Posted on

Keniacoalitie Brandenburg en Saksen oogt nu al instabiel

Keniacoalitie

Na de verkiezingen voor de landdagen van Saksen en Brandenburg zijn drie-partijencoalities bestaande uit CDU, SPD en Groenen in beide deelstaten de meest waarschijnlijke uitkomst van de coalitieonderhandelingen. Maar voordat men überhaupt met de onderhandelingen voor de zogeheten Keniacoalitie kon beginnen, dienden de eerste problemen zich reeds aan.

In Potsdam waren de verkennende gesprekken amper begonnen of een van de leiders trok zich terug. Ingo Senftlebene, lijsttrekker, partij- en fractievoorzitter van de CDU, trad vijf dagen na de verkiezingen af in alle genoemde functies. CDU-secretaris Steeven Bretz meldde dat Senftleben niet meer aan de verkennende gesprekken voor een coalitie deel zou nemen en dat hij ook niet beschikbaar is voor een post in de deelstaatregering. Met zijn aftreden zou Senftleben een stabiele coalitie van SPD en CDU mogelijk willen maken.

Linkse CDU-leider Brandenburg onder druk

De CDU had onder Senftleben met minder dan 16 procent van de stemmen het tot nu toe slechtste resultaat in de Brandenburgse deelstaatverkiezingen behaald. De christendemocraten vielen daarmee achter de SPD en de AfD terug. Kort na de verkiezingen kwam Senftleben binnen zijn partij al onder druk te staan. In de eerste vergadering van de nieuwe fractie eisten de afgevaardigden Saskia Ludwig en Frank Bommert de verkiezing van een nieuw fractiebestuur. Deze motie werd verworpen. Maar met het oog op de plannen voor een coalitie met SPD en Groenen was het evengoed een alarmsignaal. Van de 15 CDU-afgevaardigden stemden er namelijk zes voor de motie van Ludwig. Dit terwijl de voorgenomen coalitie van SPD, CDU en Groenen in de landdag slechts op een meerderheid van vijf zetels zou steunen.

Groenen waarschuwen voor rechtse overname CDU Brandenburg

Na het aftreden van Senftleben roemde het lijsttrekkersduo van de Groenen, Ursula Nonnemacher en Benjamin Raschke de CDU-politicus als het “liberale en ruimdenkende uithangbord van de CDU”. De Groenen waarschuwden dat een coalitie met hen niet mogelijk zou zijn als de rechtervleugel rond Ludwig en Bommert de CDU-fractie zou overnemen.

Puur rekenkundig is in de Brandenburgse landdag ook een coalitie van SPD, Die Linke en de Groenen of een coalitie van SPD, CDU en Freie Wähler mogelijk. Beide varianten zouden echter slechts een meerderheid van een zetel hebben.

Keniacoalitie enige realistische variant in Saksen

Ook in Saksen geldt een zogeheten Keniacoalitie van CDU, SPD en Groenen als de enige realistische variant, om zonder de AfD een getalsmatig stabiele regeringscoalitie te vormen. Maar net als in Potsdam verlopen ook in Dresden de voorbereidingen al stroef. Terwijl in Brandenburg het aftreden van de CDU-lijsttrekker voor scepsis bij de Groenen zorgde, irriteert de Groenen in Saksen een CDU-nominatie.

Daarbij gaat het om de kandidatuur voor het ambt van voorzitter van de Landdag. Bij een stemming in de CDU-fractie won de zittende voorzitter van de Landdag Matthias Rößler het van Andrea Dombois. Tijdens de campagne sprak Rößler zich voor een minderheidscoalitie en tegen samenwerking met de Groenen uit. Verder kwam Rößler onder vuur te liggen, omdat hij de voormalige chef van de binnenlandse veiligheidsdienst Hans-Georg Maaßen tijdens de campagne als spreker uitnodigde.

Veel conflictstof tussen CDU en Groenen in Saksen

Naast personele kwesties, zijn er in Saksen ook andere potentiële conflicten tussen CDU en Groenen. Op veel beleidsterreinen liggen de standpunten ver uit elkaar, van de Saksische politiewet tot het uitfaseren van steenkool en de Groene eis om leerlingen van verschillende niveau in het middelbaar onderwijs langer bij elkaar in de klas te laten zitten.

http://www.novini.nl/saksen-uitsluiten-coalitie-met-afd-riskant-voor-cdu/

Links eist grote concessies van CDU

De federale partijvoorzitter van de Groenen Robert Habeck zei kort na de verkiezingen al dat hij in coalitiebesprekingen grote concessies van de CDU verwacht. Ook de deelstaatpremier van Thüringen, Bodo Ramelow (Die Linke) deed inmiddels zijn duit in het zakje over de coalitievorming in Saksen. Ramelow, die sinds 2014 regeert met een coalitie van Die Linke, SPD en Groenen, waarschuwde: “Gedwongen coalities als afweer tegen de AfD brengen niets goeds.” Om vervolgens te verduidelijken dat hij daarmee niet bedoelde dat de CDU niet met links moest gaan regeren, maar dat de CDU de linkse partijen vooral hun zin moest geven.

Saksen-Anhalt laat zien dat Keniacoalitie weinig stabiel is

Maar hoeveel concessies de CDU ook aan SPD en Groenen doet, een garantie voor een stabiele regering is het niet. Dat blijkt wel uit het voorbeeld van Saksen-Anhalt. In Magdeburg regeert immers deelstaatpremier Reiner Haseloff (CDU) sinds 2016 met SPD en Groenen. Binnen Haseloffs partij klinkt regelmatig gemor dat hij te veel concessies aan de Groenen doet. Vooral in het landbouwbeleid, asielkwesties en het uitfaseren van steenkool liggen de opvattingen van CDU en Groenen dikwijls ver uit elkaar. Ook tussen belangrijke actoren in de coalitie lijkt het vertrouwen al zover verbruikt, dat er sprake is van een constante crisisstemming. Binnen deze tot nog toe enige Keniacoalitie kwam het reeds meermaals tot dusdanig oplopende conflicten dat de coalitie bijna sneuvelde.

Posted on

Ecologische voetafdruk van vliegschaamte

vliegschaamte

Maximaal 860 passagiers passen er in een Airbus A380. Stel je eens voor, dat ieder van hen door vliegschaamte bevat zou worden en met het oog op het klimaat met een zeilboot de Atlantische Oceaan over zou steken. Oftewel 860 schepen, met een eigen kapitein, bemanning en eigen proviand aan boord. Wat een logistieke inspanning! Momenteel gunt een jonge klimaat-activiste zichzelf deze luxe, omdat ze niet met het vliegtuig naar de VN-Klimaattop in New York wil reizen.

Vliegen is immers schadelijk voor het klimaat, zo luidt het argument. De gigantische pr-actie van Greta Thunberg veroorzaakt echter alleen maar meer CO2-uitstoot. Een schare begeleiders vliegt de Zweedse achterna. Zelfs de kapitein van het jacht reist met het vliegtuig terug.

