Posted on

Coalitie op sterven na dood – Insiders geven Merkel tot herfst

De CDU kalft hard af, de SPD staat op de rand van het graf. Zo kan het niet verder met de ‘grote coalitie’ van bondskanselier Angela Merkel. Dit najaar is het afgelopen.

Zelfs vice-voorzitter van de CDU en deelstaatpremier van Noord-Rijnland-Westfalen, Armin Laschet ziet het einde voor de federale coalitie van christen- en sociaaldemocraten naderen. Tot de herfst zal ze nog wel houden, misschien tot de Kerst, vermoedt Laschet. Zo precies kun je het immers nooit voorspellen. Vervroegde verkiezingen hoeven er van Laschet dan echter niet te komen. Dat terwijl de reguliere verkiezingen pas voor eind 2021 op de rol staan.

Merkel kan Jamaica nog eens proberen

Laschets kijk op de zaak is alleen realistisch wanneer zich op basis van de huidige samenstelling van de Bondsdag een nieuwe meerderheid laat vormen. Dat kan maar één ding betekenen: opnieuw proberen een zogenaamde Jamaica-coalitie van CDU/CSU, Groenen en FDP te vormen. Waar in 2017 de liberalen de stekker uit de onderhandelingen trokken, zouden nu de Groenen dat wel eens kunnen doen. Bij hen zit de weerzin jegens de FDP nog diep. Bovendien kijken zij met een schuin oog naar de peilingen, waarin ze kans maken de grootste partij te worden, mochten vervroegde verkiezingen toch nodig blijken.

SPD vertwijfeld

Voor veel afgevaardigden van CDU en SPD ziet het er in het geval van nieuwe verkiezingen niet rooskleurig uit. De SPD verkeert echter in een staat van vertwijfeling. Het zegt genoeg dat er zelfs niemand was die het partijvoorzitterschap op zich wou nemen, zodat er uiteindelijk een trio de zaak waarneemt, waaronder een deelstaatpremier die verkiezing na verkiezing verloor. Het scenario voor de komende maanden tekent zich reeds duidelijk af: de sociaaldemocraten zullen sterk verliezen in de deelstaatverkiezingen in Brandenburg, Saksen en Thüringen in september en oktober. Daarna zullen ze alsnog een nieuwe partijleider kiezen, die de SPD uit de coalitie met Angela Merkel haalt en zo snel mogelijk op nieuwe verkiezingen aanstuurt. En dan maar hopen dat het resultaat onder de nieuwe leider en na de breuk met Merkel  nog wat meevalt.

Groenen nu belangrijkste concurrent CDU

Ook de unie van CDU en CSU moet intussen hopen dat de trend nog keert. Het overnemen van standpunten van de Groenen heeft een poos electoraal gewerkt, maar nu zijn de Groenen zelf de grote concurrent in de verkiezingen. In de afgelopen tijd hoefden de Groenen hun eisen alleen maar verder op te voeren, daarbij ondersteund door gewillige media. Zonder duidelijke koerswijziging hoeven de christendemocraten echter niet op een herleving te rekenen. Het lastige daarbij is dat de christendemocraten in het westen vooral met de Groenen en in het oosten vooral met de AfD moeten concurreren.

AKK niet in staat tot nieuwe koers

De weinige aarzelende aanzetten die de nieuwe CDU-partijleider Annegret Kramp-Karrenbauer deed om de CDU weer een wat conservatiever imago te geven, kwamen haar vooral op kritiek te staan. Het ontbreekt haar aan overtuiging en kracht, maar ook aan meer dan oppervlakkige steun in de partij om een nieuwe koers door te zetten. Als Merkel aftreedt als bondskanselier, ligt de vraag wie de CDU in nieuwe verkiezingen zal aanvoeren dan ook nog open.

AfD stagneert

Ondertussen slaagt de AfD er de laatste tijd nauwelijks in om te profiteren van de misère bij CDU/CSU en SPD. De afhakende kiezers van die partijen worden vooral niet-stemmers. De aanhoudende media-aanvallen op de nationaal-conservatieven dragen zeker bij aan deze stagnatie. Interne conflicten maken het tegenstanders daarbij gemakkelijk om de jonge partij als onserieus weg te zetten. Het gebrek aan ernst is echter ook een belangrijke reden waarom veel Duitsers zich van de clichématige en op sentimenten spelende politiek van de gevestigde partijen afkeren.

Posted on

Duitsland: Einde oude partijensysteem nadert

De SPD vecht om haar bestaan. Maar ook in de CDU groeit de nervositeit. En terecht, want de dominantie van de twee grote volkspartijen in de Duitse politiek staat op het punt doorbroken te worden.

Zowel voor politici als analisten was meteen duidelijk: Met het afscheid van Andrea Nahles van het partij- en fractievoorzitterschap is meer gebeurd dan alleen het vertrek van de zoveelste SPD-leider, de negende sinds 2000. Het is niet slechts een leiderschapscrisis meer, de SPD zit middenin een vertwijfelde strijd om haar voorbestaan.

Opvolging Nahles

De gebruikelijke berichtgeving over wie er allemaal kandidaat is om Nahles op te volgen, leidt dan ook van de kern van het probleem af. Die is gelegen in de afkeer van de Duitse sociaaldemocratie van haar historische identiteit en daarmee van haar missie en natuurlijke achterban. De partij van de grote schare aan hardwerkende mensen, uit arbeiders- en lagere middenklasse, is onder regie van losgezongen ideologen verschrompeld tot een nichepartij.

