Posted on

‘Hongarije helpt’ bestrijdt vluchtoorzaken ter plaatse

Hongarije helpt

Terwijl veel landen slechts met de mond de bestrijding van migratieoorzaken belijden, maakt Hongarije het concreet. Het is het hoofddoel van het Hongaarse migratiebeleid: Hongarije helpt.

Programma’s voor de bestrijding van migratieoorzaken, die andere landen slechts als een excuus voor een mislukt passief immigratiebeleid lijken te zien, zijn in Hongarije reeds lang het centrale middel van een actief beleid. De regering in Boedapest ontwikkelde projecten, die de bevolking ondersteunen in hun eigen land te blijven, zodat ze niet naar Europa hoeven te vluchten. De regering noemde het programma ‘Hongarije helpt’. Het levert hulp direct aan plaatsen die kampen met conflicten, wat de hoofdoorzaak voor de meeste politieke emigratie is.

‘Hongarije helpt’ schakelt lokale kerken in

De hulp verloopt niet via corrupte regeringen, maar doorgaans via kerken en charitatieve organisaties. Zo is de kans veel groter dat de hulp ook goed terechtkomt. Daarbij is deze manier van hulp veel goedkoper en zowel politiek als sociaal gunstiger dan het opnemen van islamitische immigranten. Die worden immers gelokt door de westerse uitkeringsstelsels, maar hebben geen interesse in integratie in de landen die hen opnemen. Ze vormen zo een gevaar voor de sociale cohesie in die landen.

Vervolgde christenen

Bovendien profiteren de leden van de wereldwijd meest vervolgde religieuze groep, de christenen, het meest van de Hongaarse hulp. Ook moet de Hongaarse hulp vooral ten goede komen van die mensen die zich de dure tocht naar Europa, met behulp van mensensmokkelaars, niet kunnen veroorloven. Naar Europa komen immers vooral die mensen, die mensensmokkelaars tienduizenden euro’s kunnen betalen.

Een nieuw bestaan opbouwen

Volgens de Hongaarse regering hielp ‘Hongarije helpt’ in slechts twee jaar 35.000 mensen om in hun land te blijven en daar een nieuw bestaan op te bouwen. Daaronder zijn vooral vervolgde christenen, die door westerse regeringen en media dikwijls genegeerd worden.

‘Hongarije helpt’ verbetert onderwijs en gezondheidszorg Nigeria

In Nigeria, waar duizenden christenen vermoord werden, stelde Hongarije het katholieke diocees Maiduguri een miljoen euro ter beschikking. Het geld wordt ingezet voor de verbetering van de onderwijs- en gezondheidszorginfrastructuur in het diocees, dat te lijden had onder herhaaldelijke aanvallen van de islamistische terroristische groepering Boko Haram. Verder ondersteunt Hongarije ook landbouwprojecten, die zich erop richten de zelfvoorzienendheid van huishoudens te verbeteren, voedselschaarste terug te dringen en ziektes te behandelen.

‘Hongarije helpt’ en kerken Ethiopië helpen Eritrese vluchtelingen

Ethiopië is een ander Afrikaans land dat Hongaarse hulp ontvangt, via diverse katholieke en protestantse kerken. Het Mai-Aini-vluchtelingenkamp kreeg 1,5 miljoen euro om onderkomens en basisvoorzieningen als schoon drinkwater, onderwijs en dergelijke voor zo’n 15.000 Eritrese vluchtelingen te bieden en hen zo te weerhouden van een verdere gevaarlijke vlucht door Libië. Ook de Ethiopisch-Orthodoxe Kerk in Addis Abeba heeft een half miljoen euro ontvangen.

Hulp aan families van slachtoffers terrorisme

Overal waar christenen in het grensgebied tussen christendom en islam in Afrika, zij het in Burkina Faso, Centraal-Afrika, Nigeria of Kameroen getroffen worden door islamistische terreur, bieden de Hongaren ook praktische hulp aan families van slachtoffers.

‘Problemen niet hierheen halen, maar hulp daar naartoe brengen’

In de persoon van Tristan Azbej heeft Hongarije een speciale bewindspersoon die voor de organisatie en verdeling van de hulp van ‘Hongarije helpt’ verantwoordelijk is. Zijn officiële titel is staatssecretaris voor de hulp aan vervolgde christenen. “Tijdens het hoogtepunt van de migratiecrisis in 2015 bekritiseerden internationale actoren de regering Orbán erom, dat ze zich streng opstelde tegenover ongedocumenteerde buitenlanders”, aldus Azbej. “Sommigen stelden dat Hongarije harteloos handelde. Onze benadering is eenvoudig: Om een alternatief voor de uitbuiting door mensensmokkelaars en de manipulaties van migratiebevorderende ngo’s te bieden, zetten we alles op alles, zodat de behoeftigen in hun thuislanden kunnen blijven. Om met premier Orbán te spreken: ‘We moeten geen problemen hierheen halen, maar hulp daarheen brengen waar ze nodig is.’ En precies daarvoor zetten wij ons in.”