Uitstoot van pr-stunt rond vliegschaamte compenseren

Om deze milieubelastende pr-stunt tegen broeikasgassen goed te praten, wil men de activiteiten pecuniair compenseren. Om de uitstoot goed te maken, doneert men dan geld aan milieuorganisaties, om zo het geweten te sussen.

http://www.novini.nl/greta-thunberg-professionele-mediahype-van-grote-spelers/

Vanaf nu kunnen we ons dus de grootste ecologische waanzin veroorloven, als we maar wat geld afdragen aan een milieu-organisatie. Geen grap; jonge lui van de Fridays for Future-beweging denken werkelijk zo. Het is natuurlijk een zelfbedrog van heb ik jou daar. Thunbergs actie stimuleert dit denken.

Koolstofvezel-jachten alles behalve ‘duurzaam’

Als de 860 A380-passagiers waar ik het aan het begin van deze column over had haar ten voorbeeld zouden nemen, zou het klimaat volgens de Greta-ideologie niet meer te redden zijn. Alleen de bouw van dergelijke dure koolstofvezel-jachten waarmee ook Thunberg reist, is alles behalve ‘duurzaam’. In plaats van zoveel energie te investeren in een pr-stunt rond vliegschaamte, zou men die energie eerst in een behoorlijk denkproces kunnen investeren.

Posted on

CSU sorteert voor op federale coalitie met Groenen

Tot voor kort liet de Beierse CSU steeds duidelijk blijken niet met de Groenen te willen regeren. Partijvoorzitter en deelstaatpremier Markus Söder zet nu echter een koerswijziging in. Onder het mom van ‘de strijd aangaan’ sorteert hij voor op een coalitie met de Groenen. Een poging om zijn kansen op het bondskanselierschap te verbeteren?

In het verleden ontbrak het hen die speelden met de gedachte aan een Duitse federale regering bestaande uit CDU/CSU en Groenen steeds om een reden aan geloofwaardigheid: De Groenen zouden het over zo’n coalitie niet alleen met de CDU, maar ook met de Beierse CSU eens moeten worden. Alleen het fundamenteel verschillende uitgangspunt in het immigratiebeleid maakte de totstandkoming van een dergelijke coalitie al haast ondenkbaar. De top van de CSU werkt er nu echter in ijltempo aan de partij niet allen ‘moderner en cooler’ te maken, maar ook voor te sorteren op een coalitie met de Groenen.

Asymmetrische demobilisatie

Na de europarlementsverkiezingen kondigde CSU-leider Markus Söder aan: “Het duel heeft van nu af aan niet meer zwart tegen rood, maar eenduidig zwart tegen groen.” Söders strategie voor dit duel is schijnbaar die van de ‘asymmetrische demobilisatie’. Oud-CDU-leider Angela Merkel paste deze strategie herhaaldelijk toe. Ze hield SPD en Groenen klein door hun standpunten te benaderen of over te nemen.

Haalt CSU CDU links in op groene dossiers?

Söder laat de laatste tijd steeds weer een staaltje van deze benadering zien. Zo zorgde hij zelfs in de CDU voor verbazing, toen hij zich voor het vervroegd uitfaseren van kolen uitsprak. “Laten we eerlijk zijn: De Duitse klimaatdoelen zijn voor 2030 alleen te bereiken, als we het uitfaseren van kolen massief stimuleren.” Eerder kondigde Söder reeds aan dat ecologie en biodiversiteit in Beieren in de toekomst meer prioriteit zouden krijgen dan ik welke andere deelstaat ook. En onlangs presenteerde de Beierse deelstaatpremier een plan om het Beierse staatsbos niet meer met winstoogmerk te beheren, maar tot ‘klimaatopslag’ te maken.

CSU-bondskanselier

Mogelijk kan de CSU met het innemen van dergelijke standpunten de opkomst van de Groenen tenminste in de deelstaat Beieren afremmen. Er zit echter nog een andere kant aan Söders nieuwe groene agenda. De CSU-leider neemt hiermee namelijk ook belemmeringen voor een coalitie met de Groenen weg. Met de nieuwe koers maakt Söder niet alleen een zwart-groene coalitie in Beieren en federaal waarschijnlijker, hij verbetert ook zijn eigen politieke carrièreperspectieven.

Het Handelsblatt vroeg zich zodoende onlangs reeds af of Söder na Franz-Joseph Strauß en Edmund Stoiber de derde CSU-voorzitter zou worden die voor de Unie van CDU en CSU als kandidaat-bondskanselier aantreedt. Dat CDU-leider Annegret Kramp-Karrenbauer door het vertrek van Ursula von der Leyen naar Brussel de kans heeft gekregen om te falen als minister van Defensie vergroot Söders kansen alleen maar.

Posted on

Greta Thunberg – Professionele mediahype van grote spelers

Greta Thunberg

Als je afgaat op de indruk die in de mainstream media gewekt wordt, zou je denken dat het fenomeen Greta Thunberg zich min of meer vanzelf, slechts gedragen door de kracht van overtuiging en toewijding, over de wereld verbreidt. De Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt wist echter reeds: “Niets in de politiek gebeurt toevallig. En als er iets gebeurt, dan was het zo gepland.” Dat Greta Thunberg een instrument van de politiek is, behoeft geen betoog.

De misvatting begint al eerder. Namelijk bij de veronderstelling dat de Fridays for Future-beweging door de jonge Zweedse in het leven zou zijn geroepen. Dat klopt niet, het plan is een paar jaar ouder. Terwijl de mediahype rond Greta Thunberg in 2018 losbarstte, hield de Plant for the Planet Foundation drie jaar eerder in Bonn reeds een mondiale jongerentop. Een uitkomst van deze bijeenkomst is op de website climastrike.net te vinden, waar het heet: “Op de Global Youth Summit in mei 2015 hebben we het idee van een mondiale schoolstaking voor klimaatbescherming bedacht.” Het duurde vervolgens drie jaar tot de mensen op de achtergrond Greta Thunberg als de geschikte woordvoerster gevonden hadden, om haar vervolgens het auteurschap van het idee voor de schoolstakingen toe te schrijven.

De mensen op de achtergrond

Om wie het bij die mensen op de achtergrond zou kunnen gaan, wordt duidelijk als je uitzoekt wie de Plant for the Planet Foundation opgezet en met de nodige middelen uitgerust heeft. Dat zijn verhelderend genoeg de Club van  Rome en het German Marshall Fund.

Club van Rome

De Club van Rome werd door David Rockefeller opgericht en verkreeg wereldwijde bekendheid toen het in 1972 het boek ‘Grenzen aan de groei’ publiceerde. Daarbij maakten vooral twee centrale voorspellingen indruk. Ten eerste de voorspelling dat er door het afsterven van bossen rond de millenniumwisseling in Europa geen bos meer zou zijn. Ten tweede de prognose dat tien jaar later de aardolievoorraden van de planeet verbruikt zouden zijn. In werkelijkheid nam het bos-oppervlak in Europa juist toe en werd er wereldwijd jaarlijks meer olie gevonden dan verbruikt. Deze faalprognoses doen echter schijnbaar niet af aan de naam van de Club van Rome. In de mainstream geldt deze club als maatgevend in de milieubescherming.