Werkende klasse

Genderideologie en klimaathysterie, pleidooien voor nog meer immigratie en het faciliteren van afgewezen asielzoekers, het bagatelliseren van integratieproblemen et cetera werden tot kenmerkende punten van de SPD. Prijsopdrijvend klimaatbeleid en sociale voordelen voor specifieke groepen moesten kiezers lokken. De werkende klasse kreeg bij ondertussen vooral de rol van pakezel, die alle economische en culturele lasten stil moet dragen.

Traditionele kiezers lopen weg

Wie bijvoorbeeld al jaren in een traditionele arbeidersbuurt woont en zich door vreemdelingen overlopen voelt en dat openlijk zegt, kan van de zijde van SPD-functionarissen op niets dan beschimpingen en neerbuigende terechtwijzingen rekenen. Dat kon niet lang goed gaan. Er zit altijd een zekere vertraging in, mensen die al decennia op dezelfde partij stemmen, veranderen daar niet zomaar in. Maar op een gegeven moment is de maat vol en lopen de kiezers massaal weg.

CDU nerveus

Voor de CDU, ooit de belangrijkste rivaal van de sociaaldemocraten, is dat geen goed nieuws. De nervositeit waarmee Annegret Kramp-Karrenbauer reageert op de turbulentie bij de federale coalitiepartner, is geenszins gespeeld. AKK weet dat haar partij vergelijkbare moeilijkheden te wachten staan. Want ook bij de CDU is de vervreemding van de natuurlijke achterban vergevorderd.

Merkels dubbelrol

Bondskanselier Angela Merkel speelt hierin een bizarre dubbelrol. Enerzijds bindt ze nog altijd miljoenen mensen, niet zozeer vanwege een bepaald beleid, maar omdat ze een vaste waarde is. Anderzijds ligt Merkel als een stolp over de CDU, waaronder ieder initiatief tot vernieuwing of herbronning verstikt. Het fnuikt iedere kans voor de partij om aan het lot van de SPD te ontsnappen.

Einde van het oude partijensysteem

Zo zien we nu dan ook het begin van het einde van het oude partijensysteem van de Bondsrepubliek. Met een CDU/CSU die in sommige peilingen al voorbij gestreefd wordt door de Groenen en een SPD die bijna achter de AfD terugvalt. De val van Nahles markeert het begin van de hete fase van deze omwenteling. De oersaaie Duitse politiek wordt toch nog spannend.

Posted on

Bremen: SPD wil na historisch verlies toch regeren

In Bremen gebeurde zondag wat lange tijd onvoorstelbaar scheen. Voor het eerst sinds 73 jaar werd de CDU groter dan de SPD. De sociaaldemocraten behaalden hun slechtste resultaat sinds de oprichting van de Bondsrepubliek. Maar ze kunnen nog niet loskomen van de regeringsbankjes.

De CDU kwam volgens de voorlopige uitslag op 26,7 procent, de SPD van burgemeester Carsten Sieling op 24,9 procent. De Groenen groeiden naar 17,4 procent en Die Linke naar 11,3. De AfD groeide in het linkse bolwerk licht naar 6,1 procent en de FDP  naar 5,9.

Bremerhaven

Door een bijzonderheid van het Bremer kiesrecht wordt de kiesdrempel in de twee kiesdistricten Bremen en Bremerhaven afzonderlijk toegepast. Zodoende kon de rechts-conservatieve partij Bürger in Wut haar zetel in het deelstaatparlement behouden door alleen in Bremerhaven over de kiesdrempel te komen. Sowieso deden de rechts-conservatieve partijen het in de kuststad beter dan in Bremen zelf. De AfD behaalde er 9,4 procent en Bürger in Wut 8,8 procent, samen 6,7 procentpunten meer dan in 2015. In de gehele deelstaat bedroeg de winst voor beide slechts 1,3 procentpunten.

Fractiestatus

AfD-lijsttrekker Thomas Jürgewitz ziet in Bremerhaven “een stemming voor verandering in een deelstaat en een stad die er berucht om zijn in de statistieken altijd op de laatste plaats te komen”. AfD Bremen-voorzitter Frank Magnitz had voor de verkiezingen op minstens zeven procent gehoopt. Het werd iets meer dan zes. Maar anders dan in 2015 heeft de AfD nu genoeg zetels om de fractiestatus te krijgen. De vier zetels van vier jaar geleden waren daarvoor niet genoeg. Bovendien gingen drie van de vier door interne conflicten bij de AfD weg. Zonder fractiestatus was het oppositiewerk lastig geweest, zegt Magnitz. Maar nu is de tijd van het deelstaatparlement als applausmachine, waar niemand een ander geluid laat horen voorbij, zo vervolgt hij.

SPD klampt zich aan de macht vast

Voor de sociaaldemocraten is het resultaat een ramp. Ze hebben hun nederlaag echter nog niet helemaal geaccepteerd. In 2015 bereikten de Bremer sociaaldemocraten met 32,8 procent al een historisch dieptepunt, nu ging het nog eens duidelijk neerwaarts. “De cijfers zijn teleurstellend”, aldus zittend burgemeester Carsten Sieling. Hij benadrukte voor een toekomstige coalitie het belang van het financieel beleid. “Ik kijk ernaar met welke partijen zouden we een akkoord kunnen bereiken”, aldus Sieling tegenover tv-zender n-TV. “En we hebben met de Groenen een goed beleid gevoerd”, voegde hij eraan toe. De gedachte om de oppositie in te gaan, lijkt bij Sieling niet eens op te komen.

