Posted on

Hoe schrijf je een goed Volkskrant-artikel? – een aantal tips

Voorpagina van de Volkskrant, zaterdag 13 juli 2019

Sinds mijn tiende ben ik een verwoed krantenlezer. Eerst nationaal, en vanaf mijn dertiende ook internationaal. Ik hield en hou vooral van zogenaamde kwaliteitskranten. En juist vanwege die liefde viel me op hoe alles in de loop der jaren veranderde, eerst langzaam, maar steeds sneller. Hoe alles steeds banaler werd, kortzichtiger, lomper, dommer en – vooral – eenvormiger. Of het nu de Times, de Frankfurter Allgemeine, de Volkskrant of de NRC betrof, overal leek hetzelfde virus rond te waren. Uiteindelijk besloot ik alle kranten vaarwel te zeggen. Losse exemplaren zijn hun geld niet meer waard al trap ik soms nog in de val er eentje te kopen.

Ik heb het sinds maanden maar weer eens gedaan: een Volkskrant. En alleen omdat ik ‘erin sta’. Of liever: er wordt over mij geschreven. Onder de titel ‘Hoe rechtzinnige katholieken samen met cultuurchristenen de strijd aanbinden tegen links’. Wat men schrijft, interesseert me eigenlijk niet zoveel. Ik verwachtte er toch al niets van. Maar wat opvalt is de domheid van het stuk.

Op het eerste gezicht lijkt het nog heel wat. Een grote foto op de voorpagina. Pagina’s vol met tekst en illustraties. Veel namen komen voorbij. Maar ik lees niet als consument. Ik weet van het journalistieke receptuur wat aangaande mijn persoon door Annieke Kranenberg en Hassan Bahara werd toegepast. Zoveel opgepoetste stompzinnigheid had ik niet verwacht. Ik verwachtte van grachtengordelaars meer niveau, meer intelligentie, minder doorzichtigheid. En dat vind ik vervelend. Als men probeert mij journalistiek kalt zu stellen, dan zij dat zo, maar dan wel graag in stijl. Zoals het hoort. En niet op de wijze der patjepeeërs.

Daarom een aantal tips – in eerste instantie gericht aan ‘Annieke’ en pas in tweede instantie aan haar loopjongen Hassan – om deze journalistieke smurrie in het vervolg te voorkomen. Met alle goede bedoelingen. Met de verwachting dat men er iets van zal leren. Want mensen die blijkbaar weinig tot niets weten, leren al heel snel aardig wat.

Tip 1. Check uw feiten. Check uw bronnen, en vooral: lees ze!

Enkele uren voor verschijnen kreeg ik een aantal citaten toegestuurd met wat vragen van Hassan (Bahara) met de vraag om toelichting. Het betrof citaten uit enkele artikelen die ik zou hebben geschreven. Al snel werd me duidelijk dat het derdehands citaten betrof aangezien Hassan en/of Annieke (Kranenberg) niets hadden gelezen van deze artikelen. Weggeplukt uit een duister artikel van internet van drie neokatholieke obscuranten en uit een stukje uit de hoek van AFA/Antifa had men dezelfde ‘citaten’ gebruikt zonder context. Eén zin bleek zelfs niet in het genoemde artikel te staan. Er was maar wat overgekalkt.

Het resultaat was nogal pijnlijk. Een satirisch stuk waarin ik juist het racisme aanviel van hen die met de mond belijden dat iedereen welkom is, maar die ondertussen de werkelijke aard van ‘immigranten’ verafschuwen, had men omgetoverd tot een schijnbaar racistisch stuk. Dat is natuurlijk niet kies. Ik ga natuurlijk ook niet het stuk van Hassan en Annieke omtoveren tot een oproep om FvD te stemmen en katholiek te worden. Maar zij zijn er blijkbaar wel toe in staat. Ik zal later de volledige tekst plaatsen.

Hetzelfde met iets anders. Had men namelijk eerder aangegeven te wachten op mijn stuk in Epoque, uit het artikel blijkt wel dat er met een Epoque werd gezwaaid, maar niet dat er ook in is gelezen. Welnu, wapperen met Epoques is niet genoeg. De krant leent zich niet voor visuele effecten. Citeer en laat zien dat u de materie beheerst en ook daadwerkelijk iets gelezen heeft. Uw doelgroep bestaat uit lezers en die stellen het op prijs dat ook ‘hun’ journalisten soms iets lezen.

Tip 2. Maak gebruik van zoekmachines.

U kon blijkbaar niets van mij vinden. Welnu, Google is reuze handig om een aantal oudere artikels terug te vinden. De connectie Jan Hoogduin c.q. (vml.) kraakpand Vrankrijk [1] had u dus links kunnen laten liggen (ik heb te vaak te maken gehad met journalisten die onderdeel uitmaakten van linkse groepen die door de AIVD als staatsgevaarlijk werden bestempeld). Evenals die van de broddelbeiers Van Zoest, Van den Berg en Bosman.

Tip 3. Verdiep u in de betekenis van woorden, van zinnen, artikelen en stijlvormen.

In een satirisch stukje is er dikwijls sprake van overdrijving en van zekere spot. Een satire is geen persverklaring. Hou dat goed in de gaten. The Life of Brian van Monty Python moet men niet lezen als een werk van Augustinus. En de artikelen in de Volkskrant niet als de geopenbaarde wil van Allah aan Mohammed in de grot. En een satirisch stukje van mij niet als een politiek pamflet. U doet dat wel, en dat komt nogal dom over.

Iets soortgelijks viel me al op tijdens de boekpresentatiebijeenkomst in Amsterdam. Annieke oreerde er lustig op los door alle mogelijke termen die ze weleens had gehoord – zoals altright, nationalisme, conservatief en reactionair – aan elkaar te breien. Toen ik haar rustig probeerde uit te leggen wat voor onzin ze daarmee debiteerde vond ze de termen opeens niet meer van belang, iets wat door haar per mail werd herhaald. Ze wist blijkbaar niet waar ze het over had, en daarmee bevond ze zich in ‘goed’ gezelschap.