German Marshall Fund

De oprichting van het German Marshall Fund wordt wel aan de voormalige Duitse bondskanselier Willy Brandt toegeschreven, maar ook hier stuit je al snel weer op Rockefeller, die voorzitter van de organisatie is geweest. Naast Rockefellers Chase Manhattan Bank duiken nog andere goed gefinancierde Amerikaanse clubs op, zoals het Aspen Institute en de Carnegie Foundation. Niets ten nadele van Willy Brandt, maar naast zulke grote namen zal zijn invloed toch eerder gering zijn geweest.

Plant for the Planet Foundation

Zoals men voor het German Marshall Fund Willy Brandt als visitekaartje gebruikte, hanteerde men voor de Plant for the Planet Foundation al het systeem zoals later rond Greta en zette een kind voorop: Felix Finkbeiner. Finkbeiner zou volgens de officiële lezing in 2007, op de leeftijd van negen jaar, de stichting opgericht hebben. Er zijn nog andere overeenkomsten met Greta Thunberg. Net als zij tutoyeert hij met prominenten als prins Albert van Monaco of de Hollywood-filmster Harrison Ford. En zoals Greta met paus Fransiscus babbelt, hield Felix een toespraak voor de Verenigde Naties.

Felix Finkbeiner in Mexico, 2018 (foto: Victoria Kolbert)

Maar laten we wel wezen: op de een of andere manier moet het stichtingsverhaal toch anders zijn verlopen. Een negenjarige kan immers niet zelf een stichting oprichten. Zijn vader Frithjof zal er wel mee geholpen hebben. Die is namelijk (wat een toeval!) nauw betrokken bij de Club van Rome.

Alte Mu

Dat Greta Thunbergs Fridays for Future-beweging nauw verbonden is met de Plant for the Planet Foundation blijkt op hun Duitse website. De beide organisaties zijn innig verstrengeld. In het impressum van de website van Friday for Future is sprake van ene Ronja Thein met een adres in Kiel. Mevrouw Thein lijkt echter niet te bestaan. Bij navraag wordt naar veiligheidsoverwegingen verwezen. Het adres in Kiel is evenwel bekend als dat van een links-alternatief ‘cultuurcentrum’ (lees: kraakpand) met de naam ‘Alte Mu’. Daar zijn talrijke linkse organisaties gevestigd. Gevraagd naar een bankrekeningnummer voor FFF wordt verwezen naar de bankrekening van de bevriende Plant for the Planet Foundation.

Zelfstandigheid blijkt wassen neus

De voorgewende zelfstandigheid van de Fridays for Future lijkt kortom weinig voor te stellen. Via de Club van Rome en de Plant for the Planet Foundation spelen de Rockefellers een belangrijke rol in de financiering van het fenomeen Greta Thunberg. Maar waar Rockefeller geld spendeert, wil George Soros niet achterblijven. De notoire speculant en oorlogshitser heeft ook een belang in de klimaatbusiness.

Luisa-Marie Neubauer en Greta Thunberg
Luisa-Marie Neubauer met Greta Thunberg bij een Fridays for Future-demonstratie in Hamburg, maart 2019 (foto: C.Suthorn)

Luisa-Marie Neubauer en George Soros

Soros gaat op een vergelijkbare manier te werk als Rockefeller. Iedere keer als Greta in Duitsland optreedt, wordt ze begeleid door een studente genaamd Luisa-Marie Neubauer. Niet alleen optisch is zij de tegenhanger van het kleine meisje Greta. Neubauer is fit, aanpakkerig en zelfbewust, lid van de Groenen en krijgt een stipendium van de Heinrich-Böll-Stiftung. Daarnaast is Neubauer jongerenambassadrice van de de Amerikaanse lobby-organisatie One, die professioneel campagne voert. One wordt onder andere gefinancierd door de Bank of America, Coca Cola, SAP, Google en de alomtegenwoordige George Soros met zijn Open Society Foundation.

Groots opgezette pr-campagne

Achter de ogenschijnlijk spontane scholierenstakingen die ons voorgespiegeld worden, zit kortom een groots opgezette pr-campagne van klimaatbusiness en milieulobby, ngo’s als de Club van Rome, We don’t have Time, Plant for the Planet, Greenpeace, Friends of the Earth en anderen. En de mainstream media spelen het hele spel mee. Kritische bespreking van de achtergronden van de hype hoef je daar dan ook niet te verwachten. De bakvis Greta is daarbij uiteindelijk niet meer dan een speelbal van ngo’s, bepaalde multinationals en media om een bepaalde politieke agenda ten dienste van hun zakelijke belangen erdoor te krijgen.

Posted on

De vuile oorlog tegen cruiseschepen

Cruiseschepen blinken niet uit in milieuvriendelijkheid, dat staat buiten kijf. Dat komt vooral door de gebruikte brandstof. Evenwel is een en ander beduidend minder schadelijk dan veel milieuorganisaties beweren.

Momenteel zijn er zo’n 400 cruiseschepen op de wereldzeeën onderweg. En in 2019 moeten er nog eens 21 bij komen. Het momenteel grootste is de Symphony of the Seas, met 2759 cabines voor bijna 7.000 passagiers. Cruisevaarten mogen zich in steeds grotere belangstelling verheugen. In 2018 staken zo’n 30 miljoen mensen met de pleziervaartuigen van wal. Er klinkt echter ook toenemend kritiek.

Vier cruiseschepen in de haven van Nassau, op de Bahama’s (foto: TampaAGS)

Milieuvervuiling

Enerzijds vanwege de massa’s toeristen die havensteden overspoelen bij het onderweg aan land gaan. Anderzijds vanwege de milieuvervuiling door de schepen. De vaartuigen beschikken in de meeste gevallen weliswaar over uitstekende zuiveringsinstallaties en produceren ook relatief weinig afval. Ze gebruiken echter bijna zonder uitzondering stookolie als brandstof. Dat is zware, zwavelhoudende olie, een restproduct bij de verwerking van aardolie.

De Symphony of the Seas, hier tijdens de bouw in Saint-Nazaire, is momenteel het grootste cruiseschip ter wereld (foto: Gponly).

De verbranding van deze zware olie produceert beduidend meer schadelijke stoffen dan benzine of diesel. De scheepsschoorstenen stoten onder andere fijnstof, roetdeeltjes en stikstofoxide en zwaveldioxide uit. De zware olie bevat immers drie procent zwavel, terwijl bijvoorbeeld diesel voor auto’s 0,001 procent zwavel bevat. Daaruit vloeien gezondheidsrisico’s voort, ook voor de passagiers die in de illusie verkeren “zuivere zeelucht” in te ademen.

