Posted on

Brandenburg – AfD kan sterkste partij worden in SPD-bolwerk

Potsdam, Brandenburg

Deelstaatverkiezingen in Brandenburg waren steeds een uitgemaakte zaak. De SPD leverde de deelstaatpremier. Maar nu zou de situatie kunnen veranderen. Kort voor de verkiezingen op 1 september heeft de AfD goede kans om de grootste partij te worden in Brandenburg. 

In de peilingen behalen de nationaal-conservatieven 19 à 22 procent. Voor de SPD dreigt daarentegen een fors verlies. Waar de sociaaldemocraten in 2014 nog 31,9 procent van de stemmen behaalden, staan ze nu in de peilingen tussen de 17 en 22 procent. De CDU staat rond de 18 procent, Die Linke op 14 à 18 en de Groenen op 12 à 17. De FDP lijkt net over de kiesdrempel te komen en na vijf jaar weer terug te kunnen keren in de landdag. Ook is het niet uitgesloten dat de Freie Wähler enkele zetels bemachtigen.

Groenen kunnen coalitie SPD en Linke overeind houden

Sinds 2009 regeren SPD en Die Linke in Potsdam. De zittende deelstaatpremier Dietmar Woidke (SPD) vreest voor zijn post. Mogelijk kan hij zijn regering voortzetten door de Groenen in de coalitie te betrekken. De Groenen deden het nooit bijzonder goed in Brandenburg (onder de kiesdrempel tot circa zes procent), maar hebben nu federaal de wind in de rug. Er wordt al gespeculeerd dat de uit Brandenburg afkomstige co-partijvoorzitter Annalena Baerbock minister zou kunnen worden in de deelstaatregering.

“Slechte stemming” in Brandenburg

Er heerst in Mitteldeutschland een “slechte stemming” bij delen van de bevolking, zo stelde onlangs oud-deelstaatpremier Matthias Platzeck, die de commissie ’30 jaar Duitse eenheid’ leidt. Van de traditionele partijen en hun discours hebben ze zich afgekeerd. Daarmee maakt Platzeck een toespeling op het naar verwachting goede resultaat voor de AfD.

“AfD zal het nog beter doen dan voorspeld”

AfD-lijsttrekker Andreas Kalbitz, die in 2017 Alexander Gauland opvolgde als fractievoorzitter, gaat er vanuit “dat de AfD het nog beter zal doen dan voorspeld”. Woidke vreest dat de AfD de verkiezingen op 1 september zelfs wint. “We schilderen de mensen geen schrikbeeld”, zo waarschuwde Woidke in een e-mail aan circa 6500 SPD-leden in de deelstaat, “maar een AfD-overwinning kan bittere realiteit worden”.  Een grote donateur heeft nu een brochure gefinancierd voor de SPD, die in de laatste dagen voor de verkiezingen huis-aan-huis verspreid moet worden en moet ‘voorlichten’ over het vermeende gevaar dat de AfD zou zijn.

CDU sluit coalitie met AfD uit, ondanks interne verdeeldheid

De CDU staat er intussen niet goed voor. Haar hoop in een grote coalitie met de SPD de deelstaatpremier te kunnen leveren, lijkt een volstrekte illusie. Een coalitie met de AfD hebben de christendemocraten uitgesloten, ook al wordt er intern verschillend over gedacht. Kalbitz gaat er echter vanuit dat de CDU zich uiteindelijk zal moeten verzoenen met de nieuwe realiteit. Hij verwacht dat de CDU op termijn openlijker en zakelijker om zal gaan met de AfD. “Ik ben er zeker van: De toon van de CDU zal veranderen.”

Niet alleen deelstaatverkiezingen in Brandenburg

Op 1 september vinden er tevens deelstaatverkiezingen plaats in Saksen, waar de CDU vanouds de grootste partij is. Hier wijzen de peilingen erop dat de AfD enkele procentpunten achter de CDU eindigt. Eind oktober volgen dan deelstaatverkiezingen in Thüringen, waar CDU, Die Linke en AfD alle drie nog kans lijken te maken de grootste partij te worden. In Thüringen wordt de AfD geleid door de omstreden Björn Höcke en is Bodo Ramelow van Die Linke momenteel deelstaatpremier.

Posted on

Wat afsplitsers FvD kunnen leren van afsplitsingen AfD

afsplitsingen AfD

De laatste tijd is er het nodige te doen over ex-FvD’ers die voor zichzelf willen beginnen. Een kijkje bij onze oosterburen leert echter dat dergelijke afsplitsingen weinig kans van slagen hebben. 

Sinds de oprichting van de nationaal-conservatieve Alternative für Deutschland in het voorjaar van 2013 had de jonge partij steeds weer met afsplitsingen te kampen. De afsplitsingen bleken echter nauwelijks een bedreiging te vormen voor de verkiezingsresultaten van de AfD.

Bernd Lucke en de Liberal-Konservative Reformer

Bernd Lucke heeft inmiddels de handdoek in de ring geworpen. Bij de door hem opgerichte partij Liberal-Konservative Reformer (LKR) gaat bijna het licht uit. Aan de komende verkiezingen voor de landdagen van Saksen, Thüringen en Brandenburg neemt ze niet eens deel. Lucke was in 2013 een van oprichters en enige tijd voorzitter van de AfD. In 2015 sprak hij echter van een ruk naar rechts en verliet de partij. Sindsdien bracht hij nog een boek over de euroreddingspolitiek uit, maar speelt hij in het publieke debat nauwelijks nog een rol.

