Posted on

Media, waarom werkt u mee aan karaktermoord Assange?

Assange

De afgelopen weken hebben we mooie verhalen kunnen lezen over de bevrijding van Nederland, hoe zorgen over het klimaat tienduizenden samenbrengen en hoe de schokkende moord op een advocaat de Nederlandse rechtsorde onder druk zet. Zonder meer belangrijke verhalen die duidelijk maken dat vrijheid, goede leefomstandigheden en een functionerende rechtsstaat ons allemaal aan het hart gaan. Des te onverkwikkelijker wordt het met de jaren om aan te moeten zien hoe media en politiek de mensen blijven mis-informeren over de zaak Julian Assange. Voor zover überhaupt met inhoudelijke diepgang over de zaak wordt gesproken.

Julian Assange zit op dit moment vast in de Belmarsh-gevangenis in het Verenigd Koninkrijk, ook wel bekend als “the UK’s Guantanamo Bay”. Hij wordt daar vastgehouden onder een regime dat bestemd is voor terroristen en ander levensgevaarlijk volk. Dit betekent dat hij 23 uur per dag in eenzame opsluiting zit en 1 uur per week bezoek mag ontvangen, inclusief bezoeken van advocaten. Wanneer hij van zijn cel mag, wordt ieder contact met andere gevangenen voorkomen. Mensen die Assange bezochten schrokken van zijn zichtbaar slechte gezondheid, waaronder de speciaal rapporteur inzake foltering van de VN.

Assange ‘vluchtgevaarlijk’

Julian Assange’ buitensporige en hoogst ongebruikelijke straf voor het overtreden van de borgtocht die in 2012 gesteld werd naar aanleiding van het welbekende Zweedse onderzoek naar Assange, is inmiddels verstreken. Toch zit hij nog voor onbepaalde tijd vast, omdat hij vluchtgevaarlijk zou zijn.

Maar die redenering gaat compleet mank en is bovendien strijdig met verdragen waar het Verenigd Koninkrijk deelnemer aan is. Julian Assange heeft politiek asiel aangevraagd en gekregen. Daarmee zijn zowel de borgtocht als daaruit voortvloeiende straffen niet langer relevant en is het argument dat Assange vluchtgevaarlijk zou zijn exact het soort cynisme dat we uit andere, doorgaans als onvrij bestempelde landen maar al te goed kennen. De intrekking van Assange’ asiel door Ecuador was bovendien zowel inhoudelijk als procesmatig onverenigbaar met het Geneefse vluchtelingenverdrag. Om over de overdracht van Assange’ eigendommen aan de Verenigde Staten nog maar te zwijgen.

Zweedse aanklaagster onder druk gezet door Britten

Daarnaast moet niet vergeten worden in welke context één en ander zich afspeelde. Achteraf is dankzij de FOIA-verzoeken van de Italiaanse journaliste Stefania Maurizi gebleken dat de Zweden in 2013 al het arrestatiebevel tegen Assange wilden laten vallen – waarna de Zweedse aanklaagster door de Britse Crown Prosecution Service onder druk werd gezet de zaak door te zetten en alles op alles te zetten om Assange naar Zweden te halen in plaats van hem in de ambassade te verhoren. Wiens arrestatiebevel betrof het hier nu eigenlijk? We zullen het fijne er wellicht nooit van weten aangezien veel correspondentie tussen de CPS en de Zweden is vernietigd door de CPS.

Opmerkelijke juridische situatie

Een nieuw arrestatiebevel is onlangs geweigerd door de Zweedse rechter omdat het een buitenproportioneel middel zou zijn. Het vorige arrestatiebevel was slechts door de aanklaagster getekend. Een opmerkelijke juridische situatie die eigenlijk alleen volgens Zweeds recht kon voorkomen (inmiddels zijn zulke bevelen niet langer geldig). Evenals het feit dat alleen volgens Zweeds recht gesproken kan worden van verkrachting als aanklacht/onderwerp van onderzoek dat zwaar genoeg is om een Europees Arrestatiebevel uit te vaardigen. Het enige bewijs dat ooit is geproduceerd in de zaak (het welbekende en tamelijk absurde gescheurde condoom) bleek na onderzoek geen sporen op te leveren.

Verkrachtingszaak in strijd met procesrecht heropend en gerekt

We praten over een vermeende “verkrachtingszaak” die is heropend en jaren achtereen is gerekt (in strijd met Zweeds procesrecht) met onder andere de leugen dat Assange (die al eerder verhoord was in dit kader) niet in de Ecuadoraanse ambassade verhoord zou kunnen worden. Het laat zich dankzij de informatie uit eerder genoemde FOIA-verzoeken wel raden waar dat vandaan kwam. Al die tijd heeft Assange zich beschikbaar gehouden voor het Zweedse onderzoek – in ruil voor de garantie dat hij niet aan de VS zou worden uitgeleverd. Dat is, gezien de Amerikaanse geschiedenis van extraordinary rendition, enhanced interrogation techniques en extrajudicial executions geen buitensporig verzoek.

Vooropgezet spel om Assange in handen te krijgen

Een zaak waarin de Britten de Zweden (de juridische opdrachtgever) er dus van weerhielden één en ander tot een snelle oplossing te bewegen. Een zaak waarin al die tijd dan ook niets is gebeurd, en het ziet er steeds meer naar uit dat er ook nooit meer iets mee zal gebeuren. Een situatie die op gespannen voet staat met Assange’ Zweedse rechtsbescherming, maar ook een verontrustend beeld oproept wanneer je de uiteindelijke ‘zaak’ in een breder perspectief zet. Het heeft er enige schijn van dat het in handen krijgen van Assange een vooropgezet spel is geweest – een zorg van Assange die hem mikpunt van spot maakte, maar die nu toch bewaarheid lijkt te worden.

Assange jaren bespioneerd in Ecuadoraanse ambassade

Afgelopen week kwam nog naar buiten dat Assange jaren bespioneerd is in de Ecuadoraanse ambassade, en dat het materiaal (inclusief gesprekken met advocaten) werd doorgespeeld aan de CIA. De vraag is: waar was u?

Media en politiek, waar was u?

Waar was u toen de VN-Werkgroep Arbitraire Detentie zonder enige feitelijke basis werd weggezet als een publiciteitsstunt, een obscuur werkgroepje, en haar leden als een stel amateurs? Waar was u toen Nils Melzer uit hoofde van zijn functie als Speciaal Rapporteur van de VN inzake o.a. foltering het proces tegen Assange politiek en strijdig met internationaal recht noemde, en de behandeling van Assange als foltering bestempelde? Julian Assange’ leven is niet veilig, zijn fysieke en geestelijke gezondheid zijn in gevaar en hij dreigt te worden uitgeleverd aan een land dat basale mensenrechten niet respecteert.

Waarom werkt u mee aan de (karakter)moord op Assange? Waarom zwijgt u? Waarom werkt u mee aan het toedekken van dit schandaal? Waarom bent u opgehouden nieuwe WikiLeaks-publicaties de aandacht te geven die zij op basis van hun inhoud verdienden?

L. Pronk, namens Free Assange Nederland

Posted on

Syrië, Turkije, dubbelhartige NAVO en heilig verklaarde YPG

Syrië

Er zijn om het beleid van de NAVO in het Midden-Oosten te beschrijven meerdere termen mogelijk die deze politiek goed omschrijven. Ze klinken echter allemaal erg negatief. Probeer iets als schandelijk, crimineel, waanzinnig, idioot, zot, walgelijk, massamoord, zelf een put graven, chaotisch, geknoei, getikt en misdadig. Het zijn omschrijvingen die allen goed passen bij wat we al sinds 2011 en feitelijk al jaren ervoor in het Midden-Oosten meemaken en zeker nu in Syrië.

Herinner toen de Israëlische regering met de operatie Cast Lead Gaza, in wezen een groot gevangenkamp, kort na Kerstdag 2008 aanviel en daarbij voedselopslagplaatsen vernielde en een 300 kinderen doodde. Een zionistisch kerstgeschenk voor de gevangenen. Waarna de Europese regeringsleiders naar Israël trokken om die massamoordende regering te feliciteren. Ach mensenrechten. Ze kennen het woord in de EU vast en zeker, de inhoud is hen echter vreemd.

Honderdduizenden doden

Kijk naar wat zij hebben gedaan in onder meer Libië, Jemen, Libanon, Palestina, Irak en Syrië. Hoeveel honderdduizenden stierven er al niet in de door het Westen aangestoken oorlogen en hoeveel honderdduizenden kwamen er al om door de ontberingen die op die slachtpartijen volgden. Ze zullen er in de EU vast niet van wakker liggen. Lekker eten en drinken dat wel. En de ‘welverdiende’ centen tellen zal er ook wel bij zijn.

Maar ze leren nooit en zijn hier potdoof. Kijk nu maar naar de reacties van regeringen, politici en journalisten op de recente ontwikkelingen met Turkije in Syrië. Ja zeker, Syrië was geen paradijs, president Bashar Assad geen heilige en er was corruptie en er waren wantoestanden.

Maar welke regeringsleider of staatshoofd is een heilige, welk land is een paradijs en waar is er geen corruptie en zijn er geen wantoestanden? In België, Nederland, de VS of in het Verenigd Koninkrijk van clown Boris? Maar men moest er zo nodig allerlei door de Moslimbroeders en al Qaida geleide terreurgroepen gaan steunen en hen zelfs bewapenen.

De Dagelijkse Leugenaar

Regeringen, veiligheidsdiensten en de media zitten ons nu te waarschuwen voor het gevaar van ISIS, ze vergeten echter moedwillig dat ISIS gewoon een afsplitsing is van al Qaida in Irak die mee aan de basis lag van die oorlog in Syrië.

Maar toen in 2011 en tot begin 2014 waren die moordende bendes van ISIS voor diezelfde politici, media en ngo’s ware helden. En de CIA/AIVD/MI6 enzovoort zorgden voor vervoer naar het slagveld. Maar dat willen al die heren en dames niet meer geweten hebben.

Massamedia steunen jihadisten al jaren

De journalisten en vermeende experts die zich wat specialiseren in deze materie vertikken het gewoon om die harde waarheid te schrijven. Al jarenlang steunen de massamedia die jihadisten met al hun kracht. De VS bewapende ISIS in Jemen zelfs nog in 2018. Terwijl België de Jemenitische tak van al Qaida voor zijn rekening neemt. Je weet wel, de mannen van de raid op Charlie Hebdo!

Behoudens een verdwaalde korte insinuatie en wat losse flarden zwijgen alle grote media over deze schande. Ze weten het nochtans allen zeer goed. Het toont dat wat de vrije pers heet te zijn gewoon door de overheid gecontroleerde propagandakanalen zijn. Niet De Standaard, NRC, De Volkskrant of De Morgen maar De Dagelijkse Leugenaar.

Valse berichtgeving over Syrische Koerden

Neem de berichtgeving en verklaringen over de Syrische Koerden. Het is alsof alle Koerden als een man en vrouw achter de PKK/YPG staan. Een pure fantasie. Het is hetzelfde als beweren dat Nederland geheel achter Geert Wilders staat of alle Vlamingen fans zijn van het Vlaams Belang. Maar toch blijven onze media dat tot vervelens toe maar herhalen. Vertel een leugen voldoende maal en uiteindelijk zal men zijn eigen leugens zelf geloven.

Rakka - Vlag PKK met Ocalan - PKK verovering - Oktober 2017
Toen de PKK/YPG Rakka op ISIS veroverde paradeerde de groep op het centrale plein van de stad met een enorme spandoek met daarop Abdoellah Öcalan, de leider van de PKK. Overal zie je in dit gebied ook opschriften met Turkse letters, niet het Arabisch dat men in Syrië normaal gebruikt. Een link die men in de media zoveel mogelijk poogt te verzwijgen.

En dan is er Turkije. Natuurlijk is de AKP met haar president Recep Erdogan zelf verantwoordelijk voor de enorme problemen waar het land nu mee zit. Ooit verkocht de zoon van Erdogan de olie van ISIS o.m. aan Frankrijk. Waar men dan de ogen sloot. Tientallen miljarden euro’s heeft Turkije als gevolg van dit beleid al moeten uitgeven.

De dubbelhartigheid van de NAVO jegens Turkije

Maar de NAVO, waarvan Turkije toch een voornaam lid is, voert al meer dan een decennium oorlog tegen haar lidstaat. Dit terwijl de NAVO in naam een strikt militair bondgenootschap is waarbij artikel 5 van de statuten de lidstaten in geval van een aanval oproept tot wederzijdse militaire steun.

En wat gebeurt er? Al tientallen jaren vecht de Turkse regering tegen de PKK waarop de reactie van de bondgenoten is om die PKK onderdak te verlenen en zelfs plek te geven om er militaire trainingskampen in te richten. Men kan zich zo als de Britse reactie inbeelden moest Ankara vroeger de IRA onderdak hebben gegeven.

VS leveren wapens aan PKK tegen Iran

De VS levert al veel jaren wapens aan de PKK, o.a. om zo Iran in brand te steken. Hoeft men dan verrast te zijn dat Turkije bij Rusland steun gaat zoeken? Natuurlijk niet. Het is pure logica. De ‘bondgenoten’ bij de NAVO hebben dit dan ook geheel aan zichzelf te danken.

Poging tot staatsgreep tegen Erdogan

Neem de poging tot staatsgreep in 2016 tegen Erdogan. Toen die volop aan de gang was riep John Kerry, minister van Buitenlandse Zaken onder president Barack Obama, vanuit Moskou, waar hij op bezoek was, alleen op tot kalmte. Steun aan de wettige regering van een zogenaamde bondgenoot? Hij kreeg het zelfs niet eens over zijn lippen. Als je een bewijs wil voor Amerikaanse steun aan deze mislukte coup dan is dit er wel een.

Gevangenkampen in Syrië

En inderdaad is er een serieus probleem met die gevangenkampen daar in Syrië. Vooreerst zal de YPG/PKK wel niet zó dom zijn dat ze die kampen onbewaakt gaan laten. Het zou immers betekenen dat zij dan op drie fronten moeten vechten, de Syrische regering in het westen, ISIS in het zuiden en Turkije in het noorden. Die gevangenen vrijlaten zou voor hen zo goed als zelfmoord zijn.

Heiligverklaringen van PKK/YPG

En uiteraard krijgen we ook weer de klassieke hagiografen aan het werk. De heiligverklaringen van de PKK/YPG in onze media zijn niet te tellen. Om te kotsen. Op de VRT had Rudi Vranckx het dinsdag zelfs over het feit dat ‘de Syrische Koerden de ruggengraat van ISIS hadden gebroken’.

 

Alsof de Iraakse en Syrische legers en hun vrijwilligers en bondgenoten niets gedaan hebben. Maar ja, onze media hebben jaren van al Qaida in Irak ook heiligen gemaakt. En dan kan dit er ook nog wel bij zeker.

Overmoed

En dan rest er nog de zeer belangrijke vraag of de VS zich hier echt gaat terugtrekken. De berichtgeving over deze zaak is zacht uitgedrukt geheel onduidelijk. Blijven de VS op de Syrische-Iraakse grenspost in Al Tanf? Blijven ze ook de oliebronnen ten zuidoosten van de stad Der Ezzor en ten oosten van de Eufraat bezetten? Vragen die tot heden geheel onbeantwoord blijven en waarover het in de media wemelt van tegenstrijdigheden.

Zeker is dat de regering Erdogan en de PKK/YPG zichzelf serieus in de voet hebben geschoten. Het niveau van de waanzin in dit dossier is gewoon amper te geloven. Hoe idioot moet men zijn om tot dit punt te geraken?

Opvallend in deze zaak is verder dat er tot heden alleen een zwak protest was bij Iran en Syrië en in Moskou slechts een oproep tot bescherming van de territoriale integriteit. Met andere woorden: Rusland, Turkije, Iran en Syrië lijken dit blijkbaar vooraf afgesproken te hebben en zijn officieus dus tevreden.

De Syrische reactie is wel krachtiger maar gezien de houding van Moskou kan men daar ook niet veel meer doen. Voor de YPG/PKK is het nu kiezen: Turkije en zijn huurlingen of de Syrische overheid. Maar de PKK/YPG zijn gewoon knoeiers die lijden aan overmoed.


