Posted on

Rusland vergemakkelijkt verstrekking paspoort aan inwoners Donbass

De Russische president Poetin heeft een presidentieel decreet getekend waardoor inwoners van de Donbass gemakkelijker een Russisch paspoort kunnen krijgen. Dat kwam hem op een sterke veroordeling vanuit Oekraïne en de VS te staan. Een dag na de uitvaardiging van het decreet nam de Verchnova Rada een reeds lang besproken voorstel voor een ingrijpende nieuwe taalwet aan, die niet-Oekraïense talen verder uitbant.

Sprekend voor de Raad van Wetgevers (een gremium bestaande uit de voorzitters van de Doema en de Federatieraad en hun plaatsvervangers, alsmede de voorzitters van verschillende commissies in beide kamers van het parlement en de voorzitters van de parlementen van de deelgebieden van de federatie) lichtte president Poetin zijn decreet waardoor inwoners van de Donbass gemakkelijker de Russische nationaliteit kunnen ontvangen toe.

“In principe hebben wij geen behoefte om problemen te creëren voor de nieuwe Oekraïense macht. Maar om een situatie te tolereren waarin mensen die leven op het territorium van deze Donetsk- en Loeganskrepublieken hun burgerrechten volledig ontnomen worden, dit gaat de grenzen al te buiten in termen van mensenrechten. Ze mogen niet normaal heen en weer bewegen, ze mogen niet in hun meest elementaire behoeftes voorzien. Dit is een zuiver humanitair vraagstuk.”

Het verwijzen naar humanitaire gronden voor de versimpeling is niet uit de lucht gegrepen. Dat de Volksrepublieken Donetsk en Loegansk niet worden erkend betekent dat veel inwoners van het gebied geen internationaal paspoort meer hebben. Als ze al een Oekraïens internationaal paspoort hadden aan het begin van het conflict kan deze zijn verlopen of kwijtgeraakt in de oorlog. Sommigen kunnen mogelijk het territorium van Oekraïne niet meer in vanwege mogelijke represailles. Paspoorten kunnen om die redenen niet opnieuw worden aangevraagd. Wel hebben de twee niet-erkende landen hun eigen paspoorten uitgegeven. Die worden echter alleen in Rusland geaccepteerd.

Paspoorten niet uitgedeeld, maar aan te vragen

Het Russische ministerie van Binnenlandse Zaken legt in een verklaring uit dat de regeling vooral bedoeld is voor personen die permanent wonen op het territorium van de Volksrepublieken Donetsk en Loegansk (DNR en LNR). Hierbij hoeft de aanvrager geen afstand te doen van zijn Oekraïense nationaliteit, mocht hij deze nog bezitten. In de verklaring is sprake van het accepteren van verzoeken van personen in de bovenstaande categorie langs ambtelijke weg vanuit de LNR en de DNR. De verzoeken zullen vervolgens worden beoordeeld in het Russische Rostov Oblast. Binnen drie maanden moet er een antwoord volgen, waarna het paspoort zal moeten worden opgehaald in Rusland. Mogelijk zal het ophalen aan de grens zelf kunnen.

Dat paspoorten worden ‘uitgedeeld’, zoals de Volkskrant beweert, is op basis van informatie die nu bekend is onjuist. Ook is er geen sprake van dat Rusland de nationaliteit van inwoners van de Donbass verandert zoals de scheidende Oekraïense president Porosjenko beweert. Inwoners moeten zelf de aanvraag indienen en worden niet gevraagd de Oekraïense nationaliteit op te geven.

Nieuwe president

Het presidentiële decreet komt slechts drie dagen na de Oekraïense presidentsverkiezingen waarin Zelensky met een overgrote meerderheid van de stemmen heeft gewonnen. De toekomstige president van Oekraïne heeft te kennen gegeven met Rusland (maar niet met de DNR en LNR) te willen onderhandelen over het stoppen van de oorlog in Donbass. Zelensky stelde daarnaast een ‘informatie-oorlog’ te willen starten om de oorlog in Oekraïne te beëindigen. Hij nodigde journalisten en bloggers uit hem te helpen.

Nauw contact met oligarch Kolomoisky

Zelensky wordt ervan verdacht de kandidaat te zijn voor de oligarch Kolomoisky. In de afgelopen paar weken is meer duidelijk geworden over de verhouding tussen Kolomoisky en Zelensky. Onder andere is gebleken dat de acteur die in dienst was bij het TV-kanaal 1+1 van Kolomoisky en tijdens de campagne stelde geen contact met Kolomoisky te onderhouden, de oligarch de afgelopen jaren 14 keer heeft bezocht in Geneve en Tel Aviv. Daarnaast zou de zender van Kolomoisky veel aandacht besteed hebben aan de kandidatuur van Zelensky en zouden ze dezelfde advocaat hebben.

Kolomoisky is mogelijk de machtigste oligarch van Oekraïne. De eigenaar van PrivatBank is er vandoor gegaan met de tegoeden van veel inwoners van de Krim. Daarnaast is Kolomoisky betrokken bij een omvangrijk fraudeschandaal. Verder is de oligarch bekend om zijn financiële steun aan een reeks ultranationalistische gewapende groeperingen die tegen de separatisten in Oost-Oekraïne vechten.

Oekraïense reacties

De Oekraïense minister van Defensie Oleksandr Toertsjynov stelde: “Poetin creëert de wettelijke voorwaarden voor het officieel gebruik van de strijdkrachten van de Russische Federatie tegen Oekraïne. (…) Dit omdat de Russische wetgeving het toelaat haar strijdkrachten in te zetten om Russische burgers te beschermen buiten de Russische grenzen.” Toertsjynov voegt eraan toe dat de enige reactie hierop het versterken van de defensiecapaciteiten en het invoeren van strengere sancties is.

De permanente vertegenwoordiger van Oekraïne naar de VN, Volodimir Jeltsjenkov, meldde op twitter:

“Opgedragen door Petro Porosjenko, heb ik al een beroep gedaan op de VN Veiligheidsraad. Deze onbeschaamde stap is in tegenspraak met de Minsk-akkoorden die zijn goedgekeurd door de Veiligheidsraad.”

Ook de VS hebben fel gereageerd. In een verklaring schreef het State Department: “De VS veroordeelt de beslissing (…) door Poetin om versneld Russisch burgerschap te verlenen aan Oekraïners die leven in het door Rusland gecontroleerde deel van Oost-Oekraïne. Rusland, via deze hoogst provocatieve actie, intensiveert zijn aanval op Oekraïnes soevereiniteit en haar territoriale onafhankelijkheid.”

Nieuwe Oekraïense taalwet

De dag na het Russische presidentiele decreet nam de Verchnova Rada, het Oekraïense parlement, de wet ‘Over de Oekraïense taal’ aan. Een wet die 7 maanden geleden al besproken werd. De wet stelt dat de officiële taal van Oekraïne Oekraïens wordt. Voor veel functies wordt het daarom verplicht om de taal te spreken. In alle educatieve instellingen moeten lessen worden gegeven in het Oekraïens. In gebieden waar minderheidstalen worden gesproken (bijvoorbeeld Hongaars of Russisch) wordt de balans geregeld via de wet ‘Over de nationale minderheden’.

TV-uitzendingen moeten in het Oekraïens zijn, indien het buitenlandse programma’s zijn moeten ze worden overgesproken in het Oekraïens. Gasten die geen Oekraïens spreken moet het kanaal vertalen. In de gedrukte media moeten 50% van de boeken en tijdschriften die worden aangeboden in het Oekraïens zijn. Geprinte media mogen worden gedrukt in andere talen, maar verplicht is dat er ook in het Oekraïens wordt gedrukt. Verslag van sportevenementen moet in het Oekraïens. De wet wordt gehandhaafd met boetes die dezelfde orde van grote hebben als een gemiddeld maandsalaris. Ook wordt het voor Oekraïners verplicht de Oekraïense taal te spreken.