In de europarlementsverkiezingen van dit jaar behaalde de LKR met 0,2 procent van de stemmen niet één zetel. Eerder hadden de andere europarlementariërs die in 2014 voor de AfD gekozen waren en zich samen met Lucke afsplitsten, de LKR reeds verlaten vanwege Luckes bestuursstijl.

Lucke neemt nu zijn hoogleraarschap aan de Universiteit Hamburg weer op. De 56-jarige zal in het komende semester weer doceren, zo bevestigt een zegsvrouw van de universiteit. Over de toekomst van de nog slechts enkele honderden leden tellende partij zwijgt Lucke vooralsnog. Gezien de volledige ontstentenis aan electorale perspectieven ligt ontbinding voor de hand.

Frauke Petry en de Blaue Partei

Iets dergelijks geldt voor de Blaue Partei, die in Saksen onder de naam Team Petry wel aan de komende verkiezingen voor de landdag deelneemt. Lijsttrekker is de oud-AfD-voorzitter Frauke Petry. De gepromoveerde scheikundige verliet de AfD direct nadat ze in de herfst van 2017 in de Bondsdag gekozen was.

Haar hoop een conservatieve beweging tussen de AfD en de CDU in te vestigen lijkt inmiddels vervlogen. Zelfs in haar eigen deelstaat Saksen heeft ze amper honderd medestrijders. Haar laatste hoop is nu dat de Blaue Partei erin slaagt in de landdag gekozen te worden. ‘Conservatief. Maar fatsoenlijk’, is de verkiezingsleus van de partij. “De CDU is niet conservatief en de AfD allang niet meer fatsoenlijk. De verbinding vormt de Blaue Partei”, aldus Petry. Meetbare steun voor de partij is er echter niet. Petry heeft voorlopig haar positie als lid van de Bondsdag nog, maar het is onwaarschijnlijk dat ze daar in geval van nieuwe verkiezingen op eigen kracht terug kan keren.

André Poggenburg en de Aufbruch Deutscher Patrioten

Ook voor de enige afsplitsing van de AfD ter rechterzijde geldt dat er geen meetbare steun is. Met veel bombarie verliet deelstaatvoorzitter in Saksen-Anhalt André Poggenburg begin dit jaar de AfD. Anders dan Lucke en Petry meende hij dat zijn voormalige partij teveel toenadering zocht tot het establishment en steeds liberaler werd.

Er blijkt echter weinig animo te zijn voor de nieuwe partij Aufbruch Deutscher Patrioten. Ze slaagde er weliswaar in om in Saksen op het stembiljet te komen. Maar naar haar steeds groots aangekondigde demonstraties komen zelden meer dan enkele tientallen aanhangers.

Posted on

Coalitie op sterven na dood – Insiders geven Merkel tot herfst

De CDU kalft hard af, de SPD staat op de rand van het graf. Zo kan het niet verder met de ‘grote coalitie’ van bondskanselier Angela Merkel. Dit najaar is het afgelopen.

Zelfs vice-voorzitter van de CDU en deelstaatpremier van Noord-Rijnland-Westfalen, Armin Laschet ziet het einde voor de federale coalitie van christen- en sociaaldemocraten naderen. Tot de herfst zal ze nog wel houden, misschien tot de Kerst, vermoedt Laschet. Zo precies kun je het immers nooit voorspellen. Vervroegde verkiezingen hoeven er van Laschet dan echter niet te komen. Dat terwijl de reguliere verkiezingen pas voor eind 2021 op de rol staan.

Merkel kan Jamaica nog eens proberen

Laschets kijk op de zaak is alleen realistisch wanneer zich op basis van de huidige samenstelling van de Bondsdag een nieuwe meerderheid laat vormen. Dat kan maar één ding betekenen: opnieuw proberen een zogenaamde Jamaica-coalitie van CDU/CSU, Groenen en FDP te vormen. Waar in 2017 de liberalen de stekker uit de onderhandelingen trokken, zouden nu de Groenen dat wel eens kunnen doen. Bij hen zit de weerzin jegens de FDP nog diep. Bovendien kijken zij met een schuin oog naar de peilingen, waarin ze kans maken de grootste partij te worden, mochten vervroegde verkiezingen toch nodig blijken.

SPD vertwijfeld

Voor veel afgevaardigden van CDU en SPD ziet het er in het geval van nieuwe verkiezingen niet rooskleurig uit. De SPD verkeert echter in een staat van vertwijfeling. Het zegt genoeg dat er zelfs niemand was die het partijvoorzitterschap op zich wou nemen, zodat er uiteindelijk een trio de zaak waarneemt, waaronder een deelstaatpremier die verkiezing na verkiezing verloor. Het scenario voor de komende maanden tekent zich reeds duidelijk af: de sociaaldemocraten zullen sterk verliezen in de deelstaatverkiezingen in Brandenburg, Saksen en Thüringen in september en oktober. Daarna zullen ze alsnog een nieuwe partijleider kiezen, die de SPD uit de coalitie met Angela Merkel haalt en zo snel mogelijk op nieuwe verkiezingen aanstuurt. En dan maar hopen dat het resultaat onder de nieuwe leider en na de breuk met Merkel  nog wat meevalt.