Gezondheidsrisico’s

Maar niet alleen op het dek van de drijvende vakantieparadijzen loopt men gezondheidsrisico’s, ook op afstand aan land. Het Helmholz-Institut für Umweltmedizin in München rapporteerde in 2016 dat de scheepsuitstoot op de Noordzee als de wind uit de juiste richting stond tot in de hoofdstad van Beieren kwam. Professor James Corbett van de University of Delaware in de Verenigde Staten, een van de meest gerenommeerde experts op dit gebied, berekende het aantal voortijdige sterfgevallen door de emissie van schepen wereldwijd op 60.000.

Stemmingmakerij

De onbetwistbare schadelijkheid van het gebruik van zware olie in de scheepvaart gebruiken organisaties als de Naturschutzbund Deutschland (NABU) om op alarmistische wijze stemming te maken tegen de cruisevaartindustrie. Bijvoorbeeld met de bewering “een enkele oceaanreus stoot op een cruisevaart evenveel schadelijke stoffen uit als vijf miljoen auto’s”. Dat is natuurlijk appels en peren vergelijken. De doorsnee-auto is 20 à 30 minuten per dag onderweg, terwijl schepen op zee rond de klok varen en daarbij honderden kilometers afleggen. Daar komt bij dat ze duizenden mensen aan boord hebben, terwijl in auto’s meestal maar één of twee personen zitten.

Quantum of the Seas op de Elbe, Hamburg Altona

Fijnstofmetingen

Helge Grammerstorf, directeur van de Duitse tak van de Clia (Cruise Lines International Association) beklaagt dan ook volkomen terecht dat de vergelijkingen van de NABU zelfs voor een opstel van een student nog beneden peil zouden zijn.

Dat geldt ook voor de dilettantisch uitgevoerde fijnstofmetingen, volgens welke passagiers op het dek van een cruiseschip aan meer dan tien keer zo veel roetdeeltjes blootgesteld zouden worden als in de om zijn slechte lucht bekend staande Chinese hoofdstad Peking. Professor Holger Watter van de Hochschule Flensburg kwam bij zijn tegenberekening op heel andere waarden. Met alle factoren rekening houdend zou de emissie van schepen zelfs een zesde lager kunnen zijn dan die van auto’s.

Luchtvervuiling

Blijft staan dat de uitstoot van schepen onmiskenbaar voor luchtvervuiling zorgt. Zo is een grote havenstad als Hamburg meer dan een derde van de stikstofoxidebelasting van schepen afkomstig. Daar zijn echter bij lange na niet alleen cruiseschepen voor verantwoordelijk. Die maken immers minder dan één procent van de wereldwijde burgervloot uit. Tegenover de circa 400 luxe-liners staan circa 50.000 vrachtschepen, die dezelfde brandstof verstoken.

Nabehandeling

Daar komt bij dat de rederijen zich in toenemende mate inzetten om de emissie van hun cruiseschepen door systemen voor nabehandeling te reduceren. Daarmee willen ze zowel het comfort aan boord vergroten als hun imago verbeteren. Voor vrachtschepen is dit nauwelijks een thema. Veel West-Europese cruiseschepen beschikken reeds over stikstofoxidekatalysatoren en de nodige technische voorwaarden om stroom vanaf het land te gebruiken, zodat de generatoren aan boord in de havens uitgeschakeld kunnen worden.

Overstap naar LNG

Daarnaast wordt geprobeerd van zware olie af te stappen. Een belangrijke stap in deze richting ondernam het bedrijf AIDA Cruises met de ingebruikname van het schip AIDAnova in december 2018. Het op de Meyer-werf in Papenburg gebouwde schip is het eerste cruiseschip dat volledig op LNG (vloeibaar gemaakt aardgas) loopt. Mede daardoor stoot het schip praktisch geen fijnstof uit en is de uitstoot van stikstofoxiden zo’n 80 procent geringer.

De AIDAnova voor de 70 meter hoge hal van de Meyer-werf (foto: Dick Elbers)

AIDA Cruises wil tot 2023 nog twee van deze LNG-schepen in gebruik nemen. Andere bedrijven volgen, zo bestelde ook het Zwitserse MSC Cruises twee nieuwe schepen, die in 2022 en 2024 opgeleverd worden en eveneens op LNG varen.

Minder zwavel

Verder mag in de Noordzee en Oostzee inmiddels uitsluitend nog zware olie met een gereduceerd aandeel zwavel van 0,1 procent gebruikt worden. Vanaf 1 januari 2020 laat de International Maritime Organization bovendien wereldwijd alleen nog brandstoffen toe waarvan het zwavelgehalte bij hoogstens een zevende van de momenteel gebruikelijk waarde ligt. Tot slot zijn er reeds cruiseschepen die aanzienlijk afstanden elektrisch kunnen varen, zoals de MS Roald Amundsen van de Noorse rederij Hurtigruten, die in ecologisch gevoelige gebieden als de Noord- en Zuidpool ingezet wordt.

De MS Roald Amundsen, hier in de wateren rond Antarctica, kan lange afstanden elektrisch varen (foto: Hurtigruten).

Simplistische kritiek

Zonder de reële milieubelasting uit het oog te verliezen, mogen we dus vaststellen dat de simplistische kritiek van sommige milieuorganisaties op de cruisevaartindustrie voorbij gaat aan belangrijke technologische ontwikkelingen waardoor de branche de belasting verkleint. Het is goed om te bedenken dat op donaties aangewezen organisaties als de NABU belang hebben bij spectaculair slecht nieuws om zo de aandacht van het grote publiek op zich te vestigen.

Media

Iets dergelijks geldt overigens voor de media. Zo berichtte een Duitse tv-zender dat metingen uitgewezen zouden hebben dat de in de haven van Hamburg liggende AIDAperla daar enorm veel fijnstof zou produceren. In werkelijkheid liepen de stroomgeneratoren van het schip in aangemeerde toestand volledig op LNG, zodat er helemaal geen fijnstof ontstond. Men had alleen de algemene luchtvervuiling in de haven gemeten, die uit vele factoren resulteerde, maar uitsluitend aan het bewuste cruiseschip werd toegeschreven.

Posted on 1 Comment

Windmolens verantwoordelijk voor insectensterfte

Als oorzaak voor insectensterfte wijst men doorgaans op het gebruik van pesticiden in de landbouw. Windmolens zouden echter ook een rol spelen. Dat komt naar voren uit een modelanalyse van het Deutsche Luft- und Raumfahrtzentrum (DLR). 

Het hoeft niemand te verwonderen dat de rotorbladen van windmolens ieder jaar niet alleen honderdduizenden vogels en vleermuizen doden, maar ook vliegende insecten. Aan het DLR-onderzoek ligt de schatting ten grondslag dat in de zomer 5,3 miljard vliegende insecten met een biomassa van bij elkaar 24.000 ton de Duitse windmolenparken passeren. Zo’n vijf procent, oftewel 1200 ton daarvan zou ten prooi kunnen vallen aan windmolens. Bij zo’n 25.000 windmolens in Duitsland betekent dat zo’n 50 kilo aan gedode insecten per windmolen per jaar.