Onlangs liet namelijk ook een zekere prof. Stefan Paas in het Reformatorisch Dagblad blijken niet te weten wat het verschil is tussen conservatief en reactionair (wat door hem als hetzelfde werd gezien), en het bleek dat hij als politieke nazaat van de ARP dus blijkbaar ook niet het verschil weet tussen antirevolutionair en contrarevolutionair. Het is niet erg om dit niet te weten zolang men erover zwijgt. Gaat men echter spreken, dan komt de begrippenzwendel je weldra tegemoet. Dat voorkomt men heel simpel door te zwijgen over zaken waar men niets van af weet.

Tip 4. Wees duidelijk wat betreft het onderwerp waar u over wilt schrijven.

Een kind kon aanvoelen dat de reden om mij te willen interviewen een kulreden was en dat de werkelijke reden een geheel andere was. U beweerde dat er sprake zou zijn van een trend van ‘toenemende belangstelling in het katholicisme in conservatieve en rechtse kringen’. Ik wees naar de zaal en zag in uw ogen meteen dat u wist dat u onzin sprak.

Ook per mail kon en wilde u niet uitleggen waarom er sprake zou zijn van een dergelijke trend. In mijn ogen is minder dan één persoon per jaar die deze stap zet geen noemenswaardige trend. Er is wel sprake van een sympathie van vele minder katholieke e.a. gelovigen richting FvD en PVV. Maar dat is heel wat anders. Dat had u moeten zeggen zonder de onzin eromheen.

Uw eigenlijke missie was een andere, en deze kwam stapsgewijs naar buiten. Eerst door per mail alles af te buigen richting Catholica en de mailinglijst van Breivik, en later door alles te koppelen aan de figuur van Baudet, een persoon die u als krant al langer in het vizier heeft.

Tip 5. Communiceer helder en eerlijk en speel geen toneel.

Het was vermakelijk om te zien hoe happig u – Annieke – reageerde toen ik – via een citaat van een niet-genoemd persoon – kritiek leverde op Paul Cliteur. Als u toen op een fiets had gezeten, was u er van opwinding vanaf gegleden. Weer bleek niet de ‘trend’, maar de aanval op Forum voor Democratie uw eigenlijke beweegreden te zijn om met mij te willen spreken.

Uw antwoordmail op mijn lijst van vragen was van het gelijke laken een pak. U kon en wilde nergens op ingaan, maar ging er wel vanuit dat ik zou happen. Uw doorzichtigheid was vermakelijk. Ik denk werkelijk dat in uw ogen alles wat rechts is, katholiek en/of man ‘dom’ is. Maar u laat zich dan ook omringen door nog dommere personen, zoals Hassan.

Zijn laatste mail bevatte namelijk de bewering dat hij en ik met elkaar ‘kennis hadden gemaakt’. Nu herinnerde ik me wel dat u naar hem wees. De jongeman die als een oude woestijnvos door de zaal ijsbeerde om een plek te vinden om te sterven, bleek uw loopjongen te zijn die zich geen houding kon geven en een en al uitstraalde dat hij de boel journalistiek aan het belazeren was.

Tip 6. Sla niet onnodig deuren dicht.

De schamelheid van het aantal personen dat in uw artikel geïnterviewd werd c.q. geïnterviewd wilde worden, moet u toch te denken geven? Sluit dan ook niet uit dat dit wellicht ook aan uzelf ligt. Leg niet meteen de bal bij de ander. Durf te denken voorbij de dijken van het eigen gelijk. Uw ongeduld om te investeren in relaties met mensen, en uw onwil om zelfs vragen fatsoenlijk te willen beantwoorden, heeft ertoe geleid dat er een idioot artikel is ontstaan. De personen waar het over gaat, buikspreken allemaal. Dat men aan het buikspreken was, wordt grappig geïllustreerd door het vergeten van de aanhalingstekens bij de tussenkop ‘Neo-Tridentijns hipster-fascisme’. Daardoor laat u zien dat dit volgens u geen mening is, maar een door uw krant erkend objectief feit. Overigens worden alle elementen in deze kop nergens onderbouwd, maar voor u stond de strekking van deze draak van een term (waar zijn bijvoorbeeld de skinny jeans?) blijkbaar al vast voor de eerste uwer vingeren de eerste typemachinetoets had aangeraakt.

Die enige drie die wel spreken, Bosman, Van den Berg en Van Zoest, buikspreken bij monde van eerstgenoemde twee personen. Waarbij direct de vraag oprijst: met welke autoriteit spreken zij? Hun verregaande uitspraken over mij en Tom Zwitser zijn van tevoren niemand voorgelegd om op te reageren. Deze uitspraken vormden dus reeds de onomstootbare kern van uw artikel.

U kon en wilde niet uitleggen wat mijn autoriteit zou zijn op dit gebied als persoon zonder publieke functies of bijzondere expertise. Dat enige autoriteit of deskundigheid er voor u niet toe doet, bevestigt niet alleen de idee dat het u uitsluitend te doen is om beschadiging van de FvD via personen zoals ik, maar heeft ook geleid tot een hilarische opbouw van dit stuk. De enige drie personen van ‘gewicht’ die u kon vinden zijn drie obscuranten. Eentje een vereenzaamde doordrinkende pornocraat, een ander een beoefenaar van een zelfverzonnen wetenschap – cultuurtheologie – en de derde slaat werkelijk alles. Deze ‘internetondernemer’ werd jaren geleden ontmaskerd als de verkoper van sites die à la minute te hacken waren, en als iemand die geld verdiende door goedgelovige katholieke oude vrouwtjes voor geld ‘twittercursussen’ aan te smeren.

