Posted on

Waarom is NRC een NAVO-krant?

NRC zegt in haar beginselprogramma de NAVO te steunen. Verklaart dit de heksenjacht op Nederlanders die een vreedzame co-existentie nastreven met Rusland? Wie zijn eigenlijk de financiers van NRC?

Toeval of niet. Drie dagen voordat minister Kajsa Ollongren het jachtseizoen opende op Russisch nepnieuws, verscheen in NRC een artikel waarin CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt beschuldigd werd van het verspreiden van Russische propaganda. Geheel ten onrechte, zoals later bleek, maar het gevolg was wel dat Omtzigt politiek kaltgestellt werd. Hij mocht niet langer namens zijn fractie het woord voeren over MH17. Tot grote teleurstelling van velen. Er was geen ander Kamerlid dat zich zo kritisch had getoond over de rol van het kabinet Rutte bij het boven krijgen van de onderste steen in het onderzoek naar de ramp met MH17.

Wilmer Heck
Wilmer Heck

De karaktermoord van NRC op Omtzigt staat niet op zichzelf. NRC publiceert sinds vorig jaar het ene na het andere artikel over ‘Russische beïnvloeding’. Nederlanders die een andere kijk hebben op MH17 of op andere aan Rusland gerelateerde onderwerpen krijgen vroeg of laat NRC-journalist Wilmer Heck op hun dak. Niet uit interesse voor hun ideeën, maar om uit te vissen met wie ze in contact staan en waar ze hun geld vandaan halen. De achterliggende gedachte hierbij lijkt steeds te zijn dat deze mensen optreden als doorgeefluik van Russische propaganda, zonder dat ze er zelf erg in hebben (de zogeheten ‘nuttige idioten’), of omdat het Kremlin ze er voor betaalt. Kortom: achter elke boom schuilt een Rus. Het is een vorm van paranoia die doet denken aan de donkere dagen van het Mccarthyisme in de VS, toen senator Joseph McCarthy een heksenjacht voerde op Amerikaanse burgers die hij verdacht van communistische activiteiten of sympathieën.

Het laatste slachtoffer in de kruistocht van NRC tegen ‘Russische beïnvloeding’ is De Andere Krant. Dit is een krant die in maart van dit jaar in een oplage van 50.000 exemplaren is verschenen, gratis is verspreid, is bekostigd uit donaties van lezers, tot doel heeft de ‘andere kant’ van het nieuws te belichten en waarvan de eerste editie geheel was gewijd aan het thema ‘Rusland’. Ik ben als auteur en eindredacteur betrokken geweest bij deze eerste editie van de krant. NRC zette meteen de aanval in. NRC-journalist Wilmer Heck oordeelde in zijn eerste artikel over De Andere Krant dat deze ‘pro-Russisch’ is. Geheel ten onrechte, zoals ik heb uitgelegd in mijn artikel ‘NRC op Russenjacht’. De komende nummers van De Andere Krant hebben niks met Rusland te maken, en in het eerste nummer wordt het land nergens opgehemeld.

Smadelijk artikel

Het was nog tot daaraan toe dat Heck De Andere Krant als ‘pro-Russisch’ framede. Zijn tweede artikel over De Andere Krant was ronduit smadelijk. Hij bracht in dit artikel de krant in verband met antisemitisme. Was dat omdat Heck antisemitische teksten had aangetroffen in De Andere Krant? Zeker niet. Geen spoor daarvan. Niks wat er in de verste verte ook maar in die richting wees. Heck schreef dit keer over één van de ruim 150 financiers van de krant, bioboer Hugo Jansen, die hoofdredacteur Sander Compagner had toegezegd financieel bij te springen in het geval er te weinig zou worden opgehaald aan donaties om de kosten van de krant te dekken (6000 euro). Heck onthulde dat deze Jansen onder pseudoniem op zijn eigen blog een strijd voert tegen wat hij noemt ‘de joodse elite’.

Het moet voor Heck een teleurstelling zijn geweest dat de borgsteller van De Andere Krant geen Rus was, en zelfs geen Nederlander die zich laat betalen door het Kremlin of zakelijke belangen heeft in Rusland. Maar gelukkig was het een persoon die zich ‘in antisemitische bewoordingen’ uitliet. Zo kon de ‘pro-Russische’ krant alsnog verdacht worden gemaakt. Het is dezelfde truc die Heck uithaalde met Omtzigt. Door de CDA-politicus in verband te brengen met iemand die zogenaamd niet deugde (een MH17-nepgetuige) werd de suggestie gewekt dat hij dan zelf ook wel niet zou deugen. Guilty by association.

NRC Ombudsman Sjoerd de Jong
NRC Ombudsman Sjoerd de Jong

Overigens was Jansen een roepende in de woestijn met zijn blog over ‘de joodse elite’. Door hem volop in de schijnwerpers te plaatsen heeft NRC ervoor gezorgd dat hij nu met zijn boodschap een veel groter publiek bereikt dan toen hij nog anoniem op zijn blog in de marge rommelde. Ik heb NRC Ombudsman Sjoerd de Jong gevraagd wat hij ervan vindt dat zijn krant een podium heeft geboden aan iemand die zich ‘in antisemitische bewoordingen’ uitlaat, compleet met een linkje naar diens blog.

Ik ontving van De Jong een vriendelijke en ook uitgebreide brief terug, maar op deze vraag heeft hij niet geantwoord. Ook niet op mijn vraag trouwens of de hoofdredactie had moeten nadenken over de consequenties voor Jansen. Wat als hem iets ernstigs overkomt? Zoals een aanslag op zijn leven? Zouden Heck en diens werkgever NRC zich hiervoor verantwoordelijk voelen? Aangezien de woonplaats van Jansen in het artikel staat vermeld, en hij enige lokale bekendheid geniet, is het voor kwaadwillenden een peulenschil hem te traceren.

Een klacht van mij over het artikel van Heck heb ik ter beoordeling voorgelegd aan de Raad voor de Journalistiek.

De Lange arm van Uncle Sam

Vanwaar die obsessie van NRC met ‘Russische beïnvloeding’? Het is toch inmiddels voor iedereen duidelijk dat minister Ollongren zelf doet wat ze Rusland verwijt? Haar verhaal over Russen die de publieke opinie in Nederland beïnvloeden was immers het grootste nepnieuws van 2017. Ze noemde als voorbeeld een Russische website die nepnieuws verspreidde over MH17. Heel Nederland heeft naar die website gezocht, maar niemand heeft deze gevonden. De minister noemde later nog een ander voorbeeld, een video op GeenStijl met gemaskerde mannen die dreigende taal uitten jegens de tegenstanders van het associatieakkoord met Oekraïne. Die video was weliswaar nep, maar het is het enige duidelijke voorbeeld van desinformatie in de Nederlandse media afkomstig uit Rusland (al dan niet mede mogelijk gemaakt door de Russische staat).

Vergelijk dit met de invloed die de VS uitoefenen op onze media en politiek. Is die niet vele malen groter? En zo ja, zou NRC daar niet beter een artikelenserie aan kunnen wijden? Ik heb deze vraag voorgelegd aan Wilmer Heck. Zijn antwoord: ‘Is er iemand die de lange arm van Uncle Sam in Nederland ontkent? Ik niet hoor. We zitten niet voor niets samen met de VS in de NAVO. Dat lijkt me geen geheim’.

Ik heb daarom zelf maar eens uitgezocht hoe het zit met de Amerikaanse invloed op de publieke opinie in Nederland. Zie mijn hoofdstuk ‘De Lange arm van Uncle Sam’ in het boek ‘Nepnieuwsexplosie‘. Of zie wat ik hierover gezegd heb in een interview bij Café Weltschmerz. In Nepnieuwsexplosie meld ik onder meer dat er bij NRC en andere landelijke media nogal wat journalisten rondlopen die ‘fellow’ zijn van het German Marshall Fund of the United States. Over de activiteiten van deze Atlantische lobbyclub, zie het boek ‘Gekochte journalisten‘, waarin de auteur, Udo Ulfkotte, uit eigen ervaring hierover vertelt.

Ook meld ik in het boek dat NRC zich indertijd ontdaan heeft van correspondent Jan van der Putten omdat die kritisch berichtte over de militaire dictatuur van Augusto Pinochet in Chili. Van der Putten ging met zijn kritiek in tegen ‘de Atlantische lijn’ van de krant, zo gaf toenmalig hoofdredacteur André Spoor hem te verstaan.

Steun aan de NAVO

Wat meer is: NRC verklaart in haar Beginselen dat zij de NAVO steunt.  ‘Vandaar dat wij de grondslagen van het Atlantisch bondgenootschap aanvaarden’, zo staat er te lezen. Zou het kunnen dat er een NAVO-agenda schuilgaat achter de heksenjacht op vermeende pro-Russische Nederlanders? Anders gezegd: Staat NRC zo vijandig tegenover Rusland en vermeende pro-Russen omdat de NAVO zo vijandig staat tegenover Rusland?

NRC zegt de NAVO te steunen, ‘niet om ideologische redenen’, maar vanuit het idee dat deze ‘vrede en veiligheid’ brengt. Zo staat in de Beginselen te lezen. Hoe geloofwaardig is dat nog?

De NAVO-aanval van 2011 op Libië stortte het land in chaos, wakkerde het terrorisme aan (ISIS kreeg voet aan wal) en zorgde voor een ongekende stroom vluchtelingen van Afrika naar Europa.

Het roekeloze gedrag van sommige NAVO-leden maakt Nederland er ook al niet veiliger op. Op 14 april 2018 voerden de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië een raketaanval uit op Syrië. Wat als er daarbij Russische doelen waren geraakt? Dan had Rusland wellicht gedaan wat het beloofd had te zullen doen: het uitschakelen van de lanceerinstallaties van de raketten. En dan was NAVO-artikel 5 in werking getreden: een aanval op één is een aanval op allen. Dan waren we in oorlog gekomen met Rusland. Hoe veilig zouden we dan zijn geweest als NAVO-partner? We hoeven ons geen illusies te maken over de Russische bommenwerpers die geregeld langs onze kustlijn vliegen. Die hebben zeker geen confetti en feestneuzen aan boord. De Russen weten ook wat wij weten: op de Noord-Brabantse vliegbasis Volkel liggen Amerikaanse kernbommen opgeslagen.

Het hele idee van NRC dat de NAVO garant staat voor onze vrede en veiligheid dateert uit een tijd dat er nog zoiets bestond als het ‘Rode Gevaar’. Dat gevaar hield op te bestaan in 1991, toen de Sovjet-Unie en het Warschau Pact implodeerden. Daarna hebben achtereenvolgens Boris Jeltsin en diens opvolger Vladimir Poetin de VS te kennen gegeven aansluiting te zoeken bij de NAVO. De uitgestoken hand van de Russen werd echter volledig genegeerd. De NAVO beantwoordde deze met uitbreiding van het aantal lidstaten tot aan de Russische grens en een bijbehorend propaganda-offensief over een Russische dreiging voor Europa.

Wie gelooft nog in het gevaar van Russische invasie? Diverse Nederlandse Ruslandkenners hebben het afgedaan als lariekoek, onder wie Derk Sauer, Alexander Münninghoff en Bas van der Plas. Dat we in Nederland een minister van Buitenlandse Zaken hadden, Halbe Zijlstra, die loog over Poetin die gezegd zou hebben te streven naar een ‘Groot Rusland’, maakt het gevaar van een Russische invasie voor de Baltische staten er niet geloofwaardiger op. Bij gebrek aan overtuigende feiten worden er letterlijk feiten verzonnen die alsnog moeten overtuigen.

Niettemin blijven politiek Den Haag en de landelijke media, NRC voorop, stug volhouden dat we ons tot op de tanden moeten wapenen omdat anders ‘de Russen’ komen. ‘Onze zwakte is Poetins kracht’, schreef onlangs nog NRC-columnist Bas Heijne. Dat alle NAVO-landen bij elkaar twaalf keer meer uitgeven aan bewapening dan Rusland wordt in dit soort berichtgeving stelselmatig buiten beschouwing gelaten. En ook dat het uiteindelijk Rusland is geweest dat in Syrië de strijd tegen ISIS en Al Qaida beslecht heeft.

Wie financiert NRC?

Vanwaar toch die stelselmatige demonisering van Rusland en de heksenjacht op landgenoten die streven naar een vreedzame co-existentie met Rusland? Als dat is vanwege de steun van NRC aan de NAVO, zoals vastgelegd in de Beginselen, dan kan de hoofdredactie die Beginselen toch herschrijven? Mits uiteraard de financiers van NRC haar die ruimte laten. Want wie zijn dat eigenlijk, die financiers? Nu is het algemeen bekend dat NRC en NRC Next worden uitgegeven door het Vlaamse concern Mediahuis, en dat de aandelen hiervan in handen zijn van Corelio, Concentra en VP exploitatie. Maar… wie zijn de eigenaren van deze bedrijven? Wie zijn de mensen achter de aandelen? Waar wonen ze? Wat zijn hun activiteiten en politieke overtuigingen? Horen daar misschien ook activiteiten en overtuigingen bij die zij liever verborgen houden voor de buitenwereld? Wilmer Heck vond in zijn onderzoek naar de ruim 150 donateurs van De Andere Krant iemand die anoniem blogde over ‘de joodse elite’. Wie weet wat sommige NRC-financiers uitvoeren in hun vrije tijd? Misschien zitten er wel satanisten tussen, kindermisbruikers, necrofielen of verzamelaars van nazi-uniformen. Ik laat dergelijk onderzoek graag over aan anderen. Ik voel mij daar namelijk teveel journalist voor. De overtuigingen en activiteiten van de NRC-eigenaren acht ik alleen van belang voor zover deze iets verklaren over de hoofdredactionele koers van de krant.

P.S.: NRC Ombudsman Sjoerd de Jong heeft een column gewijd aan de vragen die ik hem per brief heb gesteld over de steun van de krant aan de NAVO. Zijn reactie komt neer op: ‘NRC steunt de NAVO, in beginsel. Maar dat is iets anders dan salueren en in de houding springen.’

In een persoonlijke reactie op mijn brief heeft hij verder laten weten mijn kritiek niet te delen op de artikelen van Wilmer Heck over De Andere Krant.

En hoewel hij zich eerder kritisch uitliet over het artikel van Heck over Omtzigt, schrijft hij nu:

“Onweersproken is dat Omtzigt het (irrelevante) relaas van de man (‘MH17-nepgetuige’, EvdB) interessant genoeg vond voor een persoonlijk gesprek, daarna het initiatief nam spreektijd voor betrokkene aan te vragen, en hem een tekst souffleerde die opnieuw twijfel wekte aan de vastgestelde feiten rond de ramp. Dat roept vragen op over het beoordelingsvermogen van het Kamerlid, die in het artikel terecht aan de orde zijn gesteld.”

Posted on

“Demonisering Poetin is zeer gevaarlijk”

Marie-Thérèse ter Haar is de grande dame van de Nederlands-Russische betrekkingen. Sinds begin jaren tachtig, toen Rusland nog onderdeel uitmaakte van de Sovjet-Unie, zet ze zich in voor een beter wederzijds begrip tussen de landen. Als tolk-vertaalster en koppelaarster begeleidt zij multinationals als Shell, ABN Amro, Rabobank, Philips, Campina en Grolsch op de Russische markt. In Moskou, waar zij een deel van het jaar woont, en ook in Sint-Petersburg, maakt zij studenten aan de universiteit wegwijs in de Nederlandse taal en cultuur. In haar vrije tijd speelt zij viool in het Moskou Symfonieorkest en zet ze zich in voor de Rotary Club Moskou.

