Posted on

Olietanker – Wat Little Britain kan, kan Iran ook

olietanker

Door de Britse kaping van de Iraanse olietanker Grace 1 in de Straat van Gibraltar maakte Londen zich internationaal belachelijk. In Londen denken sommigen nog steeds dat ze een machtige natie zijn die zoals voorheen de wateren van de wereld beheersen. Britannia rules the waves klinkt het mooi in dat tijdens The Proms uit volle borst gezongen lied. Nostalgie volop en leve de illusies.

In de praktijk is dat echter iets totaal anders. Het Verenigd Koninkrijk controleert geen enkele zee meer, behoudens misschien de Ierse. Gemeten volgens de door het IMF verzamelde index van de koopkrachtpariteit – naar deze organisatie stelt de meest betrouwbare maatstaf om de economische kracht der landen te meten – is de Britse economie goed voor een magere 2,2% van de wereld.

Het staat daarmee achter China (19,29%), de VS (15,3%), India (8,07%), Japan (4,05%), Duitsland (3,15%), Rusland (3,07%), Indonesië (2,64%) en Brazilië (2,46%). Het staat qua economische macht dus met zijn 2,2% (cijfers van april 2019) maar op de 9de plaats meer. En het zakt alsmaar verder in die hitlijst. Bovendien heeft het ook nog amper oorlogsschepen.

Geen vloot de naam waardig

Typerend is dat toen die onder Britse vlag varende olietanker door de Iraniërs met een vermoedelijke drogreden in beslag werd genomen, de Britten moesten toegeven in de Perzische Golf maar één oorlogsschip te hebben. Maar, opperde de Britse regering, ze gingen er nog een sturen. Twee dus. Tot echter bleek dat dit ‘nieuwe’ schip gewoon diende om het andere te vervangen. Dat is de staat van de hedendaagse Britse vloot.

Brits schip gekaapt in Straat van Hormuz - Juli 2019
De onder Britse vlag varende olietanker Stena Impero werd, gebruik makend van een vermoedelijke drogreden, aangeslagen door Iran. Wat te verwachten was. Of hoe de Britse regering van Theresa May zich in de eigen voet schoot. Blijkbaar was de herrie met Brexit voor haar nog niet genoeg.

Olietanker om olietanker

Dat men niet met de voeten van Iran moet spelen bleek trouwens vrij snel. De dag na onderhandelingen in Londen tussen de gouverneur van Gibraltar, de Britse minister van Buitenlandse Zaken en de Iraanse ambassadeur en nadat diezelfde dag een rechtbank in deze Britse kolonie besloot de aanhouding van de bemanning van de Grace 1 tot 15 augustus te verlengen sloeg Iran toe. Men kaapte dan maar een onder Britse vlag varend schip.

Een oog voor een oog klonk het in bijbelse termen. Waarna de nu ontslagen Jeremy Hunt als minister van Buitenlandse Zaken stelde dat Iran dan maar de gevolgen zou moeten dragen. Waarop hij zijn Europese collega’s (sic) opriep om een Europese vloot samen te stellen om de Straat van Hormuz te bewaken. Een lachwekkend idee.

Stikken in eigen moeras

Officieel klonk er in Brussel sympathie voor de Britse problemen maar men liet de Britten gewoon stikken in hun eigen moeras. En hier verder doen met de VS wilden de Britten in geen geval. De door Israël en de Amerikaanse nationale veiligheidsadviseur John Bolton verhoopte oorlog ziet men ook in Londen niet zitten. Dat gaat hen gewoon veel te ver.

http://www.novini.nl/lek-in-mail-on-sunday-en-beslag-op-iraanse-supertanker/

En dus zit er voor de Britten niets anders op dan door de knieën te gaan en achter de schermen met Iran een geheim akkoord te maken waarbij beide schepen vrij komen. Vermoedelijk eerst de Iraanse in Gibraltar aangeslagen tanker.

Vrije navigatie

En zoals te verwachten steunden de Britse media, van The Sun over Reuters, BBC, The Guardian tot en met The Financial Times verenigd de oerdomme arrogantie van hun regering. Waarmee ze nogmaals hun totale onbetrouwbaarheid bewezen. Dat de Straat van Gibraltar een internationale waterweg is waar er vrijheid van navigatie is verzweeg men.

In het geval van de Straat van Hormuz vlakbij bij Iran schreeuwen diezelfde media dan weer heel luid over ‘het recht op de vrijheid van navigatie’. Zoals men er eensgezind  eveneens netjes vergat te schrijven dat het olie-embargo tegen Syrië alleen slaat op schepen van de EU en niet op die van andere landen zoals Iran. De Britse media zijn gewoon slaven van hun regering.

Russische schepen

Er varen trouwens regelmatig Russische schepen door deze Straat van Gibraltar met wapens voor Syrië aan boord. Maar die durven de ‘dappere’ Britse mariniers niet te kapen. Ze zouden het eens moeten durven doen. Maar met Iran dacht men in Londen zo te zien een zacht gekookt eitje te hebben. Mis.

Waar zou Penny Mordaunt, de nu afgezette Britse minister voor Defensie en hier de vermoedelijke verantwoordelijke trouwens eindigen? Waarschijnlijk in de totale anonimiteit. Of als bemanningslid van een tanker in de Perzische Golf misschien. Ze zullen er haar graag zien komen.

