Posted on

Oekraïne straft journalist voor vredesoproep

Als er niemand is om te vechten, geen kanonnenvlees, dan zal men wel móeten onderhandelen, zo dacht de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba. Nu wordt er 13 jaar gevangenisstraf tegen hem geëist, omdat hij zich in een video-boodschap op zijn YouTube-kanaal tegen de mobilisatie uitsprak.

In 2015 klaagde de Oekraïense staat de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba aan wegens landverraad. De reden was dat de uit West-Oekraïne afkomstige journalist, die in 2014 openlijk zijn steun had uitgesproken voor de EuroMaidan, zich op zijn eigen YouTube-kanaal tegen de mobilisatie had uitgesproken. Uiteindelijk werd de journalist vrijgesproken voor landverraad. Hoewel Amnesty International hem erkende als politiegevangenen werd Kotsaba wel een gevangenisstraf opgelegd voor het hinderen van het leger. Sinds januari 2019 staat Kotsaba opnieuw terecht opnieuw voor landverraad.

In het eerste deel van een tweetal interviews spraken we met hem over het conflict in Oekraïne van 2014 tot de dag van vandaag. In dit tweede deel van het interview met Kotsaba spreken we over zijn proces en de status van de journalistiek in Oekraïne.

Posted on

“De VS en Rusland vechten tot de laatste Oekraïense patriot”

Aan beide kanten in het gewapende conflict in Oekraïne vechten patriotten, aldus de Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba. Veel gewone mensen hebben zich in 2013 laten misleiden door propaganda. Zelf heeft Kotsaba zich verontschuldigd voor zijn deelname aan de Euromaidan die een staatsgreep mogelijk maakte. Inmiddels wordt hij door Kiev reeds voor de tweede maal vervolgd wegens landverraad.

De Oekraïense journalist Ruslan Kotsaba werd in 2015 door de Oekraïense staat aangeklaagd wegens landverraad. De uit West-Oekraïne afkomstige journalist, die in 2013 openlijk zijn steun had uitgesproken voor de EuroMaidan, had zich op zijn eigen Youtube-kanaal tegen de mobilisatie uitgesproken. Uiteindelijk werd hij vrijgesproken voor landverraad. Maar hoewel Amnesty International hem erkende als politieke gevangene, werd Kotsaba wel een gevangenisstraf opgelegd voor het hinderen van het leger. Sinds januari 2019 staat hij opnieuw terecht voor landverraad.

Tijdens Kotsaba’s korte verblijf in Nederland zocht Novini hem op. In dit eerste deel van een tweetal interviews spreken we met hem over het conflict in Oekraïne van 2014 tot de dag van vandaag. Kotsaba kan zich hierbij beroepen op zijn verslaglegging van de Maidan. Hij heeft als één van de weinige Oekraïense journalisten de burgeroorlog van beide zijden laten zien.

Posted on 1 Comment

“Wantrouw de media en val elkaar nooit in het openbaar af”

Aangetrokken door de titel Kerkgangers en Zuilenbouwers waagde ik mij aan het boek van Sid Lukkassen om mijn gedachtes daarover min of meer reviewend weer te kunnen geven. Als theoloog, één met affiniteit met de neocalvinistische traditie, was ik direct geïnteresseerd.

Ik kwam ongeveer tien jaar geleden in de restanten van de toen net doodverklaarde vrijgemaakte minizuil, maar bevond mij nog wel in een groep mensen die verzuilder waren en dachten dan ze zelf doorhadden. Ook heb ik mij met het fenomeen verzuiling beziggehouden vanuit de geschiedenis van het kerkelijk landschap van de vorige twee eeuwen. De naam Sid Lukkassen had ik wel eens voorbij zien komen, maar nooit iets van gelezen of gezien. Wat betreft politiek en maatschappelijke discussie beschouw ik mijzelf meer als een van de stillen in den lande. Desondanks was ik geprikkeld en besloot het boek te lezen en te kijken of Lukkassen mij kon overtuigen zich bij zijn nieuwe kerk te voegen of op te laten nemen in zijn zuil.

Het is vrij eenvoudig te formuleren waar De Nieuwe Zuil (verder afgekort tot DNZ) voor staat: een gemeenschap van mensen die uit solidariteit elkaar financieel willen steunen om vrije gedachte-uitwisseling te waarborgen tegen de achtergrond van de gestagneerde maatschappelijke en politieke hoofdstroom (vgl. de zin in appellerende wijs waarmee Lukkassen DNZ weergeeft op blz. 52 en 77). Deze hoofdstroom is de globalistische neomarxistische elite die zichzelf aan de macht houdt door voornamelijk tegenstanders door framing monddood te maken. Hoofdstuk negen werkt deze visie uit in 28 punten, gevolgd door een schematisch overzicht van missie, doelstelling, profiel van de leden en de te houden activiteiten. “Dus wantrouw de media en val elkaar nooit in het openbaar af”; korter en pregnanter kan het niet gezegd worden (blz. 82).

Zwaartepunt

Het zwaartepunt van het boek ligt m.i. op blz. 51-87, daarbuiten staan enkele gesprekken met mensen uit de samenleving, die allemaal de indruk maken erg blij te zijn met hem. De rest van het boek bevat allemaal betogen die de noodzaak van de zuil duidelijk maken. Lukkassen geeft zijn meningen over thema’s en gebeurtenissen uit de afgelopen tijd om het failliet van links aan te tonen en de noodzaak van DNZ op rechts. Wat mij betreft was zijn pleidooi al prima als het alleen bestond uit de bladzijdes met het zwaartepunt.

Je leest het boek om als het ware rondgeleid te worden in het gebouw, maar op den duur voelde het voor mij als lopen op de woonkamerafdeling van de Ikea. Je ziet allemaal kleine kamers, los van elkaar en op een of andere manier lijken ze op elkaar. Met als enige verschil dat de Ikea-woonkamers allemaal af zijn en de losse hoofdstukken van Lukkassen ietwat onafgerond aandoen. Dit kan natuurlijk zijn omdat hij de openheid naar de toekomst wil behouden, conform uitgangspunt 28, en alvast een voorzet wil geven voor bezinning. Per slot van rekening geeft Lukkassen van DNZ, om in de Ikea metafoor te blijven, als het ware de bouwinstructies, niet het meubel zelf.

De gewone man

Aan de andere kant lijkt het mij ook te maken te hebben met de abstractiegraad van het betoog. Soms lijkt DNZ alleen interessant voor filosofen en is het vooral een wereld van geschreven en gesproken woorden. Er zit een neiging in het denken van Lukkassen om filosofen op de grond te stellen. Ik vraag me af of de doelgroep van DNZ echt gebaat is bij het plan om een prijs uit te reiken voor “het beste boek” of om “jonge ambitieuze denkers en schrijvers” te stimuleren. Zeker aangezien hij zich richt op de vader aan de keukentafel, op de ondernemer, op de gewone man en vrouw.

Ook registreert Lukkassen dat masculiniteit een probleem is dat aangepakt moet worden, enerzijds door gebrek eraan in het Avondland ten opzichte van de islam, anderzijds doordat de linkse cultuur masculiniteit tegenwerkt. Maar in zijn ethische gedeelte komt deze notie niet terug, noch hoe de deugdethiek die hij voorstaat wordt geoefend en gewaarborgd in praktijken. Deugdethiek is bij uitstek een ethiek van een gemeenschap en praktijken, en zou masculiniteit niet het beste in gezinnen kunnen worden ingezet? Maar zoals eerder gezegd, het kan zijn dat dit in andere werken van Lukkassen die ik (nog) niet gelezen heb behandeld wordt. Wat dat betreft zou DNZ wat kunnen leren van Rod Dreher’s Benedict Option, en minder inzetten op het gehalte Intellectual Darkweb.

Filosofen en krijgslui

Er zit ook ergens iets lichtelijk ironisch in om aan de ene kant filosofen (“en andere briljante mensen”) een leiderspositie toe te schrijven en aan de andere kant voornamelijk leiders als voorbeelden te kiezen die toch krijgslui waren. Het feit dat Marcus Aurelius ook een stoïcijn was doet niet af aan het feit dat ook het zwaard de geschiedenis maakt en bepaalt wie de pen hanteert (blz. 110). Nu wil ik mij wel haasten dat dit niet betekent dat het idee van DNZ compleet waardeloos is door deze punten. Ik ben allang blij dat Lukkassen het idee oppert en dat hij serieus nadenkt over belangrijke vragen. Daarvoor verdient hij lof, zeker omdat hij een van de weinigen is die het niveau van memes en politiek-incorrect zijn door middel van vuilbekkerij en grofheden overstijgt. Ik ben niet de door hemzelf beschreven intellectueel die Lukkassen afkraakt omdat ik hem te ongenuanceerd vindt (blz. 21). Ik vermoed dat wat ik aanstip punten zijn waar hij best over in discussie zou willen, als hij mij al niet wijst op plaatsen in andere werken waar hij dit wel of anders uitwerkt (ik heb immers alleen dit boek gelezen).

Antithese?

Maar, ondanks alle waardering die ik voor zijn initiatief en denkwerk heb, voeg ik mij niet bij zijn kerk en zoek ik geen plaats binnen zijn zuil. Het is voor mij niet duidelijk waar nu de antithese zit tussen DNZ en het door Lukkassen verfoeide cultuurmarxisme. Voor Abraham Kuyper, de aanjager van de verzuiling, bestond de antithese ten diepste op het gereformeerde leerstuk van de uitverkiezing, het theologische leerstuk dat God voor de schepping heeft bepaald welke mensen er tot geloof komen of niet. Zo werd de mensheid opgedeeld in groepen, de eerste met de mogelijkheid, al dan niet geactiveerd, tot geloof, en de ander zonder de mogelijkheid tot geloof. Zonder te vervallen in theologische nuances of discussies komt deze visie erop neer dat de mensheid zich ook organiseert in twee groepen, een christelijke groep met het christelijke leven vanuit (de mogelijkheid van) het geloof, en die zonder. Omdat het beginsel van geloof ligt in een besluit van God in de eeuwigheid en niet in mensen, is de tegenstelling tussen deze mensen absoluut en onverenigbaar. Zie hier de antithese die de rechtvaardiging is voor de verzuiling, er is een onoverkoombare tegenstelling tussen gelovigen en ongelovigen.

Scheppende rede

Als ik dit kuyperiaanse schema als bril gebruik en kijk naar DNZ van Lukkassen, valt mij op dat Lukkassen wel de antithese scherp neerzet. Hij lijkt de kloof te leggen tussen twee existentieel-metafysische wereldbeschouwingen, die voorkomt dat cultuurmarxisten rationeel te overtuigen zijn (blz. 123-124)  Maar wat in vergelijking met het kuyperiaanse schema ontbreekt, is de filosofische of theologische rechtvaardiging voor de antithese. En ik vraag mij af een rechtvaardiging mogelijk is. Want naar mijn indruk is het niet dat de wereldbeschouwing van Lukkassen, een waarin rationaliteit de basis vormt, veel verschilt van de wereldbeschouwing van (cultuur)marxisten. Ook deze vertrekt vanuit rationaliteit naar de werkelijkheid en is ook een product van de Verlichting. Beide nemen hun uitgangspunt in wat dr. W. Aalders noemde de scheppende rede.

Sociaal-constructivisme

Zo beschouwd neemt Lukkassen slechts een rationele positie in tegenover een even rationele positie. DNZ staat dan voor het nationale of het Europese tegenover het globalistische. Ook staat het voor meer risico nemen, zeker in de drang naar heroïsche daden, tegenover minder risico nemen, met name ten opzichte van gevoelens van groepen mensen, het sobere tegenover het hedonistische. Zonder de rechtvaardiging van de antithese kan Lukkassen alleen maar de onwenselijkheid benadrukken, maar niet de onjuistheid aantonen van zijn tegenstanders. Daardoor zie ik in zijn wereldbeeld een ietwat willekeurige en vooral pragmatische trek. Dat verklaart waarschijnlijk ook waarom Lukkassen spreekt over macht en niet over de wet, in tegenstelling tot een van zijn voetnoten (blz. 23). Macht is niet gegrond en gerechtvaardigd door een goddelijke of kosmische wet.  Deze weg heeft Lukkassen voor zichzelf afgesneden met het beroep op Verlichting. Het is dan ook de vraag wat zijn opvatting is van de menselijke natuur, wie dit niet ziet als een essentie, loopt het grote risico om uiteindelijk te belanden in scepticisme en denken in sociaal-constructivisme.