Videobijschrift: Nadat bekend wordt dat de Verchnova Rada de wet ‘Over Oekraïense taal’ heeft aangenomen, scandeert een groep demonstranten ‘Goed gedaan!’ en de (inmiddels ingeburgerde, maar van Nazi-collaborateurs afkomstige) groet schreeuwende: “Eer aan Oekraïne! Eer aan de helden!”) Waarna de groep het Oekraïense volkslied inzet.

‘200 000 ton aan diplomatie’

Bijna tegelijkertijd met het bekend maken van het decreet bleek dat de Amerikaanse ambassadeur in Rusland, Jon Huntsman was afgereisd naar een vliegdekschip in de Middellandse Zee. Voor het eerst sinds 2016 zijn er in de Middellandse Zee twee Carrier Task Groups aanwezig, beide bestaande uit een vliegdekschip begeleid door andere marineschepen. Aan boord verklaarde Huntsman aan CNN:

“Als je 200 000 ton aan diplomatie hebt dat door de Middellandse Zee kruist – dat is wat ik diplomatie noem, dat is wat ik voorwaarts ingezette diplomatie noem – dan hoeft niets meer te worden gezegd. Je hebt alle zelfvertrouwen dat je nodig hebt om aan tafel te zitten en te proberen oplossingen te vinden voor de problemen die ons nu al vele jaren verdelen.”

Inmiddels is bekend geworden dat Rusland een onderzeeër van de Zwarte Zeevloot door de Bosporus heeft laten varen. Het Verdrag van Montreux staat het varen van onderzeeërs door de straat alleen toe indien de onderzeeër wordt gerepareerd. De Stary Oskol, die in dienst is genomen in 2015, zou inderdaad op weg zijn naar reparatie. Dergelijke transits door de Bosporus zijn zeer zeldzaam. Toch is dit nu de tweede onderzeeër die doorvaart binnen 40 dagen.

Oekraïne zegt verdrag op

Vlak voor het uitvaardigen van het decreet door Poetin zegde Oekraïne een verdrag op dat haar verplicht geheime uitvindingen uit de Sovjet-tijd daadwerkelijk geheim te houden.

Uitgifte Russische paspoorten in het verleden

Het is niet de eerste keer dat Rusland paspoorten verstrekt aan mensen buiten de Russische Federatie. Een vergelijkbaar scenario speelde zich af in Zuid-Ossetië en Abchazië, twee niet-erkende landen die zich af hebben gescheiden van Georgië. Nadat toenmalig president Saakasjvili bekend maakte geen pensioenen en andere sociale zekerheid meer uit te betalen aan de burgers van Abchazië en Zuid-Ossetië, begon Rusland met het uitgeven van Russische paspoorten. Op die manier werd het voor inwoners van de niet-erkende landen makkelijker om een pensioen te ontvangen, zij het via de Russische Federatie.

Het Russische burgerschap van een groot aantal Abchazen en Zuid-Osseten en het willen beschermen van haar burgers in het buitenland, was een bijkomend argument voor Rusland om Zuid-Ossetië bij te staan toen er oorlog uitbrak met Georgië.

De Russische Federatie is overigens niet het enige land in de wereld dat buitenlanders (onder voorwaarden) in staat stelt het staatsburgerschap te verwerven. Ook Israël, Duitsland, Griekenland en Hongarije hebben bijvoorbeeld dergelijk beleid.

Posted on

Oekraïne straft journalist voor vredesoproep

Als er niemand is om te vechten, geen kanonnenvlees, dan zal men wel móeten onderhandelen, zo dacht de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba. Nu wordt er 13 jaar gevangenisstraf tegen hem geëist, omdat hij zich in een video-boodschap op zijn YouTube-kanaal tegen de mobilisatie uitsprak.

In 2015 klaagde de Oekraïense staat de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba aan wegens landverraad. De reden was dat de uit West-Oekraïne afkomstige journalist, die in 2014 openlijk zijn steun had uitgesproken voor de EuroMaidan, zich op zijn eigen YouTube-kanaal tegen de mobilisatie had uitgesproken. Uiteindelijk werd de journalist vrijgesproken voor landverraad. Hoewel Amnesty International hem erkende als politiegevangenen werd Kotsaba wel een gevangenisstraf opgelegd voor het hinderen van het leger. Sinds januari 2019 staat Kotsaba opnieuw terecht opnieuw voor landverraad.

In het eerste deel van een tweetal interviews spraken we met hem over het conflict in Oekraïne van 2014 tot de dag van vandaag. In dit tweede deel van het interview met Kotsaba spreken we over zijn proces en de status van de journalistiek in Oekraïne.

Posted on

“De VS en Rusland vechten tot de laatste Oekraïense patriot”

Aan beide kanten in het gewapende conflict in Oekraïne vechten patriotten, aldus de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba. Veel gewone mensen hebben zich in 2013 laten misleiden door propaganda. Zelf heeft Kotsaba zich verontschuldigd voor zijn deelname aan de Euromaidan die een staatsgreep mogelijk maakte. Inmiddels wordt hij door Kiev reeds voor de tweede maal vervolgd wegens landverraad.

De Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba werd in 2015 door de Oekraïense staat aangeklaagd wegens landverraad. De uit West-Oekraïne afkomstige journalist, die in 2013 openlijk zijn steun had uitgesproken voor de EuroMaidan, had zich op zijn eigen Youtube-kanaal tegen de mobilisatie uitgesproken. Uiteindelijk werd hij vrijgesproken voor landverraad. Maar hoewel Amnesty International hem erkende als politieke gevangene, werd Kotsaba wel een gevangenisstraf opgelegd voor het hinderen van het leger. Sinds januari 2019 staat hij opnieuw terecht voor landverraad.

Tijdens Kotsaba’s korte verblijf in Nederland zocht Novini hem op. In dit eerste deel van een tweetal interviews spreken we met hem over het conflict in Oekraïne van 2014 tot de dag van vandaag. Kotsaba kan zich hierbij beroepen op zijn verslaglegging van de Maidan. Hij heeft als één van de weinige Oekraïense journalisten de burgeroorlog van beide zijden laten zien.

Posted on

Azov-regiment keert terug naar front in Donbass

Het Azov-regiment,* dat onder het Oekraïense ministerie van Binnenlandse Zaken valt, keert naar eigen zeggen terug naar het front. Het regiment geeft aan de afgelopen jaren te hebben getraind om zich voor te bereiden op gevechten tegen de DNR en LNR. De woordvoerder van de volksmilitie** van de DNR bevestigt dat de troepen van ‘Azov’ in Donbass zijn aangekomen.

Het Azov-regiment werd in 2016 teruggetrokken van het front na te hebben gevochten in de regio van Marioepol. Volgens bronnen in de DNR vond deze terugtrekking effectief pas in 2017 plaats. In een verklaring schrijft het regiment:

“De strijders van onze eenheid zijn teruggekeerd naar de frontlinie om te vechten voor de onafhankelijkheid van Oekraïne en samen met hun gezworen broeders van het leger, voeren ze gevechtstaken uit in overeenstemming met de orders van het opperbevel.”

Azov geeft daarmee aan dat het het eerste vrijwilligersbataljon zou zijn dat direct tegenover de vijand is geplaatst.

Ministerie van Binnenlandse Zaken

Het Azov-regiment is een eenheid die onder het ministerie van Binnenlandse Zaken valt. Het regiment is berucht vanwege vermeende oorlogsmisdaden die het heeft begaan en neonazi-sympathieën van tenminste een aantal van hun leden.


* In het verleden werd er steevast over het ‘Azov-bataljon’ gesproken. Ik ben hier in Donbass vaak op terecht gewezen, aangezien ‘Azov’ nu eerder het formaat heeft van een regiment dan van een bataljon.

** Officieel heeft de DNR geen leger (meer). De facto is er echter weinig veranderd, behalve dat er nu aan de strijdkrachten van de DNR wordt gerefereerd als ‘volksmilitie’. Door de naamswijziging voldoet de DNR officieel aan het Minsk-akkoord.