Posted on

2019 zal geen vrede brengen in Syrië

De maand december staat alom bekend als een periode van verrassingen en surprises en dat gold afgelopen maand zeker voor Syrië. De eerste verrassing kwam afgelopen 19 december uit Washington, waar president Trump vrolijk twitterde dat hij de in Syrië gestationeerde Amerikaanse militairen zou weghalen. Nauwelijks een week later zorgde Israël op 25 december voor een kerstsurprise door vanuit het Libanese luchtruim raketten af te vuren op doelen in de Syrische hoofdstad Damascus. Twee ontwikkelingen die in Syrië het nodige vuurwerk beloven voor het nieuwe jaar 2019.

Het besluit van Trump kwam voor objectieve kenners van de situatie niet echt als een verrassing. De Amerikaanse president had bij eerdere gelegenheden reeds aangegeven dat hij wars was van een langdurige militaire betrokkenheid bij de oorlog in Syrië. Trump kan in vele opzichten een ongeleid projectiel worden genoemd, maar hij is een expert in het aanvoelen van de ‘mood’ van de Amerikaanse kiezers. Het Amerikaanse publiek, dat in meerderheid waarschijnlijk niet eens Syrië op een kaart zou kunnen aanwijzen, is oorlogsmoe.

Trump speelde daar handig op in. En het geeft te denken dat na zijn besluit in het vrijwel voltallige Amerikaanse politieke en media-establishment een soort van collectieve hysterie uitbarstte. Uit protest diende zijn minister van Defensie James Mattis onmiddellijk zijn ontslag in. Trump werd echter de zondebok van de rampzalige Syrië-strategie van het Westen, dat er in het Midden-Oosten vaak bedenkelijke bondgenoten op nahield die de westerse politiek richting Syrië aanstuurden.

Dubbele pech

Syrië had de dubbele pech dat het sinds de Koude Oorlog tot het Russische kamp behoorde ėn een president had die in religieus opzicht tot de alawitische minderheid behoorde. Voor soennitische landen als Turkije en Saoedi-Arabië vormde de Syrische oorlog daarom een dankbare aanleiding om in Damascus eveneens een soennitisch regime te installeren. Het Westen voelde er wel voor om het pro-Russische regime in Syrië te wippen en herhaalde daarom het desastreuze scenario dat na 1979 in Afghanistan was toegepast.

Radicale islamitische milities werden gesteund en bewapend om al-Assad te verdrijven. In Afghanistan leidde dat indertijd tot de oprichting van al-Qaida. In Syrië kwam hieruit de Islamitische Staat (IS) voort. Om dit globale gevaar te elimineren werden in Syrië de Koerden ingezet, wat onder meer NAVO-bondgenoot Turkije in Russische armen dreef. Te midden van deze chaos ontwikkelde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo in de zomer van 2018 een nieuw Syrië-beleid. De Amerikanen zouden in dit land blijven totdat de laatste Iraanse milities Syrië hadden verlaten. Het idee dat 2000 Amerikaanse soldaten de naar schatting 80.000 man sterke Iraanse milities zouden kunnen dwingen om uit Syrië te vertrekken was vanaf het begin volslagen onrealistisch geweest.

Dwarsbomen van Rusland en Iran

Het Amerikaanse vertrek uit Syrië werd vrijwel over de gehele linie omschreven als een overwinning voor Iran en Rusland. Maar sinds de Russische militaire interventie in Syrië stond het reeds vast dat deze beide landen als overwinnaars uit de bus zouden komen. In tegenstelling tot het Westen hadden Moskou en Teheran namelijk vitale belangen in Syrië die ze bereid waren desnoods gewapenderhand te verdedigen. De belangrijkste vraag is daarom thans wat eigenlijk de westerse belangen in Syrië zijn? Er is een situatie ontstaan die suggereert dat het dwarsbomen van Rusland en Iran in Syrië nog de enige overgebleven doelstelling is.

Militaire situatie in de Mashreq, december 2018 (kaart: BlueHypercane761)

Terecht wordt opgemerkt dat de IS nog lang niet verslagen is, wat een reden zou zijn om de Amerikaanse militairen in Syrië te houden. Hier doet zich echter iets merkwaardigs voor waarover in de Arabische sociale media volop wordt gespeculeerd. De Amerikaanse militairen bevinden zich in het oosten van Syrië in een regio die loopt van de stad Deir al-Zor in het noorden tot al-Tanf in het zuiden vlakbij de Jordaanse grens. Dit blijkt echter precies het gebied te zijn waar de nog overgebleven IS-strijders hun toevlucht hebben gezocht en waar ze redelijk veilig lijken te zijn. Hoe kan men deze contradictie verklaren? In de Arabische wereld luidt de gangbare opinie dat de IS in Syrië net door de Verenigde Staten wordt beschermd. Buiten beschouwing latende of dit juist is of complete onzin, geeft het aan hoe in het Midden-Oosten over het Westen wordt gedacht.

Syrische Koerden

Een veelgehoord bezwaar tegen de Amerikaanse terugtrekking luidt dat hierdoor de Syrische Koerden werden verraden. Een steekhoudend argument, waarbij echter niet de realiteit uit het oog moeten worden verloren. De Syrische Koerden vochten niet tegen de IS om het Westen een plezier te doen maar omdat IS zich in regio’s bevond die de Syrische Koerden wilden integreren in hun eigen toekomstige autonome provincie Rojava. Een fata morgana omdat geen enkele staat in het Midden-Oosten dit zou toestaan, zoals het mislukte referendum over onafhankelijkheid van de Irakese Koerden bewees.

