon voor als een onafhankelijk expert. Conclusie: Die man en Reuters zijn voor geen haar te vertrouwen.

Zie Reuters, Anthony Deutsch: ‘Exclusive: tests link Syrian stockpile to largest sarin attack – sources’. https://www.reuters.com/article/us-syria-crisis-chemicalweapons-exclusiv/exclusive-tests-link-syrian-government-stockpile-to-largest-sarin-attack-sources-idUSKBN1FJ0MG.

De journalist citeerde in dit stuk uit een volgens hem geheim rapport van de OVCW. Een verhaal dat men daardoor echter niet op haar waarheidsgehalte kan controleren. Een klassieke truc van de media om allerlei liefst straffe niet verifieerbare beweringen te doen.

Waarna andere gelijkaardige media zoals bijvoorbeeld CNN of de Washington Post dit als het bewijs aan hun lezers of kijkers serveren als zijnde bewezen. Of hoe men leugens verkoopt als de waarheid. 

2) Insurge, ‘The UK government is manufacturing its nerve agent case for ‘action’ on Russia – Official claim that ‘Novichok’ points solely to Russia discredited, 14 maart 2018, Nefeez Ahmed, https://medium.com/insurge-intelligence/the-british-governments-russia-nerve-agent-claims-are-bullshit-a69b4ee484ce

3) Global Research, Craig Murray, ‘Of a Type Developed by Liars: The Evolving “Novichok” Nerve Agent Saga’, 16 maart 2018, https://www.globalresearch.ca/of-a-type-developed-by-liars-the-evolving-novichok-nerve-agent-saga/5632406

Posted on

“Demonisering Poetin is zeer gevaarlijk”

Marie-Thérèse ter Haar is de grande dame van de Nederlands-Russische betrekkingen. Sinds begin jaren tachtig, toen Rusland nog onderdeel uitmaakte van de Sovjet-Unie, zet ze zich in voor een beter wederzijds begrip tussen de landen. Als tolk-vertaalster en koppelaarster begeleidt zij multinationals als Shell, ABN Amro, Rabobank, Philips, Campina en Grolsch op de Russische markt. In Moskou, waar zij een deel van het jaar woont, en ook in Sint-Petersburg, maakt zij studenten aan de universiteit wegwijs in de Nederlandse taal en cultuur. In haar vrije tijd speelt zij viool in het Moskou Symfonieorkest en zet ze zich in voor de Rotary Club Moskou.

Vanuit haar tweede woonplaats Arnhem, reist Ter Haar het land door voor het verzorgen van lezingen over Rusland-gerelateerde onderwerpen, maar ook voor het geven van solovoorstellingen over de levens van de tsarina’s Catharina de Grote en Alexandra Romanov. Verder verzorgt zij culturele groepsreizen; zowel naar Rusland als naar andere voormalige sovjet-republieken.

Plaats van gesprek is Ter Haars Rusland & Oost-Europa Academie, gevestigd in een statig pand langs de Arnhemse Rijnoever. Ze is net terug van een lezing in Tilburg, voor een ondernemersvereniging, en moet duidelijk nog even stoom afblazen over de reacties die ze daar voor haar kiezen kreeg: de gebruikelijke aantijgingen over agressieve Russen die elk moment Europa kunnen binnenvallen en een dictatoriale Poetin die iedereen uit de weg ruimt die hem voor de voeten loopt.

Ter Haar: “Toen na afloop de wijn ging werken waren er tien macho-meneertjes, die allemaal hun zegje deden, waarbij de een het nog beter wist dan de ander, en ik terloops naar het hoofd geslingerd kreeg dat ik geïndoctrineerd was, het allemaal niet meer helder zag, en men zich hardop afvroeg of ik misschien door de Russische regering betaald werd. Van alle aanwezigen die het zo goed dachten te weten, was er maar één met Rusland-ervaring. Hij was één keer in het land geweest. Als toerist.”

Ter Haar benadrukt dat er veel niet in orde is in Rusland, en dat ze niks wil goedpraten wat fout is. Ze vindt alleen dat er weinig klopt van het algemene beeld dat wij in het Westen van Rusland hebben, en dat de politiek en media hiervoor verantwoordelijk zijn. “Onze berichtgeving toont weinig oog voor de achtergronden van het land”, zegt ze. “Laten we, voordat we oordelen, eerst eens onze westerse bril afzetten, en proberen in de schoenen te gaan staan van de Russen. Wij in het Westen vinden Poetin maar niks. Maar de grote meerderheid van de Russen loopt met hem weg. Die kunnen toch niet allemaal gek zijn?”

Een gesprek over: de Russische presidentsverkiezingen van 18 maart, de toenemende dreiging van een oorlog met het land, en de anti-Poetin-retoriek in de Nederlandse pers en politiek.

Jij schrijft in jouw boek De Ontgoocheling – Rusland en het Westen dat de Nederlandse pers niet veel verschilt van de Russische?

Ook in Nederland worden er feiten verdraaid en belangrijke zaken weggelaten. Er is sprake van stemmingmakerij, de nuance ontbreekt. Zelden wordt een spreker aan het woord gelaten die de zaak van een andere kant belicht.

Het zijn vooral de hardliners die een podium krijgen in de media. Van kopstukken uit de VVD, PvdA en D66 tot en met NAVO-secretarissen; en van virulente Ruslandhaters tot en met betweterige parlementsleden die nog nooit in Rusland zijn geweest. Allen appelleren ze aan het Koude-Oorlog-spookbeeld van ‘De Russen komen’.

Er zijn veel westerlingen met verstand van Rusland, die begrip hebben voor de Russische positie of die kritisch zijn ten opzichte van de westerse politiek. Zij komen bij ons nauwelijks aan het woord in de media. Alleen op het internet en bij de Russische zenders Rossia 1 en RT krijgen ze de ruimte.

Wij, met onze vrije pers, gaan ervan uit dat onze nieuwsvoorziening niet gemanipuleerd wordt en onbevooroordeeld is. En daarin schuilt wel het grootste gevaar. Wij zijn zelf het slachtoffer van de grootste zelfcensuur in de westerse media sinds de Tweede Wereldoorlog.

Jij citeert in jouw boek met instemming Henry Kissinger die zich kritisch uitlaat over de ‘demonisering’ van Poetin. Zelf noem je die demonisering ‘een zeer gevaarlijke zaak’. Waarom? 

Op Kerstavond stond ik op het vliegveld in Moskou, met een reisgezelschap dat ik leidde. Het was de bedoeling dat we Kerst zouden vieren in Rusland. Ik werd er uit de rij gehaald door een douanier. Hij zei: “Uw papieren zijn niet in orde. U moet terug naar Nederland.” Ik zei: “Beste meneer, ik ben verantwoordelijk voor al die mensen die u net heeft doorgelaten. Zij staan al aan de overkant. Ik heb nooit problemen. Ik woon al dertig jaar in Rusland. Wat kan hier aan de hand zijn?” Het leek mij een eerlijke man. Geen Brezjnev-type. Dus ik dacht dat er een kans was dat ik hem nog om kon praten. Maar toen mij eenmaal duidelijk werd dat ik toch op het vliegtuig terug gezet zou worden, smeekte ik hem: “Ik ben uw land goedgezind. Hier, ik bied u 200, 300 euro om mij er door te laten.” Dat was totaal verkeerd geschoten van mij. Hij veranderde van een aardige in een boze man, die mij bulderend duidelijk maakte hoezeer het hem dwars zat dat wij vanuit het Westen de Russen steeds maar weer de les lezen en schofferen. Hij zei: “U in het Westen beschuldigt ons er van een corrupt land te zijn. En wat doet u? U probeert mij om te kopen.”
Zoals deze meneer zijn er tegenwoordig velen in Rusland. Ze pikken het niet langer, ons opgeheven vingertje, de sancties tegen hun land, onze militaire dreigementen, onze betweterigheid, onze bemoeizucht. Je ziet daaraan: De schade die wij hebben aangericht in Rusland is enorm. Rusland was eerst nog op de hand van het Westen. Ze namen een voorbeeld aan ons. Maar sinds een jaar of twee is dat helemaal aan het omdraaien. Het nationalisme neemt toe. De Russen keren zich steeds meer van ons af, en zoeken steeds meer toenadering tot China en andere niet-Westerse landen. Ze zien: In het Oosten daar gebeurt het. Daar liggen de economische kansen.

Is jou inmiddels duidelijk geworden waarom je er werd uitgepikt bij de douane?

Van de Russische ambassade in Den Haag hoorde ik achteraf dat ik niet de enige was die die dag was teruggestuurd naar Nederland. Er zat ook iemand bij van Philips en drie journalisten, waarvan twee waarschijnlijk van de Volkskrant. En waarschijnlijk had het er mee te maken dat het ‘code rood’ was voor de Russen. Op Kerstavond was bekend geworden dat de VS weer nieuwe wapens zouden leveren aan Oekraïne. 

Het is spijtig dat de verhoudingen zo verstoord zijn. Maar hoezo vind je dat ‘zeer gevaarlijk’? 

