Posted on

Zijn rechtse mensen niet goed bij hun hoofd?

Hoe bont kun je het maken? De Duitse kinderarts Herbert Renz-Polster verklaart in een interview met Der Spiegel het succes van rechts-populisten uit hersenbeschadigingen die stemmers op deze partijen in hun kinderjaren hebben opgedaan.

“Emotionele nood in de eerste levensjaren verklaart het populistische geloof in autoriteit,” aldus de kinderarts. In een interview met Deutschlandfunk zei Renz-Polster dat vervreemding en angst voor globalisering de ruk naar rechts zeker kan verklaren, maar “dit alles werkt alleen op basis van bestaande kwetsbaarheden. Zelfs als ik onzeker ben in mijn sociale positie, hebben de persoonlijke overtuigingen een diepere reden, en die liggen in de kinderjaren.” Nu heeft schrijver dezes wel enig recht van spreken als het gaat om geestelijke verwarring, maar mijn kindertijd was warm en geborgen en de politieke voorkeur lag in mijn jeugd juist bij extreem-links.

Progressief of conservatief brein

Maar waar Renz-Polster de opvoeding de schuld geeft, gaan wetenschappelijke onderzoeken in de Verenigde Staten een stap verder. Een aantal jaren terug deed een Amerikaans onderzoek nogal wat stof opwaaien. Volgens wetenschappers zou het brein van progressieven en conservatieven van elkaar verschillen. Via MRI-scans moesten reacties in de hersenen op foto’s van bijvoorbeeld dierenmishandeling of vieze toiletten aantonen dat de proefpersoon conservatief of progressief was.

Voorspellen

Het zal geen verbazing wekken dat het conservatieve volksdeel er volgens de schedellichters slechter van afkomt. Psychiater Gail Saltz legde in het linkse webzine Salon uit dat progressieven een grotere gyrus cinguli anterior bezitten. Dat onderdeel van de hersenen is verantwoordelijk voor het opnemen van nieuwe informatie en het gebruiken ervan voor het nemen van besluiten en keuzes. Conservatieven daarentegen hebben een grotere amygdala, een diep in de hersenen liggende kern die emotionele impulsen reguleert; “specifiek angst-gebaseerde informatie”, aldus Saltz.

De door de New York Times getypeerde ‘pop-psycholoog’ gaat nog een stapje verder door te stellen dat op basis van deze verschillen in de hersenen men in staat zal zijn te voorspellen wie conservatief en wie progressief wordt. Hoewel Saltz toegeeft dat het verschil tussen links en rechts in hersenstructuur niet zwart-wit is, maakt ze wel duidelijk dat conservatieven meer angstige mensen (slecht) zijn en progressieven open staan voor nieuwe informatie (goed). De Vlaamse schrijver Yves Petry maakt zich terecht boos over dat links het alleenrecht op empathie claimt.

Biologische factoren

Onwillekeurig moet de lezer hierbij denken aan de rel die in 1989 ontstond toen neurobioloog Dick Swaab zei dat de hersenen van hetero’s en homo’s van elkaar verschillen. Links Nederland was te klein. Demonstraties, dreigbrieven, bommeldingen en zelfs Kamervragen waren het gevolg. Of de affaire Buikhuisen, 10 jaar voor de rel rond Swaab. Criminoloog Buikhuisen schreef dat criminaliteit mogelijk mede uit biologische factoren verklaard kan worden. Links Nederland begon een heksenjacht en Buikhuisen moest het veld ruimen. In de 21ste eeuw vindt links het blijkbaar heel normaal om politieke verschillen uit biologische factoren te verklaren. The-times-they-are-a-changin’.

F-schaal

Het is de Frankfurter Schule all over again. Grondlegger Theodor Adorno betoogde in een omstreden ‘studie’, ‘The Authoritarian Personality’, dat hang naar autoriteit leidt tot fascisme. In dit lijvige boek – bijna 1000 pagina’s – introduceert Adorno de ‘F-schaal’, een test om te onderzoeken hoe vatbaar iemand is voor fascistische ideeën. Maar liefst negen persoonlijkheidskenmerken leiden naar fascisme. Kenmerken die in de kinderjaren worden aangeleerd en versterkt. Onderdanigheid, agressie, anti-intellectualisme, bijgeloof en een overspannen bezorgdheid over seks, zijn hier voorbeelden van. Renz-Polster is gewoon een goede leerling van Adorno. Niet vreemd dat het boek van Adorno dit najaar bij de linkse uitgever Verso in herdruk verschijnt. De tijd lijkt er weer rijp voor.

Eugenetica

Het is de ultieme progressieve droom. Eind 19de eeuw en in de eerste decennia van de vorige eeuw hield links vurige pleidooien voor eugenetica en het van staatswege ingrijpen in gezinnen. De nationaal-socialisten in Duitsland maakten dankbaar gebruik van dit gedachtengoed. Tot ver in de 20ste eeuw werd in Zweden zo’n bevolkingspolitiek, waar sterilisatie van zogeheten ‘onbekwamen’ en abortus onderdeel van waren, toegepast. Het lijkt erop dat het ongelukkige huwelijk tussen wetenschap en psychologie, dat in de vorige eeuw tot zulke vreselijke resultaten leidde, in deze eeuw door links weer wordt gepropageerd. Het is natuurlijk het ultieme wapen. Verzet je je tegen genoemde psychologische verklaringen, dan is er juist iets met je aan de hand. Hoe groter je verzet, hoe krachtiger de therapie. En als je echt niet wilt luisteren, is er altijd een operatie mogelijk.

Ingrepen

Progressieven die stiekem dromen van het uitschakelen van hun conservatieve tegenstanders via therapie, ingrijpen in de opvoeding of zelfs neuro-chirurgische ingrepen? Het lijkt een droom – of liever een nachtmerrie – maar gezien het podium dat kinderarts Herbert Renz-Polster krijgt, worden de linkse geesten rijp gemaakt.

Posted on

Betrapte pedagogen

De Italiaanse politicus Amintore Fanfani zou eens gezegd hebben dat niemand zo verontwaardigd is als een betrapte valsspeler. Dat geldt in de politiek even zeer als bij het kaartspel. Het bewijs daarvoor leveren momenteel allen die hysterisch te keer gaan over het door verschillende regionale AfD-afdelingen ingestelde informatieportaal ‘Neutrale Scholen’. Het haalde zelfs internationaal de media.

Verkapte ideologen

Het zijn de betrapte pedagogen, de verkapte ideologen, die de AfD nu een oproep tot denunciatie en Stasi-methodes verwijten. De minister van Onderwijs van Thüringen, Helmut Holter (Die Linke), voelt zich zelfs herinnerd aan “het donkerste hoofdstuk uit de Duitse geschiedenis”.

Zo vergaat het veel ouders ook, maar dan wel in andere richting. Want zoals bekend hebben in het Nazi-tijdperk staatsgetrouwe pedagogen de jeugd vergiftigd met de ideologie van het regime en andersdenkenden benadeeld. Zo ook in DDR-tijden, toen Holter politicus voor de  Socialistische Eenheidspartij (SED) was, waarmee hij over goede praktische kennis inzake Gesinnungsdiktatur beschikt.

Neutraliteit

Beginnend bij de Duitse grondwet, bestaan er talrijke rechtsnormen die een indoctrinatieverbod en een neutraliteitsgebod inhouden. Derhalve zijn leraren bij politieke onderwerpen verplicht deze op een evenwichtige manier te behandelen.

