Posted on

Grote nederlaag voor Saoedische leger in Jemen

Ansar Allah maakte in een slag tientallen pantservoertuigen buit op het Saoedische leger.

Het gaat voor Saoedi-Arabië met de oorlog tegen Jemen van kwaad tot erger. Zondag publiceerde een Jemenitische regeringszender beelden van de afloop van een veldslag tussen Ansar Allah en wat heet het Saoedische leger. Een zeer merkwaardig beeld dat vermoedelijk ook klopt. (1) Volgens Ansar Allah werden bij die slag drie brigades van het Saoedische leger krijgsgevangen gemaakt of gedood. Het zou gaan om enkele duizenden manschappen en tientallen legervoertuigen.

Dat lijkt overdreven, maar zeker is dat uit de beelden op te maken is dat het om minstens vele honderden manschappen gaat en dat de Saoedi’s daarbij een groot aantal gepantserde voertuigen verloren. De markeringen op de voertuigen die in de serie films te zien zijn maken dat duidelijk. Ze lijken bovendien ook vrij nieuw en weinig of niet gebruikt. Wat opvalt.

Ansar Allah - Veldslag 28 september - Verlies Saoedisch leger
Zegevierende soldaten van Ansar Allah bij een Saoedisch legervoertuig waarvan er vele nog intact waren. Merk op dat dit een gloednieuw pantservoertuig lijkt zonder enige merkbare slijtage. Ook kogelgaten of blutsen ontbreken zo te zien aan dit voertuig. Hetzelfde voor de andere in de filmpjes getoonde wagens. Nochtans begon deze oorlog tegen Jemen al in maart 2015.

Saoedische leger loopt er als een zootje bij

Wat eveneens opvalt is het feit dat dit ‘leger’ er als een zootje bijloopt, veelal zonder bijvoorbeeld legeruniformen en insignes. Wat je toch zou mogen verwachten van een regulier leger.

Zijn dit dan huurlingen uit bijvoorbeeld Soedan of aanhangers van de vroegere president Hadi die eveneens als huurlingen optraden? Wel zouden de beelden genomen zijn in de provincie Najran die aan Jemen grenst en die cultureel ook tot Jemen behoort.

Provincie Najran

De provincie werd in 1934 door de Saoedi’s veroverd in de strijd die zou leiden tot de creatie in 1936 van Saoedi-Arabië. Hier wonen vooral ismaïlieten, een strekking binnen de islam die men veelal tot de groep van het sjiïsme rekent.

Dit jaar beschoot Ansar Allah al de luchthaven van de gelijknamige provinciehoofdstad Najran. Een bevestiging vanuit Saoedi-Arabië over deze nederlaag is er op dit ogenblik nog niet. Een ontkenning echter evenmin. Zeker is dat dit op militair vlak een grote overwinning is van Ansar Allah die de druk op kroonprins Mohammed bin Salman zal doen toenemen om die oorlog te doen stoppen. Het toch al slechte beeld van zijn leger krijgt hier een bevestiging.

Overleg over staakt-het-vuren

Overleg voor een staakt-het-vuren lijkt achter de schermen echter bezig. Met voorstellen van Ansar Allah waarbij ook de Saoedi’s nu in die richting lijken te willen marcheren. Maar de toestand is erg complex, met op de achtergrond Israël dat gebeten lijkt om de bestaande conflicten verder te doen escaleren. Met verder een kluwen met de separatisten in Aden, Al Qaida, IS en de Verenigde Arabische Emiraten.

Ansar Allah - Veldslag 28 september - Verlies Saoedisch leger - Gevangenen
Volgens de Jemenitische televisie een deel van de vele honderden door Ansar Allah gevangen genomen Saoedische militairen. Alhoewel sommigen ervan wel een soort van militaire uniformen dragen met zelfs Saoedische legerinsignes lijkt dit eerder een ongeregelde groep militairen.

Na de aanval op de grote oliepijpleiding in Saoedi-Arabië die van oost naar west loopt, de grote olie-installaties, een ontziltingsbedrijf en de luchtmachtbasis bij de hoofdstad is dit een zoveelste zware klap voor Saoedi-Arabië. De vraag hierbij is ook of dit de positie van de kroonprins in gevaar brengt. De oorlog tegen Jemen is immers zijn idee.


