Posted on

Is oorlog met Iran nu onvermijdelijk?

Met zijn verklaring afgelopen vrijdag, dat de kerndeal met Iran niet in het Amerikaanse nationale belang zou zijn, heeft president Donald Trump de Verenigde Staten mogelijk op de weg naar oorlog met Iran gezet.

Het is in ieder geval gemakkelijker om te voorzien welke botsingen er aan zitten te komen dan hoe we weer van deze weg af komen voor het schieten begint. Na het ‘decertificeren’ van het nucleaire akkoord, destijds getekend door alle vijf permanente leden van de VN Veiligheidsraad, gaf Trump het Congres 60 dagen de tijd om de sancties opnieuw op te leggen die het ophief toen Teheran het akkoord ondertekende. Als het Congres die sancties niet opnieuw oplegt en het akkoord de nek omdraait, dreigt Trump dat zelf te doen.

Waarom? Heeft Iran de bepalingen van het akkoord geschonden? Vrijwel niemand stelt dat – niet de nucleaire inspecteurs van de VN, noch de NAVO-bondgenoten, noch zelfs Trumps eigen nationale veiligheidsteam.

Iran heeft al zijn 20 procent verrijkt uranium het land uit verscheept, de meeste van zijn centrifuges uitgeschakeld en verstorende inspecties van alle nucleaire faciliteiten toegestaan. Zelfs voor het akkoord zeiden 17 Amerikaanse inlichtingendiensten al dat ze geen bewijs konden vinden voor een Iraans kernwapenprogramma. Als Iran een bom gewild had, had Iran allang een bom gehad.

Het blijft echter een staat zonder kernwapens om een eenvoudige reden: De vitale nationale belangen van Iran schrijven dat voor. Als de grootste sjiitische natie, met 80 miljoen mensen, onder de meest ontwikkelde in het Midden-Oosten, is Iran voorbestemd om de dominante macht aan de Perzische Golf te worden. Maar op één voorwaarde: Dat het de grote oorlog met de Verenigde Staten weet te vermijden die Saddam Hoessein niet wist te vermijden.

Iran heeft ieder kernwapenprogramma dat het had afgeblazen omdat het niet het lot van Irak wil delen, om aan stukken geslagen te worden tot Perzen, Azeri’s, Arabieren, Koerden en Beloetsjen, zoals Irak door de Amerikanen in soennieten, sjiieten, Turkmenen en Koerden uiteen werd geslagen.

Teheran wil geen oorlog met Amerika. Het zijn de oorlogspartij in Washington en haar Midden-Oosterse bondgenoten – Bibi Netanyahu en het Saoedische koningshuis – die er naar hongeren dat de VS zich ermee bemoeien en Iran de grond in slaan. En zo ontvouwt zich dan de strijd in het Congres over het al of niet de nek omdraaien van het akkoord met Iran als een cruciaal punt in het presidentschap van Trump.

Maar al eerder doemen er mogelijke botsingen met Iran op. In het oosten van Syrië, staan de door de VS ondersteunde en door de Koerden geleide Syrische Democratische Krachten (SDF) op het punt Raqqa te veroveren op ISIS. Maar ondertussen is het Syrische leger op weg om Deir Ezzor te gaan veroveren, de hoofdstad van de provincie waardoor de weg loopt die Bagdad met Damascus verbindt. De verovering van Deir Ezzor door Bashar al Assads leger zou er voor zorgen dat de weg van Bagdad naar Damascus en Hezbollah in Libanon open blijft. Als de VS echter van plan zijn om de SDF te gebruiken om het grensgebied zelf in handen te krijgen, dan kon dat wel eens lijden tot een openlijk gevecht met het Syrische leger, sjiitische milities, Iraanse troepen en misschien zelfs de Russen. Moeten we dat wel willen?

In Irak is het nationale leger bezig om de olierijke provincie Kirkoek en de gelijknamige hoofdstad daarvan veilig te stellen. De Koerden hadden Kirkoek ingenomen nadat het Iraakse leger vluchtte voor de invasie van ISIS. Waarom trekt een door de Amerikanen getraind Iraaks leger op tegen een door de Amerikanen getraind Koerdisch leger?

De Koerdische regionale overheid stuurt aan op secessie. Dit heeft alarmbellen doen afgaan in zowel Turkije en Iran als in Bagdad. Een onafhankelijk Koerdistan zou als een magneet kunnen werken op Koerden in die beide landen. Het Iraakse leger trekt Kirkoek binnen om te voorkomen dat het afgesneden wordt van Irak in een burgeroorlog of secessie door de Koerden.

Waar staat Iran in dit alles? In de oorlog tegen ISIS, waren ze de facto bondgenoten. Want ISIS is net als Al Qaida soennitisch en haat sjiieten even zeer als christenen. Maar als de VS van plan zijn de SDF te gebruiken om de Iraaks-Syrische grens onder hun controle te brengen, dan jagen ze daarmee Syrië, Iran, Hezbollah en Rusland tegen zich in het harnas. Zijn de VS bereid tot een dergelijke confrontatie?

Wij Amerikanen worden geconfronteerd met een aantal nieuwe realiteiten. De mensen die de toekomst van het Midden-Oosten gaan bepalen, zijn de mensen die daar wonen. En onder deze mensen zal de toekomst bepaald worden door hen die het meest bereid zijn om – nog jaren en in aanzienlijk aantallen – te vechten, bloeden en sterven om die toekomst te realiseren. Wij Amerikanen echter gaan niet nog een leger sturen om nog een land te bezetten, zoals we deden met Koeweit in 1991, Afghanistan in 2001 en Irak in 2003.

Bashar al Assad, zijn leger en luchtmacht, gesteund door Vladimir Poetins luchtmacht, de Islamitische Revolutionaire Garde van Iran en Hezbollah hebben de Syrische burgeroorlog gewonnen omdat ze meer bereid waren te vechten en te sterven om die te winnen. Zij hadden daar dan ook een veel groter belang bij dan wij Amerikanen. Wij wonen daar niet. Slechts weinig Amerikanen weten wat daar aan de hand is. Nog minder interesseert het.

Onze oude bondgenoten in het Midden-Oosten willen vanzelfsprekend dat wij hun 21e-eeuwse oorlogen uitvechten, zoals de Britten ons inschakelden om hun 20e eeuwse oorlogen te helpen uitvechten. Maar Donald Trump werd niet gekozen om dat te doen. Of dat dachten sommigen van ons toch.

Posted on

Waarom Amerika IS in Afghanistan in stand houdt

In Afghanistan is veel te doen over ongekenmerkte militaire helikopters die IS Khorasan assisteren met bevoorrading en transport van strijders. Er bestaat een sterk vermoeden dat de Verenigde Staten er achter zitten.

Doordat Amerikaanse en andere westerse troepen in het land, en onder invloed van de Amerikanen ook het Afghaanse leger, zich vooral richten op het bestrijden van de Taliban, heeft ‘Islamitische Staat’ stevig voet aan de grond kunnen krijgen in Afghanistan. De IS-tak in het land noemt zich ‘IS Khorasan’, naar een historische staatkundige eenheid die delen van Afghanistan, maar ook van diverse andere Centraal-Aziatische landen omspant.

Het vermoeden dat het om Amerikaanse helikopters gaat ligt voor de hand, omdat de Amerikanen nog altijd militair aanwezig zijn in het land. De Amerikanen frustreren al enige tijd iedere poging tot vredesonderhandelingen tussen de regering in Kaboel en (delen van) de Taliban, door op cruciale momenten Taliban-leiders uit te schakelen. Door kort voor besprekingen een Taliban-leider die tot onderhandelingen bereid is te elimineren, werken de Amerikanen in de hand dat de volgende Taliban-leider minder geneigd is tot gesprekken.

Door IS in stand te houden en onderhandelingen tussen de regering in Kaboel en de Taliban te frustreren, houden de VS Afghanistan instabiel. Om te begrijpen welk belang de VS daar bij hebben, moeten we naar de bredere regio kijken.