Door de demonisering van Rusland begint er een draagvlak te ontstaan voor het voeren van een oorlog. Aan beide zijden.

In de Baltische staten houdt de NAVO schietoefeningen langs de Russische grens. Er vliegen Russische bommenwerpers langs de Noorzeekust. Er hoeft maar een ongelukje te gebeuren, in Oekraïne of in Estland, iemand van de NAVO of van het Russische leger die zijn geduld verliest, of een inschattingsfout maakt, en we hebben de poppen aan het dansen.

In juli 2016 heeft Gorbatsjov nog alarmerende woorden gesproken op de Russische televisie. Hij heeft gezegd de indruk te hebben dat de NAVO voorbereidingen treft voor een aanval op Rusland.

De Amerikaanse minister van Defensie James Mattis heeft afgelopen maand gezegd Rusland en China als een grotere bedreiging te beschouwen dan terroristische groeperingen als IS en Al Qaida.

Je kunt je afvragen hoe het mogelijk is dat de Amerikanen Donald Trump tot president hebben verkozen. Maar met Hilllary Clinton was het niet beter geweest. Als minister van Buitenlandse Zaken heeft ze er alles aan gedaan om de relatie met Rusland te verstoren, niet in de laatste plaats in Oekraïne.

In het begin van de jaren ’80 werd er in Nederland nog massaal gedemonstreerd tegen de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten. Het nummer De Bom van Doe Maar was een grote hit. Nu lijkt niemand in Nederland zich nog bewust van het gevaar van een kernoorlog. Hoe zit dat met de Russen? Zien die de ernst in van de situatie?

Ook in Rusland is het gevaar van een kernoorlog geen onderwerp van gesprek. Mensen willen er waarschijnlijk liever niet aan denken dat het met één knal afgelopen kan zijn. Het gaat het menselijk voorstellingsvermogen te boven.

Donald Trump heeft in zijn eerste persconferentie nog gewaarschuwd voor een ‘nuclear holocaust’, en de pers ervan beschuldigd het hem onmogelijk te maken de relatie met Rusland te verbeteren. Hoe verklaar jij de anti-Russische houding van de westerse media?

China en Rusland zijn opkomende machten, en de VS willen die de kop indrukken omdat ze streven naar alleenheerschappij. Zie de Wolfowitz-doctrine die ik in mijn boek noem, en Project For A New American Century. Natuurlijk speelt ook de lobby van de Amerikaanse wapenindustrie een grote rol. Die heeft er belang bij dat de spanningen tussen Oost en West in stand worden gehouden.

Wij in Nederland worden meegezogen in dat Amerikaanse verhaal van gecreëerde vijanden. We kunnen kennelijk niet onze eigen koers bepalen.

Jeltsin en later ook Poetin hebben te kennen gegeven open te staan voor een lidmaatschap van de NAVO. De toenmalige secretaris-generaal van de NAVO was voor, net als Duitsland en Frankrijk. Maar de Amerikanen waren tegen. Zij hebben de controlerende stem binnen de NAVO.

Zijn er nog andere partijen die belang hebben bij het opvoeren van de spanningen met Rusland en het afvoeren van Poetin van het politieke toneel? 

Tijdens de chaos van de jaren negentig had een club oligarchen zich het hele land toegeëigend. Toen Poetin de macht wilde terugbrengen bij de staat, en begon met het innen van achterstallige belastingbetalingen, is een aantal van die oligarchen naar het Westen gevlucht. In hun kielzog volgden personen als Masha Gessen, Bill Browder en Gary Kasparov. Die verdienen hun brood met het demoniseren van Poetin. Ze worden overal uitgenodigd, en komen overal, tot in de Balie en de Rode Hoed aan toe.

De Russen zien deze mensen als de Vijfde Kolonne. Ze zijn er heel erg allergisch voor. 

Je zegt in je boek een verschil te zien tussen de Nederlandse en de  Duitse pers.

Die vormen een positieve uitzondering. Veel vooraanstaande Duitsers pleiten in de media en in de politiek voor betere betrekkingen met Rusland en benadrukken dat de westerse waarden en vrijheid niet worden bedreigd door Rusland. De Duitsers kijken breder en minder door een NAVO-bril. Het lijkt alsof zij meer de ernst zien van een dreigende oorlog op ons continent. Zij begrijpen beter dat Rusland zich omsingeld voelt door NAVO-troepen en ze vragen zich af of de EU niet te ver is gegaan door Oekraïne binnen de Europese invloedssfeer te halen zonder Rusland hierin te kennen.

Je houdt in je boek een pleidooi voor een meer genuanceerde berichtgeving. Ben je hierover al eens in gesprek geweest met Nederlandse correspondenten en Rusland-deskundigen?

Om gericht met mensen hierover in gesprek te gaan ontbreekt mij helaas de tijd. Maar ik kom ze wel eens tegen, Hubert Smeets, Michel Krielaars en Peter d’Hamecourt. En ik heb wel eens aan ze gevraagd: “Waarom laten jullie maar steeds één kant van het verhaal horen?” Onder vier ogen is het goed praten met ze, vooral als ze een borrel op hebben. Dan erkennen ze soms zelf dat het niet deugt bij de media waarvoor ze werken. Maar op de televisie of in de krant vertellen ze weer het bekende verhaal over Rusland waar niks goed is of het deugt niet.

Wat vind je van de met belastinggeld betaalde website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink? Sommigen, waaronder Stan van Houcke, noemen dat een ‘anti-Ruslandwebsite’.  

Ik vind het niet te pruimen. Ik begrijp niet wat er met die mensen is gebeurd. Waarom schrijven ze alleen nog wat de Nederlandse politiek en media willen horen? Ik kon het vroeger zo goed met ze vinden. Ik kijk wel eens naar mijzelf in de spiegel; niet om mijn haar te kammen, maar met de vraag: “Ben ik misschien degene die de nuance uit het oog is verloren, in plaats van zij?” Maar ik denk dan: “Vroeger keek ik tegen ze op, omdat ze ouder waren dan ik en meer ervaren, en misschien zie ik nu pas hoe ze werkelijk zijn.”

Hubert Smeets en Laura Starink zijn nu geen correspondent meer bij het NRC. Maar hun opvolger Steven Derix is geen haar beter. In zijn artikelen ontbreekt elke nuance. Hij geeft zijn lezers de indruk dat Rusland een verschrikkelijk land is om in te leven, en dat alles de schuld is van Poetin.

Je lijkt een medestander te hebben in hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times. Zij vindt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ en noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant.

Dat ziet ze inderdaad goed. Maar in haar analyse van de Russische media zie ik dat zij echt een leerling is van Derk Sauer, de eigenaar van die krant. Ik ken hem nog van een cursus Ruslandkunde die wij gevolgd hebben, in 1993 of 1994. Ik heb respect voor hoe hij in de jaren negentig in Rusland een media-imperium heeft opgebouwd. Hij had dé persoon kunnen zijn die in Nederland het echte Rusland kon laten zien. Maar helaas. Wat ben ik teleurgesteld in hem. Het enige wat hem nog lijkt te interesseren is de vraag: “Hoe kom ik zo vaak mogelijk bij Jinek en De Wereld Draait Door?”

In navolging van Eva Hartog liet ook Pieter Waterdrinker onlangs weten dat er iets mankeert aan de berichtgeving over Rusland. Hij heeft zelfs Poetin in verdediging genomen tegen zijn westerse critici, en maakt geen gebruik meer van kwaadsprekende anonieme bronnen.

Pieter Waterdrinker heeft lange tijd in dubio gestaan. Vertel ik wat de politiek en media willen horen? Of vertel ik een genuanceerd verhaal? Tijdens borrels heb ik hem heel vaak kritisch gehoord over de Nederlandse Ruslandverslaggeving. Maar in zijn publieke optredens praatte hij weer heel anders. Ik ben blij dat dat nu anders is. Ik heb er ook respect voor, dat hij het uiteindelijk heeft aangedurfd kleur te bekennen.

Correspondent Joost Bosman van het Financieele Dagblad stelt dat het niet zo gek is dat Rusland vaker in het nieuws komt over mensenrechtenschendingen dan bijvoorbeeld een land als Duitsland. Hij zegt: “Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen.”  

Ik snap zijn reactie. Natuurlijk moet hij daarover schrijven, en ik prijs Joost Bosman voor zijn eerlijke verslaggeving. Maar ik vind het onterecht de huidige regering daar zo hard op af te rekenen. Het land komt van achthonderd jaar achterstand. Je kunt dan toch niet in tien jaar tijd alles goedmaken wat er fout is? Je mag dan ook wel kijken wat er in de afgelopen pakweg tien jaar is verbeterd. Zoals de hervorming van het gevangeniswezen, onder Dmitri Medvedev, toen die president was.
In tegenstelling tot Joost Bosman begin ik steeds meer waardering te krijgen voor Vladimir Poetin, omdat ik steeds meer ben gaan inzien wat het betekent om een land als Rusland te besturen. Russen, maar ook veel Oost-Europeanen, beschouwen het als een vanzelfsprekendheid dat de staat voor je zorgt. Ze nemen zelf weinig initiatief, stellen zich erg afhankelijk op. Dat is iets wat wij in Nederland maar niet kunnen bevatten. Steeds als de Russische overheid maatregelen neemt, dan zien wij dat als een verdere aantasting van de vrijheid van het Russische volk. Wat we niet zien is dat die maatregelen worden genomen bij gebrek aan initiatieven vanuit de bevolking zelf.