Rood-rood-groen

Federaal SPD-leider Andrea Nahles sprak zich voor een coalitie inclusief Die Linke uit. “Rood-rood-groen is in Bremen mogelijk.” De Groenen hebben volgens Nahles de keuze: “Willen ze een progressieve regering of niet?” De Bremer CDU rond Carsten Meyer-Heder maakt nu als grootste partij echter aanspraak op het initiatief in de regeringsvorming. “De SPD is afgekeurd”, aldus de CDU-lijsttrekker. De Groenen lieten zich op de verkiezingsavond terughoudend uit en wezen op grote inhoudelijke verschillen met zowel de CDU als Die Linke. De Groenen lijken kortom alle opties open te houden.

Jamaica

Een zogenoemde Jamaica-coalitie van de CDU met de Groenen en de liberale FDP zou 45 zetels hebben en daarmee twee meer dan de absolute meerderheid van 43. Rood-rood-groen zou 49 zetels hebben en daarmee zes meer dan de absolute meerderheid. Een derde mogelijkheid zou een zogenoemde stoplichtcoalitie van SPD, FDP en Groenen zijn. De sociaaldemocraten sloten die laatste optie echter reeds uit.

Federale coalitie

Ondertussen rommelt het ook federaal nog in de SPD. De linkervleugel roept na de nederlagen in Bremen en in de Europese verkiezingen om het vertrek uit de federale coalitie met CDU en CSU. Daardoor zou de regering Merkel ten val kunnen komen. En Martin Schulz zou het fractievoorzitterschap in de Bondsdag van Andrea Nahles over willen nemen.

Posted on

Verkiezingen zondag kunnen Duitse regering ten val brengen

Komende zondag begint in Duitsland met de Europarlementsverkiezingen en de deelstaatverkiezingen in Bremen het zogenoemde “kleine Superwahljahr” 2019. Vooral voor de SPD staat er veel op het spel. Daardoor zou ook de federale regeringscoalitie ter discussie kunnen komen te staan.

Bremen en Bremerhaven (donkergroen) vormen samen de kleinste deelstaat van Duitsland.

Bremen is de kleinste deelstaat van Duitsland qua oppervlakte. Toch zijn er niet weinig politici die van de uitkomst van de deelstaatverkiezingen daar ernstiger gevolgen voor de federale coalitie verwachten dan van de Europese verkiezingen diezelfde dag. Want voor het eerst sinds 73 jaar lijkt het er op dat de CDU de sterkste partij in Bremen wordt.

Verantwoordelijk daarvoor is naast de federale trend ook de 58-jarige lijsttrekker Cartsen Meyer-Heder, die ruim een jaar geleden bij de meeste CDU-leden nog niet eens bekend was. Tegenover deze zelfstandige softwareondernemer, steekt de slechts twee jaar oudere burgemeester Carsten Sieling als een relict uit het verleden af.

Peilingen

In de meest recente peilingen lag de CDU met 26 procent nipt voor de sociaaldemocraten. De in Bremen vanouds relatief sterke Groenen kwamen op 18 procent, Die Linke op twaalf en de FDP met zes procent net boven de kiesdrempel. Met momenteel acht procent in de peilingen zou ook de AfD opnieuw in het deelstaatparlement komen. In Bremen heeft de AfD concurrentie van de eveneens rechts-conservatieve Bürger in Wut. Dat is een partij die al langer bestaat dan de AfD, maar buiten Bremen nooit echt doorgebroken is. Deze partij zou ook in het deelstaatparlement terug kunnen keren, waarbij het profiteert van het gegeven dat het ook volstaat om alleen in Bremerhaven vijf procent te halen om over de kiesdrempel te komen.

http://www.novini.nl/spd-bolwerk-bremen-wankelt/

Drie-partijencoalitie

Wat zich aftekent is dat een drie-partijencoalitie de kleinste Duitse deelstaat zal gaan regeren. CDU en SPD zien het hier namelijk niet als wenselijk om met elkaar te gaan regeren. De SPD hoopt dat een coalitie met de Groenen en Die Linke mogelijk zal zijn. De CDU zet ondertussen in op een zogenoemde Jamaica-coalitie met Groenen en FDP. Oud-burgemeester Henning Scherf wil een grote coalitie onder leiding van de sociaaldemocraten echter niet uitsluiten: “Het is een nek-aan-nek-race en men moet zich niet voorbarig vastleggen. De overgrote meerderheid binnen de partij zal voor rood-rood-groen zijn. In een coalitie met de CDU de kleinere partner te zijn, zal geen steun vinden. Andersom kan ik me een rood-zwarte coalitie wel voorstellen, waarbij de SPD opnieuw de burgemeester levert. Men moet voorlopig niets uitsluiten.”

Electorale debacles

Niet uit te sluiten, maar zelfs waarschijnlijk, is dat het verlies van Bremen voor de SPD tot aanzienlijke turbulentie binnen de partij zal leiden. Want ook bij gelijktijdig plaats vindende Europarlementsverkiezingen tekent zich voor de sociaaldemocraten een debacle af. Waar de SPD in 2014 nog op ruim 27 procent kwam, zo belandden ze recent tussen de 16 en 18 procent. Een dergelijke daling zou ook de toekomst van de grote coalitie in Berlijn in twijfel kunnen trekken.

Europarlementsverkiezingen

Ook voor de Unie van CDU en CSU ziet het er overigens niet rooskleurig uit. Waar deze vijf jaar geleden nog op meer dan 35 procent kwam, zo mag ze nu blij zijn als ze nog boven de 30 kan komen. De Groenen hebben intussen de wind van de mediaal aangejaagde klimaathype in de rug. Zij lijken met een kleine twintig procent voor het eerst de op een na grootste partij te worden. Voor de liberale FDP en socialistische Linke dreigt met elk zes procent een slecht resultaat.