De Verenigde Staten hebben de Syrische Koerden inderdaad ingezet om IS te verslaan. Maar de Koerden hebben op hun beurt de Amerikaanse militairen gebruikt om zichzelf te beschermen omdat ze omringd zijn door hen vijandig gezinde mogendheden en milities. Zelfs als de Amerikaanse evacuatie uit Syrië langer gaat duren dan oorspronkelijk gedacht, doen de Syrische Koerden er goed aan om het op een akkoordje te gooien met de regering in Damascus. Een weinig aanlokkelijk vooruitzicht, maar alle andere opties zullen voor de Koerden desastreus uitpakken. De Turkse minister van defensie Hulusi Akar heeft reeds beloofd dat “de Syrische Koerden zullen worden begraven in de greppels die ze zelf hebben aangelegd’’.

Israël

Volgens critici betekent de Amerikaanse terugtrekking uit Syrië eveneens een ernstige aderlating voor Israël, dat zich zorgen maakt over de toenemende Iraanse activiteiten in Syrië. De Verenigde Staten hebben echter nog steeds 40.000 militairen in de regio waarvan zich zo’n 6000 in Irak bevinden. Israël zou zich eerder zorgen dienen te maken over zijn relaties met Moskou.

Nadat als een gevolg van een Israëlische luchtaanval op 18 september vorig jaar een Russisch IL-20 vliegtuig uit de lucht werd geschoten waren deze relaties reeds ernstig bekoeld. Sinds deze datum waagden Israëlische straaljagers zich niet meer in het Syrische luchtruim, maar de Israëlische aanval afgelopen Eerste Kerstdag op Damascus wakkerde de Russische woede nog verder aan. Deze aanval had twee civiele vliegtuigen die respectievelijk in Beiroet en Damascus wilden landen in direct gevaar gebracht. Volgens Russische militaire bronnen gebeurde dit met opzet, wat moeilijk te controleren valt.

Kaarten opnieuw geschud

Moskou was erin geslaagd om met zowel Iran als Israël samen te werken. Velen vroegen zich af voor welk van deze beide landen Rusland uiteindelijk zou kiezen. Alles wijst erop dat de keuze op Iran zal vallen, wat een Iraans-Israëlische confrontatie in Syrië dichterbij brengt. Dit terwijl in het noorden Turkije staat te trappelen om Syrië binnen te vallen om hier de Koerden te elimineren. De Koerden die op hun beurt steeds vaker slaags raken met de Arabische stammen in deze regio. President Trump noemde dit Syrische moeras onlangs een land van ‘’zand en dood’’. Een handjevol Amerikaanse militairen zal hierbij geen gewicht in de schaal leggen. Wie denkt dat de Syrische burgeroorlog zijn einde nadert is waarschijnlijk te optimistisch. Na de Amerikaanse terugtrekking worden de kaarten opnieuw geschud.

Posted on

Syrië – Als een mes door zachte boter

Afgelopen week publiceerde de Franse krant Le Monde een artikel waarbij deze het Syrische leger ridiculiseerde en het omschreef als een soort alawitisch – een der tientallen religieuze minderheden in het land –  huurlingenleger dat militair amper iets voorstelt. Maar Le Monde is wat betreft de buitenlandse berichtgeving, en zeker Syrië, niet veel meer dan de spreekbuis van de Franse regering, of dat nu Nicolas Sarkozy, François Hollande of Emmanuel Macron is.

Onderhandelen

Ondertussen staat dit leger op het punt het land geheel te zuiveren van die dikwijls uit het buitenland afkomstige salafistische terreurgroepen. Zonder hulp van Hezbollah of de buitenlandse door Iran aangebrachte vrijwilligers viel het op 20 juni de door die jihadisten bezette delen van de provincies Daraa, Quneitra en Sweida aan. Met daarbij het zuidelijk stuk van de provinciehoofdstad Daraa, goed voor ongeveer 50%. Een stad met normaal tot 150.000 inwoners, voorsteden incluis.

De militaire toestand in het gebied voor het Syrische leger op 20 juni met zijn aanval begon. De stad Daraa ligt in het zuiden van de rode uitstulping vlakbij Jordanië.

 

Een goede twee weken later was het oostelijk deel van dit gebied praktisch geheel veroverd op die jihadisten. En daarbij dient men dan nog rekening te houden met het feit dat het grootste deel van de tijd verloren werd met onderhandelingen met die groepen in de hoop zoveel mogelijk bloedvergieten en vernielingen te vermijden.

Niet simpel want alhoewel al Qaida hier minder sterk staat dan in de noordelijke provincie Idlib, zorgde die ook hier voor veel problemen. Desondanks ging het Syrische leger als een mes door zachte boter door de verdedigingslinies van die terreurgroepen. Wat nog maar eens toont welke fantasierijke verhalen kranten als Le Monde publiceren.

Dorpsnotabelen die een overeenkomst met de regering wilden tekenen bekochten dat zeker in het begin van dit offensief en ervoor niet zelden met hun leven. Wat op dit ogenblik nog te veroveren is zijn twee gebieden pal aan de door Israël bezette Golanhoogvlakte. Een stuk ervan bezet door al Qaida en haar bondgenoten en een in handen van de groep Khalid ibn al Walid, een filiaal van ISIS.

