Posted on

Naoorlogse verzetshelden waarschuwen voor Baudet

De wanhoop slaat nu toch echt toe! Zelfbenoemd ‘weldenkend’ Nederland weet nu echt niet meer hoe ze Baudet moet stoppen. Ruim een week geleden werd er tijdens een antiracisme-demonstratie opgeroepen Baudet neer te schieten; het journaille en de intellectuele goegemeente was er als de kippen bij om deze moordoproep te bagatelliseren. Bijna dagelijks zitten ‘pratende hoofden’ in een van de vele talkshows te fulmineren tegen Baudet en het Forum voor Democratie. Opiniepagina’s van de dagbladen staan dag-in dag-uit vol met alarmerende schrijfsels over de filosoof-politicus en redactionele commentaren maken voortdurend hysterische vergelijkingen tussen de opkomst van Baudet en – natuurlijk – de jaren dertig van de vorige eeuw. Een al lang uitgerangeerde cabaretier schreeuwde onsamenhangende anti-Baudet kreten tijdens het herdenkingsmoment voor de slachtoffers van de aanslag in Utrecht bij de opening van het Boekenbal. Men zit kortom met de handen in het haar. Waarom wil het domme volk maar niet luisteren?!

“Volwassen politici”

Een laatste bedroevende bijdrage aan de dagelijkse stroom van anti-Baudet geluiden levert filosoof en Trouw-redacteur Leonie Breebaart. In het Letter&Geest-katern van 30 maart steekt ze al vanaf zin 1 met grof geschut van wal: “In de week voor de Maand van de Filosofie sloeg Thierry Baudet alle taboes aan diggelen die volwassen filosofen – en volwassen politici – proberen te respecteren, en die je kunt samenvatten als: doe niet of je een goddelijke ziener bent en hou je aan de feiten.”

Breebaart suggereert hier nogal wat in één zin. Baudet is geen volwassen filosoof en geen volwassen politicus, hij noemt zichzelf een ‘goddelijke ziener’ en hij houdt zich niet aan de feiten. Daarnaast verwijt de redacteur tussen neus en lippen door dat Baudet taboes doorbreekt. Laat het nu juist de generatie linkse journalisten zijn die er prat op gaat overal en nergens taboes te willen doorbreken! Maar Baudet, die schopt tegen het linkerbeen, verstoort het progressieve feestje.

Bodar op de korrel

Wie is Breebaart om vast te stellen wie wel volwassen is en wie niet? Welke criteria hanteert de filosoof/redacteur daarvoor? Op z’n minst mag je daarvan toch wel een verantwoording verwachten van iemand die zichzelf filosoof noemt? Maar de Trouw-redacteur suggereert heel geniepig dat Baudet, in tegenstelling tot zijn tegenstanders, een kind is. En kinderen hoef je niet serieus te nemen. Dat blijkt al uit de volgende alinea, waarin Breebaart Antoine Bodar, die zeldzaam moedig in Buitenhof het opnam voor Baudet, op de korrel neemt. De priester had de leider van het Forum vergeleken met een gymnasiast. Breebaart schampert daarover: “Ach ja, die goeie, ouwe puberteit, toen je grootse visies de wereld in slingerde in de hoop heel geleerd over te komen.” Nee, de redactie van Trouw is dat stadium allang ontgroeid. Daar werken alleen heel volwassenen mensen.

“Het land beschermen”

Want volgens Breebaart zelf behoort zij tot de groep mensen die het land beschermen, maar die Baudet wegzet als vijanden: “En dus dat degenen die ons in werkelijkheid beschermen tegen de macht van een leider – wetenschappers, journalisten, bestuurders – weggezet moeten worden als vijanden van het volk.” Het staat er echt. Wetenschappers, journalisten en bestuurders die “ons” moeten beschermen. Wat een gotspe, wat een eigendunk, wat een arrogantie!

(Non-)conformisme in de wetenschap

Wetenschappers die bijvoorbeeld werkzaam zijn bij een van de overheidsinstellingen, zoals een Planbureau, en die braaf opschrijven wat een ministerie wil horen. Wetenschappers die zo overtuigd zijn van hun eigen theorieën, dat ieder afwijkend geluid de mond wordt gesnoerd. Neem bijvoorbeeld promovendus Joris van Rossum van de VU in Amsterdam. In zijn proefschrift haalde Van Rossum, niet christelijk, de evolutietheorie van Darwin onderuit. Hij kon een baan in zijn vakgebied vergeten.

