Posted on

Tegen rechts is alles geoorloofd

In hun zeer herkenbare en bemoedigende boek ‘Mit Linken leben’ wijzen Caroline Sommerfeld en Martin Lichtmesz op de debatdooddoener die links voortdurend inzet. “Nazi”, “fascist”, plus het gevreesde H-woord (Adolf). “Zonder het grote verhaal van Adolf Hitler en het nationaalsocialisme als de pseudo-Gouden Standaard van het absolute Kwaad stelt links niets voor,” schrijven Sommerfeld en Lichtmesz. “Zijn terugkeer moet absoluut voorkomen worden.” Het bewijs van hun constatering is dagelijks in de media (kranten, rtv, sociale media) te vinden. Zoals afgelopen zaterdag in Trouw. Marijn Kruk bespreekt ‘Fascisme, een waarschuwing’ van Madeleine Albright en ‘Het verraad van de intellectuelen’ van Julien Benda. Onder de kop “Fascisme is terug (maar dan anders)” trekt de recensent een aantal zeer wonderlijke conclusies.

Madeleine Albright was minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten in de jaren negentig van de vorige eeuw. Op de Balkan kunnen ze haar bloed wel drinken en de dood van duizenden dode kinderen ten gevolge van de oorlog in Irak in 2003 en daarna bagatelliseerde ze. Tegenwoordig doceert de 80-jarige internationale betrekkingen in Washington. Vanuit haar huidige en vorige functie meent ze te moeten waarschuwen voor het ‘fascisme’ dat in Europa, maar zelfs in de Verenigde Staten, aan een comeback bezig zou zijn. De vrouw die tijdens de verkiezingsstrijd in 2016 zei dat “er een speciale plek in de hel is ingericht voor vrouwen die niet op Hillary Clinton stemmen”, schrijft nu in haar boek: “Als we fascisme beschouwen als een wond uit het verleden die bijna was geheeld, is Trump in het Witte Huis zoiets als het verband losrukken en aan de korst krabben”. De typering die Albright geeft voor het herkennen van een fascistische leider luidt: “iemand die zich sterk identificeert met een hele natie of groep, zich niet bekommert om de rechten van anderen, en bereid is elk middel aan te wenden om het gewenste doel te bereiken, inclusief geweld”. Uiteraard doelt Albright hier op Orbán, Erdogan en Trump. Ironisch genoeg gaat haar definitie net zo zeer of beter op voor de beide Clintons. Die gebruikten geweld om hun doel te bereiken (critici van hun politiek, Irak, voormalig Joegoslavië, Libië), voerden een machtspolitiek op basis van identity politics en verachten die groepen die in hun ogen niet tot de gewenste minderheden behoren – de “deplorables” – en ontzegden rechten aan de ‘restjesmensen’ (Jan Antonissen) en bijvoorbeeld christelijke ondernemers. Maar het begrip ‘fascsime’ wordt voor progressieve en linkse politici, intellectuelen en activisten niet toegepast. Het is voorbehouden aan alles en iedereen die zich tegenwoordig nog rechts durft te noemen. Het mechanisme waar Sommerfeld en Lichtmesz op wijzen.

Vandaar dat Trouwrecensent Kruk de Nederlandse actualiteit erbij meent te moet betrekken en in één adem een verband legt tussen de mensen die de politiek van Orbán steunen en de ‘blokkeerfriezen’ die vorige week in Leeuwarden voor de rechter verschenen. Kruk noemt het niet letterlijk, maar de hele teneur van zijn artikel wijst erop: het zijn mensen die handelen in de geest van het fascisme. “Bedenkelijke groepsdenkers”, die “hun identiteit bóven de rechtsstaat” stellen. Dezelfde eenzijdige blik, het H-woord, de debatdooddoener, volgt hij in zijn bespreking van het boek van Julien Benda. Volgens Kruk verweet de Franse filosoof begin vorige eeuw dat de intellectuelen van die tijd tijdens de Dreyfusaffaire zich niet boven de politieke passies hadden gesteld, maar deze juist hadden aangewakkerd. Volgens Kruk doelt Benda op Maurice Barrès en Charles Maurras, “extreemrechtse schrijvers”, ergo, fascisten. Kruk noemt Benda “een uitstekende gids in deze verwarrende en verontrustende tijden. Zelfs als wij te maken hebben met blokkeerfriezen in plaats van de Dreyfusaffaire”.  Een gotspe! Voor het gemak vergeet Kruk maar even het echtpaar Webb (Sovjetunie), Sartre (China), Foucault (Iran) en Mulisch (Cuba). Intellectuelen die volledig opgingen in hun politieke passies en zo’n beetje ieder links-totalitair regime steunden. En gaat het niet om Dreyfus en blokkeerfriezen, maar om Stalin en antifa-terreur.

Want zij passen nu eenmaal niet in het betoog van Kruk, die alles ter rechterzijde weg zet met het gevreesde H-woord. “Ben je rechts, dan ben je een ‘nazi’; een ‘nazi’ is een onmens en daarmee ben je eigenlijk een ‘untermensch’, een duivel, die als een gevaarlijk virus van de rest van de samenleving geïsoleerd moet worden,” schrijven Sommerfeld en Lichtmesz. “Wie het label ‘nazi’ krijgt is vogelvrij. Als het om ‘tegen rechts’ gaat, is voor veel mensen alles geoorloofd.”

Posted on

De heilige Madeleine Albright

Het gesprek met de gewezen Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright is een gemiste kans om enkele rake vragen te stellen (Humo 21 augustus). Toen zij minister was liep het olie-embargo tegen Irak dat volgens studies 500.000 kinderen het leven heeft gekost. Toen men haar tijdens een gesprek vroeg of het wel de dood van die 500.000 kinderen waard was gaf ze zonder aarzelen een volmondig ja. Het staat op YouTube.

Verder is de ganse hetze tegen Trump en Poetin een typisch voorbeeld van Amerikaanse politiek en justitie. De VS bemoeit zich al meer dan 100 jaar met de interne politiek van andere landen en heeft daarvoor zelfs tientallen organisaties voor zoals de National Endownment for Democracy, een afsplitsing van de CIA. De vroegere veelal dronken Russische president Boris Jeltsin was zoals de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Moskou zei zijn ontdekking.