Mobilisatie

En dit is de tragiek van de verzuiling, het is een kenmerk van wat Charles Taylor in zijn boek A Secular Age noemt The Age of Mobilisation. Een periode die vooral lag in de 19de eeuw die liep tot de jaren ’60 van de 20ste eeuw en toen werd opgevolgd door de Age of Authenticity. In de Age of Mobilization  is het kenmerkend dat politieke, sociale en kerkelijke instituten in existentie moeten worden gemobiliseerd door mensen met een gemeenschappelijk doel. Hier tegenover staat dat in eerdere tijden, het ancien régime, achter al deze politieke, sociale en kerkelijke instituten een ordening van de wereld, beter gezegd, van de kosmos stond. Deze orde ging aan alle instituten vooraf en verleende de autoriteit aan deze. Dit verklaart waarom Lukkassen macht reduceert tot menselijke disposities, die hij Informele Macht noemt (blz. 112-117).

Agnostisch

Niet dat DNZ daarmee een waardeloos idee is en direct kan worden door geschoven naar de prullenbak. Ik hoop alleen dat Lukkassen ziet dat agnostisch blijven over het volgende leven (uitgangspunt van DNZ 11, blz. 67) ook rust op onbewust aangenomen theologische uitgangspunten. Iedere levensbeschouwing die zijn uitgangspunt neemt in de autonome scheppende rede veronderstelt een perspectief buiten alles wat bestaat en buiten een absolute in zichzelf bestaande God die hieraan voorafgaat en die het Christendom altijd heeft beleden. Wie deze positie niet kan innemen, maar toch atheïst of agnost wil blijven, veronderstelt hiermee een andere of een valse god dan het Christendom belijdt en is genoodzaakt de rede te hanteren als een selffulfilling prophecy of te vervangen door willekeur en contingentie.

Co-belligerence

En hier zie ik de antithese tussen mijzelf als belijder van het klassieke Christendom en Lukkassen als een modern Verlichtingsdenker. Dat sluit discussie en sympathie voor zijn denkwerk niet uit, maar ik zal mij hierom niet in zijn zuil kunnen laten opnemen. De belangrijkste les van hem neem ik in ieder geval wel ter harte, ik zal mij niet onder druk van Lukkassen distantiëren om te laten zien dat ik heus wel deug. Want de antithese sluit niet uit dat we elkaar aan dezelfde kant van het politieke spectrum kunnen tegenkomen en met elkaar moeten samenwerken. Maar ik zal wel altijd een voor de overige stillen in den lande bekend wijsje fluiten of neuriën: Quare fremuerunt gentes.

N.a.v. Sid Lukkassen, Kerkgangers en Zuilenbouwers (eigen beheer, 2018), paperback, 273 pagina’s.

Posted on

Gevolgen confrontatie over straat van Kertsj

Naar aanleiding van het incident nabij de Straat van Kertsj hebben zowel Oekraïne als Rusland een reeks  maatregelen genomen. Zo heeft Rusland een raketsysteem geplaatst op de Krim. Oekraïne heeft van haar kant Russische mannen van 16 tot 60 jaar de toegang tot haar grondgebied ontzegd. Inmiddels is ook meer informatie naar buitengekomen die een ander licht werpt op het incident in de Zee van Azov.

Volgend op het incident van afgelopen zondag kondigde Oekraïne een staat van beleg af. De duur van de staat beleg werd echter door het parlement beperkt van 60 dagen naar 30 dagen. Bij een duur van de oorspronkelijke 60 dagen zouden namelijk de verkiezingen van eind maart moeten worden verplaatst.Het huidige besluit om voor 30 dagen de staat van beleg in te voeren, betekent echter wel dat in tien regio’s de lokale verkiezingen uitgesteld worden. De staat van beleg is namelijk niet geldig in heel Oekraïne maar is beperkt tot de provincies die grenzen aan Rusland, de Zee van Azov, de Zwarte Zee en aan Transnistrië (een gebied dat zich begin jaren ’90 onafhankelijk verklaarde van Moldavië en waar een contingent Russische troepen is gestationeerd).

Onder de staat van beleg hebben machtsorganen zoals politie en leger meer bevoegdheden en kunnen bijvoorbeeld controleposten worden opgesteld. Verder worden verkiezingen opgeschort en is het mogelijk persorganen te ‘reguleren’ en demonstraties en stakingen te verbieden. Transnistrië en de van Oekraïne afgescheiden Volksrepublieken Donetsk en Loegansk hebben als antwoord op het invoeren van de staat van beleg hun burgers opgeroepen voorzichtig te zijn met bezoeken aan Oekraïne.

Raketsystemen

Als antwoord op o.a. het Oekraïense uitroepen van de staat van beleg heeft Rusland een vierde luchtdoelraketsysteem gestationeerd op de Krim. Het gaat om een S400-systeem. Eerder, in september werd het derde S400-systeem gestationeerd op de Krim. Eveneens verscheen er een video van een BAL kustverdedigingsraketsysteem dat werd gestationeerd op de Krim. Elk BAL-lanceervoertuig is in staat acht Kh-35 raketten af te vuren, ieder uitgerust met 145 kg aan explosieven.

Het stationeren van dergelijke wapensystemen en het ook publiekelijk presenteren van de aanwezigheid van dergelijke systemen benadrukt hun A2AD-functie. Deze boodschap is zowel bedoeld voor Oekraïne als voor eventuele NAVO-landen. Vooral voor Oekraïne betekent de aanwezigheid van de S400-luchtdoelraketten een sterke beperking op haar militaire handelen daar zij, door haar beperkte marine, erg afhankelijk is van haar luchtmacht.

Russische mannen niet welkom

Naast het uitroepen van de Staat van Beleg heeft Oekraïne ook afgekondigd dat zij geen Russische mannen in de gevechtsleeftijd meer toelaat via haar grenzen. Alle Russische mannen in de leeftijd van 16 tot en met 60 jaar worden daarom geweigerd aan de grens.

Dit is een ingrijpende beslissing aangezien er veel families zijn in Oekraïne met familie in Rusland. Ook heeft Oekraïne ondanks alles nog altijd sterke zakenrelaties met Rusland die hierdoor onder druk komen te staan.

De reden die vanuit Oekraïne wordt gegeven voor het inreisverbod is dat zij wil voorkomen dat Rusland paramilitaire cellen op kan zetten op Oekraïens grondgebied.

Verbod op reizen naar de Krim

Daarnaast heeft het land ook de toegang tot de Krim ontzegd aan alle niet-Oekraïners. Er bestaat natuurlijk voor niet-Oekraïners de optie om de Krim via Rusland te bereiken. Maar omdat Oekraïne de Krim als haar grondgebied beschouwt, ziet het land een dergelijke reis als het illegaal oversteken van haar landsgrenzen. Op een reis naar de Krim (overigens ook naar Donbass) via Rusland staat een gevangenisstraf in Oekraïne. Het reisverbod naar de Krim geldt ook buitenlandse journalisten.

Bosporus

President Porosjenko heeft volgend op het incident Turkije opgeroepen om de Bosporus, de doorgang van de Middellandse naar de Zwarte Zee te blokkeren. Het lijkt op dit moment onwaarschijnlijk dat Turkije aan deze oproep gehoor zal geven, aangezien Rusland samen met Turkije in het kader van Turkish Stream bezig is met de aanleg van een nieuwe pijpleiding en het verder ook een S-400-systeem aan Turkije levert.

Blokkade straat van Kertsj

Er zijn op dit moment berichten dat de Straat van Kertsj is afgesloten voor schepen die een Oekraïense haven als eindbestemming hebben. Dit werd ook gesteld door president Porosjenko. Het is duidelijk te zien op sites als Marine Traffic dat aan beide zijden van de Krim-brug grote hoeveelheden schepen liggen. Door vaak lange controles die worden uitgevoerd op schepen door Rusland in de Zee van Azov is het vooralsnog onduidelijk of schepen ook daadwerkelijk vastgehouden worden. In ieder geval is wel duidelijk dat er niet alleen schepen in de wacht staan die als eindbestemming een Oekraïense haven hebben.

Incident straat van Kertsj

Inmiddels is meer informatie naar buitengekomen over het incident dat zich heeft voortgedaan tussen Oekraïense en Russische schepen nabij de straat van Kertsj.

Hoewel het al langer duidelijk was dat één van de Oekraïense patrouillevaartuigen is beschoten door een Russisch schip, zijn inmiddels foto’s vrij gekomen over de schade. Hoogst waarschijnlijk is het Oekraïense schip geraakt door een HE 30mm kanon. Minsten drie leden van de bemanning zouden hierbij verwondingen hebben opgelopen.

Inmiddels zijn twee belangrijke documenten naar buitengekomen. Een betreft een bevel aan de Oekraïense schepen om ongezien naar de Zee van Azov te varen. De andere betreft een opgenomen radiogesprek tussen de Russische en Oekraïense schepen, hieronder besproken. Eveneens zijn een aantal verklaringen afgelegd door Oekraïense matrozen aan de Russische geheime dienst FSB waarin zij stellen dat ze de Russische grens zijn overgestoken. Oekraïne spreekt de verklaringen tegen en stelt dat de ze onder extreme druk tot stand zijn gekomen.

Geluidsopnamen

Een populaire Oekraïense blogger en onderzoeksjournalist, Anatolij Sharij, bracht de opname naar buiten van de schepen vlak voordat de Russische marine het vuur opende op Oekraïense schepen. De Russische Douane roept op de opname de Oekraïense schepen meerdere keren op zich buiten de territoriale wateren van Rusland te begeven en daar te wachten terwijl er op een hoger niveau tussen Oekraïne en Rusland wordt besloten wat er moet gebeuren. De douane meldt daarbij dat hun doorgang niet is aangevraagd bij Kertsj. Dit is belangrijk omdat het hier om een doorgang door een zeestraat, hetgeen vermoedelijk wordt bemoeilijkt door stromingen, tegenverkeer en een relatief nauwe doorgang. De Russen wijzen er ook op dat eerder ook Oekraïense schepen mochten passeren, zij het onder een escorte.

Na enige tijd veranderen de Russen hun houding en verbieden de Oekraïense schepen de territoriale wateren van Rusland te verlaten. De Oekraïense schepen stellen dat de straat van Kertsj Russisch én Oekraïens is. Op een gegeven moment geeft het Oekraïense schip aan te vertrekken terug naar Odessa. De Russen blijven echter eisen dat de schepen stoppen. Het Oekraïense schip wijst erop dat zij geen wapengeweld gebruikt en blijft stellen dat de straat van Kertsj en Zee van Azov Russisch én Oekraïens zijn. De Russische schepen herhalen nu hun eis dat het moet stoppen. Het Oekraïense schip begint nu te herhalen dat het geen geweld gebruikt, wijst op het gedeelde bezit van de straat van Kertsj van Oekraïne en Rusland en dat het terug gaat naar de Zwarte Zee en begint dit ook alle andere schepen in de buurt dit te melden. Overigens tot de frustratie van andere schepen in de buurt.

Tijdens het Kertsj-incident bleek zich overigens ook een voor de Russische marine gênant incident te hebben voorgedaan. Zo is zeer waarschijnlijk het Russische douaneschip Don tegen haar zusterschip aangevaren nadat de Don de Oekraïense sleepboot ramde. Dit wordt duidelijk doordat in de film het andere Russische douaneschip, niet zichtbaar, zich aan bakboordzijde bevindt van de Don. Ook zijn foto’s te vinden van na het incident met daarop een duidelijk zichtbare beschadiging op de het zusterschip van de Don, ongeveer op de hoogte van de boeg van de Don.

Eveneens geeft een geluidsopname van de generale staf van het Oekraïense leger inzicht in hetgeen er is gebeurd. Er moet wel rekening mee worden gehouden dat hier bepaalde aspecten uit zijn gesneden die onvoordelig zijn voor Oekraïne.

