Posted on

Voetnoten bij Bolsonaro

Wie is die mysterieuze man die de verkiezingen in Brazilië gewonnen heeft? De reguliere media doen met de precisie van een atoomklok hun gebruikelijke ding. Voorspelbaar als een socialist die oproept tot meer solidariteit roept de media in koor dat Bolsonaro een vreselijke fascist is. Het enige wat anders was is dat de journalisten in kwestie niet tot vijf minuten voor de uitslag bleven roepen dat Bolsonaro volkomen kansloos was, zoals met de verkiezing van Trump. Maar voor de rest is het same old, same old.

Bolsonaro is een parachutistenkapitein die na een korte militaire carrière koos voor de politiek voor een groot aantal wisselende politieke partijen. Waar de vergelijkingen met het fascisme vandaan komen wordt gevoelsmatig duidelijk zodra hij begint te praten. Zijn taalgebruik is nogal kleurrijk en hij schuwt hyperbolen niet. Ben je echter een fascist als je taalgebruik wat aan de ruwe kant is? Het antwoord is nee. Dit is niet de plek om nog eens uiteen te zetten wat fascisme is, maar de tijdgenoten van het echte fascisme van de jaren ‘20, ‘30 en ‘40 beschrijven iets heel anders.

Brazilië heeft grote problemen. Er zijn achterbuurten die niet zouden misstaan in een derdewereldland, er is gigantische criminaliteit, gigantische aantallen verkrachtingen, moorden en elke andere negatieve statistiek die je maar kunt bedenken scoort vrij hoog. Brazilië is een rijk land waar de politie de orde handhaaft door af en toe naar de achterbuurten te trekken om daar de grootste lokale drugshandelaren koud te maken. De Braziliaanse geest lijkt klaar voor een sterke man om wat zaken grondig aan te pakken. En omdat een sterke man en zijn publiek altijd twee zijden zijn van dezelfde medaille vinden de Brazilianen en Bolsonaro elkaar hierin.

LHBTQI-alfabetsoep

Positief is dat Bolsonaro staat voor een duidelijke breuk met het pro-minderheden-beleid dat de gehele beschaafde wereld teistert en waar niemand, behalve een kleine internationale kliek, echt gelukkig mee is. De agenda om iedereen in een heel klein hokje te zetten heeft een heel duidelijk doel. Het doel is de hele bevolking op te knippen in hele kleine groepjes, zodat niemand meer een vuist kan maken tegen de zittende macht.

Zodra iedereen in 1 van de letters van de LHBTQI-alfabetsoep valt kan de zittende macht er van op aan dat iedereen bezig is met zijn/haar allerindividueelste goestingen in plaats van zichzelf af te vragen hoe het komt dat iedereen, ook diegenen met een heel behoorlijk inkomen, steeds minder geld uit te geven heeft. Hoe het komt dat de straten steeds onveiliger worden. Hoe het komt dat politici in dienst van de macht steeds maar weer wegkomen met de meest publieke vorm van corruptie denkbaar. Hoe het komt dat drugshandelaren vrij spel hebben, maar een lokale horecaondernemer een boete krijgt als hij zijn reclameborden iets te lang op de stoep laat staan? Bolsonaro lijkt vooralsnog een stap verder in de mondiale breuk met dit beleid met een duidelijk beroep op de meerderheid van de Brazilianen.

Chicago boys

Geheel in stijl met autoritaire regimes in Zuid-Amerika heeft ook Bolsonaro liberale adviseurs. In het oog springt ene Paulo Guedes. Een exponent van de Oostenrijkse / Chicago-school van vrije markt economie. Zijn succesformule voor alles is “privatisering”. Dat beleid kennen wij hier in Europa. Het enige echte succesverhaal hier in Europa van privatisering is het privatiseren van de telefonie-sector. Wat een revolutie in de communicatietechnologie teweeg heeft gebracht. Buiten dat wapenfeit blijft het een beetje stil. In Brazilië speelt vooral de discussie over het privatiseren van het staatsgasbedrijf. Een interne discussie zou je denken. Dit is volgens mij niet het geval. Juist iets als energievoorziening is een grote factor in internationale politiek gebleken. Een gasbedrijf privatiseren of niet heeft merkbare gevolgen voor de relevantie van een land in het internationale diplomatieke verkeer.

Politieke midden verdampt

Wat ook geheel in de mondiale trend past, is dat ook in Brazilië het politieke midden verdampt. Het positieve aspect hieraan is de genade van duidelijkheid en heldere keuzes. In Nederland wordt er graag nog wel eens wat opschepperig gedaan over het “overlegmodel” of “poldermodel”, maar eigenlijk is er weinig positiefs aan dit beleid. Juist het poldermodel staat garant voor een geestdodende en alles onderdrukkende consensuspolitiek. De Brazilianen vrezen het geweld in de straten, maar over een Braziliaanse versie van het poldermodel hoeven de Brazilianen zich in elk geval geen zorgen te maken getuige de zetelverdeling.

Al met al is de geschiedenis duidelijk niet afgelopen en Brazilië kan weer een nieuwe weg in. Bolsonaro heeft een duidelijk mandaat gekregen en het is zijn opdracht zijn kiezers niet teleur te stellen.

Posted on

China en Noord-Korea: tegen wil en dank tot elkaar veroordeeld

De ogen waren in het Westen steeds gericht op Trump en Kim Jong-un, maar hoe staat het eigenlijk met de verhouding tussen Noord-Korea en China? Na al het retorische geweld en vervolgens de vredige top tussen de leiders van de Verenigde Staten en Noord-Korea, blijft het uiterst relevant te weten welke invloed China achter de schermen uitoefent. Hoe zag de verhouding tussen China en Noord-Korea er de afgelopen decennia überhaupt uit? En welke ontwikkelingen maken dat, na een dieptepunt in 2015, de betrekkingen nu plotseling aanzienlijk beter lijken te zijn?

Het is 4 september 2015. In de Chinese hoofdstad Peking zit de toenmalige Zuid-Koreaanse president Park Gyeun-hye prominent naast haar Chinese collega president Xi Jinping. Geamuseerd kijken ze naar een legerparade ter ere van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl beide leiders innig in gesprek zijn, zit Choe Ryong-hae – een hoge functionaris uit Noord-Korea – op enkele meters afstand. Decennia geleden had een vertegenwoordiger van Noord-Korea op de stoel naast de Chinese president gezeten en was dit beeld ondenkbaar geweest. De functionaris, die werd uitgezonden als de persoonlijke vertegenwoordiger van Kim Jong-un, werd zelfs een korte ontmoeting met Xi Jinping geweigerd. Het onderstreepte de diepe kloof die bestond tussen de twee landen.

De Zuid-Koreaanse president Park Geun-hye kreeg een prominente plaats op de tribune bij een militaire parade ter herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Peking, 2015.

Hoe anders is het beeld sinds maart 2018. De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un is inmiddels tot drie keer toe op bezoek geweest bij de Chinese president. Met zijn zwaar gepantserde trein raasde Kim door het Chinese landschap. Peking werd compleet voor hem stilgelegd. Na een innige ontmoeting en een urenlange bespreking waren Kim en zijn vrouw te gast bij een uitgebreid staatsbanket. Speeches volgden. Beide leiders prezen de zeventig jaar lange ‘goede’ relatie tussen beide landen. Xi beloofde economische samenwerking. Alsof er drie jaar geleden niets was gebeurd. Het is tekenend voor de ongemakkelijke relatie tussen beide landen. China is niet blij met het gedrag van Noord-Korea, dat al jarenlang aan een nucleair wapenarsenaal werkt. Toch blijft China trouw steun verlenen aan Kims regime. Waar komt deze onvoorwaardelijke steun vandaan? Wat belemmert het machtige China in te grijpen? En hoe verhoudt deze ongemakkelijke relatie zich tot het geopolitieke schaakspel dat Noordoost-Azië sinds de Koude Oorlog in haar greep houdt?

Veiligheidsparaplu
De innige vriendschap tussen beide communistische volkeren ontstond tijdens de Koreaanse Oorlog die van 1950 tot en met 1953 gevoerd werd. Het Chinese volksleger van Mao Zedong schoot de Noord-Koreanen te hulp nadat de troepen van de Verenigde Naties dicht bij de Chinese grens kwamen. Met hulp van de Chinezen werden de VN-troepen weer teruggedrongen naar de 38-ste breedtegraad. Het is dankzij de Chinezen dat Noord-Korea überhaupt bestaat.

Na de wapenstilstand van 1953 – een vredesverdrag werd nooit getekend – trokken China en Noord-Korea samen op. Hun onvoorwaardelijke vriendschap werd verankerd in het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag van 1961. In dit verdrag verklaren de twee staten zich met ‘alle nodige maatregelen’ te zullen verzetten tegen elk land of elke coalitie van landen die één van hen zou kunnen aanvallen. Na de Koreaanse Oorlog schaarde Noord-Korea zich onder de ‘veiligheidsparaplu’ van China. Zuid-Korea schaarde zich onder die van de Verenigde Staten.

Tijdens de Koude Oorlog veranderde er weinig in de Sino-Noord-Koreaanse betrekkingen. Hoewel er ten tijde van de Culturele Revolutie spanningen waren – naar verluidt vonden de Noord-Koreanen het ‘een grote krankzinnigheid’ – heeft China decennialang onvoorwaardelijke economische en politieke steun verleend. Voor China heeft Noord-Korea altijd gediend als een ideale bufferstaat tussen China zelf en het kapitalistische Zuid-Korea en Japan, die beide onder invloed van de Verenigde Staten staan. Hoewel arm en weinig invloedrijk, diende Noord-Korea de belangen van China door in de regio tegen de Amerikanen te ageren.

Een faalveilig mechanisme
Na de Koude Oorlog veranderde dit beeld. Toen de Sovjet-Unie instortte en wegviel als economische donor van Noord-Korea, probeerde China het gat op te vullen. China kreeg echter al snel te maken met eigen economische problemen. Hierdoor kwam Noord-Korea er alleen voor te staan. Overal ter wereld zag het Noord-Koreaanse regime voormalige onvoorwaardelijke allianties uit elkaar vallen. Socialistische dictaturen werden bloedig omvergeworpen en maakten plaats voor de liberale marktdemocratie. In 1994 overleed president Kim Il-sung en was de Noord-Koreaanse economie volledig ingestort, met een enorme hongersnood tot gevolg. Noord-Korea stond op de rand van de afgrond.

China transformeerde ondertussen tot een economische grootmacht. In dit proces haalde China zelfs de banden met Zuid-Korea aan. Terwijl Zuid-Korea als soeverein land werd erkend door China en Rusland, weigerden Japan en de Verenigde Staten hetzelfde te doen met Noord-Korea. De Chinese ‘veiligheidsparaplu’ leek weg te vallen. Wat was het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag nog waard? Het kwetsbare Noord-Korea had een faalveilig mechanisme nodig om overleving van het regime te garanderen. Het besloot kernwapens te ontwikkelen.

