Posted on

De Standaard over Litvinenko

 

Alexander Litvinenko - 1
Alexander Litvinenko, volgens De Standaard en de rest van onze massamedia een held die de waarheid over president Vladimir Poetin wou onthullen en daarom door de Russische geheime dienst FSB vermoord werd.

Een wel heel merkwaardige redenering die gezien de traditie van mevrouw Hancké natuurlijk ook niet kan verrassen. Dat Tass hem om een reactie vraagt lijkt mij vanuit journalistiek standpunt zelfs essentieel. Journalistieke deontologie eist immers dat men zeker in strafzaken beide partijen op een evenwichtige wijze aan het woord laat. Maar voor mevrouw Hancké is dat interview echter het bewijs dat Rusland beiden niet zal uitleveren.

Complete onzin natuurlijk die men nu eenmaal van haar kan verwachten. De reden waarom Rusland hen tot heden niet uitleverde is echter simpelweg omdat de Russische grondwet dat niet toelaat. Dat is reeds in 2006 snel na de dood van Litvinenko het Russische standpunt geweest maar wordt veelal in onze westerse massamedia verzwegen. Dus ook door Hancké in De Standaard.

Maar ja, Rusland is sinds 2000 toen Poetin president werd geen natie meer die, zoals België, op een fluittoon naar de pijpen danst van grote broer Washington. Rusland gooit haar basisrechten niet zomaar in de vuilbak omdat Washington of Londen dat eisen. Vandaar dat de gewezen Amerikaanse spion Edward Snowden in Moskou wel asiel kreeg en men dat in de ‘vrijheidslievende’ EU al bij voorbaat weigerde. En dus start operatie moddergooien met Uw nederige dienaar Corry Hancké in een bijrolletje.

Dat Litvinenko de appartementsaanslagen in Moskou op naam van Poetin schreef – de reden volgens onze pers voor die moord – is trouwens niet verbazend. Het is ook al een oud verhaal dat men vanuit bepaalde westerse bronnen reeds in 2000 lanceerde. Litvinenko werkte op dat ogenblik voor vroegere Russisch mediamagnaat Boris Berezovski. En die beschuldigde men in Rusland toen reeds van het leveren van wapens aan de Tsjetsjeense salafistische groepen die men ook verantwoordelijk achtte voor die bomaanslagen.

Andrei Lugovoj - 1
Andrej Loegovoj, volgens het Britse onderzoek de moordenaar van Litvinenko. Hij zetelt nu voor de Liberaal Democratische Partij van Rusland, de ultranationalistische en demagogische oppositiepartij van Vladimir Zhirinovsky, in de Doema, het Russische parlement.

De beweringen van Litvinenko waren dan ook logisch te noemen. De link tussen Berezovski en Litvinenko en die salafistische terreurgroepen werd nadien na zijn vlucht naar Londen trouwens ook verder bewezen. Alle drie hadden trouwens goede relaties met onder meer de Britse veiligheidsdienst MI6. En Litvinenko bekeerde zich op het einde van zijn leven trouwens tot de salafistische versie van de islam.

Het verhaal van Litvinenko over die appartementsbommen in Moskou doet denken aan die episode toen in de zomer van 2011 in de Syrische hoofdstad Damascus enkele dodelijke aanslagen met autobommen plaats hadden. Dan was dit volgens Jullie andere moddergooier Jorn De Cock het werk van president Bashar al Assad. Nog zo’n heel grote crimineel volgens onze massamedia.

Waarom had Assad dit gedaan? Hij wou zo, stelde De Cock in die periode, deze Syrische salafistische rebellen zwart maken. Het is pure onzin en feitelijke laster die men nu natuurlijk in De Standaard of elders wel niet meer durft te beweren. Ook volgens Litvinenko pleegde Poetin die aanslagen in Moskou alleen om zo komaf te kunnen maken met het salafistische bestuur over Tsjetsjenië.

