Posted on

Aramco – Merkwaardige beursgang van Saoedisch oliebedrijf

Een uit de serie grootse plannen van de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman is de beursgang van de Saoedische staatsoliemaatschappij Aramco die vorig weekend met die aanval een heel zware opdoffer te verwerken kreeg. Een beursgang betekent dat individuen alsmede organisaties zoals instellingen en bedrijven uit vrije wil hierop kunnen inschrijven. Waarna men het aandeel ervan op de beurs vrij kan verhandelen. Maar in Riaad ziet de kroonprins dat ietwat anders.

De Britse zakenkrant The Financial Times, die normaal steeds poeslief is voor de fratsen van de prins, bracht zaterdag het verhaal over hoe hij die beursgang nu wil realiseren. Het is zijn al enkele jaren publiek geuit verlangen en dus moet die beursgang gebeuren wat het ook moge kosten.

Origineel ging men gans Aramco naar de beurs brengen en moest dat volgens Mohammed bin Salman 2.000 miljard dollar opbrengen. Het probleem leek alleen naar welke beurs dit moest gaan, New York, Londen of Hong Kong.

Families onder huisarrest gedwongen aandelen Aramco te kopen.
Het Ritz-Carlton in Riaad, gevangenis voor de ‘happy’ few.

Plan B voor beursgang Aramco

Het werd niets want dan zou Aramco de boeken voor buitenstaanders moeten openen. En dit was voor het land totaal uit den boze. Tonen wat men met dat vele oliegeld precies doet, is zowat het laatste dat men er wil. En dus kwam plan B.

Het zou dan maar naar de totaal onbetekenende beurs van Riaad gaan. Die had men onder controle zodat er van openheid geen sprake kon zijn. Ook ging men niet alles naar de beurs brengen. Eerst was dat slechts 5% en volgens de laatste berichten deze ochtend wordt dan nog maar amper 3%.

Maar zelfs die luttele 3% blijkt veel te hoog gegrepen voor investeerders en dus is er nu plan C. Een centraal probleem was immers dat Mohammed bin Salman stelde dat de waarde van Aramco 2.000 miljard dollar was (2.000.000.000.000) en geen cent minder. Wat allerlei analisten ook beweerden.

Plan C: Dwingen aandelen Aramco te kopen

En dus kwam de kroonprins met nog maar eens een nieuw plan. De rijke Saoedische families die hij voorheen in het Ritz-Carlton van Riaad gijzelde en zo geld aftroggelde, krijgen nu de boodschap dat zij dan maar moeten inschrijven op die beursgang. In sommige gevallen ligt er ook nog steeds beslag op hun gelden en zou men dit geld dan gebruiken om manu militari die aandelen te kopen.

Ook zouden bevriende miljardairs uit de Verenigde Arabische Emiraten, Bahrein, Koeweit en Libanon aangesproken worden om ook hun duit in het zakje te doen. En voor wie massaal investeerde in bijvoorbeeld de Saoedische bouwsector zoals de Libanese familie van premier Saad Hariri is dat een moeilijk te negeren ‘vraag’.

In wezen komt het er dus op neer dat naast de vermeende 100 miljard dollar die hij in 2017 en 2018 zou hebben kunnen aftroggelen nu nog eens 60 miljard dollar (3% van 2.000 miljard) afperst. Zo zou hij dus 160 miljard extra in zijn kas krijgen. Het is om alle gangsterbendes ter wereld jaloers te maken.

Chateau Louveciennes - 275 miljoen euro - 1
Het Franse kasteel Louveciennes, het optrekje van de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman. Gekocht met geld van de verkoop van de Saoedische olie aan jan modaal.

Zakenbladen staken de loftrompet over plannen MBS

Maar toen men in de zakenbladen als Forbes, The Wall Street Journal en The Financial Times met veel tromgeroffel en onder luid applaus de grote ‘visionaire’ plannen voor Saoedi Arabië van de kroonprins uitrolde was er sprake van een gigantische transformatie van het land. Geen zandbak vol olie meer maar een moderne natie aangepast aan de hedendaagse tijden.

Men ging er op grootschalige wijze het toerisme ontwikkelen en het land cultureel en economisch geheel transformeren weg van de olie. Politiek bleef het bij het oude natuurlijk want de kroonprins blijft een tiran zoals er op deze wereld bijna geen te vinden zijn.

Omkopen

Zelfs Noord-Korea, speeltuin van de familie Kim, moet hier waarschijnlijk voor passen. Maar met dit afpersingsgeld kan men amper iets doen behoudens dan allerlei regeringen, politici en ook de media en intellectuelen verder omkopen. Kwestie dat de wereld een mooi beeld blijft krijgen van dit koninkrijk van de familie al Saoed.

Behoudens dan natuurlijk nog wat peperdure kunst kopen om zijn luxe jacht of zijn enorme kasteel in Frankrijk mee te versieren  Van al die grootse Saoedische plannen waarmee die zakenbladen toen pronkten komt dus niets in huis. Dat lijkt nu wel een zekerheid. Maar als vrome moslim kan er bij hem zeker nog wel wat zakat af. Geld voor ‘goede’ doelen dus. Want de man is ongetwijfeld een diep gelovige moslim. Wat dacht je dan?

Posted on

Duitse deelstaatpremiers: beëindig sancties Rusland

In het Pinksterweekend vond in St. Petersburg weer het internationale economische forum SPIEF plaats. Daaraan namen talrijke vertegenwoordigers van de Duitse politiek en bedrijfsleven deel. Hun uitspraken getuigen van een ontluikend partijoverstijgend verzet tegen de door de Duitse federale regering gesteunde sancties tegen Rusland. 

Met zo’n 33 graden was het in St. Petersburg ongewoon warm, toen vertegenwoordigers van politiek en bedrijfsleven elkaar ontmoeten voor het SPIEF. De meeste deelnemers kwamen dit jaar uit China. Vladimir Poetins ontmoeting met de Chinese president Xi Jinping vormde de bekronende afsluiting van het forum en werd op de Russische televisie live uitgezonden.

Russisch-Chinese handelsbetrekkingen geïntensiveerd

Sinds de instelling van de Amerikaanse en EU-sancties tegen Rusland vanwege de Krimcrisis vijf jaar geleden, zijn de Russisch-Chinese handelsbetrekkingen geïntensiveerd. China is het inmiddels gelukt veel marktaandelen te winnen, die voorheen door Europese bedrijven bezet waren. Niet in de laatste plaats de Duitse export lijdt hieronder. Na de recente schermutselingen in de Amerikaans-Chinese handelsoorlog, zal het Chinese telecommunicatieconcern Huawei nu in Rusland de uitbouw van het 5G-net ter hand nemen.

Efficiëntiepartnerschap

Ook Duitse bedrijven investeren echter ondanks de sancties weer meer in Rusland. Zo werd onlangs in de buurt van Moskou, in aanwezigheid van minister van Economische Zaken Peter Altmaier, een nieuwe Mercedes-Benz-fabriek geopend. Tijdens het internationale economische forum ondertekende Altmaier een memorandum over een efficiëntiepartnerschap met Rusland, die de economische en technologische samenwerking moet versterken.

