Posted on

Turkse campagne tegen Moeder Teresa in Macedonië

Met een reeks bekladdingen op de Moeder Teresa-gedenktekens en acties met strooibiljetten probeert de Turkse ambassade in Macedonië onder de etnische Albanezen de geliefde christelijke symboolfiguren Moeder Teresa en Gjergj Kastrioti ‘Skanderbeg’ van hun sokkel te stoten.

Moeder Teresa, de heilige van de armen van Calcutta, drager van de Nobelprijs voor de Vrede van 1979, geniet wereldwijd groot aanzien bij mensen van allerlei godsdiensten en kerken. Bijzonder vereerd wordt ze echter door de Macedonische Albanezen, want de uit een katholieke familie uit Noord-Albanië stammende Anjeze Gonxha Bojaxhu werd in 1910 in de huidige hoofdstad van Macedonië geboren.

Toen Moeder Teresa voor haar weergaloze inzet in Calcutta de Nobelprijs voor de Vrede ontving, verkeerden de door Albanezen bewoonde gebieden in Macedonië, Kosovo en Abanië nog onder communistische heerschappij. Niemand was destijds geïnteresseerd in haar Albanese afkomst. Dat veranderde vanaf de jaren ’90 echter, toen de landen en bevolkingsgroepen in kwestie nieuwe symboolfiguren nodig hadden.

Haar dood 21 jaar geleden, op 5 september 1997, haar zaligverklaring op 19 oktober 2003 en haar heiligverklaring op 4 september 2016, grepen alle Albanezen aan, ongeacht waar ze woonden. De datum van haar zaligverklaring werd in Albanië tot nationale feestdag verklaard, de luchthaven van Tirana werd naar haar vernoemd. In de hoofdstad van Kosovo, Pristina werd in 2010 een Moeder Teresa-kathedraal geopend en in haar geboorteland Macedonië herinneren in Skopje een Moeder Teresa-gedenkteken en een gedenkhuis aan haar en zijn er in zo ongeveer alle door Albanezen bewoonde plaatsen wel gedenktekens voor haar.

Juist in haar geboorteland Macedonië zijn er echter toenemende aanwijzingen van een campagne tegen de ‘Moeder van alle Albanezen’. Sinds het voorjaar wordt haar gedenkteken in Skopje keer op keer bekladt met radicaal-islamitische leuzen. Als de bekladdingen verwijderd worden, wordt het gedenkteken steeds weer opnieuw besmeurd. Strooibiljetten die in Skopje verspreid werden, eisten dat het Moeder Teresa-huis in de Macedonische hoofdstad gesloopt wordt en dat de verering van deze “ongelovige” gestaakt wordt. “Alleen een islamitische Albanees is een ware Albanees”, zo heette het op aanplakbiljetten.

Turkse propaganda

De uit Kosovo stammende onderzoeksjournaliste Arbana Xharra heeft deze campagne na lang onderzoek weten te herleiden tot de Turkse ambassade en Turkse scholen in Macedonië. Deze verspreiden sinds enkele jaren onderhands propagandamateriaal tegen de Albanese christenen, die ongeveer een kwart van de bevolkingsgroep uitmaken. Turkse diplomaten en leraren propageren daarin de gedachte dat de Abanezen altijd islamitisch zouden zijn geweest. Hoewel historisch duidelijk is dat de Albanezen pas vanaf de Ottomaanse veroveringen in de 14e en 15 eeuw met de islam in aanraking kwamen. Voor het atheïstische bewind van Enver Hoxha goldt voor Albanië de vuistregel dat een derde van de bevolking katholiek, een derde orthodox en een derde islamitisch was.

De Turkse propagandisten lijken de Albanezen echter te willen gebruiken als een instrument voor het vergroten van de islamitische en Turkse invloed op de Balkan. De hetze tegen Moeder Teresa is zo bezien slechts het topje van de ijsberg.

Hoe sterk de Turks-islamitische invloed in Skopje reeds geworden is, merkte de onderzoeksjournaliste toen ze de uitkomsten van haar onderzoek in Macedonische media wilden publiceren. Geen enkele krant of radiozender wilde zich aan het onderwerp wagen. Zodoende werd het materiaal uiteindelijk door het Griekse dagblad Kathimerini gepubliceerd.

Skanderbeg

Naast Moeder Teresa richt de Turkse campagne zich ook tegen een andere nationale held van de Albanezen, Gjergj Kastrioti ‘Skanderbeg’. De van 1405 tot 1468 levende vorst uit het adellijke geslacht van de Kastrioti leidde in de 15e eeuw als eerste een opstand van de toen nog christelijke Albanezen tegen de Ottomaanse overheersers en gold zelfs in de communistische tijd nog als een Albanese nationale held. Radicaal-islamitische Albanezen in Macedonië willen echter niets van hem weten, omdat hij slecht aansluit bij hun ideaal van totale islamisering van de Albanezen.

Wat de Albanezen in Macedonië in 2001 met een korte burgeroorlog niet konden bereiken, namelijk meer rechten voor hun minderheid die een kwart tot dertig procent van de bevolking uitmaakt, lukt nu langs democratische weg alsnog. Ze waren namelijk nodig om de sociaaldemocraten aan een regeringsmeerderheid te helpen. Zo is het Albanees sinds mei 2018 de tweede officiële taal in geheel Macedonië.

Posted on

Turkse belasting op hulpgoederen maakt Grieken Noord-Cyprus leven zuur

Rizokarpaso op het schiereiland Karpasia is een van de weinige enclaves in Noord-Cyprus waar nog Cypriotische Grieken wonen.

In de stad met zo’n 5500 inwoners wonen nog 310 overwegend hoogbejaarde Cypriotische Grieken. Toen de Turken in 1974 het noorden van het eiland bezetten en Turkse immigranten in de huizen van de gevluchte Grieken trokken, zijn zij gebleven. In eerste instantie waren er 2.000 christelijke Grieken en Libanezen uit de maronitische dorpen westelijk van Kyrenia achtergebleven. Vandaag de dag zijn het er nog een paar honderd.

Rizokarpaso ligt op het langgerekte schiereiland Karpasia in het noordoosten van Cyprus (foto: NASA).

Het Turkse bestuur heeft hen het leven steeds zwaarder gemaakt. Hun kerken werden gesloten en ontheiligd, het recht om het eigen bezit te gebruiken en het erfrecht werden ingeperkt. Hoewel mensenrechtenorganisaties deze manier van doen bekritiseerd hebben, gaat het tot op de dag van vandaag voort.

In Rizokarpaso vormen Turkse immigranten, die na de bezetting van het noordelijke deel van het eiland hoofdzakelijk uit arme gebieden van Anatolië kwamen, de meerderheid van de lokale bevolking – zoals overal in Noord-Cyprus.

Zo’n 300.000 Turken heeft Turkije naar Cyrpus laten migreren, om het gebied definitief Turks te maken. Zelfs de inheemse Turkse Cyprioten, die sinds de 16e eeuw met de Ottomaanse veroveraars op het ooit puur christelijke eiland aankwamen, zijn tegenwoordig een minderheid. Hun getal slonk tot 80.000, ten tijde van de bezetting waren het er nog 118.000.

Sinds de deling van het eiland kwam er iedere week een konvooi van de Verenigde Naties, om onder de 350 nog resterende Griekse en Libanese Cyprioten in het stadje levensmiddelen en medicamenten te verdelen. Dit regelmatige konvooi gaat terug op een al meer dan 40 jaar geldende overeenkomst tussen beide zijden, aldus de VN. Maar nu is het konvooi voor het eerst afgeblazen, omdat er voor het eerst tol geëist werd. Alleen medicamenten zijn wel afgeleverd.

Mislukte gesprekken over hereniging

Na het mislukken van de gesprekken over de hereniging van Cyprus in juli van dit jaar, vanwege de weigering van de Turkse regering om zijn troepen terug te trekken uit het noorden van het eiland, staat de situatie op het sinds 1974 gedeelde eiland in de Middellandse Zee voor het eerst sinds jaren weer op scherp. Er zijn nauwelijks nog contacten tussen de politieke leiding van Grieks- en Turks-Cyprus. De kleinste en minst beschermde minderheid, de laatste Cypriotische Grieken in het noorden van het eiland, mogen het nu ontgelden.

De Grieks-Cypriotische president Nikos Anastasiades veroordeelde de opstelling van de overheid in het noorden, die de inspanningen voor het herstel van vertrouwen tussen de gemeenschappen ondermijnt. Maar Tahsin Erturoglu, de minister van Buitenlandse Zaken van de Turkse Republiek Noord-Cyprus, die behalve door Turkije door geen enkele staat erkend wordt, zei in New York, dat zijn regering zich er niet van af laat brengen vanaf begin deze maand belasting te heffen op hulpgoederen.

Als argument voor de stap wees hij op de “vrijheid om te reizen”, die de ontvangers van de hulp in het noordelijke deel van het eiland zouden hebben. De laatste Grieken in het noorden hebben meer dan 40 jaar ervaring met intimidatie, vernederingen en het ontnomen worden van rechten door de Turkse bezetters. Ze zullen hun thuisdorpen niet meer verlaten.

De president van de Republiek Cyprus kondigde reeds aan tegen deze maatregelen, die het laatste vertrouwen kunnen verwoesten, te zullen klagen bij de Europese Unie, waarvan de Republiek Cyprus lid is en bij de Verenigde Naties.

Posted on

Turkije en Qatar hielden marine-oefening

De Turkse en Qatarese marines hebben een tweedaagse gezamenlijke marine-oefening gehouden in de Qatarese territoriale wateren, zo melden Qatarese media.

De directeur Defensiecommunicatie van de staat aan de Perzische Golf, luitenant-kolonel Nawaf bin Moebarak bin Saif al-Thani stelde dinsdag dat verschillende onderdelen van de Qatarese marine en kustwacht naar tevredenheid hadden deelgenomen aan de gezamenlijke oefening met de Turkse marine.

Vlootformatiecommandant kapitein-luitenant ter zee Falah Mahdi al-Ahbadi licht toe: “De oefening bestond uit twee fasen. De eerste omvatte gezamenlijke maritieme gevechten en anti-piraterijmanoeuvres, de tweede omvatte gezamenlijke manoeuvres in het enteren en inspecteren van verdachte schepen”.

De gezamenlijke marine-oefening van Qatar en Turkije vond plaats in het kader van de defensiesamenwerking tussen de twee landen en bilaterale akkoorden over de bestrijding van terrorisme en smokkel. Van Turkse zijde nam onder andere het fregat TCG Gökova (foto) aan de marine-oefening deel.

Eerder hield het Turkse leger al een gezamenlijke oefening met het leger van Qatar. Turkije heeft een militaire basis in Qatar. Een parlementslid en vice-voorzitter van de Turkse regeringspartij AKP, Yasin Aktay, stelde tegenover de vanuit Qatar opererende televisiezender Al Jazeera dat de Turkse militaire aanwezigheid op het schiereiland bijdraagt aan de stabiliteit in de regio. “Turkije beschermt zijn eigen belangen door middel van de basis in Qatar, in plaats van partij te kiezen tussen de twistende partijen. Ankara’s belangen vereisen stabiliteit in de regio”, Turkije heeft zodoende volgens Aktay geen belang bij een gewapend conflict tussen Saoedi-Arabië en Qatar.