Boris Berezovski - 4
De op 23 maart 2013 thuis overleden – Volgens het Britse gerecht door zelfmoord – Russische oligarch Boris Berezovski werkgever van Litvinenko en de Londense huisbaas van o.m. Tsjetsjeense salafisten. Toen men in Rusland een onderzoek wou beginnen rond zijn wapenleveranties aan die Tsjetsjeense terreurgroepen zorgde hij ervoor dat zijn kranten een heuse moddercampagne begonnen tegen diegenen die dat onderzoek waren begonnen. Gezien zijn grote machtspositie toen over de Russische pers was dat met succes. Pas nadat Poetin aan het bewind macht kwam snoeide men aan zijn almacht en vluchtte hij naar zijn Britse bazen van MI6. Zelfs de Britse pers schreef dat hij een agent was van MI6. Het was mede op die wijze dat het westen Rusland toen in haar greep had en er kon plunderen dat het een lieve lust was.

Maar deze elementen die in dit dossier opduiken weigert men duidelijk te schrijven. Te gênant voor de Britse regering nietwaar.

Trouwens volgens bepaalde bronnen die het dossier jaren geleden inkeken was de vergiftiging met polonium reeds een feit voor de ontmoeting van Andrej Loegovoj en Dmitri Kovtoen met Litvinenko.

Verder wil ik de krant er ook aan herinneren dat het toch wel heel unieke gebruik van polonium als moordwapen volgens Zwitsers forensisch onderzoek van november 2013 al in oktober of november 2004 toegepast is om de Palestijnse leider Yasser Arafat te vermoorden.

Een feit dat nog meer vragen zou moeten oproepen over deze zaak. Het zou immers doen veronderstellen dat in het geval de Britten het bij het rechte eind hebben Poetin ook Yasser Arafat liet vermoorden. Ook dat eerder gebruik van polonium wordt natuurlijk echter lekker verzwegen.

Tsjetsjeense salafisten - 1
Tsjetsjeense salafistische terroristen, zo te zien de vrienden van Alexander Litvinenko, Boris Berezovski, MI6, Corry Hancké en De Standaard. Ze zijn nu vooral actief bij ISIS in Irak en Syrië evenals in Oekraïne bij het fascistische AZOV-Bataljon. Strijd tegen de terreur zegt U?

Maar als we weten dat mevrouw Hancké voor haar berichtgeving over de Krim zich eerder baseerde op informatie komende van de aan terreur gelieerde salafistische beweging Hizb ut Tahrir dan weten we waar we in haar geval aan toe zijn.

Men kan alleen maar besluiten dat De Standaard wanneer het past een boontje heeft voor salafistische terreur, zowel op de Krim, Tsjetsjenië als in Syrië.

[contextly_sidebar id=”MuzfhqoDJYp1b4Uk6IvWmkAiHNUOyXkt”]Willy Van Damme

Brief aan De Standaard betreffende het artikel ‘Rapport af, case closed’  van Corry Hancké van vandaag 22 januari 2016 over de zaak van de moord op Alexander Litvinenko.

Posted on

Britse geheime dienst kan internet op grote schaal manipuleren

De Britse geheime dienst GCHQ is volgens de onderzoeksjournalist Glenn Greenwald in staat om het internet op grote schaal te manipuleren. Dat blijkt volgens Greenwald uit documenten van de voormalige NSA-medewerker Edward Snowden.

Het zou gaan om programma’s die online stemmingen kunnen manipuleren, websites plat kunnen leggen en informatie aan sociale netwerken en veilingsites kunnen onttrekken. De onderzoeksjournalist spreekt van “enkele van de meest verbazende propaganda- en misleidingsmethodes van het internet”. Uit de documenten van de Amerikaanse geheime dienst NSA van juli 2012 blijkt verder dat de programma’s “volledig functionerend, getest en betrouwbaar” gebleken zijn.

[note color=”#F4FDFF”] Blijf op de hoogte van nieuws, opinie en achtergronden met een internationale focus: Volg Novini!

[/note]

De onthullingen komen ongelegen voor de Britse regering. Vandaag debatteert juist het Lagerhuis over een wetsontwerp dat de bevoegdheden van de geheime dienst uit moet breiden. De regering van Conservatieven en Liberaal-Democraten acht deze uitbreiding van bevoegdheden noodzakelijk vanwege de aanhoudende dreiging van terroristische aanslagen.

Posted on

Veiligheid en Justitie of Justitie en Veiligheid?