De grootste grap was het vervolg. Had hij eerder, met zijn ‘kompanen’, Catholica ervan beschuldigd ruimte te geven aan zogenaamde ‘heel-Nederlandse’ ideeën; deze ‘ondernemer’ presteerde het om zijn critici aan te vallen door de enige Heel-Nederlandse advocaat en activist in dienst te nemen die ons land kent: Wim Schuller. Deze maakte het zo bont om alle critici van mijn naamgenoot formeel te beschuldigen van ‘poging tot doodslag’… Verder bleek dat diezelfde ondernemer de domeinnaam katholiek.nl had verkregen via een connectie die niet alleen sedevacantist was geworden, maar ook verbonden was aan een gemeenschap in Oldenzaal die sympathiseert met Mgr. Richard Williamson, de welbekende Holocaust-ontkenner.

Ik ben dus niet onder de indruk van hun morele autoriteit. En dit gezelschap van maatschappelijke kwakzalvers laat u uw lezers vertellen wat ‘normale’ katholieken zijn en hoe neonazistisch zij zijn die andere opvattingen koesteren dan deze heren. Kijk, hiermee kweekt u geen vertrouwen. En zo wordt het nooit wat met de podiumfunctie van uw krant.

Tip 7. Denk na over bewoordingen en gooi niet alles op een hoop.

Vermijd, in vervolg van voorgaande punt, taalgebruik dat richting personen zoals die van mij de suggestie voedt dat u wellicht doet aan haatzaaien door bepaalde termen te gebruiken c.q. toe te staan c.q. te publiceren in uw artikel. Dat wilt u natuurlijk niet, maar u doet het wel. U weet natuurlijk heel goed dat ‘bruine rand’ niet verwijst naar de kleur van een stoelleuning, maar naar nazisme. Hou u er dan ook verre van.

Mail mij dan ook niet dat ik ‘geweigerd’ zou hebben geïnterviewd te worden, terwijl u niet in staat was of wilde zijn mijn simpele vragen over zo’n interview te beantwoorden. Geef dan ook geen ruimte aan obscure types door via hen te buikspreken dat ik een tegenstander zou zijn van ‘normale’ en ‘gematigde’ katholieken. Geef charismatisch en seksueel gemankeerden niet de kostbare ruimte te oreren over masturbatie (ik moet weer aan die fiets denken).

En haal niet zomaar ergens de NSB bij, waar ooit is geschreven over de driekleur ‘Oranje, blanje, bleu’. Ik heb dat vroeger gewoon geleerd op de lagere school en mijn leraren waren geen NSB’ers, ook al vinden u en Wikipedia van wel (want u lijkt letterlijk Wikipedia te citeren…). Ik schreef dit ooit op in combinatie met aandacht voor de drieslag ‘Unie, Religie en Militie’. U weet wel, de typering die prof. Van Hamel vlak na de bevrijding van stal haalde (in boekvorm onder de titel De eendracht van het land, maar reeds in april 1944 in een artikel in De Gids uitgegeven in bevrijd Nederland) met een verwijzing naar een schilderij van Rembrandt.

Op dit punt overschrijdt uw stompzinnigheid de grens met de kwaadaardigheid. Daarom: gooi in vervolg niet alles op een hoop. Hou het voor u inzichtelijk, zeker wanneer het een materie betreft die voor u volkomen nieuw is. Bedenk: vele discoursen hebben een eigen jargon en een specifiek symbolisch universum. U stampt daar als een olifant doorheen. Mijn advies: niet doen.

Tip 8. Ontwikkel een sterke maag.

In deze wereld zijn er meer opvattingen dan enkel en alleen die van de journalisten aan de Wibautstraat. Het kan zijn dat sommigen van u vanwege achtergrond, ervaring en ontwikkeling een zekere gevoeligheid hebben ontwikkeld voor afwijkende opvattingen. Neem daarom deze raad ter harte: “kweek een sterke maag”.

Niet iedereen is zoals u en besef dat dit ook niet zo snel zal gebeuren. Om de kwaliteit van uw waarnemingen en uw oordeelsvermogen te bewaren is het dan ook noodzakelijk op zijn minst andersdenkenden te verdragen en elk gevoel van walging te voorkomen. Dit vergt een oefening die wellicht in bepaalde gevallen, zoals de uwe, beter buiten de vertrouwde kring kunnen plaatsvinden om enig effect te sorteren. Een Turks koffiehuis is dan ook een betere oefenlocatie dan een redactielokaal van een Volkskrant.

Tip 9. Wees duidelijk in het uitdragen van uw missie.

Een journalist is allereerst dienstbaar en is slechts de explicitering van een eigenschap die elke burger bezit; namelijk drager en uitoefenaar van de vrijheden c.q. rechten van meningsuiting, informatievergaring en drukpers. Het enige verschil tussen de journalist en de burger is dat de eerste is vrijgesteld om deze eigenschap c.q. vrijheid c.q. recht te beoefenen in het algemeen belang. Een journalist staat dus nooit boven de burger en alleen al daarom dient de journalist elke burger met respect en eerlijkheid te bejegenen en te behandelen.

Uw vraag aan mij per mail naar de ideologische overeenstemming tussen Breivik en mijn persoon was dan ook zeer onbetamelijk. En niet zozeer vanwege de aanname dat ik dat manifest gelezen zou hebben – ik heb dat namelijk niet. Nee, de vraag herbergt de suggestie dat de vragensteller volledig onwetend is aangaande de aard van ‘terrorisme’, namelijk als de combinatie van deugd en geweld (Robespierre).

Sinds wanneer doet het gewelddadige grijpen van een individu naar geweld de ‘deugd’ teniet? De Volkskrant was nooit kieskeurig t.a.v. van figuren als Paul Rosenmöller die openlijk hun steun uitspraken richting mannen als Mao, Pol Pot, Stalin en Enver Hoxha. Nooit raakten voor de Volkskrant hierdoor haar linkse deugden in diskrediet. En evenzeer nooit de figuur van Rosenmöller.

