Posted on

Toch geen Groene premier in Hessen

Na de verkiezingen voor de landdag van Hessen van vorige week zondag waren getalsmatig ook een grote coalitie van CDU en SPD en een ‘stoplichtcoalitie’ van SPD, Groenen en FDP mogelijk geweest. Maar het lijkt op een voortzetting van de coalitie van CDU en Groenen uit te lopen, zij het met een sterkere junior-coalitiepartner.

De Groenen waren immers een grote winnaar in de verkiezingen. Toch was de winst niet zo overweldigend als door sommigen gedacht. De Groenen onder leiding van de vice-premier van de deelstaat, Tarek al Wazir, boekten weliswaar aanzienlijke winst en voerden op de verkiezingsavond een nek-aan-nek-race met de SPD om de tweede plaats.

Geen tweede Groene deelstaatpremier

De hoop dat Al Wazir, na Winfried Kretschmann in Baden-Württemberg, de tweede deelstaatpremier van de Groenen zou kunnen worden, lijkt echter niet vervuld te worden. Dit lag er ook aan dat de socialistische partij Die Linke met zo’n zes procent van de stemmen niet zo sterk werd als verwacht en de AfD met 13,1 procent toch relatief goed uitkwam.

De verliezen voor de voormalige volkspartijen vielen in de van tevoren verwachte omvang uit. De SPD, die Hessen decennia lang regeerde, verloor zo’n tien procentpunten en behaalde haar slechtste resultaat sinds de oorlog. Het gooide weer olie op het vuur van de discussies binnen de SPD of de federale coalitie met CDU en CSU wel voortgezet moet worden.

Zoveelste nederlaag voor SPD

Want hoewel het voor de Hessische SPD-leider Thorsten Schäfer-Gümbel de zoveelste nederlaag is, wordt het slechte resultaat voor de sociaaldemocraten vooral tot de federale politiek herleid. Weliswaar zou een coalitie van CDU en SPD evenveel zetels hebben als een coalitie van CDU en Groenen of een Stoplicht-coalitie. Maar beide opties met de SPD gelden als onwaarschijnlijk.

Grootste verliezer CDU kan verder regeren

Zodoende blijft een andere verliezer van de verkiezingen in het ambt. De CDU onder leiding van deelstaatpremier Volker Bouffier behaalde met zo’n 27 procent een slecht resultaat (-11,3 pp), maar zal toch opnieuw de leiding hebben. De CDU verloor zo’n 50.000 kiezers aan het kamp van de niet-stemmers en zo’n 90.000 stemmen aan de AfD. “Dat laat zien dat de zaken complex zijn en de waarheid in het midden ligt”, reageerde Bouffier desgevraagd nietszeggend. Ook hij wees op de voortdurende strijd binnen de federale coalitie die niet bevorderlijk zou zijn geweest.

Met of zonder liberalen

Vast staat dat de CDU nu samen moet werken met een duidelijk versterkte coalitiepartner. Of Bouffier ook de liberale FDP uit zou nodigen voor coalitiegesprekken liet hij in het midden. Ook zonder de liberalen is er een meerderheid. “Het hoort zo, dat we met alle democratische mededingers spreken.”

De FDP won licht en profiteerde kennelijk van de angst voor een coalitie van Groenen, SPD en Linke. De liberalen zijn echter niet meer de natuurlijke wijkplaats voor teleurgestelde CDU-kiezers. Zelf zijn de liberalen graag bereid de coalitie te versterken. Federaal partijleider van de liberalen, Christian Lindner, zei verder dat de grote coalitie in Berlijn alleen nog bij elkaar wordt gehouden door “angst voor de kiezer”.

Geringe winst Die Linke, tevreden AfD

Tegenstrijdig waren de reacties van Die Linke. Terwijl de Hessische lijsttrekker Janine Wissler verheugd was over het verkiezingsresultaat (3 zetels winst), was federaal voorzitter Katja Kipping teleurgesteld. “Je hoopt altijd op meer. Ook gezien de peilingen hadden we op nog een paar procentpunten meer gehoopt.” Volgens haar waren de verkiezingen in Hessen echter een duidelijk signaal voor de federale grote coalitie.

De AfD kondigde intussen keiharde oppositie aan. De 13,1 procent die de partij onder lijsttrekker Rainer Rahn behaalde, zijn geen slecht resultaat, ook als de partij op iets meer gehoopt had. “We zijn nu in alle 16 [deelstaat] parlementen vertegenwoordigd, dat is historisch. We hebben in vergelijking met de Bondsdagverkiezingen nog eens winst geboekt en hebben alle reden dit resultaat te vieren”, aldus Rahn.

De kiezers van de Groenen zijn geconcentreerd in de stedelijke gebieden.

Geografische spreiding

Zoals in de Beierse verkiezingen twee weken eerder ook al te zien was, scoorden de Groenen vooral in de grote steden. In Frankfurt werden ze zelfs de grootste. Ook de AfD deed het in de links-liberale stad aan de Main echter niet slecht. De bolwerken van de AfD lagen in Hessen net als in de federale verkiezingen in het noorden en oosten van de deelstaat. Ook in grotere steden als Kassel en Fulda deden de nationaal-conservatieven het goed.

De grote winnaars van de verkiezingen in Beieren, de Freie Wähler, konden ook winst boeken in Hessen. Ze wonnen 1,8 procentpunten, maar bleven met drie procent van de stemmen zoals verwacht onder de kiesdrempel.

Posted on

Duitse Groenen kunnen niet wachten om te regeren. Maar met wie?