Posted on

Toenemende invloed Saoedi-Arabië en Turkije in Kosovo

Vanwege werving voor de jihad in Syrië en Irak, aanstichting tot haat, het propageren van religieuze intolerantie en tenslotte belastingontduiking, is in de Kosovaarse hoofdstad Pristina de hoofdprediker van de centrale moskee Shefet Krasniqi (51) gearresteerd.

De opperimam van Kosovo hoorde in de jaren ’90 tot de eerste Kosovo-Albanezen die hun studie in Saoedi-Arabië deden. Krasniqi is geen uitzondering. Volgens een bericht van Le Figaro zou in de omgeving van Pristina in 22 moskeeën zijn opgeroepen tot de heilige oorlog. En dat bij wijze van spreken onder het toeziend oog van EU-soldaten en -ambtenaren, die daar gestationeerd zijn.

Het Balkanlandje is tot Europa’s jihadcentrale geworden. In Kosovo heeft de radicale Saoedi-Arabische staatsislam van de Wahhabieten zich gevestigd. Net als de Salafisten staan de Wahhabieten voor een primitieve islam, die zich strikt op Mohammeds 7e eeuw oriënteert.

Van de momenteel meer dan 800 moskeeën in Kosovo stammen er 240 van financiers uit Saoedi-Arabië, die via stichtingen en ngo’s sinds de afscheiding in 1999 geld naar Kosovo overmaken. Vooral de nieuwe moskeeën worden verantwoordelijk gehouden voor de Wahhabitische indoctrinatie van de Kosovaren.

Terwijl het westen onder aanvoering van de Amerikanen in 1999, onder het mom van democratie en mensenrechten, militair intervenieerde om de afscheiding van Kosovo van (romp-)Joegoslavië mogelijk te maken, gebruikten de Saoedi’s de ontstane situatie om hun versie van de islam ingang te doen vinden.

Maar de geldschieters uit Saoedi-Arabië, Qatar, Koeweit en Bahrein maakten niet alleen de bouw van moskeeën mogelijk, ze betaalden ook de opleiding van honderden imams op het Arabisch schiereiland. Volgens het Franse dagblad betaalden religieuze stichtingen ook premies variërend van 100 à 300 euro aan mannen die een salafistenbaard lieten staan en vrouwen die zich sluierden.

Terwijl er voor 2000 nauwelijks gesluierde vrouwen te zien waren in Kosovo, wordt hun aantal inmiddels steeds groter. De Ramadan, vroeger een privézaak, wordt nu publiek doorgevoerd en door de staat bewaakt. Het Albanese nationalisme, dat eens tot de opstand tegen Slobodan Milosevic leidde, heeft met het Wahhabisme een belangrijke wereldbeschouwelijke concurrent gekregen.

Van de Europese Unie heeft Kosovo sinds 1999 zo’n vijf miljard euro aan hulpgelden ontvangen, veel meer per hoofd van de bevolking dan bijvoorbeeld de 16 miljard dollar Marshall-hulp aan 16 Europese landen na de Tweede Wereldoorlog. Desondanks is Kosovo nog altijd het armste land van Europa. De werkloosheid ligt bij 30 en de jeugdwerkloosheid bij 70 procent.

Terwijl toetreding tot de EU voor het straatarme land veraf is, toont Recep Tayyip Erdogan in het kader van zijn nieuwe Turkse grootmachtpolitiek belangstelling voor Kosovo. De opvolger van het Ottomaanse rijk investeert in luchthavens, wegen en banken en stuurt imams naar Kosovo. Een van de wederdiensten die Ankara verlangt, is dat Kosovo zijn schoolboeken zo corrigeert dat de Ottomaanse geschiedenis mooier voorkomt.

Posted on 2 Comments

“Zonder Poetin was Syrië er geweest”

Volgens de Vlaamse pater Daniël Maes, die sinds 2010 in Syrië woont, klopt er niks van de berichtgeving over de oorlog in het land. Niet president Bashar al-Assad is het probleem, maar onze eigen politici, die ISIS en Al Nusra steunen om de Syrische regering ten val te brengen. “De echte terroristenleiders zitten in het Westen en Saoedi-Arabië.”

De 79-jarige pater Daniël Maes is tijdelijk terug in zijn geboorteland België. Hij verblijft in de norbertijner abdij van het Vlaamse Postel, van waaruit hij in 2010 vertrok naar Syrië, dat toen nog niet in oorlog was. In Qara beleefde hij precaire momenten, toen in 2013 het 25.000 zielen tellende dorp werd ingenomen door een rebellenleger van 60.000 man. Nu is hij ‘op vakantie’ in België, om aan te sterken, nadat hij in Syrië zwaar ziek was geworden (‘Ik dacht: Het is gedaan’), en het eten daar niet meer kon verdragen. Maar ook om de mensen in de Lage Landen het ‘echte verhaal’ te vertellen over Syrië, omdat ze dat van de mainstream media niet te horen krijgen. Midden juni vertrekt hij weer, zijn valiezen gevuld met hulpgoederen voor de noodlijdende Syrische bevolking. 

U woont in een klooster uit de zesde eeuw na Christus, in een land ver van huis.  Hoe kwam u daar zo terecht? 

Ik kwam daar op uitnodiging van de moeder overste, zuster Agnes-Mariam. Zij is een bijzondere figuur. Ze heeft jarenlang als hippie de wereld rondgezworven. En zij heeft de gave de authenticiteit van het monnikenleven in een aangepaste stijl te brengen. Ik vond in het Mar Yakub klooster waar ik mijn hele leven mee bezig was geweest: charismatische bezieling, oecumenische openheid, het missionarissenwerk en de zorg voor de armen. Het klooster was een ruïne, toen moeder Agnes-Mariam het aantrof, en het is vanaf het jaar 2000 onder haar leiding prachtig gerestaureerd. Ik kwam er als toerist, en ik zou er als toerist weggaan, maar Agnes-Mariam vroeg mij of ik een propedeutisch jaar wilden organiseren, een voorbereiding voor de priesteropleiding, het allereerste katholieke seminarie van heel Syrië. En zo ben ik gebleven.

Wat was uw indruk van Syrië voordat de oorlog uitbrak?

Het was een prachtig land. De persoonlijke politieke vrijheden bleken niet al te groot te zijn; dat had ik wel verwacht. Maar voor het overige werd ik aangenaam verrast. Er heerste een weldadige oosterse gastvrijheid, en een rust en orde zoals wij die in eigen land nooit hebben gekend. Stelen en baldadigheden waren nagenoeg onbestaande. De vele verschillende gelovige en etnische groepen leefden harmonieus naast elkaar.

Het land had geen staatsschuld en kende geen daklozen. Integendeel, vele honderdduizenden vluchtelingen van omringende landen, zoals Irak, werden opgenomen en ook onderhouden als eigen burgers.

Het dagelijks leven was bovendien zeer goedkoop, zoals de voeding. Scholen, universiteiten en ziekenhuizen waren gratis, zelfs voor ons vreemdelingen. Ik sprak een Franse chirurg die zei dat de ziekenhuizen in Syrië beter waren dan die in Frankrijk.

Hoe is het conflict in Syrië begonnen? De heersende opinie in het Westen is dat de eerste protesten in Homs vreedzaam begonnen, en dat dat op slag veranderde door het harde optreden van de regering.

Dat is klinkklare nonsens. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die zogenaamde volksopstand ontstaan is in Qara. Op een vrijdagavond in november  2011, onderweg naar de pastorie, waar ik was uitgenodigd, zag ik bij de centrale moskee een groep van zo’n vijftien jongeren. Ze riepen dat Assad een dictator was, en dat hij weg moest. En ik zag andere jongeren die daar foto’s van maakten. Ze maakten zoveel herrie dat het mij een unheimisch gevoel gaf. Ik meldde dat bij de pastoor, maar die wist er al van. Hij zei: ‘Sinds enige tijd komen hier mannen van buiten Syrië. Die komen herrie maken, en die nodigen dan onze jongeren uit om daar foto’s  en video’s van te maken. Als ze die aan de Al Jazeera bezorgen, dan krijgen ze daar geld voor.’

Toen waren er nog geen protesten geweest in Homs?

Het moet rond de tijd zijn geweest dat daar de protesten begonnen. De Nederlandse Pater Frans van der Lugt, die in Homs woonde, en die later daar vermoord is, heeft ook gezien en gemeld in zijn brieven dat het niet de politie was die begon met schieten, maar de terroristen die zich te midden van de demonstranten bevonden.

De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders vindt dat Assad zou moeten worden berecht door het Internationaal Strafhof in Den Haag vanwege oorlogsmisdaden. U ziet dat anders?

Die Koenders is een kleine jongen die daar staat als een koning maar niet weet dat hij geen kleren aan heeft. Iedereen met een klein beetje verstand ziet dat hij een marionet is van de Amerikanen, die precies zegt wat ze hem influisteren.

Wie de belangen van vreemde grootmachten dient om andere volken in de diepste ellende te storten, is een terroristenleider, de naam van staatsman onwaardig.

Assad heeft niks verkeerds gedaan?

Zie de gifgasaanval in Goutha, bij Damascus, in 2013, waarvan Assad onmiddellijk werd beschuldigd. Iedereen die zich daar ook maar een klein beetje in verdiept, ziet meteen dat het de terroristen waren die daar achter zaten.

Een jaar voor de gifgasaanval had Obama gezegd: ‘Het gebruik van chemische wapens is een rode lijn.’  Iedereen in de journalistiek zou toen moeten hebben gedacht: ‘Klinkt dat niet een beetje als president Bush, die indertijd zei: Binnen 48 uur moeten de massavernietigingswapens van Irak bovenkomen.’

Maar ze trapten er opnieuw in. Met veel mediaomhaal werd er een internationale onderzoekscommissie naar Damascus gestuurd, en juist toen ze waren gearriveerd, was er die enorme gifgasaanval, praktisch onder hun neus. In Ghouta nota bene, een onbewoonde streek, waar de mensen allang waren gevlucht.

En binnen twee uur verschenen er foto’s van kamers met stervende kinderen. Van Hollywood-kwaliteit. Sommige bleken lang tevoren te zijn genomen, andere twee uur na de aanval. En nergens een treurende moeder te zien.

Er waren wel ouders die hun kinderen herkenden op de foto’s. Maar die woonden niet in Ghouta, maar 200 kilometer verderop, in dorpen rondom Latakia. Twee weken voor de gifgasaanval waren hun dorpen overvallen door terroristen, en die hadden hun kinderen gekidnapt. Het waren dus gekidnapte kinderen die we op de foto’s te zien kregen, die vermoord waren om een mediastunt uit te halen. Hoe is het mogelijk dat er zoveel stomme journalisten zijn die dat niet doorhebben? U kunt het nalezen in het rapport van Moeder Agnes-Mariam.