Gekochte journalisten

Journalisten die braaf op- of beter overschrijven wat een ministerie of inlichtingendienst hen voorkauwt. Udo Ulfkotte heeft dit overtuigend aangetoond in zijn boeken, zoals ‘Gekochte journalisten’ (Uitgeverij De Blauwe Tijger). Journalisten, die acht jaar lang hijgerig en kwijlend achter president Obama hebben aangehobbeld, maar die sinds 2016 Trump wegzetten als een levensgevaarlijk man. Trouw kopte op 31 maart nog: “Donald Trump regeert als een koning die geestelijk niet tegen zijn taak is opgewassen”. Alweer een kind, net als Baudet. Verslaggevers die twee jaar lang ongenuanceerd en kritiekloos berichten over Russische beïnvloeding van de Amerikaanse presidentsverkiezingen, maar vervolgens het Mueller-rapport – dat als conclusie heeft dat er geen enkel bewijs van beïnvloeding is – in twijfel trekken. En dat noemt zich kwaliteitsjournalistiek. Journalistiek als verdienmodel is een betere naam (Perscombinatie, salaris Van Nieuwkerk, etc.).

Reductio ad hitlerum

Bestuurders die hun sociale media-kanalen gebruiken voor het rondsturen van berichten waarin Baudet en het Forum voor Democratie een-op-een geassocieerd worden met het nationaal-socialisme. Als het Forum inderdaad de grootste partij van Nederland wordt, verwacht ik al snel ‘Baudet-vrije’ gemeenten. Want de bestuurders in dit land zijn echte verzetshelden.

Breebaart zingt in dat koor lustig mee. “Nieuw-rechtse bewegingen”, “extreem-rechtse Polen”, “omvolking”, “sterke leider”: de column van de redacteur grossiert in dit soort grove associaties en beschuldigingen. Beschermers? Tendentieuze rioolratten, die een klimaat creëren dat erger is dan dat van 2002. De demonisering neemt beangstigende vormen aan. Was het in 2002 nog ‘Stop de Hollandse Haider’, nu leest men zwart op wit of tussen de regels door ‘Stop de Hollandse Hitler’. De wanhoop van de linkse elite kent geen grenzen meer. Wie herinnert zich niet de schreeuwende Alexander Pechtold in De Balie in Amsterdam? Er hoeft maar een gek op te staan…

Posted on

Het mysterie van Tuam en het mysterie van de nieuwsmedia

Van 1925 tot 1961 werd in Tuam, in de Ierse regio Galway, een tehuis gerund door de Bon Secours-zusters. Dit tehuis was een Rooms-katholieke instelling waar duizenden ongetrouwde zwangere vrouwen kinderen baarden, in een tijd waar een taboe heerste op buitenechtelijke zwangerschap. In 2014 kwam het tehuis in het nieuws, omdat de lokale historicus Catherine Corless na uitgebreid onderzoek stelde dat er honderden kinderen in of rondom het in 1972 afgebroken complex begraven moeten liggen. Gisteren werd bekend gemaakt dat tijdens opgravingen in het complex inderdaad menselijke resten zijn aangetroffen.

Verschillende nieuwsmedia gingen met het verhaal aan de haal en sommige lieten daarbij hun fantasie de vrije loop. Met name de Vlaamse staatsomroep VRT schetste op haar website en Facebookpagina een beeld dat meer doet denken aan het script van een slechte horrorfilm dan aan de officiële persverklaring van de Onderzoekscommissie Moeder- en Babyhuizen, die namens de Ierse overheid onderzoek doet naar het tehuis en door de VRT als bron wordt opgegeven. Volgens de VRT in de persoon van Dominique Fiers zijn namelijk honderden baby’s en kinderen vermoord door katholieke zusters en zijn de lijkjes vervolgens massaal gedumpt in een beerput.

