Posted on

Beieren: Uitsluiting AfD helpt Groenen aan de macht

Zondag vinden in Beieren de verkiezingen voor de Landdag plaats. Recente peilingen duiden massieve verliezen aan voor de tot nu toe alleen regerende CSU. Het lijkt onwaarschijnlijk dat de christelijk-socialen alleen verder kunnen regeren, maar met wie kunnen ze een coalitie vormen?

De peilingen variëren een beetje, maar of de CSU zondag nu 33 of 35 procent van de stemmen krijgt, het lijkt zeker dat ze geen meerderheid meer zal hebben. De Groenen, die tussen de 16 en de 19 procent schommelen in de peilingen, lijken de SPD voorbij te streven en de tweede partij te worden. Verder is er mogelijk lichte winst voor de Freie Wähler en komt de AfD voor het eerst de Beierse landdag binnen. De peilingen wijzen voor 10 à 14 procent voor de nationaal-conservatieven, waar wellicht nog een kleine gordijnbonus bij komt. De peilingen voorspellen verder dat de liberale FDP met zo’n vijf procent net over de kiesdrempel komt en de socialistische partij Die Linke met zo’n vier procent net niet.

Aangezien de CSU het vormen van een coalitie met de AfD heeft uitgesloten, zijn de opties van de christelijk-socialen beperkt. Qua politieke afstand ligt een coalitie met de Freie Wähler het meest voor de hand, maar CSU en FW lijken samen geen meerderheid te hebben, zodat de FDP er nog bijgehaald zou moeten worden. Als de FDP de kiesdrempel net niet haalt, zou een coalitie van CSU en SPD wellicht ook nog mogelijk zijn. Maar wat gezien de projecties steeds waarschijnlijker wordt is dat de CSU met de Groenen zal moeten gaan regeren, al is het dan met tegenzin.

Rechts van de CSU

De maxime van de beruchte CSU-leider Franz Josef Strauß, dat er rechts van de CSU geen democratisch gelegitimeerde partij kan bestaan, lijkt in ieder geval niet meer te gelden. In de verkiezingen voor de Bondsdag behaalde de AfD met 12,6 procent van de stemmen in Beieren reeds het beste resultaat van alle West-Duitse  deelstaten.

Sindsdien geldt als zeker dat de nationaal-conservatieven de Beierse landdag in zullen komen. De AfD had aanvankelijk de hoop uitgesproken de op een na grootste partij te worden in de Beierse landdagverkiezingen. Maar dat lijkt er niet in te zitten. Dat komt mede door de sterke concurrentie van de Freie Wähler onder de populaire leider Hubert Aiwanger. Dit biedt een aantrekkelijk alternatief voor teleurgestelde CSU-kiezers. Bij de AfD zet men de Freie Wähler dan ook weg als ‘wormvormig aanhangsel van de CSU’. Daarbij profiteren de Groenen van de leegloop van de SPD en trekken ze ook kiezers van de linkervleugel van de CSU aan, nu die laatste zich onder druk van Freie Wähler en AfD wat rechtser profileert.

Positie Seehofer en Söder wankelt

Voor de tot nog toe zonder coalitiepartners regerende CSU staat intussen veel op het spel. Na het debacle in de Bondsdagverkiezingen ontkwam de toenmalige Beierse regeringsleider naar Berlijn om federaal minister van Binnenlandse Zaken te worden en niet alleen bondskanselier Angela Merkel, maar ook zijn partijconculega en opvolger als deelstaatpremier, Markus Söder het leven zuur te maken.

De door de peilingen voorspelde terugval van de CSU tot ver onder de veertig procent kan de carrière van de beide politici ernstig schaden. Zowel Seehofers positie als partijleider, als Söders positie als premier van Beieren wankelen. Buiten kijf staat dat de inmiddels 70-jarige Seehofer dit beter kan hebben dan de pas 51-jarige Söder.

De regeringsdistricten van Beieren, met rood gekleurd ‘Altbayern’, waar ook het Beierse dialect gesproken wordt.