Zijn er dan helemaal geen oorlogsmisdaden gepleegd door de Syrische autoriteiten? Amnesty International bracht in februari nog een rapport uit over massaexecuties in een gevangenis in de buurt van Damascus.

Als je als journalist wilt weten hoe het werkelijk zit, dan moet je geen rapporten van Amnesty gaan lezen, dan moet je naar het land zelf gaan. En ik vraag u: Hoe kan het dat een president die zoveel oorlogsmisdaden begaat tegen zijn eigen volk, zolang in leven kan blijven, terwijl het land vol zit van terroristen die hem naar het leven staan? En hoe kan het dat je overal in Syrië mensen ziet met de foto van Assad op de achterruit van hun auto?

De christenen, sjiieten, druzen en alawieten misschien. Maar ook de soennieten?

Absoluut. De overgrote meerderheid van de soennieten staat achter Assad. En als je in Tartus komt, waar veel soennieten wonen, dan zie je daar niet alleen foto’s van Assad, maar ook die van Poetin.

Voor het rapport van Amnesty over de Saydnaya-gevangenis zijn tientallen getuigen geïnterviewd.

Dat is vals. Het laatste verhaal is dat Assad duizenden mensen heeft gecremeerd in die gevangenis. Dat kan helemaal niet. Die is zo klein, daar kunnen nooit in zo’n korte tijd zoveel mensen zijn omgebracht.

Amnesty heeft gezegd dat ze het Amerikaanse verhaal van de crematies niet kan bevestigen.

Ze spreken het ook niet tegen. En intussen hebben de media de verdenking zo vaak herhaald, dat de mensen het zijn gaan geloven.

Hoe ziet u de rol van de journalistiek? Hoe kan het dat zij een beeld schetsen van Syrië dat u totaal niet herkent?

Daarvoor moet u het boek lezen van de Duitse journalist Udo Ulfkotte, Gekochte Journalisten.  Als je niet meegaat met de heersende opinie, het opgelegde draaiboek niet volgt, dan kom je onvermijdelijk in botsing. Dan word je buitengezet.

Maar erger vind ik nog een organisatie als Pax Christi, die in naam van kerkelijke instanties reclame maakt voor de zogenaamde ‘gematigde rebellen’, en zich daarmee totaal keert tegen de christenen in Syrië, tegen de bisschoppen en patriarchen daar. Pax Christi steunt het uitmoorden van Syrische christenen.

Ik heb een voordracht gezien van een zogenaamde Midden-Oosten expert van Pax Christi. Aan het einde van haar voordracht toonde ze haar bronnen. Die waren: Al Jazeera, Al Jazeera en Al Jazeera.

Wat betreft die journalisten: Ik begrijp het wel een beetje. Ze hebben vaak een gezin waarvoor ze moeten zorgen. Maar ik zou wel willen dat ze wat meer ruggengraat toonden.  Het zijn zakken, platbroeken, die je overal neer kunt zetten, omdat ze zelf geen enkele mening hebben.

Waarom denkt u dat zoveel landen af willen van Assad?

In 2009 heeft Qatar Bashar al-Assad gevraagd een pijpleiding aan te leggen door Syrië naar de Middellandse Zee. Assad heeft toen gezegd: Wij gaan dat niet doen want we zijn al bezig zo’n pijplijn aan te leggen met Rusland en Iran. Toen is de oorlog begonnen. Niet in 2011.

We moeten niet vergeten: Homs, waar de protesten begonnen, is een belangrijke locatie voor de doorgang van de pijpleiding. Het is geen toeval dat juist daar de gewelddadigheden begonnen, en dat de nieuwszender van Qatar, Al Jazeera, daar bovenop zat.

En de overige landen? Waarom zijn zij Assad vijandig gezind?

Voor het Westen is het onaanvaardbaar dat Syrië nog een van de weinige landen is met een bank die onafhankelijk is, en dat het land geen staatsschuld had en dus niet ‘gered’ hoefde te worden.

En de Turken die willen gewoonweg het Ottomaanse rijk terug. Het is ook schandalig wat ze in Aleppo hebben gedaan. Aleppo was het economische hart van Syrië. De Turken hebben daar in een paar dagen tijden alle fabrieken ontmanteld en meegenomen naar Turkije.

Israël is ook een hele belangrijke motor achter het conflict. De zionisten willen een pure joodse staat van de Nijl tot de Eufraat. Ze willen dat Syrië in kleine staatjes uiteen valt, en dat die staatjes elkaar gaan bevechten. Divide et empera.  Verdeel en heers.

De Israëli’s bombarderen in Syrië, ze verplegen gewonde terroristen en ze leveren wapens.

Ik denk dat het zionisme even slecht is voor het jodendom als ISIS voor de islam. Maar laten we dat maar niet hardop zeggen, want dan is men voor veel protestanten in Nederland de duivel zelve.

De Israeli’s zeggen dat ze zich in het conflict mengen vanwege de aanwezigheid van milities van Hezbollah.

Dat is waar. Maar Hezbollah is één van de mooiste verzetsbewegingen die er bestaan. Ik heb jongemannen van Hezbollah gesproken, en zij zeggen: ‘Wij zijn ontstaan toen de zionisten onze families kwamen verjagen en uitmoorden. En wij helpen daarom degenen die op dezelfde wijze zo onderdrukt worden’.

U zegt zelfs dat u uw leven te danken heeft aan Hezbollah.

Het is mede dankzij Hezbollah dat zoveel christenen en andere Syriërs nog in leven zijn.  Ze zijn ons op de moeilijkste momenten te hulp geschoten. En hetzelfde geldt voor het Syrische leger en de Russen. Als Poetin niet gekomen was in 2015, dan had Syrië zeker niet meer bestaan.

Van de Russen wordt gezegd dat ze zich in het conflict hebben gemengd om hun positie in Syrië te verdedigen.

Er zal zeker eigenbelang bijzitten. Maar Poetin is ook iemand die de christenen wil verdedigen. En hij wil ook een multipolaire wereldorde, waarin niet één land, Amerika, alles bepaalt. Het ergert Poetin dat de Amerikanen zich niks aantrekken van internationale regels. Ze plegen een staatsgreep in Oekraïne, en zijn dan nog zo brutaal om te zeggen dat de Russen zo agressief reageren.

Syrië is een soeverein land. Dat is wat Poetin benadrukt. Hij zegt ook: Wij zijn er niet ter bescherming van Assad, maar ter bescherming van de Syrische staat.

De Russen zijn de enigen die, met toestemming van de Syrische regering, militair aanwezig zijn in Syrië. Wat doen de Belgische en Nederlandse F16’s daar? Die hebben er niks te zoeken. Zij werken mee aan de vernietiging van een land.

Het Westen zegt ISIS te bestrijden. Maar u betwijfelt dat?

U herinnert zich vast nog de Hollywoodopnamen van ISIS die Syrië binnenreed, een eindeloze colonne van gloednieuwe Toyota’s, dwars door de woestijn. Die zouden toch in een half uur opgeruimd moeten zijn geweest als het Westen dat werkelijk gewild had? Maar dat is niet gebeurd hè? En van wie hadden ze die Toyota’s? Ga dat maar eens uitzoeken.

Wat we wel steeds horen is dat ISIS bij vergissing wapens in handen krijgt die bedoeld zijn voor de gematigden, en dat bij vergissing het Syrische regeringsleger wordt gebombardeerd. En hier en daar wordt dan misschien nog eens een ISIS-strijder getroffen, maar dat zijn meer de uitzonderingen.

Christenen vormen een minderheid in Syrië. Hoe zien zij het geweld van ISIS, Al Nusra en andere groeperingen? Als een probleem van de islam?

In de eerste plaats zien zij het als een politiek middel van het Westen, om Syrië te ontwrichten en een regeringswissel te brengen. En niet alleen de christenen, ook de moslims in Syrië zien dat zo. Zij schamen zich voor ISIS en Al Nusra. Zij zeggen: ‘Dat is niet de islam.’

Hoe ziet u zelf het geweld binnen de islam?

De islam is dubbelzinnig. In de Koran staan hele mooie verzen over de vrede. Maar in de Koran staat ook dat de ongelovigen, dus de niet-moslims, afgemaakt moeten worden.

De Bijbel en de Torah zijn ook niet vrij van geweld.

Dat is zo. Maar de onvolmaaktheden van het Oude Testament komen tot ontplooiing in het Nieuwe Testament. En van de Koran zou je kunnen zeggen: het is het Oude Testament zonder de geest van het Nieuwe Testament.

Jezus zei: ‘Ik kom niet om de vrede te brengen, maar het zwaard.’

Als jij iemand met het zwaard doodt of verwondt, dan zal in heel de christenheid niemand zeggen: ‘Die man volgt het evangelie.’ Maar als een moslim zichzelf opblaast midden in een grote groep mensen, dan zijn er helaas moslims die zeggen: ‘Ik zou dat eigenlijk ook moeten doen, maar ik heb de moed niet.’

Maar uw ervaringen met moslims in Syrië zijn overwegend positief?

Ik ben door moslims altijd even gastvrij ontvangen als door christenen. Syrië is een seculiere staat. Syriërs zien zichzelf in de eerste plaats als Syriër, en daarna pas als christen, soenniet, druz, alaviet of sjiiet. Je ziet dat ook in de regering. Daar zie je ministers van diverse religies. Iedereen mag zichzelf zijn. De harmonieuze samenwerking van bevolkingsgroepen is altijd kenmerkend geweest voor Syrië. Ze zien zichzelf als één familie.

Ik heb zelfs een kolonel meegemaakt van het Syrische leger, die mij vroeg of ik hem wilde zegenen voordat hij naar Aleppo vertrok. Dat was een soenniet.

Hoe denken christenen in Syrië over de steun die westerse regeringen geven aan gewapende groeperingen?

Ze lijden eronder dat hun geloofsgenoten in het Westen niet solidair zijn met ze. Ze begrijpen het ook niet.

Misschien zijn er in Syrië ook christenen die het juist toejuichen dat het Westen bepaalde gewapende groepen steunt?

Ik ken ze niet. Maar als u ernaar op zoek gaat, zult u ze misschien vinden. Er zijn altijd en overal uitzonderingen op de regel. Maar de doorsnee Syriër moet daar niets van hebben.

Heeft u contact gehad in België of in Nederland met politici?

Met Herman van Rompuy, in 2012, toen hij voorzitter was van de Europese Raad. Ik had de indruk dat hij nauwelijks wist waar Syrië lag. Het enige wat hij over Syrië dacht te weten, had hij uit rapporten die het land omschreven als de vreselijkste dictatuur ter wereld. Die ontmoeting heeft mij echt ontgoocheld. Ik vertelde hem dat mijn ervaring was dat Assad gesteund werd door brede lagen van de bevolking, ook door de soennieten. Maar het leek alsof die man dat ervoer als heiligschennis. Ik had sterk de indruk dat hij vooral bezig was met de vraag: ‘Hoe voorkom ik dat ik op die 28 paar tenen ga staan in de Europese Raad?’

Pieter Omtzigt van het CDA heb ik vorig jaar ontmoet. Die weet werkelijk wat er gaande is en is ook bereid zich in te zetten.

