Posted on

De waarheid over de benoeming van Brett Kavanaugh

Normaal ben ik niet zo politiek uitgesproken, maar toch, voor deze ene keer: de Nederlandse D66-leider Alexander Pechtold eruit, Brett Kavanaugh erin – wat was gisteren een mooie dag!

De benoeming van Kavanaugh tot rechter aan het Amerikaanse Hooggerechtshof is belangrijk om meerdere redenen. Om de eenzijdig geïnformeerde verslaggeving van de mainstream media bloot te leggen, maar ook omdat anders elke man met #MeToo-beschuldigingen kan worden kapotgemaakt.

Tot in den treuren noemden die media Kavanaugh een “conservatieve rechter”. In werkelijkheid verdedigt hij slechts de Amerikaanse grondwet – die grondwet is nu eenmaal onverenigbaar met veel linkse projecten, omdat deze haaks staat op het collectivisme van een ‘maakbare samenleving’. De grondgedachte is namelijk dat individuen zichzelf dienen te verheffen.

‘Omstreden’

De mainstream media – neem nu dit stuk op nu.nl – geven een vertekend beeld van zijn benoeming tot het Hooggerechtshof. De frase “de omstreden rechter Brett Kavanaugh” wordt onophoudelijk herhaald. Dit komt doordat deze kwestie pas sinds kort het Europese nieuws haalt. Deze frase is de wereld op zijn kop, want tot twee weken terug stond hij bekend als een rustige man zonder issues. Hooguit het feit dat hij ooit voor de Republikeinse president Bush jr. had gewerkt en dat de Republikeinse president Trump zijn kandidatuur ondersteunt, waren voor sommigen problemen.

Het was dus een conflict van politieke aard dat controversieel was: het leven van de rechter werd tot voor kort gezien als kleurloos en volstrekt onomstreden. Mainstream media nemen nieuwsberichten over van media in de Anglosfeer met een overduidelijke linkse bias, zonder zélf achtergrondonderzoek te doen. Daarnaast bewijst deze kwestie dat de #MeToo-beweging zich nu heeft ontpopt tot het gevaar dat er altijd al in besloten lag: een politiek wapen in handen van links.

Zoals gezegd had Kavanaugh in al die tijd geen problemen rond zijn praktijk als rechter. Iedereen was tevreden over hem – hij is een keurige huisvader die zes keer werd doorgelicht door de FBI, zoals toen hij op het Witte Huis werkte voor Bush. Nooit is er iets gevonden en ook van drankproblemen is niets bekend.

Midterm-verkiezingen

Nu vlak voor de midterm-verkiezingen worden er plots verhalen over aanranding opgerakeld uit een verleden van dertig jaar terug, dat de geïdentificeerde omstanders tegenspreken. Op basis van een document dat ook nog eens op dubieuze wijze is gelekt naar de pers (aanwijzingen zijn gericht op de Democratische politica Dianne Feinstein). Bovendien is de dame die de klacht indient een overtuigde tegenstander van Trump. Tevens is er in de benoeming meer dan zes keer zoveel documentatie verzameld als voor enige andere kandidaat voor het Hooggerechtshof ooit. Alles werd uit de kast gehaald om Trumps nominatie te saboteren, zoals ook tevoren door een invloedrijke Democraat werd beloofd.

Eerst zeiden de Democraten bijvoorbeeld dat Kavanaugh onvoldoende emotionele betrokkenheid toonde – toen hij dan eindelijk emotie toonde omdat zijn gezin doodsbedreigingen ontving, beweerden diezelfde Democraten dat zijn ‘temperament’ problematisch zou zijn. Terwijl daar in al die tijden dat hij rechter was, nooit iets over is gezegd.

Smaadcampagne

De Republikeinen hebben hun eigen gedachten over Trump. Maar Kavanaugh is een keurige huisvader en staat model voor de vaderlandslievende Amerikaan. Door deze linkse smaadcampagne zijn de Republikeinen sterker dan ooit verenigd. Daar komt bij dat als Kavanaugh voorheen een milde rechter was met gematigde Republikeinse sympathieën, hij door deze smaadcampagne waarschijnlijk veel kritischer is geworden op links. De Democraten hebben hun eigen glazen ingegooid.

De benoeming van Kavanaugh heb ik gevolgd nog voordat de seksuele beschuldigingen wereldkundig werden. De Democraten putten zich uit om Kavanaugh kapot te maken: het was duidelijk dat er tot in het ridicule werd gezocht naar bezwaren tegen zijn kandidatuur. Zo werd er een e-mail opgegraven die volgens de Democraten “het absolute einde zou betekenen” van Kavanaugh. Deze e-mail zou “bewijzen” dat hij het Hooggerechtshof had proberen te beïnvloeden. In werkelijkheid ging het om een oude e-mail aan president Bush jr. over een nominatie waarbij Kavanaugh als één van velen in de CC werd gezet.