Maar het is erger. De vraag suggereert dat het eventuele verwijzen van Breivik naar Benedictus XVI zou betekenen dat elke katholiek ideologisch verbonden zou zijn met een massamoordenaar als Breivik. Dit is uiteraard een krankzinnige opvatting die grenst aan het onbedaarlijke. Dit soort uitglijders zijn onvergeeflijk, tenzij u erop terugkomt. Daarom: volg op z’n minst een workshop ‘dienstbaarheid’. En:

Tip 10. Durf excuses aan te bieden.

Iedereen maakt fouten, sommigen maken soms grote fouten. Zoals u. Dat is niet erg. Fouten maken hoort bij het leven, maar fouten moeten wel erkend worden en worden opgevolgd door excuses. Schade aan uw krant, de geloofwaardigheid van uzelf en de onnodige schade aan de reputaties van goedwillende burgers dienen te worden rechtgezet. Dit versterkt uw geloofwaardigheid en tevens uw karakter.

Geef rustig toe dat u nooit van plan was een eerlijk interview af te nemen. Dat u wel degelijk in staat was mijn vragen te beantwoorden, maar dat u gewoon niet wilde. Dat u niet geïnteresseerd bent in welk verhaal dan ook. Het lucht op en maakt van u een beter mens.

Tip 11. Volg onderwijs.

Wie te kort schiet op alle bovengenoemde punten kan beter het zekere voor het onzekere nemen en gewoon weer naar de schoolbanken gaan. Een gewezen ombudsvrouw van de Volkskrant is nog niet automatisch een goede journalist. Evenals een afvallige islamhater dat is. Zonder goed onderwijs is het lastig om paginagrote artikelen te schrijven met enige samenhang en betekenis.

Tip 12. Houdt uzelf een spiegel voor.

Bijvoorbeeld de satire ‘Ik wil een echte neger’. Ik vond nog ergens het origineel. En ik kan er – in tegenstelling tot u – eerlijk gezegd niets fouts in ontdekken. De strekking is en was duidelijk: waar in 2010 (en nog steeds in 2019) de mainstream-politici, media en opiniemakers zogenaamd solidair zijn met Afrikanen, immigranten en allochtonen, is en was men in feite alleen maar tolerant ten aanzien van ‘negers’ als lege hulzen: die hun moraal, cultuur en opvattingen hebben afgelegd en vanbinnen ‘blanke, progressieve, liberale homo-activisten-in-spe’ zijn geworden.

De strekking van de Volkskrant (en anderen) is duidelijk: wie ‘echte negers’ welkom wil heten, zoals ik dat deed, is in hun ogen een racist. In uw ogen is er slechts een welkom voorbehouden aan aangepaste en leeggemaakte ‘negers’ om zo uw grachtengordels en Wibautstraten van nieuw neuk- en schrijfvlees te voorzien.

Echte negers ~ Een satire (uit mei 2010)

Volgens de Nederlandse Minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen zijn echte negers “meer dan afschuwelijk”. Hij zei dit na het incident in Malawi waar twee kerels die met elkaar wilden trouwen een fikse gevangenisstraf kregen opgelegd (die na hevige externe druk weer werd ingetrokken). En zowat de hele wereld viel hem daarin bij. Want zeg nu zelf: echte negers zijn eng, agressief, hebben een achterlijke moraal. Zolang ze in Amsterdamse varkensflats huizen, vallen ze nog mee. Maar zodra ze hun mond opentrekken krijg je van die meer dan afschuwelijke spirituals te horen. Onze fijnbesnaarde Rammstein- en Youp van ’t Hek-oortjes kunnen daar natuurlijk niet tegen.

Negers zijn een mooie voorbeeldcase van onderdrukte volken. Naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad inzake de SGP presteerde Trouw-columniste Elma Drayer het om de vergelijking te leggen tussen slavernij en het vrouwenstandpunt van deze partij. De analogie was volgens haar duidelijk: ooit was slavernij normaal, maar thans verboden; idem dito met het afwijzen van passief vrouwenkiesrecht door een SGP. Dat Elma daarmee impliciet zei dat onze maatschappij er een is van slaven die elke vier jaar haar slavenhouders kiest, drong waarschijnlijk niet tot deze columniste door. De grap was vooral het neger-element.

Elma Drayer vindt het goed dat juist de partij met de grootste neger-factor wordt aangepakt. Niet alleen uiterlijk in zwarte pakken en slobkousen, maar ook qua opvattingen. De Nederlandse Veluwenegers zitten volgens mevrouw Drayer terecht in het verdomhoekje van Halsema-land. Elma Drayer haat negers, zelfs blanke stadsnegers uit olde Barnevelt.

Nu zijn negers ook niet iets om trots op te zijn. Zeg nu zelf: verpest door kolonialisme, door een politiek van moraalafbraak, uitbanning van huwelijk en huwelijkstrouw onder slaven, en het uit elkaar trekken van mannen en vrouwen in townships is er een fantastisch mengsel ontstaan van rasta-dragende, rondcopulerende bling bling gangstarappers. MTV spint er garen bij, evenals de Amerikaanse NBA.

Halsema-typetjes – waar onder invloed van Flair en Viva ons land zo langzamerhand vol mee zit – hebben niets met MTV – dus niets met negers. Neem nu Femke. Viel haar voorganger André van Es nog op fors geschapen zwarte mannen; Femke Halsema geeft negers het liefst een knietje. Seksisten moet je te grazen nemen. Zelfs al heten ze Jan Peter Balkenende.

In Amerika weten ze er raad mee. Toen Californië onlangs het homohuwelijk afwees – Proposition 8 – en de homoactivisten kwamen erachter dat dit vooral te danken c.q. wijten was aan de tegenstem van zwarten, ontstonden er heuse razzia’s door homo’s op negers. De ondankbaarheid van negers is groot, zullen we maar zeggen. Ben je doodgeknuffeld door neomarxistische welzijnswerkers, zit je zoon in de gevangenis en ligt zijn pa in de goot, ben je nog niet dankbaar! In Californië maten linkse homo’s zich daarom het recht aan negers in elkaar te meppen. Aan het velletje van Oom Tom zie je toch niet dat hij blauwe plekken heeft – dus niet zeuren.