Groenen nu belangrijkste concurrent CDU

Ook de unie van CDU en CSU moet intussen hopen dat de trend nog keert. Het overnemen van standpunten van de Groenen heeft een poos electoraal gewerkt, maar nu zijn de Groenen zelf de grote concurrent in de verkiezingen. In de afgelopen tijd hoefden de Groenen hun eisen alleen maar verder op te voeren, daarbij ondersteund door gewillige media. Zonder duidelijke koerswijziging hoeven de christendemocraten echter niet op een herleving te rekenen. Het lastige daarbij is dat de christendemocraten in het westen vooral met de Groenen en in het oosten vooral met de AfD moeten concurreren.

AKK niet in staat tot nieuwe koers

De weinige aarzelende aanzetten die de nieuwe CDU-partijleider Annegret Kramp-Karrenbauer deed om de CDU weer een wat conservatiever imago te geven, kwamen haar vooral op kritiek te staan. Het ontbreekt haar aan overtuiging en kracht, maar ook aan meer dan oppervlakkige steun in de partij om een nieuwe koers door te zetten. Als Merkel aftreedt als bondskanselier, ligt de vraag wie de CDU in nieuwe verkiezingen zal aanvoeren dan ook nog open.

AfD stagneert

Ondertussen slaagt de AfD er de laatste tijd nauwelijks in om te profiteren van de misère bij CDU/CSU en SPD. De afhakende kiezers van die partijen worden vooral niet-stemmers. De aanhoudende media-aanvallen op de nationaal-conservatieven dragen zeker bij aan deze stagnatie. Interne conflicten maken het tegenstanders daarbij gemakkelijk om de jonge partij als onserieus weg te zetten. Het gebrek aan ernst is echter ook een belangrijke reden waarom veel Duitsers zich van de clichématige en op sentimenten spelende politiek van de gevestigde partijen afkeren.

Posted on 1 Comment

Duitsland: Hetze tegen rechts gaat over in grof geweld

Een bomaanslag op een AfD-kantoor in Döbeln en het door drie gemaskerde mannen bijna doodslaan van een AfD-Bondsdaglid in Bremen, onderstrepen dat de sfeer in Duitsland in verkiezingsjaar 2019 steeds grimmiger wordt. 

De bomaanslag op het AfD-kantoor in Döbeln (in de deelstaat Saksen) en de aanval op de Bremer AfD-leider en Bondsdaglid Frank Magnitz waren denkbaar slechts de eerste dieptepunten in een ongeziene ontsporing van de Duitse politiek. Het geweld komt niet uit de lucht vallen. Linkse en extreemlinkse actoren hebben hiervoor het klimaat geschapen en in sommige gevallen openlijk opgeroepen tot fysiek geweld.

 

SPD en Antifa

Wat opvalt is dat de scheidslijn tussen links en extreemlinks niet slechts heimelijk vervaagt, maar ook openlijk doorbroken wordt. Al in september sprak Angela Marquardt, medewerker in het kantoor van SPD-leider Andrea Nahles en directeur van de SPD-denktank, zich ervoor uit dat de SPD in de ‘strijd tegen rechts’ ook met Antifa en ‘Anti-Duitsen’ zou moeten samenwerken. In het artikel in partijkrant Vorwärts distantieerde Marquardt zich weliswaar van geweld. Hoe het voormalige PDS-Bondsdaglid, dat in 2008 naar de SPD overging, Antifa en geweld überhaupt van elkaar wil scheiden bleef echter onduidelijk.

‘Fascisten’ in elkaar slaan

Op 30 december publiceerde het linkse dagblad Taz een lange bijdrage, waarin de tactiek van Britse Antifa’s om fascisten in elkaar te slaan tot ze de straat niet meer op durven zonder kritiek gepresenteerd werd. Als voorbeelden van contemporaine ‘fascisten’ werden namen als Donald Trump, Jaroslaw Kaczynski, Thilo Sarrazin, Matteo Salvini en Björn Höcke genoemd. Taz-auteur Rolf Sotscheck spreekt zich er vooral uitdrukkelijk tegen uit om überhaupt het gesprek aan te gaan met AfD-politici. De tijd van debat is wat hem betreft voorbij en daarmee ook de tijd van democratische deliberatie. De seinen staan op politieke vernietiging.

Geen politiek proces maar fysiek aanvallen

De publicatie ‘Losgaan – fight AfD’ sluit hier naadloos op aan. Daar heet het: “De tijd voor discussie, opheldering en praten moet voorbij zijn.” De confrontatie kan bij de stembus noch in het gesprek gewonnen worden. Dat wil zeggen: Ook democratische verkiezingsuitkomsten worden zo nodig van de hand gewezen. In plaats daarvan moet de strijd tegen de AfD, haar leden en sympathisanten volgens de schrijvers van het vlugschrift “praktischer en persoonlijker worden”. “Openlijke strijdlust, outings en allerlei creatieve acties” moeten ertoe dienen de AfD’ers “uit de dekking te halen en aan te vallen”. Dat hiermee geen verbale aanvallen bedoeld worden is uit het voorgaande wel duidelijk.

Burgeroorlog

Teksten en oproepen als deze markeren een volledig afscheid van de vormen van democratische deliberatie en debat. De politieke tegenstander wordt tot persoonlijke vijand, de andersdenkende burger tot onpersoon die men de politieke en burgerrechten kan betwisten. Hier klinken de klaroenstoten voor een burgeroorlog. Döbeln en Bremen laten zien dat deze oproepen niet aan dovemansoren gericht zijn.