De Democraat Patrick Leahy probeerde Kavanaugh tevergeefs te verbinden aan een e-mail van tien jaar terug die volgens hem zou zijn “gestolen” uit zijn kantoor. Kamala Harris trachtte Kavanaugh te verleiden tot politieke uitspraken over minderheden. Ze wilde hem politiek getinte meningen laten geven over gerechtelijke uitspraken van eeuwen terug – Kavanaugh trapte daar niet in. Cory Booker zwaaide met “geheime documenten” die Kavanaugh zouden ontmaskeren en riep daarbij: “I am Spartacus!” In werkelijkheid waren deze documenten al openbaar.

#MeToo

Dit alles mislukte totaal en de Democraten zetten zich voor het oog van de natie voor schut: deze ondervragingssessies werden immers door miljoenen kiezers op YouTube gevolgd. Om dit gezichtsverlies uit te wissen moest er een geheim wapen worden ingezet – het paardenmiddel van de seksuele beschuldigingen. Hiermee hebben de Democraten het politieke systeem van de VS definitief ontwricht. Deze gang van zaken betekent namelijk dat het benoemen van rechters voor het Hooggerechtshof ook in de toekomst een gepolitiseerd proces zal zijn en geen kwestie van merites of competentie. Zelfs een onomstreden kandidaat wordt omstreden gemaakt voor politiek gewin.

Als het was gelukt om de benoeming van Brett Kavanaugh te doen ontsporen, dan zou feitelijk iedere man voortaan vogelvrij zijn. Want dit is een rechter met een smetteloze staat van dienst en een voorbeeldburger – laat staan hoe een doorsnee man zal worden gesloopt. Linkse Gramscianen zullen de #MeToo-beweging graag gebruiken om de kandidatuur van iedere brave blanke man te torpederen, net zolang totdat de betreffende functie naar iemand van een ‘minderheid’ gaat. Het proces rond Kavanaugh bewijst de noodzaak van een Nieuwe Zuil, die als een blok achter haar mannen staat en zich niet door linkse activisten van de wijs laat brengen.

Posted on

#WieNiet Of het Westen als opwindingsgemeenschap

De onthullingen rond Hollywood-bons Harvey Weinstein houden momenteel zowel in Amerika als in Europa de gemoederen bezig. De filmproducent wordt verweten meerdere vrouwen seksueel geïntimideerd of zelfs aangerand te hebben. Vaak zou hij jonge actrices rollen aangeboden hebben in ruil voor “gunsten”. Onder zijn slachtoffers zouden onder andere Gwyneth Paltrow en Angelina Jolie zijn. Inmiddels werd de producent door zijn studio ontslagen door zijn echtgenote verlaten. In Hollywood gold zijn gedrag als publiek geheim, dat echter nooit door de media opgepakt werd.

De actrice Alyssa Milano riep op Twitter de hashtag #metoo in het leven (‘Ik ook!’), waaronder vrouwen over hun eigen ervaringen met seksuele intimidatie konden berichten. Ook in Nederland en de rest van Europa werd dit met beide handen aangegrepen door Twitter-gebruikers en mainstream media. Vrouwen berichtten over seksueel misbruik in hun jeugd, hoe ze betast werden, maar ook van ongelukkige flirtpogingen en ongeschikte complimenten over hun uiterlijk.

Het ‘Me Too’-discours kan licht de indruk wekken dat seksuele intimidatie en seksisme wijdverbreid zijn. Dat is misleidend. De Italiaanse econoom Vilfredo Pareto ontdekte in 1906 dat slechts een klein deel van de Italianen over een aanzienlijk deel van het gezamenlijke vermogen van Italië beschikte. Het naar hem genoemde principe is door een groot aantal statistische verdelingen bevestigd en staat ook wel bekend als de 80/20-regel. In dit geval zou dat betekenen: 80 procent van alle seksuele intimidatie gaat van slechts 20 procent van alle mannen uit. Generaliserende oordelen gaan dus sowieso niet op. Ook al kan iedere vrouw zich wel herinneren eens een macho-uitspraak gehoord te hebben #WieNiet, dat wil nog niet zeggen dat ze alomtegenwoordig zijn.

Een opwindingsmachinerie is geen betrouwbare indicator. Om een fenomeen te beschrijven zou men veeleer naar de wetenschap moeten grijpen. Sowieso wordt er in het huidige debat te veel op één hoop geveegd. Daadwerkelijke aanrandingen of verkrachtingen worden ineens in een adem genoemd met luchthartige uitspraken. Stel je voor dat artsen in een statistiek gevallen van leukemie en verkoudheden op één hoop zouden vegen als gevallen van ziekte. Zwaarwegende schendingen van het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw horen vanzelfsprekend strafrechtelijk vervolgd te worden. Maar zijn straffen voor fluitende bouwvakkers werkelijk op hun plaats?