Posted on

Europese landen veroordelen situatie Zee van Azov en verkiezingen in Donbass

Het Europees Parlement heeft een resolutie aangenomen waarin het de EU oproept om Rusland strengere sancties op te leggen indien de situatie in de Zee van Azov verslechtert. Daar bovenop hebben een aantal Europese landen Rusland opgeroepen om de verkiezingen van 11 november in Donbass tegen te houden.

In de resolutie van het Europees Parlement wordt het handelen van Rusland in de Zee van Azov veroordeeld. Het Europees Parlement stelt dat de inspecties die Rusland in de Zee van Azov uitvoert in strijd zijn met VN-Zeerechtverdrag.

“Hoewel de situatie in de Zee van Azov werd aangekaart in het bilateraal verdrag van 2003 tussen Oekraïne en Rusland, die deze gebieden als interne wateren van de twee staten oormerkt en beide partijen de mogelijkheid geeft om verdachte schepen te inspecteren, garanderen de overeenkomst van 2003 en het VN-Zeerechtverdrag vrijheid van navigatie.”

Het EP wijst er verder op dat de brug in Kertsj tussen de Krim en (de rest van) Rusland illegaal gebouwd zou zijn en dat door de brug 20% van de schepen niet meer door zou kunnen varen. Eveneens stelt het dat de brug ecologische schade teweegbrengt. De resolutie waarschuwt verder voor het risico dat Rusland gasvelden in de Zee van Azov in kan nemen. De resolutie veroordeelt verder ook het ongerelateerde bloedbad op een school in Kertsj.

Situatie in Zee van Azov

In maart van dit jaar heeft Oekraïne een vissersboot, de Nord, vastgezet. De vissersboot had haar thuishaven in de door Rusland gecontroleerde Krim. Ondanks dat Oekraïne geen controle meer uitoefent over de Krim, beschouwt Kiev het schiereiland nog altijd als haar eigen grondgebied en wil zodoende nog altijd bepalen wie er wel en wie niet mag komen. Het reizen naar de Krim (net als naar Donbass overigens) via Russisch territorium geldt volgens de Oekraïense wet als ‘illegaal de Oekraïense grens oversteken’. Dit heeft al tot veel bijzondere situaties geleid, waaronder dat een Russische zangeres die in de Krim heeft opgetreden de toegang tot Oekraïne werd geweigerd om daar deel te nemen aan het Eurovisiesongfestival in Oekraïne in 2017. Een dergelijk verbod om de Krim of de Donbass via Russisch territorium binnen te reizen is daarmee ook een verkapte sanctie tegen deze gebieden.

Hoewel de Krim de facto Russisch is en ook uit een referendum en meerdere onafhankelijke peilingen is gebleken dit feit ook door de bevolking wordt ondersteund, geldt de Krim voor verreweg de meeste landen nog altijd als onderdeel van Oekraïne. De situatie die door het vastzetten van de Nord is ontstaan, namelijk het aantasten van economische belangen op grondgebied dat Rusland als haar eigen beschouwt, kan dus niet via internationale organen worden aangekaart omdat zij de Krim als Oekraïens beschouwen. Bijgevolg werd er geantwoord door een groot deel van de schepen die naar Oekraïense havens varen te inspecteren. De inspecties leverden de desbetreffende rederijen tijdverlies en daarmee kosten op. De inspecties gelden als legaal, aangezien Oekraïne en Rusland een verdrag hebben gesloten dat zij de Zee van Azov als een gedeelde binnenlandse zee zien. Het gevolg is dus dat de Russische inspecties een de facto sanctie is voor het vasthouden van de Nord door Oekraïne.

http://www.novini.nl/met-marinebasis-en-navo-oefening-wil-oekraine-rusland-onder-druk-zetten-in-zee-van-azov/

De situatie leidt tot spanningen in de Zee van Azov tussen Oekraïne en Rusland. Beide landen hebben al meerdere marineschepen naar de zee verplaatst. Aangezien Oekraïne zelf geen marine van betekenis heeft, heeft de steun van het EP en ook een aantal oefeningen die NAVO-landen met de bescheiden Oekraïense marine hebben gedraaid een aanzienlijke betekenis. Daarnaast wordt er door de VS momenteel overwogen om Oekraïne Oliver Hazard Perry-klasse fregatten te leveren. Hier moet echter nog over besloten worden.

http://www.novini.nl/nederlands-fregat-houdt-oefening-met-oekraiense-marine/

Verkiezingen Donbass

Na de aanslag op het hoofd van de Volksrepubliek Donetsk (DNR), Zachartsjenko, werden snel daarna verkiezingen georganiseerd voor een opvolger voor Zachartsjenko. Deze verkiezingen staan momenteel gepland voor 11 november. Tegelijk met de verkiezingen in de DNR worden ook de in Volksrepubliek Loegansk (LNR) soortgelijke verkiezingen gehouden.

In de aanloop naar een zitting van de VN-veiligheidsraad heeft een aantal Europese landen, waaronder ook Nederland, de verkiezingen in een verklaring veroordeeld. In de verklaring van de landen wordt Rusland opgeroepen haar invloed aan te wenden op de DNR en LNR om deze verkiezingen tegen te houden.

“Als deze illegitieme ‘verkiezingen’ doorgang vinden, dan is het een overtreding van het Minsk-akkoord en de wet van Oekraïne. Alle soortgelijke illegale verkiezingen zijn niet-compatibel met de soevereiniteit en de territoriale integriteit van Oekraïne.”

De Nederlandse vertegenwoordiger voor de VN, Karel van Oosterom, verklaarde namens Nederland:

“Mijn eerste aandachtspunt betreft het aankondigen van lokale verkiezingen in gebieden die niet door de overheid worden gecontroleerd in het oosten van Oekraïne. We veroordelen deze illegitieme zogenaamde verkiezingen. Als ze worden gehouden, zullen deze nep-verkiezingen afspraken overtreden die onder het Minsk-akkoord zijn gemaakt en de Oekraïense wet overtreden. In overeenkomst met de Minsk-akkoorden, kunnen lokale verkiezingen in bepaalde delen van de regio’s Donetsk en Loegansk alleen plaats vinden in overeenstemming met de Oekraïense wet.”

Minsk-akkoord

Het vervangend hoofd van de DNR, Dennis Poesjilin, heeft inmiddels gereageerd op de stellingname van de landen. Hij wijst erop dat er in het Minsk-akkoord enkel over wordt gesproken dat beide partijen (Oekraïne en de DNR+LNR), zijn overeengekomen lokale verkiezingen te houden in de Donbass. Over een verbod wordt niet gerept in de akkoorden.

Rusland had voorgesteld om de vertegenwoordigers van de DNR en LNR aanwezig te laten zijn bij het debat over de verkiezingen. Het Russische voorstel werd echter van de hand gewezen. Dit overigens tot ergernis van zowel Rusland als de DNR:

Financiële en militaire steun

Rusland werd verder opgeroepen haar steun voor de DNR en LNR stop te zetten. De Nederlandse vertegenwoordiger voor de VN Karel van Oosterom verklaarde: “Rusland moet haar rol vervullen door haar financiële en militaire steun aan de separatisten te stoppen en haar militaire krachten en militair materieel terug te trekken uit het territorium van Oekraïne.”

Een dergelijke oproep is opmerkelijk; het noemen van de plaatsing van Russisch militair materieel suggereert dat Rusland het territorium veroverd zou hebben. Volgens het Verdrag van Den Haag  is de oorlogvoerende partij die een gebied bezet heeft echter verantwoordelijk voor de zorg voor de bevolking. Gezien de economische blokkade die Oekraïne het gebied heeft opgelegd zou een dergelijke oproep om de financiering van de DNR en LNR een humanitaire ramp betekenen. Een dergelijke oproep zou verder een oproep zijn het bovengenoemde verdrag te overtreden, wanneer men Rusland als oorlogvoerende partij beschouwt.

http://www.novini.nl/de-omvang-van-de-russische-aanwezigheid-in-donbass/

Posted on

Rusland start onderzoek naar moord op president Volksrepubliek Donetsk

De Russische Veiligheidsdienst FSB is in Donetsk aangekomen om een onderzoek uit te voeren naar de aanslag op Aleksandr Zachartsjenko, het hoofd van de Volksrepubliek Donetsk (DNR). Intussen blijft een reactie op de aanslag vanuit zowel de EU als de VS zo goed als uit.