Posted on

Vogelpoep en de Duitse geschiedenis: AfD-leider Gauland heeft een punt

Veel ophef is er in Duitsland ontstaan over een zinnetje in een toespraak van AfD-leider Alexander Gauland. Als men echter ook nota zou nemen van de rest van zijn rede, zou er een constructief en hoognodig publiek debat over de Duitse omgang met het verleden kunnen ontstaan.

Met zijn toespraak op een federale conferentie van de AfD-jongerenorganisatie ‘Junge Alternative’ in Seebach, Thüringen, heeft AfD-leider Alexander Gauland een mediale shitstorm losgemaakt. De media hebben één zinnetje eruit gelicht en zijn daarmee aan de haal gegaan. Wie kennis neemt van zijn gehele toespraak, kan de ophef slechts als overtrokken beoordelen.

Gauland poetste immers de verantwoordelijkheid voor de misdaden van de nationaalsocialisten geenszins weg, stelde echter dat de “twaalf vervloekte jaren” dat zij aan de macht waren “slechts vogelpoep” waren op het geheel van de honderd keer zo lange Duitse geschiedenis, die hij “roemrijk” noemde.

Concreet wordt Gauland nu verweten met de formulering “vogelpoep” niet alleen de in verhouding tot het geheel van de Duitse geschiedenis korte duur van het nationaalsocialistische regime bedoeld te hebben, maar daarmee ook de omvang van de tijdens dat regime begane misdaden te geringschatten. Dit kwam hem op kritiek van politieke tegenstanders, maar zelfs vanuit zijn eigen partijtop te staan.

Wat heeft Gauland tot de bewuste uitspraak bewogen? Dat is de vraag die nu verhit bediscussieerd wordt in Duitsland. Het gaat echter niet aan hem aan te wrijven dat hij de misdaden van de nazi’s weg zou willen relativeren, als we zien dat hij deze in de zinnen daarvoor uitdrukkelijk ter sprake brengt en erkent.

Het probleem is echter de op dit ene punt weinig elegante formulering van zijn these en dat Duitse journalisten er steeds op gebrand zijn AfD-politici te betrappen op uitspraken die op een of andere wijze als relativering van het nationaalsocialisme of de Holocaust uitgelegd kunnen worden. De zakelijke en hoognodige discussie die Gauland aan wilde snijden, raakt daarmee bedolven onder de verontwaardiging over één zin die uit zijn verband gerukt en uitentreuren herhaald wordt in de media.

Kern van zo’n zakelijk debat zou de vraag kunnen zijn, in hoeverre de nazi-misdaden de kijk van de Duitsers op zich zelf, hun land en de lange geschiedenis daarvan zouden moeten overheersen. In alle opwinding over de vogelpoep-uitspraak van Gauland wordt de discussie over deze belangwekkende vraag volkomen overstemd, wat sommigen die dat jammer vinden de spreker zelf dan weer kwalijk nemen, vanwege zijn woordkeuze.

Dat de eigen geschiedenis het referentiekader biedt voor actuele discussies is normaal en onvermijdelijk. In Duitsland beperkt dit referentiekader zich vrijwel uitsluitend tot de 12 jaren dat de nazi’s aan de macht waren. Iedere maatschappelijke discussie over welke kwestie ook, van asielbeleid, tot de Euro, tot zelfs dierenbescherming (“kippenconcentratiekamp”), landt haast als vanzelf na afzienbare tijd bij het nationaalsocialisme.

Wanneer echter alles naast de grootste misdaad uit de eigen geschiedenis gehouden wordt, raken de maatstaven onvermijdelijk uit het lood. Het discours wordt verstikt door verdachtmaking, insinuatie en uiteindelijk openlijke haat. Tolerantie en zakelijkheid krijgen in het publieke debat geen schijn van kans.

Hoe ver die verwarring inmiddels gevorderd is, laten extreemlinkse jongeren zien, die met leuzen als ‘Duitsland verrek!’ door de straten trekken en zelfs de Amerikanen oproepen tot nieuwe tapijtbombardementen (“Bomber Harris, do it again!”).

Wie voorbij zijn weinig elegante woordkeus en de mediale hysterie wil kijken, ziet dan ook dat Gauland een punt heeft. Het denken en handelen van de Duitsers van vandaag zou zijn historische horizon weer naar de gehele Duitse geschiedenis moeten verbreden. Daarmee zouden de monstruositeiten van de nazi’s geenszins uit het zicht raken. Wel zou het de mogelijkheid bieden om de maatstaven weer in het lood te brengen en een opbouwende toegang tot de eigen geschiedenis te hervinden.

Posted on

Gratis reclame voor conservatieve denkers in een nazomer-Volkskrant

Zo’n typische nazomer-Volkskrant op zaterdag. De katernen zijn samengevoegd, zodat er een dagblad op de mat valt dat niet veel dikker is dan de wekelijkse Huis-aan-Huis. Met dat verschil dat het wekelijks verschijnende informatieblad inhoudelijk vele malen sterker is dat het landelijke dagblad.

In de samengevoegde katernen enkel nietszeggende sfeerreportages, zoals die al enkele decennia in de landelijke kranten zijn te lezen. Van het slag dat altijd begint met “Op de stoffige weg naar nergens zit een schurftige hond. Hij staart naar niets. In de verte zindert de horizon.” Etc, etc. Op de voorpagina twee blikvangers: Fatima Elatik – “Kennelijk ben ik de bitch from hell” – en drie heren onder de kop ‘Het complot tegen Europa’. Het gaat om Thierry Baudet, Paul Cliteur en de Duitse schrijver/uitgever Götz Kubitschek.