Ik heb begrepen: In Nederland hebben de christelijke partijen gestemd voor een motie om de steun te staken aan het Vrije Syrische Leger. Maar de PVV heeft tegen gestemd. Begrijpt u dat? Is dat omdat zij zionisten zijn? Als je tegen de radicale islam bent, waarom stem je dan voor het steunen van islamitische terroristen in Syrië?

Veel Syriërs zijn gevlucht naar Libanon en naar gebieden in Syrië die onder controle zijn van de Syrische staat. Wat onderscheidt deze vluchtelingen van degenen die  naar het Westen vluchten?

Iedereen die de kans had te vluchten naar gebieden die door het regeringsleger gecontroleerd werden, heeft dat gedaan. Uitgezonderd degenen die geen toekomst meer zagen in Syrië.

Er is kritiek op Syrische jongemannen die naar het Westen gevlucht zijn. Daarover wordt gezegd: Waarom zijn die gevlucht? Waarom vechten ze niet terug?

Het is een georganiseerde ontwrichting. Die jongemannen zijn naar Europa gelokt, want Europa moet geïslamiseerd worden.

Kan iedere jongeman dienst nemen in het Syrische leger? Bestaat er een dienstplicht?

Jazeker. Alleen wie vluchten ontkomen daaraan. Daar staat tegenover dat veel oudere mannen zich vrijwillig hebben aangemeld.

Het Westen leidt een boycot tegen Syrië. Hoe houden de Syriërs zich desondanks in leven?

Veel komt het land binnen via liefdadigheid. Maar ik heb tot mijn verbazing, net voor mijn vertrek uit Syrië, medicamenten gezien die in Aleppo gemaakt waren. Dus ondanks alle verwoesting daar zijn ze er toch weer in geslaagd opnieuw te beginnen.

In een eerder interview sprak u de hoop uit dat president Donald Trump voor verandering zou zorgen van het Amerikaanse beleid. Bent u nog steeds zo hoopvol gestemd over hem?

Trump zei tijdens zijn verkiezingscampagne wat elk verstandig mens in zijn plaats gezegd zou hebben: ‘We moeten stoppen met wapens leveren aan rebellen, want we weten niet wie het zijn. Laten we stoppen met interveniëren in soevereine landen. En laten we samen met Rusland het terrorisme bestrijden.’

Dat was hoopvol. Maar intussen is hij in de greep gekomen van de Deep State, de werkelijke machthebbers in het land. Hij heeft die raketten afgevuurd op dat militaire vliegveld in Syrië. Waarschijnlijk onder druk van de Deep State. Desondanks heeft hij de Syriërs verwittigd. Zodat er weinig schade is aangericht. De meeste vliegtuigen waren al weggehaald. En de helft van de raketten was niet eens aangekomen. De dag erna was het vliegveld alweer operationeel.

U bent nu op vakantie in België. Gaat u met een gerust hart terug naar Syrië? U heeft er benauwde momenten doorgemaakt.

In 2013 werd Qara ingenomen door een leger van 60.000 terroristen. Ze liepen schietend door de stad. We hebben ons toen verstopt in de kelder van het klooster. Na een week werden ze verdreven door het Syrische leger. Die waren maar met 200 man! Maar toch sloegen de terroristen op de vlucht, terug naar Libanon, de ene groep na de andere. Dat was omdat ze geen sterk geheel vormden. Ze bestreden elkaar. Toch is er geen enkele menselijke verklaring voor waarom ze met zulk een overmacht het klooster niet hebben ingenomen.

U bent toen niet bang geweest?

De meesten van ons hebben geen enkele vrees gehad, zelfs niet op de momenten dat we dachten: Het is gedaan. We hadden ook geen tijd om ons zorgen te maken, omdat er kinderen en vrouwen en zwakken van gestel waren om wie we moesten denken. Er is zelf nog een kind geboren bij ons. Iedereen was erg bekommerd om elkaar. De kinderen moesten bezig gehouden worden. We deden spelletjes, we hebben gebeden en gezongen. We hadden na een paar dagen geen water meer, maar nog wel melk. En aan het einde van de week begon het te sneeuwen. Dat was het begin van het einde van de belegering.


Noot van de redactie: Aanvankelijk is per abuis een ongecorrigeerde versie van het interview gepubliceerd. Om 10.37 uur is derhalve een aantal kleine correcties gedaan.

Posted on

Driekwart Europeanen tegen volwaardig EU-lidmaatschap Turkije

Ruim driekwart van de burgers in verscheidene EU-lidstaten is tegen toetreding van Turkije tot de EU. Uit een opinieonderzoek in opdracht van de Europese Volkspartij (EVP) blijkt dat 77 procent van de ondervraagde EU-burgers in negen grote lidstaten het belangrijk vindt dat duidelijk gemaakt wordt dat Turkije niet zal toetreden tot de Europese Unie.

Ondervraagd werden 1.000 burgers in respectievelijk Duitsland, Frankrijk, Ierland, Italië, Nederland, Polen, Roemenië, Zweden en Spanje. Gevraagd werd onder andere hoe belangrijk het is om definitief vast te leggen dat Turkije geen volwaardig lid van de EU wordt.

In Duitsland lag het aandeel dat daarop met ‘belangrijk’ of ‘zeer belangrijk’ antwoordde met 86 procent het hoogste, gevolgd door Nederland met 84 procent. Het kleinst was de instemming met de stelling in Spanje met 60 procent.

De voorzitter van de EVP-fractie in het Europees Parlement, Manfred Weber (CSU), reageerde op de resultaten van het opinieonderzoek:

De Europeanen verwachten van de politiek een dikke streep onder de toetredingsgesprekken met Turkije. Na alles wat er gebeurt is, kan het niet ‘Verder zo’ zijn.

 

Posted on

Lawrence: Heraut van het kalifaat

Uitgeverij De Blauwe Tijger presenteert dit najaar het ene na het andere belangwekkende boek. Het begon al met De doofpotgeneraal van Edwin Giltay. Afgelopen maandag was er dan de presentatie van Udo Ulfkottes Gekochte journalisten en van de Wikileaks-documenten. En woensdag 12 oktober wordt in Amsterdam het nieuwe boek van Robert Lemm gepresenteerd over niemand minder dan ‘Lawrence of Arabia’.

Een hoogst actueel en belangwekkend onderwerp in een tijd waarin ‘Islamitische Staat’ overal in het Midden-Oosten en Noord-Afrika huishoudt waar het maar voet aan de grond kan krijgen en terroristische aanslagen in Europa opeist. Robert Lemm presenteert T.E. Lawrence dan ook als ‘Heraut van het Kalifaat’, zoals de ondertitel van het boek luidt.

Ook op Novini schreven we al over ‘Lawrence of Arabia’ en de gevolgen tot op de dag van vandaag: De wortel van veel kwaden

Boekpresentatie

lawrenceWoensdag 12 oktober vindt de presentatie plaats van Robert Lemms nieuwe boek Lawrence. Heraut van het Kalifaat, om 20:15 uur in de Wackersacademie, Eerste Helmerstraat 271, 1054  DZ Amsterdam.

Naast de auteur zelf spreken de historica en arabiste Machteld Allan en de publicist en rechtsfilosoof Thierry Baudet.

Facebook-event

Posted on 1 Comment

Waarom de mislukte Turkse couppoging geen “valse vlag” machtsgreep door Erdogan was

Door Andrew Korybko, vertaling door Anneke de Laaf

De mislukte couppoging tegen President Erdogan heeft een wervelwind aan opgewonden polemieken veroorzaakt in de alternatieve informatiekanalen, wat heeft geleid tot de totstandkoming van twee concurrerende hypotheses. De auteur heeft eerder al zijn eigen analyse gepubliceerd, dat de couppoging in werkelijkheid een onzorgvuldige, wanhopige poging van de VS was om koortsachtig de alles-veranderende geopolitieke consequenties van de recente, verrassende Russisch-Turkse detente te neutraliseren, maar de andere hoofdtheorie die de ronde doet is dat dit een valse vlag poging was van Erdogan om meer macht te grijpen.

De Valse Vlag Theorie

Er zijn talrijke redenen waarom dit geloofwaardig is, niet in het minst vanwege Erdogan’s betrokkenheid bij andere valse vlag operaties, zoals de afgebroken aanval in 2014 op de Süleyman Shah tombe in noord Syrië als voorwendsel voor het lanceren van een grootscheepse aanval. De sterke man van Turkije is ook beschuldigd van betrokkenheid bij de terroristische bommencampagne die uitbrak in het zuidelijk deel van het land afgelopen zomer en die uiteindelijk is gebruikt als excuus om opnieuw de Koerden aan te vallen.

Voorstanders van de “valse vlag coup” theorie wijzen naar Erdogan’s onmiddellijke vergelding op politieke tegenstanders als aannemelijk bewijs dat hij het machtswisselingsdrama in zijn land zelf geïnitieerd heeft om hem zo een excuus te geven om zuiveringen door te voeren en de islamisering van de bij grondwet seculiere staat te voltooien.  Maar in werkelijkheid was het al in brede laag bekend dat de President een lange lijst van politieke vijanden had die hij een voor een afhandelde en dat de op de Moslim Broeders geïnspireerde ‘Salafizatie’ van de maatschappij geleidelijk mogelijk was gemaakt door internationaal erkende “democratische” middelen (hoe gebrekkig en gemanipuleerd ze ook mogen zijn). Erdogan had geen “valse vlag coup” nodig om deze jaren durende en breedvoerige agenda voort te zetten, hoewel het ongetwijfeld zijn plannen heeft versneld.

Bij het weerleggen van de “valse vlag coup” theorie is het relevant om te onthouden dat Erdogan de volleerde politicus is die nooit een kans mist om een crisis te benutten voor zijn eigen profijt. Nadat hij zijn macht opnieuw deed gelden in de nasleep van de mislukte coup, zag Erdogan een ongekende kans om al zijn vijanden in een keer uit de weg te ruimen, wat precies is dat hij nu aan het doen is. Uiteraard bewijst dit nog niet noodzakelijkerwijs dat hij niet “betrokken” was vanaf het begin.

Een redelijke verfijning van de theorie

Als we deze aantijgingen voor een moment in overweging nemen en een iets redelijkere benadering toevoegen, zou je kunnen zeggen dat het theoretisch mogelijk is dat Erdogan zich inderdaad bewust was dat er actief aan een coup tegen hem werd gewerkt, maar tot de conclusie is gekomen dat het beter was om het zwakke en al gecompromitteerde plan te laten uitspelen om zijn tegenstanders zo te verpletteren en vervolgens de opportune voordelen te oogsten. Dit zou in zekere zin vergelijkbaar zijn met de situatie rondom Pearl Harbor en volgens sommigen zelfs 9/11, waar de Verenigde Staten wisten dat een aanval aanstaande was, maar een diepgeworteld, alles overstijgend strategisch belang hadden om het desondanks toch te laten gebeuren.