De aanslag op Zachartsjenko is niet de eerste aanslag op een hooggeplaatste bewindspersoon in de volksrepubliek. Eerder werden al aanslagen gepleegd op de beroemde commandanten Motorola, Givi en Mozgovoj en mislukte een aanslag op de minister van Defensie van de DNR. Ondanks de bekendheid die deze mensen genieten in de Russische wereld is dit pas de eerste keer dat Rusland een onderzoeksteam naar de DNR stuurt.

Het Russische onderzoek is verder van betekenis omdat de DNR al naar Oekraïne heeft gewezen voor de verantwoordelijkheid voor de aanslag. De Russische woordvoerster voor Buitenlandse Zaken Maria Zakharova, verklaarde:

“Het hoofd van de DNR is vermoord in een terreuraanval in Donetsk. Er bestaat elke reden om aan te nemen dat het Kiev-regime achter de aanslag zit. De wereldgemeenschap moet een onafhankelijk onderzoek eisen en leiden naar die misdaad.”

Sergej Beseda, woordvoerder van de FSB, heeft al verklaard dat de Oekraïense veiligheidsdienst SBU waarschijnlijk achter de aanslag zit.

Het FSB-onderzoek is van betekenis omdat het onderzoek mogelijk kan dienen voor de bewijsvoering naar internationale organen toe voor de eventuele betrokkenheid van Kiev bij de aanslag. Dit suggereert op zijn beurt  dat Moskou nog niet klaar is met de zaak. Tot dusverre heeft Rusland opvallend duidelijk op de aanslag gereageerd, waarbij er zelfs een verklaring op presidentieel niveau is uitgegeven, hetgeen het belang onderstreept dat Moskou aan deze zaak hecht.

Op de foto: Links Russisch parlementslid en voormalig procureur-generaal van de Krim, Nataliya Poklonskaja en de bij de aanslag aanwezige minister van Financiën van de Volksrepubliek Donetsk, Alexander Timofeev, brengen laatste eer bij de kist van de vermoorde Aleksandr Zachartsjenko. Rechts een foto genomen bij de Russische Ambassade in Kiev. De foto’s zijn van de pas overleden Russische zanger Joseph Kobzon, Aleksandr Zachartsjenko en de Russische president Poetin. De kippen op de flessen verwijzen naar een kippenvleesfabriek die Zachatsjenko naar verluidt zou bezitten en hem in Oekraïne de bijnaam ‘Kippenmaarschalk’ opleverde.

Internationale reactie

De reactie van andere landen is tot nu toe zeer beperkt geweest. Ook vanuit Duitsland, Frankrijk (landen die hebben geholpen met het tot stand komen van het huidige staakt-het-vuren: ‘Minsk II’) is er amper een reactie gekomen, hetzelfde geldt voor de Verenigde Staten.

Dat is bijzonder omdat het hier een aanslag betreft op het hoofd van één van de partijen in het conflict en één van de ondertekenaars van het Minsk-verdrag. Hoewel nog niet zeker is wie er achter de aanslag zit, is de aanslag nog door geen enkel ministerie van Buitenlandse Zaken veroordeeld. Op de websites van het State Department, het Franse en Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken, van de OVSE, het twitterkanaal van Kurt Volker of de OVSE is niets te vinden. Voor zover er reacties waren, waren die kort en alleen in antwoord op directe vragen van journalisten.

Een Russisch artikel citeert een woordvoerder van de Europese unie als volgt:

“Wij als EU blijven werken aan de volledige implementatie van de Minsk-akkoorden, die een betrouwbare basis blijven voor een duurzame politieke oplossing voor het conflict, die de territoriale integriteit, souvereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne respecteert.”

Het ministerie van Buitenlandse Zaken van Frankrijk verklaarde:

“Het is niet waarschijnlijk dat de laatste ontwikkelingen in het oosten van Oekraïne de verplichtingen van de partijen onder de Minsk-verdragen of de relevantie van de bijeenkomsten in het Normandië-format  tussen Frankrijk, Duitsland, Rusland en Oekraïne zullen ondermijnen. Juist als er spanningen ontstaan moeten er in goed vertrouwen onderhandelingen begonnen worden.”

Ook de OVSE heeft afgezien van observaties over de feitelijke situatie niet gereageerd, zo meldt de organisatie  dat volgens lokale autoriteiten Zachartsjenko is omgekomen bij een aanslag en er enkele duizenden mensen op de been waren. Dat de OVSE zich verder niet uitlaat over de aanslag is des te opmerkelijker iomdat het restaurant waar Zachartsjenko is omgebracht zich op slechts enkele honderden meters bevindt van het hotel waarin OVSE-medewerkers verblijven.

“We hebben tot onze grote spijt moeten constateren dat er geen enkele reactie op de moord op de leider van de DNR, A. Zakharchenko, is geweest van de leiding van de OVSE”, aldus de Russische permanente vertegenwoordiger bij de OVSE, Alexander Loekasjevitsj.

Schuldvraag

Er bestaat in principe altijd de mogelijkheid dat de aanslag is gepleegd door een derde partij. Zo wordt er vanuit Oekraïense bronnen veel gewezen naar interne ruzies binnen de volksrepublieken. Ook bestaat de mogelijkheid dat de aanslag is gepleegd door Oekraïense ultranationalistische groeperingen zoals bijvoorbeeld de ‘Rechtse Sector’.

Feit blijft dat de DNR vrij snel bekend heeft gemaakt de daders van de aanslag te hebben opgepakt, zodoende werd het in- en uitreisverbod in de DNR ook snel weer opgeheven. De DNR wijst ook na de arrestaties uitsluitend naar Oekraïne en de verhouding met de LNR noch andere partijen is zichtbaar veranderd.


Meer over de herdenking van Zachartsjenko hier: Het laatste eerbetoon aan Alexander Vladimirovich Zakharchenko

Posted on

Hoofd Volksrepubliek Donetsk gedood in aanslag

Het hoofd van de Volksrepubliek Donetsk (DNR), Aleksandr Zachartsjenko, is bij een aanslag in een restaurant in Donetsk om het leven gekomen. Oekraïne ontkent betrokkenheid.

De raad van ministers van de DNR is bijeengekomen om de situatie te bespreken. De noodtoestand is inmiddels afgekondigd en het is iedereen verboden de DNR in of uit te reizen. Het leger van de Volksrepubliek heeft alle eenheden in de hoogste staat van paraatheid gebracht.

“Deze terroristische daad heeft tot doel  om de situatie in de republiek te destabiliseren en is uitgevoerd door een speciale operatie van Oekraïne onder de controle van de geheime diensten van de VS. (…) Alle eenheden van de militie zijn overgeplaatst naar de hoogste staat van gevechtsparaatheid. De vijand heeft geen mogelijkheden om de gecreëerde situatie te gebruiken en onze grenzen aan te vallen. Het Oekraïense regime zal bitter betalen voor de vuile slag die ons is toegebracht.”

De Oekraïense veiligheidsdienst (SBU) ontkent betrokkenheid. Igor Goeskov van de SBU zegt dat hij aanwijzingen heeft dat de aanslag het gevolg zou zijn van een interne machtsstrijd tussen de huidige regering in Donetsk en mensen die in 2014 uit de macht zijn verstoten. Ook sluit hij tussenkomst van de Russische geheime dienst niet uit.

Na de dood van Zachartsjenko treedt Dmitry Trapeznikov als waarnemend president van de Volksrepubliek op. Trapeznikov heeft voorheen gewerkt als manager bij de voetbalclub Sjachtyorsk Donetsk en heeft zich in 2014 aangesloten bij de milities tegen de Maidan-regering. Sinds 2014 bekleed Trapezhnikov een hoge functie binnen de regering van Zachartsjenko en is vanaf 2016 vicevoorzitter van de raad van ministers.