Een blik op de kaart van Eurazië laat een steppe- en woestijnzone zien die zich uitstrekt van Mantsjoerije in het oosten tot de Kaspische Zee in het westen. Zowel Rusland als China hebben historisch veel te kampen gehad met Mongoolse en Turkse volkeren uit deze contreien. Inmiddels werken Rusland en China er samen echter al enkele jaren aan om deze zone te bestendigen om zo een vreedzaam continent te creëren, waarin meer mogelijkheden ontstaan om economische potentiëlen aan te boren. Zo is Centraal-Azië rijk aan delfstoffen en een belangrijke doorgangsroute voor de Nieuwe Zijderoute richting Europa.

Centraal-Aziatische landen als Kazachstan, Tadzjikistan, Oezbekistan en Kirgizië doen allemaal mee in de Shanghai Samenwerkingsorganisatie (SSO) en recent zijn ook India en Pakistan toegetreden. Iran wil zich ook bij de SSO aansluiten en zelfs Mongolië zoekt inmiddels aansluiting. Daarmee zou – afgezien van geval apart Turkmenistan – een gigantische aaneengesloten landmassa ontstaan waarin vrede en veiligheid heersen en men zich zodoende kan richten op het ontplooien van economische potentiëlen die nog maar weinig benut worden.

De Verenigde Staten, die sommige van hun plannen gedwarsboomd zien door een meer assertieve rol van Rusland en China op het wereldtoneel, en die vrezen voor de aanhoudende economische opkomst van met name China, willen deze bestendiging van het Euraziatische continent waar mogelijk verstoren.

Amerikaanse activiteiten aan de Oost-Aziatische kant van Eurazië om bevroren conflicten zoals dat op het Koreaanse schiereiland en dat in de Zuid-Chinese Zee op te porren, zijn hinderlijk voor China. Maar de Volksrepubliek rekent al langere tijd met het gegeven dat de Amerikanen een snoer van landen in Oost-Azië – van Zuid-Korea tot Vietnam – aaneen hebben geregen, waarmee China’s toegang tot de open zee potentieel in gevaar is. Weliswaar hebben de Filipijnen en Maleisië dit stramien recent enigszins doorbroken, maar China denkt op de lange termijn en had dus al corridors gecreëerd om voor haar buitenlandse handel niet te sterk afhankelijk te zijn van de doorgang door de straat van Malakka. Zo legden de Chinezen infrastructuur aan in Burma en in Pakistan, zoals de haven van Gwadar, die toegang geeft tot de Arabische Zee.

Afghanistan is echter ideaal gepositioneerd om de bestendiging van Eurazië te verstoren. Zo werkt IS Khorasan samen met de Islamitische Beweging van Oezbekistan en andere islamisten in Tadzjikistan en Kirgizïe, waarmee de kleine Centraal-Aziatische landen te destabiliseren zijn. Ook het Oeigoerse separatisme in China is wat dat aangaat een middel waarvan de Amerikanen goed gebruik kunnen maken.

IS Khorasan heeft ook partners in Pakistan. Grensregio’s als Beloetsjistan zijn al instabiel en islamisten aan weerszijden van de grens kunnen daar gebruik van maken. En als Pakistan gedestabiliseerd zou worden, heeft China niets meer aan de haven van Gwadar. Het hele punt is namelijk dat China van daaruit goederen verder door Pakistan naar China kan transporteren en vice versa.

Maar ook als IS voorlopig vooral nog in Afghanistan actief is en de Centraal-Aziatische staten en Pakistan niet gedestabiliseerd worden, hangt de dreiging dat dit kan gebeuren nog wel boven de markt, zolang er in Afghanistan geen vrede bereikt wordt en IS zijn macht daar verder uit kan breiden.

China en Rusland willen begrijpelijkerwijs het nodige doen om vredesonderhandelingen tussen de Afghaanse regering en de Taliban te stimuleren, niet alleen het land zelf maar de hele regio zou daar baat bij hebben. De Amerikanen spreiden hun kansen door enerzijds die vredesonderhandelingen te blijven frustreren en anderzijds IS in stand te houden voor het geval Kaboel en de Taliban op enig moment toch tot een vergelijk mochten komen.

Posted on

Noriega: van CIA-stroman tot Amerikaans gevangene

Manuel Noriega is niet meer. De ex-dictator van Panama overleed op 29 mei op 83-jarige leeftijd. Vorig jaar ontdekten artsen een hersentumor. In maart werd Noriega geopereerd en in een kunstmatige coma gebracht, waaruit hij niet meer is ontwaakt.

“Voor Saddam Hoessein was er Manuel Noriega”, schrijft The Guardian. De politieke carrière van de Panamese dictator vertoont grote overeenkomsten met die van de Irakese heerser. Alleen hun einde is anders: de een opgehangen, de ander overleden in een bed. Maar beiden genoten lang de steun van de Verenigde Staten. Totdat ze zich tegen hun beschermer keerden, die vervolgens met militaire overmacht een einde aan hun bewind maakte.

Tijdens zijn militaire studie in Peru in de jaren vijftig werkte Noriega al voor de CIA. In 1967 kreeg hij een spionage- en contra-spionage training op de beruchte School of the Americas in Fort Gulick, Panama, en een cursus psychologische oorlogsvoering in Fort Bragg in North-Carolina, de grootste militaire basis van de wereld (en in de jaren tachtig het centrum van waaruit de militaire interventies in Midden-Amerika plaatsvonden). In 1968 pleegde kolonel Omar Torrijos in Panama een militaire coup. Onder zijn bewind maakte Noriega snel carrière. Torrijos kwam in 1981 om het leven bij een mysterieus vliegtuigongeluk. Volgens John Perkins, voormalig NSA-agent en auteur van Confessions of an economic hitman, een actie van de CIA. De geheime dienst zag met lede ogen aan dat Torrijos contact zocht met Japan voor een nieuw te graven kanaal door Panama.

Luitenant-generaal Tom Kelly, plv. chef-staf van het Amerikaanse leger, legt tijdens een persconferentie op 21 december 1989 uit wanneer men het Panamakanaal weer open denkt te kunnen hebben.

Na de dood van Torijos werd Manuel Noriega de facto leider van Panama. In 1983 promoveerde hij zichzelf tot generaal. De machthebbers in Washington en Langley konden de nieuwe leider goed gebruiken. In 1979 verdreven de linkse Sandinista’s de Amerikaanse stroman Somoza, wiens familie vanaf 1927 Nicaragua had geregeerd. De Amerikanen bekeken het nieuwe bewind in Managua met argusogen. Dankzij de decennia oude CIA-contacten van Noriega kon de CIA Panama gebruiken als uitvalsbasis om het linkse regime in Nicaragua te ondermijnen. Lang voor de publicatie van de Panama Papers werd het land al gebruikt als doorvoerhaven voor geld, drugs en militaire goederen voor de Contra’s, die door de Verenigde Staten werden gesteund om het bewind in Managua ten val te brengen.

Noriega valt in ongenade bij Amerikaanse broodheren

Eind jaren tachtig viel Noriega in ongenade bij zijn Amerikaanse broodheren. In de jaren zeventig was de Panamese dictator begonnen met het leggen van contacten met het Colombiaanse Medellín drugskartel. Deze gebruikte Panama om hun drugsgeld wit te wassen. Een federale rechtbank in Florida klaagde de Panamese dictator aan op grond van drugshandel en afpersing. De CIA haalde Noriega van de loonlijst.

Amerikaanse militairen rijden in pantservoertuigen door Panama-stad op 23 december 1989, de vierde dag van de Amerikaanse inval. Bij de aanval kwamen honderden burgers om het leven en werden 15.000 mensen dakloos.

Een serie van incidenten, die uiteindelijk leidde tot de dood van een Amerikaanse soldaat, was de aanleiding voor de regering van George H. Bush om militair in Panama in te grijpen. Op 20 december 1989 vielen Amerikaanse troepen – vooral militairen uit Fort Bragg – het land binnen. Op 3 januari 1990 gaf Noriega, die zich had verscholen in de diplomatieke missie van het Vaticaan, over. Hij werd als krijgsgevangene naar de Verenigde Staten overgebracht. In september 1992 werd hij in Miami veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 jaar (later omgezet tot 30 jaar). De claim van verdediging dat Noriega jarenlang op de loonlijst van de CIA had gestaan, werd als irrelevant afgewezen. Gevangene nummer 38699-079 werd in 2010 uitgeleverd aan Frankrijk, waar hij werd veroordeeld voor witwassen van drugsgeld. In 2011 werd hij op verzoek van de Panamese regering overgebracht naar de El Renacer-gevangenis in Panama.