Bij deze militaire operatie werden door het regeringsleger o.m. ook voorraden Franse telegeleide antitankraketten ontdekt alsmede Britse pantservoertuigen. Geen toeval want in 2003 gaf de EU de toelating aan haar lidstaten om officieel wapens te leveren aan wat men dan de gematigde (sic) rebellen noemde. Gematigde rebellen die nu deels zijn overgelopen naar Khalid ibn al Walid, de mannen van ISIS. Met hun Franse en Britse wapens.

Eigen boontjes doppen

Voor de Syrische en ook Jordaanse regering is dit een goede en vooral zeer belangrijke zaak. Vanaf nu immers kan de handel tussen Jordanië en Syrië weer op gang komen. De autoweg tussen de Jordaanse hoofdstad Amman en de Syrische steden Damascus, Homs en Hama kan aldus weer geopend worden. Een economisch zeer positieve ontwikkeling.

De militaire situatie op 6 juli toen men de grensovergang bij het stadje Nasib had veroverd. Groen is al Qaida en haar bondgenoten. Zwart is ISIS en rood het Syrische leger.

 

Vermoedelijk zal eind deze maand het hele gebied aan de Jordaanse en Israëlische grens weer geheel in handen van de Syrische regering komen. Waarna deze troepenmacht zich noordwaarts zal verplaatsen naar de provincie Idlib. De eerste berichten uit de Russische media en het Syrische leger wijzen in die richting. Maar dan is het vermoedelijk al september.

Noch de VS noch Israël lijken tegenwoordig enig bezwaar te maken tegen deze ontwikkeling in het zuiden van Syrië. Eerst klonk het in Washington dat er ernstige gevolgen voor Syrië zouden zijn als men dit gebied aan zou vallen.

De week nadien liet men echter al verstaan dat wat Washington betreft die jihadisten hun eigen boontjes moeten doppen. “Ze staan er alleen voor”, klonk het daar. De wispelturigheid van de VS bewijzend. Wat al jaren hier het geval is.

Het was het signaal voor Damascus om met de aanval te starten. En voor Israël, zoals men officieel verklaarde, is er geen enkel probleem dat het Syrische leger als enige de grens met de zionistische staat bewaakt.

Plots kan premier Benjamin Netanyahu er mee leven. Het was ooit anders. Zijn vermeende basiseis is dat er daar geen troepen van Hezbollah en Iran gestationeerd worden. Wat voor beiden geen probleem lijkt. Syrië heeft hen militair ook niet meer nodig.

Wat ook opviel en zorgde voor moeilijke onderhandelingen was dat men die jihadisten in ruil voor een overgave zoals elders geen busticket richting Idlib meer beloofde. “Men gaat dit gebied toch weldra aanvallen’’, klonk het hier en daar in Syrische regeringskringen.

De militaire situatie op 13 juli toen het grensgebied met Jordanië terug in Syrische handen was. Alleen het door ISIS gecontroleerde gebied blijft nog te bevrijden. Deze nacht 14 juli werd ook het stadje al Harrah veroverd. Een zeer belangrijke zet daar hier de belangrijkste afluisterbasis van Syrië en ook Rusland was waarmee men Israël in de gaten hield. Deze zat op een heuvel en werd voorheen met Israëlische steun door die jihadisten veroverd. Deze basis kijkt ook neer op de rest van dit gebied. Al Harra situeert zich in het noorden van de door de jihadisten bezette zone.

 

Beslan

En dat men Idlib gaat aanvallen is logisch. Vooreerst is al Qaida daar de veruit sterkste partij, zijn er cellen van ISIS actief en, belangrijk, bevinden er zich grote aantallen vrijwilligers uit de vroegere Sovjet-Unie die onder de vlag van de Turkestan Islamic Party (TIP) in een vaste alliantie met al Qaida zitten. Waarbij die TIP recentelijk nog met enkele tientallen drones een serie mislukte aanvallen op de Russische luchtmachtbasis van Khmeimim uitvoerde.

En tussen de Russen en die TIP zijn er, waaronder voor de twee oorlogen voor de controle over Tsjetsjenië, nog een serie rekeningen die openstaan. Moskou is bijvoorbeeld zeker niet de gijzeling op 3 september 2004 van die lagere school in Beslan vergeten. Hierbij vielen er eventjes 783 gewonden en 334 doden waaronder 186 kinderen.

En het vernielen van die jihadisten is de voornaamste reden waarom Rusland in Syrië aan de kant van de Syrische regering staat. Verwacht dus een erg bloedig gevecht. Een symbolische mogelijk laatste veldslag van het Russische leger tegen die salafistische terreurgroepen. Hier zal veel bloed vloeien.

Koerden

Ook in de relatie van de Syrische regering met de Koerdische nationalisten van de YPG zijn er positieve ontwikkelingen. Zo voeren beiden nu onderhandelingen en volgens Syrische bronnen zou de YPG twee voorname eisen hebben, zijnde onderwijs in de eigen taal en een vertegenwoordiger op het ministerie van Olie. Een centenkwestie.

Gisteren lekte bij de YPG ook uit dat er met de regering een akkoord is om gezamenlijk de Tabqa-dam op de Eufraat te beheren. Die dam regelt het peil van de Eufraat, zorgt voor de irrigatie van die vallei en de energievoorziening van een groot deel van het land. Het is op dit vlak de belangrijkste installatie van het land.

