Posted on

Griekenland trekt leeg en vergrijst, nieuwe bailout kwestie van tijd

Vanwege gebrek aan toekomstperspectief verlaten steeds meer jonge Grieken hun land. En degenen die blijven, beginnen steeds minder vaak een gezin. Ondertussen is de Griekse regering vooral bezig met aan de macht blijven. Het lijkt een kwestie van tijd voor Griekenland bij het Europese Stabiliteitsmechanisme (ESM) aanklopt voor een nieuwe bailout.

Door gebrek aan toekomstperspectief, lage lonen en hoge werkloosheid hebben sinds 2010 ruim 360.000 Grieken hun land verlaten op zoek naar een betere toekomst. Dit getal noemt het toonaangevende Griekse economische onderzoeksinstituut KEPE. Omdat het bestuur van land meer op zijn bord krijgt dan het aankan en dus niet ieder vertrek geregistreerd wordt, zijn er zelfs deskundigen die er van uit gaan dat sinds 2010 reeds meer dan een half miljoen Grieken de wijde wereld in getrokken is.

Jonge vakkrachten

Meer dan 90 procent van hen die hun vaderland verlaten hebben is jonger dan 40 jaar oud. Het is vooral de uittocht van vakkrachten die gemerkt wordt. Volgens de Griekse vakorganisatie voor artsen zijn sinds 2010 naar schatting 18.000 jonge artsen en duizenden verplegers uit Griekenland vertrokken. Ook ingenieurs en andere hoog gekwalificeerde mensen hebben hun biezen gepakt. De meerderheid van hen werkt volgens het Duitse weekblad Der Spiegel in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en de Golfstaten. Veel jonge mensen zonder beroepskwalificatie worden niet eens geregistreerd, maar vertrekken ongemerkt naar naburige EU-landen om als seizoensarbeider of oproepkracht door te ploeteren.

Sinds het begin van de crisis in 2009 heeft Griekenland een kwart van zijn economische kracht verloren. Inmiddels groeit het Bruto Binnenlands Product weliswaar, maar slechts op zeer gering niveau. In 2017 was het 1,4 procent, net twee procent in het daaropvolgende jaar. Het werkloosheidscijfer ligt rond de 20 procent. Onder de 15-24-jarigen is zelfs 42 procent werkzoekend.

Regering houdt de moed erin

Desalniettemin proberen de machthebbers in Athene optimistisch te doen. Premier Alexis Tsipras kondigde in zijn nieuwjaarstoespraak voor Griekenland “een jaar van hoop, vertrouwen en creativiteit” aan. Eindelijk zouden de Grieken weer “zonder betutteling en bevelen” van internationale geldschieters over hun lot beslissen.

In Brussel heeft men van deze woorden met argwaan kennis genomen. Want pas eind augustus vorig jaar werd Athene uit het miljardenkredietprogramma van de internationale instanties ontslagen. Om het eerste staatsbankroet van een EU-lidstaat te verhinderen, hadden EU en Internationaal Monetair Fonds (IMF) van 2010 289 miljard euro ter beschikking gesteld. Daaraan waren harde bezuinigingsvoorwaarden verbonden, waaraan de regering zich nu schijnbaar niet meer gebonden voelt. Zelfs de onder druk van de EU doorgevoerde pensioenhervorming staat weer ter discussie.

‘Het Afrika van Europa’

En dat blijft niet zonder gevolgen. In de internationale vergelijking van het vestigingsklimaat ‘Doing Business’ van de Wereldbank viel Griekenland onder de 190 geëvalueerde staten in het afgelopen jaar van plaats 61 naar 67. EU-deskundigen spreken reeds van ‘het Afrika van Europa’. Persbureau DPA meldt dat economen onlangs nog een sterk beroep op de regering deden om de in de crisis ingeslagen koers aan te houden.

Zo riep de Griekse centrale bank in haar jongste rapport over het monetair beleid op tot voortzetting van de structuurhervormingen, verdere privatiseringen, afbouw van bureaucratie en een belastinghervorming. Daarvan hangt het volgens de centrale bank af wanneer Griekenland zich weer kan herfinancieren op de kapitaalmarkt.

Politieke verhoudingen

Maar de regering in Athene is voorlopig vooral bezig met aan de macht blijven. In het nieuwe jaar staat er parlementsverkiezingen op de rol. Tsipras en zijn kabinet hebben die zo lang mogelijk voor zich uitgeschoven. Maar uiterlijk in de herfst moeten de stemgerechtigden onder de elf miljoen inwoners van het land ter stembus. Tsipras’ Syriza zou volgens peilingen nog slechts op 23 procent van de stemmen komen. In 2015 was dat nog circa 36 procent. De nationaal-conservatieve Onafhankelijke Grieken (ANEL) die de regering aan een meerderheid helpen zouden met  2 procent niet eens over de kiesdrempel meer komen.

Gevreesd wordt bovendien voor extreem instabiele politieke verhoudingen. Ook dit geldt als reden waarom jongeren in groten getale emigreren. Maar weinig Grieken zien de toekomst met vertrouwen tegemoet en weinigen kunnen zich voorstellen onder de huidige omstandigheden een gezin te beginnen. Het geboortecijfer is dermate laag, dat deskundigen voor de komende vijf decennia verwachten dat de Griekse bevolking met de helft krimpt. De gevolgen daarvan zouden drastisch zijn. Naar inschatting van economen zou de pensioengerechtigde leeftijd van nu 67 naar 73 jaar opgeschroefd moeten worden.

Nieuwe hulpkredieten

Kostas Simitis van de oppositionele sociaaldemocratische partij PASOK vreest dat Athene al snel weer om nieuwe hulpkredieten zal moeten vragen. De sociaaldemocraat, die van 1996 tot 2004 premier van Griekenland was, denkt niet dat zijn land financieel op eigen benen kan staan. In de EU gaat men er ook reeds vanuit dat Griekenland op afzienbare termijn opnieuw bij het Europese Stabiliteitsmechanisme aan zal moeten kloppen, zo stelde Simitis tegenover het Griekse weekblad To Vima. De politiek oud-gediende geldt als iemand die goed op de hoogte is en hij staat met zijn pessimistische inschatting niet alleen. Aan het begin van het jaar schilderen diverse Griekse commentatoren een grimmig beeld. Alleen zieken, zwakken en ouden van dagen zouden voor het land behouden blijven. Wie een toekomstperspectief zoekt, denkt onvermijdelijk aan emigratie, aldus KEPE.

Posted on

“Het zijn de slechtsten die regeren”

Het bestuur van westerse landen vertoont kenmerken van een kakistocratie, vindt cognitiewetenschapper Tjeerd Andringa. “Het zijn de slechtsten die regeren.” De enigen die hier een einde aan kunnen maken, zijn wijzelf. “Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel.”

“Kakistocracy, een 374 jaar oud woord, is zojuist opgenomen in het woordenboek.” Aldus kopte The New York Times op 13 april 2018. Wat bleek? Voormalig CIA-directeur John O. Brennan had een tweet de wereld ingestuurd waarin hij president Donald Trump toebeet: “Jouw kakistocratie staat op instorten na de bedroevende weg die deze heeft afgelegd.”

Omdat vrijwel niemand begreep wat Brennan bedoelde met ‘kakistocracy’, gingen zijn Twitter-volgers massaal op zoek naar de betekenis van het woord. Bij online-woordenboek Merriam-Webster vingen ze aanvankelijk bot, maar de redactie liet er geen gras over groeien en voorzag de zoekers alsnog van een uitleg. ‘Kakistos’ is oud-Grieks voor ‘slechtsten’ en kratos’ betekent ‘macht’. Een kakistocratie betekent dus dat de slechtsten aan de macht zijn. Het tegenovergestelde van een aristocratie, waarin de besten (aristos) het voor het zeggen hebben.

Volgens Tjeerd Andringa, universitair hoofddocent cognitiewetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen, zijn westerse democratieën niet vrij van kakistocratische elementen. Dit zou onder meer blijken uit de banden die inlichtingendiensten onderhouden met terroristische groeperingen en pedofielennetwerken. Om een bestuursvorm te krijgen van en voor het volk is niet minder dan een psychologische revolutie nodig. Mensen moeten leren inzien dat ze zoveel beter af zouden zijn als ze hun lot in eigen hand namen en zich niet langer afhankelijk stelden van incapabele,  machtswellustige, of zelfs kwaadaardige autoriteiten. Self-empowerment, burgers die zichzelf in hun kracht zetten, is de sleutel tot een betere wereld.

Andringa heeft een eigen website, Geopolitics and Cognition, die weliswaar al sinds een paar jaar niet meer actief beheerd wordt, maar een interessant inkijkje biedt in Andringa’s politiek-psychologische inzichten. De website was een hobbyproject, en staat los van Andringa’s werkzaamheden aan de universiteit, waar hij studenten helpt op academisch niveau te leren denken en begrijpen.

Deelt u de mening van voormalig CIA-directeur Brennan? Is de regering Trump een kakistocratie? 

[pullquote]Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers.[/pullquote]

Er zitten ongetwijfeld kakistocratische elementen in de Amerikaanse regering, maar dat was onder de voorgangers van Trump niet anders. Presidenten zijn grotendeels inwisselbaar. Het zijn een soort woordvoerders van de werkelijke machthebbers. Dat zag je duidelijk bij Obama. Die werd wel genoemd teleprompter in chief, omdat hij weinig meer leek te doen dan het oplezen van teksten van een schermpje. Alles van enig belang komt niet bij zo’n president vandaan. Het begint er al mee dat je geen kans maakt op het presidentschap zonder brede financiële en andere steun van de Deep State, de permanente machtsbasis in de VS waaraan de Council of Foreign Relations een groot deel van de bemensing levert.

Niks nieuws onder de zon dus met Trump?