Acuut gevaar

Vanwege deze orde van grootte zien de auteurs van de studie een acuut gevaar voor de reeds sterk geslonken populatie vliegende insecten. Volgens een recente studie in het vaktijdschrift Biological Conservation bedraagt de afname van vliegende insecten wereldwijd gemiddeld 50 procent. Voor Duitsland valt op basis van lange termijnwaarnemingen zelfs een afname van tot 80 procent in de afgelopen 30 jaar op te tekenen. De bovengemiddelde afname in een land als Duitsland met tienduizenden windmolens zou kunnen wijzen op een direct verband met de steeds verder uitdijende windenergiesector. Dat stellen ook de auteurs van de studie, die verder onderzoek aanbevelen.

Insectenmigratie

Tot nog toe golden het verlies aan leefgebieden door intensieve landbouw, overbemesting en pesticide, verstedelijking en lichtvervuiling als hoofdoorzaken voor de insectensterfte. Op grond van onderzoek naar de wisselwerking tussen windenergie en insectenmigratie, concluderen de DLR-wetenschappers dat volgroeide vliegende insecten kort voor het leggen van eitjes in grote zwermen hoge en snelle luchtstromen opzoeken, om zich door de wind te laten meevoeren naar dikwijls veel verder gelegen broedplaatsen. Foto’s bewijzen dat insecten zich daadwerkelijk op hoogtes tot 100 meter begeven. Hun vluchtroutes kruisen zodoende de rotorbladen van windturbines die de lucht op hoogtes tussen 20 en 135 meter doorklieven.

Uitbouw windenergie

De onderzoekers benadrukken dat de sinds 1990 gestimuleerde uitbouw van windenergie zonder onderzoek naar hoe dit zich verdraagt met de vlucht van insecten een nalatigheid is geweest. Begin jaren 2000 werd wetgeving voor hernieuwbare energie met aanzienlijke subsidies voor windenergie voorbereid. Alles wat dit zou hinderen was voor de toenmalige rood-groene regering ongewenst. Nu moet men echter concluderen dat het weer aansterken van de insectenpopulatie bij gelijkblijvende sterkte of verdere uitbouw van windenergie onmogelijk lijkt. Meer insecten zouden ook grotere insectensterfte tot gevolg hebben.

Prestatieschommelingen

In 2001 publiceerde een groep Nederlandse en Deense wetenschappers in het Britse vakblad Nature onder de titel ‘Insects can halve wind-turbine power’ reeds de these dat de inslag van insecten op de rotorbladen de effectiviteit van windturbines tot 50 procent zou kunnen verslechteren. De prestatieschommelingen van windmolens schrijft men ondertussen toe aan turbulentie of luchtwervelingen achter de windmolens. Dat deze wervelingen ook insectenpopulaties reduceren, was tot nog toe een goed bewaard geheim van windturbinefabrikanten.

Gigantische luchtwervelingen

In 2017 toonde een onderzoeksgroep waaraan de Universiteit Tübingen deelnam in de Duitse Bocht (een deel van de Noordzee) voor het eerst het bestaan van kilometerlange v-vormige luchtwervelingen achter offshore-windmolens aan. Deze ontstaan zodra wind met barrières als windmolens in contact komt. De gelijkmatige stroming vertraagt en gaat wervelen. Er ontstaan turbulenties, waarin opnieuw kleinere wervelingen optreden. Ook op het land vormen zich gigantische luchtwervelingen achter iedere windmolen. Naar gelang de meteorologische omstandigheden remmen ze de wind en onttrekken ze energie aan de windturbine.

Insecten, die geursporen volgen, kiezen transitroutes op 100 meter hoogte om natuurlijke hindernissen als bomen en heuvels te vermijden. Wanneer ze de rotorbladen ongedeerd gepasseerd zijn, vervliegen ze zich vervolgens in de luchtwervelingen, waar ze van uitputting sterven.

Windenergiesector reageert afwerend

De Duitse windenergiesector met zijn circa 150.000 werknemers heeft reeds afwerend gereageerd op het onderzoek. Vermoedelijk zullen ook milieu-organisaties en politici verstokt vasthouden aan de stelling dat windenergie actieve milieu- en natuurbescherming zou zijn.

Posted on

Naoorlogse verzetshelden waarschuwen voor Baudet

De wanhoop slaat nu toch echt toe! Zelfbenoemd ‘weldenkend’ Nederland weet nu echt niet meer hoe ze Baudet moet stoppen. Ruim een week geleden werd er tijdens een antiracisme-demonstratie opgeroepen Baudet neer te schieten; het journaille en de intellectuele goegemeente was er als de kippen bij om deze moordoproep te bagatelliseren. Bijna dagelijks zitten ‘pratende hoofden’ in een van de vele talkshows te fulmineren tegen Baudet en het Forum voor Democratie. Opiniepagina’s van de dagbladen staan dag-in dag-uit vol met alarmerende schrijfsels over de filosoof-politicus en redactionele commentaren maken voortdurend hysterische vergelijkingen tussen de opkomst van Baudet en – natuurlijk – de jaren dertig van de vorige eeuw. Een al lang uitgerangeerde cabaretier schreeuwde onsamenhangende anti-Baudet kreten tijdens het herdenkingsmoment voor de slachtoffers van de aanslag in Utrecht bij de opening van het Boekenbal. Men zit kortom met de handen in het haar. Waarom wil het domme volk maar niet luisteren?!

“Volwassen politici”

Een laatste bedroevende bijdrage aan de dagelijkse stroom van anti-Baudet geluiden levert filosoof en Trouw-redacteur Leonie Breebaart. In het Letter&Geest-katern van 30 maart steekt ze al vanaf zin 1 met grof geschut van wal: “In de week voor de Maand van de Filosofie sloeg Thierry Baudet alle taboes aan diggelen die volwassen filosofen – en volwassen politici – proberen te respecteren, en die je kunt samenvatten als: doe niet of je een goddelijke ziener bent en hou je aan de feiten.”

Breebaart suggereert hier nogal wat in één zin. Baudet is geen volwassen filosoof en geen volwassen politicus, hij noemt zichzelf een ‘goddelijke ziener’ en hij houdt zich niet aan de feiten. Daarnaast verwijt de redacteur tussen neus en lippen door dat Baudet taboes doorbreekt. Laat het nu juist de generatie linkse journalisten zijn die er prat op gaat overal en nergens taboes te willen doorbreken! Maar Baudet, die schopt tegen het linkerbeen, verstoort het progressieve feestje.

Bodar op de korrel

Wie is Breebaart om vast te stellen wie wel volwassen is en wie niet? Welke criteria hanteert de filosoof/redacteur daarvoor? Op z’n minst mag je daarvan toch wel een verantwoording verwachten van iemand die zichzelf filosoof noemt? Maar de Trouw-redacteur suggereert heel geniepig dat Baudet, in tegenstelling tot zijn tegenstanders, een kind is. En kinderen hoef je niet serieus te nemen. Dat blijkt al uit de volgende alinea, waarin Breebaart Antoine Bodar, die zeldzaam moedig in Buitenhof het opnam voor Baudet, op de korrel neemt. De priester had de leider van het Forum vergeleken met een gymnasiast. Breebaart schampert daarover: “Ach ja, die goeie, ouwe puberteit, toen je grootse visies de wereld in slingerde in de hoop heel geleerd over te komen.” Nee, de redactie van Trouw is dat stadium allang ontgroeid. Daar werken alleen heel volwassenen mensen.