In 2013 kreeg de CSU nog 47,7 procent van de stemmen, wat genoeg was voor de absolute meerderheid van de zetels in de Landdag. Met tussen de 33 en 36 procent van de stemmen in recente peilingen is de regionale christendemocratische partij inmiddels mijlenver daarvan verwijderd.

Ook typisch Beierse aspecten spelen overigens een rol. Zo kan Söder, die afkomstig is uit Franken, zich sowieso niet in de populariteit verheugen die ‘echte Beiers’ als Alfons Göppel, Franz Josef Strauß, Edmund Stoiber en ooit ook Seehofer genoten.

Barbara Stamm, voorzitter van de Beierse landdag zou zich volgens een bericht van het weekblad Der Spiegel, zeer geërgerd hebben aan het feit dat Seehofer als partijleider een recente vergadering van het partijbestuur in München eerder verliet, omdat hij nog een afspraak in Berlijn had.

Leegloop SPD, opkomst Groenen

Ook de in Beieren vanouds toch al zwakke SPD heeft zo haar problemen. Zelfs met de populaire Oberbürgermeister van München, Christian Ude als lijsttrekker, haalden de sociaaldemocraten vijf jaar geleden niet meer dan 20,6 procent van de stemmen. Nu mag fractievoorzitter Natascha Kohnen hopen dat ze tenminste nog in de dubbele cijfers blijven.

Dat de Groenen de op een na grootste partij worden, lijkt mede door de leegloop van de SPD een uitgemaakte zaak. Ludwig Hartmann en Katharina Schulze vormen een nog fris en dynamisch leidersduo. Daarbij proberen de twee zich niet te radicaal te profileren. Zo verschenen ze tijdens het Oktoberfest in traditionele klederdracht en treden ze in het algemeen tamelijk burgerlijk voor het voetlicht om de behoudende Beierse kiezers niet onnodig af te schrikken.

Schulze houdt intussen alle coalitie-opties open: “Als men een verantwoordelijkheid krijgt toebedeeld van de kiezer, mag men die niet eenvoudig afwijzen”, zegt ze over een eventuele coalitie met de CSU.

Posted on

Zondag verdwijnt de laatste Duitse volkspartij

Het einde van de CSU als Beierse volkspartij lijkt onafwendbaar.  Zoals het er nu uitziet, maakt komende zondag de laatste grote volkspartij van de Bondsrepubliek Duitsland zijn afgang. Alle opiniepeilers voorspellen resultaten voor de CSU die duidelijk onder de veertig procent liggen. Hoe kon het zover komen?

Met deze instorting voor ogen, begint al voor de verkiezingen hebben plaats gevonden het zwarte pietenspel. Wien schuld is het dat de CSU zo sterk afkalft? De Beierse minister-president Markus Söder, CSU-leider Horst Seehofer of bondskanselier Angela Merkel van zusterpartij CDU?

Onbetwistbaar heeft het asiel- en immigratiebeleid van de CDU-leider eraan bijgedragen dat de AfD op ooghoogte met de Groenen en de SPD is gekomen en nu ook in de zuidelijke deelstaat de kop opsteekt. De opkomst van de nationaal-conservatieven wordt daarbij nog afgeremd door het typisch Beierse verschijnsel van de Freie Wähler, die sinds 2008 in de landdag vertegenwoordigd zijn.

Merkel profiteert

Bizar is dat Merkel in de schermutselingen binnen de Unie van CDU en CSU zelfs nog profiteert van de schade die ze de CSU berokkend heeft. Een nederlaag voor de CSU versterkt immers de relatieve positie van de CDU-leider in de strijd met de Beierse zusterpartij. Daarmee komt echter ook een typische trek van Merkels systeem om de macht te houden aan de dag: Ze ontleent kracht aan de verzwakking van haar bondgenoten, in plaats van daarvoor verantwoording af te moeten leggen tegenover de partijbasis. Zo kon Merkel alle pogingen van de CSU, met name van Seehofer, om de belangrijke conservatieve kiezers aan zich te binden, verijdelen, zonder daarvoor zelf een politieke prijs te hoeven betalen. Ze heeft de CSU, zonder ook maar een effectieve toegeving in de asielkwestie, laten verkommeren.