Trump was een ongeleid projectiel. Het was niet de bedoeling dat hij president zou worden. Het is hem toch gelukt, omdat hij met z’n vele geld in staat was zelf zijn campagne te betalen, en ook door zijn botte charme, die hij voor een groot deel van de Amerikanen heeft. Dat was bedreigend voor het bestel. Ze hebben Trump nu onder controle gekregen, door mensen om hem heen te zetten die hem voeden met ideeën, waardoor hij geen dingen doet die teveel in strijd zijn met wat het bestel eigenlijk wil. John Bolton zie ik als een typische vertegenwoordiger hiervan. Hij is in april van dit jaar naar voren geschoven als veiligheidsadviseur van Trump. Hij is nauw verbonden met het neocon-netwerk, dat destijds de oorlog tegen Irak in gang heeft gezet door volstrekt ongegronde beschuldigingen te verzinnen over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in het land. Een oorlog op leugens baseren is typisch kakistocratie. En ook dat een samenleving zoiets accepteert is typerend voor een kakistocratie.

Psychopaten zijn volgens u oververtegenwoordigd in hogere kringen? Zij vormen de kern van elke kakistocratie?

Als een systeem kandidaten voor een toppositie selecteert op basis van het vermogen om koste wat kost resultaten te krijgen, dan kun je verwachten dat er veel intelligente en gewetenloze personen tussen zitten die precies weten wat ze moeten doen om een respectabel aanzien te verwerven. Zo’n systeem selecteert op intelligentie en psychopathie. Want psychopaten hebben een amper ontwikkeld geweten. Probleem daarbij is dat weinig psychopaten capabel genoeg zijn voor hoge posities. Het kost dus moeite om ze te vinden en op te leiden.

In een interview heeft u de term kakistocratie genoemd in verband met pedofielennetwerken. Volgens u oefenen inlichtingendiensten macht uit door mensen op hoge posities te plaatsen die chantabel zijn.

Om mensen op machtsposities onder controle te houden is het belangrijk dat ze chantabel zijn. Anders hebben ze te veel vrijheid en doen ze wellicht wat ze zelf belangrijk en moreel vinden. Dat is nu precies wat moet worden voorkomen. Het is daarom een  standaard werkwijze van inlichtingendiensten en andere netwerken om mensen te selecteren op chantabiliteit.

Het is een beproefde tactiek van inlichtingendiensten om personen in compromitterende situaties te brengen, de zogeheten honey trap. Maar u stelt dat hiervoor zelfs kinderen worden ingezet?

Dat hangt ervan af wat je wilt. Als je de meest gewetenloze mensen zoekt, die in staat zijn de meest kwetsbare individuen probleemloos te misbruiken, dan vormen seksfeesten met kinderen een prima selectiemechanisme. Personen die deelnemen aan dit soort evenementen, zijn zich er van bewust dat ze op deze manier chantabel worden gemaakt. Maar het maakt ze niet uit, omdat ze hiermee tegelijkertijd toegang krijgen tot machtsposities waar ze anders nooit in terecht zouden kunnen komen. Het is dan een soort initiatieritueel.

Het zal voor iedereen inmiddels bekend zijn dat er talloze bewezen gevallen zijn van pedofielen in hogere kringen. Maar waaruit blijk dat deze personen hebben deelgenomen aan seksfeesten georganiseerd met de bedoeling ze te rekruteren?

Daar hebben we alleen maar veel anekdotisch bewijs voor. Er zijn heel wat getuigenissen van kinderen die claimen misbruikt te zijn op feesten en ook gevallen waarbij overheden op allerlei manieren hebben geprobeerd politieonderzoek te ondermijnen. Zie onder meer de Dutroux-affaire in België, het Franklin-schandaal in de VS en een groot aantal schandalen in het Verenigd Koninkrijk rond onder anderen media-persoonlijkheid Jimmy Savile en voormalig premier Edward Heath. Juridisch bewezen zijn deze affaires niet omdat ze altijd ergens stranden. Maar waarschijnlijk lijkt het wel. Overheden lijken beter te zijn in het in de doofpot stoppen van de eigen kwalijke praktijken dan in het aanpakken ervan.

U stelt ook dat inlichtingendiensten aanslagen faciliteren die worden toegeschreven aan extremistische moslims?

Vast niet alleen inlichtingendiensten maar ook andere netwerken. Zeker is dat geheime organisaties aanslagen hebben gepleegd op de eigen bevolking. Operatie Gladio is daarvan een duidelijk voorbeeld. Dat was een geheim netwerk in Europa van rechtsextremistische groepen, dat gesteund werd door de CIA en de NAVO, en dat in Italië aanslagen heeft gepleegd op de burgerbevolking. Er is een groot aantal boeken over en ook een prima BBC-documentaire, getiteld Operation Gladio.

Wat is de logica achter aanslagen op de eigen bevolking?

Van de Gladio-aanslagen in Italië weten we dat het de bedoeling was het angstniveau van de bevolking te vergroten en te voorkomen dat de communisten te machtig werden. Want wat doen mensen als ze bang worden voor aanslagen? Dan richten ze zich voor hun bescherming tot de overheid. Die moet maatregelen nemen om verdere aanslagen te voorkomen.

Maar u stelt dus dat, voor het plegen van aanslagen in eigen land, rechts-extremistische groepen zijn verruild voor extremistische moslims?

[pullquote]Aanslagen leiden altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.[/pullquote]

Daar lijkt het wel op. Er is een belangrijk principe in politieonderzoek: cui bono, wie heeft er voordeel van? Ik zie geen enkel politiek of militair nut voor moslims en zelfs niet voor moslimextremisten. Die aanslagen leiden wel altijd tot meer repressieve en gedragscontrolerende mogelijkheden voor staten.

Bij moslims telt niet alleen het politieke en militaire nut van hun daden. Het religieuze nut staat voorop.

Religieus nut is een wat rare term: een religie is vooral een moreel construct dat je helpt om de wereld te begrijpen en moreel gedrag te kiezen. Religieus besef kan heel rijk en includerend zijn, maar ook heel beperkt en excluderend. Fundamentalistische gelovigen, of ze nu christen, moslim, hindoe, of anders zijn, worden gekenmerkt door een beperkt begrip van de wereld: ze kunnen heel intelligent zijn, maar ze hebben grote moeite met diversiteit aan opinies. Ze nemen hun religieuze teksten letterlijk en iedereen die hun interpretatie niet deelt is een ketter en daarmee niet beschermenswaardig.

De Saoedische machthebbers hebben sinds het begin van de zeventiger jaren overal in Afrika en Centraal-Azië geïnvesteerd in wahabistische moslimscholen die zich vooral richten op het uit het hoofd leren en reciteren van de Koran. Niet de beste voorbereiding op een rol in moderne samenlevingen. Maar het is wel een prima kweekvijver voor moslimhuurlingen die je overal kunt inzetten, omdat de meeste mensen, moslim of niet, hun beperkte wereldbeeld niet graag willen delen. De wahabistische huurling beschermt niemand die zich niet heeft bekeerd tot hun religieuze interpretatie van de islam. Dat bekeren vinden ze moreel, het terugbrengen van diversiteit in religieuze interpretatie ook, desnoods met geweld. Precies zoals bij ons destijds de inquisitie.

Die wahabistische huurlingen zijn overal ingezet: Afghanistan, Tsjetsjenië, Bosnië, Somalië, Soedan, Indonesië, Pakistan, Irak, Libië, en nu al vijf jaar in Syrië. Dus ja, het religieuze nut staat zeker voorop, maar niet voor de religieuze fundamentalisten, en wel voor de mensen die hen inhuren voor geopolitieke doelen.

Het is geen geheim dat de VS en bondgenoten al sinds begin jaren tachtig moslim-extremisten inzetten als huurlingen in andere landen. Maar dat is niet hetzelfde als het faciliteren van aanslagen in eigen land. Ziet u bijvoorbeeld de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs als een false flag?

Ik kan me niet herinneren dat ik in het geval van Charlie Hebdo ooit solide forensisch bewijs heb gezien, dus ik weet niet wat ik ervan moet vinden. Maar neem nu bijvoorbeeld dat paspoort dat onder een stoel van de vluchtwagen werd gevonden, pas 24 uur na de aanslag. Het Charlie Hebdo-verhaal bevat te veel elementen die mensen dingen laten concluderen die ze graag willen concluderen. In dit geval dat Al Qaida het had gedaan. De aanslag leidde weer tot meer macht voor de staat en de inlichtingendiensten. Dus het past in het patroon. Trouwens vlak voor de laatste verkiezingen in Groot-Brittannië waren er ook weer wat aanslagen. Zonder het psychologische effect van die aanslagen had premier Theresa May er mogelijk niet meer gezeten.

Ziet u 9/11 als een false flag?

Wat ik in ieder geval niet geloof is het officiële verhaal. Neem alleen al Gebouw 7, dat op 110 meter afstand stond van de Twin Towers. Het is niet geraakt door een vliegtuig, en toch is het in elkaar gestort. Je kunt dat moeilijk aan Al Qaida toeschrijven. Het is ongeloofwaardig dat Gebouw 7 precies door de staalconstructies viel die het overeind moesten houden. Het is net alsof het staal tijdelijk even in boter veranderde en daarna weer terug veranderde in staal. En twintig minuten voordat Gebouw 7 in elkaar stortte, vertelde een correspondente van de BBC het al op tv, met nota bene het toen nog fier overeind staande gebouw duidelijk zichtbaar op de achtergrond. Ik heb consistentie nodig om iets voor waar aan te nemen. En ook verifieerbare feiten om een theorie op te bouwen. Het officiële verhaal mist beide.