De manier waarop onthullingen over één filmproducent leiden tot een uitentreuren uitmelken van het onderwerp van seksuele intimidatie en seksisme in de mainstream media van Amerika en Europa, bevestigt de Duitse filosoof Peter Sloterdijk in zijn oordeel dat moderne naties opwindingsgemeenschappen zijn, die zich door telecommunicatief opgewekte stress overeind houden. En gezien de “rol van de informatiemedia in de synchrone wereldmaatschappij” geldt dat ook van het Westen als geheel.

Uiteraard vindt die telecommunicatieve opwekking niet lukraak plaats, maar in overeenstemming met bepaalde politieke parameters. Dus niet na de gebeurtenissen in de nieuwjaarsnacht in Keulen  in 2015, want dat zou ‘xenofoob’ zijn, maar wel nu het om een blanke filmproducent gaat. Dan kan men ‘white male chauvinist pig’ Weinstein immers voorstellen als exemplarisch voor het patriarchale complot dat westerse vrouwen er onder houdt.

Posted on

Duitsland: Overbodige Groenen staan er slecht voor

Terwijl GroenLinks in Nederland haar beste verkiezingsresultaat ooit* viert, staat de Duitse Groenen een slecht verkiezingsjaar te wachten. Voor de verkiezingen voor de Bondsdag in september worden er drie landdagen gekozen, te beginnen met die van Saarland. Voor de Groenen had het niet ongunstiger kunnen zijn.

Recente peilingen zien de Groenen zelfs onder de kiesdrempel van vijf procent. Als de Groenen er op 26 maart in Saarland niet in slagen over de kiesdrempel te komen, zet dat meteen een domper op de campagne voor de verkiezingen daarna.

De partijtop rond Cem Özdemir en Simone Peter doet er dan ook alles aan om demonstratieve gelatenheid uit te stralen. Het Saarland is maar klein, kent allerlei regionale bijzonderheden en is boven nooit een bolwerk van de Groenen geweest, zo klinkt het. Niet onwaar, maar wat de leiders van de Groenen wijselijk verzwijgen is dat de partij in het Saarland steeds alleen dan succes had, wanneer de federale trend positief was. En daarvan is op het moment geen sprake.

Op federaal niveau zien de opiniepeilers de Groenen momenteel tussen de 6,5 en 8 procent van de stemmen. Vier jaar geleden kwam de partij in de verkiezingen voor de Bondsdag nog op 8,4 procent en dat werd toen als een rampzalig resultaat beschouwd.

De kandidatuur van Martin Schulz voor het bondskanselierschap heeft de SPD opgestuwd in de peilingen en de Groenen een serieus probleem bezorgd. Tot nu toe gold voor links georiënteerde kiezers dat de Groenen sterk gemaakt moesten worden om nog een termijn als bondskanselier voor Angela Merkel te doorkruisen. Maar deze tijd is voorbij. “Doordat de SPD de mogelijkheid heeft de grootste partij te worden, verschaft ze zich een ongedacht mobiliseringspotentieel. Voor de Groenen geldt het tegendeel. En Die Linke heeft met vergelijkbare problemen te kampen”, aldus politicoloog Karl-Rudolf Korte van de Universiteit Duisburg-Essen.

Dat de concurrentie van Die Linke eveneens afzwakt, is een schrale troost voor de Groenen. Als de SPD daadwerkelijk de grootste partij wordt, kan ze de Unie van CDU en CSU een junior-rol in de coalitie aanbieden. Voor de Groenen het slechtst denkbare scenario.

Achterhaald door Merkel

De Groenen zoeken momenteel dan ook handenwringend naar een verkiezingsthema. De kernramp van Fukushima bezorgde de partij in 2011 een enorme toeloop en in de deelstaat Baden-Württemberg de eerste minister-president. Daarna kwam de Energiewende, waarmee Merkel het groene kernthema tot staatsraison maakte.

Maar de omschakeling naar hernieuwbare energie is onbeholpen, de kosten zijn immens, het geklaag over windturbines zwelt aan. En de weerklank die de Groenen vinden wordt geringer: “Peilingen zijn momentopnames. In 2002 lagen we bij goed vier procent en haalden we twee keer zoveel. Goed dat er dankzij Schulz überhaupt wat in beweging komt. Dat moet je sportief opnemen”, houdt Özdemir zich groot.

De federale co-partijvoorzitter is samen met de gesjeesde protestantse theologiestudent Katrin Göring-Eckardt  lijsttrekker in de verkiezingen. Dat wilden de leden zo. Özdemir werd 23 jaar geleden voor het eerst in de Bondsdag gekozen, Göring-Eckardt zit nu 19 jaar in het parlement. Nieuwe gezichten zijn het dus niet bepaald. Nieuwe thema’s heeft men tot nog toe ook niet weten te vinden. De partij heeft zich in de loop der jaren van een eerder linkse, pacifistische protestbeweging in een links-liberale partij voor mensen die goed verdienen veranderd.