Hoe zie jij de rol van de mensenrechtenorganisaties in de demonisering van Rusland?

Bij organisaties als Amnesty werken veel mensen van goede wil, geweldig lieve mensen. Maar ik ben mij inmiddels gaan afvragen wat de werkelijke bedoelingen zijn van sommige van die organisaties. Zoals de NGO’s van meneer George Soros. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die in Kiev de mensen opjutten om in opstand te komen. Ik ben daardoor gaan begrijpen waarom de Russen mensenrechtenorganisaties met argwaan bekijken.

Je beschrijft in jouw boek een oud-medewerker van de AIVD die met jou op groepsreis ging naar Rusland. Hij zag dingen die er niet waren, zoals drie mannen in een zwarte auto die hem achtervolgden, en moest uiteindelijk door de Nederlandse SOS-dienst worden teruggevlogen naar Schiphol omdat hij helemaal was doorgedraaid. De paranoïde wanen van deze meneer doen mij denken aan bepaalde politici in Den Haag die overal Kremlintrollen zien.

Het is een treffende vergelijking. Die meneer Buma die zegt dat de Russen vuurtjes stoken in Nederland, en mevrouw Ollongren die vreest voor Russische beïnvloeding van de gemeenteraadsverkiezingen. Wat moet ik daar verder op zeggen? Ik kan er met mijn pet soms niet bij hoe deze mensen denken. Het is voer voor psychiaters. Minister Sergej Lavrov van Buitenlandse zaken heeft een keer grappend gezegd: “Wij Russen voelen ons gevleid dat wij de Amerikaanse presidentsverkiezingen hebben gewonnen.”

Ik probeer mij wel eens voor te stellen hoe ik zou hebben gedacht over Rusland als ik het land nooit had leren kennen. Ik denk dat het met je persoonlijkheid te maken heeft. Als iedereen in één richting praat, dan zullen de meesten denken: “Het zal wel zo zijn.” Slechts een enkeling denkt: “Klopt het wel?” Ik durf niet te zeggen dat ik tot de enkelingen had behoord. Ik kan het alleen hopen. Zo’n 95 procent van de Nederlanders die nog nooit in Rusland zijn geweest, hebben hun oordeel al klaar: “Het land deugt niet.” Het is bijna onmogelijk daar enige nuance in aan te brengen. Het is het gevolg van een jarenlange, dagelijkse stroom aan propaganda.

Op 18 maart kiezen de Russen een nieuwe president. Er zijn 14 kandidaten. Maar het wordt zo goed als zeker opnieuw Vladimir Poetin. Hoe kan dat? Jij verklaart Poetins populariteit uit de orde die hij heeft aangebracht in de chaos die zijn voorganger Jeltsin had aangericht in de jaren negentig. Toch is er de afgelopen jaren veel onvrede ontstaan over de toenemende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse verkiezingen die oneerlijk zouden zijn verlopen. Hoe kan het dat geen van de kandidaten die het opneemt tegen Poetin er in slaagt daar politieke munt uit te slaan?

Dat is omdat de Russen het idee hebben dat geen van die kandidaten een plan B heeft, een geloofwaardig alternatief biedt voor de huidige koers van de regering. Bovenal zijn de Russen bang voor de zoveelste revolutie. Met het wildwest-kapitalisme van de jaren negentig nog vers in het geheugen zitten ze niet te wachten op een nieuw experiment. Ze kiezen voor safe. Voor zover ze ontevreden zijn en hopen op verbetering is die hoop niet gevestigd op andere politici maar op de huidige machthebbers.
Daar komt bij dat de meeste Russen helemaal niet geïnteresseerd zijn in politiek. Een praatcultuur zoals bij ons in Nederland, over ‘wat wil Pechthold’, ‘wat doet Rutte’ en ‘wat vinden we van Ollongren’, kennen ze daar helemaal niet. Ik zie het althans heel weinig in mijn omgeving: mensen uit de middenklasse en studenten aan de universiteit.

Al die demonstraties in Rusland lijken een ander beeld te geven. Volgens Ruslandkenner Bas van der Plas, die een aantal van die demonstraties bezocht, nemen ze al sinds enige jaren in aantal en omvang toe.

Ik herken dat niet. Op die demonstraties in Moskou en Sint-Petersburg wordt altijd flink ingezoomd, zodat het lijkt alsof ze heel groot zijn. Maar in werkelijkheid lopen er dan maar iets van 8000 mensen door de straten. Zet dat tegenover het inwonertal van Moskou: ruim 12 miljoen.

Je schrijft in jouw boek dat er in 2012 zoveel protestmarsen waren in Moskou dat het verkeer ernstig belemmerd werd, en je regelmatig te laat kwam op jouw afspraken.

Het leek toen inderdaad een doorgeslagen protestmaatschappij. Op de ene hoek stonden jonge anarchistische neo-bolsjewieken te protesteren en op een andere hoek aanhangers van Poetins partij Verenigd Rusland. Een paar stoplichten verder gingen veertig bejaarden met vlaggen van hamer en sikkel de straat over, om vervolgens bij de Doema op een protestmars van een anti-WTO beweging te stuiten. Het verkeer werd daardoor ernstig belemmerd.

Sinds een paar jaar moet je daarom een vergunning aanvragen voor demonstraties. Ik snap niet waarom wij daar in het Westen over vallen. Dat is bij ons toch ook normaal? Bij ons moet je toch ook een vergunning aanvragen om in protest de straat op te gaan? Soms krijg je zo’n vergunning niet, en als je dan toch gaat demonstreren, maakt de politie er een einde aan.

Poetin is, in tegenstelling tot zijn tegenkandidaten, iedere dag op televisie te zien. Dat zorgt er voor dat zijn populariteit groot blijft.

Die tegenkandidaten mogen van mij vaker op televisie, maar ik denk niet dat ze daarmee hun kansen vergroten. Ook bij de meeste Russen die buiten Rusland wonen is Poetin heel populair.

We horen in het Westen veel over Aleksej Navalny, die niet mee mag doen aan de verkiezingen en al een paar keer in de gevangenis is beland.

Drie jaar geleden zag ik nog wat in hem. Ik dacht: “Die doet tenminste wat. Hij heeft een leuke uitstraling. Hij vertegenwoordigt een nieuwe generatie Russen.”

Maar inmiddels is hij op de populistische toer gegaan, en roept nu dingen als: “Als ik president van Rusland wordt, dan gaan alle tsjorni, alle zwarten eruit.” (Tsjetsjenen en mensen uit de Aziatische voormalige sovjet-republieken, EvdB) Vergelijk dat met het beleid van de Russische overheid van de afgelopen tien jaar. Om het fundamentalisme onder moslims tegen te gaan is er flink geïnvesteerd in onderwijs, en ook in de ‘onderbuik van Rusland’, in de economieën daar, van de deelrepubliek Tsjetsjenië tot en met de buurlanden Kazachstan, Oezbekistan en Tadzjikistan.

Een andere presidentskandidaat waar we in het Westen veel over horen is tv-persoonlijkheid Ksenia Sobtsjak. Het NRC suggereert dat zij een verlengstuk is van Poetin en meedoet om de verkiezingen meer aanzien te geven en ook om stemmen bij de liberale partijen weg te kapen. Hoe zie jij haar kandidatuur? 

De reden dat de Westerse media haar afschilderen als een beschermeling van Poetin is omdat hij een student is geweest van Sobtsjaks vader, toen die professor was aan de Universiteit van Leningrad. En ook omdat Poetin in 1999 als premier een einde maakte aan het corruptieonderzoek dat tegen haar vader liep. Maar ik zie niet hoe Poetin belang heeft bij de kandidatuur van Ksenia Sobtsjak. Geen van de andere liberale kandidaten vormt een bedreiging voor Poetins herverkiezing. Ook Sobtsjak maakt geen enkele kans. De Russen zien haar als talkshowpresentatrice en glamourgirl. Iedereen die weet wat ervoor nodig is Rusland te besturen lacht om haar kandidatuur. Ze heeft geen enkele bestuurlijke ervaring. Ze heeft zelf ook al aangegeven dat ze weinig kans maakt Poetin op te volgen. De reden waarom ze dan toch meedoet? Ze staat graag in de belangstelling. En misschien ook om te kijken hoever ze komt. 

Jij zegt: ‘Wij wanen ons in het Westen superieur aan Rusland.’ Zijn er zaken waarvan jij zegt: Wij kunnen nog een voorbeeld nemen aan Rusland?