“Het land beschermen”

Want volgens Breebaart zelf behoort zij tot de groep mensen die het land beschermen, maar die Baudet wegzet als vijanden: “En dus dat degenen die ons in werkelijkheid beschermen tegen de macht van een leider – wetenschappers, journalisten, bestuurders – weggezet moeten worden als vijanden van het volk.” Het staat er echt. Wetenschappers, journalisten en bestuurders die “ons” moeten beschermen. Wat een gotspe, wat een eigendunk, wat een arrogantie!

(Non-)conformisme in de wetenschap

Wetenschappers die bijvoorbeeld werkzaam zijn bij een van de overheidsinstellingen, zoals een Planbureau, en die braaf opschrijven wat een ministerie wil horen. Wetenschappers die zo overtuigd zijn van hun eigen theorieën, dat ieder afwijkend geluid de mond wordt gesnoerd. Neem bijvoorbeeld promovendus Joris van Rossum van de VU in Amsterdam. In zijn proefschrift haalde Van Rossum, niet christelijk, de evolutietheorie van Darwin onderuit. Hij kon een baan in zijn vakgebied vergeten.

Gekochte journalisten

Journalisten die braaf op- of beter overschrijven wat een ministerie of inlichtingendienst hen voorkauwt. Udo Ulfkotte heeft dit overtuigend aangetoond in zijn boeken, zoals ‘Gekochte journalisten’ (Uitgeverij De Blauwe Tijger). Journalisten, die acht jaar lang hijgerig en kwijlend achter president Obama hebben aangehobbeld, maar die sinds 2016 Trump wegzetten als een levensgevaarlijk man. Trouw kopte op 31 maart nog: “Donald Trump regeert als een koning die geestelijk niet tegen zijn taak is opgewassen”. Alweer een kind, net als Baudet. Verslaggevers die twee jaar lang ongenuanceerd en kritiekloos berichten over Russische beïnvloeding van de Amerikaanse presidentsverkiezingen, maar vervolgens het Mueller-rapport – dat als conclusie heeft dat er geen enkel bewijs van beïnvloeding is – in twijfel trekken. En dat noemt zich kwaliteitsjournalistiek. Journalistiek als verdienmodel is een betere naam (Perscombinatie, salaris Van Nieuwkerk, etc.).

Reductio ad hitlerum

Bestuurders die hun sociale media-kanalen gebruiken voor het rondsturen van berichten waarin Baudet en het Forum voor Democratie een-op-een geassocieerd worden met het nationaal-socialisme. Als het Forum inderdaad de grootste partij van Nederland wordt, verwacht ik al snel ‘Baudet-vrije’ gemeenten. Want de bestuurders in dit land zijn echte verzetshelden.

Breebaart zingt in dat koor lustig mee. “Nieuw-rechtse bewegingen”, “extreem-rechtse Polen”, “omvolking”, “sterke leider”: de column van de redacteur grossiert in dit soort grove associaties en beschuldigingen. Beschermers? Tendentieuze rioolratten, die een klimaat creëren dat erger is dan dat van 2002. De demonisering neemt beangstigende vormen aan. Was het in 2002 nog ‘Stop de Hollandse Haider’, nu leest men zwart op wit of tussen de regels door ‘Stop de Hollandse Hitler’. De wanhoop van de linkse elite kent geen grenzen meer. Wie herinnert zich niet de schreeuwende Alexander Pechtold in De Balie in Amsterdam? Er hoeft maar een gek op te staan…

Posted on 1 Comment

Klimaatdrammers markeren doodsstrijd oude midden #PS2019

Het politieke paradigma is aan het verschuiven en politici hebben er geen invloed op. Dat steekt. Dit is precies de reden waarom de druk van de klimaatdrammers zo groot is. Systemen in verval slaan namelijk het meest krachtig om zich heen. Een laatste flikkering van het licht voor het weer dooft. De tijden zijn er tumultueus door.

Een dergelijke kracht wordt geprojecteerd vanuit zwakte. Als je gelijk hebt hoef je niet te drammen. Dan komt men vrijwillig je kant op. Het is een teken dat de realiteit van Nederlanders veranderd is en dat ze daar in politieke zin uiting aan geven. Voor het het eerst doen ze dat massaal buiten de partijen van de Verzuiling. Die bezetten nu virtueel 1/3 van de Tweede Kamer.

Het midden verdwijnt nooit

Het politieke midden ligt altijd daar waar de meeste mensen zich comfortabel voelen om hun politieke stem aan te geven. Het midden lijkt dus alleen te verdwijnen als je zelf op een positie staat die niet meer het midden is.

Kiezers bewegen langs twee assen. Ze bewegen binnen het Overton-raamwerk. Dat is het raamwerk van maatschappelijk geaccepteerde meningen. Dit raamwerk bevindt zich op een politieke schaal. Zowel het raamwerk als de plaats op de schaal bewegen in een nieuwe richting. Het is evident dat deze verschuiving in een wat rechtsere richting is.

Het oude midden bevindt zich daardoor meer aan de rand van zowel de politieke schaal als van het Overton-raamwerk. Dat doet pijn. Zij waren het redelijke midden, vormden partijen, leuke clubs, vulden columns en collegezalen. Het is hen niet kwalijk te nemen dat ze op dezelfde plek blijven. De eigen vertrouwde netwerken laten niemand zomaar los.

Kracht is een teken van zwakte

Het oude midden kan alleen nog relevant blijven door zichzelf te krachtig te manifesteren. Dat is nodig omdat hun ideeën niet meer aansprekend zijn. Slechts door kracht worden zij nog geaccepteerd.

Het is mogelijk om deze kracht uit te oefenen omdat de netwerken nog in dezelfde denkwereld zitten. Dit zijn media- en bedrijfsnetwerken die de oude maatschappelijke midden-structuur vorm hebben gegeven. Het is logisch dat zij zich conformeren aan de overblijfselen van de oude structuren.

De realiteit is echter dat het politieke midden zich al verwijderd heeft van de oude structuren. Hierop kracht toepassen werkt niet omdat het midden zich niet laat dwingen. Dat werkt alleen bij totale repressie. Dan is er geen keuze meer over. Precies die tendens kan men terugzien in de politiek geïnspireerde censuur van het referendum, in de door mensen gemaakte algoritmes van Facebook, YouTube en Twitter. Kracht gebruiken om mensen van ideeën weg te houden is een teken van zwakte. Het toont dat de eigen leegte. Deze trend is echter niet begonnen met Rutte.

Het nieuwe paradigma

Het hautaine gedrag tegen Fortuyn is de scheidslijn. De bestaande partijen werden erdoor van hun magie ontdaan. Er was alleen nog geen ruimte voor de kiezer om daadwerkelijk weg te lopen. Dat is nu anders. Alle nieuwe partijen in de Tweede Kamer zijn post-Verzuiling partijen in de zin dat zij voor Fortuyn niet bestonden.