Onder de kop ‘Het is een Marokkanenjacht’ mag netwerker (sic) Elatik vier pagina’s lang klagen over het schijnbare onrecht dat de samenleving haar aandoet. Uiteraard niets over haar contacten met radicale moslims, niets over duistere financiële transacties, niets over de torenhoge budgetten die voor haar nutteloze projecten werden uitgetrokken.

In twee pagina’s fileert Peter Giesen het begrip ‘cultuur marxisme’ en moeten Baudet, Cliteur en Sid Lukkassen het ontgelden. Aan het slot een verwijzing naar het interview met Götz Kubitschek. Journalist Sterre Lindhout beschrijft op de typerende wijze – een lange plattelandsweg die voert naar het riddergoed Schnellroda – haar ontmoeting met de Duitse schrijver en uitgever. Lindhout’s leuzen zijn “weg van het modernisme en de multiculturele samenleving”, “ridder van nieuw-rechts” en “natuurlijk, rein en mannelijk”. Kubitschek is een vertegenwoordiger van ‘nieuw-rechts’, maar dat is alleen maar een denkmantel voor (neo)nazi’s, weet Sterre. De ‘plattelandsheer’ is rechts (eng), onderscheidt zich in niets van neo-nazisme (nog enger), heeft zich bewust terugtrokken op het platteland (verdacht), de naam van zijn uitgeverij verwijst naar een reus uit de Griekse mythologie (raar), zijn vrouw schrijft columns over de traditionele rol die vrouwen moeten vervullen (absurd), de schrijver voelt zich verwant met bioboeren (fout, want ‘blut und boden’), zijn kinderen zijn vernoemd naar Noordse of Germaanse sagen (idem).

Een typisch groot Volkskrantverhaal, vol verdachtmakingen en insinuaties. In één zucht worden de partij van Thierry Baudet en de boeken van Sid Lukkassen erbij gehaald. Zie je wel, nazi’s nemen Europa over; de spoken uit het verleden zijn springlevend, probeert de Volkskrant de lezer duidelijk te maken. Wat de redactie niet weet is dat het een mooi staaltje ‘free publicity’ is. Op dezelfde wijze is ondergetekende zijn werdegang van progressief naar conservatief begonnen…

Posted on

“Gelukkig is er in Amerika meer rapaille dan in Duitsland!”

De Amerikaanse historicus en filosoof Paul Gottfried geldt als vooraanstaand denker in de paleoconservatieve beweging en als eerste die de term ‘alternative right’ (alternatief rechts) gebruikte, voordat Alt Right een merknaam werd. De nu 76-jarige professor uit Elizabethtown, Pennsylvania, is al decennia een centrale figuur op rechts in Amerika, tussen libertariërs en conservatieven. Hij is of was goed bevriend met belangrijke actoren als Richard Nixon, Pat Buchanan, Murray Rothbard en Hans-Hermann Hoppe, waarbij het hem er steeds om te doen was oud rechts en nieuw rechts, libertariërs en conservatieven bij elkaar te brengen in oppositie tegen het oorlogshitsende, neoconservatieve establishment dat de Republikeinse partij in zijn greep heeft. Minder bekend is zijn liefde voor Duitsland. Novini sprak met hem – in het Duits, daar stond Gottfried op – over de toekomst van Amerika, Duitsland en Europa.

Over ruim anderhalve maand kiezen de Duitsers de leden van de Bondsdag. U volgt de situatie vanuit Amerika op de voet, niet waar?

Ja, diep bedrukt en met weinig hoop kijk ik naar de situatie in Duitsland. Ik betreur het dat een patriottische partij er nog ver van verwijderd is het roer over te nemen.

U doelt op de AfD?

Het is betreurenswaardig dat de AfD er niet in slaagt haar interne conflicten op te lossen. Bovendien probeert de gematigde, door Frauke Petry aangestuurde vleugel de media een antifascistisch getuigschrift af te geven, wat evident strategische onzin is. Ondanks deze voorbehouden, zou ik als ik Duitser was op de AfD stemmen. Het is de enige partij die geschikt en bereid is om het immigratievraagstuk ter hand te nemen.

U heeft eens gezegd dat Duitsland en grote delen van Europa toch al “verloren” zijn.

Ja, aan de lange termijnvooruitzichten van een op afkomst en cultuur gebaseerde Duitse natie moet ik helaas twijfelen. Het lage geboortecijfer van de autochtone Duitsers maakt me even sceptisch als de zelfkastijding die de Duitsers door hun politieke en mediale elites opgelegd wordt. Daarbij komt de kadaverdiscipline waarmee het Duitse electoraat het anti-Duitse establishment volgt.

Als tot 200.000 Duitsers per jaar het land de rug toekeren, is binnen de volgende zes generaties een krimp van de autochtone bevolking te verwachten van 64 naar 11 miljoen. Het in Duitsland als staatsgodsdienst hoogtij vierende nationaal-masochisme zal er voor zorgen dat de Duitsers een minderheid in eigen land worden.

Het cruciale thema van onze tijd is in veler ogen de immigratie. Het ligt echter in de aard van de zaak, dat niet allen die zich aansluiten bij het verzet tegen de massamigratie, het over alle kwesties eens zijn. 

Desalniettemin moet het mogelijk zijn om, bijvoorbeeld met politiek-economisch andersdenkenden, een gelegenheidscoalitie te sluiten om samen tegen een acute dreiging op te treden. Het moet er nu om gaan Duitsland te redden van de uitwissing van zijn cultuur.