Op zaterdagavond lijkt het hier in de binnenstad van Arnhem een sport te zijn zoveel mogelijk MacDonalds-zakken en Coca Cola-flessen op straat te gooien. Als je op zondagochtend door de stad loopt is het een grote ravage. In Rusland zal je zoiets nergens zien. Mensen spreken elkaar er op aan dat het not done is je afval op straat te gooien.

Ik zie daarnaast dat het de norm is in Rusland om niet al te luidruchtig te praten in publieke ruimtes, zoals in restaurants, op vliegvelden, op scholen, in de metro, op vergaderingen. Dreinende peuters worden terecht gewezen. In de metro zie je jonge mensen opstaan voor ouderen en heren voor dames.

In Nederland leggen wij dat negatief uit. We zien het als een achteruitgang dat de Russen conservatiever en patriottischer worden, het gezinsleven voorop stellen en dat de kerk weer een grotere rol gaat spelen. Maar ik ervaar het als een verademing de mensen zo te zien knokken voor beschaving. Ze doen hard hun best om, na de ellende van het communisme en de chaos van de jaren negentig, hun land weer op de rails te krijgen.

Andere zaken waar we in Nederland een voorbeeld aan kunnen nemen?

De Russen zijn er trots op dat hun land geen noemenswaardige staatsschulden meer heeft. Dit in tegenstelling tot de megaschulden van de VS en de EU.

De Russen zijn ook erg gesteld op hun cultuur. De theaterzalen zitten avond na avond bomvol. Ze zijn trouw aan hun tradities, zoals Internationale Vrouwendag. Dan komt meneer Grolsch naar mij toe en die vraagt: “Wat moet ik daar toch mee? Dan wordt er zeker weer van mij verwacht dat ik aan de vrouwelijke medewerkers rozen uitdeel en gedichten van Tolstoi?” Dan zeg ik: “Dat is wel de manier om uw waardering te tonen aan de vrouwen hier, en als u daar in meegaat, dan geven ze u het beste wat ze te bieden hebben.” Maar dan zegt meneer Grolsch: “Ik wil helemaal niks met cultuur, ik wil dat het personeel mij helpt de omzet te versnellen.”

Daar gaat het dus mis tussen de Russen en de Nederlanders. Zij willen gewaardeerd worden om hun eigen identiteit, en wij kunnen daar maar geen begrip voor opbrengen.

Hoe is de positie van de vrouw in Rusland?

Aan de ene kant ongeëmancipeerd. Je ziet weinig mannen achter een kinderwagen lopen of een aardappeltje meeschillen. Maar aan de andere kant is de Russische vrouw veel geëmancipeerder dan de Nederlandse. In Rusland zitten er veel meer vrouwen op topfuncties. Dat is een erfenis van het communisme. De Russische vrouw is al decennialang hoogopgeleid. Ze heeft recht op een zwangerschapsverlof van een jaar en de garantie dat ze bij terugkeer op haar werk weer aan de slag kan in haar oude functie.

Wat heb jij met Catharina de Grote? Jij verbeeldt haar in jouw solovoorstellingen, en er staat een borstbeeld van haar in jouw Rusland & Oost-Europa Academie.

Er is veel dat ik in haar herken. Zij was een vrouw die leefde tussen twee culturen, de westerse en de Russische. Van Duitse prinses werd ze tsarina van Rusland. Zij stuitte op veel onbegrip van westerse tijdgenoten als Voltaire en Montesquieu, die vonden dat ze het land waarover ze regeerde niet snel genoeg hervormde. Dan schreef ze teleurgesteld: “Die filosofen en politici zitten daar in hun westerse studeerkamers en chique paleizen, en dan denken ze dat ze mij kunnen vertellen hoe ik van Rusland in een paar jaar een Europees land moet maken. Ze hebben geen idee van het grote verschil in cultuur en mentaliteit.”

Ik ervaar dat net zo. Dan zie ik zo’n Frans Timmermans, of in de VS Hillary Clinton. Het zijn geen grote filosofen als Voltaire en Montesquieu, maar ze zijn even betweterig. Ze eisen van de Russische regering dat die het land à la minute omtovert in een democratie naar westers model. Ik kan mij daar flink aan ergeren. Dat heb ik gemeen met Catharina.

Jij stelt dat Poetin een enorme populariteit geniet bij Russische vrouwen. Hoe verklaar je dat?

Het is waar. Ik schat zijn populariteit bij vrouwen op 82 procent, uit alle lagen van de bevolking, van jong tot oud. Ze hangen aan Poetin. Heel apart. Ik vraag wel eens aan de vrouwen die ik ken, bij de Rotary, in het orkest waar ik speel en op de universiteit. “Wat zien jullie toch in die man?” De antwoorden die ik dan hoor komen meestal aardig overeen: “Hij drinkt en rookt niet, hij sport, hij is een patriot, hij wil het beste voor Rusland, hij heeft ons uit de ellende geholpen en heeft ons land weer op de kaart gezet.”

Ik zeg wel eens grappend tegen mijn studentes: “Prima als je hem zo’n goede president vind. Maar je moet geen Poetin t-shirt aantrekken, want dan ga ik gillen.”


Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

De zaak Magnitsky: Kremlin-criticus valt van geloof

De documentaires van Kremlin-criticaster Andrei Nekrasov konden tot voor kort rekenen op een warm onthaal in het Westen. Nu hij een film heeft gemaakt die het Kremlin ontlast in de roemruchte Magnitsky-zaak, lijkt het over te zijn met de liefde. Hoe zit dat in Nederland? Waarom vertonen de VPRO en het IDFA de film niet? Dreigt multimiljonair Bill Browder met een rechtszaak?

The Magnitsky Act. Voormalig president Barack Obama tekende eind 2012 deze Amerikaanse wet, vernoemd naar de Russische belastingaccountant Sergei Magnitsky, die in 2009 stierf in een Moskouse gevangenis. Doel van de wet: bestraffing van de personen die verantwoordelijk zijn voor de dood van Magnitsky. Zij mogen de VS niet meer in en hun buitenlandse banktegoeden worden bevroren.
De Russische overheid reageerde met tegenmaatregelen: Achttien Amerikanen die, verantwoordelijk zouden zijn voor misdaden tegen de menselijkheid, mogen Rusland niet meer in. Voorts mogen Amerikanen geen Russische kinderen meer adopteren.

Het ontmoedigde de Canadese overheid niet afgelopen maand met een vergelijkbare wet te komen, The Sergei Magnitsky Law. En mogelijk komt de EU daar nog achteraan.

Hoe is het mogelijk dat de dood van een tot dan toe onbekende Russische belastingaccountant zulke grote gevolgen had voor de betrekkingen tussen Rusland en het Westen?

Het antwoord is simpel. Sergei Magnitsky werkte voor een vermogend man, een Brit van Amerikaanse origine, Bill Browder, die een groot financieel conflict heeft met de Russische staat. Browder is CEO en medeoprichter van wat ooit het grootste buitenlandse investeringsfonds was in Rusland, Hermitage Capital Management (“Hermitage”). In 2005 stelde de Russische politie een onderzoek in naar de fiscale praktijken van Hermitage. In hetzelfde jaar werd het visum van Browder niet verlengd, en moest hij het land verlaten. In 2013 werd hij bij verstek veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf vanwege belastingontduiking en belastingfraude.

Apostel Browder

Sinds zijn gedwongen vertrek uit Rusland ijvert de geplaagde hedgefund manager voor politieke tegenmaatregelen vanuit het Westen. De arrestatie van zijn belastingaccountant Magnitsky en diens daaropvolgende dood in een Moskouse cel kwamen daarbij als een geluk bij een ongeluk. Browder, die tot dan toe zijn imago van koele, berekenende investeringsmanager tegen zich had gehad, greep de kans zich te profileren als mensenrechtenactivist. Niet zijn eigen financiële belangen in Rusland stonden voorop; gerechtigheid voor Magnitsky werd inzet van zijn strijd. Althans, zo deed hij het voorkomen, in zijn vele gesprekken met journalisten, politici en mensenrechtenactivisten.

Acteur die Magnitsky speelt in de gevangenis (still)

Magnitsky was geen natuurlijke dood gestorven, zo vertelde Browder aan iedereen die het maar wilde horen. Magnitsky was doodgeslagen in zijn cel. Magnitsky was ook niet gearresteerd om verhoord te worden door de politie over belastingontduiking. Nee, hij was uit eigener beweging naar de politie gegaan om daar aangifte te doen tegen agenten die documenten zouden hebben gestolen uit het Hermitage-kantoor van Browder, met de bedoeling zichzelf daarmee te verrijken, en de Russische belastingdienst voor 230 miljoen dollar te benadelen. Kortom: Browder was allesbehalve de belastingfraudeur die de Russische autoriteiten van hem hadden gemaakt. Hij was een edelmoedige klokkenluider die opkwam voor de belangen van de Russische belastingbetaler, en dat uiteindelijk moest bekopen met de dood. Magnitsky was gestorven als een martelaar, en Bill Browder was de apostel die de wereld introk om de mensen diens evangelie te verkondigen.