Oude bekende van Bush

Manuel Noriega op bezoek bij George H.W. Bush

De relatie tussen Noriega en de CIA, en dan specifiek die met directeur George H. Bush, is intrigerend. Noriega had als student al contacten met de Amerikaanse veiligheidsdienst. Tussen 1971 en 1986 leverde hij de CIA informatie over Fidel Castro. In 1976 bezocht hij George Bush in Washington.

De opvolger van Bush als hoofd van de CIA haalde Noriega van de loonlijst, maar toen George H. in 1980 vice-president werd, ontving de Panamese dictator al snel weer een riant salaris van de CIA. De contacten tussen Bush en Noriega stammen al uit een eerdere periode. George Herbert Walker Bush richtte in 1953 Zapata Petroleum in Texas op. Een onderdeel van het bedrijf werd als CIA-front gebruikt. Van hier uit werden contacten gelegd met een zekere Manuel Noriega, drugssmokkelaar en CIA-medewerker.

In 1976 zorgde Bush, als CIA-directeur, ervoor dat de Cubaan Felix Rodriguez buiten schot blijft in het onderzoek naar de moord in Washington op een Chileense, pro-Allende diplomaat. Rodriguez, die claimde Che Guevara te hebben vermoord, was daarvoor ook actief binnen Operatie Phoenix, waarin onder auspiciën van de CIA tonnen heroïne Zuid-Oost Azië binnen werden gesmokkeld om het Noord-Vietnamese bevrijdingsleger te destabiliseren.

Hetzelfde scenario werd in de jaren tachtig uitgevoerd in de oorlog tegen de Sandinisten in Nicaragua: importeren van drugs in ruil tegen wapens om die door te verkopen aan rebellen. Wederom met Rodriguez als spil en vice-president Bush op de achtergrond (twee jaar voordat Oliver North in 1984 de operatie overnam). Generaal Noriega was maar graag bereid zijn oude vrienden te helpen en stelde vliegvelden open voor het transport van drugs en wapens. Saillant detail: Noriega werd gevraagd dit te doen door agenten van de Mossad, de Israëlische veiligheidsdienst, die hem toegang tot het Witte Huis – lees George H.W. Bush – beloofden. Wellicht grootspraak van een dictator in het nauw, maar Noriega claimde dat hij “Bush bij zijn ballen had”. Reden genoeg om in 1989 eens en voor altijd af te rekenen met de onbetrouwbare Panamese leider, die de clandestiene drugsoperaties steeds vaker voor eigen gewin ging gebruiken. Het was Noriega’s oude vriend Bush die hem afzette en gevangen liet nemen.

In het wereldbeeld van de CIA zijn dictators nuttige idioten die braaf hun vuile werk moeten doen. Worden ze ongehoorzaam of gaan ze op eigen houtje zaken regelen, dan is Washington er snel bij om zich van hen te ontdoen. Dat overkwam al vele dictators, zoals Ngo Dinh Diem, Saddam Hoessein of Bashar al-Assad. En dus ook ‘Our man in Panama’, Manuel Noriega.

Posted on

“We doen alsof Poetin Hitler is, en knijpen een oogje dicht bij Saoedi-Arabië”

Harry van Bommel vindt dat Nederland een hypocriete houding aanneemt in haar buitenlandbeleid. Mensenrechten doen er niet toe. Alles draait om het behagen van de Amerikanen en het ‘grootkapitaal’.

Een gesprek met het tot voor kort langstzittende Kamerlid Harry van Bommel. Over zijn afscheid van Den Haag, het verlies van de SP bij de Tweede Kamerverkiezingen, de uitbreidingsdrang van de NAVO, de Nederlandse steun aan gewapende groepen in Syrië, het associatieakkoord met Oekraïne, de Nederlandse handelsbelangen in Saoedi-Arabië, de The Hague Invasion Act – en de onmogelijkheid van een Europees leger.

U heeft na achttien jaar afscheid genomen van de Tweede Kamer. Dat was omdat u zich niet opnieuw verkiesbaar had gesteld. Waarom?

Ik wil graag voor een internationale organisatie gaan werken. Dan moet je niet te lang wachten met de overstap. Ik ben nu 54, bijna 55 jaar.

Het zal geen licht besluit zijn geweest. U had nog niks nieuws op het oog toen u vorig jaar aankondigde de Tweede Kamer te zullen verlaten.

Het werk in de Tweede Kamer doe je voor 100 procent. Het is dan niet doenlijk actief om je heen te kijken. En het is bovendien een ongeschreven regel dat je je Kamerperiode afmaakt. Ik heb wel aanbiedingen gehad, en die waren soms ook verleidelijk, maar ik heb steeds de vier jaar uitgezeten.

Emile Roemer heeft niet geprobeerd u over te halen u opnieuw verkiesbaar te stellen?

Dat werkt anders. Ik heb vorig jaar de afweging gemaakt, en die was dat ik niet wilde bijtekenen voor vier jaar.

U bent een belangrijk aanspreekpunt geweest voor verdrukte en stateloze volkeren: de Oeigoeren, Tibetanen, Koerden, Palestijnen, Papoea’s, Molukkers. Misschien dat we u terugzien bij Unrepresented Nations and Peoples Organization (UNPO)?

Als ze daar een voorman nodig hebben, dan ben ik zeker geïnteresseerd. Veel van de organisaties waarmee ik heb samengewerkt zijn ook aangesloten bij UNPO.

Uw opvolger als buitenlandwoordvoerder is Sadet Karabulut. Zij is een Koerdische. Is dat niet riskant? Er zullen Turken zijn die er aanstoot aan nemen dat zij namens de SP het buitenlandbeleid over Turkije bepaalt.

Dat oordeel is aan de fractie. Je moet niet je opvolgster voor de voeten gaan lopen.

The New York Times beschuldigde u ervan een campagneteam te hebben geleid dat bijna volledig bestond uit Russen, en dat misschien zelfs wel werd aangestuurd vanuit Moskou.

Die journalist van The New York Times noemde mensen die helemaal niet in ons campagneteam zaten. Dat waren bezoekers van publieke debatten over het referendum. Dat die mensen bij de debatten verschenen was niet zo vreemd, want die stonden overal aangekondigd.

Maar er zaten wel Russische Oekraïners in uw campagneteam.

Er zaten drie Oekraïense dames in het campagneteam. Die hadden zich bij mij gemeld met de boodschap: wij zijn lid van de SP, wij zijn Oekraïens, wij willen het associatieakkoord niet en wij willen graag samenwerken met jou.

En u heeft ze niet gevraagd of ze een Russische achtergrond hadden?
Nee, ik heb niet gevraagd naar hun paspoorten. Ik heb ze alleen gevraagd, uit belangstelling: Waar komen jullie vandaan? Elena Tarnavskaya uit Lviv, Elena Plotnikova uit Donetsk en een derde, Anastacia, die liever alleen bij haar voornaam genoemd wil worden in verband met haar werk.

De dame uit Lviv heeft overigens geen enkele relatie met Rusland. En zij is bedreigd door Oekraïners. We hebben haar daarom niet prominent naar voren gebracht op bijeenkomsten en in onze publicaties.

Waar het fout ging was op de uitslagenavond van het referendum. Toen verscheen er op Twitter een groepsfoto van mij met een aantal mensen die niet tot mijn campagneteam behoorden, Russen en Oekraïners, met het bijschrift: ‘Hier viert @harryvandesp de overwinning met de Oekraïeners met wie hij campagne heeft gevoerd. V for Victory’.

Waarom verscheen het artikel in The New York Times pas tien maanden na het referendum?

Het verscheen in de aanloop naar de verkiezingen voor de Tweede Kamer, en het paste binnen het frame dat inmiddels was ontstaan in de VS van Russen die zich mengen in buitenlandse verkiezingen. Alles wat ingaat tegen de officiële lijn van westerse landen, wordt aangestuurd vanuit het Kremlin.