Incident Straat van Kerst en Zeerecht

Direct na het incident hebben beide partijen elkaar beschuldigd van het over treden van het VN-zeerechtsverdrag. Zo stelt artikel 17 van het verdrag dat onschuldig verkeer door de straat niet opgeschort mag worden. Ook hebben onder het verdrag van de Zee van Azov zowel Oekraïne als Rusland vrije doorgang naar de Zee van Azov via de straat van Kertsj.

De Oekraïense schepen hadden echter hun kanonnen niet afgedekt, en het feit dat één foto zeer waarschijnlijk is gemaakt door het vizier van het boordkanon, doet vermoeden dat haar vuurgeleidingscomputer aanstond. Dit alles heeft weinig weg van de onschuldige passage als genoemd in het VN-zeerechtsverdrag.

Genoemd moet worden dat eerder in september een aantal Oekraïense schepen uit de Zee van Azov is vertrokken via de Straat van Kertsj. Destijds werd dit in de Oekraïense media met veel poeha gepresenteerd als het door die Oekraïense schepen doorbreken van een Russische marine-blokkade. De schepen werden destijds echter geëscorteerd door een Russisch douaneschip terwijl ze door de straat van Kertsj voeren.

Achtergrond

De spanningen tussen Rusland en Oekraïne in de Zee van Azov spelen al sinds maart toen een Russische vissersboot (Nord) werd vastgezet door Oekraïne omdat het een haven in de Krim had aangedaan. Rusland reageerde daarop door tijd- (en daarmee geld) rovende inspecties in te stellen voor vrachtschepen met Oekraïense havens als bestemming. Kortgeleden werd bekend dat inmiddels al 15 schepen zijn vastgehouden door de Oekraïense douane voor bezoeken aan de Krim. In ieder geval liggen sommige van die schepen tot op de dag van vandaag nog in Oekraïne. Afgelopen zondag escaleerde de situatie in de regio doordat Rusland drie Oekraïense schepen vastzette voor het illegaal oversteken van de Russische grens.

Posted on

Eerste Wereldoorlog politiek vervormd en misbruikt

De herdenkingen van de Eerste Wereldoorlog zijn nu ten einde. 1914-1918 is 100 jaar geleden
uitgevochten en beëindigd in een treinwagon in Frankrijk op 11 november 1918. Gepast dus om grote herdenkingen te houden, en stil te staan bij de gevolgen en oorzaken en uiteraard om lessen te trekken voor het hier en nu.

Op 11 november mochten de hoge meneren en mevrouwen allemaal  hun zegje komen doen over wat zij dachten over WO1. Zoals we van politici en politiek activisten kunnen verwachten, laten ze de kans zelden onbenut om te proberen te scoren voor hun eigen publiek.

Er was een leidraad: het vreselijke ‘nationalisme’ dat de oorzaak was van de Grote Oorlog en dat we nu de lessen moesten trekken om vrede te kunnen bewerkstelligen. Zonder één kritische vraag of opmerking geraken ze hier mee weg, want niemand die één van die figuren hun durft te onderbreken, laat staan tegenspreken.

Nationalisme als oorzaak van WO1?

Ik probeer 3 oorzaken boven te halen om een verband te schetsen tussen nationalisme en WO1. We beginnen met de geschiedenis die vooral eigen is in Vlaamse context. De frontbeweging ontstond in de loopgraven, uit frustratie over hoe de Franstaligen het Vlaamse voetvolk behandelden in de loopgraven. Een culturele Vlaamse beweging die streefde naar een gelijkwaardigheid binnen Belgische context, werd een anti-Belgisch nationalisme. Deze had echter zijn ontstaan pas in WO1, iets wat bezwaarlijk een oorzaak of zelfs katalysator kan zijn voor de oorlog.

Een tweede oorzaak kan liggen in de eenmakingsbewegingen en afscheidingsbewegingen, en dus de aanslag op de kroonprins van Oostenrijk-Hongarije door een Servisch nationalist. Wat men vergeet is dat er een reden was om het congres van Wenen van 1815 ter discussie te stellen. De belangen waren zeer groot. De schuldenopbouw die zeer groot was, was al een motief voor spanning op politiek vlak tussen verschillende machtsblokken.

Destabilisatie

Zo was er vanuit Groot-Brittannië ook zeer actief een politiek van destabilisatie in bv de Balkan en ten aanzien van het Ottomaanse rijk. Verschillende oppositiebewegingen werden ondersteund, door onder andere het geld van de Rothschild familie. Zo was er de steun voor de Servische nationalisten vanuit Groot-Brittannië omdat men zo hoopte Oostenrijk-Hongarije te verzwakken.[1]

Dit was trouwens in het nadeel van de Serviërs, aangezien Frans Ferdinand er een voorstander van was om het rijk om te vormen naar een tripel monarchie. Dat dergelijke afscheidingen of eenmakingen van naties gebeurden onder louter ideologische overwegingen klopt dus niet en is ofwel gezegd door een fundamenteel gebrek aan kennis, of door hypocriete bedoelingen voor politiek gewin.

Fré Morel ~ Oorlog is misleiding en bedrog (2e druk)

Een laatste verband is dat met de mobilisatie. Er werd inderdaad zonder twijfel patriottisme gebruikt om vrijwilligers te mobiliseren. Maar mobilisatie en een oorzaak van de oorlog zijn twee verschillende dingen. Wanneer een oorlog is ontketend, of men wil er naartoe werken, zal men alles gebruiken als mobilisatiekracht.

‘Making the world safe for democracy’

Hoeveel oorlogen worden er vandaag niet uitgevochten onder het mom van ‘Vrijheid en Democratie’ te brengen? We hoeven maar naar de Arabische lente te kijken. Het Westen heeft er een patent op overal ter wereld de goede boodschap te verspreiden door actief obscure oppositiebewegingen te ondersteunen.

Of deze nu vredevolle bedoelingen hebben of niet is nooit aan de orde. We denken maar aan het ondersteunen van organisaties als de Taliban in Afghanistan tegen de Soviet Unie [2], de inval van Israël tegen Nasr in Egypte voor het Suezkanaal [3] en nog veel actueler de steun aan jihadistische organisaties in Syrië en Libië [4]. Is deze mobilisatie minder kwalijk, of zijn de slachtoffers van drone-aanvallen minder dood?

Of is de constante mobilisatie en het bijbouwen van militaire basissen tegen Rusland misschien minder risicovol? Of de greep van de militaire industrie op het Witte Huis, die steeds miljoenen verdienen aan de verkoop van wapens en munitie, is dit dan iets waar we zijn op vooruitgegaan?

Oorlog is steeds misleiding en bedrog, en dat globalisten vandaag aan het woord komen om de vinger te wijzen naar hun grote vijandsbeeld ‘nationalisten’ is bijzonder wrang. Het is dansen op de lijken van de miljoenen slachtoffers onder de bevolking. Dat we vandaag iets geleerd hebben sinds 1918 is dus jammer genoeg ‘wishfull thinking’ om het op zijn Engels te zeggen.


  1. Fré morel, Oorlog is misleiding en bedrog (Groningen: De Blauwe Tijger, 2018).
  2. https://www.hln.be/nieuws/buitenland/westen-snel-akkoord-over-steun-aan-taliban-in-1980~a6e4f707/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.be%2F
  3. http://users.ox.ac.uk/~ssfc0005/The%20Protocol%20of%20Sevres%201956%20Anatomy%20of%20a%20War%20Plot.html
  4. https://www.ad.nl/politiek/onderzoek-naar-nederlandse-steun-aan-jihadisten-syrie~ada7f9a4/
Posted on

Cultuurmarxisme: een strijd om het denken

Een complottheorie voor extreemrechts? Dat is hoe de term cultuurmarxisme, die onlangs opdook in het Nederlandse publieke debat, veelal wordt weggezet. Met die Pavlovreactie kan ook de bundel “Cultuurmarxisme” worden neergesabeld in de kritieken, zo er überhaupt al aandacht aan wordt besteed. Let wel: een oordeel dat al geveld is voordat er een letter is gelezen.

Dit geeft cultuurmarxisme al enigszins weer als waartoe het in leven is geroepen: een strijd om het denken. Want wat is cultuurmarxisme? Is het gelijk aan de politieke correctheid? Marx toegepast op de cultuur?

De term wordt regelmatig als onwerkbaar beschouwd. Bovendien zouden er geen cultuurmarxisten bestaan. In dit boek schrijft daarentegen iemand mee die zichzelf als voormalig cultuurmarxist bestempelt. Puck van der Land nam jarenlang mee aan het ‘cultuurmarxistische samenlevingsverband’ van de Rotterdamse commune, wat stil ter ziele ging in 1991.

Deze bundel, waar dertien auteurs aan meeschreven, geeft een overzicht van de invloed van het nieuwe en naoorlogse marxisme op verscheidene vlakken van de Nederlandse samenleving en binnen het grotere geheel van de westerse wereld. De revolutionaire en marxistische invloeden in de wetenschap en het onderwijs, kunst en cultuur, politiek en media worden beschreven en bediscussieerd. Maar daarvoor moeten we eerst terug naar die ene Italiaanse ideoloog.

Gramsci

Medeauteur Sid Lukassen duikt met ons in de invloed van Antonio Gramsci (1891-1937), de leider van de Italiaanse communistische partij ten tijde van Mussolini, die zijn electoraal verlies verklaarde doordat de arbeiders cultureel nog niet waren voorbereid op de marxistische revolutie. Daarom wilde Gramsci de heersende hegemonie van traditionele en religieuze waarden doorbreken om de voorwaarden te scheppen voor de communistische heilsstaat.

Het huidige links kampt met een soortgelijk probleem van mensen die overstappen van socialistische partijen naar bijvoorbeeld de PVV of Front National. Het cultureel conservatieve Europa staat hierin tegenover een ‘diversiteitsdenken’. De perfect storm van het islam-en immigratiedebat, het EU-debat en de vluchtelingencrisis hebben deze tegenstellingen op scherp gezet. Ironisch genoeg kiest West-Europa doorgaans voor een kosmopolitisme met de ontchristelijkte waarden van compassie en openheid, waar het voormalige Oostblok veelal de christelijke identiteit benadrukt.

Gramsci’s cultuurmarxisme betreft de vraag hoe de heersende klasse de instemming van de ondergeschikte klasse verkrijgt en hoe die laatste de oude orde kan omverwerpen en een nieuwe opbouwen. Het verschil tussen Oost-en West-Europa is het verschil tussen Marx en Gramsci, tussen economisme en marxisme als cultuurgoed. Autoriteiten, tradities en historische instituties inspireren loyaliteiten bij de burgers aan koning, kerk en kapitaal, die doorbroken moeten worden. In het Westerse socialisme werd economisme ondergeschikt aan de culturele benadering.

Het nieuwe marxisme

De nieuwe marxistische theorievorming die hiervoor noodzakelijk bleek, werd grotendeels ingevuld door de Frankfurter Schule, die de kritische theorie ontwierp als de ultieme toepassing van de revolutie op de Westerse cultuur. De superstructuur, die bij Marx slechts van ondergeschikt belang was, werd een obsessie voor de nieuwe marxisten.

Gramsci formuleert dit als een revolutionaire stellingenoorlog (WOI) in vergelijking met de snelle revolutie in Rusland. Het is een permanente revolutie die minderheden mobiliseert om de culturele hegemonie te doorbreken. Cultuurmarxisme mobiliseert bijgevolg minderheden tegen de hoofdcultuur en ook de islam leent zich daarvoor.

Zo besteedt historicus Jan Herman Brinks aandacht aan wat hij noemt het ‘drievoudig falen’ van westerse fellow travellers tegenover de totalitaire krachten van het bolsjewisme, maoïsme en islamisme. In de islam is een nieuw proletariaat gevonden dat gered moet worden en dat de blinde intelligentsia noopt om de bevolking opnieuw op te voeden in antifascisme en multiculturalisme.

De uiteindelijke emancipatie

De ultieme bevrijding van het individu, het einddoel van de geschiedenis, moet in het cultuurmarxisme bereikt worden door de mens los te maken van traditionele instituties en autoriteiten. Als zaadjes in een bevroren stuk grond van culturele gewoonten moet men tot ontkieming worden gebracht door het ploegwerk van de staatsmacht.

Het boek is tevens de academische last stand van redacteur Paul Cliteur. Het is een aanklacht tegen de politieke correctheid en tegen de lange mars door de instituties: het veronderstelde cultuurmarxistische project dat ernaar streeft om door geweldloze ondermijning van democratische en niet-politieke instituties macht te verwerven voor het individu.