Waarom is er eigenlijk ooit gekozen voor de naam Veiligheid en Justitie? Dat heb ik me afgelopen weken een paar keer afgevraagd bij de voorbereidingen voor de begrotingsbehandeling van dit ministerie. Veiligheid en Justitie staan niet in alfabetische volgorde en dat suggereert dat veiligheid voorop gaat en dat daarna pas het Recht, justitia, volgt. Op zijn zachtst gezegd is dat een ongelukkige keus. Maar tegelijk zegt het wellicht ook iets over de prioriteiten van dit kabinet.

Dit voorjaar sprak prof. Beatrice de Graaf haar oratie uit en dat ging onder andere hierover. Als veiligheid voorop gaat, dan dreigen volgens haar personen en hun grondrechten onderworpen te worden aan de macht van de staat. Veiligheidsbeleid claimt noodzakelijkheid, urgentie en onvermijdelijkheid en wordt zo een ‘stuwend beginsel’, aldus De Graaf. En we zien het om ons heen gebeuren. Het massale afluisteren, enorme hoeveelheden telefoontaps, mogelijk opslaan van reisgegevens, van dataverkeer, en burgers die worden gereduceerd tot profielen en veiligheidsrisico’s. Burgers worden steeds meer een profiel en steeds minder mens.

Cruciale vragen
Marc van Nimwegen, procureur generaal bij het OM, heeft inmiddels ook zijn zorgen over deze ontwikkelingen geuit. “We tappen ons inmiddels suf in Nederland. Tappen moet geen Pavlovreactie van de politie en het OM worden,” aldus Van Nimwegen.

De Graaf stelt hierbij terechte vragen. Deugt veiligheid als stuwend beginsel? Is alles wat we hebben opgetuigd allemaal even noodzakelijk, even urgent en even onvermijdelijk? Als we kijken naar het afluisterschandaal en de grootschalige opslag van zoveel gegevens van burgers, inclusief het onzalige plan om alle reisgegevens op te slaan, dan zijn dit cruciale vragen. Heiligt het doel van veiligheid alle middelen, ook als het recht er steeds meer achteraan bungelt?

Financiële opgave
Niet alleen de drang naar veiligheid, maar ook de financiële opgave kan een stuwend beginsel zijn. Dat leidde al tot het masterplan Gevangeniswezen en nu liggen er plannen met betrekking tot de rechtsbijstand en de elektronische detentie bij de Kamer. Ik maak me zorgen over de methode van bezuinigen die telkens gekozen wordt.

Met gevolgen voor zowel rechtsstaat als veiligheid. Want wat is rechtsbijstand waard als er geen advocaat meer kostendekkend kan werken? En wat is elektronische detentie waard als je geen onderkomen hebt om naar terug te keren en er amper budget voor begeleiding bij de re-integratie is? Voorop moet staan dat recht wordt gedaan, juist ook aan mensen die kwetsbaar zijn en slecht kunnen opkomen voor hun rechten.

Natuurlijk is veiligheid een groot goed. En natuurlijk is een inperking van privacy soms noodzakelijk, juist om mensen te beschermen. Maar wat nodig is, is een grondige herbezinning op de verhouding tussen de veiligheid die de overheid belooft en de privacy die de burger daarvoor moet inleveren. Tussen de grondrechten van burgers en de verantwoordelijkheid van de overheid om de gemeenschap. We moeten zuinig zijn op onze rechtstaat.

Posted on 1 Comment

Duitse kiezers: Bevoegdheden EU terug naar lidstaten

Een meerderheid van de Duitse kiezers wil de EU op een aantal punten afslanken. Dat blijkt uit een peiling in opdracht van de denktanks Open Europe en Open Europe Berlin, uitgevoerd door YouGov Deutschland.

Op ten minste acht beleidsterreinen is een meerderheid van de Duitse kiezers voor minder Brusselse inmenging. De diverse beleidsterreinen werden apart van elkaar voorgelegd aan de geënquêteerden.