Een ander ondankbaar soort negers woont in Malawi. Daar proberen ze nog iets te redden van een maatschappelijke orde die niet is verwoest door de goede bedoelingen van het Westen. Ondankbaar volk, niet? Ze hebben geen kennis van onze strafmaten. Madonna heeft er twee gered, maar de rest zal het nooit leren. Honderd jaar leerschool heeft er nog geen keurige negertjes van gemaakt. Dan maar de botte bijl van de VN. De negermoraal moet maar eens afgelopen zijn. Het negervlees gaat dood aan AIDS; de negermoraal gaat dood door de VN. Een cocktail en een knietje.

Volgens onze linkse elite zijn negers “meer dan afschuwelijk”. Echte negers althans. Zwart, aangepast vlees is echter uitstekend. Hetzij in de vorm van half-om-half voor 2 Euro 99 bij de C1000, hetzij in de vorm van hotsende en klotsende voetbalbenen. Maar zodra er in dat zwarte vlees ook nog een neger woont, is de wereld te klein. Het vlees mag er zijn; de voorouderlijke geest moet begraven worden. In Malawi of zo.

Bij Catholica zijn negers welkom. Als ze iemand in de cel willen stoppen, moeten ze dat maar ergens anders doen. Wij sluiten niet zomaar iemand op. En bovendien: onze cellen zitten vol met afgedankte medewerkers die denken dat ze Job Cohen, Mark Rutte of Lee Towers zijn.

Wij vallen wel mee. Wij zullen mannen die zich met elkaar verloven veertien jaar lang uitlachen. Vanuit het cellencomplex van Schiphol. Voordat we het land worden uitgezet en worden teruggezet in de savannes van Negrotopia.

Ten slotte

Dit stuk toont de grondhouding en daarmee de weeffout aan in uw denken. Het is een kritiek op de renegaten zoals die kranten als de Volkskrant bevolken: de afvalligen met onblusbare haatgevoelens en met de moraal van de woestijn. U haat kennelijk Baudet. En in zijn kielzog haat u daarom ook mensen zoals ik. Niet vanuit een sterke overtuiging, maar juist vanwege gebrek aan overtuiging. U bent namelijk een lakei van het systeem en Hassan is uw koelie.

U ziet het als uw taak de lacunes van ons systeem te dichten. Waar justitie te kort schiet, moet volgens u een Volkskrant de taak van eliminatie op zich nemen. De staat van onze pers wordt mede door uw toedoen gekenmerkt door een onderzoeksjournalistiek project waar meerdere mensen vele weken aan gewerkt hebben, maar dat bij nader inzien goedkoop broddelwerk van schoolkrantniveau blijkt te zijn. Denk daarom eens na of u wel geschikt bent voor uw taak en of niet beter een ander die taak op zich kan nemen.


Noot

[1] Jan Hoogduin was één van de fictieve personae die extreemlinks gebruikt(e) om informatie te vergaren en op internet te zetten waar kranten als de Volkskrant e.a. dan weer hun ‘objectieve’ informatie vandaan konden halen.

Posted on

Talkshows en hun rol in het publieke debat

Hank Johnson heeft vannacht slecht geslapen – als expert in radicalisering is hij gevraagd voor een talkshow en vermoedt nu wat hem boven het hoofd hangt. Zijn opponent zal betogen dat West-Europeanen de gruwelijke aanslagen toch vooral aan zichzelf te wijten hebben. Racistische standbeelden en naamsverwijzingen naar J.P. Coen, Maurits en Michiel de Ruyter, zijn tekenend voor een cultuur die onvoldoende met een eigen duister verleden heeft afgerekend.

De theorieën die Hank moet aanhoren vallen in de UvA-breinen allemaal logisch in elkaar, zoals legoblokjes die solide worden vastgeklikt. Het valt hem op hoe een mooie blondine in het publiek glimlacht bij elk woord van zijn opponent, maar afkeurend nee-schudt wanneer haar kampioen tegengas krijgt. Wat de vragen betreft gaan alle inkoppertjes naar het tegenkamp en alle kritische naar Hank.

Dit spel duurt een tijdje voort totdat Hank een vermoeidheid voelt opkomen. Zijn aandacht glijdt weg van het debat, dat al met al niet verder komt dan “kauwgom voor een lege geest”. Plots schiet hem te binnen wat een columnist onlangs verwoordde:

“De items zijn kort en als ze al enige diepgang hebben, dan moeten ze snel weer naar de oppervlakte worden gebracht met een fragmentje, een grap of de oninteressante mening van één of andere derderangs artiest die ook aan tafel is beland om een cd’tje te pluggen. En het inteeltgehalte is enorm. De talkshow hosts en hun sidekicks kennen hun gasten vaak persoonlijk, al dan niet via half-aristocratische liefdes- en huwelijksverbanden of het netwerk van een politieke partij.”

De acute werkelijkheid dringt weer tot Hank door wanneer de presentator hem tot de tweede keer toe om een antwoord maant. “Oplossingen!” dringt de presentator aan: “Altijd dat kritische, dat zure horen we overal al. Formuleer het eens positief. Biedt eens een oplossing!” Hanks glazige blik keert terug naar het tafelgesprek: hij besluit het over een andere boeg te gooien. Plots spreekt hij met een ijzeren zelfverzekerdheid.

“Discussies ‘om tot oplossingen te komen’ zijn fundamenteel zinloos.”

De presentator kijkt hem onbegrijpend aan. Hank laat een stilte vallen – alle aandacht is nu op hem gericht. Hij spreekt verder.

“Want welke kant er opgedacht kan worden qua oplossingen, staat of valt met het kenschetsen van het probleem, en dus met hoe klein of hoe groot je dat maakt. En zo komen we bij ons uit – bij de talkshows en hoe er hier gesproken wordt. Mainstream media debatplatforms bepalen het frame waarin het probleem wordt geperst en welke woorden er worden gebruikt. Spreekt men van ‘rellen’, ‘ongeregeldheden’, of ‘baldadigheid’? Niet de feiten maar de toonzetting bepaalt het probleem, en daarmee de oplossingsrichting.”