Behind the scenes

Maar toen kwam Andrei Nekrasov. De in het Westen vanwege zijn dissidente films gelauwerde, Russische filmmaker stortte zich op de zaak Magnitsky, zoals hij dat eerder had gedaan op de zaak Litvinenko (de Russische ex-spion Alexander Litvinenko die in 2007 in London overleed als gevolg van een overdosis polonium in zijn lichaam). Nekrasov nam als uitgangspunt voor zijn film over Magnitsky het verhaal van Bill Browder, dat hij liet naspelen door acteurs. De gedramatiseerde scenes uit het verhaal mengde Nekrasov met de interviews die hij daarvoor al had opgenomen met Browder.

Het docudrama zoals Nekrasov dat voor ogen had, pakte echter anders uit. In de eindversie uit 2017 van de documentaire, The Magnitsky Act – Behind the Scenes, is goed terug te zien hoe Nekrasov gedwongen werd van zijn aanvankelijke plan af te stappen, en tot het besluit kwam een andere weg in te slaan.

Nekrasov (rechts) in gesprek met Bill Browder (still)

In het eerste deel van de documentaire zien we de film nog in zijn oorspronkelijke opzet: Nekrasov in gesprek met een zichtbaar op zijn gemak zijnde Bill Browder, en gedramatiseerde fragmenten die het verhaal van Browder illustreren. Maar dan, door anderen die Nekrasov spreekt en originele documenten waar hij op stuit, begint de twijfel toe te slaan. Klopt het verhaal van Bill Browder wel? Nekrasov besluit te gaan graven, en wat eerst nog een docudrama was, mondt uit in een spannende detective. “Not a natural born detective I felt I had no choice than to become one”, horen we Nekrasov zeggen in de voiceover. Gaandeweg vindt Nekrasov steeds meer gaten, tegenstrijdigheden en feitelijke onjuistheden in het relaas van Browder. Als hij deze met Browder wil delen, begint deze hem te mijden, waarschijnlijk omdat hij onraad ruikt. Maar als het Nekrasov uiteindelijk toch lukt hem voor de camera te krijgen barst de bom. Browder beschuldigt Nekrasov van FSB-activiteiten en beent woedend weg uit het interview.

Dreigende rechtszaken

De vertoning van de film van Nekrasov wordt wereldwijd tegengehouden door Browder, en door nabestaanden van Magnitsky. “Alle betrokken financiers, distributeurs en producers ontvangen stapels documenten,” zegt de Noorse producer Torstein Grude. “Met de bedoeling aan te tonen dat er niks klopt van de film en dat ze financieel zullen worden gestraft als ze de film uitbrengen.”

Zelfs het Europees Parlement bezweek voor de intimidatie van Browder cum suis. De documentaire zou daar in april 2016 vertoond worden. Maar minder dan een uur voor aanvang werd de vertoning afgeblazen. „Money is power”, luidde het boze commentaar van de Finse Europarlementariër Heidi Hautala van de Groenen, die de screening had georganiseerd.

Ook het bestuur van Noorse Short Film Festival, dat de film in mei 2016 zou vertonen, koos eieren voor zijn geld.
Geplande uitzendingen van de Frans-Duitse zender Arte en de Duitse zender ZDF werden afgeblazen.
De film is nu alleen nog te zien geweest op een handjevol filmfestivals in Noorwegen, Finland, Zweden, Frankrijk, Duitsland en Rusland. In de VS is de film slechts eenmaal vertoond, voor een zaaltje journalisten en overige belangstellenden in Washington, met na afloop een discussie onder leiding van éminence grise van de Amerikaanse journalistiek Seymour Hersh.
Degenen die verantwoordelijk waren voor de voorstelling in Washington, zouden gearresteerd moeten worden, beklaagde Browder zich ten overstaan van een Amerikaanse senaatscommissie. Het zouden ‘foreign agents’ zijn die dus ook als zodanig behandeld zouden moeten worden. (De Amerikaanse Foreign Agent Registration Act voorziet in gevangenisstraffen oplopend tot vijf jaar).

VPRO en IDFA

Hoe zit het eigenlijk hier in Nederland met het IDFA en de Nederlandse Publieke Omroep? Waarom heeft het IDFA de documentaire niet geprogrammeerd? En waarom is deze nog steeds niet op de Nederlandse tv te zien geweest? Eerdere films van Nekrasov werden wel vertoond.
IDFA-programmeur Martijn te Pas laat weten de film “simpelweg niet sterk genoeg” te vinden. “Wellicht is dat niet zo spannend allemaal, maar het is wel zoals het is”.

Eerder films van Andrei Nekrasov (foto) werden wel in Nederland vertoond, maar zijn docudrama over de zaak Magnitsky niet.

Kremlin-criticus Derk Sauer, die in het bestuur zit van het IDFA, zou geen rol hebben gespeeld bij het bannen van de film van het festival. “Derk zit op afstand”, aldus Te Pas.
De VPRO bevestigt in gesprek te zijn geweest met de producent van de film. “We vonden de film inhoudelijk te ingewikkeld”, laat hoofd documentaire Barbara Truyen weten. “We hebben regelmatig en uitvoerig feedback gegeven om er een duidelijker verhaal van te maken, maar er werd te weinig met onze suggesties gedaan. Dus toen hebben we er van afgezien”

Het laatste halfuur van de film is inderdaad moeilijk te volgen. Dat gaat over de manier waarop Magnitsky voor Hermitage met geld heeft geschoven. Dat is sowieso inhoudelijk heel ingewikkeld, en waarschijnlijk alleen makkelijk te volgen voor financieel experts.
Het eerste anderhalf uur van de film is echter zeer de moeite waard. En zelfs al valt er wat af te dingen op de kwaliteit van de film, deze is te belangrijk om niet vertoond te worden. Nekrasov heeft gedaan wat zoveel anderen voor hem hebben nagelaten: het plaatsen van vraagtekens bij het verhaal van Browder. Deze zijn van groot belang gezien de grote gevolgen die de Magnitsy-zaak heeft gehad voor de betrekkingen tussen Rusland en het Westen.

Ook om een andere reden kan aan de vraagtekens van Nekrasov niet zomaar voorbij worden gegaan: het verhaal van Nekrasov verdient, meer dan welk ander verhaal over Magnitsky ook, het voordeel van de twijfel. Nekrasnov was en is Kremlin-criticus, en hij heeft met deze film zijn reputatie op het spel gezet. Sommigen van zijn anti-Kremlinvrienden hebben zich van hem afgewend of zich zelfs tegen hem gekeerd. En het is nu nog maar de vraag of hij zijn films, zelfs al ze kritisch zijn over de Russische overheid, nog kwijt kan in het Westen.

Regisseur en producer geven echter de moed niet op. “Wij overwegen de film uit te werken tot een tv-serie, met nieuwe onthullingen”, zegt producer Torstein Grude. “Dit vereist echter wel substantiële financiering, en daarvoor is nodig dat een aantal tv-zenders zich committeert aan het project. We zijn er niet zeker van dat dit nog lukt gezien het heersende klimaat.”

Verder lezen:

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

De Standaard over Litvinenko

 

Alexander Litvinenko - 1
Alexander Litvinenko, volgens De Standaard en de rest van onze massamedia een held die de waarheid over president Vladimir Poetin wou onthullen en daarom door de Russische geheime dienst FSB vermoord werd.

Een wel heel merkwaardige redenering die gezien de traditie van mevrouw Hancké natuurlijk ook niet kan verrassen. Dat Tass hem om een reactie vraagt lijkt mij vanuit journalistiek standpunt zelfs essentieel. Journalistieke deontologie eist immers dat men zeker in strafzaken beide partijen op een evenwichtige wijze aan het woord laat. Maar voor mevrouw Hancké is dat interview echter het bewijs dat Rusland beiden niet zal uitleveren.

Complete onzin natuurlijk die men nu eenmaal van haar kan verwachten. De reden waarom Rusland hen tot heden niet uitleverde is echter simpelweg omdat de Russische grondwet dat niet toelaat. Dat is reeds in 2006 snel na de dood van Litvinenko het Russische standpunt geweest maar wordt veelal in onze westerse massamedia verzwegen. Dus ook door Hancké in De Standaard.

Maar ja, Rusland is sinds 2000 toen Poetin president werd geen natie meer die, zoals België, op een fluittoon naar de pijpen danst van grote broer Washington. Rusland gooit haar basisrechten niet zomaar in de vuilbak omdat Washington of Londen dat eisen. Vandaar dat de gewezen Amerikaanse spion Edward Snowden in Moskou wel asiel kreeg en men dat in de ‘vrijheidslievende’ EU al bij voorbaat weigerde. En dus start operatie moddergooien met Uw nederige dienaar Corry Hancké in een bijrolletje.