Inmiddels heeft ook het Kremlin gereageerd op de aanslag op Zachartsjenko, hoewel Rusland de Volksrepubliek niet officieel erkent. Woordvoerster Maria Zacharova van het ministerie van buitenlandse zaken verklaarde:

“Er is alle reden om te geloven dat (de moord op Zachartsjenko) door het Kiev-regime is georganiseerd, dat herhaaldelijk zulke methoden heeft gebruikt om dissidenten en ongewensten te elimineren. In plaats van het Minsk-akkoord uit te voeren en een manier te vinden om het interne conflict op te lossen, voert de Kievse oorlogspartij een terroristisch scenario uit, dat de toch al moeilijke situatie in het gebied verergert.”

Het is niet de eerste keer dat er een moordaanslag plaatsvindt in de Volksrepubliek Donetsk. Eerder dit jaar werd een mislukte moordaanslag gepleegd op de minister van Defensie. Ook een aantal beroemde commandanten zijn om het leven gebracht door aanslagen.

De vraag is wat de aanslag zal doen met de stabiliteit in de Volksrepubliek Donetsk. In de afgelopen tijd zijn een aantal ministers uit hun functie gezet vanwege corruptie. Ook heeft zich vorig jaar een staatsgreep voorgedaan in de naburige Volksrepubliek Loegansk, waar destijds het leger van de DNR tussen kwam. Dit duidt op interne problemen die verergerd kunnen worden door de dood van Zachartsjenko. Oekraïne kan op zijn beurt van een dergelijke verdeeldheid eventueel voordeel trekken in de burgeroorlog in Donbass.

De aanslag komt op een moment dat Moskou meerdere malen heeft gewaarschuwd voor een provocatie met chemische wapens in Syrië en een nieuwe bombardement van de VS op het land. In de afgelopen dagen zijn er in de buurt van Syrië een groot aantal NAVO-schepen gesignaleerd, waaronder drie Amerikaanse torpedobootjagers en een B1-bommenwerper. Als gevolg van de situatie heeft Rusland een groot deel van haar Zwarte Zeevloot (inclusief drie moderne Admiral Grigorovich-klasse fregatten) en een groot deel van de Noordelijke vloot naar de Middellandse Zee gestuurd. Deze inzet van militaire middelen in het gebied is hoogstwaarschijnlijk uitgevoerd ter afschrikking van een potentiele aanval op Syrië.

Posted on

Wonen op de frontlinie in Oekraïne

Toegang Zaitsevo Oekraine

Een monument voor de Tweede Wereldoorlog, middenin het dorp, trek direct de aandacht. Doordat het vlakbij een vernietigd gebouw staat valt de verse verflaag meteen op. “We hebben het monument al drie keer gerestaureerd. Ze weten waar ze schieten, het is een monument ter ere van de veteranen van de Tweede Wereldoorlog”, zo legt Irina Dikoen, de burgemeester van Zaitsevo uit. “Wanneer 9 mei, Bevrijdingsdag, dichterbij komt, worden alle monumenten vernietigd.”

Het vernietigde huis waar we naar kijken was vroeger het gemeentehuis van Zaitsevo. De vorige burgemeester werkte vroeger in dit gebouw. Hij verliet het dorp, maar niet voordat hij het gemeentegebouw had vernietigd met de hulp van drie tanks. Een ‘nieuw’ gemeentehuis staat vlakbij, maar de toestand van het gebouw laat veel te wensen over. De buitenkant is bezaaid met kogelgaten en gebroken ramen. In het kantoor van Dikoen zijn de meeste ramen gesloten met behulp van houten borden. Alleen een deel van het venster is afgeschermd met transparant plastic. Ondanks de moeilijkheden hangt er een vlag van de Volksrepubliek Donetsk (DNR) aan de muur. Twee foto’s zijn aan de vlag gespeld; één van Aleksandr Zachartsjenko, het hoofd van de DNR, de andere is een foto van president Poetin.

“Kijk. Gisteren, het mag dan wel niet een zwaar gevecht zijn geweest, maar het vuurgevecht duurde de hele nacht”, legt Dikoen uit. Zaitsevo ligt in Oekraïne, niemand zal het daar mee oneens zijn. Toch, een ander deel van het dorp ligt in een land dat geen ander land in de wereld erkent: De Volksrepubliek Donetsk (DNR). Het dorp ligt niet alleen vlakbij de frontlinie, de frontlinie gaat midden door het dorp heen. Het gevolg is dat het dorp bijna dagelijks onder vuur ligt. Wanneer Dikoen, zelf moeder van twee kinderen, wordt gevraagd hoe mensen in het dorp leven, antwoord ze: “Hier leven we niet, we overleven. Hoe kan je leven wanneer je bang bent naar buiten te gaan? Hoe kan je je kinderen naar buiten laten gaan als al drie keer mortieren zijn geland op de speelplaats?”

“Het gelach van kinderen hangt niet langer in de lucht. We vragen onze kinderen: ‘Wat moeten wij doen zodat jullie in orde zullen zijn?’ Er is alleen maar één antwoord: ‘Dat de oorlog moet eindigen’. Terwijl Dikoen vertelt begint ze te huilen. “De kinderen weten met wat voor kaliber er wordt geschoten. Ze weten wanneer een tank schiet, wanneer een BMP (een infanteriegevechtsvoertuig, red.) schiet, wanneer zware wapens worden gebruikt. Is dat een leven voor kinderen? Is dat een jeugd voor kinderen?”

Eén van de families in het dorp vertelt hun verhaal. Het is een familie van vier: een moeder met haar twee dochters en hun grootmoeder. De familie vertelt over hun leven in Zaitsevo en hoe de kinderen naar school gaan. “Ze hebben een busdienst gecreëerd van en naar school.” De dienst werd ingesteld omdat de school in Zaitsevo in een slechte staat verkeert, in het bijzonder sinds het dorp onder vuur kwam te liggen. Eén van de meisjes vertelt zelfs dat glas door de school vloog. Haar moeders woordgebruik imiterend: “Dank God dat niemand gewond is geraakt.”

De twee meisjes vertellen verhalen van mortiergranaten die rondom hen zijn gevallen terwijl ze op de schoolbus wachtten. Verhalen van kogels die door hun tent vlogen terwijl ze speelden in de tuin of verhalen over hoe ze van de speeltuin wegrenden toen er werd begonnen met schieten. De vraag die zich opdringt is: ‘Waarom verhuizen jullie niet naar elders?’ Tanya, de moeder van de meisjes antwoordt: “Maar waar moeten we naartoe? We hebben geen pensioen, we hebben niets. Alleen één persoon werkt, dat geeft ons 500 roebel (ongeveer 7 euro, red.) eens per twee weken. Dat is alles. Waar kan ik naartoe? Hier heb ik mijn eigen aardappelen. Maar als ik naar een appartement verhuis, moet ik dan mijn hand ophouden?”

 

Zaitsevo is misschien wel één van de meest bekende frontlinie-dorpen in de DNR. Ondanks dat, klaagt Svetlana over het gebrek aan interesse in het dorp. “Niemand komt naar ons toe.” Ze doelt daarmee echter niet op journalisten, die hier best vaak komen. Ze heeft het over de OVSE-missie. Sarcastisch voegt ze toe: “Daar, daar zijn mensen, maar hier niet. Hier zijn geen kinderen, geen mensen, geen vrouwen. Hier zijn alleen ‘separs’ (een Oekraïens scheldwoord voor de inwoners van de volksrepublieken,red.)”. De grootmoeder gaat verder: “Wat zijn separs? De separ die vrede wil, die een normaal leven wil zodat zijn kinderen in vrede kunnen leven? Is dat een separ? Ik zal niet rondrennen met een pan op mijn hoofd terwijl ik schreeuw ‘Glorie aan Oekraïne!’ (deel van een veelgebruikte leus van Banderisten, red.). Ja, laat er voorspoed zijn in Oekraïne, maar laat ze ons niet aanraken.”