De fout van de CSU lag erin zich tot verbaal protest te beperken, in plaats van ook eens een dreigement waar te maken en daardoor meer profiel te krijgen. Als ze eens een daad gesteld hadden, waren ze de bondskanselier pas echt een angel in het vlees geworden.

Regionale partij

Als er geen wonder gebeurt, behoort de CSU als enige Duitse regionale partij van nationale betekenis vanaf zondag tot de geschiedenis. En ook de optie van een federale uitbreiding van de Beierse partij als uitweg is verkwanseld. In 2015 werd er nog openlijk gediscussieerd over een dergelijke uitbreiding, om Merkel openlijk uit te dagen. Of deze gedachte-experimenten nu serieus gemeend waren of niet, drie jaar later zijn ze in ieder geval niet meer serieus te nemen. In de tussentijd heeft de Seehofer-Söder-partij immers al haar ooit stabiele vertrouwenskrediet bij conservatieve kiezers verspeeld, die drie jaar geleden zo’n uitbreiding misschien nog gesteund zouden hebben.

In plaats van een federale uitbreiding om steun te vinden bij kiezers in andere deelstaten, zullen de Christelijk-Socialen nu meemaken dat veel Beiers hen de rug toekeren, terwijl ze tot nog toe als vanzelfsprekend op de CSU stemden.

Posted on

Helmut Kohl wachtte steeds vasthoudend zijn moment af

Oud-bondskanselier Helmut Kohl is vrijdag op 87-jarige leeftijd overleden. Kohl wordt gezien als een van de meest invloedrijke en meest onderschatte politici uit de geschiedenis van de Bondsrepubliek Duitsland.

De Rooms-Katholieke Kohl werd in 1930 in Ludwigshafen, op de tegenoverliggende Rijnoever van Mannheim, geboren. Hij studeerde rechten, politicologie en geschiedenis en werd actief binnen de Christelijk Democratische Unie (CDU) in zijn deelstaat Rijnland-Palts, waar hij van 1963 tot ’69 fractievoorzitter in de Landdag was en vervolgens zeven jaar deelstaatpremier. Vanuit deze machtsbasis werd hij verkozen om in 1973 Rainer Barzel op te volgen als federaal partijvoorzitter.

Aanhouder wint

Hij werd door de CDU ook genomineerd als kandidaat-bondskanselier. De Beierse Christelijk Sociale Unie (CSU) gaf schoorvoetend toe. Met de nederlaag in de federale parlementsverkiezingen van 1976 leek Kohl voor buitenstaanders over zijn hoogtepunt heen. Hij was echter zo vasthoudend, dat hij in 1980 opnieuw door de CDU genomineerd werd als kandidaat-bondskanselier. Ditmaal werd hij echter gepasseerd, men besloot voor een meer charismatische, maar ook meer controverse oproepende, kandidaat te kiezen, in de persoon van de CSU-politicus Franz-Josef Strauß.

Dit zou echter een slechter resultaat opleveren dan in ’76. Maar Kohl was zo slim om de touwtjes in handen te houden als fractievoorzitter van de CDU/CSU in de Bondsdag. Toen de liberale FDP in de verleiding kwam om van coalitiepartner te wisselen, werd Kohl in ’82 alsnog bondskanselier. Begin ’83 won hij vervolgens een overtuigende verkiezingsoverwinning en in ’87 won hij opnieuw, met een iets kleinere meerderheid.