Zoals genoemd richt cultuurmarxisme zich op de cultuur, waar het klassieke marxisme de economie het primaat gaf, en probeert het de culturele hegemonie binnen de kranten, omroepen en andere media te verkrijgen door de enkeling te emanciperen. Cliteur bestrijdt specifiek de ‘cultuurmarxistische oorlog’ tegen de democratie. Hij ontwaart een zestal cultuurmarxistische trends, waaronder postmodernisme, cultuurrelativisme en identity politics, die consequent toegepast tot het einde van de democratie leiden.

Ironisch genoeg noemt Cliteur hier Karl Popper’s motto om totalitaire uitdagingen te weerstaan: “Geen tolerantie voor de intoleranten.” Een leuze die 80 pagina’s verderop door Brinks wordt verwoord als “geen vrijheid voor de vijanden van de vrijheid”, maar daar als adagium van zowel de Franse als de Russische revolutie geldt.

Is dit credo nu te gebruiken ter bescherming van de democratie tegen totalitarisme en het zogenoemde cultuurmarxisme? Of ging het ontstaan van de moderne democratische idealen gepaard met een kreet die via het liberalisme en bolsjewisme ook in het cultuurmarxisme terecht is gekomen en daarin juist een bedreiging vormt voor onze democratische instituties door ook deze tot in den treure te ‘democratiseren’?

Het laatste essay van deze bundel biedt een uitweg uit deze impasse.

De permanente revolutie

Socioloog Eric Hendriks beschrijft hoe een neo-marxistisch denkschema bestaande uit een tweedeling tussen onderdrukkers en onderdrukten, fundamenteel is voor het cultuurmarxisme en het links-identitaire acitivisme. De oorsprong van dit binaire tweedelingsschema is ouder dan het marxisme en vindt zijn origine in de Franse Revolutie en de absoluut gewaande tegenstelling van gewone burgers tegenover de geprivilegieerden. Mensen uit de adellijke stand kwamen onder de gevreesde guillotine op basis van hun groepsidentiteit. Dat is de politieke misgeboorte van de democratische verlichtingsidealen. Hendriks noemt dat ware diversiteit nooit binair, eenduidig of politiseerbaar is. Door middel van deze theoretische vereenvoudiging is de permanente revolutie desondanks in de moderniteit binnengedrongen en het egalitaire activisme is nooit meer uit de samenleving verdwenen.

In het marxisme kwam dit dualisme terug in de mobilisatie van de arbeiders tegen de kapitalisten. En in de jaren ’60 en het hedendaagse activisme is er sprake van een ‘wit privilege’ of een ‘mannenprivilege’ en komt de tweedeling terug in een veronderstelde strijd van ‘bruin tegen blank’, vrouw tegen man, student tegen docent, kind tegen ouder en allerhande dwaze en generaliserende scheidslijnen.

Hendriks besluit met een oproep om de Revolutie voor altijd achter ons te laten. Deze zit nochtans dieper in ons systeem dan we zelf kunnen toegeven. De huidige politieke correctheid bewijst dat.

N.a.v. Paul Cliteur e.v.a., Cultuurmarxisme. Er waart een spook door het Westen (Aspekt: Soesterberg, 2018), paperback, 300 pagina’s.

Posted on

Woede – een gevolg van angst?

Laatst werd in een artikel in het RD een uitspraak aangehaald van Beatrice de Graaf, professor en specialiste in het terrorisme. Tijdens een debat met Adriaan van Dis in de Jacobikerk te Utrecht zou ze hebben opgemerkt dat woede voortkomt uit angst. De uitspraak had blijkbaar indruk gemaakt – ze werd gebruikt als titel. Gegeven haar christelijke achtergrond, is het vreemd als ze deze uitspraak inderdaad gedaan heeft. Wellicht heeft de verslaggever iets niet goed begrepen of uit het verband gerukt.

Woede is geen dierlijke instinctieve reactie op gevaar en geen uiting van een pathologische angst voor een niet werkelijk bestaande bedreiging. Met andere woorden, het is geen gevolg van angst. Woede is een rationele reactie op een duidelijk onrecht, waar bovendien anderen geen of onvoldoende aandacht voor hebben. Woede trekt aandacht en wil onrecht bestrijden. De mens heeft het recht om tegenover veronachtzaamd onrecht woedend te zijn, of eigenlijk: hij heeft de plicht.

Over woede is door denkers in de klassieke oudheid en door christelijke schrijvers veel nagedacht. Het verband tussen verstand, emoties en moreel handelen heeft altijd gefascineerd. Woede is binnen het driftleven van de mens de extreme tegenpool van begeerte. Immers, begeerte kan ontaarden in een dwang om egocentrische lusten te bevredigen, terwijl woede kan verworden tot zelfdestructieve agressie. Overigens, die twee extremen versterken elkaar; overgevoelige sentimentaliteit en erotiek gaan vaak samen met wreedheid en gewelddadige tirannie.

De relatie tussen de rede en het driftleven is belangrijk, met name tussen de rede en de woede. De rede moet begeerten beheersen, die voortkomen uit de lichamelijke natuur van de mens, oftewel uit ‘het vlees’. Maar de woede komt voort uit de rede zélf, ze hoort bij een rationele conclusie, terwijl vervolgens de rede de uitingen van woede niet alleen moet controleren, maar ook moet richten. Met name Romeinse stoïcijnen en Roomse scholastieken hebben uitgebreid hierover nagedacht. Met name binnen het christendom raakt dit onderwerp ook de discussie over de rechtvaardige oorlog en de doodstraf.

Woede als zodanig is in eerste instantie geen object van politiek, maar van het persoonlijke morele leven en de vorming van een mens tot een verantwoordelijk handelend individu. Opvoeding is nodig voor een mens om rekenschap te kunnen afleggen voor zijn woorden en daden. Verstandelijke vorming én lichamelijke training zijn nodig om tot adequate en doeltreffende uitingen van woede te komen. Zelfbeheersing én doortastendheid moeten worden aangeleerd om de ‘juiste’ oftewel redelijke woede te doen ontstaan, proportioneel te houden en tot voltooiing te brengen.

Door haar nauwe band met de rede is de woede een toetssteen van de menselijke waardigheid. De woede kan een ultieme test zijn voor het natuurlijke vermogen van de mens om rekenschap af te leggen voor zijn daden. Woede roept ter verantwoording en is tegelijkertijd een antwoord. Ze getuigt van de waardigheid van de menselijke persoon en openbaart de noodzaak om rekenschap af te leggen, eventueel met inzet van eigen leven. Woede verwijst daarmee naar de onvermijdelijke en onontkoombare waarheden van het bestaan, die niet ontkend kunnen worden. Ze is de meest ‘transcendente’ drift.

Zo is te verklaren waarom de Kerk door de eeuwen heen nooit heeft willen ontkennen dat doodstraf de ziel tot het besef en de aanvaarding kan brengen dat ze rekenschap moet afleggen en de doodstraf kan ondergaan om haar waardigheid te herstellen. Dit standpunt komt dus voort uit de onverwoestbaarheid van de menselijke waardigheid, niet uit het ontkennen of uit de teloorgang daarvan (zoals de nieuwe versie van artikel 266 van de Katechismus van de Katholieke Kerk ten onrechte suggereert). Verder kan men ook inzien dat de uitspraak ‘religie is een oorzaak van oorlog’ niet klopt. Het is precies andersom: oorlog en collectieve oncontroleerbare uitingen van agressie hebben door de eeuwen heen vele zielen tot rede en religie gebracht. Oorlog is een oorzaak van religie. Juist in de areligieuze of antireligieuze conflicten van de laatste twee revolutionaire eeuwen, die miljoenen levens hebben geëist, bestaan veel voorbeelden van dit opmerkelijke verschijnsel.

Tenzij we aan de term een geheel andere betekenis geven, is het niet moeilijk in te zien dat woede in het geheel niet uit angst voortkomt. Angst en bangheid kunnen wel leiden tot tegennatuurlijke  irrationele karikaturen van woede, zoals agressie en vooral wreedheid. Ook onverschilligheid kan een verdekte vorm van angst zijn, een ultieme uiting van lafheid.

De stelling, dat woede een gevolg is van angst, kenmerkt een gedachtegoed dat zijn eigen uitgangspunten en hypotheses niet onderkent, oftewel een gesloten principeloos ‘paradigma’. Terwijl echte wetenschap altijd zijn eigen principes kritisch onderzoekt en toetst, en wijsheid altijd blijft vragen naar de ultieme zin van menselijk leven en sterven, doen en laten, en zelfs weten en niet weten, produceert een paradigma een totaal en volledig ideologisch geheel van conclusies die vaak verwarrend zijn en strijdig met elkaar. Om de chaos te vermijden en een eenheid te creëren moet dan dwang worden gebruikt – met name bureaucratische, immers het geschreven woord lijkt waarheden definitief en onomkeerbaar te maken, ook al zijn het leugens of absurditeiten.

Binnen het paradigma waarin woede uit angst voortkomt en niet uit de rede, is woede eerst een zonde, een verzet tegen de massa en de waarheid – een onrecht dat bestreden moet worden omdat ze het paradigma bedreigt. Dit vormde de basis van de totalitaire nationaalsocialistische (nazi-) staat en multinationale socialistische (sovjet-) staten van de 20e eeuw, die beide ontstonden als synthese, nadat als these en antithese het nationalisme en het internationale socialisme in de Eerste Wereldoorlog hun verleidelijkheid hadden verloren. Na de Tweede Wereldoorlog en de ineenstorting van het multinationale socialisme veertig jaar daarna was woede ineens geen schadelijke zonde meer, maar een zielige ziekte, een fobie.

Inderdaad, in het huidige ‘postideologische’ paradigma is woede en daarna de rede zélf een gebrek of een aandoening geworden. Ze moeten niet bestreden, maar genezen worden. De valse rechtvaardigheid heeft plaatsgemaakt voor een geperverteerde vorm van barmhartigheid. Alles wat aanspraak maakt op rationele argumenten mag worden vergeven en worden betiteld als fobie. Objectiviteit wordt als een kwetsende maar gelukkig geneesbare vorm van intolerantie beschouwd. Verantwoordelijkheid is dan irrelevant, volwassenheid en zelfstandigheid worden onnozele ideeën van een onvolwassen mensheid, of eventueel onnavolgbare idealen uit een mythisch verleden. Niemand hoeft nog volwassen te worden. De wereld wordt een universele buik waaruit niemand geboren hoeft te worden. Mensen verblijven en moeten blijven in een eeuwige kleuterschool, zonder fysiek geweld, maar bijeengehouden door een psychologische dwangmatigheid van commerciële verleidingen en ideologische indoctrinatie. Nog nooit in haar geschiedenis heeft de mensheid over middelen beschikt om zich in een dergelijke machtsstructuur op te sluiten. Het is nauwelijks mogelijk in deze tirannie een verworden patriarchaat te herkennen. De term matriarchaat lijkt me meer op z’n plaats.

Posted on

De omvang van de Russische aanwezigheid in Donbass

In een aantal video’s en rapporten van de afgelopen dagen legt de OVSE opnieuw de vinger bij de betrokkenheid van Rusland in het conflict in Oost-Oekraïne. De betrokkenheid van Rusland heeft tot veel kritiek uit westerse landen geleid. In dit artikel een korte weergave van de betrokkenheid van Rusland in het conflict in Oost-Oekraïne en de omvang hiervan. Daarnaast wordt ingegaan op een aantal juridische en ethische zaken die verband houden met de Russische aanwezigheid in Oost-Oekraïne.

De militaire aanwezigheid van Rusland in Oekraïne is op zich geen nieuws. Zelfs president Poetin heeft erkend dat er tot op zeker hoogte een Russische militaire aanwezigheid is in Oekraïne. Er blijft echter onduidelijkheid over hoever deze Russische militaire aanwezigheid precies gaat. In dat opzicht zijn een aantal recent gepubliceerde drone-beelden van de OVSE erg interessant.

