Posted on

Eurofielen in Engeland en Italië schermen met ‘democratie’, maar deinzen terug voor verkiezingen 

eurofielen zijn bang voor Salvini en Johnson

Zowel in het Verenigd Koninkrijk als in Italië hebben eurofielen de mond vol van ‘democratie’. Tegelijk doen ze er alles aan om nieuwe verkiezingen te vermijden.

2019 was een bewogen politiek jaar voor de Europese Unie. Eerst en vooral waren er verkiezingen voor het Europees parlement, er zijn de aanslepende Brexit-onderhandelingen en ook hadden verschillende landen nationale verkiezingen. Daarnaast viel de regering in Italië, die van de dwarsligger Salvini, die de EU een hele tijd lang uitdaagde door zijn migratiebeleid en zijn aanpak van ngo’s.

In de grote meerderheid van die landen waren vooral de eurosceptische en identitaire partijen sterk in opmars. Ook in landen als het Verenigd Koninkrijk en Italië zelf. Laten we zeggen de twee grootste struikelblokken in West-Europa.

Italië en Salvini

Salvini doet het al enige tijd goed in de opiniepeilingen. In de verkiezingen voor het Europees Parlement won zijn partij Lega Nord overtuigend met zo’n 28 procentpunten winst. Hij valt dus duidelijk in de smaak bij veel Italianen. De verliezende partijen waren vooral de coalitiegenoot Vijfsterrenbeweging en de Partito Democratico. Die laatste ging zelfs 18 procentpunten achteruit sinds 2014. Ook in de opiniepeilingen nationaal doet Salvini het niet slecht.

Binnen zijn regering bleef het echter niet goed gaan, hij dacht dat zijn moment nu gekomen was om ook nationaal zijn populariteit te verzilveren en zijn onderhandelingspositie te versterken. Hij liet de regering vallen en hoopte zo snel nieuwe verkiezingen te organiseren.

PD en M5S gaan samen regeren om nederlaag af te wenden

Dit was echter buiten een monsterverbond tussen de Partito Democratico en de Movimento Cinque Stelle gerekend. Deze 2 gingen samen verder in een regering waardoor nieuwe verkiezingen werden afgewend. Dit zal vermoedelijk ook een aantal accenten verleggen qua beleid. De Vijfsterrenbeweging had niet echt een duidelijke lijn. Hoewel ze in hun beginperiode een sterk eurokritische lijn hadden, en zelfs met Nigel Farage in de EFDD-fractie zaten, zoeken ze nu aansluiting bij de eurofielen van de Groenen/EVA-fractie. Op vlak van migratie zijn ze ook minder streng dan hun voormalige coalitiegenoot. Aangezien ze zullen samenwerken met de sociaaldemocraten, zullen de accenten van de volgende regering vermoedelijk eerder links komen te liggen, dan rechts zoals bij Lega Nord.

Tot elkaar veroordeeld

Critici voorspellen dat deze regering een wankele regering zou zijn, omwille van de moeilijke budgettaire situatie van Italië en de dalende populariteit van de beide partijen. Maar laat dit laatste net een reden
zijn waarom beide partijen tot elkaar veroordeeld zullen blijven, ook als het slecht gaat. Want als deze regering snel zou vallen, zullen beide politieke partijen hun stemmen cadeau geven aan Salvini.
Geen van beide politieke partijen heeft dus een reden om naar verkiezingen te willen gaan. Als we de resultaten van de laatste Europese verkiezingen er naast leggen, lijkt een coalitie tussen hen bij voorbaat onmogelijk. Ze kunnen er dan van uitgaan dat Salvini een centrumrechtse coalitie zal vormen.

EU heeft baat bij nieuwe Italiaanse regering

Wat de budgetten van Italië betreft is het koffiedik kijken. Een nieuwe crisis op de financiële markten is onafwendbaar, maar kan evengoed pas over enkele jaren komen. Wat de EU, en de ECB, betreft
lijken ze nog wel eventjes vast te houden aan het lage rentebeleid, waardoor de landen met schulden nog eventjes kunnen ademhalen. De Europese Unie zelf heeft nu ook alle baat bij deze regering te steunen om Salvini niet nog meer cadeaus te geven bij een snelle verkiezing.

Verenigd Koninkrijk en Boris Johnson

In het Verenigd Koninkrijk zitten we met een aankomende Brexit, althans als men het referendum van enkele jaren geleden zal eerbiedigen. De onderhandelingen zijn al langer niet enkel een kwestie geworden van met welke ‘deal’ men al dan niet uit de EU zou stappen, maar eerder een ingewikkelde procedureslag die zowat elk mogelijk scenario al heeft kunnen dwarsbomen.

Het enige wat dit ondertussen heeft opgeleverd is een ongeziene marathon van politiek theater. Na lange tijd heeft Theresa May het bijltje er bij neer moeten gooien. Ze zal niet de geschiedenis ingaan als een geslaagde prime minister. Haar opvolger Boris Johnson probeerde de druk op de EU te leggen met een eventuele ‘No deal’-brexit, maar ook dat scenario lijkt nu voorlopig van de baan.

Eurofielen kunnen achteroverleunen

Het parlement, en vooral de remainers, kunnen sinds het referendum eigenlijk achteroverleunen. Ze kunnen elk voorstel simpelweg afkeuren, en de onfortuinlijke eerste minister faalt met schaamrood op de wangen.

In de Europese verkiezingen kwam de eeuwige kwelduivel van de EU terug ten tonele, Nigel Farage.
Hij richtte een Brexit-partij op met het oog op deze verkiezing. Ze werd op één slag de grootste van het Verenigd Koninkrijk. Dit was een opdoffer voor de Conservatives die zo’n 15 procentpunten verloren.
Ook Labour ging achteruit met zo’n 10 procentpunten. Het was een duidelijke afstraffing voor het uitblijven van een akkoord en het gekibbel in het parlement. De Liberal Democrats, die uitgesproken pro EU zijn, wonnen zo’n 13 procentpunten.

Eventueel tweede referendum geen uitgemaakte zaak

Het was dus vooral een overwinning te noemen voor de Brexiteers. De remainers laten graag uitschijnen
dat een overwinning in een tweede referendum zeker is, dit geeft natuurlijk een zekere machtspositie.
Maar of dit zo zou zijn, is maar te betwijfelen aan de hand van de verkiezingen. Zeker aangezien het opnieuw organiseren voor velen kan overkomen alsof de politici uit Londen hun keuze niet accepteren en hen willen afdwingen om anders te stemmen.

Parlement doorkruist Johnsons plannen

Theresa May gaf haar ontslag als prime minister en de logische opvolger was Boris Johnson. Hij was
al langer veel populairder dan May en kwam met zelfvertrouwen aan zet. Zijn strategie was ofwel de EU te dwingen tot een nieuw en beter akkoord, dan wel een ‘No Deal’ Brexit. Hij sloeg even hard met zijn vuist op tafel, en liet zelfs het parlement een tijdlang ontbinden. Nog een keer kwam het parlement samen. Zij wisten echter Boris Johnson het op hun beurt moeilijker te maken door een wet te stemmen
waardoor een No Deal Brexit moeilijker werd. Weg was de druk op de EU. Het plan B van Boris Johnson werd eveneens niet goedgekeurd, namelijk nieuwe verkiezingen.

Eurofielen willen tweede referendum maar geen verkiezingen

Hoewel de oppositiepartijen zo lang op een nieuw referendum hadden gehoopt, willen ze nu plots niet dat de kiezer nog spreekt. In de opiniepeilingen doet Boris Johnson het opmerkelijk beter dan zijn voorganger Theresa May. De remainers vrezen dat een verkiezingsoverwinning voor Boris Johnson hem een sterkere onderhandelingspositie zou geven, en dat hij eventueel toch nog een ‘No Deal’-Brexit kan doorvoeren.

De remainers hebben alle belang bij een zwakkere positie voor de eerste minister. In de hoop dat alle onderhandelingen mislukken en een No Deal-Brexit niet kan doorgevoerd worden. Een tweede referendum kan dan wel eens de enige andere oplossing zijn. Nieuwe verkiezingen, waar ook veel Conservatives achter staan, wil men voorlopig toch niet. Waarom dan maandenlang vragen achter een nieuwe ‘people’s vote’, om een verkiezing te weigeren? Dit kan 2 redenen hebben.

Enerzijds omwille dat het vragen achter een people’s vote bij veel remainers een kwestie van blufpoker is, om nog meer druk te leggen bij de partij van Boris Johnson. Zo willen ze zichzelf een ‘moral high ground’ als echte democraten geven in de publieke opinie. Anderzijds kan het ook een kwestie zijn dat bij verkiezingen men ook voor kandidaten stemt. Bij Labour is Corbyn over de Brexit minder eenduidig dan Boris Johnson, en dat is ook af te leiden uit opiniepeilingen. Dan is er ook nog de vraag wat Nigel Farage zou doen in zo’n verkiezing. De Liberal Democrats lijken ook niet echt op te kunnen tegen Johnson of Farage, wat een voordeel zou zijn voor de Brexiteers. Op korte termijn willen de remainers dus evenmin de kiezer de kans geven om hun zegje te doen, vooraleer ze Boris Johnson dus willen doen falen.