Sterk vertegenwoordigd

Sowieso was Duitsland sterk vertegenwoordigd in St. Petersburg. Naast Altmaier waren de deelstaatpremiers van Mecklenburg-Voor-Pommeren, Manuela Schwesig (SPD) en Saksen, Michael Kretschmer (CDU), alsmede deelstaatminister van Economische Zaken Nicole Hoffmeister-Kraut (CDU) met een 40 koppige delegatie uit het economisch sterke Baden-Württemberg aanwezig. Die laatste ontmoette Russische politici en zakenlieden, bezocht het Moskouse innovatiecentrum Skolkovo en de internetgigant Yandex.

Toenemende export en investeringen

De export van de zuidwestelijke deelstaat naar Rusland is na een neergaande trend in 2017 weer duidelijk gestegen. In 2018 lagen de gezamenlijke Duitse directe investeringen bij in totaal 3,3 miljard euro. Vooral in de machine- en autobouw, bij de uitbreiding van de digitalisering en de robotica zien Duitse bedrijven in Rusland kansen. Terwijl de activiteiten van de deelstaatminister uit Stuttgart geen opzien baarde, kreeg de deelstaatpremier van Saksen felle kritiek te verduren. Hij had in de marge van het forum namelijk een ontmoeting met Poetin en nodigde hem uit voor een bezoek aan Dresden.

Partijoverstijgende oproep tot beëindiging sancties

In het belang van Saksen en andere oostelijke Duitse deelstaten riep Kretschmer op tot het beëindigen van de sancties tegen Rusland. Hij stond daarmee niet alleen, want partijoverstijgend vielen collega’s hem bij. Zowel Schwesig als ook de deelstaatpremier van Saksen-Anhalt Reiner Haseloff (CDU) en zijn Thüringer ambtsgenoot Bodo Ramelow (Die Linke) vielen hem bij. Vanuit het westen van Duitsland kreeg Kretschmer steun van de deelstaatpremier van Niedersachsen, Stefan Weil (SPD). “Wat we nu meemaken, levert niets dan schade op”, aldus Weil. De Russische agrarische markt is voor Duitse bedrijven grotendeels verloren, omdat anderen die onder zich verdeeld hebben, aldus de deelstaatpremier. Ook de Brandenburgse deelstaatpremier Dietmar Woidke (SPD) sloot zich nog bij zijn collega’s aan.

CDU-leider staat op voortzetting sancties

CDU-leider Annegret Kramp-Karrenbauer staat er echter op de sancties voort te zetten. Ze negeert daarbij dat de druk op de federale regering om haar opstelling te veranderen niet alleen van deelstaatpolitici komt, maar ook vanuit het bedrijfsleven toeneemt. Kramp-Karrenbauer maakt met haar stellige uitspraken bepaald geen vrienden binnen haar partij en onder de donateurs daarvan. Dit terwijl haar leiderschap toch al steeds meer in twijfel wordt getrokken bij de christendemocraten.

Duitse industrie gefrustreerd

Vertegenwoordigers van de Duitse industrie zijn gefrustreerd door de sancties tegen Rusland en Iran, maar ook door de onzekerheid die de Amerikaans-Chinese handelsoorlog en de Brexit met zich meebrengen en verliezen steeds meer hun geduld met de huidige politiek.

Vooral voor Duitse machinebouwers staat er veel op het spel. Rusland zou een van de sterkste markten voor hen kunnen zijn, vanwege de omvang en de immense behoefte aan modernisering. De gigantische agrarische oppervlakken zouden fabrikanten van landbouwmachines veel op kunnen leveren. Carl Martin Welcker, voorzitter van de brancheorganisatie VDMA, roept op tot beëindiging van de sancties tegen Rusland, omdat deze politiek effectloos en economisch schadelijk zijn.

Ook Matthias Schepp, bestuursvoorzitter van de Duits-Russische Buitenlandse Handelskamer in Moskou oefende kritiek, door er op te wijzen dat Duitse bedrijven in tegenstelling tot anderen in de EU de sancties meer dan vervuld hebben. Dit heeft vooral middenstanders en familiebedrijven getroffen.

Export van deelstaten naar Rusland

In 2014, voor de sancties, behoorde Rusland voor Saksen nog tot de top 10 qua export. In 2018 zakte het land naar de 17e plaats. In absolute cijfers uitgedrukt betekent dat een terugloop van 1,1 miljard euro naar circa 537 miljoen euro aan geëxporteerde waren in 2018. In Thüringen nam het handelsvolume met Rusland daarentegen sinds 2015 met circa 40 procent naar een kleine 300 miljoen euro in 2018. Voor 455 Thüringer bedrijven is Rusland een belangrijke exportmarkt.

Geen zakelijke discussie

In plaats van zakelijk de discussie over de gevolgen van de sancties voor de Duitse economie aan te gaan, gingen de gevestigde federale politiek en media meteen tot de aanval over. Kretschmer werd verweten tegen de AfD aan te schurken, vanwege de deelstaatverkiezingen in september. Door “met Rusland aan te pappen” zou hij kiezers van de AfD terug willen winnen.

Posted on

Handel met Syrië: Rusland pacht haven Tartus

Rusland heeft de haven van Tartus voor 49 jaar van Syrië gepacht. Tartus is na Latakia de grootste haven van het land. De Russen willen de haven gebruiken om de handel met Syrië een impuls te geven. 

Tot nog toe beschikte Rusland alleen over een kleine bevoorradings- en reparatiebasis in de marinehaven van Tartus. Het enige Russische steunpunt in de Middellandse Zee. Vanaf 2015 is deze basis reeds uitgebreid. Deze dient echter vooral voor militaire bevoorrading. De nieuw gepachte haven is daarentegen voor civiel transport bedoeld.

Economische samenwerking

In december kwamen Moskou en Damascus reeds een omvangrijke economische samenwerking overeen. Deze omvat ook de aanleg van een luchthaven bij Tartous. De Russische plannen voor de uitbouw van economische infrastructuur in Syrië kunnen mogelijk versterkt en aangevuld worden door Chinese investeringen. In potentie zou Syrië door zijn ligging in het westen van Azië aan de Middellandse Zee een schakel kunnen vormen in een van de Nieuwe Zijderoutes. Syrië is kandidaat-lidstaat van de Euraziatische Economische Unie (EAEU) en de Shanghai Samenwerkingsorganisatie (SSO).

Posted on 2 Comments

Sancties hinderen wederopbouw Syrië

De laatste week van april vertrok een internationale groep onder leiding van het Geopolitiek Instituut Vlaanderen Nederland op een fact finding mission naar Syrië. Deelnemers zagen hoe de wederopbouw van Syrië vordert, maar op punten nog gehinderd wordt door internationale sancties.

Omdat er door de internationale sancties  jammer genoeg nog geen rechtstreekse vluchten naar Damascus zijn, werd er gevlogen op Beiroet. We maakten van de gelegenheid gebruik om een kijkje te nemen in het zuiden van Libanon, om met eigen ogen de impact van het bevroren conflict met Israël te bekijken.

Zuid-Libanon

Als eerste bestemming bezochten we Mleeta, een museum gewijd aan het succesvolle verzet tegen de Israëlische bezetting van zuid-Libanon tot 2006. Daarna reden we verder naar de historische kuststad Tyr(us), gelegen op amper 30 km van de grens. We troffen een plaats aan met een enorm toeristisch potentieel en prachtige archeologische sites uit de Romeinse tijd, zoals de stadspoort, de necropool en de hippodroom.