Alternative für Deutschland

De grootste onbekende in deze verkiezingen is hoe de AfD het zal doen. Recent vallen de nationaal-conservatieven weer wat terug in de peilingen. Lijsttrekker Jörg Meuthen vermoedt dat dit onder andere te maken heeft met de voortslepende Brexit-perikelen. Hoe dan ook lijkt de partij winst te kunnen boeken. Waar ze in 2014 onder leiding van Bernd Lucke ruim zeven procent haalde, lijkt nu 12 à 13 procent mogelijk. Federaal fractievoorzitter Alice Weidel verwacht dat haar partij net als in de Bondsdagverkiezingen in de eindspurt nog winst kan boeken.

Oud-AfD-leider Bernd Lucke zal in ieder geval niet meer terugkeren in het Europees Parlement. De andere europarlementariërs die meegingen met zijn Liberal-Konservative Reformer hebben die partij inmiddels weer verlaten, vooral vanwege Luckes leiderschapsstijl. Voor opiniepeilers is de LKR niet meetbaar.

Posted on

Kramp-Karrenbauer onder druk om Altmaier in te ruilen voor Merz

Uitgerekend een partijgenoot uit haar eigen deelstaat, minister van Economische Zaken Peter Altmaier, zou CDU-leider Annegret Kramp-Karrenbauer nu op moeten offeren om plaats te maken voor haar toenmalige concurrent voor het partijleiderschap, Friedrich Merz.

Als toegewijd chef van Merkels Kanzleramt ten tijde van de immigratiecrisis speelde de Saarlander Peter Altmaier de rol van bliksemafleider voor de bondskanselier, toen deze in het nauw kwam. Ook nu richt de kritiek van de rechtervleugel van de partij zich eigenlijk tegen de weifelende Kramp-Karrenbauer, maar treft ze opnieuw Altmaier, nu als minister van Economische Zaken. De ondernemersorganisaties roepen op tot het inruilen van Altmaier voor Friedrich Merz.

http://www.novini.nl/altmaier-merkels-crisismanager/

Plaatsvervangende discussie

De Unie van CDU en CSU kan zich momenteel echter geen debat over personele bezetting veroorloven, want dat zou onvermijdelijk ook discussie over de minister van Defensie en de bondskanselier in gang zetten. Velen die eigenlijk op Angela Merkel doelen, maar het niet aandurven dat te berde te brengen, oefenen in plaats daarvan kritiek op Altmaier. Niet toevallig hebben zich derhalve fractievoorzitter Ralph Brinkhaus en zijn vice Alexander Dobrindt (CSU), beide niet bepaald vrienden van Altmaier, demonstratief achter hem gesteld. Zoals bekend is het in de geen goed teken voor de positie van een minister, wanneer zijn partijgenoten het nodig achten hem ongevraagd in verdediging te nemen.

Merz onder Merkel?

Merz zou weliswaar graag minister worden, zoals hij zelf gezegd heeft, maar of hij daarbij aan een post onder Merkel denkt is een andere vraag. Hij heeft zich destijds immers vanwege haar uit de politiek teruggetrokken. Wanneer hij nu onder haar weer terug zou keren, zou dit met Merkel, die volgens Wolfgang Schäuble slecht met kritiek om kan gaan, zeker tot nieuwe conflicten leiden. Wellicht was de angst daarvoor voor sommige CDU-partijbaronnen ook een reden om destijds Merz’ niet te steunen in de race om het partijleiderschap.

Berlijn sluit de rangen

Kramp-Karrenbauer heeft haar toenmalige concurrent echter nodig. Merz staat symbool voor de rechtervleugel van de partij, die zij aan haar kant moet zien te krijgen. Dan kan ze zich namelijk aan andere zaken wijden dan het bij elkaar houden van de verschillende vleugels. Juist omdat men Merz liever vandaag dan morgen nodig heeft, sluit de partij demonstratief de rangen achter Altmaier, die nooit te beroerd was om Merkels vuile werk op te knappen tijdens de asielcrisis. Dat de ondernemers hun begrijpelijke ontevredenheid over de grote coalitie nu op Altmaier afreageren – hij kon net zo goed een SPD’er zijn, zo klinkt het achter de schermen – zou volgens CDU-politici niet fair zijn.

Verkiezingsdebacle

Dat de CDU het lucratieve ministerie van Financiën verloor en het ondankbare ministerie van Economische Zaken er voor terug kreeg, was mede het resultaat van het verkiezingsdebacle in de laatste Bondsdagverkiezingen. En dat debacle was een gevolg van Merkels asielbeleid, waarvoor Altmaiers kop nu indirect alsnog moet rollen.

Economische competentie

De jurist Altmaier heeft Economische Zaken niet gekregen omdat hij er affiniteit mee heeft, maar enkel om dat niemand anders de positie wilde. In een jaar waarin naast de Europese Parlementsverkiezingen nog vier landdagen (Bremen, Brandenburg, Saksen en Thüringen) en talrijke gemeentelijke verkiezingen op de rol staan, zou Merz de economische competentie die ooit de kracht van de CDU/CSU was, aanzienlijk beter in de verf kunnen zetten. Vele partijgenoten zien in hem de ideale minister van Economische Zaken.

Conflictschuw

Altmaier heeft in zijn hoedanigheid van coördinator van de immigratiecrisis laten zien conflicten te schuwen en heeft net als Merkel de neiging om die uit te zitten in plaats van op te lossen. Dat is echter in de economie, waar beslissingen die op zich laten wachten geld kosten, funest. Derhalve is Altmaier bij industrie en middenstand, twee domeinen waar de CDU ooit domineerde, in ongenade gevallen.

