Posted on

En alweer gaat Europa ons geld kosten

Na ruim acht jaar aan het financiële infuus van Europa te hebben gelegen wordt het mogelijk en zelfs noodzakelijk geacht dat Griekenland vanaf 21 juni aanstaande weer op eigen benen gaat staan. Vanaf dat moment moet het land wederom zelfstandig toegang krijgen tot de wereldwijde kapitaalmarkten en kan het met de wederopbouw van het land beginnen. Een van de meest slechte, zelfs catastrofale, reddingsacties ooit kan daarmee worden beëindigd, althans in politiek opzicht.

Over de bedragen die in de vorm van nieuwe kredieten aan Griekenland beschikbaar zijn gesteld doen de wildste verhalen de ronde, variërend van 385 miljard euro tot één biljoen, zonder dat vastgesteld kan worden of het medicijn van het grote geldsmijten daadwerkelijk heeft gewerkt, in welke mate en hoe lang. Eén ding staat vast. De Europese Centrale Bank laat zich niet in de eigen boeken kijken, zelfs niet door de Europese Rekenkamer die daarvoor geen politiek mandaat heeft gekregen. Zijn de ECB, het ESM (Europees Stabiliteitsmechanisme), het IMF en de gezamenlijke lidstaten wél open en transparant over Griekenland? Verre van dat. Zelfs Griekenland is er niet open over. Het is in de ogen van velen één grote rommelpot, vooral ten gunste van de banken.

Zelfs in dit late stadium wordt er van Europese officiële zijde opgemerkt dat Griekenland voor 21 juni aanstaande nog één keer een flinke cashinjectie dient te krijgen, ook nu weer als financiële buffer voor de Griekse banken. Er wordt helaas niet bij gezegd dat als Griekenland deze laatste zak met geld onverhoopt niet krijgt, de Griekse banken alsnog kopje onder zullen gaan. Zo flinterdun is dus de marge tussen wederopstanding en falen van het financiële systeem, ook elders in Europa. Het geeft weinig vertrouwen voor de toekomst.

Ineens verschijnen er berichten over de kredietgarantie van de Nederlandse staat aan Griekenland van zo’n 45 miljard euro. Kortweg geformuleerd kunnen wij Nederlanders waarschijnlijk naar dit geld fluiten. Ik – en met mij vele anderen – ben uiteraard benieuwd naar de wijze waarop de Nederlandse regering deze zeperd in de boeken zal verwerken, een forse bezuinigingsronde zal vrijwel zeker het gevolg zijn. Zodra daarenboven ook de totale kosten van sanering van Groningen bekend worden, loopt de Nederlandse welvaart ineens forse klappen op. Die zullen het positieve sentiment in ons land snel kunnen doen keren.

Kunnen wij het ons permitteren om de staatsschuld boven de norm van drie procent van het bruto binnenlands product (BBP) te laten groeien of moeten wij dat mogelijk zelfs aanwakkeren? Misschien is het wel wijs beleid om niet naar de kwijtschelding van schulden te kijken, maar juist naar het burgervriendelijk laten oplopen van deze schuld. Vele landen – met Amerika voorop – trekken zich sowieso niets aan van schuldenplafonds en hebben er zelfs een beetje maling aan.

Tijdens de vorige financiële crisis werd overal in Europa terecht gewezen op de dringende noodzaak van het structureel hervormen van de bancaire sector als onderdeel van een vernieuwd Europees financieel systeem Daar is niet veel van terecht gekomen. Sterker nog, de aanpak van politici van de eerste crisis, heeft onbedoeld een tweede bancaire crisis dichterbij gebracht en misschien zelfs al in gang gezet.

De eerste werd door Amerikaanse banken ingeluid. De tweede zal mogelijk in Europa beginnen. Potentiële kandidaten zijn er genoeg. (Deutsche Bank, Monte de Paschi di Siena, e.v.a.).

Posted on

De VVD moet het maatschappelijk onbehagen serieus nemen

Deze voordracht vond plaats op 25 april voor VVD Drechtsteden.

In 2014 stuurde ik een vooraanstaande scouter van de VVD per email het volgende:

“De politieke uitdagingen zijn zó omvattend en groot dat twijfel ontstaat of de mensen die vandaag worden geselecteerd wel begrijpen hoe anders de machtsverhoudingen in de wereld over twintig jaar zullen liggen. Politici zullen met hardere realiteitszin naar ontwikkelingen moeten kijken; anders zal het gevolg een langzame neergang van Nederland zijn. Het gaat om intergenerationele belangen – ik vraag me echter af hoe zwaar die overweging voor zo’n selectiecommissie meetelt? Of gaat het meer om het belonen van vroegere bondgenoten?

De huidige politieke ‘elite’ heeft een postmodern en kosmopolitisch wereldbeeld en lijkt niet in staat de omvang van de crisis te bevatten waarop de West-Europese wereld afkoerst. Dat is een wereld van conflicten: cultureel (verwestering versus islam), militair (oorlog in het Oosten) en economisch: financiële instituten zijn inmiddels machtiger dan natiestaten. Terwijl het Westen een liberale visie op economie uitdraagt koopt een macht als China schaarse grondstoffen van failed states om die als drukmiddel te kunnen gebruiken.

Nederland is een polderland – hierdoor vergeten we hoe snel mensenmassa’s kunnen omslaan als de druk stevig oploopt. Denk aan een gebrekkige aansluiting tussen de opleiding van jongeren en de markt, een teruglopend voorzieningenaanbod en allochtonen die vatbaar zijn voor radicalisering. Een conflict met Rusland komt dichterbij al zal het misschien niet tot oorlog komen. De VS richt zich meer op Azië en wil het vergrijzende Europa niet meer op eigen kosten blijven beschermen.

Kortom, de voorwaarden voor een omslag beginnen langzaam vorm te krijgen; ons beleid wordt echter nog steeds gemaakt door politici uit de poldertijd. We moeten de grote geopolitieke vragen stellen en hierbij telt ieder jaar – ieder jaar brokkelt de geopolitieke status van Europese landen als Nederland verder af. Ik verneem graag of ik in dit denkwerk een rol zou kunnen spelen en ben zeer nieuwsgierig naar jouw kijk op de geschetste ontwikkelingen.”

Verbaast het u te horen dat ik vanuit het topkader niets meer heb vernomen? Terwijl we toch Trump, Brexit, het Oekraïne-referendum, het migratievraagstuk en de Turkse kwestie kregen: zaken die de elite overvielen maar waarvan de voorwaarden in Avondland en Identiteit al waren toegelicht. Onlangs vernam ik van een Kamerlid dat er achter de schermen uitvoerig is gesproken over mijn optreden bij Buitenhof.

Deugbubbel

Het Buitenhofdebat was feitelijk twee tegen één. Ik was uitgenodigd om als academicus die filosofie van de geschiedenis doceerde, het concept van het cultuurmarxisme te komen uitleggen. Voortdurend werden er spottende karikaturen van mijn argumenten gemaakt en vervolgens sloeg progressief Nederland elkaar op de schouders als zou men het debat hebben gewonnen.

De doorsnee Nederlander leeft echter in de realiteit. De kijker herkent dat de zaken die ik aankaart, veel dichter met die dagelijkse realiteit overeenstemmen dan gebruikelijk is in de roze wolk van de culturele elite of zo u wilt de deugbubbel. Dit stelde mij in dat debat voor een keuze: Óf de inhoud in – uitleggen als academicus ‘wat is cultuurmarxisme’ en kortom een verklaring geven van het ontstaan en de inhoud van het begrip, of mezelf verdedigen tegen misrepresentaties van mijn argumenten en spotaanvallen op de persoon. Ik koos ervoor om zo inhoudelijk mogelijk te blijven, wetende dat de doorsnee kijker de harde realiteit beter aanvoelt dan de jetset van de NPO. Deug-Nederland feliciteerde zichzelf maar de rest zag realiteitszin versus een roze wolk: in het Centraal Boekhuis was Avondland en Identiteit leeggekocht en er verscheen een derde druk.

Het Buitenhof-debat ging aanvankelijk uitgebreid in op de geschiedenis van Antonio Gramsci in de vroege twintigste eeuw. Toen ik even later de invloed van the New Left aankaartte, hoorde ik plots dat die geschiedenis “niet relevant zou zijn voor het heden”. Witteman zei dat hij Avondland en Identiteit niet wilde bespreken maar slingerde er toen plots een quote uit het boek in toen het gesprek qua framing de verkeerde kant dreigde op te gaan.

Knock-out argumenten

Al met al heb ik daar meerdere zaken onweersproken gezegd. Links heeft wegens de globalisering geen realistisch economisch verhaal meer te bieden. Hierom stelt links een agenda van identiteitspolitiek voor, om het taalgebruik en het denken te zuiveren van alles dat zou kunnen kwetsen: dit geeft links vandaag geen economisch maar een religieus karakter. De kerk verbiedt alles wat leuk is en links verbiedt alles wat zou kunnen kwetsen. Minderheden, zoals allochtonen en arbeiders, verlaten het linkse moederschip. Ten slotte is de ‘progressieve’ counterculture vooral schadelijk geweest voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Al deze knock-out argumenten kregen geen enkele weerspraak tijdens het debat.