Vanuit haar tweede woonplaats Arnhem, reist Ter Haar het land door voor het verzorgen van lezingen over Rusland-gerelateerde onderwerpen, maar ook voor het geven van solovoorstellingen over de levens van de tsarina’s Catharina de Grote en Alexandra Romanov. Verder verzorgt zij culturele groepsreizen; zowel naar Rusland als naar andere voormalige sovjet-republieken.

Plaats van gesprek is Ter Haars Rusland & Oost-Europa Academie, gevestigd in een statig pand langs de Arnhemse Rijnoever. Ze is net terug van een lezing in Tilburg, voor een ondernemersvereniging, en moet duidelijk nog even stoom afblazen over de reacties die ze daar voor haar kiezen kreeg: de gebruikelijke aantijgingen over agressieve Russen die elk moment Europa kunnen binnenvallen en een dictatoriale Poetin die iedereen uit de weg ruimt die hem voor de voeten loopt.

Ter Haar: “Toen na afloop de wijn ging werken waren er tien macho-meneertjes, die allemaal hun zegje deden, waarbij de een het nog beter wist dan de ander, en ik terloops naar het hoofd geslingerd kreeg dat ik geïndoctrineerd was, het allemaal niet meer helder zag, en men zich hardop afvroeg of ik misschien door de Russische regering betaald werd. Van alle aanwezigen die het zo goed dachten te weten, was er maar één met Rusland-ervaring. Hij was één keer in het land geweest. Als toerist.”

Ter Haar benadrukt dat er veel niet in orde is in Rusland, en dat ze niks wil goedpraten wat fout is. Ze vindt alleen dat er weinig klopt van het algemene beeld dat wij in het Westen van Rusland hebben, en dat de politiek en media hiervoor verantwoordelijk zijn. “Onze berichtgeving toont weinig oog voor de achtergronden van het land”, zegt ze. “Laten we, voordat we oordelen, eerst eens onze westerse bril afzetten, en proberen in de schoenen te gaan staan van de Russen. Wij in het Westen vinden Poetin maar niks. Maar de grote meerderheid van de Russen loopt met hem weg. Die kunnen toch niet allemaal gek zijn?”

Een gesprek over: de Russische presidentsverkiezingen van 18 maart, de toenemende dreiging van een oorlog met het land, en de anti-Poetin-retoriek in de Nederlandse pers en politiek.

Jij schrijft in jouw boek De Ontgoocheling – Rusland en het Westen dat de Nederlandse pers niet veel verschilt van de Russische?

Ook in Nederland worden er feiten verdraaid en belangrijke zaken weggelaten. Er is sprake van stemmingmakerij, de nuance ontbreekt. Zelden wordt een spreker aan het woord gelaten die de zaak van een andere kant belicht.

Het zijn vooral de hardliners die een podium krijgen in de media. Van kopstukken uit de VVD, PvdA en D66 tot en met NAVO-secretarissen; en van virulente Ruslandhaters tot en met betweterige parlementsleden die nog nooit in Rusland zijn geweest. Allen appelleren ze aan het Koude-Oorlog-spookbeeld van ‘De Russen komen’.

Er zijn veel westerlingen met verstand van Rusland, die begrip hebben voor de Russische positie of die kritisch zijn ten opzichte van de westerse politiek. Zij komen bij ons nauwelijks aan het woord in de media. Alleen op het internet en bij de Russische zenders Rossia 1 en RT krijgen ze de ruimte.

Wij, met onze vrije pers, gaan ervan uit dat onze nieuwsvoorziening niet gemanipuleerd wordt en onbevooroordeeld is. En daarin schuilt wel het grootste gevaar. Wij zijn zelf het slachtoffer van de grootste zelfcensuur in de westerse media sinds de Tweede Wereldoorlog.

Jij citeert in jouw boek met instemming Henry Kissinger die zich kritisch uitlaat over de ‘demonisering’ van Poetin. Zelf noem je die demonisering ‘een zeer gevaarlijke zaak’. Waarom? 

Op Kerstavond stond ik op het vliegveld in Moskou, met een reisgezelschap dat ik leidde. Het was de bedoeling dat we Kerst zouden vieren in Rusland. Ik werd er uit de rij gehaald door een douanier. Hij zei: “Uw papieren zijn niet in orde. U moet terug naar Nederland.” Ik zei: “Beste meneer, ik ben verantwoordelijk voor al die mensen die u net heeft doorgelaten. Zij staan al aan de overkant. Ik heb nooit problemen. Ik woon al dertig jaar in Rusland. Wat kan hier aan de hand zijn?” Het leek mij een eerlijke man. Geen Brezjnev-type. Dus ik dacht dat er een kans was dat ik hem nog om kon praten. Maar toen mij eenmaal duidelijk werd dat ik toch op het vliegtuig terug gezet zou worden, smeekte ik hem: “Ik ben uw land goedgezind. Hier, ik bied u 200, 300 euro om mij er door te laten.” Dat was totaal verkeerd geschoten van mij. Hij veranderde van een aardige in een boze man, die mij bulderend duidelijk maakte hoezeer het hem dwars zat dat wij vanuit het Westen de Russen steeds maar weer de les lezen en schofferen. Hij zei: “U in het Westen beschuldigt ons er van een corrupt land te zijn. En wat doet u? U probeert mij om te kopen.”
Zoals deze meneer zijn er tegenwoordig velen in Rusland. Ze pikken het niet langer, ons opgeheven vingertje, de sancties tegen hun land, onze militaire dreigementen, onze betweterigheid, onze bemoeizucht. Je ziet daaraan: De schade die wij hebben aangericht in Rusland is enorm. Rusland was eerst nog op de hand van het Westen. Ze namen een voorbeeld aan ons. Maar sinds een jaar of twee is dat helemaal aan het omdraaien. Het nationalisme neemt toe. De Russen keren zich steeds meer van ons af, en zoeken steeds meer toenadering tot China en andere niet-Westerse landen. Ze zien: In het Oosten daar gebeurt het. Daar liggen de economische kansen.

Is jou inmiddels duidelijk geworden waarom je er werd uitgepikt bij de douane?

Van de Russische ambassade in Den Haag hoorde ik achteraf dat ik niet de enige was die die dag was teruggestuurd naar Nederland. Er zat ook iemand bij van Philips en drie journalisten, waarvan twee waarschijnlijk van de Volkskrant. En waarschijnlijk had het er mee te maken dat het ‘code rood’ was voor de Russen. Op Kerstavond was bekend geworden dat de VS weer nieuwe wapens zouden leveren aan Oekraïne. 

Het is spijtig dat de verhoudingen zo verstoord zijn. Maar hoezo vind je dat ‘zeer gevaarlijk’? 

Door de demonisering van Rusland begint er een draagvlak te ontstaan voor het voeren van een oorlog. Aan beide zijden.

In de Baltische staten houdt de NAVO schietoefeningen langs de Russische grens. Er vliegen Russische bommenwerpers langs de Noorzeekust. Er hoeft maar een ongelukje te gebeuren, in Oekraïne of in Estland, iemand van de NAVO of van het Russische leger die zijn geduld verliest, of een inschattingsfout maakt, en we hebben de poppen aan het dansen.

In juli 2016 heeft Gorbatsjov nog alarmerende woorden gesproken op de Russische televisie. Hij heeft gezegd de indruk te hebben dat de NAVO voorbereidingen treft voor een aanval op Rusland.

De Amerikaanse minister van Defensie James Mattis heeft afgelopen maand gezegd Rusland en China als een grotere bedreiging te beschouwen dan terroristische groeperingen als IS en Al Qaida.

Je kunt je afvragen hoe het mogelijk is dat de Amerikanen Donald Trump tot president hebben verkozen. Maar met Hilllary Clinton was het niet beter geweest. Als minister van Buitenlandse Zaken heeft ze er alles aan gedaan om de relatie met Rusland te verstoren, niet in de laatste plaats in Oekraïne.

In het begin van de jaren ’80 werd er in Nederland nog massaal gedemonstreerd tegen de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten. Het nummer De Bom van Doe Maar was een grote hit. Nu lijkt niemand in Nederland zich nog bewust van het gevaar van een kernoorlog. Hoe zit dat met de Russen? Zien die de ernst in van de situatie?

Ook in Rusland is het gevaar van een kernoorlog geen onderwerp van gesprek. Mensen willen er waarschijnlijk liever niet aan denken dat het met één knal afgelopen kan zijn. Het gaat het menselijk voorstellingsvermogen te boven.

Donald Trump heeft in zijn eerste persconferentie nog gewaarschuwd voor een ‘nuclear holocaust’, en de pers ervan beschuldigd het hem onmogelijk te maken de relatie met Rusland te verbeteren. Hoe verklaar jij de anti-Russische houding van de westerse media?

China en Rusland zijn opkomende machten, en de VS willen die de kop indrukken omdat ze streven naar alleenheerschappij. Zie de Wolfowitz-doctrine die ik in mijn boek noem, en Project For A New American Century. Natuurlijk speelt ook de lobby van de Amerikaanse wapenindustrie een grote rol. Die heeft er belang bij dat de spanningen tussen Oost en West in stand worden gehouden.

Wij in Nederland worden meegezogen in dat Amerikaanse verhaal van gecreëerde vijanden. We kunnen kennelijk niet onze eigen koers bepalen.

Jeltsin en later ook Poetin hebben te kennen gegeven open te staan voor een lidmaatschap van de NAVO. De toenmalige secretaris-generaal van de NAVO was voor, net als Duitsland en Frankrijk. Maar de Amerikanen waren tegen. Zij hebben de controlerende stem binnen de NAVO.

Zijn er nog andere partijen die belang hebben bij het opvoeren van de spanningen met Rusland en het afvoeren van Poetin van het politieke toneel? 

Tijdens de chaos van de jaren negentig had een club oligarchen zich het hele land toegeëigend. Toen Poetin de macht wilde terugbrengen bij de staat, en begon met het innen van achterstallige belastingbetalingen, is een aantal van die oligarchen naar het Westen gevlucht. In hun kielzog volgden personen als Masha Gessen, Bill Browder en Gary Kasparov. Die verdienen hun brood met het demoniseren van Poetin. Ze worden overal uitgenodigd, en komen overal, tot in de Balie en de Rode Hoed aan toe.

De Russen zien deze mensen als de Vijfde Kolonne. Ze zijn er heel erg allergisch voor. 

Je zegt in je boek een verschil te zien tussen de Nederlandse en de  Duitse pers.

Die vormen een positieve uitzondering. Veel vooraanstaande Duitsers pleiten in de media en in de politiek voor betere betrekkingen met Rusland en benadrukken dat de westerse waarden en vrijheid niet worden bedreigd door Rusland. De Duitsers kijken breder en minder door een NAVO-bril. Het lijkt alsof zij meer de ernst zien van een dreigende oorlog op ons continent. Zij begrijpen beter dat Rusland zich omsingeld voelt door NAVO-troepen en ze vragen zich af of de EU niet te ver is gegaan door Oekraïne binnen de Europese invloedssfeer te halen zonder Rusland hierin te kennen.

Je houdt in je boek een pleidooi voor een meer genuanceerde berichtgeving. Ben je hierover al eens in gesprek geweest met Nederlandse correspondenten en Rusland-deskundigen?

Om gericht met mensen hierover in gesprek te gaan ontbreekt mij helaas de tijd. Maar ik kom ze wel eens tegen, Hubert Smeets, Michel Krielaars en Peter d’Hamecourt. En ik heb wel eens aan ze gevraagd: “Waarom laten jullie maar steeds één kant van het verhaal horen?” Onder vier ogen is het goed praten met ze, vooral als ze een borrel op hebben. Dan erkennen ze soms zelf dat het niet deugt bij de media waarvoor ze werken. Maar op de televisie of in de krant vertellen ze weer het bekende verhaal over Rusland waar niks goed is of het deugt niet.

Wat vind je van de met belastinggeld betaalde website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink? Sommigen, waaronder Stan van Houcke, noemen dat een ‘anti-Ruslandwebsite’.  

Ik vind het niet te pruimen. Ik begrijp niet wat er met die mensen is gebeurd. Waarom schrijven ze alleen nog wat de Nederlandse politiek en media willen horen? Ik kon het vroeger zo goed met ze vinden. Ik kijk wel eens naar mijzelf in de spiegel; niet om mijn haar te kammen, maar met de vraag: “Ben ik misschien degene die de nuance uit het oog is verloren, in plaats van zij?” Maar ik denk dan: “Vroeger keek ik tegen ze op, omdat ze ouder waren dan ik en meer ervaren, en misschien zie ik nu pas hoe ze werkelijk zijn.”

Hubert Smeets en Laura Starink zijn nu geen correspondent meer bij het NRC. Maar hun opvolger Steven Derix is geen haar beter. In zijn artikelen ontbreekt elke nuance. Hij geeft zijn lezers de indruk dat Rusland een verschrikkelijk land is om in te leven, en dat alles de schuld is van Poetin.

Je lijkt een medestander te hebben in hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times. Zij vindt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ en noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant.

Dat ziet ze inderdaad goed. Maar in haar analyse van de Russische media zie ik dat zij echt een leerling is van Derk Sauer, de eigenaar van die krant. Ik ken hem nog van een cursus Ruslandkunde die wij gevolgd hebben, in 1993 of 1994. Ik heb respect voor hoe hij in de jaren negentig in Rusland een media-imperium heeft opgebouwd. Hij had dé persoon kunnen zijn die in Nederland het echte Rusland kon laten zien. Maar helaas. Wat ben ik teleurgesteld in hem. Het enige wat hem nog lijkt te interesseren is de vraag: “Hoe kom ik zo vaak mogelijk bij Jinek en De Wereld Draait Door?”

In navolging van Eva Hartog liet ook Pieter Waterdrinker onlangs weten dat er iets mankeert aan de berichtgeving over Rusland. Hij heeft zelfs Poetin in verdediging genomen tegen zijn westerse critici, en maakt geen gebruik meer van kwaadsprekende anonieme bronnen.

Pieter Waterdrinker heeft lange tijd in dubio gestaan. Vertel ik wat de politiek en media willen horen? Of vertel ik een genuanceerd verhaal? Tijdens borrels heb ik hem heel vaak kritisch gehoord over de Nederlandse Ruslandverslaggeving. Maar in zijn publieke optredens praatte hij weer heel anders. Ik ben blij dat dat nu anders is. Ik heb er ook respect voor, dat hij het uiteindelijk heeft aangedurfd kleur te bekennen.

Correspondent Joost Bosman van het Financieele Dagblad stelt dat het niet zo gek is dat Rusland vaker in het nieuws komt over mensenrechtenschendingen dan bijvoorbeeld een land als Duitsland. Hij zegt: “Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen.”  