Naschrift:

Uit verdere informatie blijkt dat de VS alleen haar soldaten aan de Turkse grens heeft teruggetrokken. Die elders in het gebied ten oosten van de Eufraat en in Al Tanf zouden dus blijven. Vermoedelijk wil de VS die houden om ze als een soort van troefkaart te gebruiken bij de onderhandelingen over de toekomst van Syrië. Veel zal dat echter niet helpen bij de trotse Syriërs. Ze vreten nog liever bonen.

Ook Turkije beschouwt de door haar bezette delen van Syrië vermoedelijk vooral als een troefkaart bij die bezig zijnde onderhandelingen. Rusland is hier echter de baas en bepaalt de spelregels, niet Ankara. Ondertussen wil de Syrische regering die regio rond Hasaka een vorm van culturele autonomie geven. Maar dat is onvoldoende voor de PKK/YPG. Niemand in de regio willen hen trouwens meer geven.

De PKK/YPG wil het Syrische leger weghouden van de Turkse grens. Wat doet vermoeden dat zij hun gebied in de toekomst als springplank willen gebruiken voor operaties tegen Turkije. Ook willen zij de volledige controle over de inkomsten van de oliebronnen daar. Beide voorwaarden zullen door Damascus en Moskou echter nooit aanvaard worden. Het verhaal van Afrin zal hier dus herhaald worden. Slechte gokkers.

Verder bombardeerde het Turkse leger ook de grensstad Qamishli maar bleef daarbij weg uit het door het Syrisch leger gecontroleerde stadsdeel en het landelijk gebied eromheen.

Opvallend is zeker ook het feit dat al Qaida in Syrië de Turkse invasie toejuichte. Verder komt de Veiligheidsraad van de VN op vraag van Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië en België over de zaak samen. Alle vier, alsook Nederland, veroordeelden de Turkse acties. Het wordt gewoon wat praat voor de vaak. Diplomaten die stoer doen maar zich feitelijk belachelijk maken.

Posted on

Jemen – Een catastrofale oorlog met steun van het Westen

De zeer succesvolle aanval van vorige zaterdag door de Houthi’s op de Saoedische olie-installaties vestigt nogmaals de aandacht op de gruwelijke oorlog in Jemen. Rond het land heeft het Westen een blokkade georganiseerd met intussen massale bombardementen op het land.

Drones
Dat Ansar Allah in Jemen over drones beschikt is al zeker een jaar bekend. Het heeft hen een enorme slagkracht gegeven die op militair vlak ook internationaal grote invloed zal hebben. Geen peperdure F-35’s maar goedkope en moeilijk te detecteren drones brengen kroonprins Mohammed bin Salman van Saoedi-Arabië in grote verlegenheid. Zijn oorlog keert als een boemerang terug in het gezicht van de strateeg van deze oorlog.

Het gevolg is een bijna iedere Jemeniet treffende hongersnood, een massale uitbraak onder de bevolking van cholera, tienduizenden doden en een infrastructuur met zijn door UNESCO beschermde gebouwenpracht die aan diggelen ligt.

Tanden stuk bijten op Jemen

Het is vermoedelijk nu zowat voor iedereen duidelijk dat de oorlog in Jemen voor de NAVO een grote catastrofe is. Wat men zoals in het geval van Afghanistan kon voorspellen, is ook waar voor Jemen.

Het zijn landen waar imperialistische mogendheden met bijna absolute zekerheid hun tanden op stuk bijten. In beide gevallen kan men er op dit ogenblik nog onmogelijk naast kijken dat dit een ramp is. Zelfs de klassieke media geven het al deels toe.

Nu blijkt ook dat de Amerikaanse en Europese militaire steun voor IS en al Qaida in Jemen zeker nog in 2018 is blijven voortduren. Ook is de alliantie voor Jemen tussen Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten uiteengevallen en schieten ze nu al met scherp op elkaar, inclusief met gebruik van luchtbombardementen.

Riaad staat alleen

De VAE weigerde bijvoorbeeld de standpunten van de Saoedi’s te volgen over die recente aanval op de Saoedische olie-installaties. Van een alliantie is hier dan ook geen enkele sprake meer. In wezen staat Riaad in deze zaak praktisch geheel alleen. Zelfs de Britse regering van Boris Johnson stapt niet mee in hun verhaal.

De chaos is dan ook compleet. De vraag is hoelang de VS en hun ‘vrienden’ in de EU dat lijden van de Jemenieten nog gaan laten voortduren. En gezien de aanvallen op de Saoedische olievelden zal ook de EU de gevolgen voelen. Wie tankt betaalt die waanzin nu al cash.

Jemen - Militaire Situatie - 13 - 22 juli 2019
De militaire toestand op 22 juli 2019 is ongeveer dezelfde als die op het einde van 2015. Merk vooral op dat aan de grens met Saoedi-Arabië het Saoedische leger al die jaren amper vooruitgang kon boeken. Dit terwijl het op papier oppermachtig zou moeten zijn. Op papier. In wezen is dit een kaart die te vergelijken is met de verdeling voor 1990 tussen Noord en Zuid-Jemen. Het geel gekleurde gebied van Ansar Allah is ook grotendeels het kerngebied van de zaidi.

Het al straatarme land is echter nog een groot stuk armer geworden. Met de groeten van de NAVO wiens genadeloze en oerdomme agressie rampen veroorzaakt en dat niet alleen in Jemen.

Jemen is niet te veroveren

Wie de erg complexe geschiedenis van Jemen – Er was met Himyar ooit zelfs in de vierde eeuw een joods koninkrijk dat oorlog voerde met het christelijke Abessinië, nu Ethiopië – zelfs maar oppervlakkig kent weet dat het land gewoon niet te veroveren is.

Alle veroveraars, van de Abessiniers over de Romeinen, Perzen, Turken en Egyptenaren tot en met in de vorige eeuw de Britten en Saoedi’s leden er uiteindelijk nederlagen. Het terrein is wegens zijn onherbergzaamheid blijkbaar gewoon ongeschikt voor grote veroveringsoorlogen. Met een bevolking die zich ook niet zomaar laat onderwerpen.

Zaidi en al Islah

De voorspelde mislukking van het Amerikaans/Saoedisch project om Jemen te veroveren is dan ook waarheid geworden. Al sinds de oorlog begon is de militaire situatie grotendeels stabiel. Het front situeert zich grotendeels in de gebieden die voor de eenmaking in 1990 Noord-Jemen vormden met Zuid-Jemen rond de ooit Britse havenstad Aden.

Cultureel is dit ook het gebied waar de zaidische vorm van islam overheerst, een erg gematigde versie van de islam die sterk in contrast staat met de salafistische visie komende van Saoedi-Arabië. Zaidi en traditioneel soennitische moslims bezoeken in Jemen trouwens dezelfde moskee. Gemakshalve wordt zaidi door velen in de massamedia op een hoop gegooid met het Iraanse sjiïsme. Maar dat is simplistisch want er zijn grote verschillen tussen zaidi en de sjiitische versie van Iran. Alleen zijn beide regio’s ooit onder invloed geraakt van de leer van Hoessein ibn Ali, kleinzoon van Mohammed als vorm van opstand tegen de dynastie van de Oemayyaden in Damascus.

Saoedische bekeringsijver

De huidige problemen in Jemen zijn trouwens vooral ontstaan door de bekeringsijver van Saoedi-Arabië die onder meer via de al Islah partij al veel jaren poogt er het salafisme te introduceren. Veelal wordt deze al Islah omschreven als de Jemenitische afdeling van de Moslimbroederschap. Maar terwijl de Saoedi’s de oorlog verklaarden aan de Moslimbroeders wereldwijd is dat anders in Jemen. Hier financiert ze de groep.

Deze al Islah, opgericht in 1990, was trouwens ook al van bij de stichting intern verdeeld tussen meerdere fracties waaronder een pro-Saoedi-Arabië en een andere pro-al Qaida. Al Islah had ook de steun van het Westen zoals bleek toen Tawwakol Karman, een prominent lid van deze organisatie, in 2011 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg van het Noorse Parlement.

Abdul Malik al Houthi
Abdul Malik al Houthi werd in 2004 na de dood van zijn broer Hoessein Badredddin de clanleider van de Houthi in Jemen. onder zijn leiderschap groeide beweging uit tot Ansar Allah en de belangrijkste militaire en politieke kracht van het land.

En Noorwegen is toch een lid van de NAVO met als secretaris-generaal Jens Stoltenberg, de man die toen in 2011 Noors premier was. Stoltenberg was trouwens ook premier toen de Amerikaanse president Barack Obama in 2009 eveneens de Nobelprijs voor de Vrede kreeg.

Arabische Lente

Zij kreeg die prijs voor haar werk rond de zogenaamde Arabische Lente. En dat was in het geval van Jemen gewoon een voorspel voor de latere vernieling van het land. Juist zoals in Libië, Syrië en bijna gebeurde met Tunesië en Egypte. Als gevolg van de betogingen tijdens de Arabische Lente begonnen de verschillende Jemenitische partijen gesprekken voor het zoeken naar een oplossing.

Een compromis bereikt bij deze onderhandelingen – die grotendeels in handen waren van Saoedi Arabië – zorgde ervoor dat vice-president Abed Rabbo Mansour Hadi als tijdelijk president werd aangeduid en dit voor maar twee jaar. Om de schijn op te houden organiseerde men zelfs presidentsverkiezingen met echter slechts een kandidaat, Hadi. President Ali Saleh die gehaat werd door vele clans en politieke fracties in het land verdween naar de achtergrond maar behield via het leger wel een grote invloed en macht.

Nieuwe staatsstructuur Jemen

De keuze in 2012 van Hadi voor het presidentschap was geen toeval. Voor het eerst werd een niet-zaidi president van het land dit terwijl voorheen alle heersers over Jemen meer dan 1200 jaar lang tot deze zaidi-geloofsgemeenschap behoorden. Hadi was namelijk soenniet en afkomstig uit het zuiden. De bedoeling was dat het nieuwe parlement waarin al Islah nu sterk vertegenwoordigd was, een nieuwe grondwet en structuur voor het land zou uittekenen.

Al snel echter kwamen de ware bedoelingen boven drijven en van het eensgezinde front tegen president Ali Saleh bleef vlug niets meer over. De nieuwe maar tijdelijke president leek zich samen met al Islah te keren tegen onder meer de clan van de Houthi’s. Voordien hadden al Islah, de Houthi’s en separatistische politici uit de zuidelijke regio Aden tijdens de Arabische Lente nog een front gevormd tegen Saleh maar dat klapte in elkaar.

Minimi - al Qaeda - Deutsche Welle - Detail Nummers
Een detail van een minimi (wat staat voor mini mitraillette) van FN in Herstal waarmee de groep van Aboe al Abbas vecht rond de stad Taiz. De groep van Aboe al Abbas is zoals ze zelf toegaven een onderdeel van al Qaida op het Arabisch Schiereiland en staat sinds 2017 op de terreurlijst van de VS. Zijn groep werd door de regering van president Hadi – die doet wat de Saoedi’s vragen want hij leeft er in ballingschap – opgenomen in hun regeringsleger. Bovendien beschikt ze ook over Amerikaanse gepantserde voertuigen. Deze wapens werden geleverd aan de Verenigde Arabische Emiraten en dan doorgegeven richting al Qaida. Amnesty International zei geen bewijzen te hebben over Belgische wapens bij al Qaida. (1)

Houthi’s in het noorden van Jemen

De Houthi’s wonen in het aan Saoedi-Arabië grenzende noorden met de provincies Amran en Saada als kerngebied en geraakten rond 2000 onder politieke invloed van de Libanese groep Hezbollah. Vermoedelijk zocht de clan van de Houthi’s een tegengewicht tegen de groeiende Saoedische invloed.

De Houthi’s verweten Saleh immers dat hij een pion was van het Huis van Saoed, Israël en de VS. Waarna de groep in 2004 in een gewapend conflict raakte met het Jemenitisch leger van Ali Saleh. Waarbij hun leider Hoessein Badreddin al Houthi dat jaar bij gevechten met het leger om het leven kwam. De clanleider is nu diens broer Abdel Malik al Houthi.

Toen de nieuwe voorlopige regering van president Hadi in het kader van de hervormingen de provinciegrenzen wou hertekenen raakte men in de problemen. Men stelde immers voor het gebied van de Houthi’s in stukken te hakken en de zeer dun bevolkte provincie Hadramaut met zijn olie te bevoordelen. Een totale marginalisering van de Houthi dreigde.

Geboorte Ansar Allah

En ondanks verzet van de Houthi’s kreeg Hadi in 2014 voor een jaar een verlenging van zijn mandaat. Waarna de opstand van de Houthi steeds grotere vormen aannam. Mede als gevolg van de drastische verhoging van de benzineprijs door de regering Hadi. Het eigenaardige is dat de Houthi er daarbij in slaagden bijna alle noordelijke clans achter zich te krijgen.

Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de Saoedi’s niet bepaald geliefd zijn bij de doorsnee Jemeniet. In de jaren dertig van de vorige eeuw vielen de Saoedi’s immers Jemen aan waarbij deze na vredesgesprekken er in slaagden om twee Jemenitische provincies voor dertig jaar te leasen. Tot woede van Jemen weigerden de Saoedi’s die achteraf echter terug te geven.

Samenwerking Jemenitische leger van Saleh met Houthi’s

En toen ook het leger, dat nog steeds in handen was van de vorige president Ali Saleh, de opstand tegen Hadi begon te steunen lag de hoofdstad Sanaa in het handbereik van de Houthi’s. En wat ooit een van de zovele Jemenitische clans was werd geleidelijk omgevormd tot Ansar Allah, letterlijk vertaald Fans van God. Een beweging die de clans overstijgt en volgens bronnen zelfs ook buiten de zaidi rekruteert.

Pro-Saoedische Al Islah-partij

De enige serieuze clan die op dit ogenblik vecht tegen Ansar Allah is die van generaal Ali Mohsen al Ahmar, topman van de clan al Ahmar en vice-president onder Hadi. Deze clan lag ook mee aan de basis van de creatie van al Islah, samen dan met aanhangers van al Qaida en de Moslimbroeders.

Minimi - al Qaeda - Deutsche Welle - brief Charles Michel
Toen de makers van de door Deutsche Welle uitgezonden documentaire aan premier Charles Michel vragen wilden stellen over wapenleveringen door FN uit Herstal aan al Qaida in het Arabisch Schiereiland in Jemen was dit het antwoord. Diezelfde groep was ook verantwoordelijk voor de bijna gehele uitroeiing van de redactie van Charlie Hebdo in Parijs. Dit zorgde toen voor een massale betoging waar ook Charles Michel bij aanwezig was. Toen had hij wel tijd.

Ze werd vanaf haar stichting ook duchtig gefinancierd door de al Saoedi’s, zelfs al is er officieel een open vijandschap van de al Saoed met de Moslimbroeders. Hier echter niet. Het toont dat dit hier geen soort religieuze oorlog is maar louter een om de macht.

Ahmar-clan leed zware nederlaag

De Ahmar-clan leed echter bij de opmars van Ansar Allah naar Sanaa een zware nederlaag en het ontbreekt haar op dit ogenblik duidelijk aan slagkracht. Ze opereert nu vanuit de provincie Marib gelegen ten oosten van het Jemenitische kerngebied rond de hoofdstad Sanaa. Zonder echter veel vooruitgang te boeken. Ondanks de vermoedelijk grote steun vanuit Saoedi Arabië.

Het feit dat het Saoedische leger in het grensgebied met Jemen amper vooruitgang boekt toont de zwakheid van dat leger. Het is trouwens ook zo voor haar bondgenoten van al Islah, zowel in de regio rond Aden en Taiz als elders. Zonder de vele duizenden huurlingen uit onder meer Soedan en de westerse steun zou Saoedi-Arabië vermoedelijk zelf het slachtoffer zijn van een invasie van Ansar Allah.

Al Qaeda terroristen verkleed cals vrouw - opgepakt in Sanaa - Juli 2015
Om te ontsnappen aan de troepen van Ansar Allah hadden deze leden van al Qaida zich vermomd als vrouwen. Tevergeefs.

Australische generaal-majoor

Het uitgelekte verhaal dat de VS in het naburige Oman gesprekken voert met de Houthi moet in Riaad dan ook alarmbellen hebben doen afgaan. Velen in de VS willen immers af van deze alleen voor Saoedi-Arabië nuttige oorlog die ook gezien zijn brutaliteit in de VS weinig populair is.