Madeleine Albright met haar politieke mentor de nu overleden Zbigniew Brzezinski, Nationaal Veiligheidsadviseur onder president Jimmy Carter en de man die in 1979 de salafistische terreurgroepen vormgaf. Washington op zijn allerbest.

Verder is het in Washington bij kenners algemeen bekend dat de vroegere Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton en president Barack Obama op grootschalige wijze zowel ISIS als al Qaida in Syrië bewapenden. Zie hiervoor het document met de analyse van de Amerikaanse Militaire Veiligheidsdienst (DIA) van augustus 2012 over Syrië en Irak.

En zie ook het rapport over de wapens van ISIS van het door de EU en Duitsland gefinancierde rapport van de Britse Conflict Armaments Research waaruit blijkt dat men zelfs nog begin 2017 in Bulgarije gemaakte wapens aan ISIS leverde. Maar daar maakt niemand bij de FBI, de media of de politici in Washington zich druk over.


Brief aan Humo betreffende het gesprek met Madeleine Albright. De dame is baas over het onderzoeksbureau Pew Research dat wereldwijd de gevoelens van de bevolking peilt rond de meest uiteenlopende thema’s zoals corruptie, religie, sociale ongelijkheid, droogte en milieu.

Materiaal dat men dan gebruikt om waar nodig de bevolking op te hitsen tegen de voor de VS onwillige regeringen. De dame is dan ook zowat de spin in het web. Ze maakt zich trouwens nooit zorgen over de honderden miljoenen dollars die vanuit het Arabisch schiereiland Washington binnenstromen. Washington is dan ook een ander woord voor corruptie.

Posted on

“Ik hou heel erg van Russen”

Bas van der Plas woont in de stad Narva in Estland, op 100 meter afstand van de Russische Federatie. “Ik heb de NAVO al gezegd dat ze hier geen troepen hoeven stationeren, want ik kijk goed uit mijn raam en als ik de Russische tanks zie aankomen dan bel ik wel even”, aldus de schrijver annex activist.

Hoewel zeer kritisch over de NAVO, het buitenlandbeleid van de VS en de ‘koude oorlogsjournalistiek’ van de Westerse media, kan Van der Plas onmogelijk verdacht worden van pro-Poetin-sympathieën. “Op 7 mei wordt Poetin president van een politiestaat”, twitterde hij in 2012 vanuit zijn toenmalige woonplaats Sint-Petersburg. “Tijd om te vertrekken. In de herfst ben ik hier weg.”

Het is een zienswijze die je in Nederland niet vaak aantreft. Althans niet in de mainstreammedia, waarin het anti-Poetin-geluid vrijwel altijd gelijk opgaat met een pro-NAVO, pro-liberale en pro-VS ideologie.

Bas van der Plas stelt in zijn laatste boek, gewijd aan de oppositie in Rusland, dat de VS protesten aansturen, via liberale partijen die nauwe betrekkingen onderhouden met het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. Tegelijk beweert hij dat de protesten, die ‘in aantal en kracht toenemen’, een getrouwe afspiegeling zijn van de maatschappelijk onvrede die zou heersen onder brede lagen van de bevolking, over onder meer de stijgende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse oneerlijk verlopen verkiezingen. Vandaar de titel van het boek, Hij maakt alleen de dood leefbaarder, die Van der Plas ontleende aan de tekst die hij op een spandoek zag van een oudere dame die in Sint-Petersburg demonstreerde tegen Poetin.

In de bijlage van zijn boek heeft Van der Plas een opmerkelijk document opgenomen, getiteld De Witte Revolutie, waarvan hij zegt dat het circuleert in liberale kringen. In het document wordt beschreven hoe de liberalen de macht willen grijpen in Rusland. Onder meer door te infiltreren in de redacties van kranten, radio en tv. Volgens het document zou de oppositie de ‘hoogwaardige media’ inmiddels al domineren.

Het is weer bijna Kerst. Ik las vorig jaar op uw Facebook-pagina dat er dan jaarlijks bij uw woonplaats Narva een opmerkelijk vredesinitiatief plaatsheeft?

De Russische Kerstman ontmoet dan op de brug boven de grensrivier de Narva de Estse Kerstman. Die brug wordt genoemd: de Brug van de Vriendschap. Het is om aan te tonen dat het wel meevalt met die zogenaamde vijandigheid tussen de twee landen.

Die Estse Kerstman is niet toevallig een etnische Rus?

Nee, een Est. Een groot deel van de Russen in Estland heeft na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie de Estse nationaliteit aangenomen.

De Esten hebben volgens u geen Russische inval te vrezen?

Hier in Narva krijgen we regelmatig Westerse journalisten op bezoek die duidelijk proberen te maken dat de etnische Russen in Estland een soort vijfde colonne van Poetin vormen. Dat slaat nergens op. Het is propaganda om te rechtvaardigen dat de NAVO troepen plaatst en oefeningen houdt in de Baltische staten.

In 2015 was er in Narva een militaire parade van de NAVO. Het wrange was: Die parade begon op 10 meter van de Russische grens. Dat was een duidelijke provocatie aan het adres van de Russen. Van militair machtsvertoon aan de Russische kant van de grens met Narva heb ik nooit iets gemerkt.

Boze brieven schrijven naar de krant heeft geen zin. Die worden toch niet geplaatst. Zoals mijn ingezonden brief aan Trouw over een tendentieus artikel in die krant over Narva. En lees ook vooral mijn open brief aan mijn vrienden en kennissen in Nederland, getiteld Laat je niet ongerust maken door de oorlogshitserij van de Nederlandse media! 

Maar aan een vergelijking tussen de Nederlandse en Russische media wilt u zich niet wagen?