De praktijk ziet er echter anders uit en voor bezwaren bij de schoolleiding geldt dat ze doorgaans nergens toe leiden. Dat is wat de AfD nu wil verhelpen. Wie met gesprekken en een klacht niet verder komt, kan als laatste middel voorvallen via een contactformulier melden, dat na controle doorgeleid wordt naar de toezichthouder op het onderwijs. Geen wonder dat de politieke activisten die voor de klas staan iets aan voelen komen.

Posted on

Woede – een gevolg van angst?

Laatst werd in een artikel in het RD een uitspraak aangehaald van Beatrice de Graaf, professor en specialiste in het terrorisme. Tijdens een debat met Adriaan van Dis in de Jacobikerk te Utrecht zou ze hebben opgemerkt dat woede voortkomt uit angst. De uitspraak had blijkbaar indruk gemaakt – ze werd gebruikt als titel. Gegeven haar christelijke achtergrond, is het vreemd als ze deze uitspraak inderdaad gedaan heeft. Wellicht heeft de verslaggever iets niet goed begrepen of uit het verband gerukt.

Woede is geen dierlijke instinctieve reactie op gevaar en geen uiting van een pathologische angst voor een niet werkelijk bestaande bedreiging. Met andere woorden, het is geen gevolg van angst. Woede is een rationele reactie op een duidelijk onrecht, waar bovendien anderen geen of onvoldoende aandacht voor hebben. Woede trekt aandacht en wil onrecht bestrijden. De mens heeft het recht om tegenover veronachtzaamd onrecht woedend te zijn, of eigenlijk: hij heeft de plicht.

Over woede is door denkers in de klassieke oudheid en door christelijke schrijvers veel nagedacht. Het verband tussen verstand, emoties en moreel handelen heeft altijd gefascineerd. Woede is binnen het driftleven van de mens de extreme tegenpool van begeerte. Immers, begeerte kan ontaarden in een dwang om egocentrische lusten te bevredigen, terwijl woede kan verworden tot zelfdestructieve agressie. Overigens, die twee extremen versterken elkaar; overgevoelige sentimentaliteit en erotiek gaan vaak samen met wreedheid en gewelddadige tirannie.

De relatie tussen de rede en het driftleven is belangrijk, met name tussen de rede en de woede. De rede moet begeerten beheersen, die voortkomen uit de lichamelijke natuur van de mens, oftewel uit ‘het vlees’. Maar de woede komt voort uit de rede zélf, ze hoort bij een rationele conclusie, terwijl vervolgens de rede de uitingen van woede niet alleen moet controleren, maar ook moet richten. Met name Romeinse stoïcijnen en Roomse scholastieken hebben uitgebreid hierover nagedacht. Met name binnen het christendom raakt dit onderwerp ook de discussie over de rechtvaardige oorlog en de doodstraf.

Woede als zodanig is in eerste instantie geen object van politiek, maar van het persoonlijke morele leven en de vorming van een mens tot een verantwoordelijk handelend individu. Opvoeding is nodig voor een mens om rekenschap te kunnen afleggen voor zijn woorden en daden. Verstandelijke vorming én lichamelijke training zijn nodig om tot adequate en doeltreffende uitingen van woede te komen. Zelfbeheersing én doortastendheid moeten worden aangeleerd om de ‘juiste’ oftewel redelijke woede te doen ontstaan, proportioneel te houden en tot voltooiing te brengen.

Door haar nauwe band met de rede is de woede een toetssteen van de menselijke waardigheid. De woede kan een ultieme test zijn voor het natuurlijke vermogen van de mens om rekenschap af te leggen voor zijn daden. Woede roept ter verantwoording en is tegelijkertijd een antwoord. Ze getuigt van de waardigheid van de menselijke persoon en openbaart de noodzaak om rekenschap af te leggen, eventueel met inzet van eigen leven. Woede verwijst daarmee naar de onvermijdelijke en onontkoombare waarheden van het bestaan, die niet ontkend kunnen worden. Ze is de meest ‘transcendente’ drift.

Zo is te verklaren waarom de Kerk door de eeuwen heen nooit heeft willen ontkennen dat doodstraf de ziel tot het besef en de aanvaarding kan brengen dat ze rekenschap moet afleggen en de doodstraf kan ondergaan om haar waardigheid te herstellen. Dit standpunt komt dus voort uit de onverwoestbaarheid van de menselijke waardigheid, niet uit het ontkennen of uit de teloorgang daarvan (zoals de nieuwe versie van artikel 266 van de Katechismus van de Katholieke Kerk ten onrechte suggereert). Verder kan men ook inzien dat de uitspraak ‘religie is een oorzaak van oorlog’ niet klopt. Het is precies andersom: oorlog en collectieve oncontroleerbare uitingen van agressie hebben door de eeuwen heen vele zielen tot rede en religie gebracht. Oorlog is een oorzaak van religie. Juist in de areligieuze of antireligieuze conflicten van de laatste twee revolutionaire eeuwen, die miljoenen levens hebben geëist, bestaan veel voorbeelden van dit opmerkelijke verschijnsel.

Tenzij we aan de term een geheel andere betekenis geven, is het niet moeilijk in te zien dat woede in het geheel niet uit angst voortkomt. Angst en bangheid kunnen wel leiden tot tegennatuurlijke  irrationele karikaturen van woede, zoals agressie en vooral wreedheid. Ook onverschilligheid kan een verdekte vorm van angst zijn, een ultieme uiting van lafheid.

De stelling, dat woede een gevolg is van angst, kenmerkt een gedachtegoed dat zijn eigen uitgangspunten en hypotheses niet onderkent, oftewel een gesloten principeloos ‘paradigma’. Terwijl echte wetenschap altijd zijn eigen principes kritisch onderzoekt en toetst, en wijsheid altijd blijft vragen naar de ultieme zin van menselijk leven en sterven, doen en laten, en zelfs weten en niet weten, produceert een paradigma een totaal en volledig ideologisch geheel van conclusies die vaak verwarrend zijn en strijdig met elkaar. Om de chaos te vermijden en een eenheid te creëren moet dan dwang worden gebruikt – met name bureaucratische, immers het geschreven woord lijkt waarheden definitief en onomkeerbaar te maken, ook al zijn het leugens of absurditeiten.

Binnen het paradigma waarin woede uit angst voortkomt en niet uit de rede, is woede eerst een zonde, een verzet tegen de massa en de waarheid – een onrecht dat bestreden moet worden omdat ze het paradigma bedreigt. Dit vormde de basis van de totalitaire nationaalsocialistische (nazi-) staat en multinationale socialistische (sovjet-) staten van de 20e eeuw, die beide ontstonden als synthese, nadat als these en antithese het nationalisme en het internationale socialisme in de Eerste Wereldoorlog hun verleidelijkheid hadden verloren. Na de Tweede Wereldoorlog en de ineenstorting van het multinationale socialisme veertig jaar daarna was woede ineens geen schadelijke zonde meer, maar een zielige ziekte, een fobie.