Ik snap zijn reactie. Natuurlijk moet hij daarover schrijven, en ik prijs Joost Bosman voor zijn eerlijke verslaggeving. Maar ik vind het onterecht de huidige regering daar zo hard op af te rekenen. Het land komt van achthonderd jaar achterstand. Je kunt dan toch niet in tien jaar tijd alles goedmaken wat er fout is? Je mag dan ook wel kijken wat er in de afgelopen pakweg tien jaar is verbeterd. Zoals de hervorming van het gevangeniswezen, onder Dmitri Medvedev, toen die president was.
In tegenstelling tot Joost Bosman begin ik steeds meer waardering te krijgen voor Vladimir Poetin, omdat ik steeds meer ben gaan inzien wat het betekent om een land als Rusland te besturen. Russen, maar ook veel Oost-Europeanen, beschouwen het als een vanzelfsprekendheid dat de staat voor je zorgt. Ze nemen zelf weinig initiatief, stellen zich erg afhankelijk op. Dat is iets wat wij in Nederland maar niet kunnen bevatten. Steeds als de Russische overheid maatregelen neemt, dan zien wij dat als een verdere aantasting van de vrijheid van het Russische volk. Wat we niet zien is dat die maatregelen worden genomen bij gebrek aan initiatieven vanuit de bevolking zelf.

Hoe zie jij de rol van de mensenrechtenorganisaties in de demonisering van Rusland?

Bij organisaties als Amnesty werken veel mensen van goede wil, geweldig lieve mensen. Maar ik ben mij inmiddels gaan afvragen wat de werkelijke bedoelingen zijn van sommige van die organisaties. Zoals de NGO’s van meneer George Soros. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die in Kiev de mensen opjutten om in opstand te komen. Ik ben daardoor gaan begrijpen waarom de Russen mensenrechtenorganisaties met argwaan bekijken.

Je beschrijft in jouw boek een oud-medewerker van de AIVD die met jou op groepsreis ging naar Rusland. Hij zag dingen die er niet waren, zoals drie mannen in een zwarte auto die hem achtervolgden, en moest uiteindelijk door de Nederlandse SOS-dienst worden teruggevlogen naar Schiphol omdat hij helemaal was doorgedraaid. De paranoïde wanen van deze meneer doen mij denken aan bepaalde politici in Den Haag die overal Kremlintrollen zien.

Het is een treffende vergelijking. Die meneer Buma die zegt dat de Russen vuurtjes stoken in Nederland, en mevrouw Ollongren die vreest voor Russische beïnvloeding van de gemeenteraadsverkiezingen. Wat moet ik daar verder op zeggen? Ik kan er met mijn pet soms niet bij hoe deze mensen denken. Het is voer voor psychiaters. Minister Sergej Lavrov van Buitenlandse zaken heeft een keer grappend gezegd: “Wij Russen voelen ons gevleid dat wij de Amerikaanse presidentsverkiezingen hebben gewonnen.”

Ik probeer mij wel eens voor te stellen hoe ik zou hebben gedacht over Rusland als ik het land nooit had leren kennen. Ik denk dat het met je persoonlijkheid te maken heeft. Als iedereen in één richting praat, dan zullen de meesten denken: “Het zal wel zo zijn.” Slechts een enkeling denkt: “Klopt het wel?” Ik durf niet te zeggen dat ik tot de enkelingen had behoord. Ik kan het alleen hopen. Zo’n 95 procent van de Nederlanders die nog nooit in Rusland zijn geweest, hebben hun oordeel al klaar: “Het land deugt niet.” Het is bijna onmogelijk daar enige nuance in aan te brengen. Het is het gevolg van een jarenlange, dagelijkse stroom aan propaganda.

Op 18 maart kiezen de Russen een nieuwe president. Er zijn 14 kandidaten. Maar het wordt zo goed als zeker opnieuw Vladimir Poetin. Hoe kan dat? Jij verklaart Poetins populariteit uit de orde die hij heeft aangebracht in de chaos die zijn voorganger Jeltsin had aangericht in de jaren negentig. Toch is er de afgelopen jaren veel onvrede ontstaan over de toenemende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse verkiezingen die oneerlijk zouden zijn verlopen. Hoe kan het dat geen van de kandidaten die het opneemt tegen Poetin er in slaagt daar politieke munt uit te slaan?

Dat is omdat de Russen het idee hebben dat geen van die kandidaten een plan B heeft, een geloofwaardig alternatief biedt voor de huidige koers van de regering. Bovenal zijn de Russen bang voor de zoveelste revolutie. Met het wildwest-kapitalisme van de jaren negentig nog vers in het geheugen zitten ze niet te wachten op een nieuw experiment. Ze kiezen voor safe. Voor zover ze ontevreden zijn en hopen op verbetering is die hoop niet gevestigd op andere politici maar op de huidige machthebbers.
Daar komt bij dat de meeste Russen helemaal niet geïnteresseerd zijn in politiek. Een praatcultuur zoals bij ons in Nederland, over ‘wat wil Pechthold’, ‘wat doet Rutte’ en ‘wat vinden we van Ollongren’, kennen ze daar helemaal niet. Ik zie het althans heel weinig in mijn omgeving: mensen uit de middenklasse en studenten aan de universiteit.

Al die demonstraties in Rusland lijken een ander beeld te geven. Volgens Ruslandkenner Bas van der Plas, die een aantal van die demonstraties bezocht, nemen ze al sinds enige jaren in aantal en omvang toe.

Ik herken dat niet. Op die demonstraties in Moskou en Sint-Petersburg wordt altijd flink ingezoomd, zodat het lijkt alsof ze heel groot zijn. Maar in werkelijkheid lopen er dan maar iets van 8000 mensen door de straten. Zet dat tegenover het inwonertal van Moskou: ruim 12 miljoen.

Je schrijft in jouw boek dat er in 2012 zoveel protestmarsen waren in Moskou dat het verkeer ernstig belemmerd werd, en je regelmatig te laat kwam op jouw afspraken.

Het leek toen inderdaad een doorgeslagen protestmaatschappij. Op de ene hoek stonden jonge anarchistische neo-bolsjewieken te protesteren en op een andere hoek aanhangers van Poetins partij Verenigd Rusland. Een paar stoplichten verder gingen veertig bejaarden met vlaggen van hamer en sikkel de straat over, om vervolgens bij de Doema op een protestmars van een anti-WTO beweging te stuiten. Het verkeer werd daardoor ernstig belemmerd.

Sinds een paar jaar moet je daarom een vergunning aanvragen voor demonstraties. Ik snap niet waarom wij daar in het Westen over vallen. Dat is bij ons toch ook normaal? Bij ons moet je toch ook een vergunning aanvragen om in protest de straat op te gaan? Soms krijg je zo’n vergunning niet, en als je dan toch gaat demonstreren, maakt de politie er een einde aan.

Poetin is, in tegenstelling tot zijn tegenkandidaten, iedere dag op televisie te zien. Dat zorgt er voor dat zijn populariteit groot blijft.

Die tegenkandidaten mogen van mij vaker op televisie, maar ik denk niet dat ze daarmee hun kansen vergroten. Ook bij de meeste Russen die buiten Rusland wonen is Poetin heel populair.

We horen in het Westen veel over Aleksej Navalny, die niet mee mag doen aan de verkiezingen en al een paar keer in de gevangenis is beland.

Drie jaar geleden zag ik nog wat in hem. Ik dacht: “Die doet tenminste wat. Hij heeft een leuke uitstraling. Hij vertegenwoordigt een nieuwe generatie Russen.”

Maar inmiddels is hij op de populistische toer gegaan, en roept nu dingen als: “Als ik president van Rusland wordt, dan gaan alle tsjorni, alle zwarten eruit.” (Tsjetsjenen en mensen uit de Aziatische voormalige sovjet-republieken, EvdB) Vergelijk dat met het beleid van de Russische overheid van de afgelopen tien jaar. Om het fundamentalisme onder moslims tegen te gaan is er flink geïnvesteerd in onderwijs, en ook in de ‘onderbuik van Rusland’, in de economieën daar, van de deelrepubliek Tsjetsjenië tot en met de buurlanden Kazachstan, Oezbekistan en Tadzjikistan.

Een andere presidentskandidaat waar we in het Westen veel over horen is tv-persoonlijkheid Ksenia Sobtsjak. Het NRC suggereert dat zij een verlengstuk is van Poetin en meedoet om de verkiezingen meer aanzien te geven en ook om stemmen bij de liberale partijen weg te kapen. Hoe zie jij haar kandidatuur? 

De reden dat de Westerse media haar afschilderen als een beschermeling van Poetin is omdat hij een student is geweest van Sobtsjaks vader, toen die professor was aan de Universiteit van Leningrad. En ook omdat Poetin in 1999 als premier een einde maakte aan het corruptieonderzoek dat tegen haar vader liep. Maar ik zie niet hoe Poetin belang heeft bij de kandidatuur van Ksenia Sobtsjak. Geen van de andere liberale kandidaten vormt een bedreiging voor Poetins herverkiezing. Ook Sobtsjak maakt geen enkele kans. De Russen zien haar als talkshowpresentatrice en glamourgirl. Iedereen die weet wat ervoor nodig is Rusland te besturen lacht om haar kandidatuur. Ze heeft geen enkele bestuurlijke ervaring. Ze heeft zelf ook al aangegeven dat ze weinig kans maakt Poetin op te volgen. De reden waarom ze dan toch meedoet? Ze staat graag in de belangstelling. En misschien ook om te kijken hoever ze komt. 

Jij zegt: ‘Wij wanen ons in het Westen superieur aan Rusland.’ Zijn er zaken waarvan jij zegt: Wij kunnen nog een voorbeeld nemen aan Rusland?

Op zaterdagavond lijkt het hier in de binnenstad van Arnhem een sport te zijn zoveel mogelijk MacDonalds-zakken en Coca Cola-flessen op straat te gooien. Als je op zondagochtend door de stad loopt is het een grote ravage. In Rusland zal je zoiets nergens zien. Mensen spreken elkaar er op aan dat het not done is je afval op straat te gooien.

Ik zie daarnaast dat het de norm is in Rusland om niet al te luidruchtig te praten in publieke ruimtes, zoals in restaurants, op vliegvelden, op scholen, in de metro, op vergaderingen. Dreinende peuters worden terecht gewezen. In de metro zie je jonge mensen opstaan voor ouderen en heren voor dames.

In Nederland leggen wij dat negatief uit. We zien het als een achteruitgang dat de Russen conservatiever en patriottischer worden, het gezinsleven voorop stellen en dat de kerk weer een grotere rol gaat spelen. Maar ik ervaar het als een verademing de mensen zo te zien knokken voor beschaving. Ze doen hard hun best om, na de ellende van het communisme en de chaos van de jaren negentig, hun land weer op de rails te krijgen.

Andere zaken waar we in Nederland een voorbeeld aan kunnen nemen?

De Russen zijn er trots op dat hun land geen noemenswaardige staatsschulden meer heeft. Dit in tegenstelling tot de megaschulden van de VS en de EU.

De Russen zijn ook erg gesteld op hun cultuur. De theaterzalen zitten avond na avond bomvol. Ze zijn trouw aan hun tradities, zoals Internationale Vrouwendag. Dan komt meneer Grolsch naar mij toe en die vraagt: “Wat moet ik daar toch mee? Dan wordt er zeker weer van mij verwacht dat ik aan de vrouwelijke medewerkers rozen uitdeel en gedichten van Tolstoi?” Dan zeg ik: “Dat is wel de manier om uw waardering te tonen aan de vrouwen hier, en als u daar in meegaat, dan geven ze u het beste wat ze te bieden hebben.” Maar dan zegt meneer Grolsch: “Ik wil helemaal niks met cultuur, ik wil dat het personeel mij helpt de omzet te versnellen.”

Daar gaat het dus mis tussen de Russen en de Nederlanders. Zij willen gewaardeerd worden om hun eigen identiteit, en wij kunnen daar maar geen begrip voor opbrengen.

Hoe is de positie van de vrouw in Rusland?

Aan de ene kant ongeëmancipeerd. Je ziet weinig mannen achter een kinderwagen lopen of een aardappeltje meeschillen. Maar aan de andere kant is de Russische vrouw veel geëmancipeerder dan de Nederlandse. In Rusland zitten er veel meer vrouwen op topfuncties. Dat is een erfenis van het communisme. De Russische vrouw is al decennialang hoogopgeleid. Ze heeft recht op een zwangerschapsverlof van een jaar en de garantie dat ze bij terugkeer op haar werk weer aan de slag kan in haar oude functie.

Wat heb jij met Catharina de Grote? Jij verbeeldt haar in jouw solovoorstellingen, en er staat een borstbeeld van haar in jouw Rusland & Oost-Europa Academie.

Er is veel dat ik in haar herken. Zij was een vrouw die leefde tussen twee culturen, de westerse en de Russische. Van Duitse prinses werd ze tsarina van Rusland. Zij stuitte op veel onbegrip van westerse tijdgenoten als Voltaire en Montesquieu, die vonden dat ze het land waarover ze regeerde niet snel genoeg hervormde. Dan schreef ze teleurgesteld: “Die filosofen en politici zitten daar in hun westerse studeerkamers en chique paleizen, en dan denken ze dat ze mij kunnen vertellen hoe ik van Rusland in een paar jaar een Europees land moet maken. Ze hebben geen idee van het grote verschil in cultuur en mentaliteit.”

Ik ervaar dat net zo. Dan zie ik zo’n Frans Timmermans, of in de VS Hillary Clinton. Het zijn geen grote filosofen als Voltaire en Montesquieu, maar ze zijn even betweterig. Ze eisen van de Russische regering dat die het land à la minute omtovert in een democratie naar westers model. Ik kan mij daar flink aan ergeren. Dat heb ik gemeen met Catharina.

Jij stelt dat Poetin een enorme populariteit geniet bij Russische vrouwen. Hoe verklaar je dat?

Het is waar. Ik schat zijn populariteit bij vrouwen op 82 procent, uit alle lagen van de bevolking, van jong tot oud. Ze hangen aan Poetin. Heel apart. Ik vraag wel eens aan de vrouwen die ik ken, bij de Rotary, in het orkest waar ik speel en op de universiteit. “Wat zien jullie toch in die man?” De antwoorden die ik dan hoor komen meestal aardig overeen: “Hij drinkt en rookt niet, hij sport, hij is een patriot, hij wil het beste voor Rusland, hij heeft ons uit de ellende geholpen en heeft ons land weer op de kaart gezet.”

Ik zeg wel eens grappend tegen mijn studentes: “Prima als je hem zo’n goede president vind. Maar je moet geen Poetin t-shirt aantrekken, want dan ga ik gillen.”


Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

“Pers in Rusland was veel te vrij”

Als student journalistiek aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle belandde Joost Bosman in 1991 in wat toen nog de Sovjet-Unie was. In hetzelfde jaar schreef hij voor Nederlands Dagblad zijn eerste artikelen over onder meer de staatsgreep tegen de toenmalige president Michail Gorbatsjov. Terug in Nederland studeerde hij Ruslandkunde aan de Universiteit van Amsterdam, om vervolgens via een omweg (regionaal verslaggever PZC en eindredacteur persbureau DPD) weer in Rusland te belanden.
Sinds 2014 is Joost Bosman vaste correspondent in Moskou. Eerst nog voor de DPD, maar nu vooral nog voor Het Financieele Dagblad en BNR Nieuwsradio.