Geen expert in buitenlandse zaken

De hereniging van de beide Duitslanden en de Europese integratie zijn zaken waar men tegenwoordig als eerste aan denkt bij Kohl, maar hij was allerminst een expert in buitenlandse zaken. Kohl leunde in dezen aanvankelijk sterk op zijn minister van Buitenlandse Zaken, tevens vice-kanselier voor de FDP, Hans-Dietrich Genscher. Genscher zette onder Kohl zijn beleid van verzoening met het Sovjet-blok inclusief de DDR en het beleid van Europese integratie voort.

Helmut Kohl tijdens een ontmoeting van de Europese Raad in België, 1987, vergezeld door minister van Buitenlandse Zaken Hans-Dietrich Genscher (foto: Bundesarchiv)

Kohl werd lang als saai en boers gezien, bij diverse gelegenheden kwetste hij door onhandigheid buitenlandse gevoeligheden. Anders dan zijn voorganger Helmut Schmidt, sprak hij geen Engels. Hij ging steevast in Oostenrijk op vakantie en leek zijn provinciaalse imago haast bewust te cultiveren. Voor 1990 deed Kohl het maar matig in de populariteitspeilingen, hij lag fors achter op Genscher en op zijn rivalen voor het bondskanselierschap in de SPD.

In ’89-’90 kwam echter zijn politieke instinct weer aan de dag, toen hij het nationale sentiment naar de CDU wist toe te trekken. Zo werd hij in 1990 bondskanselier van een herenigd Duitsland. Na de Wiedervereinigung maakte Kohl zich internationaal vooral hard voor de Europese integratie, hij wilde daarbij naar eigen zeggen geen Duits Europa, maar een Europees Duitsland bewerkstelligen.

Kohls meisje

De politieke erfenis van Kohl is divers. De ‘geistig-moralische Wende’ waarvan hij in de jaren ’80 sprak, kreeg nooit gestalte. Er is de hereniging van Duitsland, die natuurlijk niet alleen zijn werk was, en de ‘bloeiende landschappen’ in de voormalige DDR die uitbleven. En er is de instemming met verdere Europese integratie, de weg naar de Euro en de vestiging van de Europese Centrale Bank in Frankfurt. Maar de nu nog meest bepalende erfenis is misschien wel Angela Merkel als dominante politieke persoonlijkheid in Europa. Net als Kohl werd Merkel, ‘Kohls meisje’, aanvankelijk schromelijk onderschat. Haar politieke instinct was nog sterker dan dat van haar politieke peetvader. Ze was ook meer rücksichtslos in het opzij schuiven van rivalen, zoals ook Kohl zelf heeft mogen ondervinden.

Later zou Kohl – overigens net als oud-bondskanseliers Helmut Schmidt en Gerhard Schröder – Merkel scherp bekritiseren over haar standpunt in de Eurocrisis, haar opstelling tegenover Rusland in de Oekraïnecrisis, en haar benadering van de immigratiecrisis. Hij bracht deze kritiek onder andere onder woorden in zijn boek Aus Sorge um Europa, naar aanleiding waarvan hij in de pers geciteerd werd met de woorden: “Die macht mir mein Europa kaputt.”

Posted on

Adenauer, onvermijdelijk leider van de Bondsrepubliek

Wat een politiek leven! Het strekt zich uit van het keizerrijk, de republiek van Weimar, het nationaal-socialistisch bewind tot en met de Bondsrepubliek Duitsland. Steeds was Konrad Adenauer er bij. Op 19 april is het vijftig jaar geleden dat de eerste bondskanselier van Duitsland overleed.

Adenauer werd op 5 januari 1876 in Keulen geboren en zijn hele leven bleef zijn Rijnlandse herkomst zo duidelijk hoorbaar als zijn katholieke signatuur herkenbaar. Na zijn staatsexamen in de Rechten werkte hij als advocaat in Keulen. Als lid van de katholieke Zentrumspartei werd hij Beigeordneter (wethouder/schepen), vanaf 1909 Erster Beigeordneter (loco-burgemeester). Zo nam hij bij gelegenheid de honneurs waar voor de Oberbürgermeister, een oom van zijn echtgenote.