Op de drone beelden is te zien hoe een colonne vrachtwagens vanuit grondgebied dat onder controle van de Volksrepubliek Donetsk en Loegansk staat in het midden van de nacht naar Russisch grondgebied toe rijdt. Eveneens is te zien hoe de colonne tegemoet wordt gereden door een konvooi vrachtwagens dat Oekraïne inrijdt. De videobeelden zijn bijzonder interessant omdat de beelden laten zien dat de colonne de Russische grens oversteekt. Wat de lading was die de vrachtwagens transporteerden is niet duidelijk. Wel moet erbij woren vermeld dat er in de DNR en LNR een avondklok geldt in verband met de oorlog.

In dezelfde week deed de OVSE nog een ontdekking. In een rapport maakte ze het volgende bekend:

In niet-door-de-overheid-gecontroleerde gebieden spotte op 28 juli een mini-drone vier verschillende elektronische oorlogsvoeringssystemen (een Leer-3 RB-341V, een 1L269 Krasukha-2 en RB-109A Bylina en een anti-drone systeem, Repellent-1) bij Tsjornuchyne (64 zuidwestelijk van Loegansk), allen werden voor de eerste keer gezien door de Waarnemingsmissie.

Voor al dit materiaal geldt dat het om gloednieuw Russisch materiaal gaat. De RB-109A Bylina bevindt zich zelfs nog in de testfase. De wapensystemen konden dus niet zijn buitgemaakt op het Oekraïense leger.

Dit is echter niet de eerste keer dat dergelijke beelden opduiken. Eveneens bekend is het verschijnen van een  modern Russisch wapensysteem Pantsir-S in Loegansk. Het gloednieuwe luchtdoelraketsysteem werd waargenomen in Loegansk rond de tijd van de slag om Debaltsevo. Ook hier gaat het om een wapensysteem wat niet door Oekraïne wordt of werd gebruikt en zodoende door Rusland moest zijn geleverd.

Pantsir-S anti-luchtsysteem rijdt door de straten van Loegansk in Februari 2015, rond de tijd van de slag om Debaltsevo.

Een ander voorval is toen de Engelse journalist Graham Phillips, die bekend staat om zijn positieve houding naar de DNR en LNR, in één van zijn video’s bij de slag om Debaltsevo in 2015 een colonne T-72B3M’s liet zien. Het gaat hier om de meest moderne versie van de T-72-tank die evenmin in gebruik is bij het Oekraïense leger en dus uit Rusland afkomstig was.

Daarnaast bestaat er een beroemde reportage van VICE News die sterk in de richting wijst van de aanwezigheid van reguliere troepen van het Russische leger. In de reportage reproduceert de journalist Simon Ostrovsky een aantal foto’s die gemaakt zijn door een officier van het Russische leger. Ostrovsky laat zien dat één van de foto’s van de desbetreffende dienstdoende officier hoogstwaarschijnlijk in Oost-Oekraïne is gemaakt ten tijde van de eerder genoemde slag om Debaltsevo.

De grenzen van de Russische militaire aanwezigheid

Met het bovenstaande is nog niet alles gezegd. De aanwezigheid van het Russische leger in Oost-Oekraïne wordt veelal groter voorgesteld dan ze naar alle waarschijnlijkheid is. Misschien wel het bekendste voorbeeld hiervan is een persconferentie van de Oekraïense president Porosjenko aan het begin van het conflict. Op de conferentie houdt Porosjenko o.a. een aantal Russische paspoorten omhoog en gebruikt dit om aan te tonen dat er Russische troepen aanwezig zijn in Oekraïne. Het beeld van Porosjenko met de paspoorten in de hand levert weliswaar mooie plaatjes, maar aantonen dat het Russisch leger massaal in Donbass aanwezig is doet het niet. Iedere Rus die het leger ingaat moet namelijk zijn paspoort inleveren en krijgt daarvoor in de plaats een militair biljet. Reizen naar het buitenland, buiten missies om, is daarmee niet mogelijk. Daarenboven kan de soldaat na zijn dienst vijf jaar het land niet uit.

(foto: Widmann/MSC)

De mediastunt van Porosjenko heeft daarentegen eerder het tegenovergestelde aangetoond: namelijk dat tussen de rebellen veel Russische burgers dienstdeden. (Overigens waren er aan de zijde van DNR en LNR niet alleen vrijwilligers uit Rusland, er waren ook Serven, Wit-Russen, Moldaviërs, Kazakken,etc.) Dit beeld werd bevestigd door de Amerikaanse journalist George Eliason die een invasief paspoort- en wapenonderzoek heeft uitgevoerd in het door rebellen gecontroleerde gebied in 2014, aan het begin van het conflict. Eliason geeft aan bij vele checkpoints te zijn gestopt die door het Prezrak-Bataljon werden gecontroleerd en daar checks te hebben uitgevoerd van paspoorten en wapens van soldaten. Hoewel hij ook een aantal Russische vrijwilligers is tegengekomen geeft hij aan dat Oekraïense paspoorthouders verreweg de meerderheid vormden. De grootste groep buitenlanders die hij bij elkaar aantrof waren tien Spanjaarden. Wat wapens betreft geeft hij aan dat het meest moderne wapen dat hij in die tijd is tegen gekomen een Kalasjnikov was van bouwjaar 1963. Het type wapen dat tegenwoordig door het Russische leger wordt gebruikt is begin jaren `90 geproduceerd.

In dit opzicht van Russische troepen in Donbass is de bewoording van het Amerikaanse State Department (ministerie van Buitenlandse Zaken) voor de milities van de LNR en DNR interessant. Het State Department refereert namelijk veelal aan de rebellen als ‘Russian-led forces’. Deze bewoording wordt onder andere gebruikt door de speciale afgevaardigde van de VS voor het conflict in Oekraïne, Kurt Volker, als de woordvoerster van het State Department Heather Nauert. Er wordt dus niet gesproken over het Russische leger, hoewel een lezer niet bekend met het onderwerp misschien wel met deze indruk achterblijft.

De woordkeuze van het State Department is in overeenstemming te brengen met het antwoord dat president Poetin eind 2014 heeft gegeven op de vraag van een Oekraïense man. Tijdens een Q&A-sessie die live werd uitgezonden op de Russische televisie deed de Oekraïner Poetin de groeten van twee Russische soldaten die zich vermeend in Oekraïense gevangenschap bevonden. Poetin antwoordde:

“We hebben nooit gezegd dat daar (in Donbass, red.) geen mensen zijn die zich daar bezighouden met het oplossen van bepaalde vragen, inclusief in de militaire sfeer. Maar dat betekent niet dat daar een aanwezigheid is van reguliere Russische troepen. Voel het verschil.”

De permanente aanwezigheid van Russen in de Donbass zal vermoedelijk commandanten betreffen (uitgaande van de woordkeuze van het State Department) en specialisten. Het is bijvoorbeeld onwaarschijnlijk dat het hierboven besproken Pantsir-S luchtdoelraketsysteem wordt bediend door lokale soldaten. Om een dergelijk systeem en elektronische oorlogsvoeringssystemen te bedienen is een aanzienlijke training nodig die niet voorhanden is in de DNR of LNR. Ook kan gedacht worden aan de aanwezigheid van Russische speciale eenheden of trainers.

Voor de permanente inzet van het reguliere leger zijn echter geen aanwijzingen. Weliswaar hebben reguliere formaties van het Russische leger hoogstwaarschijnlijk een rol gespeeld in de slag om Ilovaisk en de eerder genoemde slag om Debaltsevo (zie: Gordon M. Hahn, Ukraine over the Edge, p.272-275), op andere momenten zijn er echter geen aanwijzingen dat het reguliere Russische leger aan gevechten heeft deelgenomen in Oekraïne.

Ondanks dat zijn de tussenkomsten van het Russische leger wel op belangrijke momenten gekomen. Tijdens de slag om Ilovaisk zou, zonder de tussenkomst van het Russische leger, de DNR gevallen zijn. Tijdens de slag om Debaltsevo in februari werd een belangrijk spoorwegknooppunt, dat het in december had ingenomen, op Oekraïne heroverd.

Internationale kritiek op Rusland

Met haar steun aan de zelfuitgeroepen volksrepublieken in Oost-Oekraïne heeft Rusland veel kritiek geoogst. Overigens beperkt zich deze kritiek niet alleen tot de militaire steun, maar wordt ook de humanitaire steun die Rusland de DNR en LNR geeft bekritiseerd. Die hulp betreft bijvoorbeeld voedsel, medicijnen en schoolboeken. Volgens internationaal recht is de militaire steun aan de DNR en LNR inderdaad illegaal. Wat echter opvalt is het grote verschil in perceptie in de westerse wereld van wat Rusland in Oekraïne doet in vergelijking met de veelvuldige inmenging van westerse landen in de binnenlandse aangelegenheden van derden.

Het is bijvoorbeeld geen geheim dat de VS in de jaren ’80 de Taliban steunden toen deze verwikkeld waren in een oorlog met o.a. de Sovjet-Unie in Afghanistan. Ook de steun van de VS aan het UÇK in Kosovo is algemeen bekend en is nooit serieus veroordeeld in westerse landen. Actueler is de steun van de Verenigde Staten aan de Koerden in het noordoosten van Syrië. En daarvoor hun steun aan het Vrije Syrische Leger en de westerse bombardementen op Syrië. Dit alles is ook niet in overeenstemming met het internationale recht.

Hoewel Rusland door westerse landen wordt bekritiseerd voor hun steun aan ‘dictator Assad’, is de militaire aanwezigheid van Rusland in Syrië wel legaal. Dit komt omdat het Russische leger op uitnodiging van Syrische regering naar het land is gekomen. Voor de Verenigde Staten is dit niet het geval, Syrisch Koerdistan, voor zover zij de VS hebben uitgenodigd, is geen erkende staat, ook niet door de VS zelf. Eveneens geldt dat de oorlogen die zijn gevoerd door westerse landen tegen andere landen (zoals bijvoorbeeld de oorlogen in Irak en Afghanistan) tegen het internationaal recht ingaan.

Er is een reden voor het verschil in perceptie in het westen van bijvoorbeeld de aanwezigheid van de VS in Syrië of haar handelen in Irak toen de oorlog uitbrak, in vergelijking met de aanwezigheid van bijvoorbeeld Rusland in Oekraïne of in Georgië. In het westen worden veel oorlogen namelijk als humanitaire interventies gepresenteerd (als ‘goede’ oorlogen) die moeten worden gevoerd om een bevolking te beschermen, vrijheid en democratie te brengen, te vechten tegen een dictator, etc. Welke oorlog een ‘goede’ oorlog is en welke oorlog een ‘slechte’  wordt hier aan de lezer overgelaten. Maar of een oorlog ‘goed’ of ‘slecht’ is zegt niets over de legaliteit van een dergelijke oorlog, het internationale recht is hier vrij duidelijk over: Internationaal-rechtelijk is de militaire aanwezigheid van een land op het grondgebied van een ander land pas gerechtvaardigd als het ofwel door de VN gesanctioneerd wordt op grond van massale mensenrechtenschendingen óf het land wordt uitgenodigd op het grondgebied. Dit betekent dat de Amerikaanse aanwezigheid in Syrië evenals de Russische aanwezigheid in Oekraïne illegaal is.

Indien het standpunt wordt ingenomen dat als een oorlog ‘goed’ is, het internationaal recht voor lief mag worden genomen, dan moet echter ook worden gekeken naar de situatie waarin de Donbass-oorlog zich heeft afgespeeld. In dat geval moet in het achterhoofd worden gehouden dat westerse landen openlijk hun steun hebben gegeven aan de staatsgreep die in Kiev heeft plaats gevonden. Het daaropvolgende verbod van politieke partijen die meer georiënteerd waren op federalisering van Oekraïne kan ook dienen om een ‘humanitaire interventie’ te bepleiten. Andere pijnpunten zijn: het voorstellen van het afschaffen van de officiële status van de Russische taal, wat veel kwaad bloed heeft gezet onder de bevolking van de Donbass; het afzetten van de president en het instellen van de interim-regering had geen grondwettelijke basis en beslissingen zijn door het parlement gemaakt onder druk van geweld; het sturen van het leger naar de demonstranten in Donbass ondanks dat er amper onderhandelingen hebben plaatsgevonden tussen de demonstranten en de regering. Ook de aanslag op het vakbondsgebouw in Odessa van 2 mei 2014 en het gebrek aan vervolging van de daders zouden stuk voor stuk goed kunnen dienen als argumenten voor een ‘humanitaire interventie’ van Russische zijde.