Een gesprek met Joost Bosman over de Russische journalistiek en de Nederlandse Rusland-verslaggeving.

Bestaat er een vrije pers in Rusland?

In de jaren ‘90 was de pers vrijer dan ooit in Rusland. Sterker nog: ze waren veel te vrij. Ze schreven maar raak, over corruptie die er soms niet was, ze deelden links en rechts beschuldigden uit, en dat kon allemaal maar. Ministers en andere politici konden wel naar de rechter stappen, maar ze zagen daar meestal van af, want er was geen beginnen aan. De media in Rusland zijn dus gegaan van: een strenge censuur in de Sovjet Unie, naar volledig losgeslagen in de jaren negentig, naar een soort mengvorm onder Poetin.

De pers is dus nog wel vrij?

Er zijn nog altijd kranten die min of meer schrijven wat ze willen, waaronder Kommersant. Die krant is in handen van Alisjer Oesmanov, een van de rijkste mensen van Rusland. Hij heeft nauwe banden met het Kremlin, maar heeft ook van meet af aan gezegd: Ik ga me niet met de redactie bemoeien. Daar houdt hij zich aan. Ik vind het een erg goede krant, die feiten en meningen goed van elkaar gescheiden houdt, wat bij Russische kranten nog wel eens een euvel is. Kommersant heeft het bewijs geleverd dat er militairen van het Russische leger aanwezig waren in de Donbass, in het oosten van Oekraïne. Ze hebben die daar ter plekke gesproken. Dat heeft dus in de krant gestaan. Ze hebben dat kennelijk mogen publiceren.

Vooral Novaya Gazeta geniet in het Westen een grote bekendheid.

Het is de moedigste krant van Rusland. Zes journalisten van Novaya zijn vermoord, onder wie de belangrijkste, Anna Politkovskaja. Maar toch gaan ze door met waar ze mee bezig waren. Novaya levert kritiek op het Kremlin als geen ander. Poetin en het Kremlin kunnen in hun ogen niks goeds doen. Ik vraag mij wel af: Kun je het nog wel een krant noemen? Het lijkt meer op een activistenblad dan op een journalistiek medium. Maar ze halen wel feiten boven water. Zo hadden ze eerder dit jaar die primeur over gevangenissen in Tsjetsjenië waar homo’s worden gemarteld en vermoord. De Tsjetsjeense overheid is daardoor in blinde paniek geraakt. De leider van Tsjetsjenië, Ramzan Kadirov, heeft direct de oorlog verklaard aan Novaya. De journaliste die het artikel schreef heeft moeten onderduiken. Zij is overigens tegelijk mensenrechtenactiviste. Dat tekent een beetje die krant.
Ze hebben trouwens weinig geld. Ik heb wel eens gehoord dat ze geen van allen een salaris krijgen. Waar ze dan van leven weet ik ook niet.

Novaya Gazeta heeft in elk geval geld ontvangen van de Nederlandse ambassade in Moskou.

Ja, en ook van George Soros hebben ze geld gekregen. Maar dat is eigenlijk meer om de krant overeind te houden dan dat ze daarvan  salarissen kunnen betalen waarschijnlijk. Ze zullen het niet breed hebben. Als je op de redactie rondloopt, dan ziet het er vrij mager uit allemaal, een beetje shabby zelfs. Maar ze maken die krant toch maar drie keer per week.

Ik heb de adjunct-hoofdredacteur van Novaya een keer geïnterviewd en die zei: ‘Wij mogen schrijven wat we willen omdat wij voor het Kremlin een uithangbord zijn, een visitekaartje. Als er vanuit het Westen gemekker komt over de persvrijheid in Rusland, dan kunnen de autoriteiten zeggen: ‘Hoezo? We hebben Novaya toch? Kijk eens wat die een bagger over ons uitstorten.’

En ten tweede zegt hij: ‘Stiekem heeft iedere minister de krant op z’n bureau liggen, om te zien wat er nu echt gebeurt in Rusland en om de stemming te peilen in het land.’

Maar helemaal vrij wordt de krant niet gelaten. Als Novaya iets schrijft wat de autoriteiten niet bevalt, dan worden opeens de papier- en drukkosten verhoogd

Daar zit de overheid achter? Die vertelt de drukkerij dat die de papier- en drukkosten moet verhogen?

Daar zijn zij van overtuigd. En het kan ook geen toeval zijn. Als zij iets lelijks schrijven over bijvoorbeeld Poetin, en drie dagen later krijgen ze te horen dat de huur wordt verhoogd of dat de papier- en drukkosten worden verhoogd…

Maar ze zijn toch voortdurend kritisch over Poetin en het Kremlin?

Jawel. Maar de autoriteiten grijpen alleen in als ze vinden dat Novaya echt over de schreef gaat.

Waar het om gaat: Novaya heeft het economisch heel erg moeilijk. De autoriteiten maken daar gebruik van door ze dat af en toe flink te laten voelen.
De enige reden dat Novaya nog steeds niet verboden is, noemde ik al: Novaya is een symbool geworden voor de persvrijheid in Rusland. Het verbieden van die krant, zou een grote imagoschade voor de autoriteiten met zich meebrengen.

Kunnen kranten verboden worden in Rusland? Is er een wet die dat mogelijk maakt?

Telekanal Dozjd (TV Rain, EvdB) was een televisiestation dat in heel Rusland te ontvangen was. Ze zijn groot geworden eind december 2011, toen er in de grote steden tienduizenden mensen de straat op gingen om te demonstreren vanwege de fraude die er gepleegd was tijdens de parlementsverkiezingen. Dat leek een soort revolutie te worden. Dozjd besteedde uitgebreid aandacht aan de demonstraties. Ze namen ook heel duidelijk stelling. Ze zeiden: ‘Het kan niet door de beugel wat er gebeurd is.’ De reporters van Dozjd gingen zelfs, naar het voorbeeld van de demonstranten, met witte lintjes opgespeld, de straat op. Heel activistisch dus, een beetje zoals Novaya Gazeta, maar dan op televisie.

Telekanal Dozjd werd toen uit de lucht gehaald?

Drie jaar later, in de aanloop naar 9 mei, de dag waarop de Russen jaarlijks de overwinning vieren op Hitler-Duitsland, hield Dozjd een opinieonderzoek. Ze legden mensen de vraag voor: ‘Was het beleg van Leningrad de moeite waard? Woog het aantal mensenlevens dat dat gekost heeft op tegen het weg houden van de Duitsers uit de stad?’

Dat was heel erg tegen het zere been van de autoriteiten, en eigenlijk ook van iedereen in Rusland. Want vergis je niet, Rusland is een oerconservatief land. Alle tradities moeten behouden blijven, en vooral De Grote Vaderlandse Oorlog is heilig. Zelfs de liberalen denken er zo over.

Dat was het einde van Telekanal Dozjd?

In ieder geval op televisie. De zender is uit de ether gehaald. Je kunt hem alleen nog via internet bekijken.

De zendvergunning werd ingetrokken of niet verlengd?

Dat weet ik niet. Maar die opiniepeiling was een stok om de hond mee te slaan. Dozjd was natuurlijk al jaren een doorn in het oog van de autoriteiten omdat ze gewoon te kritisch waren.

(Russische media melden dat diverse grote providers na het schandaal rond de peiling over Leningrad besloten Dozjd uit het pakket te halen, red.)

De pers in Rusland is dus wel vrij, maar tot op zekere hoogte?

Kranten die alles schrijven wat ze willen zijn er niet veel. Sommige kranten zijn volledig gelijkgeschakeld; anderen zoals Moskovski Komsomolets zijn een mengvorm van onafhankelijk en pro-Kremlin.

Officieel is er persvrijheid. Dat de meeste media in Rusland daar niet volop gebruik van maken en te weinig kritisch zijn is het gevolg van een keuze. Het is in wezen vrijwillig. Je hebt nu een situatie die omgekeerd is aan hoe het in de Sovjet Unie ging met journalisten. Er was toen officieel censuur. Als je iets verkeerds schreef, ging het rode potlood erdoor en je kon in de problemen komen. Maar de journalisten wilden toen nog wel de waarheid schrijven. Dat werd ook een beetje een sport, zo van: ‘Wat krijg je door de censuur?’ Ze gingen heel omfloerst dingen melden, in de hoop dat de censuur er overheen zou lezen en de goede verstaanders het toch zouden begrijpen. De lezers wisten ook: ‘Je moet tussen de regels lezen.’ Nu hebben we de omgekeerde situatie. Er is geen officiële censuur meer, dus journalisten mogen eigenlijk wel schrijven wat ze willen, maar ze willen het zelf niet meer. Ze doen vrijwillig aan censuur. Dat vind ik eigenlijk een nog kwalijker situatie, want dat heeft de mentaliteit van de journalisten totaal omgedraaid.

De media in Rusland zijn sinds de annexatie van de Krim ook een nationalistischer koers gaan varen en nog meer in de armen gedreven van het Kremlin. Veel journalisten hebben zich echt heel erg beledigd gevoeld door de sancties die wij Rusland als straf hebben opgelegd. Ze begrijpen niet waarom wij ons bemoeien met iets wat zij beschouwen als een interne gelegenheid. Ze hebben zoiets van: ‘De Krim is toch van ons?’

Waarom passen Russische journalisten zelfcensuur toe?

Het is eigenlijk niet eens zozeer censuur. Het is erger dan dat. Het is de machthebbers naar de mond praten. Waar het ook over gaat, MH17, het dopingschandaal… Vanuit het Kremlin reageren ze nog steeds vanuit de vertrouwde sovjet-reflex ‘Ontkennen tot je er bij neervalt’. De kranten gaan daar volledig in mee.
Bij zelfcensuur is het zo dat je je kritiek inslikt, en dus dingen weglaat. Dat is minder erg dan leugens als waarheid presenteren.

Dat gebeurt bij ons toch ook? Zie de massavernietigingswapens van Sadam Hoessein die door de Nederlandse pers als een gegeven werden beschouwd. Het gaat om de vraag: Weten journalisten van wie jij zegt dat ze leugens verkopen dat zelf ook?

Dat weet ik niet. Misschien zijn ze al zo geïndoctrineerd dat ze dat niet eens weten.

Dat is wel een belangrijk verschil. Liegt een journalist willens en wetens? Of verkoopt hij onzin uit onwetendheid?

Misschien is het meer de indoctrinatie. Ik heb wel Russische journalisten gesproken over MH17, die zich oprecht niet konden voorstellen dat het toestel was neergehaald door de rebellen. Voor een deel geloven ze het dus zelf.

Als we nu de Russische pers vergelijken met de Nederlandse. Er zullen ondanks alle verschillen toch ook wel overeenkomsten zijn?

De Nederlandse media zullen voor een deel ook best bevooroordeeld zijn, bijvoorbeeld door Rusland te vaak in een kwaad daglicht te stellen. Dat geloof ik best. Al moet ik zeggen dat Rusland dat ook wel een beetje over zichzelf heeft afgeroepen de laatste jaren. Maar goed, los daarvan is mijn indruk dat de instelling van de westerse media anders is. Bij westerse journalisten zie je dat ze hoor en wederhoor toepassen, de medaille van twee kanten belichten. Dat is wat ik ten enen male mis in de Russische media.

Russische journalisten plegen geen hoor- en wederhoor?

Als het in de Russische pers over Oekraïne gaat, dan wordt alleen het standpunt verkondigd van de etnische Russen in de Donbass.
Er wordt geen wederhoor gepleegd in Kiev. De Oekraïense regering zal waarschijnlijk ook geen vragen van Russische journalisten meer beantwoorden. Ze hebben het zo gehad met de Russische pers. Alles wat ze zeggen, wordt toch verdraaid.

Dan zijn de Westerse media anders. Ze zijn informatiever en ze scheiden veel meer feiten van meningen.

Er kan in het Westen ook meer. Zie bijvoorbeeld het interview met Shaker Amer, de laatste Brit die gevangen had gezeten in Guantánamo Bay. Die man vertelde op prime time, op televisie dat hij ge-waterboard was, en dat hij er vrijwel zeker van was dat daar een of meerdere agenten van MI6 bij aanwezig waren geweest. Daarmee zette hij de Britse autoriteiten geweldig voor joker. Het was een schandaal. Ik weet niet hoe daar op gereageerd is, maar het kan gewoon. De BBC kon het hem vragen en die man mocht het vertellen.

Dat is iets wat je nooit op de Russische tv zult zien. Er zal nooit eens een keer een Oezbeek zijn of een ander die vertelt dat hij in het bijzijn van FSB-agenten is gemarteld.

Toch noemde je net twee voorbeelden van artikelen in de Russische pers die flink wat stof deden opwaaien: Kommersant die berichtte over Russische militairen in Oekraïne en Novaya Gazeta die schreef over homo’s in een Tsjetsjeense gevangenis.

Het kan wel. Maar zoals ik al zei: Zo’n krant krijgt daar wel problemen mee. Zoals met de huur en de druk- en papierkosten die opeens omhoog gaan. Of de mediawaakhond die op bezoek komt en ze aanspreekt op hun berichtgeving. Dat laatste zal bij de BBC niet gebeurd zijn.

In het Westen wordt met veel waardering gesproken over Novaya Gazeta. Er wordt vaak gezegd: ‘Het is de laatste oppositiekrant.’ Maar zelf hebben wij zo’n krant niet. Althans niet in Nederland. Is dat niet jammer?  

Hebben we in Nederland een oppositiekrant nodig? Is er in Nederland al niet persvrijheid genoeg? Als de persvrijheid in een land als Rusland zo onder druk staat, dan krijg je een gepolariseerd medialandschap, van voorstanders en tegenstanders van Poetin. Van de Telegraaf wordt ook wel gezegd dat het een activistisch medium is geworden. Ik kan dat niet goed beoordelen, want ik ken die krant niet goed genoeg. Maar ik vind het wel fijn dat er in Nederland kranten zijn die verschillende meningen weergeven.

Jij ziet veel diversiteit in de Nederlandse pers?

Ik volg de kranten niet meer zo goed als toen ik nog in Nederland woonde, maar voor zover ze een eenheidsworst vormen, dan komt dat waarschijnlijk doordat het relatief goed gaat in Nederland. Als er veel roering is, zoals in Rusland, dan zie je dat gereflecteerd in de pers.

De Russische journalist Dmitry Babich stelt dat de Russische pers juist diverser is dan de Westerse. Hij zegt: Er zijn Russische media die steun betuigen aan de Oekraïense regering en die de inmenging van Rusland in Syrië afwijzen. Maar er zijn geen Westerse media die de Oekraïense regering zwaar bekritiseren of die de interventie van de Russen in Syrië toejuichen.

Ik vind het een gotspe te zeggen dat de Russische media diverser zijn. Ik denk dat Porosjenko wel degelijk kritiek krijgt vanuit het Westen.

Naast Novaya Gazeta is ook het mediaconcern RBK (Engelse spelling: RBC) door de Westerse pers vaak geroemd als ‘onafhankelijke medium’. Is dat terecht? Het bedrijf was in eigendom van miljardair Michail Prochorov die het in 2012 opnam tegen Poetin tijdens de presidentsverkiezingen.