Niet harteloos, wel rationeel

Westerse media en liberale politici zetten de Hongaarse premier weg als een extreemrechtse ideoloog. Zijn programma ter bestrijding van migratieoorzaken lijkt echter te functioneren en bij de mensen aan te komen die zich de migratie naar Europa niet kunnen veroorloven. De meeste Hongaren houden dit voor een rationelere benadering om met de migratiegolf die Europa sinds de opening van de Duitse grenzen in 2015 teistert om te gaan, dan wat West-Europese regeringsleiders voorstellen.


Ook in Syrië en  Irak helpt Hongarije christenen om weer een bestaan op te bouwen, bijvoorbeeld op de vlakte van Nineveh. In Epoque magazine nr. 2 verscheen een mooie reportage van Jens De Rycke hierover.

Epoque Magazine nr. 2

Posted on

Asielzoekers verdwenen – Salvini ziet zijn gelijk bevestigd

Het schip van de Italiaanse kustwacht ‘U. Diciotti’ (CP 941) liep op 20 augustus jongstleden met 177 uit de Middellandse Zee voor de kust van Libië opgepikte immigranten de haven van Catania op Sicilië binnen. De Italiaanse minister van Binnenlandse Zaken en Lega-leider Matteo Salvini  weigerde aanvankelijk om, naast minderjarigen en medische noodgevallen ook de overige passagiers van boord te laten.

Pas na tien dagen stemde hij in met het aanbod van de Rooms-Kahtolieke Kerk in Italië en van Albanië en Ierland om de immigranten op te nemen. Na slechts enkele dagen waren de meeste van de 100 in Italië ondergebrachte overwegend Eritrese asielzoekers echter al weer uit de opvang verdwenen.

De Italiaanse bisschoppenconferentie noemde het onderduiken van de immigranten “onverstandig”. De voorzitter van de bisschoppenconferentie, kardinaal Gualtiero Bassetti verklaarde dat hij de keuze van de immigranten om verder te trekken weliswaar respecteert, ook al beschouwt hij die als “grotendeels absurd”.

De katholieke kerk in Italië had zich er bij de regering voor ingezet, om de mensen aan boord van de U. Diciotti aan land te laten en zelf 100 van 177 personen in kerkelijke instellingen opgevangen. De kerk zag het echter alleen als haar taak om opvang te bieden en kon niet bewaken waar de immigranten bleven, aldus de kardinaal. Bassetti zei tegenover Italiaanse media te vrezen dat ze in het criminele circuit terecht zijn gekomen, “Ze zijn niet gekomen om in Italië te blijven”.

Saillant detail: Een dag voor het verdwijnen van de groep immigranten had kardinaal Konrad Krajewski als pauselijke vertegenwoordiger voor liefdadigheid het kerkelijke opvangcentrum in Rocco di Papa nog bezocht. In Rocco di Papa bevinden zich nog enkelen uit de groep van 100. Het is te verwachten dat ook zij binnenkort verdwenen zijn.

Wat er van de immigranten geworden is die door Albanië zijn opgenomen is eveneens onduidelijk. Het laat zich denken dat zij zich ook reeds via de Balkanroute naar elders begeven hebben.

De Italiaanse regering ziet in het verdwijnen van de zogenaamde hulpbehoevenden een duidelijk bewijs dat deze helemaal niet hulpbehoevend waren en voelt zich zodoende bevestigd in haar beleid van gesloten havens. Volgens minister van Binnenlandse Zaken Matteo Salvini is het verdwijnen van de asielzoekers van de U. Diciotti het bewijs dat “diegenen die in Italië aankomen geen skeletten zijn die voor oorlog en honger vluchten”. De asielzoekers in kwestie hadden “zo zeer behoefte aan bescherming, bed, bad en brood, dat ze zodra ze dat kregen ervoor kozen te verdwijnen”, schimpte Salvini op Twitter.

Posted on

De oorzaken van de massamigratie in historisch perspectief

In zijn nagelaten werk Das Migrationsproblem ontwerpt de Duitse historicus, politicoloog en socioloog Rolf Peter Sieferle een groot historisch en functioneel beeld van het verschijnsel massa-immigratie.