Speldenprikjes
China heeft de afgelopen decennia vaak laten weten niets op te hebben met deze nucleaire ambities. De constante spanningen die erdoor oplaaien in de regio zijn niet in het belang van de Chinezen. Zij willen juist regionale stabiliteit ten behoeve van de groei van de Chinese economie.

Toch heeft China bijzonder weinig gedaan om de ontwikkeling van Kims kernwapenprogramma tegen te werken. Terwijl de internationale gemeenschap na iedere nucleaire test steeds weer strengere sancties oplegde, bleef China Noord-Korea oogluikend ondersteunen. VN-resoluties werden afgezwakt door Chinees toedoen en in de praktijk vaak niet uitgevoerd. Terwijl Peking beweerde zijn best te doen de sancties tegen Noord-Korea te handhaven, werd in Dandong aan de grens met Noord-Korea nog volop gehandeld.

De maatregelen die China wél tegen Noord-Korea heeft genomen zijn slechts speldenprikjes geweest. Voorbeelden daarvan zijn het tijdelijk afknijpen van de olietoevoer, het aan banden leggen van de import van Noord-Koreaanse kolen en het geven van een diplomatieke voorkeursbehandeling aan Zuid-Korea. Hoewel de Chinese maatregelen leidden tot ongemakken in de Noord-Koreaanse samenleving, hebben ze op geen enkel moment het regime aan het wankelen gebracht. China heeft er altijd voor gezorgd dat Noord-Korea het hoofd boven water kon houden.

De reden daarvoor is dat het alternatief voor de Chinezen nog vele malen onaantrekkelijker is. Een ineenstorting van het Kim-regime zou voor China desastreus uitpakken. China zou ten eerste te maken krijgen met een ongekende vluchtelingenstroom aan zijn grenzen. Ten tweede is het allerminst zeker wat voor regime de macht in Noord-Korea zou overnemen. Bij regime change is bijna altijd sprake van bloedvergieten. Zeker omdat daar kernwapens bij kunnen worden ingezet, wil China dat risico liever vermijden. Ten derde zal China met het wegvallen van Kim aanzienlijke regionale politieke invloed verliezen. Als Zuid-Korea – met een economie bijna veertig keer zo groot als die van de noorderbuur –- invloed zou krijgen over Noord-Korea, kunnen de Amerikanen heel dicht bij de Chinese grens komen.

Amerikaanse druk
De Amerikanen ergeren zich al jaren aan het tegenstrijdige beleid van China. Zij willen het liefst Noord-Korea politiek en economisch zoveel mogelijk onder druk zetten tot Kim eindelijk zal toezeggen zijn kernwapens op te geven. President Trump zei: “Zonder de hulp van China kan Noord-Korea niet eens eten. Om het Noord-Koreaprobleem op te lossen, moeten we achter China aan.”

Trump voerde de druk op China op om de strenge sancties tegen Noord-Korea te handhaven. President Xi werd voor het blok gezet. Óf het Kim-regime blijven steunen, óf de Chinese handelsbelangen met Amerika behartigen. Even leek China voor het laatste te kiezen. Onder druk van de Amerikaanse president werd recent zelfs de handel in de Chinese grensgebieden zo goed als stil gelegd. Tot er iets historisch gebeurde. Kim Jong-un beloofde te stoppen met het testen van nucleaire wapens en langeafstandsraketten. Van kreupelende sancties en oorlogsretoriek ging het ineens over het sluiten van een vredesverdrag en diplomatieke toenadering. Op 12 juni 2018 vond een ontmoeting plaats tussen Trump en Kim Jong-un. Dat was de eerste keer dat een leider van Noord-Korea en een zittende Amerikaanse president elkaar ontmoetten. De twee leiders beloofden met elkaar te onderhandelen. Hierdoor was de diplomatieke druk van de ketel. Omdat de Amerikanen toenadering zochten tot Noord-Korea, kon Xi zich losweken van de druk om de sancties uit te voeren. Sinds de top van 12 juni wordt er weer volop gehandeld over de Chinese grens. Er gaat zelfs het gerucht dat president Xi binnenkort naar de Noord-Koreaanse hoofdstad Pyongyang zal afreizen om Kim te ontmoeten.

Breekijzer
Xi ziet het liefst een politiek stabiel en economisch voorspoedig Noord-Korea aan de grens. Daarom wil China dat Noord-Korea zijn economie hervormt, zoals het land zelf onder Deng Xiaoping eerder in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw heeft gedaan. China zat in de jaren zeventig van de vorige eeuw nog in een vergelijkbaar parket als waar Noord-Korea momenteel in zit. Er is sprake van een totalitaire leider, een failliet economisch systeem en het land wordt bovendien internationaal verguisd vanwege het kernwapenprogramma en de massale schending van de mensenrechten. In een opmerkelijke en tegelijkertijd indrukwekkende transformatie veranderde China binnen enkele decennia in een economische en politieke wereldmacht. Noord-Korea zou op zijn minst een vergelijkbare ontwikkeling op economisch gebied kunnen doormaken.

vrachtwagens wachten tot ze de grens tussen China en Noord-Korea over mogen (foto: Roman Harak).

Momenteel vinden officieus al op beperkte schaal economische hervormingen in Noord-Korea plaats. Maar hoewel zo’n tachtig procent van de bevolking afhankelijk is van de kapitalistische grijze en zwarte markten, blijft de regering vasthouden aan het socialistische ideaal. Evenals China stelt Noord-Korea bij alle ontwikkelingen altijd de veiligheid en het voortbestaan van het regime voorop. Daarom kan er pas nu Noord-Korea zijn kernwapenprogramma op orde heeft worden toegewerkt naar een hervorming van de economie. Dat gebeurt langzaam maar gestaag. Sinds enkele jaren mogen Noord-Koreaanse staatsbedrijven wat ze produceren boven de door de overheid voorziene quota zelf op de markt brengen en de winst behouden. Bedrijven zijn vrij om dat geld zelf te investeren. Het resultaat is een flexibelere economie, die steeds meer in contact treedt met het buitenland.

Een glimp daarvan valt op te vangen bij de halfjaarlijkse Pyongyang International Trade Fair. Een soort huishoudbeurs waar Chinese bedrijven hun producten slijten aan vermogende Noord-Koreanen. Tijdens mijn reizen heb ik gezien dat er een enorme aanloop was op deze beurs. Flat screentelevisies, keukenapparatuur en zelfs zonnepanelen werden massaal verhandeld. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het vond bij de Noord-Koreanen gretig aftrek. Op de beurs wordt, opvallend genoeg, afgerekend in Chinese yuan of Amerikaanse dollars. De Chinezen zien nieuwe zakelijke kansen in Noord-Korea en hopen met het investeren in de Noord-Koreaanse economie het land meer te openen naar de buitenwereld, en vooral naar  China toe.

De Nieuwe Zijderoute
Uiteraard vormt de economie ook een belangrijk onderwerp bij de besprekingen tussen Xi en Kim. In het eerste gesprek met Kim vertelde Xi zeer verheugd te zijn met het besluit van Pyongyang om prioriteit te geven aan economische ontwikkeling. Een vervolg liet niet lang op zich wachten. In mei 2017 nodigde China Noord-Korea uit voor de eerste Belt and Road-top. Noord-Korea maakt vooralsnog geen deel uit van China’s Belt and Road-initiatief – een reusachtig plan voor het bouwen van hoogwaardige infrastructuur op het Euraziatische continent. Maar dat ziet China graag veranderen. Met de uitnodiging aan Noord-Korea om deel te nemen aan dit initiatief geeft China aan klaar te staan om flink in Noord-Korea te investeren. Daar wil China niet alleen financieel wijzer van worden.

Een prioriteit is om van Noord-Korea een stabielere en voorspelbaarder bondgenoot te maken. Het valt nog te bezien of Kim Jong-un gevoelig is voor het Chinese grote geld. Noord-Korea blijft als de dood dat buitenlandse investeerders zich in binnenlandse politieke aangelegenheden zullen mengen. Maar als Kim zijn economie op het beloofde ‘wereldniveau’ wil brengen, zal hij het ook moeten aandurven om buitenlandse investeringen aan te trekken.

Of dit gaat gebeuren hangt voor een groot deel af van de gesprekken tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten. Als die onderhandelingen mislukken, kunnen de spanningen tussen China en Noord-Korea ook snel weer groter worden. De druk van de Verenigde Staten op China om de sancties te handhaven zal dan weer toenemen. Het bewijst eens te meer dat de relatie tussen Noord-Korea en China een bijzonder ongemakkelijke is. Het is dan ook de vraag of Kim Jong-un bij een eventueel bezoek aan een toekomstige, grote Chinese militaire parade naast Xi Jinping mag zitten, of genoegen moet nemen met een plekje achterin.

Michiel Hoogeveen ~ Het kluizenaarskoninkrijk

Posted on

Nederlandse in Donbass: “Ik sluit een derde wereldoorlog echt niet uit”

Met je kinderen vluchten uit de oorlog, het is een nachtmerrie die bij de meeste moeders niet eens zal opkomen. Ilse Kraamwinkel deed echter het omgekeerde, ze vertrok samen met haar vriend en kinderen uit Nederland naar een oorlog. Ze vond dat ze niet langer kon leven met het idee dat ze in Nederland zou bijdragen aan een maatschappij die er volgens haar voor zorgt dat er elders op de wereld oorlog wordt gevoerd. Ilse is om die reden vertrokken naar de Volksrepubliek Donetsk (DNR), een niet-erkend land dat officieel in Oost-Oekraïne ligt. Ze woont daar sinds een jaar en houdt een blog bij over haar leven in de DNR. Haar vriend Pascal vecht als soldaat in het leger.

Wat heeft je bewogen om hiernaartoe te komen?

Lang verhaal, niet kort uit te leggen denk ik. Als je naar het verleden van mijn vriend kijkt, hij heeft in Nederland in militaire dienst gezeten. Toen was hij nog relatief jong. Hij is daar in gegaan met de intenties, net als elke Nederlandse militair eigenlijk, om goed te doen voor de wereld. En vanaf die tijd en na die tijd zijn er steeds meer verhalen naar buiten gekomen over Irak, Srebrenica, Libië. Nadat hij dienst is uit gegaan zijn wij ons steeds meer gaan verdiepen in allerlei zaken. En één ding wat dan duidelijk wordt is dat het beeld dat naar buiten gebracht wordt, dat daar gewoon heel veel niet aan klopt.

Je hebt het over dat er geen goed beeld van de wereld wordt gegeven. Wat voor dingen zijn dat bijvoorbeeld?

Neem bijvoorbeeld toentertijd de beelden van Irak  of de verhalen over Amerikaanse soldaten die de papavervelden zaten te bewaken in Afghanistan. Ik bedoel, ik heb laatst nog op Facebook twee stukjes gepost van de NOS waarbij het gewoon zo overduidelijk was dat ze gewoon hebben zitten knippen en plakken.

Welke twee filmpjes waren dat?