Jarenlang golden in Duitsland de Groenen als favoriete partner voor een coalitie onder leiding van de SPD. Nu zouden de krachtsverhoudingen wel eens kunnen veranderen. Bij de sociaaldemocraten neemt de nervositeit reeds toe.

In recente peilingen liggen de Groenen bijna gelijk met de SPD. In de komende verkiezingen voor de landdagen van Hessen en Beieren dreigen voor de sociaaldemocraten historisch slechte, maar voor de Groenen bijzonder goede resultaten. In Beieren lijken de Groenen de SPD zelfs voorbij te streven.

De directeur van opiniepeiler Forsa gelooft niet dat de sociaaldemocraten zich op termijn nog zullen herstellen. Duitsland kon wel eens een nieuwe rangorde van de partijen te wachten staan, aldus Manfred Güllner tegenover de Neue Osnabrücker Zeitung. “Tussen SPD en Groenen zouden de verhoudingen qua grootte ook op federaal niveau al snel omgekeerd kunnen worden. Om op een beeld van Gerhard Schröder voort te borduren: De Groenen hebben de kans, kok te zijn, terwijl de sociaaldemocraten zich met de rol van ober moeten verzoenen”, aldus Güllner verder.

De plaatsvervangende SPD-voorzitter Ralf Stegner appelleerde vorige week haast smekend aan de Groenen om ook in de toekomst voor samenwerking op links te kiezen: “De Groenen zijn nodig om een meerderheid buiten de Unie (van CDU en CSU, red.) tot stand te brengen.” In het partijenspectrum blijft de Unie volgens Ralf Stegner de hoofdtegenstander. “Het gaat erom weerwerk te leveren aan de rechtse partijen”, aldus Stegner tegenover dagblad Die Welt.

De Groenen-politicus Jürgen Trittin had daarvoor gesteld dat de SPD-top zich op een slingerkoers begeeft, waarmee die partij zou kunnen vastlopen: “De voorzitter Andrea Nahles en vice-bondskanselier Olaf Scholz lijken het zich gemakkelijk te willen maken in een Babylonische gevangenschap met CDU en CSU”, aldus de oud-minister van Milieu. In plaats van de Unie sterker te bestrijden, grenzen ze zich volgens hem nog scherper van de Groenen af.

De Groenen doen ondertussen hun eigen ding. Het nieuwe leidersduo toert al een paar weken door het land. ‘Des Glückes Unterpfand’ hebben Annalena Baerbock en Robert Habeck hun zomertoer gedoopt: “We willen weten wat dit land bij elkaar houdt”, zegt Baerbock. “We willen op reis gaan en zien: waar is eenheid, hoe versterken we onze vrijheid en ons recht.”

De verwijzingen naar het Duitse volkslied zijn niet per ongeluk. Verkiezingen worden vanouds in het midden gewonnen. De Groenen hebben nog altijd de reputatie van multiculti-utopisten. Sinds de telegenieke Habeck door de talkshows toert, schieten de percentages van de Groenen in de peilingen omhoog. De Sleeswijk-Holsteiner is weliswaar eerder van de linker partijvleugel, maar hij spant zich toenemend in om een burgerlijke toon aan te slaan.

De wil om te regeren is bij de Groenen namelijk erg groot. “Met de SPD wordt dat lastig, omdat ze eerder slinkt dan toeneemt”, aldus oud-partijleider Trittin. En Die Linke zou verscheurd kunnen worden door de oprichting van Sahra Wagenknechts beweging ‘Aufstehen’. De Groenen laten zelf echter ook geen uniforme indruk achter. De  premier van Baden-Württemberg Winfried Kretschmann zet zich al jaren in voor een federale coalitie van christendemocraten en Groenen, zoals dat in zijn deelstaat, maar ook in Hessen allang realiteit is.

http://www.novini.nl/beierse-landdag-fiasco-voor-csu-afd-maakt-kans-op-een-na-grootste-te-worden/

Intern wordt intussen zelfs over het ondenkbare gediscussieerd. Zouden de Groenen het zien zitten om in Beieren de CSU aan een regeringsmeerderheid te helpen? Waarschijnlijk is het vooralsnog niet. Want intern is er al weerstand tegen de koers van het leidersduo om zich af te zetten tegen de SPD. Zo maande plaatsvervangend voorzitter Jamila Schäfer de partijen links van de Unie de rangen te sluiten. “Belangrijk is dat we het progressieve deel van de samenleving niet als een koek zien, waarvan Linke, SPD en Groenen om het grootste stuk strijden”, aldus Schäfer tegenover Die Welt. “Maatschappelijke meerderheden kunnen veranderen. Hoe plausibeler we onze ideeën uitleggen, hoe groter de koek wordt”, vervolgde Schäfer en distantieerde zich daarmee duidelijk van Trittin.

De uitspraak van die laatste dat Groenen en SPD geen “van God gegeven partners” zijn, alarmeert de sociaaldemocraten. “Wij geven kennelijk betere antwoorden dan de sociaaldemocraten op de thema’s waar de mensen mee zitten, die zich zorgen maken om het sociale, gezondheid en de zorg”, aldus Trittin.  De woordvoerder van de Seeheimer Kreis, oftewel de rechter vleugel van de SPD, Johannes Kahrs sprak van “verbaal dringen”. De SPD werkt volgens hem vaak goed en succesvol samen met de Groenen. “Om nu met de Groenen te gaan vechten, is volstrekt overbodig”, aldus Kahrs tegenover omroep NDR.