De ondertitel van het boek, over de onverenigbaarheid van verzorgingsstaat en massa-immigratie, is daarentegen misleidend. Gelukkig maar, want over dit thema valt per slot van rekening weinig meer te zeggen. Wie nu nog niet begrepen heeft dat een solidariteitssysteem slechts op grond van exclusiviteit kan functioneren, of gechargeerd, dat we niet de halve wereld een uitkering kunnen bieden, zonder onze verzorgingsstaat te overvragen, die zal het wel nooit begrijpen.

Gelukkig heeft Rolf Peter Sieferle (1949-2016) veel meer te bieden dan deze trivialiteit. In Das Migrationsproblem poogt hij het verschijnsel van de massa-immigratie binnen het functionele kader van de hedendaagse westerse democratie te verklaren en historisch te plaatsen. Dat alles in niet meer dan 124 pagina’s. Het probleem dat Sieferle bespreekt bestaat dan ook niet, zoals de ondertitel deed vrezen, in het eindeloos herhalen van het hierboven beschrevene. In tegendeel, het gaat om een groot essay met een keur aan inzichten, zonder expliciete integrerende betoogtrant.

Ondanks dat is het een even leesbaar als omvattend boek. Sieferle slaagt er in vanuit de kern van zijn bespreking, de destructieve wisselwerking tussen verzorgingsstaat en immigratie, waarin de verzorgingsstaat de immigranten aantrekt en deze de verzorgingsstaat overbelasten, verbanden te leggen in vrijwel alle richtingen.

Hij begint met de oorzaken van de migratie en maakt duidelijk dat er met het oog op de bevolkingsexplosie in de derde wereld geen relevant onderscheid tussen economische en burgeroorlogsvluchtelingen meer is. Van de wereldhistorisch onvermijdelijke aftakeling van de verzorgingsstaat in de oude industrielanden gaat hij over naar het blootleggen van de verschillende narratieven waarmee de politiek de massa-immigratie rechtvaardigt.

Demografische ontwikkeling

In het bijzonder een simpele vaststelling verdient het ook door de tegenstanders van het multiculturele experiment ter kennis genomen te worden: De huidige massa-immigratie heeft niets met de teruglopende demografie van de ontwikkelde landen te maken. Dit is veeleer een gezonde ontwikkeling in een tijd waarin het massale sterven door infectieziektes gelukkig tot het verleden behoort.

De “indringers” dringen niet in lege gebieden door. In tegendeel, ze trekken in de regel van dunner bevolkte naar dichter bevolkte gebieden. Sieferle loochent niet de demografische druk van een overschot aan jongeren in Afrika, maar verwijst het complementaire idee van een demografische zog van het kinderarme Europa, die een soort ‘eigen schuld’ impliceert, naar het rijk der fabelen.

Hetzelfde geldt voor de zich anti-imperialistische noemende ideologie, die de armoede van de derde wereld verklaart door de vermeende uitbuitende handel met de eerste wereld. Alsof deze landen niet reeds lang voor het koloniale tijdperk arm waren en het handelsvolume van de industrielanden onder elkaar de handel met de ontwikkelingslanden niet vele malen overstijgt.

Ochlocratie

Daarbij ontlast Sieferle de Europeanen echter geenszins van de verantwoordelijkheid voor hun huidige dilemma. In tegendeel, hij ziet hun huidige politieke systemen als onhervormbaar gecorrumpeerd. Dikwijls bekruipt de lezer het gevoel dat de onspectaculaire titel van het boek ter versluiering dient, om zich ten minste het gekrijt van die commentatoren van het lijf te houden, die een dergelijk boek sowieso niet lezen, maar bij een titel de inhoud treffend beschrijft alleen al vanwege de titel in de gebruikelijke luidkeelse verontwaardiging ontbrand zouden zijn.

Sieferle ziet de democratie in Duitsland en West-Europa in ieder geval onderhevig aan ochlocratisch verval. Verval dat zich, aan de hand van de stijgende staatsschuld, die immers niets anders dan consumptie op de pof is, zelfs laat meten. Kort bespreekt hij de problemen van verschillende vormen van degeneratie van staten, om uiteindelijk de vraag te stellen of het Chinese systeem niet beter is toegesneden om de duurzaamheidsproblemen van de 21e eeuw meester te worden.

In deze ochlocratie nu heeft de universalistische ethiek van de gelijkheidsideologie een catastrofale uitwerking. Het geïnfantiliseerde volk kiest ook in dit opzicht de weg van de minste weerstand en ziet er geen been in zich tegen de prijs van de opname van onintegreerbare “barbaren” het goede geweten te verschaffen dat in de welvaartszones tot de levensstandaard behoort.