Inderdaad, in het huidige ‘postideologische’ paradigma is woede en daarna de rede zélf een gebrek of een aandoening geworden. Ze moeten niet bestreden, maar genezen worden. De valse rechtvaardigheid heeft plaatsgemaakt voor een geperverteerde vorm van barmhartigheid. Alles wat aanspraak maakt op rationele argumenten mag worden vergeven en worden betiteld als fobie. Objectiviteit wordt als een kwetsende maar gelukkig geneesbare vorm van intolerantie beschouwd. Verantwoordelijkheid is dan irrelevant, volwassenheid en zelfstandigheid worden onnozele ideeën van een onvolwassen mensheid, of eventueel onnavolgbare idealen uit een mythisch verleden. Niemand hoeft nog volwassen te worden. De wereld wordt een universele buik waaruit niemand geboren hoeft te worden. Mensen verblijven en moeten blijven in een eeuwige kleuterschool, zonder fysiek geweld, maar bijeengehouden door een psychologische dwangmatigheid van commerciële verleidingen en ideologische indoctrinatie. Nog nooit in haar geschiedenis heeft de mensheid over middelen beschikt om zich in een dergelijke machtsstructuur op te sluiten. Het is nauwelijks mogelijk in deze tirannie een verworden patriarchaat te herkennen. De term matriarchaat lijkt me meer op z’n plaats.

Posted on

De regenboogvlag: symbool van een totalitair systeem

In het tweede deel van de filmtrilogie God’s Not Dead moet een geschiedenisdocente zich voor een rechter verantwoorden omdat ze een vraag over geweldloos verzet beantwoordde met een verwijzing naar de bijbel. Het bestuur van de Martin Luther King-school – veelzeggend zonder ds. in de naam! – zette de onderwijzeres op non-actief en nadat zij weigerde haar excuses aan te bieden spanden ze een proces tegen haar aan. Fictie op celluloid, maar een gebeuren dat ondertussen realiteit is. Voorstanders van het traditionele huwelijk en activisten die zich uitspreken tegen gender mainstreaming krijgen steeds vaker te maken met haatmail, fysieke bedreigingen, sociale media-ban en juridische procedures. Een paar jaar geleden gingen in Duitsland auto’s van voorvechtsters van het traditionele huwelijk en gezin in vlammen op. De katholieke blogger Joseph Bordat ontving doodsbedreigingen omdat hij op zijn website melding maakte van de aanslagen. Vorige maand kreeg Austin Ruse, directeur van het Center for Family and Human Rights (C-Fam), de FBI op bezoek, omdat hij een grap had getwitterd over het verzoek van een LHBT-organisatie om meer regenboogsymbolen in de etalages van winkels en bedrijven. Volgens Gabriele Kuby, auteur van de klassieker De seksuele revolutie. Vernietiging van de vrijheid uit naam van de vrijheid (Uitgeverij De Blauwe Tijger), “beweegt de strijd voor het leven en het gezin zich naar een nieuwe fase, nu aanvallen van verbaal naar fysiek veranderen.”

Verbaal en fysiek geweld tegen voorstanders van het traditionele huwelijk en gezin komt ook in Nederland steeds vaker voor. Toen in 2010 bekend werd dat pastoor Luc Buyens uit Reusel geen communie verleende aan een homo, schonden alle liberale partijen voor het gemak het door hen gekoesterde principe van scheiding kerk en staat, en riepen op tot lijfelijk protest. Het was nota bene de SGP die hierover in de Tweede Kamer vragen stelde. Vorige maand werd bekend dat Hugo Bos moest onderduiken vanwege bedreigingen. Bos, directeur van Civitas Christiana, die onder meer opkomt voor het gezin en tegen de seksualisering van de samenleving, kwam in het nieuws door zijn protest tegen SuitSupply, het bedrijf dat posters van twee zoenende mannen als reclame laat zien.

Gabriele Kuby ~ De seksuele revolutie. Vernietiging van de vrijheid uit naam van de vrijheid

‘Homohaat’ is het label dat iedereen die kritische vragen durft te stellen bij genderisme en seksualisering krijgt opgeplakt en waarmee iedere discussie onmogelijk wordt gemaakt. Ook Bos is als ‘hater’ weggezet. Kuby, die zelf ook veel haatmail ontvangt, zegt over dit label: “Homohaat is een begrip dat de homolobby heeft uitgevonden om kritiek op de cultuur-revolutionaire strategieën die de homolobby heeft uitgedacht in kwade reuk te brengen en te criminaliseren.” Meest recente voorbeeld hiervan is het een-tweetje tussen de Amsterdamse stadszender AT5 en GroenLinks. Op het hoogfeest van de LHBT-gemeenschap in Nederland, de Canal Pride, lijkt het erop dat een lesbische vluchteling uit Oeganda uit het klooster van de Missionaries for Charity in Amsterdam is gezet. Uiteraard heeft GroenLinks direct raadsvragen gesteld en organiseerde de partij een ‘kiss-in’ bij het klooster. Het spreekt voor zich dat dagblad Trouw dit nieuws groot bracht, zonder kritische vragen te stellen bij de hele gang van zaken en alleen de verontwaardigde activisten aan het woord liet. De media speelt hierin al lang een eenzijdige en daarmee bedenkelijke rol. Zij fungeren als megafoon voor emancipatiebewegingen zoals die voor LHBT-ers.

[pullquote]“Ideologie is de quasi-metafysische ‘lijm’ die een totalitair systeem bij elkaar houdt.”[/pullquote]

De Ierse schrijver John Waters, die het voorbeeld van Austin Ruse in een artikel op de website van het Amerikaanse tijdschrift First Things aanhaalt, ziet in het regenboogsymbool een dwangmiddel: het is het symbool van een ideologie die opereert binnen de cultuur. “Ideologie is de quasi-metafysische ‘lijm’ die een totalitair systeem bij elkaar houdt,” citeert Waters de Tsjechische schrijver Vaclav Havel. Waters: “Het doel van de ideologie is het dehumaniseren, het overtuigen van mensen om hun menselijke identiteit in te ruilen voor een bedrijfsidentiteit. Ideologie verschaft het systeem de ‘handschoenen’ waarmee het haar doelen zonder schijnbare dwang kan verwezenlijken. Het maakt het mogelijk dat de mens in harmonie met het systeem wordt gebracht, maar deze onderwerping gaat schuil achter hoge idealen.” George Orwell had deze ideologie scherp door: “Sommige mensen zijn meer gelijk dan anderen”. Omdat sommige groepen menen meer rechten te kunnen opeisen én te krijgen boven de aanspraken van anderen, aldus Waters. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de discussie binnen de LHBT-beweging momenteel gaat over het ‘terugwinnen’ van het regenboogsymbool.

Als er een groep is die het gelijk van deze constatering bevestigt, is het de genderbeweging. Juli en augustus zijn het mondiale seizoen van de gay parades. Het regenboogsymbool wappert op veel (overheids)gebouwen, is in veel winkels prominent zichtbaar en kleurt bedrijfslogo’s. Het symbool staat voor de ideologie die binnen het westerse liberale systeem leidend is geworden. Het is die “quasi-metafysische lijm die mensen zonder schijnbare dwang onderwerpt”. De genderbeweging is fanatiek, intolerant en totalitair. Of het nu gaat om het homohuwelijk, transgender-toiletten of genderonderwijs, de activisten dulden geen tegenspraak en snoeren andersdenkenden de mond. Vrijheid van meningsuiting en geweten bestaan voor hen niet. “Het gaat erover hoe we de liefde ‘vrij’ kunnen maken: vrij van kleinburgerlijke opvattingen, het knellende instituut van het huwelijk, de overerfde moraal van het christendom,’ schreef Colin van Heezik afgelopen mei in de Volkskrant. “Wat vijf nog tien jaar geleden nog vrij zeldzaam was, is het nu niet meer. Open relaties (dus relaties zonder seksuele exclusiviteit) en polyamorie (het onderhouden van meerdere intieme, toegewijde liefdesrelaties tegelijk) worden steeds minder uitzonderlijk.” De revolutie dendert verder.