“De leidende kracht van centrumlinks” willen de Groenen worden, zo luidt hun officiële lijn. Maar om te regeren zouden ze op federaal niveau wel meer dan één partner nodig hebben. Die Linke is hun verdacht, de SPD te onsuccesvol. “Vanwege de verschuiving naar rechts van de afgelopen jaren, is er momenteel objectief geen meerderheid links van het midden”, zei Trittin, die zich op de linker vleugel van de Groenen bevindt en ooit minister van Milieu was in een kabinet met de SPD. Linkse meerderheden zijn er volgens hem alleen in veel losse politieke vraagstukken. “Dat brengt zowel de SPD als de Groenen in de situatie dat ze feitelijk alleen de mogelijkheid hebben om te regeren als ze het linkse kamp weten te overstijgen.”

En zo komt de FDP in beeld. Dat de liberalen nog niet zo lang geleden een zogenaamde Jamaica-coalitie (CDU/CSU-Groenen-FDP) hebben laten mislukken, stoort veel Groenen nog altijd. Maar Robert Habeck wil grootmoedig zijn: “Onder democraten kan men altijd praten. En er zijn ook overlappingen met de FDP.”

Posted on

Duitse ‘grote coalitie’ verliest meerderheid in peilingen

Als er komende zondag Bondsdagverkiezingen zouden zijn, zouden de zogenaamde traditionele volkspartijen samen niet eens meer een meerderheid behalen. Dat komt naar voren uit een recente peiling. CDU/CSU en SPD onderhandelen momenteel over de vorming van een regering.

In de Bondsdagverkiezingen van september 2017 behoorden de Unie van CDU en CSU en de SPD reeds tot de grote verliezers. CDU en CSU behaalden samen 32,9 procent van de stemmen, de SPD slechts 20,5 procent. Zowel voor Angela Merkel als Martin Schulz was dit een bar slecht resultaat. Vooral bij de SPD was sprake van een debacle, nadat men eerder zoveel had verwacht van Schulz’ lijsttrekkerschap.

De SPD stelde echter de boodschap van de kiezer begrepen te hebben en in de oppositie te zullen gaan. Nadat een zogenaamde Jamaica-coalitie van CDU/CSU, FDP en Groenen echter niet haalbaar bleek, nam de SPD na veel vijven en zessen alsnog aan de onderhandelingstafel plaats, in eerste instantie voor verkennende gesprekken. Inmiddels zijn de echte onderhandelingen begonnen en de peilingen liegen er niet om.

In een recente peiling van INSA blijven CDU en CSU samen nog net boven de dertig procent. In 2013 was dat nog 41,5 procent. Nog dramatischer is het verlies bij de SPD. De sociaaldemocraten behaalden in september 2017 met 20,5 procent het slechtste resultaat in hun geschiedenis. In de genoemde peiling is het nog 17 procent.

De sociaaldemocraten voelen inmiddels de hete adem van de nationaal-conservatieve AfD in de nek. De AfD, die in september met 12,6 procent voor het eerst in de Bondsdag kwam, staat in de peiling op 15 procent. Dat is een verdriedubbeling ten opzichte van 2013. De AfD lijkt de interne onenigheid waardoor ze lange tijd werd beziggehouden te boven te zijn gekomen en weet, ondanks de tegenwerking door de andere fracties, de aanwezigheid in de Bondsdag voor veel kiezers overtuigend te benutten. Met slechts twee procentpunten is de afstand tussen AfD en SPD kleiner dan ooit tevoren, waarmee de vraag opkomt of de nationaal-conservatieven er in zullen slagen de sociaaldemocraten voorbij te streven.

Intussen onderhandelen CDU/CSU en SPD gewoon verder over de vorming van een grote coalitie. Maar een regering die voor ze tot stand is gekomen haar meerderheid in de kiezersgunst al verliest, staat vanzelfsprekend niet erg sterk.

Posted on

Zelfs het politieke midden in Duitsland verlangt naar iets nieuws

De onderhandelingen over een nieuwe grote coalitie leggen bloot hoe versleten de traditionele volkspartijen in Duitsland zijn. De roep om een politieke hergroepering neemt toe.

De (pre-)sonderingen voor een te vormen nieuwe federale regering konden zelfs de gezagsgetrouwe gemiddelde Duitser al slechts matig interesseren. Ook de berichtgeving over de taaie onderhandelingen over een Jamaika-coalitie van christendemocraten, liberalen en groenen lieten de Duitse burgers gelaten over zich heen komen. Maar inmiddels lijken zelfs de mainstream media nog maar met een half oog acht te slaan op de hernieuwde poging om tot een grote coalitie te komen. Niemand wacht ‘koortsachtig’ op de uitkomst van de gesprekken, debatten over het thema leggen noemenswaardige verwachtingen noch grote vrees bloot. Het is allemaal tamelijk om het even.

Politieke belangstelling

En dat terwijl de belangstelling van de Duitsers voor de politiek geenszins teruggelopen is. In tegendeel: Recent onderzoek wijst uit dat de Duitse burgers zich niet minder, maar juist meetbaar meer voor politiek interesseren dan enkele jaren geleden. Het lukt alleen de volkspartijen niet meer om deze belangstelling te baat te nemen.

Het einde van het gevestigde partijsysteem is al dikwijls bezworen. Maar afgezien van het doorbreken van de AfD is er tot nu toe niet veel veranderd. Maar dat zou kunnen veranderen… en het zijn juist de sleetse onderhandelingen over een nieuwe grote coalitie, die op dit punt de verbeelding tot in het midden van het politieke spectrum op gang brengen.

Op links ventileert Oskar Lafontaine reeds het idee van een nieuwe linkse volkspartij bestaande uit delen van Die Linke, SPD en Groenen. Een project dat, met het oog op de vertwijfeling van veel SPD-aanhangers, de verdeeldheid in Lafontaines Linke en de verstarring bij de Groenen na het mislukken van de Jamaica-coalitie, tot de verbeelding spreekt.