Positie Kramp-Karrenbauer ter discussie

Na de nipte overwinning van Kramp-Karrenbauer in de race om het partijleiderschap, zijn de door velen geanticipeerde twisten binnen de Unie uitgebleven. Fervente ondersteuners van Merz hebben zich verzoend met de nieuwe partijleidster. Niettemin weet Kramp-Karrenbauer dat het beter is Merz in haar kamp te halen dan als potentiële tegenstander te houden. Dat haar positie binnen de partij nu al weer ter discussie staat, laat zien dat de nieuwe partijleidster haar onduidelijke koers moet beëindigen. Die is namelijk niet alleen ten aanzien van de economie funest. Ook in de peilingen heeft de CDU sinds de leiderschapswissel in december nog geen winst kunnen boeken.

Posted on

SPD-bolwerk Bremen wankelt

In de Duitse deelstaat Bremen mag men op 26 mei niet alleen ter stembus voor de Europese verkiezingen, maar ook om een nieuwe Bürgerschaft, het deelstaatparlement te kiezen. Decennialang was de stadstaat een vast bolwerk van de SPD. Daar zou dit voorjaar een einde aan kunnen komen.

Na de Tweede Wereldoorlog werd de Bürgerschaft van de Vrije Hanzestad Bremen al 19 maal gekozen. Daarbij was er een constante: De SPD werd steeds de grootste. Slechts eenmaal, in 1995, spande het erom. In 2015 behaalden de sociaaldemocraten weliswaar hun slechtste resultaat sinds 1945, maar ze lagen met 32,8 procent van de stemmen nog duidelijk voor op de CDU, die op 22,4 procent kwam.

CDU voor het eerst voor SPD

Voor de CDU waren Bremen en het bijbehorende kiesdistrict Bremerhaven steeds een harde noot om te kraken. Maar begin februari lag de partij in een peiling voor het eerst zowaar voor op de SPD. De percentages van respectievelijk 25 en 24 procent maakten echter ook duidelijk dat de CDU het minder van zijn eigen sterkte dan van de zwakte van de SPD moet hebben.

Vier jaar geleden nam burgemeester Jens Böhmsen na het slechte resultaat van zijn partij zijn ontslag. Nu verliezen de sociaaldemocraten volgens de peilingen nog meer steun. Ook onder nieuwe burgemeester Carsten Sieling wordt het er echter niet beter op. In 2017 lag de partij nog bij 29 procent in de peilingen, nu zijn het er dus nog 24.

CDU ook ver verwijderd van doel

Ook de CDU is overigens nog ver verwijderd van haar verkiezingsdoelstelling. Lijsttrekker Carsten Meyer-Heder wil 35 procent van de stemmen behalen. Dat lijkt volstrekt niet haalbaar. Niettemin zou de CDU-kandidaat kunnen proberen een regering te vormen als zijn partij inderdaad de grootste wordt.

Rekenkundig lijkt een linkse coalitie van SPD, Groenen en Die Linke mogelijk. De Groenen lijken met 18  procent een recordresultaat te behalen. Daarnaast is Bremen een West-Duits bolwerk van Die Linke. De socialisten komen er in de peilingen steevast boven de tien procent uit.

Meyer-Heder hoopt daarentegen een zogeheten Jamaica-coalitie te kunnen vormen met de Groenen en de liberale FDP. In de peilingen kan dit vooralsnog niet op een meerderheid rekenen, aangezien de FDP niet verder komt dan zes procent.

Onderlinge concurrentie rechts-populisten

De voorspellingen over de toekomstige machtsverhoudingen in de Bremer Bürgerschaft worden gecompliceerd door het feit dat de stemmen van Bremen en Bremerhaven apart geteld worden. Zodoende kan ook wie alleen in Bremerhaven boven de kiesdrempel van vijf procent uitkomt een zetel in het stadsparlement bemachtigen. De voormalige rechercheur Jan Timke van de rechts-populistische partij Bürger in Wut profiteerde hier de afgelopen verkiezingen van. Zijn partij concurreert enigermate met de AfD, die in deze deelstaat met interne verdeeldheid kampt en in de peilingen rond de acht procent staat.

Lijsttrekker voor de AfD is Bondsdaglid Frank Magnitz, die begin dit jaar internationaal in het nieuws kwam toen hij vermoedelijk door links-extremisten het ziekenhuis in geslagen werd. In de race om het lijsttrekkerschap won Magnitz het van de in Bremen bekende tv-journalist Hinrich Lührssen, die na zijn nederlaag prompt overstapte naar de Bürger in Wut en deze aanvoert in het district Bremen. Voor de machtsverhoudingen spelen deze onderlinge rechtse twisten nauwelijks een rol. Ook al hopen regionale media onverholen dat zowel AfD als BiW door de onderlinge concurrentie de kiesdrempel niet halen.

SPD boven federaal gemiddelde

Burgemeester Sieling vecht in de door werkloosheid en voortslepende structuurverandering gestempelde stadstaat ondertussen om zijn politieke overleven. “Hoe Bremen er op staat en dat het ook de toekomst sociaaldemocratisch geregeerd wordt, is bepalend voor de toekomst van de hele SPD”, aldus Sieling. Het gaat er in Bremen volgens de burgemeester ook om welke betekenis de SPD voor heel Duitsland nog zal hebben. Voor de slechte peilingen houdt hij tegelijk vooral de federale politiek verantwoordelijk. “De federale neerwaartse trend voor de SPD gaat ook aan Bremen niet voorbij”, aldus Sieling tegenover Radio Bremen. “We liggen echter altijd nog negen procentpunten boven het federale gemiddelde. Dat laat zien dat we goed werk doen.”