Multikulti

Tevergeefs zoekt de partijleiding een weg uit de stemmingscrisis. Het centrale thema in het publieke debat van de afgelopen maanden, de binnenlandse veiligheid, was voor de Groenen nooit een sterk punt. Co-partijvoorzitter Simone Peter zorgde voor ophef, toen ze de politie in Keulen racisme verweet vanwege hun controles in de nieuwjaarsnacht. Op 14 mei wordt er daar gekozen voor de landdag van Noord-Rijnland-Westfalen, qua bevolking de grootste Duitse deelstaat.

De multiculturele samenleving is in deze onrustige tijden sowieso een zwakke plek van de Groenen. Inzake immigratie en integratie laat de partij een diffuus beeld zien. Tegenover de oproep van delen van de jongerenorganisatie voor een verblijfsrecht voor iedereen, staat de roep van de realisten uit Baden-Württemberg rond minister-president Winfried Kretschmann en de burgemeester van Tübingen Boris Palmer om meer politie en snellere uitzettingen.

Sociaal versus radicaal ecologisch

In de afgelopen week verspreidden de campagneleiders een discussiestuk van Göring-Eckardt en andere Bondsdagleden over een ‘acht-puntenplan voor een rechtvaardige arbeidsmarkt’. Daarmee wil men schijnbaar op de door Schulz in beweging gezette Hartz-IV-trein springen en ‘sociale gerechtigheid’ tot campagnethema maken. Maar net als bij Schulz blijven de voorstellen vaag en gaan ze vooral de linkervleugel van de partij niet ver genoeg.

De linkervleugel van de partij eist dat men zich vastlegt op radicale ecologische thema’s: “We moeten aansluiting zoeken bij thema’s die de mensen bezighouden”, zegt co-partijvoorzitter Peter. Ze wil duidelijk maken dat sociale en ecologische vraagstukken samenhangen. De vraag is of dit aanslaat bij de kiezer. “Het is geen wetmatigheid dat alleen de [liberale] FDP voor de vijf-procentdrempel moet vrezen. Wie op momenteel negen procent staat en met zo’n verkeerde startpositie als de Groenen, kan ook door deze politieke demarcatielijn heen zakken”, schreef het tijdschrift Cicero onlangs.

Regeren

Een jaar geleden hadden Özdemir en vertrouwelingen nog ontmoetingen met bondskanselier Merkel en de haren. Met het oog op de toenmalige zwakke positie van de SPD en de onzekere toekomst van de FDP, heette het toen dat Angela Merkel geïnteresseerd was in de mogelijkheid van een zwart-groene coalitie na de Bondsdagverkiezingen. Inmiddels liggen de verhoudingen anders. Uiteindelijk blijft voor de Groenen alleen nog de hoop bestaan de een of de ander aan een meerderheid te kunnen helpen.

Mochten de Groenen er in het Saarland toch in slagen over de kiesdrempel te komen, dan zou het niet onwaarschijnlijk zijn dat een linkse coalitie van SPD, Die Linke en Groenen de huidige grote coalitie aflost. En op federaal niveau? “Als CDU en SPD de grote coalitie zat zijn, zullen ze toch iemand nodig hebben om mee te regeren”, houdt Özdemir de moed er in.

Lees ook: Ideologische ledigheid: Hoe een ‘centrumrechtse’ partij het uithoudt met een groene leider


* Afgezien van de Tweede Kamerverkiezingen van 1972 toen CPN, PPR en PSP bij elkaar 16 zetels behaalden.

Posted on

De echte onderdrukte sekse in het Westen is de man!

Een ingezonden stuk van Jeroen Linderhof

Op 9 Februari 2016, heb ik aangifte gedaan tegen Simone van Saarloos en haar artikel ’Geweld heeft geen ras of religie, maar wel een geslacht’, in Vrij Nederland van 4 januari 2016. In dit artikel discrimineert Simone van Saarloos de sekse man, want ze beweert dat iedere man een potentiële aanrander of verkrachter is.

Discriminatie op grond van sekse is in strijd met artikel 1 van de grondwet. Mevrouw Van Saarloos beweert dat mannen misogyn zijn. Haar artikel is echter misandrisch en ze maakt zich schuldig aan haatzaaierij jegens mannen. Mevrouw Van Saarloos scheert alle mannen over één kam. Slechts een kleine minderheid van de mannen maakt zich schuldig aan verkrachting en/of aanranding . Daarnaast gaat ze ook aan het feit voorbij dat er ook vrouwen zijn die mannen verkrachten of aanranden! Verder roept het artikel op tot een veroordeling van een sekse. Mannen zijn bij voorbaat verdacht en worden veroordeeld zonder dat hier verweer tegenover mogelijk is. In de rechtspraak is iemand onschuldig totdat het tegendeel is bewezen. Door mannen bij voorbaat te veroordelen zaagt Van Saarloos in feite aan onze rechtsstaat.