Macronisering

In het doorgaans regeringsgezinde dagblad Die Welt droomt een prominente commentator van een “goeroe” die de “macronisering van het Duitse partijenlandschap op gang brengt”. Men verlangt met andere woorden naar een jonge, dynamische charismaticus die de oude partijstructuren compleet uit de scharnieren licht. Dat is opmerkelijk: Tot nog toe werd er hoofdzakelijk over gediscussieerd wie in de CDU Angela Merkel zou kunnen vervangen of wie er de nieuwe ‘kroonprins’ van de SPD zou kunnen worden, nu de Martin Schulz-trein in rook is opgegaan, Olaf Scholz zich kennelijk niet buiten Hamburg waagt en Sigmar Gabriel zich nog altijd niet vast laat pinnen.

Het verlangen naar ‘macronisering’ laat zien hoe de hoop al wegebt dat de beide grote partijen überhaupt nog in staat zijn om zichzelf nog eens te vernieuwen. Voor de CDU zou een dergelijke macronisering bezegelen dat de inhoudelijke willekeur van een Angela Merkel, in combinatie met haar capaciteit om concurrenten binnen haar partij te verdringen, deze ooit grote volkspartij uiteindelijk uitgeput en daarmee overbodig gemaakt heeft.

Posted on

Een stabiele Duitse regering, moet je dat wel willen?

Wordt het wat met de nieuwe grote coalitie in Duitsland? Dat weten we nog niet, na het ‘Jamaica’-fiasco is iedereen immers heel voorzichtig geworden. Eerst liepen er nu maar eens interne besprekingen binnen de partijen over de vraag of men aan pre-sonderingen mee zou doen, waarin voorgesondeerd wordt of men tot sonderingen bereid is, zo heet het in de media. Als dat goed gaat, gaan CDU/CSU en SPD dus tot sonderingsgesprekkken over, waarin gesondeerd moet worden of men tot onderhandelingen wil overgaan. Als ook dat lukt, beginnen de onderhandelingen over de vraag of men een coalitie wil vormen. En als die onderhandelingen klaar zijn, is er nog de partijbasis, die tenminste in het geval van de SPD ook nog om goedkeuring gevraagd wil worden.

Als alles goed is, betreedt dan op enig moment de Paashaas het toneel om zijn ei te leggen: het coalitieakkoord. Kan ook zijn dat het lieve dier veel te laat komt, met Pinksteren of zo. Maakt allemaal niet uit: Hoofdzaak is dat er uiteindelijk in Berlijn weer een “stabiele regering” zit, waarop per slot van rekening niet alleen Duitsland, maar heel Europa, wat zeg ik, de hele wereld handenwringend wacht.

Wat Duitsland aangaat, moet men zich toch enigszins verwonderen over het verlangen naar een “stabiele regering”. Wie de feiten in ogenschouw neemt, moet voor een regering met een al te comfortabele parlementaire meerderheid eerder vrezen dan er op hopen. Zo “stabiel” als in de afgelopen vier jaar was de regering van de Bondsrepubliek nog nooit. De coalitiefracties hadden meer dan drie kwart van de zetels in de Bondsdag. En dat tegenover een oppositie die nauwelijks weerwerk leverde. Als de oppositie eens zijn mond open deed, bijvoorbeeld in de asielkwestie, dan was het om steeds precies hetzelfde te eisen als de regering, maar dan nog gekker: Nog opener grenzen, nog minder “veilige landen van herkomst”, nog meer welkomscultuur.

De staatsbeurs puilde uit als nooit tevoren, de economie liep en de werkloosheid zonk, geen sociale onrust of catastrofes schudden het land op, om kort te gaan: De uitgangspositie voor de grote coalitie in 2013 was zo rond en glad als een babybipsje.

Asielchaos

Zo kan het niet langer, moet Merkel gedacht hebben en stichtte de grootste chaos sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. En dat niet alleen voor het moment, maar – geheel in lijn met de tijdsgeest – “duurzaam”. Want tienduizenden over de door de Duitse regering wagenwijd opengestelde grenzen binnenstromende vluchtelingen en tienduizenden die nog komen in het kader van gezinshereniging zullen de Duitsers nog generaties bezig houden.

Bestaat er soms een samenhang tussen een stabiele regeringsmeerderheid en chaos in het land? De geschiedenis van de Bondsrepubliek zegt ja: Geen kabinet moest het met minder parlementaire steun doen dan het allereerste. Met een meerderheid van één enkele stem beklom Adenauer in 1949 de Bondskanselierszetel. Na vier jaar suisde de uit de verwarde jaren direct na de oorlog gekropen staat door het Wirtschaftswunder naar de wereldtop. De stemming van de burgers van de Bondsrepubliek was vervuld van vreugde over het bereikte en bracht CDU/CSU in de beide volgende verkiezingen in 1953 en 1957 glanzende overwinningen.