De auteur onderschrijft deze benadering waar het Turkije betreft niet per se, het lijkt een te bovenmatig riskante gok zelfs voor Erdogan (die een geschiedenis heeft van zulk roekeloos gedrag), maar als we deze theorie voor het moment accepteren is het zelfs voorstelbaar dat hij door de Russische geheime dienst is gewaarschuwd over wat op het punt stond te gebeuren. Moskou zou de details van het plan hebben kunnen aanbieden als blijk van vertrouwen in aanloop naar de alles-veranderende – “game-changing” – Russisch-Turkse detente, en ook omdat Rusland niet wilde dat de VS en zijn bondgenoten haar de schuld in de schoenen zou kunnen schuiven als de coup zou mislukken.

Erdogan, ontstoken in razernij omdat de VS probeert zijn aanstaande vernederende ondergang live op tv te orkestreren, zou zich daarop hebben kunnen committeren aan de geleidelijke heroriëntatie van zijn land op Eurazië, wel wetend dat hij daarvoor een publiekelijk verdedigbare reden zou moeten hebben, ergo toestaan dat het geschonden Amerikaanse plan doorgaat zodat hij het direct kan verpletteren en gebruiken om de draai in het buitenlands beleid van zijn land te rechtvaardigen.

Acties spreken luider dan speculatie

Hoe dan ook, of Erdogan nu volstrekt overvallen werd door de coup of van tevoren al besloot er zijn voordeel mee te doen, de opeenvolgende gebeurtenissen die zich afspeelden in de nasleep van de coup bieden overtuigend bewijs dat de poging tot gedwongen machtswisseling door de VS gedirigeerd werd.

De Turkse minister van Arbeid Suleyman Soylu zei dit zelfs openlijk, maar Premier Binali Yildirim was diplomatieker toen hij over Gülen zei: “Ik zie geen enkel land dat zich achter deze man zou scharen, deze leider van een terroristische bende, vooral niet na afgelopen nacht. Het land dat achter deze man zou staan is geen vriend van Turkije. Het zou zelfs een agressieve daad tegen Turkije zijn.”  De gelijktijdige de facto neutralisatie van de Amerikaanse luchtmachtbasis Incirlik door het instellen van een ‘no-fly zone’ (hoewel het zo niet formeel genoemd wordt), het afsluiten van de elektriciteit van alle faciliteiten daar en de arrestatie van  de bevelhebber ter plekke Generaal Bekir Ercan Van op het terrein van de basis vanwege zijn betrokkenheid bij de coup zijn een sterke indicatie dat dit niet slechts een geënsceneerde, melodramatische machtsgreep door Erdogan is, maar het beginstadium van een serieuze geopolitieke heroriëntatie weg van de VS.

Of de VS in Incirlik blijft of niet is feitelijk niet het twistpunt, omdat de diepe symboliek van wat zich nu ontvouwt veel substantiëler is dan de fysieke aanwezigheid van het Pentagon ter plaatse. Nooit eerder in de geschiedenis is de VS afgesloten geweest van de eigen nucleaire wapens, wat feitelijk gebeurd is met de ‘no-fly zone’ en het uitschakelen van de elektriciteit op Incirlik. Erdogan probeert op de meest memorabele manier met de grootst mogelijke impact duidelijk te maken dat hij de Sultan van heel Turkije is — inclusief Incirlik — en dat hij niet zal tolereren dat de basis gebruikt wordt tegen hem door actief coupplegers te helpen en te verbergen. In antwoord op dit ondenkbare gebrek aan respect door een voormalige quisling is de VS nu bezig met een boosaardige Hybride Oorlog aanval op Erdogan, een aanval die zelfs kan escaleren tot een niveau waarbij Turkije geopolitiek opgedeeld wordt en de 70 miljoen inwoners van het Neo-Ottomaanse “Kalifaat” in de hete ketel van de chaos worden geworpen, een chaos die dan strategisch tegen Rusland en Iran ingezet kan worden.

Bewapening van de Turkse gevechtsruimte tegen Rusland en Iran

Deze beide multipolaire naties zijn zich zeer wel bewust van hoe de VS hen wil destabiliseren vis-a-vis de verbreiding van de verwoesting van het Midden-Oosten, dit ligt dan ook ten grondslag aan hun strijd tegen terroristen en militaire samenwerking in Syrië.  Nu het tij van die oorlog zich eindelijk tegen de VS heeft gekeerd en het conflict langzaam naar het einde beweegt (hoe lang het uiteindelijk ook zal duren voordat het volledig opgelost is), valt te verwachten dat de VS zal trachten andere regionale conflicten te organiseren om de rol van het Syrische conflict over te nemen en de indirecte asymmetrische oorlog tegen de Russische en Iraanse strategische belangen te prolongeren. De militante schepping van het “tweede geopolitieke Israël – i.e. Koerdistan” is beslist onderdeel van deze plannen, maar met Erdogan’s anti-unipolaire rebellie en daar bovenop de gevolgen van de mislukte door de VS gedirigeerde coup heeft Washington nu een veelheid aan redenen om de talloze mogelijkheden om Turkije uit elkaar te reten uit te buiten.

Rusland en Iran begrijpen allebei de ernst van wat op het spel staat en dat het zeer waarschijnlijk is dat de VS zal trachten om zijn mislukte couppoging tegen Erdogan om te zetten in kiemen voor een nieuwe Kleurenrevolutie tegen hem en misschien mogelijk zelfs een Onconventionele oorlog. Er is een overvloed aan legitieme redenen waarom Turken hun President verachten, met zijn betrokkenheid bij de oorlog in Syrië door te “Leiden van Achteren” en zijn islamistische binnenlandse politiek als eerste en belangrijkste reden, maar de vrees bestaat dat de verdedigbare boosheid van een groot deel van de maatschappij door de VS misbruikt kan worden in zijn streven om tumult te verspreiden in heel Turkije en een zwart gat van chaos te creëren dat structureel zou functioneren als een “Nieuw Syrië”.

Irans antwoord en belangen

Omdat Iran deze keten van gebeurtenissen voorzag en realiseerde dat ze de eersten zouden zijn die hier direct door getroffen zouden worden, uitte Iran onmiddellijk haar bezwaar tegen de couppoging. Minister van Buitenlandse zaken Zarif, in commentaar dat werd gerapporteerd door de door de overheid gefinancierde Iraanse omroep Press TV, ging zelfs zo ver dat hij het parlement voorhield: “Wij zijn het eerste land dat expliciet een verklaring over haar houding tegenover Turkije heeft afgelegd, terwijl andere landen of muisstil bleven of … nogal vaag waren over hun houding, als ze al een positie innamen, en verzuimden om hun steun voor de democratie te uiten …  Sommige landen zoals Saudi-Arabië en Qatar gaven de voorkeur aan de escalatie van de couppoging tegen de Turkse regering.” Deze volmondige en krachtig verwoorde verklaring gaat veel verder dan de obligatoir geuite steun aan de internationaal erkende regering waartoe bijna alle andere landen zich beperkten en demonstreert ontegenzeggelijk dat Teheran zich opzettelijk positioneert als Ankara’s trouwste internationale bondgenoot in het regionale post-coup landschap.

Hiervoor zijn verscheidene redenen en ze hebben te maken met het volgende:

  • Iran wil geen slachtoffer worden van “Wapens van Massa Migratie” in de nasleep van een door de VS geplande vernietiging van Turkije;
  • Iran wil Erdogan’s blijvende en gecoördineerde samenwerking om te reageren op potentieel, grensoverschrijdend Koerdisch terrorisme (Iran wordt momenteel aangevallen door de PKK-gelieerde “Koerdische Democratische Partij van Iran”);
  • en Iran voorziet een toekomst waar de Iraanse gaspijpleiding kan aansluiten op het TAP project in Noord-Turkije en zo Europa’s vraag naar niet-Russische energieleveringen kan vervullen.

Ruslands antwoord en belangen

Ruslands anti-coup antwoord was in vergelijking terughoudender, maar was desondanks behoorlijk krachtig. Terwijl Rusland zich onthield van het beschuldigen van betrokkenen of profiteurs van de ontwikkelingen en het benadrukken van hoe snel ze diplomatiek reageerde op de coup achterwege liet, zoals Iran in beide gevallen wel deed, uitte ze simpelweg haar steun aan de internationaal erkende regering van Turkije en sprak over de ontoelaatbaarheid van een militaire machtswisseling.  Veelzeggend echter was dat president Poetin later Erdogan opbelde en instemde om hun al geplande afspraak in september een maand te vervroegen, en ook sprak over potentiële samenwerking via de Euraziatische Economische Unie.

Ruslands belangen in Turkije zijn talrijk, maar een aantal vallen meer op dan de rest en zijn bedoeld om te garanderen dat Ankara haar geopolitieke heroriëntatie voltooit door de volgende stappen te zetten:

  • Turkije moet haar eerdere beleid afzweren door de steun aan de terroristen in Syrië te stoppen en de grens af te sluiten voor de voortdurende infiltratie door terroristen;
  • Turkije moet de onderhandelingen over de Balkan Stream-pijpleiding hervatten en dit multipolaire megaproject nieuw leven inblazen;
  • en Turkije moet de complexe economische onderlinge afhankelijkheid met Rusland verdiepen door samen te werken via het Euraziatische Economische Unie platform.

Daarenboven is Moskou’s diplomatieke steun aan Erdogan’s presidentschap ook ingegeven door de pragmatische noodzaak te voorkomen dat de Gülenisten de macht grijpen. Indien de in de VS wonende en Clinton-gelieerde religieuze leider van dit duistere, transnationale netwerk de volgende leider van Turkije zou worden of een overheersende invloed zou hebben op wie dan ook van zijn ondergeschikten in plaats van hem de leider zou worden, dan heeft Rusland alle reden om aan te nemen dat ze alle instrumenten van de staat zouden omleiden om de agenda van de terroristische netwerken te promoten in het hele post-sovjet territorium. Dit zou dozijnen “mini- Tsjetsjeniës” kunnen creëren waar Rusland op zou moeten reageren namens haar CVVO-bondgenoten, waarmee ze gedwongen zou worden permanent strategisch defensief te opereren en alle vorderingen die ze sinds 2008 heeft bereikt wereldwijd zouden worden teruggedraaid.

De blik afwenden van Erdogan’s zondes

Het meest controversiële aspect van deze hele situatie waar veel multipolaire supporters moeite mee hebben om te accepteren is, waarom Rusland en Iran Turkije zouden steunen terwijl ze zich zeer wel bewust zijn van Erdogan’s medeplichtigheid in de Oorlog van Terreur tegen Syrië. En na het zien van beelden van wraakzuchtig groepsgeweld in Istanboel en tenminste één geverifieerde openbare onthoofding, om nog maar niets te zeggen van de sectoroverschrijdende natiewijde zuivering die momenteel plaatsvindt, krabben mensen die normaliter sympathiek staan tegenover Ruslands en Irans buitenlandbeleid zich achter de oren en vragen zich af waarom Moskou en Teheran zich niet krachtig uitspreken tegen zulke schokkende gebeurtenissen.