Deze post-Verzuiling partijen hebben geen last van apologeten van communistische moordregimes, van voormalige of onbewezen terroristen, van gekochte politici, van grote schandalen. Ze hebben hun eigen problemen, uiteraard. Deze vallen echter in het niet bij de oude partijen. Kiezers zijn nog vergevingsgezinder omdat deze partijen anders lijken te zijn.

Post-verzuilingspartijen bezetten op 17 maart 2019 virtueel 1/3 van de Tweede Kamer. Daarmee laten burgers zien dat het maatschappelijk toelaatbaar is om op het nieuwe midden te stemmen. Het is de verplaatsing van het Overton-raamwerk in de praktijk.

Trendlijnen en toekomst

De komende Provinciale Statenverkiezingen worden een nieuw datapunt voor de trendlijn van het midden. Peilingen wijzen erop dat post-Verzuiling partijen ook hier hun slag gaan slaan, met uiteraard gevolgen voor de Eerste Kamer.

De trendlijn zal in geen geval abrupt afbreken en omkeren, gegeven normale omstandigheden. Alleen uitzonderingssituaties zoals optreden tegen buitenlandse functionarissen zullen een tijdelijke winst genereren. Lokale partijen zullen hun invloed verder uitbreiden. Daarmee neemt in steeds meer bestuurslagen de invloed van het oude midden af.

Komt deze gedachte uit dan is dat een nieuwe bevestiging van de verschuiving van het midden. Dit blijft ruimte scheppen voor nieuwe partijen of de groei van bestaande post-Verzuiling partijen. In de tussentijd zal het oude midden zich krachtig verweren tegen deze verandering, waar ze geen enkele invloed op hebben.

Met het einde van de Verzuiling verdwijnen ook de partijen en hun netwerken. Dat beseffen ze deels, en dat is waarom ze zich zo met kracht manifesteren. Bedenk telkens dat het een teken van zwakte is. Als hun ideeën zo goed waren had u ze wel gevolgd en hoefde u niet gedwongen te worden. De verzuiling is nu echt ten einde. Zoals De zanger van het vorige midden zong: The times, they are, a-changing. U weet wat u te doen staat bij de komende verkiezingen.

Posted on

Verbod pulsvisserij is een teken aan de wand

Het huidige kabinet krijgt de wind van voren omdat het de pulsvisserij niet beschermt. Nemen we een stap terug dan wordt duidelijk dat er meer speelt. Al vanaf de jaren ’70 is er een dynamiek tussen technische ontwikkelingen, non-gouvernementele organisaties en de visserij die tot geharrewar leidt. Door haar positie in de EU draagt de staat verantwoordelijkheid voor het fiasco dat nu voor een deel van de visserij dreigt.

Onder invloed van economische factoren vormen de efficiënte sleepnetten die vanaf de jaren ’70 gebruikt worden een probleem. Ze dreigen de visstand te decimeren en hebben een duidelijk negatieve invloed op de kwaliteit van de zeebodem. Tijdens verschillende economische crises blijkt bovendien dat de kosten van deze methode vrij hoog zijn. Samengenomen vormt het de aanleiding tot onderzoek over te gaan, in samenwerking met de overheid.

Er worden een aantal oplossingen gevonden. Zo zorgt het hydrodynamisch sleepnet al voor minder bodemcontact en een daling van de oliekosten van 20%. Een andere oplossing die onderzocht wordt is het pulsvissen. Initieel onderzoek lijkt goede resultaten te geven. Vissers zelf zijn terughoudend én gevreesd wordt dat verdere efficiëntieverhoging de visstand alsnog (verder) in gevaar zal brengen. In 1988 verbiedt de EU (850/98) deze vorm van visserij.

Pulsvissen onder voorwaarden

In 2007 wordt pulsvissen mogelijk onder bepaalde voorwaarden tot 5% van de vloot. De Nederlandse staat regelt hiervoor in totaal €8.500.000,- subsidie, waarvan in eerste instantie slechts 7 achteraf openbaar wordt gemaakt. Waar subsidies zijn, is succes. Ter accommodatie van de vissers haalt de Nederlandse staat procedurele trucs uit om het aantal licentiehouders op te schroeven. Hiermee strijken zij enkele lidstaten zeer tegen de haren in.

Controle in 2013 leidt tot een onderzoek van fraudebureau Olaf in 2014. In totaal wordt €5.000.000,- aan verstrekte subsidie afgekeurd. Nederland wordt, voorlopig, uitgesloten van subsidies uit het Visserijfonds. In 2018 stemt het EU-parlement voor het verwijderen van de 5% en nu heeft de Europese Commissie dat overgenomen. Het gevolg is dat het gesubsidieerde werk van vele tientallen vissers nu teniet gedaan wordt. Een teruggang wordt geforceerd naar minder efficiënte en in sommige opzichten schadelijker visserij.

Makkelijk doelwit voor tegenstanders

Om twee redenen is de pulsvisserij een makkelijk doelwit voor de EU en andere organisaties. Geëlektrocuteerde vissen met gebroken ruggen en oneigenlijke gronden om procedures te belobbyen. In beide speelt de Nederlandse staat de hoofdrol.

De effecten van pulsvisserij worden voorgesteld als louter positief, terwijl dat niet het geval is. Uit proeven blijkt schade te ontstaan aan andere vissoorten, zoals de kabeljauw. Voorwaarde voor het toestaan van de 5% pulskorren was juist onderzoek doen naar het wegnemen van die schadelijke bij-effecten. Dat onderzoek vond onvoldoende plaats. Tegelijkertijd werd, mede onder het mom van onderzoek doen, gelobbyd voor meer licenties voor Nederlandse pulsvissers. Geëlektrocuteerde vissen zijn geen goede PR. Mede hierop bouwde de Franse lobbyclub Bloom haar campagne.

Het is goed te beseffen dat Nederlandse vissers zich gespecialiseerd hebben in o.a. de platvis. Pulskorren zijn hiervoor een goede uitkomst. Het verbod treft voornamelijk Nederlandse vissers. Al deze zaken samen maken het pulsvissen een makkelijk doelwit. Een doelwit, waarvoor? Hier komt de EU om de hoek en haar vernietigende werking waar ik vorig jaar over schreef.

http://www.novini.nl/pulsvisserij-en-stoommachine-frankrijk-en-eu/

Het kunstmatige probleem en de onderdaan

De EU creëert een kunstmatige ruimte waarin de macht over allen geplaatst wordt. Om in deze dynamiek invloed te hebben moeten landen coalities vormen. Daarmee is elke dynamiek onderdanig aan de EU. Het is immers diens technocratische macht die men begeert. Dit geldt ook voor de Nederlandse staat. Voor hen geldt wiens belang ze nú schaadt is wellicht bij de volgende beslisronde het hardste nodig als bondgenoot.