Multiculturalisme

Hier ligt echter ook de grote zwakte van het boek. Sieferle, die overigens nog veel meer verschijnselen bespreekt dan hier behandeld kunnen worden, zwijgt over het ontstaan en de verbreiding van de multiculturele ideologie. Het lijkt wel of deze uit de lucht is komen vallen, een onafwendbaar lot van de Europese beschaving. Alleen het nationaalsocialisme noemt hij als oorzaak. In de Duitse context speelt dit natuurlijk ook een grote rol. Maar Sieferle laat na de vraag te bespreken of dit door links niet propagandistisch is uitgebuit om de huidige metapolitieke misère te creëren. In plaats daarvan vervalt Sieferle, die in 2016 zelfmoord pleegde, in defaitisme.

Met de holocaust als oorzaak van het multiculturalisme, ziet Sieferle Duitsland als het onbetwiste centrum en uitgangspunt van de multiculturele waanzin. Daarmee vergeleken zou de rest van de westerse wereld nog relatief normaal zijn. In het andere boekje uit zijn nalatenschap, Finis Germania, wordt dit nog duidelijker. Deze kijk op Duitsland gaat gepaard met de voor dergelijke gezichtspunten niet ongebruikelijke anglofilie, die het huidige Engeland en Amerika, maar ook Frankrijk als “burgerlijk-aristocratische wereld” wil zien.

In het licht van de decennia lange, door de politie niet gehinderde, handel van Pakistaanse bendes in Engelse meisjes, de regelmatig in brand staande Franse voorsteden en de absurde excessen van Amerikaanse social justice warriors, lijken alle naar Duitse bijzonderheden verwijzende verklaringen voor de multiculturele ideologie echter moeilijk houdbaar. De kwestie van het recente politieke verleden maakt het de Duitsers dan wel niet gemakkelijker de multiculturele ideologie te bestrijden, het ontslaat ze niet van hun verantwoordelijkheid.

Toekomst

Zeer zinvol is daarentegen hoe Sieferle het migratieprobleem in de historische horizon van onze tijd plaatst. Met het oog op zijn jarenlange studie naar het thema is het niet verwonderlijk dat zijn aandacht hierbij vooral uitgaat naar de onopgeloste energie-economische vragen van onze industriële beschaving. De huidige economische bedrijfsvoering vernietigt in ras tempo de eigen basis en nieuwe duurzaamheid is volgens de auteur alleen door massieve technologische doorbraken – en geenszins door nulgroei – mogelijk.

Of een geïslamiseerd of geafrikaniseerd Europa aan deze daadwerkelijke opgaven voor de mensheid zijn bijdrage zal kunnen leveren, is meer dan twijfelachtig. Met dit perspectief toont Sieferle het migratieprobleem als wat het uiteindelijk is: Een nieuwe barbareninval, die we geconfronteerd met urgente andere problemen kunnen missen als kiespijn.

N.a.v. Rolf Peter Sieferle, Das Migrationsproblem. über die Unvereinbarkeit von Sozialstaat und Masseneinwanderung (Manuscriptum: Waltrop/Berlin, 2017), paperback, 135 pagina’s.

Posted on 1 Comment

Zelfs in Noorwegen en Zweden is de welkomscultuur voorbij

Rellen in migrantenwijken, bendecriminaliteit, no-go-areas, geweldsdelicten, in de afgelopen jaren is er veel naar buiten gekomen over het multiculturele paradijs Zweden. Decennia van een ultraliberaal immigratiebeleid, dat geleid heeft tot de import van integratieresistente onderlagen uit de Arabische en Afrikaanse wereld, beginnen zich in toenemende mate te wreken.

Dat het land door de ‘vluchtelingencrisis’ van 2015 met 163.000 illegale immigranten in verhouding tot zijn bevokingsaantal de hoogste opnamequote in Europa had, was nog maar het topje van de ijsberg. In tegenstelling tot Duitsland, zag men in Zweden echter al snel in dat een voortdurend laisser-faire in deze kwestie grote consequenties zou kunnen hebben.