Hoezeer dit ook veel lezers kan teleurstellen, de harde realiteit is dat Rusland noch Iran er enig belang bij heeft om zich te mengen in de binnenlandse aangelegenheden van hun partners, of die nu goed of fout zijn. Beide staten volgen in het algemeen een politiek van nationale soevereiniteit waarbij ze controversiële ontwikkelingen bij hun partners meestal negeren, zolang de pragmatische staat-met-staat samenwerking er niet door belemmerd wordt.

De uitzondering op deze regel is vooral te zien wanneer een staat die van groot belang is voor Rusland of Iran plotseling vijandig wordt (of al is) tegen een van hen en een serie schandelijke stappen zet, ontworpen om indirect schade te berokkenen aan de strategische positie in het land van deze multipolaire leiders. Het Kiev van na de Maidan bijvoorbeeld steunt impliciet de etnische zuiveringen tegen Russen en de aan Rusland verbonden bevolking in Oekraïne, wat verklaart waarom Rusland reageerde op het verzoek [tot re-unificatie] van de Krim en bepaalde vormen van steun verleende aan de milities in Donbasbekken.

Iran, aan de andere kant, heeft afwijzend gereageerd op de gewelddadige onderdrukking van de Sjiitische minderheid in Bahrein en Saudi-Arabië. Hieraan moet echter worden toegevoegd, dat Teheran zich in het verleden ook heeft beziggehouden met minder makkelijk te verdedigen uitzonderingen op deze regel, door de Bosnische Moedjahedien te bewapenen en diplomatieke steun te verlenen aan de anti-Khadaffi rebellen, van wie Iran officieel verkondigde dat ze betrokken waren bij een “Islamitisch Ontwaken” (de term die Iran gebruikte voor de “Arabische Lente” Kleurenrevoluties, voordat ze beseften dat dit allemaal door Amerika aangestuurde unipolaire operaties waren).

Ondanks deze uitzonderingen die Rusland en Iran per geval toepassen op de voornaamste richtlijn van hun buitenlands beleid van nationale soevereiniteit, verwerpen deze beide landen de door het Westen gefabriceerde ideologieën van “humanitaire interventie” en het “bevorderen van democratie”. Geen van beide landen laat doorgaans “humanitaire” of “democratische” overwegingen de relaties met hun tegenhangers beïnvloeden, hoewel zoals reeds gezegd dit niet noodzakelijkerwijs het geval is wanneer ze te maken hebben met een vijandige regering die een (bestaand of potentieel) pragmatisch partnership mijdt. Moskou en Teheran zien “humanitaire interventie” en het “bevorderen van democratie ” als een marketing truc om politieke, economische, sociale en militaire, destabiliserende interventies in de binnenlandse aangelegenheden van andere landen te rechtvaardigen in het streven naar “zero-sum” geostrategische winst en als zodanig zouden deze strategieën slechts zelden gebruikt mogen worden en uitsluitend in de meest extreme situaties.

Conclusie

Vanwege het leidende principe van nationale soevereiniteit in het buitenlands beleid, het feit dat Erdogan is gedraaid en nu aanstuurt op een Turkije dat een vriendelijke multipolaire bondgenoot is, en vanwege de zwaarwegende geopolitieke overwegingen van dit moment steunen Rusland en Iran Turkije diplomatiek op dit scharniermoment in haar geschiedenis (en die van de rest van de wereld), ondanks Erdogan’s anti-“humanitaire” en anti-“democratische” uitbuiting van de mislukte Amerikaanse coup tegen hem.

Dit artikel is oorspronkelijk in het Engels verschenen op Geopolitica.

Posted on

Van Ecevit tot Erdoğan: Een korte geschiedenis van pro-Amerikaanse staatsgrepen in Turkije

Momenteel doet het volgende ‘narratief’ de ronde in het publieke debat: Erdoğan eigent zich te veel macht toe en is Turkije aan het islamiseren. Daarom trad het Turkse leger als hoeder van de seculiere staat met een staatsgreep op, net zoals het had gedaan in 1960, 1971, 1980 en 1997. Het is eigenlijk betreurenswaardig dat het leger misgreep, want nu heeft Erdoğan alle ruimte om zijn greep op de macht verder te verstevigen. En wie weet was deze mislukte samenzwering wel een valse vlag-operatie van Erdoğan zelf? Dit narratief klinkt misschien aannemelijk, maar gaat voorbij aan de feiten.

Het klopt dat Erdoğan bezig is met het consolideren van zijn macht. Hij heeft een hoop tegenstanders en heeft in de afgelopen dertien jaar met zijn AKP-regering alle tijd gehad om een lijst van die tegenstanders samen te stellen. Deze lijst werkt hij nu af. Ook klopt het dat zijn AK-partij Turkije gestaag aan het islamiseren is. Iedereen die wel eens op vakantie is geweest in Turkije, en daar een in een appelsapglas vermomd en buitensporig geaccijnst biertje heeft gedronken, weet dat. The times they are a-changin, oftewel: er komen andere tijden.

Wat echter niet klopt is dat het leger de hoeder van de seculiere staat zou zijn. Dat is het namelijk niet. Tijdens vrijwel alle voorgaande staatsgrepen was het beschermen van het seculiere karakter van de Turkse staat hoogstens een bijwerking van een andere doelstelling: het behouden van de controle over de staat zelf. Turkije leek zich namelijk keer op keer af te wenden van het Westen, iets wat het pro-Amerikaanse Turkse leger koste wat het kost wilde voorkomen.

De Koude Oorlog en Bülent Ecevit

Zonder teveel terug te gaan in de tijd, is het van belang om de geschiedenis van het moderne Turkije wat nader te aanschouwen. Turkije is in 1923 verrezen uit het as van het doodzieke Ottomaanse Rijk, dat in zijn nadagen door de Britten en Fransen kunstmatig in leven werd gehouden om te voorkomen dat de Russen het land zouden veroveren (of heroveren, wanneer men het bekijkt vanuit het Orthodoxe perspectief van de Russische Tsaar van destijds).

Deze verrijzenis was zonder meer de verdienste van Mustafa Kemal, die tot grote onvrede van Groot-Brittannië en Frankrijk de Turkse Onafhankelijkheidsoorlog won. Kemal staat erom bekend dat hij in 1924 de Moskee van de Staat scheidde, net zoals hij anderhalf jaar eerder de decadente Osmaanse dynastie van de Staat scheidde (en de Ottomanen op hun beurt in 1453 de Keizer en de Kerk van de Staat scheidden). Rond diezelfde tijd verplaatste hij ook de hoofdstad van Constantinopel naar Ankara, en werd het Osmaanse ‘Kostantiniyye’ definitief omgedoopt tot het huidige Istanboel. Vanwege zijn verrichtingen kreeg Kemal in 1934 officieel de titel ‘Atatürk’, oftewel Vader der Turken. Atatürk overleed in 1938.

De kemalistische beweging was van oorsprong naast seculier en nationalistisch ook links. Zodoende had de Turkse Republiek onder Atatürk ook de banden met de Sovjet-Unie aangehaald, in bijzonder in de vorm van een niet-aanvalsverdrag. Dit was bijzonder, want de Ottomanen en de Russen waren van oudsher rivalen. Dit veranderde echter weer in aanloop naar en gedurende de Tweede Wereldoorlog. Toen de daaropvolgende Koude Oorlog uitbrak, voer de Turkse politiek reeds enige tijd een pro-Amerikaanse koers onder het presidentschap van İsmet İnönü.

Gedurende de Koude Oorlog zijn er meerdere staatsgrepen geweest in Turkije: in 1960, 1971 en 1980. Dit waren allemaal pro-Amerikaanse, rechts-nationalistische coup d’états. Tijdens de putsch van 1960 was dit uitdrukkelijk het geval toen juntawoordvoerder Alparslan Türkeş het geloof en vertrouwen van de junta in de NAVO uitsprak.[1] Türkeş was een van de eerste leden van de Contra-guerrilla, een in 1952 door de NAVO en CIA opgerichte anticommunistische paramilitaire organisatie die de invloed van de Sovjet-Unie in Turkije moest tegengaan.[2] De VS had vergelijkbare organisaties opgericht in Zuid-Amerika, waaronder Nicaragua.[3] De junta zuiverde onder meer het leger, de rechterlijke macht en de universiteiten, en arresteerde verschillende bewindspersonen. Onder andere de Turkse premier Adnan Menderes, die voornemens was om geldsteun te vragen aan de Sovjet-Unie, werd geëxecuteerd.

De staatsgreep van 1971 droeg een ietwat ander karakter. Turkije stond in het teken van toenemende sociale onrust, in bijzonder oplaaiend geweld tussen communistische en rechts-nationalistische groeperingen, en had een weinig daadkrachtige regering. Het was deze keer echter geen gewelddadige staatsgreep, maar een zogeheten ‘coup via memorandum’ dat de regering ten val bracht. Het memorandum werd door Memduh Tağmaç, de opperbevelhebber van het Turkse leger, overhandigd aan de gematigde premier Süleyman Demirel, die spoedig opstapte. Velen werden door de junta vervolgd vanwege communistische sympathieën en banden met de Sovjet-Unie. Onder andere de linkse journalisten İlhan Selçuk en Uğur Mumcu werden destijds gemarteld in de Ziverbey-villa. Ook de net opgerichte partij van Necmettin Erbakan, de leider van de islamitische Millî Görüş-beweging, werd verboden, al werd hij zelf niet vervolgd. Kort na de machtsovername besloot de kemalistische partij CHP onder leiding van İnönü om met de putschisten samen te werken. Dit besluit werd echter niet door iedereen even goed ontvangen: de toenmalige secretaris-generaal van de CHP, Bülent Ecevit, stapte uit protest tegen het besluit op.


De coup van 1980 was echter de meest gewelddadige staatsgreep in de moderne Turkse geschiedenis. In de jaren zeventig stierven in aanloop naar de coup waarschijnlijk zo’n vijfduizend mensen in een proxy-oorlog tussen de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten. Een dieptepunt vond plaats op de Dag van de Arbeid in 1977, toen een enorm bloedbad werd aangericht op het Taksimplein in Istanboel. Een van de meest ‘productieve’ strijdende groeperingen was de Grijze Wolven, de paramilitaire tak van de in 1969 opgerichte rechts-nationalistische MHP. De leider van de MHP was Alparslan Türkeş, de woordvoerder van de staatsgreep van twintig jaar terug.

Volgens juntaleider Kenan Evren was ook nu een staatsgreep de enige manier om rust en orde terug te brengen in Turkije. Evren was op dat moment opperbevelhebber van het Turkse leger en had ervaring opgedaan in de Koreaoorlog en als leider van de Contra-guerrilla.[4] Na de coup werd Evren, die uiteindelijk in 2014 zou worden gedegradeerd tot soldaat eerste klasse, president van de Turkse republiek en opperbevelhebber van het Turkse leger.