Van de komende grote coalitie, als die er komt, hoeven de Duitsers echter geen hoopvolle verwachtingen te hebben. Wat het verwerken van de asielvloed aangaat, heeft ze nu al de zeilen gestreken: De demissionaire minister van Binnenlandse Zaken Thomas de Maizière biedt uitreisplichtige buitenlanders tot 3000 euro aan, als ze naar hun land terugkeren. Let wel: Daarmee worden uitsluitend mensen aangesproken die noch een geldige reden om te vluchten noch om asiel aan te vragen hebben. Als ze die hadden, zouden ze voor geen geld terugkeren. Het gaat dus om mensen die zich volstrekt illegaal in Duitsland bevinden, die nu een premie moeten krijgen om zich in al hun grootmoedigheid aan het geldende recht te houden, omdat de staat niet in staat of bereid blijkt te zijn om zijn eigen wetten te handhaven. Dat is alsof je iemand een beloning in het vooruitzicht stelt voor het correct parkeren, in plaats van hem te beboeten voor het foutparkeren. Afgelopen januari waarschuwde de minister nog indringend: “Het vertrouwen in de democratische rechtsstaat kalft af!” Ja, hoe zou dat nou komen?

PIGS zien uit naar nieuwe Grote Coalitie

Maar we willen het niet te zwart inzien en een voorbeeld nemen aan het vertrouwen waarmee onze Zuid-Europese vrienden en partners uitzien naar een herhaling van de oude regeringscoalitie. “Europa” is per slot van rekening een van de “grote toekomstthema’s” waarmee Merkel & Schulz de aandacht van de asielellende af proberen te leiden. En er is inderdaad actie nodig in Europa. Zoals een rapport van de Europese Centrale Bank onthult, heeft de Euro niet zijn doel bereikt, namelijk de convergentie van de inkomensverhoudingen tussen de armere zuidelijke lidstaten en het rijkere noorden. Volgens het rapport gaat het de Duitsers daadwerkelijk al een stukje minder goed dan voorheen. Maar helaas is het niet genoeg, want de Italianen en Grieken zijn regelrecht gekelderd, de afstand is sinds de crisis zelfs toegenomen, aldus de auteurs van het rapport die dat “frappant” vinden.

Het medicijn heeft met andere woorden niet gewerkt. En wat doen we als een medicijn niet werkt? We nemen nog meer van dat spul, dat spreekt voor zich. Naast het idee van een Minister van Financiën voor de Eurozone, die Duits, Nederlands, Fins enz. belastinggeld naar andere landen moet sluizen, wordt steeds gelobbyd voor een Europees depositogarantiestelsel. Daarmee worden de reserves van solide Duitse enz. spaarbanken aansprakelijk gemaakt voor Italiaanse of Griekse faalbanken. Dat helpt vooral de regeringen daar, die hun bankroete geldhuizen dan niet meer van het eigen belastinggeld hoeven te “redden”, omdat daarvoor dan de Noord-Europese reserves klaar staan. Dat is niet alleen in het geval van het dreigende omvallen van een bank een uiterst elegante oplossing, maar doet ook al eerder de zon weer aangenaam schijnen op het zuiden: Want met de Duitse enz. zekerheid in de rug kunnen de faalbanken zich weer eens goed in de schulden steken. Bovendien kunnen ook de hongerige regering in Rome, Athene en dergelijke opnieuw veel eenvoudiger geld lenen, wanneer de last van mogelijke bankenreddingen van hun schouders genomen wordt. Voorzitter van de Europese Commissie Jean-Claude Juncker bereidt alvast een versoepeling van de schuldenregels voor, zodat dit ook mogelijk wordt.

Een lastige hindernis voor het vrolijk schulden maken op rekening en risico van andere volken heette tot voor kort Jeroen Dijsselbloem. De voormalige voorzitter van de Eurogroep van minister van Financiën had tijdens de Griekse crisis steeds weer aangedrongen op het zich houden aan de regels. Daarom werd hij dan ook hevig gehaat. Maar zoals we eerder deze week leerden, treedt nu de Portugese socialist Mário Centeno aan ter vervanging van Dijsselbloem. Met hem zullen de Grieken ongetwijfeld niet zoveel ergernis beleven als met die knakenpoetser uit Eindhoven, wanneer het gaat om het verdelen van de financiële koek, die vooral door Duitsland, Nederland en Oostenrijk gespekt word.

De ontwikkeling bij de Eurogroep vertoont parallellen met de successie aan het hoofd van de ECB. Daar begon het met de stabiliteitszuchtige Nederlander Wim Duisenberg, die een Europese D-Mark voor ogen stond. Op hem volgde de al duidelijk elastischer Fransman Jean-Claude Trichet en uiteindelijk de Italiaan Mario Draghi, die de zelfbedieningswinkel open gooide.

Op de vraag: “Wanneer is de Europese integratie voltooid?”, dringt zich dan ook steeds sterker het antwoord op: Wanneer we allemaal op het niveau van Sicilië zitten.

Posted on

SPD wint regionale verkiezingen Nedersaksen, Jamaica-coalitie verliest

De SPD heeft een boven verwachting goed resultaat behaald in de verkiezingen voor de Nedersaksische Landdag die zondag gehouden werden. De sociaaldemocraten werden met 36,9 procent van de stemmen de grootste partij en groeide zes zetels. CDU, FDP en Groenen, die op federaal niveau over een regeringscoalitie onderhandelen, leden echter alle drie verlies.

De peilingen voorspelden de afgelopen twee weken al wel dat de SPD de grootste partij zou worden, maar in de recente verkiezingen voor de Bondsdag kwamen de sociaaldemocraten niet verder dan 27,4 procent, terwijl de CDU toen 34,9 procent haalde. Bij de Bondsdagverkiezingen lag de opkomst echter ook hoger.

Coalitie

De SPD is weliswaar de grootste partij geworden, maar het lijkt er op dat ze geen meerderheid kan vinden om door te regeren. De sociaaldemocraten regeerden tot nu toe met de Groenen. Die twee partijen hadden echter een meerderheid van één zetel na de Landdagverkiezingen van 2013, die gewonnen werden door de CDU. De Groenen haalden zondag echter acht zetels minder dan destijds, terwijl de SPD er slechts zes meer binnenhaalde. Dat betekent dat er geen meerderheid is voor Rood-Groen.