Eentje over Poetin die een interview gaf aan een BBC-journalist over Oekraïne. Het eerste stukje van de NOS wat ze dan laten zien is dat een journalist van de BBC met Poetin gaat praten. En Poetin zegt hem dat ie even zijn mond moet houden en daarna heeft de NOS het afgekapt en laten ze daarna een beeld zien dat hij wat verder weg loopt. Maar goed, RT heeft het hele verhaal laten zien. Daarbij werd het dus heel duidelijk dat Poetin dus zat te wachten op zijn woordvoerder. Hij was aan het wachten op vertaling en daarna heeft hij nog twee minuten met die journalist staan praten om alles te verduidelijken en zijn mening te geven.

Maar ja, dat was filmpje één, filmpje twee ging over een Nederlandse journalist, Joost Bosman, die in Rusland bij een discussieprogramma aanwezig was en die daar zijn zegje zou doen. In de NOS-reportage werd gezegd dat hij amper aan het woord kwam. En uiteindelijk bleek op de originele Russische beelden dat Joost Bosman gewoon zeker anderhalve minuut heeft staan praten.

Je kunt je niet vinden in veel van de dingen die in het westen gebeuren. Maar hoe kom je dan op het idee weg uit Nederland te gaan en naar de DNR te komen?

Al jarenlang hadden we eigenlijk iets van ‘Wat doen we hier eigenlijk nog? Waarom werken we nu nog eigenlijk mee aan dit systeem?’ Maar ja, daarna komt de vraag: ‘Wat dan wel?’ Wat moet je gaan doen? Ergens op een onbewoond eiland gaan zitten? Dat gaat het hem ook niet worden denk ik.

Dus zo hebben we jarenlang gezeten. Na die tijd ben ik me eigenlijk meer op de situatie van hier gaan richten. Pascal had ondertussen contact met een aantal mensen van hier. En ja, goed, dan kom je Rusland op een gegeven moment tegen.

Schrikte Rusland jou niet heel erg af?

Dat vond ik in het begin altijd een moeilijk verhaal, ik vond dat moeilijk te plaatsen. Ik bedoel, je komt eerst terug op alle problemen in de Sovjet-Unie. Na de Sovjet-Unie alle corruptie die in die tijd is ontstaan en dan kom je uit in het nu. En het nu ligt nog ergens tussen de perfecte wereld en de tijd van de corruptie in. Wat men bijvoorbeeld in Nederland vaak niet snapt is dat alles werd geprivatiseerd in een hele korte tijd en daarbij enorm veel corruptie is bewerkstelligd. Daarom kan je de corruptie niet in korte tijd uitbannen.

Ik bedoel, men kan alle privatiseringen terugdraaien, maar dan had de hele wereld ook op zijn kop gestaan. Ik bedoel, men kan niet van elk groot bedrijf de eigenaren eruit trappen. Dat gaat niet. En dat moet stukje bij beetje aan banden gelegd worden. En dat is iets wat men in het westen heel moeilijk ziet. En dat is het beeld wat ik in eerste instantie ook nog niet zag. Dat zie je pas als je er echt in gaat verdiepen en dat is dus het verhaal achter de media, het verhaal dat wij in het westen niet zien.

Is er een belangrijk moment geweest waarom je je vertrouwen bent verloren en uit Nederland wou vertrekken?

Ik denk niet dat daar eigenlijk een duidelijk punt in is geweest. Daar hebben zoveel dagen, uren, weken, maanden aan onderzoek, aan achter de computer zitten, informatie natrekken, ingezeten. En stukje bij beetje gaat de beerput los en zie je steeds meer. Het punt waarop wij echt op het punt stonden om te vertrekken dat is eind vorig jaar geweest of tenminste halverwege vorig jaar.

Ik denk dat je dat heel erg moet terugleiden op dat wat er nu allemaal speelt. De drang naar het demoniseren van Rusland. Hoe het op dit moment in Syrië gaat. Pascal heeft echt al jarenlang van alles zien aankomen. Toen ie er echt mee bezig ging, vanaf dat ze in Libië bezig waren met de no-fly zone. Alles heeft ie aan zien komen. Alles wat daarna gebeurd is hebben we best wel bewust doorgemaakt. Met de vluchtelingenstroom die op gang zou komen. En als je kijkt waar de hele situatie nu toe aan het leiden is…nou ik sluit een derde wereldoorlog echt niet uit. En daar zijn wij heel realistisch in geweest.

En ook al komt die wereldoorlog er niet dan vinden er lokaal nog een paar grote oorlogen plaats en op een gegeven moment waren wij op een punt dat… Ik heb altijd gezegd: ‘Ik wil geen kant kiezen.’ Ik bedoel, we leven op een wereld, we leven op één planeet en we zullen het met elkaar moeten doen. Alleen het jammere is dat heel veel landen daar een stukje anders over denken. Het Westen is op dit moment zo demoniserend tegenover Rusland, China en verschillende andere landen aan het doen in plaats van diplomatiek een verbintenis proberen te zoeken, dat we op een gegeven moment gezegd hebben: het wordt nu tijd om wel een kant te kiezen. En die kant ligt voor ons niet meer in Europa.

Waarom ligt die wel bij Rusland naar jouw idee?

Vanaf het moment dat Poetin aan de macht is gekomen begon je vanuit het Westen een steeds negatievere houding tegenover Rusland te zien. En dat terwijl Poetin al die tijd zo diplomatiek mogelijk met iedereen probeerde te zijn. Dat zie je nu bijvoorbeeld ook terug met Noord-Korea. (Interview is afgenomen in Februari: ‘Rocket man’, ‘My button is bigger and more powerful’ – SB) De gezamenlijke sancties van de VN, daar neemt Rusland deel aan. Men probeert echt wel duidelijk onderscheid te maken in ‘tot hier en niet verder’. Maar tegelijkertijd hebben ze altijd gezegd ‘wij proberen altijd diplomatieke verhoudingen zo goed mogelijk te houden. Want zodra wij niet meer praten dan houd het op. En zodra we niet meer samen kunnen werken, dan gaan we vast zitten en dan gaan de zaken alleen maar verslechteren.’ Het westen daarentegen is op een hele andere manier bezig op dit moment. Terwijl Poetin altijd zijn best daarvoor heeft gedaan, zie je dat hij daar ongelooflijk in tegen wordt gewerkt.

Je zei net dat Rusland altijd een diplomatieke oplossing zoekt. Als je dat tegen sommige Nederlanders zou zeggen, zouden ze zeggen van Nou, oké, je hebt de Krim waar Rusland met militaire middelen heeft geïntervenieerd. Er is Syrië waar Rusland haar luchtmacht naar toe heeft gestuurd en er is constant de dreiging van bommenwerpers die ook in de buurt van Nederland vliegen. Ik denk dat veel mensen in Nederland een beeld hebben van Oké, dit komt helemaal niet diplomatiek over.

Neem Venezuela bijvoorbeeld: Een Amerikaanse diplomaat die ook heeft gezegd van ‘Er zijn verwachtingen dat daar opstanden uit zullen breken en dat men de president wil afzetten. Als dat zo is dan zullen we ze steunen.’ Waarom gaat men in het Westen gelijk over tot het afzetten van? Waarom wordt er niet gepraat? Waarom wordt er niet gepraat over nieuwe verkiezingen. Verkiezingen onder internationale waarnemers zodat er geen fraude kan plaats vinden. Dan zijn er toch een heleboel problemen opgelost? Ik bedoel, je haalde net Syrië aan. Je vergeet ook altijd nog even dat Assad een rechtmatig gekozen president was. Hij was zelfs bereid nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Maar de opstand moest plaats vinden omdat Assad per se weg moest. En in heel veel situaties had het gewóón gekund. Het had in Syrië gekund, het had in de Krim gekund het had hier in Donetsk gekund, maar in het Westen wil men het niet.

Wat de Krim betreft, geldt dat het beeld is dat het door Russische militairen is overgenomen. Hoe kijk jij daartegenaan?

Het klopt dat dat het beeld is: lang leve het nieuws. Degenen die zich er een klein beetje in hebben verdiept, en ieder weet het ergens wel, weet dat er op de Krim netjes een referendum is gehouden voor aansluiting met Rusland. Want ga je de geschiedenis van de Krim bekijken dan wonen op de Krim van oudsher al heel lang etnische Russen. Al eerder, in de jaren ‘90, heeft men al een keer een onafhankelijkheidsreferendum van Oekraïne gehouden. De gedachte van de burgers is daar al heel lang duidelijk: Men wil daar al lang van Oekraïne af.

Het referendum is in de Krim gehouden, de keuze was duidelijk voor Rusland. En het enige wat Oekraïne en wat Europa kan zeggen is: ‘het referendum is niet rechtsgeldig geweest.’ Ga met de burgers van de Krim praten, ik bedoel, er zijn genoeg journalisten die bij de NOS niet in beeld gebracht worden die er geweest zijn, er is een Nederlander die er woont zelfs. En die kunnen je een heel ander verhaal vertellen dan de NOS doet. Maar daar kijkt men niet naar.

Dat geldt hier in Donetsk precies hetzelfde. Er is ook een referendum gehouden voor de onafhankelijkheid. Het enige wat men kan zeggen is ‘het is niet rechtsgeldig’, net zoals ze toen in Catalonië gedaan hebben. Het is gewoon heel makkelijk, de stem van de burger geldt gewoon niet.

Je zegt net dat er eigenlijk niet naar het volk wordt geluisterd. Tenminste, dat het Westen dat niet belangrijk vindt, als ik je goed begrijp.

Nee, dat is gisteren wel duidelijk geworden.

Wat bedoel je met gisteren?

De referendumwet. (De Tweede Kamer stemde een dag voor het interview in met de afschaffing van de referendumwet.) Kijk, Rusland is democratischer dan Nederland wat dat betreft. Want Rusland heeft nog steeds een referendumwet. Het is nog niet definitief, maar de Tweede Kamer heeft het goed gekeurd. Ja, men wil niet naar het volk luisteren, dat heeft men heel duidelijk aangegeven, dacht ik. Want o wee; het volk zal toch eens een stem hebben. En het enige wat ze dan kunnen zeggen is: ‘Het volk begrijpt het niet’. Nou, ik denk dat als we even naar het Oekraïne-referendum kijken, dat heel veel mensen wel degelijk begrepen waar het over ging. Mensen begrepen het maar al te goed, dat de grenzen open zouden gaan en dat Oekraïners naar Nederland toe zouden willen. Ik weet van hier heel goed hoe mensen tegen Europa aankijken. En datzelfde hoor je ook uit landen in Afrika met alle vluchtelingenstromen. Men ziet Nederland en het westen van Europa, Duitsland, Nederland, Engeland. Men ziet het echt als goudbergen, maar men heeft echt geen flauw idee van de kosten die mensen moeten maken. Als je mensen vertelt wat je gemiddeld aan je huur of aan je hypotheek kwijt bent, wat gemiddeld je eten kost, wat je gemiddeld aan verzekeringen kwijt bent en wat je aan belastingen af moet dragen, dan begrijpen ze het allemaal een stuk beter.

Wat heb je zelf gestemd in het referendum over het associatieakkoord?