Noten

1) Foundation for the Defense of Democracies; Long War Journal, Caleb Weiss, 29 september 2019, ‘Houthis claim major operation inside Saudi Arabia’.  https://www.longwarjournal.org/archives/2019/09/houthis-claim-major-operation-inside-saudi-arabia.php?unapproved=154961&moderation-hash=94b22f7d8963635f417779488e29cf62#comment-154961

South Front, 29 september 2019, ‘Houthis Release Shocking Videos Of Operation Victory From God’. https://southfront.org/houthis-release-shocking-videos-of-operation-victory-from-god/

De Foundation for the Defense of Democracies is een zionistische propagandadienst in de VS. Bij het begin van de oorlog in Syrië was een van de mensen van deze organisatie ook lid van de eerste oppositieregering. Die verdween er echter snel.

South Front staat aan de andere kant in het Syrische conflict en steunt de regering in Damascus.

Posted on

Een kijkje bij de Russische troepen in Transnistrië

Een recent gepubliceerde uitzending van Voyennaya Priyomka van Telekanal Zvezda geeft een zeldzame blik op de Russische troepenmacht in Transnistrië. In de reportage wordt een beeld geschetst van de dagelijkse bezigheden van soldaten. Daarnaast is er veel aandacht voor de moeilijkheden waar het troepencontingent mee te kampen heeft door haar ligging tussen de Republiek Moldavië en Oekraïne.

“We gaan u niet vertellen hoe ons programma terecht is gekomen in Transnistrië”, meldt Voyennaya Priyomka. De reden is de ligging van Transnistrië – een niet-erkend land dat zich van de Republiek Moldavië afgescheiden heeft. “In het oosten ligt Oekraïne en in het westen Moldavië. Dus je mag zeggen dat het door historische en politieke omstandigheden omsingeld is.” Het programma meldt dat het bezoeken van Transnistrië door Russische journalisten erg moeilijk is geworden door de politieke toestand in Moldavië en Oekraïne. “[Russische journalisten] worden niet doorgelaten naar Transnistrië door de Moldavische grenswacht.”

Het programma, dat normaal vooral aandacht besteed aan het nieuwste en meest bijzondere Russische militaire materieel, geeft in een tweeluik aandacht aan de omstandigheden waarin de Russische troepen (de OGRV – Operativnaya Groepa Rossijskich Voisk) zich bevinden en hoe zij zijn georganiseerd. Hierbij moet worden gedacht aan problemen met bevoorrading, de bewakingstaken van een grote munitieopslag op het territorium van Transnistrië en de vredesmissie die door Russische vredestroepen worden uitgevoerd.

Transnistrië

Tijdens het uiteenvallen van de Sovjet-Unie riep Transnistrië (Officieel: Pridnestrovische Moldavische Republiek – PMR) in 1990 haar onafhankelijkheid van de Moldavische Socialistische Sovjet-Republiek (MSSR) uit. Niet lang daarna, in 1991, splitste de MSSR zich af van de Sovjet-Unie en was het voornemens zich aan te sluiten bij Roemenië. Dit laatste leidde tot veel ongenoegen in de PMR met uiteindelijk een gewapend conflict tot gevolg waarbij zo’n duizend mensen zijn omgekomen. Het vechten werd gestopt door tussenkomst van het 14de Sovjet-leger.

Russische troepen zijn sindsdien in de PMR gelegerd gebleven, zij het dat hun aantal over de jaren sterk is teruggebracht naar zo’n 1500 man. Hoewel de PMR haar eigen leger heeft, zijn er ook troepen gestationeerd die onder Russisch commando vallen. De troepen van het OGRV bevinden zich echter ver van huis. In het verleden werd de bevoorrading geregeld via Oekraïne, maar door een andere politieke toestand in het land is dat ook niet meer mogelijk. Daarnaast ligt de aanwezigheid van de OGRV gevoelig: een deel van de Moldavische regering wil dat de troepen vertrekken en de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft vorig jaar op haar instigatie een resolutie hierover aangenomen.

Geïsoleerde ligging

Transnistrië (gearceerd) is geheel omsloten door de Republiek Moldavië en Oekraïne.