Zo heel erg anti-Poetin is Prochorov niet. Hij heeft aangekondigd een smaadzaak te beginnen tegen de klokkenluider van het Russische dopingbeleid, Grigori Rodsjenkov. Het is ook de vraag of Prochorov destijds serieus campagne heeft gevoerd voor het presidentschap. Niemand maakte een serieuze kans tegen Poetin, en Prochorov wist dat. Hij heeft zich mogelijk bewust door het Kremlin laten gebruiken als een soort schaamlap, een knuffelkandidaat. Ik denk ook dat iemand als Derk Sauer, die toen directeur was, ervoor gezorgd heeft dat de krant en het televisiekanaal redelijk onafhankelijk konden functioneren.

Vrijwel iedereen in het Westen is er van overtuigd dat Poetin journalisten vermoordt. Dit terwijl er in de tijd van Jeltsin dubbel zoveel dodelijke aanslagen waren. Er was toen niemand die Jeltsin uitmaakte voor moordenaar. Hoe verklaar jij dat? Ken jij journalisten in Rusland die beweren dat het Kremlin critici uit de weg ruimt?

Die ken ik niet.

Ik heb gesproken met een vertegenwoordiger van oppositiepartij Jabloko. Ik vroeg hem naar de toedracht van de moord op oppositieleider Boris Nemtsov in 2015. Hij zei: “Ik geloof niet dat de opdracht uit het Kremlin kwam. Maar de huidige machthebbers zijn er wel voor verantwoordelijk, want zij hebben de atmosfeer gecreëerd, of er in elk geval niks tegen gedaan dat er een atmosfeer is ontstaan waarin mensen die oppositie voeren vermoord worden.”

Maar als er in Rusland niemand is die beweert dat Poetin journalisten vermoordt, hoe kan het dan dat in het Westen wel heel sterk dat beeld bestaat?

Ik zeg niet dat niemand in Rusland zegt dat Poetin journalisten vermoordt. Ik zeg dat ik niemand ken die dat beweert.

Ik denk dat Poetins uiterlijk hem parten speelt. Althans in het Westen. Ik ken mensen in Nederland die zeggen dat ze een sterke afkeer ervaren als ze hem alleen al zien. Z’n machogedoe. Z’n narrigheid.

Daarbij komt dat hij in het Westen gezien wordt als dictator, en mensen brengen dat in verband met het uit de weg ruimen van critici, zoals andere dictators dat doen. Maar het is ongenuanceerd. Poetin is geen dictator. Hij is een autocraat.

Is het verwijt terecht dat Poetin een klimaat heeft gecreëerd waarin journalisten en andere critici worden vermoord?

Vind ik wel. Nadat de Krim was geannexeerd hing er in Moskou iets in de lucht dat ik echt heel eng vond. Zie mijn relaas hierover op TPO.  Mensen die demonstreerden tegen de annexatie van de Krim werden in elkaar geslagen of met verf besmeurd. Tegenover de radiostudio van Echo van Moskou waren vijf levensgrote portretten opgehangen, met de vermelding: ‘Verraders. Vijfde colonne’. Op één van de portretten de hoofdredacteur van Echo van Moskou, en op een ander portret Boris Nemtsov. De autoriteiten hebben daar niks tegen gedaan.

Het stadsbestuur of het Kremlin hebben de mensen niet tot kalmte gemaand?

Dat is niet gebeurd. Er is ook niet extra politie de straat opgestuurd.

Waar komt de woede op de liberale media vandaan? Heeft dat nog andere gronden dan het gedoe over de Krim?

De jaren negentig waren één groot drama voor de Russen. De roebel verloor zijn waarde, salarissen werden niet meer uitbetaald, er ontstond massawerkloosheid, bittere armoede. De Russen houden de op het Westen gerichte liberalen hiervoor verantwoordelijk. Ze voelen zich door hen verraden. Ze denken dat de liberalen van nu Rusland opnieuw willen overleveren aan het Westen.

Die woede jegens de liberalen is dus wel te begrijpen?

Het is te begrijpen, maar het is niet terecht. Want hoeveel kans heeft het liberalisme in Rusland gehad om zich te ontwikkelen? Democratie heeft in Rusland eigenlijk maar twee jaar bestaan. In oktober 1993 heeft Boris Jeltsin het parlement naar huis gestuurd en een nieuwe grondwet ingevoerd die de president extra bevoegdheden geeft, veel meer zelfs dan Jozef Stalin ooit gehad heeft. Dat heeft de basis gelegd voor de huidige autocratie onder Poetin.

Hoe verklaar jij dat er in de Nederlandse pers zo weinig aandacht is voor de grote invloed van extreemrechts in Oekraïne? Ik kan mij in al die jaren maar één artikel herinneren dat daar uitgebreid op in ging: ‘In Oekraïne werkt Europa samen met oligarchen en fascisten’ van Chris de Ploeg.

Te weinig journalisten weten er van af, vermoed ik. Extreemrechts is redelijk invloedrijk vanwege de vrijwilligersbataljons die ze hebben opgesteld, die het Oekraïense leger ook nodig had om delen van de  Donbass weer terug te kunnen veroveren op de separatisten. Maar je moet die invloed ook niet overdrijven. Dat doen de Russische media wel.

Hoor ik jou een rechtvaardiging uitspreken voor het feit dat het Oekraïense ministerie van Defensie gevechtseenheden met wolfsangels op hun helmen en tanks heeft ingezet om separatistische Russen te verslaan?

Ik bedoel dat zeker niet als rechtvaardiging. Maar als een verklaring voor hun invloed.

In oktober was er nog een grote optocht van extreemrechts in Kiev. In de Süddeutsche Zeitung las ik er een artikel over, en misschien dat andere Duitse kranten er ook over hebben geschreven. Maar de Nederlandse pers heeft er met geen woord over gerept.

Het zal ermee te maken hebben dat de Nederlandse verslaggevers voor de voormalige Sovjet-Unie in Moskou zitten. Ik wist niet dat die demonstratie was aangekondigd. Als ik in Kiev was geweest op dat moment had ik het zeker als artikelvoorstel ingediend. Ik vernam het via de Russische televisie, nadat de demonstratie al had plaatsgehad. Ik moet je eerlijk bekennen: ik kreeg er wel een ongemakkelijk gevoel bij. Als het inderdaad zo’n grote optocht was als de Russische media het voorstelden, waarom was er in het Westen dan zo weinig belangstelling voor?

Thalia Verkade, die korte tijd voor het NRC correspondente was in Moskou, heeft opgemerkt dat je als westerse journalist makkelijker in contact komt met liberalen en de oppositie, omdat je die intuïtief beter begrijpt, dan met de conservatieve leiders van het land en degenen die hen volgen. Is dat herkenbaar voor jou?

Ik herken mij daar 100 procent in. De liberalen zijn meer ‘ons soort mensen’. Het zijn weldenkende figuren. Zij denken zoals wij in het Westen.

Maar Thalia Verkade ziet het als een valkuil. Ze zegt: die liberalen vertegenwoordigen niet het echte Rusland. Het is maar een kleine groep.

Zo zie ik het ook. Ik probeer daarom zelf Rusland zoveel mogelijk te laten zien zoals het is.

Probeer je dan bijvoorbeeld ministers te interviewen?

Het is heel erg lastig die te spreken te krijgen. Ik heb wel eerder dit jaar nog een gesprek gehad met de conservatieve denker Aleksandr Doegin. Hij is de hoofdredacteur van een tv-zender en is vaak te zien in praatprogramma’s. Ik vind het interessant om met zo’n man te spreken hoewel hij zich voortdurend beledigend uitliet over Nederland en Europa. Zo spreekt hij over ‘Gayropa’.

Nog even terug naar Thalia Verkade. Zij zegt: “Het voelt alsof je over Rusland met een opgeheven vingertje hoort te schrijven, vanuit het perspectief van de mensenrechtenactivist. Zo schrijven we toch ook niet over Duitsland of de Verenigde Staten?”

Als er ergens mensenrechten worden geschonden dan moet je daar als journalist over berichten. Het is dan niet zo gek dat Rusland vaker slecht in het nieuws komt dan een West-Europees land als Duitsland. Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen. Het is dan niet de mening van een journalist. Hij is dan alleen maar de boodschapper. En wat betreft de VS: de westerse media hebben dat land toch vaak genoeg bekritiseerd vanwege bijvoorbeeld Guantanamo Bay?

Jij hebt nooit het idee gehad dat je geacht wordt met een opgeheven vingertje te schrijven? Dat alleen negatieve artikelen over Rusland worden afgenomen door jouw opdrachtgevers?

Ik heb meegemaakt dat een opdrachtgever (niet het Financieele Dagblad, EvdB) heeft zitten knoeien in een artikel van mij met de bedoeling het beeld van Rusland te bevestigen als agressor. Het artikel ging over een gezamenlijke legeroefening van Rusland en Wit-Rusland die ik bijwoonde in september van dit jaar. Ik sprak tijdens de oefening met een Noorse en een Zweedse officier, die aanwezig waren als waarnemers. Zij zeiden de oefening te zien als business as usual, en zeker niet als bewijs van Russische agressie. Maar zo kwam het niet in de krant te staan. Een redacteur heeft, zonder overleg met mij, een commentaar van een NAVO-woordvoerder in het artikel geplaatst, die de oefening juist wel omschreef als iets waar een dreiging van uitging.

Het Financieele Dagblad is nu jouw belangrijkste opdrachtgever. Die krant laat jou volledig vrij in hoe je bericht over Rusland?

Het Financieele Dagblad laat mij volledig vrij. Ik heb daar nooit iets van druk ervaren om op een bepaalde manier te schrijven over Rusland.

En andere correspondenten?

Ik weet dat het ministerie van Buitenlandse Zaken de NOS ooit heeft gebeld om te zeggen dat ze niet blij waren met een item over Rusland. Ik weet niet meer waar dat over ging. Je zou het bij de NOS moeten navragen.

Hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times zegt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ te vinden en zij noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant. Pieter Waterdrinker heeft zich vervolgens in gelijke bewoordingen uitgedrukt. Hij zegt dat er iets niet klopt aan de perceptie van ‘hoogopgeleide, intelligente lieden’.

Daar zit wel wat in. Ik vind ook dat in Nederland een ongenuanceerd beeld bestaat van Rusland. Maar misschien is dat ook wel inherent aan het nieuws. Er zal ongetwijfeld in Nederland ook een verkeerd beeld bestaan over Amerika, over Argentinië en noem maar op.

Pieter Waterdrinker zegt dat de Russen beter geïnformeerd zijn over Nederland dan Nederlanders over Rusland.

Dat vind ik lariekoek. De Russen denken bij wijze van spreken dat wij in Nederland allemaal homo zijn, of in elk geval dat de homo’s bij ons de dienst uitmaken. Als er in de Nederlandse pers een bericht verschijnt over de NS die, om transgenders ter wille te zijn, de reizigers niet langer wil aanspreken met ‘dames en heren’, dan wordt dat in Rusland enorm opgeblazen. Alsof dat is waar het in Nederland over gaat, terwijl het een klein onderdeeltje is van de Nederlandse werkelijkheid.

Waterdrinker legt de oorzaak voor het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben bij de Angelsaksische oriëntatie van Nederlandse Ruslanddeskundigen. Zij nemen over wat zij in de Amerikaanse kranten lezen.

Ik ken ook wel Angelsaksische Ruslanddeskundigen die heel genuanceerd zijn. Zoals Mark Galeotti, die zegt: ‘Rusland is agressief, maar het is defensief agressief. Ze willen hun territorium beschermen.’

In de Nederlandse kranten zijn het vooral Amerikaanse Ruslanddeskundigen als Anne Applebaum die aan het woord komen. 

Zij lijkt inderdaad een Ruslandhaatster. Maar ik denk niet dat het in Nederland Amerikanen zijn die de opinie over Rusland heel sterk bepalen. Dat zijn vooral de Nederlandse media en Ruslandeskundigen, zoals te zien bij Raam op Rusland (van oud-NRC-correspondenten Hubert Smeets en Laura Starink, EvdB). Ik deel vaak hun kritiek, daar niet van, maar in de aanloop naar het Oekraïne-referendum vond ik ze wel heel eenzijdig. Ze waren negatief over Rusland, en nooit over Oekraïne. Zo hebben zij het anti-corruptiebureau in Oekraïne als succesverhaal neergezet. Terwijl ik later van een Nederlandse deskundige in Kiev hoorde dat dit bureau een wassen neus was. Zo solliciteerde er een openbaar aanklager die 10.000 dollar bood om aangenomen te worden. Van een ander contact in Kiev hoorde ik dat er mensen huilend vandaan kwamen.

Waarom geeft de Nederlandse overheid drie ton belastinggeld aan een website die zo negatief is over Rusland?

De website is opgezet naar aanleiding van het Oekraïne-referendum van april 2016, met de bedoeling de Nederlandse burger te informeren over Oekraïne en Rusland. Ik weet trouwens niet of ze nog steeds zo gekleurd zijn. De laatste maanden volg ik ze niet meer zo goed.

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

“De Russische media zijn zeer divers”

Russische opinieleiders die het opnemen voor Vladimir Poetin zijn een zeldzaam verschijnsel in de Westerse media. Dmitry Babich, een zelfverklaarde ‘linkse conservatief’, behoort tot dit illustere gezelschap. Als politiek analist van Sputnik International (voorheen radiozender Voice Of Russia) is hij te zien geweest bij de BBC, CNN, Al Jazeera en ook de NOS, in actualiteitenrubriek Nieuwsuur. Babich zegt dat hij zijn meerderen nooit vooraf op de hoogte stelt van zijn buitenlandse tv-optredens. Ook gaat hij er prat op dat hij nooit met dubbele tong spreekt. Russen of niet-Russen, hij stemt zijn opinies niet af op zijn gehoor.

Novini nodigde Dmitry Babich uit voor een gesprek over de Russische media, met als deelonderwerpen: Russisch nepnieuws; de maatregelen die de VS hebben getroffen tegen RT en Sputnik; het geweld tegen Russische journalisten; en de blijvend lage ranking van Rusland in de persvrijheidsindexen.

U staat op de loonlijst van Sputnik. Zowel Sputnik als RT ontvangen financiering van de Russische staat. Ze worden in het Westen beschuldigd van propaganda. Hoe kijkt u daar tegenaan? [1]

De reden dat invloedrijke personen in het Westen zo kwaad zijn op RT en Sputnik is dat wij de westerse media te kijk zetten, meestal ook nog gebruik makend van citaten opgetekend uit diezelfde westerse media. In feite observeren wij de observator. En wij zetten die observator te kijk als vooringenomen en misleidend.

Verder moeten degenen die ons beschuldigen van propaganda eerst maar eens met bewijzen komen dat wij de zaak bedriegen.

Misschien zetten RT en Sputnik de werkelijkheid een beetje naar hun hand door sommige zaken consequent wel te melden en andere niet?

Elk nieuwsmedium is in zekere zin selectief, en dat kan ook niet anders omdat je niet al het nieuws en alle opinies kunt brengen die er zijn. Maar RT is duidelijk minder selectief dan de Westerse media. Zo worden representanten van het pro-Amerikaanse Moscow Carnegie Center wel aan het woord gelaten bij RT, terwijl het onvoorstelbaar is dat CNN zendtijd geeft aan Rusland-sympathisanten uit de VS.

