Posted on 1 Comment

Doorbraak: Vijfsterrenbeweging sluit Lega Nord niet uit

De Vijfsterrenbeweging sluit deelname aan een coalitieregering niet langer uit. Tot nu toe wilde de Vijfsterrenbeweging alleen regeren als ze in haar eentje een meerderheid zou hebben in het parlement. Daarvoor zou zo’n veertig procent van de stemmen nodig zijn.

Inmiddels is de Vijfsterrenbeweging de regerende Partito Democratico weer voorbij gestreefd in de peilingen, mede doordat de sociaaldemocraten kampen met interne verdeeldheid, die zelfs tot een afsplitsing geleid heeft. De circa dertig procent van de Vijfsterrenbeweging zullen echter niet genoeg zijn om zonder coalitiepartners een regeringsmeerderheid in het parlement veilig te stellen.

Eerder stelde de Vijfsterrenbeweging steevast in zo’n geval in de oppositie te zullen gaan, inmiddels klinken er vanuit de partijtop echter ook andere geluiden. Nu de partij de peilingen aanvoert maar niet groot genoeg lijkt te worden om alleen te regeren, is het kennelijk tijd geworden na te denken over een plan B.

“We willen zoals altijd zonder coalitie de verkiezingen in gaan. We mikken op veertig procent, wat ons de mogelijkheid zou geven om de regering te vormen”, aldus Kamerlid Alessandro di Battista tegenover Italiaanse media. “Mocht dat niet lukken, dan zijn we bereid in het parlement ons regeerplan voor te leggen aan andere partijen die openstaan voor een regering onder leiding van de M5S.”

Er wordt naar verluidt vooral gedacht aan andere eurosceptische partijen zoals de Lega Nord en eventueel de nationaal-conservatieve Fratelli d’Italia, die momenteel respectievelijk rond de dertien en de vijf procent van de stemmen halen in de peilingen.

De Lega Nord doet het momenteel, dankzij de leiding van Matteo Salvini die de kwakkelende separatistische partij uitbouwde tot een stevig rechts platform dat ook in het zuiden stemmen weet te trekken, weer goed in de peilingen. In de verkiezingen van 2013 haalde Lega Nord nog een teleurstellende 4,1% van de stemmen. Inmiddels staat de Lega Nord op gelijke hoogte met Berlusconi’s Forza Italia.

De vraag is natuurlijk wat Lega Nord zou krijgen in ruil voor steun aan een regering onder leiding van M5S. Partijleider Matteo Salvini is sceptisch maar staat wel open voor gesprekken. De twee anti-establishment-partijen delen hun kritische houding tegenover de Euro en andere aspecten van de Europese integratie, maar ook ten aanzien van de globalisering en de verhouding tot Rusland en Amerika. Maar er zijn ook verschillen, bijvoorbeeld ten aanzien van het economisch beleid. Ook op het punt van het immigratiebeleid zijn er verschillen, hoewel ook de M5S zich onder druk van de overstelpende realiteit steeds kritischer uitlaat op dit vlak.

Een bijkomend voordeel van een coalitieregering van M5S met Lega Nord kan zijn dat die laatste al eerder geregeerd heeft en dus ook over ervaren bewindslieden beschikt, zoals oud-minister van Binnenlandse Zaken Roberto Maroni, oud-minister van Justitie Roberto Castelli en oud-minister van Bestuurlijke Hervormingen Roberto Calderoli.

Uiterlijk in het voorjaar van 2018 moeten er parlementsverkiezingen plaats vinden in Italië. Het is echter allerminst uitgesloten dat ze vervroegd worden.

Posted on 1 Comment

Paul Cliteur: Onderzoek politieke inbreuken op rechtsstaat weinig nuttig

De verkiezingsprogramma’s van PVV, VVD, CDA, SGP en VNL bevatten één of meerdere voorstellen die op gespannen voet staan met de rechtsstaat. Zo meldt dagblad Trouw vandaag op basis van analyse van dertien verkiezingsprogramma’s door een commissie van hoogleraren in opdracht van de Nederlandse Orde van Advocaten.