Er is geen directe verbinding tussen Rusland en Transnistrië, over land noch of over zee. Dit betekent dat het Russische contigent moet worden bevoorraad via derde landen. In het verleden is het transport naar Transnistrië veelal verlopen via Oekraïne. Maar dat is geen optie meer door de regering die na de Maidan aan de macht is gekomen.

Hoewel er in Tiraspol, de hoofdstad van de PMR, een landingsbaan is ingericht voor vliegtuigen, is deze sinds 2012 niet meer gebruikt. Commandant van het OGRV, kolonel Dmitri Zelenkov legt uit: “Vanuit mijn gezichtspunt waren er politieke kwesties die het niet toelaten om een verbinding te maken tussen Tiraspol en Moskou.” Toestellen zouden immers via Moldavisch luchtruim moeten vliegen.

Geen aflossing

De Russische troepen is het in principe toegestaan om te vertrekken. Zo heeft zelfs Oekraïne vorig jaar bekend gemaakt dat het bereid is Russische troepen uit Transnistrië doorgang te geven. Ook via de luchthaven van Chisinau, de hoofdstad van Moldavië, kunnen Russische troepen het land in principe uit. Maar als de troepen eenmaal zijn vertrokken kunnen ze het land niet meer in. De Russische troepen kunnen om die reden niet worden afgelost. Zonder uitzondering bevinden de aanwezige troepen zich daarom al sinds minimaal 2014 in de PMR. Ook kolonel Dmitri Zelenkov, wordt door Zvezda gevraagd:

“Hoeveel jaar bevindt u zich in deze positie?”

“Sinds december 2014.”

“Wanneer was de laatste keer dat u in Rusland was?”

“De laatste keer was voordat ik hier naartoe kwam.”

“Dit kan gebeuren” staat er op een poster van een ontploffende kernbom. Kolonel Zelenkov en Zvezda-presentator Aleksei Egorov staan op het punt de munitieopslag in Kolbasna binnen te gaan. In de opslagplaats zou zoveel (conventionele) munitie zijn opgeslagen dat de vuurkracht te vergelijken is met de nucleaire bom die op Hiroshima is gegooid.

Geen bevoorrading

Een bijkomend probleem is dat er geen nieuwe voorraden, zoals reserveonderdelen of munitie, kunnen worden aangeleverd. In de reportage is dan ook te zien dat er veel aandacht wordt besteed aan het repareren en hergebruiken van onderdelen. In sommige gevallen wordt er zelfs gesproken over het zelf fabriceren van onderdelen omdat sinds 2013 geen nieuw materieel meer is aangeleverd.

Want ook op dit vlak is er immers een probleem. Sinds 2014 zijn bijvoorbeeld drones een steeds grotere rol gaan spelen in oorlogsvoering. Niet alleen geavanceerde maar ook kleine drones die voor verkennings- of gevechtsdoeleinden kunnen worden gebruikt. Om die reden heeft het OGRV lokaal een zelfgebouwde luchtafweerinstallatie gebouwd. Het programma voegt eraan toe: “Op het zelfgebouwde voertuig zitten geen raketten of moderne kanonnen, maar het is beter dan niets.”

Een door het OGRV zelf geïmproviseerd luchtafweervoertuig.

Ook bij trainingen nopen de bevoorradingsproblemen tot creatieve oplossingen. Zo heeft het OGRV, om munitie en brandstof te besparen, een BRDM-2 in tweeën laten zagen, voorzien van een lasertje en wankel op banden geplaatst. Zo kan er worden geoefend met schieten alsof het voertuig rijdt zonder munitie of brandstof te gebruiken.

Organisatie van Russische troepen

De taken van de Russische troepen in Transnistrië bestaan enerzijds in het handhaven van de vrede en anderzijds in het bewaken van bepaalde objecten, de meest belangrijkste hiervan is de munitieopslag in Kolbasna. De Russische vredesmissie staat los van het OGRV, niettemin wisselen de troepen elkaar jaarlijks af. Zelenkov vertelt hierover aan Zvezda: “Er is een jaarlijks rotatie tussen de verschillende onderdelen. Een onderdeel gaat voor een jaar naar de vredesmissie. Een tweede afdeling gaat uit de vredesmissie. En een derde bereidt zich voor op vredesmissie.” Ondanks het duidelijk verschil tussen het OGRV en de vredesmissie wordt er toch afgewisseld tussen de verschillende onderdelen omdat troepen anders niet afgewisseld kunnen worden, aldus Voyennaya Priyomka.