“Wat bedoelt u? Maak het eens concreet!”

“Een probleem zoals professor Ruud Koopmans constateerde – dat zo’n veertig tot vijftig procent van de moslims in Europa opvattingen koestert die ronduit fundamentalistisch zijn – wordt teruggebracht tot de integratieproblemen in een wijk die toevallig in het nieuws is. In die wijk wordt het weer teruggebracht tot een groep hangjongeren en tot slot tot één specifiek ontspoord gezin. Daar wordt dan een buurtcoach op gezet. En zo is de constatering van Koopmans weer uit beeld en moddert men verder. De aannames achter het gevoerde beleid worden op een grotere schaal nooit wezenlijk betwijfeld, laat staan heroverwogen. Het publieke debat zoals het vandaag wordt gevoerd is er niet om dit te veranderen, maar dit te bestendigen.”

De presentator en het publiek kijken verbijsterd en lijken compleet overrompeld terwijl Hank doorpraat.

“En daarom heb ik dus totaal geen zin in een discussie over oplossingen. Oplossingen die écht werken, zijn in de huidige maatschappelijke situatie onbespreekbaar. Als je ze ter sprake brengt, wordt je direct in de hoek van Wilders gedreven, er volgen Breivik-vergelijkingen en vervolgens kun je een maatschappelijke loopbaan wel vergeten. Daarom vormen ‘oplossingen’ het minst interessante deel van iedere huidige maatschappelijke discussie. Allereerst zal een totale omzwenking in het denken nodig zijn: een nieuw denkraam moet zich ontsluiten – een wenkend paradigma dat zich openbaart.”

De presentator knipperde met zijn ogen. Met stomheid geslagen overwoog hij om te vragen wat een paradigma precies was. Voordat hij het moment kon pakken ging Hank door.

“Maar aan zo’n nieuw denkraam komen we dus nooit toe, want de publieke discussie is het voorportaal van hoe er in dit land wordt gedacht. Zowel qua beleidsrichtingen als de mening van het brede publiek. En wie zitten er aan deze tafels om de problemen te duiden? Mensen uit dezelfde netwerken. Dezelfde kringetjes. Ze zien elkaar op de sportschool en bij dezelfde cocktailfeestjes. Ons kent ons – ze hangen ronduit hetzelfde wereldbeeld aan: dat wereldbeeld is linksliberaal, postmodern en georiënteerd op het leefpatroon van de grootstedelijke wereldburger.”

“Wat bedoelt u precies met dit wereldbeeld?” wilde de presentator weten.

“Daarmee bedoel ik: patriottisme is vies en ruikt naar spruitjeslucht. Migratie als maatschappelijk fenomeen is daarentegen geweldig maar individuele migranten moeten niet te dichtbij komen. Diversiteit is gaaf – zolang het gaat om diversiteit van kleur en geaardheid maar niet qua opvattingen. Want dat werkelijke diversiteit leidt tot onverzoenbare wereldbeelden waartussen afgrondelijke spanningen bestaan, dat wil de kosmopolitische talkshowklasse niet horen. In hun denken zijn we aan het ‘einde van de geschiedenis’ aanbeland: de globalisering zou leiden tot een wereldwijde metropolische eenwording. Iedereen dezelfde consumentenleefstijl met hooguit wat smaakaccenten qua kledingkeuze en muziekvoorkeur.”

De presentator fronste zijn wenkbrauwen. “Wie heeft daar baat bij? Hoe ziet het bestuur eruit?”

“Ze zien die metropolische maatschappij voor zich met technocraten aan het roer. Specialisten die zich boven politiek, boven levensbeschouwing en zelfs boven de volkssoevereiniteit verheven achten. Zij besturen ons met algoritmes, positiviteitstrainingen en reclametechnieken. Loop ons niet voor de voeten en verder panem et circenses. Wie dit spel eenmaal doorheeft kan twee dingen doen. Ofwel je trekt je terug uit de publieke discussies en gaat compleet off the grid. Ofwel je speelt mee. Je lacht van je af en slaat elkaar amicaal op de schouders – wie tsjakka-peptalk uitslaat mag ook aan talkshowtafels plaatsnemen. Je verandert in een vervalsing van jezelf.

Als je in waarheid wil leven en dit allemaal aankaart, dan wordt je uitgekotst en is je carrière geruïneerd. Hoe geleerd je ook bent: je zult worden buitengesloten. Dan wek je de toorn van de elite en krijg je de afgunst van de massa over je heen.”

“Verklaar u nader. Wat bedoelt u met ‘de toorn’ en ‘de massa’?”

“Ik doel op uitsluiting. Diezelfde bullebakken die vroeger de slimme kinderen in de klas klein hielden, worden nu ingezet om de critici van het bestel belachelijk te maken. Ondertussen worden we vastgeklemd door een krab met twee scharen. Enerzijds betekent migratie terreurdreiging: dit biedt de instituties de perfecte gelegenheid om veiligheidsmaatregelen te nemen en hun macht te concentreren. Anderzijds ontstaat paranoia omdat het juist zo stil is rond het jihadisme. Als er weer treinen onverwachts vertraagd zijn of camera’s plots geen beelden hebben, weten we nooit wat er écht heeft gespeeld. De elite heeft er immers belang bij om de eigen macht te vergroten, maar ook om het deksel op de pot te houden. In de praktijk betekent dit schaarwerk een informatieachterstand voor burgers.”

“Dat is een somber verhaal. Wat ziet u als uitweg?”