Cultuurverandering blijft een hot topic. Zo wordt Mozart gecensureerd terwijl de politie meer bezig is met iftarren dan met boeven pakken. Moslimkinderen worden opgeroepen om zich niet Westers te kleden met het zomerse weer. Belasting op groente en fruit gaat stijgen terwijl de dividendbelasting voor multinationals is geschrapt. D66 wil het referendum dood en dan hebben we het nog niet over de transferunie waar we momenteel worden ingerommeld.

Volksopstand over Transferunie?

Dit gaat stapje voor stapje, zodat het urgentiegevoel steeds te beperkt is voor een opstand, maar Macron en Merkel hebben allang besloten dat die transferunie er komt. Op de ALDE-congressen mag Rutte nog tegengas geven voor de vorm. Hans van Baalen kennende ziet hij die transferunie ook zeker niet zitten, maar uiteindelijk zal ALDE – om de internationale verhoudingen ‘soepel te houden’ – toch tekenen onderaan de streep. En dan vlug door naar de écht belangrijke zaken, zoals die dekselse want veel-te-conservatieve Polen en Hongaren.

Via de monetaire unie zijn landen aan elkaar verslingerd maar zij hebben geen macht over elkaars nationale begrotingen en economische beleid. Die transferunie staat dus te gebeuren: het is onduidelijk hoe dit kan worden gestopt tenzij er een full blown volksopstand uitbreekt.

Hierover was laatst een gespreksavond met Thierry Baudet en Derk Jan Eppink. Eén van de vragen die ter tafel kwam was “hoe realistisch is een NEXIT?” Naar verluidt werd Baudet aan het denken gezet want hij heeft zich altijd laten kennen als – op zijn zachtst gezegd – een criticus van de EU. Maar de realiteit is wel dat wanneer je als kleine lidstaat begint te praten over NEXIT, dat er dan twee jongens bij de uitgang staan en die trekken hun handschoenen uit. Vervolgens slaan ze je en daarna slaan ze je met de kassa. Oftewel je zult worden kapotgemaakt voordat het idee goed en wel is gelanceerd in het publieke debat.

Gedisciplineerd denken over geopolitiek

Hierdoor zou een stappenschema van een gestage bevoegdheidsvermindering van de EU meer kans van slagen hebben. Dan stuit men echter op het feit dat de EU tot dusver onhervormbaar is gebleken en dat de groeiende geopolitieke blokvorming juist noodzaakt tot meer eenheid in buitenlandbeleid. Er is veel voor te zeggen om deze bittere pil dan maar te nemen en consequent dystopisch te denken. Zoals prof. David Engels doet in zijn boek Auf dem Weg ins Imperium. Maar het frame moet nu eenmaal positief zijn en hierom zullen wij in de komende jaren minder gaan horen over dystopieën en meer over Renaissances.

In hoeverre Engels’ boek nu smeuïg wegleest, daarover zijn de meningen verdeeld. Het is in ieder geval helder en systematisch: het dwingt de lezer om op een gedisciplineerde wijze na te denken over geopolitiek. Wat er ook met de EU zal gebeuren – het is evident dat West-Europa deze kar niet meer kan trekken. Groot-Brittannië heeft ruzie met de EU, met Rusland en nu ook met de VS; Frankrijk wordt kapotgestaakt en heeft te maken met banlieues. Het land kent religieuze twisten en aangrijpende veranderingen in de bevolkingssamenstelling. Duitsland vergrijst en moet eerst Oost-Duitsland uit het moeras trekken en daarna nog minstens een miljoen Afrikanen, zoals Robert Ossenblok nauwgezet heeft gedocumenteerd. België is een verhaal op zich. Italië heeft fikse schulden gekoppeld aan een enorme zwarte economie – ook dat land vergrijst in rap tempo.

Centraal-/Oost-Europa moet nu leiden

Kortom nu West-Europa in de fase van Late Empire is beland (waarover dadelijk meer), moet de toorts van Europees leiderschap aan Centraal- en Oost-Europa worden doorgegeven. Daar heerst een meer gegronde visie op migratie, islamisme en de verhoudingen tussen burgers en hun overheid. Deze landen weten wat het is om onder het juk te zitten van de Ottomanen en de communisten: op de experimenten van links-identitaire gekkies zit men daar niet te wachten.

West-Europa is ongevraagd het sociale experiment ingerold van een grootschalige migratie. Dat experiment faalt en vervolgens wordt de kritiek op het falende experiment (door Pankaj Mishra) toegeschreven aan “blanke mannen die zich voorbijgestreefd voelen” – die kortom boos zijn omdat het experiment tóch zou zijn gelukt. Dit is de catch-22 logica “maar ik ben geen racist – aha, dus u ontkent dat er een probleem is!” waar we het in West-Europa mee te schaften hebben, en die in onze afbrokkelende landen moet doorgaan voor een ‘publiek debat’. In Centraal- en Oost-Europa ontbreekt die gekkigheid en daarom zijn deze landen beter in staat om het beleid over deze existentiële kwesties vorm te geven. Het probleem is dat ze vanuit hun communistische verleden zijn gewend aan de underdog-rol en nu niet weten hoe ze het momentum kunnen aangrijpen om te leiden.

Het obsessieve gepraat over racisme verstoort iedere poging tot realistisch denkwerk. Nu weer vier piepjonge meisjes die hun universiteit willen dekoloniseren en smeken om thought police pardon diversity officers. “Wat weten zij nu van het leven?” is wat ik me hier afvraag. Wat weet ik er zelf nu van als dertiger? Kennelijk toch het een en ander – ik sta hier immers de VVD toe te spreken. Nu vind ik de benadering van Jurriaan Mulder toch constructiever dan die van de UvA meisjes. Toen hij met zijn Afrikaanse kompaan Manu een broodje at zei hij: “Wel helemaal opeten hè, de kinderen in Afrika hebben honger!” Zo kan er met een politiek-incorrect grapje toch een gesprekje ontstaan waarin serieuze thema’s worden aangesneden op een wijze die niet beladen of moralistisch is.

Puriteins moralisme tegenover rechtse humor

Dat is precies de kern van de zaak. De nieuwe realisten kennen humor en nuance: ze durven de draak te steken met heilige huisjes omdat ze met lichtheid en zelfspot in het leven staan. Maar hun tegenstander – regressief links – is precies het tegenovergestelde: dat kamp is feitelijk moralistisch, puriteins en fanatiek tot op het fundamentalistische.

Van dat moralisme nu een voorbeeld, en wel het debat tussen de Kamerleden Baudet, Becker en Sjoerdsma over gifgasaanvallen in Syrië. Baudet sprak over twee onverenigbare benaderingswijzen van geopolitiek. Gaan we met zijn allen naar een globale eenheid toe, of zijn er afgrondelijke conflicten? Zijn er universele regels die een wereldvrede mogelijk maken? Of zijn er slechts wisselende machtsverhoudingen met onherroepelijk winnaars en verliezers? Baudet concludeerde: het is een bittere pil om te slikken, maar het is beter als Assad dit conflict wint, want dat vergroot de stabiliteit van de regio.

Moralisme in geopolitiek

Becker reageerde verbeten en vanuit morele verontwaardiging. Even was er geen analist of nuchter redenerend bestuurder aan het woord, maar veeleer een ‘gelovige van de universele eenwording’. Er lag een zelotische schittering in haar ogen: daar ontvouwde zich het panaroma van Fukuyama’s Einde van de geschiedenis. Tot nu toe was het profiel van de VVD altijd nuchter no nonsense-realisme: het is pijnlijk maar waar om te zien dat Baudet in dit debat het meest realistisch is.

Het is zowel ernstig als betreurenswaardig om te constateren dat dit puriteinse moralisme nu ook naar de rechterkant van het politieke spectrum is overgeslagen. Dit is wat er gebeurt wanneer men de eigen ziel aan multinationals verkoopt en alle culturele en intellectuele vorming overlaat aan links. “Want op die thema’s zitten onze kiezers toch niet” (zo wordt geredeneerd sinds Bolkesteins aftreden). Maar de realistische stemmer, die zoekt ondertussen wel naar vorming en culturele inhoud. En in zijn vorming vindt hij Baudet.

Klassiek liberalisme uitgehold

Wat ten zeerste teleurstelt is dat zelfs het klassiek liberalisme van individuele vrijheid, nationale soevereiniteit (collectieve vrijheid) en rationalisme (vrijheid van geest), zich zo heeft laten uithollen door progressivisme: een stroming die staat voor gelijkheidsdwang, cultuurrelativisme en een overgave aan technocratische oligarchieën. Het liberalisme zoals dat vandaag bestaat heeft helaas de theologie van het christendom en het socialisme verinnerlijkt – dit wil zeggen een theologie van irrationalisme en maakbaarheidsgeloof. Hierdoor blijft van het klassiek liberalisme slechts een uitgeholde cocon over: wat resteert is een verwaterde kartel-ideologie die de belangen van multinationals omkleedt met een positieve tsjakka-vibe.

Dit kon gebeuren doordat de mensen die de posten bemanden van de conservatieve media en de klassiek liberale partijen, het product waren van een corporatistisch systeem vol vriendjespolitiek en elitaire families. Denk aan de tweehonderd van Mertens: een select gezelschap van grootindustriëlen, topambtenaren en vakbondsleiders die onder leiding van o.a. Joop den Uyl samen de knikkers verdeelden. Hun kinderen groeiden op in een bubbel buiten de realiteit en lieten zich gemakkelijk intimideren. Riep iemand eens “nazi!” dan waren deze wekelingen en softe types maandenlang bezig om zich te verontschuldigen.