Rode draad: Eurofielen bang voor de kiezer

In de twee West-Europese landen die de afgelopen jaren de EU hebben dwars gezeten, gebruiken de eurofielen de huidige nationale parlementen en de representatieve democratie om ondanks het falen van hun regeringen verder te strompelen. Hoe lang dit kan voortduren is in beide landen nog maar de vraag. Nochtans is het in het belang van deze partijen om dit zo lang mogelijk vol te houden. Verkiezingen zijn in beide gevallen te gevaarlijk, omdat de kwelduivels van de EU in de peilingen te populair zijn. Deze laatsten zullen echter proberen als martelaren naar de verkiezingen te stappen.

Posted on

#EP2019 Demonisering eurosceptici onderstreept: EU niet van binnenuit hervormbaar

Inhoudelijke leegte wordt overschreeuwd, iedere kritiek op Brussel gedemoniseerd. Het mag voor iedereen duidelijk zijn; het staat er bar slecht voor met de EU. 

De ten einde lopende campagne voor de Europese Parlementsverkiezingen van komende zondag (in de meeste lidstaten althans) wierp een ongenadig licht op de hopeloze staat van de Europese Unie. Het establishment probeert haar inhoudelijke leegte te overschreeuwen. Wie problemen als het voortdurend in crisis verkerende euro-systeem, het ontspoorde immigratiebeleid of de democratische tekorten van de EU eindelijk ter discussie wilde stellen, werd met hysterische clichés bestreden.

Polemische mottenkist

Daarbij grepen die partijen die het tot nog toe in Brussel voor het zeggen hebben diep in de polemische mottenkist. Critici werden per definitie weggezet als populistisch en anti-Europees. Geen bewering was plat genoeg om niet te berde te brengen. Bijvoorbeeld dat er zonder deze EU een nieuwe Europese oorlog waarschijnlijker zou worden. Daarbij wordt voor het gemak buiten beschouwing gelaten, dat de beide Europese hoofdvijanden van Duitsland in de Tweede Wereldoorlog, Rusland en het Verenigd Koninkrijk, ofwel nooit EU-lid waren, dan wel het zeer binnenkort waarschijnlijk niet meer zullen zijn.

Verdeeldheid

Intussen speelt de EU een belangrijke rol in het opstoken van de spanning met Rusland. Ook de Britten die hun eigen weg willen gaan, worden door Brussel niet bepaald als ‘even goede vrienden’ uitgezwaaid. Als iedereen zich nou maar zou conformeren aan wat Brussel wil, dan was er geen verdeeldheid, zo simplistisch lijkt de gedachtegang van de EU-mandarijnen.

EU ≠ Europa

Ze spreken als vanzelfsprekend over de EU als ‘Europa’ en doen daarmee alsof de landen buiten dat politieke arrangement überhaupt en per definitie niet tot ons continent en onze beschaving behoren. Alsof het alleen maar over achtergebleven buitenstaanders gaat, die men gerust negeren of slecht behandelen kan.

Zelfsacralisatie

Naar binnen heeft de zelfsacralisatie de plaats ingenomen van argumentatie en dialoog. Wie kritiek oefent, wordt als een afvallige uit de kring van de goeden uitgesloten. Die hoort eigenlijk niet in het Europees Parlement of in de Europese Raad thuis en moet zoveel mogelijk geïsoleerd worden. Tegen zulke ketters is ook meteen iedere vuile truc geoorloofd, zoals de affaire Strache nog eens duidelijk maakt.

Façademanifestaties

De afstand tussen de eurocraten en de burgers wordt op deze manier alleen maar groter. Geënsceneerde pro-EU-‘bewegingen’, zoals Pulse for Europe of de demonstraties die afgelopen zondag in Duitsland plaats vonden, doen daar niets aan af. Te eenvoudig is voor iedereen herkenbaar, dat het hier om geconstrueerde façade-manifestaties gaat, die aan de geforceerde optochten in dictaturen doen denken. De naamgeving spreekt daarbij al boekdelen; bij goede gezondheid is de polsslag immers geen onderwerp.

Van binnenuit hervormbaar?

Als deze campagne iets heeft gedaan, dan is het wel een domper zetten op de hoop dat de EU nog van binnenuit te hervormen zou zijn. Hoewel partijen als Rassemblement National, Lega en Forum voor Democratie voor deze verkiezingen hun koers hebben bijgesteld en duidelijk maken een ultieme poging te willen doen om de EU van binnenuit te hervormen in plaats van direct naar de uitgang te bewegen, worden ze nog altijd voor ‘anti-Europees’ versleten. Establishment-krachten sluiten samenwerking met zogenaamde ‘anti-Europese’ populisten op voorhand uit en zijn daarvoor desnoods bereid een monsterverbond aan te gaan.

Repressie en intimidatie

Het EU-establishment is kennelijk niet in staat om problemen als de eurocrisis of de immigratie op een manier op te lossen, waarin alle lidstaten mee kunnen komen. Dus zetten ze in op repressie en intimidatie van iedere oppositie. Deze ondemocratische opstelling – en niet het populisme – kan de EU in de komende jaren nog lelijk opbreken.

Posted on

Waarom Rusland-haat modieus is geworden

Tot afschuw van velen, en tot uitbundige blijdschap van anderen, is Nederland sinds enkele jaren vervallen tot universele Rusland-haat. Om precies te zijn: sinds het Nederlands-Russische vriendschapsjaar in 2013 is de situatie flink geëscaleerd. De vraag is, wat steekt er achter?

Wat er in Oekraïne over en weer passeerde, daar vallen kritische dingen over te zeggen. Het is een geostrategische kwestie, een belangenspel rond militair evenwicht, rond territoriale soevereiniteit en de machtsbalans aan de grenzen van Europa. Het conflict over Oekraïne verklaart nog niet de diepe haat ten aanzien van de Russische cultuur, die vandaag door mainstream media en politici wordt aangewakkerd. De kern van deze diepere Rusland-haat vinden we in de identiteitspolitiek, zoals deze door onder meer de Amerikaanse Democraten is aangevuurd.

Van communisme naar globalisme

Zij die in de jaren zestig de barricades beklommen droomden van collectivisme: ze verlangden een versmelting van alle volkeren, religies en culturen – het communistische Rusland was daarbij hun gidsland. Na de val van de Berlijnse Muur bleven zij ditzelfde doel nastreven, maar nu via de mondiale eenwording van de markt. Toen de jaren negentig aanbraken hulden de achtenzestigers zich in een neoliberaal jasje. Hun feestvreugde bekoelde toen bleek dat het IJzeren Gordijn een blessing in disguise was geweest. Oost-Europa schermde zich af van het multiculturalisme terwijl Rusland besloot een Europees-georiënteerde Leitkultur te identificeren en na te volgen. Rusland wilde nationale soevereiniteit en werd tot vijand van de globalisten. Het kosmopolitische deel van links is woedend omdat Rusland het communisme heeft verloochend.

Op het dossier Rusland zijn de liberalen van het ene naar het andere uiterste geslingerd. Annemie Neyts-Uyttebroeck (OVLD) is een goed voorbeeld. Zij hield in 2011 een gloedvol betoog op het Europarlement dat het contact met Rusland perfect was, dat er tussen de EU en Rusland beslist geen spanningen bestonden, en dat de Russische defensie zich totaal concentreerde op China. Wat er toen werd gezegd vond ik uitermate naïef, wat er vandaag wordt gezegd vind ik uitermate vooringenomen. De wereld is gek geworden maar ik heb mijn verstand bewaard.

Extreem contrast

Haar betoog staat in een extreem contrast met een conferentie die een jaar later werd belegd door Guy Verhofstadt (OVLD) over de zaak Magnitsky. De mysterieuze ondergang van deze Russische fraudespecialist werd aangegrepen om Rusland vanuit een EU-bril te kenschetsen als maffialand.

http://www.novini.nl/zaak-magnitsky-kremlin-criticus-valt-geloof/

Destijds merkte ik op dat we weliswaar veel kunnen aanmerken op Rusland – maar de bottom line is dat Europa een geopolitieke toekomstvisie behoeft. Oftewel als je Rusland tegen je in het harnas jaagt, worden dan Turkije en de islamitische olielanden de nieuwe bondgenoten van het Westen? Of zullen China en Iran de beste vrienden van Europa zijn? I don’t think so. Helaas was er geen enkele reflectie te bespeuren op deze kritische overweging.

Verhalen

Dit gebrek aan geopolitiek realisme bracht mij tot het schrijven van Avondland en Identiteit. Maar als ik de situatie vandaag bekijk, dan zijn de verhalen die ik binnenkrijg slechts ernstiger geworden. Neem dit relaas van een jongedame:

“Graag vertel ik hoe de Russofobie mij persoonlijk heeft geraakt. Vanaf mijn zesde jaar woon ik in Nederland – mijn ouders waren Joods-Russische vluchtelingen, ik ben hier opgegroeid en heb bestuurskunde gestudeerd. Ik had een toffe baan bij de IND en voelde eerlijk gezegd nooit de behoefte om terug te gaan naar Rusland. Totdat MH17 plaatsvond: toen veranderde alles.