Ziet u in Europa of het Westen in het algemeen bewegingen op personen, waarop rechts in Duitsland zich kan oriënteren?

Zo voor de vuist weg: Viktor Orbán.

Welke opstelling staat u voor ten aanzien van de Europese Unie?

Frontale oppositie. De EU is tot een anti-nationaal, anti-vrijheids-, multicultureel en anti-christelijk gedrocht geworden. De globalisten hebben een verdere vervanging van de Europese naties voor en beschikken met de EU over het middel hiertoe.

Als een oppositiebeweging kans van slagen wil hebben, moet ze steeds twee zaken bij elkaar houden: verstand en gevoel. In de VS kan men op het patriottische, vrijheidsgezinde erfgoed van de Founding Fathers teruggrijpen en het debat zo in een voor de rechtse oppositie gunstige gevoelsrichting sturen. Welke gebeurtenissen, tijdperken of personen ziet u in de Duitse geschiedenis die libertariërs of conservatieven voor dergelijke doeleinden kunnen gebruiken?

Het schijnt me toe dat de Duitsers een liberale traditie hebben, maar geen libertarische. Ik wijs er op dat de gevormde burgerij in de 19e eeuw zijn liberale opvattingen in evenwicht wilde brengen met de nationale eenwording. Al waren dit dan de laatste decennia van het klassieke liberalisme in Duitsland, toch zou het zeer misplaatst zijn om de Duitsers een liberaal erfgoed te willen ontzeggen. In vergelijking met de tegenwoordige antifascistische semidictatuur in Duitsland en andere westerse landen laat het Duitse keizerrijk een voorbeeldige constitutionele rechtstatelijkheid zien.

Komen we te spreken over de situatie in uw land, de Verenigde Staten. Ook daar is de samenleving uiterst gepolariseerd, zoals men recent aan rellen in Berkeley, Californië kon zien. Sterke mediale waarneming geniet hierbij ook de zogeheten Alt Right-beweging, waarvan gezegd wordt dat u er de naamgever van bent.

De term komt van mij, maar de beweging heeft zich inmiddels ver verwijderd van mijn ideeën. Wat echter blijft, is de vaststelling dat het oude Republikeinse establishment, dat wil zeggen de neoconservatieven, nauwelijks nog in staat is, zichzelf als echte oppositie tegen de Democraten te verkopen. De doorsnee leeftijd van de kijkers van Fox News nadert de zestig al. De meeste lezers van bladen als de National Review en Weekly Standard zijn minstens even grijs en onnozel.

Tegenwoordig associeert men de jonge Alt Right-beweging echter veeleer met personen als Richard Spencer. Hoe heeft zich de politieke oriëntatie van de beweging in de afgelopen jaren veranderd?

Tot eind vorig jaar identificeerden zich ettelijke groepen met het koepelbegrip Alt Right, een zeer breed spectrum. Toen de alliantie van linkse media en gutmenschen vervolgens veel drukte maakte over het begrip Alt Right, liepen de gematigden weg. Vervolgens namen diegenen die het in de eerste plaats om “blanke identiteit” gaat, met Richard Spencer voorop, dit al grotendeels versmalde begrip voor zichzelf in beslag.

De drievoudige presidentskandidaat Patrick J. Buchanan stelde met zijn meest recente boek (Suicide of a Superpower) de provocatieve vraag of Amerika kan overleven tot 2025 of voordien uiteen zal vallen. Hoe ziet u de politieke, economische en demografische toekomst van de Verenigde Staten?

Ik moet toegeven dat ik net als Pat een multiculturele, door een ‘diepe staat’ geleide, toekomst van Amerika voor me zie. Wat ons echter van de volkomen heropgevoede Duitsers onderscheidt, is de aanwezigheid van zogenaamd rapaille (Gottfried gebruikt hier het Duitse woord ‘Pack’, dat SPD-minister Sigmar Gabriel gebruikte met betrekking tot deelnemers van Pegida, WB), dat nog altijd voor de burgerlijke normaliteit en het christelijke fatsoen wil strijden. Bij ons ligt het aandeel van de bevolking dat uit deze onbuigzamen bestaat net als in Frankrijk rond de 40 à 45 procent. Dat ook uit dit bevolkingsdeel stemmen opkomen voor meer staatsingrijpen, is te betreuren, maar niet te veranderen.

Als u de Duitsers nog een raad kon geven, wat zou dat dan zijn?

Verwerk de verwerking van het verleden! Wees trots op jullie erfgoed! En krijg meer kinderen!

Posted on

Discussie over Duitse Leitkultur is pluralisme voor de bühne

In de Duitse politiek doen de stellingen van minister van Binnenlandse Zaken Thomas de Maizière over de Duitse Leitkultur veel stof opwaaien. Maar meer dan een beetje onenigheid voor de bühne is het niet.

Gedurende de hele parlementaire zittingsperiode zijn de gevestigde partijen in Duitsland het over de hoofdzaken met elkaar eens, bijvoorbeeld als het gaat over het immigratiebeleid. Een anti-Duitse gezindheid is zo ongeveer het onderscheidende kenmerk voor het behoren tot het establishment.

Met de verkiezingen voor de Bondsdag in het vooruitzicht tekent zich voor de gevestigde partijen echter het gevaar af, dat de niet anti-Duits gezinde kiezers bij bosjes naar de AfD overstappen, die immers een pro-Duits alternatief biedt.