Een nagebouwde controlepost van de Russische vredeshandhavingsmissie. Op de post worden Russische vredeshandhavers geoefend om later te worden ingezet op controleposten tussen Transnistrië en Moldavië.

Ook de training wordt lokaal gedaan. In de reportage wordt bijvoorbeeld een demonstratie gegeven bij een nagebouwde controlepost. In de oefening wordt getraind hoe moet worden omgegaan met een scenario waarin een wapen wordt gesmokkeld en vervolgens de controlepost wordt aangevallen. En hoe er vanuit de vredesmissie wordt gereageerd door het inzetten van versterkingen met behulp van een BTR (een pantserinfanterievoertuig). Naast een nagebouwde controlepost laat het programma ook een oefenterrein zien waar getraind kan worden met zwaarder wapentuig. De reportage spreekt over de aanwezigheid van een aantal gepantserde voertuigen maar de aanwezigheid van tanks wordt weersproken.

Een pantservoertuig is doormidden gesneden, op banden geplaatst en wordt met een hendel in beweging gebracht. Door de geïmproviseerde opstelling kunnen schutters oefenen op het pantservoertuig.

Qua rechtspraak vallen de Russische troepen onder het Russische militaire recht. In de PMR is daarom ook een militaire rechtbank gevestigd waar militaire zaken worden beslecht. Maar in verband met de aanwezigheid van veel Russische paspoorthouders in de PMR kunnen ook civiele zaken hier worden voorgebracht.

Munitieopslag

Een groot deel van het tweeluik gaat over de munitieopslag in Kolbasna. In Kolbasna is namelijk een munitieopslagplaats gevestigd die nog uit de tijd van de Koude Oorlog stamt. De opslag was bedoeld voor een eventuele oorlog in het zuidelijke deel van Europa. Die oorlog is er nooit gekomen, maar de munitie ligt er nog steeds.

In de jaren ‘90 en begin deze eeuw is veel voortgang gemaakt om de munitie in de opslagplaats ofwel te vernietigen dan wel af te voeren. In latere jaren is dit echter tot een halt gekomen, tot ergernis van Chisinau. Voyennaya Priyomka stelt dat de resterende munitie niet kan worden vervoerd vanwege de toestand in Oekraïne. En het vernietigen van de munitie vergt speciale opblaasplaatsen die niet voorhanden zijn in Transnistrië. Tot op de dag van vandaag wordt de opslag derhalve beveiligd door de OGRV. De munitie wordt niet alleen beveiligd tegen het in verkeerde handen vallen, maar ook tegen brand en explosie.

Militaire brandweer oefent scenario’s rond het uitbreken van brand bij de munitieopslag in Kolbasna.

De reportage biedt een korte kijk in de keuken van de veiligheidsmaatregelen die van kracht zijn, zoals het verbod op elektronica in de opslagplaats. Ook geeft de militaire brandweer een uitgebreide demonstratie op het oefenterrein.

Spanning met Moldavië en Oekraïne

Het spreekt voor zich dat informatie afkomstig uit welk defensieapparaat dan ook met een kritische blik moet worden bekeken, onafhankelijk van welk land. De lezer moet zich realiseren dat het goed mogelijk is dat de capaciteiten grote of beter kunnen worden voorgesteld dan ze in werkelijkheid zijn. Het tegenovergestelde, dat het Russische contigent sterker is dan het in het tweeluik wordt voorgesteld, is eveneens mogelijk. De aanwezigheid van Russische troepen in de PMR is immers controversieel.

De aanwezigheid van het Russische troepencontingent in Transnistrië is een doorn in het oog van zowel de huidige regering van Moldavië als buurland Oekraïne. Zo veroordeelde de Moldavische minister van Buitenlandse Zaken de aanwezigheid van Russische troepen in Transnistrië door een resolutie in te dienen bij de Verenigde Naties. De president van Moldavië sprak zich echter tegen de resolutie uit. Hij wees erop dat het de situatie in het land alleen maar zou escaleren.