Dat Litvinenko de appartementsaanslagen in Moskou op naam van Poetin schreef – de reden volgens onze pers voor die moord – is trouwens niet verbazend. Het is ook al een oud verhaal dat men vanuit bepaalde westerse bronnen reeds in 2000 lanceerde. Litvinenko werkte op dat ogenblik voor vroegere Russisch mediamagnaat Boris Berezovski. En die beschuldigde men in Rusland toen reeds van het leveren van wapens aan de Tsjetsjeense salafistische groepen die men ook verantwoordelijk achtte voor die bomaanslagen.

Andrei Lugovoj - 1
Andrej Loegovoj, volgens het Britse onderzoek de moordenaar van Litvinenko. Hij zetelt nu voor de Liberaal Democratische Partij van Rusland, de ultranationalistische en demagogische oppositiepartij van Vladimir Zhirinovsky, in de Doema, het Russische parlement.

De beweringen van Litvinenko waren dan ook logisch te noemen. De link tussen Berezovski en Litvinenko en die salafistische terreurgroepen werd nadien na zijn vlucht naar Londen trouwens ook verder bewezen. Alle drie hadden trouwens goede relaties met onder meer de Britse veiligheidsdienst MI6. En Litvinenko bekeerde zich op het einde van zijn leven trouwens tot de salafistische versie van de islam.

Het verhaal van Litvinenko over die appartementsbommen in Moskou doet denken aan die episode toen in de zomer van 2011 in de Syrische hoofdstad Damascus enkele dodelijke aanslagen met autobommen plaats hadden. Dan was dit volgens Jullie andere moddergooier Jorn De Cock het werk van president Bashar al Assad. Nog zo’n heel grote crimineel volgens onze massamedia.

Waarom had Assad dit gedaan? Hij wou zo, stelde De Cock in die periode, deze Syrische salafistische rebellen zwart maken. Het is pure onzin en feitelijke laster die men nu natuurlijk in De Standaard of elders wel niet meer durft te beweren. Ook volgens Litvinenko pleegde Poetin die aanslagen in Moskou alleen om zo komaf te kunnen maken met het salafistische bestuur over Tsjetsjenië.

Boris Berezovski - 4
De op 23 maart 2013 thuis overleden – Volgens het Britse gerecht door zelfmoord – Russische oligarch Boris Berezovski werkgever van Litvinenko en de Londense huisbaas van o.m. Tsjetsjeense salafisten. Toen men in Rusland een onderzoek wou beginnen rond zijn wapenleveranties aan die Tsjetsjeense terreurgroepen zorgde hij ervoor dat zijn kranten een heuse moddercampagne begonnen tegen diegenen die dat onderzoek waren begonnen. Gezien zijn grote machtspositie toen over de Russische pers was dat met succes. Pas nadat Poetin aan het bewind macht kwam snoeide men aan zijn almacht en vluchtte hij naar zijn Britse bazen van MI6. Zelfs de Britse pers schreef dat hij een agent was van MI6. Het was mede op die wijze dat het westen Rusland toen in haar greep had en er kon plunderen dat het een lieve lust was.

Maar deze elementen die in dit dossier opduiken weigert men duidelijk te schrijven. Te gênant voor de Britse regering nietwaar.

Trouwens volgens bepaalde bronnen die het dossier jaren geleden inkeken was de vergiftiging met polonium reeds een feit voor de ontmoeting van Andrej Loegovoj en Dmitri Kovtoen met Litvinenko.

Verder wil ik de krant er ook aan herinneren dat het toch wel heel unieke gebruik van polonium als moordwapen volgens Zwitsers forensisch onderzoek van november 2013 al in oktober of november 2004 toegepast is om de Palestijnse leider Yasser Arafat te vermoorden.

Een feit dat nog meer vragen zou moeten oproepen over deze zaak. Het zou immers doen veronderstellen dat in het geval de Britten het bij het rechte eind hebben Poetin ook Yasser Arafat liet vermoorden. Ook dat eerder gebruik van polonium wordt natuurlijk echter lekker verzwegen.

Tsjetsjeense salafisten - 1
Tsjetsjeense salafistische terroristen, zo te zien de vrienden van Alexander Litvinenko, Boris Berezovski, MI6, Corry Hancké en De Standaard. Ze zijn nu vooral actief bij ISIS in Irak en Syrië evenals in Oekraïne bij het fascistische AZOV-Bataljon. Strijd tegen de terreur zegt U?

Maar als we weten dat mevrouw Hancké voor haar berichtgeving over de Krim zich eerder baseerde op informatie komende van de aan terreur gelieerde salafistische beweging Hizb ut Tahrir dan weten we waar we in haar geval aan toe zijn.

Men kan alleen maar besluiten dat De Standaard wanneer het past een boontje heeft voor salafistische terreur, zowel op de Krim, Tsjetsjenië als in Syrië.

[contextly_sidebar id=”MuzfhqoDJYp1b4Uk6IvWmkAiHNUOyXkt”]Willy Van Damme

Brief aan De Standaard betreffende het artikel ‘Rapport af, case closed’  van Corry Hancké van vandaag 22 januari 2016 over de zaak van de moord op Alexander Litvinenko.

Posted on

Moord met polonium 210

 

De onthullingen van het gereputeerde Britse medische tijdschrift The Lancet dat de Palestijnse leider Yasser Arafat inderdaad door vergiftiging met het radioactieve polonium 210 om het leven werd gebracht zijn merkwaardig. (1) (2) Het betekent immers pas de tweede in de geschiedenis bekende vergiftiging met dit zeer zeldzaam scheikundig element. Het andere bekende geval is dat van de Russische balling Alexander Litvinenko. Die kwam echter pas meer dan twee jaar later in eveneens nog steeds mysterieuze omstandigheden in Londen om het leven.

Een zeldzaam radioactief element

Zo stierf Yasser Arafat op 11 november 2004 in een Frans hospitaal in Clamart aan een toen onbekende ziekte terwijl Alexander Litvinenko iets meer dan twee jaar later op 23 november 2006 overleed. Beiden zoals nu blijkt zijn gestorven door vergiftiging met het radioactieve polonium 210. Een tot de dood van Litvinenko alleen bij specialisten gekende stof.

In de geschiedenis zijn er voor zover geweten in het verleden slechts vier gevallen gekend van vergiftiging door polonium, steeds als een gevolg van ongelukken. Het eerste geval is dat van de Franse wetenschapster Irene Joliot-Curie, dochter van de ontdekster van de stof Marie Curie. Zij werd het slachtoffer van een ontploffing in 1946 in haar laboratorium en stierf er jaren later van.

De andere drie gevallen betreffen eveneens ongelukken in nucleaire laboratoria, met drie doden in Israël, twee in Frankrijk en een in Rusland. (3) Alhoewel de stof mits wat zoeken wel te kopen zou zijn blijkt de productie ervan geheim. Wie wat en hoeveel maakt behoort tot de staatsgeheimen. Zelf al wordt het bij de productie van atoomwapens wegens de prijs en de instabiliteit amper nog gebruikt.

Topnieuws

De Russen zelf beweren alles in het verleden verkocht te hebben aan de VS. De stof is vooral populair bij beginnende atoomnaties zoals Noord-Korea. Gezien haar gebrek aan stabiliteit is ze bij meer professionele atoomwapenproducenten als de VS en China niet echt in trek.

Vooral de zaak van de Rus Litvinenko zorgde in onze media eind 2006 voor ontzettend veel ophef. Het was wekenlang topnieuws in alle kranten met daarbij de schokkende foto van een gehospitaliseerde doodzieke en kaal geworden Litvinenko.

Het was ook de enige toen overal gepubliceerde foto waarvan hij het copyright had en die hem en zijn nalatenschap een fortuin moet hebben opgebracht. Een opmerkelijke daad voor iemand die op sterven ligt van een tot vlak voor zijn dood mysterieuze ziekte.

In onze pers werd toen unaniem naar het Russische parlementslid Andreï Loegovoj gewezen als de man die Litvinenko vergiftigde. Een verhaal dat na analyse echter geheel gebaseerd blijkt op praatjes afkomstig van de Britse veiligheidsdiensten en de vrienden van Litvinenko.

Poetin als moordenaar

Voor die ‘vrienden’ was het zelfs al bewezen dat de Russische president Vladimir Poetin de moord had bevolen. Waarom? Wel, Alexander Goldfarb (4), de Israëlisch-Amerikaanse vriend van Litvinenko, had na diens dood een tekst voorgelezen die naar hij stelde van Litvinenko kwam en die Poetin als moordenaar aanduidde. Zelden werd zo gemakkelijk en snel de moordenaar gevonden.

Verder waren alle beweringen in de media over de contacten van Lugovoi met Litvinenko en het vermeende radioactieve spoor achtergelaten door het polonium 210 en Lugovoi alleen afkomstig van de Britse veiligheidsdiensten. Een eenzijdige en uiteraard geheel onbetrouwbare bron.

Merkwaardig daarbij is dat de Britse regering het eerder dit jaar gevraagde publieke gerechtelijk onderzoek rond die moord om staatsreden verbood. Maar ook nu weer was het voor de Britse pers duidelijk. De Britse regering verbood dat, niet omdat zij iets te verbergen had maar omdat zij de Russen aldus in bescherming wou nemen. Bewijzen voor die stelling? Geen enkel.