Burgemeester van Keulen

Tijdens de Eerste Wereldoorlog legde Adenauer op het Voedingsdepartement opmerkenswaardige creativiteit aan de dag. Een door hem gebakken brood van rijst en maismeel liet hij als “Keuls brood” patenteren. Omdat zijn surrogaatstoffen weinig smakelijk waren, noemden de Keulenaren hem “Graupenauer”. Niettemin werd hij in 1917 door de gemeenteraad tot Oberbürgermeister gekozen. Een decreet van de koning van Pruisen maakte hem tot de jongste Oberbürgermeister van zijn tijd.

Adenauer als burgemeester van Keulen, in gesprek met rijksminister van Oorlog Wilhelm Groener, bij de tewaterlating op 1 mei 1928 van de kruiser ‘Köln’ in Wilhelmshaven (foto: Bundesarchiv)

Hij bekleedde dit ambt tot 1933 en na 1945 zou hij het nog enige tijd bekleden. Beduidend korter was zijn lidmaatschap van het Pruisische Herenhuis, waarvan hij uit hoofde van zijn ambt als Oberbürgermeister van Keulen zitting had. Het revolutiekabinet van SPD en USPD hief de Eerste Kamer van de Pruisische landdag in 1919 op. Dat schaadde de politieke loopbaan van Adenauer echter niet. Van 1920 tot 1930 was hij voorzitter van de Pruisische Staatsraad. Herhaaldelijk werd hij genoemd als kandidaat voor het ambt van rijkskanselier, ofschoon hij zich hard maakte voor een scheiding van Pruisen en een autonoom Rijnland.

Koning van het Rijnland

Uiteindelijk bleef de “koning van het Rijnland” echter steeds burgervader van Keulen, van dat ambt was hij zeker. Minder bedachtzaam was hij toen hij zich in 1928 vergaloppeerde met speculatie in aandelen glanszijde. Toen zijn schulden in de openbaarheid dreigden te komen, leende hij een aandelenpakket en deponeerde het bij de Duitse Bank. Die stelde aansluitend dat Adenauers conto vereffend was. De episode schijnt kenmerkend te zijn voor de sluwheid van Adenauer.

Van vergelijkbare kwaliteit waren zijn eerste ‘conflicten’ met de nationaal-socialisten. Die hadden in 1931 Hakenkruisvlaggen aan de brug over de Rijn gehangen. Adenauer liet ze verwijderen. De daaropvolgende woede van de nazi’s wimpelde hij af. De actie was met de districtsleiding van de NSDAP afgesproken; er stond tegenover dat Adenauer het hijsen van de vlaggen voor de beurshallen, waar Hitler werd verwacht, toestond.

In 1934 wees Adenauer de nationaal-socialistische minister van Binnenlandse Zaken er op, dat hij daarmee tegen een decreet van de Pruisische SPD-minister van Binnenlandse Zaken was ingegaan. Dat was nadat Adenauer in 1933 het ambt van Oberbürgermeister van Keulen verloren had en in de abdij van Maria Laach onderdak had gevonden. De tijd tot het einde van de nazi-heerschappij zat Adenauer uit als gepensioneerde, hij werd keer op keer lastig gevallen door de nazi’s, maar financieel zat hij er droogjes bij en in de juridische strijd om schadeloosstelling had hij door de bank genomen succes.

In mei 1945 was hij weer terug. De Amerikanen zetten hem opnieuw als Oberbürgermeister van Keulen in, maar Keulen werd deel van de Britse bezettingszone en de Britten gooiden hem er weer uit. Hij zou zich niet genoeg voor de bevoorrading van de bevolking ingezet hebben.