“Zoals Peter Sloterdijk heeft geconstateerd: voordat je ook maar iets kunt doen, moet je eerst boos worden. De gevestigde orde is zich hiervan bewust, vandaar overal de voortdurende nadruk op positiviteit. Terugkomend op de oplossingen – tegen deze keten van belangen en processen is niets te doen tenzij mensen een soort van revolutie op touw zetten. Een revolutie in naam van bezield politiek staatsburgerschap. Om duidelijk te maken dat het volk meer is dan ongeletterde tokkies of schaapachtige consumenten die de hand van hun herder nodig hebben. Maar zo’n opstand, dat durven de mensen niet aan.”

“Waarom niet?”

“Burgers kijken om zich heen en beseffen dat ze hun medeburgers hiervoor onvoldoende vertrouwen. Brood en spelen, verdeel en heers hebben hun werk gedaan. Onze onderlinge banden zijn slap: familiewaarden zijn verzwakt, verenigende tradities zijn uitgewist en heroïsche voorbeeldfiguren worden neergezet als autoritaire witte mannen. Zelfs het leidende cultuurgoed wordt verdacht gemaakt en opgebroken in kleine compartimenten – hierbij komen activistische minderheidsgroepen goed te pas. Zij dienen om het volk tegen zichzelf uit te spelen – alles om een samenballing van opstandige elementen te voorkomen.

Specifieke woorden raken omstreden en gaan voor verschillende groepen iets heel anders betekenen. Tot op het punt dat gesprek en overreding niet meer mogelijk zijn: wie zich rationeel opstelt wordt direct als immoreel afgeschilderd, zoals we onlangs zagen bij het tv-debat tussen Jordan Peterson en Cathy Newman. Gesteund door de mediatycoons en verblind door social justice warrior-ideologie zag ze het als haar missie om de kijkers te leren wat zij van Peterson moeten vinden.

Kortom: door immigratie en identiteitspolitiek verstaat men elkaar niet meer. Groepssolidariteit ontbreekt en sociaal atomisme blijft over. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog zijn we voorgeprogrammeerd op een Brave New World, die nu aanstaande is. De talkshows en de televisie hebben hierin de voortrekkersrol gespeeld.”

“Wat zal er nu gaan gebeuren?”

“Nu een steeds groter deel van het volk via internet zelfstandig informatie zoekt, wordt ook die toegang gesaboteerd. Men trekt de shaming-tactieken uit de kast. ‘Nepnieuws!’ ‘Russische propaganda!’ Dergelijke kreten worden in de media rondgepompt terwijl zich kartels vormen tussen de politieke leiders, topambtenaren en de CEO’s van Silicon Valley. Als gevolg worden kritische mediaplatforms onvindbaar op sociale media en onzichtbaar in zoekresultaten. Als je kanaal eraf wordt gegooid krijg je 100 tekens ter beschikking om een bezwaar te formuleren. Deze ondoorzichtige bureaucratie betekent enerzijds totale willekeur en anderzijds toenemende regulering.”

“Waar leest u dit aan af?”

“Ik lees dit af aan liberale partijen die de bureaucratie bestrijden maar er ondertussen mee versmelten. Nu gaan cryptocurrencies de taboesfeer in, uiteindelijk gevolgd door cash – men mag de tentakels van het kartel niet meer kunnen ontwijken: men moet en zal gelijkgeschakeld worden in de administratieve moloch. Zo sterft het vreedzame verzet een stille dood nog voordat het zich kan organiseren.

Let wel – dit zal allemaal gebeuren in naam van gelijkheid, democratie, transparantie en dat soort taalgebruik. Van deze gelijkschakeling was PRISM een voorbode – de voltooiing zal worden opgediend met een sausje van fluïde en ongrijpbare opwekkingsretoriek zoals we al kenden van Obama. Brave New Worldhere we come. Al met al concludeer ik dat het in deze situatie onzinnig is om te speculeren over ‘oplossingen’ – het overkoepelende maatschappelijke verhouden waarbinnen dit speculeren plaatsheeft is zelf een probleem.”

De presentator en het publiek luisterden met open mond. Er viel een absolute stilte – verbijstering overheerste het moment. Maar ieder moment – hoe briljant ook – duurt slechts een moment. “Okay, en nu is het tijd voor de reclame! Maar eerst de nieuwe hitsingle…” De talkshow rondom Hank denderde verder. Over tot de orde van de dag. Tot de volgende dag.

Als «toetje» voor de liefhebbers.

Posted on

Over structuur en cultuur bij Buitenhof

Op 3 September 2017 hebt u getuige kunnen zijn van een van de meest interessante debatten in de recente geschiedenis. Het debat tussen Casper Thomas en Sid Lukkassen bij Buitenhof. Niet zozeer vanwege de inhoud, beide partijen debatteerden vanuit een geheel ander wereldbeeld en kwamen niet verder dan de eigen inhoud, maar vanwege het beeld wat er uit spreekt. Dat beeld is er namelijk een van structuur versus cultuur.

Structuur en Cultuur

Structuur is hier de gedachte; wat u ziet is wat u krijgt. Daarmee wordt bedoeld dat er slechts letterlijk gekeken wordt naar de realiteit. Verbanden bestaan daarmee dus ook alleen als deze direct aangetoond kunnen worden. Het moet bewijsbaar, controleerbaar zijn. Het is uiteindelijk gestoeld op de gedachte dat ideeën slechts een chemische of biologische samenstelling zijn in onze hersenen. Dat zij geen dingen op zichzelf zijn. Of Thomas hier zo over denkt is niet duidelijk, maar in algemene zin is dit de herkomst van kijken naar de realiteit als structuur.

De rol van de mens in deze structuur is louter mechanisch van aard. Het is de mens als ingewikkelde biologische machine, waar ‘we’ alleen nog niet genoeg data van hebben verzameld om precies te weten hoe deze machine werkt. Er zijn geen ideeën, alleen chemische samenstellingen in uw hoofd. Alles is gestructureerd en onderworpen aan de wetten van de natuurwetenschappen. Alles is daarmee aantoonbaar, al dan niet met data. Niet zichtbaar aan te tonen? Te weinig data? Dan klopt het niet wat u zegt.