In haar artikel roept mevrouw van Saarloos de vrouwen op om mannen in hun kruizen te schoppen. Als een mannelijke columnist zou oproepen vrouwen in hun eierstokken te schoppen zou de wereld te klein zijn, maar mevrouw Van Saarloos komt hier mee weg. Nederland lijdt aan een dubbele moraal: vrouwen mogen wel discrimineren en oproepen tot geweld, mannen niet. Daarnaast is het zo dat sommige vrouwen misbruik maken van het ridderlijke gedrag van mannen. Hier zouden wij als mannen tegen op moeten treden. We zouden veel meer de publiciteit moeten zoeken, dan krijgt de maatschappij een realistisch beeld van feiten en worden leugens ontkracht, die vooral door feministische lobby worden verspreid.

Dat Simone van Saarloos boos is over de aanrandingen en verkrachtingen die zich in diverse Duitse steden hebben voorgedaan rond de jaarwisseling kan ik natuurlijk wel begrijpen. Daar dienen de daders van die verkrachtingen echter de schuld van te krijgen en voor veroordeeld te worden. Onschuldige seksegenoten mogen hier niet verantwoordelijk voor worden gesteld. Duitsers van jonger dan 70 zijn ook niet schuldig aan de misdaden van Duitsland in de Tweede Wereldoorlog!

Dat het überhaupt mogelijk is dat het artikel Simone van Saarloos in een serieus magazine geplaatst kan worden, zonder dat ze wegens haatzaaierij, discriminatie, stemmingmakerij en smaad vervolgd wordt, zegt mijns inziens al genoeg over de dubbele standaard in onze maatschappij.

Het wordt daarom hoog tijd dat er in Nederland een serieuze mannenbeweging opstaat. Deze beweging moet de feministische leugens in de media en politiek bestrijden, die via de feministische lobby worden verspreid. Wij mannen worden al onderdrukt sinds de studentenopstanden van mei 1968, die werden geleid door culturele marxistische oproerkraaiers die zich lieten leiden door feministische retoriek tegen het traditionele gezin. Als er al misstanden waren dan zijn die door de wet van gelijkheid van de seksen in 1974 weggenomen. Maar het cultureel marxisme beheerst tegenwoordig nog steeds het maatschappelijk debat en discrimineert mannen. Regressief links (PvdA, GroenLinks, D66 en hun achterbannen) domineert de media en zorgt ervoor dat misstanden in de doofpot blijven, omdat ze niet politiek-correct zijn. De film- en reclamesector wordt beheerst door de feministische lobby. Geweld tegen mannen wordt verheerlijkt en geweld tegen vrouwen afgekeurd.

[contextly_sidebar id=”YVYyCI9iSsujnpXTAEjuu7GNYPvT9Mjg”]Ook in het familierecht worden mannen gediscrimineerd. In sommige gevallen mag een kind zijn vader niet meer zien, zonder dat daar een goede reden voor is. Dat de vader zijn kind niet meer mag zien komt omdat de moeder hem haat. Ze wordt door rancune gedreven. Hier kraait geen haan naar, want het zijn maar mannen. Gelukkig zijn er mannen die wel voor zichzelf opkomen en platforms oprichten, zoals bijvoorbeeld ‘Dwaze Vaders‘. Een ander voorbeeld is de abortuswet uit 1984. Een vrouw mag abortus plegen zonder overleg met haar partner. Mannen worden hier dus flink tekort gedaan: het is immers ook zijn kind! Vrouwen mogen in de huidige wetgeving dus een moord plegen op een ongeboren kind, maar als de man zorgt dat ze haar kind verliest doordat er een miskraam wordt opgewekt, wordt hij veroordeeld voor moord. Dat is ziek. Conform artikel 16 van de Rechten van de Mens heeft iedereen recht op het stichten van een gezin, dus ook de man.

Om de dubbele standaard in de maatschappij, discriminatie, misandrie en geweld jegens mannen tegen te gaan, roep ik mannen op een serieuze mannenbeweging op te zetten, het maatschappelijk debat aan te gaan en allemaal aangifte gaan doen tegen Simone van Saarloos vanwege haar leugenachtige en haat zaaiende artikel in Vrij Nederland. Genoeg is genoeg: we moeten het niet langer pikken. Wij mannen zijn geen misdadigers, wij zijn niet onderdanig maar gelijk(waardig) aan de vrouw en mogen ook voor onze rechten opkomen. In Nederland, net als in de rest van het Westen, wordt de man helaas gediscrimineerd. Dit is de schuld van de feministische lobby, die een gevolg is van de cultureel-marxistische revolutie van 1968.