En dan is er de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) die in deze oorlog officieel in een coalitie zitten met de Saoedi’s. Maar hun leger vecht al sinds 2018 tegen de pro-Saoedische milities. Hun luchtmacht staat onder leiding van de Australische generaal-majoor buiten dienst Michael Simon Hindmarsh, die bovendien ook hoofd is van de presidentiële wacht van de VAE.

Greep van het Westen op oorlog in Jemen

Het toont de ijzersterke greep van het Westen over deze oorlog. Want zonder Amerikaanse technische hulp zou vermoedelijk ook amper een Saoedisch vliegtuig kunnen opstijgen. Trekt de NAVO zich hier terug dan zal deze oorlog waarschijnlijk snel stoppen. Zo zijn er de door Frankrijk gebouwde en onderhouden oorlogsschepen die er de blokkade helpen in stand houden. Zonder Frans onderhoud varen die naar nergens.

Maar van de originele alliantie tussen de de VAE en Saoedi Arabië is niets meer overgebleven. Zo is er deze zomer een open oorlog uitgebroken tussen beiden voor de controle over de zuidelijke provincies rond de havensteden Aden, Mukalla – een oliehaven – en Zanjibar. Een oorlog waarbij de VAE aan de winnende hand is.

Separatisme in Zuid-Jemen

Deze oorlog entte zich immers op een ander Jemenitisch conflict namelijk die voor de controle over de havenstad Aden tussen de regering in Sanaa en separatisten van de Zuidelijke Overgangsraad.

De hereniging van Noord en Zuid-Jemen in 1990 heeft in de regio om Aden onder separatisten veel wrok veroorzaakt. Waarbij zij nog steeds woest zijn over het verraad van Abed Rabbo Mansour Hadi die om vice-president te worden als man van het zuiden de kant kost van Ali Saleh. Zoals men ook kwaad is op al Islah die eveneens meewerkte aan het onderdrukken van hun nationalistische aspiraties.

Emiraten benutten verdeeldheid

Van die tegenstellingen maakt de VAE nu gebruik om haar slag te slaan en zich meester te maken van de havens aan de Indische Oceaan. Zo bombardeerde de VAE met zijn Australische generaal-majoor deze maand zelfs de posities van de pro-Saoedische al Islah en de aanhang van Hadi rond de havenstad Aden. Waarna die Aden en omgeving  moesten ontvluchten.

Hongersnood - Stervend kind
De levensomstandigheden van de meerderheid van de Jemenieten is verschrikkelijk en een gevolg van de door onder meer België gesteunde Saoedische militaire interventie. Waarbij de door de VN mee georganiseerde blokkade van het land de toestand nog erger maakt. Dit kind raakte nog in een hospitaal wat van velen niet kan gezegd worden.

Blokkade van Jemen met steun van het Westen

Met andere woorden: De chaos in Jemen is nu compleet en dat is denkbaar ook wat de VS en Israël willen, een vernield, amper bestuurbaar land. Het land kreunt immers niet alleen onder de bombardementen en de oorlog in het algemeen maar ook onder een met steun van het Westen georganiseerde blokkade. Westerse oorlogsbodems bewaken immers mee de Jemenitische kust en havens en niets geraakt zonder hun toestemming door.

Het gevolg is een humanitaire ramp die nog erger is dan die in Syrië of elders. Het land was in de Arabische wereld reeds het armste en wordt nu met steun van de NAVO nog verder in de put geduwd. Hoeveel doden dit al veroorzaakte is niet bekend. Hier geen door Westerse media opgeblazen cijfers over het aantal doden zoals in Syrië maar veelal stilzwijgen.

Belgische wapens voor al Qaida in Jemen

En dan zijn er ook nog al Qaida van het Arabisch Schiereiland – de slachters van de redactie van het tijdschrift Charlie Hebdo – en IS in Jemen. Vooral al Qaida staat hier relatief sterk en zit tegenwoordig in een coalitie met de VAE. Zo krijgt al Qaeda via de VAE wapens uit alle mogelijke Europese landen toegestopt waaronder minimi ’s van het Belgische overheidsbedrijf FN met de Waalse regering als eigenaar. En dit zonder dat er over die uitvoer naar de VAE en zo al Qaida al veel protest is geweest.

Yugo-Kru-Rev-PL-82mm-HE-GXX_10500ea[1]
Alliant Technologies bestelde hier 7,5 ton mortieren, goed voor 10,500 stukken bij wapenfabrikant Krusik in de Servische stad Valjevo. Deze raakten naderhand bij IS in Jemen. Alliant Technologies is tegenwoordig een onderdeel van de wapenfabrikant Northrop Grumman. Het is naast Sierra Four Industries, Global Ordnance en UDC een van de vier firma”s die van het Pentagon niet-Amerikaanse wapens mogen kopen en verkopen aan derden. Hier betrof de bestemmeling officieel het Afghaanse leger.
Alhoewel die verkopen goed gedocumenteerd zijn en dus een publiek geheim weigeren de klassieke media dit te schrijven. Hetzelfde voor Amnesty International, dat ook hier een dubieuze rol speelt. Toen ze over die zaak een persbericht verspreidden, hadden ze het alleen over door België bewapende ‘extremistische groepen’. Over al Qaida of IS zwegen ze.

“Geen bewijzen”

Hierover ondervraagd wist de woordvoerder van deze ngo alleen maar te zeggen dat ze hiervoor geen bewijzen hadden. Het vermelden van al Qaida in plaats van het vage ‘extremistische groepen’ had hun persbericht normaal nochtans veel meer weerklank gegeven. Maar ja, dat zouden de Britten en de NAVO natuurlijk niet graag zien gebeuren. En dus de omerta dan maar?

Bij de recente Waalse regeringsvorming was die wapenuitvoer naar Saoedi-Arabië een groot heikel punt met Ecolo die hier wou scoren. Het werd voor zover bekend niets. En over het door de vorige Waalse minister-president Willy Borsu (MR) beloofde onderzoek naar die export hoort men ook niets meer. Het onderzoek krijgt blijkbaar een heel mooie begrafenis.

Amerikaanse wapens voor IS in Jemen

Maar er is niet alleen het vooral ten oosten van de stad Taiz actieve al Qaida. Ook het iets noordelijker opererende IS toont er zijn krachten en zou volgens berichten ook hier in gewapend conflict liggen met al Qaida. En deze heeft zo te zien evenmin een tekort aan wapentuig.

Uit recente openbaar geraakte Servische documenten blijkt IS zich vooral vanuit Servië te bewapenen. Vliegtuigladingen vol met onder meer mortiergranaten vlogen vanuit een Amerikaans depot in Kroatië tientallen tonnen mortieren van de Servische wapenfabrikant Krusik richting IS. Daarbij gebruikte men de Azerbeidjaanse luchtvaartmaatschappij Silk Way die voorheen ook al door de VS en de Saoedi’s gekochte Bulgaarse wapens leverden aan ISIS in Irak. (2)

IS Jemen - Krusik-Wapencontract Alliant Techsystems - p 2 - 2017
Hier een pagina van een eerder contract van 11 november 2017 met meer details over de levering van die mortieren. Het verhaal lekte enkele weken geleden uit. Geen reactie in de Amerikaanse massamedia en politiek. Amerikaanse wapenleveringen aan IS is geen nieuws hier. Alliant Technologies is een directe dochter van ATK Orbital dat dan weer een dochter is van Northrop Grumman.

Simpele truc

De truc is simpel. Het Pentagon bestelt bij Krusik wapens die officieel bestemd zijn voor het Afghaanse leger of de nationale politie. Het betreft een programma van het Pentagon, waarbij het niet-Amerikaanse wapens voor derden koopt. Materiaal dat niet geschikt is voor het Amerikaanse leger maar elders door bondgenoten gebruikt wordt. Allemaal officieel en legaal dus. Ogenschijnlijk.

De waarheid kwam aan licht toen IS in Jemen een propagandafilmpje online zette waarin zie fier haar wapenarsenaal toonde met o.m….. die Servische mortieren die eerder in de lente van 2018 door de VS waren aangekocht.

IS Jemen - Met mortieren 82MM M74 HE - Krusik Servië - 1
Op 27 juli 2019 plaatste IS in Jemen een propagandafilmpje online waarin te pronkten met hun vele wapens waaronder deze Servische mortieren. Vermoedelijk konden ze in Washington er niet om lachen dat hun militaire samenwerking op die wijze openbaar kwam. En dus zweeg Washington.

Het vliegtuig met die wapens aan boord vertrekt als afgesproken richting Afghanistan maar verliest bij het bijtanken op een van de vele Amerikaanse luchtmachtbasissen in de regio blijkbaar haar vracht. En wie zal het controleren?

Trouwens, ook al Qaida krijgt Amerikaanse wapens. Zo beschikt de aan al Qaida gelieerde groep van Aboe al Abbas over Amerikaanse voertuigen en wapens. Zelfs al staat hij officieel sinds 2017 op de terreurlijst van Washington. Maar geen zorg: Officieel maakt die groep ook deel uit van het nationale Jemenitische leger van president Hadi.

Patrick Cammaert in Hodeidah

En ondertussen is de oorlog zoals vooraf vermoed vastgelopen. De hoop om de havenstad Hodeidah op Ansar Allah te veroveren is mislukt. Na vele maanden van strijd was men tot vlakbij die haven geraakt, het knooppunt via welke internationale hulporganisaties zoals het Rode Kruis aan het land hulp leveren.

Men bereikte een staakt-het-vuren en poogde via de VN generaal Patrick Cammaert, een officier van NAVO-land Nederland, te sturen om het bewind er over te nemen. Een nieuwe Karremans en met ditmaal Hodeidah als het vervloekte Srebrenica?

Het idee was duidelijk om zo de Houthi’s verder te verzwakken door die internationale hulpverlening onder nog sterkere Westerse controle te plaatsen. Heel vermoedelijk om ook zo via die haven troepen en wapens aan te voeren voor een aanval op Sanaa.

Ansar Alah had het door

Ansar Allah had het echter door en hapte niet toe. Bovendien trokken de VAE vorige maand hun troepen hier terug, zodat ook dit front in elkaar klapte. Ondertussen gebruikt Ansar Allah nu ook bewapende drones om strategische doelwitten zoals de olie-industrie, luchthavens, legerbasissen en ontziltingsinstallaties in Saoedi-Arabië aan te vallen. Poets wederom poets.

De vraag hier is dan ook hoeveel tienduizenden doden er nog moeten vallen voor de NAVO hier stopt met deze oorlog. Want zonder de NAVO is Mohammed bin Salman, de Saoedische kroonprins en sterke man, machteloos. Zijn leger is immers ondanks de gigantische wapenaankopen waardeloos. Moest Iran het land aanvallen dan zou het zonder Westerse steun mogelijk op minder dan een maand geheel veroverd zijn.

Dit verhaal toont echter niet alleen de gewetenloosheid en barbaarsheid van de NAVO maar ook dat de westerse strijd tegen IS en al Qaida een schertsvertoning is. Om over na te denken bij de recente herdenking van de aanval op het World Trade Center in New York van 11 september 2001 en zijn 3.000 doden.


Noten

1) – Deutsche Welle, Kersten Knipp, 29 november 2018. https://www.dw.com/en/yemen-the-devastating-war-waged-with-european-weapons/a-46515199?fbclid=IwAR1UF3Mdn8n30UHn1CXZcZWvob8CK-C5ehcXq4dQE3wdoqFoUs3DjT3haiU,

– Deutsche Welle, ARIJ, 4 december 2018. https://www.youtube.com/watch?v=tkUv2R97I-Y&feature=youtu.be,

2) Arms Watch, Dilyana Gaytandzieve, 1 september 2019, Islamic State weapons in Yemen traced back to US Government: Serbia files. http://armswatch.com/islamic-state-weapons-in-yemen-traced-back-to-us-government-serbia-files-part-1/. Dit is de link voor deel 1. Deel 2 is via een link in dit artikel verder te lezen.

Posted on

‘Locked and loaded’ – Bolton is weg, maar zijn geest waart nog door Witte Huis

Bolton mag dan weg zijn uit de West Wing, maar zijn geest waart er nog rond schrijft de Amerikaanse paleoconservatieve publicist Pat Buchanan. Dat blijkt wel uit het feit dat de Amerikaanse regering prompt Iran beschuldigde na de aanval op Saoedische oliefaciliteiten. 

“Iran heeft een ongeziene aanval uitgevoerd op de energievoorraad van de wereld”, zo verklaarde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo. Pompeo zette Amerika’s geloofwaardigheid op het spel door Iran te beschuldigen van een verwoestende aanval op Saoedische oliefaciliteiten die de halve olieproductie van het land tot stilstand bracht, 5,7 miljoen vaten per dag.

“Locked and loaded”

Afgelopen zondag identificeerde president Donald Trump Iran weliswaar niet als de aanvaller, maar leek hij in een tweet zijn minister wel bij te vallen: “Er is reden om aan te nemen dat we de dader kennen. We zijn locked and loaded afhankelijk van verificatie, maar wachten op bericht van het koninkrijk [Saoedi-Arabië] over wie zij menen dat er achter de aanval zat en wat we vervolgens zullen doen!”

Houthi-rebellen gebruikten al eerder drones

De Houthi-rebellen uit Jemen, die al vier jaar in gevechten verwikkeld zijn met Saoedi-Arabië en al eerder drones gebruikten om aanvallen uit te voeren op een Saoedische luchthaven en andere oliefaciliteiten, stellen dat zij 10 drones de lucht in stuurden vanaf 500 kilometer op de aanvallen uit te voeren als wraakoefening voor Saoedische luchtbombardementen en raketaanvallen.

“Maximale misleiding”

Pompeo wees dit van de hand: “Er is geen bewijs dat de aanvallen uit Jemen kwamen.” Maar terwijl de Houthi’s de aanval opeisen, ontkent Iran iedere verantwoordelijkheid. De Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Mohammad Javad Zarif zegt over Pompeo’s beschuldiging, dat de VS simpelweg een beleid van ‘maximale druk’ vervangen heeft door een beleid van ‘maximale misleiding’. Teheran zegt kortom dat Washington liegt.

Casus belli

En een directe aanval op Saoedi-Arabië door Iran, een soort Pearl Harbor-achtige verrassingsaanval op de cruciale olieproductiefaciliteiten van de Saoedi’s, zou een casus belli zijn voor Saoedi-Arabië. Dit zou leiden tot een oorlog rond de Perzische Golf, waaraan de VS wel zou moeten deelnemen. Dat Teheran achter de aanval van zaterdag zou zitten, zou ingaan tegen het Iraanse beleid sinds de VS zich terugtrok uit het atoomakkoord. Dat beleid was om een militaire confrontatie met de VS te vermijden en te streven naar een afgepaste reactie op verzwarende Amerikaanse sancties.

Onderzoek projectielen

Amerikaanse en Saoedische functionarissen onderzoeken momenteel de plaatsen van de aanvallen, de olieproductiefaciliteit bij Abkaik en het Khurais-olieveld. Volgens Amerikaanse bronnen werden in totaal 17 raketten of drones afgevuurd, niet de 10 waarover de Houthi’s spreken. Ook zouden er mogelijk kruisraketten gebruikt zijn. Sommige doelen zouden vanuit het west-noordwesten getroffen zijn, wat zou suggereren dat de aanval uit het noorden kwam, vanuit Iran of Irak. Volgens de New York Times werden sommige doelen echter vanuit het westen getroffen, wat weer niet op Iran of Irak als bron wijst. En aangezien sommige projectielen niet ontploften en fragmenten van die projectielen die wel ontploften te identificeren zijn, zou het slechts een kwestie van tijd moeten zijn om de bron van de aanvallen vast te stellen.

Pompeo wilde onderzoek niet afwachten

En dat is het moment waarop er werkelijk iets te verifiëren valt. Pompeo heeft daar echter niet op willen wachten. Gezien zijn publieke beschuldiging dat Iran achter de aanval zat, zal de voorgenomen ontmoeting van Trump met de Iraanse president Hassan Rouhani bij de algemene vergadering van de Verenigde Naties volgende week wel niet doorgaan.

Vallen de VS straks Jemen, Iran of Irak aan?