Pluraliteit

Men doet in de maanden tot de verkiezingen dan ook naarstig zijn best om het te doen voorkomen alsof er wezenlijk verschil is tussen de gevestigde partijen. Het ene deel van het establishment laat zich ineens verrassend pro-Duits uit, terwijl het andere deel het eerste deel daarover bekritiseert.

Men blijft weliswaar eensgezind in anti-Duits beleid, maar tegenover de kiezers wekt men ten minste de schijn op het gehele pluralistische spectrum af te dekken, zodat het zoeken naar een alternatief buiten het establishment niet nodig zou zijn.

De opgave om dat deel van de bevolking dat nog nationaal gevoel heeft tenminste verbaal met het establishment te verzoenen, neemt nu uitgerekend minister van Binnenlandse Zaken Thomas de Maizière op zich, één van de trouwste agenten van Merkel.

Enkele maanden geleden, op het partijcongres van de CDU liet De Maizière nog zijn ware gezicht zien, toen hij de uitspraak van het congres over dubbele paspoorten afwees en het standpunt van de bondskanselier en partijvoorzitter verdedigde.

Leitkultur

Om te doen alsof in de realiteit van de praktische politiek niet bestaande tegenstellingen er toch zijn, komen vooral symbolen goed van pas. De Maizière loopt lang genoeg mee in de politiek, om te weten dat sinds de door Merkel weggewerkte CDU-fractievoorzitter Friedrich Merz reeds het gebruik van het woord Leitkultur volstaat om Pavlov-reflexen bij links op te wekken en daarmee een woordenstrijd te provoceren die politieke veelkleurigheid suggereert.

Een nadere bepaling van die Leitkultur is dan niet eens meer nodig. Op links is het hooguit omstreden, of er een slechte Duitse cultuur is, die wel tot Auschwitz moest leiden, of dat er überhaupt geen cultuur is die specifiek Duits is. Maar het idee dat er een Duitse cultuur is, die in de Bondsrepubliek een leidende functie zou moeten hebben, is voor links op zich al een pure provocatie.

Daarbij zijn de tien stellingen waarmee de Maizière de Duitse Leitkultur beschrijft dermate onschuldig, dat men er net zo goed over kan twisten, of Duitsers tijdens het Wereldkampioenschap voetbal met Duitse vlaggen mogen zwaaien of niet. Niet voor niets geldt zijn positionering “Wir sind nicht Burka” nog als de meest markante. Deze poging om de tegenstanders van de bewering dat “de islam bij Duitsland hoort” zich thuis te laten voelen bij de CDU, zonder de bewering daadwerkelijk te weerspreken, is typerend voor het opereren van politici als De Maizière. Of veel potentiële AfD-kiezers zich met een dergelijk kluitje het riet in laten sturen moet in september blijken.

Lees ook:

Posted on

AfD-bestuur wil Björn Höcke royeren

Het bestuur van de Alternative für Deutschland heeft besloten de procedure in gang te zetten om Björn Höcke uit de partij te zetten. Höcke, die fractievoorzitter in de landdag van Thüringen is, kwam kort geleden in opspraak door een toespraak in Dresden waarin hij onder andere kritiek uitte op de manier waarop in Duitsland herdacht wordt.

Het federale bestuur van de partij heeft nu met een meerderheid van negen tegen vier besloten om de procedure in gang te zetten om Höcke uit de partij te zetten. Höcke is een van de leiders van de meer nationalistische vleugel van de partij.

Overtrokken reactie

Onder de tegenstanders van het besluit om de Thüringer fractievoorzitter te gaan royeren, zijn echter ook de eerder liberale co-voorzitter prof. dr. Jörg Meuthen, tevens fractievoorzitter in Baden-Würtemberg, en vice-voorzitter dr. Alexander Gauland, tevens fractievoorzitter in Brandenburg. Meuthen en Gauland vinden het besluit een overtrokken reactie op de toespraak en zien geen grond voor royement. Höcke zelf spreekt van een teleurstellend besluit dat de partij veel schade kan berokkenen.

Meuthen gaat er niet van uit dat Höcke uiteindelijk ook daadwerkelijk uit de partij gezet zal worden. Eerst moet de geschillencommissie in Thüringen zich over de zaak buigen, dan is het zo nodig nog mogelijk dat  de federale geschillencommissie de zaak in overweging neemt. En tegen het uiteindelijke besluit kan Höcke nog bezwaar aantekenen. De hele procedure kan gemakkelijk 6 tot 12 maanden duren. Volgens Meuthen ontbreekt het echter aan grond om Höcke te royeren. Hij vindt zijn toespraak weliswaar niet geslaagd, maar geen schending van partijregelingen. Ook Höcke zelf heeft inmiddels toegegeven dat zijn toespraak politiek onverstandig was en gezegd dat hij deze achteraf bezien niet in die vorm uit had moeten spreken.

Of het bestuur er uiteindelijk nu wel of niet in slaagt om Höcke uit de partij te zetten, met de verkiezingen voor de Bondsdag in september aanstaande, kan de zaak de partij ook stemmen gaan kosten.