De houding van het Westen tegenover het conflict in Oekraïne staat in schril contrast met de houding ten opzichte van het conflict in Libië of Irak: daar waar schendingen van mensen- en burgerrechten in de laatste voorbeelden in het westen als moverende redenen voor interventie gezien worden, zijn de bovengenoemde zaken in Oekraïne niet serieus opgepakt door westerse landen. Veelal genieten deze feiten zelfs amper bekendheid.

Betekent Russische aanwezigheid oorlog?

Niet verrassend blijft de Oekraïense houding ten opzichte van de militaire betrokkenheid in Donbass onverminderd hard. Door Oekraïense politici en media wordt aan de Donbass (maar ook de Krim) gerefereerd als de ‘tijdelijk bezette gebieden’. Veelal wordt er gesproken over ‘Russische agressie’ en ‘Russische militaire aanwezigheid’ en wordt er in hun taalgebruik geen onderscheid gemaakt tussen de soldaten die voor het overgrote deel lokale burgers zijn en de Russische specialisten, commandanten en materieel.

De houding van Oekraïne naar het conflict in Donbass kwam recent opnieuw aan het licht toen Deutsche Welle aan de oorlog in de Donbass refereerde als zijnde een burgeroorlog. Er werd vervolgens een mediaoffensief opgezet vanuit Oekraïne dat Deutsche Welle haar woordgebruik over een ‘burgeroorlog’ zou moeten aanpassen. In deze campagne heeft ook de Oekraïense woordvoerster van het ministerie van buitenlandse zaken Mariana Betsa zich gemengd. Het resultaat is dat Deutsche Welle uiteindelijk haar woorden heeft aangepast als zou het conflict in Donbass geen burgeroorlog zijn.

Er valt wat te zeggen voor het gebruik van de term ‘oorlog’ voor het conflict in Oost-Oekraïne. Maar om de term ‘burgeroorlog’ te vermijden gaat voorbij aan het lokale karakter van de opstand in Donbass. Rusland steunt de DNR en LNR weliswaar, ook met militaire middelen. Sterker nog, zonder Rusland zouden de volksrepublieken niet kunnen bestaan vanwege de sancties vanuit Kiev. Maar het is hetzelfde als zeggen dat de burgeroorlog in Kosovo geen burgeroorlog is maar een oorlog door de steun van de VS aan het UÇK. Eenzelfde soort argument kan worden gebruik voor de situatie in Tsjetsjenië, Libië, Jemen etc. stuk voor stuk conflicten die in het Westen algemeen als burgeroorlog worden beschouwd. Een groot deel van de achterliggende problemen gaat verloren door het conflict een oorlog te noemen waarin alleen Rusland moet stoppen.

Een peiling die vorig jaar is afgenomen in de DNR legt dit bloot. Daarin wordt opnieuw stil gestaan bij het referendum dat in 2014 werd gehouden in de DNR. Van de stemmers heeft destijds 89% voor gestemd voor ‘de akte van staatsonafhankelijkheid van de Volksrepubliek Donetsk’, 10% stemde tegen. Na drie jaar oorlog geeft slechts 55% van de deelnemers van de peiling aan nog steeds hetzelfde te zullen stemmen indien een dergelijk referendum opnieuw zou worden gehouden. De overige 45% stemt tegen. Op de vraag echter welke toekomst voor de DNR door de respondenten van de enquête wordt geprefereerd geeft 65% aan deel te willen worden van Rusland, 18% zou onafhankelijk of met de LNR verder willen, slechts 11% wil terug naar Oekraïne (9% onder voorwaarde van autonomie of in een confederatie).

Hoewel Rusland de zelfuitgeroepen Volksrepublieken in Oost-Oekraïne steunt, inclusief met (beperkte) militaire steun, lijkt de militie in de Volksrepublieken voornamelijk te bestaan uit lokale krachten. Alleen op kritieke momenten zijn deze versterkt door Russische reguliere legereenheden. Dit doet er echter weinig af aan dat er sterke aanwijzingen zijn dat de lokale bevolking weinig sympathie heeft voor een terugkeer naar Oekraïne. Het conflict in Oost-Oekraïne heeft daarom het karakter van een burgeroorlog.

Posted on

“Het zijn de slechtsten die regeren”

Het bestuur van westerse landen vertoont kenmerken van een kakistocratie, vindt cognitiewetenschapper Tjeerd Andringa. “Het zijn de slechtsten die regeren.” De enigen die hier een einde aan kunnen maken, zijn wijzelf. “Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel.”

“Kakistocracy, een 374 jaar oud woord, is zojuist opgenomen in het woordenboek.” Aldus kopte The New York Times op 13 april 2018. Wat bleek? Voormalig CIA-directeur John O. Brennan had een tweet de wereld ingestuurd waarin hij president Donald Trump toebeet: “Jouw kakistocratie staat op instorten na de bedroevende weg die deze heeft afgelegd.”

Omdat vrijwel niemand begreep wat Brennan bedoelde met ‘kakistocracy’, gingen zijn Twitter-volgers massaal op zoek naar de betekenis van het woord. Bij online-woordenboek Merriam-Webster vingen ze aanvankelijk bot, maar de redactie liet er geen gras over groeien en voorzag de zoekers alsnog van een uitleg. ‘Kakistos’ is oud-Grieks voor ‘slechtsten’ en kratos’ betekent ‘macht’. Een kakistocratie betekent dus dat de slechtsten aan de macht zijn. Het tegenovergestelde van een aristocratie, waarin de besten (aristos) het voor het zeggen hebben.

Volgens Tjeerd Andringa, universitair hoofddocent cognitiewetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen, zijn westerse democratieën niet vrij van kakistocratische elementen. Dit zou onder meer blijken uit de banden die inlichtingendiensten onderhouden met terroristische groeperingen en pedofielennetwerken. Om een bestuursvorm te krijgen van en voor het volk is niet minder dan een psychologische revolutie nodig. Mensen moeten leren inzien dat ze zoveel beter af zouden zijn als ze hun lot in eigen hand namen en zich niet langer afhankelijk stelden van incapabele,  machtswellustige, of zelfs kwaadaardige autoriteiten. Self-empowerment, burgers die zichzelf in hun kracht zetten, is de sleutel tot een betere wereld.

Andringa heeft een eigen website, Geopolitics and Cognition, die weliswaar al sinds een paar jaar niet meer actief beheerd wordt, maar een interessant inkijkje biedt in Andringa’s politiek-psychologische inzichten. De website was een hobbyproject, en staat los van Andringa’s werkzaamheden aan de universiteit, waar hij studenten helpt op academisch niveau te leren denken en begrijpen.

Deelt u de mening van voormalig CIA-directeur Brennan? Is de regering Trump een kakistocratie? 

[pullquote]Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers.[/pullquote]

Er zitten ongetwijfeld kakistocratische elementen in de Amerikaanse regering, maar dat was onder de voorgangers van Trump niet anders. Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers. Dat zag je duidelijk bij Obama. Die werd wel genoemd teleprompter in chief, omdat hij weinig meer leek te doen dan het oplezen van teksten van een schermpje. Alles van enig belang komt niet bij zo’n president vandaan. Het begint er al mee dat je geen kans maakt op het presidentschap zonder brede financiële en andere steun van de Deep State, de permanente machtsbasis in de VS waaraan de Council of Foreign Relations een groot deel van de bemensing levert.

Niks nieuws onder de zon dus met Trump?

Trump was een ongeleid projectiel. Het was niet de bedoeling dat hij president zou worden. Het is hem toch gelukt, omdat hij met z’n vele geld in staat was zelf zijn campagne te betalen, en ook door zijn botte charme, die hij voor een groot deel van de Amerikanen heeft. Dat was bedreigend voor het bestel. Ze hebben Trump nu onder controle gekregen, door mensen om hem heen te zetten die hem voeden met ideeën, waardoor hij geen dingen doet die teveel in strijd zijn met wat het bestel eigenlijk wil. John Bolton zie ik als een typische vertegenwoordiger hiervan. Hij is in april van dit jaar naar voren geschoven als veiligheidsadviseur van Trump. Hij is nauw verbonden met het neocon-netwerk, dat destijds de oorlog tegen Irak in gang heeft gezet door volstrekt ongegronde beschuldigingen te verzinnen over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in het land. Een oorlog op leugens baseren is typisch kakistocratie. En ook dat een samenleving zoiets accepteert is typerend voor een kakistocratie.

Psychopaten zijn volgens u oververtegenwoordigd in hogere kringen? Zij vormen de kern van elke kakistocratie?

Als een systeem kandidaten voor een toppositie selecteert op basis van het vermogen om koste wat kost resultaten te krijgen, dan kun je verwachten dat er veel intelligente en gewetenloze personen tussen zitten die precies weten wat ze moeten doen om een respectabel aanzien te verwerven. Zo’n systeem selecteert op intelligentie en psychopathie. Want psychopaten hebben een amper ontwikkeld geweten. Probleem daarbij is dat weinig psychopaten capabel genoeg zijn voor hoge posities. Het kost dus moeite om ze te vinden en op te leiden.

In een interview heeft u de term kakistocratie genoemd in verband met pedofielennetwerken. Volgens u oefenen inlichtingendiensten macht uit door mensen op hoge posities te plaatsen die chantabel zijn.

Om mensen op machtsposities onder controle te houden is het belangrijk dat ze chantabel zijn. Anders hebben ze te veel vrijheid en doen ze wellicht wat ze zelf belangrijk en moreel vinden. Dat is nu precies wat moet worden voorkomen. Het is daarom een  standaard werkwijze van inlichtingendiensten en andere netwerken om mensen te selecteren op chantabiliteit.

Het is een beproefde tactiek van inlichtingendiensten om personen in compromitterende situaties te brengen, de zogeheten honey trap. Maar u stelt dat hiervoor zelfs kinderen worden ingezet?

Dat hangt ervan af wat je wilt. Als je de meest gewetenloze mensen zoekt, die in staat zijn de meest kwetsbare individuen probleemloos te misbruiken, dan vormen seksfeesten met kinderen een prima selectiemechanisme. Personen die deelnemen aan dit soort evenementen, zijn zich er van bewust dat ze op deze manier chantabel worden gemaakt. Maar het maakt ze niet uit, omdat ze hiermee tegelijkertijd toegang krijgen tot machtsposities waar ze anders nooit in terecht zouden kunnen komen. Het is dan een soort initiatieritueel.

Het zal voor iedereen inmiddels bekend zijn dat er talloze bewezen gevallen zijn van pedofielen in hogere kringen. Maar waaruit blijk dat deze personen hebben deelgenomen aan seksfeesten georganiseerd met de bedoeling ze te rekruteren?

Daar hebben we alleen maar veel anekdotisch bewijs voor. Er zijn heel wat getuigenissen van kinderen die claimen misbruikt te zijn op feesten en ook gevallen waarbij overheden op allerlei manieren hebben geprobeerd politieonderzoek te ondermijnen. Zie onder meer de Dutroux-affaire in België, het Franklin-schandaal in de VS en een groot aantal schandalen in het Verenigd Koninkrijk rond onder anderen media-persoonlijkheid Jimmy Savile en voormalig premier Edward Heath. Juridisch bewezen zijn deze affaires niet omdat ze altijd ergens stranden. Maar waarschijnlijk lijkt het wel. Overheden lijken beter te zijn in het in de doofpot stoppen van de eigen kwalijke praktijken dan in het aanpakken ervan.

U stelt ook dat inlichtingendiensten aanslagen faciliteren die worden toegeschreven aan extremistische moslims?

Vast niet alleen inlichtingendiensten maar ook andere netwerken. Zeker is dat geheime organisaties aanslagen hebben gepleegd op de eigen bevolking. Operatie Gladio is daarvan een duidelijk voorbeeld. Dat was een geheim netwerk in Europa van rechtsextremistische groepen, dat gesteund werd door de CIA en de NAVO, en dat in Italië aanslagen heeft gepleegd op de burgerbevolking. Er is een groot aantal boeken over en ook een prima BBC-documentaire, getiteld Operation Gladio.

Wat is de logica achter aanslagen op de eigen bevolking?