Curieuze zijinstromer

Zijn christendemocratische uitdager ziet dat anders. De nieuwszender NTV beschrijft de boomlange Carsten Meyer-Heder, die pas in maart vorig jaar CDU-lid werd, als “curieuze zijinstromer in de politiek”. De IT-ondernemer plakte nooit eerder verkiezingsposters, noch nam hij aan partijcongressen deel. Hij “komt over als een combinatie van worstelaar en shanty-koorzanger, hij spreekt ongepolijst, breekt zinnen vaak af, geeft het toe als hij iets niet weet en denkt onideologisch. Hij spreekt volgens Robert Habeck van de Groenen geen kwaad van de SPD, maar stelt op ontwapenende wijze vragen bij het clichématige politieke jargon van de concurrentie.Juist doordat hij als nieuweling in de politiek fris overkomt, zouden meer Bremers hem toevertrouwen het stof van 70 jaar daadwerkelijk aan de kant te kunnen vegen”, zo heet het in een portret van The European. De 57-jarige zal in ieder geval de SPD slapeloze nachten bezorgen.

Posted on

Het rommelt in de partijtop van de SPD

De SPD komt maar niet uit het dal in de peilingen. Dat ligt er mede aan dat het in Duitse regeringspartij inmiddels traditie is om de actuele partijtop naar hartenlust te discrediteren.

Momenteel staat partijleider Andrea Nahles zwaar onder druk. Hoofdoorzaak zijn slechte verkiezingsresultaten en peilingen. Federaal komt de partij niet verder dan zo’n 15 procent, in Beieren hebben de sociaaldemocraten nog zes procent. In de verkiezingen voor het Europees Parlement dreigt de SPD de helft van haar zetels te verliezen. Zelfs het bolwerk Bremen, waar eind mei deelstaatverkiezingen plaatsvinden, wankelt. Ook in het uiterst linkse Berlijn, waar de partij momenteel met Michael Müller de burgemeester levert, zou in federale verkiezingen nog slechts 12 procent van de mensen zijn stem aan de SPD geven.

Gerhard Schröder brandt Andrea Nahles af

Alsof dit alles nog niet erg genoeg was, mengde onlangs oud-bondskanselier Gerhard Schröder zich weer in het interne debat. In een interview met het weekblad Der Spiegel bekritiseerde Schröder de partijleidster scherp. Schröder beklaagde Nahles, soms platte, optreden. De implicatie van de oud-bondskanselier was dat Nahles niet geschikt zou zijn als bondskanselier. Volgens Schröder zou de partij een kandidaat nodig hebben met economische competentie. Op de vraag of Nahles deze bezit, antwoordde hij vervolgens “Ik denk dat ze dat zelf niet eens zou durven beweren”.

Oud-bondskanselier Gerhard Schröder zou willen dat Sigmar Gabriel (foto), tussen 2013 en 2018 minister van achtereenvolgens Economische en Buitenlandse Zaken, weer een centrale rol innam (foto: Martin Kraft).

…looft Olaf Scholz en Sigmar Gabriel

Schröder ziet minister van Financiën Olaf Scholz eerder als de persoon die de toekomstige kandidaat-bondskanselier van de CDU, Annegret Kramp-Karrenbauer uit zou kunnen dagen. Daarnaast zou Schröder willen dat Sigmar Gabriel weer een centrale politieke positie in zou nemen. “Wellicht de meest begaafde politicus die we in de SPD hebben. Hij heeft alleen een aantal mensen binnen de partij te hard op de tenen getrapt. Of hij nog eens een grotere rol wil spelen, moet hij zelf bepalen.”

De tegenweer volgde prompt en zoals gebruikelijk binnen de SPD snoeihard. “Gelooft ook maar iemand, dat het wat voor nut dan ook voor de eigen partij heeft, wanneer gepensioneerde politici zich onvriendelijk uitlaten over hun opvolgers? Dat baat altijd slechts de politieke concurrentie. Het getuigt van slecht geheugen en is bovendien onsolidair”, twitterde plaatsvervangend partijvoorzitter Ralf Stegner.

‘Eerst de hemel in prijzen, dan als een baksteen laten vallen’

Ook SPD-bestuurslid Boris Pistorius klom in de ring en bekritiseerde de partijleiding om haar omgang met oud-partijleiders Sigmar Gabriel en Martin Schulz. “Volgens mij bevreemdt het de mensen wanneer de SPD haar leiders steeds weer eerst de hemel in prijst, om ze dan later weer als een baksteen te laten vallen”, aldus de Nedersaksische deelstaatminister tegenover dagblad Die Welt. Hij rekent dat vooral Nahles en Scholz aan. “Zo hoort dat gewoon niet.” Pistorius zei echter ook dat het geen makkelijk moment was waarop Nahles en Scholz de partijleiding overnamen.

Wat echter onbenoemd blijft is dat ook Martin Schulz een zwakke campagne voor de Bondsdagverkiezingen voerde en dat de partij onder het leiderschap van Gabriel er niet veel beter voor stond in de peilingen. Zou het soms niet zozeer aan het personeel, als wel aan de standpunten kunnen liggen, dat de kiezers weglopen?

Posted on 1 Comment

Duitsland: Hetze tegen rechts gaat over in grof geweld

Een bomaanslag op een AfD-kantoor in Döbeln en het door drie gemaskerde mannen bijna doodslaan van een AfD-Bondsdaglid in Bremen, onderstrepen dat de sfeer in Duitsland in verkiezingsjaar 2019 steeds grimmiger wordt. 

De bomaanslag op het AfD-kantoor in Döbeln (in de deelstaat Saksen) en de aanval op de Bremer AfD-leider en Bondsdaglid Frank Magnitz waren denkbaar slechts de eerste dieptepunten in een ongeziene ontsporing van de Duitse politiek. Het geweld komt niet uit de lucht vallen. Linkse en extreemlinkse actoren hebben hiervoor het klimaat geschapen en in sommige gevallen openlijk opgeroepen tot fysiek geweld.

 

SPD en Antifa

Wat opvalt is dat de scheidslijn tussen links en extreemlinks niet slechts heimelijk vervaagt, maar ook openlijk doorbroken wordt. Al in september sprak Angela Marquardt, medewerker in het kantoor van SPD-leider Andrea Nahles en directeur van de SPD-denktank, zich ervoor uit dat de SPD in de ‘strijd tegen rechts’ ook met Antifa en ‘Anti-Duitsen’ zou moeten samenwerken. In het artikel in partijkrant Vorwärts distantieerde Marquardt zich weliswaar van geweld. Hoe het voormalige PDS-Bondsdaglid, dat in 2008 naar de SPD overging, Antifa en geweld überhaupt van elkaar wil scheiden bleef echter onduidelijk.

‘Fascisten’ in elkaar slaan

Op 30 december publiceerde het linkse dagblad Taz een lange bijdrage, waarin de tactiek van Britse Antifa’s om fascisten in elkaar te slaan tot ze de straat niet meer op durven zonder kritiek gepresenteerd werd. Als voorbeelden van contemporaine ‘fascisten’ werden namen als Donald Trump, Jaroslaw Kaczynski, Thilo Sarrazin, Matteo Salvini en Björn Höcke genoemd. Taz-auteur Rolf Sotscheck spreekt zich er vooral uitdrukkelijk tegen uit om überhaupt het gesprek aan te gaan met AfD-politici. De tijd van debat is wat hem betreft voorbij en daarmee ook de tijd van democratische deliberatie. De seinen staan op politieke vernietiging.

Geen politiek proces maar fysiek aanvallen

De publicatie ‘Losgaan – fight AfD’ sluit hier naadloos op aan. Daar heet het: “De tijd voor discussie, opheldering en praten moet voorbij zijn.” De confrontatie kan bij de stembus noch in het gesprek gewonnen worden. Dat wil zeggen: Ook democratische verkiezingsuitkomsten worden zo nodig van de hand gewezen. In plaats daarvan moet de strijd tegen de AfD, haar leden en sympathisanten volgens de schrijvers van het vlugschrift “praktischer en persoonlijker worden”. “Openlijke strijdlust, outings en allerlei creatieve acties” moeten ertoe dienen de AfD’ers “uit de dekking te halen en aan te vallen”. Dat hiermee geen verbale aanvallen bedoeld worden is uit het voorgaande wel duidelijk.

Burgeroorlog

Teksten en oproepen als deze markeren een volledig afscheid van de vormen van democratische deliberatie en debat. De politieke tegenstander wordt tot persoonlijke vijand, de andersdenkende burger tot onpersoon die men de politieke en burgerrechten kan betwisten. Hier klinken de klaroenstoten voor een burgeroorlog. Döbeln en Bremen laten zien dat deze oproepen niet aan dovemansoren gericht zijn.

Posted on

Messenmigratie – Chemnitz past in een patroon

Met één dode en twee zwaargewonde Duitsers was de aanval van Chemnitz een nieuw hoogtepunt van de messenterreur door asielzoekers die sinds de ongecontroleerde grensopening van 2015 over Duitsland neerdaalt.

Toen het Bondsdaglid Markus Frohnmaier (AfD) na de dodelijke aanval door twee asielzoekers uit Irak en Syrië tegen een Duitser van deels Cubaanse afkomst van ‘messenmigratie’ sprak, stak er vanuit de gevestigde partijen meteen protest uit vanwege deze zogezegd discriminatoire woordkeus.

Feit is echter dat men sinds het aanzwellen van de massamigratie in 2015 een sterke toename van dit soort dodelijk geweld door immigranten kan vaststellen. Merkels immigratiebeleid van open grenzen heeft een vicieuze cirkel van geweld in gang gezet. Haast iedere dag komt er een van tientallen mes-aanvallen in de media, met een islamitische, terroristische of antisemitische achtergrond. Met messen, bijlen of machetes bewapende daders met een migratieachtergrond hebben in de afgelopen maanden in alle Duitse deelstaten toegeslagen.

Het epicentrum van het messengeweld is Berlijn, waar sommige buurten zo gevaarlijk zijn, dat het een soort van no-go-zones zijn geworden. Volgens het regionale dagblad Berliner Morgenpost zijn immigranten voor ten minste 45 procent van alle misdaden in de hoofdstad verantwoordelijk. Ook Bremen en Bremerhaven zijn brandpunten van de messenterreur. Alleen in 2016 werden in Bremen al 469  mensen – gemiddeld meer dan 1 per dag – het slachtoffer van een mes-aanval.

Een ander zwaartepunt van de messenterreur is Noord-Rijnland-Westfalen, waarbij vooral de binnenstad van Düsseldorf zwaar getroffen wordt. Familieleden of andere asielzoekers maken een aanzienlijk deel uit van de slachtoffers. Maar er worden in toenemende mate ook mes-aanvallen tegen sociaal werkers,  artsen, politie-agenten en andere ambtenaren die de asielzoekers willen helpen geregistreerd.

Er vond al geweld met messen plaats op feesten, jaarmarkten, op fietspaden en pleinen, in hotels en parken, in het openbaar vervoer, in restaurants, scholen, supermarkten en treinstations. Het gevaar ligt eigenlijk overal op de loer.