Na de bevrijding van de provincie Daraa ontdekte het Syrische leger onder meer grote hoeveelheden Franse en Britse wapens waaronder deze Apilas, telegeleide raketsysteem. Geleverd zonder toestemming van het Franse parlement aan salafistische terreurgroepen actief in een ander land. Zonder discussie een oorlogsmisdaad. Over die vondst niets in Le Monde. Wat dacht je.

 

Probleem is hier welke Koerdische taal men zou moeten onderwijzen. Er zijn er immers vier. En de vraag is of Damascus hiertoe wel bereid zal zijn. Die Koerdisch-nationalistische groepen krijgen immers steun van Israël en de VS en zowel in Iran, Irak, Syrië als Turkije is men radicaal tegen elke mogelijke stap richting een eigen staat gecontroleerd door die nationalisten.

Maar de YPG beseft nu ook wel dat de VS een totaal onbetrouwbare partner is en men nu eenmaal moet leven met de Syrische regering, een veel sterkere partij dan zij. Typerend is dat zij recent een district van de provinciehoofdplaats Hassaka overdroegen aan het Syrische leger die er al een deel van die stad met de centrale administratie nog steeds bezet.

Ook is men in het kader van wat de YPG het opkuisen van die zone noemt bezig met het verwijderen van de beeltenissen van Abdullah Ocalan, de leider van de Turkse PKK. Het was een basiseis van Damascus. Ook is er terug handel mogelijk over de Eufraat tussen het gebied van de Syrische regering en dat waar de VS met de YPG de baas is.

Donald Trump

Volgens berichten in de Russische media zou de kwestie Syrië trouwens centraal staan bij het gesprek van Vladimir Poetin en Donald Trump. Het lijkt er dan ook op dat de VS zich vrij snel uit Syrië gaan terugtrekken.

Toen de YPG met steun van de VS de stad Rakka op ISIS veroverden plaatste men een enorme spandoek met daarop de Turkse PKK-leider Abdullah Ocalan op het centrale plein van Rakka. Zowel in Ankara als in Damascus was men woest. Diens beeltenis verdwijnt nu overal. Officieel een opfrissingsactie genoemd om het netjes te houden. Netjes inderdaad.

 

Trump stelde in het recente verleden trouwens herhaalde malen dat hij weg wil uit Syrië. Het is dan ook geen toeval dat Netanyahu recent nog maar eens voor een zoveelste maal bij Poetin op bezoek was. Of hij veel bekomen heeft is echter zeer twijfelachtig.

Voor Syrië is de oorlog alleszins een aflopende zaak. Van de beweringen van de door de staten van het Arabisch schiereiland, de VS of het Verenigd Koninkrijk betaalde ‘deskundigen’ over de snel te verwachten val van de Syrische regering blijft niets meer over.

Hetzelfde toen diezelfde ‘specialisten’ de bewering in 2016 van president Bashar al Assad over het geheel heroveren van zijn land weglachten. Als figuren als Jorn De Cock, Charles Lister, Eliot Higgins (Bellingcat), Hassan Hassan, Montasser Alde‘emeh of Koert Debeuf nu nog lachen dan is dat eerder groen. Maar ze zullen er zich wel uitpraten. Het zijn intellectuelen en hun bochtenwerk is beter dan dat van welke paling ook.

Posted on

Is oorlog met Iran nu onvermijdelijk?

Met zijn verklaring afgelopen vrijdag, dat de kerndeal met Iran niet in het Amerikaanse nationale belang zou zijn, heeft president Donald Trump de Verenigde Staten mogelijk op de weg naar oorlog met Iran gezet.

Het is in ieder geval gemakkelijker om te voorzien welke botsingen er aan zitten te komen dan hoe we weer van deze weg af komen voor het schieten begint. Na het ‘decertificeren’ van het nucleaire akkoord, destijds getekend door alle vijf permanente leden van de VN Veiligheidsraad, gaf Trump het Congres 60 dagen de tijd om de sancties opnieuw op te leggen die het ophief toen Teheran het akkoord ondertekende. Als het Congres die sancties niet opnieuw oplegt en het akkoord de nek omdraait, dreigt Trump dat zelf te doen.

Waarom? Heeft Iran de bepalingen van het akkoord geschonden? Vrijwel niemand stelt dat – niet de nucleaire inspecteurs van de VN, noch de NAVO-bondgenoten, noch zelfs Trumps eigen nationale veiligheidsteam.

Iran heeft al zijn 20 procent verrijkt uranium het land uit verscheept, de meeste van zijn centrifuges uitgeschakeld en verstorende inspecties van alle nucleaire faciliteiten toegestaan. Zelfs voor het akkoord zeiden 17 Amerikaanse inlichtingendiensten al dat ze geen bewijs konden vinden voor een Iraans kernwapenprogramma. Als Iran een bom gewild had, had Iran allang een bom gehad.

Het blijft echter een staat zonder kernwapens om een eenvoudige reden: De vitale nationale belangen van Iran schrijven dat voor. Als de grootste sjiitische natie, met 80 miljoen mensen, onder de meest ontwikkelde in het Midden-Oosten, is Iran voorbestemd om de dominante macht aan de Perzische Golf te worden. Maar op één voorwaarde: Dat het de grote oorlog met de Verenigde Staten weet te vermijden die Saddam Hoessein niet wist te vermijden.