“De morele normen die seksualiteit zo begrenzen dat ze het leven en niet de dood dient, deze grenzen worden tegenwoordig als ‘discriminatie’ gebrandmerkt en met de dwang van de wet vernietigd. Dat gebeurt onder de vlag van ‘vrijheid’. Maar deze opvatting van vrijheid heeft niets met waarheid en verantwoordelijkheid te doen en is het bewijs van een hellend vlak in een nieuw totalitarisme,” schrijft Kuby. Diverse kritische wetenschappers zijn hun baan al kwijt en actiegroepen hebben onder druk van een totale ban kritische berichten en video’s van sociale media-kanalen moeten verwijderen. Kuby: “We bevinden ons in  een culturele oorlog waarin het om de toekomst van het gezin gaat, om de vrijheid, de menselijkheid, het christendom, de culturele identiteit en het fysieke voortbestaan van de natie.”

Posted on

Over nut en noodzaak van de Renaissancevloot – Zin en onzin van ‘imagined traditions’

Gister werd ik met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik had afgesproken met een vriend van mijn eerdere lerarenopleiding – inmiddels zo’n veertien jaar geleden. Die persoon was altijd best nationalistisch en behoudend. Nu zag ik mezelf nooit als nationalist en meer als humanist. Dat gaf aanleiding tot boeiende discussies over maatschappij en politiek. Plots kwam het gesprek nu op Thierry Baudet. Wat er vervolgens tussen ons werd gezegd heeft meer met me gedaan dan me slechts ‘aan het denken gezet’. Het heeft me op een existentiële wijze geraakt.

Wat we gezamenlijk hadden was dat we beiden het belang zagen van levenskrachtige tradities en een sterke cultuur, om een land bijeen te houden. Het was zoals Gerard Pieters, docent Middeleeuwen, destijds zei: “Als een natiestaat geen boeiende verhalen kan vertellen over haar geschiedenis, dan verliest de democratie iedere samenhang.”

Europese cultuurfamilie

Destijds al had ik het idee, dat de levensbeleving in de Randstad behoorlijk verschilde van de landelijke provincieën, en dat dit ‘natiegevoel’ te zwak was om ook maar enige aantrekkingskracht te hebben op minderheden. Ik zag Nederland als deel van de Europese cultuurfamilie, die tegen de contouren van het globalisme wél duidelijk te onderscheiden is. Nu ik meer tijd in Brussel doorbreng, begin ik het typische volkskarakter van de Nederlander beter te zien, de recht-door-zee-heid die velen van ons kenmerkt. Als er een probleem is dan hoeft men met de Nederlander  – anders dan met de Belg – geen serie aftastende gesprekken te voeren om te ontdekken wat het probleem zou kunnen zijn. En wat landen als Duitsland en Zweden zichzelf aandoen, daar kan een weldenkend mens slechts op neerkijken.

Maar ik zag dus altijd al dat het ‘natiegevoel’ weinig vlees op de botten heeft, en is opgelost in een levenshouding van consumeren. Als Michiel de Ruyter ooit zou terugkeren, dan zou het hooguit een cameo-appearance zijn op de omslag van meergranenbiscuits, als een soort kapitein koek. Wél zouden door de globalisering en de geopolitieke botsing van culturen, de Europese volkeren zich bewust worden van een verwante cultuurgeschiedenis en gedeelde identiteit.

Maar die studiegenoot kon juist prachtige verhalen vertellen over figuren als De Ruyter, Willem van Oranje en Willem Barentsz. Hij was fan van die vaderlandse helden, kende de details van hun ontdekkingsreizen en geloofde oprecht in de bezielende, natievormende kracht die daar van uitging. Hij hield bij het vak ‘drama’ gloedvolle pleidooien voor de Sinterklaastraditie omdat dat tenminste een authentiek Europees feest was met wortels in de Germaanse mythologie. En geen “kloonproductie zoals de Kerstman, die is uitgevonden door Amerikaanse bedrijven”.

Zwarte Piet wijst op wezenlijk vraagstuk

Gisteren zei hij dan plots: “Sid je moet weten dat ik nu anders over dingen denk. Zo vind ik bijvoorbeeld dat Zwarte Piet best groen mag worden geschminkt. Als we hierdoor minder mensen voor het hoofd stoten. Want die Zwarte Piet is toch een knecht. Ik was altijd voor het behoud van tradities omdat dit wortels geeft. Maar nu zie ik dat je niet trots kunt zijn op dingen die je niet zelf hebt gemaakt. Ik hoor tokkies zeggen: ‘het mag niet veranderen, want het is traditie’. Dat is een onzinargument. Dat is net zoiets als de islam die weigert om haar heilige teksten aan te passen.”

Ik antwoordde dat ik nooit Sinterklaas vier, maar dat het veranderen van Zwarte Piet om twee redenen geen goed plan is. Ten eerste omdat het nooit een issue was – dit is het discours van Amerikaanse universiteiten, een discours met wortels in Martin Luther King, de Jim Crow laws en de KKK. Europa heeft een totaal andere koloniale geschiedenis en tot voor kort wisten alle zwarte mensen dit: hierom was Zwarte Piet nooit een issue, totdat dit discours hier kwam. Ten tweede moet je als heersende cultuur kracht uitstralen en eisen van anderen dat zij zich aanpassen, niet andersom.

Omdat het op deze wijze een vervelende avond zou worden, verlegde ik de aandacht naar de islam. Ik wees erop dat dit geen goede vergelijking was. Tradities zijn door mensen gemaakt en hebben historische wortels: de Koran zou daarentegen een ongeschapen boek zijn dat buiten de wereldlijke tijd bestaat. Het Zwarte Piet-discours chanteert met een positie van achtergesteldheid en slachtofferschap, maar de islam stelt vanuit zelfvertrouwen een eigen dominante claim centraal. Namelijk dat democratieën worden gemaakt door mensen en daarmee ook feilbaar zijn zoals mensen; het onfeilbare woord van God zou dus de grondslag zijn van een superieure politieke orde.

Baudet en de Renaissancevloot

Vervolgens kwam het gesprek op Thierry Baudet. “Ik zou nooit op hem kunnen stemmen. Hij spreekt wel erudiet maar ik krijg er een rare gewaarwording bij. Ik ben wel voor een seculiere staat natuurlijk, daarin geef ik hem gelijk. Maar dan met die stomme VOC-bootjes op de achtergrond… Dat gepraat over een Renaissance, ik voel me er onpasselijk bij. En dan ben ik nog iemand die erg in geschiedenis is geïnteresseerd.”

Ik knipperde met mijn ogen toen ik dit hoorde. Van iemand die ik kende als behoorlijk nationalistisch. “Je bedoelt dat met die schepen een bepaald beeld van de Nederlandse historie wordt opgeroepen? Het beeld zou zinspelen op een oer-Nederland. Daarbij vraag je je af, wat dat Nederland dan is.”

“Daar sla je precies de spijker op zijn kop. En ik maak me zorgen over de islam en ben natuurlijk vóór een seculiere rechtsstaat. Maar om die zorgen te onderbouwen, heb ik geen behoefte aan een verhaal over de Nederlandse identiteit.”

Imagined traditions

“Maar is dat niet de meerwaarde van een Thierry Baudet? Net noemde je Wilders een ‘schreeuwer’ die ‘alleen maar in herhaling valt’. Baudet probeert mensen te verleiden en hun harten te winnen met een positief eigen verhaal. Toevallig ken ik de man die die poster met de Renaissance-schepen heeft gemaakt. En ik weet ook wat het idee erachter is. Onze geschiedenis is niet perfect – dat weten wij geschiedenisdocenten als geen ander. Maar we hebben toch nationale of op zijn minst cultuurhistorische symbolen nodig om maatschappelijke samenhang te organiseren? Om daarop een bezielend verhaal te baseren over de leidende cultuur.”