Ik heb toen ‘nee’ gestemd, omdat ik alles aan zag komen. Het is niet goed voor Europa en het is ook totaal niet goed voor Oekraïne. En de Oekraïense burgers komen er nu achter. Je hoort ook steeds meer geluiden via internet dat men zich op dit moment eigenlijk ongelooflijk bedrogen voelt. Wat heel veel mensen niet niet wisten is dat tegelijkertijd met het associatieverdrag dat daar eigenlijk ook de IMF-leningen aan vastzaten. En dankzij die IMF-leningen gaan vanaf April tot en met Oktober de gasprijzen in Oekraïne, met – geloof ik – 87% omhoog. Dat betekent dat de gemiddelde Oekraïner bijna twee keer zoveel voor zijn gas gaat betalen. Een Oekraïner die nu al bijna niet rondkomt. En dat zijn IMF-eisen geweest. Een van de redenen waarom Janoekovitsj destijds (in 2014, voor de Euromaidan – SB) heeft gezegd: ‘Wij willen dit verdrag nog even uitstellen. Wij willen eerst naar andere opties kijken. Want dit kunnen wij onze burgers niet aandoen.’ Maar dat wordt in de media niet naar buiten gebracht. Daar moeten wij dus weer jaren later achter komen. Men is wat dat betreft gewoon ongelooflijk bedrogen. Zowel wij in Europa als de mensen in Oekraïne zelf.

En dat is voor jou ook één van de redenen om hiernaartoe te komen?

Het is alles bij elkaar, het is als een emmer die op een gegeven moment overloopt. En op een gegeven moment moet je bij jezelf bedenken, ‘Wil ik de rest van mijn leven op deze manier voort blijven gaan en in een maatschappij blijven zitten waar ik het niet mee eens ben?’

Je zei net dat je bang was voor een wereldoorlog die uit kan breken. Wat bedoel je daarmee en hoe zie je dat voor je? Wat voor dreigingen zie je?

Tijdens Bush stond de campagne tegen terreur en de campagne tegen extremisme op de eerste plaats. En nu heeft Trump heel duidelijk gezegd dat dat nu op de tweede plaats komt. China en Rusland zijn nu de grootste dreiging, dat heeft hij letterlijk gezegd. En tegelijkertijd zie we dat in alle mediaberichten terugkomen. Je kunt het zo gek niet bedenken of Rusland heeft het wel gedaan. Soms echt zonder ook maar enige bewijs.

Maar als je nu naar die mogelijke wereldoorlog kijkt, leef je dan nu niet midden op de frontlinie?

Ja, klopt.

Waarom heb je dat gedaan?

Ja, soms wel moeilijk om te begrijpen en moeilijk om daar antwoord op te geven. Het is heel erg makkelijk om te zeggen: ‘We gaan gewoon lekker zo ver mogelijk weg zitten. Het maakt allemaal niet uit.’ Alleen, wij zijn geen mensen die op die manier kunnen weg kijken. We hebben gezegd als we dan werkelijk enige invloed willen hebben en werkelijk een kant kiezen, dan moeten we het ook goed doen. Het zou heel goed kunnen dat we hier inderdaad midden op de frontlinie zitten. Nou ja, dat zij dan zo. Je leeft maar één leven en wij hopen in ons leven een, een… ik wil niet zeggen een belangrijke invloed te kunnen hebben, maar in ieder geval een positieve invloed te kunnen hebben voor onze omgeving. En niet alleen de mensen maar ook gewoon de complete leefomgeving. Zowel voor mensen als natuur, als voor dieren, echt onze complete planeet.

Heb je erover gedacht toen je vriend zei Ik wil eigenlijk deze kant op, om in Nederland te blijven met de kinderen?

Zeker wel, dat is een hele moeilijke afweging geweest. Dat heeft mij heel wat paniek aanvallen en slapeloze nachten gekost. Maar uiteindelijk heb ik me gerealiseerd dat, als je bepaalde dingen aan ziet komen dat je gewoonweg voor jezelf, voor… ik wil niet zeggen voor je eigen gemoedstrust, want zo bedoel ik het niet, maar meer voor je eigen zijn, voor je eigen ziel, voor het diepste van je binnen dat je gewoonweg niet kunt zeggen: ik werk hier nog langer aan mee.

En we hebben het hiervoor gehad over een kant kiezen. En dat we op een gegeven moment toch hebben gezegd van ‘Ja, dan moet er toch een kant gekozen worden.’ En ik heb het heel moeilijk gevonden om vooral hier als gezin zijnde naar toe te gaan. Tegelijkertijd hebben we ook gewoon gesproken met de mensen hier. En wisten we ook van tevoren van waar we nu zitten dat het gewoonweg veilig is. De kinderen spelen hier gewoon buiten op straat. Je kunt hier gewoon rustig je boodschappen doen. En supermarkten en markten liggen vol met eten. Er is een oorlog, maar voor de mensen hier is het ook een heel raar beeld, want zeker in de zomer als je buiten zit, dan hoor je de beschietingen ’s avonds beginnen. Je hoort het wel, maar men is er zo aan gewend.

Posted on

“De Russische media zijn zeer divers”

Russische opinieleiders die het opnemen voor Vladimir Poetin zijn een zeldzaam verschijnsel in de Westerse media. Dmitry Babich, een zelfverklaarde ‘linkse conservatief’, behoort tot dit illustere gezelschap. Als politiek analist van Sputnik International (voorheen radiozender Voice Of Russia) is hij te zien geweest bij de BBC, CNN, Al Jazeera en ook de NOS, in actualiteitenrubriek Nieuwsuur. Babich zegt dat hij zijn meerderen nooit vooraf op de hoogte stelt van zijn buitenlandse tv-optredens. Ook gaat hij er prat op dat hij nooit met dubbele tong spreekt. Russen of niet-Russen, hij stemt zijn opinies niet af op zijn gehoor.

Novini nodigde Dmitry Babich uit voor een gesprek over de Russische media, met als deelonderwerpen: Russisch nepnieuws; de maatregelen die de VS hebben getroffen tegen RT en Sputnik; het geweld tegen Russische journalisten; en de blijvend lage ranking van Rusland in de persvrijheidsindexen.

U staat op de loonlijst van Sputnik. Zowel Sputnik als RT ontvangen financiering van de Russische staat. Ze worden in het Westen beschuldigd van propaganda. Hoe kijkt u daar tegenaan? [1]

De reden dat invloedrijke personen in het Westen zo kwaad zijn op RT en Sputnik is dat wij de westerse media te kijk zetten, meestal ook nog gebruik makend van citaten opgetekend uit diezelfde westerse media. In feite observeren wij de observator. En wij zetten die observator te kijk als vooringenomen en misleidend.

Verder moeten degenen die ons beschuldigen van propaganda eerst maar eens met bewijzen komen dat wij de zaak bedriegen.

Misschien zetten RT en Sputnik de werkelijkheid een beetje naar hun hand door sommige zaken consequent wel te melden en andere niet?

Elk nieuwsmedium is in zekere zin selectief, en dat kan ook niet anders omdat je niet al het nieuws en alle opinies kunt brengen die er zijn. Maar RT is duidelijk minder selectief dan de Westerse media. Zo worden representanten van het pro-Amerikaanse Moscow Carnegie Center wel aan het woord gelaten bij RT, terwijl het onvoorstelbaar is dat CNN zendtijd geeft aan Rusland-sympathisanten uit de VS.

Maar u bent wel op CNN te zien geweest.

Ik ben geen Rusland-sympathisant uit de VS. Ik ben een Rus, wonend in Rusland, geen Amerikaan. Maar inderdaad, ik ben op CNN geweest. Eén keer. Vier jaar gelden, en niet als iemand die de andere kant van het verhaal mocht belichten.

Hoe was het om te gast te zijn in het programma Nieuwsuur?

De eerste keer was één of twee dagen na de ramp met MH17. De interviewer sprak daarover alsof het 100 procent zeker was dat het vliegtuig was neergehaald door Russen of hun handlangers in het gebied, en dat het allemaal de schuld was van Poetin. Mijn pogingen hem er op te wijzen dat het niet alleen de schuld kon zijn van Rusland werden afgedaan als ‘pro-Poetin talk’. Ik was bijna in tranen toen. Niet alleen vanwege de manier waarop ik werd aangesproken, maar ook omdat de ramp zelf mij heel erg aangreep.

Toen de redactie mij daarna nog een keer vroeg, heb ik toegezegd op voorwaarde dat ik op een beleefde manier bejegend zou worden.

Terug naar RT en Sputnik. RT wordt in de Westerse media vaak genoemd in verband met nepnieuws over een Russische jongen die gekruisigd zou zijn in Oekraïne, en een Russisch meisje dat verkracht zou zijn in Duitsland door vluchtelingen.

Ten eerste zijn die verhalen niet de wereld ingeholpen door RT, maar door de Russische tv-zender Kanaal 1. En ten tweede heeft Kanaal 1 die verhalen niet gebracht met de bedoeling het publiek te misleiden, maar omdat ze dachten dat ze echt waren.

Ik vind het niettemin onprofessioneel van Kanaal 1 dat ze een verhaal zoals dat over de gekruisigde jongen niet hebben geverifieerd voordat ze het uitzonden. Maar in de Westerse pers wemelt het van dat soort verhalen. Neem Omran, het bloedbevlekte jongetje uit Aleppo. Er is geen tv-zender in het Westen die daar geen beelden van heeft uitgezonden, en steeds met de onderliggende boodschap: Kijk eens hoe barbaars de Syrische en Russische luchtmacht tekeer gaan boven Aleppo. RT spoorde Omran en zijn vader op en het bleek dat het hele verhaal nep was, en in scene was gezet door de grote favorieten van het Westen in Syrië, de zogenaamde Witte Helmen, die trouwens op zichzelf al een neporganisatie zijn.

Terwijl Rusland zich met RT en Sputnik richt op een Westers publiek zijn de VS na afloop van de Koude Oorlog nooit opgehouden met Voice Of America, Radio Free Europe en Radio Liberty.

Belastinggeld uit het Oosten en belastinggeld uit het Westen, een groot verschil nietwaar? Als ‘filantropen’ als George Soros bepaalde media financieren, dan kun je er ook zeker van zijn dat hij dit doet vanwege de belastingaftrek. Uiteindelijk wordt alles betaald uit de belastingkas.

De VS hebben recentelijk RT America aan banden gelegd, door ze onder meer te verplichten zich te laten registreren als ‘foreign agent’. Rusland heeft inmiddels tegenmaatregelen genomen.

De Russische Foreign Agent wetgeving uit 2012 is vooral een kopie van de American Foreign Agents Registration Act  uit 1938. De wet wordt gebruikt voor niet-gouvernementele organisaties, NGO’s, die politieke doeleinden nastreven en gefinancierd worden vanuit het buitenland. De Russische wet is nooit bedoeld geweest voor de media, en is er ook nooit voor gebruikt. Maar in de VS hebben ze nu besloten dat ze hun wet uit 1938 gaan gebruiken tegen RT en Sputnik. Met het gevolg dus dat Rusland hetzelfde gaat doen.

In de Westerse media wordt veel en vaak gesproken over de zogenaamde trollenfabriek in Sint-Petersburg, van waaruit het Westen wordt bestookt met nepnieuws, en discussies op sociale media worden beïnvloed.