Ik lees met enige regelmaat vier Russische kranten: Novaya Gazeta, Sovetskaya Rossiya, Rossiyskaya Gazeta en Nezavisimaya Gazeta. Ik kijk ook dagelijks op televisie naar de uitzendingen van Vesti, Vremya en Segodnya. Maar van de Nederlandse kranten lees ik alleen nog wat ik toegestuurd krijg van vrienden en kennissen in Nederland, en wat ik voorbij zie komen op Facebook. Via Uitzending Gemist kijk ik nog wel eens naar het NOS Journaal. Dat heeft mij regelmatig bloeduitstortingen aan mijn voeten opgeleverd omdat ik mijn tenen tegen elkaar moest knijpen als ik David Jan Godfroid weer over Rusland hoorde. De suggesties en de verdachtmakingen vliegen je om de oren. Zoals toen met MH17. Godfroid meldde vanuit het oosten van Oekraïne dat “de rebellen enkele dagen de tijd hadden gehad om bewijsmateriaal te laten verdwijnen.” Hij vervolgde: “Ik zeg niet dat ze dat gedaan hebben, maar het zou zomaar kunnen.” Dat is dan het niveau van ‘nieuwsgaring’ over de tragiek van bijna 300 mensen. Het is valse stemmingmakerij, en hij doet dat regelmatig. Hetzelfde gebeurde met zijn voorganger, Peter d’Hamecourt, die er dezelfde verborgen agenda op na hield. De enige tv-correspondent voor wie ik nog enige waardering kon opbrengen was Jeroen Akkermans van RTL4 vanwege zijn open manier van verslaggeving. 

Wat is dan de verborgen agenda van Godfroid en d’Hamecourt? En waarom denkt u dat ze die hebben?

Zij moeten een bepaald beeld in Nederland neerzetten over hoe de situatie in Rusland is, om bijvoorbeeld de sancties tegen Rusland te rechtvaardigen.

U denkt dat ze aangestuurd worden?

Dat zou kunnen. 

Hoe ziet u de website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink die hiervoor drie ton subsidie hebben gekregen van het Rijk?

Ik heb een paar boeken gelezen van Laura Starink en Hubert Smeets, en ze schrijven op zich best goed en ik ben het ook in sommige opzichten met ze eens. Maar dat ze zich verbonden hebben aan Raam op Rusland heeft mijn woede gewekt. Met die drie ton belastinggeld hebben ze hun onafhankelijkheid verkwanseld. Daarbij kan ik Laura Starink ook niet meer serieus nemen vanwege haar propagandistische boekje over Oekraïne. Dat verscheen in de aanloop naar het referendum van 2016 en was alleen maar bedoeld om mensen ervan te overtuigen dat ze moesten stemmen voor het associatieakkoord.

We gaan het over uw boek hebben. U stelt daarin dat de VS protesten aansturen via liberale partijen in Rusland. Waaruit blijkt dat? En wat willen ze er mee bereiken?

Er lopen diverse geldstromen naar de liberale oppositie, onder meer via de Amerikaanse ambassade in Moskou en organisaties die gelieerd zijn aan met name kringen rond personen uit de Democratische Partij als Hillary Clinton en Madeleine Albright. Er is bijvoorbeeld een fonds, Democracy Promotion Community, waaruit diverse organisaties worden gefinancierd, waaronder USAID, National Endowment For Democracy, The Orange Ring en Freedom House. Dat soort organisaties maakt zich sterk voor politieke veranderingen in de Russische Federatie.

Het zijn organisaties die de democratie willen bevorderen in Rusland en in andere landen. Dat betekent niet noodzakelijk dat ze aansturen op protesten, onrust en revolutie.

Juist wel. Want kijk hoe dat gegaan is in onder meer voormalig Joegoslavië, Georgië, Tadzjikistan en Oekraïne.

U merkt in uw boek op dat, hoewel de protesten tegen Poetin vooral georganiseerd worden door de liberalen, het complete politieke spectrum van Rusland er aan deelneemt. Toch maakt dit de liberalen er niet populairder op. Ze blijven een marginale politieke groepering. Hoe verklaart u dat?

Liberalisme en democratie worden in Rusland nog steeds heel sterk geassocieerd met de Jeltsin-periode, toen mensen hun spaargeld en werk kwijtraakten, de roebel zijn waarde verloor, de kosten voor levensonderhoud heel erg stegen, de maffia de macht overnam en de oligarchen opkwamen. Zie mijn boek over de Russische maffia, waarin ik beschrijf hoe in de jaren negentig de georganiseerde misdaad een samenwerking aanging met hoge ambtenaren die doorgaven welke maatregelen er aan kwamen en jonge economen die wisten hoe een kapitalistische maatschappij functioneert.

Is het terecht dat de liberalen van nu in verband gebracht worden met wat er in de jaren negentig is gebeurd?

Dat niet. Maar ze hebben nog wel steeds die naam. Het zit bij de mensen nog stevig verankerd tussen de oren. Het is nog maar kort geleden. De liberalen, of eigenlijk de democraten, want zo worden ze in Rusland genoemd, zijn tot zondebok gemaakt.

U heeft in uw boek een opmerkelijke bijlage opgenomen. Een vertrouwelijke document getiteld De Witte Revolutie, waarvan u zegt dat het in liberale kringen rondgaat, en waarin beschreven staat hoe ze de macht willen overnemen in Rusland. Weet u zeker dat dit een authentiek document is, en niet zoiets als de Protocollen van Zion, bedoeld om een bepaalde groep mensen zwart te maken? 

Ik weet zeker dat het authentiek is. Ik heb het gekregen van mensen die actief zijn in die bewegingen.

Het is niet op internet te vinden?

Dat weet ik niet. Ik denk het niet, want het is mij gepresenteerd als een vertrouwelijk document dat in besloten bijeenkomsten besproken is.

Het is nog niet gelekt naar de Russische pers?

Natuurlijk niet.

U heeft dus de primeur?

Ik ben geen journalist. Ik houd mij niet met primeurs bezig. Ik heb het bij toeval in handen gekregen. Ik heb een groot en breed netwerk in Rusland, dat ik heb opgebouwd via het reisbureau Czarina dat ik jarenlang heb gehad.

Waarom denkt u dat ze u het document hebben toegespeeld? Omdat ze in u een liberaal of democraat vermoeden?

Dat in elk geval niet. Ik had zelf een klein partijtje in Rusland dat bestond uit maar acht leden. Ik heb nooit een geheim gemaakt van mijn politieke overtuiging.

Wat is dan uw politieke overtuiging?