Daar tegenover staat Cultuur. Dit is opgebouwd uit de werking van ideeën en handelingen die herleidbaar zijn tot ideeën. Het is beeldend. Hierin wordt in ultimo uitgegaan van de gedachte dat de mens misschien inderdaad reduceerbaar zou zijn tot biologische machine, maar zolang dit niet bewezen is, is het wetenschappelijk niet zuiver dat als waarheid te presenteren. Althans zo denken onder andere sir Roger Scruton, in The Soul of the World, en Ludwig von Mises, in Theory & History, erover.

Cultuur is beeldend, wordt gezien in de realiteit. Dat betekent Cultuur afhankelijk is van handelen in die realiteit. Zonder samenkomen in de Kerk geen mis. Zonder samenkomen geen politieke bijeenkomst. Zonder samenkomen geen familiefeest, geen paasvuur, sinterklaasfeest, leids ontzet, dwaze kinderen, of andere gebeurtenissen die een beeldende functie hebben. In dat beeldende wordt gepoogd de ideeën te tonen die in mensen leven. Die ideeën worden geuit in het handelen van mensen.

Het gelijk van beide heren

Wat het debat bij Buitenhof nu zo interessant maakte was het gelijk van beide heren. Thomas heeft gelijk. Er is niemand die schrijft, ‘ik ben een cultuurmarxist en dit is mijn plan’. Tegelijkertijd wordt ‘alles’ tegenwoordig maar geduid met cultuurmarxisme, tenminste vanuit ‘rechtse’ hoek. Dat doet inderdaad nogal sterk vermoeden dat we hier te maken hebben met de ultieme zondebok. Alles wat door ‘rechts’ of ‘conservatief’ Nederland verachtelijk gevonden zou kunnen worden is het gevolg van mannetjes die op de achtergrond aan de touwtjes trekken. Dat is zo absurd dat het terecht in de complotlade geschoven kan worden.

Lukkassen heeft gelijk omdat hij in beelden denkt. Hij ziet de structuren van ideeën voor zich. Hij ziet de geleidelijke invloed die manieren van denken hebben op de handelingen van mensen door de tijd heen. Voor hem zijn ideeën en hun invloed herleidbaar van de ene persoon naar de andere. Dat kan Lukkassen doen omdat ideeën daadwerkelijke dingen zijn, waarvan we (nog) niet weten wat zij precies zijn. Eenmaal bekend met de machinaties van ideeën wordt het mogelijk de patronen van die ideeën te herkennen. Er hoeft dus niemand aan touwtjes op de achtergrond te trekken, omdat ideeën hun eigen leven kunnen leiden in de hoofden van mensen.

Maak uw eigen keuze

Zo bezien kunnen Thomas en Lukkassen moeilijk of niet tot elkaar komen. Dat hoeft ook niet zozeer. Het is goed om beide heren te zien discussiëren. Het roept de vraag op wat u liever heeft, de begeestering van cultuur of de zekerheid van structuur?

Structuur biedt u zekerheid. Het biedt u de zekerheid van manieren van denken die alleen praktische zaken op kunnen lossen. Mensen tekort? Mensen importeren. Begrotingstekort? Geld drukken. Economische groei? Meer lenen. Immoreel gedrag? Regels maken.

Cultuur biedt u begeestering. Het biedt u een middel om zich te verbinden met ideeën die u verder kunnen brengen. Mensen tekort. Hoe loste men dat vroeger op? Begrotingstekort. Hoe verhelpen we dat? Economische groei. Is dat wel goed? Immoreel gedrag. Hoe ontstaat moraal?

Nadeel van structuurdenken

Het nadeel van structuurdenken is dat alles wat van buiten die structuur komt vreemd is. Anders had het in de structuur gezeten. Dat betekent dat er een keuze gemaakt moet worden bij nieuwe onderwerpen. Hetgeen van buiten komt wordt aangenomen en wordt dus in de structuur ingepast. Of wat van buiten komt wordt niet aangenomen en moet buiten de structuur gehouden worden.

Het kernbegrip ‘cultuurmarxisme’ is een begrip dat buiten de structuur gehouden moet worden. Het wordt geassocieerd met rechtse complotdenkers. Thomas parafraserend, je weet altijd aan bepaald woordgebruik dat er een complot vermoed wordt. Dat is ook hier terug te zien. Breivik noemt het, dus complot. Neo-nazis’ in Charlottesville noemen het, dus rechts.Dat die benadering zelf ‘bepaald woordgebruik’ laat zien, ontging Thomas wellicht. Net als zijn opmerking dat er in dat soort kringen altijd over ‘ze’ gesproken wordt. Even daarvoor sprak hij op precies dezelfde wijze over conservatieven/politiek-rechtse mensen.

Dat een eeuwige maatschappelijke omwenteling teneinde socialisme te bewerkstelligen al voor de Tweede Wereldoorlog werd gepropageerd is niet zo van belang, uiteraard. In Nederland bijvoorbeeld door de grote econoom (en socialist) Tinbergen. Geschiedenis hè, andere tijd, andere mores. Dat zijn nog slechts feiten waar ‘we’ nu niets meer mee kunnen. Het is tenslotte 2017.

De realiteit wijst de winnaar aan

Wat u hebt kunnen zien was het debatteren van twee werelden. Aan de ene kant structuur, aan de andere kant cultuur. Beiden zijn ze niet zozeer goed of fout. Beiden laten ze een levenshouding zien. Daarom was dit debat zo van belang. Het is goed om te zien dat mensen van een jongere generatie nog in beelden kunnen én willen denken. Dat ze vanuit die kracht oplossingen willen aandragen voor de problemen die zij om zich heen zien. Dat Lukkassen daarbij sterk wordt aangevallen door structuurdenkers is niet vreemd. Daar stijgt hij namelijk boven uit. De realiteit zal tonen wie er uiteindelijk gelijk krijgt.

De foto is gemaakt door: Byronv2