Ik geloof niet in Russische trollenfabrieken, omdat het gewoonweg onmogelijk is dat die verantwoordelijk kunnen zijn voor de stortvloed aan lezersreacties op anti-Rusland artikelen zoals te zien zijn op zoveel verschillende buitenlandse websites. In tientallen verschillende talen ook nog.

Ik ben goed bekend met mijn collega’s van de Poolse afdeling van Sputnik, en ik weet daarom hoe moeilijk het is om in Rusland mensen te vinden die fatsoenlijk Pools spreken en schrijven. Maar toch tref je steeds weer honderden of duizenden reacties aan van verontwaardigde Poolse lezers op artikelen in de Poolse pers waarin gewaarschuwd wordt voor ‘het Russische gevaar’ of waarin nepnieuws over Rusland wordt opgevoerd, bijvoorbeeld over Russen die in 2010 het ongeluk met het presidentiële vliegtuig zouden hebben veroorzaakt door het vliegveld van Smolensk in de mist te zetten.

De Westerse media zijn van zichzelf al zo vooringenomen, tegenstrijdig, en vaak ook gewoonweg nep, dat er geen Russische trollen nodig zijn om dat aan het licht te brengen. Dat doet het publiek in het Westen zelf al.

Oppositiejournalist Oleg Kashin schreef onlangs in The Moscow Times dat de Westerse media niet langer een rolmodel zijn voor de onafhankelijke media in Rusland, vanwege het vervormde beeld dat Westerse journalisten schetsen van Rusland sinds anderhalf jaar.

Dat is zeker waar, maar de desillusie over de Westerse media ontstond al veel eerder. De Westerse verslaggeving van de oorlogen in Tsjetsjenië en Joegoslavië was zo bevooroordeeld en eenzijdig, dat journalisten en anderen in Rusland die in staat waren het Westerse nieuws te volgen teleurgesteld begonnen te raken. De openlijke steun van de Westerse pers aan de gewapende opstand in Syrië en aan het wrede nationalistische regime in Oekraïne heeft inmiddels voor iedereen in Rusland die toegang heeft tot het internet duidelijk gemaakt hoe ‘objectief’ de Westerse pers in werkelijkheid is.

De Russische media zijn ‘niet vrij’, volgens twee toonaangevende organisaties die overal ter wereld de vrijheid van pers meten. Wat vindt u van die kwalificatie?

Het is onmogelijk de vrijheid van pers te meten. Het is nepwetenschap.

Maar de Russische media zijn erg divers in vergelijking met de Westerse media. Wij hebben bijvoorbeeld kranten die steun betuigen aan de Westerse interventie in Syrië en die de Russische hulp aan de Syrische regering afwijzen. Grote kranten als Vedomosti, Kommersant en Nezavisimaya hebben dat voortdurend gedaan. Noem mij in Frankrijk of Groot-Brittannië een krant die schrijft: “We hadden Assad met rust moeten laten. We hebben er verkeerd aan gedaan ons met Syrië te bemoeien want door onze inmenging zijn er vele levens verwoest.”

Ander voorbeeld: Er zijn Russische kranten die volledig op de hand zijn van het regime van Porosjenko in Oekraïne. Zo noemde het weekblad Sobesednik de Maidan-coup van 2014 een ‘waardige revolutie’ en de milities in Donbass ‘criminelen’. Sobesednik is geen marginale publicatie. Het is een grote krant die je overal hier in Moskou in de kiosk kunt kopen.

Het idee dat de Russische pers niet vrij is lijkt erg te worden bepaald door berichten in de Westerse pers over geweld tegen journalisten.

De meeste moorden op journalisten in Rusland hadden van doen met het aan de kaak stellen van onoorbare praktijken van machtige lokale oligarchen, burgemeesters en gouverneurs, die onder Jeltsin als koningen regeerden. Onder Poetin hebben ze veel van hun macht moeten inleveren. De gouverneurs, en ook de burgemeesters, weten nu dat zelfs het geringste vermoeden van betrokkenheid bij moord het einde kan betekenen van hun carrières.

Er zijn dit jaar twee journalisten vermoord. In 2016 nul. Maar toch lijkt het de goede kant uit te gaan. Uit de cijfers van het Amerikaanse Committee To Protect Journalists (CPJ) blijkt dat er onder Jeltsin dubbel zoveel werd gemoord als onder Poetin. In het Westen lijkt iedereen juist te geloven dat juist Poetin de boosdoener is. Dat hij een moordgolf in gang heeft gezet.

De moordgolf op journalisten nam een aanvang onder Gorbatsjov. In de laatste jaren van de Sovjet-Unie werd er een privatisering in gang gezet. Dit creëerde een ‘markt’ voor moorden. Machtige clans raakten met elkaar slaags in de strijd om de controle over eigendommen, waaronder mediaconcerns.

Waarom denkt u dat er zo weinig moorden zijn opgelost?

Er zijn wel degelijk veel moorden opgelost. Het probleem is dat de Westerse media er niet over berichten als ze zijn opgelost of tot een veroordeling hebben geleid. Dat zou teveel in tegenspraak zijn met de leidende verhaallijn van het ‘wetteloze Rusland’. De moord op Anna Politkovskaya is bijvoorbeeld opgelost, de moordenaars zijn veroordeeld tot lange gevangenisstraffen, maar in het Westen leek niemand werkelijk geïnteresseerd.

Maar de meerderheid van de zaken is niet opgelost.

Ik ken de precieze statistieken niet. Over het algemeen is het moeilijk huurmoorden op te lossen. De moordenaars worden vaak weer door andere criminelen uitgeschakeld, en het is moeilijk te achterhalen wie opdracht heeft gegeven voor de moord. Zelfs als je de verdachte vindt, dan is het moeilijk diens schuld aan te tonen.

Radio-presentatrice en columniste Yulia Latynina, die onlangs uit Rusland is gevlucht omdat ze meermaals is aangevallen, verwijt de overheid een gebrek aan bescherming. Ze zegt: “Het is niet dat Poetin of het Kremlin achter dit soort aanvallen zitten. Ze knipogen naar degenen die ze organiseren.” 

Yulia Latynina had het aan de stok met bepaalde criminele elementen, die haar met stront besmeurden, onder het motto van: ‘We imiteren Latyninas manier schrijven over Rusland”.

Ik vind het walgelijk; ik kan dit soort acties niet goedkeuren.

Maar anders dan Latynina zou ik niet willen beweren dat de staat oppositiejournalisten in het geheel niet beschermt. Er zijn vele gevallen waarbij de daders van soortgelijke acties tegen bekende leden van de oppositie in de gevangenis belandden.

Het zijn steeds liberale journalisten die worden aangevallen. Wat drijft burgers die hiervoor verantwoordelijk zijn? Yulia Latynina zegt dat ze denkt dat de mensen niet echt kwaad zijn op haar. “Hun motivatie is dat ze groot willen worden in de ogen van Poetin.”

Ik deel die mening niet. Mensen zijn wel degelijk boos. Als je Echo Moskou aanzet, het ulra-liberale radiostation waar Latynina nog steeds haar wekelijkse programma presenteert, dan hoor je daar dat de Sovjet-Unie erger was dan Hitlers Duitsland; dat het in de genen van de Russen zit om te leven onder een dictatuur; dat de Russische president optrekt met moordenaars. Zulke uitspraken maken mij kwaad, omdat ze onwaar zijn en oneerlijk.

Russische liberalen worden in eigen land wel uitgemaakt voor ‘landverrader’. Waarom is dat?

Russische liberalen, zoals Vladimir Kara-Murza, spreken zich in het buitenland vaak uit voor hardere sancties tegen Rusland, omdat, zoals ze zeggen, “Poetins regime geen andere taal begrijpt.”

Voor veel kwaadheid zorgden ook liberalen die de slachting goedkeurden die het Oekraïense leger aanrichtte in Donetsk en Loegansk. De krant Sobesednik is daar een voorbeeld van. Er waren zelfs liberalen die zich vrolijk maakten over gesneuvelde Donbass-soldaten.

U erkent dat zowel liberalen als conservatieven zich schuldig maken aan haatzaaïerij, en het verontrust u dat de kloof tussen beide partijen alleen maar groter is geworden. Wat moet er gebeuren?

De meeste haatdragende taal komt van de ultra-liberalen[2] of van voormalige ultra-liberalen die, na de gebeurtenissen in Libië, Syrië en Oekraïne, gewoonweg zijn overgelopen naar het patriottische kamp. Zoals Vladimir Solovjov. Hij werkte lange tijd voor het ultra-liberale tv-station NTV onder de pro-Westerese oligarch Vladimir Goesinski. Daar leerde hij hoe je weg kunt komen met de ergste beledigingen. Van iedereen die tekeer gaat tegen Echo Moskou is hij de grofste.

Er zijn onder Poetin veel maatregelen genomen om de media aan banden te leggen. We hadden het net al over de ‘foreign agents’ wetgeving. Er is nu ook een wet die het aandeel van buitenlandse eigenaren in Russische mediabedrijven beperkt tot 20 procent.

Die wet is heel makkelijk te ontlopen, en dat gebeurt ook. Veel buitenlandse eigenaren maken nu gebruik van dekmantels. Ze betalen Russische bedrijven om zich voor te doen als eigenaar. Zo is het dagblad Vedomosti in Moskou begonnen als gezamenlijk project van The Wallstreet Journal en The Financial Times. Na de invoering van de nieuwe wet heb ik geen verschil waargenomen in de redactionele koers. Deze is nog steeds onversneden pro-Westers, en wie op dit moment de eigenaar ook moge zijn, de ultra-liberale invloed spreekt dagelijks uit de pagina’s.

The Moscow Times van Derk Sauer werk ook met een dekmantel. De krant staat geregistreerd in Nederland, maar wordt uitgegeven door het Russische Korsamedia.
Wat heeft de Russische overheid eigenlijk te vrezen van buitenlandse media-eigenaren? Vormen zij een bedreiging?

Het hangt er van af. Op dit moment niet. Maar in een bepaalde crisissituatie misschien wel. Het is nu al zo dat 80 procent van de Russische kwaliteitspers anti-Poetin is: Vedomosti, Kommersant, RBC, Nezavisimaya Gazeta, Novaya Gazeta, MK, Sobesednik, et cetera.

Op het moment dat president Viktor Janoekovitsj werd afgezet in Oekraïne, had hij 90 procent van de media tegen zich. Het probleem was dat Janoekovitsj zich nooit iets aantrok van wat de kranten over hem schreven. Hij dacht dat economie en diplomatie belangrijker waren. Dat was een grote vergissing.

De meeste Russen verkrijgen hun nieuws van tv-zenders die in eigendom zijn en onder controle staan van de staat. Dus wat valt er dan te vrezen van de oppositiekranten?

Ook op de staatszenders zijn er programma’s waarin kritisch gesproken wordt over de overheid en Poetin persoonlijk. De pro-westerse leider van de ultra-liberale partij Jabloko, Grigory Javlinski, sprak laatst nog 30 minuten aan een stuk op Kanaal 1 over zijn politieke programma en zijn kritiek op Poetins buitenlandpolitiek.