Maar u bent wel op CNN te zien geweest.

Ik ben geen Rusland-sympathisant uit de VS. Ik ben een Rus, wonend in Rusland, geen Amerikaan. Maar inderdaad, ik ben op CNN geweest. Eén keer. Vier jaar gelden, en niet als iemand die de andere kant van het verhaal mocht belichten.

Hoe was het om te gast te zijn in het programma Nieuwsuur?

De eerste keer was één of twee dagen na de ramp met MH17. De interviewer sprak daarover alsof het 100 procent zeker was dat het vliegtuig was neergehaald door Russen of hun handlangers in het gebied, en dat het allemaal de schuld was van Poetin. Mijn pogingen hem er op te wijzen dat het niet alleen de schuld kon zijn van Rusland werden afgedaan als ‘pro-Poetin talk’. Ik was bijna in tranen toen. Niet alleen vanwege de manier waarop ik werd aangesproken, maar ook omdat de ramp zelf mij heel erg aangreep.

Toen de redactie mij daarna nog een keer vroeg, heb ik toegezegd op voorwaarde dat ik op een beleefde manier bejegend zou worden.

Terug naar RT en Sputnik. RT wordt in de Westerse media vaak genoemd in verband met nepnieuws over een Russische jongen die gekruisigd zou zijn in Oekraïne, en een Russisch meisje dat verkracht zou zijn in Duitsland door vluchtelingen.

Ten eerste zijn die verhalen niet de wereld ingeholpen door RT, maar door de Russische tv-zender Kanaal 1. En ten tweede heeft Kanaal 1 die verhalen niet gebracht met de bedoeling het publiek te misleiden, maar omdat ze dachten dat ze echt waren.

Ik vind het niettemin onprofessioneel van Kanaal 1 dat ze een verhaal zoals dat over de gekruisigde jongen niet hebben geverifieerd voordat ze het uitzonden. Maar in de Westerse pers wemelt het van dat soort verhalen. Neem Omran, het bloedbevlekte jongetje uit Aleppo. Er is geen tv-zender in het Westen die daar geen beelden van heeft uitgezonden, en steeds met de onderliggende boodschap: Kijk eens hoe barbaars de Syrische en Russische luchtmacht tekeer gaan boven Aleppo. RT spoorde Omran en zijn vader op en het bleek dat het hele verhaal nep was, en in scene was gezet door de grote favorieten van het Westen in Syrië, de zogenaamde Witte Helmen, die trouwens op zichzelf al een neporganisatie zijn.

Terwijl Rusland zich met RT en Sputnik richt op een Westers publiek zijn de VS na afloop van de Koude Oorlog nooit opgehouden met Voice Of America, Radio Free Europe en Radio Liberty.

Belastinggeld uit het Oosten en belastinggeld uit het Westen, een groot verschil nietwaar? Als ‘filantropen’ als George Soros bepaalde media financieren, dan kun je er ook zeker van zijn dat hij dit doet vanwege de belastingaftrek. Uiteindelijk wordt alles betaald uit de belastingkas.

De VS hebben recentelijk RT America aan banden gelegd, door ze onder meer te verplichten zich te laten registreren als ‘foreign agent’. Rusland heeft inmiddels tegenmaatregelen genomen.

De Russische Foreign Agent wetgeving uit 2012 is vooral een kopie van de American Foreign Agents Registration Act  uit 1938. De wet wordt gebruikt voor niet-gouvernementele organisaties, NGO’s, die politieke doeleinden nastreven en gefinancierd worden vanuit het buitenland. De Russische wet is nooit bedoeld geweest voor de media, en is er ook nooit voor gebruikt. Maar in de VS hebben ze nu besloten dat ze hun wet uit 1938 gaan gebruiken tegen RT en Sputnik. Met het gevolg dus dat Rusland hetzelfde gaat doen.

In de Westerse media wordt veel en vaak gesproken over de zogenaamde trollenfabriek in Sint-Petersburg, van waaruit het Westen wordt bestookt met nepnieuws, en discussies op sociale media worden beïnvloed.

Ik geloof niet in Russische trollenfabrieken, omdat het gewoonweg onmogelijk is dat die verantwoordelijk kunnen zijn voor de stortvloed aan lezersreacties op anti-Rusland artikelen zoals te zien zijn op zoveel verschillende buitenlandse websites. In tientallen verschillende talen ook nog.

Ik ben goed bekend met mijn collega’s van de Poolse afdeling van Sputnik, en ik weet daarom hoe moeilijk het is om in Rusland mensen te vinden die fatsoenlijk Pools spreken en schrijven. Maar toch tref je steeds weer honderden of duizenden reacties aan van verontwaardigde Poolse lezers op artikelen in de Poolse pers waarin gewaarschuwd wordt voor ‘het Russische gevaar’ of waarin nepnieuws over Rusland wordt opgevoerd, bijvoorbeeld over Russen die in 2010 het ongeluk met het presidentiële vliegtuig zouden hebben veroorzaakt door het vliegveld van Smolensk in de mist te zetten.

De Westerse media zijn van zichzelf al zo vooringenomen, tegenstrijdig, en vaak ook gewoonweg nep, dat er geen Russische trollen nodig zijn om dat aan het licht te brengen. Dat doet het publiek in het Westen zelf al.

Oppositiejournalist Oleg Kashin schreef onlangs in The Moscow Times dat de Westerse media niet langer een rolmodel zijn voor de onafhankelijke media in Rusland, vanwege het vervormde beeld dat Westerse journalisten schetsen van Rusland sinds anderhalf jaar.

Dat is zeker waar, maar de desillusie over de Westerse media ontstond al veel eerder. De Westerse verslaggeving van de oorlogen in Tsjetsjenië en Joegoslavië was zo bevooroordeeld en eenzijdig, dat journalisten en anderen in Rusland die in staat waren het Westerse nieuws te volgen teleurgesteld begonnen te raken. De openlijke steun van de Westerse pers aan de gewapende opstand in Syrië en aan het wrede nationalistische regime in Oekraïne heeft inmiddels voor iedereen in Rusland die toegang heeft tot het internet duidelijk gemaakt hoe ‘objectief’ de Westerse pers in werkelijkheid is.

De Russische media zijn ‘niet vrij’, volgens twee toonaangevende organisaties die overal ter wereld de vrijheid van pers meten. Wat vindt u van die kwalificatie?

Het is onmogelijk de vrijheid van pers te meten. Het is nepwetenschap.

Maar de Russische media zijn erg divers in vergelijking met de Westerse media. Wij hebben bijvoorbeeld kranten die steun betuigen aan de Westerse interventie in Syrië en die de Russische hulp aan de Syrische regering afwijzen. Grote kranten als Vedomosti, Kommersant en Nezavisimaya hebben dat voortdurend gedaan. Noem mij in Frankrijk of Groot-Brittannië een krant die schrijft: “We hadden Assad met rust moeten laten. We hebben er verkeerd aan gedaan ons met Syrië te bemoeien want door onze inmenging zijn er vele levens verwoest.”

Ander voorbeeld: Er zijn Russische kranten die volledig op de hand zijn van het regime van Porosjenko in Oekraïne. Zo noemde het weekblad Sobesednik de Maidan-coup van 2014 een ‘waardige revolutie’ en de milities in Donbass ‘criminelen’. Sobesednik is geen marginale publicatie. Het is een grote krant die je overal hier in Moskou in de kiosk kunt kopen.

Het idee dat de Russische pers niet vrij is lijkt erg te worden bepaald door berichten in de Westerse pers over geweld tegen journalisten.

De meeste moorden op journalisten in Rusland hadden van doen met het aan de kaak stellen van onoorbare praktijken van machtige lokale oligarchen, burgemeesters en gouverneurs, die onder Jeltsin als koningen regeerden. Onder Poetin hebben ze veel van hun macht moeten inleveren. De gouverneurs, en ook de burgemeesters, weten nu dat zelfs het geringste vermoeden van betrokkenheid bij moord het einde kan betekenen van hun carrières.

Er zijn dit jaar twee journalisten vermoord. In 2016 nul. Maar toch lijkt het de goede kant uit te gaan. Uit de cijfers van het Amerikaanse Committee To Protect Journalists (CPJ) blijkt dat er onder Jeltsin dubbel zoveel werd gemoord als onder Poetin. In het Westen lijkt iedereen juist te geloven dat juist Poetin de boosdoener is. Dat hij een moordgolf in gang heeft gezet.

De moordgolf op journalisten nam een aanvang onder Gorbatsjov. In de laatste jaren van de Sovjet-Unie werd er een privatisering in gang gezet. Dit creëerde een ‘markt’ voor moorden. Machtige clans raakten met elkaar slaags in de strijd om de controle over eigendommen, waaronder mediaconcerns.

Waarom denkt u dat er zo weinig moorden zijn opgelost?

Er zijn wel degelijk veel moorden opgelost. Het probleem is dat de Westerse media er niet over berichten als ze zijn opgelost of tot een veroordeling hebben geleid. Dat zou teveel in tegenspraak zijn met de leidende verhaallijn van het ‘wetteloze Rusland’. De moord op Anna Politkovskaya is bijvoorbeeld opgelost, de moordenaars zijn veroordeeld tot lange gevangenisstraffen, maar in het Westen leek niemand werkelijk geïnteresseerd.

Maar de meerderheid van de zaken is niet opgelost.

Ik ken de precieze statistieken niet. Over het algemeen is het moeilijk huurmoorden op te lossen. De moordenaars worden vaak weer door andere criminelen uitgeschakeld, en het is moeilijk te achterhalen wie opdracht heeft gegeven voor de moord. Zelfs als je de verdachte vindt, dan is het moeilijk diens schuld aan te tonen.

Radio-presentatrice en columniste Yulia Latynina, die onlangs uit Rusland is gevlucht omdat ze meermaals is aangevallen, verwijt de overheid een gebrek aan bescherming. Ze zegt: “Het is niet dat Poetin of het Kremlin achter dit soort aanvallen zitten. Ze knipogen naar degenen die ze organiseren.” 

Yulia Latynina had het aan de stok met bepaalde criminele elementen, die haar met stront besmeurden, onder het motto van: ‘We imiteren Latyninas manier schrijven over Rusland”.

Ik vind het walgelijk; ik kan dit soort acties niet goedkeuren.

Maar anders dan Latynina zou ik niet willen beweren dat de staat oppositiejournalisten in het geheel niet beschermt. Er zijn vele gevallen waarbij de daders van soortgelijke acties tegen bekende leden van de oppositie in de gevangenis belandden.

Het zijn steeds liberale journalisten die worden aangevallen. Wat drijft burgers die hiervoor verantwoordelijk zijn? Yulia Latynina zegt dat ze denkt dat de mensen niet echt kwaad zijn op haar. “Hun motivatie is dat ze groot willen worden in de ogen van Poetin.”

Ik deel die mening niet. Mensen zijn wel degelijk boos. Als je Echo Moskou aanzet, het ulra-liberale radiostation waar Latynina nog steeds haar wekelijkse programma presenteert, dan hoor je daar dat de Sovjet-Unie erger was dan Hitlers Duitsland; dat het in de genen van de Russen zit om te leven onder een dictatuur; dat de Russische president optrekt met moordenaars. Zulke uitspraken maken mij kwaad, omdat ze onwaar zijn en oneerlijk.

Russische liberalen worden in eigen land wel uitgemaakt voor ‘landverrader’. Waarom is dat?

Russische liberalen, zoals Vladimir Kara-Murza, spreken zich in het buitenland vaak uit voor hardere sancties tegen Rusland, omdat, zoals ze zeggen, “Poetins regime geen andere taal begrijpt.”

Voor veel kwaadheid zorgden ook liberalen die de slachting goedkeurden die het Oekraïense leger aanrichtte in Donetsk en Loegansk. De krant Sobesednik is daar een voorbeeld van. Er waren zelfs liberalen die zich vrolijk maakten over gesneuvelde Donbass-soldaten.

U erkent dat zowel liberalen als conservatieven zich schuldig maken aan haatzaaïerij, en het verontrust u dat de kloof tussen beide partijen alleen maar groter is geworden. Wat moet er gebeuren?

De meeste haatdragende taal komt van de ultra-liberalen[2] of van voormalige ultra-liberalen die, na de gebeurtenissen in Libië, Syrië en Oekraïne, gewoonweg zijn overgelopen naar het patriottische kamp. Zoals Vladimir Solovjov. Hij werkte lange tijd voor het ultra-liberale tv-station NTV onder de pro-Westerese oligarch Vladimir Goesinski. Daar leerde hij hoe je weg kunt komen met de ergste beledigingen. Van iedereen die tekeer gaat tegen Echo Moskou is hij de grofste.

Er zijn onder Poetin veel maatregelen genomen om de media aan banden te leggen. We hadden het net al over de ‘foreign agents’ wetgeving. Er is nu ook een wet die het aandeel van buitenlandse eigenaren in Russische mediabedrijven beperkt tot 20 procent.

Die wet is heel makkelijk te ontlopen, en dat gebeurt ook. Veel buitenlandse eigenaren maken nu gebruik van dekmantels. Ze betalen Russische bedrijven om zich voor te doen als eigenaar. Zo is het dagblad Vedomosti in Moskou begonnen als gezamenlijk project van The Wallstreet Journal en The Financial Times. Na de invoering van de nieuwe wet heb ik geen verschil waargenomen in de redactionele koers. Deze is nog steeds onversneden pro-Westers, en wie op dit moment de eigenaar ook moge zijn, de ultra-liberale invloed spreekt dagelijks uit de pagina’s.

The Moscow Times van Derk Sauer werk ook met een dekmantel. De krant staat geregistreerd in Nederland, maar wordt uitgegeven door het Russische Korsamedia.
Wat heeft de Russische overheid eigenlijk te vrezen van buitenlandse media-eigenaren? Vormen zij een bedreiging?

Het hangt er van af. Op dit moment niet. Maar in een bepaalde crisissituatie misschien wel. Het is nu al zo dat 80 procent van de Russische kwaliteitspers anti-Poetin is: Vedomosti, Kommersant, RBC, Nezavisimaya Gazeta, Novaya Gazeta, MK, Sobesednik, et cetera.

Op het moment dat president Viktor Janoekovitsj werd afgezet in Oekraïne, had hij 90 procent van de media tegen zich. Het probleem was dat Janoekovitsj zich nooit iets aantrok van wat de kranten over hem schreven. Hij dacht dat economie en diplomatie belangrijker waren. Dat was een grote vergissing.

De meeste Russen verkrijgen hun nieuws van tv-zenders die in eigendom zijn en onder controle staan van de staat. Dus wat valt er dan te vrezen van de oppositiekranten?

Ook op de staatszenders zijn er programma’s waarin kritisch gesproken wordt over de overheid en Poetin persoonlijk. De pro-westerse leider van de ultra-liberale partij Jabloko, Grigory Javlinski, sprak laatst nog 30 minuten aan een stuk op Kanaal 1 over zijn politieke programma en zijn kritiek op Poetins buitenlandpolitiek.

De staatszenders zijn wat dat betreft diverser dan de ultra-liberale pers, waar het anti-Poetin sentiment overheerst.