Van de Gladio-aanslagen in Italië weten we dat het de bedoeling was het angstniveau van de bevolking te vergroten en te voorkomen dat de communisten te machtig werden. Want wat doen mensen als ze bang worden voor aanslagen? Dan richten ze zich voor hun bescherming tot de overheid. Die moet maatregelen nemen om verdere aanslagen te voorkomen.

Maar u stelt dus dat, voor het plegen van aanslagen in eigen land, rechts-extremistische groepen zijn verruild voor extremistische moslims?

[pullquote]Aanslagen leiden altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.[/pullquote]

Daar lijkt het wel op. Er is een belangrijk principe in politieonderzoek: cui bono, wie heeft er voordeel van? Ik zie geen enkel politiek of militair nut voor moslims en zelfs niet voor moslimextremisten. Die aanslagen leiden wel altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.

Bij moslims telt niet alleen het politieke en militaire nut van hun daden. Het religieuze nut staat voorop.

Religieus nut is een wat rare term: een religie is vooral een moreel construct dat je helpt om de wereld te begrijpen en moreel gedrag te kiezen. Religieus besef kan heel rijk en includerend zijn, maar ook heel beperkt en excluderend. Fundamentalistische gelovigen, of ze nu christen, moslim, hindoe, of anders zijn, worden gekenmerkt door een beperkt begrip van de wereld: ze kunnen heel intelligent zijn, maar ze hebben grote moeite met diversiteit aan opinies. Ze nemen hun religieuze teksten letterlijk en iedereen die hun interpretatie niet deelt is een ketter en daarmee niet beschermenswaardig.

De Saoedische machthebbers hebben sinds het begin van de zeventiger jaren overal in Afrika en Centraal-Azië geïnvesteerd in wahabistische moslimscholen die zich vooral richten op het uit het hoofd leren en reciteren van de Koran. Niet de beste voorbereiding op een rol in moderne samenlevingen. Maar het is wel een prima kweekvijver voor moslimhuurlingen die je overal kunt inzetten, omdat de meeste mensen, moslim of niet, hun beperkte wereldbeeld niet graag willen delen. De wahabistische huurling beschermt niemand die zich niet heeft bekeerd tot hun religieuze interpretatie van de islam. Dat bekeren vinden ze moreel, het terugbrengen van diversiteit in religieuze interpretatie ook, desnoods met geweld. Precies zoals bij ons destijds de inquisitie.

Die wahabistische huurlingen zijn overal ingezet: Afghanistan, Tsjetsjenië, Bosnië, Somalië, Soedan, Indonesië, Pakistan, Irak, Libië, en nu al vijf jaar in Syrië. Dus ja, het religieuze nut staat zeker voorop, maar niet voor de religieuze fundamentalisten, en wel voor de mensen die hen inhuren voor geopolitieke doelen.

Het is geen geheim dat de VS en bondgenoten al sinds begin jaren tachtig moslim-extremisten inzetten als huurlingen in andere landen. Maar dat is niet hetzelfde als het faciliteren van aanslagen in eigen land. Ziet u bijvoorbeeld de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs als een false flag?

Ik kan me niet herinneren dat ik in het geval van Charlie Hebdo ooit solide forensisch bewijs heb gezien, dus ik weet niet wat ik ervan moet vinden. Maar neem nu bijvoorbeeld dat paspoort dat onder een stoel van de vluchtwagen werd gevonden, pas 24 uur na de aanslag. Het Charlie Hebdo-verhaal bevat te veel elementen die mensen dingen laten concluderen die ze graag willen concluderen. In dit geval dat Al Qaida het had gedaan. De aanslag leidde weer tot meer macht voor de staat en de inlichtingendiensten. Dus het past in het patroon. Trouwens vlak voor de laatste verkiezingen in Groot-Brittannië waren er ook weer wat aanslagen. Zonder het psychologische effect van die aanslagen had premier Theresa May er mogelijk niet meer gezeten.

Ziet u 9/11 als een false flag?

Wat ik in ieder geval niet geloof is het officiële verhaal. Neem alleen al Gebouw 7, dat op 110 meter afstand stond van de Twin Towers. Het is niet geraakt door een vliegtuig, en toch is het in elkaar gestort. Je kunt dat moeilijk aan Al Qaida toeschrijven. Het is ongeloofwaardig dat Gebouw 7 precies door de staalconstructies viel die het overeind moesten houden. Het is net alsof het staal tijdelijk even in boter veranderde en daarna weer terug veranderde in staal. En twintig minuten voordat Gebouw 7 in elkaar stortte, vertelde een correspondente van de BBC het al op tv, met nota bene het toen nog fier overeind staande gebouw duidelijk zichtbaar op de achtergrond. Ik heb consistentie nodig om iets voor waar aan te nemen. En ook verifieerbare feiten om een theorie op te bouwen. Het officiële verhaal mist beide.

We hebben gezien waar 9/11 toe heeft geleid. De Amerikanen, en de Britten ook trouwens, hebben een groot deel van hun privacy en overige burgerrechten opgegeven, en ze lieten zich meesleuren in de oorlogen tegen Afghanistan en Irak. Het interessante is dat de plannen daarvoor al gemaakt waren ruim voor 9/11. Zo lag de Patriot Act, een antiterreurwet van zo’n 1000 pagina’s, al klaar om goedgekeurd te worden door het Congres. En een week na 9/11 hadden de VS al plannen klaarliggen om de regeringen van zeven landen in vijf jaar tijd aan te vallen en te vernietigen. Met Syrië zijn ze nog bezig en Iran staat nog op het wensenlijstje.

Kortom, aanslagen houden de kakistocratie in stand, tenzij we ophouden er bang voor te zijn?

Benjamin Franklin, de achttiende-eeuwse Amerikaanse politicus en wetenschapper, zei ooit: “Zij die bereid zijn essentiële vrijheden in te leveren, om een beetje tijdelijke veiligheid te verwerven, verdienen noch vrijheid noch veiligheid.” Ik denk dat hij daar helemaal gelijk in heeft. En trouwens, als je kijkt naar het lijstje van doodsoorzaken dan staat terrorisme ergens onderaan. Als je dan toch bang wilt zijn, wordt dan bang voor hart- en vaatziekten, kanker, verkeersongelukken en gladde badkamervloeren. Angst voor terrorisme is echt irrationeel.

Als kenmerk van een kakistocratie ziet u ook machthebbers die binnenlandse belangen offeren aan buitenlandse belangen?

John Perkins beschrijft in zijn boek Confessions of an Economic Hitman uit eigen ervaring hoe het Westerse financiële systeem invloedrijke personen in andere landen benadert, meestal mensen die daar geaccepteerd worden als leiders, om grote investeringen in die landen voor elkaar te krijgen. Vaak zijn die mensen bereid daarin mee te gaan, ondanks dat dit ten koste gaat van hun eigen land. Ze dienen dan de belangen van het Westen, omdat ze er zelf beter van worden.

Een Britse minister zei begin twintigste eeuw: ‘Wij controleren Egypte helemaal niet, wij controleren alleen maar hun leiders.’ Je controleert ze door ze bijvoorbeeld een opleiding in Cambridge te geven, zodat ze in een sociaal netwerk terecht komen waarbinnen de norm de Britse norm is. Terug in eigen land lijkt het dan alsof zo iemand zijn eigen land vertegenwoordigt, terwijl hij in feite bezig is Britse geopolitiek uit te voeren.

Je hoeft dus niet corrupt of chantabel te zijn om je eigen land te verraden?

Dat is inderdaad niet nodig. Internationaal denkende mensen lijken meer op elkaar dan op de mensen in hun eigen land. Hun norm is: internationaal, globaal, vaak progressief, denken. Erg aardige mensen allemaal. Maar ze zullen vooral keuzes maken binnen dat internationale systeem. Ook als ze leiders in hun eigen land worden. Als ze nationalistische keuzes gaan maken, dan raken ze de steun van de internationale gemeenschap kwijt. Dan komen de National Endowment for Democracy en andere non-gouvernementele organisaties naar hun land om de oppositie te steunen en onrust te stoken en ontstaan er problemen voor dat soort leiders. Totdat ze weer de dingen doen die ze geacht worden te doen, zoals IMF-hervormingen doorvoeren en World Trade Organisation-beleid uitvoeren.

U lijkt globalisering te zien als een negatieve ontwikkeling.

Een centraal geleide, uniforme wereld gaat ten koste van de individuele autonomie en houdt geen rekening met verschillen en mogelijkheden op lokaal niveau. Het leidt tot een verstikkende wereldbureaucratie die meer connecties heeft met de top van het internationale bedrijfsleven dan met de wereldbevolking.

Ik zou zeggen dat elk land, elke regio, zelfvoorzienend moet zijn en in 75 procent van de eigen basisbehoeften moet kunnen voorzien. Zo’n land kan daarnaast nog prima internationaal samenwerken. Maar het gebeurt dan vanuit lokale kracht, niet vanuit lokale zwakte.

Op Geopolitics and Cognition schrijft u dat veel mensen de ‘oncomfortabele waarheden’ op uw website als schokkend zullen ervaren.

Voor velen is het nieuw wat ik beschrijf. Dat is omdat ze via de mainstream media niet of nauwelijks met dit soort ideeën in contact komen. Veel mensen willen het ook niet weten. Vooral mensen die een beperkt begrip hebben van de wereld, zich netjes aan de regels houden en sterk leunen op autoriteiten. Die bewijs je geen dienst als je ze vertelt dat de autoriteiten wellicht totaal onbetrouwbaar zijn en mogelijk horen tot de slechtsten in de wereld. Je haalt dan de grond onder hun voeten weg.

Tegelijk vindt u het van groot belang dat mensen de spelletjes doorzien die er gespeeld worden op het wereldtoneel.

Ik vraag de lezers van de website: Waarvoor zet jij je in? Voor jezelf en voor alles waar je van houdt en waarmee je je verbonden voelt? Of voor een anonieme groep die jou in de val heeft gelokt met het spelen van een spel dat je niet volledig kunt overzien of begrijpt? Wellicht is onze huidige wereld een soort casino, dat zo is opgezet dat je gegarandeerd verliest. De Cyprioten zijn het grootste deel van hun spaargeld kwijtgeraakt en de Polen de helft van hun pensioenen. Dus waar hebben ze al die tijd voor gewerkt en gespaard? In elk geval minder in hun eigen voordeel dan ze altijd hadden gedacht. Dat kan in Nederland ook gebeuren.

[pullquote]De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden.[/pullquote]

Ik zeg dan: De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden. Als je besluit je leven door te brengen in een bubble van zalige onwetendheid, inschikkelijkheid en goedgelovigheid, dan is de kans groot dat daar misbruik van zal worden gemaakt en dat je wordt uitgebuit door dezelfde krachten die je onwetend en goedgelovig houden en inschikkelijk maken.

Door de machtsspelletjes aan de top te doorzien, stoot je minder snel je hoofd?

Ja, en je bent dan ook beter in staat bij te dragen aan een betere wereld. De Amerikaanse dichter Carl Sandburg zei ooit: “Eens beginnen ze een oorlog waar niemand komt opdagen.” En dat is een van de verborgen waarheden van de wereld waarin we leven: als wij ons niet langer lenen voor spelletjes die we bij voorbaat verliezen, zullen er geen oorlogen meer zijn, geen georganiseerde onderdrukking, geen dictatuur. Mensen moeten leren het verschil te zien tussen machtswellustige psychopaten en wijze leiders. Nog beter is het als ze geen leiders meer nodig hebben omdat ze zelf wijs genoeg geworden zijn.

U bent optimistisch gestemd over de invloed van het individu op de wereldpolitiek?

Ontwikkelingen op micro- en macroniveau zijn nauwer met elkaar verbonden dan mensen geneigd zijn te denken. Geopolitiek wordt weliswaar beïnvloed door wat er aan de conferentietafels van Bilderberg, Davos of elders wordt besproken, maar wordt uiteindelijk niet daar bepaald. Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel. Zie de Sovjet-Unie. Die is in elkaar geklapt omdat niemand er meer in geloofde. De mogelijkheden die we tot onze beschikking hebben om de wereld te begrijpen zijn groter dan ooit. Dankzij internet is er een enorme hoeveelheid kwalitatief goede informatie voorhanden. Die is tussen alle rotzooi niet altijd even makkelijk te vinden. Maar de informatie is er, en is toegankelijker dan ooit. Als we ons door zelfstudie onafhankelijk maken van autoriteiten buiten onszelf, wacht de mensheid een zonnige toekomst met eindeloze mogelijkheden.