Ik was revolutionair socialist en tegenwoordig ben ik anarcho-socialist. Als revolutionair socialist streef je naar een voorhoedepartij en een sterke staat die de voorwaarden moet scheppen om het socialisme te bereiken. Als je naar de Russische geschiedenis kijkt, dan zie je wat er gebeurt als zo’n partij de macht overneemt. Ik heb het revolutionaire socialisme afgezworen. Het gaat mij er nu om dat mensen vanuit de onderste lagen van de bevolking tot zelfbeheer komen. Daar past geen voorhoedepartij bij en ook geen sterke staat.

Hoe ziet u het document van de Witte Revolutie?

Het document bevat niet alleen een stapsgewijs plan over hoe van Poetin af te komen, maar ook een analyse van de huidige situatie. Zo wordt gesteld dat de oppositie al een belangrijk deel van de sociale media en de ‘hoogwaardige media’ domineren. Genoemd worden: Novaya Gazeta, The New Times, Vedomosti, Moskovsky Komsomolets, Ogonyok, Nezavismaya Gazeta, Echo van Moskou, REN TV en een deel van Kommersant. Als enige hoogwaardige kranten die nog op de hand van de autoriteiten zijn worden genoemd: Komsomolskaya Pravda, de Rossiyskaya Gazeta en een deel van de Izvestia.

Ziet u dat ook zo? Domineren de liberalen de belangrijkste media? Laten de genoemde media een duidelijk liberaal geluid horen?

Toen Garri Kasparov het in de Russische presidentsverkiezingen opnam tegen Poetin beklaagde hij zich er over dat hij geen enkele toegang had tot de Russische media.

Was het terecht dat hij zich hierover beklaagde? Had hij geen toegang tot de Russische media?

Voor een deel niet.

Dus de Russische autoriteiten hoeven zich geen zorgen te maken over de liberale infiltratie van de sociale media en kwaliteitsmedia?

Ik denk het niet. In elk geval niet zolang de overheid nog de belangrijkste televisiekanalen in handen heeft. Ze hebben daarmee een belangrijk propagandamiddel in handen. De meeste mensen in Rusland laten zich informeren over het nieuws via de televisie. Ik kijk daar met kromme tenen naar. Zoals afgelopen maandag, naar het Russische journaal op Kanaal 1 dat een half uur duurt. Het ging een kwartier lang over het feit dat Poetin in Syrië was, daarna acht minuten over een nieuwe televisieserie en tussendoor nog even een halve minuut over een aanslag in New York. Dat was dan het nieuws. Dat is dus de manier waarop het gros van de Russische bevolking geïnformeerd wordt.

Daarnaast is het zo dat de mensen die buiten de grote steden wonen nauwelijks landelijke kranten lezen, maar wel de regionale en lokale kranten. Ik lees die ook graag, omdat de inhoud ervan minder wordt aangestuurd en gecontroleerd door de liberalen of de Poetin-clan. De journalisten van die kranten functioneren redelijk zelfstandig. Ik vind het belangrijkere bronnen dan de grote kranten.

Over de liberale oppositieleider Aleksej Navalny, die het in de presidentsverkiezingen van maart 2018 wil opnemen tegen Poetin, wordt in het document gezegd dat hij niet de juiste figuur is om de  Witte Revolutie te leiden. Men lijkt te wachten op een soort Verlosser?

Eigenlijk wel ja.

Komt het document over de Witte Revolutie uit een Amerikaanse koker?

Het zou kunnen. Ik kan het niet zeggen.

In welke vorm heeft u het ontvangen?

Op een CD-ROM. Het beslaat ongeveer 40 pagina’s. In mijn boek staat alleen een samenvatting. Poetin wordt in het document overigens geen Poetin genoemd, maar ‘VVP’, dus bij zijn initialen, Vladimir Vladimirovitsj Poetin. Ik heb het vertaald naar ‘Poetin’.

Over naar een ander onderwerp: de maatschappelijk onvrede in Rusland, waarvan u zegt dat die breed leeft en grotendeels te verklaren is uit de dalende levensstandaard. U schrijft dat er fors is bezuinigd op sociale voorzieningen; dat de kosten voor het levensonderhoud al jaren sneller stijgen dan de lonen en uitkeringen; dat de lonen steeds vaker vaak niet of niet op tijd worden uitbetaald; en dat steeds meer mensen steeds zwaarder in de schulden komen te zitten.

Op 18 maart 2018 zijn er weer verkiezingen, dus we kunnen voor die datum weer een verhoging van de pensioenen tegemoet zien, om Poetin in een gunstig daglicht te stellen. Maar geen enkele verhoging van de pensioenen compenseert de sterk gestegen kosten voor het levensonderhoud. Ik ben getrouwd met een Russische vrouw. Zij was wetenschapster en ontvangt nu een Russisch pensioen van 120 euro per maand. De woonlasten van de flat die ik met haar bewoonde in Sint-Petersburg bedragen inmiddels 70 euro per maand. Blijft over 50 euro in de maand om van te leven. Zo zijn er dus heel veel mensen in Rusland. Ik heb een groot netwerk van Russen uit alle lagen van de bevolking, werknemers, werklozen, gepensioneerden, geslaagde zakenlieden, stedelingen, mensen in de provincie. Iedereen klaagt over sterke stijging van de woonlasten en de prijzen in de winkels.

De onvrede is te begrijpen. Maar is het terecht de overheid de schuld te geven? U schrijft zelf in uw boek dat de economische problemen van Rusland grotendeels het gevolg zijn van externe factoren: de gedaalde olieprijzen en de Westerse sancties. De inkomsten voor de overheid zijn daardoor flink afgenomen. 

Dat klopt. Maar het geld dat er is wordt op een verkeerde manier uitgegeven. Want wie van de Russische bevolking heeft gevraagd om Olympische Winterspelen en om een WK Voetbal? Het nieuwe voetbalstadion in Sint-Petersburg heeft maar liefst een miljard dollar gekost, en de helft van dat bedrag is verdwenen in de verkeerde zakken.

Maar de overheid kan er toch niks aan doen als de lonen niet of niet op tijd worden uitbetaald?