U sprak over die campagnemedewerkster van u die bedreigd werd. Een andere campagnemedewerker van u, Younis Lutfula, een Iraakse Koerd, is van de weg gereden, onder verdachte omstandigheden.

Die aanrijding vond inderdaad plaats onder zeer verdachte omstandigheden. Younis was op weg naar een avond waar hij een documentaire zou inleiden, Masks of Revolution, die de Oekraïense overheid liever niet vertoond zag. Hij eindigde in het ziekenhuis, en de vertoning werd afgelast.

De vrachtwagenchauffeur die hem had aangereden is aangehouden door de politie, en heeft schuld bekend. Is het bij een verzekeringskwestie gebleven, of heeft de politie nog een vervolgonderzoek ingesteld?

Volgens mij is dat ongeluk van Younis inderdaad afgedaan als verzekeringskwestie. Meer heb ik er niet over gehoord. Zijn auto was overigens total loss en hij heeft lang last gehad van fysieke klachten.

GroenLinks heeft het kabinet aan een meerderheid geholpen voor ondertekening van het  associatieakkoord. Hoe verklaart u het dat GroenLinks en de SP zo anders denken over associatie met Oekraïne? Uit onderzoek van het Transnational Institute blijkt duidelijk dat het akkoord in het voordeel is Oekraïense oligarchen en westerse multinationals, en in het nadeel van de Oekraïense en Europese bevolking.

GroenLinks heeft een andere oriëntatie op de Europese Unie. Ze houden vast aan het standpunt van de ever closer union, een steeds hechtere samenwerking binnen Europa.

Het associatieakkoord met Oekraïne is overigens niet te vergelijken met andere associaties. Het is het meest vergaande akkoord dat de EU ooit gesloten heeft. Ik kan het niet anders zien dan als een alternatief voor het lidmaatschap, dus eigenlijk gemodelleerd naar de wens van president Porosjenko om uiteindelijk lid te worden van de EU. Zo heeft hij het in eigen land ook verkocht.

Dat GroenLinks het kabinet aan een meerderheid heeft geholpen voor het akkoord met Oekraïne heeft ze misschien bij de VVD op de kaart gezet als potentiële coalitiepartner?

Zeker. GroenLinks is een partij die er een gewoonte van heeft gemaakt handreikingen te doen aan kabinetten nog voordat de onderhandelingen zijn begonnen. Zie ook de Nederlandse missie in de Afghaanse provincie Kunduz. GroenLinks weet: je diskwalificeert jezelf voor regeringsdeelname als je het kabinet voor de voeten loopt bij buitenlandse missies.

De SP heeft tijdens de laatste verkiezingen niet geprofiteerd van het verlies van de PvdA. GroenLinks wel. Hoe verklaart u dat?
De eenzijdige focus misschien op de zorg. Daarmee bind je geen jonge kiezers aan je. De zorgcampagne was op zichzelf goed, maar mensen vroegen zich af: wat wil de SP nog meer behalve een stelselherziening en het eigen risico naar nul?

En natuurlijk was er het Jesse Klaver effect. Niet dat Emile Roemer het slecht heeft gedaan. Integendeel. Ik vind dat hij het heel goed heeft gedaan.

Maar sowieso vind ik dat de SP een onderzoek zou moeten doen onder de PvdA-kiezers, waarbij je ze de vraag voorlegt: waarom bent u niet bij de SP terecht gekomen?

Een veelgehoord verwijt aan het adres van de SP is dat de partij het onbehagen van de eigen natuurlijke achterban negeert over de immigratieproblematiek. Uit het Nationale Kiezersonderzoek blijkt dat maar liefst één op de drie PVV-kiezers zichzelf ziet als behorend tot de arbeidersklasse; bij de SP is dat één op de vier kiezers. Hoe ziet u dat?

Het verbaast mij niet. Ik begrijp die mensen goed: het zijn slachtoffers van de globalisering; ze lijden onder het Europese beleid, dat zich richt op het grote bedrijfsleven en de vrijhandel, en als SP verzetten we ons daar dan ook tegen. Maar het grote verschil is: de PVV zet zich heel duidelijk af tegen de komst van asielzoekers, en dat doen wij niet.

De immigratie bestaat uit meer dan alleen asielzoekers. Via de Europese Unie komen ook veel arbeidsmigranten onze kant op.

Dan heb je het over ‘vrij verkeer van werknemers’, niet over immigratie in de vorm van landverhuizing, want de meesten zijn hier maar voor tijdelijk. Maar als SP hebben we ons altijd duidelijk uitgesproken tegen dit vrije verkeer, omdat het verstorend werkt op de arbeidsmarkt. Het kabinet heeft ons wat dat betreft ook flink zand in de ogen gestrooid. Het kabinet zei: het worden er maximaal 20.000, maar het werden er meer dan 100.000.

Hoe dan ook. Een groot deel van jullie natuurlijke achterban wil minder migranten, en ze hebben het idee dat de SP zich daar niks van aantrekt.

Wij gaan niet een standpunt overnemen van een andere partij alleen omdat het electoraal lekker ligt. Voor ons geen hek om Nederland en weg uit de EU.

Tot 2006 pleitte de SP in haar verkiezingsprogramma voor vertrek uit de NAVO en afschaffing van de monarchie. Waarom zijn die standpunten geschrapt? Heeft u daar zelf een rol in gespeeld?

In 2006 was ik voorzitter van de programmacommissie. We hebben toen in het programma opgenomen dat we het lidmaatschap van de NAVO als politiek feit accepteerden. Dat was een logische stap, omdat we eerder de Nederlandse deelname aan NAVO-operaties, waaronder in Kosovo, hadden goedgekeurd.

Ons verkiezingsstandpunt over de monarchie hebben we uit meer praktische overwegingen aangepast. In een verkiezingsprogramma neem je op wat je de komende vier jaar kunt realiseren. Voor afschaffing van de monarchie is een grondwetswijziging nodig en dus nieuwe verkiezingen. We vinden overigens nog steeds dat alle bestuurders in Nederland gekozen moeten worden, inclusief het staatshoofd. Dat standpunt staat ook nog steeds in onze beginselverklaring.

De SP stond in 2006 heel hoog in de peilingen. Jan Marijnissen zei dat hij een mogelijkheid zag een kabinet te vormen met CDA en PvdA. Misschien dat de SP de kans op regeringsdeelname wilde vergroten door afstand te doen van de meest omstreden partijstandpunten?

Het verkiezingsprogramma was al klaar voordat we zo hoog kwamen te staan in de peilingen. Het stond al een half jaar voor de verkiezingen vast.

In 2009 schreef u het discussiestuk Waarheen met de NAVO? Daaruit sprak weinig enthousiasme voor die organisatie. U stelde dat de NAVO zich, na de opheffing van het Warschau Pact, overbodig had gemaakt, maar zich desondanks uitbreidde, met een nieuwe Koude Oorlog tot gevolg. En ook sprak u uw zorgen uit over de ontwikkeling van de NAVO van territoriale verdedigingsorganisatie tot mondiale politieagent. Was u inmiddels van inzicht veranderd?

Nee. Want wij hebben ons consequent verzet tegen de uitbreiding van de NAVO, zowel in de richting van de Balkan, als in de richting van Rusland. Ik zie daar geen inconsequentie in.

U memoreerde net zelf dat de SP de NAVO-missie in Kosovo heeft gesteund. Kosovo ligt op de Balkan. Daar heeft de NAVO het bommen laten regenen.

Wij hebben niet het ingrijpen van de NAVO daar gesteund. Alleen de vredesmissie KFOR.

U heeft vorig jaar op een spreekbeurt gezegd dat de SP graag mee wil kunnen praten over de NAVO. En dat de partij daarom niet langer streeft naar vertrek van Nederland uit de NAVO.

Er wordt van tijd tot tijd gediscussieerd over de oriëntatie van de NAVO, zoals in 2009 over het Strategisch Concept. Je plaatst jezelf buiten die discussie als je zegt: ‘Wij willen deze club opheffen, maar zolang dat niet gebeurt, willen we wel meepraten over de koers van de NAVO’. Je kunt pas serieus meepraten over beleid van een organisatie als je het lidmaatschap daarvan accepteert.

U heeft zes jaar meegepraat in de Parlementaire Assemblee van de NAVO. Heeft dat iets uitgehaald?

De Assemblee heeft in meerderheid partijen in zich die het beleid van de NAVO steunen. Ik zal je zeggen: Het is best prettig daar af en toe een steen in de vijver te gooien, mensen aan het denken te zetten.

Maar natuurlijk is de Assemblee niet een organisatie die het beleid van de NAVO vaststelt. Vergelijk het met de Tweede Kamer. Die controleert het kabinet, maar het is het kabinet dat bepaalt.

Heeft Nederland, of hebben andere EU-lidstaten, überhaupt iets te vertellen binnen de NAVO? Het militaire opperbevel ligt al sinds de oprichting bij de Amerikanen.

Nederland heeft wel degelijk iets in te brengen in de NAVO-Raad. Denk aan 2001. De Amerikanen in de NAVO zeiden toen: De terroristische aanslagen in de VS van 9/11 zijn een aanval op allen. Toen werd voor het eerst artikel 5 van het Handvest van de NAVO ingeroepen. Nederland heeft toen in de NAVO-Raad zijn hand opgestoken en gezegd: Moeten we ons niet eerst afvragen of deze casus op het Handvest van toepassing is? Maar Nederland is uiteindelijk wel meegegaan met de Amerikanen. Als Nederland consequent was geweest, dan had het gezegd: Wij beschouwen dit niet als een artikel 5 situatie, en daarom blokkeren wij de besluitvorming. Je kunt dus wel invloed uitoefenen, maar dan moet je wel voet bij stuk houden.  

Zijn er voorbeelden dat Nederland of een ander land wel met succes is ingegaan tegen de Amerikaanse lijn binnen de NAVO?

Dat is moeilijk vast te stellen. Neem het Membership Action Plan voor Georgië en Oekraïne. Daar werd heel kritisch over gedacht door sommige NAVO-lidstaten. Heeft dat geleid tot een minimumvariant van het plan? We weten het niet, omdat het voor Kamerleden zoals ik ondoorzichtig is wat er aanvankelijk op tafel lag.

U sprak in Waarheen met de NAVO? de wens uit de NAVO onder auspiciën te plaatsen van de VN. We zijn inmiddels acht jaar verder. Blijkt dat achteraf een illusie te zijn geweest?

Ik zie dat inderdaad niet meer gebeuren.

Wat betekent dat inmiddels voor het standpunt van de SP over de NAVO?

De discussie  over het lidmaatschap van de NAVO en de oriëntatie van de NAVO is volop gaande in onze partij. Daar zijn mensen bij die zeggen: we hebben het lang genoeg geprobeerd, voorstellen gedaan, en de huidige ontwikkeling van de NAVO is er geen die door ons gesteund wordt, we moeten er uit. Die discussie is nog gaande en leidt op termijn misschien tot een nieuwe stellingname.

Er wordt binnen de EU gesproken over de oprichting van een Europees leger. Zou dat een alternatief kunnen vormen voor de NAVO?

De SP is niet voor een Europese defensie, omdat het onmogelijk is die aan te sturen vanuit de huidige EU. Het kan alleen als de EU een politieke unie zou zijn, met een Europese regering en een Europese minister van Buitenlandse Zaken. Een federaal Europa dus. En met nationale krijgsmachten die zichzelf volledig ondergeschikt hebben gemaakt aan de Europese besluitvorming.

Een Europees buitenlandbeleid en defensiebeleid wordt wel gezien als een manier ons onafhankelijker te maken van de VS.

Dat gaat uit van het rare idee dat de VS anders zouden opereren op het wereldtoneel als Europa een zelfstandige defensiecapaciteit zou hebben. Ik geloof daar helemaal niets van. De Amerikanen hebben vrij spel omdat zij de enig overgebleven militaire grootmacht zijn. Het zou eigenaardig zijn te denken dat het ingrijpen in Irak, en recent Syrië, niet zou zijn gebeurd als Europa had gezegd, vanuit een eigen defensiepolitiek: Daar zijn wij het niet mee eens.

Maar dan zouden de Europese landen misschien niet hebben meegedaan aan de buitenlandavonturen van de NAVO en de VS?

Het punt is dat daar binnen Europa dus verschillend over gedacht wordt.

Landen hebben geen vrienden, maar alleen maar belangen, zoals de Franse president De Gaulle zei. En dat betekent dat wanneer de belangen uiteen lopen er geen gezamenlijk besluit kan worden genomen. Je kunt geen buitenlands beleid afdwingen dat tegen de belangen van de grote landen in Europa ingaat.

Maar dat probleem ondervang je dus met een federaal Europa, met een gezamenlijk buitenland- en defensiebeleid en een gezamenlijke defensiecapaciteit.

Dan zul je alle landen in Europa bereid moeten vinden om hun eigen buitenland- en defensiebeleid op te geven, en militairen te leveren die onder Europees bevel komen te staan. Dat gaat niet gebeuren. Nooit.

En dus blijven we voor onze veiligheid afhankelijk van de Amerikanen?

In belangrijke mate wel.

Maar voor wie moeten we in Nederland bang zijn, zonder de bescherming van Amerika? We zullen niet snel door Duitsland aangevallen worden, of door België.

Ik heb niet gezegd dat we voor iemand bang moeten zijn. Maar er zijn conflicten denkbaar waar wij mee te maken kunnen krijgen. Kijk bijvoorbeeld naar de spanningen rond Iran of Turkije.

Dat zijn landen die ver van ons bed liggen.

Maar het zijn wel landen in de periferie van Europa. Oorlogen in die landen kunnen een gevaar vormen voor de Europese Unie. Neem Turkije. Als daar een groot conflict dreigt, dan heeft dat zijn neerslag op Nederland, want kijk alleen al naar het grote aantal Turken in Nederland. Het is de grootste migrantengroep. We hebben gezien wat er gebeurde toen  er Turkse ministers naar hier kwamen om Turkse Nederlanders toe te spreken. We kregen rellen in Rotterdam.

Zegt u daarmee dat we moeten kunnen interveniëren in Turkije of andere landen in de periferie van Europa? Dat lijkt me in het geval van Turkije trouwens lastig, omdat dat een NAVO-lidstaat is.

Daar ligt niet mijn grootste zorg. Maar ik vind wel dat, zeker binnen de NAVO, het uitgangspunt van collectieve veiligheid zeker iets waard is. Want neem de Baltische staten waar grote Russische minderheden zitten. Daar zal niet zomaar de vlam in de pan slaan, maar het is niet ondenkbaar dat er afscheidingsbewegingen ontstaan. Dan krijgen we daar direct mee te maken, omdat die landen bij ons in de EU zitten.

Door wie wordt de Nederlandse buitenlandpolitiek het sterkst bepaald? Door onze multinationals? De VS? Of de Europese Commissie?

Het zijn allemaal grote spelers. Het zou groot wetenschappelijk onderzoek vergen om dat te kwantificeren. Het zal in elk geval verschillen per thema. En dat zul je dus per geval moeten onderzoeken.

Bij TTIP zie je vooral de invloed van de multinationals. Dat gaat over vrijhandel, en dat is primair in het belang van de internationale ondernemingen, het grootkapitaal. En die hebben dat aangekaart bij de Amerikaanse overheid, die het op haar beurt heeft aangekaart bij de Europese Commissie.

Doen wij altijd alles wat de Amerikanen van ons vragen? Of zeggen we ook wel eens ‘nee’?

Jazeker zeggen wij wel eens ‘nee’.  Zo wilden de Amerikanen heel graag dat onze militairen langer in Uruzgan bleven. Maar dat hebben we niet gedaan, en dat werd ons flink verweten. En om dat een beetje goed te maken zijn we later wel iets anders gaan doen in Uruzgan.

Kunt u meer voorbeelden noemen?

Uruzgan is wel het meest duidelijke voorbeeld.