Posted on

De politiek als huismeester: Psychologisch geweld en wetgeving

Vijf uur ’s ochtends, Europa wordt wakker. Een administratief medewerker met een nerveuze glimlach belt bij u aan :

  • Meneer, ik sommeer u om uw woning te verlaten.
  • Wablief ? Wie bent u ?
  • Ik ben medewerker van de Hoogste Autoriteit voor de Uitroeiïng van de Gender-Onderdrukking, de HAUGO.
  • …welke onderdrukking ???
  • Gender-onderdrukking, meneer. Komt u met mij mee ?
  • Maar u kunt toch niet zomaar…
  • Ik heb alle bevoegdheden, meneer, maakt u zich geen zorgen.
  • En als ik weiger ?
  • De politie staat een eindje verderop en wachten op mijn teken om in te ingrijpen als u niet meewerkt. U heeft tien minuten om uw spullen te pakken.
  • Maar… waar word ik dan van beschuldigd ?
  • U bent aangeklaagd als waarschijnlijke dader van psychologisch geweld tegen uw vrouw.
  • Wat voor geweld ? Ik heb mijn vrouw, of wie dan ook, nooit geslagen !
  • U wordt beschuldigd van psychologisch geweld, meneer.
  • Door wie ?
  • Dat kan ik u niet zeggen.
  • Maar wat is het dan waarvan ik word beschuldigd ?
  • Psychologisch geweld, meneer, zoals ik u zojuist zei. U heeft nog slechts enkele minuten voordat ik de politie laat ingrijpen.
  • Mag ik op zijn minst een antwoord geven op deze beschuldiging ?
  • Later, meneer.
  • Luister eens, ik heb ook rechten ! Laat mij ten minste mijn advokaat bellen !
  • Nee meneer. U staat niet onder arrest. Wij nemen slechts unilateraal een civiele voorzorgsmaatsregel. U kunt, uiteraard, al uw rechten laten gelden wanneer dit nodig is. Nu moet u echter uw woning verlaten.

U neemt in alle haast enkele spullen bij elkaar en volgt de HAUGO-medewerker. Terwijl u de deur achter u sluit vraagt u de medewerker :

  • Wanneer mag ik weer naar huis ?
  • Wij houden u daarvan op de hoogte.
  • Met een brief ? (op licht ironische toon)
  • Daar waar u besluit te verblijven gedurende het onderzoek.
  • Hoe lang zal dit onderzoek duren ?
  • Tussen één en vier maanden.
  • U kunt aangegeven zijn door een kantoormedewerker, de psycholoog van uw vrouw – het beroepsgeheim wordt in geval van psychologisch geweld opgeheven – uw vrouw zelf, haar moeder of haar minnaar ; het maakt niet uit : waarschijnlijk zult u het nooit te weten komen. U ben aangegeven en dat is voldoende.

 

Dit toekomstbeeld is, zonder overdrijving en in alle details, strikt conform aan het Verdrag van de Raad van Europa tegen het Gender-geweld dat in 2011 in Istanbul getekend werd: http://conventions.coe.int/Treaty/EN/Treaties/HTML/210.htm

De Waalse jurist en filosoof Drieu Godefridi levert met zijn essay « De la violence de genre à la négation du droit » een magistraal betoog over de invloed van de gender-ideologie en de opkomst van de arbitraire rechtspraak in Europa.

Psychologisch geweld

In het kader van de bestrijding van het huiselijk geweld nam Spanje in 1999 een wet aan die psychologisch geweld strafbaar stelt. Frankrijk volgde met een vergelijkbare wet in 2010 en de Raad van Europa in 2011. De woordkeus die door gender-ideologie is ontwikkeld, (“man en vrouw” worden geen biologische grond toegekend, maar slechts als conventionele begrippen beschouwd) is in deze wetten overgenomen.
In Spanje gaat de invloed van de gender-ideologie nog verder dan de woordkeus : het begrip van “man en vrouw” zou slechts een middel zijn van de patriarchale en fallocratische cultuur om de overheersing van de man in stand te houden. De wet die Spanje in 2004 promulgeerde, « Ley organica de medidas de proteccion integral contra la violencia de genero » is slechts van toepassing wanneer de auteur van het delict een man is en het slachtoffer vrouw (art. 37 vv.).
http://www.tribunalconstitucional.es/fr/jurisprudencia/Pages/Sentencia.aspx?cod=15755

Bij de totstandkoming van de Franse wet in 2010 (artikel 222-33-2-1 wetboek van strafrecht) dienden de feministische psychologe M-F Hirigoyen en de advocaat Y. Mellul als experts.
Als geëngageerde dames kan men deze experts een zekere overdrijving niet kwalijk nemen (« psychologisch geweld op psychologisch vlak komt overeen met moord », verklaarde Y. Mellul).
De onzorgvuldige definities (psychologisch geweld wordt beschreven als « herhaaldelijk handelen dat de levensomstandigheden van de partner verslechtert. ») en de juridische consequenties hiervan zijn echter problematisch.