Onvermijdelijk leider van de Bondsrepubliek

Als ambteloos burger concentreerde Adenauer zich nu op de opbouw van een politieke partij. In 1946 nam hij de leiding van de CDU in de Britse bezettingszone. Doelbewust bouwde hij zijn positie uit. Carlo Schmid (SPD) noemde hem “de eerste man van de te scheppen staat, nog voordat die bestaat”. En dat werd hij inderdaad. De Bondsdag koos Konrad Adenauer op 15 september 1949 als eerste bondskanselier van de pas opgerichte Bondsrepubliek Duitsland – met een meerderheid van slechts één stem, die van Adenauer. Dat was het begin van een lang tijdperk. Nog driemaal, namelijk in 1953, 1957 en 1961 werd hij herkozen, schijnbaar alternativlos in zijn tijd.

Het zwaartepunt van zijn kanselierschap lag voor Adenauer bij de internationale betrekkingen.

Het waren jaren van beslissende keuzes. Reeds voor zijn verkiezing had Adenauer Bonn als provisorische hoofdstad doorgedrukt. Uit electorale overwegingen zette hij zich er voor in dat West-Berlijn geen volwaardige deelstaat werd. Hoezeer Adenauer al het andere ondergeschikt maakte aan de politiek, blijkt bijvoorbeeld uit een voorgenomen bomaanslag tegen de bondskanselier in 1952. Afzender van de bom was de joodse ondergrondse organisatie Irgun, opdrachtgever zou de latere Israëlische premier Menachem Begin zijn geweest. De wezenlijke feiten kende men in Bonn. Ze werden echter geheim gehouden om antisemitische reacties te voorkomen.

Hoe dan ook was het buitenlandbeleid voor Adenauer het zwaartepunt van zijn kanselierschap. Van 1951 tot 1955 was hij zelfs tegelijk bondskanselier en minister van Buitenlandse Zaken. Nauwe banden met het Westen, in het bijzonder met de Verenigde Staten, en een verenigd Europa waren zijn voornaamste doelen. Mijlpalen hierin waren de oprichting van de Bundeswehr, de toetreding tot de NAVO, de erkenning als enige legitieme regering van Duitsland, het Duits-Franse Vriendschapsverdrag (beter bekend als Élysée-verdrag) en de verzoening met Israël.

Voor het oordeel van de publieke opinie bleef zijn grootste prestatie echter de terugkeer  van de krijgsgevangen uit de interneringskampen van de Sovjet-Unie. Adenauers bereidheid om ook mensen die ten tijde van het nazi-bewind een ambt hadden vervuld in overheidsdienst te nemen, kwam hem daarentegen naderhand op heftige kritiek te staan. Tegelijkertijd voer hij een stramme koers tegen communisten, dwong hij een verbod van de KPD af en eiste hij per ‘Adenauer-decreet’ trouw aan de grondwet van overheidsdienaren.

In 1961 werd Konrad Adenauer nog eenmaal als bondskanselier verkozen (foto: Bundesarchiv).

Zijn laatste verkiezing tot bondskanselier kon hij in 1961 alleen met de belofte veiligstellen, dat hij voor het einde van de zittingsperiode van de Bondsdag plaats zou maken voor een opvolger. Het publieke debat over de Spiegel-affaire, waarin journalisten van weekblad Der Spiegel met rechtsvervolging wegens landverraad te maken kregen, bespoedigden Adenauers afscheid van de regering. In 1963 trad hij af, de 87-jarige bondskanselier stond toen inmiddels bekend als ‘Der Alte’.

Tot het einde van zijn leven bleef hij politiek actief en strijdlustig. Zes dagen voor zijn dood verbreidde zich een prematuur bericht over zijn overlijden. Dit leidde tot wereldwijde betuigingen van deelneming. Adenauer zal er nota van hebben genomen. De eerste bondskanselier van Duitsland stierf op 19 april 1967 op de leeftijd van 91 jaar in zijn huis in Rhöndorf.

Posted on

Waarom Kaczynski’s waanbeeld Europese kernmacht niet opgaat

De uitlatingen van de Amerikaanse president Donald Trump over de NAVO houden de gemoederen bezig en plotseling wordt zelfs weer gediscussieerd over de vraag of Duitsland een eigen kernwapenpotentieel zou moeten bezitten. Dat idee is echter volstrekt irreëel.