De commissie spreekt van plannen die “rechtstreeks ingaan tegen fundamentele rechten en vrijheden van mensen, of inbreuk maken op het recht op een eerlijk proces”, vooral rond het voorkomen van terrorisme en voorstellen die te maken hebben met immigratie en het vluchtelingenvraagstuk.

“Wie ter bescherming van onze rechtsstaat bereid is om de rechtsstaat zelf te ondermijnen [..] vormt zelf een bedreiging voor de vrijheden die het fundament van onze samenleving vormen”, zo stellen de hoogleraren.

Novini ging te rade bij rechtsfilosoof Paul Cliteur, onder andere bekend van zijn optreden als getuige-deskundige in de recente rechtszaak tegen PVV-leider Geert Wilders over zijn ‘minder Marokkanen’- uitspraak.

Cliteur reageert desgevraagd, dat “het probleem is dat voor een effectieve criminaliteitsbestrijding en voor een effectieve bestrijding van terrorisme heel vaak maatregelen moeten worden genomen die zich op gespannen voet bevinden met rechtsstatelijke waarborgen.”

Wanneer de terrorismedreiging groot is moet je bij het betreden van een warenhuis of een kerstmarkt je tas openmaken. Dat is in strijd met de privacy en daarmee een maatregel die zich op gespannen voet bevindt met de rechtsstaat. Dit soort voorbeelden kunnen moeiteloos worden uitgebreid. De centrale vraag is er een van proportionaliteit: welke maatregelen achten we verantwoord in het licht van de dreigingen die op ons afkomen?

Verder wijst de hoogleraar encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Universiteit Leiden op het beperkte nut van een dergelijk onderzoek door juristen, gespeend van politieke afweging:

Wie alleen maar wil registreren welke inbreuken op de rechtsstaat worden gemaakt zonder zich bezig te houden met de vraag van de noodzaak daarvan doet weinig nuttigs.

 

Posted on

De identiteit van de Elzas staat onder druk

Een jaar nadat de Elzas door Parijs is opgeheven als zelfstandige regio, leeft onder de Elzassers breed de angst dat er verdere inperkingen van hun regionale en culturele rechten zullen volgen.

In het afgelopen jaar stonden de belangen van de regio al duidelijk onder druk. In plaats van de zelfstandige regio kwam een nieuwe, grotere regio, genaamd Grand Est; een onhistorische samenvoeging van Elzas, Lotharingen en Champagne-Ardennen. Ondertussen blijven de verwachte schaalvoordelen, een belangrijk argument voor de invoering van de grotere regio, uit.

Veel Elzassers zien daarentegen hun regionale, culturele en talige karakter onder druk staan. En daar is ook alle aanleiding toe. Eind 2015 had Radio France reeds haar uitzendingen op de middellange golf gestopt. Die maatregel trof ook de radiozender France Bleu Elsass in het Elzassische Sélestat/Schlettstàdt. Deze zender was de laatste die, vanuit de regionale Radio France-studie in Straatsburg, nog een volledig programma in de Elzassische taal uitzond. Sinds 1 januari 2016 is het programma alleen nog via internet-streaming te beluisteren, een beleidskeuze waartegen vooral oudere luisteraars te hoop liepen. Radio France, dat nog wel haar programma’s in het Bretons, Corsicaans en Baskisch via de ether uitzendt kon echter niet bewogen worden op haar keuze terug te komen, maar volstond met een reclamecampagne om luisteraars te informeren.

De keuze om het Elzassisch anders te behandelen dan de andere regionale talen laat zich slecht rechtvaardigen, in de Elzas maakt nog zo’n 60 procent van de bevolking geregeld actief gebruik van het Elzassisch. Tien jaar geleden stopte het laatste tweetalige dagblad al met haar tweetalige editie.