De hulp van dezelfde experts werd ingeroepen ter voorbereiding van het Verdrag van Istanbul van 2011 dat zich tot doel stelt alle vormen van geweld tegen vrouwen tegen te gaan. Artikel 3 beschrijft het geweld als de schade of het lijden op lichamelijk, seksueel, psychologisch of economisch vlak, ofwel het bedreigen hiermee.

Politieke middelen en argumenten

De Italiaan Antonio Gramsci schreef terecht dat geen politieke strijd gestreden kan worden wanneer men niet eerst de harten heeft veroverd. Met een kwestie als het huiselijk geweld is dit eenvoudig : iedereen is het erover eens dat huiselijk geweld voorkomen moet worden. Aan de hand van selectieve statistieken met cijfers die aangeven dat huiselijk geweld tegen vrouwen voorkomt (die men, afhankelijk van de vraagstelling met resultaten kan voorzien die men wil) en ideeën die mee gaan met de tijdsgeest (vrouwen vormen een kwetsbare minderheid), kan men zonder moeite wetten laten uitvaardigen die een ideologie ondersteunen.

De Spaanse wet van 2004 vraagt in Artikel 12 vraagt aan de ondertekenaars de uitroeiing (erradicacion) van de vooroordelen, gewoontes, tradities en iedere rolbevestigende praktijk die er ten opzichte van vrouwen en mannen bestaan.

Het rapport « psychologisch geweld » van de EP-commissie voor de rechten van de vrouw en gelijke kansen van 9 november 2011 meldt dat een wetenschappelijk onderzoek uitwijst dat onevenredig veel vrouwen slachtoffer zijn van psychologisch geweld. Als bron geven zij een telefonische enquête in de VS (« The National center of victims of crime » www.ncvc.org) waarin de vragen uitsluitend over mannelijk geweld tegen vrouwen gingen ; en een studie van de Canadese regering « La violence psychologique – un document de travail » uit 2008, dat echter zwart op wit de bovenstaande bewering tegenspreekt : « Het psychologisch geweld is bijna gelijk onder mannen (17%) en vrouwen (18%). »

Daarenboven is M-F Hirigoyen zeer inconsequent in haar benadering van het probleem huiselijk geweld. Zij schrijft weliswaar in haar boek « Femmes sous emprise » dat « geweld niet eigen is aan één of andere sekse » en dat mannen slachtoffer kunnen worden van specifiek vrouwelijk psychologisch geweld (valse zwangerschapsverklaring, zelfmoord-chantage, valse verklaringen van ongewenste intimiteiten bij de kinderen, scheldwoorden tegen mannelijkheid…). Ook schrijft zij dat rekening gehouden dient te worden met het feit dat mannen uit schaamte minder geneigd zijn om zich als slachtoffer te bekennen. De auteur beweert echter meermalen in haar boek dat 97% van de slachtoffers vrouw zijn. De enige bron die zij daarvoor geeft is een telefonische enquête dat in 2000 gehouden werd onder 6970 vrouwen van 20 tot 59 jaar : Enquete nationale sur les violences envers les femmes en France (Enveff).

De Enveff-enquete beschreef de volgende gevallen als voorbeelden van psychologisch huiselijk geweld :

  • verhinderen om met vrienden of familieleden te praten of te ontmoeten
  • zwijgen, weigeren van discussie
  • verhinderen om met anderen te praten, uit jaloezie
  • verhinderen om aan het huishoudgeld te komen
  • bekritiseren, weigeren naar waarde te schatten
  • onaangename opmerkingen maken over het lichaam
  • uit de auto zetten
  • geen rekening houden met haar mening

Drieu Godefridi vergelijkt deze lijst met een andere lijst uit 2012:

  • weigeren om mee te helpen met het huishouden
  • de credit card in beslag nemen
  • « d’r uit ! » schreeuwen en uit de auto zetten
  • aftuigen ten overstaan van vrienden
  • in het openbaar uitschelden, uit jaloezie
  • de draagbare telefoon in het water gooien
  • gedurende een half uur meer dan 30 keer bellen
  • het scheuren van zijn kleren
  • gedurende 8 dagen niets zeggen
  • zijn spullen door het raam de straat op gooien
  • de auto vandaliseren

De laatste lijst is afkomstig uit het vrouwenblad Cosmopolitan van augustus 2012 waarin de lezeressen zich onder de rubriek « psycho » konden uitlaten over wat zij hun partner aandeden wanneer zij het zat waren. De vergelijking mag doen glimlachen. Niettemin is het nauwelijks overdreven om te zeggen dat wanneer de vrouw slachtoffer is, het als een delict geldt, terwijl wanneer de man slachtoffer is, het geldt als een overtreding.