Vossius & Deugballotage

Vandaag wordt ‘rechts’ echter bemand door types als Jesper Jansen. Zij komen ‘van de koude grond’ en geven er niets om hoe ze worden geframed. Dit zijn mensen met wortels in de werkende klasse die toch niet welkom zijn in de elitaire bovenlaag van onze cultuur. Want als je door een partijtop in dit land serieus wil worden genomen als gesprekspartner, dan moet je eerst laten zien dat je klassieke talen machtig bent die je op één of ander prestigieus Vossius gymnasium hebt geleerd. Stap twee om door de deugballotage te komen is dat je diezelfde klassieke talen vervolgens ironiserend kapotrelativeert omdat het toch allemaal ‘geschiedenis van blanke mannen is’. Maar om tot die tweede ronde te komen moet je dus wel eerst even laten aanvoelen dat die verfoeide culturele verfijning wél tot jouw sociale habitat behoort. Mensen als Jesper trekken echter met zero fucks given ten strijde tegen deze deug-elite. Wordt mooi!

Het eerder omschreven gevoel voor humor en nuance dat eigen is aan het nieuwe realisme heeft een oorsprong. Het uit zich ook in trolling en shitposts en referenda organiseren over nonsens-onderwerpen puur om gemeenteraadsleden te trollen. Zoals dat idee om politici in Arnhem zich te laten uitspreken over verplichte afbeeldingen van lolcats op verjaardagskaarten en discoballen in ieder overheidsgebouw. Want ja, wie werkelijk ziet wat West-Europa staat te wachten – de totale som van babyboomerschulden die worden afgeschoven op jongeren in een vergrijzende samenleving waar opwaartse sociale mobiliteit enkel nog is voorbehouden aan kosmopolieten in grootstedelijke centra omring door enclavevorming en radicalisering – kan eigenlijk alleen nog lachen om de absurditeit van de situatie. Een ironische levenshouding ontwikkel je vanzelf.

Mentale verharding

“Het zal mijn tijd wel duren, ik heb deze puinhoop niet gecreëerd, laat een ander de shit maar opruimen.” Dat is dan feitelijk de levenshouding die het meest loont – oftewel het “dikke ik” waarover Rutte sprak. Maar nu, Rutte, ga ik weer even terug naar mijzelf en naar mijn email aan die VVD-scoutingspersoon in 2014. Ik blik terug op mijn laatste vijf levensjaren en zie hoe ik beleidsmakers trakteerde op duizenden feiten, overwegingen en argumenten: tot nu toe had het nul komma nul effect om ook maar iets aan de opdoemende dystopie te veranderen. Dus ik begrijp die cynische levenshouding. “Vrouwen willen feminisme? Oké laat mijn date dan maar betalen. Wij mannen zouden vrouwen teveel overvleugelen? Wel dan ga ik ook niet ingrijpen als ik zie hoe een dronken jongedame wordt betast.” In deze situatie is mentale verharding the most sensible option.

Dát is de wereld die we nu krijgen dankzij de keuzes van de ’68-generatie. En ook dankzij de keuzes van een elite die sinds Pim Fortuyn al beter wist maar wegkeek omdat ‘de BV Nederland wel moest blijven draaien’. Let wel: een generatie met zo’n levenshouding gaat dus ook niet betalen om de shit van Afrika op te lossen. Ze zien welke deal er voor hen overblijft – hogere huren, een leeggepompte gasbubbel, hogere studieschulden en het stapelen van onbetaalde stages – en laten zich ook niet meer moralistisch chanteren. Hierom gaat voor links langzaam het licht uit en zij beseffen dit – hierom radicaliseren ze nu het nog kan, om hun vijanden zo veel mogelijk schade te berokkenen.

Geen spruitjeslucht maar wietlucht

Deze ‘vrijgevochten’ types zien zichzelf als meester en vormgever van eigen succes: zij hebben iedere band met het verleden gretig doorgesneden, want de spruitjeslucht van het ouderlijk huis mocht niet blijven kleven aan de nieuwe tuxedo van het corpsballetjesleven. Maar uiteindelijk heeft niet de spruitjeslucht de meeste schade gedaan, maar de wietlucht. Alles wat je op tafel achterlaat valt in handen van de vijand: zo redeneren zij. Niet in termen van cultureel erfgoed overdragen. Deze types zien zichzelf als ‘liberaal’ maar dromen er van om te worden aangesteld als juridisch specialist op een groot kantoor van een multinational.

Nu zien we weer hoe het voor innovatieve MKB’ers moeilijker wordt om zich juridisch te verweren wanneer het grootkapitaal hun patenten steelt. Stropdasje om, lekker upwardly mobile imago uitstralen, maar oh wee als de discussie op het migratiedossier komt. “Ik heb toch genoeg geld en connecties om die mensen nooit tegen te komen, dus ik vermijd dit onderwerp want ik kan er alleen in negatieve zin een racistisch imago aan overhouden.” Zo denkt de aangestelde liberaal. En een aangestelde liberaal is een inwendige tegenspraak: liberalisme hoort immers te staan voor eigenstandig, onafhankelijk en eigenzinnig denken.

Hofhermafrodieten

Kennelijk moet daarvoor een Nieuwe Zuil worden opgebouwd, want toen ik laatst bij Shell aankwam zei iemand: “Hoi Sid! Wat leuk dat je er bent! Laten we gaan lunchen! Maar beter niet op kantoor want je weet maar nooit wat we gaan bespreken.” Pas aangekomen bij een of andere Bakker Bart in een achtersteegje met alleen huisvrouwen en buggy’s met kinderen durfde de betreffende zijn verhaal te doen. Het kwam erop neer dat deze persoon al zes keer tevergeefs was opgewarmd voor een bevordering, terwijl in het bedrijf wel plots overal flyertjes over ‘mansplaining’ opdoken. “Het is maar goed dat er hier geen snaky corporate types rondlopen” zei ik. Of beter gezegd: hofhermafrodieten, sprekend met de oldschool humanist Baldassare Castiglione.

Hofhermafrodieten zijn gladde en manipulatieve mannen die tekenend zijn voor beschavingen waar maatschappelijke status meer met sociale netwerken samenhangt dan met de productie van tastbare welvaart. De masculiene architect bouwt een aquaduct en laat zo zien hoe hij de wereld onontwijkbaar verandert (Early Empire). Lakeien en eunuchen fluisteren de keizer in wie wel of niet tot de inner circle kan worden toegelaten: zij treden op de voorgrond in de fase van Late Empire en manipuleren de ongrijpbare relaties. De hofhermafrodiet gedijt in de bureaucratieën en  hofhuishoudingen die ontstaan wanneer urbane centra zich volzuigen met de welvaart die in de provinciën wordt gecreëerd. Waar hofhermafrodieten opduiken in de politiek gaan idealen en principes te gronde.

Rise and Fall

We hadden het al even over David Engels en zijn Rise and Fall-analyse. Wat hier gaande is kunnen we niet anders betitelen dan als ‘Late Empire’. Laatst werd ik benaderd door iemand die zei: “Sid, het spijt me, je zult het begrijpen – ik zat in de laatste maand van mijn proefperiode dus ik moest echt aan de blue pill.” Wegkijken om maar niet uit de toon te vallen op de werkvloer. Is dat nu het gezellige “ik hou van eigenwijze mensen” liberale Nederland waaraan we met zijn allen werken?

Toch wordt Nederland wakker. De Nederlandse Leeuw kreeg 2.100 mensen op de been waarvan de helft jongeren. Kwam nauwelijks in de media. Had een gesubsidieerde linkse club 400 activisten verzameld, dan was het breed uitgemeten bij Buitenhof en op de voorpagina van alle kranten als ‘energieke jongerenbeweging’.

‘Linkse’ opinieredacties blazen hoog van de toren over seksuele intimidatie, maar juist daar is dit het ergst. Zie Vice, zie Francisco van Jole, zie Jelle Brandt Corstius, zie al die idioten bij Oxfam Novib, Artsen Zonder Grenzen en andere ‘goede doelen’ die seksfeestjes hielden met kwetsbare en uitgebuite inheemse vrouwen – het gedrag van deze kosmopolitische wereldverbeteraars is zowel hedonistisch als hypocriet. Achter dat uitwendige moralisme gaat een door-en-door verrot mensbeeld schuil. Dat wist u natuurlijk al: ik moest het toch even vermelden omdat mijn realistische analyse anders als ‘reactionair cultuurpessimisme’ zou worden geframed.

Rot achter de gevel

We moeten West-Europa zien als een huis. Aan de voorkant ziet het er goed uit maar achter de voorgevel is er rot en structurele bouwfouten. De generatie die nu opgroeit voelt nattigheid, want de generatie die aan de macht is heeft het geloof in transcendente waarden opgegeven. Zij proberen er voor zichzelf het beste uit te halen: een fractievoorzitter krijgt een penthouse cadeau en een senator zit tijdens de stemming over de orgaanwet in een luxe resort op een tropisch eiland. Ondertussen werd tegen een CDA-bestuurder een zaak voorbereid wegens betrokkenheid bij de bouw van het grootste drugslab aller tijden.