Tyrus, een stad met enorm toeristisch potentieel (eigen foto)

Jammer genoeg voor de inwoners maakt de immer dreigende schaduw van Israël het moeilijk de streek toeristisch te ontwikkelen. Bepaalde gebieden op het zuid-Libanese platteland zijn ook nog steeds te vermijden vanwege landmijnen geplaatst door het Israëlische leger tijdens de bezetting.

Damascus

Per taxi reden we naar de Syrische hoofdstad Damascus. Hier verbleven we in de christelijke wijk Bab-Touma. Alhoewel toerisme niet ons eerste doel was, kan men in een stad als Damascus het niet achterwege laten om de Oude stad met de Omajjadenmoskee en de winkeltjes van de soek te bezoeken. Ook bezochten we het Nationaal Museum dat tal van archeologische schatten bevat, onder meer van Palmyra en Doura-Europos. Door de oorlog was dit museum jarenlang gesloten en de stukken waren ter bescherming naar geheime locaties gebracht. Dat het Nationaal Museum nu weer open is, illustreert hoe het normale leven langzaam maar zeker terugkeert.

Omajjadenmoskee, Damascus (eigen foto)

Ik was al eens in Damascus geweest in 2016. Het viel me op hoe in enkele jaren de stad genormaliseerd was. De overgrote meerderheid van de militaire checkpoints is verdwenen en er beginnen ook opnieuw toeristen te komen. De plaatselijke bevolking maakte ons regelmatig duidelijk dat we welkom waren en was steeds heel vriendelijk. De enige verzuchtingen gingen over de internationale boycot, die zorgde voor een brandstoftekort en een hoge inflatie van de Syrische Pond – wat import van goederen van buiten Syrië zeer duur maakt.

De soek van Damascus (eigen foto)

Ter afsluiting van ons bezoek aan Damascus hadden wij de gelegenheid om Pasen mee te vieren met de Syrische Orthodoxe kerk (oriëntaals-orthodox).  Een feest dat met heel wat fanfare (letterlijk) gevierd werd en voor alle deelnemers een bijzondere ervaring was.

Qara – Mar Yakub

Onze  volgende bestemming was het Melkitische Grieks-katholieke klooster Mar Yakub (Sint Jakobus de Verminkte). Hier verblijft al een tiental jaar de Vlaamse norbertijn pater Daniël Maes. Dit klooster ligt enkele kilometers buiten Qara, in een steenwoestijn met uitzicht op uitlopers van de Ante-Libanon-bergen, die de grens tussen Libanon en Syrië vormen. Het klooster is een dubbelklooster, er is een kleine gemeenschap van een tiental nonnen en in het gebouw daartegenover woont pater Maes, met een Vlaamse frater en enkele oblaten. Door middel van irrigatie bezit het klooster ook een prachtige vlindertuin en goed draaiende boerderij.

Mar Yakub-klooster (eigen foto)

Mar Yakub is diep verweven in de lokale gemeenschap, met ook heel wat moslims die vrijwilligerswerk doen. Het klooster verstrekt noodhulp aan oorlogsvluchtelingen, vangt enkele weeskinderen op in het klooster, maar baat verder ook nog in Qara-stad  een centrum voor hulp aan mishandelde vrouwen uit, evenals een ‘volksmarkt’ die plaatselijke kleine producenten helpt om hun goederen te verkopen via een gedeelde winkelruimte.

Mar Musa

Het klooster werd onze uitvalbasis voor de rest van de reis. Van daaruit bezochten we een ander klooster, spectaculair op een berg gelegen en enkel te voet bereikbaar, Mar Musa (Sint Mozes van Abessinië) met prachtige eeuwenoude muurschilderingen.

De weg naar Mar Musa

In het klooster

 

De huidige gemeenschap in het klooster kwam tot stand onder impuls van de jezuïet Paolo Dall’Oglio, die o.a. van de KU Leuven een eredoctoraat mocht ontvangen. Pater Dall’Oglio sprak zich aan het begin van de oorlog kritisch uit over de regering en koos de zijde van de oppositie, hij zou helaas de ware aard van de opstandelingen leren kennen. In 2013 werd hij gevangengenomen door terroristen van IS  en men gaat er vanuit dat hij door hen vermoord werd.

Homs

De moskee van Homs in 2016…

We bezochten ook een dag de stad Homs. Dit bezoek stond vooral in het kader van de wederopbouw, want in deze stad was er bijzonder hard gevochten, zodat hele stadswijken in puin lagen. We bezochten eerst de Khalid ibn Walid-moskee, deze werd in 2013 zwaar beschadigd tijdens de oorlog, omdat de rebellen de moskee gebruikten als basis en wapenopslagplaats. Ondertussen is deze moskee volledig gerestaureerd en een symbool van de wederopbouw van Homs geworden.

… en in 2019

Vervolgens was het de beurt aan de kerk van Sint Maria-van-de-Heilige-Gordel, toebehorend aan de Syrische Orthodoxe kerk (oriëntaals-orthodox). We hadden de eer om hier gastvrij ontvangen te worden door aartsbisschop Selwanos Petros Al-Nemeh. Tijdens de oorlog moest de hele christelijke gemeenschap vluchten voor de salafisten en het kerkgebouw werd ook zwaar beschadigd. Zo probeerden de rebellen – gelukkig tevergeefs – de kerk af te branden. Nu echter zijn de christenen teruggekeerd en staat het gebouw volop in de steigers.

Zwart geblakerde kerk in Homs wordt nu weer hersteld.

Frans van der Lugt

We bezochten daarna ook het graf van de Nederlandse katholieke priester Frans van der Lugt, die weigerde Homs te verlaten en daarom vermoord werd door de rebellen. Dit bezoek was bijzonder aangrijpend omdat er ook Nederlanders aan onze reis deelnamen. Ook hier zagen we echter een levende, veerkrachtige christelijke gemeenschap. De Syrische christenen zijn duidelijk vastbesloten om hun rechtmatige plaats terug in te nemen.

De soek van Homs in 2016…

… en in 2019

 

Onze trip naar Homs werd uiteindelijk afgesloten met een bezoek aan de soek. Bij mijn bezoek in 2016 was de soek van Homs nog een desolaat gebied van verwrongen metaal en muren getekend door kogelgaten. Nu was deze grotendeels opgeruimd en waren de winkeltjes weer open. Hier en daar vond men nog een gedeelte waar de heropbouw nog bezig was, maar er werd duidelijk werk van gemaakt. Wat we wel regelmatig hoorden was dat de wederopbouw gehinderd wordt door de internationale sancties, die zorgen voor een tekort aan materialen. Desalniettemin is er al indrukwekkend werk geleverd door de Syriërs.

Libanon – Bekavallei

Op de terugweg maakten we een omweg om Baalbek te kunnen bezichtigen. Hierbij zagen we ook talrijke vluchtelingenkampen voor Syriërs in de Bekavallei, een gezicht dat blijft confronteren. Uiteindelijk sloten we de reis af in Beiroet. Alle deelnemers waren heel tevreden over de reis. Iedereen was onder de indruk van de gastvrijheid en vriendelijkheid van de Syriërs. We zijn teruggekeerd met de overtuiging dat de huidige internationale boycot onrechtvaardig is en beëindigd moet worden, zodat de Syriërs alle kansen krijgen om hun land zelf her op te bouwen.