De enige journalist die voor zover geweten ooit verder zocht was de Amerikaan Edward Jay Epstein die het Britse aan Rusland gerichte uitleveringsverzoek betreffende Loegovoj las (3). En tot zijn verbazing bevatte dit niet eens het verslag van een pathologisch onderzoek op het lichaam van Litvinenko.

Ook een gedetailleerd overzicht met chronologie en de verschillende datums en plaatsen waar Litvinenko  en Loegovoj die dagen geweest waren en de radioactieve sporen ontbraken. Een juridisch waardeloos document dus.

Mario Scaramella

Bovendien bleek dat ook dat bij de Italiaan Mario Scaramella, een meer dan dubieus figuur die korte tijd nadien in een Italiaanse cel zal belanden, sporen van Polonium 210 werden gevonden. Evenals in het Japanse restaurant Itsu waar Litvinenko en Scaramella die 1ste november 2006 met elkaar had gegeten. En dat was uren voor Litvinenko en Lugovoi elkaar die dag zullen ontmoeten.

Bovendien bleek het vliegtuig waarmee Loegovoj die dag naar Londen was gevlogen geen sporen van polonium 210 te bevatten. Wel ontdekte men radioactieve sporen op het vliegtuig waarmee hij huiswaarts keerde.

De enige te trekken conclusie is dan ook dat Loegovoj onschuldig en zelfs een slachtoffer is en alleen door intriges van de Britse regering en de media tot dader was uitgeroepen om zo Poetin te treffen. Een klassiek mediaverhaal.

En het werkt natuurlijk. Zowat iedereen in Europa en de VS die ooit hoorde van Litvinenko denkt bijna automatisch dat de Russen de moord pleegden in opdracht dan van Poetin. Verder dan dit kijkt men in intellectuele kringen niet en dat weten de auteurs van die leugens natuurlijk zeer goed. Hun doel was dus bereikt.

Bovendien raakten in de persheisa rond de zaak een aantal belangrijke elementen amper of niet vermeld. Zo was Alexander Litvinenko in Londen de buurman van een zekere Akhmed Zakayev, gewezen minister van Buitenlandse Zaken van de Republiek van Ichkeria en nadien op het ogenblik van de moord zelfs president van deze ooit alleen door de Taliban erkende republiek.

Jihadisten

Ichkeria is een van de namen die allerlei salafistische groepen gaven aan de autonome Russische republiek Tsjetsjenië die ten tijde van haar de-facto onafhankelijkheid in de jaren negentig van de vorige eeuw een broeihaard was van allerlei door het westen gesteunde jihadistische groepen. Een aantal daarvan vechten zich nu trouwens een weg naar de macht in Syrië.

Maar jihadist Zakayev had in Londen politiek asiel gekregen en kreeg er zelfs voluit hulp van o.m. een Vanessa Redgrave, een icoon van de Britse filmindustrie. De man was voor kranten als The Times en The Daily Telegraph een ware held.

Beiden werden er ook onderhouden door Boris Berezovsky, ooit een der machtigste mannen in Rusland die via de media rugdekking gaf aan de veelal stomdronken Russische president Boris Jeltsin, een creatie van de VS die toeliet dat men het land vanuit het westen zo ongehinderd mogelijk kon plunderen.

Boris Berezovsky was ook de financier en wapenleverancier aan die Tsjetsjeense jihadisten. En toen Poetin in 1999 in Rusland het roer kon overnemen diende hij dan ook mede wegens die beschuldigingen snel te vluchten richting de vrienden in Londen.

Beweringen van Litvinenko

Nadien is komen vast te staan dat zowel Berezovsky als Litvinenko werkten voor MI6, de Britse buitenlandse geheime dienst. Waarbij Litvinenko ook o.m. actief was voor de Spaanse spionagedienst. Wat doet vermoeden dat Zakayev eveneens hand en spandiensten verleende aan MI6.

Litvinenko was ook de bron die beweerde dat een aantal door Tsjetsjeense jihadisten gepleegde erg moorddadige aanslagen zoals die op een school in Beslan en op een theater in Moskou in feite het werk waren van de Russische geheime dienst. Met als enige bedoeling een excuus te zijn voor de herovering van dit bolwerk van jihadistische agitatie.

Het was een verhaal dat er toen bij kranten als De Standaard, NRC Handelsblad en De Morgen vlot inging. Alleen idioten en kwaadwilligen konden hieraan twijfelen. Toch als we deze kranten moesten geloven.

Litvinenko was trouwens op het einde van zijn leven een bekeerde jihadist en werd ook volgens islamitische rituelen begraven.  Feiten die zijn beweringen over Poetin en Rusland natuurlijk in een ander daglicht plaatsen.

Contactman van de CIA

Bovendien bleek uit de contacten tussen Litvinenko en Mario Scaramella dat hij vermoedelijk betrokken was bij allerlei criminele activiteiten zoals het smokkelen van onderdelen voor nucleaire technologie. Het is zeker dat Scaramella een betaalde medewerker was van de CIA (3).

Zo beschuldigde hij de gewezen Italiaanse premier Romani Prodi ervan een agent te zijn van de Russische geheime dienst. Een beschuldiging die er volgens Italiaanse gerechtelijke bronnen kwam nadat Prodi kritiek had gegeven op het Amerikaanse buitenlandse beleid.

Een rechtbank in het Italiaanse Rimini veroordeelde Scaramella op 4 december 2012 wegens die en andere lasterlijke beweringen tot 42 maanden celstraf. Voorheen had hij voor gelijkaardige feiten reeds eenzelfde gevangenisstraf gekregen. In Rusland vermoed men trouwens dat het Scaramella was die Litvinenko vergiftigde.

Een logische bewering daar volgens het Britse aan Rusland bezorgde uitleveringsverzoek het poloniumspoor begon in het Japanse restaurant Itsu waar Scaramella en Litvinenko elkaar bij een lunch ontmoeten.

Succes met polonium

En dan komt de twee jaar eerder eveneens met polonium 210 gepleegde moord op Yasser Arafat als begrijpelijk over. Dat de moord gepleegd werd door Israël met steun van de VS wordt ook door Israëlische bronnen beschreven. Volgens verhalen in o.m. de Israëlische media weigerde de regering Bush Jr. eerst zijn toestemming te geven voor deze moord maar gaf ze later toe.

Maar Arafat was een obstakel voor de Amerikaanse plannen in de regio waar men toen de weg wilde voorbereiden voor een golf van jihadistische extremisten. En dan liep een seculiere Arabische held als Arafat gewoon in de weg.

En blijkbaar heeft men vanuit de CIA en of de Mossad dan maar gegrepen naar het bizarre wapen van polonium 210 om hem uit de weg te ruimen. De ziekte plaatste alle medici voor raadsels tot vermoedelijke tevredenheid van de Amerikaanse en Israëlische geheime diensten.

En dus werd dit zo te zien wegens succes nog eens herhaald met de moord op Litvinenko. In Londen bleef men trouwens tot bijna de laatste dag vermoeden dat men Litvinenko vergiftigd had met thallium. Een al bijna even zeldzaam gif dat men ook bij Arafat lang bleef zien als de doodsoorzaak. Pas op het einde ontdekte men bij Litvinenko dat het polonium 210 betrof.

En in Rusland vraagt men zich na het lezen van de Britse officiële documenten dan ook af waarom men in het Londense hospitaal zo lang aan thallium dacht en dan plots met het verhaal van polonium 210 boven water kwam.

En daar het door de weduwe van Litvinenko en gerechtelijke diensten gevraagde publieke onderzoek er door Britse regeringsdruk niet komt zal de dood van Litvinenko voor nog veel jaren een mysterie blijven.

Maar de onthullingen door The Lancet over de moord op Yasser Arafat maken al weer meer duidelijk waar men de daders moet zoeken. Vraag is natuurlijk waarom Litvinenko dood moest. Zijn baas Boris Berezovsky stierf op 23 maart 2013 in alweer verdachte omstandigheden. De gewezen multimiljardair zat toen financieel al grotendeels aan de grond.

Verhalen met veel mysteries. Maar dat mag hier geen enkele verbazing wekken.

Willy Van Damme

NASCHRIFT:

Volgens de Britse forensische wetenschapper David Barclay kwam de polonium die Arafat dode van een kernreactor. Wat wil zeggen dat het bijna zeker een overheid is geweest die de moord pleegde. Wat men uiteraard kon verwachten.

De dader moet dus gezocht worden bij een of andere westerse veiligheidsdienst die praktisch zeker ook de moord pleegde op de Russische balling Litvinenko. Het gebruikte moordwapen sluit praktisch gezien alle andere mogelijkheden uit.

Ze zullen wel nooit gedacht hebben dat men de dood van Arafat ging heronderzoeken en de link met polonium zou leggen. Want dit is niet simpel. De wereld der toxische stoffen is gigantisch groot en het is dus voor laboranten niet zelden zoeken naar de spreekwoordelijke speld in de hooiberg.