Dit sentiment lijkt te worden gedeeld door de burgemeester. Iets eerder maakte zij eenzelfde opmerking. Ze vertelde over burgers die dagelijks naar de DNR rezen vanuit Oekraïne. Toen deze mensen werden gestopt op de grens en werden ondervraagd waarom ze niet in Oekraïne werkten, was het antwoord: ‘Geef me werk hier en ik zal in Oekraïne blijven!’ De burgemeester vertelt over een vader, ook op Oekraïens territorium, terwijl er een geweer op hem werd gericht werd hij met de dood bedreigd. Hij werd alleen vrijgelaten toen hij smeekte te worden vrijgelaten, niet voor hemzelf, maar voor het belang van zijn kinderen. “Toen het Oekraïense leger hier was, werden dat soort gevallen niet waargenomen. Toen Aidar, Dnjepr, Rechtse Sector (ultranationalistische vrijwilligersbataljons die inmiddels in het Oekraïense leger geïntegreerd zijn, red.) hier kwamen, toen begonnen de klachten. Toen begonnen de tranen te stromen.”

Terwijl het einde van het interview met de burgemeester naderde, vroeg ik haar wat haar hoop was voor de toekomst. Ze begon herinneringen op te halen over hoe prachtig het dorp vroeger was, dat mensen er kwamen voor vakantie, de prachtige bossen, het schone water. “Ik hoop dat mijn dorp zal bloesemen.”, verteld Irina Dikoen, “Ik weet dat de Volksrepubliek Donetsk zal helpen om huizen en de rest te herstellen. We leven met deze hoop: dat alles goed zal zijn. En dat we dit allemaal zullen herinneren als een vreselijke droom.”

Posted on

De omvang van de Russische aanwezigheid in Donbass

In een aantal video’s en rapporten van de afgelopen dagen legt de OVSE opnieuw de vinger bij de betrokkenheid van Rusland in het conflict in Oost-Oekraïne. De betrokkenheid van Rusland heeft tot veel kritiek uit westerse landen geleid. In dit artikel een korte weergave van de betrokkenheid van Rusland in het conflict in Oost-Oekraïne en de omvang hiervan. Daarnaast wordt ingegaan op een aantal juridische en ethische zaken die verband houden met de Russische aanwezigheid in Oost-Oekraïne.

De militaire aanwezigheid van Rusland in Oekraïne is op zich geen nieuws. Zelfs president Poetin heeft erkend dat er tot op zeker hoogte een Russische militaire aanwezigheid is in Oekraïne. Er blijft echter onduidelijkheid over hoever deze Russische militaire aanwezigheid precies gaat. In dat opzicht zijn een aantal recent gepubliceerde drone-beelden van de OVSE erg interessant.

Op de drone beelden is te zien hoe een colonne vrachtwagens vanuit grondgebied dat onder controle van de Volksrepubliek Donetsk en Loegansk staat in het midden van de nacht naar Russisch grondgebied toe rijdt. Eveneens is te zien hoe de colonne tegemoet wordt gereden door een konvooi vrachtwagens dat Oekraïne inrijdt. De videobeelden zijn bijzonder interessant omdat de beelden laten zien dat de colonne de Russische grens oversteekt. Wat de lading was die de vrachtwagens transporteerden is niet duidelijk. Wel moet erbij woren vermeld dat er in de DNR en LNR een avondklok geldt in verband met de oorlog.

In dezelfde week deed de OVSE nog een ontdekking. In een rapport maakte ze het volgende bekend:

In niet-door-de-overheid-gecontroleerde gebieden spotte op 28 juli een mini-drone vier verschillende elektronische oorlogsvoeringssystemen (een Leer-3 RB-341V, een 1L269 Krasukha-2 en RB-109A Bylina en een anti-drone systeem, Repellent-1) bij Tsjornuchyne (64 zuidwestelijk van Loegansk), allen werden voor de eerste keer gezien door de Waarnemingsmissie.

Voor al dit materiaal geldt dat het om gloednieuw Russisch materiaal gaat. De RB-109A Bylina bevindt zich zelfs nog in de testfase. De wapensystemen konden dus niet zijn buitgemaakt op het Oekraïense leger.

Dit is echter niet de eerste keer dat dergelijke beelden opduiken. Eveneens bekend is het verschijnen van een  modern Russisch wapensysteem Pantsir-S in Loegansk. Het gloednieuwe luchtdoelraketsysteem werd waargenomen in Loegansk rond de tijd van de slag om Debaltsevo. Ook hier gaat het om een wapensysteem wat niet door Oekraïne wordt of werd gebruikt en zodoende door Rusland moest zijn geleverd.

Pantsir-S anti-luchtsysteem rijdt door de straten van Loegansk in Februari 2015, rond de tijd van de slag om Debaltsevo.

Een ander voorval is toen de Engelse journalist Graham Phillips, die bekend staat om zijn positieve houding naar de DNR en LNR, in één van zijn video’s bij de slag om Debaltsevo in 2015 een colonne T-72B3M’s liet zien. Het gaat hier om de meest moderne versie van de T-72-tank die evenmin in gebruik is bij het Oekraïense leger en dus uit Rusland afkomstig was.

Daarnaast bestaat er een beroemde reportage van VICE News die sterk in de richting wijst van de aanwezigheid van reguliere troepen van het Russische leger. In de reportage reproduceert de journalist Simon Ostrovsky een aantal foto’s die gemaakt zijn door een officier van het Russische leger. Ostrovsky laat zien dat één van de foto’s van de desbetreffende dienstdoende officier hoogstwaarschijnlijk in Oost-Oekraïne is gemaakt ten tijde van de eerder genoemde slag om Debaltsevo.

De grenzen van de Russische militaire aanwezigheid

Met het bovenstaande is nog niet alles gezegd. De aanwezigheid van het Russische leger in Oost-Oekraïne wordt veelal groter voorgesteld dan ze naar alle waarschijnlijkheid is. Misschien wel het bekendste voorbeeld hiervan is een persconferentie van de Oekraïense president Porosjenko aan het begin van het conflict. Op de conferentie houdt Porosjenko o.a. een aantal Russische paspoorten omhoog en gebruikt dit om aan te tonen dat er Russische troepen aanwezig zijn in Oekraïne. Het beeld van Porosjenko met de paspoorten in de hand levert weliswaar mooie plaatjes, maar aantonen dat het Russisch leger massaal in Donbass aanwezig is doet het niet. Iedere Rus die het leger ingaat moet namelijk zijn paspoort inleveren en krijgt daarvoor in de plaats een militair biljet. Reizen naar het buitenland, buiten missies om, is daarmee niet mogelijk. Daarenboven kan de soldaat na zijn dienst vijf jaar het land niet uit.

(foto: Widmann/MSC)

De mediastunt van Porosjenko heeft daarentegen eerder het tegenovergestelde aangetoond: namelijk dat tussen de rebellen veel Russische burgers dienstdeden. (Overigens waren er aan de zijde van DNR en LNR niet alleen vrijwilligers uit Rusland, er waren ook Serven, Wit-Russen, Moldaviërs, Kazakken,etc.) Dit beeld werd bevestigd door de Amerikaanse journalist George Eliason die een invasief paspoort- en wapenonderzoek heeft uitgevoerd in het door rebellen gecontroleerde gebied in 2014, aan het begin van het conflict. Eliason geeft aan bij vele checkpoints te zijn gestopt die door het Prezrak-Bataljon werden gecontroleerd en daar checks te hebben uitgevoerd van paspoorten en wapens van soldaten. Hoewel hij ook een aantal Russische vrijwilligers is tegengekomen geeft hij aan dat Oekraïense paspoorthouders verreweg de meerderheid vormden. De grootste groep buitenlanders die hij bij elkaar aantrof waren tien Spanjaarden. Wat wapens betreft geeft hij aan dat het meest moderne wapen dat hij in die tijd is tegen gekomen een Kalasjnikov was van bouwjaar 1963. Het type wapen dat tegenwoordig door het Russische leger wordt gebruikt is begin jaren `90 geproduceerd.