Arbitraire rechtspraak

De erkenning van psychologisch geweld in het wetboek van strafrecht is om verschillende reden arbitrair: De definitie van psychologisch geweld zoals deze in de wetten is opgenomen biedt veel ruimte tot interpretatie.

Bij een wettekst die op meerdere manieren te interpreteren is, wordt van de rechter een zekere coherentie ten opzichte van het delict en de gelden schade verwacht. Wanneer de concrete definitie van het delict zelf echter ontbreekt, wordt de rechtspraak arbitrair. De wetgever zadelt de strafrechter op met de taak om uitspraak te doen over een delict dat zonder juridische termen geformuleerd is. Zo kan het delict pas helder geformuleerd worden op het moment dat de rechter uitspraak doet.

Voor een uitspraak van de rechter zijn twee elementen nodig: intentie (vrijwillig of niet) en de geleden schade. Het delict van psychologisch geweld bestaat uit drie, uitsluitend psychologische, elementen: de intentie, het geweld en de schade. Terwijl lichamelijke schade objectief is, is de psychologische schade afhankelijk van de interpretatie van het slachtoffer en de waarnemer (politie, psychiater). Bovendien hangt het getuigenis af van de aanvankelijke psychologische gesteldheid van het slachtoffer : een kwetsbaar persoon vat psychologisch geweld anders op dan een sterk iemand. Bij lichamelijk geweld zijn oorzaak en gevolg objectief, in tegenstelling tot psychologisch geweld.
Daarnaast is ook het getuigenis van een dokter of psychiater een moeilijk punt in de rechtspraak. Het is bekend dat men in Brussel voor het luttele bedrag van 5 euro een medische verklaring van een dokter kan krijgen, getuige dit artikel van de publieke omroep RTBF: http://www.rtbf.be/info/regions/detail_bruxelles-un-certificat-medical-a-5-euros-qui-dit-mieux?id=7618643

Hirigoyen beschrijft de psychologische barbaarsheid van mannen als volgt : « zwijgen, met opzet heel zachtjes praten, regelmatig een kus weigeren, gedurende meerdere dagen mokken ». (Femmes sous emprise 43-45 en 77)

Betekenis en nut van een wet tegen psychologisch geweld

Sinds 2004 wordt het onderscheid tussen lichamelijk en psychologisch geweld niet meer gemaakt, waardoor het onmogelijk is de enquêtes van het ene tijdperk en land te vergelijken met het andere. De 141.222 delicten in Spanje in 2011 omvatten zowel de lichamelijke als psychologische geweldplegingen, zonder onderscheid.

« Het huiselijk geweld tegen vrouwen tussen de 16 en 44 jaar zou tegenwoordig de belangrijkste slachtoffer- en doodsoorzaak zijn, meer nog dan verkeersongelukken en kanker. » (Ignacio Ramonet, Le monde diplomatique, juli 2004)

Deze uitspraak is afkomstig van de parlementaire vergadering van de Raad van Europa, recommandation 1582, een tekst die 27 sept 2002 werd aangenomen. Geen enkele wetenschappelijke studie werd in de bron genoemd. (opmerkelijk is de voorwaardelijke wijs die hier gebruikt wordt bij een statistisch gegeven)

De officiële statistieken geven in Frankrijk voor 2004 de volgende cijfers : dood door huiselijk geweld : 162 vrouwen ; 25 mannen op een totaal van 509.408 (waaronder 246.338 vrouwen). Slachtoffers van verkeersongelukken: 24.231, waaronder 1354 vrouwen.

texquisVage en onheldere beschuldigingen vormen de instrumenten van Machtsuitoefening, zoals Bertrand de Jouvenel deze definieerde, om de opstandigen te doen buigen. Rusland veroordeelde Pussy Riot aan de hand van een vage formulering artikel 216 van het wetboek van strafrecht van de Russische Federatie, die stipuleert dat « opzettelijke aantasting van de openbare orde die een expliciet respect jegens de samenleving ontbreekt ». Voor de westerse media waren deze arbitraire beschuldigingen slechts een voorwendsel om deze politieke tegenstanders als voorbeeld te laten fungeren voor een staat die niet met zich laat spotten.
Men mag bedenkingen hebben over deze gang van zaken in Rusland. Maar het feit dat de ideologie van een handjevol radicale gender-filosofen (een filosofie die pas in de jaren 90 is ontstaan!) verregaande invloed heeft op de uitvoerende macht en de rechtspraak in Europa, is minstens zo bedenkelijk.

N.a.v. Drieu Godefridi, De la violence de genre à la négation du droit (Texquis, Brussel, 2013).