Vanwege de gespannen relatie van Oekraïne met Rusland, ziet ook Oekraïne de troepen liever vertrekken uit Transnistrië. Derhalve heeft Oekraïne in april van dit jaar voorgesteld om vrije doorgang te geven aan de Russische troepen via Oekraïens territorium. Rusland wees dit voorstel echter van de hand omdat het vreesde dat een dergelijke terugtrekking zou kunnen leiden tot een destabilisatie van de situatie in Transnistrië.

De Russische troepenmacht van 1500 man is een factor die eigenlijk amper een bedreiging kan vormen voor Oekraïne, te meer daar het naar alle waarschijnlijkheid ontbreekt aan zware wapens en luchtdoelartillerie. Voor Moldavië, dat zelf een actief leger heeft van 5.000 à 7.500 man (reserves niet meegerekend), is de Russische troepenmacht echter wel een factor van betekenis.

Reportages bekijken

Zoals gezegd zijn de reportage vooralsnog alleen in het Russisch te bekijken op het YouTube-kanaal van Zvezda. Er bestaat echter een kans dat de uitzending in de toekomst in het Engels op het kanaal van RT Documentaries verschijnt. In het Russisch zijn de uitzendingen hier en hier te bekijken.

Posted on

Georgië houdt militaire oefening rond tiende verjaardag oorlog

Op de tiende verjaardag van de oorlog tussen Georgië en Zuid-Ossetië waarbij ook Rusland zou interveniëren is een militaire oefening in Georgië in volle gang. Aan de oefening doen ook een aantal andere landen mee, waaronder diverse NAVO-landen en Oekraïne.

In totaal nemen meer dan 3.000 soldaten deel aan de oefening. Naast 1.300 uit Georgië zelf doen ook zo’n 1.200 Amerikaanse soldaten mee. Naast dat zowel Azerbeidzjan als Armenië troepen hebben afgevaardigd voor de oefening, heeft ook Oekraïne soldaten gestuurd om deel te laten nemen aan de oefening in Georgië. Naast manschappen hebben de VS ook enkele Abrams-tanks en Strykers- en Bradley-pantservoertuigen naar de oefening gestuurd, evenals Blackhawk-helikopters en Apaches. Duitsland heeft eveneens pantservoertuigen naar de oefening gestuurd.

In een verklaring van het Georgische ministerie van Defensie werd vermeld wat het doel was van de oefening ‘Noble Partner 2018’:

Het doel van de oefening is om onze paraatheid en interoperabiliteit te versterken tussen de strijdkrachten van Georgië, de VS en partnerlanden. Het verbeteren van vaardigheden in stabiliteit, defensie en offensieve operaties en bij te dragen aan een veilige omgeving in het Zwarte Zeegebied.

De Georgische president Giorgi Margvelasjvili opende de oefening door de deelnemers toe te spreken. Hoewel het gebruikelijk is niet te suggereren dat in een militaire oefening tegen een bepaald land wordt getraind verklaarde Margvelasjvili:

Vandaag bevinden wij ons op het territorium van een land waarvan 20 procent volkomen illegaal wordt bezet door onze buur Rusland.

Rusland

In Rusland wordt met zorg gekeken naar de Georgische samenwerking met de NAVO. Konstantin Kosatsjev, hoofd van de commissie Internationale Zaken van de Federatieraad (de Russische senaat), heeft pas nog verklaard dat:

De nieuwe landen worden betrokken in allerlei programma’s die tot doel hebben Rusland vast te zetten. Het duidelijkste voorbeeld is het ontwikkelen van een Europees raketschild… Dit alles zal allerlei extra spanningen opleveren in de zuidelijke Kaukasus en dit alles zal natuurlijk om een reactie vragen van de militaire planning vanuit de Russische Federatie. Dit hoeft voor niemand een verrassing te zijn.

Ook de Russische premier Dmitri Medvedev – die tijdens de oorlog in Georgië president was – liet zich scherp uit over een eventueel NAVO-lidmaatschap van Georgië:

Het lid worden van Georgië van de NAVO kan een vreselijk conflict teweegbrengen. Het is onbegrijpelijk waarom ze dit zouden moeten doen.