De overheid zou dan moeten bijspringen. Dat kan ze doen als er niet zoveel winst vanuit de bedrijven zou verdwijnen naar het buitenland, via Cyprus en andere offshore constructies. Zie de Panama Papers en de Paradise Papers.

Poetin heeft niks gedaan tegen de belastingvlucht? In de eerste jaren van zijn presidentschap maakte hij naam met gemaskerde politieteams die binnenvielen bij machtige bedrijven.

Dat was alleen maar schijn. In werkelijkheid veranderde er niets. Het heeft niet geleid tot minder belastingontduiking van de grote bedrijven.

Als oorzaak voor de groeiende maatschappelijke onvrede wijst u in uw boek ook naar de sociale ongelijkheid. U spreekt over een ‘staatskapitalistische onderneming’ en over een ‘ongebreidelde zelfverrijking van de Kremlin-clan’. U verwijst naar het Global Wealth Report 2016 waaruit blijkt dat er in geen ander land ter wereld zoveel rijkdom in handen is van zo weinig mensen. Niettemin wordt Poetin nog steeds gezien als de man die de macht van de oligarchen heeft gebroken die zich onder Jeltsin het land hadden toegeëigend.

De macht van een paar oligarchen is gebroken, waaronder die van de inmiddels overleden Boris Berezovski. Hetzelfde verhaal met Michail Chodorkovski. Maar bijvoorbeeld Roman Abramovitsj spreidt nog steeds zijn rijkdom ten toon, en zo zijn er nog een paar. Je kunt in Rusland gerust een oligarch zijn, als je Poetin maar met rust laat, geen politieke aspiraties toont en wat douceurtjes aan de Russische staat gunt. Zie Alisjer Oesmanov. Die werd aanvankelijk bedreigd met eenzelfde proces als Chodorkovski vanwege zogenaamde belastingontduiking. Die heeft dat afgekocht door de complete kunstcollectie van de cellist Mstislav Rostropovitsj te kopen en die cadeau te doen aan de Russische staat. De collectie staat nu tentoongesteld in het paleis dat Poetin zich heeft toegeëigend in het paleis net buiten Sint-Petersburg.

Rekent u het Poetin persoonlijk aan dat er in Rusland zo’n grote sociale ongelijkheid bestaat? Die was er toch al voor Poetin?

Toen Poetin eind 1999 aan de macht kwam, werd hij gezien als de man die orde op zaken zou stellen en een einde zou maken aan het zogeheten ‘junglekapitalisme’ van Boris Jeltsin. Die belofte heeft hij voor een deel ingelost. Hij heeft gezorgd voor rust en orde in het land. Zo heeft hij met de verhoging van de salarissen van de politie een einde gemaakt aan de ergste uitwassen van de corruptie binnen het politiekorps. En zoals gezegd: Hij is de strijd aangegaan met Berezovski en Chodorkovski. Dat is in het collectieve geheugen gegrift. Hij wordt daarom nog steeds door velen gezien als de redder des vaderlands. Ze zien over het hoofd dat Poetin het met de overige oligarchen heeft laten afweten; dat hij het met ze op een akkoordje heeft gegooid.

Toch geniet Poetin nog steeds een grote populariteit in Rusland.

Dat heeft dus te maken met de successen uit zijn eerste jaren als president. Maar het heeft er ook mee te maken dat er geen alternatief is. Er is geen tegenkandidaat die een serieuze kans maakt op het presidentschap.

Waarom is er geen serieuze tegenkandidaat? Is dat omdat bijvoorbeeld Aleksej Navalny niet mag meedoen aan de verkiezingen?

Het is allerminst zeker dat Navalny niet zal meedoen aan de verkiezingen. Van een adviseur uit het Kremlin hoorde ik dat overwogen wordt hem toch mee te laten doen. Dit om een democratisch tintje te geven aan de verkiezingen, en ook omdat hij gezien wordt als ongevaarlijke kandidaat en zijn deelname de aandacht zou kunnen afleiden van de serieuzere kandidaten.

Heeft Poetin zijn populariteit misschien ook te danken aan het oprukken van de NAVO en de manier waarop hij hierop heeft gereageerd?

Dat denk ik niet. Russen zijn niet bang voor de NAVO. Dat is omdat het Kremlin al heel lang benadrukt dat Rusland een sterke natie is, die veel geld uitgeeft aan de ontwikkeling van nieuwe wapensystemen. Dat wordt ook breed in de pers uitgemeten.

Poetin heeft zich wel populair gemaakt inzake Oekraïne en de Krim?

Daar wel mee. Het was een welkome afleiding voor de belabberde economische situatie.
Maar even terug naar de Jeltsin-periode: Rusland werd toen als een derderangs-natie beschouwd, zonder enige macht internationaal. Onder Poetin werd Rusland terug op de kaart gezet als wereldmacht. Dat was belangrijk voor de Russen. Er is niemand die in een ondergeschikt, derde wereldland wil leven.
Poetin was de juiste man op de juiste plaats, maar die tijd is voorbij. Ik heb de hoop dat de Russische bevolking tot een andere keuze gaat komen.

Uit uw boek spreekt teleurstelling over de linkse oppositie in Rusland. De liberalen gaan voorop in het protest, de Communistische Partij is niet echt communistisch meer en de autoriteiten hebben geweigerd Links Front mee te laten doen aan de verkiezingen.

Ik ben teleurgesteld, niet alleen in de linkse oppositie in Rusland. Ik ben teleurgesteld in de linkse oppositie in de hele wereld. Als ik naar Nederland kijk dan zie ik ook geen enkele linkse partij meer.

In mijn adolescentie werd ik links. Toen ik in de twintig was had ik de overtuiging dat ik tijdens mijn leven nog een andere maatschappij zou meemaken. Ik maak nu een andere maatschappij mee, maar precies het tegenovergestelde van wat ik voor ogen had.

Maar het komt wel weer. Ik blijf hoop houden en ik blijf trouw aan mijn idealen. Van de onlangs overleden PSP-voorman Fred van der Spek, die in een interview erkend heeft dat hij in zijn leven niks heeft bereikt, heb ik het adagium overgenomen ‘Ik wankel niet in mijn overtuiging’. Je kunt toch niet, zoals veel linkse mensen gedaan hebben, van de ene op de andere dag lid worden van D66? Of van een neoliberale club als GroenLinks?