En voor het bewustzijn van de Elzassische identiteit misschien nog wel grotere slag was het verdwijnen van de Sint-Nicolaasfeesten op twee basisscholen in de gemeente Hüningen, nabij de Zwitserse grens. Daar beriepen zich voor het eerst in de geschiedenis van de regio twee schooldirectrices op de laïciteit van de Franse Republiek om de Sint-Nicolaasfeesten uit de scholen te verbannen. Ook het verbod op de aanduiding ‘Christkindelsmärik’ voor de Kerstmarkt en het verwijderen van de kerststal van het Kleberplein door het Straatsburgse stadsbestuur werden met dergelijke argumenten onderbouwd. Op de Kerstmarkt in Straatsburg waren dan ook veel protestborden te zien met opschriften als “Je suis Christkindel”.

De rigoureuze scheiding van kerk en staat die in Frankrijk in 1905 ingevoerd werd, werd in Elzas-Lotharingen, dat pas in 1918 weer bij Frankrijk gevoegd werd, niet doorgevoerd. Het principe van de laïciteit geldt met andere woorden in deze drie departementen helemaal niet, en toch wordt er nu effectief een beroep op gedaan. Geen wonder dat steeds meer inwoners van Elzas en Lotharingen deze verworvenheid van de regionalisten uit 1922, toen de weerstand van de Elzassische bevolking ertoe leidde dat de centrale Franse overheid zich genoodzaakt zag de reeds in werking getreden scheiding van kerk en staat weer terug te nemen, in gevaar zien. Het door de terugtrekking voortbestaande concordaat van 1801 heeft ook tot gevolg dat met Goede Vrijdag en Tweede Kerstdag twee wettelijke feestdagen behouden bleven in Elzas-Lotharingen die in de rest van Frankrijk reeds afgeschaft waren.

In 1922 bereikten de regionalisten ook dat veel van hun regionale en lokale privileges uit de tijd dat Elzas en Lotharingen bij het Duitse keizerrijk hoorden behouden bleven. Deze privileges betreffen vooral bepalingen uit het arbeidsrecht, het verzekeringswezen en het kadasterwezen. In de afgelopen jaren waren verscheidene van die bepalingen voorwerp van rechtszaken. Steeds weer benadrukte de Vereniging voor de Verbreiding van het Franse Laïcisme daarbij de eenheid van de Franse Republiek en exclusieve geldigheid van de Franse taal. Sommige van de regionaal nog van toepassing zijnde wetten die nog uit de Duitse tijd stammen zijn namelijk nooit in het Frans vertaald. Men is die zogezegd vergeten. In de Duitse tijd, van het einde van de Frans-Duitse oorlog (1871) tot het einde van de Eerste Wereldoorlog (1918), zijn wetten uitgevaardigd die deels op de toentertijd zeer vooruitstrevende sociale wetgeving van Bismarck gebaseerd waren en die in 1918 niet afgeschaft zijn. Zo vergoed het ziekenfonds in Elzas-Lotharingen meer dan in de rest van Frankrijk, zijn uitkeringen reeds vanaf 16 jaar in plaats vanaf 25 jaar beschikbaar, is de doorbetaling bij absentie op het werk royaler geregeld en is de ontslagbescherming voor werknemers beter.

De regionalisten van de Elzassische partij ‘Unser Land’ ondersteunen in de Franse presidentsverkiezingen van mei aanstaande de gezamenlijke kandidaat van diverse regionalistische partijen, de Breton Christian Troadec, die uiteraard weinig kans maakt. De ervaring leert dat de presidentskandidaten van de grote partijen tijdens de campagne ook op de belangen van de regionalisten ingaan en beloftes doen over het respecteren van het Europese Handvest voor regionale talen of talen van minderheden, om die eenmaal verkozen niet waar te maken. Dat is de Franse politieke traditie sinds de vaststelling van dit handvest in 1992 – Frankrijk heeft het nog altijd niet geratificeerd.