Wie vindt dat de huidige AKP-regering te ver doorschiet met de arrestaties en schorsingen van tienduizenden agenten, soldaten, rechters en docenten,[5] zal het optreden van de junta van 1980 al helemaal een overreactie vinden. In totaal werden toen 250.000 tot 650.000 mensen gearresteerd en 1.683.000 op een zwarte lijst geplaatst. Verder stierven 300 mensen onder verdachte omstandigheden, 299 in de gevangenis, 171 door marteling, 95 tijdens gevechten en 50 door executies. De fraaie Turkse dramafilm Babam ve Oğlum (‘Mijn Vader en Mijn Zoon’) gaat overigens over deze periode. Verder mochten kranten driehonderd dagen lang niet meer publiceren en werden alle politieke partijen verboden.[6] Vooraanstaande politici van alle partijen kregen een jarenlang beroepsverbod opgelegd, waaronder de islamist Erbakan, de gematigde Demirel, de recht-nationalist Türkeş en de kemalist Ecevit.

Wat echter van fundamenteel belang is om te weten, is dat de junta van 1980 Turkije niet minder, maar juist meer islamitisch heeft gemaakt. En dat deed het doelbewust. Kenan Evren was dermate bezorgd over de opkomst van het communisme, dat hij de islam als een alternatief en tegengif promootte. Het was onder Evrens heerschappij dat islamonderwijs op alle Turkse scholen werd verplicht. De pro-Amerikaanse junta betekende dus het einde van het klassieke kemalisme en het begin van wat wel de ‘Turks-islamitische synthese’ wordt genoemd.[7]

Het beschermen van het seculiere karakter van de Turkse staat was dus duidelijk niet de hoofddoelstelling: het ging om het behouden van de controle over de staat zelf. Dat verklaart ook waarom eveneens kemalisten werden vervolgd, waaronder dus Bülent Ecevit, die zonder twijfel meer seculier was dan de junta zelf. Bülent stond bekend als een eigenwijs politicus: hij wilde in lijn met de kemalistische traditie een ongebonden Turks binnenlands en buitenlands beleid. Het was dan ook onder zijn regering dat in 1974 de Turkse invasie van Cyprus plaatsvond.

Maar er speelde meer. Zoals hierboven al is opgemerkt, maakte generaal Evren deel uit van de Contra-guerrilla. Omstreeks dezelfde tijd als de invasie van Cyprus vertelde Ecevit het Turkse publiek echter over het bestaan van deze paramilitaire organisatie. Enkele jaren later deelde Ecevit ook publiekelijk zijn vermoeden dat dezelfde organisatie betrokken was bij het reeds genoemde bloedbad op het Taksimplein: hij vond het verdacht dat rechts-nationalistische strijders minutenlang op het linkse publiek konden schieten zonder dat de politie ingreep. Zodoende liet hij in 1978 openbaar aanklager Doğan Öz onderzoek doen naar de banden tussen de Contra-guerrilla en de Grijze Wolven. Öz werd kort na het afronden van zijn onderzoek doodgeschoten door een Grijze Wolfen-lid.

Bülent is in zijn leven zelf mogelijk negenmaal doelwit geweest van mislukte moordaanslagen.[8] Zo ontsnapte hij in 1976 ternauwernood aan een moordaanslag in New York bij het Waldorf Astoria-hotel, waar een Cyprioot die tijdens de invasie van Cyprus zijn arm had verloren een geladen pistool op Ecevit richtte. Ook een jaar later ontsnapte Ecevit aan een moordaanslag op het vliegveld van Izmir. De regering-Demirel wist verder een moordcomplot tegen Ecevit tijdens een bijeenkomst op het Taksimplein te verijdelen. Ecevit heeft zelf ook altijd volgehouden dat zijn omstreeks 2002 snel verslechterde gezondheid het werk was van de VS, omdat hij een obstakel was voor de Irakoorlog.[9]

In de aanloop naar de Irakoorlog raakte de VS haar vertrouwen in Ecevit namelijk voorgoed kwijt. Ecevit, die na de coup van 1980 een nieuwe kemalistische partij had opgericht, had het in 1999 voor elkaar gekregen om namens deze DSP opnieuw premier te worden. De nieuwe premier was tegen de Amerikaanse oorlogsplannen en weigerde steevast de VS toestemming te geven voor de stationering van een invasiemacht in Turkije, dat immers grenst aan Irak. De val van de Ecevits regering in 2002, en de daaropvolgende verkiezingsnederlaag van de DSP, was voor de regering-Bush dan ook een geschenk uit de hemel.[10] Ecevit overleed in 2006.

Recep Tayyip Erdoğan versus Fethullah Gülen

De kers op de taart van de VS was de enorme verkiezingsoverwinning van een nieuwe, in 2001 opgerichte partij. Met het einde van de Koude Oorlog kwam het tijdperk van het Turkse rechts-nationalisme langzaam ten einde en vond een heropleving van het Turkse islamisme plaats. De VS zag daarom in dat een nieuwe bondgenoot moest worden gevonden in deze hoek. De kersverse AK-partij van Erdoğan kwam dus zeer gelegen. De nieuwe AKP-regering had namelijk wel oren naar het stationeren van een Amerikaanse invasiemacht in Turkije. Tijdens de stemming in het Turkse parlement stemde tweederde van de AKP-kamerleden voor de stationering. Dit was echter niet genoeg voor een parlementaire meerderheid, omdat onder meer de CHP en de gedecimeerde DSP tegenstemden. De eindstand was 264–250.[11] Niettemin werd Turkije door Bush genoemd als onderdeel van de ‘Coalition of the Willing’.[12]

De AKP-partij heeft een bewogen oorsprong, want het komt onder andere voort uit de in 1997 verboden partij van Necmettin Erbakan. Zoals al werd opgemerkt, was Erbakan een van de mensen die tijdens de staatsgrepen van 1971 en 1980 steeds weer zijn politieke carrière voortijdig beëindigd zag worden. Dit gebeurde wederom tijdens de geweldsloze staatsgreep van 1997, die bekend staat als de ‘postmoderne coup’. De regering-Erbakan werd overigens na haar verkiezingsoverwinning een jaar eerder al koeltjes ontvangen door de Europese Unie en de NAVO. De vrees was namelijk dat Erbakan de banden met islamitische landen zou aanhalen ten koste van de banden met het Westen.[13] Tijdens deze staatsgreep kreeg ook de nieuwe burgermeester van Istanboel, Recep Tayyip Erdoğan, een gevangenisstraf en een beroepsverbod vanwege het voordragen van een militant islamitisch gedicht. Dit beroepsverbod liep af in 2002, toen hij formeel de leider werd van de AK-partij (informeel was hij dat al).

De AK-partij herbergt verschillende stromingen met redelijk overeenkomende doelstellingen: moslimdemocraten zoals Abdullah Gül, Moslim Broederschap-achtigen zoals Bülent Arınç, neo-Ottomanen zoals Ahmet Davutoğlu, en bovenal populisten zoals Recep Tayyip Erdoğan. Laatstgenoemde is zonder meer radicaler dan de meer gemoedelijke Gül, maar qua binnenlandsbeleid juist gematigder dan Arınç en qua buitenlandsbeleid weer gematigder dan Davutoğlu. Erdoğan bleek echter wel in staat om al deze verschillende stromingen te verenigen en tegelijkertijd zichzelf op te werpen als een soort vader des vaderlands. Wel zijn alle AKP-stromingen in meer of mindere mate ‘islamistisch’.

Erdoğan vond aanvankelijk een bondgenoot in de charismatische imam Fethullah Gülen en zijn invloedrijke Hizmet-beweging. Om een indruk te geven van de invloed van deze beweging: Gülen wordt door TIME genoemd als één van de honderd meest invloedrijke mensen ter wereld,[14] en zijn beweging heeft een geschat vermogen van 25 miljard dollar.[15] Naar verluid zijn miljoenen mensen onderdeel van het complexe netwerk dat deze beweging vormt. Dit netwerk is door velen in verband gebracht met de CIA, al heeft Gülen die band altijd ontkend.[16] Wel staat de imam bekend als pro-Amerikaans, en ook pro-Israël, en woont hij tegenwoordig in een enorme villa in Pennsylvania, Amerika.[17]

De Hizmet-beweging werkt niet door middel van partijpolitiek, maar door middel van wat de neomarxist Rudi Dutschke eens de ‘lange mars door de instituties’ noemde: het stapsgewijs doordringen van justitie, politie, leger, media en onderwijs. Veel van zijn aanhangers hebben bijvoorbeeld rechten gestudeerd om daarmee op schakelposities binnen de Turkse justitiële apparaat te komen. Verder zijn wereldwijd, en met name in Turkije en de VS, duizenden scholen op de Gülenistische leest geschoeid om onder meer Gülens uitleg van de islam te onderwijzen. In Gülens eigen woorden: “Oplossingen op systemische, institutionele of beleidsniveau zijn gedoemd te mislukken wanneer het individu wordt verwaarloosd. Daarom is mijn eerste en belangrijkste pleidooi voor het onderwijs geweest.”[18]

Vaak wordt Gülen beschreven als een ‘liberale’ of ‘gematigde’ moslimgeestelijke, maar die omschrijving is onjuist. Deze imam predikt een buitenissige vorm van islamisme en nationalisme: voor hem zijn de Turken een uitverkoren volk en is de Turkse islam een ‘cadeau voor de mensheid’.[19] In 1999 vertrok Gülen naar de Verenigde Staten, omdat zijn antiseculiere filosofie in opspraak raakte in Turkije, al heeft hij zelf altijd volgehouden dat hij vanwege een medische behandeling uit zijn geboorteland vertrok. Hoe dan ook, een jaar later werd hij aangeklaagd en in afwezigheid veroordeeld door de toenmalige overheid onder leiding van, u raadt het al, Bülent Ecevit. Volgens de openbaar aanklagers was Gülen de ‘sterkste en meest doeltreffende islamitische fundamentalist in Turkije’ die ‘zijn methoden met een democratisch en gematigd imago camoufleert’.[20]

Fethullah Gülen liet het niet bij deze vervolging zitten. Omstreeks 2001 zocht hij toenadering tot de nieuw opgerichte AK-partij van Erdoğan. Die toenadering mocht baten: in 2008 werd hij alsnog van alle beschuldigingen vrijgesproken.[21] Omdat Gülenisten aanzienlijke macht hadden vergaard in het Turkse overheidsapparaat, in bijzonder bij justitie en politie, kreeg het van de AKP de ruimte om af te rekenen met gedeelde tegenstanders. Zo werden verschillende rechtszaken tegen critici van Gülen en de Hizmet-beweging begonnen. De voormalige politiecommissaris Hanefi Avcı, die een boek had geschreven over Gülenistische infiltratie van de politie, werd bijvoorbeeld aangeklaagd wegens vermeende banden met communistische organisaties. Ook de vakbondsman Ahmet Şık, die een kritisch boek schreef over de banden tussen de AKP en Gülen, werd aangeklaagd.

De belangrijkste rechtszaken waren echter tegen kemalistische elementen in het Turkse leger.[22] Onder andere twee grote processen stonden onder leiding van Gülenisten: de Operatie Balyoz-zaak en de Ergenekon-zaak. In beide zaken werden vele kemalistische soldaten en legerleiders, in totaal zo’n 230 personen, aangeklaagd en ontslagen vanwege vermeende couppogingen tegen de nieuwe AKP-regering. Onder andere de kemalistische generaal Çetin Doğan, die werd verdacht de leider van Operatie Balyoz te zijn, werd tot twintig jaar gevangenisstraf veroordeeld.