Maar blijkbaar legde de weduwe van Arafat wel die link en raakte zo dit mysterie eindelijk opgelost. Spijtig voor haar dat die wonde nu terug opengereten wordt. Maar ze kan dit luik dus nu wel sluiten. Ergens wel een magere troost natuurlijk.

Vraag is dan ook natuurlijk wie binnen de naaste entourage van Arafat mee in dit moordcomplot zat. Het kan bij de PLO voor sommigen nog wel eens heel warm onder de voeten worden.

Willy Van Damme

__________

1) De onthullingen van The Lancet zijn mits betaling te lezen op http://www.thelancet.com/journals/lancet/article/PIIS0140-6736(13)61834-6/fulltext. Het onderzoek is het werk van Instituut voor Radiofysica verbonden aan de Universiteit van Lausanne in Zwitserland.

Het verhaal is onder meer te lezen op de website van de Qatarese Tv-zender al Jazeera. Zij brachten dit verhaal zowel in 2012 als nu als eersten: http://www.aljazeera.com/news/europe/2013/10/arafat-poisoning-claim-backed-journal-2013101215735508974.html.

2) Het verhaal van het Russische persbureau Interfax dat dinsdag 15 oktober verscheen, vier dagen na dat van al Jazeera over het rapport van The Lancet, werd door het Russische bureau nog diezelfde dag ontkent. Een ontkenning die eigenaardig genoeg nooit de klassieke media lijkt te hebben bereikt.

Die publiceerden, als ze al iets over de zaak brachten, alleen de ontkenning van Interfax. Wat uiteraard voor verwarring zorgde. Verder bevatte het bewuste persbericht van Interfax alleen een korte verklaring van de Russische wetenschapper Vladimir Uiba van het Russische Federale Medische-Biologisch Agentschap zonder verder enig detail.

Een verklaring die dus kort nadien door zowel Uiba als door het agentschap reeds werd ontkend. Wel bleef de journalist van Interfax bij zijn eerder persbericht. Het verhaal van The Lancet is een zogenaamd peerreview van eerdere in juli 2012 gedane wetenschappelijke onderzoeken.

En dat heeft uiteraard veel meer waarde dan die nergens door gestaafde en later ontkende verklaring bij Interfax. Zie het verhaal: “Russia Denies Issuing Conclusions over Arafat’s Death” te lezen op het webadres: http://www.almanar.com.lb/english/adetails.php?eid=116070&frid=22&seccatid=45&cid=22&fromval=1

3) Edward Jay Epstein, New York Sun, 01/12/2006, http://www.nysun.com/foreign/specter-that-haunts-the-death-of-litvinenko/73212/. Zie ook: http://en.wikipedia.org/wiki/Mario_Scaramella

4) Alexander Goldfarb was naast de rechterhand van Berezovsky jarenlang een nauwe medewerker van George Soros, de Amerikaanse in Frankrijk wegens handel met voorkennis correctioneel veroordeelde speculant en multimiljardair, van wie de nauwe samenwerking met de Amerikaanse regering bij het destabiliseren en overnemen van landen goed bekend is.

Hij verhinderde eigenhandig via een massale speculatie dat het Verenigd Koninkrijk toetrad tot de EMS, het Europees Monetair Systeem dat de voorloper was van de euro. Hij verdiende hier toen ongeveer 1 miljard dollar mee. Hij is ook de grootste financier van een pak ngo’s waaronder Human Rights Watch.

Posted on

Chodorkovski: Vrijheidsstrijder of zelfverrijker?

Onlangs verleende de Russische president Vladimir Poetin de voormalig oligarch Michail Chodorkovski gratie. Chodorkovski pakte na zijn vrijlating meteen zijn biezen, in Duitsland werd hij als ware hij een vrijheidsstrijder ingehaald. Maar is hij dat wel of is hij eigenlijk veeleer een boef? Novini werpt een blik op het verleden van deze zakenman.

Na tien jaar in de gevangenis werd Chodorkovski rond de jaarwisseling gratie verleend. Dat hij meteen naar Duitsland vertrok, leidde – vooral in Duitsland – tot speculaties als zou de gratieverlening mede het gevolg zijn van Duitse stille diplomatie. Chodorkovski stond in Berlijn dan ook de pers te woord in het bijzijn van oud-minister van Buitenlandse Zaken Hans-Dietrich Genscher. Anderen speculeren dat Poetin zich voorafgaand aan de Olympische Winterspelen van zijn milde kant wil laten zien. Bondskanselier Angela Merkel heeft de kwestie inderdaad steevast ter sprake  gebracht in de contacten met de Russische regering. Waarbij men zich overigens af kan vragen welk belang Duitsland heeft bij vrijlating van een voor belastingontduiking en bedrog veroordeelde zakenman, waarvan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg niet wilde stellen dat hij om politieke redenen vast zou zitten.

Over zijn toekomstplannen wilde Chodorkovski tegenover de pers niet zoveel zeggen, behalve dat hij niet van plan is weer op grote schaal zaken te gaan doen of zich weer in de Russische politiek te mengen. De ex-oligarch is momenteel vooral bezig het overzicht te krijgen over zijn financiën. Vanuit Duitsland reisde hij dan ook verder naar Zwitserland en Israël. Naar die twee landen heeft hij kort voor zijn arrestatie zijn vermogen weggesluisd. Bij Zwitserse banken zou hij 5,1 miljard euro hebben staan. Ook toen Chodorkovski’s oliebedrijf Joekos floreerde, fungeerde Zwitserland al als belangrijke financiële draaischijf voor zijn zaken. Een ander deel van zijn vermogen wordt in Israël door zijn zakenpartner Leonid Nevslin waargenomen. Nevslin werd in Rusland bij verstek tot levenslang veroordeeld voor het opdracht geven tot diverse moorden. In Tel Aviv trof Chodorkowski naast Nevslin nog drie andere oud-zakenpartners om ‘vriendschapsbanden aan te halen’. Hoewel Chodorkovski in feite slechts een machtige zakenman was, die ook nog op twijfelachtige wijze aan zijn macht en rijkdom gekomen was, geniet hij in de westerse media vaak het aanzien van iemand die voor mensenrechten strijdt en ten onrechte veroordeeld zou zijn. Een blik op zijn vitae laat echter duidelijk zien dat van die laatste twee zaken geen sprake is.

Na zijn scheikundestudie wilde Chodorkovski ondernemer worden. Tijdens zijn studie was hij al lid geworden van de Comsomol, de jongerenorganisatie van de Communistische Partij. In 1987 richtte hij een associatie op die in het kader van een Comsomol-onderneming naar marktprincipes werkte. Hij importeerde computers, spijkerbroeken en sterke drank. Zijn goede contacten leidden er toe dat hij met de oprichting van Menatep directeur werd van een van de belangrijkste private banken van Rusland. In 1993 nam hij deel aan de organisatie en financiering van de verkiezingscampagne van Boris Jeltsin. Door middel van een besloten privatiseringsprogramma begon onder Jeltsin een uitverkoop van staatsbedrijven. Zodoende kwam Chodorkovski in het bezit van het oliebedrijf Joekos. Al in 2001 werd hij door de Russische editie van Forbes Magazine al tot rijkste man van Rusland verklaard.

Als bestuursvoorzitter van Joekos zorgde Chodorkowski voor meer transparantie en voerde westerse boekhoudingsmaatstaven in. Daarvoor ontving hij veel lof uit het westen, vooral uit Amerika. Hij voerde dan ook reeds gesprekken met Amerikaanse olieconcerns als ExxonMobil en Chevron Texas over aandeelname in Joekos. Chodorkovski zette zichzelf in toenemende mate in de markt als een man van het westen, die het Russische staatsbestel wilde omvormen tot een presidentieel systeem. Hij mengde zich steeds meer in de binnenlandse politiek. Hij financierde oppositiepartijen als het links-liberale Jabloko, maar ook de Communistische Partij.

Eind 1999 hielp de toenmalige mediamagnaat Boris Berezovski Vladimir Poetin met een groots opgezette mediacampagne in het zadel, in de veronderstelling dat de oligarchen in Poetin net zo’n pion zouden hebben als Jeltsin was geweest. Poetin riep echter een halt toe aan het roofridderschap van de steeds inhaliger geworden oligarchen. Terwijl een deel van de oligarchen eieren voor z’n geld koos, door zich in het vervolg op hun zaken te richten en zich niet meer met de politiek te bemoeien, bondt Chodorkovski de strijd met Poetin aan. In 2003 beschuldigde Chodorkovski president Poetin van corruptie. Zelf werd hij echter aangeklaagd en veroordeeld voor onder andere grootschalige belastingontduiking. Chodorkovski heeft zich tijdens de chaos van het Jeltsin-tijdperk zonder scrupules omhoog gewerkt en verrijkt, zoveel staat vast. In Rusland heeft hij nog altijd een belastingschuld van 370 miljoen euro uitstaan, hij zal er dus wel niet zo snel terug keren.