Hoe is uw interesse ontstaan voor Rusland?

Ik heb een tijd gewoond met mijn ouders in Amsterdam-Noord. Daar had je de Oostzanerdijk. Vandaaruit kon je op de fiets naar Zaandam. Daar had je houtzagerijen, en daar lagen schepen uit Rusland die hout kwamen brengen. Ik ben toen als jongetje, een beetje brutaal, de loopplank van zo’n Russisch schip opgelopen. Ik werd daar hartelijk ontvangen door de matrozen. Ik kreeg thee, koekjes en ze gaven mij Russische kopeken. Ik vond dat heel exotisch. Ik heb daarna nog een paar keer dat soort bezoeken gebracht, en heb toen mijn vader gevraagd of hij voor mij een boekje wilde kopen over de Russische taal, Hoe en wat zeg je in het Russisch? Ik leerde zo met handen en voeten met die scheepsbemanningen communiceren. In 1973 ben ik voor het eerst naar Moskou gegaan om bij het Poesjkin Instituut een cursus Russisch te volgen, daarna nog een vervolgcursus. In 1978 heb ik INSUDOK, een informatie en documentatiecentrum over de Sovjet-Unie, opgezet. En zo is het eigenlijk allemaal een beetje gaan lopen.

Ik hou heel erg van Russen. Ze zijn heel warm in vergelijking met Nederlanders. Ik keek laatst naar een uitzending van Nieuwsuur. Die opende met de vraag: ‘Wat kost een dag sneeuw in Nederland?’ Dat is dus typisch Nederlands, het gaat altijd in de eerste plaats over de kosten, en daarna pas over wat het voor mensen betekent. Dat zal je in Rusland nooit meemaken.

Een ander voorbeeld: uitvaarten. Ik was twee weken geleden in Nederland vanwege het overlijden van mijn moeder. Mijn vrouw, die voor het eerst zoiets meemaakte in Nederland, was verbijsterd. Je komt in zo’n uitvaartcentrum, er wordt een toespraak gehouden, na afloop krijg je twee kopjes koffie en een koekje, en dat was het dan. Terwijl in Rusland ga je met z’n allen naar een restaurant of ergens anders heen, om uitgebreid te eten. Voor de overledene wordt ook nog een bordje neergezet en een glaasje wodka ingeschonken Er wordt op hem of haar een toast uitgebracht. Het blijkt dan dat degene die overleden is een hele belangrijke plek innam en ook blijft innemen.

Ik voel mij tegenwoordig meer Rus dan Nederlander, juist vanwege de warmte die je van Russische mensen krijgt, en vanwege de meer intense verhoudingen zonder dat er ook maar over geld of wat dan ook gesproken wordt. Eén van de grootste complimenten die ik ooit gekregen heb was van mijn zwager die zei: ‘Bas is geen buitenlander, hij is één van ons.’ Het is sowieso het mooiste compliment dat je kunt krijgen daar. 

Hij maakt alleen de dood leefbaar is verkrijgbaar via bol.com voor €20,95 (incl. verzendkosten binnen Nederland).

Voor een gesigneerd exemplaar aangetekend verstuurd vanuit Estland: maak €25 over op rekeningnummer NL37INGB0002142763 ten name van B.H.K. van der Plas, onder vermelding van ‘oppositie’ of ‘oppositie gesigneerd’ en de eigen adresgegevens.

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is het laatste deel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eerder verschenen in deze reeks:

Posted on

Slavoj Zizek: Sanders’ steun voor Clinton schaadt links

Dat Bernie Sanders zich achter Hillary Clintons kandidatuur voor het Amerikaanse presidentschap heeft geschaard, schaadt links. Dat schrijft de populaire linkse filosoof Slavoj Zizek.

Uit de drang om de rechtse populist Donald Trump te verslaan, heeft Bernie Sanders zich net als veel andere progressieven achter Hillary Clinton geschaard, maar die “democratische consensus is niet gezond voor de politiek noch voor links”, aldus Zizek in Newsweek. De Sloveense filosoof bepleit een stap terug om eens te laten bezinken wie er allemaal wel niet deel uitmaakt van die consensus. Inmiddels staan immers zowel Wall Street als de restanten van de Occupy-beweging achter Clinton, zowel big business als de vakbonden en zowel de milieubeweging als neoconservatieven uit het Republikeinse establishment.

“Maar wat verdwijnt er in dit alles omvattende conglomeraat?”, vraagt Zizek zich af. De links roep om sociale gerechtigheid gaat dikwijls gepaard met het bepleiten van vrouwen- en homorechten, van multiculturalisme en de bestrijding van discriminatie en racisme. Volgens de filosoof is het strategische doel nu echter om al deze zaken los te maken van de roep om sociale gerechtigheid.

Een symbool daarvan is Tim Cook, CEO van Apple, die een oproep voor LGBT-rechten ondertekende en zich nu geen zorgen meer hoeft te maken over de slavernijomstandigheden van honderdduizenden Foxconn-arbeiders die in China producten in elkaar zetten voor Apple, hij heeft immers zijn grootse gebaar van solidariteit met de minder bevoorrechten gemaakt, door de afschaffing van gendersegregatie te eisen.

Dezelfde houding werd in het extreme doorgevoerd door de eerste vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken in de VS, Madeleine Albright, een groot supporter van Clinton die in de eerste regering van haar man  van 1997 tot 2001 diende. In het tv-programma 60 Minutes op CBS (12 mei 1996), werd Albright gevraagd naar de kruisraketaanvallen op Irak in dat jaar bekend als Operation Desert Strike: “We hebben gehoord dat ene half miljoen kinderen omgekomen zijn. Ik bedoel, dat zijn meer kinderen dan er omkwamen in Hiroshima. En, weet je, is het die prijs waard?” Waarop Albright kalm antwoordde: “Ik denk dat dit een hele moeilijke keuze is, maar de prijs .. we denken dat het die prijs waard is.” Laten we alle vragen die dit antwoord oproept negeren en ons op een aspect focussen: kunnen we ons voorstellen wat een ophef er uit zou breken als iemand als Poetin of de Chinese president Zi hetzelfde zou antwoorden? Zouden ze niet onmiddellijk als kille en rücksichtslose barbaren gedenuncieerd worden in westerse kranten?