Posted on

Vooruitgang in stroom- en watervoorziening Krim

De voorziening van de Krim met water en stroom boekt vooruitgang. De potentiële aantasting van de zoetwaterlens van het schiereiland blijft echter een punt van zorg.

Nadat de bewoners van de Krim zich vijf jaar geleden in grote meerderheid voor afscheiding van Oekraïne en aansluiting bij de Russische Federatie uitspraken, blokkeerde de Oekraïense overheid niet alleen de verkeerswegen naar het schiereiland, maar ook alle water- en stroomverbindingen. Dit leidde tot grote maatschappelijke en ecologische problemen.

Stroomvoorziening

Rusland reageerde met de aanleg van vier zeekabels vanuit het Koebangebied door de straat van Kertsj naar de Krim met een capaciteit van 800 Megawatt. Verder begon men de bouw van twee thermische elektriciteitscentrales in Sebastopol en Simferopol. Deze konden beide in maart in gebruik genomen worden en zijn in staat nog eens 940 Megawatt stroom te leveren. Samen met de al eerder door Rusland aangeschafte kleine gascentrales voor het hoogseizoen, die via een eind 2016 reeds in gereedheid gebrachte gasbrug beleverd worden, lijkt daarmee voor 2019 de stroomvoorziening van het schiereiland weer helemaal afgedekt.

Watervoorziening

De watervoorziening is echter een groter probleem. Naast het stilleggen van grote delen van de landbouwactiviteiten op de Krim, zet de overheid ook in op het tegengaan van verliezen in het leidingensysteem en de ontsluiting van lokale bronnen door de aanleg van stuwbekkens, omleidingen van natuurlijke waterlopen, het aanboren van bronnen en de bouw van drie waterzuiveringsinstallaties. Op deze manier moet tegen het einde van dit jaar ook een omvattende watervoorziening gerealiseerd zijn.

Zoetwaterlens

Punt van zorg is dat een deel van de maatregelen ten koste gaat van de fragiele zoetwaterlens onder het schiereiland, die door zout water verdrongen dreigt te worden. Dit grote ecologische probleem is eigenlijk alleen goed te verhelpen door hervatting van de watertoevoer van het vasteland. Plannen voor een leidingensysteem over de Straat van Kertsj zijn echter nog niet ter hand genomen.

Posted on

Miljardentunnel onder Oostzee? Tegenstanders betwijfelen economisch nut

In de hoofdstad van Sleeswijk-Holstein is de planfase voor de voorgenomen tunnel onder de Fehmarnbelt, een zeestraat in het westelijk deel van de Oostzee, afgesloten. Kiel gaf op 28 december 2018, na meerdere vertragingen, een vergunning af voor de aanleg van de tunnel.

De tunnel onder de zeestraat moet een vaste verbinding tot stand brengen tussen het Duitse eiland Fehmarn en het Deense eiland Lolland. Momenteel vormt de veerverbinding over de zeestraat nog een flessenhals in het Trans-Europese Netwerk van Scandinavië tot de Middellandse Zee. De TEN-trajecten worden vanuit de Europese Unie gezien als een “bijdrage aan de ontwikkeling van de binnenmarkt en de verbetering van de economische en sociale samenhang van de Unie”. Als onderdeel van het trans-Europese verkeersnetwerk, wil de Europese Commissie het tunnelproject dan ook met 1,4 miljard euro subsidiëren, oftewel zo’n 20 procent van de totale begroting. De vaste verbinding zou de ontsluiting van Scandinavië voor het Europese transitverkeer verbeteren.

Kaart van het Europese netwerk van hogesnelheidsspoorlijnen in 2017

Al jaren vertraagd

Het begin van de aanleg van de 18,6 kilometer lange, tolplichtige caissontunnel onder de Fehmarnbelt wordt al jaren vertraagd door de omslachtige planprocedure in Duitsland voor de verkeerstechnische aansluiting op het wegennet in het achterland (geëlektrificeerde dubbelspooraansluiting Puttgarden-Lübeck, uitbouw van de B 207 tussen Puttgarden en Heiligenhafen).

Financiering

De financiering van de infrastructuurmaatregelen aan Duitse zijde worden volgens een overeenkomst uit 2008 door de Duitse staat betaald. Begin december meldde de federale rekenkamer een kostenstijging van oorspronkelijk 840 miljoen naar meer dan vier miljard euro. Met een verdere stijging moet rekening gehouden worden.

Daarbij komen nog meerdere miljoenen euro’s voor een nieuwe brug over de Fehmarnsund (de zee-engte tussen Fehmarn en het Duitse vasteland). Denemarken moet de op 7,4 miljard euro geraamde aanleg van de tunnel betalen.

De huidige brug over de Fehmarnsund kan de verwachte verkeerstoename door de aanleg van de tunnel niet aan.

Concurrentievervalsing

Daarbij zorgde op 13 december een oordeel van het Gerecht van de Europese Unie in Luxemburg. Deze had op grond van het Deense financieringsmodel voor het tunnelproject met staatssteun de klachten van de rederijen Scandlines en Stena Line toegewezen. Zij klaagden vanwege de staatssteun voor het tunnelproject over concurrentievervalsing. De Europese Commissie heeft nu twee maanden de tijd om in beroep te gaan tegen het  vonnis.

Verkorting transporttijden

De Industrie- en Handelskamer van Sleeswijk-Holstein ziet in de tunnelbouw en de uitbouw van de verkeerswegen een groot potentieel. Door een vaste verbinding over de Fehmarnbelt zouden de Europese landen nader tot elkaar komen. Vooral grote bedrijven in Duitsland en Denemarken verwachten voordelen van de verkorting van de transporttijden tussen Hamburg en Kopenhagen (en het Zweedse Malmö). Het valt overigens te betwijfelen of er ook voor forenzen kortere reistijden ontstaan door de tunnelbouw. Vanwege de te verwachten toename van het autoverkeer moet gerekend worden met een scenario van files tijdens de spits.

De Prins Richard, een van de veerboten op de Vogelfluglinie, in de haven van Puttgarden

Tegenstanders vrezen milieuschade en terugloop toerisme

Ondertussen stellen de tegenstanders van de tunnel dat hij geen economisch nut heeft. Omdat er een goed functionerende veerverbinding tussen Rødby en Puttgarden is, die ieder halfuur in drie kwartier de Fehmarnbelt oversteekt, zou er geen behoefte zijn aan de tunnel. Het huidige verkeersvolume wordt door de veerverbinding immers volledig gedekt. De zelf benoemde Belt-redders verwachten daarentegen zowel milieuschade als economische nadelen voor de regio Oost-Holstein. Vanwege de geluidsoverlast door de geprognosticeerde 120 treinen per dag, waarvan 78 goederentreinen, vrezen tegenstanders een dramatische terugloop van het toerisme in de regio.

Verkeersprognoses

De verkeersprognoses ter rechtvaardiging van het miljardenproject zijn niet sluitend. De IHK Lübeck voorspelt voor de “groeiregio” een toename van het verkeer over de Fehmarnbelt van 4220 (in 2015) naar 7900 personenauto’s per dag bij de beoogde ingebruikname van de tunnel in 2028, voor vrachtwagens van 1070 naar 1520 en bussen van 79 naar 93. Later zou het “toenemende verkeer via Fehmarn eerder per trein” gaan. Ook de Denen rekenen met 9500 voertuigen per dag na de opening van de tunnel. Pas na 25 jaar zou dit aanwassen tot 15.000.