Pulsvisserij heeft grote potentie ondanks de kinderziektes. Duidelijk is dat de efficiënte Nederlandse visserij hierdoor in het voordeel is ten opzichte van onder andere Franse vissers. Willen zij op platvis vissen onder de EU-regels, dan moeten zij naar de Noordzee varen. Dat kost al extra geld terwijl de Nederlanders nu nog goedkoper uit zijn door nieuwe technieken.

Beslismacht

Een onafhankelijke staat bepaalt wat er binnen haar grenzen gebeurt. Precies dat gebeurt nu niet. De beslismacht over de Nederlandse natie is geheel en al overgegaan op de EU. Dat kan stapje voor stapje gegaan zijn waardoor er een zweem van legitimiteit om blijft hangen, of in een keer. Het toont in beide gevallen wat de Nederlandse staat is, een provincie van de EU.

De staat heeft zo geen daadwerkelijk belang bij de instandhouding van de pulsvisserij. Groot verzet op dit vlak betekent nog meer gezichtsverlies. Dat kan problemen opleveren op andere portefeuilles. De oplossing is niet méér lobbyen. Nu is technologische vooruitgang alleen toegestaan indien het ook in eigen belang van de grote spelers is. Dat is met Frankrijk evident niet het geval. Dus wordt dit project de nek omgedraaid.

De kleren van de staat

Belangrijker is dat de lakse houding ten opzichte van deze vissers laat zien dat zij voor de staat niets voorstellen. Zij stellen niets voor in het grote spel dat staatje spelen heet. De 5% die nu gepresenteerd wordt als doekje voor het bloeden is in feite al in 2007 vastgesteld en het is de Nederlandse staat zelf die gekozen heeft om dit te ontwijken. Dat is geen compromis. Dat is snoeihard teruggefloten worden.

We kunnen boos zijn op Brussel. Dat is erg vaak terecht. De werkelijke boosdoener huist ditmaal in den Haag. Gezwicht voor lobby, gezwicht voor haar baas bevindt de Nederlandse staat zich nu in een onmogelijke spagaat. Juist daardoor werd het mogelijk voor Franse lobbyclubs om de desastreuze campagne te voeren die nu mede leidt tot het verbod.

http://www.novini.nl/eu-is-luchtspiegeling/

In werkelijkheid is de staat een keizer zonder kleren. Met media als kleermakers zal de minister door de straten lopend verkondigen dat ze goed werk geleverd heeft met het huidige compromis. Echter, heersers bepalen; alleen dienaren zeggen niet anders te kunnen.

De visser vergeet niet. De visser wacht af en maakt zijn plan. In de getroffen vissersplaatsen ziet men weg als de staat voorbij marcheert en pretendeert onderdanen te hebben. Door niet te kúnnen kiezen voor Nederlandse belangen laat de staat zien zelf onderdaan te zijn. Het is aan u om te bepalen wat u van die situatie vindt. Dit zal namelijk niet de laatste keer zijn. In maart zijn er weer verkiezingen.

 

Posted on

Rotorbladen windmolens niet recycleerbaar

Vanwege klimaatdoelstellingen heeft Duitsland op grote schaal windmolens neergezet. Nu op afzienbare termijn grote aantallen hiervan afgeschreven worden, zit men echter met de handen in het haar over de verwerking van het afval. Met name de rotorbladen zijn praktisch niet te recycleren. 

Meer dan 20.000 windturbines draaien er tussen de Noordzee en de Alpen. Een aantal daarvan hebben hun voorgeschreven leeftijdsgrens bijna bereikt. Vanaf komend jaar wordt het een serieus probleem. Dan moet in Duitsland jaarlijks meer dan 15.000 ton vleugelmateriaal afgevoerd worden. De concepten daarvoor zijn de producenten grotendeels nog schuldig. Terwijl de beton en metaaldelen als de toren en de generator eenvoudig zijn, zijn de van kunststof gemaakte rotorbladen een echte uitdaging. Want deze bevatten gifstoffen.

[pullquote]”We stappen van de ene technologie af, omdat we niet weten wat we met het kernafval moeten, en we stappen over op een nieuwe technologie waarbij we ook niet weten wat we met het afval moeten”[/pullquote]

Ecologisch verantwoorde ontmanteling

De Frankfurter Allgemeine Zeitung berichtte onlangs dat het nog altijd ontbreekt aan gestandaardiseerde processen voor ecologisch verantwoorde ontmanteling. “We stappen van de ene technologie af, omdat we niet weten wat we met het kernafval moeten, en we stappen over op een nieuwe technologie waarbij we ook niet weten wat we met het afval moeten”, zo klaagt een woordvoerder van het recyclagebedrijf Remondis.

Demontage van een windturbine, voor een idee van de grootte staat links een personenauto (foto: KarleHorn, 2007).

Het Bundesverband Windenergie (BWE) rekent ermee dat de demontage van windmolens vanaf 2021 duidelijk toe zal nemen. Want veel molens vallen vanaf dan een voor een buiten de door de staat gegarandeerde vergoeding in het kader van de hernieuwbare energiewetgeving, die een looptijd van 20 jaar heeft.

Gifstoffen

Remondis pleit voor een richtlijn die voorschrijft dat alleen recycleerbare grondstoffen gebruikt mogen worden. De industrie heeft hierop echter tot nog toe geen antwoord. Want de windvangers bestaan onder andere uit met glasvezel versterkte kunststof. Het storten van deze composiet is verboden en bij de conventionele afvalverbranding ontwikkelt de hars giftige gassen die omslachtig gefilterd moeten worden.

In de industrievereniging RDR Wind hebben zich recent meerdere bedrijven aaneengesloten om naar oplossingen te zoeken. Men heeft zich ten doel gesteld eerst bindende demontagestandaarden uit te werken, aldus Martin Westbomke, projectingenieur bij het Insitut für Integrierte Produktion Hannover en voorzitter van de vereniging tegenover de FAZ.

Windmolens op zee

Het dagblad maakt verder melding van bijzondere problemen bij de demontage van windmolens in de Noordzee. “Om het leven dat zich rond de molen gevormd heeft niet te benadelen is een veel omzichtiger optreden dan op land vereist. Materialen zoals olie mogen bijvoorbeeld in geen geval in het water terecht komen”, aldus Berthold Hahn van het Fraunhofer-Institut für Windenergiesysteme.

Branche wil ondanks alles grotere uitbouw

Ongeacht dit debat vraagt de offshore-windbranche de Duitse regering om hogere uitbouwdoelen voor windmolens in de Noordzee en Oostzee. Tot 2030 zou minstens 20 gigawatt op het net moeten komen, zo deelde de BWE mee. Dit zou nodig zijn om zoals gepland 65 procent van de stroom uit hernieuwbare energiebronnen te winnen. Tot nu toe wil de Duitse regering tot 2030 echter slechts 15 gigawatt aansluiten. Volgens de BWE is er nu net 6,4 gigawatt. In het achterliggende jaar kwam met 136 windmolens 1 gigawatt nieuw erbij. Rekenkundig komt een gigawatt overeen met de elektriciteitsproductie van een blok van een kerncentrale.