In het Franse tijdschrift Le Point verscheen in september 2015 een interview met de schrijver Jean Raspail over zijn boek van enkele decennia geleden en de huidige immigratiecrisis. Jonathan van Tongeren vertaalde het vraaggesprek.

Le Point: Sommigen op de rechterflank beschouwen uw boek Le Camp des Saints, geschreven in 1972 als visionair, met name sinds de vluchtelingencrisis. Wat vindt u daarvan?
Raspail: Deze migrantencrisis brengt een einde aan dertig jaar beledigingen en laster aan mijn adres. Ik ben een fascist genoemd, omdat dit boek als een racistisch werk beschouw werd …

Ben u een racist?
Nee, überhaupt niet! Je kunt niet je hele leven de wereld over reizen, lid zijn van het Genootschap van Franse Ontdekkers, ik weet niet hoeveel bedreigde stammen tegen komen, en een racist zijn. Dat lijkt me nogal moeilijk. Toen het boek in 1972 uitkwam, schokte het mensen ontzettend, met een reden. Er was een tijd, met name tijdens het zevenjarig bewind van Valéry Giscard d’Estaing, dat er een ware intellectuele terreur werd geoefend tegen rechtse schrijvers.

“Intellectueel terrorisme”, werkelijk?
Ja. Ik werd beledigd – door het slijk gehaald. Geleidelijk nam het weer af. Want beetje bij beetje begon men te ervaren wat ik in het boek beschreven had. Een aantal intellectuelen, ook ter linkerzijde, begonnen te onderkennen dat er enige waarheid schuilde in wat ik had aangekondigd. Bertrand Poirot-Delpech, die me in Le Monde aan de paal had genageld toen het boek uitkwam, verklaarde in een artikel in hetzelfde dagblad in 1998, dat ik uiteindelijk gelijk had. Nu is het voorbij.

Alleen Laurent Joffrin [de chef van het linkse dagblad Libération, red.] blijft over. Aan hem valt niets te doen; hij blijft op me spugen – hij kan niet anders. Maar mijn vriend Denis Tillinac heeft aangeboden hem van repliek te dienen. Ik ben niet wraakzuchtig. Ik ben nu op de plaats waar ik moet zijn.

Als dit boek niet racistisch is, hoe zou u het dan omschrijven?
Het is een verrassend boek.

Verrassend?
Dit boek kwam op een vreemde manier tot stand. Eerder had ik boeken geschreven over mijn reizen en romans, met weinig succes. Op een dag in 1972 – ik was in het zuiden van Frankrijk – logeerde ik bij een tante van mijn vrouw, nabij Saint-Raphaël in Vallauris. Ik had een kantoor met uitzicht op de zee en ik zei bij mezelf: “En wat nou als ze zouden komen?” Dat “ze” was in eerste instantie niet strak omlijnd. Toen stelde ik me voor dat de Derde Wereld dit gezegende land dat Frankrijk is, zou binnenstormen. Het is een verrassend boek. Het heeft veel tijd gekost om het te schrijven, maar het kwam vanzelf tot me. Ik stopte iedere avond met schrijven en de morgen daarop begon ik weer, zonder te weten welke kant het uitging. Er is een inspiratie in dit boek die vreemd is aan mezelf. Ik wil niet zeggen dat het goddelijk is, maar vreemd.

Er is één ding dat u niet voorzien heeft: de afwijzing die dit boek opriep vanaf het moment dat het verscheen …
Toen mijn uitgever Robert Laffont, een apolitieke man, het manuscript las, was hij zeer enthousiast en veranderde hij geen komma. Ik hoefde zelf ook niets aan te passen.

Zou zo’n boek vandaag de dag mogelijk zijn geweest?
In eerste instantie verkocht Le Camp des Saints niet. Tenminste vijf of zes jaar stokte te verkoop. Zeer kleine aantallen. Toen, drie jaar later, namen de aantallen ineens toe. Het succes kwam door mond-tot-mondreclame en door de promotie door rechtse schrijvers. Tot de dag in 2001, dat een scheepslading Koerdische vluchtelingen aan land kwam in Boulouris, nabij Saint-Raphaël, niet ver van het kantoor waar ik Le Camp des Saints schreef! Deze affaire gaf een verschrikkelijke opschudding in de regio. Meteen begon men weer over mijn boek te praten en bereikte het een breed publiek. Het was het begin van de komst van mensen van elders via zee. Ik schaam me een beetje, want steeds als er een grote instroom migranten is, wordt mijn boek herdrukt.