  • Zes op de tien was van mening dat nationale parlementen meer mogelijkheden moeten krijgen om EU-wetgeving te blokkeren, 25% was daar tegen;
  • 61% van de ondervraagden was van mening dat beslissingen over het regionale ontwikkelingsbeleid alleen door nationale politici genomen zouden moeten worden in plaats van op EU-niveau (24% was het daar deels of geheel mee oneens);
  • 58% was van mening dat landbouwsubsidies nationaal geregeld zouden moeten worden;
  • Zes op de tien vond dat beslissingen op het gebied van strafrecht, databescherming en arbeidsrecht door nationale politici genomen moeten worden en niet op EU-niveau (respectievelijk 26, 27 en 24% was het daarmee oneens).
  • Iets meer dan de helft (51%) is van mening dat beslissingen over immigratie binnen de EU op het niveau van de lidstaat genomen moeten worden (30% was het daarmee oneens).
  • Op het gebied van visserij, voedselstandaarden en klimaatverandering bleek een meerderheid van de ondervraagden voortzetting van de betrokkenheid van de EU te ondersteunen.

decentralisation2

Als de vraag naar afslanking van de EU in het algemeen werd gesteld, koos 41% voor een EU met minder bevoegdheden, 36% voor de status quo en slechts 23% voor meer bevoegdheden. 50% antwoordde met ja op de vraag of de nieuwe bondskanselier de pogingen van andere regeringsleiders om bevoegdheden van EU-niveau naar nationaal, regionaal of lokaal niveau te verplaatsen moet ondersteunen.

Uit de peiling bleek verder dat Duitsers, gevraagd naar 13 verschillende Duitse en Europese instellingen, het geringste vertrouwen hebben in de Europese Commissie en het Europees Parlement. Het Duitse grondwettelijk hof genoot het grootste vertrouwen (71%), het Europees Parlement en de Europese Commissie zijn de hekkensluiters met respectievelijk 33 en 30%. De Duitse regering en de bondsdag hebben daarentegen het vertrouwen van  resp. 44 en 45% van de kiezers. De Bundesbank heeft duidelijk aan vertrouwen ingeboet, evenveel kiezers (47%)  vertrouwen deze instelling als niet. De Europese Centrale Bank staat er met 38% nog slechter voor.

Duitse kiezers hebben weinig vertrouwen in het Europees Parlement.
Duitse kiezers hebben weinig vertrouwen in het Europees Parlement.

Mats Persson, directeur van de Brusselse denktank Open Europe over de uitkomst van de peiling:

“Hoewel Duitsland sterk aan Europa hangt, blijkt dat, als de vraag naar EU-bevoegdheden wordt teruggebracht tot specifieke beleidsterreinen, er brede steun is onder het Duitse publiek voor de terugkeer van bevoegdheden van Brussel naar de lidstaten. Dit versterkt de indruk dat er in diverse lidstaten op veel terreinen een toenemende voorkeur is voor minder Europa.”

Brexit?

“Een duidelijke meerderheid van de Duitsers is ook van mening dat een Brits vertrek uit de EU zeer schadelijk zou zijn voor Duitsland en de EU en wil dan ook dat de volgende bondskanselier er actief naar streeft het Verenigd Koninkrijk aan boord te houden, zelfs al wordt Frankrijk nog steeds als Duitslands belangrijkste bondgenoot in Europa gezien”, aldus Persson.

53% van de ondervraagden was van mening dat het niet in Duitsland economisch en politiek belang is als het Verenigd Koninkrijk de EU verlaat (30% was het daar niet mee eens). 57% zei dat het vertrekken van de Britten het prestige en de geloofwaardigheid van de EU schade zou berokkenen. 63% was van mening dat Duitsland en Engeland bondgenoten kunnen zijn in het hervormen van de EU, maar 50% was het er niet mee eens dat de Britten natuurlijker bondgenoten voor de Duitsers zouden zijn dan de Fransen. Gevraagd naar de belangrijkste bondgenoot van Duitsland in Europa, noemt 61% Frankrijk en slechts 19% het Verenigd Koninkrijk als eerste. François Hollande geniet onder de Duitsers met 26% echter minder vertrouwen dan David Cameron met 30%, 18% noemt Mark Rutte als meest betrouwbare leider.

Twee derde van de ondervraagden was het er mee eens dat ingrepen gericht op het stabiliseren van de Euro niet ten koste mogen gaan van de gemeenschappelijke markt of in het nadeel van lidstaten mogen zijn die de Euro niet hebben ingevoerd.

Het volledige onderzoek en een toelichting op de methodologie is hier te vinden: http://www.openeurope.org.uk/Article/Page/en/LIVE?id=13845&page=PressReleases