In dit opzicht van Russische troepen in Donbass is de bewoording van het Amerikaanse State Department (ministerie van Buitenlandse Zaken) voor de milities van de LNR en DNR interessant. Het State Department refereert namelijk veelal aan de rebellen als ‘Russian-led forces’. Deze bewoording wordt onder andere gebruikt door de speciale afgevaardigde van de VS voor het conflict in Oekraïne, Kurt Volker, als de woordvoerster van het State Department Heather Nauert. Er wordt dus niet gesproken over het Russische leger, hoewel een lezer niet bekend met het onderwerp misschien wel met deze indruk achterblijft.

De woordkeuze van het State Department is in overeenstemming te brengen met het antwoord dat president Poetin eind 2014 heeft gegeven op de vraag van een Oekraïense man. Tijdens een Q&A-sessie die live werd uitgezonden op de Russische televisie deed de Oekraïner Poetin de groeten van twee Russische soldaten die zich vermeend in Oekraïense gevangenschap bevonden. Poetin antwoordde:

“We hebben nooit gezegd dat daar (in Donbass, red.) geen mensen zijn die zich daar bezighouden met het oplossen van bepaalde vragen, inclusief in de militaire sfeer. Maar dat betekent niet dat daar een aanwezigheid is van reguliere Russische troepen. Voel het verschil.”

De permanente aanwezigheid van Russen in de Donbass zal vermoedelijk commandanten betreffen (uitgaande van de woordkeuze van het State Department) en specialisten. Het is bijvoorbeeld onwaarschijnlijk dat het hierboven besproken Pantsir-S luchtdoelraketsysteem wordt bediend door lokale soldaten. Om een dergelijk systeem en elektronische oorlogsvoeringssystemen te bedienen is een aanzienlijke training nodig die niet voorhanden is in de DNR of LNR. Ook kan gedacht worden aan de aanwezigheid van Russische speciale eenheden of trainers.

Voor de permanente inzet van het reguliere leger zijn echter geen aanwijzingen. Weliswaar hebben reguliere formaties van het Russische leger hoogstwaarschijnlijk een rol gespeeld in de slag om Ilovaisk en de eerder genoemde slag om Debaltsevo (zie: Gordon M. Hahn, Ukraine over the Edge, p.272-275), op andere momenten zijn er echter geen aanwijzingen dat het reguliere Russische leger aan gevechten heeft deelgenomen in Oekraïne.

Ondanks dat zijn de tussenkomsten van het Russische leger wel op belangrijke momenten gekomen. Tijdens de slag om Ilovaisk zou, zonder de tussenkomst van het Russische leger, de DNR gevallen zijn. Tijdens de slag om Debaltsevo in februari werd een belangrijk spoorwegknooppunt, dat het in december had ingenomen, op Oekraïne heroverd.

Internationale kritiek op Rusland

Met haar steun aan de zelfuitgeroepen volksrepublieken in Oost-Oekraïne heeft Rusland veel kritiek geoogst. Overigens beperkt zich deze kritiek niet alleen tot de militaire steun, maar wordt ook de humanitaire steun die Rusland de DNR en LNR geeft bekritiseerd. Die hulp betreft bijvoorbeeld voedsel, medicijnen en schoolboeken. Volgens internationaal recht is de militaire steun aan de DNR en LNR inderdaad illegaal. Wat echter opvalt is het grote verschil in perceptie in de westerse wereld van wat Rusland in Oekraïne doet in vergelijking met de veelvuldige inmenging van westerse landen in de binnenlandse aangelegenheden van derden.

Het is bijvoorbeeld geen geheim dat de VS in de jaren ’80 de Taliban steunden toen deze verwikkeld waren in een oorlog met o.a. de Sovjet-Unie in Afghanistan. Ook de steun van de VS aan het UÇK in Kosovo is algemeen bekend en is nooit serieus veroordeeld in westerse landen. Actueler is de steun van de Verenigde Staten aan de Koerden in het noordoosten van Syrië. En daarvoor hun steun aan het Vrije Syrische Leger en de westerse bombardementen op Syrië. Dit alles is ook niet in overeenstemming met het internationale recht.

Hoewel Rusland door westerse landen wordt bekritiseerd voor hun steun aan ‘dictator Assad’, is de militaire aanwezigheid van Rusland in Syrië wel legaal. Dit komt omdat het Russische leger op uitnodiging van Syrische regering naar het land is gekomen. Voor de Verenigde Staten is dit niet het geval, Syrisch Koerdistan, voor zover zij de VS hebben uitgenodigd, is geen erkende staat, ook niet door de VS zelf. Eveneens geldt dat de oorlogen die zijn gevoerd door westerse landen tegen andere landen (zoals bijvoorbeeld de oorlogen in Irak en Afghanistan) tegen het internationaal recht ingaan.

Er is een reden voor het verschil in perceptie in het westen van bijvoorbeeld de aanwezigheid van de VS in Syrië of haar handelen in Irak toen de oorlog uitbrak, in vergelijking met de aanwezigheid van bijvoorbeeld Rusland in Oekraïne of in Georgië. In het westen worden veel oorlogen namelijk als humanitaire interventies gepresenteerd (als ‘goede’ oorlogen) die moeten worden gevoerd om een bevolking te beschermen, vrijheid en democratie te brengen, te vechten tegen een dictator, etc. Welke oorlog een ‘goede’ oorlog is en welke oorlog een ‘slechte’  wordt hier aan de lezer overgelaten. Maar of een oorlog ‘goed’ of ‘slecht’ is zegt niets over de legaliteit van een dergelijke oorlog, het internationale recht is hier vrij duidelijk over: Internationaal-rechtelijk is de militaire aanwezigheid van een land op het grondgebied van een ander land pas gerechtvaardigd als het ofwel door de VN gesanctioneerd wordt op grond van massale mensenrechtenschendingen óf het land wordt uitgenodigd op het grondgebied. Dit betekent dat de Amerikaanse aanwezigheid in Syrië evenals de Russische aanwezigheid in Oekraïne illegaal is.

Indien het standpunt wordt ingenomen dat als een oorlog ‘goed’ is, het internationaal recht voor lief mag worden genomen, dan moet echter ook worden gekeken naar de situatie waarin de Donbass-oorlog zich heeft afgespeeld. In dat geval moet in het achterhoofd worden gehouden dat westerse landen openlijk hun steun hebben gegeven aan de staatsgreep die in Kiev heeft plaats gevonden. Het daaropvolgende verbod van politieke partijen die meer georiënteerd waren op federalisering van Oekraïne kan ook dienen om een ‘humanitaire interventie’ te bepleiten. Andere pijnpunten zijn: het voorstellen van het afschaffen van de officiële status van de Russische taal, wat veel kwaad bloed heeft gezet onder de bevolking van de Donbass; het afzetten van de president en het instellen van de interim-regering had geen grondwettelijke basis en beslissingen zijn door het parlement gemaakt onder druk van geweld; het sturen van het leger naar de demonstranten in Donbass ondanks dat er amper onderhandelingen hebben plaatsgevonden tussen de demonstranten en de regering. Ook de aanslag op het vakbondsgebouw in Odessa van 2 mei 2014 en het gebrek aan vervolging van de daders zouden stuk voor stuk goed kunnen dienen als argumenten voor een ‘humanitaire interventie’ van Russische zijde.

De houding van het Westen tegenover het conflict in Oekraïne staat in schril contrast met de houding ten opzichte van het conflict in Libië of Irak: daar waar schendingen van mensen- en burgerrechten in de laatste voorbeelden in het westen als moverende redenen voor interventie gezien worden, zijn de bovengenoemde zaken in Oekraïne niet serieus opgepakt door westerse landen. Veelal genieten deze feiten zelfs amper bekendheid.

Betekent Russische aanwezigheid oorlog?

Niet verrassend blijft de Oekraïense houding ten opzichte van de militaire betrokkenheid in Donbass onverminderd hard. Door Oekraïense politici en media wordt aan de Donbass (maar ook de Krim) gerefereerd als de ‘tijdelijk bezette gebieden’. Veelal wordt er gesproken over ‘Russische agressie’ en ‘Russische militaire aanwezigheid’ en wordt er in hun taalgebruik geen onderscheid gemaakt tussen de soldaten die voor het overgrote deel lokale burgers zijn en de Russische specialisten, commandanten en materieel.