“Maar zelfs als het gebaseerd is op verbeelding? Dan kom je uit bij de imagined traditions. Want zelfs in de Gouden Eeuw was er natuurlijk ruzie tussen de orangisten en de patriotten. Er waren conflicten tussen de zee- en de landgewesten, tussen de remonstranten en de contraremonstranten, tussen de stadhouder en de raadspensionaris, enz.”

“Wij kunnen samen een bezield en bevlogen gesprek voeren over deze nuances omdat wij deze kennis hebben over de geschiedenis van dit land. Het alternatief is een generatie die hier helemaal niets van weet, maar wél een rugzakje naar school draagt met daarop de kreet: ‘Fuck Nederland, Turkije nummer één’.”

De strijd om de Leitkultur

Men kan zeggen, ‘ik hoef alleen een liberale rechtsstaat – ik wil hier niet een overheersende cultuur hebben met duidelijke symbolen als standbeelden van De Ruyter om die cultuur uit te dragen’. Maar wat is dat standpunt waard als er een versnippering van cultuurenclaves voor terugkomt: Turkse en Marokkaanse of wie weet Somalische, die de publieke ruimte opeisen? Wat nu als dit wél duidelijke identiteiten zijn, met bijbehorende etniciteiten en religies en uiteindelijk ook eigen visies op het recht? En waar ‘wij’ dan eigenlijk geen antwoord op hebben? Om precies dat scenario te voorkomen, mag de Nederlandse cultuurhistorie met wat meer eigenwaarde worden uitgedragen.

En ten tweede, je kunt zeggen: ‘Ik wil alleen die seculiere rechtstaat, waar mensen gelijk voor de wet zijn, maar daar hoef ik niets omheen te hebben.’ Dan heb je inderdaad dat kader van die liberale rechtstaat, maar dat is een kale kapstok. Je hebt je kantoorbestaan, je werkt en betaalt belasting, maar verder heb je niets om jouw samenhang met die rechtsorde mee in te kleden. Stel nu dat jij een ‘kansenjongere’ bent, met weinig mobiliteit in het leven. Dan ben je vooral aangewezen op religie: die geeft houvast en identiteit. Waarom zou zo iemand dat laatste stukje trots en eigenwaarde loslaten voor de ‘kale kapstok’ van zo’n seculiere rechtstaat?

Hierdoor moest hij terugdenken aan een Syrische leerling die hij jaren geleden in de klas had. De leerling bleef met alle ernst volhouden dat Wilders van de ChristenUnie was, ondanks de tastbare tegenbewijzen. De verklaring hiervoor, zo zei mijn gesprekspartner, is als volgt. Hoe zouden zij als moslims omgaan met christenen in hun land? In die landen behoor je eerst en boven alles tot een religie – pas dan spelen zaken als nationaliteit of burgerschap een rol. Zelf zouden die moslims absoluut de meerderheid willen blijven boven de christenen. En dus projecteert die leerling ditzelfde denken op Wilders: die zou hoe dan ook zijn christelijke land christelijk willen houden, en is daarom kritisch op moslims. Moet je nagaan als zij ooit een meerderheid zouden worden…

Hoofdconclusie

Zo kwamen we terug op de kern van de discussie: zulke mensen kunnen alleen maar een verhouding aangaan op basis van kracht. Enkel vanuit het idee: ‘Ik ben de sterkere – mijn cultuur is hier leidend. Ik ben hier trots op en jij hebt je aan te passen. Jij moet eerst maar eens bewijzen of je het wel waardig bent om hier te zijn, dus heb jij je te voegen naar mijn cultuur.’

Als dit soort eisen dus niet worden uitgesproken, dan ben je in hun ogen zwak en ridicuul en niet serieus te nemen. Daarom kun je dus niet aankomen met een seculiere rechtsstaat zonder dit in te passen in een leidende cultuur met een bijbehorende identiteit. Inmiddels is dit besef van identiteit zo sterk verwaterd in Nederland – of zo u wilt geliberaliseerd – dat het vanuit de verbeelding moet worden verwekt.

Tot slot

Nu moet u weten dat deze persoon op de universiteit studeerde tussen echt radicale linksgekkies: mensen voor wie Baader Meinhof nog te rechts was. Door met hen om te gaan groeide zijn weerstand tegen die denkbeelden en werd hij voor zijn gevoel conservatiever. Maar juist door die omgeving van studie en discussie achter zich te laten en een kantoorbaan aan te nemen, werden al zijn gevoelens bij natie en traditie uitgewist: het enige wat voor hem nu nog telt zijn de seculiere rechtsstaat en de vrijheid om hedonistisch te leven. Zo blijkt weer duidelijk dat niet de ‘linksgekkies’ de ware vijand zijn, maar het gebrek aan maatschappelijk houvast. Hoog tijd voor een Nieuwe Zuil!

En kom langs op de 22ste!

Posted on

ChristenUnie-minister snoert vrijheid van onderwijs in

Dwang tot nationale opvoeding, invoeren van een staatsideologie, symboolpolitiek. Dat zijn zo’n beetje de steekwoorden in de reacties op het plan van minister Arie Slob voor Basis- en Voorgezet Onderwijs om scholen te verplichten tot burgerschapsonderwijs. Scholen zijn sinds 2006 wettelijk verplicht om lessen in burgerschap te geven, maar de minister vindt dat te vrijblijvend. Hij wil de eisen aanscherpen.

“De school moet ook een oefenplaats zijn, waar kinderen kunnen oefenen hoe je je als burger gedraagt,” vindt Slob. De crux zit ‘m in dat woordje ‘ook’. Want scholen moeten al heel veel en steeds meer. Je vraagt je als buitenstaander wel eens af hoe die onderwijzers nog toekomen aan het geven van klassieke vakken, zoals taal, rekenen en geschiedenis. Zoveel ruis zit er namelijk tegenwoordig in het curriculum. Het versje is allang afgeschaft en het zingen van het Wilhelmus is nog niet eens ingevoerd, maar de lesdagen worden tegenwoordig gevuld met voorlichting over seksuele diversiteit, anti-pestprogramma’s, herkennen van vooroordelen en het oefenen in empathie. “Mijn kinderen weten alles over Marokko, maar over de vaderlandse geschiedenis leren ze niets meer,” verzuchtte een vader een aantal jaren geleden in een ingezonden brief. Lessen in burgerschap fietsen daar nog doorheen – de jaarlijkse excursie naar Verkeerspark Assen is ook lang geleden gesneuveld – maar scholen kunnen in het kader daarvan eenmaal per jaar een project-dag organiseren of een debatwedstrijd. En daar wil Slob nu een einde aan maken. ‘Kennis en respect voor de basiswaarden van de democratische rechtstaat’ moeten centraal staan in het burgerschapsonderwijs. Concreet: meer en verplicht onderwijs over democratie, rechtsstaat en gelijkheid. “De universele rechten van de mens en de grondwet moeten leidend zijn,” zegt Slob in dagblad Trouw. “Een belangrijke basiswaarde in het onderwijs is dat mensen verschillend mogen zijn en dat we respect moeten hebben voor elkaar.”