Campagne voerend voor Hillary, zei Albright: “Er is een bijzonder plekje in de hel voor vrouwen die elkaar niet steunen!” (Lees: die voor Sanders stemmen in plaats van Clinton.) Misschien moeten we deze uitspraak amenderen: er is een bijzonder plekje in de hel voor vrouwen (en mannen) die denken dat een half miljoen dode kinderen een prijs die men zich kan veroorloven voor een militaire interventie die een land ruïneert, terwijl men zich in eigen land hard maakt voor vrouwen- en homorechten.

Zizek waarschuwt vervolgens dat de fixatie op Trump er niet toe mag leiden dat links geen oog meer heeft voor de aard van de Clinton consensus. De boodschap daarvan vat hij zo samen, dat links op cultureel gebied in alles zijn zin kan krijgen, zolang het globale kapitaal maar ongehinderd zijn gang kan gaan. Obama’s “Yes, we can!” krijgt zo een nieuwe lading: Ja, we kunnen tegemoet komen aan al jullie culturele eisen zonder de mondiale markteconomie in gevaar te brengen en dus is er geen noodzaak voor radicale economische maatregelen.

Uiteindelijk moet Zizek Trump dan ook gelijk geven als hij Sanders’ steunverklaring voor Hillary Clinton vergelijkt met een Occupy-activist die zijn steun voor Lehman Brothers verklaart. Sanders had er volgens de filosoof beter aan gedaan zich stilletjes terug te trekken en zich niet meer te laten zien in de campagne, als een duidelijk teken van wat er aan links gedachtegoed ontbreekt in Clintons platform.

Posted on

Obama legitimeert drone-aanvallen – Nergens zo veel oorlogstaal als waar men zelf niet weet wat oorlog is

Aan puin geschoten steden, met de grond gelijk gemaakte scholen en ziekenhuizen, gefolterde en geëxecuteerde gevangenen, ontploffende autobommen. Lange rijen vluchtelingen, hun huizen kapot gebombardeerd, strompelend langs een weg die nergens naartoe leidt met hun schamele resterende bezittingen op hun rug. Sprekende foto’s en filmbeelden uit het Midden-Oosten, Azië, Afrika, laten steeds weer de keerzijde van de ‘Nieuwe Wereldorde’ zien, het mondiale systeem onder Amerikaanse leiding, dat president George H.W. Bush in 1991 voorspiegelde.

Ze laten ook de enorme kloof in perceptie zien tussen grote delen van de wereld en het Westen, meer in het bijzonder de Verenigde Staten. De Verenigde Staten op wier territorium zich als sinds Pancho Villa in 1916 Nieuw-Mexico binnenviel, geen vreemde mogendheid meer vertoond heeft. Amerika kent noch begrijpt de realiteit van oorlog, wat de oorlogszuchtige taal van presidentskandidaten en andere politici niet ongevaarlijker maar wel absurder maakt. Intussen wordt er ook nu weer stevig op de oorlogstrom geslagen, terwijl het Pentagon onlangs bekend maakte dat de Verenigde Staten zoveel mensen gebombardeerd hebben op zoveel verschillende plaatsen dat men van lieverlee door de voorraad heen raakt.

In reactie op een toenemende roep om enige verantwoording, heeft president Barack Obama toegezegd meer openheid te geven over de drone-oorlogen die de VS op dit moment in tenminste zeven landen voeren. Door deze en gene is al niet geringe kritiek geuit op de drone-missies, vanwege het ontbreken van een juridisch kader. De regering stelt echter de drone-missies gerechtvaardigd worden door de Autorisatie voor het Gebruik van Militair Geweld uit 2001, die de strijdkrachten carte blanche geeft om ‘aan Al Qaida gelieerde terroristen’ met alle beschikbare middelen te achtervolgen en uit te schakelen. De bijkomende drone-aanvallen door de CIA zijn ‘geheime acties’ die gelegaliseerd worden door presidentiële ‘bevindingen’ en zowel de inlichtingendiensten als de strijdkrachten laten zich naar verluidt leiden door het principe dat de VS het gezag heeft een ‘dreigende’ terrorist tot doelwit te maken, wanneer het de overheid ter plaatse aan de middelen of de wil ontbreekt om dat zelf te doen.

Berichtgeving in de Amerikaanse media suggereert dat er binnenkort een rapport van het Witte Huis uitkomt over de aantallen burgers die sinds 2009 door drone-aanvallen om het leven zijn gebracht, maar zoals wel vaker zit het ‘m in de details. De Amerikaanse overheid probeert te laten zien dat het aantal burgerslachtoffers minimaal is, hoewel men waarschijnlijk niet zover zal gaan als CIA-directeur John Brennan die stelde dat de aanvallen van zijn dienst “geen burgers” gedood hadden. Men zal het aantal burgerslachtoffers dat uit het rapport naar voren komt, tot een minimum reduceren door zowel ‘oorlogszones’ in Afghanistan, Syrië en Irak als ‘clandestiene’ operaties van de CIA buiten beschouwing te laten. Alleen Libië, Somalië, Jemen en mogelijk Pakistan zullen meegenomen worden in de statistieken.

Het rapport zal ook zijn eigen definities van wat een terrorist of strijder mag heten manipuleren. En het zal sommige aanvallen die anders niet uit te leggen zouden zijn, als ‘zelfverdediging’ met het oog op andere Amerikaanse operaties interpreteren. De richtlijnen voor het afvuren van Hellfire-raketten door drones zijn enigermate subjectief geweest, zo werd bijvoorbeeld iedere man van weerbare leeftijd met een wapen zonder meer als terrorist aangemerkt waarmee zij in aanmerking kwamen voor eliminatie. Het dragen van een wapen is in tribale samenlevingen als in Afghanistan en Pakistan echter allerminst ongebruikelijk voor mannen en hoeft helemaal niet te wijzen op betrokkenheid bij een terroristische organisatie. In andere gevallen zal een tribale samenkomst waar naar verluidt enkele vermeende terroristen aanwezig zijn voor honderd procent als terroristisch beschouwd worden, ook al heeft degene die de drone bestuurt geen idee wie de andere mensen zijn in de groep waarin de al of niet duidelijk geïdentificeerde vermeende terroristen zich bevinden.