De echte vraag is nu wat de Amerikanen doen wanneer de bron van de aanval bekend is en de vraag naar een gepaste reactie direct voorgelegd wordt aan onze ‘locked-and-loaded’ president. Als de Houthi’s de daders waren, hoe zal Trump dan reageren? Want de Houthi’s, die inboorlingen van Jemen zijn en wier land al vier jaar onder de aanvallen van de Saoedi’s lijdt, lijken onder het oorlogsrecht in hun recht te staan om tegenaanvallen te lanceren tegen het land dat hen aanvalt. Daarbij heeft het Congres [het Amerikaanse parlement] herhaaldelijk geprobeerd om Trump ertoe te brengen om de Amerikaanse steun aan de Saoedische oorlog in Jemen te beëindigen.

Als de aanval op het Saoedische olieveld en oliefaciliteit bij Abkaik het werk blijkt te zijn van sjiitische milities uit Irak, gaan de VS dan die milities aanvallen, wier aantal geschat is op mogelijk tot 150.000 strijders? Dit afgezet tegen de 5.000 Amerikaanse militairen in Irak?

Schade voor de wereldeconomie

En wat als het Iran zou zijn? Als een dozijn drones of raketten het soort schade aan de wereldeconomie kan doen, als die van zaterdag – het platleggen van zo’n 6 procent van de wereldwijde olieproductie – stel je dan eens voor wat een oorlog tussen de VS, Saoedi-Arabië en Iran zou doen met de wereldeconomie.

In de afgelopen decennia heeft de VS wapentuig ter waarde van honderden miljarden dollars verkocht aan de Saoedi’s. Gingen die verkopen gepaard met een garantie dat we ook mee zouden komen vechten als het land in een oorlog met zijn buren verzeild raakt?

Oorlogspartij VS staat te popelen, maar volk wil niet nog een oorlog

En zou Trump langs het congres gaan om autorisatie te krijgen voor zijn oorlogshandeling voor hij een aanval op Iran beveelt? Senator Lindsey Graham dringt reeds aan op een aanval op de olieraffinaderijen van Iran om “de ruggengraat van het regime te breken”. Senator Rand Paul stelt echter dat er “geen reden is waarom de supermacht van de Verenigde Staten Iran zou moeten gaan bombarderen.” Verdeeld kortom: De Oorlogspartij staat te popelen van enthousiasme over het vooruitzicht van oorlog met Iran, terwijl het volk niet nog een oorlog wil. Het wordt echter moeilijk om te zien hoe we een oorlog nog kunnen vermijden. John Bolton mag dan vertrokken zijn uit de West Wing, zijn geest waart er nog rond.

Posted on

De reden voor de heisa rond Huawei

De ganse heisa rond Huawei heeft niets te maken met spionage maar gewoon met het feit dat de VS geleidelijk aan de controle over de telecom en de digitale wereld aan het verliezen is aan Chinese bedrijven als Huawei.

Toch merkwaardig die Britse veiligheidsdiensten. Dankzij Edward Snowden weten wij dat de Britse veiligheidsdiensten, vooral dan GCHQ, in samenwerking en zelfs eerder op vraag van het Amerikaanse National Security Agency wereldwijd iedere computer, ordinaire telefoonlijn en smartphone afluisteren als ze dat willen en dat ook op gigantische schaal doen.

Zoals toen bleek dat de Britten ingebroken hadden in het telefoonsysteem van ons aller Proximus. Zonder twijfel een criminele daad die echter, zo hoort het in dat milieu, ongestraft blijft. Herinner de slogan van Ian Fleming/James Bond: ‘License to kill’.

Huawei

En dan komt zaterdag in De Morgen in het stuk ‘Rusland wel in zee met Huawei’ een zekere Ian Levy van het Cyber Security Centre, een Britse regeringsinstelling, zo te zien zonder gêne of opmerking vanwege die krant ons vertellen dat de beveiliging van de apparaten van Huawei, de Chinese producent van telecomapparatuur, rammelt.

Bewijzen daarvoor levert hij natuurlijk niet. En mede daarom zijn zijn beweringen waardeloos. Een Belgisch topspecialist van de veiligheidsdiensten stelde mij ooit dat je hen niet kan vertrouwen. “Ze vertellen je een verhaal en als je ontdekt dat dit gelogen is komen ze af met een nieuw verhaal, enzovoort. De echte waarheid kom je nooit van hen te weten”, aldus de expert.

Inlichtingendiensten

En de geschiedenis leert dat ook. Waarom hebben regeringen anders steeds meerdere inlichtingendiensten ter beschikking. Simpel. Ze kunnen zo de andere(n) immers beter in de gaten houden. Een geheime dienst mag nooit te machtig zijn. De VS heeft er naar schatting 27 verschillende. Ook België bezit trouwens meerdere officiële diensten die inlichtingen verzamelen. De private sherlocks niet te vergeten.

De ganse heisa rond Huawei heeft niets te maken met spionage maar gewoon met het feit dat de VS geleidelijk aan de controle over de telecom en de digitale wereld aan het verliezen is aan Chinese bedrijven als Huawei. Zeker met de nieuwe technologieën die eraan komen. En dit wil de VS met bruut geweld – het bedreigen van regeringen als ze die Chinese technologie kopen kan je moeilijk anders omschrijven – voorkomen.

Spionage

Uiteraard spioneert China in het buitenland. Dat is de logica waaraan iedereen voldoet. Bedrijf A dat met bedrijf B zaken wil doen zal toch ook eerst eens informeren of B wel betrouwbaar is. En wat is spioneren anders dan het verzamelen van informatie over vriend en vijand?

Huawei-Logo
Als we de Amerikaanse regering en hun Europese vrienden moeten geloven is Huawei het nieuwe Gele Gevaar.

In die zin zijn diplomaten eveneens spionnen want via hun contacten in het gastland verzamelen zij inlichtingen. Het is zelfs hun voornaamste taak. Hetzelfde voor journalisten die dag in dag uit niets anders doen. Lees het stuk over de Witte Helmen. Ook ik ben dus een ‘spion’. Ik beken.

NSO Group

Recent bleek nog dat de Brits-Israëlische NSO Group, tegenwoordig onderdeel van het Britse Novalpina Capital, technologie verkoopt waarmee men alle berichten die iemand via WhatsApp  verstuurt, eigendom het Amerikaanse Facebook, kan meelezen. In die zin is het verhaal van Ian Levy over Huawei en haar ‘rammelende’ technologie voor de Britten, Israëli’s en Amerikanen een goede zaak.

Ze kunnen, als die bewering van Ian Levy natuurlijk klopt, erg gemakkelijk meekijken en -luisteren. Maar of dat waar is is natuurlijk verre van zeker. Want wie gelooft die spionagediensten? Vele journalisten hebben er zo te zien geen probleem mee. Regeringen, zoals de geschiedenis ons leert, blijken er wel meer argwaan over te hebben.

Het Verenigd Koninkrijk

Zie ook het Verenigd Koninkrijk waar politici en hun spionnen openlijk ruziën over Huawei en de vermeende spionage van China. Met de veiligheidsdiensten  die grosso modo zeggen: Oppassen. Een visie die gezien de al decennia oude intense samenwerking met de Amerikaanse collega’s van CIA en NSA logisch te noemen is.

En waarbij in de Britse regering de minister van Defensie waarschuwt voor Huawei en de minister voor Buitenlandse Handel stelt dat er niets aan de hand is. De ene minister die overal in de wereld aan zoveel mogelijk landen, en zeker een economische grootmacht als China, op grote schaal Britse producten wil verkopen.

Buitenlandse politiek

En diens collega op Defensie die nog steeds denkt dat men alleen samen met de VS baasje over de wereld kan spelen. Een nu totaal versleten idee ontstaan in 1940. Met andere woorden: Deze discussie heeft niets met veiligheid te maken maar met buitenlandse politiek. De vraag is: Hoe slaafs wil men zijn ten overstaande van de VS?

Gezien de openlijk vijandige houding van Washington tegenover de EU lijkt een samenwerking met China, en Rusland, niet alleen gewenst maar zelfs essentieel. We hebben nu eenmaal een gezamenlijke vijand. Zo simpel is dat. In de jaren dertig van vorige eeuw voerden de Britten zoals nu een vijandige politiek tegenover de Sovjetunie. Tot men in 1941, te laat, besefte dat beiden een gezamenlijke vijand hadden: Hitler.

Posted on

Veroordeling terugkerende jihadisten vaak moeilijk

De terugkeer van jihadisten vanuit Syrië naar West-Europa bergt grote veiligheidsrisico’s in zich. Veroordeling blijkt vaak moeilijk. En na een gevangenisstraf kunnen jihadisten, na een paar jaar als slapende cel, opnieuw geactiveerd worden voor terroristische activiteiten.

Naar schatting zo’n 40.000 personen uit de hele wereld zouden als jihadist naar Syrië zijn getrokken. Zo’n 2.000 uit kwamen er uit de Russische Federatie. Uit West-Europa kwamen er circa 4.500, waarvan 1500 uit Frankrijk, 850 uit het Verenigd Koninkrijk en 400 uit België. Van de 980 jihadisten uit Duitsland werden er 170 gedood, een derde van de overlevenden keer inmiddels terug. Tegenwoordig bevinden er zich nog 66 Duitse staatsburgers in Koerdische gevangenschap, tegen 18 is een Duits arrestatiebevel uitgevaardigd. Hun uitlevering vindt geen doorgang, omdat er geen uitleveringsverdrag is en de Koerdische junta weliswaar feitelijk macht uitoefent in delen van het noordoosten van Syrië, maar niet als staat erkend is. Het risico bestaat dat er IS-strijders ongecontroleerd vrijkomen.

Internationaal tribunaal

Verschillende landen roepen nu dan ook op tot vervolging door een tribunaal van de Verenigde Naties. Ook Zwitserland pleit voor een internationaal strafhof, maar dan wel ter plaatse. Frankrijk liet dit idee inmiddels varen uit zorg dat gevaarlijke jihadisten daar vrijgelaten zouden kunnen worden. Behalve Engeland maken de meeste landen geen haast. De terugkeerders zouden met het vliegtuig teruggehaald moeten worden, er is zelfs sprake van een internationale luchtbrug. Zwitserland wijst dit actieve terughalen als enige af. “Ze hebben de weg naar Syrië gevonden, dan moeten ze de weg terug ook maar zien te vinden”, aldus een expert van de federale overheid tegenover Novini.

http://www.novini.nl/laat-internationale-jihadisten-gewoon-door-syrie-berechten/

Arrestatiebevel

Anders dan Engeland, Frankrijk en België die de opname van hun staatsburgers afwijzen, staat Zwitserland iedere Zwitser de inreis toe. Ook de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Heiko Maas stelt: “Deze personen kunnen alleen dan naar Duitsland komen, wanneer vastgesteld is dat ze onmiddellijk in hechtenis gekomen kunnen worden.” Dat kan Maas wel zeggen, maar Duitsland is internationaal-rechtelijk verplicht zijn staatsburgers toe te laten, ook als ze in het buitenland misdaden hebben gepleegd. Een arrestatiebevel vereist concrete bewijzen. Om deze te verzamelen is dikwijls bijzonder lastig. Volgens een uitspraak van het Duitse Bundesgerichtshof is het blote feit van verblijf in IS-gebied niet voldoende voor strafvervolging. Mede daarom maken Duitse overheidsinstanties geen haast met de repatriatie.

Intrekken staatsburgerschap

Voor het intrekken van staatsburgerschap is in Zwitserland een veroordeling nodig. Het intrekken van staatsburgerschap gebeurt in Europese landen doorgaans echter alleen als er sprake is van dubbel staatsburgerschap. De conventie is immers dat niemand stateloos gemaakt mag worden. Zodoende was de uitzondering die de Britse regering onlangs maakte ook omstreden. Londen koos ervoor Shamima Begum, een in Engeland geboren vrouwelijke IS-strijder van Bangladeshi afkomst het staatsburgerschap te ontnemen, waarop zij stateloos werd. Bangladesh wil haar ook niet opnemen.

Bewijzen

Mannelijke jihadisten waren vaak in IS-propagandavideo’s te zijn met vermoorde slachtoffers. Beelden die nu gebruikt kunnen worden voor het opbouwen van een zaak. Niet zelden zijn hun stemmen te identificeren. Terugkerende jihadisten die zich onschuldig voordoen, zijn vaak toch als strijders te herkennen aan het eelt op de vinger waarmee ze de trekker overgehaald hebben.

Vrouwen, die een vijfde van de jihadisten uit Duitsland uitmaken, waren minder vaak te zien in video’s. Eerder strafzaken hebben echter reeds bewezen dat ook zij in trainingskampen vaak onderwezen werden in het gebruik van automatische vuurwapens en dat ze aan publieke executies deelnamen. Wanneer directe betrokkenheid bij een misdaad niet te bewijzen valt, zijn ze voor IS-lidmaatschap of ondersteuning van een terroristische organisatie nog tot enkele jaren gevangenisstraf te veroordelen.

Laatste bolwerk ontmanteld, strijd gaat voort

Ofschoon onlangs na bijna vijf jaar ook het laatste bastion van IS in Syrië, in het dorp Baghouz ontmanteld kon worden, betekent dit niet dat IS zijn strijd op zal geven. IS-leider Abu Bakr al-Bagdadi, op wiens hoofd de VS een beloning van 25 miljoen dollar hebben gezet, zou in Irak ondergedoken zijn. In een audioboodschap riep hij op tot nieuwe aanslagen in het Westen, met “bommen, messen en auto’s”.

Surveillance

Zoals te verwachten verklaren veel jihadisten zich bij arrestatie voor onschuldige slachtoffers. De meesten lijken echter onverbeterlijk te zijn – de moorddadige ideologie leeft dikwijls voort. In Zwitserland verklaarde het verantwoordelijke department onlangs: “de terroristische dreiging in Zwitserland blijft verhoogd.” Natuurlijk zal een veroordeelde IS-strijder ook buiten de gevangenis in de gaten gehouden worden, zo licht een overheidsexpert toe. Maar volledige toezicht vereist zo’n 30 personen per geval, dat kan geen West-Europees land in alle gevallen opbrengen.

Slapercellen

Al met al is de kans groot dat niet weinig jihadisten zich na een paar jaar gevangenis uiterlijk hervormd voor zullen doen, om vervolgens twee of drie jaar een normaal leven te leiden, waarna ze opnieuw ingeschakeld kunnen worden voor aanslagen.

Posted on

Strafhof zwicht voor intimidatie VS

Er komt geen strafrechtelijk onderzoek naar oorlogsmisdaden in Afghanistan. Tot genoegen van de VS, die al sinds 2002 bedreigingen uiten aan het adres van het Internationaal Strafhof in Den Haag. Afrikaanse landen zien vermoeden bevestigd: Strafhof is neokoloniaal instrument.

De rechters van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag hebben het verzoek afgewezen van de hoofdaanklaagster, de Gambiaanse Fatou Bensouda, om een strafrechtelijk onderzoek te beginnen naar misdaden begaan tijdens de oorlog in Afghanistan door de Taliban, het Afghaanse leger en de Amerikanen die in 2001 het land binnenvielen. Dit ondanks het feit dat ook de rechters aannemen dat er misdaden zijn gepleegd.

Vaagheid

De redenen die de rechters aanvoeren voor hun afwijzing van een strafrechtelijk onderzoek blinken uit in vaagheid. Zij voeren aan dat het voorbereidende onderzoek van Bensouda te lang heeft geduurd, dat “de politieke situatie inmiddels is veranderd” en dat ze verwachten dat betrokken partijen te weinig medewerking zullen verlenen.

Intimidatie

Het heeft er alle schijn van dat de rechters van het Strafhof gezwicht zijn voor intimidatie van de VS. De Nationaal Veiligheidsadviseur John Bolton van de regering Trump dreigde in september vorig jaar met strafmaatregelen mocht het Strafhof een strafrechtelijk onderzoek instellen naar de betrokkenheid van Amerikanen bij oorlogsmisdaden tijdens de oorlog in Afghanistan, of naar mogelijke misdaden van Israël of een andere bondgenoot. Personeel van het Strafhof zou door Amerikaanse rechtbanken worden vervolgd, hun banktegoeden zouden worden bevroren en ze zouden de VS niet meer inkomen. En niet alleen zij, maar elk bedrijf of land dat het Strafhof bijstaat in onderzoek naar Amerikanen, Israëliërs of andere bondgenoten van de VS zou worden gestraft. “We zullen het Strafhof rustig laten sterven,” voegde Bolton daaraan toe. “In praktisch alle opzichten is het Strafhof voor ons immers toch al dood.”

The Hague Invasion Act

Aan die bedreiging van Bolton voorafgaand, in 2002, het jaar waarin het Strafhof haar deuren opende, namen de VS een wet aan, The American Service-Members’ Protection Act, bijgenaamd The Hague Invasion Act, die de Amerikaanse president machtigt met alle middelen, zo nodig met geweld, personen te bevrijden die door of namens het Internationaal Strafhof in Den Haag gevangen worden gehouden.

http://www.novini.nl/eric-van-de-beek-bij-cafe-weltschmerz-over-the-hague-invasion-act/

Dat het niet bij bedreigingen blijft, maakten de VS begin april van dit jaar duidelijk door het visum van Bensouda in te trekken, zodat zij de VS niet meer inkomt. Dit terwijl op dat moment de rechters van het Strafhof nog geen besluit hadden genomen over haar verzoek een strafrechtelijk onderzoek in te stellen.

Afrikaanse uittocht

Het besluit van de rechters kan grote gevolgen hebben voor de toekomst van het Strafhof, vooral wat betreft het lidmaatschap van Afrikaanse landen. De Afrikaanse Unie (AU) nam in januari 2017 een resolutie aan waarin staat dat Afrikaanse landen aandringen op forse hervorming bij het Strafhof, omdat ze anders massaal hun lidmaatschap opzeggen. De AU wil dat het Strafhof stopt met, wat zij noemt, “de dubbele standaard”. Het zijn tot nu toe alleen Afrikanen die door het Hof zijn vervolgd en veroordeeld.

Eén Afrikaans land, Burundi, heeft zijn lidmaatschap al opgezegd; Zuid-Afrika en Gambia kondigden afgelopen jaar aan uit het Strafhof te stappen. De president van Namibië, Hage Geingob, heeft verklaard dat zijn land alleen lid blijft als de VS ook lid worden. Het recente besluit van het Hof een machtig westers land als de VS te ontzien, zal daarom veel Afrikaanse en andere niet-westerse landen in hun vermoeden bevestigen dat het Hof een neokoloniaal instrument is van westerse landen en mogelijk resulteren in een massale opzegging van lidmaatschappen.

Statuut van Rome

Er zijn op dit moment 122 landen die het Statuut van Rome hebben geratificeerd , en daarmee lid zijn van het Strafhof. Het Internationaal Strafhof vervolgt verdachten van oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid, genocide en – sinds 2018 – ‘agressiemisdrijven’ (aanvalsoorlogen), voor zover deze verdachten nog niet vervolgd zijn in eigen land. Belangrijke landen als de VS, Rusland, China, Israël en India zijn geen lid. Toch kunnen ook burgers van die landen door het Strafhof worden vervolgd als zij hun misdaden hebben begaan in één van de landen die wel zijn aangesloten bij het Hof. Zo kan het Hof wel onderzoek doen naar oorlogsmisdaden van Amerikanen begaan in Afghanistan, dat lid is van het Hof, en niet in Irak, dat geen lid is.

CIA’s ‘black sites’

Een aantal misdaden van Amerikanen begaan in Irak, zoals in de Abu Graib-gevangenis, is bestraft in de VS, al bleven de hogere echelons en politiek verantwoordelijken buiten schot. Misdaden begaan door Amerikanen in Afghanistan zijn echter, op één uitzondering na, onbestraft gebleven. Ene David Passaro, een burger die was ingehuurd door de CIA, en die een Afghaanse man, genaamd Abdul Walid, doodsloeg, is veroordeeld tot een gevangenisstraf. Ook John C. Kiriakou, een CIA-officier, belandde achter de tralies; niet omdat hij zich schuldig had gemaakt aan een oorlogsmisdaad of een misdaad tegen de menselijkheid, maar omdat hij als klokkenluider de wereld deelgenoot had gemaakt van de manier waarop de CIA verdachten doorgaans verhoort: door ze met hun hoofd onder water te houden, het zogeheten waterboarding.

De onwil of onkunde van de Amerikaanse justitie om degelijk onderzoek te doen naar Amerikaanse verdachten van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in Afghanistan en ze strafrechtelijk te vervolgen en te veroordelen, heeft er toe geleid dat het Internationaal Strafhof in actie kwam. In 2006 startte de voorganger van Bensouda een vooronderzoek naar misdaden begaan tijdens de oorlog in Afghanistan. In 2016 presenteerde Bensouda het resultaat. Zij verdenkt tenminste 61 Amerikaanse militairen en 27 CIA’ers van marteling, wrede behandeling, aantasting van de menselijke waardigheid en verkrachting. Die verdachte CIA’ers waren overigens niet alleen actief in Afghanistan, maar ook in geheime centra in Polen, Roemenië en Litouwen, de zogeheten CIA black sites, waar ze verdachte Afghanen verhoorden. Bensouda voegt daar aan toe dat het niet om geïsoleerde gevallen lijkt te gaan , maar dat ze onderdeel uitmaakten van een verhoormethode die van bovenaf was opgelegd.

VS dreigen opnieuw

De Amerikaanse regering heeft haar tevredenheid geuit over het besluit van de rechters van het Strafhof af te zien van strafrechtelijk onderzoek naar Amerikanen in Afghanistan en de CIA-blacksites in EU-landen. President Trump bracht een officiële verklaring uit waarin hij het besluit “een enorme internationale overwinning” noemde en nog eens dreigde dat iedereen die Amerikaanse of Israëlische functionarissen wil vervolgen een ‘robuuste’ reactie kan verwachten.

Bensouda heeft echter aangegeven het er niet bij te laten zitten. Zij zegt te broeden op een juridische reactie. Waarschijnlijk zal dit zijn: heropening van het vooronderzoek, zoals eerder gebeurd is in het geval van Britse betrokkenheid bij oorlogsmisdaden in Irak. De rechters gaven Bensouda geen toestemming een strafrechtelijk onderzoek hiernaar in te stellen, waarna Bensouda het vooronderzoek heropende. Bensouda weet zich gesterkt door mensenrechtenorganisaties als Amnesty International. Die laatste liet in een verklaring weten dat het Strafhof “is gezwicht voor Amerikaanse pesterijen en dreigementen” en “op schokkende wijze slachtoffers in de steek heeft gelaten”. Het besluit van de rechters zal, volgens Amnesty, “de geloofwaardigheid van het Hof nog verder aantasten.”

Nieuwe vuurproef

Intussen wacht Bensouda en de rechters van het Hof een nieuwe vuurproef. Bensouda leidt sinds 2015 een vooronderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden van Palestijnen en Israeliërs tijdens het 51-dagen durende conflict rond Gaza in 2014. Hoewel Israël geen lid is van het Strafhof, kan het Hof wel onderzoek doen naar mogelijke oorlogsmisdaden van Israël begaan op Palestijns grondgebied, omdat Palestina wel lid is. Gezien de dreigende woorden van Bolton in september vorig jaar, waarin hij met name Israël noemde als bondgenoot van de VS die met rust gelaten moest worden, kan het personeel van het Internationaal Strafhof opnieuw zijn borst natmaken.

Posted on 1 Comment

Amerika dreigt met invasie Den Haag – Kabinet “verontrust”

De Verenigde Staten dreigen sinds 2002 met militair ingrijpen tegen het Internationaal Strafhof in Den Haag. Hoe heeft Nederland hier in de loop der jaren op gereageerd? Een reconstructie aan de hand van berichten van de Amerikaanse ambassade, Kamerstukken en krantenartikelen. 

De betrekkingen tussen Nederland en de VS zijn “excellent”, liet op 30 juni 2005 toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot weten, tijdens een ontmoeting met de Amerikaanse ambassadeur in Den Haag Clifford Sobel. Hij bespeurde de laatste vier jaar zelfs een verbetering van de betrekkingen. Er waren niettemin vier “zorgen” die Bot wilde voorleggen. Het ergerde de Nederlandse regering dat de Amerikanen herhaaldelijk en openlijk kritiek uitten op het Nederlandse aandeel in de strijd tegen de mensenhandel. Verder zou Nederland graag zien dat de Amerikanen samenwerkten met andere landen om de verspreiding van kernwapens te voorkomen, dus multilateraal in plaats van op eigen houtje. Ook herinnerde Bot de Amerikaanse ambassadeur aan een belofte die de VS niet waren nagekomen: mensenrechtenrapporteurs van de Verenigde Naties toegang verlenen tot het cellencomplex van Guantanamo Bay, waar krijgsgevangen werden vastgehouden. Last but not least: het Nederlandse bedrijfsleven, waaronder Philips, voelde zich onderbedeeld in ‘de wederopbouw’ van Irak. Franse en Duitse hadden veel meer contracten gekregen, en dit terwijl Nederland, aldus Bot, “een duidelijk veel grotere bijdrage” had geleverd aan “de stabiliteit van Irak”.

The Hague Invasion Act

Wat opvalt aan het onderhoud van de CDA-minister met de Amerikaanse ambassadeur, waarvan overigens het verslag dankzij Wikileaks op straat is komen te liggen, is dat er met geen woord werd gerept over een onderwerp waar drie jaar eerder veel ophef over was ontstaan in Den Haag: The American Service Members’ Protection Act (ASPA), bijgenaamd The Hague Invasion Act. Deze wet machtigt de Amerikaanse president met alle middelen, zo nodig met geweld, personen te bevrijden die door of namens het Internationale Strafhof in Den Haag gevangen worden gehouden. De wet verbiedt verder Amerikaanse deelname aan VN-vredesoperaties, tenzij latere berechting door het Strafhof uitdrukkelijk is uitgesloten voor Amerikanen. Ook mag geen militaire steun (meer) geleverd worden aan staten die het Strafhof hebben erkend, uitzonderingen daargelaten, zoals Amerika’s NAVO-partners.

De Amerikaanse Senaat nam de wet aan in juni 2002. Dat was een maand voordat het Internationaal Strafhof officieel haar deuren opende. Het Internationaal Strafhof vervolgt verdachten van oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid, genocide en – sinds 2018 – ‘agressiemisdrijven’ (aanvalsoorlogen), voor zover deze verdachten nog niet vervolgd zijn in eigen land. De rechtsmacht van het Internationaal Strafhof strekt zich uit tot alle 123 landen die het Statuut van Rome hebben geratificeerd. Ook burgers van landen die niet hebben geratificeerd, zoals de VS, Rusland, China, India en Israël, kunnen worden vervolgd door het Hof, als zij hun misdaden hebben gedaan in één van de landen die aangesloten zijn bij het Hof, zoals Afghanistan of Palestina.

“Verontwaardiging en verontrusting”

Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Jozias van Aartsen zei in de Tweede Kamer dat hij met “grote verontwaardiging en verontrusting” kennis had genomen van het feit dat de Amerikaanse Senaat akkoord was gegaan met de wet. “Nederland wordt hier als gastland van het Internationaal Strafhof direct geraakt als soevereine staat,” zo stelde de VVD-minister. “De wet gaat veel te ver en veel verder dan noodzakelijk is voor de VS om afstand te houden tot het Strafhof. Uiteraard zou die afstand in onze ogen niet moeten worden gehouden, maar dit is volstrekt onnodig. Het Statuut van Rome biedt alle waarborgen om gepolitiseerde vervolging van VS-onderdanen te voorkomen, want dat is de vrees aan de kant van de VS. De VS weten dat het Strafhof geen primaire jurisdictie toekomt.”

De Tweede Kamer deelde die analyse, bleek in een door GroenLinks aangevraagd spoeddebat. “‘Het is bizar en absurd, een wetsvoorstel dat militaire interventie in Nederland mogelijk maakt,” reageerde VVD-Kamerlid Erica Terpstra. GroenLinks-kamerlid Farah Karimi: “Schokkend en ongehoord.” CDA-kamerlid Maxime Verhagen: “Onacceptabel. Zeker van een NAVO-bondgenoot verwacht je dit niet.” D66-kamerlid Boris Dittrich: “Het is absurd dat de ene NAVO-partner wetgeving aanvaardt die in haar uiterste consequentie tot een gewapend conflict tussen NAVO-bondgenoten kan leiden.” LPF-Kamerlid Jim Janssen van Raaij: “We zijn Panama niet, waar ze zomaar zijn binnengevallen. Onze krijgsmacht moet clearance to shoot back krijgen als Amerikaanse militairen ingrijpen.”

“Bom op het Vredespaleis”

Ook de reacties in de pers waren niet mals. “Een bom op het Vredespaleis,” zo kwalificeerde Bart Tromp de invasiewet in zijn Elsevier-column. “Er is alle reden voor Nederland om deze kwestie hoog op te nemen, en in Europees en NAVO-verband aan de orde te stellen. De combinatie van macht, arrogantie en minachting voor internationale afspraken en overeenkomsten die niet alleen uit de invasiewet blijkt, is een ernstige bedreiging van het streven naar een internationale rechtsorde, waarvan het Vredespaleis het symbool vormt.”

De Volkskrant oordeelde in een hoofdredactioneel commentaar: “Het aannemen van de invasiewet is niet alleen een schoffering van het Internationaal Strafhof, maar ook van de Europese bondgenoten van de VS.” J. L. Heldring schreef in NRC: “Een land kan het niet dulden dat zijn soevereiniteit wordt aangetast door een wet van een ander land die, op z’n zachtst gezegd, de mogelijkheid van een militaire interventie niet uitsluit. Zeker onder bondgenoten is dit onaanvaardbaar.”

Oud-minister van Buitenlandse zaken Hans van den Broek in een ingezonden brief in NRC: ” Het gaat hier niet alleen om gebrek aan respect voor de internationale rechtsorde en het, naar de letter gesproken, dreigen met een oorlogsdaad, maar tevens om een aantasting van het morele gezag van de Verenigde Staten. Die verheffen hiermee, en niet voor het eerst, het recht van de sterkste tot hoogste rechtsnorm.”

Etentje met ambassadeur

Wat was er drie jaar later nog over van alle “verontrusting en verontwaardiging”? Helemaal niks, zo leek het, afgaande op de inhoud van het gesprek van CDA-minister Bot met de Amerikaanse ambassadeur Sobel. Geen van de vier zorgen die Bot aan Sobel voorlegde betrof het Amerikaanse dreigement over militair ingrijpen op Nederlands grondgebied, mocht daar ooit een Amerikaanse staatsburger worden vastgehouden op verdenking van oorlogsmisdaden.

Van de “verontrusting en verontwaardiging” waar Van Aartsen in 2002 nog van gesproken had, leek zelfs in 2003 al geen sprake meer. Twee maanden nadat de toenmalige premier Jan Peter Balkenende en diens minister van Buitenlandse Zaken Jaap de Hoop Scheffer het Witte Huis hadden bezocht, trakteerde Sobel Balkenende op een etentje in diens Haagse ambassadeurswoning. Er werd bij die gelegenheid met geen woord gesproken over de invasiewet, blijkt uit een door Wikileaks gelekt verslag van die ontmoeting.

En dat was des te opmerkelijker omdat het Internationaal Strafhof wel als gespreksonderwerp ter tafel kwam. Sobel verzocht Balkenende stille diplomatie in te zetten om het verzet van de Europese Unie (EU) te breken tegen Amerikaanse pogingen om zogeheten artikel 98-verdragen te sluiten met EU-landen. Dit zijn bilaterale verdragen waarbij de ondertekenaars beloven geen Amerikaanse onderdanen uit te leveren aan het Internationaal Strafhof. De VS hadden op dat moment al met ruim 50 landen dergelijke verdragen gesloten, op straffe van intrekking van militaire steun. Balkenende greep echter de gelegenheid niet aan om te herinneren aan de The Hague Invasion Action. Hij volstond met de mededeling dat het “moeilijk voorstelbaar” zou zijn dat de Europese Raad artikel 98-verdragen met de VS zou toestaan. Diplomatiek adviseur Rob Swartbol, die Balkenende bijstond tijdens zijn diner met Sobel, voegde daar aan toe dat, aangezien Nederland gastland is voor het Internationaal Strafhof, het voor Nederland moeilijk zou zijn zich in te zetten voor acceptatie in de EU voor dergelijke verdragen.

Sussende woorden

Hoe is het mogelijk dat de The Hague Invasion Act geen gespreksonderwerp meer was in de contacten van Nederlandse bewindslieden met de Amerikaanse ambassadeur, in 2003, een jaar nadat er zoveel ophef over was ontstaan in Nederland?

Nog voordat minister Van Aartsen in 2002 zijn “verontrusting en verontwaardiging” had kunnen delen met de Tweede Kamer hadden de Amerikanen de Nederlandse regering al een argument aangereikt om zich niet al te druk te maken. De Amerikaanse regering kan zich “geen omstandigheden voorstellen waarin de VS zouden moeten overgaan tot militaire actie tegen Nederland of een andere bondgenoot,” zo verklaarde de Amerikaanse ambassade op 12 juni 2002. In het spoeddebat dat de dag erop volgde in de Tweede Kamer, waarin van Aartsen zijn “verontwaardiging en verontrusting” deelde, refereerde hij in één adem aan de sussende woorden van de Amerikaanse ambassade. Ook vertelde hij dat de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Grossman hem had verzekerd dat de VS Nederland niet zouden binnenvallen, en slechts “diplomatieke, juridische en politieke middelen” zouden aanwenden om Amerikanen te vrijwaren van strafvervolging door het Internationaal Strafhof.

Tweede Kamerlid Maxime Verhagen (CDA) nam echter geen genoegen met deze verklaringen van de VS. “Als de Amerikanen het ondenkbaar achten dat er omstandigheden zullen ontstaan die militaire actie noodzakelijk zouden maken, moet je het ook daadwerkelijk uitsluiten, niet alleen in theorie, maar ook in de praktijk en in mogelijke wetgeving,” zo gaf hij de minister te verstaan. “Daarvoor is actie nodig richting regering en de gezamenlijke vergadering van Senaat en Congres.” Tweede Kamerlid Harry van Bommel (SP) sloot zich daarbij aan. “Het gaat niet om de reikwijdte van het voorstellingsvermogen van de Amerikanen, maar om de reikwijdte van de wettekst. Deelt de minister die opvatting? De uitleg bij de wet dat daar nooit gebruik van gemaakt zal worden, maakt die wetgeving dan toch overbodig?” Farah Karimi (GroenLinks): “Na alle commotie in Nederland zeggen de VS dat zij zich zo’n situatie niet kunnen voorstellen, maar ze zeggen niet dat zij hebben begrepen dat dit voor Nederland onacceptabel is.”

Hete aardappel naar EU

Al deze bedenkingen ten spijt bleken de sussende woorden van de Amerikanen niet zonder effect. Al tijdens hetzelfde spoeddebat, waarin de Tweede Kamer zijn afkeuring uitsprak over de invasiewet, en deze zelfs bezegelde met het aannemen van een motie waarin het kabinet werd verzocht “alle diplomatieke middelen aan te wenden, zowel bilateraal als op internationaal niveau, om de bezorgdheid van de Kamer aan de Amerikaanse regering, de Senaat en het Congres kenbaar te maken”, ontstond een lacherige stemming. “Mijn woning op Scheveningen kijkt uit over zee,” sprak VVD-Kamerlid Terpstra. “Maar het is ook voor de VVD-fractie zeer onwaarschijnlijk dat deze ooit wordt gebruikt als een vooruitgeschoven post om te kijken of de invasie een feit wordt. Ik zal waarschuwen als het zover is.” PvdA-Kamerlid Bert Koenders: “Gelukkig woont mevrouw Terpstra in Scheveningen en dat geeft extra vertrouwen.”

Mogelijk beschouwde de Nederlandse regering de invasiewet als symboolwetgeving, bestemd voor binnenlands gebruik in de VS – en was dat de reden dat Nederlandse bewindslieden, al snel nadat de wet was aangenomen, deze niet meer ter sprake brachten in contacten met Amerikaanse ambtsdragers en bewindslieden. Zeker is dat de Nederlandse regering al in een vroeg stadium besloot de hete aardappel door te schuiven naar Brussel. “Wij hebben vooral getracht te opereren in EU-verband, omdat dat ons de meest effectieve manier leek,” antwoordde Van Aartsen op 13 juni 2002 op de vraag van Kamerlid Karimi wat de Nederlandse regering had gedaan om te voorkomen dat de Senaat de wet zou aannemen. Zo zou op aandringen van Nederland de EU bij meerdere gelegenheden haar zorgen hebben overgebracht aan de Amerikanen over het – toen nog – wetsvoorstel. Ook zou Nederland bij de EU hebben gelobbyd voor een waarschuwing aan het adres van de VS, dat de tweespalt over het Internationaal Strafhof, “een negatieve invloed” kon gaan hebben op “het gezamenlijk optrekken bij het Midden-Oosten conflict.”

De meerderheid van de Tweede Kamer nam genoegen met de uitleg van de minister, en stelde zich gerust met diens belofte dat Nederland er “uiteraard alles” aan zou blijven doen om de VS te ontmoedigen “een actieve, obstructieve politiek tegen het Strafhof te voeren, samen met onze partners in de Europese Unie en de overige landen die het statuut van Rome van het Internationaal Strafhof hebben geratificeerd.” Voor de Tweede Kamer leek daarmee de kous af. Afgezien dan voor Kamerlid Janssen van Raaij die de minister een vraag voorlegde waar deze niet meteen een antwoord op had: “Is er toen wij toestemming gaven voor het stationeren van Amerikaanse gevechtsvliegtuigen en militairen op Nederlands grondgebied een afspraak gemaakt en, zo nee, is die alsnog te maken, dat zich in Nederland bevindende Amerikaanse krijgsmachtonderdelen in elk geval niet mogen worden gebruikt voor een interventie in Den Haag?” De minister antwoordde daarop, een maand later, in een brief: “Uit de verklaring van de VS van 12 juni 2002 blijkt dat de Amerikaanse regering zich geen situatie kan voorstellen waarbij de VS zouden terugvallen op militaire actie tegen Nederland. Er is dan ook geen reden om te komen tot een afspraak, zoals door de heer Janssen van Raaij wordt gesuggereerd.”

Invasiewet politiek dood

Op 2 augustus, een maand nadat het Internationaal Strafhof van start was gegaan, bekrachtigde toenmalig president George W. Bush de invasiewet. Van Aartsen was even daarvoor opgevolgd door CDA’er Jaap de Hoop Scheffer. Die werd niet naar de Tweede Kamer geroepen om zich te verantwoorden voor wat het kabinet nog had gedaan om de Amerikaanse president ervan te weerhouden zijn handtekening te zetten, of om de balans op te maken van de betrekkingen met de VS. Hij werd hooguit kritisch aan de tand gevoeld over zijn optreden inzake Irak. In zijn ijver het de Amerikanen naar de zin te maken, had hij zich al bereid verklaard een aanval op het land te steunen nog voordat de regering Bush zelf zover was.

Ook in de periode daarna kwamen geen tekenen uit de Tweede Kamer dat de invasiewet de volksvertegenwoordigers nog bezighield. Voor zover het kabinet nog met de wet in haar maag zat, werd het in elk geval niet langer aangemoedigd door de Kamer daar acties aan te verbinden. De Hoop Scheffer verruilde tijdens de jaarwisseling 2003/2004 zijn ministerschap voor de functie van secretaris-generaal van de NAVO, en partijgenoot Ben Bot volgde hem op. De invasiewet leek politiek dood te zijn verklaard. In de Kamerstukken uit de periode 2003 tot en met 2008 wordt althans niet één keer aan de wet gerefereerd.

Aanval op België

Voor zover er nog publiekelijk over de invasiewet werd gesproken, gebeurde dat niet in Den Haag, maar wel bijvoorbeeld in België, waar commentatoren in 2003 veelvuldig verwezen naar de The Hague Invasion Act. Dit omdat in de VS werd gewerkt aan een soortgelijke wet, de Universal Jurisdiction Rejection Act, die het de Amerikaanse president mogelijk moest maken België binnen te vallen. Niet vanwege het Internationaal Strafhof in Den Haag, maar vanwege de Belgische genocidewet, die Belgische rechtbanken het recht gaf overal ter wereld misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden te onderzoeken. De Amerikaanse wet, door de Belgen omgedoopt tot Brussels Liberation Act, kwam er uiteindelijk niet. Een dreigement van minister Donald Rumsfeld dat de VS het NAVO-hoofdkwartier in Brussel zouden sluiten, was voldoende om de Belgische politiek zover te krijgen dat deze de Genocidewet volledig introk.

Verdedigingswal Scheveningen

In 2003 waren er nog ludieke protesten op het Scheveningse strand. Een actiegroep genaamd Volksfront van Hogerhand bouwde een verdedigingswal om de Amerikanen op afstand te houden. Geestelijk vader van het Strafhof Benjamin Ferencz hees er, namens zijn land, de Amerikaanse vlag.

Twee lokale politieke partijen richtten later dat jaar een strook in voor landende Amerikaanse soldaten. De ‘D-Day strook’ werd gemarkeerd met Amerikaanse vlaggen en wijzers die de richting van het Strafhof aangaven. “Zo kunnen de badgasten ongestoord blijven liggen als de Amerikanen komen,” grapte PPS-raadslid Cees de Jager in een interview met De Telegraaf.

In 2004 verscheen er van de hand van Pieter Nouwen een roman getiteld De Pias van het Pentagon, over ene Amerikaanse president Push, die, nadat één van zijn adviseurs is vastgezet door het Strafhof, besluit Nederland binnen te vallen.

In 2005 diende bij de Haagse rechtbank een kort geding vanwege de komst van de Amerikaanse president naar Nederland. Namens een aantal geagiteerde organisaties en particulieren eiste mr. Meindert Stelling dat de president bij aankomst in de boeien werd geslagen, of, als de rechtbank dat een te rigoureuze maatregel vond, hem de toegang tot het land te ontzeggen. Stelling betoogde dat de The Hague Invasion Act een verkapte oorlogsverklaring was aan Nederland in het algemeen en aan de stad Den Haag, als vestigingsplaats van het Internationale Strafhof, in het bijzonder. “De Nederlandse regering gaat er ten onrechte van uit dat de Amerikanen onze vrienden zijn. Door dik en dun,” aldus Stelling. “Dat is een ernstige misvatting. Als ergens ooit het gezegde ‘liefde maakt blind’ opgaat, dan is het hier.” De vredesactivisten haalden echter bakzeil. De rechter vond dat er geen grond was om de president te arresteren of hem tot persona non grata te verklaren.

“Transatlantisch anker”

Het kort geding bij de Haagse rechtbank; de protestacties op het Scheveningse strand; een enkele journalist die zich nog drukte maakte, onder wie Karel van Wolferen, die in een gesprek met NRC zei dat de Nederlandse regering met de vuist op tafel had moeten slaan en desnoods had moeten dreigen uit de NAVO te stappen – veel leek er niet meer te doen rond de gewraakte invasiewet, in de eerste vijf jaar nadat Bush deze had bekrachtigd met zijn handtekening. De betrekkingen met de VS waren er op geen enkele manier door geschaad, getuige de uitspraak van minister Bot in 2005. Integendeel, deze waren er volgens hem alleen maar op vooruitgegaan. De Amerikaanse ambassadeur Sobel kon dat alleen maar beamen.

In het door Wikileaks gelekte ambtsbericht dat hij schreef, bij zijn afscheid in 2005, had hij niets dan lof over Nederland. En dan vooral omdat hij vond dat de Nederlanders de Amerikaanse belangen zo goed dienden, in Irak, in Afghanistan, in de NAVO, in de VN, in de EU. “De Nederlanders dienen als een belangrijk transatlantisch anker in Europa,” aldus Sobel. “Ze trekken samen met de Britten op om Frans-Duitse pogingen te dwarsbomen om Europa los te weken van zijn transatlantische koers. Het aanhalen van de Amerikaans-Nederlandse betrekkingen is van belang om er zeker van te zijn dat de Nederlanders voortgaan met het meekrijgen van anderen in het behartigen van belangen die in lijn zijn met die van de VS, in het bijzonder op politiek-militair gebied.” Zelfs in de ondermijning van het Internationaal Strafhof zag Sobel een belangrijke taak voor de Nederlanders weggelegd. Nederlanders hechten sterk aan hun eigen rechtsbeginselen, maar zijn tegelijk erg pragmatisch ingesteld, zo stelde hij. Die unieke combinatie maakte ze tot een belangrijke partner voor de VS in het gladstrijken van verschillen van inzicht met de EU over het Internationaal Strafhof en artikel 98-verdragen.

Hoop op Obama

Dat was in 2005. Twee jaar later, in 2007, werd minister van Buitenlandse Zaken Bot opgevolgd door zijn CDA-partijgenoot Maxime Verhagen, die zich eerder als Kamerlid scherp had uitgesproken tegen de invasiewet. “De Amerikanen weten dat ze goodwill hebben verspeeld,” zei Verhagen in 2008 in een interview met de Volkskrant. Hij noemde in dat verband Guantanamo Bay en de weigering van de regering Bush om het Kyoto-klimaatverdrag te tekenen. Verhagen sprak verder de hoop uit dat onder de nieuwe president, die dat jaar werd gekozen, de VS alsnog Kyoto zouden omarmen, meer waarde zouden toekennen aan de Verenigde Naties alsook ‘partij’ zouden worden in het Internationaal Strafhof.

Over de vraag van de Volkskrant of Verhagens voorkeur uitging naar de Republikeinse kandidaat John McCain of de Democratische kandidaat Barack Obama, daarover liet Verhagen zich – heel diplomatiek – niet uit. Maar het is vrijwel zeker dat hij zijn hoop had gevestigd op Obama, omdat die zich, anders dan McCain, had geprofileerd als multilateralist. Tot geluk van Verhagen werd het niet McCain, maar Obama.

Nadat Obama in januari 2009 was beëdigd, zag Verhagen zijn kans schoon, en toverde hij een onderwerp uit de hoge hoed dat vier opeenvolgende kabinetten Balkenende daar gedurende zeven jaar verborgen hadden gehouden: de The Hague Invasion Act. “Deze wet is uit de tijd en moet worden aangepast,” tekende het ANP op uit Verhagens mond, tijdens diens bezoek aan de VS, in april 2009. Hij zou die boodschap hebben overgebracht aan de Democratische afgevaardigde Chris van Hollen, die zich als medevoorzitter van een groep congresleden inzette voor goede betrekkingen tussen Nederland en de VS. Verhagen zei veder tegen de ANP-verslaggever blij te zijn met de betere samenwerking tussen de Verenigde Staten en het Internationaal Strafhof. Als voorbeeld daarvan noemde hij het onderzoek van het  Strafhof naar misdrijven in Darfur, het westelijk deel van Soedan, waarbij de VS in de VN-veiligheidsraad dwars hadden kunnen liggen, maar dat niet hadden gedaan, nota bene tijdens de tweede termijn van Obama’s voorganger Bush. “Ik hoop dat die trend zich zal voortzetten en dat dit ook zal leiden tot de herziening van de The Hague Invasion Act’,” zo sprak hij.

Verhagen bij Clinton

Het waren mooie worden, maar in hoeverre waren ze ook echt gemeend? De vorige dag nog had Verhagen een ontmoeting gehad met zijn Amerikaanse ambtsgenote Hillary Clinton. Zij was door de Amerikaanse ambassade in Den Haag goed voorbereid op de thema’s die Verhagen waarschijnlijk zou aansnijden: Guantanamo Bay en het Internationaal Strafhof. “Het sluiten van Guantanamo zal heel veel scepsis wegnemen van de Nederlanders over de Amerikaanse politiek ten aanzien van mensenrechten en burgerrechten,” schreef de ambassade haar in een later door Wikileaks gelekt ambtsbericht. “Verhagen zal u misschien ook om steun verzoeken voor het Internationaal Strafhof. De Nederlanders zijn er trots op thuisbasis te zijn voor het internationaal recht en gastland te zijn voor vele internationale rechtsorganen zoals het Internationaal Strafhof. Als u of de president een belangrijke aankondiging wilt doen over het Strafhof, of over Amerikaanse inzet voor internationaal recht en mensenrechten, dan is er geen beter podium dan Den Haag, Nederland.”

Maar wat schetste Clintons verbazing? Verhagen bracht noch Guantanamo, noch het Internationaal Strafhof ter sprake, laat staan de The Hague Invasion Act, blijkt uit een door Wikileaks gelekt verslag van de ontmoeting. De onderwerpen die wel besproken werden waren: de strijd tegen Somalische piraterij, de Nederlandse militaire inzet in Afghanistan, de hernieuwde deelname van de VS aan de VN-mensenrechtencommissie – en de herdenking van de exploratie van New York, 400 jaar daarvoor, door de Britse kapitein in VOC-dienst Henry Hudson.

Balkenende bij Obama

Waren dan Verhagens woorden, gesproken in Washington tegen een ANP-verslaggever, alleen maar bestemd voor de bühne, het Nederlandse thuisfront? Het heeft er alle schijn van. In juli 2008 volgde een bezoek van premier Balkenende aan president Obama. Een verslag hiervan ontbreekt helaas op de Wikileaks-website. Maar het is vrijwel zeker dat ook bij die gelegenheid de invasiewet onbesproken is gebleven. Uit een bericht dat de Amerikaanse ambassade Obama stuurde ter voorbereiding van diens onderhoud met de Nederlandse premier blijkt dat Balkende zich wilde “beperken tot vier belangrijke onderwerpen tijdens zijn ontmoeting met de president”. Dat waren: Afghanistan/Pakistan; de economische crisis/G20; het vredesproces in het Midden Oosten/Iran; klimaatverandering.

Het was in elk geval niet wat het thuisfront verwacht had. Dat ging er, na de paukenslag van Verhagen, eerder dat jaar, in zijn interview met het ANP, nog steeds blindelings van uit dat het kabinet de invasiewet op het hoogste niveau zou aankaarten bij de Amerikanen. “New York staat na de zomer bol van de feestelijkheden vanwege zijn vierhonderdjarige bestaan. Amsterdam en in bredere zin Nederland stonden aan de wieg van deze stad,” schreef Willem Post van Instituut Clingendael in Het Parool, enkele dagen na terugkomst van Balkenende in Nederland. “Alle aanleiding dus voor een gezamenlijk feest, maar helaas heeft de Amerikaanse volksvertegenwoordiging nog steeds niet de The Hague Invasion Act ingetrokken. Nog voor het zomerreces in augustus moet het Congres deze blamage van tafel vegen. Minister Maxime Verhagen van Buitenlandse Zaken heeft onlangs in Washington in diplomatieke taal hetzelfde gezegd. Twee Congresleden zijn nu bezig een soort ‘feestresolutie’ te ontwerpen om de goede betrekkingen tussen de VS en Nederland nog eens te onderstrepen. Ik vertrouw daar niet op. De Nederlandse regering moet geen genoegen nemen met een slap epistel. In een resolutie moet klip-en-klaar staan dat de eerdere resolutie wordt ingetrokken en dat dus geen militaire middelen zullen worden ingezet als het Internationaal Strafhof in Den Haag Amerikaanse soldaten laat arresteren.”

Druk op de VS

De Amerikanen vriendelijk verzoeken de wet in te trekken, zou geen effect hebben, stelde CDA-Europarlementariër Wim van de Camp (CDA) in een interview met het TROS-radioprogramma Kamerbreed. Nederland moest druk zetten. Bijvoorbeeld door zich bereid te verklaren gedetineerden uit Guantanamo op te nemen op voorwaarde dat de VS het Internationaal Strafhof erkenden en de The Hague Invasion Act introkken.

Ook het CDA-kamerlid Coşkun Çörüz maande het kabinet druk te zetten op de Amerikanen. “De VS vragen ons deel te nemen aan de strijd tegen terrorisme. Wij vragen de VS lid te laten worden van het Internationaal Strafhof. Wat onderneemt de minister daarin?” Verhagen antwoordde dat hij de VS “meerdere malen” had aangesproken over het Internationaal Strafhof. En hij beloofde dat te blijven doen. “De eerste stap die gezet zal moeten worden, is de wijziging van de wetgeving die wij hier gekscherend de The Hague Invasion Act noemen.”

Toen later in dat jaar, 2009, SP-Kamerlid Harry van Bommel de minister vroeg naar de stand van zaken rond het Internationaal Strafhof en de invasiewet, antwoordde Verhagen dat, hoewel de nieuwe Amerikaanse regering “een positievere toon” aansloeg ten aanzien van het Strafhof, het er niet naar uitzag dat de VS “op korte termijn” zouden toetreden tot het Statuut van Rome, omdat hiertegen in het Amerikaanse Congres nog steeds veel weerstand bestond. Verhagen verwees verder naar zijn bezoek eerder dat jaar aan Washington, waarbij hij had aangedrongen op intrekking van de invasiewet. “Mijn gesprekspartners toen wezen erop dat de intrekking van deze wet voorlopig lastig ligt”, zo lichtte hij toe. “Tegelijkertijd is ook duidelijk te kennen gegeven dat er geen sprake is van een mogelijke invasie van Den Haag.” Verder herhaalde hij zijn belofte aan de Kamer: “De regering zal bij de VS blijven aandringen op intrekking dan wel aanpassing van de wet.”

Belofte van Verhagen

Verhagen gaf in het jaar daarop, 2010, het ministersstokje door aan Frans Timmermans (PvdA), die op zijn beurt werd opgevolgd door achtereenvolgens Bert Koenders (PvdA), Halbe Zijlstra (VVD) en Stef Blok (VVD). In hoeverre hebben zij de belofte van Verhagen waargemaakt? Wat hebben zij gedaan om de Amerikanen er toe te bewegen de invasiewet in te trekken? Deze ministers hebben zich hierover nooit hoeven te verantwoorden in de Kamer. Er zijn althans geen Kamerstukken uit de periode 2010-2019 waaruit blijkt dat de invasiewet onderwerp van gesprek is geweest tussen de Kamer en de opeenvolgende ministers van Buitenlandse Zaken. Op de vraag van Novini aan het ministerie van Buitenlandse Zaken wat het kabinet vanaf 2010 heeft ondernomen inzake de invasiewet kwam een algemeen en ontwijkend antwoord. “Het Nederlandse standpunt is bekend bij de Verenigde Staten. Nederland brengt het belang van het Strafhof consistent onder de aandacht tijdens de reguliere diplomatieke dialogen met de VS,” aldus een voorlichtster van het ministerie.

“Strafhof al dood”

Het Internationaal Strafhof stond in 2018 weer even volop in de schijnwerpers. Dit vanwege het onderzoek dat het Strafhof wil doen naar oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid tijdens de oorlog in Afghanistan. Omdat de aanklaagster van het Hof, Fatou Bensouda, zich waarschijnlijk niet wil beperken tot misdaden begaan door de Taliban, maar ook Amerikaanse misdaden in het onderzoek wil betrekken, kwam uit Washington een ongemeen felle reactie. Nationaal Veiligheidsadviseur John Bolton dreigde met strafmaatregelen tegen de rechters en aanklagers van het Hof. Ze zouden door Amerikaanse rechtbanken worden vervolgd, hun banktegoeden zouden worden bevroren en ze zouden de VS niet meer inkomen. En niet alleen zij, maar elk bedrijf of land dat het Strafhof bijstaat in onderzoek naar Amerikanen zou worden gestraft. ” We zullen het Strafhof rustig laten sterven,” voegde Bolton daaraan toe. “In praktisch alle opzichten is het Strafhof voor ons immers toch al dood.”

Er volgden meteen de volgende dag reacties van de Franse en Duitse regering. “We staan pal achter het Internationaal Strafhof – in het bijzonder als het onder vuur komt te liggen”, verklaarde het Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken. “Frankrijk, met zijn Europese partners, steunt het Internationaal Strafhof,” voegde het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken daar aan toe. “Het Hof moet zijn bevoegdheden kunnen uitoefenen, ongehinderd, onafhankelijk en onpartijdig, binnen het juridische kader van het Statuut van Rome.” Van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken kwam geen reactie, en dus vroeg CDA-kamerlid Martijn van Helvert minister Blok wat hij vond van de uitspraken van Bolton. “Stevige uitspraken, maar niet geheel nieuw,” antwoordde die. “De VS zijn vanaf het begin tegenstander geweest van het Strafhof, omdat zij niet willen dat hun eigen burgers daar berecht kunnen worden.”

“Invasiewet blijft gevaarlijk”

Twee maanden later richtten de VS opnieuw een dreigement richting Nederland. De Amerikaanse ambassadeur Pete Hoekstra dreigde met sancties tegen Nederlandse bedrijven als Shell, Boskalis en Van Oord vanwege hun betrokkenheid bij de aanleg van Nord Stream 2, een gaspijpleiding van Rusland naar Duitsland. Al snel bleek dat deze bedrijven niet hoefden te rekenen op steun van de Nederlandse regering. Die liet, bij monde van minister Blok, weten het conflict tussen de VS en de Nederlandse bedrijven niet te beschouwen als iets waar de Nederlandse overheid zich mee zou moeten bemoeien. “Nord Stream 2 is een privaat project,” zo verklaarde hij. “Als Nederlandse bedrijven daarbij betrokken zijn, en ik weet dat dat zo is, dan zullen zij in contact moeten treden met de Amerikaanse regering en moeten kijken wat de consequenties voor hen zijn.”

Kan het zijn dat de Nederlandse overheid ongeveer dezelfde redenering toepast op het Internationaal Strafhof? Het Strafhof is net als Shell, Boskalis en Van Oord geen Nederlandse overheidsinstelling. Beschouwt dus het kabinet het conflict dat de VS heeft met het Strafhof als iets wat haar primair niet aangaat?

http://www.novini.nl/the-hague-invasion-act-blijft-gevaarlijk/

Novini vroeg William Pace van de Coalitie voor het Internationaal Strafhof in hoeverre Nederland de dreiging van een Amerikaanse invasie serieus moet nemen. “The Hague Invasion Act blijft een gevaarlijk symbolisch verzet tegen het internationale strafrecht,” antwoordde Pace. “Het hele idee van een militaire invasie van Nederland om een ​​Amerikaans staatsburger te bevrijden, zou je normaliter naar het rijk der fabelen verwijzen. Maar we hebben nu een president die voortdurend in die sectie opereert. Onder de huidige regering Trump is alles mogelijk. Als beschuldigingen worden ingebracht tegen hooggeplaatste personen uit de regering-Bush of tegen onze militairen, dan denk ik dat dit zal leiden tot een zeer krachtige reactie.”

Bovenstaand artikel is tot stand gekomen zonder subsidie van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Een subsidieaanvraag bij het Fonds werd afgewezen omdat het Fonds een Zwarte Lijst blijkt te hanteren, waar het de auteur van dit artikel aan toe heeft gevoegd.
Voor een verdere verdieping van het onderwerp had de auteur graag willen spreken met (oud-)diplomaten, (oud-)politici, (oud-)medewerkers van het Internationaal Strafhof en andere ingewijden. Ook had hij een WOB-procedure willen aanspannen om overheidsdocumenten boven tafel te krijgen. Maar aangezien er geen subsidie werd verstrekt, heeft hij zich voor zijn journalistieke onderzoek beperkt tot een literatuurstudie.

 

Posted on

“The Hague Invasion Act blijft gevaarlijk”

“Dreigementen gericht tegen het Internationaal Strafhof zijn dit keer veel serieuzer”, zegt William Pace van de Coalitie voor het Internationaal Strafhof. “Onder de huidige regering Trump is alles mogelijk.”

William Pace leidt de Coalitie voor het Internationaal Strafhof, een internationale koepel van meer dan 2500 maatschappelijke organisaties die pleiten voor een rechtvaardig, effectief en onafhankelijk Internationaal Strafhof. Hoewel het Strafhof wordt gesteund door maar liefst 123 lidstaten, inclusief alle landen in de Europese Unie, is het er niet in geslaagd om de Verenigde Staten, Rusland, China, India en Israël aan boord te krijgen. Sterker nog: sinds het Hof in 2002 van start ging, hebben de Verenigde Staten verschillende maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat er nooit een Amerikaan voor de rechter kan verschijnen in Den Haag. In 2002 riep het Amerikaanse Congres de Amerikaanse Service-Members’ Protection Act in het leven, die al snel de bijnaam ‘The Hague Invasion Act’, ‘Den Haag Invasiewet’ kreeg. De wet machtigt de Amerikaanse president met alle middelen, zo nodig met geweld, personen te bevrijden die door of namens het Internationaal Strafhof gevangen worden gehouden. Bovendien bedreigde de Amerikaanse nationale veiligheidsadviseur John Bolton in september 2018 het Strafhof met sancties en beloofde hij functionarissen van het Strafhof strafrechtelijk te zullen vervolgen – indien de rechtbank een onderzoek zou beginnen naar mogelijke oorlogsmisdaden begaan door Amerikaanse militairen en inlichtingendiensten tijdens de oorlog in Afghanistan. Hetzelfde lot zou het Strafhof treffen als het Israël of een andere Amerikaanse bondgenoot in het beklaagdenbankje zou plaatsen.

Meneer Pace, denkt u dat de aanklaagster van het Strafhof, Fatou Bensouda, toestemming zal krijgen van de rechters van het Strafhof om een ​​onderzoek in te stellen naar Amerikaanse betrokkenheid bij oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in Afghanistan?

Ik denk dat het erg moeilijk zal zijn voor de rechters om geen toestemming te verlenen voor het Afghaanse onderzoek. Maar dat is slechts een mening op basis van alle misdaden tegen de menselijkheid en de oorlogsmisdaden die daar sinds 2002 hebben plaatsgevonden. Het zou uiterst vreemd zijn als een onderzoek naar de Taliban en IS niet werd toegestaan. Ik weet echter niet of de rechters het onderdeel van de extraordinary renditions daarin zullen opnemen.

(Met Extraordinary renditions wordt bedoeld: Amerikaanse ontvoeringen van personen in Afghanistan en hun buitengerechtelijke overdracht aan het militaire gevangenenkamp Guantanamo Bay en ‘black sites’, geheime gevangenissen van de CIA, met als doel de Amerikaanse wetten inzake ondervraging, detentie en foltering te omzeilen, EvdB)

Zullen misschien de rechters mevrouw Bensouda niet machtigen om de extraordinary renditions te onderzoeken uit vrees voor de recente dreigementen van John Bolton?

Ik weet niet of de rechters aandacht schenken aan de dreigementen van Bolton. Ik hoop dat ze dat niet doen. Maar ik denk wel dat Bolton alles zal doen waar hij mee weg kan komen. Hij is fanatiek tegen een Internationaal Strafhof en hij was een belangrijke architect van de The Hague Invasion Act.

Wat als mogelijke misdaden van Amerikanen niet worden onderzocht? Hoe zullen de Afrikaanse landen hierop reageren? Sommige hebben het Internationaal Strafhof ervan beschuldigd een instrument te zijn van westers imperialisme, alleen leiders van kleine, zwakke staten te straffen en misdaden van rijkere en machtiger staten te negeren.

Ik denk dat het voor de geloofwaardigheid van de rechtbank absoluut van belang is dat de aanklager en de rechters alle personen vervolgen die zich schuldig hebben gemaakt aan misdaden waar het Hof bevoegd is, ongeacht de regio of nationaliteit van de beschuldigden. De VS, Rusland en Israël mogen dan weliswaar nog niet hebben geratificeerd, maar de rechtbank heeft niettemin rechtsbevoegdheid over misdaden begaan door Amerikaanse, Russische en Israëlische staatsburgers indien begaan op het grondgebied van landen die het Statuut van Rome hebben geratificeerd. Aangezien Afghanistan het Statuut heeft geratificeerd, heeft de rechtbank jurisdictie over alle misdaden begaan op Afghaans grondgebied, of het nu Afghaanse onderdanen of Amerikaanse staatsburgers zijn. Veel van de klachten van tegenstanders van het Strafhof in Afrika negeren dergelijke juridische implicaties van het Statuut van Rome. Nu Palestina geratificeerd heeft, kan de aanklager zowel vermeende Palestijnse misdaden onderzoeken als vermeende Israëlische misdaden. Georgiërs zijn van mening dat Rusland misdaden heeft begaan op hun grondgebied, en aangezien Georgië een verdragsstaat is, heeft het Hof rechtsmacht over vermeende misdaden van Russische staatsburgers op Georgisch grondgebied.

Wat als Fatou Bensouda niet gemachtigd wordt onderzoek te doen naar mogelijke misdaden van Amerikanen? Kan dit leiden tot een uittocht van Afrikaanse landen?