Een socialist zou nu zeggen: Als individu bereik je niks. Je moet je verenigen.

Dat lijkt me een slecht idee. Je mag je wel verenigen, maar je moet je nooit afhankelijk maken van een groot systeem. Want dan word je weer iemand die blind in een ideologie gelooft en conformistisch is, in plaats van kritisch-creatief.

U verkiest de weg van het anarchisme?

Nou ja, kijk. De biosfeer, de natuur, het leven zijn opgebouwd zonder centraal leiderschap. Dus laat overheden eerst maar bewijzen dat ze ook op lange termijn toegevoegde waarde bieden. Tot die tijd gebruik ik de behoefte aan een overheid als een maat voor een niet-ontwikkeld intellectueel vermogen.

Sommige diersoorten kennen alfa-mannetjes en vrouwtjes die het zaakje leiden.

Dat is zo. Maar daar heb je het over een ander soort leiderschap dan je doorgaans ziet in de mensenwereld. Een leidende rol in de dierenwereld krijg je alleen als je heel goed bent in het uitvoeren van een belangrijke taak. En niet door te netwerken of verkiezingen te houden.

U houdt zich bezig met stadslandbouw. Heeft dat een plaats in uw denken over geopolitiek?

Wij laten met de Stadsakker zien dat de boerderij van een eeuw geleden in essentie nog prima functioneert. Onze landbouw was vroeger volledig duurzaam. We nemen daar met de Stadsakker een voorbeeld aan en dat is ons al bijna gelukt.

De industriële landbouw bestaat nog maar 70 jaar. Die bestaat bij de gratie van groei, schuld en kosten die elders worden neergelegd. Dat systeem is gedoemd in elkaar te storten. Tegenwoordig moet je in de Noordoostpolder soms al drie meter diep ploegen om nog aan goede grond te komen; daarboven is alles volledig uitgewoond.

Je kunt een systeem dat je niet aanstaat, zoals de industriële landbouw, bevechten, maar je kunt het ook irrelevant maken, door op een plek te gaan zitten waar het systeem er geen last van heeft en jij je gang kunt gaan. Tegen de tijd dat het systeem zichzelf heeft opgeblazen kom jij met betere ideeën naar voren.

U stelt dat mensen in grote, bureaucratische organisaties gefnuikt worden in hun leerproces, omdat de omgeving waarin ze werken is losgezongen van de werkelijkheid. 

Wij hebben systemen gecreëerd die zo ver afstaan van de werkelijkheid dat we vaak niet meer worden geconfronteerd met de consequenties van ons eigen handelen buiten die systemen. Er is daarom een duidelijk verschil in competenties tussen managers, politici, ambtenaren en anderen die werken binnen zo’n systeem en bijvoorbeeld een tandarts. Als een tandarts iets fout doet, dan krijgt hij dat onmiddellijk terug van zijn klanten of hij ziet het bij het volgende consult. Hij wordt direct geconfronteerd met zijn eigen falen en leert daarvan. Politici, ambtenaren, managers, maar ook journalisten hebben amper zicht op de impact van hun acties in de echte wereld. Dit wil niet zeggen dat ze niet kunnen leren van hun fouten, maar in hun geval is het een stuk moeilijker.

Een politicus hoort iets, roept het een paar keer en het idee wordt overgenomen. Maar of het werkelijk klopt? Hij heeft geen flauw idee. Hij hoeft niet te begrijpen waar het over gaat, wat de consequenties zijn. Daarom kan een politicus ook zo’n waanzinnig laag begrip van de wereld hebben. Het enige wat hij van de werkelijkheid hoeft te begrijpen is hoe hij politicus kan blijven, dus hoe hij steeds weer mensen kan meekrijgen in zijn systeem of ideologie. Of dat een relatie heeft met de werkelijkheid doet er verder niet toe. Wijsheid is vaak ver te zoeken in de politiek. 

U stimuleert uw studenten wijsheid na te streven, onafhankelijke denkers te worden, zich te ontwikkelen tot educated minds.

[pullquote]Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en toch geen educated mind zijn.[/pullquote]

Onderwijspsycholoog William Perry heeft bestudeerd hoe het leerproces verliep bij zijn studenten aan Harvard. Op basis daarvan heeft hij de kenmerken beschreven van de educated mind. Het is niet per sé iemand die veel weet. Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en dan toch geen educated mind zijn. Het gaat om de manier waarop iemand leert en denkt. Een educated mind is vooral kritisch op de eigen gedachten en heeft zo geleerd om zich kennis van hoge kwaliteit eigen te maken. Zo iemand voelt zich ongemakkelijk met kennis die niet te onderbouwen is.

U maakt een onderscheid tussen wijsheid en intelligentie?

Die twee hebben inderdaad verrassend weinig met elkaar te maken. Hoewel intelligentie kan helpen om sneller wijs te worden, is het geen garantie hiervoor. Intelligentie, zoals gemeten in een test of examen, kun je zien als het vermogen om op basis van beschikbare informatie een van tevoren bekend ‘juist’ antwoord te geven. Intelligentie stelt je in staat, als je ervoor kiest, heel goed te worden op school en universiteit. Met hoge cijfers, een mooi diploma en een goed ontwikkeld taalvermogen komen intelligente mensen in belangrijke banen en op centrale posities terecht. Als ze wel intelligent maar niet wijs zijn, gaan ze daar precies doen wat ze hebben geleerd: de norm vertegenwoordigen. Zinvol improviseren en het beste maken van de mogelijkheden is heel wat anders. En dat doen ze niet.

U spreekt in dat verband van ‘superpapegaaien’?

Een ‘superpapegaai’ is iemand die op het juiste moment precies zegt wat de docent, of een andere autoriteit, graag wil horen, en die optreedt als spreekbuis van de door de autoriteiten voorgekauwde norm. Als verdedigers van de norm torpederen ze de verbetering van de leefomgeving. Nieuwe en goede, maar nog fragiele ideeën worden in de kiem gesmoord. En velen van hen noemen zich dan nog progressief ook.

[pullquote]Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig.[/pullquote]

Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig. Ze zijn geïnteresseerd in argumenten, inzichten, feiten waarvan ze kunnen leren. Als iemand met een prikkelend inzicht komt, wordt hun interesse gewekt. Iemand met levenswijsheid verstaat ook de kunst onder complexe omstandigheden met onvolledige informatie vaak juist te oordelen en te handelen. Die wijsheid doe je op door actief mee te doen in de wereld, hiervan te leren en de consequenties van het geleerde te aanvaarden.

Hoe voorkom je dat mensen ‘superpapegaaien’ worden? Of hoe stimuleer je dat ze zich ontwikkelen tot educated minds?

Je kunt anderen begeleiden naar self-empowerment, maar ze moeten het uiteindelijk zelf doen. Het is als het vrij laten van een dier dat opgegroeid is in een kooi. Je kunt de deur openzetten, maar als het dier te bang is om zijn vertrouwde omgeving te verlaten, dan zal het niet de vrijheid nemen die je het toestaat. Vrijheid word je nooit gegeven, je moet het nemen, en vaak zonder een open deur die je toelacht. Je empowert jezelf door ervaring op te doen en aan zelfvertrouwen te winnen. Van belang daarbij is een stabiele, veilige thuissituatie, een stimulerende omgeving, waar je op terug kunt vallen bij mislukkingen, je successen kunt vieren en aangemoedigd wordt.

Het is misschien makkelijker om mensen tot papegaai te maken? 

Het disempoweren van anderen is het belangrijkste dat je nodig hebt om macht te verwerven en houden. Er zijn nogal wat organisaties die hiervoor kunnen worden ingezet: de mainstream media, het leger, onderwijsinstellingen, en ook georganiseerde religies, denktanks en liefdadigheidsinstellingen, en niet in de laatste plaats overheden en grote bedrijven.

Mensen die disempowered zijn, tonen zich vaak sterk afhankelijk van nota bene de structuren die ze in hun zelfontplooiing tegenhouden, die ze in hun denken en handelen beperken en problemen voor ze veroorzaken en in stand houden. Disempowerment zorgt ervoor dat mensen zich door autoriteiten laten vertellen wat ze moeten denken en doen.

Mensen die existentieel afhankelijk zijn van autoriteit worden door u aangeduid met de term authoritarians.

Ik onderscheid twee soorten authoritarians. De ene soort gelooft alles wat ze verteld wordt, hoe vaak het verhaal ook veranderd wordt. De andere groep die nog enigszins zelf kan nadenken, en de eigen regering niet meer vertrouwt, blijft toch in de basis afhankelijk van een autoriteit buiten zichzelf, want schenkt zijn vertrouwen aan een nieuwe regering met hetzelfde gemak waarmee hij zijn vertrouwen heeft geschonken aan de vorige.

Terugkomend op 9/11: Het belangrijkste is niet wat er precies gebeurd is die dag, maar de vraag: geloof je blind het officiële verhaal of heb je het intellectuele vermogen om zelf een solide onderbouwde mening te vormen? Als je tot de eerste groep hoort, dan maakt het niet uit hoe belachelijk het verhaal is dat autoriteiten je vertellen. Je zult het hoe dan ook verdedigen en je zult redenen vinden om mensen die wat anders geloven in diskrediet te brengen.

Als je zo denkt dan ben je een brave pion, zoals Adolf Eichmann, één van de hoofdverantwoordelijken voor de massamoord op de joden en andere slachtoffers van het Derde Rijk. Voor Eichmann maakte het niet uit of het systeem dat hij diende verwerpelijk was of niet. Voor hem was moreel gedrag het zo goed mogelijk bijdragen aan het systeem. De mensen die hem onderzochten, toen hij door de Israëli’s gevangen genomen was, vonden hem vooral normaal en erg aardig.

[pullquote]Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken.[/pullquote]

Mensen die het systeem waar ze deel van uitmaken niet kunnen bekritiseren, kunnen de gedachte niet verdragen dat ze aan een kakistocratie bijdragen. Zij houden deze daarmee uiteindelijk in stand. Door het simpelweg niet voor mogelijk te houden dat ze bestuurd worden door de slechtsten. 

Is het niet moeilijk om als educated mind een positie aan de universiteit te verwerven en te behouden?

Ik hou mij voldoende aan de regels om er niet uitgegooid te worden, en ik krijg goede evaluaties van mijn studenten. Het is ook niet voor niets dat ik associated professor ben en geen hoogleraar. Als hoogleraar zit je vast aan een vakgebied. Dat wil ik niet. Na vijf jaar wil ik iets anders gaan doen. Ik ben iemand die steeds naar plekken gaat waar iets te ontdekken valt, of dat nu signaalanalyse, cognitiewetenschap, geluidsoverlast of geopolitiek is. Ik kom weleens buiten de comfortzone van mensen. Dat vinden ze niet leuk. Maar dat heb je overal. Niet alleen aan de universiteit. Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken. Als ze echt goed kunnen nadenken heb ik vertrouwen in hun gedachten, hun opinies en de uitkomsten van hun handelen en bemoei ik me niet met wat ze precies denken.

Posted on

Een sociogenese van het begrip geopolitiek

Eerder berichtte Novini reeds over het openingscongres van het nieuwe Geopolitiek Instituut Vlaanderen-Nederland (GIVN) in Leuven op 5 mei jongstleden. Eén van de sprekers op dit congres was de Nederlandse filosoof en uitgever (De Blauwe Tijger) Tom Zwitser.

Tom Zwitser ziet geopolitiek in essentie als een politiek van heimelijkheid en schetst de opkomst van de geopolitiek, samen met een cultuur en zedelijkheid van heimelijkheid, en het ontstaan van de natiestaat. De opkomst hiervan verloopt omgekeerd evenredig met de afname van publieke openbaarheid en burgerlijke vrijheden. Deze sociogenese is een eerherstel van grote denkers als Norbert Elias, Werner Sombart en Henri Pirenne.

Hieronder is zijn lezing terug te zien:

De boeken waarnaar verwezen wordt in de lezing zijn de proloog en het eerste deel van de ‘Oppervlaktes’-trilogie. Meer informatie hierover is te vinden op de website van Uitgeverij De Blauwe Tijger:

https://www.facebook.com/geopolitiek.instituut/