Jaroslaw Kaczynski bekleedt weliswaar geen staatsambt, maar de leider van regeringspartij ‘Recht en Gerechtigheid’ (PiS) geldt wel als de sterke man achter de schermen in Polen. Op wat hij zegt wordt ook in het buitenland acht geslagen.

Reeds lang mag hij graag voor vermeende Russische agressie waarschuwen en een sterkere aanwezigheid van de NAVO in zijn land eisen. Intussen is hem dat echter niet meer genoeg, hij droomt nu zelfs van een “supermacht Europa”.

In een interview met de Frankfurter Allgemeine Zeitung zette de politieke leider, die als eurosceptisch geldt en onder andere bekend werd door anti-Duitse retoriek, uiteen dat hij het zou verwelkomen, als Europa zich als zelfstandige kernmacht met Rusland zou kunnen meten.

Kaczynski moest daarbij wel toegeven dat Europa daarvoor tot “enorme uitgaven” bereid zou moeten zijn. En zoals altijd wanneer er in Europa geld op tafel moet komen, werd daarmee ook nu de blik op Duitsland gevestigd.

Zelfs in het Verenigd Koninkrijk, waar men de Bondsrepubliek ook na decennia partnerschap in het Noord-Atlantisch bondgenootschap nog altijd met een zekere argwaan bekijkt, kan men zich in het licht van de momentele onzekerheden van het Amerikaanse beleid een kernmacht Duitsland voorstellen.

De reactie van Duitse politici, militairen en wetenschappers op deze impuls is evenwel overwegend negatief. Dat heeft niet alleen politieke en praktische redenen. De jurist Wolfgang Ischinger, voormalig Duits ambassadeur in Washington, staatssecretaris op het ministerie van Buitenlandse Zaken, en sinds 2008 directeur van de Münchner Sicherheitskonferenz, zegt duidelijk waarom het debat over een uitrusting van het Duitse leger met kernwapens een schijndebat is: “Het grijpen naar kernwapens zou voor Duitsland een ernstige schending van het internationaal recht zijn.”

Internationaal recht

Duitsland heeft zich er immers in diverse verdragen vastgelegd op het afzien van kernwapens. De eerste stap in deze richting nam de Bondsrepubliek bij het toetreden tot de West-Europese Unie (WEU) in 1954, toen ze verklaarde het bezit noch het beschikkingsrecht over kernwapens na te streven. Korte tijd later, bij het afsluiten van de Verdragen van Parijs bekrachtigde de Bondsrepubliek dit nog eens.

Vervolgens ondertekenden op 1 juli 1968 de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie en het Verenigd Koninkrijk na zesenhalf jaar onderhandelen het Non-proliferatieverdrag. Dat verdrag legde vast welke landen kernmachten waren en welke niet en stond geen verandering van die situatie toe. Als 91e staat ondertekende op 28 november 1969 ook de Bondsrepubliek Duitsland dit verdrag. Daarin verplicht iedere ondertekenende niet-kernmacht zich ertoe, van niemand direct of indirect kernwapens of het beschikkingsrecht daarover aan te nemen en om ze ook zelf niet te vervaardigen of verwerven, en om geen ondersteuning te geven aan de vervaardiging van kernwapens. Het verdrag werd oorspronkelijk afgesloten voor een periode van 25 jaar, maar geldt sinds 1995 voor onbepaalde tijd. Vandaag de dag zijn 191 staten verdragspartij.

In het zogenaamde Twee-plus-Vier-verdrag bekrachtigden de regeringen van de Bondsrepubliek Duitsland en de Duitse Democratische Republiek in 1990 “hun afzien van de vervaardiging en het bezit van en van het beschikkingsrecht over atoom-, biologische en chemische wapens. Zij verklaren dat ook het verenigde Duitsland zich aan deze verplichtingen houden zal. In het bijzonder blijven de rechten en verplichtingen uit het Verdrag over de Non-proliferatie van Kernwapens [..] voor het verenigde Duitsland gelden.”