Treinverkeer

Bij de aantallen voor het verwachte treinverkeer krabbelde de projectdrager Femern A/S daarentegen sterk terug. Banedanmark, het Deense spoorwegeninfrastructuurbedrijf, gaat van slechts 17 goederentreinen en 24 personentreinen per dag vanaf de ingebruikname uit. Om deze reden werd de terugverdientijd verlengd tot 36 jaar. Intern rekenen de Deense planners echter al voor een eerder tijdstip als publiek kenbaar gemaakt met een verdrievoudiging van het huidige voertuigentransport op de veerverbinding Rødby-Puttgarden.

De Grote Beltbrug

Vergelijking met Grote Beltbrug

In een interview met radiozender Deutschlandfunk Kultur in juli 2017 vergeleek de voorzitter van de Deense organisatie Femern Belt Development, Holger Rasmussen, de controverse discussie in Denemarken voor de bouw van de Grote Beltbrug (tussen Funen en Seeland) met tolautoweg en spoorverbinding met die in Duitsland over de al jaren omstreden vaste Fehmarnbeltverbinding. De Grote Beltbrug werd in 1998 geopend. “Daarvoor was de transportcorridor (met veren) over de Grote Belt niet meer dan 8.000 voertuigen per dag. Nu zijn er meer dan 34.000 auto’s per dag die deze oversteek maken. En dat zal ook hier (bij de Fehmarnbelt, red.) gebeuren”, aldus Rasmussen. Voor het verkeer over de vaste Fehmarnbeltverbinding zou daarmee met een frequentie van 17.000 voertuigen wellicht al enkele jaren na de ingebruikname van de tunnel gerekend moeten worden, met een stijgende tendens.

‘From road to rail’

Het ligt echter in de rede dat de Europese Commissie het economische nut van het mega-bouwproject en daarmee de miljardensubsidie opnieuw zal evalueren. Ook moet gekeken worden of er sprake is van het EU-beginsel ‘from road to rail’, oftewel de nagestreefde verplaatsing van goederenverkeer van de weg naar het spoor. Het EU-potje voor de TEN-trajecten is uitdrukkelijk bedoelt voor deze verlegging van verkeer van de weg naar het spoor bedoeld.

Posted on

Polen begint aanleg kanaal door Wislaschoorwal

Op de Wislaschoorwal zijn de eerste voorbereidingen begonnen voor de aanleg van een kanaal dwars door de landtong. Polen wil met het kanaal de haven van de Hanzestad Elbing (Elbląg) vanaf de Oostzee bereikbaar maken zonder door Russische wateren te hoeven.

Voorlopig wordt er alleen nog geologisch en geodetisch voorwerk gedaan, om het voornemen ook vanuit ecologisch gezichtspunt te kunnen beoordelen. Milieuactivisten zijn tegen de plannen voor het kanaal. Zij wijzen er op dat de plannen de migratieroutes van diverse diersoorten zouden verstoren.

Toerisme stimuleren

De bedoeling is dat er een kanaal van 1,3 kilometer lang, tot 80 meter breed en 5,5 meter diep aangelegd wordt dat de Wislaschoorwal doorkruist en het Wislahaf binnen het Poolse territorium met de Bocht van Dantzig verbindt. Met de aanleg van het kanaal hoopt men onder andere de pleziervaart en daarmee het toerisme in de regio te stimuleren.

Nationale veiligheid

Eerder wees de Poolse regering vooral op het belang van de plannen voor de nationale veiligheid. Reddingsboten en schepen van de kustwacht krijgen hierdoor gemakkelijker toegang tot de haf, aldus het Poolse ministerie van Maritieme Economie en Binnenvaart in een toelichting. In de huidige situatie is het Wislahaf vanaf de Oostzee alleen bereikbaar via de straat van Baltiejsk, die in de Russische exclave Kaliningrad ligt. Baltiejsk is een belangrijke Russische marinehaven. 

Kosten

De aanleg van het kanaal kost omgerekend zo’n 190 miljoen euro. De kosten voor het onderhoud van de kanaalinfrastructuur wordt op 700.000 euro per jaar geraamd.

De locatie waar het kanaal moet komen

Strandmeer

Een haf is een strandmeer bij de monding van een rivier, dat van de zee gescheiden wordt door een schoorwal. De Oostzee ken drie grote haffen, het Oderhaf ten noorden van Stettin, het Wislahaf en het Koerse Haf tussen Kaliningrad (Koningsbergen) en Klaipeda (Memel) in Litouwen. Het Wislahaf wordt, anders dan de naam doet vermoeden niet door de rivier de Wisla (Weichsel), die direct in de Bocht van Dantzig uitmondt, gevoed, maar door een zijtak van de Wisla. Via die zijtak hebben binnenvaartschepen vanuit Elbing wel toegang tot de Wisla, die langs belangrijke Poolse steden als Thorn, Warschau en Krakau stroomt.

Posted on

Nord Stream 2 is beslissende slag in economische oorlog

Rond de jaarwisseling kwamen er nieuwe aanvallen vanuit de VS in hun al jaren durende economische oorlog tegen Duitsland. Wat er met de Nord Stream 2-pijpleiding gebeurt is van betekenis voor de toekomst van Europa.

De Amerikaanse ambassadeur in Berlijn bedreigde de bedrijven die de Nord Stream 2-pijpleiding door de Oostzee aanleggen met gerichte sancties – en dat zelfs schriftelijk. Kort daarvoor had de Amerikaanse senaat de Amerikaanse regering en de NAVO ertoe opgeroepen de Nord Stream 2-pijpleiding “met alle middelen” tegen te gaan. En president Trump had de Duitse regering eind vorig jaar reeds meermaals een ultimatum gesteld om de aanleg van de pijpleiding af te breken. Trump schroomt evenmin als zijn ambassadeur om de ware redenen voor zijn strijd tegen Nord Stream 2 bloot te leggen. Deze zou tussen de verkoop van de rond een derde duurdere Amerikaanse energiedragers naar Europa komen.

LNG-terminal

De Duitse regering heeft op deze druk weliswaar een half miljard beschikbaar gesteld om de LNG-handel met Duitsland mogelijk te maken door de bouw van een terminal. De Amerikanen weten echter dat ze qua prijs in Europa niet kunnen concurreren en willen derhalve met alle geweld iedere goedkopere levering door Rusland verhinderen.

Economische oorlog

De slag om Nord Stream 2 is het hoogtepunt van een reeds langer gevoerde economische oorlog tussen de VS en Duitsland. De VS zien Duitsland, niet zonder recht, als economische ruggengraat van de EU en de Eurozone, die  de Amerikaanse plannen voor (economische) wereldheerschappij in de weg zit.

Spionage

De basis van de Amerikaanse maatregelen is het compleet bespioneren van Duitsland. Het recht daartoe hebben de Amerikanen eerst verkregen door het bezettingsrecht en daarna door het Twee-plus-Vier-verdrag veiliggesteld. De Snowden-onthullingen hebben laten zien hoe de Amerikaanse inlichtingendiensten iedere e-mail, surfactie en telefoongesprek door hun in Duitsland geïnstalleerde spionage aftappen, opslaan en door programma’s geautomatiseerd laten uitkammen.