Iran heeft ieder kernwapenprogramma dat het had afgeblazen omdat het niet het lot van Irak wil delen, om aan stukken geslagen te worden tot Perzen, Azeri’s, Arabieren, Koerden en Beloetsjen, zoals Irak door de Amerikanen in soennieten, sjiieten, Turkmenen en Koerden uiteen werd geslagen.

Teheran wil geen oorlog met Amerika. Het zijn de oorlogspartij in Washington en haar Midden-Oosterse bondgenoten – Bibi Netanyahu en het Saoedische koningshuis – die er naar hongeren dat de VS zich ermee bemoeien en Iran de grond in slaan. En zo ontvouwt zich dan de strijd in het Congres over het al of niet de nek omdraaien van het akkoord met Iran als een cruciaal punt in het presidentschap van Trump.

Maar al eerder doemen er mogelijke botsingen met Iran op. In het oosten van Syrië, staan de door de VS ondersteunde en door de Koerden geleide Syrische Democratische Krachten (SDF) op het punt Raqqa te veroveren op ISIS. Maar ondertussen is het Syrische leger op weg om Deir Ezzor te gaan veroveren, de hoofdstad van de provincie waardoor de weg loopt die Bagdad met Damascus verbindt. De verovering van Deir Ezzor door Bashar al Assads leger zou er voor zorgen dat de weg van Bagdad naar Damascus en Hezbollah in Libanon open blijft. Als de VS echter van plan zijn om de SDF te gebruiken om het grensgebied zelf in handen te krijgen, dan kon dat wel eens lijden tot een openlijk gevecht met het Syrische leger, sjiitische milities, Iraanse troepen en misschien zelfs de Russen. Moeten we dat wel willen?

In Irak is het nationale leger bezig om de olierijke provincie Kirkoek en de gelijknamige hoofdstad daarvan veilig te stellen. De Koerden hadden Kirkoek ingenomen nadat het Iraakse leger vluchtte voor de invasie van ISIS. Waarom trekt een door de Amerikanen getraind Iraaks leger op tegen een door de Amerikanen getraind Koerdisch leger?

De Koerdische regionale overheid stuurt aan op secessie. Dit heeft alarmbellen doen afgaan in zowel Turkije en Iran als in Bagdad. Een onafhankelijk Koerdistan zou als een magneet kunnen werken op Koerden in die beide landen. Het Iraakse leger trekt Kirkoek binnen om te voorkomen dat het afgesneden wordt van Irak in een burgeroorlog of secessie door de Koerden.

Waar staat Iran in dit alles? In de oorlog tegen ISIS, waren ze de facto bondgenoten. Want ISIS is net als Al Qaida soennitisch en haat sjiieten even zeer als christenen. Maar als de VS van plan zijn de SDF te gebruiken om de Iraaks-Syrische grens onder hun controle te brengen, dan jagen ze daarmee Syrië, Iran, Hezbollah en Rusland tegen zich in het harnas. Zijn de VS bereid tot een dergelijke confrontatie?

Wij Amerikanen worden geconfronteerd met een aantal nieuwe realiteiten. De mensen die de toekomst van het Midden-Oosten gaan bepalen, zijn de mensen die daar wonen. En onder deze mensen zal de toekomst bepaald worden door hen die het meest bereid zijn om – nog jaren en in aanzienlijk aantallen – te vechten, bloeden en sterven om die toekomst te realiseren. Wij Amerikanen echter gaan niet nog een leger sturen om nog een land te bezetten, zoals we deden met Koeweit in 1991, Afghanistan in 2001 en Irak in 2003.

Bashar al Assad, zijn leger en luchtmacht, gesteund door Vladimir Poetins luchtmacht, de Islamitische Revolutionaire Garde van Iran en Hezbollah hebben de Syrische burgeroorlog gewonnen omdat ze meer bereid waren te vechten en te sterven om die te winnen. Zij hadden daar dan ook een veel groter belang bij dan wij Amerikanen. Wij wonen daar niet. Slechts weinig Amerikanen weten wat daar aan de hand is. Nog minder interesseert het.

Onze oude bondgenoten in het Midden-Oosten willen vanzelfsprekend dat wij hun 21e-eeuwse oorlogen uitvechten, zoals de Britten ons inschakelden om hun 20e eeuwse oorlogen te helpen uitvechten. Maar Donald Trump werd niet gekozen om dat te doen. Of dat dachten sommigen van ons toch.

Posted on

Wie wil er, behalve ISIS, nog meer een oorlog tussen Amerika en Iran?

“Iran moet vrij zijn. De dictatuur moet vernietigd worden. Containment is appeasement en appeasement is overgave.”

Zo wijst onze Churchill, Newt Gingrich, terzake van Iran, het containmentbeleid van de hand. Een beleid dat ontwikkeld werd door George Kennan en uitgevoerd door negen Amerikaanse presidenten en dat leidde tot een overwinning zonder bloedvergieten in de Koude Oorlog.

Waarom is containment overgave? “Omdat vrijheid overal bedreigd wordt zolang deze dictatuur aan de macht blijft”, aldus Gingrich. Maar hoe wordt de vrijheid van Amerikanen bedreigd door een bewind met 3 procent van het Amerikaanse BBP en dat al bestaat sinds Jimmy Carter president was?

Gelukkig heeft Gingrich een leider gevonden om het Iraanse bewind omver te werpen en de vrijheid van de mensheid veilig te stellen. “In ons land was dat George Washington en … de markies de Lafayette. In Italië was het Garibaldi”, aldus Gingrich. Wie heeft hij gevonden, die zich kan meten met Washington en Garibaldi? Maryam Rajavi.