Overigens gaat het anders dan de gemiddelde krantenlezer misschien denkt. Als er vanuit Amerika een formeel verzoek binnenkomt voor deelname aan iets, dan zijn de kaarten eigenlijk al geschud. Zo’n verzoek komt namelijk niet uit het niets. Er is dan al veel vooroverleg geweest. De Amerikanen hebben dan al gevraagd of we willen meedoen – en zo ja, wat we kunnen leveren. Als dus het formele verzoek binnenkomt, heeft de Nederlandse regering al gezegd: ‘Ja, we willen meedoen en we kunnen dit en dat leveren, onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring’. Als er dus ‘nee’ wordt gezegd, dan is dat ook voor ons een probleem, omdat dan eigenlijk al de verwachting is gewekt bij de Amerikanen dat we meedoen.

Als wij ‘nee’ zeggen tegen de Amerikanen, kan dat dan leiden tot repercussies?

Zeker. Nederland kan dan uitgesloten worden van deelname aan belangrijke besprekingen, zoals de G20. Het kan ook leiden tot repercussies bij de benoeming van functionarissen op internationale posten, zoals bij de NAVO en de VN.

Hoe verklaart u de goede betrekkingen tussen Nederland en Saoedi-Arabië? In Saoedi-Arabië doen ze alles wat de Nederlandse regering ISIS verwijt: het stenigen, onthoofden, kruisigen, en doodzwepen van onteerde vrouwen, homo’s, activisten en andersgelovigen. Bovendien is Saoedi-Arabië de belangrijkste financier van terroristische organisaties als ISIS en extremistische moskeeën, scholen en welzijnsorganisaties overal in Europa. En ook richt het land momenteel een humanitaire ramp aan in buurland Jemen.

De economische betrekkingen met Saoedi-Arabië zijn leidend voor het Nederlandse buitenlandbeleid. Het Nederlandse bedrijfsleven verdient miljarden in Saoedi-Arabië.

Als wij de mensenrechten als uitgangspunt van beleid nemen, dan zouden we eerder sancties bepleiten tegen Saoedi-Arabië dan onze koning sturen voor het uiten van onze deelneming aan de familie van een overleden lid van het Huis van Saoed.

De SP heeft samen met D66 gepleit voor een wapenembargo tegen Saoedi-Arabië. Daar is niks uit voortgekomen?

Onze motie ter bevriezing van de wapenexport naar dat land werd breed gesteund in de Kamer, maar coalitiepartijen PvdA en VVD stemden tegen. En dat terwijl onze wapenexport naar Saudi-Arabië zeer beperkt is: in 2014 een paar miljoen aan materieel. We hadden dus gedacht dat minister Bert Koenders daar wel een grens zou trekken, maar niets bleek minder waar.

Dan zal het op Europees niveau helemaal moeilijk zijn zo’n embargo van de grond te krijgen?

Als landen de Europese criteria zouden volgen, dan zouden ze geen wapens leveren aan Saoedi-Arabië. Er is Europees wapenexportbeleid, en dat zegt: Niet leveren aan landen die de mensenrechten schenden. Niettemin zijn landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en België grootexporteurs van wapentuig naar Saoedi-Arabië.

Wie zijn de lobbyisten die ons kabinet influisteren dat we Saoedi-Arabië te vriend moeten houden? Wapenhandelaren? Shell? Ballast Nedam? VNO-NCW?

In de eerste plaats VNO-NCW. Dat is een werkgeversorganisatie die, anders dan je misschien zou vermoeden, zich niet bezighoudt met de motor van de Nederlandse economie, het midden- en kleinbedrijf, maar uitsluitend lobbyt voor het internationale bedrijfsleven, dus ook voor Shell en Ballast Nedam.

De economische sancties tegen Rusland leken de EU, en ook onze regering geen enkele moeite te kosten. Was de inschatting dat er met dat land minder op het spel staat?

Er staat wel degelijk iets op het spel met dat land. Rusland is als buurland van de EU een belangrijke economische speler. Onze boeren en tuinders zijn inmiddels een half miljard aan inkomsten kwijtgeraakt vanwege de Russische tegenmaatregelen.

De sancties van de EU tegen Rusland vanwege de annexatie van de Krim hebben ook geen enkele zin, want de Krim krijg je er niet mee terug. We moeten in de relatie met Rusland aansturen op de-escalatie.

Maar hoe is het dan te verklaren dat we met Rusland zo anders omgaan dan met Saoedi-Arabië?

Het is hypocrisie. We doen alsof Poetin Hitler is, en we knijpen een oogje dicht bij Saoedi-Arabië. De rapporten van Amnesty International liegen er niet om. En Amnesty roept dan ook op strikter beleid te voeren tegen Saoedi-Arabië.

Maar we gaan in het geval van Rusland in tegen onze eigen economische belangen.

Dat is omdat Saoedi-Arabië gezien wordt als een bondgenoot. Ze verlenen diensten aan de VS, bijvoorbeeld in de strijd in het Midden-Oosten.

Zouden we niet juist Rusland moeten zien als een bondgenoot in de strijd tegen het terrorisme? Saoedi-Arabië is nota bene een van de belangrijkste financiers van ISIS.

ISIS wordt niet gefinancierd door de Saoedische overheid.

Uit een gelekte e-mail van Hillary Clinton blijkt dat de Saoedische overheid ISIS financiert.

Ik dacht dat het alleen Saoedische particulieren waren die fondsen beschikbaar stelden aan ISIS.

In 2002 namen de Amerikanen een wet aan, de The Hague Invasion Act, die de Amerikaanse president machtigt met geweld Amerikanen te bevrijden die worden vastgehouden door het Internationaal Strafhof in Den Haag om te worden berecht. Er is niet of nauwelijks over bericht in de media en het lijkt geen enkele opschudding te hebben gewekt. Hoe is dit mogelijk? Waarom is het van geen enkele invloed geweest op onze relatie met de VS?

Dat is omdat journalisten, zoals wel vaker gebeurt, meegaan in de redenering van de regering. Als het kabinet een bepaald onderwerp doodverklaart, dan is het voor de media meteen niet interessant meer. Want dat is precies wat er gebeurd is met de The Hague Invasion Act. De Nederlandse regering heeft elk debat hierover in de kiem gesmoord door het af te doen als een bagatel. ‘Dat zal nooit gebeuren’, werd er gezegd. ‘Die wet is voor binnenlandse consumptie in Amerika.’ Vragen uit de Kamer werden afgedaan met: ‘Wat wilt u wat we doen? Dat we troepen gaan stationeren in Scheveningen?’ Het viel dus al publicitair dood nog voordat er over gepubliceerd was.

Kun je een land dat jou met geweld bedreigt nog wel als een bondgenoot of bevriende natie beschouwen?

Zeker wel. Want het is geen directe bedreiging. Het is een indirecte bedreiging. De Amerikanen zeggen: Onder bepaalde omstandigheden behouden wij het recht voor om dit of dat te doen.

Maar zo praat je toch niet met je vrienden?

Dat is wel zo. Maar het wil niet zeggen dat je dan meteen de relatie moet opzeggen.

Wat moet je er dan mee?

Dan moet je als Nederlandse regering duidelijk maken dat je het ‘onaanvaardbaar’ vindt en er op geen enkele manier aan mee zult werken. Dat je dus, als de VS vraagt om uitlevering van een Amerikaan die terecht staat bij het Strafhof, daar onder geen enkele voorwaarde aan mee zult werken.

Heeft het Internationaal Strafhof nog toekomst zolang militaire grootmachten als de VS, Rusland en Israël, die verantwoordelijk worden gehouden voor mensenrechtenschendingen, niet zijn aangesloten? Een aantal Afrikaanse landen heeft zijn vertrek al aangekondigd.

Dat laatste zie ik als een grotere bedreiging dan het eerste. Het is altijd zo met internationale verdragsorganisaties dat je begint met een kleine club, de voorhoede, dat vervolgens steeds meer landen zich aansluiten en dat uiteindelijk ook de grote landen zich aansluiten.  Het Verdrag Chemische Wapens is hier een goed voorbeeld van.

Hoe ziet u de oorlog in Syrië? Er zijn er die de oorzaak leggen bij de Syrische overheid die keihard zou zijn opgetreden tegen mensen die vreedzaam demonstreerden. En er zijn er die de oorlog zien als een gevolg van een poging tot regime change van de VS en bondgenoten. Volgens een ooggetuige, pater Frans van der Lugt, die later in Homs vermoord werd, begon het geweld met demonstranten die op de politie schoten.