De sinds oktober 2014 regerende rood-groene minderheidsregering in Stockholm begon derhalve nog in 2015 een pakket maatregelen te ontwikkelen en stap voor stap uit te voeren, waarmee de golf asielzoekers afgeremd moest worden. Als eerste voerde ze eind 2015 grenscontroles op de belangrijkst invalsroute naar het land in, de Øresund-brug, die de Deense hoofdstad Kopenhagen met het Zweedse Malmö verbindt. Dit bewerkte op zichzelf nog niet zo veel, aangezien er aan de grens nog altijd asielverzoeken gedaan konden worden, maar de autoriteiten kregen zo in ieder geval een beter overzicht over de immigrantenstroom. Van groter belang was de nieuwe en nog altijd geldende verordening die bus-, trein- en veerbedrijven verplicht in het grensoverschrijdende verkeer alleen personen met geldige papieren mee te nemen.

Naast de moeilijkere toegang tot het land werd ook aan de status van asielzoekers in het land gesleuteld. Sinds juli 2016 zijn de genereuze nationale regelingen vooreerst voor drie jaar buiten werking gesteld, nu gelden nog slechts de minimumstandaarden die worden voorgeschreven door Europees en internationaal recht. Dat wil zeggen: Wie überhaupt nog een positieve uitkomst van de asielprocedure krijgt, krijgt in de regel bescherming volgens het Vluchtelingenverdrag (2016: 25 procent) of nog slechts subsidiaire bescherming (2016: 70 procent). De verblijfsvergunning is voor de eerste groep tot drie jaar beperkt, voor de tweede tot 13 maanden. ‘Subsidiaire’ mogen bovendien in de regel niet hun gezin laten overkomen. Verlengingen van de verblijfsstatus zijn overigens wel mogelijk, maar dan moet opnieuw geëvalueerd worden of de persoon in kwestie bescherming nodig heeft.

De derde maatregel betrof de stimulering van de bereidheid tot uitreizen, ook deze wet is sinds medio 2016 van kracht. Rechtsgeldig afgewezen asielzoekers zonder minderjarige kinderen verliezen sindsdien hun aanspraak op geldelijke steun en onderdak zodra de termijn voor hun vrijwillige vertrek verstreken is. Ook de zogeheten ‘onbegeleide minderjarigen’ kwamen in het vizier. Daarvan had Zweden al een bijzonder hoog aantal opgenomen en uit veel andere landen is bekend dat deze dikwijls in werkelijkheid helemaal niet minderjarig zijn. Voor de leeftijd vertrouwden de autoriteiten tot dan toe op wat de asielaanvrager zelf aangaf, alleen wanneer iemand iets opgaf wat overduidelijk niet klopte werd langs medische weg de leeftijd vastgesteld. Inmiddels wordt hier veel scherper op toegezien.

Al met al heeft restrictievere asielpraktijk succes. Vorig jaar werden er minder dan 29 duizend nieuwe asielzoekers geregistreerd, het aantal ‘onbegeleide minderjarigen’ was daarbij van 24 naar nog slechts vijf procent gedaald. Natuurlijk is dit niet volstrekt te herleiden tot het beleid van Stockholm, belangrijk was vooral de afsluiting van de Balkan-route begin 2016, maar ook de versterkte controles van de Deense autoriteiten aan de grens met Duitsland. Veel wijst er echter op, aldus de Bundeszentrale für politische Bildung (BpB), “dat de verschillende Zweedse maatregelen elk een verschillend effect hadden en aan de terugloop bijgedragen hebben”. De geringste gevolgen had het stoppen van de uitkeringen voor onwillige uitreisplichtigen, die er vaak vooral toe leidde dat desbetreffende personen onderduikten.

Een goede indicatie is echter het met bijna 13 procent duidelijk hogere aantal asielprocedures dat werd afgebroken doordat de aanvraag werd ingetrokken of de aanvrager niet meer te vinden was. Dit wijst er namelijk op dat een deel van de asielzoekers zich niet meer zo welkom voelt in Zweden, wat op zijn beurt samen lijkt te hangen met de slechtere verblijfsperspectieven en de beperktere mogelijkheden voor ‘gezinshereniging’. Goede gegevens zijn hierover echter niet beschikbaar. Wat wel duidelijk in de cijfers terug te zien is, is het succes van de uitreispremie ter hoogte van 3.000 euro, die in de herfst van 2016 al 11.000 aannamen om zich vervolgens huiswaarts te begeven.

Dat de regerende sociaaldemocraten en groenen deze koerswisseling voltrokken hebben, kwam overigens niet per se voort uit voortschrijdend inzicht, maar vooral uit het omslaan van de publieke opinie en de sterkere opkomst van de Zweden Democraten.

Noorwegen

Ook Zwedens buurland, non-EU-lidstaat Noorwegen, begon in 2015 de ‘vluchtelingencrisis’ te voelen. Zo’n 31.000 asielzoekers, overwegend uit Syrië, Afghanistan, Eritrea en Irak waren in het land aangekomen, zodat ook Oslo zich genoodzaakt zag een restrictievere koers te gaan varen. In april 2016 werden de asielwetten aangescherpt, tegelijk nam de regering maatregelen om de ‘Noordpool-route’ af te sluiten. Bij de grensovergang Storskog naar Rusland werd een hoog hek neergezet.Overigens werden er van de 31.000 asielzoekers uiteindelijk 15.000 afgewezen.

Minister van Immigratie en Integratie Sylvi Listhaug van de rechts-liberale Vooruitgangspartij  lichtte in het voorjaar van 2016 toe hoe belangrijk het is om de juiste indruk te geven. “We zijn momenteel één van de meest aantrekkelijke immigratielanden. We hebben gezien dat andere zeer liberale landen zoals Duitsland en Zweden enorme problemen hebben gekregen”, aldus Listhaug. “Als we ons asielbeleid zouden liberaliseren, zou men daar morgen op de straten van Mogadishu van horen. Geven we echter het signaal af dat we een streng asielbeleid hebben, dan doet dat even snel de ronde.”

Een zeer effectieve benadering, zo laten de statistieken zien. In 2016 daalde het aantal nieuwe asielaanvragen ten opzichte van het jaar daarvoor met maar liefst 90 procent. De minister schreef niettemin een onderzoek uit, dat de gevolgen van de immigratie moet onderzoeken. Het dunbevolkte Noorwegen met zijn goed 5,2 miljoen inwoners biedt immers al onderdak aan zo’n 880.000 immigranten, waarvan iets meer dan de helft uit Europa. In Oslo stamt bijna 30 procent van de inwoners uit het buitenland. Met de migratie kwamen typische problemen als een toenemend aantal aanrandingen van vrouwen. Maar daarom ging het in het onderzoek slechts zijdelings. Er moest vooral onderzocht worden, welke uitwerking de immigratie op de Noorse verzorgingsstaat had, die immers de trots van het land is. De door een commissie van experts onder leiding van de sociologe prof. Grete Brochmann opgestelde studie werd begin 2017 aan de regering gepresenteerd en komt tot weinig bemoedigende resultaten. Immigratie is een uitdaging zowel voor de grondslagen als voor de legitimiteit van de verzorgingsstaat, zo luidt de uitkomst in de kern.

Het principe is eenvoudig: De verzorgingsstaat is gebaseerd op het idee van solidariteit en functioneert als de gemeenschap genoeg inbrengt om hem te financieren. Aangezien in Noorwegen een aanzienlijk deel van de immigranten zowel een gering kwalificatieniveau als ook een ontoereikende taalkennis heeft, is hun deelname aan het arbeidsproces beduidend lager dan die van de autochtonen. Tegelijk is de aanspraak op uitkeringen in doorsnee veel hoger. Op de lange termijn ondergraaft deze ontwikkeling de fundamenten van de verzorgingsstaat. Als oplossing gaf een meerderheid van de onderzoekscommissie de voorkeur aan versterkte integratie-inspanningen van de staat: meer onderwijs, meer kwalificatie.

Een minderheidspositie wordt ingenomen door Asle Toje, onderzoeksleider aan het Nobel Instituut in Oslo. “Veel van deze mensen”, zo stelde hij tegenover het dagblad Dagens Næringsliv, “zijn extreem kostbare nieuwe burgers”. Volgens Toje zijn de kwalificatieprogramma’s veel te duur en zou het land er beter aan doen die immigranten te selecteren die het gebruiken kan. Hij waarschuwde ook voor nieuwe immigratiegolven, die ertoe zouden kunnen leiden, dat er in Noorwegen op een gegeven moment meer immigranten dan “etnische Noren” zijn.

In de progressieve Noord-Europese landen schijnt men langzaam maar zeker de tekenen van de tijd te herkennen. Of dit blijvend tot een strenger asielbeleid leidt, valt nog te bezien.

Posted on

Amerikanen mogelijk betrokken bij foltergevangenissen in Jemen

Jemen is momenteel het toneel van een bloedige oorlog die in grote mate door Saoedi-Arabië gevoerd wordt. Maar ook de Amerikanen zijn er actief en de laatste berichten zijn dat zij opnieuw betrokken zouden zijn bij het folteren van gevangenen.

Sinds 2016 voeren de Verenigde Staten in Jemen niet alleen drone-aanvallen uit, maar hebben ze ook speciale eenheden op de grond ingezet, die met eenheden van de eveneens in de oorlog betrokken Verenigde Arabische Emiraten samenwerken en gezamenlijke aanvallen uitvoeren.

Onder de nieuwe Amerikaanse president Donald Trump is daarin geen beleidsverandering ten opzichte van de vorige regering te zien. Zo vond in januari 2017 een dergelijke aanval op een vermeend steunpunt van Al Qaida op het Arabisch Schiereiland (AQAP) in al-Bayda plaats, waarbij een Amerikaanse soldaat en ten minste 14 burgers, waaronder 9 kinderen, gedood werden. Trump loofde de actie en vierde de gevallen soldaat als held.

Intussen publiceerde persbureau AP een video over een netwerk van zeker 18 geheime clandestiene gevangenissen in Jeman die door de Verenigde Arabische Emiraten of hun milities gerund worden. Honderden of volgens families en hun advocaten in totaal zo’n tweeduizend mannen zijn daar naartoe gebracht en gefolterd. Volgens AP bevestigden medewerkers van het Pentagon, dat Amerikaanse soldaten aan verhoren deelnamen. Ze bestrijden echter dat ze deelnamen aan mensenrechtenschendingen of daarvan iets vernomen hebben.

Getuigen stellen echter dat er soms wel degelijk Amerikanen in de buurt waren. Gevangenen werden onder andere met grote aantallen opgesloten in zeecontainers, lange tijd geblinddoekt en ingesmeerd met uitwerpselen of boven een vuur gehangen.

Het Pentagon reageert zoals gebruikelijk: “We hanteren de hoogste maatstaven van persoonlijk en professioneel gedrag”, aldus Pentagon-woordvoerder Dana White. Iets dergelijks is in het verleden ook over Abu Ghraib en Guantanamo Bay gezegd. De Verenigde Arabische Emiraten waren eerder ook betrokken bij het Amerikaanse ‘torture and rendition’-programma.

Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat Amerikanen direct betrokken waren bij foltering in geheime gevangenissen in Jemen, stellen anonieme zegslieden van AP binnen de Amerikaanse strijdkrachten, dat de Amerikanen wel gebruik maken van informatie die door de Emirati’s door middel van foltering is verkregen. Ook dat zou een schending inhouden van het Verdrag tegen Foltering, dat de VS hebben ondertekend en geratificeerd.

Posted on

Como wordt het nieuwe Idomeni

Honderden Afrikaanse asielzoekers hebben hun kamp opgeslagen voor het treinstation van de Italiaanse grensstad Como, in de hoop van daaruit via Zwitserland verder te kunnen reizen naar Duitsland.

De Balkanroute is geleidelijk aan steeds verder afgesloten, maar intussen heeft het anarchische Libië zich tot de belangrijkste sluis naar Europa ontwikkeld, waarlangs honderdduizenden, overwegend zwarte Afrikanen, over de Middellandse Zee naar Europa komen. Van begin 2016 tot begin september zijn er reeds zo’n 120.000 over de Middellandse Zee in Italië aangekomen. In het hele jaar 2015 waren het iets meer dan 150.000.

In Italië dat zich ten gevolge van de economische crisis en de aardbeving in Toscane aan de grenzen van zijn belastbaarheid bevindt, zijn de opvanglocaties overvol. Het herverdelingsplan van de EU functioneert niet, de buurlanden sluiten hun grenzen af of bereiden zich daarop voor.

Vooral in het noorden van Italië waar het merendeel van de immigranten naartoe trekt, neemt de druk toe. Hoewel de overheid inmiddels meer doet om asielzoekers te verdelen over het land, is de opvang nog altijd een aangelegenheid van private instellingen zoals kerken en charitatieve organisaties. Integratie is wat de Italiaanse staat betreft geen thema, Italië hoopt van het asielprobleem af te komen doordat de asielzoekers verder trekken naar andere landen. Zo verblijven er al maanden enkele honderden immigranten in geïmproviseerde kampementen in parken en op veldjes in steden als Turijn en Milaan, in Como aan de Zwitserse grens en in Ventimiglia aan de Franse grens.

Vrijwel alle dit jaar in Italië aangelande immigranten zijn zwarte Afrikanen die nauwelijks aanspraak hebben op een vluchtelingenstatus of asiel. Aangevoerd wordt de lijst door Nigerianen, gevolgd door Eritreeërs, Gambianen en Ivorianen.

Anders dan vorig jaar is Oostenrijk er op voorbereid dat in Italië alle dammen breken en duizenden Afrikanen over de Brennerpas naar Tirol komen. Binnen een paar uur kan het grensmanagement aan de Brennerpas geactiveerd worden, wat wil zeggen dat de hekken opgetrokken worden. De migrantenstromen zoeken dan ook een weg via Zwitserland en Frankrijk. In Ventimiglia aan de Côte d’Azur en in Como aan de grens met Zwitserland, beide bekende toeristenoorden, heerst dan ook al maanden een noodtoestand. De chaotische toestanden daar doen denken aan Idomeni in Griekenland of aan Calais. Sinds de aanslag in Nice afgelopen juli, controleert de Franse politie de niet ver van de havenstad gelegen grens nog sterker.

In het Italiaanse Como, met de trein slechts minuten verwijderd van het Zwitserse Chiasso, hebben inmiddels honderden immigranten zonder toestemming hun kamp opgeslagen in een park voor het treinstation. Sinds mei vangen Zwitserse grenswachten in Chiasso dagelijks honderden tot soms wel duizend immigranten af die illegaal de grens proberen over te steken. Ze weten nochtans kennelijk niet iedereen te vatten, want in het Duitse district Konstanz – één van de vijf Duitse districten die aan Zwitserland grenzen – komen maandelijks zo’n 300 à 600 illegale immigranten via Zwitserland binnen, aldus de lokale bestuurder Frank Hämmerle (CDU), de tendens is dat het er geleidelijk meer worden.

Volgens het Zwitserse Staatssecretariaat voor Migratie (SEM) zijn tussen januari en juli van dit jaar zo’n vijfduizend in Zwitserland geregistreerde asielzoekers simpelweg verdwenen. In Konstanz bestaat zodoende de verdenking dat inmiddels ook de Zwitsers wel eens een oogje toeknijpen en asielzoekers verder laten trekken naar Duitsland. De meesten van de Afrikanen willen dan ook niet in Zwitserland blijven, maar verder trekken naar het noorden, vooral naar Duitsland. Veel van de migranten hebben daar namelijk reeds verwanten. Als de druk te hoog wordt in Chiasso, moet het leger ingezet worden, zo stelt intussen federaal parlementslid Petra Gössi, partijleider van de liberale FDP.

De Alpenrepubliek zelf heeft aan aantrekkingskracht voor asielzoekers ingeboet. Dat komt door een nieuwe strategie waarbij eerst de minst kansrijke aanvragen behandeld worden, zodat zij die geen recht op asiel blijken te hebben sneller uitgezet kunnen worden. De kansrijkere asielaanvragers hebben zodoende een extra prikkel om verder te trekken naar Duitsland.

De kern van het probleem ligt evenwel in Italië. Momenteel brengen alle Franse, Britse, Duitse en andere schepen in het kader van de EU- en Frontex-operaties op de Middellandse Zee de ‘bootvluchtelingen’ die ze oppikken naar Italiaanse havens. Als de aanstroom echter aanhoudt dan barst de opvang in Italië uit zijn voegen. Als Italië daarop weigert de asielzoekers nog langer op te nemen of te registreren, gaat de asielcrisis in Europa een nieuwe fase in.

Lees ook:

Posted on

Ruim een kwart uitkeringstrekkers in Duitsland is van buitenlandse afkomst

Zo’n 26 procent van de ontvangers van werkloosheidsuitkeringen in Duitsland is van buitenlandse afkomst, dat meldt het Duitse boulevardblad Bild onder verwijzing naar nieuwe cijfers van het Bundesagentur für Arbeit. Daarin zijn zowel EU-burgers als niet-EU-burgers inbegrepen.

In vergelijking met vorig jaar is het aantal uitkeringsontvangers van buitenlandse afkomst met 170.207 of 12,7% toegenomen naar 1,54 miljoen. Het aantal in Duitsland geboren uitkeringsontvangers is met 239.995 of 5,2% afgenomen naar 4,36 miljoen. Het hardst gestegen zijn de aantallen Eritreeërs en Syriërs die een uitkering ontvangen.

In doorsnee is 7,7 procent van de Duitsers op een werkloosheidsuitkering aangewezen. Bij allochtonen ligt dat op 18 procent.

De top drie van andere nationaliteiten onder de ontvangers van Duitse uitkeringen is als volgt: Turken (295.260), Syriërs (242.391), Polen (92.506).

Sarrazin Deutschland schafft sich abTerwijl bondskanselier Angela Merkel blijft volharden in haar mantra ‘Wir schaffen das’ wees de econoom en topambtenaar Thilo Sarrazin in 2010 met zijn boek Deutschland schafft sich ab al op de gevaren van het Duitse immigratie- en integratiebeleid voor de verzorgingsstaat.