De ironie wil dat het weinig verplichtende karakter van de huidige wet, die in 2006 werd aangenomen, een gevolg is van het verzet van het CDA en de ChristenUnie in het vierde kabinet Balkenende (2007-2010). De christelijke coalitiepartijen vreesden dat de vrijheid van onderwijs met allerlei verplichtingen ondermijnd zou worden. De Raad van State viel de partijen bij: “Een inbreuk op de vrijheid van richting en inrichting”. Tien jaar later gaat een minister van CU-huize juist over tot verplichting. “Een school die niet onderwijst in de vrijheid van meningsuiting, gelijkwaardigheid, begrip voor anderen, verdraagzaamheid, autonomie en het afwijzen van discriminatie zal daartoe voortaan door de Inspectie, met Slobs nieuwe wetsvoorstel in de hand, worden gemaand,” schrijft de Volkskrant. In Trouw probeert de minister mogelijke onrust onder zijn achterban te bezweren: “Ik treed niet in de vrijheid van scholen om het onderwijs in te richten zoals zij het willen. Er is een kern van wat leerlingen moeten kennen en kunnen. Ik wil alleen richting geven waaraan de inhoud moet voldoen. Tegelijkertijd houden scholen ruimte om keuzes te maken in hun lesaanpak, methodes en leermiddelen. Die vrijheid houden ze zonder meer. Zolang scholen maar wel fundamentele waarden en vrijheden respecteren en onderwijzen.”

Het Friesch Dagblad, een van de kleinste dagbladen in Nederland én christelijk, heeft er niet veel vertrouwen in. De krant voorziet conflicten tussen de diverse grondrechten, maar ook over de verschillende visies op bijvoorbeeld medisch-ethische kwesties. “Grondrechten zijn niet waardevrij en niet los verkoopbaar,’ schrijft de krant in haar hoofdcommentaar van 6 juni. “De uitleg van Slob doet denken aan de Orwelliaanse uitspraak dat iedereen gelijk is maar dat sommigen meer gelijk zijn dan anderen. Met andere woorden, het invoeren van een staatsideologie ligt levensgroot op de loer en staat op gespannen voet met de vrijheid van onderwijs. Welk grondrecht krijgt voorrang?”.

Terwijl de Friese krant terechte vraagtekens zet bij het idee van de minister, gaat het voorstel voor een aantal belanghebbenden niet ver genoeg. Hans Teunissen, voorzitter Nederlandse Vereniging van Leraren Maatschappijleer, zegt tegen een verslaggever van de Volkskrant dat je al in de peuterklas moet beginnen met burgerschapskunde. ‘Van peuter tot puber’ is het motto van Teunissen. Bij hem komt de echte aap wel uit de mouw: “Train leerlingen in elk leerjaar om over gevoelige thema’s te praten, zich te verdiepen in standpunten van anderen, wat de (grond)wet is en wat die voor jou betekent. Dan zijn ze van jongs af aan gewend om te spreken over onderwerpen als populisme en discriminatie”. En Jan Heijhuurs, adviseur bij Diversion (bureau voor maatschappelijke innovatie), voegt daar in de krant aan toe: “Goed burgerschap begint bij de docent als moreel kompas, daarin is dit wetsvoorstel een mooi begin… Aan scholen zelf is het de taak om de buitenwereld de klas binnen te halen”.

Nederland lijkt in rap tempo het Zweedse voorbeeld te volgen. De staat neemt de (morele) opvoeding, die normaliter binnen het gezin behoort plaats te vinden, over. En het onderwijs blijft een speeltuin voor linkse hobby’s. Nota bene een minister van een christelijke partij gaat er voor zorgen dat staatsopvoeding de autoriteit van ouders buitenspel zet. De progressieve secularisten zullen juichen.

Posted on

Wat is chaos? Een cultuur-filosofisch gesprek

Na eerder de vraag ‘Wat is cultuur?‘ uitgediept te hebben, voerden Wim van den Bergh van de Batavieren Podcast en uitgever en filosoof Tom Zwitser onlangs opnieuw een uitgebreid gesprek met elkaar. Nu vanuit de tegenovergestelde benadering: ‘Wat is chaos?’ Dit mede naar aanleiding van dingen die de Canadese hoogleraar psychologie en cultuurcriticus Jordan Peterson daar enige tijd geleden over zei op de conferentie van De Nederlandse Leeuw.

“De vraag wat chaos precies is”, aldus Zwitser “is heel interessant, want niemand heeft daar direct een beeld bij. Hooguit zou je kunnen zeggen: chaos is een gefragmenteerde orde of datgene wat eerst ordelijk in elkaar zat, maar versplinterd is of kapot is. En dat ervaar je als chaos. Maar chaos zelf? Wat kan chaos nou zelf zijn? Dat is eigenlijk veel lastiger.”

Het gesprek van zo’n anderhalf uur is hier te bekijken:

Tom Zwitser ~ Heerlijke platte wereld

 

Posted on

De heerschappij van de onvitalen

De verkiezing van Emmanuel Macron tot president van Frankrijk is het zoveelste teken van de heersende cultuur van de dood.

Emmanuel Macron is 39 jaar oud, staat dus in de bloei van zijn leven en is wel op het hoogtepunt van zijn carrière aangekomen. Zijn echtgenote Brigitte is 64 jaar oud, dus in een tegengestelde fase van haar leven. Zoals bekend hebben de twee elkaar als scholier en lerares leren kennen, toen Emmanuel 15 jaar oud was. Twee jaar later werden ze een stel. Een van Brigittes dochters zat destijds in dezelfde klas als Emmanuel. De moeder van drie kinderen liet zich later van haar toenmalige man scheiden en trouwden in 2007 met haar jeugdige geliefde.

Ik heb me afgevraagd of ik hierover moest schrijven, aangezien het immers om een privéaangelegenheid gaat. Weliswaar gaan het liefdesleven ook van een prominente persoon niemand wat aan. Maar Emmanuel Macron heeft het hele gebeuren zelf tot een publieke aangelegenheid gemaakt, door zijn echtgenote tijdens de campagne naar allerlei gelegenheden mee te nemen. Daarmee werd de zaak metapolitiek van belang.

De verhouding tussen de geslachten is biologisch bepaald
Onnodig te zeggen, dat de beschreven verhouding door de meeste normale mensen tenminste als ongewoon wordt gezien. Voor een jonge man mag het dan een erotische fantasie zijn eens een affaire te hebben met een oudere vrouw, maar om er ook mee te trouwen, is zelden onderdeel van een dergelijke fantasie. Gebruikelijkerwijs beperkt een dergelijke voorstelling zich vooral tot een oudere vrouw, die evenwel nog niet een bepaalde leeftijdsgrens overschreden heeft en die grens is in essentie biologisch bepaald.

Een relevant verschil tussen mannen en vrouwen is namelijk, dat een man theoretisch nog tot op hoge leeftijd kinderen kan krijgen, terwijl een vrouw dat slechts tot het eind van haar aflopende vruchtbaarheid kan. Al voor het definitieve uitscheiden van de vruchtbaarheid wordt voor vrouwen de hele aangelegenheid echter al ingewikkelder. Daaruit verklaart zich de natuurlijke neiging van mannen zich vooral tot jonge vrouwen aangetrokken te voelen, aangezien de seksualiteit van nature gericht is op voortplanting. Ook de verliefdheid dient er in essentie toen de partners aan elkaar te binden om de opvoeding van het nageslacht veilig te stellen.

Op grond van deze biologische verschillen, die ook door de gender-ideologie genegeerd worden, willen de meeste mannen niet samenzijn met een vrouw die veel ouder is. Min of meer dezelfde leeftijd wordt nog als normaal gezien, gebruikelijk is echter dat de vrouw ten minste een beetje jonger is. Ook de meeste vrouwen willen dat zo. Een werkelijk rijpe vrouw die met een half kind naar bed wil, is buitengewoon ongebruikelijk, aangezien vrouwen zich normaliter tot mannelijkheid en succes aangetrokken voelen.