De liberale FDP heeft al laten weten niets te voelen voor een ‘verkeerslicht’-coalitie. Daarmee blijven er twee opties over: Een grote coalitie van SPD en CDU, wat gezien de verstandhouding in de deelstaat niet zo voor de hand ligt, of een zogeheten Jamaica-coalitie van CDU, Groenen en FDP. Die laatste optie ligt voor de hand, omdat er momenteel ook op federaal niveau over een dergelijke coalitie gesproken wordt. Pijnlijk is echter dat alle drie de betrokken partijen een verlies hebben geleden in de verkiezingen. Wat natuurlijk ook niet positief afstraalt op de federale onderhandelingen.

AfD

Overwegende gezindheid, geel: Rooms-Katholiek, violet: Protestants, blauw: geen geloof, donkere kleur: absolute meerderheid van 50% of meer, lichte kleur: relatieve meerderheid 33,3-50%. Censuscijfers uit 2011 (kaart: Michael Sander)

De AfD kwam voor het eerst de Nedersaksische landdag binnen met 6,2 procent. Een bescheiden resultaat in vergelijking met de Bondsdagverkiezingen, toen de partij nog 9,1 procent van de stemmen in die deelstaat kreeg. Tegelijk lag ook toen het resultaat van de AfD in Nedersaksen al onder het federale gemiddelde en is de score van 6,2 procent vergelijkbaar met uitslagen van eerdere deelstaatverkiezingen in het noordwesten van Duitsland, zoals Bremen (5,5%), Hamburg (6,1%), en Sleeswijk-Holstein (5,9%). In het oosten en zuiden van Duitsland staat de AfD sterker. Partijleider Jörg Meuthen, zelf een katholiek uit Baden-Würtemberg, stelde op de persconferentie van de AfD op maandagmorgen te vermoeden dat daar een sociologische reden achter zit. Zo gaat het in het noordwesten om overwegend protestantse gebieden en is de gevestigde protestantse kerk, EKD, een kerkgenootschap met een uitgesproken links politiek profiel. Een deelstaat als Baden-Würtemberg is daarentegen veel gemengder protestants en katholiek en kent bovendien met name in de regio Schwaben ook conservatievere, evangelicale en piëtistische protestanten.

Linke

De socialistische partij Die Linke, die in 2013 nog bij drie procent van de stemmen bleef steken, maar nu op basis van de peilingen enige hoop had over de kiesdrempel van vijf procent te komen, viel uiteindelijk met 4,6% eronder. Bij Die Linke is net als bij de AfD te zien dat de motivatie van hun kiezers om te gaan stemmen in de deelstaatverkiezingen beduidend lager is dan de motivatie voor de federale verkiezingen. Zo haalde Die Linke in de Bondsdagverkiezingen eind september nog 6,9 % van de stemmen in Nedersaksen. Met een dergelijk resultaat zou SPD-leider Stephan Weil voor de keuze gesteld zijn of hij ook open zou staan voor een Rood-Rood-Groene coalitie.

Posted on

Wie volgt Schäuble op Financiën, Lindner of Merkels beoogde opvolger?

Onlangs, kort voor de Duitse parlementsverkiezingen, vierde Wolfgang Schäuble zijn 75e verjaardag. Bondskanselier Angela Merkel omschreef hem in een korte toespraak als “Herzenseuropäer”. Op de vraag of de jubilaris in haar volgende regering opnieuw een plaats in zou nemen, ging de CDU-leider wijselijk niet in. Inmiddels is echter duidelijk dat Schäuble zich richt op de positie van voorzitter van de Bondsdag.

Twee dingen waren voor de verkiezingen al duidelijk: Ten eerste dat Schäuble opnieuw in de Bondsdag gekozen zou worden. Ten tweede dat de CDU opnieuw als sterkste fractie het initiatief zou hebben in de vorming van de regering. Alleen in een grote coalitie zou het echter voor de hand liggen dat Schäuble aanbleef als minister van Financiën, in andere voor de verkiezingen denkbare constellaties zouden de coalitiepartner of -partners deze positie opeisen.

In een economisch sterk land zijn ministers van Financiën over het algemeen relatief populair. Schäuble moet echter vrezen voor zijn positie. In november zit de jurist vierenhalf decennia ononderbroken in de Bondsdag, waarvan bij elkaar 19 jaar op de regeringsbankjes.

Maar nu azen er anderen op de positie. Christian Lindner, leider van de liberale FDP, ziet het als een vergissing dat zijn inmiddels overleden partijvriend Guido Westerwelle in 2009 het ministerie van Financiën aan de CDU overliet. In Lindners kringen wordt er van uit gegaan dat hij zelf de ambitie heeft om minister van Financiën te worden. Anders dan Westerwelle, trekt het ministerie van Buitenlandse Zaken hem niet, hoewel Buitenlandse Zaken steeds naar de FDP ging als die aan een regering deelnam.

“De FDP moet niet tot een regering toetreden, waarin ze niet de minister van Financiën levert”, aldus FDP-bestuurslid Alexander Hahn tegenover het boulevardblad Bild. Alleen zo kan naar zijn inschatting de FDP belangrijke verkiezingsbeloften zoals een betere financiering van het onderwijs en een hervorming van het belastingsysteem veiligstellen. Ook is de FDP terughoudender ten aanzien van plannen voor verdere integratie van de Eurozone dan de CDU. Regeringsdeelname van de FDP zou op dit punt ook enige kritische zin in de CDU op kunnen wekken. Zo reageerde CDU-politicus Eckhardt Rehberg, die in de begrotingscommissie van de Bondsdag zit op de recente toespraak van de Franse president Emmanuel Macron, waarin deze maatregelen voor verdere integratie van de Eurozone voorstelde: “Het probleem in Europa is niet een gebrek aan geld.”

Zelfs binnen de SPD zijn er die het voor een vergissing houden dat de sociaaldemocraten steeds op Buitenlandse Zaken en niet op Financiën inzetten. Op reis kun je geen binnenlandse tegenspeler voor de machtige bondskanselier opbouwen, zo klinkt het in SPD-kringen. Ook de Groenen loeren op het populaire ministerie. De belastinginkomsten zijn zo hoog als zelden tevoren.

Schäubles opvolger zou met een succesvolle belastinghervorming op zijn conto een gooi naar het bondskanselierschap kunnen wagen. Ook in de CDU zijn er derhalve belangstellenden. Naar wat Merkel eigenlijk wil, blijft het op dit moment echter gissen. Met het opnieuw benoemen van Schäuble had ze ook tegenspelers uit kunnen schakelen. Als ze een andere CDU’er als minister van Financiën aanstelt, kan dat een aanwijzing zijn over haar opvolging. 

Posted on

Links gaat vooral oppositie voeren tegen AfD in plaats van tegen Merkel en co.

De nieuwe Bondsdagleden van de Alternative für Deutschland hadden er toch al niet mee gerekend dat ze door de andere partijen van harte welkom zouden worden geheten, met ontsporingen als die van SPD-Bondsdaglid Johannes Kahrs zullen ze ook niet gerekend hebben. Nu zouden de “rechtsradikalen Arschlöcher” in de Bondsdag aangekomen zijn, zo commenteerde Kahrs de verkiezingsoverwinning van de AfD.

Zó primitief heeft verder geen andere afgevaardigde gereageerd, maar één ding hebben de andere te verwachten oppositiepartijen al duidelijk laten merken: Ze zullen niet in de eerste plaats oppositie voeren tegen de regering, zoals hun opdracht is als oppositiepartij, maar vooral tegen de op één na sterkste oppositiepartij. De oppositie van links tegen de nieuwe regering zal daarmee in de komende jaren denkbaar tegenvallen, omdat de meeste aandacht uit zal gaan naar de AfD.

Daarmee valt het aan de AfD toe om de regering “op te jagen”, zoals Alexander Gauland het zo plastisch formuleerde. Menigeen valt nu over deze opmerking van Gauland en ziet het als een bewijs van een  verdere verruwing van het Duitse politieke klimaat. Feit is echter dat Ludger Volmer, een politicus van de Groenen, al dezelfde uitdrukking gebruikte op de verkiezingsavond in 1994.

Het zal de AfD overigens niet makkelijk gemaakt worden om dat te doen. Want de ervaring leert dat de andere partijen alles in het werk zullen stellen om de AfD op hoogst ondemocratische wijze van het deelnemen aan het parlementaire werk uit te sluiten. Om een voorbeeld te noemen: In de volksvertegenwoordiging van de deelstaat Hamburg wordt de AfD tweeënhalf jaar na de verkiezingen nog altijd de zetel die haar toekomt ontzegd in de commissie die zich buigt over wat er moet gebeuren met uitgeprocedeerde asielzoekers die om een of andere reden niet uitgezet kunnen worden en bijvoorbeeld een tijdelijk verblijfsrecht toegewezen kan worden.

Ook op andere manieren wordt de AfD gehinderd. Toen de Sleeswijk-Holsteinse AfD-fractie bijvoorbeeld door middel van een landelijke advertentie een wetenschappelijk medewerker wilde zoeken, liet marktleider Axel Springer Verlag weten, dat men “uit principiële overwegingen” überhaupt geen advertenties van de AfD wil publiceren.

Ook in de Bondsdag zullen de AfD-afgevaardigden met dergelijke tegenwerking en hinder ook op praktisch niveau moeten rekenen. Daar gaat van beide kanten tijd en energie in steken, die ook besteed had kunnen worden aan het eigenlijke werk van de volksvertegenwoordiging: het controleren van de regering.

Posted on

Het verschil van inzicht keert terug in de Bondsdag

De laatste dagen voor de Bondsdagverkiezingen heerst er grote nervositeit in de burelen van de gevestigde politiek in Duitsland. En niet zonder reden, want we staan aan de vooravond van een historische gebeurtenis.

De Bondsdagverkiezingen van 2017 zullen diepere sporen in de geschiedenis van de Bondsrepubliek achterlaten dan alle andere stembusgangen sinds 1990, toen de Duitsers over de richting van hun zopas opnieuw verenigde land besloten.

Voor de SPD dreigt de zwaarste naoorlogse nederlaag. De CDU zal de verkiezingen winnen, maar lijkt als partij meer dan ooit gereduceerd tot de droevige rol van slippendrager voor haar voorzitter, wat een onzekere toekomst voor partij belooft. De AfD als meest gevreesde tegenstander van alle gevestigde partijen kan volgens de peilingen met een dubbel zo goed resultaat rekenen als de Groenen toen die in 1983 voor het eerst in de Bondsdag kwamen.

Alleen oppervlakkig ziet het er naar uit dat alles bij het oude zal blijven: Merkel wordt opnieuw bondskanselier en heeft in de SPD, de FDP en de Groenen zowaar drie potentiële coalitiepartners. Deze bizarre combinatie van opschudding van het partijensysteem enerzijds en de vermoedelijke ‘business as usual’ qua regering anderzijds, is ook terug te vinden bij de kiezers. Opinieonderzoekers registreren hier een oppervlakkige rust en tevredenheid, waarachter een diep zittende onzekerheid en vrees schuil gaat – en zeer veel ingehouden woede.