De aanloop naar de oorlog

In april 2008 op de NAVO-conferentie van Boekarest werd Georgië en Oekraïne toegezegd dat ze in de toekomst lid zouden worden van de NAVO. Het laat zich denken dat de toenmalige Georgische president Saakasjvili mede hierdoor overmoedig is geworden en besloten heeft Zuid-Ossetië binnen te vallen. Landen met een territoriaal conflict kunnen namelijk volgens de regels van de NAVO zelf geen lid worden van het bondgenootschap. Ironisch genoeg heeft de neoconservatief Saakasjvili de kwestie, door het met een militair offensief te willen forceren, alleen maar verergerd.

In de maanden na de NAVO-conferentie begonnen de spanningen al op te lopen tussen Georgië en Abchazië, een niet-erkend land dat officieel op Georgisch grondgebied ligt. Uiteindelijk brak er oorlog uit, niet tussen Abchazië en Georgië, maar tussen Georgië en Zuid-Ossetië, een ander niet-erkend land op Georgisch grondgebied. De oorlog begon toen Saakasjvili zijn leger beval Zuid-Ossetië binnen te vallen. De aanval op Russische vredestroepen zorgde ervoor dat Rusland vervolgens in zou grijpen in de oorlog met een gigantische inzet van reguliere troepen inclusief haar luchtmacht. Deze inzet van Russische troepen werd door veel landen veroordeeld.

http://www.novini.nl/georgie-onderzoekt-oorlogsmisdaden-in-zuid-ossetie/

Saakasjvili gaf het bevel aan te vallen op 7 augustus 2008. Amper 5 dagen en bijna 800 doden later op 12 augustus was de oorlog ten einde. Zowel Abchazië als Zuid-Ossetië zijn de facto geheel niet meer onder controle van de Georgische regering, terwijl dit voor de oorlog grotendeels ook al niet het geval was. Niet veel tijd na de oorlog erkende Rusland (als één van de weinige landen in de wereld) zowel Abchazië als Zuid-Ossetië als onafhankelijke landen.

Ironisch genoeg is de enige manier waarop Georgië het zichzelf mogelijk kan maken om daadwerkelijk lid te worden van de NAVO om de onafhankelijkheid van Abchazië en Zuid-Ossetië te erkennen. Dat lijkt echter onwaarschijnlijk. Dit alles had voorkomen kunnen worden als Georgië Abchazië en Zuid-Ossetië al bij het opbreken van de Sovjet-Unie had laten gaan.

Posted on

Servische president onder Amerikaanse druk vanwege minister van Defensie

De nieuwe Servische president Aleksandar Vucic zou onder grote Amerikaanse druk staan om de benoeming van Aleksandar Vulin tot minister van Defensie te verhinderen, zo melden diverse Servische media.

Vulin staat als pro-Russisch bekend. Volgens het Belgradose dagblad Vecernje Novosti is Washington zeer ongerust over de aanstaande benoeming van de huidige minister van Arbeid tot minister van Defensie. Vucic ontkent uiteraard dat er druk op hem uitgeoefend wordt, maar zou tegelijk niet van plan zijn Vulins benoeming te verhinderen.

Oud-premier Vucic, die kortgeleden Nikolic verving als president, staat als eurofieler en minder pro-Russisch dan zijn voorganger bekend. Dat Vucic in de persoon van Brnabic een openlijk homoseksuele vrouw tot premier benoemde, werd breed als teken van toenemende westerse oriëntatie gezien.

Daar lijkt nu echter de klad in te komen. Vulin staat namelijk bekend als pro-Russisch en een fel criticus van de NAVO, al zal hij in zijn nieuwe rol niet ontkomen aan enige mate van samenwerking met die organisatie.

Ondertussen maakte de Russische minister van Defensie Dmitri Rogozin bekend dat Rusland en Servië een militaire samenwerking willen intensiveren en dat Rusland Servië niet alleen, zoals eerder aangekondigd, gevechtsvliegtuigen en tanks maar ook transportvliegtuigen zal leveren.

 

Posted on

Noriega: van CIA-stroman tot Amerikaans gevangene

Manuel Noriega is niet meer. De ex-dictator van Panama overleed op 29 mei op 83-jarige leeftijd. Vorig jaar ontdekten artsen een hersentumor. In maart werd Noriega geopereerd en in een kunstmatige coma gebracht, waaruit hij niet meer is ontwaakt.