Een legaal Duits bezit van kernwapens is kortom niet mogelijk en een debat daarover overbodig. Toch is het niet voor het eerst dat er over gedacht wordt. Bondskanselier Konrad Adenauer droomde namelijk al van Duitsland als kernmacht.

Geheime overeenkomst

Hoewel Adenauer zeer geloofde in het Noord-Atlantische bondgenootschap, vertrouwde hij toch niet helemaal op de verzekering uit Washington dat iedere Russische agressie met een nucleaire tegenaanval beantwoord zou worden. In een kabinetszitting eind 1956 verklaarde hij dat het nodig was om tenminste over tactische kernwapens te beschikken.

Aangezien de Bondsrepubliek zich er in de Verdragen van Parijs internationaal-rechtelijk op had vastgelegd af te zien van kernwapens, moest hij in het geheim opereren. Hij vond daarbij steun in Parijs, waar men eveneens twijfelde aan de geloofwaardigheid van Washington.

Tijdens een ontmoeting in Adenauers privéwoning in november 1957 deed de Franse staatssecretaris van Buitenlandse Zaken Maurice Faure hem het aanbod om samen Frankrijk en Italië kernwapens te produceren. Nog geen week later ondertekenden de minister van Defensie van de Bondsrepubliek, Franz Josef Strauß, en zijn ambtsgenoten uit Frankrijk en Italië een geheim protocol over de samenwerking, waarbij de Duitse bijdrage als deelname aan een “Europees Instituut voor Raketten” verhuld werd.

In april 1958 ondertekenden de drie ministers van Buitenlandse Zaken het akkoord over het trilaterale bewapeningsprogramma. Er kwam echter niets van terecht. Want toen Charles de Gaulle enkele weken later premier werd, maakte hij meteen een eind aan de plannen. Hij wilde Frankrijk tot een zelfstandige grootmacht met eigen nucleaire slagkracht maken.

Nadat hun plannen om zich van het Amerikaanse kernwapenpotentieel onafhankelijk te maken mislukt waren, bleef Adenauer en Strauß niets anders over dan de ‘nuclear sharing‘, die tot op de dag van vandaag voortduurt. Dit gaf (West-)Duitsland de mogelijkheid aan de planning voor de inzet en aan de consultaties over de vrijgave van kernwapens mee te werken. Bovendien verwierf de Duitse krijgsmacht eigen systemen waarmee Amerikaanse kernwapens ingezet konden worden.

Lees ook:

Posted on

Historisch dieptepunt: CDU/CSU zakken onder 30% kiezersgunst

Bondskanselier Angela Merkels CDU en haar Beierse zusterpartij CSU boeten verder aan steun in. Volgens een actuele peiling zou minder dan 30% van de kiezers op de zogenaamde Unionsparteien stemmen.

De Union is volgens een peiling van INSA federaal door de symbolische grens van 30% van de kiezersgunst gezakt. Volgens de peiling zouden CDU en CSU samen slechts 29,5 procent van de stemmen krijgen als er komende zondag verkiezingen voor de Bondsdag gehouden zouden worden.

Dat is een afname van 0,5% ten opzichte van een week eerder, maar bovendien de laagste waarde die opiniepeiler INSA ooit gemeten heeft voor de Union. Andere peilers maten al in 2014 vergelijkbare waarden voor CDU en CSU.

Volgens de peiling zou de SPD op 22% van de stemmen komen, de socialistische partij Die Linke op 12% en de Groenen op 11%. De liberale FDP zou volgens de peiling met 6,5%, anders dan in de laatste Bondsdagverkiezingen, weer over de kiesdrempel komen. De nationaal-conservatieve AfD kan volgens de peiling op 15% van de stemmen rekenen en zou daarmee de op twee na grootste partij in de Bondsdag worden.

uitslagen-cdu-csu-in-bondsdagverkiezingenIn 2013 haalden CDU en CSU in de Bondsdagverkiezingen samen nog 41,5% van de stemmen.

Lees ook: