Posted on

De Staatsveiligheid en het Gele Gevaar

Ooit, begin jaren ’80 was China een zogenaamde vriend van België en was er officieel voor onze staatsveiligheid niets met dat land aan de hand. Voor China te kritische artikelen zag men zelfs niet graag verschijnen. Onze bedrijven maakten er immers pillen en telefooncentrales en dus moest men hen koesteren, liefhebben. En, belangrijker, China en de VS vormden op dat ogenblik een alliantie tegen de Sovjet-Unie. Al een hele tijd is dit veranderd en laat onze Staatsveiligheid de ene waarschuwing na de andere over dat land op ons los.

De zaak van elektriciteitsdistributeur Eandis was er een voorbeeld van. Dat Chinezen er in gingen investeren was gevaarlijk, want zij zouden wel eens te weten kunnen komen hoe onze elektriciteitsvoorziening er uitziet. Een pak onzin, maar onze politici bogen als angsthazen voor die onheilsboodschap.

Chinese cultuur is staatsgevaarlijk

Recent was Vlaams Belanger Filip Dewinter aan de beurt om vanuit de Staatsveiligheid een ton modder over zich heen te krijgen want de man hielp een Chinese culturele vereniging hun weg in België vinden. Gevaarlijk, stelden onze spionnen want ze wilden zo goodwill creëren in ons land. Chinezen die hier goodwill willen zoeken! Sidder en beef Belg want daar is het Gele Gevaar. Met Dewinter als het gele mannetje van president Xi Jinping.

Vraag is wat voor ons land op veiligheidsgebied het gevaarlijkst is natuurlijk. Sinds de onthullingen van Edward Snowden weten we dat de Amerikaanse spionagedienst NSA samen met het Britse GCHQ alle communicatie afluisteren wereldwijd. En dus ook die van onze koning, premier, de chef van de federale politie en die van beenhouwer Jean-Paul om de hoek.

Keizerlijk paleis Beijing
Voor onze Staatsveiligheid is China een gevaarlijk land dat wij best zoveel mogelijk mijden. Dit terwijl het veruit de grootste economische kracht ter wereld is die ook massaal in ons land investeert. Speelt de Staatsveiligheid het spel van de VS?

Recent bleek dat ze zelfs de ongetwijfeld geheime communicatie van de Saoedische kroonprins Mohammad bin Salman nauwgezet volgen. En dat is toch een voor Washington wel veel belangrijkere ‘bondgenoot’ dan onze Charles Michel of zijn Nederlandse collega Mark Rutte.

De vriend van de NSA

Toen het in september 2013 uitlekte dat die NSA/GCHQ ook op grote schaal bij de communicatiesystemen van Proximus hadden ingebroken verscheen er in het maandblad MO gelijktijdig een gesprek met Eddy Testelmans, toen de chef van onze militaire veiligheidsdienst, die pochte met zijn goede en open en bloot relatie met de Amerikaanse generaal Keith Alexander, toen de baas van de NSA, het Nationaal Veiligheidsagentschap.

Maar daarvoor hoor je onze veiligheidsdiensten zeker nooit waarschuwen. Die mogen de telefoons van onze premier Charles Michel dus afluisteren? Bovendien weet zowat iedereen die wat thuis is in de internationale politiek dat de VS al heel veel jaren een economische oorlog voeren tegen de EU. De gigantische speculatie tegen de euro van een paar jaar terug gebeurde toch vanuit Wall Street?

‘Invloed verwerven’

En op een ogenblik dat China en haar ondernemingen op grote schaal in het buitenland investeren – Het land zit men een enorme berg geld die men nu eenmaal ergens rendabel moet beleggen – begint de Staatsveiligheid onrust te zaaien en ons angst aan te jagen want ‘China zoekt hier invloed te verwerven’. Wow, wat een gevaarlijk plan. China wil hier invloed krijgen. Om bang van te worden?

Prietpraat natuurlijk. Recent stuurde ons land een grote handelsdelegatie naar Marokko. Waarom? Om er invloed te verwerven om zo beter handel te kunnen drijven en de samenwerking op andere vlakken te verbeteren. Een erg goede zaak al zou men de export van hasj moeten op tafel leggen want Marokko is de veruit grootste exporteur ervan. Maar daarover horen we niets natuurlijk. Ook niet toen Bart De Wever er recent rondjes liep.

Spionnen

En dat er onder die tienduizenden Chinezen die hier rondlopen spionnen zitten zal wel. Waarom zou men daarover speciaal alarm moeten slaan? Er zijn hier vele honderden ‘geheime agenten’ onder allerlei vermommingen. Brussel heeft van veel landen tot drie verschillende ambassades (het koninkrijk, NAVO en de EU) en daar zitten pakken spionnen tussen hoor.

Geely autoproducent
Als we het verhaal van onze Staatsveiligheid en ook van professor Internationale Relaties Jonathan Holslag moeten geloven dan is ook de aankoop van Volvo door de Chinese automaker Geely uiterst verdacht en zelfs een gevaar voor onze veiligheid.

Trouwens ambassades dienen toch om via allerlei soms erg discrete contacten zoveel mogelijk informatie over het gastland te verkrijgen. Spionage dus! Zo zijn er bovendien de aan de ambassades verbonden militaire attachés die bijna in de regel werken voor de militaire inlichtingendiensten van hun land. Ook België doet dat trouwens. Niets speciaals, het is dagelijkse kost.

Scharnierpunt in de geschiedenis

Maar qua geopolitiek zitten België en de EU zoals heel de wereld op een scharnierpunt. De oude gevestigde orde is kapot en wat er voor in de plaats gaat komen weten we niet. Er zijn in wezen drie grote economische blokken met de EU op nummer twee, de VS en China de grootste. Met daarnaast spelers als India en Rusland. Waarbij de VS tegen iedereen op dit ogenblik een felle economische oorlog voert om hen zo op de knieën te dwingen. America First!

De VS wil China’s groei kapot maken en hen zo veel als mogelijk isoleren. Het gevolg is een enorm pak aan propaganda vol leugens, verdraaiingen en halve waarheden over China in onze media. De kranten staan er vol van met verhalen komende vanuit de VS om zo het Europese wereldbeeld te kneden richting daar waar Washington het wil. Met China als het rijk des duivels, naast dan Rusland uiteraard.

Maar België en de EU hebben niet de minste reden om dit spel mee te spelen. Integendeel, wij hebben er alle belang bij om met zoveel mogelijk landen op goede voet te staan. Zelfs al doen zij dingen die ons niet aanstaan, zoals het strafbaar stellen van homofilie. De wereld behoeft vrede en stabiliteit zodat de economie verder op volle kracht kan groeien en we – niet gestoord door ruzies – het klimaatprobleem kunnen aanpakken.

Op een ogenblik dat de Chinese internetverkoper Alibaba op termijn in de sociaal-economisch nog steeds noodlijdende Luikse regio mogelijkerwijs duizenden banen gaat realiseren komen de heren en dames van onze Staatsveiligheid ons waarschuwen voor Chinese beïnvloeding. Dat is om zowel te vloeken, te lachen als te schreien.

Behoefte aan stabiliteit

Uiteraard moeten wij binnen de EU ons eigen beleid voeren en niet de naïeveling uithangen. En het beschermen van ‘s lands economische en strategische vitale onderdelen is zeer belangrijk. Ook China doet dat trouwens. Terecht.

BYD - Brussel - Taxi's - 1
Inderdaad, de Chinese invasie is begonnen. Hier taxi’s van BYD in Brussel. Recent verkocht het ook bussen voor de luchthaven van Zaventem. Als dat geen bewijs is voor de heel kwade bedoeling van China. Toch als we onze vrienden van de Staatsveiligheid moeten geloven.

Maar als we zien dat een Chinees bedrijf hier in de regio Charleroi elektrische auto’s gaat maken, als we zien dat het Chinese Geely toen het autobouwer Volvo overnam tot heden een goede investeerder bleek – kijk eens naar GM met Opel en Ford met Genk – dan is het bestaan van het Gele Gevaar in essentie een pure fantasie. Een uitvinding van de PR-bureaus van Uncle Sam.

Wiens belang?

Men kan zich trouwens hier de vraag stellen wiens belang onze Staatsveiligheid met dit soort verhalen over het ‘Gele Gevaar’ dient? Dat van de VS die China wil isoleren of dat van een land dat elke investeerder en handelspartner dient welkom te heten. Dit lijkt eerder op het dienen van Washington dan op het helpen van ons land.

België en de EU behoeven stabiliteit en geen geruzie, zeker niet als dat dan nog in het voordeel is van een andere ons in wezen vijandige mogendheid. Het waren toch geen Chinese speculanten die enkele jaren geleden hoopten de euro en zo de EU kapot te maken?

DSC_0090 (1)
Hier Wang Chuangfu, de erg discrete grote baas en stichter van BYD in Londen bij de inauguratie van twee door elektrische bussen van BYD bediende buslijnen. In Londen rijden er nu al tientallen elektrische bussen van BYD rond. Zij vertrekken om 6 uur en komen rond 11 terug binnen zonder tussendoor te moeten geladen worden. Hier weigert de Vlaamse busmaatschappij De Lijn en Ben Weyts (N-VA), minister voor Verkeer om elektrische bussen te bestellen. Zou busmaker Van Hool die technologie nog niet onder de knieën hebben? Het lijkt er op.

En als we problemen hebben met de Chinese economische opmars dan is dat ook deels de fout van de EU. Al jaren investeren de Chinese overheid en lokale private bedrijven er in de productie van batterijen en elektrische voertuigen. Het zijn Japan, Zuid-Korea en vooral China die elektrische batterijen maken. Arm Europa.

Elektrische auto’s

Een privaat beursgenoteerd bedrijf als BYD (Build Your Dreams) uit het Chinese Shenzhen produceert met haar eigen batterijen massaal elektrische wagens en ook in Amiens en Hongarije bussen en is zeer rendabel en beursgenoteerd. Het is bovendien groter dan Tesla van die blaaskaak Elon Musk.

Het Chinese parlement stemde zelfs wetten die de autobedrijven verplichten een procentueel elk jaar stijgend aantal elektrische wagens te maken. En men zet er nu verplicht een algemeen recyclagesysteem op voor die batterijen.

En wat doet Europa? Er zijn eindelijk ‘plannen’ want de Duitse autonijverheid zweerde tot vorig jaar bij de… diesel. Daar zit het gele gevaar, zijnde bij de domme beslissingen van de Europese beleidsmensen die onvoldoende kritisch de wereld bekijken. Hetzelfde trouwens voor het internet waar alle belangrijke takken van deze industrie Amerikaans zijn en er amper iets Europees is in terug te vinden. En dat is uiteraard geen toeval.

 

Posted on

Kroniek van instabiliteit: de Belgische politiek sinds 1999

Voor vele buitenstaanders is de Belgische politiek een eigenaardig gegeven. Een federale staat, waarbij de federale regering desondanks geen hiërarchische superioriteit kent tegenover de deelstaten. Waar de bevoegdheden niet in hun geheel verdeeld zijn over de deelgemeenschappen, waardoor wetgeving over hetzelfde onderwerp op elk niveau kan verschillen. Desondanks is het toch ook geen confederale staat en pleit de grootste partij van Vlaanderen, de N-VA, voor een confederaal systeem met uitzicht op een onafhankelijk Vlaanderen. Daarnaast heb je nog het Vlaams Belang dat pleit voor een directe opdeling van België en ook een sterk anti-islam discours heeft. Beiden pleiten wel om na onafhankelijkheid een voorkeursband op te bouwen met Nederland. Nederland, dat in de beweging achter beide partijen regelmatig vermeld wordt als “het verloren vaderland”.

In het boek “De wissel van de macht” schrijf journalist Marc Van de Looverbosch de kroniek neer van de vorige 17 jaar aan partijpolitiek. De verkiezingen van 1999 kenden immers een politieke aardverschuiving die we vandaag nog voelen. Dé staatspartij sinds mensenheugenis, de Christelijke Volkspartij (CVP, later CD&V), wordt van de macht gedreven door een coalitie van liberalen, socialisten en groenen. De Vlaams-nationalisten, een unieke toevoeging aan de partijpolitiek in dit surrealistische land, zijn verdeeld over het Vlaams Belang en de Volksunie (cfr. supra) die samen net een goede 15% van de stemmen halen.

De Vlaams-nationalisten

Zonder in te diep detail in te gaan op de Belgische/Vlaamse politiek, dat vereist immers enkele boeken, kan men stellen dat, net als in Nederland, een politieke aardverschuiving plaatsvond in de stervensjaren van paars. Waar Nederland Pim Fortuyn kende en vandaag Geert Wilders, wordt België nog altijd gespleten door de strijd tussen Vlaanderen en een Franstalige elite. Zelfs in katholieke pro-life kringen kan men deze spanning voelen waarbij een Franstalige elite zich cultureel superieur vindt aan de Nederlandstaligen. In België wordt dit de Vlaams-Waalse tegenstelling genoemd omdat Wallonië ook Franstalig is en opgejut wordt tegen Vlaanderen door deze elite (en gemakshalve zal ik het in deze boekbespreking ook zo noemen).

Toen Paars-groen in 1999 aan de macht kwam, kende Vlaanderen één georganiseerde uitgesproken rechtse Vlaams-nationalistische partij: het Vlaams Blok. Zij haalden bij de verkiezingen in 1999 15 zetels in het federale (Belgische) parlement. Daarnaast had je nog de Volksunie in kartel met het progressieve ID. In zijn beginjaren was de Volksunie dé partij geweest voor de Vlaams-nationalisten die zich, na collaboratie in WOII, terug politiek verenigden. Het Vlaams Blok scheurde zich daaruit af na het federaliseren van België. In 1999 was de Volksunie een partijtje geworden van 8 federale zetels. In de jaren daarna zou zij uiteenspatten waarbij de leden zich over alle andere politieke partijen verspreidden. Van het uitgesproken rechtse Vlaams Blok tot en met het extreem-linkse Groen. Daarnaast zagen nog twee partijen het licht op de ruïnes van de Volksunie: SPIRIT (Sociaal Progressief Internationaal Regionalistisch Integraal-democratisch Toekomstgericht) en de N-VA (Nieuw-Vlaamse Alliantie). In 2003 kwam de N-VA voor het eerst op en slaagde ze erin om enkel in de provincie West-Vlaanderen 5% te halen. In 2014 zou ze over gans Vlaanderen 32,5% halen en 33 zetels. Een opmars ongezien in de geschiedenis van Vlaanderen.

Kamer-1978-2014

Het boek heeft als onderwerp deze ongeziene opmars, maar slaagt er nooit echt in om deze opmars te duiden. De N-VA ontstaat uit de Volksunie, de N-VA gaat even in kartel met de christendemocraten, het kartel spat uit elkaar en opeens zijn ze de grootste partij. Geen analyse van het waarom, de verschuiving in de geesten naar het Vlaams-nationalistische discours en dat duidelijk omdat het inzicht daarin ontbreekt. Er is geen regel geschreven over de interne dynamiek van de Vlaamse Beweging, die wel effectief een rol speelt in de mentaliteit van bepaalde keuzes van partijpolitieke toppers. Zo vermeldt de schrijver dat N-VA kopstuk, en momenteel Minister van Binnenlandse Zaken, Jan Jambon naar de partijpolitiek overstapt vanuit de Vlaamse Volksbeweging. Wat die beweging wil, wat ze doet, dat blijft ver in het ongewisse.

Inzicht in de geest van een journalist

Voor wie de geschiedenis wil lezen van wat er in Vlaanderen op partijpolitiek vlak gebeurd is de laatste 17 jaar is dit boek een goede opfrisser met enkele leuke anekdotes. Tegelijkertijd, en op dat vlak misschien zelfs interessanter, geeft het een inzicht in de leefwereld van een journalist voor de traditionele media.  De kennis van het intern functioneren van het CD&V[1], en in mindere mate de SP.a[2] en VLD[3], lijkt goed Marc Van de Looverbosch goed te kennen. Of toch althans bij de vorige generatie “staatsdragenden”. Vanaf het moment dat een nieuwe generatie politici verschijnt gaat zijn kennis er op achteruit. Zijn afkeer van het Vlaams Belang druipt van de pagina’s en zijn stuk over de interne crisis in die partij had hij dan ook beter terloops vermeld dan het éénzijdige verhaal dat er nu instaat. De reden daarvoor, los van ideologische afkeer, is dezelfde reden als waarom hij amper iets schrijft over interne werking bij Groen of de N-VA: hij kent en begrijpt die partijen en interne krachten niet.

Men ziet het in de opbouw van het boek zelf. Twee derde van het boek gaat diep in op interne partijpolitieke twisten van de staatspartijen. De “getuigen”, politici die hij aan het woord laat, dateren ook allemaal uit deze periode op twee uitzonderingen: Yves Leterme (CD&V) en Bart De Wever (N-VA). Zodra de N-VA aan zijn opmars begint, en het Vlaams Belang een diepe crisis ingaat, worden de anekdotes korter en minder sappig. Slaagt de journalist er niet in om door te dringen in het netwerk van de politici die dan aan de macht komen? Of zit hij, wat ik vermoed, zodanig verstard in zijn eigen kringen dat hij gewoon geen enkele manier kent om in de geest en achtergrond van die politici te kruipen? Bij een overwinning van het Vlaams Blok in het verleden riep een VRT-journalist ooit verbaasd uit “Maar vanwaar komen die Vlaams Blok kiezers? Ik ken er geen enkele!”

Vooral dat laatste is interessant met betrekking tot enerzijds journalisten en anderzijds alles dat een band heeft met de Vlaamse Beweging en/of bewegingen en organisaties die niet traditioneel staatsdragend zijn (ook de groene beweging valt hier onder). Journalisten begrijpen ze niet, gaan af op wat anderen erover schrijven (hun tegenstanders dus) en geloven dan ook dat de karikatuur de werkelijkheid is. Al zijn er ondertussen meer journalisten bijgekomen met banden in de groene beweging, het aantal dat nog meer een minimum interesse toont in de gedachtewereld van de Vlaamse Beweging is nog steeds minimaal. Meerdere keren wordt in het boek dan ook duidelijk dat traditionele journalisten en politici functioneren in een ons-kent-ons-sfeer waarbij zij regelmatig met elkaar op restaurant gaan, bij elkaar thuis afspreken en zich reuze amuseren met elkaar in spelletjes allerhande. Waarbij telkens natuurlijk de drank ook rijkelijk vloeit. Nieuwe partijen worden door deze journalisten dan ook als indringers gezien.

Sappige anekdotes

Nochtans kan ik wel enkele leuke dingen vertellen zonder ooit journalist te zijn geweest. Toen Yves Leterme zijn eerste, gefaalde, poging waagde om een regering te vormen, wou hij dit zakelijk aanpakken. Op tafel tijdens de besprekingen stond water en culinair was er niet veel te verwachten. Waarop de excellenties de kamers afschuimden op zoek naar voedsel. Zeker de liberale politici, die naar traditie niet meer in staat waren tot constructief onderhandelen na de middag wegens een onderlinge competitie sterke drank gieten, blonken hier in uit. Uiteindelijk vond men ergens diepvriespizza’s die men dan nog met de autosleutels van een excellentie heeft moeten snijden. Tot ze het genoeg vonden en de onderhandelingen ronduit platlegden zodat er deftig gegeten en gedronken kon worden (onder dat laatste werd geen frisdrank, maar de betere whisky gerekend).

Of die keer dat voormalig Europees president Herman Van Rompuy bijna België had opgeblazen. Zijn zoon, die bijna lid was geworden van de Nationalistische Studentenvereniging NSV!, had voor hem enkele teksten afgedrukt over separatisme. Vlamingen en Franstaligen vergaderden apart en in één van de pauzes haalde Van Rompuy deze bundel papieren boven. Niet om de boel op te blazen, maar om te tonen hoe zelfs zijn zoon meegesleept werd. Hij las er enkele stukken uit voor ter illustratie. Niet geweten bij de Vlaamse onderhandelaars was dat er een Franstalige politicus op dat moment aan het rondwandelen was en net dit stuk opving. In een draf liep hij terug naar de Franstalige kant om daar met het nodige drama aan te kondigen dat de Vlamingen de boel gingen opblazen. Een probleem dat overigens sneller uitgeklaard was dan de catering.

Conclusie

Desondanks een lovenswaardig boek. Politiek-historisch gezien om de grote gebeurtenissen (vanuit een puur partijpolitiek kader) te herlezen. Sociologisch om het isolement van journalisten te zien die het merendeel van de tijd niet van slechte wil zijn, maar gewoon niet begrijpen hoe bepaalde niet-staatsdragende bewegingen denken. Die tevens zodanig persoonlijk verbonden zijn met politici dat zij elke nieuwe partij te ver verwijderd van deze denkwereld als een vijandig element zien.

LooverboschOok een interessant gegeven is dat dit een boek is met de nadruk op de Belgische federale politiek. Desondanks zou je vaak denken dat die politiek bestaat uit Vlaamse partijen met af en toe een Franstalige die uit het niets opduikt. Ook gesprekken met andere journalisten die genoemd worden, tonen aan dat de denk- en leefwereld van Vlamingen en Franstaligen volledig gescheiden verlopen. Ministers van Franstalige partijen duiken op, waarbij zelfs de journalist in kwestie moet toegeven dat hij geen idee heeft waar die opeens vandaan komen. Franstalige journalisten die aan hun Vlaamse collega’s moeten gaan vragen wat de politieke eisen van de Vlaamse partijen nu eigenlijk zijn. Vlaamse politici en Franstalige politici die via tussenpersonen aan elkaars contactgegevens moeten komen. Partijvoorzitters van “zusterpartijen” die met elkaar niet meer door één deur kunnen. Zo kan je de relatie tussen de Nederlandstalige en Franstalige christendemocraten vergelijken als die tussen een olifant en een walvis. Er zal in het verleden wel iets gemeenschappelijks zijn, maar hun leefwerelden en eigenheden zijn volledig veranderd.

Een aanrader voor wie wil zien wat er in België gebeurd is sinds Paars in de context van de traditionele partijen en een beetje die nieuwe partij, de N-VA. Verwacht echter geen diepgaande analyse of inzicht in het hoe en het waarom hiervan. Veel verder dan “de mensen zijn Paars beu” krijg je helaas niet.

N.a.v: Marc van de Looverbosch, De wissel van de macht. Kroniek van een Wetstraatwatcher (Tielt: Lannoo, 2015) paperback, 520 pagina’s.

__________

[1] De christendemocraten. In Nederland het CDA.

[2] De sociaaldemocraten. In Nederland de PvdA. In Vlaanderen is er ook een PVDA, maar die is vergelijkbaar met de Nederlandse SP. Kwestie om in één taalgebied toch een Babylonische spraakverwarring te kunnen hebben.

[3] De liberaal-democraten. In Nederland de VVD.

Posted on Leave a comment

De ambigue overwinning van Vlaams-nationalisme

Nederlanders trekken zich weinig aan van wat er bij de zuiderburen gebeurt, al helemaal als daar gemeenteraadsverkiezingen zijn. Toch berichtten de kranten over de verkiezingsuitslag van zondag 14 oktober. Grote winnaar is namelijk de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA), een expliciet Vlaams-nationalistische partij. Dat nationalisme in Europa een comeback beleeft, is algemeen bekend, toch bevreemdt het Nederlanders dat de ideologie bij onze buren aanhang heeft.

De Wever
Kers op de taart voor de Vlaams-nationalisten is de verkiezing tot burgemeester van Antwerpen van partijleider Bart De Wever. Hij is een charismatisch politicus die het gesundes Volksempfinden belichaamt, zonder de extreem-rechtse vulgariteit van een Filip Dewinter (Vlaams Belang). Onder De Wevers leiding stevent de N-VA af op een monsterzege bij de landelijke verkiezingen van 2014. Vermits andere partijen geen cordon sanitaire vormen – al twintig jaar de kooi waar Vlaams Belang in gevangen zit -, kan De Wever over twee jaar best Vlaams minister-president worden.