“Voor Saddam Hoessein was er Manuel Noriega”, schrijft The Guardian. De politieke carrière van de Panamese dictator vertoont grote overeenkomsten met die van de Irakese heerser. Alleen hun einde is anders: de een opgehangen, de ander overleden in een bed. Maar beiden genoten lang de steun van de Verenigde Staten. Totdat ze zich tegen hun beschermer keerden, die vervolgens met militaire overmacht een einde aan hun bewind maakte.

Tijdens zijn militaire studie in Peru in de jaren vijftig werkte Noriega al voor de CIA. In 1967 kreeg hij een spionage- en contra-spionage training op de beruchte School of the Americas in Fort Gulick, Panama, en een cursus psychologische oorlogsvoering in Fort Bragg in North-Carolina, de grootste militaire basis van de wereld (en in de jaren tachtig het centrum van waaruit de militaire interventies in Midden-Amerika plaatsvonden). In 1968 pleegde kolonel Omar Torrijos in Panama een militaire coup. Onder zijn bewind maakte Noriega snel carrière. Torrijos kwam in 1981 om het leven bij een mysterieus vliegtuigongeluk. Volgens John Perkins, voormalig NSA-agent en auteur van Confessions of an economic hitman, een actie van de CIA. De geheime dienst zag met lede ogen aan dat Torrijos contact zocht met Japan voor een nieuw te graven kanaal door Panama.

Luitenant-generaal Tom Kelly, plv. chef-staf van het Amerikaanse leger, legt tijdens een persconferentie op 21 december 1989 uit wanneer men het Panamakanaal weer open denkt te kunnen hebben.

Na de dood van Torijos werd Manuel Noriega de facto leider van Panama. In 1983 promoveerde hij zichzelf tot generaal. De machthebbers in Washington en Langley konden de nieuwe leider goed gebruiken. In 1979 verdreven de linkse Sandinista’s de Amerikaanse stroman Somoza, wiens familie vanaf 1927 Nicaragua had geregeerd. De Amerikanen bekeken het nieuwe bewind in Managua met argusogen. Dankzij de decennia oude CIA-contacten van Noriega kon de CIA Panama gebruiken als uitvalsbasis om het linkse regime in Nicaragua te ondermijnen. Lang voor de publicatie van de Panama Papers werd het land al gebruikt als doorvoerhaven voor geld, drugs en militaire goederen voor de Contra’s, die door de Verenigde Staten werden gesteund om het bewind in Managua ten val te brengen.

Noriega valt in ongenade bij Amerikaanse broodheren

Eind jaren tachtig viel Noriega in ongenade bij zijn Amerikaanse broodheren. In de jaren zeventig was de Panamese dictator begonnen met het leggen van contacten met het Colombiaanse Medellín drugskartel. Deze gebruikte Panama om hun drugsgeld wit te wassen. Een federale rechtbank in Florida klaagde de Panamese dictator aan op grond van drugshandel en afpersing. De CIA haalde Noriega van de loonlijst.

Amerikaanse militairen rijden in pantservoertuigen door Panama-stad op 23 december 1989, de vierde dag van de Amerikaanse inval. Bij de aanval kwamen honderden burgers om het leven en werden 15.000 mensen dakloos.

Een serie van incidenten, die uiteindelijk leidde tot de dood van een Amerikaanse soldaat, was de aanleiding voor de regering van George H. Bush om militair in Panama in te grijpen. Op 20 december 1989 vielen Amerikaanse troepen – vooral militairen uit Fort Bragg – het land binnen. Op 3 januari 1990 gaf Noriega, die zich had verscholen in de diplomatieke missie van het Vaticaan, over. Hij werd als krijgsgevangene naar de Verenigde Staten overgebracht. In september 1992 werd hij in Miami veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 jaar (later omgezet tot 30 jaar). De claim van verdediging dat Noriega jarenlang op de loonlijst van de CIA had gestaan, werd als irrelevant afgewezen. Gevangene nummer 38699-079 werd in 2010 uitgeleverd aan Frankrijk, waar hij werd veroordeeld voor witwassen van drugsgeld. In 2011 werd hij op verzoek van de Panamese regering overgebracht naar de El Renacer-gevangenis in Panama.