Er is veel over deze twee zaken geschreven en de werkelijke toedracht zal wel nooit helemaal worden gekend. Inmiddels is echter wel duidelijk geworden dat de aanklachten berustten op ontoereikend en zelfs vervalst bewijsmateriaal; onder andere de handtekeningen van Doğan en andere generaals werden vervalst. Veel aanklagers bleken inderdaad banden te hebben met de Hizmet-beweging. De toenmalige Amerikaanse ambassadeur Eric S. Edelman herinnerde zich nog hoe een Gülenist hem al in 2005 benaderde met een document dat de naderende coup zou aantonen. Bij nader onderzoek bleek het document te zijn vervalst.[23] Het waren dus zeer waarschijnlijk niet-bestaande, verzonnen plots. Uiteindelijk werden alle verdachten en veroordeelden in beide zaken volledig vrijgesproken.[24] Die vrijspraken volgden, niet toevallig, kort na de beruchte breuk tussen Gülen en Erdoğan.

Sinds het begin van het huidige decennium waren er al een aantal aanvaringen tussen Erdoğan en Gülen. In bijzonder had Gülen felle kritiek op de regering-Erdoğan inzake het Turkse scheepskonvooi voor Gaza en het daaropvolgende diplomatieke conflict tussen Israël en Turkije. Gülen, die in 2010 nog de AKP-campagne steunde in het referendum over een aantal belangrijke grondwetswijzigingen, was ook niet te spreken over de uitkomst daarvan. Toch was er op dat moment nog geen sprake van een breuk tussen de AK-partij en de Hizmet-beweging.

Dat veranderde in de loop van 2013. Tijdens de maandenlange en enorme Gezipark-protesten tegen het beleid van de regering-Erdoğan kregen de overwegend linkse demonstranten bijval van Gülen, en dat zette kwaad bloed bij Erdoğan. Niet veel later kwam de AKP-regering met een wetsvoorstel om verschillende private scholen te sluiten, wat dus zonder meer negatieve gevolgen zou hebben voor de Hizmet-beweging. Het conflict tussen de twee kampen escaleerde verder toen openbaar aanklagers en politieagenten tientallen aan Erdoğan verbonden personen onderzochten vanwege corruptie. In twee grote zaken werd onder meer onderzoek gedaan naar AKP-ministers en Erdoğans twee zonen, Ahmet en Bilal. Erdoğan antwoordde op zijn beurt door politieagenten en anderen bij de corruptiezaak betrokken personen te laten arresteren.

Deze voorgeschiedenis maakt het ook hoogst onwaarschijnlijk dat de staatsgreep van 15 juli 2016 te maken had met het beschermen van het seculiere karakter van de Turkse staat. Formeel deden de coupplegers inderdaad een beroep op de ‘seculiere democratische’ staat en was de naam van de junta gebaseerd op de uitspraak van Atatürk ‘vrede thuis, vrede in de wereld’. De putschisten maakten in dezelfde verklaring echter ook duidelijk dat de NAVO-verplichtingen zouden worden nakomen.[25] Het is daarom aannemelijk dat de seculiere retoriek bewust door de coupplegers werd gebruikt om te insinueren dat het een kemalistische junta was en geen Gülenistische.[26] Tevens is het op basis van de hele voorgeschiedenis niet onaannemelijk dat rechts-nationalistische elementen in het leger bij deze staatsgreep betrokken waren.

Dat gedeelte over het nakomen van NAVO-verplichtingen is van wezenlijk belang. Het is inmiddels duidelijk geworden dat die verplichtingen inderdaad in het gedrang zijn gekomen door de eigenwijze Erdoğan. Ook de AKP-regering lijkt zich namelijk keer op keer af te wenden van het Westen.[27] Erdoğans verontschuldigingen aan de Russsiche president Vladimir Poetin vanwege de door Turkse piloten neergehaalde Russische SU-24-straaljager werden bijvoorbeeld niet even goed ontvangen in het Westen. Inmiddels is gebleken dat deze piloten, die op 24 november 2015 bijna een oorlog tussen Rusland en Turkije uitlokten, ook betrokken waren bij de verprutste putsch van 15 juli 2016.[28]

Conclusie

Het gangbare narratief in de media schiet ernstig tekort om de huidige ontwikkelingen in Turkije te duiden. Het beeld van de islamistische dictator Erdoğan tegen het seculiere leger strookt simpelweg niet met de feiten. Alle voorgaande coup d’états werden gedaan door het Turks leger om pro-Amerikaanse redenen. De kemalistische beweging heeft echter al lang aan betekenis ingeboet: Turkije lijkt een andere weg in te slaan.

De Turkse staatsgrepen in 1960, 1971 en 1980 zijn alleen te begrijpen tegen de achtergrond van de Koude Oorlog. Het leger was pro-Amerikaans en rechts-nationalistisch en probeerde bedreigingen vanuit met name de communistische hoek tegen te gaan. Het ging dus niet om het seculiere karakter van de staat, maar om de controle over de staat zelf. Het beschermen van het seculiere karakter van de Turkse staat was vrijwel nooit een uitdrukkelijke doelstelling van de staatsgrepen, en voor zover het dat wel was, was het een voorwendsel of bijwerking. De coup van 1980 had echter duidelijk geen seculier karakter; de pro-Amerikaanse junta begon zelfs het proces van islamisering in Turkije.

De staatsgreep van 1997 had wel uitdrukkelijk een seculier, kemalistisch karakter, al speelde zonder meer mee dat de regering-Erkaban de banden met islamitische landen zou aanhalen ten koste van de banden met het Westen. Kort na deze geweldsloze coup kreeg Turkije weer een kemalistische regering onder Bülent Ecevit, die echter al gauw door de VS als een obstakel werd gezien. Ecevit wilde namelijk niet dat Turkije de naderende Irakoorlog zou faciliteren. De groeiende islamistische beweging werd daarom door de VS aangegrepen om haar invloed over de Turkse politiek te bestendigen. De VS zocht toenadering tot de AKP-partij van Recep Tayyip Erdoğan, die de steun genoot van de invloedrijke pro-Amerikaanse Hizmet-beweging van imam Fethullah Gülen. In de daaropvolgende periode is het kemalisme door middel van showprocessen uitgeschakeld in onder meer het Turkse leger.

Zodoende waren de enige twee overgebleven politieke bewegingen met wezenlijke macht de AK-partij van Erdoğan en de schaduwpartij van Gülen. Gaandeweg werd het evenwel duidelijk dat Erdoğan en zijn AKP helemaal niet zo’n goede bondgenoot hadden gevonden in Gülen en diens Hizmet-beweging. Het conflict dat uiteindelijk tussen de twee kampen uitbrak, spreekt voor zich. Het besluit van de AKP-regering om na de mislukte staatsgreep justitie, politie, leger, media en onderwijs te zuiveren van Gülenisten, en wellicht ook andere tegenstanders, is het laatste hoogtepunt van dit conflict.

De eigenwijze politiek van Erdoğan bracht hem verder keer op keer in conflict met de VS en de NAVO. Er is alle reden om aan te nemen dat de doelstelling van de mislukte staatsgreep ook nu weer niet lag in het beschermen van het seculiere karakter van de Turkse staat, maar in het behouden van de controle over de staat zelf – te weten een pro-Amerikaanse staat. Dit verklaart ook die andere climax die zich voor onze ogen afspeelt: de escalerende diplomatieke crisis tussen de VS en de Turkse Republiek. Want wat de geschiedenis van het moderne Turkije ons duidelijk laat zien, is dat waar pro-Amerikaanse rook is, ook Amerikaans vuur is.


[1] https://tr.wikisource.org/wiki/27_May%C4%B1s_Darbe_Bildirisi

[2] http://www.radikal.com.tr/politika/gladyodan-ergenekona-yolculuk-893176/

[3] http://www.icj-cij.org/docket/?sum=367&p1=3&p2=3&case=70&p3=5

[4] http://www.jamestown.org/single/?no_cache=1&tx_ttnews%5Btt_news%5D=4557#.V49V6vmLRD9

[5] http://www.zerohedge.com/news/2016-07-19/turkey-latest-witch-hunts-accelerate-gulenist-media-shut-down-pilots-behind-russian-

[6] https://www.tbmm.gov.tr/sirasayi/donem24/yil01/ss376_Cilt1.pdf; https://en.wikipedia.org/wiki/1980_Turkish_coup_d%27%C3%A9tat#Result

[7] http://www.nytimes.com/2015/05/10/world/europe/kenan-evren-dies-at-97-led-turkeys-1980-coup.html

[8] https://tr.wikipedia.org/wiki/B%C3%BClent_Ecevit%27e_suikast_giri%C5%9Fimleri

[9] https://web.archive.org/web/20050316142641/http://www.turkishdailynews.com.tr/article.php?enewsid=8263

[10] http://www.hurriyetdailynews.com/us-had-uneasy-relationship-with-ecevit.aspx?pageID=438&n=us-had-uneasy-relationship-with-ecevit-2006-11-08

[11] http://news.bbc.co.uk/2/hi/europe/2810133.stm

[12] http://www.clinecenter.illinois.edu/research/affiliated/airbrush/

[13] http://www.volkskrant.nl/archief/afwachtende-reactie-van-eu-en-navo-op-turkse-regering~a441913/

[14] http://time100.time.com/2013/04/18/time-100/slide/fethullah-gulen/

[15] http://www.nu.nl/dvn/4295495/fethullah-gulen-en-waarom-zit-Erdoğan-achter-beweging.html

[16] https://www.opendemocracy.net/osman-softic/what-is-fethullah-g%C3%BClen%E2%80%99s-real-mission

[17] http://www.vox.com/2016/7/16/12204456/gulen-movement-explained

[18] http://www.fethullahgulen.nl/hot-interview-met-fethullah-gulen-corruptieschandaal-akp-en-turkije-wall-street-journal/

[19] http://www.trouw.nl/tr/nl/39561/Couppoging-Turkije/article/detail/4341742/2016/07/18/Gulen-de-zondebok-die-Erdoğan-heeft-aangewezen.dhtml

[20] https://www.theguardian.com/world/2000/sep/01/1

[21] https://web.archive.org/web/20070927235413/http://wwrn.org/article.php?idd=21432

[22] http://www.vox.com/2016/7/16/12204456/gulen-movement-explained

[23] http://www.nytimes.com/2014/02/27/world/europe/turkish-leader-disowns-trials-that-helped-him-tame-military.html

[24] http://www.bbc.com/news/world-europe-36815476

[25] https://en.wikipedia.org/wiki/Peace_at_Home_Council#Statement_and_analysis_thereof

[26] http://www.bbc.com/news/world-europe-36815476

[27] https:// http://www.novini.nl/turkije-its-the-geopolitiek-stupid/

[28] https://www.rt.com/news/352050-turkish-pilots-arrested-su24/