Juvenalis beschreef de decadentie van het antieke Rome: wat vandaag in West-Europa speelt had hij niet kunnen verzinnen in zijn meest extatische visioenen. Men kan er hooguit om lachen omdat het zo absurd én decadent is. Maar met een politieke klasse die dit voorbeeld geeft kan West-Europa niet meer leiden. Het enige wat er hier qua continuïteit wordt overgedragen, is dat de generatie van opiniemakers en journalisten die nu wordt aangesteld nóg linksliberaler is dan de voorgaande. Zoals de grote Willem Cornax onlangs schreef: geef mijn portie maar aan fikkie.

Posted on

Een stabiele Duitse regering, moet je dat wel willen?

Wordt het wat met de nieuwe grote coalitie in Duitsland? Dat weten we nog niet, na het ‘Jamaica’-fiasco is iedereen immers heel voorzichtig geworden. Eerst liepen er nu maar eens interne besprekingen binnen de partijen over de vraag of men aan pre-sonderingen mee zou doen, waarin voorgesondeerd wordt of men tot sonderingen bereid is, zo heet het in de media. Als dat goed gaat, gaan CDU/CSU en SPD dus tot sonderingsgesprekkken over, waarin gesondeerd moet worden of men tot onderhandelingen wil overgaan. Als ook dat lukt, beginnen de onderhandelingen over de vraag of men een coalitie wil vormen. En als die onderhandelingen klaar zijn, is er nog de partijbasis, die tenminste in het geval van de SPD ook nog om goedkeuring gevraagd wil worden.

Als alles goed is, betreedt dan op enig moment de Paashaas het toneel om zijn ei te leggen: het coalitieakkoord. Kan ook zijn dat het lieve dier veel te laat komt, met Pinksteren of zo. Maakt allemaal niet uit: Hoofdzaak is dat er uiteindelijk in Berlijn weer een “stabiele regering” zit, waarop per slot van rekening niet alleen Duitsland, maar heel Europa, wat zeg ik, de hele wereld handenwringend wacht.

Wat Duitsland aangaat, moet men zich toch enigszins verwonderen over het verlangen naar een “stabiele regering”. Wie de feiten in ogenschouw neemt, moet voor een regering met een al te comfortabele parlementaire meerderheid eerder vrezen dan er op hopen. Zo “stabiel” als in de afgelopen vier jaar was de regering van de Bondsrepubliek nog nooit. De coalitiefracties hadden meer dan drie kwart van de zetels in de Bondsdag. En dat tegenover een oppositie die nauwelijks weerwerk leverde. Als de oppositie eens zijn mond open deed, bijvoorbeeld in de asielkwestie, dan was het om steeds precies hetzelfde te eisen als de regering, maar dan nog gekker: Nog opener grenzen, nog minder “veilige landen van herkomst”, nog meer welkomscultuur.

De staatsbeurs puilde uit als nooit tevoren, de economie liep en de werkloosheid zonk, geen sociale onrust of catastrofes schudden het land op, om kort te gaan: De uitgangspositie voor de grote coalitie in 2013 was zo rond en glad als een babybipsje.

Asielchaos

Zo kan het niet langer, moet Merkel gedacht hebben en stichtte de grootste chaos sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. En dat niet alleen voor het moment, maar – geheel in lijn met de tijdsgeest – “duurzaam”. Want tienduizenden over de door de Duitse regering wagenwijd opengestelde grenzen binnenstromende vluchtelingen en tienduizenden die nog komen in het kader van gezinshereniging zullen de Duitsers nog generaties bezig houden.

Bestaat er soms een samenhang tussen een stabiele regeringsmeerderheid en chaos in het land? De geschiedenis van de Bondsrepubliek zegt ja: Geen kabinet moest het met minder parlementaire steun doen dan het allereerste. Met een meerderheid van één enkele stem beklom Adenauer in 1949 de Bondskanselierszetel. Na vier jaar suisde de uit de verwarde jaren direct na de oorlog gekropen staat door het Wirtschaftswunder naar de wereldtop. De stemming van de burgers van de Bondsrepubliek was vervuld van vreugde over het bereikte en bracht CDU/CSU in de beide volgende verkiezingen in 1953 en 1957 glanzende overwinningen.

Van de komende grote coalitie, als die er komt, hoeven de Duitsers echter geen hoopvolle verwachtingen te hebben. Wat het verwerken van de asielvloed aangaat, heeft ze nu al de zeilen gestreken: De demissionaire minister van Binnenlandse Zaken Thomas de Maizière biedt uitreisplichtige buitenlanders tot 3000 euro aan, als ze naar hun land terugkeren. Let wel: Daarmee worden uitsluitend mensen aangesproken die noch een geldige reden om te vluchten noch om asiel aan te vragen hebben. Als ze die hadden, zouden ze voor geen geld terugkeren. Het gaat dus om mensen die zich volstrekt illegaal in Duitsland bevinden, die nu een premie moeten krijgen om zich in al hun grootmoedigheid aan het geldende recht te houden, omdat de staat niet in staat of bereid blijkt te zijn om zijn eigen wetten te handhaven. Dat is alsof je iemand een beloning in het vooruitzicht stelt voor het correct parkeren, in plaats van hem te beboeten voor het foutparkeren. Afgelopen januari waarschuwde de minister nog indringend: “Het vertrouwen in de democratische rechtsstaat kalft af!” Ja, hoe zou dat nou komen?

PIGS zien uit naar nieuwe Grote Coalitie

Maar we willen het niet te zwart inzien en een voorbeeld nemen aan het vertrouwen waarmee onze Zuid-Europese vrienden en partners uitzien naar een herhaling van de oude regeringscoalitie. “Europa” is per slot van rekening een van de “grote toekomstthema’s” waarmee Merkel & Schulz de aandacht van de asielellende af proberen te leiden. En er is inderdaad actie nodig in Europa. Zoals een rapport van de Europese Centrale Bank onthult, heeft de Euro niet zijn doel bereikt, namelijk de convergentie van de inkomensverhoudingen tussen de armere zuidelijke lidstaten en het rijkere noorden. Volgens het rapport gaat het de Duitsers daadwerkelijk al een stukje minder goed dan voorheen. Maar helaas is het niet genoeg, want de Italianen en Grieken zijn regelrecht gekelderd, de afstand is sinds de crisis zelfs toegenomen, aldus de auteurs van het rapport die dat “frappant” vinden.

Het medicijn heeft met andere woorden niet gewerkt. En wat doen we als een medicijn niet werkt? We nemen nog meer van dat spul, dat spreekt voor zich. Naast het idee van een Minister van Financiën voor de Eurozone, die Duits, Nederlands, Fins enz. belastinggeld naar andere landen moet sluizen, wordt steeds gelobbyd voor een Europees depositogarantiestelsel. Daarmee worden de reserves van solide Duitse enz. spaarbanken aansprakelijk gemaakt voor Italiaanse of Griekse faalbanken. Dat helpt vooral de regeringen daar, die hun bankroete geldhuizen dan niet meer van het eigen belastinggeld hoeven te “redden”, omdat daarvoor dan de Noord-Europese reserves klaar staan. Dat is niet alleen in het geval van het dreigende omvallen van een bank een uiterst elegante oplossing, maar doet ook al eerder de zon weer aangenaam schijnen op het zuiden: Want met de Duitse enz. zekerheid in de rug kunnen de faalbanken zich weer eens goed in de schulden steken. Bovendien kunnen ook de hongerige regering in Rome, Athene en dergelijke opnieuw veel eenvoudiger geld lenen, wanneer de last van mogelijke bankenreddingen van hun schouders genomen wordt. Voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker bereidt alvast een versoepeling van de schuldenregels voor, zodat dit ook mogelijk wordt.

Een lastige hindernis voor het vrolijk schulden maken op rekening en risico van andere volken heette tot voor kort Jeroen Dijsselbloem. De voormalige voorzitter van de Eurogroep van minister van Financiën had tijdens de Griekse crisis steeds weer aangedrongen op het zich houden aan de regels. Daarom werd hij dan ook hevig gehaat. Maar zoals we eerder deze week leerden, treedt nu de Portugese socialist Mário Centeno aan ter vervanging van Dijsselbloem. Met hem zullen de Grieken ongetwijfeld niet zoveel ergernis beleven als met die knakenpoetser uit Eindhoven, wanneer het gaat om het verdelen van de financiële koek, die vooral door Duitsland, Nederland en Oostenrijk gespekt word.

De ontwikkeling bij de Eurogroep vertoont parallellen met de successie aan het hoofd van de ECB. Daar begon het met de stabiliteitszuchtige Nederlander Wim Duisenberg, die een Europese D-Mark voor ogen stond. Op hem volgde de al duidelijk elastischer Fransman Jean-Claude Trichet en uiteindelijk de Italiaan Mario Draghi, die de zelfbedieningswinkel open gooide.

Op de vraag: “Wanneer is de Europese integratie voltooid?”, dringt zich dan ook steeds sterker het antwoord op: Wanneer we allemaal op het niveau van Sicilië zitten.

Posted on

Tsjechië: Babis wil minderheidskabinet vormen

Andrej Babis heeft na gesprekken met alle politieke partijen besloten dat hij een minderheidskabinet wil vormen. Dat stelde de partijleider vrijdagavond tegenover de Tsjechische pers.

Babis’ ANO-partij won een week geleden met bijna dertig procent van de stemmen de Tsjechische parlementsverkiezingen, maar slaagt er niet in coalitiepartners te vinden om een regering mee te vormen. Andere partijen maken vooral bezwaar tegen de positie van de van fraude verdachte partijleider en miljardair Andrej Babis.

De beoogde premier zag naar verluidt het meest in een coalitie met de centrumrechtse en gematigd-eurosceptische ODS, maar deze partij is niet bereid toe te treden tot een regering onder leiding van Babis. De enige partij die wel graag met Babis wil praten is de eurosceptische partij ‘Vrijheid en Directe Democratie’ (SPD) van Tomio Okamura, maar daarmee wil ANO zelf niet in zee. Ook samenwerking met de Communisten wordt door ANO uitgesloten.

Andrej Babis staat als gematigd eurosceptisch en populistisch bekend, maar veel andere ANO-politici zijn eerder eurofiel en de partij maakt deel uit van de pan-Europese partij ALDE, wier fractie in het Europees Parlement geleid wordt door Guy Verhofstadt.

Nu hij niet de gewenste coalitiepartners heeft kunnen vinden, wil Babis een minderheidskabinet vormen met ministers van zijn eigen partij en partijloze deskundigen. Bij het opstellen van het regeerakkoord wil hij rekening houden met de wensen van andere partijen. Van welke partijen hij eventueel gedoogsteun verwacht, liet Babis vooralsnog in het midden.

Posted on

Tsjechië: Eurosceptici winnen verkiezingen. Gaat FPÖ-bondgenoot meeregeren?

In Tsjechië, waar gisteren en vandaag parlementsverkiezingen gehouden werden, hebben de eurosceptici de verkiezingen gewonnen. Er hebben grote verschuivingen plaats gevonden.

De liberale centrumpartij ANO onder leiding van de zakenman Andrej Babis is zoals verwacht de grootste partij geworden met een kleine dertig procent van de stemmen en waarschijnlijk 78 van de 200 zetels. ANO-leider Babis is de gedoodverfde nieuwe premier en een gematigd euroscepticus, zo moet hij niets hebben van de verplichte herverdeling van vluchtelingen binnen de EU en is hij tegen toetreding van Tsjechië tot de euro. Hierbij moet overigens aangetekend worden dat veel andere politici van zijn ANO-partij, die lid is van de pan-Europese politieke partij ALDE, eurofielen zijn. Niettemin zal Babis als premier een groot stempel kunnen drukken op de koers van de te vormen regering.

Ook andere eurosceptische partijen boekten aanzienlijke winst. Zo werd de liberaal-conservatieve en gematigd eurosceptische partij ODS de op een na grootste partij met zo’n elf procent van de stemmen en naar verwachting 25 zetels. De ODS, die lid is van de pan-Europese politieke partij ACRE waarvan bijvoorbeeld de Britse en Poolse conservatieven deel van uitmaken, was vroeger de grote centrumrechtse partij van Tsjechië, maar viel enkele jaren geleden na een corruptieschandaal sterk terug in de kiezersgunst. De ODS lijkt als centrumrechtse en gematigd eurosceptische partij op het eerste oog een voor de hand liggende regeringspartner voor ANO, maar van de zijde van de ODS bestaat er de nodige afgunst ten opzichte van ANO, dat een deel van de traditionele ODS-kiezers heeft weggekaapt.

Op een gedeelde derde plaats komen de Piratenpartij en de partij ‘Vrijheid en Directe Democratie’ (SPD) met beide tussen de tien en elf procent van de stemmen en naar verwachting ieder 22 zetels. De Piraten hebben samenwerking met ANO al uitgesloten. Tomio Okamura’s SPD is een eurosceptische anti-immigratiepartij die deel uitmaakt van de pan-Europese partij waaraan onder het Front National en de FPÖ deelnemen.

Verlies is er voor de Communisten, de Christendemocraten en de eurofiele liberaal-conservatieven van TOP 09 en sterk verlies voor de Sociaaldemocraten.

Coalitie

De huidige regering wordt geleid door Bohuslav Sobotka van de Sociaaldemocraten, Sobotka ligt echter overhoop met zowel ANO-leider Babis als president Milos Zeman. Sobotka heeft de stemming onder de bevolking slecht aangevoeld, zo stelde hij onlangs nog dat Tsjechië snel lid moet worden van de Eurozone. De Tsjechische kiezer heeft nu echt een niet mis te verstaan signaal afgegeven: winst voor de eurosceptici en verlies voor de eurofielen.

Het is niet te voorzien wat voor coalitie er gevormd zal worden. ANO en ODS zouden samen een meerderheid hebben, maar de partijen kunnen slecht met elkaar overweg. Jaroslav Faltynek, vice-voorzitter van ANO stelde tegenover de pers dat er eerst gesproken zal worden met de huidige coalitiepartners, dat zijn de Sociaaldemocraten en de Christendemocraten. Enkele ANO-ministers hebben echter al aangegeven niet verder te willen met de Christendemocraten. Het zou er dus op uit kunnen lopen dat de ANO met de SPD gaat regeren en dat de electoraal gedeemoedigde Sociaaldemocraten deze partijen aan een meerderheid mogen helpen. Het zou wel eens kunnen dat straks niet de FPÖ, maar ook FPÖ-bondgenoot SPD gaat meeregeren.

Posted on

Merkel is de partij – Wat gebeurt er met de CDU als Merkel met pensioen gaat?

Duivels zelfgenoegzaam grijnzen kan hij als geen ander. Toen de televisietante hem de donderdag na de Bondsdagverkiezingen met het gerucht confronteerde dat de liberalen al het ministerie van Financiën voor zich opeisten, hapte Jürgen Trittin naar hartenlust toe. Zo kennen we de FDP weer, meesmuilde hij. De onderhandelingen over een Jamaica-coalitie waren nog niet eens begonnen, of de liberalen “loeren” alweer op posten, aldus de oudgediende van de Groenen.

Nog niet eens begonnen? Misschien was Trittin niet helemaal op de hoogte, of jokte hij? Een dag later kwam de Rheinische Post in ieder geval met een papiertje op de proppen, waaruit zou blijken dat Groenen en FDP al gesprekken voerden en – dus toch! – zelfs als de gewenste ministeries onder elkaar verdeeld hadden.

Ondertussen kletst scheidend SPD-fractievoorzitter Thomas Oppermann in de camera, dat er toch nog een mogelijkheid bestaat dat er opnieuw een grote coalitie komt. Is dat gemeend? Nauwelijks: de sociaaldemocraten hebben net voor de tweede keer meegemaakt hoe CDU-leider Merkel hun partij leeggezogen heeft. In 2009, na de eerste grote coalitie met Merkel, tuimelde de SPD al naar haar tot dan toe slechtste resultaat sinds de jaren ’30, en nu naar een nog slechter resultaat. Dat beneemt je op een gegeven moment de lust tot verder samenwerking. De oud-fractievoorzitter komt derhalve dan ook met een onvervulbare voorwaarde voor zijn schijnbare aanbod tot samenwerking: Merkel moet weg.

Tentakels

De CDU zonder Merkel er bovenop? Onvoorstelbaar. Terwijl Groenen en CSU van weerszijden rode lijnen trekken bij het begrip ‘bovengrens’ (aan het aantal asielzoekers) en de FDP verkondigt dat het de Franse vrijpostigheid met betrekking tot de Duitse schatkist “categorisch” afwijst, terwijl met andere woorden alle andere Jamaicanen zich profileren, heerst in de CDU nagenoeg complete stilte. Een pietepeuterig klein beetje Merkel-kritiek hooguit, maar dan slechts van de usual suspects en – dat is bepalend – zonder merkbare weerklank in de partij.

Deze stilte, deze bleekheid maakt voor iedereen duidelijk: Het is Merkel gelukt. De CDU bestaat nog slechts uit haar en een geheel aan haar persoonlijk toegewijde hofhouding, de rest is opsiering of gewillig voetvolk. Met wie willen de sociaaldemocraten dus een coalitie vormen? Met een CDU zonder de leider tot nu toe, terwijl de CDU toch alleen uit Merkel en haar tentakels bestaat? Dat gaat dus puur fysiek al niet.

Uit het hol van de koppotige, het Kanzleramt, klinkt ondertussen de trieste boodschap, dat de vorming van een nieuwe regering wel tot begin volgend jaar kan duren. Bij de vorige grote coalitie heeft men het net voor de Kerst voor elkaar kunnen krijgen, zo riep minister van Algemene Zaken Peter Altmaier in herinnering. Maar ditmaal wordt het mogelijk nog ingewikkelder.

Als we dan toch verder in de toekomst kijken, dan kunnen we nog wel een stap verder gaan. Het is allicht schokkend nieuws, maar zelfs Angela Merkel zal niet eeuwig aan haar zetel kunnen blijven kleven, ze wordt er per slot van rekening niet jonger op.

Pensioneert Merkel, pensioneert de CDU

Maar wat moet er na haar vertrek van de CDU worden, aangezien ze partij compleet in beslag heeft genomen? Zoals het er nu uitziet, trekt de bondskanselier haar partij dan als het ware mee in haar pensionering. Na Merkels troonsafstand trekken de tentakels misschien nog wat in de modder, om zich dan in het beste geval te ontwikkelen tot een nieuwe versie van de vooroorlogse Zentrumspartei, die ter grootte van de huidige FDP verloren gaat tussen de andere fracties onder de Rijksdagkoepel.

In ettelijke andere Europese landen verging het de ooit zo machtige christendemocraten vergelijkbaar, in het bijzonder in Italië. Dit zou het grote moment voor de AfD kunnen worden om door te breken als rechtse volkspartij.

Europese normaliteit

Jeff Kornblum, ooit Amerikaans ambassadeur in Duitsland en nog altijd in Berlijn woonachtig, ziet de komst van de blauwen in de Bondsdag dan ook als niet meer dan een teken dat Duitsland op weg is naar de Europese normaliteit, meer niet.

In een land als Duitsland betekent ‘normaliteit’ echter al bijna zoiets als een revolutie. En zo voelen de gebeurtenissen waarvan we getuige zijn voor veel Duitsers dan ook. Om daarmee enigermate in het reine te komen, moet men wel een nieuwe, minder propagandabelaste blik op de jonge concurrentie werpen. En op dat vlak lijkt er zowaar ook iets te gebeuren. Stukje bij beetje lijkt het bij de experts te gaan dagen dat ze er met hun zorgvuldig opgebouwde beeld van de ‘typische’ AfD-kiezer grotendeels naast zaten. Tot nu toe klonk het uit aller monden: Afgehaakte moderniseringsverliezers zijn het, ordinaire nazi’s, domkoppen of mensen met ‘diffuse’ angsten en een xenofoob wereldbeeld.

Vooroordelen

Met dit simplistische vooroordeel in het hoofd stroopten ze in scharen het land af en waren dan steeds helemaal beduusd, wanneer ze in de ontmoeting met daadwerkelijke AfD-sympathisanten en -politici dikwijls op intelligente, goed opgeleide en redelijk verdienende, in de omgang beschaafde middenklassers stuitten. Dan kwam het er op aan de nazi of de afhaker uit dit type te persen.

Als ook dat niet lukte, bleven er nog twee verklaringen over: Ofwel desbetreffende persoon was slechts een naar voren geschoven uithangbord dan wel een zeer zeldzame uitzondering. Met deze verklaringen kon men iedere falsificatie van de eigen vooronderstelling afweren en zijn ressentimenten overeind houden tot het volgende ‘onderzoek’. Sinds 24 september valt echter nauwelijks nog te bestrijden dat de kleine booswichten ‘uit het midden van de samenleving’ stammen en niet uit de goot. Alleen zo kon de AfD ook zo groot worden.

Had men dat ook niet veel eerder kunnen zien? Dat is nu het probleem: de journalisten en maatschappijwetenschappers waarover we het hier hebben, hebben zich er al langer op toegelegd niet meer naar de waarheid te zoeken, maar om propagandistisch bruikbare bevindingen te strikken. Die hebben ze dan in pseudowetenschappelijk Koeterwaals verpakt als onderzoek verkocht of, in het geval van journalisten, zo gepresenteerd dat het er geloofwaardig uit zag en er door velen voor de waarheid gehouden kon worden. Tragisch genoeg gingen de makers op een gegeven moment in hun eigen producten geloven, zodat ze de vaardigheid verloren om te onderscheiden tussen hun eigen kletspraat en de werkelijkheid. Maar wat zou het, voor de waarheid is het nooit te laat en – zoals gezegd – de eerste experts beginnen er daadwerkelijk naar te tasten. Dat is toch al iets!

Drehhofer

Ondertussen zal menig verliezer van de verkiezingen zich geleidelijk van de volle omvang van de catastrofe bewust worden, die zich aan hem voltrokken heeft. De CSU bijvoorbeeld, die zich al weer de volgende penarie in gerommeld ziet worden en toch eindelijk bang begint te worden. CSU-leider Horst Seehofe heeft al zo vaak gedraaid, dat zijn partij uiteindelijk haar oriëntatie verloren is en talrijke kiezers erbij. 

In 2015 stelde Seehofer zich stoer op, dreigde te klagen tegen Merkels openstellen van de grenzen, dreigde zelfs met het vertrek van het CSU-smaldeel uit de gezamenlijke Bondsdagfractie met de CDU en stelde knetterende ultimatums. Er gebeurde vervolgens nooit iets, maar met het verbale geweld verzekerde Seehofer het Beierse deel van de Union in ieder geval van het etiket ‘rechtervleugel’ en zichzelf van het etiket ‘Merkel-criticus’.

Die etiketten trok Seehofer er echter zelf weer af, toen hij voor de verkiezingen volledige trouw zwoer aan Merkel. Na de verkiezingen wil hij nu ineens weer naar rechts om daar “de rechterflank te dichten”, om vervolgens met de Groenen over een coalitie te gaan onderhandelen.

De schare Beierse conservatieven die het nog mee kunnen maken, wordt zo steeds kleiner. Veel Beierse kiezers kunnen op het laatst bij de meest recente pirouette van ‘Drehhofer’ hun evenwicht verloren hebben en bij de verkiezingen voor de Beierse landdag in het najaar van 2018 naar het AfD-kamp kantelen. Ook de CSU mag meegenieten van hoe Merkel de CDU opgebruikt.

Posted on

Wie volgt Schäuble op Financiën, Lindner of Merkels beoogde opvolger?

Onlangs, kort voor de Duitse parlementsverkiezingen, vierde Wolfgang Schäuble zijn 75e verjaardag. Bondskanselier Angela Merkel omschreef hem in een korte toespraak als “Herzenseuropäer”. Op de vraag of de jubilaris in haar volgende regering opnieuw een plaats in zou nemen, ging de CDU-leider wijselijk niet in. Inmiddels is echter duidelijk dat Schäuble zich richt op de positie van voorzitter van de Bondsdag.

Twee dingen waren voor de verkiezingen al duidelijk: Ten eerste dat Schäuble opnieuw in de Bondsdag gekozen zou worden. Ten tweede dat de CDU opnieuw als sterkste fractie het initiatief zou hebben in de vorming van de regering. Alleen in een grote coalitie zou het echter voor de hand liggen dat Schäuble aanbleef als minister van Financiën, in andere voor de verkiezingen denkbare constellaties zouden de coalitiepartner of -partners deze positie opeisen.

In een economisch sterk land zijn ministers van Financiën over het algemeen relatief populair. Schäuble moet echter vrezen voor zijn positie. In november zit de jurist vierenhalf decennia ononderbroken in de Bondsdag, waarvan bij elkaar 19 jaar op de regeringsbankjes.

Maar nu azen er anderen op de positie. Christian Lindner, leider van de liberale FDP, ziet het als een vergissing dat zijn inmiddels overleden partijvriend Guido Westerwelle in 2009 het ministerie van Financiën aan de CDU overliet. In Lindners kringen wordt er van uit gegaan dat hij zelf de ambitie heeft om minister van Financiën te worden. Anders dan Westerwelle, trekt het ministerie van Buitenlandse Zaken hem niet, hoewel Buitenlandse Zaken steeds naar de FDP ging als die aan een regering deelnam.

“De FDP moet niet tot een regering toetreden, waarin ze niet de minister van Financiën levert”, aldus FDP-bestuurslid Alexander Hahn tegenover het boulevardblad Bild. Alleen zo kan naar zijn inschatting de FDP belangrijke verkiezingsbeloften zoals een betere financiering van het onderwijs en een hervorming van het belastingsysteem veiligstellen. Ook is de FDP terughoudender ten aanzien van plannen voor verdere integratie van de Eurozone dan de CDU. Regeringsdeelname van de FDP zou op dit punt ook enige kritische zin in de CDU op kunnen wekken. Zo reageerde CDU-politicus Eckhardt Rehberg, die in de begrotingscommissie van de Bondsdag zit op de recente toespraak van de Franse president Emmanuel Macron, waarin deze maatregelen voor verdere integratie van de Eurozone voorstelde: “Het probleem in Europa is niet een gebrek aan geld.”

Zelfs binnen de SPD zijn er die het voor een vergissing houden dat de sociaaldemocraten steeds op Buitenlandse Zaken en niet op Financiën inzetten. Op reis kun je geen binnenlandse tegenspeler voor de machtige bondskanselier opbouwen, zo klinkt het in SPD-kringen. Ook de Groenen loeren op het populaire ministerie. De belastinginkomsten zijn zo hoog als zelden tevoren.

Schäubles opvolger zou met een succesvolle belastinghervorming op zijn conto een gooi naar het bondskanselierschap kunnen wagen. Ook in de CDU zijn er derhalve belangstellenden. Naar wat Merkel eigenlijk wil, blijft het op dit moment echter gissen. Met het opnieuw benoemen van Schäuble had ze ook tegenspelers uit kunnen schakelen. Als ze een andere CDU’er als minister van Financiën aanstelt, kan dat een aanwijzing zijn over haar opvolging. 