Wie is dat? De leider van de Nationale Verzetsraad van Iran of de Iraanse Volksmoedjahedien, die tegen de sjah waren, braken met de oude Ayatollah, samenspanden met Saddam Hoessein en tot 2012 door het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken als een terroristische organisatie beschouwd werden.

Op de conferentie van deze organisatie in Parijs eerder deze maand waar Gingrich sprak, en de spreekvergoeding was naar verluidt uitstekend, waren John Bolton en Rudy Giuliani ook te vinden. Giuliani sprak van de tweemaal verkozen president Hassan Rouhani als “een gewelddadige, wrede moordenaar” en stelde dat “de tijd gekomen is voor regime change.”

Ook Bolton deed een duit in het zakje: “Teheran is niet slechts een kernwapendreiging, het is niet slechts een terroristische dreiging, het is een conventioneel gevaar voor iedereen in de regio”. En derhalve “zou het omver werpen van het bewind van de moellahs in Teheran het officiële beleid van de Verenigde Staten van Amerika moeten zijn”. We zullen het samen vieren in Teheran in 2019, zo verzekerde Bolton zijn toehoorders van de Nationale Verzetsraad van Iran.

Succes! Maar zoals de New York Times gisteren stelde, drijft al deze praat, die overal in Washington weerklinkt, ons recht naar een oorlog. “Een patroon van provocatieve woorden, expliciete dreigementen en acties – van president Trump en enkele van zijn vooraanstaande medewerkers, alsmede van soennitische Arabische leiders en Amerikaanse activisten – voert spanningen op die kunnen leiden tot gewapend conflict met Iran.”

Is dat wat Amerika wil of nodig heeft – een nieuwe oorlog in het Midden-Oosten, tegen een land dat drie keer zo groot is als Irak? Zouden, na Afghanistan, Irak, Libië, Syrië en Jemen, Amerika en de wereld gediend zijn met een oorlog met Iran die een soennitisch-sjiitische godsdienstoorlog in het hele Midden-Oosten zou kunnen ontketenen?

Bolton noemt Iran een “kernwapendreiging”. Maar in 2007 verklaarden alle Amerikaanse inlichtingendiensten met grote zekerheid dat Iran geen kernwapenprogramma had. Ze herhaalden dit in 2011. Onder de kerndeal heeft Iran bijna al zijn uranium geëxporteerd, is het land gestopt met verrijken tot 20 procent, heeft het duizenden centrifuges stilgelegd, beton in de kern van zijn zwaar water-reactor gegoten en staat het VN-inspecteurs toe om alle faciliteiten uit te kammen.

Zou Iran, ondanks dit alles, een geheim kernwapenprogramma runnen? Of is dit oorlogspropaganda die bedoeld is ons nog een oorlog in het Midden-Oosten in te slepen? Om de waarheid te achterhalen, zou de commissie Buitenlandse Zaken van de senaat de hoofden van de CIA en DIA en de Director of National Intelligence op moeten roepen, om in een publieke zitting te getuigen.

Men zegt ons dat we ook geplaagd worden door een sjiitische halve maan die opkomt en zich uitstrekt van Beiroet tot Damascus, Bagdad en Teheran. Maar wie heeft deze sjiitische halve maan tot stand gebracht? Het was George W. Bush die bevel gaf tot het omver werpen van het soennitische bewind van Saddam, waardoor Irak in handen kwam van zijn sjiitische meerderheid. Het was Israël wiens invasie en bezetting van Libanon van 1982 tot 2000 het sjiitische verzet voortbracht dat nu bekend staat als Hezbollah. En wat Bashar al Assad in Syrië aangaat, zijn vader stuurde troepen om zij aan zij met de Amerikanen te vechten in de Golfoorlog.

Het bewind van de ayatollahs, de Islamitische Revolutionaire Garde en de Basji-militie staan vijandig tegenover Amerika. Maar Iran wil geen oorlog met de Verenigde Staten – en met goede reden. Iran zou aan stukken geslagen worden als Irak, en zijn onvermijdelijke opkomst als het grootste en meest ontwikkelde land aan de Perzische Golf zou afgebroken worden.

Bovendien hebben we gemeenschappelijke belangen: Vrede in de Perzische Golf, waarvandaan Irans olie vloeit en waarzonder Iran niet kan groeien, zoals Rouhani beoogt, door Irans banden met Europa en de ontwikkelde wereld te verdiepen.

En we hebben gemeenschappelijke vijanden: ISIS, al Qaida en al de soennitische terroristen wiens wildste droom het is om hun Amerikaanse vijanden hun sjiitische vijanden te zien bevechten. Wie wil er nog meer een Amerikaanse oorlog met Iran, behalve ISIS?

Helaas is hun getal legio: Saoedi’s, Israëli’s, neocons en hun denktanks, websites en magazines, haviken in beide partijen op Capitol Hill, democratie-kruisvaarders en velen in het Pentagon die hun gram willen halen voor wat door Iran gesteunde sjiitische milities in Irak gedaan hebben.

President Trump neemt een sleutelpositie in. Als hij doet wat de oorlogspartij wil, zal dat zijn nalatenschap zijn, zoals de Irakoorlog de nalatenschap is van George W. Bush.