Het document zal waarschijnlijk ook dubieuze aannames over de doelwitten van de aanvallen bevatten, wie tussen de regels door leest zal ernstige twijfel hebben aan de zogenaamde precisieaanvallen die door middel van drones uitgevoerd worden. Maar het verleden leert dat alles aan de aandacht onttrokken zal worden door de bespreking van juridische aspecten van het gebruik van drones en dat men de menselijke tragedies, die zich op de grond afspelen doordat de Amerikaanse regering het voordeel van de twijfel krijgt wanneer een doelwit niet in een duidelijke categorie valt, weg zal wuiven of simpelweg zal negeren.

Er zit evident een politieke bedoeling achter het rapport, namelijk het institutionaliseren van het proces van het wereldwijd inzetten van drones voor dodelijke aanvallen per presidentieel fiat. Obama heeft de drone in zijn hart gesloten als zijn favoriete wapen tegen terroristen. Hij heeft al honderden aanvallen gesanctioneerd, wat een gigantische uitbreiding van de inzet van drones is, ten opzichte van zijn ambtsvoorganger George W. Bush, die in zijn acht jaar in het Witte Huis minder dan vijftig maal een drone-aanval goedkeurde. Het ligt in de lijn der verwachting dat Obama het proces voor het selecteren en doden van doelwitten per decreet zal formaliseren voor het einde van zijn ambtstermijn.

Drone-aanvallen of niet, Amerikanen zouden sowieso ontsteld moeten zijn over het aantal mensen dat hun overheid direct of indirect om het leven heeft gebracht sinds het begin van de ‘Oorlog tegen Terreur’ bijna vijftien jaar geleden. Zeker aangezien Amerika gedurende die periode niet echt in staat van oorlog is geweest met wie dan ook – en waarschijnlijk zouden de meeste Amerikanen ook ontsteld zijn als ze het wisten. Vergeet niet dat er veel manieren zijn om om het leven te komen. De voormalige minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright stelde in een beruchte uitspraak dat de dood van 500.000 Irakese kinderen ten gevolge van sancties in de jaren ’90 die de import van medicijnen en voedsel beperkten “het waard” was. Recenter zijn er nog tien- of honderdduizenden om het leven gekomen in grot stromen vluchtelingen. Het vereist geen kogel of granaatscherf om ten gevolge van oorlogsgeweld om het leven te komen.

Schattingen van de dodentallen ten gevolge van de Amerikaanse invasies in Afghanistan en Irak zijn op best goed geïnformeerde gokken en variëren sterk naar gelang wat men wel of niet mee in beschouwing neemt. Is uithongering ten gevolge van onderbroken voedselvoorziening of dood door een ziekte die behandeld had kunnen worden als het ziekenhuis niet vernietigd was, de verantwoordelijkheid van de VS? Daar is wel een zaak voor op te zetten.

Hoe het ook zij, het optellen van het uiteindelijke aantal doden komt uiteindelijk neer op een exercitie die niet plaats had hoeven vinden als de militaire actie niet had plaats gevonden. Overheden zullen altijd proberen de getallen laag te houden en zullen oorzakelijke verbanden van de hand wijzen, terwijl andere waarnemers misschien het tegenovergestelde zullen doen.

Een rapport uit maart 2015 van de Nobelprijs-winnende organisatie ‘Physician for Social Responsibility’ (PSR, Artsen voor Maatschappelijke Verantwoordelijkheid) wijst er op dat er aanzienlijke, moedwillige bagatellisering plaats vindt van de werkelijke gevolgen van de door Amerika geleide reactie op het terrorisme. Het rapport stelde dat in de eerste tien jaar na de aanslagen van elf september alleen in Irak, Afghanistan en Pakistan al meer dan 1,3 miljoen mensen gedood werden in het kader van de zogenaamde ‘Global War on Terror’. Een jaar later kan men bij elkaar optellen dat de aantallen in die landen nog verder zijn toegenomen, en verder Syrië, Libië, Somalië en Jemen aan de slachting toevoegen, zodat men in redelijkheid mag vermoeden dat het huidige lopende totaal boven de 2 miljoen slachtoffers uitstijgt. Sommige anderen schattingen gaan uit van eerder 4 miljoen. Het rapport van de PSR benadrukt dat hun inschatting van het dodental ‘behoudend’ is en gebaseerd op de meest betrouwbare bronnen, wat er op wijst dat er ook grote aantallen doden gemelden zijn die niet bevestigd konden worden.

Ook als we George W. Bush en Barack Obama niet als massamoordenaars in de zin van Pol Pot of Stalin beschouwen, leert deze kwestie wel dat het leiden van wat in naam een democratie is, geen beletsel is voor het grotendeels lukraak uithalen zonder de gevolgen voor de bevolking in de landen in kwestie in overweging te nemen. Amerika, dat democratische voorbeeld voor de wereld, ziet zich nu gereduceerd tot het uitbrengen van rapporten om de lijn te ondersteunen dat er toch heus niet zoveel burgerslachtoffers zijn gevallen ten gevolge van drone-aanvallen in landen waarmee Amerika niet in oorlog is, maar die wel plaats kunnen vinden door middel van een dubieuze, mogelijk zelfs ongrondwettelijke, machtiging door het Congres.

In de afgelopen vijftien jaar heeft dit moordproces post kunnen vatten en men staat nu aan de vooravond van de formele institutionalisering ervan. De volgende president, Clinton of Trump, zal in staat meer van hetzelfde te doen, aangezien de procedures in kwestie ‘volstrekt legaal’ zijn en het er dik in zit dat ze binnenkort door een presidentieel decreet geautoriseerd worden. Die 2 miljoen, 4 miljoen of later misschien wel 6 miljoen, zullen uiteindelijk, zoals Stalin zei, geen tragedie zijn, maar slechts een statistiek.

Dit artikel is oorspronkelijk in het Engels verschenen bij het tijdschrift The American Conservative.