Op mijn werk werden er grapjes gemaakt en elke man die ik ontmoette vroeg lollig of ik niet een spion was. Bij de IND werd ieders contract verlengd, behalve de mijne, terwijl ik wel een van de betere was. Officieel heb ik er niets van gezegd. Door de eenzaamheid die ik voelde door die grapjes en door de Russofobie, besloot ik om voor het eerst sinds mijn kindertijd Rusland te bezoeken.

Bij de IND had ik dit aangegeven, maar mijn eerlijkheid vertaalde zich in meer spanningen. Dit betekende uiteindelijk dat ik de baan verloor die ik zo leuk vond en dat ik met mijn opleiding weinig meer kon. Ik begreep dat ik niet-Nederlands was. Toen ben ik me voor het eerst in mijn leven gaan verdiepen in de Russische orthodoxe religie en begon ik weer Russisch te schrijven.

Ik verdiepte me in Forum voor Democratie, maar ook daar ontmoet ik altijd twee soorten mannen. Een Rus die hier zogezegd een ‘expat’ is of een Nederlander, maar beiden stellen me honderden vragen over mijn achtergrond en afkomst, en maken altijd dezelfde ‘grapjes’ over mijn ‘spionnenwerk’. Waar hoor ik dan? Ik ben geen Russische spion want ik wil niet voor ‘De Russen’ werken: Nederland heeft mij alles gegeven, ik voel er niets voor om dat te verraden. Maar in mijn sector kan ik niet in Nederland blijven werken, met de constante Russofobie.”

Kosmopolitische identiteitspolitiek is Russofoob

De identiteitspolitiek van het kosmopolitisch-progressieve deel van de bestuurscultuur, is de diepere oorzaak van de Russofobie. Sinds het einde van de Koude Oorlog is er een nieuwe status quo ontstaan: ‘links’ en ‘rechts’ gooiden het op een akkoord en verdeelden het bestuurlijke speelveld onderling. De economie is geflexibiliseerd terwijl het cultuurwezen is verlinkst. Vandaar de extreme obsessie met bijvoorbeeld homorechten, die toen al in 2012 op het Europarlement werden aangegrepen als stok om de (Russische) hond te slaan.

Zonder nu inhoudelijk in te gaan op al deze dossiers – van homorechten tot mediatransparantie en rechtsbescherming – moeten we toch ten minste de vraag stellen waarom er zo demoniserend wordt gesproken over Rusland, maar niet over Turkije. Het antwoord kan wel eens verrassend cynisch zijn: wat de Turken betreft is ‘de vijand’ al door de poorten, wat hier verwijst naar de lange arm van Ankara, beter gezegd die van Erdogan en de AKP.

Bedreigde diersoort wet en doorgeslagen (neo)liberalisme

Deze omzwenking is verklaarbaar vanuit de bedreigde diersoort wet: Turken zijn moslims en dus zieliger dan de christelijke Russen. In de progressieve belevingswereld vertegenwoordigen islamitische Turken ‘de Ander’: een spiegelbeeld waarin de Westerling zich niet herkent en waarin hij de eigen gewetenswroeging, de morele bezoedeling die hij in zijn ziel aantreft, dus niet terugvindt. Het Erdogan-regime kan hierdoor met meer wegkomen dan het Russische.

Europeanen hebben in de laatste eeuwen vrijwel alleen nog oorlogen uitgevochten tussen de staande legers van verschillende natiestaten, wat de obsessie rond de Russische ‘vijandschap’ mede verklaart. De hedendaagse Europeaan heeft echter veel moeite met het minder vastomlijnde begrip van bedreigingen door massamigratie of door de islam – in de moderne individualistische denkwijze is immers ieder individu uniek en kun je geen religie aanwijzen als vijandig, omdat je dan een ‘onschuldige’ aanhanger van die overtuiging iets zou aanrekenen voordat hij of zij een tastbaar misdrijf heeft begaan. Dit ligt anders bij een grote natiestaat als Rusland.

Verkeerde diagnose

De islam als gevaarlijk aanmerken is zó extreem not done in de hedendaagse (neo)liberale maatschappij, dat men intussen cognitief dissonant is geworden. Enerzijds zien miljoenen Europeanen hun thuislanden verloederen, anderzijds weigert men de islam als probleem te erkennen omdat men dan ook de ‘onschuldige’ aanhangers van deze religie tot vijand bestempelt. Zo komen wij wederom op de identiteitspolitiek, want die werpt zich op voor de ‘zielige’ minderheden (moslims), terwijl de religie van de meerderheid (christendom) weer onderdrukkend zou zijn voor andere zielige minderheden (zie opnieuw de discussie rond homorechten en recent de Nashville-verklaring).

De situatie die aldus ontstaat is zo extreem frustrerend, dat de frustratie maar wordt afgereageerd op Rusland. Na iedere islamitische aanslag zijn het immers alleen de ‘radicale’ moslims die de daders waren en daarom wordt de drijvende religieuze ideologie achter de aanslagen nooit aangepakt. Dit verklaart hoe het komt dat indien Rusland als natiestaat, opdracht zou geven om met vrachtwagens over Europeanen heen te rijden, dit direct tot oorlog zou leiden, terwijl bij aanslagen door jihadisten er nooit een consequentie volgt (behalve dan het verder inperken van eigen privacy en vrijheden van Europeanen).

Slotsom

Zo stellen we vast dat de discussie over vrijheid en mensenrechten zeer eenzijdig wordt gevoerd, dat goedwillende personen het slachtoffer worden van Russofobe generaliseringen, en dat er geen realistische visie op geopolitiek is te bespeuren bij onze bestuurders of bij de EU. Helaas is er vooralsnog, met de huidige instituties die vooral mensen aannemen die qua denken de eigen nestgeur versterken, geen manier om dit te veranderen. Richt dus eigen instituties op, vorm een eigen Zuil.

Zelf werk ik momenteel aan een onderzoek naar identiteitspolitiek. Steun dit belangrijke project hier om mijn onafhankelijkheid mogelijk te blijven maken. Mijn nieuwste boek Kerkgangers en Zuilenbouwers zal ik presenteren in Gent op 12 februari, waar ook Sander Loones en prof. Matthias Storme optreden als gastsprekers. Tickets hier verkrijgbaar.

Posted on

Pax Christi hypocriet over christenvervolging in Syrië

Veel wordt geschreven over het lot van de Syrische christenen in de door ISIS ooit gecontroleerde gebieden. Over hun lot in de door de andere Salafistische groepen bezette gebieden hoort men zelden of nooit iets. Een in Syrië nochtans gespecialiseerde christelijke organisatie als het Nederlands-Vlaamse Pax Christi heeft er voor zover bekend nooit aandacht voor gehad.

Geen christenen meer

En nochtans hebben christenen en hun gebedsplaatsen het daar al hard te verduren gehad. Zelfs de media van die Salafisten geven dat soms toe. Een verhaal dat een klein tipje van de sluiter opheft is dit welke de website Syrian Observer recent publiceerde en afkomstig was van All4Syria, een van de vele websites van die groepen.(1)

De jezuïet Frans van der Lugt werd in april 2014 door een Salafist neergeschoten. In welke omstandigheden is nog steeds onduidelijk. Hij was ondanks het gevaar in zijn klooster in dat door die terreurgroepen bezet stadsdeel gebleven. Enkele dagen voor de bevrijding van dit deel van de stad Homs door het leger werd hij neergeschoten.

Het betreft een beslissing van de shariarechtbank in de stad Ghasam, gelegen in het zuiden van Syrië en ten oosten van de provinciehoofdstad Daraa. Hier besloot rechter Sjeik Asmat al Abasi om de kerken terug te geven aan hun gelovigen. Die christenen waren echter allemaal uit de stad en de regio gevlucht richting de nabijgelegen provincie Sweida, een vooral door druzen bevolkt gebied dat in handen is van de regering.

Die gebedsplaats van de Christelijke Evangelische Uniekerk is al sinds 2013 verlaten omwille van de Salafistische terreur. Sindsdien is er volgens All4Syria geen enkele christen meer in de stad. En vermoedelijk ook bijna niemand meer van andere niet-Salafistische geloofsgemeenschappen.

De Salafistische groepen in de provincie Daraa worden bij de gespecialiseerde media steeds omschreven als zijnde meer gematigd waarbij de invloed van Al Qaida er vrij beperkt is. Dit in tegenstelling tot de provincie Idlib waar haar controle bijna algemeen is.

Verhalen over het vernielen van gebedsplaatsen in door de regering bezet gebied zijn er in tegenstelling tot de toestand in de provincies Daraa en Idlib dan wel niet. Integendeel, het leger zal hen zelfs beschermen tegen de terreur van die salafistische groepen.

Het verklaart waarom slecht betaalde soldaten toch voor hun land en samenleving blijven vechten en continu hun leven riskeren. Het is een verhaal wat je bij Pax Christi en andere ngo’s van dat genre echter nooit zult horen.

Hypocrisie rond Frans van der Lught

Pax Christi, dat nog het eerste woord van kritiek moet geven op die Salafistische opstandelingen, hield eerder dit jaar wel een mars om de in de stad Homs op 7 april 2014 doodgeschoten Nederlandse jezuïet Frans van der Lugt te herdenken. De dader is nog steeds niet bekend maar moet iemand van die Salafistische terreurgroepen geweest zijn. Hij zat daar immers in zijn klooster in geheel door die groepen bezet gebied.

Over de oorzaak van zijn dood en de vermoedelijke dader(s) echter voor zover geweten geen woord bij Pax Christi.(2) Deze mars was dan ook gewoon een schijnheilig misbruik van het leed van deze pater, een van de duizenden christelijke slachtoffers van die terreurbewegingen.

Omar Gharba in een legeruniform van het Vrije Syrische Leger voor hij overstapte naar ISIS. Zie de insignes op zijn borst. De vraag is wie dit zo te zien gloednieuw en piekfijn uniform betaalde. De Belgische of de Nederlandse belastingbetaler?

Deze mars van Pax Christi veroorzaakte dan ook groot ongenoegen bij de christelijke gemeenschappen in Syrië. Deze organisatie kiest al sinds 2011 de kant van die terreurgroepen. De enige slechten voor Pax Christi zijn de Syrische regering, die voor hen de vertegenwoordiger is van al het kwaad dat het land overkwam.

Voor groepen als deze en andere ngo’s is het juist de Syrische regering die schuldig is aan dit sektarisme dat tijdens deze oorlog enorm is toegenomen. Pax Christi werkt onder controle van de Nederlandse en Belgische bisschoppenconferentie. Zijn onze bisschoppen dan akkoord met het steunen van groepen die christenen desnoods omwille van hun geloof vermoorden?


1) Syrian Observer, 10 oktober 2017, All4Syria, ‘Daraa’s Churches to be Returned to Christians: Dar al-Adel Court’. http://syrianobserver.com/EN/News/33369/Daraa_Churches_be_Returned_Christians_Dar_Adel_Court/

De website Syrian Observer is een vrij interessante bron van informatie. Het brengt teksten van zowel de gewapende oppositie, de regering als van derden. Teksten die ze zoals deze vanuit het Arabisch vertaalt naar het Engels.

De website is door de Deense ngo International Media Support opgezet met de bedoeling een zogenaamd onafhankelijke Syrische pers te steunen. Hoe onafhankelijk blijkt wel als 51%, 35% en 6% van de fondsen van deze ngo afkomstig zijn van respectievelijk het Zweedse, Deense en Noorse ministeries van Buitenlandse Zaken. De hoofdlijn van deze website is dan ook die van steun aan die salafistische opstandelingen.

2) Pax, Zomer 2017.

Posted on

Europese Liberalen de vrienden van Al Qaida

Het is soms leuk en vooral boeiend om eens wat oudere teksten over een nog bestaand conflict te lezen. Zeker over Syrië waar er sinds de start van die oorlog in maart 2011 door de kranten de zowat grofste leugens mogelijk werden geschreven. Wie die oudere teksten vergelijkt met wat onze klassieke media nu zelfs al toegeven dan vallen bij sommigen de maskers zo af.

Koert Debeuf versus Aron Lund

Een van die figuren die de voorbije jaren grossierde in de meest onwaarschijnlijke fantasieën over deze oorlog is zeker Koert Debeuf, ooit woordvoerder van gewezen liberaal premier Guy Verhofstadt, de man die nu voorzitter is van ALDE, de vereniging van liberale partijen in het Europees Parlement.

Recent haalde de Amerikaanse professor Joshua Landis via Twitter en via zijn blog een verhaal van 19 maart 2013 van Koert Debeuf over Syrië weer boven water. (1) Het was een antwoord op een er eerder geplaatst stuk over die oorlog van Aron Lund.

Lund en Landis zijn twee onderzoekers die zich sinds jaren bezig houden met Syrië en tot de hierover beter ingelichte waarnemers dienen gerekend te worden. Lund schreef ook nadien nog een repliek op dit stuk van Debeuf. Beiden zijn samen te lezen, met daarbij nog tientallen soms bijtende reacties richting Debeuf. Leuke literatuur.

In zijn tekst van maart 2013 haalt Debeuf scherp uit naar Lund stellende dat het Vrije Syrische Leger (VSL) geen chaotische boel is zoals Lund opperde maar een goed georganiseerd en gestructureerd bevrijdingsleger is.

Hij baseerde zich daarbij op een serie gesprekken gevoerd tijdens drie korte voordien georganiseerde bezoeken aan het ‘bevrijde’ gebied waar zijn helden toen de baas waren. Zijn gesprekspartners waren een aantal leidende figuren van dat Vrije Syrische Leger daar, waaronder enkele ‘generaals’.

Hij beschuldigde Aron Lund er in feite van toe te geven aan de door hem als propaganda bestempelde verhalen van de regering in Damascus. En daar hoorde volgens hem ook de bewering bij dat Al Qaida er actief is.

Generaal Salim Idriss, van 14 december 2012 tot 16 februari 2014 officieel chef van de generale staf van het Vrije Syrische leger, hier op 6 maart 2013 met Guy Verhofstadt in het Europees Parlement in Brussel. Wie betaalde Idriss om van het leger over te lopen naar dat Salafistisch gespuis? En hoeveel kreeg hij? Een vaste kamer in het hotel Four Seasons in Istanbul met wat miljoentjes erbij?

Al Qaida en ISIS

Zo stelt hij dat de propaganda van Assad erg effectief is en dat de regering daar over dat Vrij Syrisch Leger beweert:

      1. The FSA is chaos. So it’s Assad or chaos in Syria and the region;
      2. The FSA is a danger to minorities. Assad is the only guarantee for the security of minorities in Syria;
      3. The FSA is extremist. Assad is the only one who can keep out Al Qaeda.

Hij geeft wel in zijn kritiek op Aron Lund toe dat er een ‘extremistisch’ probleem is en schrijft

‘The growing importance of extremist battalions like Jabhat Al Nusra is a problem for the image and the organization of the FSA.’ (Het groeiend belang van extremistische bataljons zoals Jabhat al Nusra is een probleem voor het imago en de organisatie van het VSL)

Alsof hij toen al niet wist dat Jabhat al Nusra – nadien omgedoopt tot Hayat Tahrir al Sham – gewoon de naam was van de Syrische tak van al Qaeda. Maar hij wil die link voor de lezers zo te zien verzwijgen. Bovendien is dit geschreven na drie bezoeken aan die salafistische groepen in het begin van 2013 toen Al Qaida in Syrië nog één structuur was en het latere ISIS er deel van uitmaakte.

Kolonel Abdoel Jabbar al Okaidi (midden), rechterhand van Salim Idriss en in die periode de militair verantwoordelijke voor de provincie Aleppo, in het gezelschap van (rechts) Aboe Jandal al Kuwaiti, emir van ISIS, bij de verovering van de militaire basis van Menagh in augustus 2013. Jandal werd gezien als een zeer nauwe medewerker van al Baghdadi, de baas van ISIS, en is vermoedelijk eind december 2016 omgekomen bij een Amerikaans bombardement in de buurt van het stadje Tabqa vlakbij Rakka. De man was een ware psychopaat die genoot van het moorden en folteren.

De interne oorlog bij Al Qaida zou kort na augustus 2013 uitbarsten toen men de Syrische oliebronnen had veroverd en er ruzie ontstond over deze toch wel aanzienlijke buit. Ook is het bekend dat Al Qaida al vanaf de eerste dag bij deze Syrische oorlog betrokken was. Wat hij als kenner van het dossier toen al had moeten weten.

Koert Debeuf vergelijkt het Vrije Syrische Leger in zijn stuk qua organisatiestructuur zelfs met dat van het Franse verzetsleger op haar hoogtepunt in 1943. Overal zijn er zoals toen in Frankrijk in Syrië eengemaakte militaire structuren beweerde de man. En in Idriss zag hij zelfs een nieuwe Bernard Montgomery, de Britse veldmaarschalk uit WO II, oprijzen!

Aron Lund, toen ook nog een verdediger van die opstand, heeft het dan ook gemakkelijk om Debeuf van antwoord te dienen en beschrijft o.m. de toestand van die opstandelingen in de provincie Homs. Hij telt er minstens 33 verschillende groepen.

Liwa Talbisa, Liwa Rijal Allah, Liwa Fajr al-Islam, Kataeb Ahl al-Athar (part of the Jabhat al-Asala wal-Tanmiya, a salafi alliance), Katibat Shuhada Tal-Kalakh, Katibat Mouawiya lil-Maham al-Khassa, Liwa al-Quseir, several subunits of Kataeb al-Farouq, several other small Syria Liberation Front factions which are allied to Kataeb al-Farouq, al-Murabitoun (the armed wing of the Homs Revolutionaries’ Union), Firqat al-Farouq al-Mustaqilla, Liwa al-Nasr, Katibat Thuwwar Baba Amr, Harakat al-Tahrir al-Wataniya, Jund al-Sham (Lebanese jihadis), armed groups affiliated to the Muslim Brotherhood (like Liwa Dar’ Ahrar Homs, Liwa Dar’ al-Haqq, and Liwa Dar’ al-Hudoud), Jabhat al-Nosra, the Syrian Islamic Front (including the five Ahrar al-Sham factions Katibat Junoud al-Rahman, Katibat al-Hamra, Katibat Ansar al-Sunna wal-Sharia, Katibat Adnan Oqla, and Katibat Ibad Allah; and Liwa al-Haqq and its subfactions, such as Katibat al-Ansar, Katibat al-Furati, etc) … and many others.

Ook blijkt uit het antwoord van Aron Lund dat Koert Debeuf die bezoeken deed in opdracht van ALDE, de liberale fractie in het Europees Parlement geleid door Guy Verhofstadt. En in die zin was deze repliek van Debeuf dan ook een neerslag van het rapport dat hij voor de liberale Europarlementsleden had gemaakt.

Verenigde Arabische Emiraten

Guy Verhofstadt zal later zelfs Salim Idriss, toen nominaal hoofd van dat Vrije Syrische Leger naar het Europees Parlement halen. Voor hem natuurlijk een gepast ogenblik om met een ‘goed doel’ nog eens de kranten te halen. Kort nadien zal men echter topmensen van dat Vrije Syrische leger op foto’s zien verbroederen met leiders van ISIS. Maar dat haalde onze pers natuurlijk niet.

Koert Debeuf, nu gewezen adviseur voor de liberale fractie ALDE in het Europees parlement, een jarenlange verdediger van de Syrische Salafistische terreurgroepen waarbij ook zelfs ISIS en Al Qaida zaten. In een vorig leven was hij de woordvoerder voor premier Guy Verhofstadt.

Koert Debeuf werkt nu als Europees directeur voor het Amerikaanse in Washington gevestigde Tahrir Institute for Middle East Policy (TIMEP) dat zich vooral op Egypte lijkt te concentreren. Het land waar hij vanaf 2011 enkele jaren woonde.

Hier steunde hij o.m. de Moslimbroederschap en wist hij ooit fier in De Morgen te melden dat hij een afspraak had met een veteraan van die Salafistische groepen uit Afghanistan. Een goede kerel stelde hij want ze gingen een biertje drinken! Ook Europarlementslid Marietje Schaake van de Nederlandse liberale regeringspartij D66, een onderdeel van ALDE, is verbonden aan TIMEP.

Vraag is wie de financiers zijn van deze nieuwe Amerikaanse studiedienst. Want dat soort organisaties opzetten kost geld, heel veel geld. De senior fellow van TIMEP is een zekere Hassan Hassan, een man verbonden aan het Delma Institute en als adjunct werkend voor de opiniepagina’s van het dagblad The National, beiden uit Abu Dhabi in de Verenigde Arabische Emiraten (VAE). Ook hij steunt al jaren die Syrische Salafisten.

Bekend is dat al die Amerikaanse en Britse studiediensten door regeringen, vooral uit het Arabisch schiereiland, of door in politiek geïnteresseerde multimiljonairs worden gefinancierd. In die zin is een opiniestuk van Koert Debeuf van dit jaar 7 juni in De Morgen interessant. Hier bespreekt hij het conflict tussen Qatar en Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten. Met onder meer een blokkade door Saoedi-Arabië en de VAE van Qatar.

Daarin neemt hij het op voor Saoedi-Arabië en de VAE. Zo schrijft hij:

“Het gaat hier niet zomaar om wat onenigheid. Voor Saudi-Arabië staat momenteel niets minder dan het eigen overleven op het spel.”

Een schreeuw om hulp dus. Dit volgens hem wegens de steun van Qatar voor de Moslimbroeders die Saoedi-Arabië willen ondermijnen, en wegens de vermeende te nauwe relatie van Qatar met Iran, een dodelijk gevaar naar hij stelt, voor de familie al Saoed.

Een wel heel rare bewering. Alsof Qatar of de Moslimbroeders de dictatuur van de immens rijke en wereldwijd over zeer veel invloed beschikkende clan al Saoed in gevaar zouden kunnen brengen. Dit terwijl het toch duidelijk is dat het Saoedi-Arabië en de VAE zijn die brutaal hun wil willen opleggen aan Qatar.

De Zweedse in de VS werkende onderzoeker Aron Lund stak de draak met de beweringen van Koert Debeuf over het Vrij Syrische leger. Over de juiste relatie van de VS en Israël met Al Qaida en ISIS zwijgt hij echter.

Wie is hier de financier?

Het conflict van Qatar met Saoedi-Arabië en de VAE heeft een onverwacht voordeel in die zin dat het soms duidelijk maakt waar de loyaliteit van bepaalde opiniemakers over het Midden-Oosten ligt. Voor Chams Eddine Zaougui  is dat Qatar, voor Koert Debeuf ligt die zo te zien in Abu Dhabi en Riaad.

Voor de Salafistische heersers op het Arabisch schiereiland is het belangrijk om via allerlei opiniemakers in de VS en Europa het debat in hun richting te beïnvloeden. Vandaar het vele Arabische geld voor bijvoorbeeld het Britse Chatham House. En zoals The Financial Times onlangs onthulde is men daar bij die studiediensten niet bepaald transparant wanneer het op de financiën aankomt. Ook op de website van TIMEP zwijgt men hierover trouwens.

De reden voor die belangstelling voor deze ’specialisten’ vanwege bijvoorbeeld de familie al Saoed is begrijpelijk. Journalisten willen als ze teksten publiceren als kenner overkomen en om die indruk te versterken voegt men er dan wat citaten van vermeende ‘experts’ aan toe genre Chams Eddine Zaougui, Koert Debeuf en Montasser Alde’emeh.

Het maakt het verhaal geloofwaardiger zelfs al bevat het de grootst mogelijke onzin en staat het vol leugens. De indruk, het imago is belangrijk. De rest is onbelangrijk. Voor kranten tellen immers op de eerste plaats de verkoopcijfers, niet het gelijk of ongelijk.

Het is dus begrijpelijk dat men zwijgt over de financiering van die instellingen. Moesten de namen van de financiers achter de schermen van sommige van deze studiediensten bekend raken dan zou amper iemand hen nog geloven.

En dan hebben ze voor die Salafistische Arabische dictators geen nut meer en komt het voortbestaan van bijvoorbeeld Chatham House in gevaar en zo de broodwinning van al die ‘specialisten’. En wiens brood men eet…

Schaamteloos

Op het opiniestuk van Debeuf zijn pakken reacties gekomen. Een van een zekere Revenire geeft de sfeer van de meeste reacties goed weer. Deze schrijft:

Debeuf is covering for terrorism and a comparison to Charles DeGaulle and the Free French is absurd and insulting. Debuef is a man that European police agencies should be investigating for links to Al-Qaeda and the Muslim Brotherhood.

Debeuf neemt het terrorisme in bescherming en een vergelijking met Charles de Gaulle en het Vrije Franse Leger is absurd. Debeuf is een man die de Europese politiediensten zouden moeten onderzoeken wegens zijn contacten met al Qaeda en de Moslimbroeders.

Deze week barstte de etterbuil rond Libië eindelijk open. Het land van wijlen Khadaffi is nu een markt geworden waar men Afrikaanse zwarten koopt en verkoopt, vrouwen à volonté verkracht, foltert, mensen levend vilt en waar er op grote schaal een handel in menselijke organen floreert. Een zelden geziene hel.

Allemaal mede omdat figuren als Koert Debeuf, Jorn De Cock en Chams Eddine Zaougui stelden dat Khadaffi een dictator was die men maar best kon uitschakelen, lees vermoorden. In ruil ging men dan een beter, nieuw Libië krijgen. We weten nu wat ‘beter’ hier betekent. Maar geen probleem hoor.

Met de doodsangst in hun ogen wachten deze Afrikaanse vluchtelingen bang hun lot af. Wat wordt het? Verkocht worden als slaven? Het in stukken snijden voor de organen? Hen levend villen, folteren, verkrachten of gewoon vermoorden? Maar de Franse president Emmanuel Macron beweerde gisteren al een oplossing te hebben. Zich met zijn twee voorgangers als boetedoening terugtrekken in een klooster?

Deze ochtend vrijdag 1 december citeerde De Standaard Koert Debeuf als ‘Libiëkenner’ over wat men dan met dat land moet aanvangen.(2) Een normaal mens zou na wat men hier mee hielp aanrichten zwijgen en zich in schaamte uit de publieke arena terugtrekken.

Maar voor de media is het gewoon een nieuw verhaal, lekker sappig dat extra papier doet verkopen. Juist zoals de moord op Khadaffi en de ‘bevrijding’ van het land in 2011 eveneens extra papier over de toonbank deed gaan. Iemand Mea culpa? Vergeet het! Het is gewoon big business.

Voor arrogante typetjes gelden nu eenmaal andere normen. Zij blijven beweren het best te weten wat men in het Midden-Oosten moet doen. Zwijgen misschien? En inderdaad, Revenire zou het wel eens bij het rechte eind kunnen hebben.


1) http://www.joshualandis.com/blog/the-free-syrian-army-is-growing-stronger-every-day-by-koert-debeuf-response-by-lund/#comment-1017194

Aron Lund is van origine een Zweed die er werkte voor o.m. het Swedish Institute for Interrnational Affairs en SIPRI, het Swedish International Peace Research Institute. In de periode van deze tekst werkte hij voor de Amerikaanse Carnegie Endowment for International Peace, een studiedienst die wereldwijd actief is om er de Amerikaanse belangen te verdedigen.

Tegenwoordig zit hij bij The Century Foundation, een andere Amerikaanse studiedienst die zich als ‘progressief’ voorstelt. Ten tijde van de publicatie van die tekst steunde hij nog mits wel wat voorbehoud de oorlog tegen Syrië. Nu neemt hij een meer neutrale positie in.

Zij het dat hij, zoals trouwens ook Joshua Landis, de ware relatie van de VS met Al Qaida en ISIS verzwijgt. Gezien hun grote kennis van het dossier duidelijk bewust. Wat natuurlijk dodelijk is voor hun geloofwaardigheid.

2) ‘Noodplan voor slaven in Libië’, De Standaard, Gissele Nath en Matthias Verbergt, 1 december 2017. Pagina’s 2 & 3.

Posted on

De curieuze onafhankelijkheid van Catalonië en de EU

Mocht u het nog niet weten: de minister-president van Catalonië is in Brussel. Na een omstreden referendum besloot Carles Puidgemont het vliegtuig naar Brussel te pakken om bij de Europese Unie de Catalaanse zaak te bepleiten. Tot nu toe kreeg hij daar nul op het rekest en het is nog maar de vraag wat hij denkt (dacht) te bereiken. Binnen de Europese Unie is het vooral de Belgische federale regering geweest die de meest uitgesproken standpunten innam over de Catalaanse kwestie. Standpunten die dan ook niet verder gingen dan het veroordelen van het geweld van de Guardia Civil en oproepen tot dialoog. Niet dat dat hoeft te verbazen, buitenlandse conflicten importeren in regeringszaken is nooit een teken geweest van staatsmanschap.

Catalaanse grieven

Over de Catalaanse separatisten vallen enkele opmerkelijke dingen te zeggen. Het is echter nodig om te benadrukken dat de escalatie van dit conflict voor een aanzienlijk deel bij Madrid ligt. In een cynische visie, die het gevolg is van de democratische logica naar de letter te volgen, besloot de Partido Popular (PP) dat zij door een conflict met Catalonië meer stemmen kon winnen in de rest van Spanje dan dat ze zou verliezen in Catalonië. In 2006 krijgt Catalonië een nieuw statuut van autonomie, dat zwakker is dan wat gewenst was in 2005 en beloofd in 2003. De PP trekt naar het Grondwettelijk Hof die in 2010 het statuut op belangrijke delen schrapt. Het betekent een belangrijke breuk in de verhouding tussen Barcelona en Madrid. In 2012 geeft de Spaanse overheid aan de regionale overheden een kredietlijn (FLA) aan lagere interest dan op de markt beschikbaar is. Uiteindelijk zal Catalonië 40% van alle FLA-fondsen voor regionale overheden via het FLA-mechanisme krijgen en wordt Madrid de grootste schuldeiser (60%) voor de Catalaanse openbare schuld.

Catalonië voelt zich terecht benadeeld door het schrappen van het statuut. Madrid voelt zich gesterkt doordat zij, niet onterecht, meent via het FLA-mechanisme Catalonië financieel en economisch  overeind gehouden te hebben. Zoals hierboven reeds gezegd, redeneerde Rajoy van de PP ook naar de letter democratisch. Aangezien de PP in Catalonië slechts op een klein aantal van de stemmen kan rekenen, is het interessanter voor de PP om het conflict op te drijven. Op deze manier kan zij op stemmen rekenen van armere regio’s, die economisch en financieel afhankelijk zijn van Madrid en dus van Spaanse eenheid. Wat de PP verliest in Catalonië wint zij elders in meervoud. De spanning werd verder opgebouwd tot het referendum waar de Guardia Civil, blijkbaar zonder strategische doelen, de wapenknuppels liet spreken. Vervolgens koos Catalonië voor een onafhankelijkheidsverklaring in twee delen en op een zeer halfhartige wijze. Zelfs Madrid, dat op vinkenslag lag om de Catalaanse separatisten te vervolgen bij de minste gelegenheid, moest informeren wat er nu eigenlijk gebeurd was. Uiteindelijk begon Madrid over te gaan tot de juridische vervolging van de Catalaanse leiders van de separatisten. Tot de verbazing van vele eurofielen, en de verwachting van de eurosceptici zweeg de EU oorspronkelijk, om daarna de kant te kiezen van Spanje. Internationale veroordelingen bleven uit, belangrijke internationale erkenning van een Catalaanse republiek bleef ook uit.

Bedenkingen

Desondanks stellen de aanhangers van de Catalaanse separatisten momenteel dat de houding van de EU ten voordele van Spanje nadelig zou zijn voor de EU. Het tegendeel is waar. De EU moet men zien als hebbende een structuur die gelijkenissen toont met het Perzische Rijk van weleer. Elke lidstaat van de EU is een eigen satrapie waar de nationale elites hun macht behouden en gelegitimeerd zien door Europese regeringsinstellingen. Vanuit deze instellingen, die fungeren als een postmodern keizerlijk hof, kijken de machtigste intriganten neer op de deelstaten waarbij zij slaan en zalven naargelang het centrum van het rijk daar baat bij heeft. Polen en Hongarije gaan de verdere centralisering van het geheel tegen en dienen dus bestraft te worden. Spanje daarentegen is een loyale vazal die de richtlijnen van de EU volgt en mee een motor vormt voor verdere Europese integratie. Daarom mag zij genadeloos hard optreden tegen interne dissidentie indien zij dat wenst. Dat is niet eigen aan Spanje, eenzelfde houding ziet men tegenover Frankrijk, Nederland en Ierland. Daar stemde de bevolking via referenda tegen Europese besluitvorming, maar werd dit uiteindelijk genegeerd of werd er gestemd tot de juiste resultaten er waren. Zolang de satrapen braaf via de keizerlijke weg naar het Brusselse hof reizen om hulde te brengen aan het centrale machtscentrum blijven de problemen binnen hun grenzen interne problemen. Zodra zij een afwijkende route nemen en zich verwijderen van het machtscentrum en van het beleid daardoor uitgestippeld, worden problemen binnen hun grenzen existentiële breekpunten voor de EU.

Momenteel heeft de EU er alle baat bij om Spanje te steunen. Daartegenover zal staan dat Spanje niet te moeilijk doet tegenover verdere machtscentralisatie naar Brussel en braaf mee zal stemmen tegen de Visegrad-landen (wiens informeel forum overigens al wankel is). Wordt de EU echter geconfronteerd met een existentieel probleem door Catalonië? Absoluut niet, integendeel.

Het Catalaanse bochtenwerk

Aan de Vlaamse krant “Het Nieuwsblad” gaf Carles Puidgemont op 8 november 2017 een interview over hoe dat onafhankelijke Catalonië vorm moet krijgen. Daar gaf hij een uiteenzetting over het feit dat de Catalaanse onafhankelijkheid allesbehalve onafhankelijkheid inhoudt, integendeel. Militair gezien wil Catalonië geen investeringen doen in soldaten of wapens, een leger zal er namelijk niet komen. Landsgrenzen moeten er ook niet komen en een Catalaans paspoort is optioneel. De concurrentie met Spanje wordt niet aangegaan, maar in de zin daarop gaan de bedrijven wel de concurrentie aan met de rest van de wereld. Wat duidelijk impliceert dat Catalonië binnen Spanje blijft.  Het meest concreet is Puidgemont in de volgende zin: “Vergis u ook niet, het einddoel is geen nieuwe staat met landsgrenzen en een eigen leger, die naast Spanje zal ontstaan.” Op 13 november 2017 verscheen in het Franstalige Le Soir een interview met Puidgemont waarin hij zei bereid te zijn om een oplossing te zoeken zonder de Catalaanse onafhankelijkheid . Hij zegt daarbij dat hij dertig jaar heeft gewerkt om Catalonië te verankeren in Spanje. Een kaakslag voor hen die de wapenstok van de Guardia Civil hebben getrotseerd om hun stem uit te brengen.

Waarom immers een referendum houden over onafhankelijkheid indien dat niet het doel was? Het voorstel van Puidgemont komt er immers op neer dat militair gezien Catalonië volledig kiest voor een Europees leger (NAVO-leden zijn immers verplicht zelf te investeren in een nationaal leger). Daarnaast kiest men voor de integratie van Catalonië als een soort provincie van de Europese Unie. Catalonië zou er ook niet voor kiezen de economische concurrentie aan te gaan met Spanje. Deze factoren samen zorgen ervoor dat de Catalaanse onafhankelijkheid minder zou inhouden dan een Amerikaanse deelstaat.

Op cultureel vlak is het beleid van de Catalaanse separatisten ook al enkele jaren typerend voor de postmoderne anti-identitaire nietszeggendheid. Arabisch wordt op de scholen aangeleerd naast het Spaans. De contacten met de moslimgemeenschap zijn dan ook goed, op voorwaarde dat men de islamisten van de Moslimbroeders als de ganse moslimgemeenschap beschouwt. In ruil voor het ondersteunen van de onafhankelijkheidsgedachte ondersteunt Catalonië actief radicaalislamitische prekers en verenigingen. Zo zijn er al langer plannen om de grote arena van Barcelona om te vormen in de grootste moskee van Europa. De enige reden dat dit niet is doorgegaan, is omdat de financiële kant (gesteund door wahhabitisch Saoedie-Arabië) niet rond geraakte. In Barcelona ziet men ook de typische uitingen van een progressieve hogere middenklasse wiens prioriteiten verwaterd zijn geraakt tot een misplaatst wereldredderssyndroom. “Refugees welcome, tourists go home” is een typische uiting hiervan, waarbij zelfs een toeristische bus werd aangevallen. Het verbaast dan ook niet dat de politieke initiatieven vanuit deze middens enkel nationale structuren willen afbreken en er geen eigen wensen op te zetten. Waar de Catalaanse anarchisten en communisten nog voor soevereiniteit pleitten, zijn hun erfgenamen enkel voor een statuut dat inhoudt dat ze niet direct onder Madrid vallen. Voor hen is het afstaan van soevereiniteit aan Brussel, het zichzelf aanbieden als trouwe vazallen, het hoogste doel geworden in een beweging die zijn eigen autonomistische wortels ontkent.

Indien de EU een Catalaanse republiek zou erkennen en mee helpen opzetten, dan zou dit de facto betekenen dat Brussel naast zijn Spaanse satrapie een gebied krijgt dat praktisch direct vanuit Brussel geregeerd zou worden. Geen grenzen, geen leger en geen paspoort houdt in dat het enige dat Catalonië onderscheidt van Spanje een directe verhouding tot de EU zou zijn. De Catalaanse regering zou niet meer zijn dan een provinciaal bestuur waarbij de eigenlijke beslissingen in Brussel, en dus gedeeltelijk ook in Madrid, zouden gemaakt worden.

Voor de Europese Unie is het dan ook geen existentiële crisis. Zij spreken zich in dit geval uit tegen het separatisme van de Catalanen omdat de wijziging voor hen geen voordeel levert tegenover de status quo, die Spanje nauwer aan de EU hecht. Supranationale organisaties als de EU, en de NAVO, bekijken de wereld slechts gedeeltelijk ideologisch, maar vooral geopolitiek en machtscentraliserend. Kosovo moest en zou onafhankelijk worden omdat het de Russische invloedssfeer, via Servië, op de Balkan en Oost-Europa zou tegengaan. Getuige daarvan is het immense Camp Bondsteel in het zuidoosten van Kosovo, nochtans geen NAVO-lid. Decennia daarvoor mocht NAVO-lid Turkije Cyprus binnenvallen om een Turks separatisme in het noorden te ondersteunen. Geen van beide gingen in tegen de geopolitieke belangen van de NAVO als geheel en versterkten de organisatie in haar brede geopolitieke doelstellingen. Qua machtscentalisering zit de EU nu nog steeds op de route naar een federaal Europa. Indien morgen Spanje zich kritisch begint op te stellen tegenover de EU zullen de Catalaanse leiders opeens wel open deuren ontmoeten in de wandelgangen van de Europese instellingen. Zo mocht Sturgeon van de Scottish National Party opeens ook op audiëntie bij Verhofstadt en co toen het Verenigd Koninkrijk voor Brexit koos. Met het ontvangen van de SNP, en dat is dan weer geopolitiek, liet de EU nogmaals blijken dat zij er niet vies van is om de periferie van de EU te destabiliseren en een invloedszone daarin te vestigen. Of dat nu is door middel van het ondersteunen van het Schotse separatisme of door het steunen van gewapende milities van neonazi’s in Oekraïne.

De EU steunt cultureel gezien dan wel een postmodern en ronduit nihilistisch beleid, maar Catalonië is in zijn plannen voor “onafhankelijkheid” té postmodern om te voldoen aan de geopolitieke belangen van de EU en de militaire alliantie NAVO waar de EU een belangrijke positie inneemt. Voor de tegenstanders van de machtscentralisatie van de EU en/of de geopolitieke doelen van de NAVO presenteren de Catalaanse separatisten geen interessant alternatief dat als blauwdruk kan dienen voor de bredere beweging tegen voornoemde Europese en Atlantische belangen. Wat we hier wel uit kunnen leren, is dat wanneer het erop aankomt de Europese lidstaten bruut geweld zullen en mogen inzetten tegen hun inwoners. Zolang dat geweld ertoe dient de eenheid van de EU te behouden, zal dat ook op goedkeuring van die EU kunnen rekenen. Tenslotte draait de EU om macht, alle romantische sprookjes ten spijt.

Posted on

Interview met Nigel Farage over Brexit, Merkel en de toekomst van Europa

De Duitse europarlementariër Beatrix von Storch (AfD) heeft onlangs oud-UKIP-leider Nigel Farage geïnterviewd toen hij een bezoek bracht aan Berlijn in het kader van de Duitse verkiezingscampagne. Von Storch en Farage spraken over de aanloop naar de Brexit en de toekomst na de Brexit, over de moeilijkheden bij het van de grond komen van eurosceptische partijen als UKIP en AfD en over politieke factoren die daarbij een rol speelden, uiteenlopend van het Britse kiesstelsel tot Merkels besluit om de grenzen open te gooien voor iedereen die maar komen wil. Het is een interessant, goed gedraaid interview geworden, dat in twee delen op YouTube gepubliceerd is, Engels gesproken en Duits ondertiteld. Zeer de moeite waard om te bekijken:

Posted on

Vertrek Britten betekent hogere bijdrage EU-lidstaten

Door de Brexit valt een van de grootste bijdragers aan de begroting van de Europese Unie weg. Dit betekent dat de resterende lidstaten meer moeten gaan betalen, want één ding is voor de eurocraten duidelijk: Met minder budget nemen ze geen genoegen.

Hoe hoog de bijdrage van de 27 lidstaten door het vertrek van de Britten wordt, staat nog niet vast. En dat zal ook wel niet vastgesteld worden voordat eind september de verkiezingen voor de Duitse bondsdag hebben plaats gevonden. Duitsland krijgt als grootste lidstaat immers ook met de grootste verhoging te maken.

Het vertrek van het Verenigde Koninkrijk betekent een reductie van de EU-begroting met tien procent. En omdat de bijdrages van de lidstaten schommelen zou het effect nog iets groter kunnen zijn, waarschuwde het Jacques Delors Instituut in januari.

Hoe hoog de bijdrage van een lidstaat is, bepaalt de EU in essentie op basis van het economische presteren van een land. Uitgangspunt is het aandeel aan het gezamenlijke Bruto Binnenlands Product. De berekening van de bijdrages is een ingewikkelde en steeds weer onenigheid oproepende procedure, de bijdrages zijn vloeiend, de formule lang – wat het ene land meer betaalt vermindert de last van andere landen.

Zo viel de Britse nettobijdrage in 2015 door nabetalingen relatief hoog uit. De Europese Commissie had de Britse bijdrages vanaf 1995 nog eens nagerekend. Op basis daarvan kwam men tot de conclusie dat de Britten nog 2,1 miljard euro na moesten betalen, wat de Britse bijdrage een jaar voor het Brexit-referendum met circa 11,5 miljard euro hoog uit deed vallen. De EU stelt dat de Britten zonder de door hen uitonderhandelde rebate (korting) nog eens zes miljard meer moeten betalen. De reële nettobijdrage had kortom 17,5 miljard moeten zijn.

De vermindering van het economische gewicht van de EU is met andere woorden nog groter dan de begrotingsbijdrage doet vermoeden. Het Jacques Delors Instituut rekent dan ook met verliezen van vijf tot zeventien miljard euro per jaar. Sinds 2014 presteert het Verenigd Koninkrijk economisch beter dan bijvoorbeeld Frankrijk. Duitsland betaalde in 2015 netto 14,3 miljard euro en is zodoende met afstand de grootste betaler.

De procedure voor de vaststelling van de bijdrages is voortdurend aanleiding voor politieke meningsverschillen. Voor het renteloze uitstel van betaling dat de Britse nabetalingen van 2014 en 2015 p de keper beschouwd inhielden, moest feitelijk Duitsland opdraaien.

Zowel de berekening van de bijdrages in het algemeen, als de uitzonderingen voor individuele lidstaten geven geregeld aanleiding tot conflict. Als basis bepaalt de EU de operatieve begrotingssaldi van de lidstaten. Daar is op zich al een boom over op te zetten.

Naast de generieke bijdrage zijn er bijkomende die per land variëren. Zo betaalt Nederland vanwege de grote zeehavens relatief veel over die band en krijgt België een tegemoetkoming voor het herbergen van diverse EU-instellingen. De Britten wisten in 1985 een later meermaals gewijzigde rebate te bedingen. Ook voor Denemarken en Ierland zijn er bepaalde uitzonderingen en er is een generieke korting voor Zweden en Nederland. De precieze formule is zodoende zelfs voor politici niet erg doorzichtig.

De EU is terughoudend met uitlatingen over de gegevens, omdat het thema gevoelig ligt. Deskundigen schatten dat Duitsland van 1991 tot 2011 goed 45 procent van de bijdrages van de nettobetalers voor zijn rekening heeft genomen, wat duidelijk meer is dan zijn economische aandeel. De Nederlander betaalt per hoofd van de bevolking meer, maar het vertrek van de in absolute getallen op een na grootste nettobetaler laat een flink gat achter in de begroting van de EU, zodat een debat over de verdeling van de lasten niet uit kan blijven.

Op basis van de huidige cijfers zou Duitsland door het vertrek van de Britten zo’n 2,5 à 3 miljard euro per jaar extra moeten bijdragen. Brussel probeert de Britten dan ook nog zo veel mogelijk te laten betalen, wat in de Brexit-onderhandelingen een belangrijke rol zal spelen. Oude rekeningen worden nog eens nagelopen om te zien of er nog ergens iets te vereffenen valt.

Tegen de burgers zegt Berlijn dat Duitsland meer profijt heeft van de EU dan het betaalt; een stelling die gezien de complexiteit van de materie door economen eenvoudig te bewijzen noch te weerleggen valt. Als politici  daarmee de al jaren stijgende nettobijdrage goed willen praten, dan komt het uiteindelijk neer op een kwestie van geloof in het Europese project.

Brussel mag er dan op inzetten dat de resterende lidstaten het verlies aan inkomsten door het vertrek van de Britten goedmaken, de diverse landen zullen stuk voor stuk zo veel mogelijk af proberen te dingen, zodat ook aan bezuinigingen op de uitgaven van de EU denkbaar niet te ontkomen valt. Daarbij zal er al snel gekeken worden naar subsidiepotten voor de landbouw en economisch zwakke regio’s. Dat het vertrek van de Britten ook een gelegenheid zou kunnen zijn voor een structurele hervorming van de EU-begroting is bij de eurocraten evenwel nog niet opgekomen.

Posted on

Waarom Grexit voorlopig niet bespreekbaar is

Het geduld van de Duitse liberalen is op. Zowel FDP-leider Christian Lindner als ook zijn partijgenoot Alexander Graf Lambsdorff, plaatsvervangend voorzitter van het Europees Parlement, spreken zich nu voor een vertrek van Griekenland uit de Eurozone uit. Eindelijk! Of als vraag geformuleerd: Waarom nu pas?

Tegen de zomer heeft Athene weer nieuwe miljarden nodig uit inmiddels het derde hulppakket. Het Internationale Monetaire Fonds aarzelt echter om mee te doen. Geen wonder, want iedereen die een blik werpt op de feiten, huivert in de aanblik van het volledige falen van de zogenaamde ‘redding’, die nu al zeven jaar duurt en niets dan verdere schade heeft aangericht.

In het bijzonder SPD-lijsttrekker Martin Schulz wil echter om elke prijs voorkomen dat er dit jaar een nieuw Grexit-debat losbarst. Daarvan zouden alleen Donald Trump en Marine Le Pen profiteren, zo moppert hij.

Maar in werkelijkheid weet de kandidaat-bondskanselier ook wel dat het hem electoraal geen goed zal doen, wanneer het falen van het beleid inzake Griekenland en de Euro uitgerekend in dit verkiezingsjaar publiekelijk toegegeven moet worden. Een dergelijke toegeving zou Schulz, die de afgelopen jaren voorzitter van het Europees Parlement was en zich herhaaldelijk voor de ‘redding’ uitsprak, danig in de wielen rijden.

Pappen en nathouden is daarom ook voor de komende tijd het devies – tenminste tot na de verkiezingen voor de Bondsdag in september. En aangezien een Grexit ook voor de zittende bondskanselier pijnlijk zou worden, gaan de campagneberekeningen van CDU en SPD hier gelijk op.

Ondertussen ligt Griekenland in de goot, de situatie van veel mensen is noodlottig, de economie komt geen millimeter vooruit, het volk verarmt. De waanzin om een zulke fundamenteel verschillende economieën als die van Duitsland en Griekenland in het korset van een eenheidsmunt te dwingen, heeft een ramp aangericht.

Uit welke ideologische bron deze waanzin voort komt, heeft de voorzitter van de liberale ALDE-fractie in het Europees Parlement, Guy Verhofstadt, in gesprek met de Welt am Sonntag ongewild prijsgegeven. Verhofstadt, die anders dan zijn fractiegenoot Lambsdorff een vastberaden tegenstander van Grexit is, zegt daar: “Wat ik wil, is dat de de Griekse samenleving radicaal verandert.” Daar hebben we het dan: Niet de munt moet bij het volk passen, niet het beleid bij over eeuwen en millennia gegroeide praktijken. Nee, het volk moet zich gedwee voegen naar de regels en instrumenten, die Brussel het toebedenkt.

Het is precies aan deze eurocratische machtswaan, dat het waardeloze idee van een starre eenheidsmunt ooit ontsproten is. Het onverbeterlijke fanatisme van dergelijke eurocraten brengt zo niet alleen de onzinnige Euro, maar ook de gehele Europese integratie in gevaar.

Posted on

Felle strijd tussen Rome en Berlijn over emissieschandaal – Keek Tajani andere kant op?

De toon wordt harder tussen Rome en Berlijn. In een interview met het boulevardblad Bild am Sonntag heeft de Duitse minister van Verkeer Alexander Dobrindt (CSU) geëist dat auto’s met illegale uitschakelingsmechanismen voor het emissiefilter van Fiat-Chrysler terug worden geroepen.

Van Duitse zijde wordt al enige tijd de beschuldiging geuit dat Fiat gebruik maakt van mogelijkheden tot illegale emissiemanipulatie, zoals eerder aan het licht kwam van Volkswagen. Berlijn is daarenboven geërgerd door de ogenschijnlijke weigering van de Italiaanse overheid om mee te werken aan opheldering van de zaak. In Italië roepen de uitlatingen van Dobrindt heftige reacties op. Zo vroeg Sergio Marchionne, chef van de Amerikaans-Italiaanse autofabrikant zich af of Dobrindt iets illegaals gerookt had. Ook de Italiaanse minister van Verkeer, Graziano Delrio reageerde verontwaardigd: “Men geeft een soeverein land als Italië geen bevelen.” Het ministerie van Verkeer in Rome voert verder aan dat men eigen onderzoek heeft gedaan naar het model Fiat 500X en daarbij geen manipulaties gevonden heeft. Volgens Rome is een gedetailleerd rapport ook aan de Duitse overheid gegeven en zou er verder met de Europese Commissie samengewerkt worden.

Sinds Antonio Tajani, die van 2010 tot 2014 eurocommissaris voor Industie was, in aanmerking kwam om voorzitter te worden van het Europees Parlement, is er hernieuwde kritische aandacht in de Duitse media voor de rol van de Europese Commissie in het emissieschandaal. In 2016 doken er berichten op, volgens welke ambtenaren van de Europese Commissie mogelijk al in 2010 aanwijzingen hadden voor dergelijke manipulatiepraktijken in de auto-industrie. Zo schreef Der Spiegel over interne documenten van de Europese Commissie uit 2010, waarin het ging om manipulaties en discrepanties tussen de emissiewaarden bij de toelating van types en in het dagelijkse verkeer.

Vooral de toenmalige eurocommissaris voor Industrie worden verwijten gemaakt. Volgens onderzoek van het tijdschrift Wirtschaftswoche werd Tajani al in juli 2012 door een manager van een toeleverancier van een autofabrikant over softwaremanipulaties bij emissiemetingen geïnformeerd. Ook is de beschuldiging geuit dat Tajani in november 2015 de contactgegevens van de klokkenluider openbaar gemaakt zou hebben en de manager daarmee blootgesteld zou hebben aan gevolgen voor zijn arbeidsleven.

De Wirtschaftswoche meldt ook dat medewerkers van de Europese Commissie dermate geïrriteerd waren over de passiviteit van hun chef, dat ze aanwijzingen over emissiemanipulaties aan de Amerikaanse milieuorganisatie ICCT hebben doorgegeven. Deze informatie zou dan de aanleiding zijn geweest voor een procedure van de Amerikaanse overheidsdienst Environmental Protection Agency, die zich echter alleen op Volkswagen en niet op het deels Amerikaanse Fiat-Chrysler richtte.

Inmiddels buigt zich een onderzoekscommissie van het Europees Parlement over de vraag of de Europese Commissie en regeringen van lidstaten ten aanzien van de manipulaties van emissiewaarden van dieselvoertuigen te lang de andere kant op hebben gekeken.