De staatszenders zijn wat dat betreft diverser dan de ultra-liberale pers, waar het anti-Poetin sentiment overheerst.

Verdenkt de Russische overheid buitenlandse NGO’s en media-eigenaren ervan aan te sturen op regime change?

De meeste oorlogen van de afgelopen twintig jaar begonnen als burgeroorlogen, die ontketend werden vanuit het buitenland. In zowel Syrië als Libië begon het met een opstand. Maar die opstanden van radicale soennieten waren aangezwengeld door Al Jazeera en werden daarna volop gesteund door de Westerse media. Met zulke voorbeelden voor ogen, moet je een idioot zijn om niet in te zien dat dezelfde tactieken van regime change ook op Rusland worden uitgetest.

Welke bewijs ziet u dat het Westen aanstuurt op regime change?

De voormalige Amerikaanse vice-president Joe Biden zei, tijdens zijn bezoek aan Moskou in 2010, dat hij niet wilde dat Poetin opnieuw president zou worden. Dit was een openlijke intentieverklaring. Tel daar de retoriek bij op van de  Russische media die onder controle staan van Amerikaanse en Europese eigenaren. Alles wijst op regime change-intenties.

 In 1996 werd president Boris Jeltsin herkozen met behulp van een Amerikaans campagneteam. Misschien dat dat nog een rol speelt in de argwanende manier waarop Russen kijken naar buitenlandse invloeden in hun land?

Het Russische volk is het niet vergeten, maar de belangrijkste rol werd gespeeld door corrupte Russen, de oligarchen die praktisch alle kranten in handen hadden. Jeltsin genoot in januari 1996 een waardering van 5 procent. Hij was zeer impopulair. De oligarchen besloten daarom hun krachten te bundelen en hun kranten aan het werk te zetten om Jeltsin herkozen te krijgen. En het lukte ze nog ook, met de hulp overigens van de buitenlandse media. Zoals een Franse journalist toen tegen mij zei: “In het Westen hebben we maar één kandidaat voor het Russische presidentschap: Jeltsin”.

Volgens hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times begeef je je in de gevarenzone als je aan de financiële belangen komt van Poetin en diens naasten. Toen journalisten van RBC een vriend van Poetin in verband brachten met de Panama Papers, kwam RBC in de problemen met de Belastingdienst, werd de hoofdredacteur ontslagen en werd directeur Derk Sauer opeens verdacht van aandelenfraude.

Het heeft RBC er niet van weerhouden door te gaan met het bekritiseren van Poetin. Als je kijkt naar RBC, maar ook naar Kommersant, Novaya Gazeta of Nezavisimaya Gazeta, dan zie zie je dat 50 procent van hun artikelen gaan over Big Money en Poetin of andere regeringsfunctionarissen. En dus is het wel degelijk mogelijk daar over te schrijven.

Kijk ook even wie de voormalige eigenaar is van RBC (de voormalige baas van Derk Sauer, EvdB): de miljardair Mikhail Prokhorov. Hij nam het op tegen Poetin tijdens de presidentsverkiezingen van 2012. Toch bleef de Westerse pers benadrukken dat RBC één van de laatste bastions was van de onafhankelijke journalistiek in Rusland.

Ik vind Prokhorov een cynische en verdorven man. U herinnert zich misschien dat hij in Frankrijk gearresteerd werd? Hij verkeerde in het gezelschap van zestien vrouwen. De politie verdacht hem ervan die vrouwen aan te bieden aan zijn vrienden. Na drie dagen werd hij weer op vrije voeten gesteld. Omdat hij tegen Poetin was, sloot de politie het onderzoek en werd hij door de Franse overheid onderscheiden met het Légion d’Honneur. Het zal waarschijnlijk de enige keer in de Franse geschiedenis zijn geweest dat iemand die er van verdacht werd pooier te zijn op zo’n manier werd geëerd.

Dus u denkt dat de publicatie over de Panama Papers niet heeft geleid tot de problemen bij RBC? Dat het allemaal toeval was?

De naam van Poetin komt helemaal niet voor in de Panama Papers. Alleen een vriend van Poetin, die cellist. Maar hij is niet dezelfde persoon als Poetin, en het is ook geen familielid van Poetin. Maar op de een of andere manier besteedde de Westerse pers, schrijvend over de Panama Papers, meer aandacht aan Poetin dan aan de Oekraïense president Porosjenko, wiens naam wel voorkomt in de Panama Papers omdat hij wel zijn geld op die rekeningen had staan. En niemand die hem vraagt wat hij doet met de pers in zijn land, die drastisch is veranderd onder Porosjenko. Het is in Oekraïne niet langer mogelijk iets positiefs te zeggen over Rusland. Ook is de journalistiek een gevaarlijk beroep  geworden in Oekraïne. Maar de Westerse pers blijft liever gefocust op de positie van journalisten in Rusland. Het lijkt ze niks uit te maken dat sinds Porosjenko aan de macht is er jaarlijks journalisten worden vermoord in Oekraïne.


[1] Nieuwsuur-presentator Eelco Bosch van Rosenthal kondigde vorig jaar Dmitry Babich aan tijdens een bijeenkomst in De Balie door te zeggen dat het onzinnig was te beweren dat RT een ‘propaganda-middel’ is. Zie videoregistratie vanaf de 38ste minuut.

[2] Dmitry Babich verstaat onder ultra-liberalen: neoliberalen. Hij prefereert de term ultra-liberalen, omdat volgens hem het belangrijkste kenmerk van het ultra-liberalisme niet is dat het ‘nieuw’ is maar ‘ultra’, een extreme vorm van liberalisme.

 

Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

De staatsman en zijn beleid

The Putin Interviews is een documentaireserie over de Russische President Vladimir Poetin door de Amerikaanse filmmaker Oliver Stone. De eerste aflevering verscheen in de Verenigde Staten van Amerika op 12 juni 2017 voor het publiek. Stone ziet zichzelf als dramaticus, dus als iemand die over personen en hun ontwikkelingen schrijft en deze op beeld weergeeft. Met Poetin mocht hij over 2 jaar talloze uren aan gesprekken opnemen, wat uiteindelijk leidde tot een bijna 4 uur durende documentaire verdeeld over 4 afzonderlijke afleveringen.

Hete hangijzers

Het is Stone die Poetin ondervraagt, uiteraard ook over de betrekkingen tussen de Verenigde Staten en Rusland, die al jaren stroef lopen. Volgens de Russische president is echter het buitenlandbeleid van de VS altijd hetzelfde gebleven ongeacht welke President er zat en dat zal met Donald Trump niet veranderen. Dit heeft van doen met de macht van de bureaucratie. Een heet hangijzer is Oekraïne, waar in 2014 een gewapende machtsovername plaatsvond, gesteund door de VS. Men blijft van Russische zijde uitleggen dat volgens hen de Krim niet geannexeerd is, maar middels een door Rusland ondersteund referendum bij het land kwam. Poetin merkt op dat men bij andere landen in Oost-Europa een zekere onrust opstookt tegen Rusland.

Zeer actueel is de rol en achtergrond van de Russische activiteiten in Syrië. Het land werkt samen met het Assad-regime om terroristen van Al-Qaida te bestrijden. Er vechten zo maar 5000 Russen aan de kant van de terroristen. Maar het is daar bovenal een wespennest geworden, er zijn talloze landen aanwezig, naast Rusland speelt ook Iran een rol en natuurlijk de VS. Daarbij zijn er meerdere westerse landen die daar met vliegtuigen bombardementen uitvoeren.

Een ander heet hangijzer is de digitale informatiestrijd tussen landen. Rusland heeft een nieuwe sleepwet voor datacollectie en tapt burgers af, de Amerikanen verzamelen informatie over de hele wereld, iets wat pas goed duidelijk werd na de verklaringen van Edward Snowden. Rusland stond wel open om hem uit te wisselen met vermeende Russische criminelen die in de VS zitten, maar het land wilde hierover geen akkoord sluiten.

Interessant zijn ook de bespiegelingen van Vladimir Poetin over Rusland en de maatschappij, als een samenleving van verschillende volkeren waar altijd interactie is geweest tussen de religies islam, orthodoxie en jodendom. Deze volkeren zien Rusland als hun thuisland, weet Poetin. Alle religies zijn in bloei, na het verdwijnen van het communisme. Er wordt tevens gekeken naar bevolkingspolitiek en men ziet het traditionele gezin als basis voor de samenleving en daarom is er ook de wet die kinderen tijdens hun schooltijd beschermt tegen homopropaganda.

Vladimir Poetin

Het verhaal van de Russische president zelf, opgegroeid in Leningrad (thans Sint-Petersburg), gedisciplineerd door het beoefenen van judo, Russisch-Orthodox van religie en na een rechtenstudie via het veiligheidsapparaat opgeklommen in de hiërarchie van de Sovjet-Unie. Jeltsin zou hem zomaar de macht hebben overgedragen in 2000, iets dat Poetin een opvallende ontwikkeling vond. Inmiddels vijf moordaanslagen verder zit Vladimir Poetin al bijna 20 jaar bovenaan de machtsstructuur. Stone laat terloops vallen dat dit erg lang is en dat iemand zomaar kan denken voor altijd nodig te zijn op een dergelijk positie. 

In de documentaire krijgen we meer te zien dan men zou verwachten uit de leefwereld van president Poetin, hij laat in alle rust zijn werkkamers zien en legt hier en daar wat uit. Ook zijn er beelden van het Rode Plein waar een manifestatie van het leger plaatsvindt. Het is een prima keuze geweest om te werken met ondertiteling van de woorden van Poetin en hem niet te vervangen door de stem van een Engelstalige spreker. Dit komt helder en oprecht over, hem te horen in het Russisch. Poetin lijkt ontspannen, lacht geregeld en neemt bij de lastige vragen een serieuze houding aan. We leren dat de president hard werkt, bijna altijd bezig is en nauwelijks rust neemt.

Goede aanzet

Het is een documentaire van belang, want het wordt op een moment naar buiten gebracht dat het voor mensen buiten Rusland zeer lastig is om objectieve informatie uit het land te verkrijgen, over hoe men daar tegen belangrijke kwesties aankijkt. Juist daarom is het wenselijk om uit de mond van de staatsman zelf te horen wat het beleid van Rusland is en dit in beeld gebracht door een filmmaker met verstand van zaken. Het publiek ontvangt dan ook veel kennis en inzichten en kan vervolgens zelf beoordelen en afwegen wat hiervan te vinden.

Op de momenten dat Oliver Stone vervolgvragen stelt komen er zaken naar voren die wel zullen verbazen. Zoals het ondersteunen met geld en raad van terroristen in Tsjetsjenië en op de Kaukasus door de Amerikanen, die zich ook zeer openlijk mengden in de Russische verkiezingen van 2012 en het enorme militaire budget van de VS in verhouding tot de rest van de wereld.