De Amerikaanse overheid kan dus in detail op de hoogte zijn van beslissingen van Duitse bedrijven voor ze überhaupt openbaar gemaakt worden. En kan meteen overgaan tot het opleggen van sancties en boetes om de Duitse concurrentie op de wereldmarkt te schaden. Zo werden aan Deutsche Bank tot nu toe boetes van bij elkaar circa twaalf miljard dollar opgelegd, tegen Volkswagen van meer dan tien miljard en tegen de gezamenlijke Duitse economie meer dan 30 miljard.

Innovatie

Daarbij komt dat overal waar Duitse patenten en kennis superieur waren aan de Amerikaanse, deze door de Amerikaanse overheid aan Amerikaanse bedrijven doorgespeeld werden en buitenlandse opdrachtgevers onder druk gezet om hun opdrachten aan Amerikaanse bedrijven te geven. Edward Snowden heeft hier uitvoerig over gepubliceerd. Al in de oorlog van Boeing tegen Airbus hebben de Duitse regering en de Europese Commissie zich opvallend ingehouden onder de Amerikaanse afpersing, in plaats van te protesteren of de openbaarheid te zoeken.

Eurocraten

In de nieuwe slag om Nord Stream 2 is de opstelling van de Europese politiek volledig onbegrijpelijk. Angela Merkel heeft geprobeerd door hoge compensatiebetalingen aan Oekraïne en Polen de weerstand te verminderen, maar zonder succes. De bondskanselier heeft weliswaar de door de VS geëiste stop niet doorgevoerd, maar ze heeft ook niet geprotesteerd. De eurocraten willen de pijpleiding ook niet, omdat Polen er tegen is, en Amerikaanse financiële kringen de van hen afhankelijke EU-politici en -organisaties intensief bewerken.

Europese belangen of Amerikaanse?

De economische oorlog tussen de VS en de EU wordt in de slag om Nord Stream 2 besloten. Als Duitsland en de EU toegeven aan de afpersing door de VS, dan is definitief duidelijk dat het in economisch opzicht niet meer om Duitse of Europese belangen gaat, maar uitsluitend om Amerikaanse, dat Europa kortom als kolonie van de VS moet gehoorzamen en zich moet laten uitbuiten.

Wordt de slag om Nord Stream 2 echter gewonnen, dan is daarmee ook meer onafhankelijkheid voor Europa van de VS gewonnen, met effect op de lange termijn. Derhalve grijpen de VS nu naar bijzondere maatregelen. Gerichte sancties moeten de contractueel toegezegde deelname van een Nederlands gespecialiseerd schip verhinderen om daarmee de aanleg stil te leggen en te vertragen. Eerder waren reeds alle banken die aan Nord Stream 2 wilden meedoen bedreigd met internationale strafmaatregelen. Het gaat om oorlog met alle middelen om de verkoop van Russisch gas in Europa te hinderen en Amerikaans gas te slijten.

Duitsland staat alleen

Analysten houden het intussen voor waarschijnlijk dat de VS zullen winnen. Ze kunnen voor hun economische oorlogvoering alle internationale organisaties als IMF, Wereldbank en NAVO mobiliseren. Daarnaast hebben ze door hun sanctiedreigementen ook de grote bedrijven en banken van de wereld geneutraliseerd. De VS kunnen praktisch de hele wereld bestraffen, omdat Amerikaanse rechtbanken overal jurisdictie hebben waar een rekening in dollars betaald wordt of werd. Duitsland heeft echter zelfs in Europa nauwelijks echte bondgenoten in deze kwestie. Uitgesproken vijanden, zoals Polen, de Baltische staten en Oekraïne zijn er wel. Ook het Verenigd Koninkrijk, zelf een grote belanghebber bij de toevoer van Russisch gas, is om redenen van trans-Atlantische loyaliteit tegen de pijpleiding.

Posted on

“Een sterke plaats voor de Lage Landen in het Verre Westen van Eurazië”

Op 17 november aanstaande organiseert het Geopolitiek Instituut Vlaanderen-Nederland voor de tweede maal een congres in Leuven, ditmaal onder het thema ‘Een eerlijke kijk op geopolitiek’. Eén van de sprekers op dat congres is de Brusselse publicist Robert Steuckers, Novini sprak met hem.

Meneer Steuckers, u spreekt op 17 november aanstaande op het congres van het GIVN, over welk onderwerp zult u daar spreken en waarom juist dat onderwerp?

Eerst over een algemene definitie van wat in mijn ogen geopolitiek wel is: de noodzakelijkheid de lessen van de geschiedenis te onthouden op ieder specifiek stuk land op deze aarde. Geschiedenis is tijd en aardrijkskunde is ruimte. Niets gebeurt buiten tijd en ruimte. Dan, in het tweede deel, over geopolitiek in de specifieke tijd en de eigen ruimte van onze Lage Landen. Welke geopolitieke lessen kunnen wij trekken uit ons verleden, een verleden dat wij niet altijd zelfstandig hebben kunnen bepalen?

U heeft al veel geschreven over de geopolitiek van Europa, wat heeft in eerste instantie uw belangstelling voor die materie gewekt?

Ik werd altijd, zelfs als kind, gefascineerd door geschiedenis en door atlassen, in het bijzonder door historische atlassen. Met historische kaarten heb ik kunnen ontdekken dat door overwinningen en nederlagen onze huidige tijd er heel anders uit had kunnen zien. De regels van deze vooruit- of achteruitgangen uit het verleden moeten onderzocht worden. Daarom de drie delen van mijn recente drieluik, dat als titel “Europa” draagt. Wat in het verleden is gebeurd kan zich vaak herhalen op dezelfde plaatsen waar ze ooit aan de oude geschiedenis vorm en inhoud hebben gegeven.

Zijn er uit de huidige trends op dit gebied bepaalde ontwikkelingen voor de middellange termijn af te leiden? Zo ja, welke ontwikkelingen kunnen we als eerste verwachten? Zijn er bepaalde zaken die onze bijzondere aandacht verdienen als het om de toekomst van Europa gaat?

De trend die men vanuit Amsterdam, Rotterdam, Antwerpen of Brussel moet observeren en volgen, is ontwijfelbaar de strijd tussen een hernieuwde poging om de verschillende grote regio’s van Eurazië communicatief (spoorwegen, wegen, kanalen) te verbinden, meestal vanuit China, en de inspanningen van Amerika om de realisatie van deze verbindingen binnen de Euraziatische landmassa te verhinderen. Wij moeten schema’s en plannen schetsen om een sterke plaats voor de Lage Landen en voor Midden-Europa te vinden of beter, terug te vinden, hier in het Verre Westen van Eurazië. Daarom is het ook nodig de tot hiertoe verborgen gebleven wortels van een potentiële geopolitiek voor de Lage Landen grondig te doordenken.

Hartelijk dank voor uw antwoorden!

Het 2e congres van het Geopolitiek Instituut Vlaanderen-Nederland (GIVN) onder het thema ‘Een eerlijke kijk op geopolitiek’ vindt plaats op zaterdag 17 november 2018, van 14.00 tot 17.00 uur aan de Andreas Vesaliusstraat 2 te Leuven. Van deelnemers wordt een kleine bijdrage in de onkosten gevraagd.

Posted on

China en Noord-Korea: tegen wil en dank tot elkaar veroordeeld

De ogen waren in het Westen steeds gericht op Trump en Kim Jong-un, maar hoe staat het eigenlijk met de verhouding tussen Noord-Korea en China? Na al het retorische geweld en vervolgens de vredige top tussen de leiders van de Verenigde Staten en Noord-Korea, blijft het uiterst relevant te weten welke invloed China achter de schermen uitoefent. Hoe zag de verhouding tussen China en Noord-Korea er de afgelopen decennia überhaupt uit? En welke ontwikkelingen maken dat, na een dieptepunt in 2015, de betrekkingen nu plotseling aanzienlijk beter lijken te zijn?

Het is 4 september 2015. In de Chinese hoofdstad Peking zit de toenmalige Zuid-Koreaanse president Park Gyeun-hye prominent naast haar Chinese collega president Xi Jinping. Geamuseerd kijken ze naar een legerparade ter ere van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Terwijl beide leiders innig in gesprek zijn, zit Choe Ryong-hae – een hoge functionaris uit Noord-Korea – op enkele meters afstand. Decennia geleden had een vertegenwoordiger van Noord-Korea op de stoel naast de Chinese president gezeten en was dit beeld ondenkbaar geweest. De functionaris, die werd uitgezonden als de persoonlijke vertegenwoordiger van Kim Jong-un, werd zelfs een korte ontmoeting met Xi Jinping geweigerd. Het onderstreepte de diepe kloof die bestond tussen de twee landen.

De Zuid-Koreaanse president Park Geun-hye kreeg een prominente plaats op de tribune bij een militaire parade ter herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Peking, 2015.

Hoe anders is het beeld sinds maart 2018. De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un is inmiddels tot drie keer toe op bezoek geweest bij de Chinese president. Met zijn zwaar gepantserde trein raasde Kim door het Chinese landschap. Peking werd compleet voor hem stilgelegd. Na een innige ontmoeting en een urenlange bespreking waren Kim en zijn vrouw te gast bij een uitgebreid staatsbanket. Speeches volgden. Beide leiders prezen de zeventig jaar lange ‘goede’ relatie tussen beide landen. Xi beloofde economische samenwerking. Alsof er drie jaar geleden niets was gebeurd. Het is tekenend voor de ongemakkelijke relatie tussen beide landen. China is niet blij met het gedrag van Noord-Korea, dat al jarenlang aan een nucleair wapenarsenaal werkt. Toch blijft China trouw steun verlenen aan Kims regime. Waar komt deze onvoorwaardelijke steun vandaan? Wat belemmert het machtige China in te grijpen? En hoe verhoudt deze ongemakkelijke relatie zich tot het geopolitieke schaakspel dat Noordoost-Azië sinds de Koude Oorlog in haar greep houdt?

Veiligheidsparaplu
De innige vriendschap tussen beide communistische volkeren ontstond tijdens de Koreaanse Oorlog die van 1950 tot en met 1953 gevoerd werd. Het Chinese volksleger van Mao Zedong schoot de Noord-Koreanen te hulp nadat de troepen van de Verenigde Naties dicht bij de Chinese grens kwamen. Met hulp van de Chinezen werden de VN-troepen weer teruggedrongen naar de 38-ste breedtegraad. Het is dankzij de Chinezen dat Noord-Korea überhaupt bestaat.

Na de wapenstilstand van 1953 – een vredesverdrag werd nooit getekend – trokken China en Noord-Korea samen op. Hun onvoorwaardelijke vriendschap werd verankerd in het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag van 1961. In dit verdrag verklaren de twee staten zich met ‘alle nodige maatregelen’ te zullen verzetten tegen elk land of elke coalitie van landen die één van hen zou kunnen aanvallen. Na de Koreaanse Oorlog schaarde Noord-Korea zich onder de ‘veiligheidsparaplu’ van China. Zuid-Korea schaarde zich onder die van de Verenigde Staten.

Tijdens de Koude Oorlog veranderde er weinig in de Sino-Noord-Koreaanse betrekkingen. Hoewel er ten tijde van de Culturele Revolutie spanningen waren – naar verluidt vonden de Noord-Koreanen het ‘een grote krankzinnigheid’ – heeft China decennialang onvoorwaardelijke economische en politieke steun verleend. Voor China heeft Noord-Korea altijd gediend als een ideale bufferstaat tussen China zelf en het kapitalistische Zuid-Korea en Japan, die beide onder invloed van de Verenigde Staten staan. Hoewel arm en weinig invloedrijk, diende Noord-Korea de belangen van China door in de regio tegen de Amerikanen te ageren.

Een faalveilig mechanisme
Na de Koude Oorlog veranderde dit beeld. Toen de Sovjet-Unie instortte en wegviel als economische donor van Noord-Korea, probeerde China het gat op te vullen. China kreeg echter al snel te maken met eigen economische problemen. Hierdoor kwam Noord-Korea er alleen voor te staan. Overal ter wereld zag het Noord-Koreaanse regime voormalige onvoorwaardelijke allianties uit elkaar vallen. Socialistische dictaturen werden bloedig omvergeworpen en maakten plaats voor de liberale marktdemocratie. In 1994 overleed president Kim Il-sung en was de Noord-Koreaanse economie volledig ingestort, met een enorme hongersnood tot gevolg. Noord-Korea stond op de rand van de afgrond.

China transformeerde ondertussen tot een economische grootmacht. In dit proces haalde China zelfs de banden met Zuid-Korea aan. Terwijl Zuid-Korea als soeverein land werd erkend door China en Rusland, weigerden Japan en de Verenigde Staten hetzelfde te doen met Noord-Korea. De Chinese ‘veiligheidsparaplu’ leek weg te vallen. Wat was het Sino-Koreaanse Vriendschapsverdrag nog waard? Het kwetsbare Noord-Korea had een faalveilig mechanisme nodig om overleving van het regime te garanderen. Het besloot kernwapens te ontwikkelen.

Speldenprikjes
China heeft de afgelopen decennia vaak laten weten niets op te hebben met deze nucleaire ambities. De constante spanningen die erdoor oplaaien in de regio zijn niet in het belang van de Chinezen. Zij willen juist regionale stabiliteit ten behoeve van de groei van de Chinese economie.

Toch heeft China bijzonder weinig gedaan om de ontwikkeling van Kims kernwapenprogramma tegen te werken. Terwijl de internationale gemeenschap na iedere nucleaire test steeds weer strengere sancties oplegde, bleef China Noord-Korea oogluikend ondersteunen. VN-resoluties werden afgezwakt door Chinees toedoen en in de praktijk vaak niet uitgevoerd. Terwijl Peking beweerde zijn best te doen de sancties tegen Noord-Korea te handhaven, werd in Dandong aan de grens met Noord-Korea nog volop gehandeld.

De maatregelen die China wél tegen Noord-Korea heeft genomen zijn slechts speldenprikjes geweest. Voorbeelden daarvan zijn het tijdelijk afknijpen van de olietoevoer, het aan banden leggen van de import van Noord-Koreaanse kolen en het geven van een diplomatieke voorkeursbehandeling aan Zuid-Korea. Hoewel de Chinese maatregelen leidden tot ongemakken in de Noord-Koreaanse samenleving, hebben ze op geen enkel moment het regime aan het wankelen gebracht. China heeft er altijd voor gezorgd dat Noord-Korea het hoofd boven water kon houden.

De reden daarvoor is dat het alternatief voor de Chinezen nog vele malen onaantrekkelijker is. Een ineenstorting van het Kim-regime zou voor China desastreus uitpakken. China zou ten eerste te maken krijgen met een ongekende vluchtelingenstroom aan zijn grenzen. Ten tweede is het allerminst zeker wat voor regime de macht in Noord-Korea zou overnemen. Bij regime change is bijna altijd sprake van bloedvergieten. Zeker omdat daar kernwapens bij kunnen worden ingezet, wil China dat risico liever vermijden. Ten derde zal China met het wegvallen van Kim aanzienlijke regionale politieke invloed verliezen. Als Zuid-Korea – met een economie bijna veertig keer zo groot als die van de noorderbuur –- invloed zou krijgen over Noord-Korea, kunnen de Amerikanen heel dicht bij de Chinese grens komen.

Amerikaanse druk
De Amerikanen ergeren zich al jaren aan het tegenstrijdige beleid van China. Zij willen het liefst Noord-Korea politiek en economisch zoveel mogelijk onder druk zetten tot Kim eindelijk zal toezeggen zijn kernwapens op te geven. President Trump zei: “Zonder de hulp van China kan Noord-Korea niet eens eten. Om het Noord-Koreaprobleem op te lossen, moeten we achter China aan.”

Trump voerde de druk op China op om de strenge sancties tegen Noord-Korea te handhaven. President Xi werd voor het blok gezet. Óf het Kim-regime blijven steunen, óf de Chinese handelsbelangen met Amerika behartigen. Even leek China voor het laatste te kiezen. Onder druk van de Amerikaanse president werd recent zelfs de handel in de Chinese grensgebieden zo goed als stil gelegd. Tot er iets historisch gebeurde. Kim Jong-un beloofde te stoppen met het testen van nucleaire wapens en langeafstandsraketten. Van kreupelende sancties en oorlogsretoriek ging het ineens over het sluiten van een vredesverdrag en diplomatieke toenadering. Op 12 juni 2018 vond een ontmoeting plaats tussen Trump en Kim Jong-un. Dat was de eerste keer dat een leider van Noord-Korea en een zittende Amerikaanse president elkaar ontmoetten. De twee leiders beloofden met elkaar te onderhandelen. Hierdoor was de diplomatieke druk van de ketel. Omdat de Amerikanen toenadering zochten tot Noord-Korea, kon Xi zich losweken van de druk om de sancties uit te voeren. Sinds de top van 12 juni wordt er weer volop gehandeld over de Chinese grens. Er gaat zelfs het gerucht dat president Xi binnenkort naar de Noord-Koreaanse hoofdstad Pyongyang zal afreizen om Kim te ontmoeten.

Breekijzer
Xi ziet het liefst een politiek stabiel en economisch voorspoedig Noord-Korea aan de grens. Daarom wil China dat Noord-Korea zijn economie hervormt, zoals het land zelf onder Deng Xiaoping eerder in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw heeft gedaan. China zat in de jaren zeventig van de vorige eeuw nog in een vergelijkbaar parket als waar Noord-Korea momenteel in zit. Er is sprake van een totalitaire leider, een failliet economisch systeem en het land wordt bovendien internationaal verguisd vanwege het kernwapenprogramma en de massale schending van de mensenrechten. In een opmerkelijke en tegelijkertijd indrukwekkende transformatie veranderde China binnen enkele decennia in een economische en politieke wereldmacht. Noord-Korea zou op zijn minst een vergelijkbare ontwikkeling op economisch gebied kunnen doormaken.

vrachtwagens wachten tot ze de grens tussen China en Noord-Korea over mogen (foto: Roman Harak).

Momenteel vinden officieus al op beperkte schaal economische hervormingen in Noord-Korea plaats. Maar hoewel zo’n tachtig procent van de bevolking afhankelijk is van de kapitalistische grijze en zwarte markten, blijft de regering vasthouden aan het socialistische ideaal. Evenals China stelt Noord-Korea bij alle ontwikkelingen altijd de veiligheid en het voortbestaan van het regime voorop. Daarom kan er pas nu Noord-Korea zijn kernwapenprogramma op orde heeft worden toegewerkt naar een hervorming van de economie. Dat gebeurt langzaam maar gestaag. Sinds enkele jaren mogen Noord-Koreaanse staatsbedrijven wat ze produceren boven de door de overheid voorziene quota zelf op de markt brengen en de winst behouden. Bedrijven zijn vrij om dat geld zelf te investeren. Het resultaat is een flexibelere economie, die steeds meer in contact treedt met het buitenland.

Een glimp daarvan valt op te vangen bij de halfjaarlijkse Pyongyang International Trade Fair. Een soort huishoudbeurs waar Chinese bedrijven hun producten slijten aan vermogende Noord-Koreanen. Tijdens mijn reizen heb ik gezien dat er een enorme aanloop was op deze beurs. Flat screentelevisies, keukenapparatuur en zelfs zonnepanelen werden massaal verhandeld. Je kunt het zo gek niet verzinnen of het vond bij de Noord-Koreanen gretig aftrek. Op de beurs wordt, opvallend genoeg, afgerekend in Chinese yuan of Amerikaanse dollars. De Chinezen zien nieuwe zakelijke kansen in Noord-Korea en hopen met het investeren in de Noord-Koreaanse economie het land meer te openen naar de buitenwereld, en vooral naar  China toe.

De Nieuwe Zijderoute
Uiteraard vormt de economie ook een belangrijk onderwerp bij de besprekingen tussen Xi en Kim. In het eerste gesprek met Kim vertelde Xi zeer verheugd te zijn met het besluit van Pyongyang om prioriteit te geven aan economische ontwikkeling. Een vervolg liet niet lang op zich wachten. In mei 2017 nodigde China Noord-Korea uit voor de eerste Belt and Road-top. Noord-Korea maakt vooralsnog geen deel uit van China’s Belt and Road-initiatief – een reusachtig plan voor het bouwen van hoogwaardige infrastructuur op het Euraziatische continent. Maar dat ziet China graag veranderen. Met de uitnodiging aan Noord-Korea om deel te nemen aan dit initiatief geeft China aan klaar te staan om flink in Noord-Korea te investeren. Daar wil China niet alleen financieel wijzer van worden.

Een prioriteit is om van Noord-Korea een stabielere en voorspelbaarder bondgenoot te maken. Het valt nog te bezien of Kim Jong-un gevoelig is voor het Chinese grote geld. Noord-Korea blijft als de dood dat buitenlandse investeerders zich in binnenlandse politieke aangelegenheden zullen mengen. Maar als Kim zijn economie op het beloofde ‘wereldniveau’ wil brengen, zal hij het ook moeten aandurven om buitenlandse investeringen aan te trekken.

Of dit gaat gebeuren hangt voor een groot deel af van de gesprekken tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten. Als die onderhandelingen mislukken, kunnen de spanningen tussen China en Noord-Korea ook snel weer groter worden. De druk van de Verenigde Staten op China om de sancties te handhaven zal dan weer toenemen. Het bewijst eens te meer dat de relatie tussen Noord-Korea en China een bijzonder ongemakkelijke is. Het is dan ook de vraag of Kim Jong-un bij een eventueel bezoek aan een toekomstige, grote Chinese militaire parade naast Xi Jinping mag zitten, of genoegen moet nemen met een plekje achterin.

Michiel Hoogeveen ~ Het kluizenaarskoninkrijk