In 2011 zei de Nederlandse regering de EU en de VS na: ‘Assad moet weg’. Dat was zeer kwalijk, omdat de oorlog hierdoor verlengd en verdiept is.

De oppositie werd aangemoedigd door te vechten, niet alleen met woorden, maar later ook praktisch, door het leveren van wapens en militaire trainingen.

U vindt niet dat president Assad het veld moet ruimen?

Iedere realist zal zeggen: Assad is in belangrijke mate verantwoordelijk voor veel slachtoffers in Syrië, maar Assad is ook nodig voor de transitie. Want wat als je zegt: ‘Eerst moet Assad weg, en dan gaan we praten?’ Dat is hetzelfde als tegen de kalkoen zeggen: ‘We willen met jou praten over het kerstmaal, maar uiteindelijk eindig je in de pan.’ Dan zegt die kalkoen: ‘Dan ga ik niet met jou praten, dan ga ik vechten.’

Je kunt ook niet voorbijgaan aan de betrokkenheid van de Russen in het conflict. Zolang de Russen Assad blijven steunen, kun je blijven roepen dat Assad weg moet, maar dan leidt dat alleen maar tot een verlenging van het conflict.

De Verenigde Naties beschouwden Aleppo als een stad die bezet was door Al Nusra, een terroristische broederorganisatie van Al Qaida. Maar dit feit bleef onvermeld in de reguliere nieuwsmedia. Men sprak stelselmatig over ‘rebellen’ in plaats van ‘terroristen’. Hoe ziet u dat?

De geschiedenis van alle conflicten leert dat wij mensen die wij zien als onze bondgenoot aanduiden met termen als ‘opstandelingen’, ‘het verzet’,  ‘oppositie’ of ‘rebellen’ . En mensen die aan de andere kant vechten, noemen we ‘terroristen’. Je ziet daarbij dat de media het jargon van de politiek overnemen. Want het plakken van labels op strijdende partijen begint vrijwel altijd bij de politiek.

U heeft deelgenomen aan een demonstratie bij de Russische ambassade tegen de bombardementen op Aleppo in Syrië, georganiseerd door Amnesty International, Pax Christi en Save The Children. Is er bij uw weten al zo’n demonstratie georganiseerd bij de Amerikaanse ambassade vanwege de bommen op Mosul in Irak, of bij de Saoedische en Amerikaanse ambassades vanwege de bommen op Jemen?

Ik heb wel deelgenomen aan een demonstratie bij de Saoedische ambassade, vanwege Jemen. Voor een demonstratie bij de Amerikaanse ambassade vanwege Mosul ben ik niet uitgenodigd. Ik weet ook niet of er zo’n demonstratie is gehouden.

Een zoekactie op Google, leverde mij geen resultaten op. Misschien vinden Amnesty, Pax Christi en Save The Children de bommen op Aleppo kwalijker dan die op Mosul?

Er zijn overeenkomsten tussen Aleppo en Mosul. Maar conflicten zijn natuurlijk nooit helemaal hetzelfde.

Er zijn in Mosul in een paar weken tijd honderden burgerdoden gevallen, als gevolg van Amerikaanse bombardementen. Meer dan honderdduizend mensen zijn op de vlucht geslagen.

De werkwijze van ISIS in Mosul is anders dan die van Al Nusra in Aleppo. ISIS is uit op zoveel mogelijk burgerdoden.

In Aleppo werden ook burgers als menselijk schild gebruikt.

Dat is zo. Maar wat ISIS doet gaat nog een stapje verder. Zij drijven burgers bijeen op plekken waar gebombardeerd wordt, en trekken zich daarna dan zelf terug in schuilkelders. Dat gaat dus verder dan burgers als menselijk schild gebruiken, waarbij je zelf ook een risico loopt.

Maar er is alle reden om ook de demonstreren bij de Amerikaanse ambassade.

De Nederlandse overheid steunt gewapende groeperingen in Syrië, zonder te willen zeggen wie het zijn, alleen dat ze ‘gematigd’ zijn. Ze ontvangen weliswaar geen wapens, maar wel dekens, tenten, medicijnen en communicatieapparatuur. Wat vindt u daarvan?

Steun aan gewapende groepen wijs ik af. Die steun komt neer op een aanmoediging om door te vechten.

En er zijn al jarenlang berichten over zogenaamde gematigde groeperingen die alles wat ze aan wapens en overig materieel krijgen stelselmatig afgeven aan ISIS en Al Nusra, of in elk geval nauw hiermee samenwerken of hiernaar overlopen. Bestaat er in Syrië überhaupt nog een gematigde oppositie?

Er is enige tijd sprake geweest van Nederlandse steun aan de Syrian National Council. Dat proces heeft overigens niet lang geduurd. De Syrian National Council bleek geen succes en tegenwoordig is er een lappendeken aan oppositiebewegingen in Syrië. En ja, het is inderdaad moeilijk te voorkomen dat humanitaire hulp bij terroristische groepen terecht komt. De situatie in Syrië is zeer onoverzichtelijk.

Posted on

Oekraïense en Amerikaanse politici en oligarchen doen goede zaken met financiële hulpfondsen

Neil Abrams en Steven Fish van het gerenommeerde Amerikaanse tijdschrift voor buitenlands beleid Foreign Policy zijn de vraag nagegaan wat de kansen zijn dat de corruptie en chaos in Oekraïne slechts een tijdelijk probleem zijn en welke rol het Westen daar in speelt. Ze publiceerden daarover onder andere in de Washington Post.

Nauwelijks had de gewelddadige staatsgreep van het Maidan in Kiev begin 2014 zijn doel bereikt en de gekozen president Viktor Janoekovitsj verdreven of de huidige bekleder van dat ambt deed zijn greep naar de macht. De steun voor ‘chocoladekoning’ Porosjenko nam duidelijk toe door zijn belofte een einde te maken aan de corrupte oligarcheneconomie in Oekraïne en dat hij daarbij zelf het goede voorbeeld zou geven. Porosjenko behoort namelijk zelf tot de puissant rijken, maar hij beloofde zijn aandeel in diverse bedrijven en banken van de hand te doen om zich volledig aan het welvaren van het Oekraïense volk te kunnen wijden. De politiek in Kiev zou niet meer beheerst worden door het grote geld, zo verzekerde hij.

Ook wie Porosjenko het voordeel van de twijfel wilde geven, mag zich na twee jaar afvragen wat er van dat goede voornemen terecht is gekomen. Dat deden dan ook twee onverdachte, want Amerikaanse, journalisten, Neil Abrams en Steven Fish, van het gerenommeerde tijdschrift Foreign Policy. Hun antwoord op de vraag is duidelijk: Ten eerste is er niets veranderd aan de oligarcheneconomie, ten tweede is Porosjenko net als voorheen een bepalende figuur in dit systeem.

De chaotische toestanden in het land zijn echter niet zozeer een gevolg van het onvermogen van Porosjenko en zijn regering, maar veeleer het noodzakelijke milieu voor het voortbestaan en gedijen van plutocratische machtsuitoefening. De beide auteurs zeggen het zo: “Een wereld waarin ambtenaren zich aan regels houden, officieren van justitie en rechters zich gewetensvol gedragen, de elites door democratische procedures rekenschap moeten geven en de vrije concurrentie van de markt functioneert – in zo’n wereld kunnen oligarchen niet overleven.”

In de Oekraïne overleven ze echter niet alleen, het gaat ze voor de wind. Alle voorwaarden daarvoor worden dan ook glansrijk vervuld. De omkoopbare rechterlijke macht en het volledige falen van de Nationale Anticorruptie Commissie worden daarbij effectief versterkt door de hulp van diverse westerse instellingen. Het schrijversduo stelt:

“De westerse hulp heeft de heersers van het land tot dusver ondersteund en ze bevrijd van de noodzaak om een functionerende staat en een functionerende markteconomie op te bouwen. Het voortzetten van de hulp zal de bestaande elites alleen maar langer aan de macht houden.”