Posted on

Bondsdag gaf afgelopen vier jaar indruk van democratie in eindstadium

Geen 630 maar bijna 700 leden zullen er waarschijnlijk in de volgende Duitse Bondsdag zitting nemen, vanwege de zogeheten overhangmandaten. In plaats van de huidige vijf zullen er namelijk naar verwachting met AfD en FDP erbij zeven partijen over de kiesdrempel komen.’t Is te hopen dat zij in ieder geval één ding zullen bewerkstelligen: een volksvertegenwoordiging die die naam ook verdient. Een terugblik laat zien hoezeer de Bondsdag het in de afgelopen vier jaar liet afweten.

Het recht geschonden

Precies 27 stappen kostte het haar om van haar zitplaats naar het spreekgestoelte van de Bondsdag te komen. Waarschijnlijk zal deze gang voor het inmiddels partijloze Bondsdaglid Erika Steinbach voorafgaand aan haar laatste woordvoering op 30 juni twee of drie keer zo lang aangevoeld hebben. Bijna drie decennia was de inmiddels 73-jarige vrouw uit Frankfurt am Main lid van het Duitse federale parlement. Op het laatst werd Steinbach, die op 15 januari van dit jaar de CDU verliet, met de nek aangekeken. Tijdens haar woordvoeringen werd er gefloten en geroepen. Om daar te komen moest ze langs ettelijke rijen haar vijandig gezinde afgevaardigden. Bij de microfoon aangekomen, zei ze wat niemand wilde horen terwijl het toch evident was: “Onze parlementaire democratie heeft dringend behoefte aan waakzaamheid.” Van de nieuwe Bondsdag verwacht ze dat die zijn controlefunctie tegenover de regering serieuzer waar zal nemen.

Later voegde ze er elders nog aan toe: “Wanneer men een eerlijke balans opmaakt van de laatste regeringsperiodes onder het kanselierschap van Angela Merkel, springen meteen meerder grote beslissingen in het oog, waarbij onze parlementaire democratie geen gunstig figuur slaat.” De hals-over-kop-Energiewende, euro-reddingsmaatregelen en de ongecontroleerde massa-immigratie zijn doorgevoerd in schending van verplichtende overeenkomsten of zelfs eenduidige wettelijke regels. Dat is een parlementaire democratie onwaardig.

Verboden drugsbezit en kinderporno

Aan onwaardige momenten was er geen gebrek in de afgelopen zittingsperiode van de Bondsdag. Daaronder zonder twijfel ook de dag dit voorjaar waarop de Groenen-afgevaardigde Volker Beck door de Berlijnse politie in hechtenis genomen moest worden. Hij kwam juist uit de woning van een vermoedelijke drugsdealer en had 0,6 gram van de chemische drug Chrystal Meth bij zich. Beck kwam er mild vanaf. Tegen betaling van 7000 euro werd van strafvervolging afgezien. Aftreden als Bondsdaglid om de eer aan zichzelf te houden, vond Beck niet nodig. In het tijdschrift Focus hing hij weken later een zielig verhaal op dat de crisis een “verdraaid zware tijd” voor hem geweest was. Over zijn maatschappelijke voorbeeldfunctie geen woord.

Een volgend dieptepunt in het aanzien van de Bondsdag was de affaire rond de bijzondere voorliefdes van de SPD-afgevaardigde Sebastian Edathy. De toenmalige voorzitter van de commissie Binnenlandse Zaken van de Bondsdag trad in februari 2014 terug uit al zijn ambten. Het Openbaar Ministerie had bekend gemaakt dat de politicus jarenlang foto’s en video’s van jongens in de geschatte leeftijd van 9 tot 14 jaar gekocht bij een aanbieder uit Canada. Het beeldmateriaal zou zich op de rand bevinden van wat justitie als kinderpornografie beschouwt, zo heette het. Van een gerechtelijke procedure werd in 2015 op grond van Edathys bekentenis tegen betaling van 5000 euro verder achterwege gelaten. Inmiddels woont de zoon van een Indiase pastor en een Duitse vrouw in Noord-Afrika. Wikipedia vermeldt dat hij zich met een hotelmanager verloofd heeft. Over geld hoeft het stel zich voorlopig geen zorgen te maken. Aangezien hij juridisch niet schuldig is bevonden, kan hij gewoon aanspraak maken op het wachtgeld van 130.000 euro. En vanaf zijn 67e krijgt hij als jarenlang Bondsdaglid een royaal pensioen.

Censuurwet

Verder onwaardige momenten? Daarvoor is het niet eens nodig naar pervers fotomateriaal of verboden drugsbezit te zoeken. In alle openheid speelde zich onlangs nog een wanprestatie af. Op dezelfde dag dat Erika Steinbach de hoon en spot van een volle plenaire zaal moest incasseren, stond later het besluit over een wet over de surveillance van sociale netwerksites van minister van Justitie Heiko Maas (SPD) op de agenda. Van de 630 afgevaardigden waren er op dit late tijdstip nog ongeveer 60 die het nodig vonden om aanwezig te zijn bij de besluitvorming hierover. Terwijl het toch om een zeer controversieel voorstel ging. De wet verplicht de eigenaren van internetplatforms als Facebook ertoe om “evident strafbare content” binnen 24 uur te verwijderen. Zo niet dan riskeren ze boetes tot 50 miljoen euro. Uit alle politieke hoeken klonken er waarschuwingen tegen de “censuurwet” die op 1 oktober van kracht wordt. Gevreesd wordt dat er veel te makkelijk dingen verwijderd worden om in twijfelgevallen maar geen boetes te riskeren. Gevreesd wordt ook dat vooral content die kritisch is over de regering verwijderd zal worden. VN-rapporteur David Kaye stelde dat het de mensenrechten in gevaar brengt. Bij een hoorzitting in de Bondsdag hielden vrijwel alle experts het wetsvoorstel voor strijdig met de grondwet.

Hebben zich daarom soms zoveel afgevaardigden uit de voeten gemaakt toen het tijd was om te stemmen? Het is zelfs de vraag of de Bondsdag met slechts 60 aanwezigen wel een quorum heeft om dergelijk besluit te nemen. Paragraaf 45 van het Huishoudelijk Reglement stelt dat tenminste de helft van de leden aanwezig moet zijn om besluiten te kunnen nemen. Die bepaling wordt weliswaar beperkt door de volgende zin: “Wordt het quorum niet door een fractie of door aanwezige vijf procent van de leden van de Bondsdag in twijfel getrokken, dan wordt het quorum verondersteld aanwezig te zijn.” Maar had de besluitvorming over een dermate ingrijpende wet niet een volwaardig plenum vereist? Onverstoord zette Bondsdagvoorzitter Norbert Lammert (CDU), die zich anders zo graag als voorvechter van de democratie laat voorkomen, de procedure echter door. Critici spreken in zo’n geval van een democratie in zijn eindstadium.

Posted on

Het verschil van inzicht keert terug in de Bondsdag

De laatste dagen voor de Bondsdagverkiezingen heerst er grote nervositeit in de burelen van de gevestigde politiek in Duitsland. En niet zonder reden, want we staan aan de vooravond van een historische gebeurtenis.

De Bondsdagverkiezingen van 2017 zullen diepere sporen in de geschiedenis van de Bondsrepubliek achterlaten dan alle andere stembusgangen sinds 1990, toen de Duitsers over de richting van hun zopas opnieuw verenigde land besloten.

Voor de SPD dreigt de zwaarste naoorlogse nederlaag. De CDU zal de verkiezingen winnen, maar lijkt als partij meer dan ooit gereduceerd tot de droevige rol van slippendrager voor haar voorzitter, wat een onzekere toekomst voor partij belooft. De AfD als meest gevreesde tegenstander van alle gevestigde partijen kan volgens de peilingen met een dubbel zo goed resultaat rekenen als de Groenen toen die in 1983 voor het eerst in de Bondsdag kwamen.

Alleen oppervlakkig ziet het er naar uit dat alles bij het oude zal blijven: Merkel wordt opnieuw bondskanselier en heeft in de SPD, de FDP en de Groenen zowaar drie potentiële coalitiepartners. Deze bizarre combinatie van opschudding van het partijensysteem enerzijds en de vermoedelijke ‘business as usual’ qua regering anderzijds, is ook terug te vinden bij de kiezers. Opinieonderzoekers registreren hier een oppervlakkige rust en tevredenheid, waarachter een diep zittende onzekerheid en vrees schuil gaat – en zeer veel ingehouden woede.

Deze dubbele verdeeldheid – zowel ‘boven’ als ‘onder’ – voedt een agressieve nervositeit, die in de laatste dagen van de verkiezingscampagne met handen te grijpen is. Tegenover de “Merkel moet weg!”-roepers stonden gevestigde media en politici die in de omgang met de AfD alle remmingen lieten varen. Sigmar Gabriels uitbarsting als zouden er met de AfD “nazi’s” de Bondsdag binnenkomen, is daarbij nog maar het topje van de ijsberg  van een nieuwe verruwing.

Zo staat het nog te bezien wat de lange termijngevolgen van de verkiezingen van 2017 zullen zijn. Ze kunnen als het aanbreken van een van de ruwste fasen van de recente Duitse politieke geschiedenis gaan gelden, maar evengoed ook als opbreken van een verlammende vastgeroestheid.

Voor die optimistische variant spreekt dat met de AfD niet alleen een antwoord op de langdurige tendens naar links het parlement binnenkomt. De partij zal ook de rol van de Bondsdag versterken als een instituut dat doet waartoe ieder democratisch parlement bestaat: de regering controleren en de oppositie een stem geven.