Richtingenstrijd

Dat het partijbestuur in meerderheid voor uitsluiting van Höcke was, hoewel hij geen partijregels overtreden lijkt te hebben, moet gezien worden tegen de achtergrond van een bredere strijd om controle over de partij. Binnen de partij bestaat een meer pragmatische richting rond co-voorzitter Frauke Petry, tevens fractievoorzitter in de landdag van Saksen, en haar levenspartner Marcus Pretzell, die in het Europees Parlement zit en voorzitter is in Noord-Rijnland-Westfalen, enerzijds, en een meer idealistische stroming rond figuren als Höcke en André Poggenburg, die fractievoorzitter is in de landdag van Saksen-Anhalt.

De idealistische richting is meer gericht op fundamentele oppositie, terwijl de pragmatici eerder bereid zouden zijn tot compromissen om tot een regering toe te treden. Co-voorzitter Meuthen kan niet zonder meer tot een van beide richting gerekend worden, maar is beducht voor een al te dominante rol voor zijn collega Frauke Petry.

Posted on

Sociaaldemocraten overal in Europa hulpeloos tegenover ‘rechts-populisme’

Ernst Hillebrand is de chef van het bureau voor internationale politieke analyse van de aan de Duitse SPD gelieerde Friedrich Ebert Stiftung, eerder leidde hij de bureau’s van diezelfde organisatie in Parijs, Rome, Londen en Santiago de Chile. Er is een “spook” dat hem bezighoudt, namelijk het “rechts-populisme in Europa”. Zo luidt dan ook de titel van Hillebrands nieuwste boek, waarin hij de vraag nagaat, of de zegetocht van rechtse ‘populisten’ de democratie schaadt. Die vraagt wordt natuurlijk bevestigend beantwoord, waarbij het er echter alle schijn van heeft dat de auteur eerder bezorgd is om de toekomst van de SPD dan om die van de democratie. Want zoals bekend verliest zijn partij aanzienlijke aantallen kiezers aan de ‘populisten’ van de Alternative für Deutschland (AfD).

Bovendien is de keuze voor dit begrip misplaatst. Zoals de politicologe Karin Priester in de meest lezenswaardige bijdrage aan de bundel schrijft, wordt het stigmatiserend bedoelde begrip ‘populist’ door politici en media inmiddels dermate inflationair gebruikt cq misbruikt, dan men nog slechts van plompe propaganda kan spreken. Desalniettemin tapt het leeuwendeel van de andere bijdrages uit hetzelfde vaatje als de media. Daarbij komt het vaak niet verder dan gemeenplaatsen over extremisme dat aangekomen is in het midden van de samenleving en islamofobie die zou voortkomen uit een gevoel van culturele superioriteit en angst voor het vreemde en waarvoor vooral provincialen (lees: achterlijken) uit het oosten van Duitsland cq Europa vatbaar zouden zijn. Over superioriteitsgevoel gesproken…

Naast het analytische deel, waarin het gaat om het ‘rechts-populisme’ als politiek fenomeen, bevat de bundel tien zogenaamde case studies, waarin auteurs uit Denemarken, Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Oostenrijk, Polen, Tsjechië, Hongarije, Zwitserland en Nederland stuk voor stuk de ‘populistische’ beweging in hun land presenteren. Daarbij gaat het natuurlijk zonder uitzondering negatief toe.

De bundel brengt echter goed in beeld hoe zeer het ‘rechts-populisme’ aan populariteit wint. Zo is het toch de moeite waard om te lezen, al heeft Hillebrand het vast niet zo bedoeld. Het ging hem er natuurlijk om het rechts-populisme te ‘ontmaskeren’ en strategieën te bespreken om het ‘spook’ te lijf te gaan.

De case studies komen eigenlijk stuk voor stuk nogal hulpeloos over, ongeacht of ze nu van Hillebrand zelf of van René Cuperus (van de aan de PvdA gelieerde Wiardi Beckman Stichting), David Goodhart (van de links-liberale denktank Demos in Londen) of de Oostenrijkse journalist Robert Misik komen.

Hillebrands berustende conclusie luidt dan ook dat het ‘rechts-populisme’ nog wel verder in kracht zal toenemen en ook het politieke landschap in Duitsland zal veranderen. En daarin zal hij vast gelijk krijgen, de vermeende schade voor de democratie wordt in zijn boek echter nergens aangetoond.

Cuperus gaf er eerder nog wel blijk van tenminste een deel van de reële zorgen van mensen die zich aangesproken voelen door ‘rechts-populisten’ te erkennen, maar inmiddels wordt getuige recente columns (waarin hij de zaak op zijn kop zet door populisten zaken te verwijten die eerder politici van gevestigde partijen te verwijten zijn) in de Volkskrant zijn begrip allengs minder. Cuperus komt daarmee meer op de koers van andere sociaaldemocraten in Nederland en de rest van Europa, die werkelijk geen flauwe notie hebben wat ze aanmoeten met de opkomende anti-establishment-partijen.

HillebrandEn dat terwijl het toch de normaalste zaak van de wereld zou moeten zijn om politiek te voeren voor de populus, voor het volk. Klassieke sociaaldemocraten hadden daar gevoel voor, kwamen op voor de economische belangen van de arbeidersklasse en de lagere middenklasse. Maar omdat men zelf opwaartse sociale mobiliteit gekend heeft en aangekomen is in het systeem, zijn sociaaldemocratische politici steeds meer elitair gaan denken, zodat men zich onderhand steeds moeilijker kan verplaatsen in ‘gewone mensen’ waarvoor dat niet opgaat.

N.a.v. Ernst Hillebrand (red.), Rechtspopulismus in Europa. Gefahr für die Demokratie? (Bonn, 2015), paperback, 189 p.