Bijzonder vaak zijn mes-aanvallen door immigranten gericht tegen meisjes of vrouwen. De Duitse politie tekende tussen januari en oktober 2017 meer dan 3.500 misdaden op waarbij een mes getrokken werd, vergeleken met 4.000 van zulke misdaden in heel 2016 en slechts 300 in 2007. Met de immigratie uit Arabisch-islamitische landen maakt Europa een beangstigende toename van de messenterreur mee. Politiek en media in Duitsland bagatelliseren en vervalsen zelfs statistieken, in plaats van actie te ondernemen om de eigen burgers beter te beschermen.

De Duitse rechtspraak is op deze geïmporteerde criminaliteit niet voorbereid. Messentrekken wordt in Duitsland als gefährliche Körperverletzung (gevaarlijke verwonding) ingeschaald. De Duitse politievakbond pleit er nu dan ook voor om het in de toekomst als poging tot doodslag te zien, zodat de daders hangende het onderzoek meteen in hechtenis genomen kunnen worden.

Ter zelfverdediging zijn duizenden vooral jonge autochtone mannen er reeds toe overgegaan zelf een mes bij zich te dragen. De burgers merken dat er in hun land iets veranderd is qua openbare orde en dat met name het geweld merkbaar toeneemt. De politie geeft toe dat ze getalsmatig het onderspit delft, te veel op haar bordje heeft en steeds minder in staat is de openbare orde overal te handhaven, vooral ’s nachts.

Posted on

SPD wint regionale verkiezingen Nedersaksen, Jamaica-coalitie verliest

De SPD heeft een boven verwachting goed resultaat behaald in de verkiezingen voor de Nedersaksische Landdag die zondag gehouden werden. De sociaaldemocraten werden met 36,9 procent van de stemmen de grootste partij en groeide zes zetels. CDU, FDP en Groenen, die op federaal niveau over een regeringscoalitie onderhandelen, leden echter alle drie verlies.

De peilingen voorspelden de afgelopen twee weken al wel dat de SPD de grootste partij zou worden, maar in de recente verkiezingen voor de Bondsdag kwamen de sociaaldemocraten niet verder dan 27,4 procent, terwijl de CDU toen 34,9 procent haalde. Bij de Bondsdagverkiezingen lag de opkomst echter ook hoger.

Coalitie

De SPD is weliswaar de grootste partij geworden, maar het lijkt er op dat ze geen meerderheid kan vinden om door te regeren. De sociaaldemocraten regeerden tot nu toe met de Groenen. Die twee partijen hadden echter een meerderheid van één zetel na de Landdagverkiezingen van 2013, die gewonnen werden door de CDU. De Groenen haalden zondag echter acht zetels minder dan destijds, terwijl de SPD er slechts zes meer binnenhaalde. Dat betekent dat er geen meerderheid is voor Rood-Groen.

De liberale FDP heeft al laten weten niets te voelen voor een ‘verkeerslicht’-coalitie. Daarmee blijven er twee opties over: Een grote coalitie van SPD en CDU, wat gezien de verstandhouding in de deelstaat niet zo voor de hand ligt, of een zogeheten Jamaica-coalitie van CDU, Groenen en FDP. Die laatste optie ligt voor de hand, omdat er momenteel ook op federaal niveau over een dergelijke coalitie gesproken wordt. Pijnlijk is echter dat alle drie de betrokken partijen een verlies hebben geleden in de verkiezingen. Wat natuurlijk ook niet positief afstraalt op de federale onderhandelingen.

AfD

Overwegende gezindheid, geel: Rooms-Katholiek, violet: Protestants, blauw: geen geloof, donkere kleur: absolute meerderheid van 50% of meer, lichte kleur: relatieve meerderheid 33,3-50%. Censuscijfers uit 2011 (kaart: Michael Sander)

De AfD kwam voor het eerst de Nedersaksische landdag binnen met 6,2 procent. Een bescheiden resultaat in vergelijking met de Bondsdagverkiezingen, toen de partij nog 9,1 procent van de stemmen in die deelstaat kreeg. Tegelijk lag ook toen het resultaat van de AfD in Nedersaksen al onder het federale gemiddelde en is de score van 6,2 procent vergelijkbaar met uitslagen van eerdere deelstaatverkiezingen in het noordwesten van Duitsland, zoals Bremen (5,5%), Hamburg (6,1%), en Sleeswijk-Holstein (5,9%). In het oosten en zuiden van Duitsland staat de AfD sterker. Partijleider Jörg Meuthen, zelf een katholiek uit Baden-Würtemberg, stelde op de persconferentie van de AfD op maandagmorgen te vermoeden dat daar een sociologische reden achter zit. Zo gaat het in het noordwesten om overwegend protestantse gebieden en is de gevestigde protestantse kerk, EKD, een kerkgenootschap met een uitgesproken links politiek profiel. Een deelstaat als Baden-Würtemberg is daarentegen veel gemengder protestants en katholiek en kent bovendien met name in de regio Schwaben ook conservatievere, evangelicale en piëtistische protestanten.

Linke

De socialistische partij Die Linke, die in 2013 nog bij drie procent van de stemmen bleef steken, maar nu op basis van de peilingen enige hoop had over de kiesdrempel van vijf procent te komen, viel uiteindelijk met 4,6% eronder. Bij Die Linke is net als bij de AfD te zien dat de motivatie van hun kiezers om te gaan stemmen in de deelstaatverkiezingen beduidend lager is dan de motivatie voor de federale verkiezingen. Zo haalde Die Linke in de Bondsdagverkiezingen eind september nog 6,9 % van de stemmen in Nedersaksen. Met een dergelijk resultaat zou SPD-leider Stephan Weil voor de keuze gesteld zijn of hij ook open zou staan voor een Rood-Rood-Groene coalitie.