We leren Vladimir Poetin door deze film meer dan ooit kennen als een staatsman, die zichzelf als een patriot beschouwt en Rusland wil dienen. Poetin kan inderdaad terecht wijzen op de economische verbeteringen en heeft daarbij de Russen weer wat trots en het land een plek in de wereld teruggegeven. President Poetin zal nog wel even op die plek zitten, het wordt daarom tijd om ons eens wat meer open te staan voor de politiek van Rusland. Deze documentaire geeft hier een goede aanzet toe.

Posted on

Litouwen verliest opnieuw rechtszaak tegen Gazprom

Stockholm – Litouwen heeft eind juni de rechtszaak verloren die het had aangespannen tegen het Russische energiebedrijf Gazprom. Litouwen eiste terugbetaling van de 1,5 miljard euro die het teveel betaald meende te hebben vanwege gasprijzen die te hoog zouden zijn geweest.

De arbitragerechter van de Handelskamer in Stockholm (SCC) wees alle claims van Litouwen af. De rechter hield alle beschuldigingen van oneerlijke prijzen voor door Gazprom aan Lietuvos Dujos geleverd gas in de periode van 2006 tot 2015 voor ongegrond. Tegen de uitspraak is geen beroep meer mogelijk.

Het LItouwse gasbedrijf was in der tijd vijftig procent eigendom van de Litouwse staat, terwijl Gazprom de andere 50% in handen had. Gazprom heeft inmiddels alle aandelen in Lietuvos Dujos van de hand gedaan.

De SCC deed al eerder uitspraak in een rechtszaak van de Litouwse staat tegen Gazprom, waarin ook alle claims werden verworpen. Ook diverse Litouwse rechtbanken en het Hof van Justitie van de Europese Unie hebben alle Litouwse claims tegen Gazprom verworpen.

De rechtszaak werd niet alleen in Litouwen maar ook in Oekraïne op de voet gevolgd. Het Oekraïense gasbedrijf Naftogaz heeft bij de SCC een vrijwel identiek proces aangespannen dat betrekking heeft op vrijwel identieke leveringsovereenkomsten.

Posted on

Oekraïense en Amerikaanse politici en oligarchen doen goede zaken met financiële hulpfondsen

Neil Abrams en Steven Fish van het gerenommeerde Amerikaanse tijdschrift voor buitenlands beleid Foreign Policy zijn de vraag nagegaan wat de kansen zijn dat de corruptie en chaos in Oekraïne slechts een tijdelijk probleem zijn en welke rol het Westen daar in speelt. Ze publiceerden daarover onder andere in de Washington Post.

Nauwelijks had de gewelddadige staatsgreep van het Maidan in Kiev begin 2014 zijn doel bereikt en de gekozen president Viktor Janoekovitsj verdreven of de huidige bekleder van dat ambt deed zijn greep naar de macht. De steun voor ‘chocoladekoning’ Porosjenko nam duidelijk toe door zijn belofte een einde te maken aan de corrupte oligarcheneconomie in Oekraïne en dat hij daarbij zelf het goede voorbeeld zou geven. Porosjenko behoort namelijk zelf tot de puissant rijken, maar hij beloofde zijn aandeel in diverse bedrijven en banken van de hand te doen om zich volledig aan het welvaren van het Oekraïense volk te kunnen wijden. De politiek in Kiev zou niet meer beheerst worden door het grote geld, zo verzekerde hij.

Ook wie Porosjenko het voordeel van de twijfel wilde geven, mag zich na twee jaar afvragen wat er van dat goede voornemen terecht is gekomen. Dat deden dan ook twee onverdachte, want Amerikaanse, journalisten, Neil Abrams en Steven Fish, van het gerenommeerde tijdschrift Foreign Policy. Hun antwoord op de vraag is duidelijk: Ten eerste is er niets veranderd aan de oligarcheneconomie, ten tweede is Porosjenko net als voorheen een bepalende figuur in dit systeem.

De chaotische toestanden in het land zijn echter niet zozeer een gevolg van het onvermogen van Porosjenko en zijn regering, maar veeleer het noodzakelijke milieu voor het voortbestaan en gedijen van plutocratische machtsuitoefening. De beide auteurs zeggen het zo: “Een wereld waarin ambtenaren zich aan regels houden, officieren van justitie en rechters zich gewetensvol gedragen, de elites door democratische procedures rekenschap moeten geven en de vrije concurrentie van de markt functioneert – in zo’n wereld kunnen oligarchen niet overleven.”

In de Oekraïne overleven ze echter niet alleen, het gaat ze voor de wind. Alle voorwaarden daarvoor worden dan ook glansrijk vervuld. De omkoopbare rechterlijke macht en het volledige falen van de Nationale Anticorruptie Commissie worden daarbij effectief versterkt door de hulp van diverse westerse instellingen. Het schrijversduo stelt:

“De westerse hulp heeft de heersers van het land tot dusver ondersteund en ze bevrijd van de noodzaak om een functionerende staat en een functionerende markteconomie op te bouwen. Het voortzetten van de hulp zal de bestaande elites alleen maar langer aan de macht houden.”

Maar deze situatie is niet nieuw. Reeds een half jaar na de putsch ging Igor Kolomojski, één van de meest prominente oligarchen, er met 1,8 miljard dollar van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) voor Oekraïne van door. Inmiddels woont hij in Amerika. Deze schelmenstreek weerhoudt het Westen echter evenmin als andere van dergelijke voorvallen van om de betalingen voort te zetten. Zo werd in maart bekend dat een bedrag van twee miljoen dollar van de Verenigde Staten en de Europese Unie dat specifiek bestemd was voor hervorming van het gerechtelijk apparaat verdwenen was, nota bene via het ‘Anti-Corruption Action Centre’.

Kennelijk niet onder de indruk van dit soort zaken hebben de VS op de nucleaire top in Washington in april Oekraïne extra militaire hulp ter waarde van 335 miljoen dollar toegezegd. Men hoopt allicht dat bij de wapenhandel de fondsen wel voor het bestemde doel aangewend zullen worden. In Amerika spreekt men over ‘veiligheidsondersteuning’, hoewel men daar in het Donbasbekken wel anders over zal denken.

Maar niet alleen de VS slaan geen acht op slechte ervaringen. Ongeacht de 1,8 miljard waarmee Kolomojski aan de haal ging, zegde het IMF Oekraïne dit jaar opnieuw 17,5 miljard dollar toe, waarvan 6,7 miljard reeds uitbetaald is. Nu de geluiden over corruptie ook doordringen tot de Amerikaanse pers wordt de kraan even dichtgedraaid. Dat heeft zelfs al tot een waarschuwing van de Amerikaanse vice-president Joe Biden geleid: “Corruptie”, zo stelde Biden, “vreet de Oekraïne aan als kanker.” Een gepast woord uit de verkeerde mond. De zoon van de Amerikaanse vice-president, Hunter Biden, bekleed immers sinds de coup een positie in het bestuur van de Oekraïense gasreus Burisma. In de raad van toezicht daarvan zitten nog meer Amerikanen, waaronder Devon Archer, een huisvriend van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry. Op de achtergrond wordt het gasbedrijf geleid door de oud-minister Nikolaj Slotsjevskij.

En zo blijven dan vrolijk de miljoenen naar Kiev vloeien. Als het IMF niet betaalt, dan zijn het wel de Verenigde Staten. Zo maakte het Witte Huis op 19 juni jongstleden bekend nog eens 220 miljoen dollar beschikbaar te stellen voor Oekraïne, allemaal met het oog op ‘versterking van de democratie en rechtstaat’ natuurlijk. Begin juni had de Overseas Private Investment Corporation (ondanks de misleidende naam een overheidsinstelling) reeds 62,5 miljoen uitgetrokken voor Oekraïne. Die som komt bovenop een reeds geheel uitbetaalde van 185 miljoen. In het begrotingsontwerp van de VS voor het komende jaar is daarbij reeds 150 miljoen gereserveerd voor bijkomende militaire hulp.

Bij de EU heeft Oekraïne inmiddels zo’n 23 miljard euro aan schulden uitstaan. De financieel analist Alexander Okchrimenko, stelt dat de afbetaling daarvan over 20 jaar uitgesmeerd moet worden en dat de waarschijnlijkheid van een staatsbankroet in de loop van dit jaar rond de vijftig procent ligt, aldus het Handelsblatt. Voor het IMF, de VS en de EU is dat waarschijnlijk reden om nog meer geld uit te trekken voor Oekraïne.

Posted on

Doorbraak: Vijfsterrenbeweging wint verkiezingen in Rome en Turijn

De Italiaanse anti-establishmentpartij Vijfsterrenbeweging heeft de regerende Partito Democratico (PD) opnieuw een paar electorale klappen toegebracht. Zondag won de Vijfsterrenbeweging de tweede ronde van lokale verkiezingen in Rome en Turijn.

De Vijfsterrenbeweging (M5S) maakte in de campagne vooral een punt van de bestrijding van welig tierende corruptie. “Met ons breekt een nieuw tijdperk aan”, stelde Virginia Raggi die in Rome met 67% van de stemmen de tweede ronde meer dan overtuigend won. “We zullen ons inzetten om transparantie en legaliteit terug te brengen in de instellingen van de stad.” Het goede resultaat voor de M5S was te verwachten na diverse financiële schandalen in de stad Rome, waardoor onder andere de burgemeester aftrad in 2015.

Dat de PD ook in het linkse bolwerk Turijn de macht verloor, is echter opmerkelijker. Het PD-zwaargewicht Piero Fassino werd hier verslagen door de jonge Chiara Appendino (31), die in de eerste ronde 11 procentpunten minder behaalde, maar de tweede ronde met 55% van de stemmen won.

Anders dan in Rome en Turijn, wist de PD wel de macht te houden in Milaan en Bologna, waar de PD-kandidaten het in de tweede ronde op moesten nemen tegen centrumrechtse kandidaten.

Ook bij de parlementsverkiezingen in 2013 kreeg de Vijfsterrenbeweging al meer stemmen dan de PD. De nu regerende PD bezet niettemin meer zetels, omdat ze en bloc met andere, kleinere, linkse partijen aan de verkiezingen deelnam.

Het verlies in grote steden als Rome en Turijn is een gevoelige klap voor premier Matteo Renzi, die suggereert dat hij het bij volgende verkiezingen wel eens veel moeilijker zou kunnen krijgen.

Tot nu toe was de Vijfsterrenbeweging alleen in middelgrote steden aan de macht gekomen. Dat nu ook Rome en Turijn hier aan toegevoegd kunnen worden, mag met recht een doorbraak heten. Het zou een springplank kunnen zijn voor de nationale parlementsverkiezingen die in 2018 plaats moeten vinden.

Intussen is de anti-establishmentpartij uitgegroeid van een protestpartij tot een partij die met serieuze voorstellen komt. Zo wil ze financiële malversaties zwaarder bestraffen, belastingen voor het midden- en kleinbedrijf verlagen, staatsbedrijven sluiten of privatiseren en het uitkeringenstelsel hervormen.

Op Europees niveau werkt de Vijfsterrenbeweging samen met de UK Independence Party van Nigel Farage in de eurosceptische fractie ‘Europa van Vrijheid en Directe Democratie’ (EFDD).