Deze dubbele verdeeldheid – zowel ‘boven’ als ‘onder’ – voedt een agressieve nervositeit, die in de laatste dagen van de verkiezingscampagne met handen te grijpen is. Tegenover de “Merkel moet weg!”-roepers stonden gevestigde media en politici die in de omgang met de AfD alle remmingen lieten varen. Sigmar Gabriels uitbarsting als zouden er met de AfD “nazi’s” de Bondsdag binnenkomen, is daarbij nog maar het topje van de ijsberg  van een nieuwe verruwing.

Zo staat het nog te bezien wat de lange termijngevolgen van de verkiezingen van 2017 zullen zijn. Ze kunnen als het aanbreken van een van de ruwste fasen van de recente Duitse politieke geschiedenis gaan gelden, maar evengoed ook als opbreken van een verlammende vastgeroestheid.

Voor die optimistische variant spreekt dat met de AfD niet alleen een antwoord op de langdurige tendens naar links het parlement binnenkomt. De partij zal ook de rol van de Bondsdag versterken als een instituut dat doet waartoe ieder democratisch parlement bestaat: de regering controleren en de oppositie een stem geven.

Bij existentiële kwesties als asiel, immigratie, grenscontroles of eurobeleid zag dikwijls een groot deel van het volk, zo niet in sommige gevallen zelfs de meerderheid, zich zonder adequate vertegenwoordiging in de Bondsdag. Daar was men het binnen de “zeer grote coalitie” waartoe geregeld de meerderheid van alle fracties behoorde over precies deze kwesties namelijk in hoofdzaak eens.

Met de doorbraak van de ‘blauwen’ naar de Bondsdag kan hier eindelijk verandering in komen. Duitse burgers kunnen dan alleen maar verwelkomen, het betekent namelijk de wedergeboorte van het parlement.

Posted on

Waarom terroristische aanslagen Merkel electoraal niet deren

Zijn islamistische terreuraanslagen schadelijk voor bondskanselier Angela Merkel in de verkiezingscampagne? Integendeel, ze leveren haar juist meer steun op. Hoe komt dat?

Critici van Merkels asielbeleid zien zich door iedere nieuwe islamistische terroristische aanslag opnieuw keihard bevestigd. Alleen een blik op staten als Polen of Tsjechië, die hun poorten gesloten houden voor de ongecontroleerde immigratie, maakt het al duidelijk: zij blijven van terrorisme verschoond. De gruwelijke gebeurtenissen in Berlijn, Barcelona en Turku doen echter geen afbreuk aan de electorale steun voor de bondskanselier en de gevestigde politiek, ze lijken hun positie tegen de achtergrond van de terroristische aanslagen zelfs nog te kunnen versterken.

Gepolijste communicatiestrategie

Dat lijkt tegenstrijdig, maar is de uitkomst van een gepolijste communicatiestrategie. Deze wordt zichtbaar wanneer men de reactie op het sterfgeval in het Amerikaanse Charlottesville met de reacties op de terroristische aanslagen in Europa vergelijkt.

Na Charlottesville was het devies: maximale mobilisering en eenduidige schuldtoewijzing. In de berichtgeving in de Duitse media werd er alles aan gedaan om de complete Trump-aanhang medeverantwoordelijk te maken voor het dodelijke slachtoffer en iedereen tegen rechts te mobiliseren. Na Barcelona propageren opiniemakers in de media in koor met de Duitse politiek precies het tegenovergestelde van mobilisering, namelijk een verlammend fatalisme, dat stolt in de frase dat er nu eenmaal geen absolute veiligheid bestaat.

Terwijl Charlottesville dus als ongehoorde provocatie geclassificeerd wordt, waarop burgers zonder meer en vastbesloten moeten reageren, wordt de islamistische terreur afgedaan als ware het een natuurverschijnsel, waaraan nu eenmaal niemand kan ontkomen.

Saamhorigheid laten zien

Na de terreur moeten we nu vooral “saamhorigheid laten zien”. Opinieonderzoekers weten dat dergelijke “saamhorigheid” door het volk begrepen wordt als zich achter de regering stellen in plaats van in de oppositie te gaan. Passend hierbij worden de mensen aangemoedigd hun gedrag niet te veranderen, zo verder te leven als men gewend is, want “anders hebben de terroristen gewonnen” – subliminaal impliceert dat vermoedelijk ook hetzelfde blijven stemmen.

Op deze vorm van subliminale beïnvloeding ketsen zakelijke bezwaren af, zelfs wanneer ze nog zo evident zijn. Zo komt het dat Merkels dogma van de open buitengrenzen ook overeind blijft terwijl alle Duitse volksfeesten gebarricadeerd moeten worden. Waar honderdduizenden ongecontroleerd binnengelaten zijn, wordt nu over paaltjes en betonblokken voor meubelboulevards en voetgangerszones gedebatteerd.

Het vindt nauwelijks neerslag dat de Duitse politiek het op historische schaal af laat weten, waarbij de grote media het hunne doen om de evidente verbanden te vertroebelen. Kort na de terroristische aanslag van Parijs in 2015 en de gebeurtenissen tijdens de nieuwjaarsnacht in Keulen lieten de redacties van Duitse media, onder druk van boze brieven van lezers en kijkers, nog enige bereidheid zien om ervan te leren. Daarvan is inmiddels weinig meer te merken.