Verdenkt de Russische overheid buitenlandse NGO’s en media-eigenaren ervan aan te sturen op regime change?

De meeste oorlogen van de afgelopen twintig jaar begonnen als burgeroorlogen, die ontketend werden vanuit het buitenland. In zowel Syrië als Libië begon het met een opstand. Maar die opstanden van radicale soennieten waren aangezwengeld door Al Jazeera en werden daarna volop gesteund door de Westerse media. Met zulke voorbeelden voor ogen, moet je een idioot zijn om niet in te zien dat dezelfde tactieken van regime change ook op Rusland worden uitgetest.

Welke bewijs ziet u dat het Westen aanstuurt op regime change?

De voormalige Amerikaanse vice-president Joe Biden zei, tijdens zijn bezoek aan Moskou in 2010, dat hij niet wilde dat Poetin opnieuw president zou worden. Dit was een openlijke intentieverklaring. Tel daar de retoriek bij op van de  Russische media die onder controle staan van Amerikaanse en Europese eigenaren. Alles wijst op regime change-intenties.

 In 1996 werd president Boris Jeltsin herkozen met behulp van een Amerikaans campagneteam. Misschien dat dat nog een rol speelt in de argwanende manier waarop Russen kijken naar buitenlandse invloeden in hun land?

Het Russische volk is het niet vergeten, maar de belangrijkste rol werd gespeeld door corrupte Russen, de oligarchen die praktisch alle kranten in handen hadden. Jeltsin genoot in januari 1996 een waardering van 5 procent. Hij was zeer impopulair. De oligarchen besloten daarom hun krachten te bundelen en hun kranten aan het werk te zetten om Jeltsin herkozen te krijgen. En het lukte ze nog ook, met de hulp overigens van de buitenlandse media. Zoals een Franse journalist toen tegen mij zei: “In het Westen hebben we maar één kandidaat voor het Russische presidentschap: Jeltsin”.

Volgens hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times begeef je je in de gevarenzone als je aan de financiële belangen komt van Poetin en diens naasten. Toen journalisten van RBC een vriend van Poetin in verband brachten met de Panama Papers, kwam RBC in de problemen met de Belastingdienst, werd de hoofdredacteur ontslagen en werd directeur Derk Sauer opeens verdacht van aandelenfraude.

Het heeft RBC er niet van weerhouden door te gaan met het bekritiseren van Poetin. Als je kijkt naar RBC, maar ook naar Kommersant, Novaya Gazeta of Nezavisimaya Gazeta, dan zie zie je dat 50 procent van hun artikelen gaan over Big Money en Poetin of andere regeringsfunctionarissen. En dus is het wel degelijk mogelijk daar over te schrijven.

Kijk ook even wie de voormalige eigenaar is van RBC (de voormalige baas van Derk Sauer, EvdB): de miljardair Mikhail Prokhorov. Hij nam het op tegen Poetin tijdens de presidentsverkiezingen van 2012. Toch bleef de Westerse pers benadrukken dat RBC één van de laatste bastions was van de onafhankelijke journalistiek in Rusland.

Ik vind Prokhorov een cynische en verdorven man. U herinnert zich misschien dat hij in Frankrijk gearresteerd werd? Hij verkeerde in het gezelschap van zestien vrouwen. De politie verdacht hem ervan die vrouwen aan te bieden aan zijn vrienden. Na drie dagen werd hij weer op vrije voeten gesteld. Omdat hij tegen Poetin was, sloot de politie het onderzoek en werd hij door de Franse overheid onderscheiden met het Légion d’Honneur. Het zal waarschijnlijk de enige keer in de Franse geschiedenis zijn geweest dat iemand die er van verdacht werd pooier te zijn op zo’n manier werd geëerd.

Dus u denkt dat de publicatie over de Panama Papers niet heeft geleid tot de problemen bij RBC? Dat het allemaal toeval was?

De naam van Poetin komt helemaal niet voor in de Panama Papers. Alleen een vriend van Poetin, die cellist. Maar hij is niet dezelfde persoon als Poetin, en het is ook geen familielid van Poetin. Maar op de een of andere manier besteedde de Westerse pers, schrijvend over de Panama Papers, meer aandacht aan Poetin dan aan de Oekraïense president Porosjenko, wiens naam wel voorkomt in de Panama Papers omdat hij wel zijn geld op die rekeningen had staan. En niemand die hem vraagt wat hij doet met de pers in zijn land, die drastisch is veranderd onder Porosjenko. Het is in Oekraïne niet langer mogelijk iets positiefs te zeggen over Rusland. Ook is de journalistiek een gevaarlijk beroep  geworden in Oekraïne. Maar de Westerse pers blijft liever gefocust op de positie van journalisten in Rusland. Het lijkt ze niks uit te maken dat sinds Porosjenko aan de macht is er jaarlijks journalisten worden vermoord in Oekraïne.


[1] Nieuwsuur-presentator Eelco Bosch van Rosenthal kondigde vorig jaar Dmitry Babich aan tijdens een bijeenkomst in De Balie door te zeggen dat het onzinnig was te beweren dat RT een ‘propaganda-middel’ is. Zie videoregistratie vanaf de 38ste minuut.

[2] Dmitry Babich verstaat onder ultra-liberalen: neoliberalen. Hij prefereert de term ultra-liberalen, omdat volgens hem het belangrijkste kenmerk van het ultra-liberalisme niet is dat het ‘nieuw’ is maar ‘ultra’, een extreme vorm van liberalisme.

 

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

De zaak Magnitsky: Kremlin-criticus valt van geloof

De documentaires van Kremlin-criticaster Andrei Nekrasov konden tot voor kort rekenen op een warm onthaal in het Westen. Nu hij een film heeft gemaakt die het Kremlin ontlast in de roemruchte Magnitsky-zaak, lijkt het over te zijn met de liefde. Hoe zit dat in Nederland? Waarom vertonen de VPRO en het IDFA de film niet? Dreigt multimiljonair Bill Browder met een rechtszaak?

The Magnitsky Act. Voormalig president Barack Obama tekende eind 2012 deze Amerikaanse wet, vernoemd naar de Russische belastingaccountant Sergei Magnitsky, die in 2009 stierf in een Moskouse gevangenis. Doel van de wet: bestraffing van de personen die verantwoordelijk zijn voor de dood van Magnitsky. Zij mogen de VS niet meer in en hun buitenlandse banktegoeden worden bevroren.
De Russische overheid reageerde met tegenmaatregelen: Achttien Amerikanen die, verantwoordelijk zouden zijn voor misdaden tegen de menselijkheid, mogen Rusland niet meer in. Voorts mogen Amerikanen geen Russische kinderen meer adopteren.

Het ontmoedigde de Canadese overheid niet afgelopen maand met een vergelijkbare wet te komen, The Sergei Magnitsky Law. En mogelijk komt de EU daar nog achteraan.

Hoe is het mogelijk dat de dood van een tot dan toe onbekende Russische belastingaccountant zulke grote gevolgen had voor de betrekkingen tussen Rusland en het Westen?

Het antwoord is simpel. Sergei Magnitsky werkte voor een vermogend man, een Brit van Amerikaanse origine, Bill Browder, die een groot financieel conflict heeft met de Russische staat. Browder is CEO en medeoprichter van wat ooit het grootste buitenlandse investeringsfonds was in Rusland, Hermitage Capital Management (“Hermitage”). In 2005 stelde de Russische politie een onderzoek in naar de fiscale praktijken van Hermitage. In hetzelfde jaar werd het visum van Browder niet verlengd, en moest hij het land verlaten. In 2013 werd hij bij verstek veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf vanwege belastingontduiking en belastingfraude.

Apostel Browder

Sinds zijn gedwongen vertrek uit Rusland ijvert de geplaagde hedgefund manager voor politieke tegenmaatregelen vanuit het Westen. De arrestatie van zijn belastingaccountant Magnitsky en diens daaropvolgende dood in een Moskouse cel kwamen daarbij als een geluk bij een ongeluk. Browder, die tot dan toe zijn imago van koele, berekenende investeringsmanager tegen zich had gehad, greep de kans zich te profileren als mensenrechtenactivist. Niet zijn eigen financiële belangen in Rusland stonden voorop; gerechtigheid voor Magnitsky werd inzet van zijn strijd. Althans, zo deed hij het voorkomen, in zijn vele gesprekken met journalisten, politici en mensenrechtenactivisten.

Acteur die Magnitsky speelt in de gevangenis (still)

Magnitsky was geen natuurlijke dood gestorven, zo vertelde Browder aan iedereen die het maar wilde horen. Magnitsky was doodgeslagen in zijn cel. Magnitsky was ook niet gearresteerd om verhoord te worden door de politie over belastingontduiking. Nee, hij was uit eigener beweging naar de politie gegaan om daar aangifte te doen tegen agenten die documenten zouden hebben gestolen uit het Hermitage-kantoor van Browder, met de bedoeling zichzelf daarmee te verrijken, en de Russische belastingdienst voor 230 miljoen dollar te benadelen. Kortom: Browder was allesbehalve de belastingfraudeur die de Russische autoriteiten van hem hadden gemaakt. Hij was een edelmoedige klokkenluider die opkwam voor de belangen van de Russische belastingbetaler, en dat uiteindelijk moest bekopen met de dood. Magnitsky was gestorven als een martelaar, en Bill Browder was de apostel die de wereld introk om de mensen diens evangelie te verkondigen.

Behind the scenes

Maar toen kwam Andrei Nekrasov. De in het Westen vanwege zijn dissidente films gelauwerde, Russische filmmaker stortte zich op de zaak Magnitsky, zoals hij dat eerder had gedaan op de zaak Litvinenko (de Russische ex-spion Alexander Litvinenko die in 2007 in London overleed als gevolg van een overdosis polonium in zijn lichaam). Nekrasov nam als uitgangspunt voor zijn film over Magnitsky het verhaal van Bill Browder, dat hij liet naspelen door acteurs. De gedramatiseerde scenes uit het verhaal mengde Nekrasov met de interviews die hij daarvoor al had opgenomen met Browder.

Het docudrama zoals Nekrasov dat voor ogen had, pakte echter anders uit. In de eindversie uit 2017 van de documentaire, The Magnitsky Act – Behind the Scenes, is goed terug te zien hoe Nekrasov gedwongen werd van zijn aanvankelijke plan af te stappen, en tot het besluit kwam een andere weg in te slaan.

Nekrasov (rechts) in gesprek met Bill Browder (still)

In het eerste deel van de documentaire zien we de film nog in zijn oorspronkelijke opzet: Nekrasov in gesprek met een zichtbaar op zijn gemak zijnde Bill Browder, en gedramatiseerde fragmenten die het verhaal van Browder illustreren. Maar dan, door anderen die Nekrasov spreekt en originele documenten waar hij op stuit, begint de twijfel toe te slaan. Klopt het verhaal van Bill Browder wel? Nekrasov besluit te gaan graven, en wat eerst nog een docudrama was, mondt uit in een spannende detective. “Not a natural born detective I felt I had no choice than to become one”, horen we Nekrasov zeggen in de voiceover. Gaandeweg vindt Nekrasov steeds meer gaten, tegenstrijdigheden en feitelijke onjuistheden in het relaas van Browder. Als hij deze met Browder wil delen, begint deze hem te mijden, waarschijnlijk omdat hij onraad ruikt. Maar als het Nekrasov uiteindelijk toch lukt hem voor de camera te krijgen barst de bom. Browder beschuldigt Nekrasov van FSB-activiteiten en beent woedend weg uit het interview.

Dreigende rechtszaken

De vertoning van de film van Nekrasov wordt wereldwijd tegengehouden door Browder, en door nabestaanden van Magnitsky. “Alle betrokken financiers, distributeurs en producers ontvangen stapels documenten,” zegt de Noorse producer Torstein Grude. “Met de bedoeling aan te tonen dat er niks klopt van de film en dat ze financieel zullen worden gestraft als ze de film uitbrengen.”

Zelfs het Europees Parlement bezweek voor de intimidatie van Browder cum suis. De documentaire zou daar in april 2016 vertoond worden. Maar minder dan een uur voor aanvang werd de vertoning afgeblazen. „Money is power”, luidde het boze commentaar van de Finse Europarlementariër Heidi Hautala van de Groenen, die de screening had georganiseerd.

Ook het bestuur van Noorse Short Film Festival, dat de film in mei 2016 zou vertonen, koos eieren voor zijn geld.
Geplande uitzendingen van de Frans-Duitse zender Arte en de Duitse zender ZDF werden afgeblazen.
De film is nu alleen nog te zien geweest op een handjevol filmfestivals in Noorwegen, Finland, Zweden, Frankrijk, Duitsland en Rusland. In de VS is de film slechts eenmaal vertoond, voor een zaaltje journalisten en overige belangstellenden in Washington, met na afloop een discussie onder leiding van éminence grise van de Amerikaanse journalistiek Seymour Hersh.
Degenen die verantwoordelijk waren voor de voorstelling in Washington, zouden gearresteerd moeten worden, beklaagde Browder zich ten overstaan van een Amerikaanse senaatscommissie. Het zouden ‘foreign agents’ zijn die dus ook als zodanig behandeld zouden moeten worden. (De Amerikaanse Foreign Agent Registration Act voorziet in gevangenisstraffen oplopend tot vijf jaar).

VPRO en IDFA

Hoe zit het eigenlijk hier in Nederland met het IDFA en de Nederlandse Publieke Omroep? Waarom heeft het IDFA de documentaire niet geprogrammeerd? En waarom is deze nog steeds niet op de Nederlandse tv te zien geweest? Eerdere films van Nekrasov werden wel vertoond.
IDFA-programmeur Martijn te Pas laat weten de film “simpelweg niet sterk genoeg” te vinden. “Wellicht is dat niet zo spannend allemaal, maar het is wel zoals het is”.

Eerder films van Andrei Nekrasov (foto) werden wel in Nederland vertoond, maar zijn docudrama over de zaak Magnitsky niet.

Kremlin-criticus Derk Sauer, die in het bestuur zit van het IDFA, zou geen rol hebben gespeeld bij het bannen van de film van het festival. “Derk zit op afstand”, aldus Te Pas.
De VPRO bevestigt in gesprek te zijn geweest met de producent van de film. “We vonden de film inhoudelijk te ingewikkeld”, laat hoofd documentaire Barbara Truyen weten. “We hebben regelmatig en uitvoerig feedback gegeven om er een duidelijker verhaal van te maken, maar er werd te weinig met onze suggesties gedaan. Dus toen hebben we er van afgezien”

Het laatste halfuur van de film is inderdaad moeilijk te volgen. Dat gaat over de manier waarop Magnitsky voor Hermitage met geld heeft geschoven. Dat is sowieso inhoudelijk heel ingewikkeld, en waarschijnlijk alleen makkelijk te volgen voor financieel experts.
Het eerste anderhalf uur van de film is echter zeer de moeite waard. En zelfs al valt er wat af te dingen op de kwaliteit van de film, deze is te belangrijk om niet vertoond te worden. Nekrasov heeft gedaan wat zoveel anderen voor hem hebben nagelaten: het plaatsen van vraagtekens bij het verhaal van Browder. Deze zijn van groot belang gezien de grote gevolgen die de Magnitsy-zaak heeft gehad voor de betrekkingen tussen Rusland en het Westen.