Het lopende onderzoek van de Onderzoekscommissie laat evenwel een ander, genuanceerder beeld zien; een beeld dat bovendien veel meer in lijn ligt met bestaand historisch onderzoek. Allereerst heeft de Onderzoekscommissie twee bouwwerken gevonden. Het eerste bouwwerk betreft de ‘beruchte’ septische tank of beerput, die in werkelijkheid buiten gebruik was gesteld en vol zat met rommel en puin. En dus niet met honderden kinderlijkjes.

Het tweede bouwwerk is een lang complex bestaande uit twintig kamers. Volgens de Onderzoekscommissie kan vooralsnog niet worden vastgesteld wat precies de functie was van dit bouwwerk, al lijkt het oorspronkelijk te hebben gediend voor de behandeling of opslag van afvalwater. De commissie stelt evenwel dat niet kan worden vastgesteld of dit bouwwerk daadwerkelijk als zodanig in gebruik is geweest. Wel is al langer bekend dat het tehuis in 1846 was gebouwd als werkhuis en in 1916 diende als kazerne. Het bouwwerk kan dus daarmee te maken hebben gehad.

In ten minste zeventien van de twintig kamers zijn ‘significante hoeveelheden aan menselijke overblijfselen ontdekt’, aldus de Onderzoekscommissie. Hoewel de commissie niet aangaf hoeveel lichamen begraven liggen, had het wel details inzake een gedane steekproef: “[De onderzochte] overblijfselen betroffen een aantal individuen met leeftijden van ongeveer 35 foetale weken tot 2–3 jaar.” Koolstofdatering wijst erop dat de lichamen, zoals verwacht, stammen uit de periode dat het tehuis actief was, te weten 1925 tot 1961. Het gaat dus om doodgeboren of vroegtijdig gestorven kinderen.

Over de exacte doodsoorzaak is nog niets bekend. In tegenstelling tot de bewering van de VRT dat sprake is van moord en doodslag, stelt de Onderzoekscommissie vooral ‘geschokt te zijn van de ontdekking en haar onderzoek voort te voort te zetten naar wie verantwoordelijk was voor het op deze wijze opruimen van menselijke overblijfselen’.

De historische context kan meer duidelijkheid verschaffen over wat zeer waarschijnlijk heeft plaatsgevonden. In het Ierland van onder meer de jaren veertig stierven jaarlijks vijfhonderd kinderen aan verschillende ziekten, in bijzonder tuberculose. Een inspectierapport uit 1947 stelde vast dat het tehuis in Tuam overbevolkt was met in totaal 271 kinderen and 61 moeders. Bovendien betaalde de gemeenteraad van Galway de zusters slechts £1 pond per moeder en kind per week, wat in hedendaagse euro’s neerkomt op niet meer dan €60 per week. Ook Corless concludeert daarom dat de kinderen in het tehuis waarschijnlijk zijn gestorven aan infectieziekten en ondervoeding. Onder andere dit soort problematiek leidde overigens tot een nieuwe Health Act, welke al gauw onderwerp werd van een verhit politiek debat.

Het is in deze omstandigheden dat het tehuis in de jaren veertig een ook voor die tijd schrikbarend hoog sterftecijfer had. Een kwart tot een derde van alle kinderen kwam te overlijden. Volgens Corless, die de overlijdensaktes van de kinderen bestudeerde, gaat het om in totaal 796 kinderen. Een groot aantal daarvan lijkt dus in het tweede bouwwerk te zijn begraven. De Onderzoekscommissie geeft niet aan in welke staat zij de lichamen heeft aangetroffen, maar haar bewoordingen wijzen erop dat ze niet op ordentelijke wijze waren begraven.

Hoewel voor verschillende nieuwsmedia, zoals de VRT, duidelijk is dat sprake was van massamoordende horrornonnen die honderden geslachtofferde ongeborenen, baby’s en peuters in een beerput hebben gedumpt, laten de officiële persverklaring van de Onderzoekscommissie Moeder- en Babyhuizen en het historisch onderzoek van onder meer Catherine Corless een genuanceerder beeld zien. Het tehuis in Tuam lijkt eerder een symbolisch dieptepunt te zijn van een tragische periode uit de Ierse geschiedenis waarin epidemieën, ondervoeding, kindersterfte en gebrekkige ziekenzorg aan de orde van de dag waren.