We hebben gezien waar 9/11 toe heeft geleid. De Amerikanen, en de Britten ook trouwens, hebben een groot deel van hun privacy en overige burgerrechten opgegeven, en ze lieten zich meesleuren in de oorlogen tegen Afghanistan en Irak. Het interessante is dat de plannen daarvoor al gemaakt waren ruim voor 9/11. Zo lag de Patriot Act, een antiterreurwet van zo’n 1000 pagina’s, al klaar om goedgekeurd te worden door het Congres. En een week na 9/11 hadden de VS al plannen klaarliggen om de regeringen van zeven landen in vijf jaar tijd aan te vallen en te vernietigen. Met Syrië zijn ze nog bezig en Iran staat nog op het wensenlijstje.

Kortom, aanslagen houden de kakistocratie in stand, tenzij we ophouden er bang voor te zijn?

Benjamin Franklin, de achttiende-eeuwse Amerikaanse politicus en wetenschapper, zei ooit: “Zij die bereid zijn essentiële vrijheden in te leveren, om een beetje tijdelijke veiligheid te verwerven, verdienen noch vrijheid noch veiligheid.” Ik denk dat hij daar helemaal gelijk in heeft. En trouwens, als je kijkt naar het lijstje van doodsoorzaken dan staat terrorisme ergens onderaan. Als je dan toch bang wilt zijn, wordt dan bang voor hart- en vaatziekten, kanker, verkeersongelukken en gladde badkamervloeren. Angst voor terrorisme is echt irrationeel.

Als kenmerk van een kakistocratie ziet u ook machthebbers die binnenlandse belangen offeren aan buitenlandse belangen?

John Perkins beschrijft in zijn boek Confessions of an Economic Hitman uit eigen ervaring hoe het Westerse financiële systeem invloedrijke personen in andere landen benadert, meestal mensen die daar geaccepteerd worden als leiders, om grote investeringen in die landen voor elkaar te krijgen. Vaak zijn die mensen bereid daarin mee te gaan, ondanks dat dit ten koste gaat van hun eigen land. Ze dienen dan de belangen van het Westen, omdat ze er zelf beter van worden.

Een Britse minister zei begin twintigste eeuw: ‘Wij controleren Egypte helemaal niet, wij controleren alleen maar hun leiders.’ Je controleert ze door ze bijvoorbeeld een opleiding in Cambridge te geven, zodat ze in een sociaal netwerk terecht komen waarbinnen de norm de Britse norm is. Terug in eigen land lijkt het dan alsof zo iemand zijn eigen land vertegenwoordigt, terwijl hij in feite bezig is Britse geopolitiek uit te voeren.

Je hoeft dus niet corrupt of chantabel te zijn om je eigen land te verraden?

Dat is inderdaad niet nodig. Internationaal denkende mensen lijken meer op elkaar dan op de mensen in hun eigen land. Hun norm is: internationaal, globaal, vaak progressief, denken. Erg aardige mensen allemaal. Maar ze zullen vooral keuzes maken binnen dat internationale systeem. Ook als ze leiders in hun eigen land worden. Als ze nationalistische keuzes gaan maken, dan raken ze de steun van de internationale gemeenschap kwijt. Dan komen de National Endowment for Democracy en andere non-gouvernementele organisaties naar hun land om de oppositie te steunen en onrust te stoken en ontstaan er problemen voor dat soort leiders. Totdat ze weer de dingen doen die ze geacht worden te doen, zoals IMF-hervormingen doorvoeren en World Trade Organisation-beleid uitvoeren.

U lijkt globalisering te zien als een negatieve ontwikkeling.

Een centraal geleide, uniforme wereld gaat ten koste van de individuele autonomie en houdt geen rekening met verschillen en mogelijkheden op lokaal niveau. Het leidt tot een verstikkende wereldbureaucratie die meer connecties heeft met de top van het internationale bedrijfsleven dan met de wereldbevolking.

Ik zou zeggen dat elk land, elke regio, zelfvoorzienend moet zijn en in 75 procent van de eigen basisbehoeften moet kunnen voorzien. Zo’n land kan daarnaast nog prima internationaal samenwerken. Maar het gebeurt dan vanuit lokale kracht, niet vanuit lokale zwakte.

Op Geopolitics and Cognition schrijft u dat veel mensen de ‘oncomfortabele waarheden’ op uw website als schokkend zullen ervaren.

Voor velen is het nieuw wat ik beschrijf. Dat is omdat ze via de mainstream media niet of nauwelijks met dit soort ideeën in contact komen. Veel mensen willen het ook niet weten. Vooral mensen die een beperkt begrip hebben van de wereld, zich netjes aan de regels houden en sterk leunen op autoriteiten. Die bewijs je geen dienst als je ze vertelt dat de autoriteiten wellicht totaal onbetrouwbaar zijn en mogelijk horen tot de slechtsten in de wereld. Je haalt dan de grond onder hun voeten weg.

Tegelijk vindt u het van groot belang dat mensen de spelletjes doorzien die er gespeeld worden op het wereldtoneel.

Ik vraag de lezers van de website: Waarvoor zet jij je in? Voor jezelf en voor alles waar je van houdt en waarmee je je verbonden voelt? Of voor een anonieme groep die jou in de val heeft gelokt met het spelen van een spel dat je niet volledig kunt overzien of begrijpt? Wellicht is onze huidige wereld een soort casino, dat zo is opgezet dat je gegarandeerd verliest. De Cyprioten zijn het grootste deel van hun spaargeld kwijtgeraakt en de Polen de helft van hun pensioenen. Dus waar hebben ze al die tijd voor gewerkt en gespaard? In elk geval minder in hun eigen voordeel dan ze altijd hadden gedacht. Dat kan in Nederland ook gebeuren.

[pullquote]De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden.[/pullquote]

Ik zeg dan: De beslissing is aan jou of je uitgebuit wilt worden. Als je besluit je leven door te brengen in een bubble van zalige onwetendheid, inschikkelijkheid en goedgelovigheid, dan is de kans groot dat daar misbruik van zal worden gemaakt en dat je wordt uitgebuit door dezelfde krachten die je onwetend en goedgelovig houden en inschikkelijk maken.

Door de machtsspelletjes aan de top te doorzien, stoot je minder snel je hoofd?

Ja, en je bent dan ook beter in staat bij te dragen aan een betere wereld. De Amerikaanse dichter Carl Sandburg zei ooit: “Eens beginnen ze een oorlog waar niemand komt opdagen.” En dat is een van de verborgen waarheden van de wereld waarin we leven: als wij ons niet langer lenen voor spelletjes die we bij voorbaat verliezen, zullen er geen oorlogen meer zijn, geen georganiseerde onderdrukking, geen dictatuur. Mensen moeten leren het verschil te zien tussen machtswellustige psychopaten en wijze leiders. Nog beter is het als ze geen leiders meer nodig hebben omdat ze zelf wijs genoeg geworden zijn.

U bent optimistisch gestemd over de invloed van het individu op de wereldpolitiek?

Ontwikkelingen op micro- en macroniveau zijn nauwer met elkaar verbonden dan mensen geneigd zijn te denken. Geopolitiek wordt weliswaar beïnvloed door wat er aan de conferentietafels van Bilderberg, Davos of elders wordt besproken, maar wordt uiteindelijk niet daar bepaald. Geopolitiek wordt bepaald aan de keukentafel. Zie de Sovjet-Unie. Die is in elkaar geklapt omdat niemand er meer in geloofde. De mogelijkheden die we tot onze beschikking hebben om de wereld te begrijpen zijn groter dan ooit. Dankzij internet is er een enorme hoeveelheid kwalitatief goede informatie voorhanden. Die is tussen alle rotzooi niet altijd even makkelijk te vinden. Maar de informatie is er, en is toegankelijker dan ooit. Als we ons door zelfstudie onafhankelijk maken van autoriteiten buiten onszelf, wacht de mensheid een zonnige toekomst met eindeloze mogelijkheden.

Een socialist zou nu zeggen: Als individu bereik je niks. Je moet je verenigen.

Dat lijkt me een slecht idee. Je mag je wel verenigen, maar je moet je nooit afhankelijk maken van een groot systeem. Want dan word je weer iemand die blind in een ideologie gelooft en conformistisch is, in plaats van kritisch-creatief.

U verkiest de weg van het anarchisme?

Nou ja, kijk. De biosfeer, de natuur, het leven zijn opgebouwd zonder centraal leiderschap. Dus laat overheden eerst maar bewijzen dat ze ook op lange termijn toegevoegde waarde bieden. Tot die tijd gebruik ik de behoefte aan een overheid als een maat voor een niet-ontwikkeld intellectueel vermogen.

Sommige diersoorten kennen alfa-mannetjes en vrouwtjes die het zaakje leiden.

Dat is zo. Maar daar heb je het over een ander soort leiderschap dan je doorgaans ziet in de mensenwereld. Een leidende rol in de dierenwereld krijg je alleen als je heel goed bent in het uitvoeren van een belangrijke taak. En niet door te netwerken of verkiezingen te houden.

U houdt zich bezig met stadslandbouw. Heeft dat een plaats in uw denken over geopolitiek?

Wij laten met de Stadsakker zien dat de boerderij van een eeuw geleden in essentie nog prima functioneert. Onze landbouw was vroeger volledig duurzaam. We nemen daar met de Stadsakker een voorbeeld aan en dat is ons al bijna gelukt.

De industriële landbouw bestaat nog maar 70 jaar. Die bestaat bij de gratie van groei, schuld en kosten die elders worden neergelegd. Dat systeem is gedoemd in elkaar te storten. Tegenwoordig moet je in de Noordoostpolder soms al drie meter diep ploegen om nog aan goede grond te komen; daarboven is alles volledig uitgewoond.

Je kunt een systeem dat je niet aanstaat, zoals de industriële landbouw, bevechten, maar je kunt het ook irrelevant maken, door op een plek te gaan zitten waar het systeem er geen last van heeft en jij je gang kunt gaan. Tegen de tijd dat het systeem zichzelf heeft opgeblazen kom jij met betere ideeën naar voren.

U stelt dat mensen in grote, bureaucratische organisaties gefnuikt worden in hun leerproces, omdat de omgeving waarin ze werken is losgezongen van de werkelijkheid. 

Wij hebben systemen gecreëerd die zo ver afstaan van de werkelijkheid dat we vaak niet meer worden geconfronteerd met de consequenties van ons eigen handelen buiten die systemen. Er is daarom een duidelijk verschil in competenties tussen managers, politici, ambtenaren en anderen die werken binnen zo’n systeem en bijvoorbeeld een tandarts. Als een tandarts iets fout doet, dan krijgt hij dat onmiddellijk terug van zijn klanten of hij ziet het bij het volgende consult. Hij wordt direct geconfronteerd met zijn eigen falen en leert daarvan. Politici, ambtenaren, managers, maar ook journalisten hebben amper zicht op de impact van hun acties in de echte wereld. Dit wil niet zeggen dat ze niet kunnen leren van hun fouten, maar in hun geval is het een stuk moeilijker.

Een politicus hoort iets, roept het een paar keer en het idee wordt overgenomen. Maar of het werkelijk klopt? Hij heeft geen flauw idee. Hij hoeft niet te begrijpen waar het over gaat, wat de consequenties zijn. Daarom kan een politicus ook zo’n waanzinnig laag begrip van de wereld hebben. Het enige wat hij van de werkelijkheid hoeft te begrijpen is hoe hij politicus kan blijven, dus hoe hij steeds weer mensen kan meekrijgen in zijn systeem of ideologie. Of dat een relatie heeft met de werkelijkheid doet er verder niet toe. Wijsheid is vaak ver te zoeken in de politiek. 

U stimuleert uw studenten wijsheid na te streven, onafhankelijke denkers te worden, zich te ontwikkelen tot educated minds.

[pullquote]Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en toch geen educated mind zijn.[/pullquote]

Onderwijspsycholoog William Perry heeft bestudeerd hoe het leerproces verliep bij zijn studenten aan Harvard. Op basis daarvan heeft hij de kenmerken beschreven van de educated mind. Het is niet per sé iemand die veel weet. Je kunt de hele encyclopedie uit je hoofd kennen en dan toch geen educated mind zijn. Het gaat om de manier waarop iemand leert en denkt. Een educated mind is vooral kritisch op de eigen gedachten en heeft zo geleerd om zich kennis van hoge kwaliteit eigen te maken. Zo iemand voelt zich ongemakkelijk met kennis die niet te onderbouwen is.

U maakt een onderscheid tussen wijsheid en intelligentie?

Die twee hebben inderdaad verrassend weinig met elkaar te maken. Hoewel intelligentie kan helpen om sneller wijs te worden, is het geen garantie hiervoor. Intelligentie, zoals gemeten in een test of examen, kun je zien als het vermogen om op basis van beschikbare informatie een van tevoren bekend ‘juist’ antwoord te geven. Intelligentie stelt je in staat, als je ervoor kiest, heel goed te worden op school en universiteit. Met hoge cijfers, een mooi diploma en een goed ontwikkeld taalvermogen komen intelligente mensen in belangrijke banen en op centrale posities terecht. Als ze wel intelligent maar niet wijs zijn, gaan ze daar precies doen wat ze hebben geleerd: de norm vertegenwoordigen. Zinvol improviseren en het beste maken van de mogelijkheden is heel wat anders. En dat doen ze niet.

U spreekt in dat verband van ‘superpapegaaien’?

Een ‘superpapegaai’ is iemand die op het juiste moment precies zegt wat de docent, of een andere autoriteit, graag wil horen, en die optreedt als spreekbuis van de door de autoriteiten voorgekauwde norm. Als verdedigers van de norm torpederen ze de verbetering van de leefomgeving. Nieuwe en goede, maar nog fragiele ideeën worden in de kiem gesmoord. En velen van hen noemen zich dan nog progressief ook.

[pullquote]Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig.[/pullquote]

Wijze mensen en échte intellectuelen zijn niet overdreven normgevoelig. Ze zijn geïnteresseerd in argumenten, inzichten, feiten waarvan ze kunnen leren. Als iemand met een prikkelend inzicht komt, wordt hun interesse gewekt. Iemand met levenswijsheid verstaat ook de kunst onder complexe omstandigheden met onvolledige informatie vaak juist te oordelen en te handelen. Die wijsheid doe je op door actief mee te doen in de wereld, hiervan te leren en de consequenties van het geleerde te aanvaarden.

Hoe voorkom je dat mensen ‘superpapegaaien’ worden? Of hoe stimuleer je dat ze zich ontwikkelen tot educated minds?

Je kunt anderen begeleiden naar self-empowerment, maar ze moeten het uiteindelijk zelf doen. Het is als het vrij laten van een dier dat opgegroeid is in een kooi. Je kunt de deur openzetten, maar als het dier te bang is om zijn vertrouwde omgeving te verlaten, dan zal het niet de vrijheid nemen die je het toestaat. Vrijheid word je nooit gegeven, je moet het nemen, en vaak zonder een open deur die je toelacht. Je empowert jezelf door ervaring op te doen en aan zelfvertrouwen te winnen. Van belang daarbij is een stabiele, veilige thuissituatie, een stimulerende omgeving, waar je op terug kunt vallen bij mislukkingen, je successen kunt vieren en aangemoedigd wordt.

Het is misschien makkelijker om mensen tot papegaai te maken? 

Het disempoweren van anderen is het belangrijkste dat je nodig hebt om macht te verwerven en houden. Er zijn nogal wat organisaties die hiervoor kunnen worden ingezet: de mainstream media, het leger, onderwijsinstellingen, en ook georganiseerde religies, denktanks en liefdadigheidsinstellingen, en niet in de laatste plaats overheden en grote bedrijven.

Mensen die disempowered zijn, tonen zich vaak sterk afhankelijk van nota bene de structuren die ze in hun zelfontplooiing tegenhouden, die ze in hun denken en handelen beperken en problemen voor ze veroorzaken en in stand houden. Disempowerment zorgt ervoor dat mensen zich door autoriteiten laten vertellen wat ze moeten denken en doen.

Mensen die existentieel afhankelijk zijn van autoriteit worden door u aangeduid met de term authoritarians.

Ik onderscheid twee soorten authoritarians. De ene soort gelooft alles wat ze verteld wordt, hoe vaak het verhaal ook veranderd wordt. De andere groep die nog enigszins zelf kan nadenken, en de eigen regering niet meer vertrouwt, blijft toch in de basis afhankelijk van een autoriteit buiten zichzelf, want schenkt zijn vertrouwen aan een nieuwe regering met hetzelfde gemak waarmee hij zijn vertrouwen heeft geschonken aan de vorige.

Terugkomend op 9/11: Het belangrijkste is niet wat er precies gebeurd is die dag, maar de vraag: geloof je blind het officiële verhaal of heb je het intellectuele vermogen om zelf een solide onderbouwde mening te vormen? Als je tot de eerste groep hoort, dan maakt het niet uit hoe belachelijk het verhaal is dat autoriteiten je vertellen. Je zult het hoe dan ook verdedigen en je zult redenen vinden om mensen die wat anders geloven in diskrediet te brengen.

Als je zo denkt dan ben je een brave pion, zoals Adolf Eichmann, één van de hoofdverantwoordelijken voor de massamoord op de joden en andere slachtoffers van het Derde Rijk. Voor Eichmann maakte het niet uit of het systeem dat hij diende verwerpelijk was of niet. Voor hem was moreel gedrag het zo goed mogelijk bijdragen aan het systeem. De mensen die hem onderzochten, toen hij door de Israëli’s gevangen genomen was, vonden hem vooral normaal en erg aardig.

[pullquote]Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken.[/pullquote]

Mensen die het systeem waar ze deel van uitmaken niet kunnen bekritiseren, kunnen de gedachte niet verdragen dat ze aan een kakistocratie bijdragen. Zij houden deze daarmee uiteindelijk in stand. Door het simpelweg niet voor mogelijk te houden dat ze bestuurd worden door de slechtsten. 

Is het niet moeilijk om als educated mind een positie aan de universiteit te verwerven en te behouden?

Ik hou mij voldoende aan de regels om er niet uitgegooid te worden, en ik krijg goede evaluaties van mijn studenten. Het is ook niet voor niets dat ik associated professor ben en geen hoogleraar. Als hoogleraar zit je vast aan een vakgebied. Dat wil ik niet. Na vijf jaar wil ik iets anders gaan doen. Ik ben iemand die steeds naar plekken gaat waar iets te ontdekken valt, of dat nu signaalanalyse, cognitiewetenschap, geluidsoverlast of geopolitiek is. Ik kom weleens buiten de comfortzone van mensen. Dat vinden ze niet leuk. Maar dat heb je overal. Niet alleen aan de universiteit. Ik heb niet de ambitie mensen te overtuigen van mijn visie op de wereld. Ik wil alleen dat ze beter leren nadenken. Als ze echt goed kunnen nadenken heb ik vertrouwen in hun gedachten, hun opinies en de uitkomsten van hun handelen en bemoei ik me niet met wat ze precies denken.

Posted on

Kan Italië uit de klauwen van de ECB ontsnappen?

Het is al weer ruim een jaar geleden dat president Draghi van de Europese Centrale Bank in een brief aan het Europees parlement bijna laconiek opmerkte dat het voor de problematische lidstaten van de Eurozone uiteraard was toegestaan om de Euro te verlaten, mits – en toen kwam het – deze lidstaten eerst al hun uitstaande rekeningen bij de ECB volledig voldoen. Een op het eerste gezicht volkomen redelijke, maar tegelijkertijd onhaalbare eis voor al die lidstaten die tot over hun oren in de schulden zitten en nu – anno 2018 – meer dan ooit tevoren merken dat je maar bepaalde tijd op de pof kunt leven.

Momenteel draait alles om Italië, met in het kielzog Spanje. Zullen deze beide landen uit de klauwen van de ECB kunnen ontsnappen? Dat kan alleen als de ECB failliet gaat. Hoe waarschijnlijk is dat? En komen deze landen daarna niet van de regen in de drup, namelijk van bittere armoede met uitzicht op Europese solidariteit, naar bittere armoede zonder vrienden, ook in eigen land?

De ECB verwees in haar publieke berichtgeving naar het voor het grote publiek vrijwel onbekende, maar daarom niet minder belangrijke Target 2 handelssysteem, dat in zijn uitwerking bijzonder complex oogt, maar dat in de kern niet is. Stel je voor dat Spanje goederen importeert vanuit Duitsland – bijvoorbeeld auto’s – zonder dat hiervoor eenzelfde bedrag aan export van Spanje naar Duitsland tegenover staat. Zou dat wel het geval zijn dan spreken we van een evenwichtige handelsbalans, althans in Euro’s. Anders dan het geval is bij het normale binnenlandse betalingsverkeer, is er bij Target 2 transacties geen sprake van het rechtstreeks overboeken van geld van het ene land naar het andere. Er wordt in plaats daarvan gewerkt met IOU’s. Dat zijn schuldbekentenissen (in dit geval van de commerciële Spaanse banken bij wie de initiële transactie plaatsvond) die aan de Spaanse Centrale Bank worden afgegeven. Deze zorgt vervolgens voor ‘funding’, in alle mogelijke vormen.

Een voorbeeld. Aan het einde van 2017 bedroeg het Target 2 saldo van de Banco d’ Italia bij de ECB zo’n 364 miljard euro, ongeveer 22% van het BBP van Italië. In 2018 zal dit bedrag naar verwachting exponentieel stijgen. Het Target 2 saldo van Spanje bedroeg op datzelfde moment 328 miljard euro, ongeveer 30 % van het Spaanse BBP. Let wel, het gaat hier om schulden (= uitstaande rekeningen), niet om bezit. Geheel aan de andere kant van het spectrum boekte de Duitse Centrale Bank in die periode een positief (!) saldo in het kader van Target 2 van zo’n 769 miljard euro.

Het Target 2 systeem is meer dan alleen een stabiliteitsprogamma ten behoeve van de handelsstromen tussen de lidstaten. Er stroomt ook heel wat ‘gewoon’ geld door het systeem. Bijvoorbeeld naar aanleiding van het programma van kwantitatieve geldverruiming van de ECB. Veel van dit geld was bedoeld om de zinkende lidstaten een reddingsvest toe te werpen, maar kwam uiteindelijk bij Duitsland en Nederland terecht. Het aloude liedje. De rijken worden rijker, de armen worden armer. Totdat natuurlijk de zeepbel barst. Wanneer dat gebeurt? Als de rentes omhoog gaan.

Alle goede bedoelingen ten spijt is de positie van de ECB wankel geworden. Dat komt ook doordat de ECB de markt voor staatsobligaties volledig aan gort heeft geslagen, omdat het de schuldenlanden de mogelijkheid heeft geboden om kortlopende obligaties met hoge rentes in te ruilen voor langlopende obligaties met lage rentes, tot zelfs perpetuals met negatieve rentes. De ECB is zelfs buitengewoon vrijgevig geweest door in voorkomende gevallen af te zien van betrouwbare onderpanden.

Gaat de ECB dit overleven? Ik verwacht het niet. Tenzij natuurlijk de Europese lidstaten financieel bijspringen, in de vorm van een schuldenunie die ook Italië voor ogen heeft. De totale schuld wordt dan per hoofd van de bevolking omgeslagen en in relatie tot het verdienvermogen van de afzonderlijke lidstaten gefiscaliseerd. Bondskanselier Merkel heeft onlangs laten weten dat zij niets voor een schuldenunie voelt. Gelukkig maar.

Zojuist zijn de eerste concrete plannen bekend geworden van de nieuwe Italiaanse coalitieregering. Het komt allemaal op één ding neer, namelijk hogere uitgaven zonder hogere inkomsten. Sociaal gezien volkomen verdedigbaar, maar financieel gezien eerder een poging tot zelfmoord dan een teken van het streven naar een lang en welvarend leven voor iedereen.

Posted on

Donkere wolken pakken zich samen boven de Eurozone

Tegen alle verwachting in heeft Italië toch nog redelijk snel een nieuwe coalitieregering kunnen vormen. Beppe Grillo, de oprichter van de ooit zo eurovijandige Vijf Sterrenbeweging is inmiddels opgevolgd door de euro-elastische Luigi Di Maio. Hij gaat samen met de eurosceptische Lega van Matteo Salvini een poging doen om het sterk verarmde Italië uit het slop te halen, wetende dat het land in werkelijkheid verstikkend diep is wegzakt in de modder van achterklap, armoede en corruptie.

Het is echter bijna bizar om te moeten ervaren dat het momenteel niet Italië is dat wellicht weer toekomst heeft, maar Silvio Berlusconi. Plotseling wordt hij in twee belangrijke hoger beroepsprocedures vrijgesproken, waarin de rechters oordelen dat Berlusconi niets te verwijten valt en hij weer volop politiek actief mag zijn. De rechters kwamen vroeger dan gepland tot hun vonnis. En dat in Italië? Voor Berlusconi kon de timing niet beter. Uiteraard zal deze ontwikkeling niet aan de aandacht van bondskanselier Merkel van Duitsland zijn ontsnapt en weet zij als geen ander dat Berlusconi nog een paar stevige ‘appeltjes van Europa’ met haar te schillen heeft en dat zeker zal doen.

Momenteel resteert alleen nog de benoeming van een neutrale premier –niet zijnde Di Maio of Salvini. Voor Europa en de Euro breken onzekere tijden aan, maar zo onzeker eigenlijk ook weer niet. Immers, zodra de nieuwe regeringsploeg wordt geïnformeerd over de werkelijke staat van ontbinding van de eigen financiële sector, zal de nieuwe regering zich met hangende pootjes tot de Europese Commissie moeten wenden en er niet aan ontkomen om hulp te vragen. De verwachting is dat een tweede openlijke bankencrisis in Italië zal beginnen, namelijk zodra duidelijk wordt dat vooral de systeembank Monte dei Paschi di Siena er onhoudbaar slecht voor staat en nooit door de staat alleen gered zal kunnen worden. Wil deze bank Italië niet in haar val mee sleuren (zoals in het bedrijfsleven vaker gebeurt als zieke onderdelen niet geheeld worden maar juist de andere delen besmetten), dan zal het voor de nieuwe coalitie onmogelijk zijn om op eigen kracht verder te gaan.

In het nieuwe Italiaanse regeerakkoord is opgenomen dat er onderzoek gedaan zal worden naar de introductie van een parallelle munt, zeg maar de nieuwe Lire. Eerder heb ik – en met mij vele anderen – geopperd dat het goed zou zijn om één systeemmunt in Europa te hebben voor het geldverkeer dat in het kader van de handelsrelatie plaatsvindt en een eigen ‘burgermunt’ per lidstaat voor het dagelijks gebruik van mensen. Kan daar mee een nieuwe bankencrisis worden voorkomen? Ik betwijfel het. Zo  ook Klaus Regling, de directeur van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) de opvolger van het EFSF, het Europese noodfonds dat ten tijde van de schuldencrisis in het leven werd geroepen om wegkwijnende landen, banken en bedrijven weer op de been te krijgen. Tijdens een spreekbeurt op negen mei van dit jaar voor de Ierse Centrale Bank in Dublin wond Regling er geen doekjes om. Er komt een tweede internationale bankencrisis aan. Alleen weet hij nog niet wanneer. Vreemd, dacht ik, met alle toezicht op de banken dat er is en met alle stresstests die er de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden, kan deze topbankier dus niet met zekerheid zeggen waar, wanneer en in welke omvang de zaak gaat ontploffen. Dat kan toch niet waar zijn?

Directeur Regling stelt voor om op korte termijn de positie van burgers en hun spaargelden bij banken verder te versterken, ter voorkoming van de nog altijd op de loer liggende bankruns en dus van oorlog. Ook moeten aandeelhouders van banken nu echt als eerste naar de kassa worden geroepen als het mis dreigt te gaan. Pikant is de oproep van Regling om een Europees Monetair Fonds (EMF) op te richten, naar analogie van het IMF. Het is velen opgevallen dat het IMF onder leiding van Christine Lagarde zich langzaam maar zeker steeds verder uit Europa heeft terug getrokken. Ook het IMF geeft elke keer met kracht aan dat het niet goed gaat met het Europese financiële stelsel en ook niet met Europa als geheel. Maar het geeft tevens aan  dat wij onze zaken nu zelf op orde moeten krijgen. Vanwaar deze ommezwaai van het IMF? Simpel. Amerika is de grootste geldschieter van het IMF. En daar wil Amerika mee stoppen. Net als met Defensie en handel.

Posted on

En alweer gaat Europa ons geld kosten

Na ruim acht jaar aan het financiële infuus van Europa te hebben gelegen wordt het mogelijk en zelfs noodzakelijk geacht dat Griekenland vanaf 21 juni aanstaande weer op eigen benen gaat staan. Vanaf dat moment moet het land wederom zelfstandig toegang krijgen tot de wereldwijde kapitaalmarkten en kan het met de wederopbouw van het land beginnen. Een van de meest slechte, zelfs catastrofale, reddingsacties ooit kan daarmee worden beëindigd, althans in politiek opzicht.

Over de bedragen die in de vorm van nieuwe kredieten aan Griekenland beschikbaar zijn gesteld doen de wildste verhalen de ronde, variërend van 385 miljard euro tot één biljoen, zonder dat vastgesteld kan worden of het medicijn van het grote geldsmijten daadwerkelijk heeft gewerkt, in welke mate en hoe lang. Eén ding staat vast. De Europese Centrale Bank laat zich niet in de eigen boeken kijken, zelfs niet door de Europese Rekenkamer die daarvoor geen politiek mandaat heeft gekregen. Zijn de ECB, het ESM (Europees Stabiliteitsmechanisme), het IMF en de gezamenlijke lidstaten wél open en transparant over Griekenland? Verre van dat. Zelfs Griekenland is er niet open over. Het is in de ogen van velen één grote rommelpot, vooral ten gunste van de banken.

Zelfs in dit late stadium wordt er van Europese officiële zijde opgemerkt dat Griekenland voor 21 juni aanstaande nog één keer een flinke cashinjectie dient te krijgen, ook nu weer als financiële buffer voor de Griekse banken. Er wordt helaas niet bij gezegd dat als Griekenland deze laatste zak met geld onverhoopt niet krijgt, de Griekse banken alsnog kopje onder zullen gaan. Zo flinterdun is dus de marge tussen wederopstanding en falen van het financiële systeem, ook elders in Europa. Het geeft weinig vertrouwen voor de toekomst.

Ineens verschijnen er berichten over de kredietgarantie van de Nederlandse staat aan Griekenland van zo’n 45 miljard euro. Kortweg geformuleerd kunnen wij Nederlanders waarschijnlijk naar dit geld fluiten. Ik – en met mij vele anderen – ben uiteraard benieuwd naar de wijze waarop de Nederlandse regering deze zeperd in de boeken zal verwerken, een forse bezuinigingsronde zal vrijwel zeker het gevolg zijn. Zodra daarenboven ook de totale kosten van sanering van Groningen bekend worden, loopt de Nederlandse welvaart ineens forse klappen op. Die zullen het positieve sentiment in ons land snel kunnen doen keren.

Kunnen wij het ons permitteren om de staatsschuld boven de norm van drie procent van het bruto binnenlands product (BBP) te laten groeien of moeten wij dat mogelijk zelfs aanwakkeren? Misschien is het wel wijs beleid om niet naar de kwijtschelding van schulden te kijken, maar juist naar het burgervriendelijk laten oplopen van deze schuld. Vele landen – met Amerika voorop – trekken zich sowieso niets aan van schuldenplafonds en hebben er zelfs een beetje maling aan.

Tijdens de vorige financiële crisis werd overal in Europa terecht gewezen op de dringende noodzaak van het structureel hervormen van de bancaire sector als onderdeel van een vernieuwd Europees financieel systeem Daar is niet veel van terecht gekomen. Sterker nog, de aanpak van politici van de eerste crisis, heeft onbedoeld een tweede bancaire crisis dichterbij gebracht en misschien zelfs al in gang gezet.

De eerste werd door Amerikaanse banken ingeluid. De tweede zal mogelijk in Europa beginnen. Potentiële kandidaten zijn er genoeg. (Deutsche Bank, Monte de Paschi di Siena, e.v.a.).

Posted on

Sterke Euro versterkt problemen Italië

Wie alleen de wisselkoers als maatstaf voor de stabiliteit van een munt neemt, die kan momenteel met het oog op de euro goed slapen. Na een fase van zwakte heeft de Europese eenheidsmunt tegenover andere belangrijke valuta’s als de Amerikaanse Dollar, de Yen en het Pond duidelijk terrein gewonnen.

Mario Draghi, de directeur van de Europese Centrale Bank (ECB), verheugt zich daarentegen evenmin als leidende economische experts. Ze zien de hoge wisselkoers als nog een bron van problemen, die de euro substantieel kunnen raken.

Productie nog altijd onder niveau van voor 2007

De ogen zijn daarbij vooral gericht op Draghi’s thuisland Italië. Het land lijdt sowieso al onder de euro, die voor de Italiaanse economie te sterk is. Het Bruto Binnenlands Product (BBP) is in de afgelopen acht jaar met 600 miljard afgenomen tot 1800 miljard USD, zo schat het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

Volgens de voormalige chef van het Ifo-instituut in München, de econoom Hans Werner Sinn, ligt de productie in de Italiaanse industrie nog altijd 19 procent onder het niveau voor de crisis van 2007. Een wezenlijke reden daarvoor: Sinds 1995 is Italië als productieland tegenover Duitsland maar liefst 42 procent duurder geworden. Hierin ligt de bijzondere moeilijkheid, die de situatie van de op twee na grootste economie van de eurozone in zeker opzicht zelfs nog problematischer maakt dan die van Griekenland.

Devaluatie of hervormingen

De Grieken beschikken niet over noemenswaardige, naar de wereldmarkt exporterende industrie, Italië heeft die daarentegen wel in aanzienlijke mate. Tot het bevriezen van de wisselkoersen in 1999 kon Italië eventuele kostennadelen door middel van devaluatie van de Lira gladstrijken. Sindsdien is deze weg geblokkeerd. De momenteel hoge koers van de euro versterkt de druk op Italië nog extra.

Spanje heeft op een vergelijkbare ontwikkeling met harde hervormingen gereageerd. In het chronisch politiek instabiele Rome zijn dergelijke hervormingen echter nauwelijks door het parlement te loodsen. Hier probeert men de sociale gevolgen van de afglijdende concurrentiekracht en de daaruit voortvloeiende hoge werkloosheid door opname van kredieten te verhullen. Daardoor heeft de staatsschuld een gigantische 133 procent van het BBP bereikt. De staatsschuld van Duitsland ligt ter vergelijking ongeveer bij de helft daarvan.

Vertrek uit de euro

Ondanks massieve ondersteuning door de ECB, die Italiaanse staatsschuldpapieren koopt en daarmee de rente drukt, kan deze ontwikkeling niet eindeloos zo door gaan. Sinn voorspelt zodoende het spoedige vertrek van Italië uit de Euro, ofwel nog dit najaar dan wel, waarschijnlijker, komend voorjaar.

Daarbij loopt een race tegen de klok: Oudere Italiaanse staatsobligaties zijn onderhevig aan een regel die stelt dat het schuldenaarland besluiten kan in welke munt het verschuldigde bedragen uitbetaalt. Rome zou dat dus in (duidelijk gedevalueerde) nieuwe Lira’s kunnen doen. Jongere papieren zijn daarentegen onderhevig aan het principe dat de meerderheid van de schuldeisers met een dergelijke switch moet instemmen, wat niet waarschijnlijk lijkt. In 2016 waren er ongeveer evenveel nieuwe als oude papieren in omloop. Vanaf 2022 zijn er nauwelijks nog oude Italiaanse obligaties in omloop.

Posted on 1 Comment

Eurocraten dromen van ‘referendumvaste’ EU

Naar aanleiding van de schok die de Brexit bij hen teweeg bracht, is bij de eurocraten het grote nadenken over de toekomst van de Europese Unie begonnen, de eerste vruchten daarvan hebben nu ook de boekenmarkt bereikt.

Een voorbeeld daarvan is de brochure ‘Europa in der Krise’, waarover oud-minister en kabinetschef van bondskanselier Schröder, Bodo Hombach (SPD) en Edmund Stoiber (CSU), onder andere oud-premier van Beieren, de redactie voerden.

In de bundel laten politici als Martin Schulz hun gedachten gaan over de vraag wat de Europese Unie zou kunnen doen tegen de ontbindende tendensen van het “rechts-populisme” en “nationalisme”.

De aangeprezen recepten zijn weinig verrassend: minder bureaucratisch ageren en meer aandacht voor de zorgen van burgers.

Op het eind komt dan nog even de aap uit de mouw, als namelijk wordt gesteld dat het er vooral om gaat Europa (bedoeld wordt de EU) “referendumvast” te maken. Een nadere uitleg van wat daarmee bedoeld wordt, ontbreekt overigens.

Lezers die niet echt op hun achterhoofd zijn gevallen kunnen dat echter eenvoudig bij elkaar optellen: Volksraadplegingen mogen gerust plaatsvinden, als de uitkomst maar niet tegen de plannen van de eurocraten ingaat.

Posted on

Retoriek over externe bedreigingen leidt af van echte problemen EU

De aanvallen op Trump of Poetin dienen slechts om de aandacht af te leiden. De Europese Unie gaat te gronde aan problemen die ze zelf heeft voortgebracht.

Met het oog op de nieuwe machtsverhoudingen in Washington en de dreiging uit Moskou, moet de Europese Unie nu nog nauwer samenwerken. Zo klinkt het uit de monden van de leiders van de gevestigde partijen in Berlijn en diverse andere Europese hoofdsteden. Het vindt echter weinig weerklank. 

De vroegtijdige aankondiging van Jean-Claude Juncker, dat hij geen tweede ambtstermijn als voorzitter van de Europese Commissie nastreeft, wijst op een diepe ontmoediging aan de top van de EU. Zijn ambtstermijn loopt per slot van rekening pas in 2019 af.

In werkelijkheid steekt achter de verwijzing naar de “uitdagingen” van de andere kant van de Atlantische Oceaan en van Rusland een poging om het snelle verlies aan interne samenhang van de EU te overbieden met mobilisatie tegen externe (vermeende) bedreigingen.

Komende zomer zou de Unie al keihard met de neus op de door haar zelf gemaakte fouten gedrukt kunnen worden, wanneer de Griekse crisis zijn nieuwe hoogtepunt bereikt. Op het moment proberen de partijen in Brussel, Athene en andere Europese hoofdsteden nog een beeld van standvastigheid in hun onderscheiden standpunten ten toon te spreiden. Zo ook Berlijn, waar minister van Financiën Wolfgang Schäuble weer eens – puur hypothetisch uiteraard – de mogelijkheid van een Grexit ter sprake bracht. En zelfs München doet een duit in het zakje. De Beierse minister van Financiën Markus Söder, eist, met een schuin oog op de belabberde peilingen voor CDU-CSU, dat tegenover nieuwe ‘hulp’ aan Griekenland een onderpand “in de vorm van contant geld, goud of vastgoed” staat.

Söders eis mag dan niet onterecht zijn en Schäubles gedachte-experiment over een Grexit niets te vroeg, we weten nu al dat het er niet van komt. In plaats daarvan zullen de betrokkenen nog maar eens een compromis zoeken en vinden. Een compromis dat niets oplost, maar alleen alles op een nog langere baan schuift, in de hoop dat die baan eindeloos is. Maar dat bestaat natuurlijk niet: Iedere verkeerde ontwikkeling moet op een gegeven moment tot een ontknoping komen. Als dat te lang vooruitgeschoven wordt, komt het alsnog, maar dan met een knal.

Hieraan en niet aan Trump, Poetin of de ‘populisten‘ kan de EU te gronde gaan. Maar de verantwoordelijke politici lijken er niet eens meer op uit te zijn om de neergang te stuiten, zoals het wanbeleid in het geval van Griekenland laat zien. Het gaat de politici in Brussel, Den Haag, Berlijn of Athene er alleen nog maar om dat ze zichzelf nog een poos buiten schot kunnen houden, om hun “gezicht bewaren” voor de kiezers thuis, dat is alles.

Als nu kandidaat-bondskanselier Martin Schulz (SPD) waarschuwt voor een nieuwe escalatie van de Griekse crisis, wil hij verhullen hoe groot zijn aandeel als EU-leider in deze ramp is. Wie zoals hij de vergemeenschappelijking van de staatsschulden in de EU voorstaat, heeft juist die politieke onverantwoordelijkheid aangeblazen, die uiteindelijk de hele EU kan doen instorten. Juncker heeft wel zo’n voorgevoel van wat komen gaat en zoekt vast zijn weg naar de uitgang.

Posted on

Italië: Referendum kan startschot voor vertrek uit de Euro zijn

Na het Brexit-referendum en de Amerikaanse presidentsverkiezingen kan het establishment zich komende zondag voor de derde maal voor een ongewenste uitslag gesteld zien. Niet alleen omdat dan de uitgestelde herhaling van de tweede ronde van de Oostenrijkse presidentsverkiezingen plaats vindt, maar ook omdat de Italianen dan ter stembus gaan. Zij stemmen over een hervorming van de grondwet die onder andere de bevoegdheden van de senaat inperkt.

De peilingen wijzen er al weken op dat de nee-stemmers in de meerderheid zijn en de regering van Matteo Renzi aan het kortste eind trekt. Volgens James McCormac van kredietbeoordelaar Fitch kan dat op de langer termijn “het begin van het einde voor [het verblijf van] Italië  in de de EU en de euro zijn”. Renzi heeft namelijk ook zijn politieke lot verbonden aan de instemming van de bevolking met de grondwetswijziging.

Als Renzi het referendum inderdaad verliest, ligt het in de verwachting dat er vervroegde verkiezingen uitgeschreven worden. Renzi is namelijk niet van zins in zo’n geval een overgangsregering te vormen die nog tot 2018 aan zou moeten blijven.

“Als er nieuwe verkiezingen gehouden zouden worden, zou de Vijfsterrenbeweging van Beppe Grillo volgens de peilingen de sterkste politieke partij worden. Door het huidige kiesstelsel zou de partij dan ook over een absolute meerderheid in het Huis van Afgevaardigden beschikken en zou ze Beppo Grillo als premier aan kunnen stellen”, aldus chef-econoom Jörg Krämer van de Commerzbank.

De Vijfsterrenbeweging heeft al aangekondigd de Italianen de kans te willen geven zich uit te spreken over voortzetting van het lidmaatschap van de Euro. Als dit scenario werkelijkheid zou worden, zou er uitgerekend in dat land een referendum over de euro gehouden worden waar de eenheidsmunt het meest ongeliefd is.

Ook bij een voor Renzi positieve uitslag van het referendum over de grondwetswijziging bestaat overigens een groot risico dat Italië zich meer en meer tot middelpunt van een nieuwe eurocrisis ontwikkelt. Zo kan de situatie van de aangeslagen bankensector snel acuut worden.

Zo heeft de bank Monte dei Paschi di Siena onlangs opnieuwe dieprode cijfers voor het afgelopen jaar gemeld. De oudste bank ter wereld heeft een minus van zo’n 4,8 miljard euro aangekondigd. Bij elkaar belopen de verliezen van de bank daarmee sinds 2011 zo’n 20 miljard euro. Naast de verkoop van slechte kredieten ter waarde van 28 miljard euro, is nu een kapitaalverhoging van meer dan vijf miljard gepland. Ook andere Italiaanse banken hebben bergen riskante kredieten opgehoopt. Al met al geldt de terugbetaling van leningen ter waarde van 360 miljard euro als twijfelachtig.

Posted on

John Gray: De EU is niet de wereld

Na de Brexit is Europa onherroepelijk veranderd, en het Verenigd Koninkrijk ook. Voor mij staat dit voor een nieuw begin, een kans voor het Verenigd Koninkrijk om zich te ontdoen van het blok aan haar been dat het falende Europese project geworden is en haar plaats in te nemen in de grotere wereld. Tegelijkertijd kunnen we ons voordeel doen met een sceptischer houding tegenover de politieke klasse, waarvan een groot deel het referendum zo ontzettend verkeerd had ingeschat.

Er zijn echter velen die met een bang voorgevoel naar de toekomst kijken, zij vrezen dat de Brexit ons zal veranderen in een meer gesloten en teruggetrokken samenleving, dat we een vergeten hoekje zullen worden waar weinig gebeurt, afgesneden van de culturele rijkdom en economische levendigheid van de rest van de wereld. Een dergelijke zwarte kijk op de toekomst wordt gehuldigd door veel van de tegenstanders van de Brexit, voor hen is dat wat Brexit betekent.

Voor mij is er echter iets onwerkelijks, iets irrationeels en zelfs hysterisch aan deze reactie. De EU is niet de wereld, of het meest dynamische deel van de wereld. De EU is zelfs niet Europa. Het is alleen maar een specifieke set aan regelingen die over de afgelopen decennia opgebouwd zijn door een deel van de Europese landen. Een vertrek uit deze zelfingenomen en claustrofobische instelling is geen terugtrekking uit de wereld, het is eerder een terugkeer naar de wereld.

Misschien zullen weinigen het zich nog herinneren, maar vanaf het prille begin was het Europese project een middel om de macht van Europa opnieuw te vestigen in de wereld. Schrijvend in 1919, volgend op de catastrofe van de Eerste Wereldoorlog, vroeg de Franse essayist en dichter Paul Valéry zich af: “Zal Europa worden wat het in werkelijkheid is, dat wil zeggen een klein voorgebergte aan het Aziatische continent? Of zal het blijven wat het lijkt te zijn, dat wil zeggen het uitverkoren deel van de aardkloot, de parel van de wereld, het brein van een groot lichaam?” Voor Valéry en menigeen die dacht zoals hij, destijds en later, had Europa de eerste wereldomspannende beschaving geschapen. Gebruik makend van hun superieure kennis en uitvindingen, hadden Europeanen hun dynamisme geprojecteerd naar immobiele culturen overal ter wereld. Het waren Europeanen die Afrika gekoloniseerd hadden en hun schepen naar China en Japan hadden gestuurd. Ook waren het Europeanen die de energieke beschaving gecreëerd hadden die was uitgegroeid tot de Verenigde Staten. Europa was de bron van de vooruitgang. De vraag in 1919 was of Europa de positie van wereldmeesterschap kon hernemen die het ooit gehad had.

Het Europese project begon op te doemen na wat wel Europa’s tweede burgeroorlog genoemd is, maar was niet louter een poging om de wonden van Europa te helen. Het was ook, in de optiek van veel van haar voorstanders, een manier om een tegenwicht te creëren tegen de Amerikaanse macht. Europa was in die jaren een braakland, zoals dat ook in 1919 voor grote delen ervan gegolden had. Internationaal stond het zwakker dan ooit. Vanuit het oosten werd Europa bedreigd door Rusland, terwijl het van de andere zijde van de Atlantische Oceaan uitgedaagd werd door de grote macht van Amerika. De taak waarvoor men zich gesteld zag was om Europa om te vormen tot een enkele staat, die zich kon meten met deze twee grote rivalen. Het nieuwe Europa zou een derde weg zijn tussen kapitalisme en socialisme in een supranationale staat die zich uitstrekte over het hele continent.

Na de conferentie van Jalta in februari 1945, werd Europa verdeeld in twee sferen, waarvan een, de oostelijke, gedomineerd werd door de Sovjet-Unie. Deze scheiding duurde bijna een halve eeuw. Maar toen de Sovjet-Unie instortte, grepen de hoeders van de Europese gedachte de kans aan die het einde van de Koude Oorlog bood. Ze zetten het project door van een supranationale staat die Europa weer een plaats als mondiale supermacht moest geven.

Wat mij betreft was dit altijd een naar binnen gekeerde visie. Andere culturen waren niet statisch tot de Europeanen kwamen kijken en de boel opschudden. Tot voor een paar eeuwen geleden waren India en China de meest innovatieve economieën ter wereld. De periode van Europese dominantie was kort. Tegen de laatste decennia van de 19e eeuw was Japan snel aan het industrialiseren, terwijl de meeste Europese economieën nog altijd op landbouw gebaseerd waren. In 1905, tijdens de Russisch-Japanse oorlog, in de Slag bij Tsushima, waar de Russische keizerlijke vloot verslagen werd door Japan, werd dat land het eerste niet-Europese land dat een beslissende militaire slag toebracht aan een Europese grootmacht. De betekenis van die gebeurtenis ging niet voorbij aan de leiders van anti-koloniale bewegingen zoals Sun Yat-sen in China en Jawaharlal Nehru in India, die het vierden als een overwinning voor de onafhankelijkheidszaak.