Is het een politiek boek?
Misschien een beetje, ja. Het laatste bolwerk van getrouwen en vechters is samengesteld uit patriotten die gehecht zijn aan hun identiteit en hun land. Zij staan op tegen algemene broederschap en rassenvermenging (métissage) …

U zegt dat u niet tot extreem-rechts behoort, maar uw boek is tot een traktaat geworden in bepaalde xenofobe groepen. Vindt u dat jammer?
U heeft het over het uiterste van uiterst rechts! Het is mogelijk dat dit boek misbruikt wordt en er kan soms excessieve taal zijn. Ik kan daar niets aan doen. Hoe dan ook, ik zit niet op internet; ik ben nog niet aangekomen in de 21e eeuw, dus ik weet niet wat ze zoal zeggen. Persoonlijk ben ik rechts en het valt me niet zwaar dat te zeggen. Ik ben zelfs “rechts-rechts”.

Wat wil dat zeggen?
Laten we zeggen, rechtser dan Juppé [een oud-premier voor de UMP, nu burgemeester van Bordeaux en voorvechter van de islamitische bevolking, red.]. Ik ben ten eerste een vrij man; nooit gebonden aan een partij. Ik patrouilleer langs de grens.

Stemt u?
Niet altijd. Ik ben een royalist. Ik stem in de laatste ronde van de presidentsverkiezingen. Ik stem niet links, dat is zeker.

Heeft u wel eens gedacht aan een vervolg op Le Camp des Saints?
Het is zeker dat er een vervolg zal zijn, maar niet van mij. Zal het uitkomen voor de grote instorting? Ik ben er niet zeker van.

In uw boek spreekt u over de “wrede” natuur van migranten. Maar we zien vandaag de dag dat de mensen die aankomen uit Syrië of van elders geen mes tussen de tanden hebben …
Wat er vandaag gebeurt, is van geen belang; het is anekdotisch want we staan nog maar aan het begin. Op dit moment heeft de hele wereld het hierover – er zijn duizenden specialisten over de migrantenkwestie: het is een chaos van commentaar. Niet één van de deskundigen kijkt naar de vijfendertig jaar die voor ons liggen. De situatie die we vandaag doorleven is niets vergeleken bij wat ons in 2050 wacht. Er zullen dan negen miljard mensen op aarde zijn. Afrika is van honderd miljoen naar een miljard inwoners gegaan in een eeuw, en misschien twee in 2050. Zal de wereld leefbaar zijn? De overbevolking en de godsdienstoorlogen zullen de situatie fragiel maken. Dan zal de invasie zich voordoen; het is onafwendbaar. De migranten zullen grotendeels uit Afrika, het Midden-Oosten het Aziatische Rimland komen …

Zouden we het kwaad aan de wortel aan moeten pakken en strategisch punten van IS moeten bombarderen, zoals Frankrijk onlangs begonnen is te doen?
Het is hun probleem, niet het onze. Het gaat ons niet aan. Waar bemoeien we ons mee? Waarom willen we een rol spelen? Laat hen ermee omgaan! Jaren geleden hebben we ons teruggetrokken uit deze regio’s. Waarom zouden we er weer teruggaan?

En wat doen we als Syrië opdracht geeft Frankrijk aan te vallen?
We snijden ze de pas af. We voorkomen dat ze op Frans territorium komen. De politici hebben geen oplossing voor dit probleem. Het is als met de schuld – we geven hem door aan onze kleinkinderen. Onze kleinkinderen zullen om moeten gaan met dit probleem van massale migratie.

De Katholieke Kerk zit totaal niet op deze golflengte. Ze dringt erbij de gelovigen op aan hun gulheid te laten zien …
Ik heb geschreven dat de christelijke charitas een beetje te lijden zal krijgen van de instroom van migranten. Het zal zich stilletjes moeten terugtrekken en compassie van allerlei soort moeten onderdrukken. Zo niet, dan zullen onze landen overspoeld worden.

Iedereen afwijzen, inclusief de Oosterse christenen?
Mogelijkerwijs. Maar zij staan dichter bij het Westen door hun godsdienst. Dit is waarom veel Fransen hen wel zouden willen accepteren. Frankrijk, dit land zonder godsdienst, bewijst dat de grondslag van de westerse beschaving een christelijke is. Mensen reageren, zelfs als ze niet meer naar de kerk gaan of praktiseren, in overkomst met deze christelijke grondslag.

❉   ❉   ❉