De houding van Oekraïne naar het conflict in Donbass kwam recent opnieuw aan het licht toen Deutsche Welle aan de oorlog in de Donbass refereerde als zijnde een burgeroorlog. Er werd vervolgens een mediaoffensief opgezet vanuit Oekraïne dat Deutsche Welle haar woordgebruik over een ‘burgeroorlog’ zou moeten aanpassen. In deze campagne heeft ook de Oekraïense woordvoerster van het ministerie van buitenlandse zaken Mariana Betsa zich gemengd. Het resultaat is dat Deutsche Welle uiteindelijk haar woorden heeft aangepast als zou het conflict in Donbass geen burgeroorlog zijn.

Er valt wat te zeggen voor het gebruik van de term ‘oorlog’ voor het conflict in Oost-Oekraïne. Maar om de term ‘burgeroorlog’ te vermijden gaat voorbij aan het lokale karakter van de opstand in Donbass. Rusland steunt de DNR en LNR weliswaar, ook met militaire middelen. Sterker nog, zonder Rusland zouden de volksrepublieken niet kunnen bestaan vanwege de sancties vanuit Kiev. Maar het is hetzelfde als zeggen dat de burgeroorlog in Kosovo geen burgeroorlog is maar een oorlog door de steun van de VS aan het UÇK. Eenzelfde soort argument kan worden gebruik voor de situatie in Tsjetsjenië, Libië, Jemen etc. stuk voor stuk conflicten die in het Westen algemeen als burgeroorlog worden beschouwd. Een groot deel van de achterliggende problemen gaat verloren door het conflict een oorlog te noemen waarin alleen Rusland moet stoppen.

Een peiling die vorig jaar is afgenomen in de DNR legt dit bloot. Daarin wordt opnieuw stil gestaan bij het referendum dat in 2014 werd gehouden in de DNR. Van de stemmers heeft destijds 89% voor gestemd voor ‘de akte van staatsonafhankelijkheid van de Volksrepubliek Donetsk’, 10% stemde tegen. Na drie jaar oorlog geeft slechts 55% van de deelnemers van de peiling aan nog steeds hetzelfde te zullen stemmen indien een dergelijk referendum opnieuw zou worden gehouden. De overige 45% stemt tegen. Op de vraag echter welke toekomst voor de DNR door de respondenten van de enquête wordt geprefereerd geeft 65% aan deel te willen worden van Rusland, 18% zou onafhankelijk of met de LNR verder willen, slechts 11% wil terug naar Oekraïne (9% onder voorwaarde van autonomie of in een confederatie).

Hoewel Rusland de zelfuitgeroepen Volksrepublieken in Oost-Oekraïne steunt, inclusief met (beperkte) militaire steun, lijkt de militie in de Volksrepublieken voornamelijk te bestaan uit lokale krachten. Alleen op kritieke momenten zijn deze versterkt door Russische reguliere legereenheden. Dit doet er echter weinig af aan dat er sterke aanwijzingen zijn dat de lokale bevolking weinig sympathie heeft voor een terugkeer naar Oekraïne. Het conflict in Oost-Oekraïne heeft daarom het karakter van een burgeroorlog.

Posted on

Oekraïne wil vrijwilligersbataljons weg van front

Het hoofd van de Oekraïense militaire operatie in het oosten van Oekraïne, generaal Sergej Najev, heeft gemeld dat vrijwilligersbataljons niet welkom zijn aan het front. Na een aantal scherpe opmerkingen vanuit één van de vrijwilligersbataljons is er gesproken over de mogelijkheid dat vrijwilligers worden opgenomen in het reguliere leger.

Begin juli, maakte Najev bekend dat mensen zonder ‘recht op het dragen van wapens’ niet welkom zijn aan het front in het oosten van Oekraïne, in Donbass. Najev verklaarde:

“Wat de mensen betreft, die vroeger heen en weer reisden voor het uitvoeren van onduidelijke taken op het gebied van militaire handelingen, die geen recht hebben op het dragen van wapens (…), deze mensen die nu niet in de structuur zijn opgenomen van enig machtsorgaan, zijn officieel, volgens de normen van de wet, niet gerechtigd zich te bevinden in de zone van strijdhandelingen”

Andrej Stempitskij, commandant van het Oekraïense Vrijwilligerskorps ‘Pravij Sektor’ (Rechtse Sector), verklaarde in een reactie:

“Vrijwilligers zullen alleen het gebied van de Anti-Terroristische Zone verlaten als die territoria zijn bevrijd die nu worden bezet door de Russische Federatie. Met inbegrip van de Krim.”

Niet lang na deze uitspraken hebben Najev en Dmitro Jarosj, parlementslid (tot 2015 voor Rechtse Sector) en tevens belangrijkste bevelhebber van het ‘Oekraïense Vrijwilligerskorps’, een ontmoeting gehad over de status van de vrijwilligersbataljons. Na de bijeenkomst heeft de ‘Joint Forces Operation’ van de Oekraïense regering de onderstaande verklaring op haar Facebookpagina gepost. In de verklaring wordt gesuggereerd dat vrijwilligers mogelijk via een contract werkzaam kunnen worden in het reguliere leger. Toch wordt over een overeenkomst nog niet gesproken.

“De participatie van gemotiveerde strijders van het Oekraïense Vrijwilligersleger in elk onderdeel van de strijdkrachten van Oekraïne (inclusief als een volledige uitgeruste eenheid) zijn besproken onder de voorwaarde dat ze een contract tekenen (inclusief de mogelijkheid van een korte termijncontract).”

Jarosj heeft na de bijeenkomst op zijn Facebookpagina het volgende verklaard:

“We hebben elkaar ontmoet, informatie uitgewisseld, we hebben de huidige situatie en vooruitzichten besproken. We hebben elkaar verzekerd dat eenheid kracht is en dat mensen die verenigd zijn door het idee van de statelijkheid van de Oekraïense natie iedere vijand kunnen verslaan, voornamelijk het Moskovische Rijk, en we zijn het eens geworden om gezamenlijk de bevrijding van de regio’s Donetsk en Loegansk te vieren. De Krim is niet vergeten.”

Jarosj voegde er nog aan toe dat een aantal militaire eenheden van het vrijwilligersleger hun taken als gewoonlijk zullen voortzetten.

Het door de Oekraïense overheid voorgestelde idee is niet nieuw. Al eerder beweerde Oekraïne dat er zich geen vrijwilligersbataljons aan het front tussen Oekraïne en de niet erkende volksrepublieken DNR en LNR bevonden. Een recente reportage van VICE maakte duidelijk dat deze bewering niet klopte. Soldaten die Novini aan het front heeft gesproken in de DNR bevestigen dat vrijwilligersbataljons nog steeds aan het front actief zijn.

Daarnaast wordt vanuit het leger van de Volksrepubliek Donetsk gemeld dat de vrijwilligersbataljons zich veel minder aan het staakt het vuren houden dan het reguliere Oekraïense leger. Naar verluidt braken er bij diverse gelegenheden zelfs gevechten uit tussen het Oekraïense leger en vrijwilligersbataljons. Indien Oekraïne de daad bij het woord weet te voegen en de vrijwilligersbataljons kan integreren in het Oekraïense leger zou dit daarom een grote stap in de richting kunnen betekenen van een duurzaam staakt-het-vuren.

Sinds kort heet de Oekraïense militaire operatie in Oost-Oekraïne niet langer ‘Anti-Terroristische Operatie’ maar ‘Joint Forces Operation’. Hoewel Oekraïne fel bestrijdt dat er sprake is van een burgeroorlog in Oost-Oekraïne, maar van een Russische invasie spreekt, wil zij ook niet stellen dat Oekraïne in oorlog is met Rusland. Deze rare situatie komt deels voort uit vrees voor een militaire reactie vanuit Rusland, deels omdat dit een einde kan betekenen voor leningen die Oekraïne nu van het IMF krijg.