Er is veel meer steun voor het Strafhof in Afrika dan de academici en media ons willen doen geloven. Twee jaar geleden deden Kenia, Soedan en anderen een oproep aan de Afrikaanse landen zich massaal terug te trekken uit het Strafhof. Zestien regeringen in de Afrikaanse Unie hebben zich toen publiekelijk hiertegen uitgesproken. Ook zijn de meeste Afrikaanse regeringen erg afhankelijk van Amerikaanse hulp en handel. Ze zullen daarom de rechtbank niet snel bekritiseren als die besluit geen Amerikaanse leiders of zelfs soldaten te vervolgen. En het is verder interessant te zien dat de kritiek van de Afrikanen op de rechtbank vooral van invloed is geweest op de manier waarop er in het Westen wordt gekeken naar de rechtbank. In Zuid-Amerika en Azië is er nauwelijks iets veranderd in de opvattingen over het Strafhof.

Denkt u dat het Strafhof zich beschermd voelt door de Nederlandse regering en de Europese Commissie? Is het Strafhof tevreden over de manier waarop Den Haag en Brussel reageren op acties en verklaringen zoals die sinds 2002 uit Washington komen?

Zelfs met de huidige conservatieve regering en de huidige premier Rutte die Trump prijst, staat Nederland vierkant achter het Statuut van Rome en het Internationaal Strafhof. De Europese Unie heeft zich ook een fervent supporter getoond.

Steun uitspreken aan het Strafhof is één ding. Hebben bij uw weten Den Haag en Brussel zich ooit publiekelijk uitgesproken tegen verklaringen en acties van de VS gericht tegen het Strafhof?

Ze hebben zich grotendeels op de vlakte gehouden, waarschijnlijk uit berekening, omdat de The Hague Invasion Act werd aangenomen nog zo kort na de aanslagen van 11 september op de Verenigde Staten. De meeste regeringen waren toen niet bereid openlijk kritiek te uiten op de regering-Bush.

Meteen nadat Barack Obama tot president was verkozen, in 2009, heeft onze minister van Buitenlandse zaken Maxime Verhagen in het Amerikaanse Congres gepleit voor intrekking van de The Hague Invasion Act. Zonder succes.

Het Congres heeft een aantal bepalingen van de American Service Members’ Protection Act aangepast toen deze ten koste bleken te gaan van de militaire samenwerking met landen en van de Amerikaanse wapenverkopen, maar de The Hague Invasion-bepaling is toen inderdaad niet geschrapt.

Den Haag en Brussel steunen het Strafhof, maar ze hechten ook sterk aan goede betrekkingen met Washington. Zijn ze bereid om hun relatie met Washington op het spel te zetten voor de bescherming van het Strafhof?

Dat is één van de kwesties waarbij we goed de vinger aan de pols houden. We zien overal in de wereld een buitengewoon gevaarlijke verkwanseling van de principes van het multilateralisme. En het meest zorgelijk is dat sommige regeringen in West-Europa zich daarin mee laten slepen. Als afnemende steun voor multilateralisme zou leiden tot omstandigheden waarin regeringen bereid zouden zijn het Strafhof te offeren aan goede betrekkingen met de Verenigde Staten, dan zou dat een grote nederlaag betekenen voor de internationale rechtsorde.

Moeten Nederland en de EU de The Hague Invasion Act serieus nemen? In 2002 verklaarde de Amerikaanse ambassade in Den Haag dat de Amerikaanse regering zich geen omstandigheden kon voorstellen waarin de Verenigde Staten zouden besluiten om militaire actie te ondernemen tegen Nederland.

Het officiële standpunt van het Amerikaanse Congres, de The Hague Invasion Act, blijft een gevaarlijk symbolisch verzet tegen het internationale strafrecht. Het hele idee van een militaire invasie van Nederland om een ​​Amerikaans staatsburger te bevrijden, zou je normaliter naar het rijk der fabelen verwijzen. Maar we hebben nu een president die voortdurend in die sectie opereert. Onder de huidige regering Trump is alles mogelijk. Als beschuldigingen worden ingebracht tegen hooggeplaatste personen uit de regering-Bush of tegen onze militairen, dan denk ik dat dit zal leiden tot een zeer krachtige reactie. En ik denk dat dat precies is wat Bolton graag zou zien gebeuren. Hij zou de internationale gemeenschap er graag van overtuigen: “U hebt een fout gemaakt met de oprichting van het Strafhof en nu moet u de deuren sluiten. Als u dat niet doet, zullen we u net zo lang straffen totdat u dat wel doet.” Tijdens de regering-Bush waren er nog personen in het Witte Huis die Bolton een beetje in toom konden houden, zoals de ministers van Buitenlandse zaken Colin Powell en Condoleeza Rice. Nu heeft hij meneer Trump. Ik denk daarom dat we zijn dreigementen dit keer veel serieuzer moeten nemen.

Posted on

9/11 – De aanslag op het World Trade Center: Deconstructie van een anti-zionistische complottheorie

Door Fred Neerhoff en David Bakker

De politieke wetenschapper Kees van der Pijl kennen we o.a. van Café Weltschmerz waarin hij regelmatig – op zich boeiend – commentaar geeft op de geopolitiek. Recent ontstond er ophef over een tweet – met een verwijzing naar een obscure site – waarin Van der Pijl de nogal boude bewering doet dat Israeli’s met behulp van zionisten in de Amerikaanse regering het World Trade Center (WTC) in New York hebben opgeblazen. De ophef was voor hem echter geen reden voor terughoudendheid. In tegendeel, in de daarop volgende ‘The Richie Allen Show’ laat hij doodleuk weten dat er keihard bewijs is voor zijn beweringen. Van der Pijl beroept zich hierbij op het werk van de onderzoeksjournalist Christopher Bollyn. We lazen diens boek ‘The War on Terror, The Plot to Rule the Middle East‘ (2017) waarin hij een a priori kwaadaardig verondersteld Israël aanwijst als de planmatige dader van de aanval op het WTC.

Yinon-Plan

Als steeds terugkerend thema in zijn boek, begint Bollyn met de feitelijke vaststelling dat Benjamin Netanyahu (de huidige premier van Israël) sinds 1979 – mede via het samen met zijn vader opgerichte Jonathan Netanyahu Institute – consequent de doctrine van de War on Terror heeft gepropageerd. Met steeds als ultiem doel de uitschakeling van Israëls aangrenzende vijanden. ‘Balkanisering’ van de regio (later zo genoemd naar voorbeeld van het uiteenvallen van het vroegere Joegoslavië in de jaren ‘90) was daarbij de te volgen strategie, d.w.z. opdeling van de regio in kleinere etnische en religieuze enclaves die elkaar onderling bestrijden. In 1982 is Netanyahu’s idee als een uitgewerkt operationeel plan in de openbaarheid gebracht onder de naam Yinon-Plan.

In zijn boek plaatst Bollyn dit Plan van meet af aan in een uiterst verdachte hoek. Alsof het staat voor iets onbetamelijks. Maar vanuit het perspectief van Israël dat binnen een vijandige moslim-omgeving moet leven met de voortdurende dreiging om als Joods volk in zee gedreven te worden, zou iedere rechtgeaarde en vaderlandslievende machiavellist zo’n strategisch plan kunnen bedenken. Goed voor het bedreigde Israël maar slecht voor vijandige moslims in de aangrenzende regio. Zo bijzonder is het Yinon-Plan dus niet.

Het complot

Bollyn beschrijft een op het eerste gezicht inderdaad nogal verdachte verzameling van – op zichzelf goed gedocumenteerde (maar niet alle onomstotelijk bewezen) – gebeurtenissen en feiten, die tezamen geframed kunnen worden binnen zijn zionistische complot. Rode lijn van Bollyns (nogal doorzichtige) Zionistische Plot-redenering: Omdat er twijfel bestaat aan de officiële lezing van de aanslag op het WTC (zie hieronder) terwijl die aanslag (inderdaad) Israël vol in de kaart speelde, is Israël DUS de ware dader van deze aanval. En dat zonder ook maar één dode Israëlische soldaat, voegt Alan Sabrosky daar in het voorwoord nogal vilein aan toe. (Alsof Israël geen militaire inzet zou willen leveren om zijn kerndoel – veiligheid – te realiseren!)

Bollyn suggereert dat Israël zich volgens genoemd Yinon-Plan gedurende ruim twee decennia heeft voorbereid op de WTC-aanslag terwijl de mainstream media (volgens Bollyn onder controle van zionisten!) daar bewust over hebben gezwegen. In plaats daarvan hebben die media, en nog steeds onder regie van Israël, de door Bollyn voor onschuldig gehouden (maar door Israëls militaire inlichtingendienst misleidde!) moslim Osama Bin Laden van Al Qaida als zondebok gepresenteerd voor de gewraakte aanslag. Een gefingeerde dader dus, die zich in een Afghaanse rots schuil zou houden. Door dit door Israël georkestreerde plan greep het Westen (aangevoerd door Amerika) deze terreurdaad onmiddellijk aan om Afghanistan, Irak, Libië, Syrië, enz. in hun oorlog tegen het terrorisme te betrekken met precies het resultaat volgens Netanyahu’s oorspronkelijke opzet van 1979 (ofschoon daarin het WTC als provocatief doel niet werd genoemd)!

Cherry picking

Ter onderbouwing van zijn plot gaat Bollyn opvallend selectief te werk. Zo maakt hij melding van een door mediamagnaat Rupert Murdoch geproduceerde, en een half jaar vóór 9/11 vertoonde TV-serie over een op afstand bestuurd, gekaapt passagiersvliegtuig dat het WTC binnen vloog. Bij de opnames werd gebruik gemaakt van een helikopter die de omgeving van het WTC in kaart kon brengen. Bollyn suggereert dan dat deze verfilming wel eens verband zou kunnen houden met de daarop volgende werkelijke WTC-ramp. Maar verder niets over de piloten van de vliegtuigen die het WTC feitelijk binnen vlogen. Ook zwijgt Bollyn over de aanval op het Pentagon. De kans dat de film en de WTC-aanval los van elkaar staan is evenwel groter dan de kans op een causale relatie tussen beide voorvallen, vooral omdat er – ook volgens Bollyn zelf – reeds lang publiekelijk verhalen de ronde deden over een mogelijke terroristische aanslag op een duidelijk zichtbaar Amerikaans machtscentrum in New York. Een kwaadaardige opzet van de verfilming zou in dit klimaat daarom onmiddellijk doorzien zijn. Maar Bollyn kiest onomwonden voor verdachtmakingen jegens Israël!

En natuurlijk ontbreekt niet de theorie dat Al Qaida mede een product is van superieure Israëlische planning, waarmee de Zionisten een ideale vijand van het Westen creëerde. Voorts wijst Bollyn nadrukkelijk op activiteiten van de Mossad (Israëls geheime dienst) die hij alle – zeer speculatief (geen begin van bewijs!) – in de context van de WTC-tragedie plaatst! (Er zullen ten tijde van deze tragedie ongetwijfeld ook Arabische veiligheidsdiensten in New York actief zijn geweest die kennis hadden van het vermaledijde Yinon-Plan, maar daarover zwijgt Bollyn dan weer.)

Het verbaast dan ook niet dat Bollyn de samenwerking tussen Amerikaanse en Israëlische inlichtingendiensten in een kwaad daglicht plaatst. Ten onrechte want de Amerikaanse belangen sporen naadloos met die van Israël waardoor een dergelijke samenwerking voor de hand ligt. Ook beweert Bollyn dat de arrestatie na de aanslagen van 9/11 van Israëliërs die volgens hem (maar nooit bewezen) betrokken zijn geweest bij terroristische praktijken met betrekking tot 9/11 opzettelijk is stil gehouden. Tot slot zorgden ministers met een dubbele nationaliteit (VS en Israël, volgens Bollyn ook al verdacht) er volgens Bollyn voor dat George W. Bush binnen zijn regering ruimschoots de benodigde steun verkreeg voor zijn voorstel om de door Israël beoogde War on Terror te beginnen. Dit met als officieel doel de bronnen van het terrorisme dat de WTC-ramp had veroorzaakt uit te schakelen. Tegelijkertijd kon de VS op het thuisfront al langer gewenste maar onpopulaire veiligheidsmaatregelen door het Congres jagen, zoals de al klaarliggende (!) Patriot Act (elektronische surveillance).

Het is een onloochenbaar gegeven dat Bush’s oorlogsverklaring aan het terrorisme een voor Israël gunstige beslissing was omdat het perfect strookte met het Yinon-Plan. Maar zo bijzonder is dat niet, want dat zou ook het geval zijn voor elk ander land in zo’n penibele geopolitieke situatie als Israël. Maar volgens Bollyn was het ganse scenario – inclusief de aanval op het WTC – met kwade opzet door Israël bedacht, gedurende twee decennia voorbereid en tenslotte onder Israëls regie uitgevoerd!

Gesmolten ijzer

Als één van de hoofdoorzaken van de twijfel aan de officiële lezing van 9/11 noemt Bollyn de (volgens hem) haastige afvoer van het gesmolten ijzer afkomstig van de vernietigde WTC-torens. Daardoor werd forensisch onderzoek naar de precieze herkomst van dit ijzer onmogelijk. Hij koppelt de verdachtmaking van genoemde ijzer-afvoer aan de explosieve instorting van één van de WTC-torens. Zeven minuten voorafgaande aan die instorting zou er volgens Bollyn – hij baseert zich o.a. op getuigenissen van brandweerlieden – namelijk sprake zijn geweest van een onverklaarbaar hete soort lavastroom van gesmolten ijzer vanaf de 81-ste verdieping van de Zuid-Toren. Ook voert Bollyn in dit verband een select groepje Mossad -veteranen op die er aldoor op uit waren om een beveiligingscontract voor het WTC te krijgen. Eén daarvan heeft volgens Bollyn sinds 1993 zo’n contract ook daadwerkelijk bemachtigd, waardoor de Mossad ten tijde van de ramp effectief verantwoordelijk was voor de beveiliging. Verder suggereert Bollyn een causaal verband  tussen dit gegeven en door de autoriteiten verzwegen, maar intussen wel goed gedocumenteerde explosies bij het WTC, en stelt dat sprake is van een  terreurdaad die o.a. de karakteristieke fijn structuur van de gesmolten ijzerstof na de ramp verklaart (NB. Er is nooit aangetoond dat de verzwegen explosies het gevolg waren van een terreurdaad).

Maar waarom zou de Mossad – zoals Bollyn suggereert – een dergelijke gloeiendhete ijzer-stroom faciliteren, als er toch al twee Boeings het WTC binnenvlogen? En waarom die ijzerstroom in de ene toren, en niet in de andere? De ‘waarneming’ van gesmolten ijzer voorafgaande aan de instorting van een WTC- toren vertoont dan ook alle kenmerken van inbeelding (zoals de ‘mannen in witte pakken’ die bij de Bijlmerramp zouden zijn waargenomen).

Conclusies

Twijfel aan de lezing van de autoriteiten over de toedracht van de aanslag op het WTC heeft onlangs geleid tot het instellen van een ‘Grand Jury’. Dit toont ook al aan dat de precieze loop van de gebeurtenissen strikt genomen onbekend is. Bollyn neemt de – mede door hem opgeworpen – twijfel niet weg maar presenteert alles bijeen een suggestieve en onsamenhangende verzameling van feiten en gebeurtenissen met als enige constante dat zij allen zonder uitzondering naar Israël wijzen als de planmatige dader van de aanval op het WTC. Omdat Bollyns onderzoek duidelijk blijk geeft van vooringenomenheid jegens zionisten en Israël (de Joodse zionisten zijn volgens Bollyn de oorzaak van al het terrorisme, waarvan de islamitische Palestijnen het slachtoffer zijn) is zijn boek beslist géén betrouwbare informatiebron.

Ter illustratie van ons eindoordeel geldt dat Bollyn in zijn boek een apart hoofdstuk heeft opgenomen waarin hij de volgens hem ten onrechte getroffen moslimgemeenschap in het Midden-Oosten aan het woord laat, terwijl de door hem belasterde Joden geen weerwoord krijgen. Het typeert de werkwijze van een antisemiet. Met zijn onvoorwaardelijke beroep op Bollyn laadt van der Pijl de verdenking op zich tot dezelfde categorie te behoren als Bollyn zelf.