Bij existentiële kwesties als asiel, immigratie, grenscontroles of eurobeleid zag dikwijls een groot deel van het volk, zo niet in sommige gevallen zelfs de meerderheid, zich zonder adequate vertegenwoordiging in de Bondsdag. Daar was men het binnen de “zeer grote coalitie” waartoe geregeld de meerderheid van alle fracties behoorde over precies deze kwesties namelijk in hoofdzaak eens.

Met de doorbraak van de ‘blauwen’ naar de Bondsdag kan hier eindelijk verandering in komen. Duitse burgers kunnen dan alleen maar verwelkomen, het betekent namelijk de wedergeboorte van het parlement.

Posted on

Euro is niet meer te redden, maar voor zijn ondergang kan er nog veel schade worden aangericht

Zo, zo, de euro is dus niet meer te redden, tot de ondergang gedoemd, aldus de econoom Edward Prescott, die in 2004 de Nobelprijs voor de Economie ontving. De enige vraag is nog hoeveel schade de munt nog aan zal richten voor hij sneuvelt. Helaas verraadt de Amerikaan niet op welke termijn de instorting plaats zal vinden. Hoeveel tijd we met andere woorden nog hebben, om nog meer schade op te bouwen.

Dat is ergerlijk. Maar maakt niet uit, dan moeten we alleen haast maken. Dat weet ook Angela Merkel en die doet ook meteen ijverig haar best. Bij haar meest recente ontmoeting met Emmanuel Macron heeft ze de Franse president toegezegd, hem te steunen bij het erdoor krijgen van zijn plan voor een gemeenschappelijke begroting van de Eurozone. In die begroting zouden snel nog eens enkele Duitse miljarden gestort moeten worden, voordat het eindsignaal van het Euro-spel klinkt.

Niemand mag lijden onder de Brexit

Het plan is per slot uit de nood geboren die de Britten ons gebracht hebben. Met een netto-bijdrage van twaalf miljard euro is de eilandnatie de op een na grootste betaler aan het EU-budget. Alleen Duitsland betaalt meer, namelijk 14 miljard, de Fransen zes en de Italianen drie miljard euro per jaar. Grote netto-ontvangers zijn de Polen met tien en de Tsjechen met zes miljard euro.

Wanneer de Britten vertrekken moet Brussel ofwel de bijdrage van de resterende lidstaten opschroeven, wat niet alleen Duitsland maar bijvoorbeeld ook Frankrijk en Italië zou treffen, wat de Duitsers hen uiteraard niet aan zouden willen doen. Het alternatief is dat men de uitgaven richting de netto-ontvangers terugschroeft. Maar dat gaat al helemaal niet, aangezien minder subsidies ook minder macht voor Brussel zou betekenen. We wilden de natiestaten per sloot van rekening stap voor stap in het zuur van de Brusselse centrale bureaucratie oplossen. Wie in plaats daarvan de subsidiekraan dichtdraait, heeft de Visegrad-landen per slot van rekening ook weer wat minder bij de ballen. Wat een dilemma!

Eigen budget voor de Eurozone

Maar toen kwam het geniale idee van het eigen budget voor de Eurozone. Door middel van dit gezamenlijke potje, zou men extra Duits geld naar Parijs en Rome kunnen doorloodsen en daarmee de door de Brexit hogere nettobijdrages van de Fransen en Italianen aan de EU-herverdelingsmachine compenseren. Daarmee zouden allen weer tevreden zijn: De Polen en Tsjechen (die niet in de Eurozone zitten), omdat ze net zo veel van de EU blijven ontvangen als voor de Brexit, de Fransen en Italianen, omdat hun door de Brexit veroorzaakte extra bijdrage door de Duitsers gecompenseerd wordt en ze onder de streep precies zo weinig zouden hoeven te betalen als voorheen, en de Duitsers, omdat we hen zullen vertellen dat ze daarmee een verdere grote stap op de weg van de “Europese integratie” gezet zullen hebben. Dat horen de Duitsers altijd graag. Om de  goede stemming te bewaren zullen we de Duitsers bovendien verzekeren dat ondanks hun extra aanslag van miljarden “niemand iets tekort komt”.

Denkt u dat ze dat nooit zullen geloven, omdat iedereen toch weet dat geld dat ergens naartoe gaat ook ergens vandaan moet komen en dus per definitie ergens bespaard moet worden? Dat ziet u veel te pessimistisch in. De Duitse sukkels hebben immers ook de flauwekul geslikt, dat men 40 miljard euro voor asielzoekers op kan hoesten zonder dat die vervolgens elders tekortschieten. Duitsers rekenen namelijk niet met hun hoofd, maar “met het hart” en sinds de zoveelste onderwijshervorming is menigeen het rekenen sowieso verleerd.

Concurrentiekracht

De hierdoor aangerichte schade voor de hele EU is nauwelijks in cijfers uit te drukken. Gespekt met het Duitse geld kunnen de Fransen en Italianen hun zombiebanken nog langer overeind houden evenals de rammelende structuren in hun landen. Daarmee is men ervan verzekerd dat hun internationale concurrentiekracht nog verder achterblijft en de beide landen verder afzinken. Duitsland zal daarentegen verder leeggezogen worden en op deze manier verzwakt worden.

Wat zei Edward Prescott ook alweer? Het gaat er alleen nog om hoeveel schade de Euro nog aanricht voor hij onvermijdelijk ten onder gaat. U ziet het, professor: We hebben nog wel wat azen in onze mouwen. Merkel, Macron en ECB-chef Mario Draghi zullen die stuk voor stuk nog uitspelen, daar kunt u van op aan. Draghi kan aansluitend, als alles voorbij is, rustig naar zijn oude werkgever Goldman Sachs terugkeren om de Amerikaanse bank trots te melden: We hebben de Europese concurrentie een slag toegebracht waarvan ze zich de komende decennia niet zullen herstellen.

Wen er maar aan!

Maar geen zorgen, aan de armoe zullen we wel wennen, zoals we ook steeds meer wennen aan het terrorisme. De Duitsers worden door hun elite zelfs opgeroepen te wennen aan het terrorisme en Duitsers zijn niet gewoon bevelen te weigeren. Wen er maar aan dat je ieder moment onder de wielen van een vrachtwagen kunt komen waarvan de bestuurder naar het martelaren-paradijs op weg denkt te zijn. Ons leven verandert nu eenmaal en hoe we sterven dus ook. Was het niet de Duitse minister van Integratie Aydan Özoguz die al in 2015 decreteerde dat ons samenleven iedere dag opnieuw uitonderhandeld moet worden? En dat ons dan meteen weer denken aan dat nog veel mooiere citaat van de Groene politica Katrin Göring-Eckardt uit hetzelfde legendarische jaar: “Ons land zal veranderen, en wel drastisch. En ik verheug me daarop!”

Een tipje van deze verheugende verandering kon schrijver dezes zelf meemaken toen hij afgelopen zaterdag kort voor middernacht de Hamburgse metro binnen stapte. Toen ik instapte, waren twee groepen Midden-Oosterlingen reeds een stevige vechtpartij begonnen. Met schoppen, vuistslagen en geschreeuw onderhandelden de jongemannen hun samenleven opnieuw uit. Een Duitser deed al zijn best met verbale inspanningen de zaak te “de-escaleren”. Ook met zijn tweeën hadden we onze handen (en voeten) vol om de groepen uit elkaar te houden. Het hoofdfront waarlangs de “onderhandelingen” plaats vonden was gelukkig het smalle gangpad van het gebied tussen de deuren naar de bankjes, dat we na enige schermutselingen met zijn tweeën goed af konden sluiten. Dat lukte alleen, zo moet ik de kemphanen nageven, doordat beide groepen er, ondanks onze robuuste interventie, van af zagen ons in hun onderhandelingen te betrekken.

Zo veranderde de scène na enige tijd in een luide maar niet gewelddadige Morgenlandse woordenstrijd. In het geraas daarvoor had ik af en toe de gezichten van enkele Duitse vrouwen gezien die op veilige afstand zaten. De uitdrukking die daarop te lezen stond, kan het beste met “blinde paniek” beschreven worden, hoewel ze gelukkig niet aangevallen werden. Toch jammer, dat Kartin en Aydan niet in die metro zaten om deze vrouwen mee te delen dat ze zich veel meer zouden moeten verheugen in plaats van bang te zijn.

Eigenlijk zou je dergelijke vechtjassen het vriendelijke advies willen geven met hun geschillen terug te keren naar hun vaderland om het daar verder uit te vechten. Maar dergelijk advies is zo ongeveer verboden. Interessant niet waar, tegen gewone Duitsers wordt gezegd dat men maar aan dergelijke conflicten en aan nog ergere dingen zoals terroristische aanslagen moet wennen. Maar niemand moet het wagen een Afghaan, een Irakees of een Syriër hetzelfde te adviseren: Blijf in je eigen land en wen er maar aan dat het van tijd tot tijd tot gewelddadigheden komt. Wie dit tegen Duitsers zegt heet daarmee “realistisch”, wie het tegen asielzoekers zegt is daarentegen harteloos en frivool. Zo kleurrijk zijn onze wereld en onze moraal!