Posted on 1 Comment

Rusland wil Libisch scenario voor Syrië voorkomen

Rusland wil voorkomen dat zich in Syrië een ‘Libisch scenario’ voltrekt. Daarom versterkt het land haar militaire aanwezigheid in Syrië. Dat maakt Poetin uiteraard eens te meer tot boeman in het Westen.

De acties van de Amerikaanse regering inzake Syrië gelden als weinig geslaagd. Nog altijd duurt de oorlog tussen het bewind van president Bashar al-Assad en de ‘Islamitische Staat’ (IS) voort. De talrijke luchtaanvallen van de Amerikanen op stellingen van IS hebben dat tot nog toe niet kunnen verhinderen. Dat de Russische president Vladimir Poetin nu openlijk de effectiviteit van de Amerikaanse luchtaanvallen in twijfel trekt, zit Obama en de zijnen natuurlijk niet lekker.

Het is echter niet alleen de Russische kritiek die in Washington wrevel wekt, maar ook het doortastende Russische handelen. Zo begon enkele dagen geleden in Jableh ten zuiden van de havenstad Latakia in het westen van Syrië de opbouw van een Russische luchtmachtbasis.

Op deze basis moeten zo’n 1000 militairen gestationeerd worden en naast gevechtsvliegtuigen komen er ook luchtafweer-raketsystemen van het type Pantsir-S-1. Deze militaire inspanningen vinden niet zonder reden plaats. Per slot van rekening is Rusland al een oude bondgenoot van Syrië en Assad. Syrië was ook al een bondgenoot van de Sovjet-Unie en heeft vanuit deze tijd nog een schuld van ongeveer 10 miljard Amerikaanse dollars uitstaan bij Rusland. Rusland beschikt ook nog altijd over een marinebasis in het Syrische Tartus. Dat is het enige militaire steunpunt van Rusland in het Middellandse Zeegebied, zodat het belang ervan duidelijk mag zijn.

Er zijn kortom oppervlakkig al genoeg redenen waarom Rusland de regering van Assad nog ondersteunt. Die steun krijgt sinds enige tijd gestalte in de vorm van wapenleveringen en militaire adviseurs/trainers. Er zijn echter ook diepere redenen voor de Russische opstelling.

Het gaat de Russische regering er namelijk vooral om in Syrië een ‘Libische scenario’ te voorkomen. De westerse militaire interventie in Libië ligt bij de Russen nog vers in het geheugen, maar niet op de manier waarop de politiek-mediale klasse in het Westen hierover spreekt. Rusland ziet het bombarderen van Libische regeringstroepen in 2011 terecht als misbruik van VN-resolutie 1973. Die resolutie legitimeerde immers geen militaire aanval op het bewind van Khadaffi, maar slecht een militair ingrijpen om de burgerbevolking te beschermen. Poetin voelde zich in dezen door het Westen bedrogen. En dat zal hem geen tweede keer gebeuren.

Vrede in Syrië zonder Assad niet haalbaar

De situatie in Libië na de val van Khadaffi laat bovendien een scenario zien, dat Rusland in Syrië in geen geval wenselijk acht. Libië is immers diep verzonken in terroristische chaos en een vergelijkbaar scenario in Syrië, zou voor Rusland betekenen dat de terroristen in de Noord-Kaukasus, waarmee Rusland sinds enige tijd in opnieuw toenemende mate te kampen heeft, een blijvende uitvalsbasis in het Midden-Oosten krijgen. Dat zou de bestrijding van deze groepen uiteraard bemoeilijken.

Bovendien gelooft in Moskou, anders dan in Washington en Brussel, niemand serieus dat een vreedzame oplossing in Syrië mogelijk is zonder Assad en zijn regering daarin te betrekken. Een verenigde oppositie met brede steun die na het vertrek van Assad  het bestuur over zou kunnen nemen, is er immers feitelijk niet.

Terwijl Rusland op de grond feiten schept, zijn de Verenigde Staten niet in staat een vreedzame oplossing voor Syrië na te streven die niet de val van Assad inhoudt, omdat de Amerikaanse bondgenoot Saoedi-Arabië die als ononderhandelbare voorwaarde stelt. Het wahabitische regime in Riaad wil Assad als de hoofdverantwoordelijke zien voor de ruim 200.000 doden van de nog altijd voortdurende oorlog, en wast de eigen handen in onschuld. Daarbij komt dat de Saoedi’s de positie van Iran, dat een belangrijke bondgenoot van Assad is, op alle mogelijke manieren wil verzwakken. In de afgelopen weken zou Iran daadwerkelijk troepen naar Syrië hebben gestuurd, het gaat naar verluidt om zo’n 1000 soldaten van de Revolutionaire Garde die het Syrische regeringsleger moeten versterken. Een en ander zou in nauw overleg met de Russen gebeurd zijn.

Zowel Rusland als Iran staan dus een oplossing voor Syrië zonder Assad in de weg. Turkije heeft intussen in eigen land de handen vol aan het oplaaiende conflict met Koerdische milities. Een oplossing voor Syrië die een versterking van de Koerdische positie zou betekenen en daarmee waarschijnlijk een burgeroorlog in Turkije, zal de Turkse regering uiteraard niet accepteren. Daar kunnen Rusland, Iran en Assad op rekenen, ongeacht hoe de Turkse opstelling tegenover Assad an sich is.

Door het Russische optreden in Syrië is kortom een vrede in Syrië mét Assad waarschijnlijker geworden. Of de Verenigde Staten of Saoedi-Arabië dit nog weten te verhinderen moet de toekomst uitwijzen.