Ook om een andere reden kan aan de vraagtekens van Nekrasov niet zomaar voorbij worden gegaan: het verhaal van Nekrasov verdient, meer dan welk ander verhaal over Magnitsky ook, het voordeel van de twijfel. Nekrasnov was en is Kremlin-criticus, en hij heeft met deze film zijn reputatie op het spel gezet. Sommigen van zijn anti-Kremlinvrienden hebben zich van hem afgewend of zich zelfs tegen hem gekeerd. En het is nu nog maar de vraag of hij zijn films, zelfs al ze kritisch zijn over de Russische overheid, nog kwijt kan in het Westen.

Regisseur en producer geven echter de moed niet op. “Wij overwegen de film uit te werken tot een tv-serie, met nieuwe onthullingen”, zegt producer Torstein Grude. “Dit vereist echter wel substantiële financiering, en daarvoor is nodig dat een aantal tv-zenders zich committeert aan het project. We zijn er niet zeker van dat dit nog lukt gezien het heersende klimaat.”

Verder lezen:

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on 2 Comments

“Beeld Nederlanders over Rusland zorgwekkend”

Eva Hartog staat sinds juli van dit jaar aan het hoofd van The Moscow Times van oprichter Derk Sauer, die de Engelstalige krant dit jaar onderbracht in een in Nederland gevestigde stichting. Met het aantreden van Hartog hield de papieren editie op te bestaan, maar met haar vier jaar ervaring als webeditor bij de krant is zij vastbesloten een succes te maken van de overgebleven online-versie.

Is het nog mogelijk een onafhankelijke krant te maken in een land waar de persvrijheid onder druk staat? Wat betekent dit voor de hoofdredactionele koers? Klopt het beeld dat Nederlanders hebben van Rusland? Zucht het Russische volk onder een dictatuur?

The Moscow Times is gevestigd op de bovenste verdieping van een hoog glazen kantoorgebouw, met uitzicht op een stadion in aanbouw voor het WK Voetbal dat volgend jaar in Rusland gehouden wordt. Eva Hartog zwaait er de scepter over een redactioneel team van jeugdige leeftijdgenoten.

Op de dag van interview gaat er een schok door journalistiek Rusland. Tatjana Felgenhauer, adjunct-hoofdredacteur en presentatrice van het radiostation Echo Moskou, wordt in haar nek gestoken, door een man, die later zou verklaren met haar in telepathisch contact te staan. De aangevallen presentatrice is inmiddels buiten levensgevaar, maar Eva Hartog moet nog bekomen van de schrik.

“Ik luisterde elke ochtend naar haar, al jarenlang. Ze is presentatrice bij een klein lokaal station, met een klein publiek. Ze vormt geen enkele bedreiging voor de georganiseerde misdaad of de autoriteiten. Het enige wat ze doet is een ochtendprogramma presenteren, waarin ze de actualiteiten bespreekt, op een stoute, brutale manier, met grapjes. Het feit dat zelfs zo’n journalist al niet veilig is, verlegt de grens.”

De aard van de dreiging voor journalisten is veranderd?

“Vroeger als je een stuk schreef over bijvoorbeeld de FSB of Poetin, dan wist je: ‘Het Kremlin komt achter je aan.’ Dat was niet fijn, want dan werd je doodgeschoten of in elkaar geslagen. Maar de thema’s kon je opnoemen, en je wist wie er achter de aanvallen zat. Dus als je werd doodgeschoten, zoals Anna Politkovskaya, dan wist iedereen meteen: ‘Dat heeft te maken met Tsjetsjenië.’ Dat maakt het niet beter, maar dat maakt het wel heel duidelijk. Wat er nu langzamerhand aan het gebeuren is: Het Kremlin houdt zich minder bezig met het bedreigen of erger van journalisten, maar ze tolereren wel dat andere mensen het doen. Dat betekent dat elke persoon die je tegen komt op straat een potentiële aanvaller is.”

Uit cijfers van het in New York gevestigde Committee To Protect Journalists blijkt dat onder Poetin het aantal vermoorde journalisten sterk is afgenomen. Maar nu zit de pers in Rusland dus met een ander probleem? Eenzame gekken die zich aangemoedigd voelen journalisten aan te vallen.

“In de Russische media is een beeld gecreëerd van mensen die patriottistisch en pro-Kremlin zijn, en aan de andere kant mensen die anti-Kremlin zijn en daarmee westers en vijanden van Rusland. Met het gevolg dat er vigilantes zijn gekomen, die, op eigen initiatief, alleen of in groepjes, achter mensen aangaan.”

Denk je dat het Kremlin het wel best vindt dat eenzame gekken de schrik er in houden bij de oppositie?

“De aanvaller van Tanja Felgenhauer was een psycho, maar het gebeurt wel allemaal in een setting waarin dat getolereerd wordt, zo niet aangespoord. De staat lijkt te zeggen: ‘Wij hebben er niks mee te maken.’

De journaliste die vandaag is aangevallen vormde geen enkele bedreiging voor het Kremlin. Maar de aanvallen op journalisten houden wel de schrik er in. Dit heeft zo zijn voordelen voor de overheid, omdat dat de controle over de media en daarmee de maatschappij versterkt.”

Er zijn geen politici die hun afschuw uitspreken over dit soort aanvallen?

“Dat is nog niet gebeurd. Het is ook geen nationaal thema. Over het algemeen zijn de mensen van de oppositie nichefiguren, dus met weinig naamsbekendheid. Ik denk ook dat, als mensen wel zouden weten over de aanvallen op journalisten, ze vaak hun schouders daarover ophalen, en bij zichzelf denken: ‘Die journalisten roepen het over zichzelf af. Het zijn foreign agents, gesponsord door de Amerikanen.’ Of: ‘Dan moeten ze maar niet dat soort dingen zeggen.”
(The Moscow Times meldde later dat Poetin zich had uitgesproken over de aanval op Felgenhauer, EvdB)

Is het terecht dat de Russen zich zorgen maken over de invloed van het Westen op hun media? Vanuit de VS en tal van Europese landen waaronder Nederland worden vele miljoenen aan belastinggeld besteed aan zogenoemde ‘onafhankelijke Russischtalige media’. Zo ging er Nederlands belastinggeld naar oppositiekrant Novaya Gazeta.

“Ik begrijp de zorgen die de Russen hierover hebben. Maar het is angst grenzend aan paranoia.”

Het is geen gerechtvaardigde angst? Wie de media heeft, heeft de macht.

“Als er een geopolitieke strategie steekt achter geld vanuit het Westen naar Rusland, dan ken ik die niet. Wat ik wel zie zijn kleine NGO’s en kleine mediabedrijven die niks met politiek doen, maar die wel getroffen worden door alle beperkende wetten en maatregelen van de laatste jaren. Zo is er het Levada Center, het enige onafhankelijke enquêtebureau dat we hier hebben, de Maurice de Hond van Rusland. Zij hebben het administratieve stempel gekregen van foreign agent , en dat alleen maar omdat zij mensen vragen naar hun mening over politieke zaken.”

(Met buitenlands geld gefinancierde politiek georiënteerde NGO’s in Rusland moeten zich sinds 2012 registreren als foreign agent. In de VS bestaat al sinds 1938 dergelijke wetgeving, EvdB).

Stel je voor dat de Russen in Nederland gaan doen wat de Nederlandse overheid in Rusland doet: Het financieren van een Nederlandstalige, ‘onafhankelijke’ krant. Hoe zouden onze politici en media reageren?

“Ik vind dat je die vergelijking niet kunt maken. Voor een krant in Nederland is het veel makkelijker om te blijven bestaan dan voor een krant in Rusland. Als jij in Rusland aan onafhankelijke journalistiek wilt doen, dan wordt dat heel lastig zonder hulp vanuit het buitenland. Waar moet je anders het geld vandaan halen? Er wordt in Rusland druk uitgeoefend op sponsors om geen advertenties te plaatsen in onafhankelijke mediabedrijven. Ik heb daar zoveel voorbeelden van gezien.
Als Rusland zich wil beschermen tegen buitenlandse beïnvloeding, dan is daar op zich niks mis mee, maar zorg dan voor een infrastructuur die onafhankelijke berichtgeving mogelijk maakt. En dat is juist wat er niet gebeurt. Door alle beperkende maatregelen van de afgelopen jaren wordt de civil society, het maatschappelijk middenveld, volledig kapot gemaakt.”
(Echo Moskou is in bezit van staatsbedrijf Gazprom, maar laat in uitzendingen regelmatig critici van de Russische regering aan het woord. EvdB)”

Jij stelt dat de Nederlandse en de Russische media niet met elkaar zijn te vergelijken. Maar ranking-organisaties als Reporters Sans Frontières en Freedom House doen dit wel. Ze plaatsen Nederland ergens bovenaan en Rusland nog onder de Verenigde Arabische Emiraten.

“Ik weet niet wat ik van zo’n ranking vind. Behalve dat ik het label ‘not free’ van Freedom House wel op de Russische pers van toepassing vind.”

Jij voelt je niet vrij om te schrijven wat je wilt? Vier jaar geleden plaatste The Moscow Times een artikel over een hond uit Oekraïne die op Poetin leek, met de foto’s  van de hond en Poetin naast elkaar. Dat moet je in Nederland eens proberen met het portret van de koning.

“Dat soort vrijheden heb je dan weer wel in Rusland. Het is niet het best gelezen artikel ooit, maar het komt dicht in de buurt. Het is minstens 200.000 keer gelezen. Nou zitten we bij The Moscow Times wel in een unieke positie. Wij schrijven in het Engels voor een buitenlands publiek. Je kunt dat niet vergelijken met de situatie van Russische journalisten. Ik heb er nog niet één ontmoet die zich vrij voelt. Dat er desondanks journalisten zijn die alles schrijven wat ze willen, bekent niet dat ze vrij zijn. Ze zeggen: ‘Ik zet mijn carrière of leven op het spel om dit te doen.’
Ik ken ook veel mensen die voor staatsbedrijven werken zoals RT en RIA Novosti. Die mensen weten beter dan wie ook hoe onvrij het systeem is. Ze zijn heel pragmatisch daarin. Ze denken: ‘Ik wil geld verdienen.’ En: ‘Het is niet mijn probleem.’
Als je in Rusland bij een oppositiemedium ontslagen wordt, dan zijn er misschien nog maar twee outlets waar je eventueel nog aan de slag kunt. Dat betekent in de praktijk meestal: einde journalistieke carrière. De oppositiemedia zoals Novaya Gazeta werken in hele kleine teams. Veel kans om daar aan de slag te gaan is er dus niet.”

Waar ligt de rode lijn? Waarover kun je wel berichten in Rusland? En waarover niet?

“Die rode lijn ligt in elk geval bij Poetin en zijn naasten. En dan moet het om geld gaan.”

Waar wil jij heen met de krant? Welke koers sla je in, nu de papieren krant is opgehouden te bestaan en je een vijandiger klimaat ervaart voor journalisten?

“De media in Rusland zijn sterk gepolariseerd geraakt. Je zit of aan de Kremlin-kant of in de oppositie. Waar ik het met Derk heel vaak over heb: Wij willen wat meer in het midden gaan zitten, naar een neutrale berichtgeving toe. Daarnaast willen wij in de opiniesectie een podium gaan bieden voor zowel pro-Kremlin-meningen als anti-Kremlin meningen. Dat bestaat nog niet hier. Als er iets gebeurt in Rusland, dan weet je al van te voren welke krant wat zegt en op welke toon. Zo mag je als je voor een oppositiekrant schrijft geen goed woord over Poetin zeggen of over de burgemeester van Moskou, die overigens Moskou heeft omgetoverd tot best een mooie stad. Zelfs dat zeggen is al heel erg controversieel. Want daarmee praat je Poetin goed. Dus kortom, je hebt geen genuanceerd debat omdat je positie moet innemen als krant. Wij proberen dat juist niet te doen.”

Wat was jouw beeld van Rusland toen je vier jaar geleden hierheen kwam? Jouw moeder is Russisch-Oekraïens. Speelde dat een rol?

“Totaal niet. Niemand gelooft dat, maar het is wel zo. Ik ben als standaard-Nederlander naar Rusland gekomen vanuit het idee: ‘Het is hier gevaarlijk en ze lopen achter in hun opvattingen’. Ik ben daar veel zachter en genuanceerder in geworden. Dat heeft Rusland met mij gedaan, niet mijn moeder.
Ik kwam in 2013 naar Rusland, en wat een feestelijk Nederland-Ruslandjaar had moeten worden, liep volledig uit de hand. De Russische marine die het Greenpeace-schip Artic Sunrise enterde, de aanval op de adjunct van de Nederlandse ambassadeur. Er ging van alles mis. Ik heb toen meteen mee kunnen maken hoe aan beide kanten bericht werd. In Rusland was het pure propaganda. Maar wat ik in Nederland teruglas verbaasde mij heel erg. Dat heeft mij wel uit de droom geholpen dat wij aan totaal neutrale journalistiek doen in Nederland.”

Wat ontbrak er aan de Nederlandse berichtgeving over Rusland?

“Ik zag weinig nuance en kennis. Het was een beetje plat. En het werkt nog steeds zo. Volgens mij is dat niet bewust. Maar ik zie vaak weinig van Rusland terug in de berichtgeving. Ik geef op verzoek soms korte praatjes voor groepen Nederlanders die hier naartoe komen, en ik krijg soms ook vrienden en familie op bezoek. Iedereen blijkt dan heel erg verbaasd over hoe Moskou er uitziet, hoe de Russen zijn als je met ze praat over de politieke situatie. Dat zijn allemaal mensen die de Volkskrant of het NRC lezen, het Nederlandse nieuws goed volgen. Zeg maar: de intellectuele elite van Nederland. Hun beeld van Rusland blijkt heel erg af te wijken van wat Rusland werkelijk is, of in elk geval zoals ik Rusland ervaar. Het is voor die mensen bijna een shock Rusland zelf te ondergaan. Ze merken al snel dat er hier ook nuance is, dat hier ook debat bestaat en dat het hier geen primitieve dictatuur is. Ik vind dat zorgwekkend, want dan doe je als krant of televisieprogramma je werk misschien niet goed genoeg. Dan ontbreekt in elk geval een deel van het verhaal. Dat andere deel is heel belangrijk, want anders zal je het nooit snappen. Het blijft dan een mysterie waarom Poetin doet wat hij doet, en waarom mensen hem zo massaal steunen.”

De Russen lopen weg met Poetin omdat de armoede en chaos die ze meemaakten onder Jeltsin nog vers in het geheugen liggen?

“Absoluut. Met Russen sprekend over hun geschiedenis, gaat het altijd gelijk over de jaren negentig, en verder terug gaat het eigenlijk niet. De totale instabiliteit,  de hyperinflatie, geen eten, de bloeiende misdaad, ergens op straat iets moeten verkopen terwijl je eigenlijk academicus bent, de oligarchen die alles naar zich toetrokken. Dat gefaalde experiment van de jaren negentig is bepalender voor hoe mensen nu over de politiek denken dan de ervaring met het communisme. Wij kunnen ons dat in Nederland misschien niet voorstellen, maar het is wel zo.”

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks: