Posted on

Triomftocht van de Duitse carrièrepolitica

carrièrepolitica Annegret Kramp-Karrenbauer

Zelfs regeringsgezinde media, die het publieke debat in Duitsland nog altijd grotendeels beheersen, moesten wat langer nadenken om argumenten te vinden om de carrièresprongen van de CDU-politici Ursula von der Leyen en Annegret Kramp-Karrenbauer te prijzen. De motieven zijn overduidelijk niet zuiver en tekenend voor de triomf van het verschijnsel carrièrepolitica.

In het geval van de nieuwe voorzitter van de Europese Commissie konden ze tenminste nog op haar verblijven in het buitenland en haar taalkennis wijzen, alsmede haar buitenlandpolitieke ervaring als minister van Defensie. Voor de nieuwe minister van Defensie Kramp-Karrenbauer was echter ook met de beste wil van de wereld niets te vinden dat haar kwalificeerde voor die post.

Carrièrepolitica AKK ziet Defensie puur als springplank

Het is al te doorzichtig dat het ministerie van Defensie voor de CDU-leider slechts een springplank naar het bondskanselierschap na Angela Merkel is. AKK ontwijkt vragen over haar ware motieven dan ook met onheldere of nietszeggende antwoorden. Ondertussen probeert ze wat aan inhoudelijk profiel te winnen door te pleiten voor meer verhoging van de Defensie-begroting.

Defensiebegroting

Scepsis is hier echter op zijn plaats. Ten eerste wil Kramp met haar eis overduidelijk demonstreren dat ze echt in Defensie geïnteresseerd is. Dat het motief om dit ambt op te nemen niets met Defensie te maken heeft, is echter zo duidelijk dat de demonstratieve eis die indruk niet weg kan nemen.

SPD is tegen, carrièrepolitica Merkel drukt zich

Ten tweede moet Kramp de verhoging van de Defensiebegroting zwaar bevechten op de coalitiepartner SPD. Daarvoor heeft ze de steun van bondskanselier Merkel nodig. Merkel staat er echter om bekend zich steeds buiten inhoudelijke twisten binnen de coalitie te houden, omdat ze haar machtspositie belangrijker acht dan welke inhoudelijke kwestie ook. Het is nauwelijks voorstelbaar dat Merkel omwille van de Bundeswehr een breuk in de coalitie riskeert. Dat zou immers haar laatste twee jaren kanselierschap in gevaar brengen.

Von der Leyen als uitvoerder anti-Duits beleid

Dat Ursula von der Leyen vooral op instigatie van de Franse president Emmanuel Macron op het schild geheven werd, is al door menigeen uiteengezet. Macron bouwt steeds openlijker aan een door Frankrijk aangevoerde as binnen de EU, die duidelijk tegen Duitse belangen ingaat. Dat hij daarbij ook Duitse politici in weet te schakelen spreekt dit frappant genoeg niet tegen. Vergemeenschappelijking van schulden en andere manieren om geld uit Duitsland en andere noordelijke EU-lidstaten naar het zuiden te doen vloeien, daar komen veel van Macrons plannen op neer.

Duitsland aan het noordelijke kamp onttrekken

Onder leiding van de Nederlandse regering is er weliswaar enig verzet, maar zonder Duitsland kan dit de zuidelijke eisen niet afstoppen. Parijs rekent erop dat Von der Leyen juist als Duitse EU-federalist de ideale persoon is om Duitsland uit het noordelijke kamp los te maken.

Posted on

Wie er werkelijk achter nominatie Von der Leyen zit

Farage zat achter nominatie Von der Leyen

Wie heeft het lumineuze idee gehad om Ursula von der Leyen aan de spits van de EU te zetten? Eerst heette het dat scheidend voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk het op de kerfstok had. Later stelde menigeen dat de Franse president Emmanuel Macron erachter zat. Of is het toch Angela Merkel als eerste ingevallen? Allemaal speculatie, daar doen wij uiteraard niet aan mee. Hebben wij ook niet nodig, want wij weten precies wie erachter zit: Nigel Farage, de leider van de Brexit-partij.

Hoe we dat weten? Dat hebben we helemaal zelf uitgedacht. Ga maar na: Het moet wel om iemand gaan die weinig opheeft met de Europese Unie. Alleen zo iemand kan immers op het idee komen om uitgerekend Frau Ursula de leiding in handen te geven, zodat ze de EU in net zo’n slechte toestand kan manoeuvreren als eerder de Duitse krijgsmacht.

Goedkeuring Europees Parlement

Nu weten we op dit moment nog niet of Von der Leyen de functie ook daadwerkelijk krijgt. Farage moet de afloop van zijn geniale plan nog even afwachten. Het Europees Parlement moet de fatale personeelskeuze namelijk nog goedkeuren. Krijgt ze die goedkeuring, dan is de schade al aangericht. Want het zogenaamde parlement zal er niet ongehavend uit komen.

Spitzenkandidaten

De kiezers was immers voorgehouden dat de winnende Spitzenkandidat de chef van de Europese Commissie zou worden, in het kader van de ‘democratisering’ van de EU. Toen zoals verwacht de Europese Volkspartij opnieuw de grootste fractie werd, deden de sociaaldemocraten ineens alsof het niet om het winnen gaat, als het maar een Spitzenkandidat was (lees: Frans Timmermans). Uiteindelijk wordt het überhaupt geen Spitzenkandidat.

Regeringsleiders

De regeringsleiders besloten met hun eigen democratische mandaat immers om zich niets gelegen te laten liggen aan het Spitzenkandidatenproces. Het Europees Parlement heeft zich zo in een hoekje geschilderd. Ondertussen steekt Farage nog maar eens een sigaartje op. Aan het eind van Von der Leyens termijn als commissievoorzitter zal het kistje wel leeg zijn. 

Bild in de bocht

Ondertussen zijn de Duitse media weer eens bezig met iets waar ze bedreven in zijn: Net zo lang aan het licht draaien tot zelfs de donkerste plekken op het gelaat van de politieke leiding lijken te stralen. Een groot boulevardblad heeft niets dan lof voor de nominatie van Von der Leyen voor het hoogste EU-ambt. Von der Leyen zou “een zeer rechtlijnige vrouw” zijn, zo citeert men oud-eurocommissaris Viviane Reding. De Luxemburgse behoort volgens het blad tot “Von der Leyens internationale vrouwennetwerk”. De beoogde commissievoorzitter zou volgens de krant verder “naar perfectionisme neigen”, over “ijzeren discipline” beschikken en van mening zijn dat “vrouwen iedere baan aankunnen”.

Tussen de regels door lezen

Vroeger zouden dergelijke loftuitingen voor de persoon in kwestie een propagandistische bonus geweest zijn, omdat menig lezer het voor zoete koek zou slikken. De Duitsers hebben in de afgelopen jaren namelijk geleerd tussen de regels door te lezen.

Ja, Von der Leyen heeft de Bundeswehr inderdaad met verbazingwekkende “rechtlijnigheid” in de prak gereden en bij die koers “ijzeren discipline” aan de dag gelegd. De ramp is tot in het “perfectionistische” uitgevoerd. De Duitse krijgsmacht kan iedere vijand aan. Vrouwenquota en vaderschapsverlof zullen de vijand zoveel angst inboezemen, dat hij het wel uit zijn hoofd laat iets te wagen. Ook dat vrouwen iedere baa aankunnen, waagt tegenwoordig nog nauwelijks iemand te betwijfelen. Maar om daarvoor juist deze minister als voorbeeld aan te voeren, zullen zelfs Bild-lezers als slechte grap zien.

Ironie

Von der Leyen kan er qua ironie trouwens zelf ook wat van. Ze vindt het Spitzenkandidaten-systeem eigenlijk goed, zo meldde ze, en over vijf jaar zou het weer toegepast moeten worden. Wablief? Als ze dit serieus meende, zou ze haar nominatie – die dat systeem doorkruiste – uiteraard niet aangenomen hebben. Von der Leyen klinkt hier als een putschist in een bananenrepubliek, die beweert alleen maar de democratie te willen redden. Dergelijk putschisten blijven doorgaans aan de macht tot ze er zelf weer van verstoten worden door de volgende democratieredder. In ieder geval is daarmee nu vast duidelijk wat beloftes van Von der Leyen waard zijn.

Posted on

Von der Leyen: gewillige lakei die nergens in uitblinkt

Ursula von der Leyen

Wat valt er te verwachten van Ursula von der Leyen, als ze inderdaad de nieuwe voorzitter van de Europese Commissie wordt? Haar loopbaan spreekt boekdelen.

Ten tijde van het koninkrijk Hannover behoorden de Albrechts reeds tot de meest vooraanstaande families van het patriciaat, waaruit de hoge ambtenaren werden betrokken. Er werd veel waarde gehecht aan academische vorming en standsbesef. Ursula von der Leyen, dochter van de Nedersaksische deelstaatpremier Ernst Albrecht (CDU) wisselde herhaaldelijk van studie, tot ze uiteindelijk voor geneeskunde koos. Na meer dan twintig semesters legde ze uiteindelijk het staatsexamen af. Gewerkt heeft ze als arts uiteindelijk slechts een paar jaar. Ondanks het afbreken van haar specialisatie noemde Von der Leyen zich graag gynaecoloog.

Creatief met haar CV

Ze was wel vaker wat vrij in de weergave van haar vitae. In een cv op haar website wekte ze de indruk als zou ze aan de Amerikaanse universiteit Stanford gedoceerd hebben. In werkelijkheid heeft ze er slechts enkele seminars bezocht. Haar proefschrift bevatte talrijke fouten, zodat ze in 2015 te nauwer nood haar doctorsgraad kon behouden.

Veilige zetel in landdag dankzij pappie

De politieke carrière van Von der Leyen begon pas laat. In 2001 was ze kort actief in de gemeentepolitiek. Vanwege de reputatie van haar vader, die achter de schermen veel steun wist te mobiliseren, versloeg Von der Leyen in een omstreden interne verkiezing met een meerderheid van slechts één stem de ervaren landdagafgevaardigde Lutz von der Heide. De stemming was gemanipuleerd. Von der Heide vocht de nominatie van Von der Leyen in het CDU-bolwerk succesvol aan. In de aanloop naar het ingelaste nieuwe partijcongres werd hij door de supporters van Von der Leyen echter systematisch door het slijk gehaald en gold hij uiteindelijk als nestbevuiler. Nu won ze de stemming duidelijk, waarmee ze zeker was van een zetel in de Nedersaksische landdag.

Pijlsnelle opkomst als minister

De nieuwe premier Christian Wulff maakte haar meteen tot minister van Sociale Zaken in de deelstaatregering. De opkomst van Von der Leyen werd steeds begeleid door de media van het Springer-concern. In het boulevardblad Bild kreeg ze een eigen column. Slechts twee jaar later werd ze door bondskanselier Angela Merkel naar het kabinet in Berlijn gehaald. Ze bekleedde tot nu toe drie verschillende ministersambten op federaal niveau. In geen daarvan was ze bijzonder succesvol.

Ontbrekende vakkundigheid

Ambtenaren plachten onderling grapjes te maken over de ontbrekende vakkundigheid van hun chef. Deze benutte dan ook liever externe deskundigheid en nam – dikwijls zonder de wettelijk voorgeschreven aanbestedingsprocedures – internationale consultancyfirma’s als McKinsey in dienst. Nadat strafrechtelijke vervolging tegen Von der Leyen werd ingesteld en een onderzoek van haar ambtsvervulling werd ingeleid, was ze binnenlands aangeschoten wild.

Weggepromoveerd

Haar huidige kandidatuur voor het ambt van voorzitter van de Europese Commissie komt dan ook voor als een vlucht. Ze wordt als het ware weggepromoveerd, voor ze in Berlijn definitief onhoudbaar blijkt. Voor de positie van commissievoorzitter is ze in zoverre geknipt dat ze als gewillige lakei van westerse elites geldt. Nog begin juni was ze te gast op de Bilderberg-conferentie in Montreux. Daar kwam ze ook Springer-directeur Mathias Döpfner en McKinsey-manager Dominic Barton weer tegen.

Verenigde Staten van Europa

von der leyenAl vroeg sprak Von der Leyen graag van de “Verenigde Staten van Europa”. In 2017 speelde ze een belangrijke rol in het uitwerken van het Pesco-akkoord, dat gericht is op gemeenschappelijke ontwikkeling van wapensystemen door de EU-lidstaten en de basis moet leggen voor een toekomstig EU-leger. Ondertussen staat de Duitse Bundeswehr er belabberd voor en heeft Von der Leyen daar als minister nauwelijks iets aan gedaan.  Van Ursula von der Leyen is als voorzitter van de Europese Commissie dan ook geen streven naar een statenbond met respect voor verschillen tussen de lidstaten te verwachten, maar veeleer een centralistische bondsstaat. Tegelijk is Von der Leyen door en door atlanticus en is onder haar voorzitterschap dus ook geen meer zelfstandige opstelling van de EU ten opzichte van de VS te verwachten.

Posted on 1 Comment

Junckers laatste zet

Tegen het einde van zijn termijn als voorzitter van de Europese Commissie onderneemt voorzitter Jean-Claude Juncker nog een laatste rooftocht om op financieel en sociaal terrein meer centralisatie binnen de EU te bewerkstelligen. Het zou tot protest moeten leiden, maar wordt nauwelijks opgemerkt.

Jean-Claude Juncker heeft van begin af aan benadrukt dat hij als Commissievoorzitter de EU tot een centraal geleide staat wilden ontwikkelen, waarin de lidstaten dus tot provincies worden. Inmiddels heeft de centralisatie in het buitenlands beleid, economisch beleid en juridisch vorm gekregen. Aan de centralisatie van het defensiebeleid, financieel beleid en de vorming van een schuldenunie wordt gewerkt.

Sociaal beleid

Maar al te graag zou de EU ook de bevoegdheid voor sociaal beleid naar zich toe trekken. Dat zou betekenen dat failliete lidstaten uit het zuiden naar de sociale potten van de noordelijke lidstaten kunnen grijpen. De EU slaagde er tot nog toe echter niet in deze bevoegdheid te krijgen, omdat er geen meerderheid gevonden kon worden. Voor besluiten over sociaal- en belastingbeleid geldt namelijk het unanimiteitsvoorbehoud.

Unanimiteitsvoorbehoud

Juncker wil nu de zwakke positie of afwezigheid van de Britten uitbuiten om het unanimiteitsvoorbehoud voor belasting- en sociaal beleid op de helling te zetten, zodat voor besluiten daarover een ‘gekwalificeerde meerderheid’ volstaat. Een gekwalificeerde meerderheid wil zeggen 55 procent van de lidstaten die samen tenminste 65 procent van de gehele EU-bevolking vertegenwoordigen.

Gekwalificeerde meerderheid

Zo’n gekwalificeerde meerderheid zouden Frankrijk en de zuidelijke EU-lidstaten makkelijk bereiken. Als de noordelijke EU-lidstaten derhalve mee zouden gaan in het afschaffen van het unanimiteitsvoorbehoud, geven ze zich daarmee over aan praktisch onbeperkte plundering van de noord-Europese potjes door de zuidelijke lidstaten.

Centralisatie van (belasting)bevoegdheden

Juncker wijst er terecht op dat de meerderheid van de kandidaten voor het Europees Parlement in diverse noordelijke EU-lidstaten voor meer centralisatie van bevoegdheden is. Verder verstopt hij de centralisatie van de sociale systemen handig in de door de meeste landen gewenste centralisatie van de belasting op digitale bedrijven, die Ierland en Luxemburg als belastingoases tot nog toe verhinderen met behulp van het unanimiteitsvoorbehoud.

Schuldenunie

In de ruis van de campagne voor een in principe tamelijk machteloos Europees Parlement, is Junckers rooftocht in het financiële en sociale domein tot nog toe aan de aandacht ontsnapt. Als Juncker slaagt in zijn opzet worden alle schulden van de zuidelijke lidstaten ook onze schulden en worden onze belastingopbrengsten de hunne. De zuidelijke lidstaten zouden dan de pensioen- en werkloosheidsuitkeringsstelsels kunnen centraliseren, oftewel hun voorzieningen kunnen laten meefinancieren door het noorden.

Protest blijft uit

Eigenlijk zou er nu in landen als Duitsland een storm van verontrusting en protest op moeten gaan of Junckers rooftocht te verhinderen. Het feit dat de Duitse regering niet luid weerwerk beidt en ook de Duitse media het thema niet bespreken, doet vrezen voor de verwezenlijking van Junckers plannen.

Posted on

#EP2019 Demonisering eurosceptici onderstreept: EU niet van binnenuit hervormbaar

Inhoudelijke leegte wordt overschreeuwd, iedere kritiek op Brussel gedemoniseerd. Het mag voor iedereen duidelijk zijn; het staat er bar slecht voor met de EU. 

De ten einde lopende campagne voor de Europese Parlementsverkiezingen van komende zondag (in de meeste lidstaten althans) wierp een ongenadig licht op de hopeloze staat van de Europese Unie. Het establishment probeert haar inhoudelijke leegte te overschreeuwen. Wie problemen als het voortdurend in crisis verkerende euro-systeem, het ontspoorde immigratiebeleid of de democratische tekorten van de EU eindelijk ter discussie wilde stellen, werd met hysterische clichés bestreden.

Polemische mottenkist

Daarbij grepen die partijen die het tot nog toe in Brussel voor het zeggen hebben diep in de polemische mottenkist. Critici werden per definitie weggezet als populistisch en anti-Europees. Geen bewering was plat genoeg om niet te berde te brengen. Bijvoorbeeld dat er zonder deze EU een nieuwe Europese oorlog waarschijnlijker zou worden. Daarbij wordt voor het gemak buiten beschouwing gelaten, dat de beide Europese hoofdvijanden van Duitsland in de Tweede Wereldoorlog, Rusland en het Verenigd Koninkrijk, ofwel nooit EU-lid waren, dan wel het zeer binnenkort waarschijnlijk niet meer zullen zijn.

Verdeeldheid

Intussen speelt de EU een belangrijke rol in het opstoken van de spanning met Rusland. Ook de Britten die hun eigen weg willen gaan, worden door Brussel niet bepaald als ‘even goede vrienden’ uitgezwaaid. Als iedereen zich nou maar zou conformeren aan wat Brussel wil, dan was er geen verdeeldheid, zo simplistisch lijkt de gedachtegang van de EU-mandarijnen.

EU ≠ Europa

Ze spreken als vanzelfsprekend over de EU als ‘Europa’ en doen daarmee alsof de landen buiten dat politieke arrangement überhaupt en per definitie niet tot ons continent en onze beschaving behoren. Alsof het alleen maar over achtergebleven buitenstaanders gaat, die men gerust negeren of slecht behandelen kan.

Zelfsacralisatie

Naar binnen heeft de zelfsacralisatie de plaats ingenomen van argumentatie en dialoog. Wie kritiek oefent, wordt als een afvallige uit de kring van de goeden uitgesloten. Die hoort eigenlijk niet in het Europees Parlement of in de Europese Raad thuis en moet zoveel mogelijk geïsoleerd worden. Tegen zulke ketters is ook meteen iedere vuile truc geoorloofd, zoals de affaire Strache nog eens duidelijk maakt.

Façademanifestaties

De afstand tussen de eurocraten en de burgers wordt op deze manier alleen maar groter. Geënsceneerde pro-EU-‘bewegingen’, zoals Pulse for Europe of de demonstraties die afgelopen zondag in Duitsland plaats vonden, doen daar niets aan af. Te eenvoudig is voor iedereen herkenbaar, dat het hier om geconstrueerde façade-manifestaties gaat, die aan de geforceerde optochten in dictaturen doen denken. De naamgeving spreekt daarbij al boekdelen; bij goede gezondheid is de polsslag immers geen onderwerp.

Van binnenuit hervormbaar?

Als deze campagne iets heeft gedaan, dan is het wel een domper zetten op de hoop dat de EU nog van binnenuit te hervormen zou zijn. Hoewel partijen als Rassemblement National, Lega en Forum voor Democratie voor deze verkiezingen hun koers hebben bijgesteld en duidelijk maken een ultieme poging te willen doen om de EU van binnenuit te hervormen in plaats van direct naar de uitgang te bewegen, worden ze nog altijd voor ‘anti-Europees’ versleten. Establishment-krachten sluiten samenwerking met zogenaamde ‘anti-Europese’ populisten op voorhand uit en zijn daarvoor desnoods bereid een monsterverbond aan te gaan.

Repressie en intimidatie

Het EU-establishment is kennelijk niet in staat om problemen als de eurocrisis of de immigratie op een manier op te lossen, waarin alle lidstaten mee kunnen komen. Dus zetten ze in op repressie en intimidatie van iedere oppositie. Deze ondemocratische opstelling – en niet het populisme – kan de EU in de komende jaren nog lelijk opbreken.

Posted on

Verbod pulsvisserij is een teken aan de wand

Het huidige kabinet krijgt de wind van voren omdat het de pulsvisserij niet beschermt. Nemen we een stap terug dan wordt duidelijk dat er meer speelt. Al vanaf de jaren ’70 is er een dynamiek tussen technische ontwikkelingen, non-gouvernementele organisaties en de visserij die tot geharrewar leidt. Door haar positie in de EU draagt de staat verantwoordelijkheid voor het fiasco dat nu voor een deel van de visserij dreigt.

Onder invloed van economische factoren vormen de efficiënte sleepnetten die vanaf de jaren ’70 gebruikt worden een probleem. Ze dreigen de visstand te decimeren en hebben een duidelijk negatieve invloed op de kwaliteit van de zeebodem. Tijdens verschillende economische crises blijkt bovendien dat de kosten van deze methode vrij hoog zijn. Samengenomen vormt het de aanleiding tot onderzoek over te gaan, in samenwerking met de overheid.

Er worden een aantal oplossingen gevonden. Zo zorgt het hydrodynamisch sleepnet al voor minder bodemcontact en een daling van de oliekosten van 20%. Een andere oplossing die onderzocht wordt is het pulsvissen. Initieel onderzoek lijkt goede resultaten te geven. Vissers zelf zijn terughoudend én gevreesd wordt dat verdere efficiëntieverhoging de visstand alsnog (verder) in gevaar zal brengen. In 1988 verbiedt de EU (850/98) deze vorm van visserij.

Pulsvissen onder voorwaarden

In 2007 wordt pulsvissen mogelijk onder bepaalde voorwaarden tot 5% van de vloot. De Nederlandse staat regelt hiervoor in totaal €8.500.000,- subsidie, waarvan in eerste instantie slechts 7 achteraf openbaar wordt gemaakt. Waar subsidies zijn, is succes. Ter accommodatie van de vissers haalt de Nederlandse staat procedurele trucs uit om het aantal licentiehouders op te schroeven. Hiermee strijken zij enkele lidstaten zeer tegen de haren in.

Controle in 2013 leidt tot een onderzoek van fraudebureau Olaf in 2014. In totaal wordt €5.000.000,- aan verstrekte subsidie afgekeurd. Nederland wordt, voorlopig, uitgesloten van subsidies uit het Visserijfonds. In 2018 stemt het EU-parlement voor het verwijderen van de 5% en nu heeft de Europese Commissie dat overgenomen. Het gevolg is dat het gesubsidieerde werk van vele tientallen vissers nu teniet gedaan wordt. Een teruggang wordt geforceerd naar minder efficiënte en in sommige opzichten schadelijker visserij.

Makkelijk doelwit voor tegenstanders

Om twee redenen is de pulsvisserij een makkelijk doelwit voor de EU en andere organisaties. Geëlektrocuteerde vissen met gebroken ruggen en oneigenlijke gronden om procedures te belobbyen. In beide speelt de Nederlandse staat de hoofdrol.

De effecten van pulsvisserij worden voorgesteld als louter positief, terwijl dat niet het geval is. Uit proeven blijkt schade te ontstaan aan andere vissoorten, zoals de kabeljauw. Voorwaarde voor het toestaan van de 5% pulskorren was juist onderzoek doen naar het wegnemen van die schadelijke bij-effecten. Dat onderzoek vond onvoldoende plaats. Tegelijkertijd werd, mede onder het mom van onderzoek doen, gelobbyd voor meer licenties voor Nederlandse pulsvissers. Geëlektrocuteerde vissen zijn geen goede PR. Mede hierop bouwde de Franse lobbyclub Bloom haar campagne.

Het is goed te beseffen dat Nederlandse vissers zich gespecialiseerd hebben in o.a. de platvis. Pulskorren zijn hiervoor een goede uitkomst. Het verbod treft voornamelijk Nederlandse vissers. Al deze zaken samen maken het pulsvissen een makkelijk doelwit. Een doelwit, waarvoor? Hier komt de EU om de hoek en haar vernietigende werking waar ik vorig jaar over schreef.

http://www.novini.nl/pulsvisserij-en-stoommachine-frankrijk-en-eu/

Het kunstmatige probleem en de onderdaan

De EU creëert een kunstmatige ruimte waarin de macht over allen geplaatst wordt. Om in deze dynamiek invloed te hebben moeten landen coalities vormen. Daarmee is elke dynamiek onderdanig aan de EU. Het is immers diens technocratische macht die men begeert. Dit geldt ook voor de Nederlandse staat. Voor hen geldt wiens belang ze nú schaadt is wellicht bij de volgende beslisronde het hardste nodig als bondgenoot.

Pulsvisserij heeft grote potentie ondanks de kinderziektes. Duidelijk is dat de efficiënte Nederlandse visserij hierdoor in het voordeel is ten opzichte van onder andere Franse vissers. Willen zij op platvis vissen onder de EU-regels, dan moeten zij naar de Noordzee varen. Dat kost al extra geld terwijl de Nederlanders nu nog goedkoper uit zijn door nieuwe technieken.

Beslismacht

Een onafhankelijke staat bepaalt wat er binnen haar grenzen gebeurt. Precies dat gebeurt nu niet. De beslismacht over de Nederlandse natie is geheel en al overgegaan op de EU. Dat kan stapje voor stapje gegaan zijn waardoor er een zweem van legitimiteit om blijft hangen, of in een keer. Het toont in beide gevallen wat de Nederlandse staat is, een provincie van de EU.

De staat heeft zo geen daadwerkelijk belang bij de instandhouding van de pulsvisserij. Groot verzet op dit vlak betekent nog meer gezichtsverlies. Dat kan problemen opleveren op andere portefeuilles. De oplossing is niet méér lobbyen. Nu is technologische vooruitgang alleen toegestaan indien het ook in eigen belang van de grote spelers is. Dat is met Frankrijk evident niet het geval. Dus wordt dit project de nek omgedraaid.

De kleren van de staat

Belangrijker is dat de lakse houding ten opzichte van deze vissers laat zien dat zij voor de staat niets voorstellen. Zij stellen niets voor in het grote spel dat staatje spelen heet. De 5% die nu gepresenteerd wordt als doekje voor het bloeden is in feite al in 2007 vastgesteld en het is de Nederlandse staat zelf die gekozen heeft om dit te ontwijken. Dat is geen compromis. Dat is snoeihard teruggefloten worden.

We kunnen boos zijn op Brussel. Dat is erg vaak terecht. De werkelijke boosdoener huist ditmaal in den Haag. Gezwicht voor lobby, gezwicht voor haar baas bevindt de Nederlandse staat zich nu in een onmogelijke spagaat. Juist daardoor werd het mogelijk voor Franse lobbyclubs om de desastreuze campagne te voeren die nu mede leidt tot het verbod.

http://www.novini.nl/eu-is-luchtspiegeling/

In werkelijkheid is de staat een keizer zonder kleren. Met media als kleermakers zal de minister door de straten lopend verkondigen dat ze goed werk geleverd heeft met het huidige compromis. Echter, heersers bepalen; alleen dienaren zeggen niet anders te kunnen.

De visser vergeet niet. De visser wacht af en maakt zijn plan. In de getroffen vissersplaatsen ziet men weg als de staat voorbij marcheert en pretendeert onderdanen te hebben. Door niet te kúnnen kiezen voor Nederlandse belangen laat de staat zien zelf onderdaan te zijn. Het is aan u om te bepalen wat u van die situatie vindt. Dit zal namelijk niet de laatste keer zijn. In maart zijn er weer verkiezingen.

 

Posted on

De VVD moet het maatschappelijk onbehagen serieus nemen

Deze voordracht vond plaats op 25 april voor VVD Drechtsteden.

In 2014 stuurde ik een vooraanstaande scouter van de VVD per email het volgende:

“De politieke uitdagingen zijn zó omvattend en groot dat twijfel ontstaat of de mensen die vandaag worden geselecteerd wel begrijpen hoe anders de machtsverhoudingen in de wereld over twintig jaar zullen liggen. Politici zullen met hardere realiteitszin naar ontwikkelingen moeten kijken; anders zal het gevolg een langzame neergang van Nederland zijn. Het gaat om intergenerationele belangen – ik vraag me echter af hoe zwaar die overweging voor zo’n selectiecommissie meetelt? Of gaat het meer om het belonen van vroegere bondgenoten?

De huidige politieke ‘elite’ heeft een postmodern en kosmopolitisch wereldbeeld en lijkt niet in staat de omvang van de crisis te bevatten waarop de West-Europese wereld afkoerst. Dat is een wereld van conflicten: cultureel (verwestering versus islam), militair (oorlog in het Oosten) en economisch: financiële instituten zijn inmiddels machtiger dan natiestaten. Terwijl het Westen een liberale visie op economie uitdraagt koopt een macht als China schaarse grondstoffen van failed states om die als drukmiddel te kunnen gebruiken.

Nederland is een polderland – hierdoor vergeten we hoe snel mensenmassa’s kunnen omslaan als de druk stevig oploopt. Denk aan een gebrekkige aansluiting tussen de opleiding van jongeren en de markt, een teruglopend voorzieningenaanbod en allochtonen die vatbaar zijn voor radicalisering. Een conflict met Rusland komt dichterbij al zal het misschien niet tot oorlog komen. De VS richt zich meer op Azië en wil het vergrijzende Europa niet meer op eigen kosten blijven beschermen.

Kortom, de voorwaarden voor een omslag beginnen langzaam vorm te krijgen; ons beleid wordt echter nog steeds gemaakt door politici uit de poldertijd. We moeten de grote geopolitieke vragen stellen en hierbij telt ieder jaar – ieder jaar brokkelt de geopolitieke status van Europese landen als Nederland verder af. Ik verneem graag of ik in dit denkwerk een rol zou kunnen spelen en ben zeer nieuwsgierig naar jouw kijk op de geschetste ontwikkelingen.”

Verbaast het u te horen dat ik vanuit het topkader niets meer heb vernomen? Terwijl we toch Trump, Brexit, het Oekraïne-referendum, het migratievraagstuk en de Turkse kwestie kregen: zaken die de elite overvielen maar waarvan de voorwaarden in Avondland en Identiteit al waren toegelicht. Onlangs vernam ik van een Kamerlid dat er achter de schermen uitvoerig is gesproken over mijn optreden bij Buitenhof.

Deugbubbel

Het Buitenhofdebat was feitelijk twee tegen één. Ik was uitgenodigd om als academicus die filosofie van de geschiedenis doceerde, het concept van het cultuurmarxisme te komen uitleggen. Voortdurend werden er spottende karikaturen van mijn argumenten gemaakt en vervolgens sloeg progressief Nederland elkaar op de schouders als zou men het debat hebben gewonnen.

De doorsnee Nederlander leeft echter in de realiteit. De kijker herkent dat de zaken die ik aankaart, veel dichter met die dagelijkse realiteit overeenstemmen dan gebruikelijk is in de roze wolk van de culturele elite of zo u wilt de deugbubbel. Dit stelde mij in dat debat voor een keuze: Óf de inhoud in – uitleggen als academicus ‘wat is cultuurmarxisme’ en kortom een verklaring geven van het ontstaan en de inhoud van het begrip, of mezelf verdedigen tegen misrepresentaties van mijn argumenten en spotaanvallen op de persoon. Ik koos ervoor om zo inhoudelijk mogelijk te blijven, wetende dat de doorsnee kijker de harde realiteit beter aanvoelt dan de jetset van de NPO. Deug-Nederland feliciteerde zichzelf maar de rest zag realiteitszin versus een roze wolk: in het Centraal Boekhuis was Avondland en Identiteit leeggekocht en er verscheen een derde druk.

Het Buitenhof-debat ging aanvankelijk uitgebreid in op de geschiedenis van Antonio Gramsci in de vroege twintigste eeuw. Toen ik even later de invloed van the New Left aankaartte, hoorde ik plots dat die geschiedenis “niet relevant zou zijn voor het heden”. Witteman zei dat hij Avondland en Identiteit niet wilde bespreken maar slingerde er toen plots een quote uit het boek in toen het gesprek qua framing de verkeerde kant dreigde op te gaan.

Knock-out argumenten

Al met al heb ik daar meerdere zaken onweersproken gezegd. Links heeft wegens de globalisering geen realistisch economisch verhaal meer te bieden. Hierom stelt links een agenda van identiteitspolitiek voor, om het taalgebruik en het denken te zuiveren van alles dat zou kunnen kwetsen: dit geeft links vandaag geen economisch maar een religieus karakter. De kerk verbiedt alles wat leuk is en links verbiedt alles wat zou kunnen kwetsen. Minderheden, zoals allochtonen en arbeiders, verlaten het linkse moederschip. Ten slotte is de ‘progressieve’ counterculture vooral schadelijk geweest voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Al deze knock-out argumenten kregen geen enkele weerspraak tijdens het debat.

Cultuurverandering blijft een hot topic. Zo wordt Mozart gecensureerd terwijl de politie meer bezig is met iftarren dan met boeven pakken. Moslimkinderen worden opgeroepen om zich niet Westers te kleden met het zomerse weer. Belasting op groente en fruit gaat stijgen terwijl de dividendbelasting voor multinationals is geschrapt. D66 wil het referendum dood en dan hebben we het nog niet over de transferunie waar we momenteel worden ingerommeld.

Volksopstand over Transferunie?

Dit gaat stapje voor stapje, zodat het urgentiegevoel steeds te beperkt is voor een opstand, maar Macron en Merkel hebben allang besloten dat die transferunie er komt. Op de ALDE-congressen mag Rutte nog tegengas geven voor de vorm. Hans van Baalen kennende ziet hij die transferunie ook zeker niet zitten, maar uiteindelijk zal ALDE – om de internationale verhoudingen ‘soepel te houden’ – toch tekenen onderaan de streep. En dan vlug door naar de écht belangrijke zaken, zoals die dekselse want veel-te-conservatieve Polen en Hongaren.

Via de monetaire unie zijn landen aan elkaar verslingerd maar zij hebben geen macht over elkaars nationale begrotingen en economische beleid. Die transferunie staat dus te gebeuren: het is onduidelijk hoe dit kan worden gestopt tenzij er een full blown volksopstand uitbreekt.

Hierover was laatst een gespreksavond met Thierry Baudet en Derk Jan Eppink. Eén van de vragen die ter tafel kwam was “hoe realistisch is een NEXIT?” Naar verluidt werd Baudet aan het denken gezet want hij heeft zich altijd laten kennen als – op zijn zachtst gezegd – een criticus van de EU. Maar de realiteit is wel dat wanneer je als kleine lidstaat begint te praten over NEXIT, dat er dan twee jongens bij de uitgang staan en die trekken hun handschoenen uit. Vervolgens slaan ze je en daarna slaan ze je met de kassa. Oftewel je zult worden kapotgemaakt voordat het idee goed en wel is gelanceerd in het publieke debat.

Gedisciplineerd denken over geopolitiek

Hierdoor zou een stappenschema van een gestage bevoegdheidsvermindering van de EU meer kans van slagen hebben. Dan stuit men echter op het feit dat de EU tot dusver onhervormbaar is gebleken en dat de groeiende geopolitieke blokvorming juist noodzaakt tot meer eenheid in buitenlandbeleid. Er is veel voor te zeggen om deze bittere pil dan maar te nemen en consequent dystopisch te denken. Zoals prof. David Engels doet in zijn boek Auf dem Weg ins Imperium. Maar het frame moet nu eenmaal positief zijn en hierom zullen wij in de komende jaren minder gaan horen over dystopieën en meer over Renaissances.

In hoeverre Engels’ boek nu smeuïg wegleest, daarover zijn de meningen verdeeld. Het is in ieder geval helder en systematisch: het dwingt de lezer om op een gedisciplineerde wijze na te denken over geopolitiek. Wat er ook met de EU zal gebeuren – het is evident dat West-Europa deze kar niet meer kan trekken. Groot-Brittannië heeft ruzie met de EU, met Rusland en nu ook met de VS; Frankrijk wordt kapotgestaakt en heeft te maken met banlieues. Het land kent religieuze twisten en aangrijpende veranderingen in de bevolkingssamenstelling. Duitsland vergrijst en moet eerst Oost-Duitsland uit het moeras trekken en daarna nog minstens een miljoen Afrikanen, zoals Robert Ossenblok nauwgezet heeft gedocumenteerd. België is een verhaal op zich. Italië heeft fikse schulden gekoppeld aan een enorme zwarte economie – ook dat land vergrijst in rap tempo.

Centraal-/Oost-Europa moet nu leiden

Kortom nu West-Europa in de fase van Late Empire is beland (waarover dadelijk meer), moet de toorts van Europees leiderschap aan Centraal- en Oost-Europa worden doorgegeven. Daar heerst een meer gegronde visie op migratie, islamisme en de verhoudingen tussen burgers en hun overheid. Deze landen weten wat het is om onder het juk te zitten van de Ottomanen en de communisten: op de experimenten van links-identitaire gekkies zit men daar niet te wachten.

West-Europa is ongevraagd het sociale experiment ingerold van een grootschalige migratie. Dat experiment faalt en vervolgens wordt de kritiek op het falende experiment (door Pankaj Mishra) toegeschreven aan “blanke mannen die zich voorbijgestreefd voelen” – die kortom boos zijn omdat het experiment tóch zou zijn gelukt. Dit is de catch-22 logica “maar ik ben geen racist – aha, dus u ontkent dat er een probleem is!” waar we het in West-Europa mee te schaften hebben, en die in onze afbrokkelende landen moet doorgaan voor een ‘publiek debat’. In Centraal- en Oost-Europa ontbreekt die gekkigheid en daarom zijn deze landen beter in staat om het beleid over deze existentiële kwesties vorm te geven. Het probleem is dat ze vanuit hun communistische verleden zijn gewend aan de underdog-rol en nu niet weten hoe ze het momentum kunnen aangrijpen om te leiden.

Het obsessieve gepraat over racisme verstoort iedere poging tot realistisch denkwerk. Nu weer vier piepjonge meisjes die hun universiteit willen dekoloniseren en smeken om thought police pardon diversity officers. “Wat weten zij nu van het leven?” is wat ik me hier afvraag. Wat weet ik er zelf nu van als dertiger? Kennelijk toch het een en ander – ik sta hier immers de VVD toe te spreken. Nu vind ik de benadering van Jurriaan Mulder toch constructiever dan die van de UvA meisjes. Toen hij met zijn Afrikaanse kompaan Manu een broodje at zei hij: “Wel helemaal opeten hè, de kinderen in Afrika hebben honger!” Zo kan er met een politiek-incorrect grapje toch een gesprekje ontstaan waarin serieuze thema’s worden aangesneden op een wijze die niet beladen of moralistisch is.

Puriteins moralisme tegenover rechtse humor

Dat is precies de kern van de zaak. De nieuwe realisten kennen humor en nuance: ze durven de draak te steken met heilige huisjes omdat ze met lichtheid en zelfspot in het leven staan. Maar hun tegenstander – regressief links – is precies het tegenovergestelde: dat kamp is feitelijk moralistisch, puriteins en fanatiek tot op het fundamentalistische.

Van dat moralisme nu een voorbeeld, en wel het debat tussen de Kamerleden Baudet, Becker en Sjoerdsma over gifgasaanvallen in Syrië. Baudet sprak over twee onverenigbare benaderingswijzen van geopolitiek. Gaan we met zijn allen naar een globale eenheid toe, of zijn er afgrondelijke conflicten? Zijn er universele regels die een wereldvrede mogelijk maken? Of zijn er slechts wisselende machtsverhoudingen met onherroepelijk winnaars en verliezers? Baudet concludeerde: het is een bittere pil om te slikken, maar het is beter als Assad dit conflict wint, want dat vergroot de stabiliteit van de regio.

Moralisme in geopolitiek

Becker reageerde verbeten en vanuit morele verontwaardiging. Even was er geen analist of nuchter redenerend bestuurder aan het woord, maar veeleer een ‘gelovige van de universele eenwording’. Er lag een zelotische schittering in haar ogen: daar ontvouwde zich het panaroma van Fukuyama’s Einde van de geschiedenis. Tot nu toe was het profiel van de VVD altijd nuchter no nonsense-realisme: het is pijnlijk maar waar om te zien dat Baudet in dit debat het meest realistisch is.

Het is zowel ernstig als betreurenswaardig om te constateren dat dit puriteinse moralisme nu ook naar de rechterkant van het politieke spectrum is overgeslagen. Dit is wat er gebeurt wanneer men de eigen ziel aan multinationals verkoopt en alle culturele en intellectuele vorming overlaat aan links. “Want op die thema’s zitten onze kiezers toch niet” (zo wordt geredeneerd sinds Bolkesteins aftreden). Maar de realistische stemmer, die zoekt ondertussen wel naar vorming en culturele inhoud. En in zijn vorming vindt hij Baudet.

Klassiek liberalisme uitgehold

Wat ten zeerste teleurstelt is dat zelfs het klassiek liberalisme van individuele vrijheid, nationale soevereiniteit (collectieve vrijheid) en rationalisme (vrijheid van geest), zich zo heeft laten uithollen door progressivisme: een stroming die staat voor gelijkheidsdwang, cultuurrelativisme en een overgave aan technocratische oligarchieën. Het liberalisme zoals dat vandaag bestaat heeft helaas de theologie van het christendom en het socialisme verinnerlijkt – dit wil zeggen een theologie van irrationalisme en maakbaarheidsgeloof. Hierdoor blijft van het klassiek liberalisme slechts een uitgeholde cocon over: wat resteert is een verwaterde kartel-ideologie die de belangen van multinationals omkleedt met een positieve tsjakka-vibe.

Dit kon gebeuren doordat de mensen die de posten bemanden van de conservatieve media en de klassiek liberale partijen, het product waren van een corporatistisch systeem vol vriendjespolitiek en elitaire families. Denk aan de tweehonderd van Mertens: een select gezelschap van grootindustriëlen, topambtenaren en vakbondsleiders die onder leiding van o.a. Joop den Uyl samen de knikkers verdeelden. Hun kinderen groeiden op in een bubbel buiten de realiteit en lieten zich gemakkelijk intimideren. Riep iemand eens “nazi!” dan waren deze wekelingen en softe types maandenlang bezig om zich te verontschuldigen.

Vossius & Deugballotage

Vandaag wordt ‘rechts’ echter bemand door types als Jesper Jansen. Zij komen ‘van de koude grond’ en geven er niets om hoe ze worden geframed. Dit zijn mensen met wortels in de werkende klasse die toch niet welkom zijn in de elitaire bovenlaag van onze cultuur. Want als je door een partijtop in dit land serieus wil worden genomen als gesprekspartner, dan moet je eerst laten zien dat je klassieke talen machtig bent die je op één of ander prestigieus Vossius gymnasium hebt geleerd. Stap twee om door de deugballotage te komen is dat je diezelfde klassieke talen vervolgens ironiserend kapotrelativeert omdat het toch allemaal ‘geschiedenis van blanke mannen is’. Maar om tot die tweede ronde te komen moet je dus wel eerst even laten aanvoelen dat die verfoeide culturele verfijning wél tot jouw sociale habitat behoort. Mensen als Jesper trekken echter met zero fucks given ten strijde tegen deze deug-elite. Wordt mooi!

Het eerder omschreven gevoel voor humor en nuance dat eigen is aan het nieuwe realisme heeft een oorsprong. Het uit zich ook in trolling en shitposts en referenda organiseren over nonsens-onderwerpen puur om gemeenteraadsleden te trollen. Zoals dat idee om politici in Arnhem zich te laten uitspreken over verplichte afbeeldingen van lolcats op verjaardagskaarten en discoballen in ieder overheidsgebouw. Want ja, wie werkelijk ziet wat West-Europa staat te wachten – de totale som van babyboomerschulden die worden afgeschoven op jongeren in een vergrijzende samenleving waar opwaartse sociale mobiliteit enkel nog is voorbehouden aan kosmopolieten in grootstedelijke centra omring door enclavevorming en radicalisering – kan eigenlijk alleen nog lachen om de absurditeit van de situatie. Een ironische levenshouding ontwikkel je vanzelf.

Mentale verharding

“Het zal mijn tijd wel duren, ik heb deze puinhoop niet gecreëerd, laat een ander de shit maar opruimen.” Dat is dan feitelijk de levenshouding die het meest loont – oftewel het “dikke ik” waarover Rutte sprak. Maar nu, Rutte, ga ik weer even terug naar mijzelf en naar mijn email aan die VVD-scoutingspersoon in 2014. Ik blik terug op mijn laatste vijf levensjaren en zie hoe ik beleidsmakers trakteerde op duizenden feiten, overwegingen en argumenten: tot nu toe had het nul komma nul effect om ook maar iets aan de opdoemende dystopie te veranderen. Dus ik begrijp die cynische levenshouding. “Vrouwen willen feminisme? Oké laat mijn date dan maar betalen. Wij mannen zouden vrouwen teveel overvleugelen? Wel dan ga ik ook niet ingrijpen als ik zie hoe een dronken jongedame wordt betast.” In deze situatie is mentale verharding the most sensible option.

Dát is de wereld die we nu krijgen dankzij de keuzes van de ’68-generatie. En ook dankzij de keuzes van een elite die sinds Pim Fortuyn al beter wist maar wegkeek omdat ‘de BV Nederland wel moest blijven draaien’. Let wel: een generatie met zo’n levenshouding gaat dus ook niet betalen om de shit van Afrika op te lossen. Ze zien welke deal er voor hen overblijft – hogere huren, een leeggepompte gasbubbel, hogere studieschulden en het stapelen van onbetaalde stages – en laten zich ook niet meer moralistisch chanteren. Hierom gaat voor links langzaam het licht uit en zij beseffen dit – hierom radicaliseren ze nu het nog kan, om hun vijanden zo veel mogelijk schade te berokkenen.

Geen spruitjeslucht maar wietlucht

Deze ‘vrijgevochten’ types zien zichzelf als meester en vormgever van eigen succes: zij hebben iedere band met het verleden gretig doorgesneden, want de spruitjeslucht van het ouderlijk huis mocht niet blijven kleven aan de nieuwe tuxedo van het corpsballetjesleven. Maar uiteindelijk heeft niet de spruitjeslucht de meeste schade gedaan, maar de wietlucht. Alles wat je op tafel achterlaat valt in handen van de vijand: zo redeneren zij. Niet in termen van cultureel erfgoed overdragen. Deze types zien zichzelf als ‘liberaal’ maar dromen er van om te worden aangesteld als juridisch specialist op een groot kantoor van een multinational.

Nu zien we weer hoe het voor innovatieve MKB’ers moeilijker wordt om zich juridisch te verweren wanneer het grootkapitaal hun patenten steelt. Stropdasje om, lekker upwardly mobile imago uitstralen, maar oh wee als de discussie op het migratiedossier komt. “Ik heb toch genoeg geld en connecties om die mensen nooit tegen te komen, dus ik vermijd dit onderwerp want ik kan er alleen in negatieve zin een racistisch imago aan overhouden.” Zo denkt de aangestelde liberaal. En een aangestelde liberaal is een inwendige tegenspraak: liberalisme hoort immers te staan voor eigenstandig, onafhankelijk en eigenzinnig denken.

Hofhermafrodieten

Kennelijk moet daarvoor een Nieuwe Zuil worden opgebouwd, want toen ik laatst bij Shell aankwam zei iemand: “Hoi Sid! Wat leuk dat je er bent! Laten we gaan lunchen! Maar beter niet op kantoor want je weet maar nooit wat we gaan bespreken.” Pas aangekomen bij een of andere Bakker Bart in een achtersteegje met alleen huisvrouwen en buggy’s met kinderen durfde de betreffende zijn verhaal te doen. Het kwam erop neer dat deze persoon al zes keer tevergeefs was opgewarmd voor een bevordering, terwijl in het bedrijf wel plots overal flyertjes over ‘mansplaining’ opdoken. “Het is maar goed dat er hier geen snaky corporate types rondlopen” zei ik. Of beter gezegd: hofhermafrodieten, sprekend met de oldschool humanist Baldassare Castiglione.

Hofhermafrodieten zijn gladde en manipulatieve mannen die tekenend zijn voor beschavingen waar maatschappelijke status meer met sociale netwerken samenhangt dan met de productie van tastbare welvaart. De masculiene architect bouwt een aquaduct en laat zo zien hoe hij de wereld onontwijkbaar verandert (Early Empire). Lakeien en eunuchen fluisteren de keizer in wie wel of niet tot de inner circle kan worden toegelaten: zij treden op de voorgrond in de fase van Late Empire en manipuleren de ongrijpbare relaties. De hofhermafrodiet gedijt in de bureaucratieën en  hofhuishoudingen die ontstaan wanneer urbane centra zich volzuigen met de welvaart die in de provinciën wordt gecreëerd. Waar hofhermafrodieten opduiken in de politiek gaan idealen en principes te gronde.

Rise and Fall

We hadden het al even over David Engels en zijn Rise and Fall-analyse. Wat hier gaande is kunnen we niet anders betitelen dan als ‘Late Empire’. Laatst werd ik benaderd door iemand die zei: “Sid, het spijt me, je zult het begrijpen – ik zat in de laatste maand van mijn proefperiode dus ik moest echt aan de blue pill.” Wegkijken om maar niet uit de toon te vallen op de werkvloer. Is dat nu het gezellige “ik hou van eigenwijze mensen” liberale Nederland waaraan we met zijn allen werken?

Toch wordt Nederland wakker. De Nederlandse Leeuw kreeg 2.100 mensen op de been waarvan de helft jongeren. Kwam nauwelijks in de media. Had een gesubsidieerde linkse club 400 activisten verzameld, dan was het breed uitgemeten bij Buitenhof en op de voorpagina van alle kranten als ‘energieke jongerenbeweging’.

‘Linkse’ opinieredacties blazen hoog van de toren over seksuele intimidatie, maar juist daar is dit het ergst. Zie Vice, zie Francisco van Jole, zie Jelle Brandt Corstius, zie al die idioten bij Oxfam Novib, Artsen Zonder Grenzen en andere ‘goede doelen’ die seksfeestjes hielden met kwetsbare en uitgebuite inheemse vrouwen – het gedrag van deze kosmopolitische wereldverbeteraars is zowel hedonistisch als hypocriet. Achter dat uitwendige moralisme gaat een door-en-door verrot mensbeeld schuil. Dat wist u natuurlijk al: ik moest het toch even vermelden omdat mijn realistische analyse anders als ‘reactionair cultuurpessimisme’ zou worden geframed.

Rot achter de gevel

We moeten West-Europa zien als een huis. Aan de voorkant ziet het er goed uit maar achter de voorgevel is er rot en structurele bouwfouten. De generatie die nu opgroeit voelt nattigheid, want de generatie die aan de macht is heeft het geloof in transcendente waarden opgegeven. Zij proberen er voor zichzelf het beste uit te halen: een fractievoorzitter krijgt een penthouse cadeau en een senator zit tijdens de stemming over de orgaanwet in een luxe resort op een tropisch eiland. Ondertussen werd tegen een CDA-bestuurder een zaak voorbereid wegens betrokkenheid bij de bouw van het grootste drugslab aller tijden.

Juvenalis beschreef de decadentie van het antieke Rome: wat vandaag in West-Europa speelt had hij niet kunnen verzinnen in zijn meest extatische visioenen. Men kan er hooguit om lachen omdat het zo absurd én decadent is. Maar met een politieke klasse die dit voorbeeld geeft kan West-Europa niet meer leiden. Het enige wat er hier qua continuïteit wordt overgedragen, is dat de generatie van opiniemakers en journalisten die nu wordt aangesteld nóg linksliberaler is dan de voorgaande. Zoals de grote Willem Cornax onlangs schreef: geef mijn portie maar aan fikkie.

Posted on

Pulsvisserij en de stoommachine: Frankrijk en de EU

In de 17e eeuw joeg Frankrijk een van vaders van de stoommachine haar land uit. In 2018 heeft Frankrijk wederom succesvol op een succesvolle industriële ontwikkeling gejaagd. Met het EU-verbod op pulsvisserij wordt jaren onderzoek de nek omgedraaid. Belangrijker nog, het toont een fundamenteel probleem van de EU. Het is en blijft een staat op zoek naar een volk. Er is slechts een verbond van volkeren waarboven belangengroepen staan. Deze belangengroepen zorgen voor zichzelf in naam van de rest. Dit ligt ten eerste aan de aard van het Europese continent, en ten tweede aan een van de basisgedachten van de Europese Unie.

Geografie en de ontwikkeling van volken

Het Europese continent is uiterst divers in haar geografie. Het ene land heeft uitgebreide vlakten waar graan welig kan tieren, terwijl diezelfde vlakte bij een ander onbruikbare toendra’s zijn. Bergen dwingen een andere ontwikkeling af dan moerasgebieden. Zo ook is het met de volken die zich in al deze verschillende gebieden gevestigd hebben. Op vele ontelbare kleine manieren ontstonden zo de verschillen in gebruik van de omgeving. Net als in de verwoording daarvan en zo in het taalgebruik. Het eindigt met het ontstaan van verschillende gebruiken die een onderdeel vormen van een volk, groot of klein. Daaruit is mede ook de gedachte ontstaan dat de eigen mensen, het eigen volk, de natie, voor zichzelf dient te zorgen.

Tegenwoordig cultiveren overheden die gedachten om landen en diens stemmers te mobiliseren. “Geen cent meer naar Griekenland” in Nederland versus “Merkel is de nieuwe Hitler” in Griekenland. Het voeden van deze sentimenten wordt tegenwoordig versterkt door de EU.

Een monopolie als basisgedachte

De EU heeft als basisgedachte namelijk een douane unie. Dat veroorzaakt twee dingen. Allereerst bemoeilijkt het handel met de rest van de wereld. Ten tweede dwingt de EU, mede door die douane-unie, om de producten van ons omringende landen af te nemen. Daarmee is de EU niet voor vrije handel. De EU is voor controle op handel binnen de eigen douane-unie. Iedereen die daarbuiten valt is onderwerp van politiek. J.S. Mill had al bedacht dat internationale handel niet tot de economische vrijheid van het individu behoort. Het diende het exclusieve domein van overheden te zijn.

Wat heeft dit te maken met pulsvisserij? Zoals gezegd monopoliseert de EU een bepaald geografisch gebied. Dat betekent dat allen die zich daarbinnen bevinden concurrenten worden om die monopoliepositie. Wie de macht heeft kan de koers uitzetten. Landen zelf zijn niet sterk genoeg om die monopoliepositie te claimen. Dus worden er coalities gevormd. In die coalities tussen de vertegenwoordigers van landen spelen wederom op zijn minst twee aspecten een grote rol.

Gevolgen voor industriële ontwikkeling

Het eerste is dat de coalitie om beleidspunten moet gaan, dus om concrete zaken. Over ideeën kan men immers twisten, over uitruilbare stemmen niet. Het tweede heeft betrekking op de pulsvisserij. Voor Franse vissers is de pulsvisserij vooralsnog onbetaalbaar. Vissers uit Nederland verkrijgen een voordeel ten opzichte van die Franse vissers. Dat is niet in Frans, electoraal, belang. Dus mag een dergelijke ontwikkeling niet plaatsvinden. In Frankrijk zal dit als een overwinning gevierd worden. Voor de mensen in Nederland die hierin hebben geïnvesteerd betekent het een groot verlies.

Daarmee komt het fundamentele probleem van de EU naar voren. Nationale belangen worden behartigd in een kunstmatig afgesloten geografisch gebied. Daarbinnen moeten landen dezelfde wetten, regels, afspraken naleven. Iedereen moet gelijk behandeld worden. Alles moet hetzelfde zijn. Het gevolg is dat wanneer iemand voorop dreigt te gaan lopen deze teruggefloten zal worden door hen die niet de capaciteit hebben om mee te komen. Dat is het geval met de Franse vissers.

De oplossing is niet alle vissers dwingen hetzelfde te doen. De oplossing zou zijn hen te laten werken naar eigen kunnen, naar eigen inzicht en vermogen. Binnen de EU kán men echter niet anders fungeren. Om die macht moét gevochten worden, anders zal ‘de concurrent’ profiteren. Om mee te spelen moét men groot zijn. Nieuwe ontwikkelingen worden altijd de dupe van deze kunstmatige machtsspelletjes. Daadwerkelijke ontwikkeling vindt namelijk niet plaats in het bekende dat deze belangen vertegenwoordigen, maar in het nieuwe.

Vrije zee, vrije landen

Zonder de EU kunnen Nederlandse vissers de eigen territoriale wateren beheersen zoals zij dat willen. Als dat betekent dat door pulsvisserij de zeebodem er in de toekomst beter bijligt dan in de rest van het continent betekent dat twee dingen. Allereerst dat wij als Nederlanders er trots op mogen zijn zo’n bijdrage aan natuurbescherming én de visserij te kunnen leveren. Ten tweede dat die Nederlanders die daarin geïnvesteerd hebben hun producten kunnen gaan verkopen aan de rest van de wereld. Beide mogelijkheden zijn nu door de neuzen van honderden betrokkenen geboord.

Daarmee zijn geografie en volk nog steeds bepalend. Nederlanders zijn, om wat voor reden dan ook, blijkbaar meer werklustig in het zoeken naar oplossingen die mens en natuur verder brengen. Als riviermond bewoners zijn Nederlanders nog steeds verbonden met de oceaan en de wereld die daarbij hoort. Dat het onderzoek om met die wereld beter samen te kunnen bestaan onmogelijk wordt gemaakt door een geografisch construct dat EU heet is dan ook uiterst destructief. Dat Frankrijk de uitvinder van de voorlopers van de stoommachine uit eigen land wegjoeg is tot daar aan toe. Dat ze nu ook nog industriële ontwikkeling in andere landen gaan tegenhouden is helemaal verrückt. De Nederlandse regering zou er goed aan doen dit verbod te negeren.

Posted on

Grenzeloze experimenten

Bruno Latour

De Franse filosoof Bruno Latour spreekt in de Volkskrant. Aanleiding is zijn nieuwste boek, waarin hij klimaat, globalisering en migratie met elkaar verbindt. Volgens de filosoof is de klimaatkwestie dé geopolitieke kwestie van deze tijd. ‘Godin aarde slaat terug’ staat er boven het interview, waarmee Latour wil zeggen dat het klimaat de grenzen van wetenschap en oneindige groei aangeeft.

Hij begrijpt de reactie – die hij rechts noemt – op de lege belofte van eeuwigdurende vooruitgang. “Veel mensen willen daarom naar de oude natiestaat, omdat ze weten dat de droom van ‘outer space’ , van oneindige toegang tot natuurlijke hulpbronnen voorbij is… De horizon van moderniteit en economische groei is verdwenen. ” Links heeft hierop geen antwoord, want ze verkondigde zelf dat mantra decennialang. Latour wil hen een alternatief aandragen, omdat hij vindt dat links het beste antwoord heeft op mondiale ontwikkelingen zoals klimaatverandering, globalisering en migratie.

Maar ook bij de ideeën van Latour is de vraag ‘wat is links’ en ‘wat is rechts’? Want links is tegenwoordig gevangen in de bizarre cultus van identiteitspolitiek. Daarin strijden diverse groepen een wedstrijd wie het meest slachtoffer is. Hoor je daar niet bij – ben je niet slachtoffer genoeg, of erger, ben je onderdrukker – dan mag je niet meedoen. Dat bepaalt hun denken en handelen: een versplintering van politiek en samenleving. Waar Latour rechts van beschuldigt – zoeken naar identiteit in de oude natiestaat – doet links in overtreffende trap. Niet de trots op eigen cultuur, maar de prijs voor ‘het grootste slachtoffer’ is hun ideaal. Daar zal het “Europa als patrie”, waar Latour zijn hoop op vestigt, geen antwoord op zijn.

Kortom, ook Latour blijft een gevangene van het Franse denken dat zo typerend is voor ‘La Rive Gauche’. Het doet denken aan die sleetse jaren zeventig-opvatting, dat “de kraan linksom open gaat en rechtsom gesloten” wordt. Want ook Latour droomt van openheid en daarmee van grenzeloze experimenten, waarin voor de individuele mens geen plaats is. En naoorlogs links heeft deze experimenten – van Culturele Revolutie tot Seksuele Revolutie tot Humanitaire Revolutie – altijd gepropageerd. De gevolgen ervan ondervinden mensen waar ook ter wereld tot op de dag van vandaag. Dat is dé geopolitieke kwestie van deze tijd.

Posted on

De curieuze onafhankelijkheid van Catalonië en de EU

Mocht u het nog niet weten: de minister-president van Catalonië is in Brussel. Na een omstreden referendum besloot Carles Puidgemont het vliegtuig naar Brussel te pakken om bij de Europese Unie de Catalaanse zaak te bepleiten. Tot nu toe kreeg hij daar nul op het rekest en het is nog maar de vraag wat hij denkt (dacht) te bereiken. Binnen de Europese Unie is het vooral de Belgische federale regering geweest die de meest uitgesproken standpunten innam over de Catalaanse kwestie. Standpunten die dan ook niet verder gingen dan het veroordelen van het geweld van de Guardia Civil en oproepen tot dialoog. Niet dat dat hoeft te verbazen, buitenlandse conflicten importeren in regeringszaken is nooit een teken geweest van staatsmanschap.

Catalaanse grieven

Over de Catalaanse separatisten vallen enkele opmerkelijke dingen te zeggen. Het is echter nodig om te benadrukken dat de escalatie van dit conflict voor een aanzienlijk deel bij Madrid ligt. In een cynische visie, die het gevolg is van de democratische logica naar de letter te volgen, besloot de Partido Popular (PP) dat zij door een conflict met Catalonië meer stemmen kon winnen in de rest van Spanje dan dat ze zou verliezen in Catalonië. In 2006 krijgt Catalonië een nieuw statuut van autonomie, dat zwakker is dan wat gewenst was in 2005 en beloofd in 2003. De PP trekt naar het Grondwettelijk Hof die in 2010 het statuut op belangrijke delen schrapt. Het betekent een belangrijke breuk in de verhouding tussen Barcelona en Madrid. In 2012 geeft de Spaanse overheid aan de regionale overheden een kredietlijn (FLA) aan lagere interest dan op de markt beschikbaar is. Uiteindelijk zal Catalonië 40% van alle FLA-fondsen voor regionale overheden via het FLA-mechanisme krijgen en wordt Madrid de grootste schuldeiser (60%) voor de Catalaanse openbare schuld.

Catalonië voelt zich terecht benadeeld door het schrappen van het statuut. Madrid voelt zich gesterkt doordat zij, niet onterecht, meent via het FLA-mechanisme Catalonië financieel en economisch  overeind gehouden te hebben. Zoals hierboven reeds gezegd, redeneerde Rajoy van de PP ook naar de letter democratisch. Aangezien de PP in Catalonië slechts op een klein aantal van de stemmen kan rekenen, is het interessanter voor de PP om het conflict op te drijven. Op deze manier kan zij op stemmen rekenen van armere regio’s, die economisch en financieel afhankelijk zijn van Madrid en dus van Spaanse eenheid. Wat de PP verliest in Catalonië wint zij elders in meervoud. De spanning werd verder opgebouwd tot het referendum waar de Guardia Civil, blijkbaar zonder strategische doelen, de wapenknuppels liet spreken. Vervolgens koos Catalonië voor een onafhankelijkheidsverklaring in twee delen en op een zeer halfhartige wijze. Zelfs Madrid, dat op vinkenslag lag om de Catalaanse separatisten te vervolgen bij de minste gelegenheid, moest informeren wat er nu eigenlijk gebeurd was. Uiteindelijk begon Madrid over te gaan tot de juridische vervolging van de Catalaanse leiders van de separatisten. Tot de verbazing van vele eurofielen, en de verwachting van de eurosceptici zweeg de EU oorspronkelijk, om daarna de kant te kiezen van Spanje. Internationale veroordelingen bleven uit, belangrijke internationale erkenning van een Catalaanse republiek bleef ook uit.

Bedenkingen

Desondanks stellen de aanhangers van de Catalaanse separatisten momenteel dat de houding van de EU ten voordele van Spanje nadelig zou zijn voor de EU. Het tegendeel is waar. De EU moet men zien als hebbende een structuur die gelijkenissen toont met het Perzische Rijk van weleer. Elke lidstaat van de EU is een eigen satrapie waar de nationale elites hun macht behouden en gelegitimeerd zien door Europese regeringsinstellingen. Vanuit deze instellingen, die fungeren als een postmodern keizerlijk hof, kijken de machtigste intriganten neer op de deelstaten waarbij zij slaan en zalven naargelang het centrum van het rijk daar baat bij heeft. Polen en Hongarije gaan de verdere centralisering van het geheel tegen en dienen dus bestraft te worden. Spanje daarentegen is een loyale vazal die de richtlijnen van de EU volgt en mee een motor vormt voor verdere Europese integratie. Daarom mag zij genadeloos hard optreden tegen interne dissidentie indien zij dat wenst. Dat is niet eigen aan Spanje, eenzelfde houding ziet men tegenover Frankrijk, Nederland en Ierland. Daar stemde de bevolking via referenda tegen Europese besluitvorming, maar werd dit uiteindelijk genegeerd of werd er gestemd tot de juiste resultaten er waren. Zolang de satrapen braaf via de keizerlijke weg naar het Brusselse hof reizen om hulde te brengen aan het centrale machtscentrum blijven de problemen binnen hun grenzen interne problemen. Zodra zij een afwijkende route nemen en zich verwijderen van het machtscentrum en van het beleid daardoor uitgestippeld, worden problemen binnen hun grenzen existentiële breekpunten voor de EU.

Momenteel heeft de EU er alle baat bij om Spanje te steunen. Daartegenover zal staan dat Spanje niet te moeilijk doet tegenover verdere machtscentralisatie naar Brussel en braaf mee zal stemmen tegen de Visegrad-landen (wiens informeel forum overigens al wankel is). Wordt de EU echter geconfronteerd met een existentieel probleem door Catalonië? Absoluut niet, integendeel.

Het Catalaanse bochtenwerk

Aan de Vlaamse krant “Het Nieuwsblad” gaf Carles Puidgemont op 8 november 2017 een interview over hoe dat onafhankelijke Catalonië vorm moet krijgen. Daar gaf hij een uiteenzetting over het feit dat de Catalaanse onafhankelijkheid allesbehalve onafhankelijkheid inhoudt, integendeel. Militair gezien wil Catalonië geen investeringen doen in soldaten of wapens, een leger zal er namelijk niet komen. Landsgrenzen moeten er ook niet komen en een Catalaans paspoort is optioneel. De concurrentie met Spanje wordt niet aangegaan, maar in de zin daarop gaan de bedrijven wel de concurrentie aan met de rest van de wereld. Wat duidelijk impliceert dat Catalonië binnen Spanje blijft.  Het meest concreet is Puidgemont in de volgende zin: “Vergis u ook niet, het einddoel is geen nieuwe staat met landsgrenzen en een eigen leger, die naast Spanje zal ontstaan.” Op 13 november 2017 verscheen in het Franstalige Le Soir een interview met Puidgemont waarin hij zei bereid te zijn om een oplossing te zoeken zonder de Catalaanse onafhankelijkheid . Hij zegt daarbij dat hij dertig jaar heeft gewerkt om Catalonië te verankeren in Spanje. Een kaakslag voor hen die de wapenstok van de Guardia Civil hebben getrotseerd om hun stem uit te brengen.

Waarom immers een referendum houden over onafhankelijkheid indien dat niet het doel was? Het voorstel van Puidgemont komt er immers op neer dat militair gezien Catalonië volledig kiest voor een Europees leger (NAVO-leden zijn immers verplicht zelf te investeren in een nationaal leger). Daarnaast kiest men voor de integratie van Catalonië als een soort provincie van de Europese Unie. Catalonië zou er ook niet voor kiezen de economische concurrentie aan te gaan met Spanje. Deze factoren samen zorgen ervoor dat de Catalaanse onafhankelijkheid minder zou inhouden dan een Amerikaanse deelstaat.

Op cultureel vlak is het beleid van de Catalaanse separatisten ook al enkele jaren typerend voor de postmoderne anti-identitaire nietszeggendheid. Arabisch wordt op de scholen aangeleerd naast het Spaans. De contacten met de moslimgemeenschap zijn dan ook goed, op voorwaarde dat men de islamisten van de Moslimbroeders als de ganse moslimgemeenschap beschouwt. In ruil voor het ondersteunen van de onafhankelijkheidsgedachte ondersteunt Catalonië actief radicaalislamitische prekers en verenigingen. Zo zijn er al langer plannen om de grote arena van Barcelona om te vormen in de grootste moskee van Europa. De enige reden dat dit niet is doorgegaan, is omdat de financiële kant (gesteund door wahhabitisch Saoedie-Arabië) niet rond geraakte. In Barcelona ziet men ook de typische uitingen van een progressieve hogere middenklasse wiens prioriteiten verwaterd zijn geraakt tot een misplaatst wereldredderssyndroom. “Refugees welcome, tourists go home” is een typische uiting hiervan, waarbij zelfs een toeristische bus werd aangevallen. Het verbaast dan ook niet dat de politieke initiatieven vanuit deze middens enkel nationale structuren willen afbreken en er geen eigen wensen op te zetten. Waar de Catalaanse anarchisten en communisten nog voor soevereiniteit pleitten, zijn hun erfgenamen enkel voor een statuut dat inhoudt dat ze niet direct onder Madrid vallen. Voor hen is het afstaan van soevereiniteit aan Brussel, het zichzelf aanbieden als trouwe vazallen, het hoogste doel geworden in een beweging die zijn eigen autonomistische wortels ontkent.

Indien de EU een Catalaanse republiek zou erkennen en mee helpen opzetten, dan zou dit de facto betekenen dat Brussel naast zijn Spaanse satrapie een gebied krijgt dat praktisch direct vanuit Brussel geregeerd zou worden. Geen grenzen, geen leger en geen paspoort houdt in dat het enige dat Catalonië onderscheidt van Spanje een directe verhouding tot de EU zou zijn. De Catalaanse regering zou niet meer zijn dan een provinciaal bestuur waarbij de eigenlijke beslissingen in Brussel, en dus gedeeltelijk ook in Madrid, zouden gemaakt worden.

Voor de Europese Unie is het dan ook geen existentiële crisis. Zij spreken zich in dit geval uit tegen het separatisme van de Catalanen omdat de wijziging voor hen geen voordeel levert tegenover de status quo, die Spanje nauwer aan de EU hecht. Supranationale organisaties als de EU, en de NAVO, bekijken de wereld slechts gedeeltelijk ideologisch, maar vooral geopolitiek en machtscentraliserend. Kosovo moest en zou onafhankelijk worden omdat het de Russische invloedssfeer, via Servië, op de Balkan en Oost-Europa zou tegengaan. Getuige daarvan is het immense Camp Bondsteel in het zuidoosten van Kosovo, nochtans geen NAVO-lid. Decennia daarvoor mocht NAVO-lid Turkije Cyprus binnenvallen om een Turks separatisme in het noorden te ondersteunen. Geen van beide gingen in tegen de geopolitieke belangen van de NAVO als geheel en versterkten de organisatie in haar brede geopolitieke doelstellingen. Qua machtscentalisering zit de EU nu nog steeds op de route naar een federaal Europa. Indien morgen Spanje zich kritisch begint op te stellen tegenover de EU zullen de Catalaanse leiders opeens wel open deuren ontmoeten in de wandelgangen van de Europese instellingen. Zo mocht Sturgeon van de Scottish National Party opeens ook op audiëntie bij Verhofstadt en co toen het Verenigd Koninkrijk voor Brexit koos. Met het ontvangen van de SNP, en dat is dan weer geopolitiek, liet de EU nogmaals blijken dat zij er niet vies van is om de periferie van de EU te destabiliseren en een invloedszone daarin te vestigen. Of dat nu is door middel van het ondersteunen van het Schotse separatisme of door het steunen van gewapende milities van neonazi’s in Oekraïne.

De EU steunt cultureel gezien dan wel een postmodern en ronduit nihilistisch beleid, maar Catalonië is in zijn plannen voor “onafhankelijkheid” té postmodern om te voldoen aan de geopolitieke belangen van de EU en de militaire alliantie NAVO waar de EU een belangrijke positie inneemt. Voor de tegenstanders van de machtscentralisatie van de EU en/of de geopolitieke doelen van de NAVO presenteren de Catalaanse separatisten geen interessant alternatief dat als blauwdruk kan dienen voor de bredere beweging tegen voornoemde Europese en Atlantische belangen. Wat we hier wel uit kunnen leren, is dat wanneer het erop aankomt de Europese lidstaten bruut geweld zullen en mogen inzetten tegen hun inwoners. Zolang dat geweld ertoe dient de eenheid van de EU te behouden, zal dat ook op goedkeuring van die EU kunnen rekenen. Tenslotte draait de EU om macht, alle romantische sprookjes ten spijt.