De Europese gedachte is nog altijd naar binnen gericht. Ik kan me goed herinneren dat ik enkele jaren geleden luisterde naar een Europese academicus, die een internationaal publiek vertelde dat het ongeveer een eeuw zou duren om een Europese regering tot stand te brengen. Ik hoorde het aan met ongeloof en enig vermaak. Stelde deze spreker zich nou voor dat de rest van de wereld zo’n honderd jaar zou afwachten hoe Europa een naar binnen gerichte obsessie najaagt?

In het midden van de 19e eeuw vreesde de liberale denker John Stuart Mill dat Engeland een soort China zou worden, een beschaving, zo schreef hij in zijn essay On liberty, die stationair was geworden. Als China nog vooruit gebracht zou worden, dan moest dat volgens Mill wel door buitenlanders gedaan worden. Met het oog op de tijd waarin hij schreef kunnen we de Victoriaanse wijsgeer zijn tunnelvisie misschien wel vergeven. Maar hoe kan ook maar iemand niet zien welk deel van de wereld nu stationair is?

Zij die vrezen dat de Brexit van het Verenigd Koninkrijk een stilstaand hoekje zal maken, hebben niet opgemerkt wat een backwater Europa al geworden is. Het Verenigd Koninkrijk kan er alleen maar op vooruit gaan als het zijn banden uitbreidt met regio’s wier economieën groeien, zoals China, India en Afrika. Politiek zit Europa muurvast in onoverkomelijke dilemma’s.

Hoewel het geruststellend zou zijn om te denken dat een Brexit hervorming [van de EU] zou stimuleren, is een meer plausibel scenario dat de EU zal versplinteren. In cultureel opzicht heeft Europa iets van zijn vitaliteit behouden, maar het kunnen toch alleen de meest provinciale tegenstanders van een Brexit zijn die denken dat een vertrek uit de EU het Verenigd Koninkrijk zou afsnijden van de belangrijke stromingen in de cultuur en de kunst. De werken van Michel Houellebecq en Bernardo Bertolucci zullen ons niet ontzegd worden, omdat de handelsvoorwaarden tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk enigszins veranderd zullen zijn.

Maar terwijl we een andere verhouding met Europa krijgen, krijgen we misschien ook betere toegang tot de culturen van het leeuwendeel van de wereld. Ik kan me moeilijk voorstellen dat het meer open staan voor de creatieve vitaliteit van India, China, Rusland, Japan, Afrika, het Midden-Oosten, Australazië en Noord- en Zuid-Amerika, een conditie van culturele armoede is.

Brexit zal niet betekenen dat we afgesneden zijn van de rest van de wereld, wel integendeel. Maar het Verenigd Koninkrijk zal er gewis fundamenteel door veranderd worden. En dat kon wel eens zijn waar de tegenstanders van Brexit zo bang voor zijn.

Het referendum staat voor een groot falen van de regerende klasse. Niet alleen had men er niet serieus bij stil gestaan dat de kiezers daadwerkelijk voor een Brexit zouden kunnen kiezen. Dat de kiezers de toegenomen fragiliteit van de Europese Unie zouden doorzien werd niet eens in overweging genomen. Toen de kiezers de koers die door zo’n groot deel van het establishment aanbevolen werd van de hand wezen, kon dat alleen maar uit irrationale motieven zijn. Vreemd genoeg zijn het nu niet de wereldvreemde politici die al zo lang aan de macht zijn die aangevallen worden, maar de gewone mensen die tegen hen stemden. Stompzinnig en bevooroordeeld zouden de onwetende massa’s de leiding van hun meer rationale meesters afgewezen hebben en een waanvoorstelling omhelsd hebben.

Op een bepaalde manier is het een begrijpelijke reactie. Er zijn irrationale krachten die een rol spelen in de politiek. Maar onze politieke klasse is veel irrationeler geweest dan de massa die hen al zo lang moet verdragen. Tegen al het bewijs van de jaren sinds de financiële crisis in, waarin de EU van de ene misslag naar de andere ging, zijn zij die ons regeerden er op blijven staan dat de EU te hervormen is.

Onheilspellend gerommel in de Europese politiek is afgeschreven als tekenen van achterlijkheid die vanzelf zullen verdwijnen als de nieuwe orde gevestigd wordt. Maar er is nu een domino-effect in werking getreden. Overal in Europa keren nationale regeringen of groeiende oppositiekrachten zich tegen onderdelen van de Europese integratie, bijvoorbeeld de herverdeling van vluchtelingen. Nationale regeringen hernemen langzaam maar zeker hun machtspositie.

De toenemende tekortkomingen van de EU zijn onderdeel van de bredere crisis van de globalisering. Terwijl het enerzijds de welvaart van veel mensen heeft doen toenemen heeft de mondiale markt anderzijds grote aantallen mensen in een positie van chronische ontbering en verarming geplaatst. Zij die in de steek gelaten zijn, hebben niet slechts minder geld te besteden, hun hele bestaan kan getekend zijn doordat ze van hun positie in de samenleving beroofd zijn. In sommige delen van de ontwikkelde wereld is de levensverwachting weer teruggevallen naar het niveau van ontwikkelingslanden. De armen onder ons zijn anders, ze sterven eerder dan de rest. In de tussentijd kunnen ze echter stemmen.

Brexit is de eerste in een reeks revoltes die in veel andere landen uit zullen breken. Het zijn niet alleen die groepen die verarmd zijn, die het slachtoffer zijn geworden van globalisering. Delen van de middenklasse hebben hun inkomens en vooruitzichten al decennia zien stagneren. De vrees die vat krijgt op deze mensen is ook onderdeel van wat achter de opkomst van Donald Trump zit. Met een gebrek aan uitzicht op een toekomst heeft men geen vertrouwen meer in mainstream-politici.

De gebruikelijke remedie is meer onderwijs. Maar zoals menigeen ondervonden heeft, is een universitaire graad dikwijls niet veel meer dan een paspoort naar een levenslange schuld, gekoppeld aan een eindeloze baanonzekerheid.

Stemmen uit het establishment stellen dat beperkingen aan handel en migratie deze situatie niet zullen veranderen, die voortvloeit uit technologische vooruitgang. Een gerobotiseerde economie komt op die grote aantallen arbeiders overtollig zal maken. Maar de ontwrichting die deze nieuwe technologieën gewrocht hebben, is versneld en vergroot door goedkope import en arbeidsmigranten die weinig kosten. De miljoenen die aan de scherpe kant van deze ontwikkelingen zitten, weten dat zij die hen tot nu geregeerd hebben niets anders te bieden hebben dan een zich nog verder verslechterende status quo. Het is niet geheel toevallig, dat de eerste duidelijke tekenen dat kiezers deze status quo zouden gaan verwerpen, in de vroege ochtenduren van 24 juni uit de steden van het post-industriële noorden van Engeland kwamen. Het was nooit realistisch om te denken dat de miljoenen verworpenen eindeloos zouden kunnen bestaan op een dieet van loze beloften. Vroeger of later moest er zich wel een politieke opstand voordoen. Hoe kan het dat zoveel politici en opiniemakers bezeten waren van zo’n absurde visie? Het antwoord is dat ze geloofden dat ze aan wat sommigen graag de goede kant van de geschiedenis noemen stonden. Welke moeilijkheden er misschien ook overwonnen moesten worden, de globalisering zou vanzelf op koers blijven met hen aan de leiding. Vandaag kunnen deze heersende klassen niet meer zo zeker zijn dat de geschiedenis aan hun kant staat. En toch blijven sommigen spreken en handelen alsof wat er gebeurt is niet meer is dan een incident en alles al snel weer zal gaan zo als voorheen. Zij die zichzelf als verlicht en vooruitstrevend beschouwen verkeren vandaag de dag in een staat van ontkenning.

Sommigen zeggen dat de Brexit nooit werkelijk voltrokken zal worden, anderen zeggen dat het Verenigd Koninkrijk voor een apocalyptische ramp staat. Dit zijn fantasieën, die verder verwijderd zijn van enige waarneembare werkelijkheid of realistisch voorstelbare toekomst dan de percepties van gewone mensen.

De grootste verandering die de Brexit op de kortere termijn teweeg zal brengen heeft betrekking op de manier waarop het Verenigd Koninkrijk bestuurd wordt. Iedere partij die weigert de boodschap van het referendum in acht te nemen heeft een zeer onzekere toekomst. Sommigen die claimen voor de 48 procent te spreken die tegen de Brexit stemden, zeggen dat ze ‘hun land terug willen’. Het is een vreemd bezitterige taal waarin ze hun boosheid en teleurstelling uitdrukken. Het Verenigd Koninkrijk is niet meer hún land dan het het land van de voorstanders van de Brexit is. Mij klinken deze klagerige protesten een beetje in de oren als die opmerking van de apocriefe hertogin in het Dorchester Hotel, die toen ze hoorde dat Labour de parlementsverkiezingen van 1945 gewonnen had, sputterde: “Het land zal het niet nemen!” Wat het referendum duidelijk heeft gemaakt, is dat er een meerderheid in het land is die niet langer van zins is gezag op vertrouwen te accepteren. Zij die terug verlangen naar de status quo van voor de referendumuitslag, zijn nostalgisch naar een verleden dat niet meer terug zal keren. Laten we de kans die we gekregen hebben aangrijpen en ons huis opbin een ruimere wereld.

Deze tekst is gebaseerd op een toespraak uit juli 2016.