De Wever zal als Vlaams leider opteren voor confederalisme. In die staatsvorm ligt de soevereiniteit bij Vlaanderen: het land beslist dan zelf over wat de Belgische overheid regelt, en kan wanneer het wil uit de constructie stappen. Zo kan geleidelijk zelfstandigheid gerealiseerd worden, zonder kleerscheuren voor Vlaanderen. Het jonge land doet er immers best aan zich gedeisd te houden in Europa: Merkel en Hollande hebben aan de Griekse crisis genoeg.

Breuk
Een onafhankelijk Vlaanderen zou in hedendaagse Europese context geen unicum zijn. Binnenkort zullen waarschijnlijk ook Catalonië en Schotland zelfstandig worden. Vanuit het perspectief van de Vlaamse geschiedenis is het evenwel een grootse gebeurtenis. Vlaanderen is lang onderdrukt door de Franstaligen. Vlamingen zijn veroordeeld zonder een woord van het vonnis te begrijpen, omdat die in het Frans was. In de Eerste Wereldoorlog mochten zijn geen officier worden, daar zij (meestal) geen Frans spraken.

Dergelijke onderdrukking is verleden tijd. Blijvend onrecht is echter de transfer aan Wallonië. Jaarlijks gaat er 16 miljard euro van Vlaanderen naar Wallonië. Dat geld wordt niet eerlijk en efficiënt verdeeld om ondernemerschap en handel te bevorderen – de Noord-Europese werkwijze -, maar onder vriendjes verdeeld. De dominante Waalse socialisten bedrijven industriepolitiek op Latijnse wijze, gesubsidieerd door de Vlamingen. Als België barst, zullen de Walen gedwongen worden hun eigen broek op te houden. Dat scheelt Vlaanderen geld, maar stimuleert bovenal Wallonië om grondig te hervormen.

Afkalving vaderlandsliefde
Toch zou Vlaamse onafhankelijkheid geen klinkende overwinning zijn na oneindige strijd. De slag tegen België is namelijk al goeddeels gewonnen. De federale staat is uitgekleed, zaken als onderwijs worden al op Vlaams niveau geregeld. De implosie van België zal vergelijkbaar zijn met die van het Romeinse Rijk. Dat was in 476 slechts een klein kaarsje dat uitgeblazen werd.

Evenzeer is het de vraag of de overwinning een gulden dageraad brengt voor de Vlaamse natie. De ironie wil dat de N-VA zich breed maakt in een tijd waarin Vlaams-nationalisme aan kracht verliest. Vergeleken met pakweg zestig jaar geleden zijn er aanzienlijk minder Vlamingen gepassioneerd voor de Vlaamse zaak. Het vaderland roept geen sterke gevoelens meer op. De meeste Vlamingen die N-VA kiezen, doen dat eerder omdat de partij een liberaal-conservatief profiel heeft en de persoon van De Wever. Het is een soort VVD met een even welbespraakte, maar minder extravagante en meer diplomatieke Pim Fortuyn aan het hoofd.

Wat veroorzaakt de afkalving van vaderlandsliefde? Mijn theorie is dat de boosdoener de glijdende schaal van het subjectivisme is. In de negentiende eeuw was er al de sterke tendens alles te reduceren tot de natie: goed is wat past bij de volksaard, kwaad wat daar haaks op staat. Door verdere subjectivering van goed en kwaad is in de twintigste eeuw ook het nationalisme gebroken. Anno 2012 geloven we alleen nog maar in het individu als moreel kompas. Het vaderland is in die optiek slechts het perron waar je verblijft op weg naar je zelfgekozen bestemming.

Weerstand
De N-VA kan als Vlaams-nationalistische partij alleen standhouden door stelling te nemen tegen het subjectivisme. Dat is een politiek-filosofische opdracht. De partij heeft de potentie om deze handschoen op te pakken: De Wever citeert graag Edmund Burke. Maar een politicus kan niet filosoof tegelijk zijn. Er zijn intellectuelen nodig die een andere richting uit durven te denken dan het links-liberalisme dat het politieke debat in Vlaanderen domineert. Kijken we naar Engeland, dan is dat zeker mogelijk. Wil de Vlaamse Phillip Blond opstaan?