Het is dan ook te makkelijk om de Bon Secours-zusters, die onder deze omstandigheden overuren werkten om zich te ontfermen over de enorme aanstroom van zwangere vrouwen en kinderen, zaken in de schoenen te schuiven die geen basis hebben in de werkelijkheid. Daarmee is echter nog niet gezegd dat de zusters helemaal geen blaam treffen. De kwestie-Tuam laat zodoende twee mysteries zien die schreeuwen om te worden opgelost: waarom zijn deze honderden kinderen op zo’n onbehoorlijke wijze begraven, en waarom zijn sommige nieuwsmedia ondanks alle feiten zo aan het fabuleren? Men zou er verstandiger aan doen eerst het verdere onderzoek en het eindrapport van de Onderzoekscommissie Moeder- en Babyhuizen af te wachten.

Posted on Leave a comment

Samenleving sluit nog steeds ogen voor seksueel misbruik

De uitkomsten van het eindrapport van de commissie-Deetman zijn ronduit schokkend. Tussen de tien- en twintigduizend kinderen zijn tussen 1945 en 1981 misbruikt in Rooms-katholieke instellingen. Terecht legt de commissie-Deetman de vinger op de zere plek door niet alleen te wijzen naar de Rooms-Katholieke Kerk, maar naar de hele Nederlandse samenleving. Eén op de tien Nederlanders van veertig jaar en ouder is voor het achttiende jaar seksueel misbruikt door iemand anders dan een familielid.Dit grootschalige misbruik van kinderen kon mede plaats vinden omdat er lange tijd een taboe lag op seksualiteit. Er heerste destijds een cultuur van zwijgen.

Misbruik
Als we de berichtgeving in de media mogen geloven dan hebben we deze cultuur van zwijgen en taboes inmiddels achter ons gelaten. In zekere zin heeft men daar een punt; vanaf de seksuele revolutie in de jaren zestig en zeventig probeert de westerse cultuur zich te bevrijden van het moralistische christelijke „juk” wat ons al eeuwenlang schijnt te knellen. De vraag is of deze ‘bevrijding’ heeft bijgedragen aan een open cultuur waarin seksueel misbruik is afgenomen. Onderzoek uit 2008 door het ministerie van Jeugd en Gezin laat zien dat ongeveer 40 procent van de meisjes onder de zestien jaar is misbruikt. Uit een studie van de Europese Commissie uit 2008 valt op te maken dat tussen tien- en twintig procent van alle minderjarige kinderen in Europa in hun jeugd seksueel zijn misbruikt.

Seksualiteit mag dan uit de taboe-sfeer zijn gehaald zoals sommige beweren, één ding laten de cijfers helder zien; het seksueel misbruik vindt nog steeds op grote schaal plaats. De hele misbruikaffaire in de Rooms-Katholieke Kerk houdt onze westerse cultuur dan ook een spiegel voor.

Met ontsteltenis sprak Deetman: „Wat is er met onze samenleving aan de hand, dat we elkaar zoveel ellende aan kunnen doen?” Wat in de kerk gebeurde, had namelijk ook plaats buiten de kerk.

Taboes
Wat in de vorige eeuw aan misbruik heeft plaatsgevonden, vindt nu nog steeds op grote schaal plaats. Met dat verschil dat we nu denken bevrijd te zijn van de christelijke taboes die er eeuwenlang op seksualiteit lagen. Daarmee heeft de westerse cultuur een nieuw taboe gecreëerd.
Alleen maar kritiek leveren op de Rooms-Katholieke Kerk is gemakkelijk. We moeten ons de vraag stellen wat we er mee opschieten als we onze ogen sluiten voor de ‘nieuwe’ taboes van de 21ste eeuw.
De christelijke visie op huwelijkse trouw is zo’n taboe en wordt afgeserveerd als niet van deze tijd. Neem de seksualisering van de westerse cultuur, waarbij vrouwen gereduceerd worden tot lustobjecten. Daar hebben we het niet over. Nog steeds sluit deze maatschappij haar ogen, zoals ze dat in voorbije deccenia ook deed.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in het Reformatorisch Dagblad.