Oude bekende van Bush

Manuel Noriega op bezoek bij George H.W. Bush

De relatie tussen Noriega en de CIA, en dan specifiek die met directeur George H. Bush, is intrigerend. Noriega had als student al contacten met de Amerikaanse veiligheidsdienst. Tussen 1971 en 1986 leverde hij de CIA informatie over Fidel Castro. In 1976 bezocht hij George Bush in Washington.

De opvolger van Bush als hoofd van de CIA haalde Noriega van de loonlijst, maar toen George H. in 1980 vice-president werd, ontving de Panamese dictator al snel weer een riant salaris van de CIA. De contacten tussen Bush en Noriega stammen al uit een eerdere periode. George Herbert Walker Bush richtte in 1953 Zapata Petroleum in Texas op. Een onderdeel van het bedrijf werd als CIA-front gebruikt. Van hier uit werden contacten gelegd met een zekere Manuel Noriega, drugssmokkelaar en CIA-medewerker.

In 1976 zorgde Bush, als CIA-directeur, ervoor dat de Cubaan Felix Rodriguez buiten schot blijft in het onderzoek naar de moord in Washington op een Chileense, pro-Allende diplomaat. Rodriguez, die claimde Che Guevara te hebben vermoord, was daarvoor ook actief binnen Operatie Phoenix, waarin onder auspiciën van de CIA tonnen heroïne Zuid-Oost Azië binnen werden gesmokkeld om het Noord-Vietnamese bevrijdingsleger te destabiliseren.

Hetzelfde scenario werd in de jaren tachtig uitgevoerd in de oorlog tegen de Sandinisten in Nicaragua: importeren van drugs in ruil tegen wapens om die door te verkopen aan rebellen. Wederom met Rodriguez als spil en vice-president Bush op de achtergrond (twee jaar voordat Oliver North in 1984 de operatie overnam). Generaal Noriega was maar graag bereid zijn oude vrienden te helpen en stelde vliegvelden open voor het transport van drugs en wapens. Saillant detail: Noriega werd gevraagd dit te doen door agenten van de Mossad, de Israëlische veiligheidsdienst, die hem toegang tot het Witte Huis – lees George H.W. Bush – beloofden. Wellicht grootspraak van een dictator in het nauw, maar Noriega claimde dat hij “Bush bij zijn ballen had”. Reden genoeg om in 1989 eens en voor altijd af te rekenen met de onbetrouwbare Panamese leider, die de clandestiene drugsoperaties steeds vaker voor eigen gewin ging gebruiken. Het was Noriega’s oude vriend Bush die hem afzette en gevangen liet nemen.

In het wereldbeeld van de CIA zijn dictators nuttige idioten die braaf hun vuile werk moeten doen. Worden ze ongehoorzaam of gaan ze op eigen houtje zaken regelen, dan is Washington er snel bij om zich van hen te ontdoen. Dat overkwam al vele dictators, zoals Ngo Dinh Diem, Saddam Hoessein of Bashar al-Assad. En dus ook ‘Our man in Panama’, Manuel Noriega.

Posted on

Amerikaans politieoptreden: Het lijkt wel oorlog

Het lijkt wel oorlog: Uitgerust met pantserwagens, kogelvrije vesten en machinepistolen rukken leden van het SWAT-team, een bijzondere eenheid van de politie, een voorstad binnen, waar ze een drugsrazzia uitvoeren. Een ingeslagen ruit en veel opwinding later blazen ze met een niet noemenswaardige drugsvondst weer de aftocht.

De documentairefilm Do not resist laat de omvang zien van de waanzin waarmee de Verenigde Staten optreden tegen criminaliteit. Het laat de militaire uitrusting van nerveuze politieagenten zien, die in Amerika steeds vaker zelf op de korrel worden genomen.

Het Pentagon stelt inmiddels zelfs kosteloos na missies in Irak en Afghanistan uitgerangeerde pantservoertuigen ter beschikking van de politie.

De documentaire wordt scenisch omvat door beelden van de demonstraties in Ferguson, waar een politieagent een zwarte neerschoot en waar de overweldigde politie door haar optreden de rellen verder deed oplaaien, in plaats van te de-escaleren.

De utopie van een ook met digitale bewakingstechnologie werkende politiestaat hebben de Verenigde Staten allang bereikt.