Maar deze situatie is niet nieuw. Reeds een half jaar na de putsch ging Igor Kolomojski, één van de meest prominente oligarchen, er met 1,8 miljard dollar van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) voor Oekraïne van door. Inmiddels woont hij in Amerika. Deze schelmenstreek weerhoudt het Westen echter evenmin als andere van dergelijke voorvallen van om de betalingen voort te zetten. Zo werd in maart bekend dat een bedrag van twee miljoen dollar van de Verenigde Staten en de Europese Unie dat specifiek bestemd was voor hervorming van het gerechtelijk apparaat verdwenen was, nota bene via het ‘Anti-Corruption Action Centre’.

Kennelijk niet onder de indruk van dit soort zaken hebben de VS op de nucleaire top in Washington in april Oekraïne extra militaire hulp ter waarde van 335 miljoen dollar toegezegd. Men hoopt allicht dat bij de wapenhandel de fondsen wel voor het bestemde doel aangewend zullen worden. In Amerika spreekt men over ‘veiligheidsondersteuning’, hoewel men daar in het Donbasbekken wel anders over zal denken.

Maar niet alleen de VS slaan geen acht op slechte ervaringen. Ongeacht de 1,8 miljard waarmee Kolomojski aan de haal ging, zegde het IMF Oekraïne dit jaar opnieuw 17,5 miljard dollar toe, waarvan 6,7 miljard reeds uitbetaald is. Nu de geluiden over corruptie ook doordringen tot de Amerikaanse pers wordt de kraan even dichtgedraaid. Dat heeft zelfs al tot een waarschuwing van de Amerikaanse vice-president Joe Biden geleid: “Corruptie”, zo stelde Biden, “vreet de Oekraïne aan als kanker.” Een gepast woord uit de verkeerde mond. De zoon van de Amerikaanse vice-president, Hunter Biden, bekleed immers sinds de coup een positie in het bestuur van de Oekraïense gasreus Burisma. In de raad van toezicht daarvan zitten nog meer Amerikanen, waaronder Devon Archer, een huisvriend van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry. Op de achtergrond wordt het gasbedrijf geleid door de oud-minister Nikolaj Slotsjevskij.

En zo blijven dan vrolijk de miljoenen naar Kiev vloeien. Als het IMF niet betaalt, dan zijn het wel de Verenigde Staten. Zo maakte het Witte Huis op 19 juni jongstleden bekend nog eens 220 miljoen dollar beschikbaar te stellen voor Oekraïne, allemaal met het oog op ‘versterking van de democratie en rechtstaat’ natuurlijk. Begin juni had de Overseas Private Investment Corporation (ondanks de misleidende naam een overheidsinstelling) reeds 62,5 miljoen uitgetrokken voor Oekraïne. Die som komt bovenop een reeds geheel uitbetaalde van 185 miljoen. In het begrotingsontwerp van de VS voor het komende jaar is daarbij reeds 150 miljoen gereserveerd voor bijkomende militaire hulp.

Bij de EU heeft Oekraïne inmiddels zo’n 23 miljard euro aan schulden uitstaan. De financieel analist Alexander Okchrimenko, stelt dat de afbetaling daarvan over 20 jaar uitgesmeerd moet worden en dat de waarschijnlijkheid van een staatsbankroet in de loop van dit jaar rond de vijftig procent ligt, aldus het Handelsblatt. Voor het IMF, de VS en de EU is dat waarschijnlijk reden om nog meer geld uit te trekken voor Oekraïne.

Posted on Leave a comment

Amerikaanse geopolitieke motieven inzake Syrië

In zijn kersttoespraak sprak Benedictus XVI over de oorlog in Syrië. De paus had het erover dat deze geen religieuze oorlog was. Dat verbaasde velen. Want zijn het niet Salafistische terroristen die Christenen en Alawieten aldaar aan het verdrijven en uitmoorden zijn, althans, voor zover dat in hun macht ligt? Omdat evenwel het Vaticaan op topniveau opereert inzake intelligence gathering, besloot ik toch op zoek te gaan naar meer informatie.

Samenvattend blijkt ‘t uiteindelijk allemaal om gas te gaan. Want gas zal de komende eeuw de olie op de energiemarkt deels verdringen. In deze komende, planetaire booming bussiness willen geen van de wereldspelers achterblijven. Uiteraard is voor dit alles een infrastructuur nodig. Rusland, Iran, Irak en Syrië, verenigd in een kartel, zijn al druk bezig met het bouwen van een pijpleiding vanuit het zes jaar geleden ontdekte Pars-gasveld in Iran, het grootste gasveld in de wereld. Deze leiding heeft inmiddels de randen van Damascus bereikt. Zou deze worden voltooid, dan zou dat Iran, samen met Rusland, tot een wereldmacht verheffen – vandaar dat na Syrië Iran vrijwel zeker gedestabiliseerd en aangevallen zal worden.

Syrië - Pars-gasveld in de Perzische Golf

Ook Qatar, vazal van de VS, deelt in het enorme Pars-veld. De te bouwen, concurrerende pijpleiding vanuit Qatar, loopt – net als zijn concurrent vanuit Iran – dwars door Syrië. Vandaar het belang van de macht ter plaatse. En dus de Amerikaanse push naar regimewisseling. Want Assad is een vriend van Rusland en zit in het kartel dat Amerika in Syrië buiten de (gas)wind houdt. Amerika vecht dus voor het behoud van haar machtspositie en welvaart. En wordt daarin bijgestaan door al haar clientèlestaten, de Saoedische koningen voorop.

De hele Arabische Lente en de War on Syria is al jaren geleden ontworpen en is bedoeld om de exploitatie van gas in Westerse handen te spelen. Het gaat dus om een plan om Amerika te doen prevaleren in de race om de hegemonie over basisgrondstoffen, de kurk waarop de Amerikaanse werelddominantie (via de Petro Dollar) gebaseerd is. Zowel het sprookje van de democratie als de religieuze emoties van Syrische ethnische groepen waren en zijn daartoe heel goed te benutten. Mogelijk is de massale instroom van Salafistische en Wahabitische jihadisten (23.000 alleen al vanuit Jordanië) niet in deze mate voorzien. Het maakt een coherente en effectieve opbouw van de oppositie tegen Assad op dit moment illusoir. En dus een beslissende interventie des te waarschijnlijker.

Maar er speelt meer. Omdat bij opening van de pijpleiding vanuit het Iraanse Pars-veld de EU voor 40% – 50% van het gas van Rusland afhankelijk zal zijn, zullen hun beider economieën steeds geïntegreerder raken. Deze bedreiging van de hegemonie van de VS zint de VS en de Britten vanzelfsprekend niet. Vandaar dat momenteel de EU, met name Duitsland, door de VS en het Verenigd Koninkrijk onder druk gezet wordt (‘close ranks or else’) om hen te steunen in de oorlog versus Syrië. Want ook de Amerikanen weten dat Europa in de nabije toekomst economische- en overlevingsbelangen deelt met Rusland. En dit vormt een tweede bedreiging van de Petro Dollar. Citaat: “It is certain that neither the USA nor the UK would hesitate to manufacture a European war in case continental Europe does not close ranks behind the US/UK Hegemony and the US Dollar (…)” (The dynamics of the crisis in Syria. Conflict versus Conflict (Part 5), verkregen op 31 december 2012, https://nsnbc.wordpress.com)

De oorlogszuchtige houding van de VS (die immers ook zou kunnen samenwerken met Rusland, Syrië, Iran en China) is voornamelijk het gevolg van de Joodse lobby. Want Israel zal uiteindelijk niet rusten voordat Iran is uitgeschakeld als opkomende grootmacht. Daarom is Israel samen met de VS de grootste stakeholder bij de destabilisatie van Syrië en de Arabische Lente.

Fred Hamburg, auteur van Waarom Democratie? (Parthenon, 2012)

Bronnen:

  • http://nsnbc.wordpress.com/2012/12/22/r sia-e-u-meeting-in-bruxelles-risk-of-middle-east-and-european-war-increased
  • http://nsnbc.me/2012/11/02/the-dynamics-of-the-crisis-in-syria-conflict-versus-conflict-resolution-part-3
  • http://www.uitpers.be/index.php/2011-08-07-02-56-46/217-de-geplande-gaslijnen-van-qatar-via-de-conflictgebieden-in-syrie