Posted on

Frackingbubbel – Iedereen lijdt onder de olieprijsstrijd

Met hun strijd om marktaandeel hebben de grote olieproducenten Amerika, Saoedi-Arabië en Rusland een overschot gecreëerd dat niet alleen kleine concurrenten als Venezuela op de knieën dwingt, maar inmiddels ook hen zelf onder druk zet vanwege de aanhoudend dalende olieprijs.

Sinds medio 2014 is de olieprijs maar liefst zo’n 75 procent gedaald. Kostte een vat Brent toentertijd nog zo’n 100 Dollar, nu is het slechts 36. Prijsschommelingen zijn niets ongewoons, maar op het moment lijken de olieprijzen alleen nog te kunnen dalen. De reden daarvoor is een overschot aan ruwe olie op de wereldmarkt. Het Internationale Energie Agentschap (IEA) rekent in haar onlangs in Houston gepresenteerde jaarverslag pas vanaf het jaar 2017 op een stabilisering van de oliemarkt.

Sinds de Verenigde Staten op grote schaal in de zogenaamde fracking-methode, waarbij schaliegas en -olie uit gesteente vrij gemaakt wordt, geïnvesteerd hebben, groeiden ze tot de grootste olieproducent ter wereld uit. Ze legden grote olievoorraden aan en exporteerden overschotten. Omdat de tot dan toe belangrijke producenten Saoedi-Arabië en Rusland hun marktaandeel niet wilden verliezen, voerden zij hun olieproductie op. Door het productieoverschot daalden de prijzen. Naar nu blijkt met negatieve gevolgen voor alle betrokkenen.

De calculatie van de Saoedi’s, om de VS met lage prijzen de wind uit de zeilen te nemen, lijkt op te gaan. Experts verwachten dat het aandeel van de Amerikaanse frackingtechniek onder druk van de prijsstrijd in 2016 en 2017 verder zal afnemen. Fracking is duidelijk duurder dan de gebruikelijke aardoliewinning.

Maar ook voor de traditionele winners wordt het steeds moeilijker om bij aanhoudende prijsdaling kostendekkend te produceren. Dat geldt niet alleen voor de Russische economie die sterk afhankelijk is van de winning van grondstoffen en ook nog met westerse sancties te kampen heeft. Bijzonder moeilijk is de situatie in Venezuela. De inkomsten van de Venezolaanse staat zijn voor 96 procent afkomstig uit de export van olie. Het land dreigt over enkele maanden failliet te zijn.

Noorwegen

Verder wordt ook het rijke Noorwegen door de olieprijscrisis getroffen. De winning van grondstoffen als gas en olie maakt een vijfde van de Noorse economie uit. Meer dan 200.000 banen hangen van die branche af. Geplande investeringen in olie en gas zijn reeds dramatisch gedaald. Het oliebedrijf Statoil, voor twee derde in staatsbezit, heeft inmiddels 30.000 banen geschrapt, vanwege een halvering van de inkomsten in 2015 als in 2014. Dergelijke ingrepen treffen niet alleen de olie-industrie, maar ook toeleveranciers van machinebouwers tot horeca-ondernemers. De regering in Oslo probeert met lage belastingen tegen de toenemende aanspraak op het pensioenfonds en de devaluatie van de Noorse kroon in te sturen.

Knut Anton Mork, hoofdeconoom van de Noorse Handelsbank stelt in dit verband dat de economische groei in Noorwegen tot stilstand is gekomen. De gevolgen van de huidige oliecrisis zijn voor Noorwegen volgens Mork ernstiger dan de financiële crisis van 2008. Dit is te zien in een stijging van de werkloosheid. Sinds begin 2015 is de werkloosheid gestegen van 3,8 naar 4,6 procent. “Duidelijk hoger dan tijdens de wereldwijde financiële crisis.”

Frackingbubbel

Maar zelfs de Verenigde Staten krijgen de gevolgen van de titanenstrijd te merken. Ze konden weliswaar hun afhankelijkheid van de OPEC-landen beëindigen door de eigen productie te vergroten. De grote hoeveelheden olie die ze hebben opgeslagen zullen een eventuele stijging van de olieprijs afremmen. Daarbij komt dat alle landen investeringen in de oliewinning uitstellen vanwege het prijsverval. Volgens het IEA daalden de investeringen zo’n 24 procent. Het is voor het eerst sinds 1986 dat deze uitgaven twee jaar op rij dalen.

De ene na de andere Amerikaanse firma in de olie- en gasindustrie gaat dan ook failliet, met massale ontslagen tot gevolg. Schlumberger, een marktleider in fracking, schrapte in 2015 bijvoorbeeld 25.000 banen, een vijfde van het totaal.

Fracking gold in Amerika lange tijd als rendabel. De olieprijs lag toen echter nog bij 100 dollar per vat. Zo schoten ook kleine frackingbedrijven als paddestoelen uit de grond. De groei in de frackingbranche maakte van Amerika de grootste olieproducent voor Saoedi-Arabië en Rusland, maar droeg ook aanzienlijk bij aan het overschot op de wereldmarkt en het daaruit voort vloeiende kelderen van de prijs. Inmiddels hebben 67 oliebedrijven in de VS faillissement aangevraagd. Een derde van de resterende 175 Amerikaanse bedrijven hangt dit jaar een faillissement boven het hoofd. Voor staten als North-Dakota en Texas, waar ten gevolge van de frackingboom hele nederzettingen zijn ontstaan, dreigt een schuldencrisis. De vastgoedprijzen in desbetreffende regio’s dalen en er ontstaan spooksteden.

Deze ontwikkelingen maken dat investeerders en kredietverleners nerveus worden en proberen hun geld te onttrekken. Ook aan Wallstreet heerst onrust. Sinds medio 2014 hebben beursgenoteerde firma’s uit de oliebranche al meer dan een biljoen dollar verloren. Dat roept herinneringen op aan 2008, toen de Amerikaanse bubbel op de vastgoedmarkt, de hypotheekcrisis, een wereldwijde financiële crisis ontketende.

Sinds eind 2014 gingen in de oliesector 86.000 banen verloren, voor 2016 wordt rekening gehouden met verdere ontslagen. Aangezien de frackingwereld nauw met de financiële sector verbonden is, maken velen zich zorgen dat de crisis overslaat. Amerikaanse banken hebben 277 miljard dollar aan frackingbedrijven geleend, waarvan 34 miljard bedrijfsobligaties met een hoge rente en een hoog risico, ook wel junk bonds genoemd. De grote banken op Wallstreet haastten zich dan ook hun reserves te verhogen. In december moesten reeds de eerste fondsen sluiten, omdat investeerders hun geld terug eisten.

Productiebeperking 

Olieproducerende landen kunnen het intussen niet eens worden over beperking van de winning om het overschot terug te dringen. Vooral Venezuela is begrijpelijkerwijs gedreven om een overeenkomst te bereiken over beperking en roept medio maart een OPEC-top samen.

Tot nu toe riepen Venezuela en Rusland vergeefs op tot productiebeperkingen van het kartel. Of de betrokken landen het in maart wel eens worden is zeer de vraag. Tot nu toe konden Saoedi-Arabië, Qatar en Venezuela het samen met niet-OPEC-lid Rusland eens worden de olieproductie stabiel te houden op het niveau van het begin van dit jaar, om zo verdere prijsdaling te voorkomen. Dat leidde daadwerkelijk tot een kortstondige stabilisatie van de prijs. Over een algemene beperking van de winning bestaat echter onenigheid.

Na het wegvallen van de sancties is nu ook Iran terug op de oliemarkt. Aangezien Iran veel in te halen heeft, is Teheran niet bereid mee te doen aan de productiebeperking. Geen onbillijke houding, aangezien Iran ook niet bijgedragen heeft aan het prijsverval in de afgelopen jaren.

Hoewel ook Saoedi-Arabië te leiden heeft onder het teruglopen van de olieprijs, zijn de sjeiks niet van zin toe te geven in de strijd met de nieuwe Amerikaanse concurrenten. Ze blijven inzetten op het uit de markt drukken van de tegenstanders door hoge productie en bodemprijzen. De Saoedi’s willen kortom eerst nog meer Amerikaanse schalie-oliebedrijven onrendabel maken en zo tot sluiting dwingen. Pas dan ontstaat er echt ruimte voor productievermindering. Gezien de omvang van de overschotten, is een stijging van de olieprijs pas weer te verwachten als ook de vraag toeneemt.

Posted on 2 Comments

Oekraïne: Minister van Economische Zaken stapt op vanwege corruptie

De Oekraïense minister van Economische Ontwikkeling en Handel, de Litouwer Aivaras Abromavicius, is opgestapt. Abromavicius werd in zijn bestrijding van de welig tierende corruptie bij Oekraïense overheden en staatsbedrijven naar eigen zeggen tegengewerkt door president Porosjenko.

“Ik noch mijn team heeft enig verlangen om als schaamlap te dienen voor de verhulde corruptie, of om marionetten te worden van hen die, net als de ‘oude’ regering, proberen controle uit te oefenen over de stroom van publieke middelen”, aldus de minister in een persverklaring woensdag.

In het bestrijden van de corruptie is zijn ministerie volgens Abromavicius tegengewerkt door het “concrete handelen” van bepaalde functionarissen en groepen. Ook werd er door het kabinet van de president druk op hem uitgeoefend om “dubieuze individuen” aan te stellen in zijn team of op sleutelposities in staatsbedrijven.

De minister noemde Igor Kononenko bij name als iemand die zich mengde in zijn werkzaamheden. Kononenko is een naaste bondgenoot van president Petro Porosjenko, lid van het parlement en oud-zakenpartner.

“Ik kan deze acties alleen maar interpreteren als een aanhoudende poging om controle uit te oefenen over de geldstromen die gegenereerd worden door de staatsbedrijven”, aldus de minister, waarbij hij in het bijzonder de defensie-industrie en het olie- en gasbedrijf Naftogaz noemt. “Ik weiger deel uit te maken van dit systeem.”

[contextly_sidebar id=”rxvybJcRNBRZoqdxj7YxhMDGnT7GbifX”]De Europese Unie, die forse leningen aan Kiev heeft verstrekt en er een Associatieverdrag mee heeft gesloten, verwacht dat de regering alles doet om de corruptie te bestrijden. De Europese Commissie stelde eerder dat er nog veel werk was, maar concrete vooruitgang werd geboekt. Abromavicius stelt echter dat “het duidelijk is geworden dat elke vorm van structurele hervorming beslissend wordt geblokkeerd.”

“Ik ben niet bereid om naar Davos af te reizen om internationale investeerders en partners te vertellen van onze successen, terwijl ik weet dat achter mijn rug om bepaalde individuen samenspannen om hun eigen belangen na te jagen”, aldus de minister.

Premier Jatsenjoek sprak in reactie op het opstappen van Abromavicius van een poging om “de regering en individuele kabinetsleden, die ik en mijn fractie steunen, in diskrediet te brengen”. Tegen Jatsenjoek zelf bestaan overigens ook verdenkingen van corruptie.