De Macrons zijn geleefd cultuurmarxisme
Weinig verrassend wordt het komische huwelijk van de Macrons door de massamedia min of meer, maar toch uitsluitend, positief benaderd. In het bijzonder bij de voorstelling van Brigitte grijpt men graag naar lovende woordkeuzes. Men merkt hier duidelijk een strijdbaar feministische ondertoon op.

Het normale wordt in zijn tegendeel verkeerd, gekroond en moet nu voor de algemeenheid als voorbeeld dienen, om de cultuurmarxistische ondergraving van de samenleving te bevorderen. Het is nu dus zogenaamd een overwinning voor het feminisme, dat nu ook eens een oma met een toyboy gezien kan worden, die bovendien ook nog eens het hoogste staatsambt bekleedt.

Interessant is hier natuurlijk de dubbele moraal. Had namelijk een 41-jarige man een 17-jarige vriendin, dan zouden de feministen protesteren. Inderdaad is ook deze voorstelling voor de meeste mensen in meer of mindere mate afstotend. Ofschoon het om genoemde redenen natuurlijk is, wanneer de vrouw jonger dan de man is, zo is er evenwel ook hier ene zekere grens van de goede smaak resp. van de overschrijding van de grens naar prostitutie. Maar nu de verhouding tussen de seksen omgekeerd is, waagt niemand het de zaak te bekritiseren.

Het gezin is de kerneenheid van het volk
Een van de neveneffecten van deze verhouding is ook dat Emmanuel Macron geen kinderen heeft en ook geen kinderen meer kan krijgen, althans niet met zijn echtgenote. Daarmee is hij een slecht voorbeeld voor het volk, wiens kleinste eenheid en enige garant voor zijn voortbestaan het gezin is. Hij sluit zich dus aan in de rangen van de kinderloze carrièremensen à la Angela Merkel, die onze politieke kaste domineren. Deze kinderlozen willen zoals bekend onze volken door kinderrijke vreemde volken uit de Derde Wereld vervangen.

Het is fataal wanneer de politieke kaste uit decadenten bestaat, die geen relatie meer hebben met het normale leven en de natuurlijke gemeenschap. Het ontbreekt hen aan vitaliteit, aan gezonde instincten en de kracht voor echte overgave, die op geestelijke verbindingen met de oerkrachten van het leven stoelt. Niet ieder concubinaat is een huwelijk in eigenlijke zin. Oswald Spengler zag in het opkomen van partnerschappen tussen man en vrouw, die niet meer primair op de wens om een gezin te stichten berusten, een teken van de ontaarding van de samenleving, die tot de onvruchtbaarheid van de beschaafde mens leidt.

Emmanuel Macron staat daarmee symbool voor een zwakke leider, die zijn land ruïneert. Zoals bekend juicht hij de lopende massa-immigratie en islamisering toe. Het mag dan niet stroken met de politiek-correcte denkvoorschriften, maar een normaal mens denkt toch onvermijdelijk bij zichzelf: Wat mankeert die man, hij ziet er goed uit, is jong en succesvol, maar zoekt geen vrouw op waarvan hetzelfde geldt en waarmee hij een gezin kan stichten. Is hij werkelijk een man in de beste betekenis van het woord of is hij toch niet meer dan een zonderlinge marionet van de werkelijk machtigen?

Dit artikel is oorspronkelijk in het Duits verschenen bij de Blaue Narzisse.

Posted on

Eenzijdige EU-sponsoring voor links-liberale lobbyisten

Zaterdag schreef Johannes de Jong, woordvoerder van het Platform voor Fundamentele Rechten en Vrijheden in de EU, in het Reformatorisch Dagblad al, dat er “teveel op het spel staat om op 22 mei niet te gaan stemmen”. In het onderstaande artikel gaat hij voor Novini dieper in op de links-liberale lobby die achter voorstellen zit die christenen maar ook anderen zorgen zouden moeten baren: “De EU financiert eenzijdig een links-liberale lobby richting de eigen instellingen.” 

„Het Europees Parlement benadrukt dat de EU, binnen de EU en waar van toepassing in haar buitenlandbeleid, moet waarborgen dat er wetten worden gewijzigd, vastgesteld of juist ingetrokken ter naleving en bescherming van de seksuele en reproductieve gezondheid en rechten” (bedoeld wordt het recht op abortus).

„Het Europees Parlement benadrukt dat de lidstaten de verwijzing naar gewetensbezwaren in de belangrijkste beroepen moeten reguleren en controleren om ervoor te zorgen dat reproductieve gezondheid gegarandeerd is als recht” (bedoeld wordt een verbod op het weigeren van het uitvoeren van abortus).

„Het Europees Parlement benadrukt dat doeltreffende en uitgebreide seksuele voorlichting staat of valt met de deelname van jongeren, in samenwerking met andere belanghebbenden, zoals ouders, aan de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van de programma’s; pleit ervoor om bij seksuele voorlichting voorlichters van dezelfde leeftijd in te zetten als beproefd middel om jongeren zelfredzaam te maken” (bedoeld wordt verplichte seksuele voorlichting aan en door jongeren).

„Het Europees Parlement herinnert lidstaten eraan dat zij ervoor dienen te zorgen dat kinderen en jongeren hun recht op  onpartijdige, specifiek op leeftijdsgroep en geslacht afgestemde informatie ten aanzien van seksualiteit – zoals seksuele geaardheid, genderidentiteit en genderexpressie – daadwerkelijk kunnen genieten” (met „genderexpressie” wordt bedoeld dat jongeren voorgelicht moeten worden dat het verschil tussen man en vrouw niet echt bestaat en je dus je eigen seksuele identiteit bij elkaar kunt knutselen).

Lobby
Bovenstaande is een greep uit de voorstellen uit het zogeheten Estrela-rapport, dat slechts zeven stemmen (op de 766) tekortkwam om te worden aangenomen door het Europees Parlement. Dat laat zien wat er op 22 mei, de dag van de Europese verkiezingen, op het spel staat. Een machtige lobby van NGO’s werkt er hard aan om deze ideeën met tal van voorstellen te realiseren.

Deze lobby hoopt dat mensen deze agenda stilzwijgend over zich heen laten komen. Wie zwijgt stemt daarmee in met wat ze willen bereiken: een hyper-individualistische agenda van seksuele rechten die ten koste gaat van de grondrechten van de EU, zoals het recht op leven, gezinsleven, gewetensvrijheid en onderwijsvrijheid (vastgelegd in het ”Handvest van de grondrechten van de Europese Unie”). Deze Europese grondrechten moeten in het Europees Parlement verdedigd worden tegen een lobby die de grondrechten met voeten treedt en ingrijpt in fundamentele vrijheden in de lidstaten.

Daaruit blijkt meteen ook de misvatting van de Landelijke Stichting ter bevordering van de Staatkundig Gereformeerde beginselen, zoals uitgedragen in RD 10-5. Wie Bijbelse waarden in Nederland wil verdedigen stemt 22 mei ChristenUnie-SGP. Wie op die dag zwijgt en niet stemt, stemt in het licht van de feiten wel degelijk toe in het wegdrukken van christelijke waarden en grondrechten in Nederland vanuit de EU. De genoemde lobby wil dat er stappen gezet worden naar een superstaat die zich met al deze zaken zou moeten gaan bemoeien. Daarbij mengt men zich in zaken die persoonlijk en intiem zijn en ingrijpen in het gezinsleven. Om deze agenda te keren is het dus nodig om zowel voor leven, gezin en vrijheid te kiezen als tegen een Europese superstaat. En dat is precies wat de CU-SGP doet.

 

Eenzijdige EU-sponsoring voor links-liberale lobbyisten
De bovengenoemde lobby is geen hersenspinsel uit een complottheorie. Het gaat om concrete organisaties die concreet gezamenlijk actie ondernemen. Dit is glashelder te zien in hun gezamenlijke stellingname in gezamenlijke persberichten over rapporten (zoals het Estrela rapport) en Europese discussies. Concrete voorbeelden van laatstgenoemde categorie zijn de statements over het ‘One of Us’ Europees Burgerinitiatief of (eerder) de benoeming van Tonio Borg als Eurocommissaris. Voorbeelden van gezamenlijke statements kunnen hier (Estrela rapport) en hier (‘One of Us’) gelezen worden.

In de lijst van organisaties springen er een aantal uit, te weten IPPF-European Network, Marie Stopes International, ILGA Europa en de European Women’s lobby. Volgens het Europees transparantieregister ontving in 2012 de IPPF € 283.444,- , European Women’s Lobby € 877.731, ILGA Europa € 1.025.000,-  en als klap op de vuurpijl € 102.000.000,- voor Marie Stopes International (nee niet per ongeluk drie nullen teveel getypt). De Novini-redactie heeft de bewijsstukken van deze cijfers.

Lobbyen is niet per definitie problematisch. EU-financiering voor een NGO ook niet. Wat hier wel problematisch is, is de ondemocratische onevenredigheid. Het is klip en klaar dat dit een politiek getinte lobby is. Een blik op de website van bijvoorbeeld de IPPF maakt dit overduidelijk met alle oproepen richting de verkiezingen. Pro-life lobby’s krijgen echter geen cent van de EU, daar ligt het probleem. Kortom, de EU financiert eenzijdig een links-liberale lobby richting de eigen instellingen. Een sterk voorbeeld is de European Women’s Lobby waarvan de EU-financiering en de kosten van de lobby gelijk zijn.

Dat de pro-life lobby geen cent krijgt is geen ‘geklaag’. Ongeacht hoe iemand denkt over abortus is het voor iedereen een probleem dat de EU zo eenzijdig ondemocratisch te werk gaat. Het zou de Europese instellingen zelf zorgen moeten baren dat zij hun ondemocratische imago zo verder versterken.

Wat nog vreemder is, is dat de EU een eenzijdige lobby financiert die met voorstellen komt die heel duidelijk in tegenspraak zijn met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. De EU financiert hiermee een lobby tegen de eigen fundamentele rechten en vrijheden van de EU. Ook voor atheïsten die misschien geen enkel probleem hebben met abortus (etc.) zou het toch moeten uitmaken dat de EU een lobby financiert die de vrijheid van geweten onder druk wil zetten. Het gaat hier om grondrechten die niet selectief, al naar je politieke voorkeur, aan de kant gezet kunnen worden. Als je dat doet op één beleidsterrein, wat is dan het volgende?

Wat tenslotte helemaal vervreemdend werkt is de herhaalde opmerking van Europarlementariërs (zoals mevrouw In ’t Veld) die glashard beweren dat deze lobby’s nog meer steun moeten krijgen omdat Amerikaanse miljardairs zoveel geld toeschuiven naar de pro-life lobby. Dit terwijl organisaties als IPPF en Center for Reproductive Rights miljoenen ontvangen van de foundations van (jawel!) Amerikaanse miljardairs. Maar dat zijn natuurlijk ‘de goede miljardairs’. De IPPF ontving in 2013 alleen al rond 10 miljoen dollar uit deze fondsen, die ook naar IPPF Europa gingen. De vraag is waarom de EU daar nog meer dan een kwart miljoen aan subsidie bovenop moet doen.

We zien hier een ideologische, eenzijdige keuze vanuit de Europese instellingen die op zijn minst vraagt om een democratische correctie. Maar dit tegengeluid zal niet komen vanuit de partijen die geen moeite hebben met deze agenda. Het zal dus moeten komen van de enige lijst die consistent tegen deze lobby in gestemd en gewerkt heeft en dat is de ChristenUnie-SGP-lijst.

Uit al het bovengenoemde blijkt glashelder op welke terreinen het debat plaatsvindt en waar we onze stem moeten laten horen. Daarom roept het Platform voor Fundamentele Rechten & Vrijheden in de EU mensen op om wel te gaan stemmen. Het Europees Parlement wordt kleiner, van 766 naar 751 Europarlementariërs. De marges worden kleiner en het gewicht van onze stem daarmee alleen maar groter. De vraag is niet of we voor of tegen Europese invloed zijn op nationaal beleid, maar of we met onze stem tegenwicht zullen geven of niet.

Posted on

Christelijke organisaties bundelen krachten voor fundamentele vrijheden in EU

Donderdag 13 februari vindt in Hilversum de presentatie van een nieuw ‘Platform Fundamentele Rechten en Vrijheden in de EU’ plaats. In het platform heeft zich een groot aantal christelijke organisaties verenigt om in EU-verband op te komen voor het leven, voor het gezin en voor fundamentele vrijheden.

De aanleiding voor de oprichting van het platform  is gelegen in de recente debatten in het Europees Parlement die zowel aan medisch-ethische kwesties raakten als aan de onderwijsvrijheid en het gezin. In het persbericht wordt gewezen op “de recente pogingen in het Europees Parlement om van abortus Europees beleid te maken, vanuit de EU artsen te verplichten abortussen uit te voeren en de EU invloed te geven in de seksuele voorlichting in het onderwijs. Door deze debatten werd het duidelijk hoeveel invloed o.a. de abortuslobby al heeft in de EU en dat het nodig is dat ook het geluid dat opkomt voor leven, gezin en vrijheid duidelijk gehoord wordt in Europa.” Waarbij gedacht kan worden aan de rapporten van de europarlementariërs Edite Estrela (Portugal, Socialisten) en Ulrike Lunacek (Oostenrijk, Groenen) die zich goeddeels begaven op terreinen waar de Europese Unie strikt genomen geen bevoegdheid heeft. Van uitspraken van het Europees Parlement gaat echter wel een belangrijke signaalwerking uit. Waar het rapport van Estrela nipt werd verworpen, met subsidiariteit als voor velen doorslaggevend argument, werd het rapport van Lunacek aangenomen.

Het platform wil christenen in Nederland er meer van bewust maken dat deze kwesties spelen op het niveau van de Europese Unie en dat daarbij fundamentele vrijheden op het spel staan. Het platform roept christelijke kiezers op om met het oog op deze kwesties in de komende verkiezingen voor het Europees Parlement een stem uit te brengen op de ChristenUnie-SGP-lijst, onder het motto ‘Kies voor leven, gezin en vrijheid in Europa!’

Het platform wordt momenteel gedragen door de volgende organisaties: Nederlandse Patiënten Vereniging (NPV), Vereniging Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS), St. Hulp Vervolgde Christenen, 24/7 Gebed Nederland, St. Christenen voor onderwijsvrijheid, Schreeuw om Leven, Stirezo, Werkgroep geen Abortus, Coalitie Apostolische Reformatie, Abortusinformatie.nl en de European Christian Political Foundation en staat open voor meer deelnemende organisaties.

De presentatie van het platform vindt donderdag 13 februari om 10.00 uur plaats in de Grote Kerk te Hilversum. Het manifest van het platform is te vinden op www.stemvoorhetleven.eu