Posted on

Oorlogspropaganda – Waarheid sneuvelt meestal vóór oorlog

oorlogspropaganda

Er wordt vaak gezegd, dat de waarheid in een oorlog als eerste sneuvelt. Het liegen begint echter doorgaans al voor het uitbreken van de gevechtshandelingen. Of het schept zelfs de voorwaarden voor het überhaupt uitbreken van militair conflict. Over precies deze thematiek, oorlogspropaganda, schrijft de politicoloog prof. dr. Ulrich Treusch in Der Krieg vor dem Krieg (De oorlog voor de oorlog). 

Zijn boek schetst de perfide propagandastrategieën die oorlogshitsers wind in de zeilen geven en tegenstanders monddood maken. In dit verband noemt Teusch de vermeende kwaliteitsmedia, “massamisleidingswapens”. Hij analyseert aan de hand van voorbeelden hun tendentieuze en op emoties werkende berichtgeving. Dergelijke berichtgeving moet onder de bevolking de geesten rijp maken voor oorlog. Momenteel bijvoorbeeld met Rusland, of Iran en eerder Syrië.

Kritiek op oorlogspropaganda media heeft geen zin

Teusch stelt in dit verband dat mediakritiek inmiddels geen zin meer heeft, omdat de gevestigde media bereid noch in staat zijn om zich te hervormen: “Ze zullen belangrijke berichten blijven onderdrukken, informatie eenzijdig wegen, met twee maten meten, narratieven construeren op basis van belangen [..], campagnes voeren of zich lenen voor overduidelijke propaganda.”

De oorzaak hiervan zit de publicist in het feit dat het systeem, zeker in de VS, de oorlog nodig heeft. Het is wat Eisenhower reeds het militair-industrieel complex noemde en de decennia nadien verder om zich heen greep. Bepaalde lobby’s en denktanks in Washington buiten deze dynamiek uit. En door middel van de ‘euro-atlantische integratie’ heeft deze logica ook Europa in haar greep.

Anti-systemische media

Kritisch denkende mensen moeten volgens de politicoloog dan ook naar “anti-systemische media” grijpen. Als genoeg mensen dat doen, wordt de oorlogspropaganda van de gevestigde media vanzelf zinloos. Hoewel Teusch af en toe wat teveel dramatiseert, heeft hij een belangwekkend boek afgeleverd.

N.a.v: Ulrich Teusch, Der Krieg vor dem Krieg. Wie Propaganda über Leben und Tod entscheidet, Westend Verlag, Frankfurt am Main 2019, paperback, 224 pagina’s.

 

Posted on

Draining the swamp – Trump ploetert onverdroten voort

Donald Trump

Hoe langer Trump aan de macht blijft, hoe harder de reacties zullen worden van de gevestigde orde. Toch lijkt Trump niet echt gas terug te nemen. Hij lijkt stug door te gaan met zijn kruistocht om de alomtegenwoordige rot in het systeem aan te tonen.

Trump blijft vriend en vijand verbazen, negatief of positief. Het ligt er maar net aan aan welke kant je staat. Tijdens de campagnes van 2016 kwam Trump met de welbekende slogan Drain the swamp! Het establishment moest plaatsmaken voor mensen die geen carrièrepolitici waren, maar mensen die met beide benen – of op zijn minst een paar tenen – in de samenleving stonden. Het moest maar eens afgelopen zijn met de inwisselbare figuren en de marionetten die iedere campagne ‘change‘ beloven, maar feitelijk hetzelfde beleid doorzetten als hun voorganger.

Military-industrial-congressional complex

Trump hekelde het al decennia praktisch ongewijzigde buitenlandbeleid. Welke president er ook zit, ongeacht partij, er is altijd sprake van een vorm van interventiepolitiek – iets wat Trump het liefst direct zou stoppen. Nu is dit praktisch gezien onmogelijk. Het military-industrial-congressional complex is zo immens invloedrijk en lucratief op economisch en politiek gebied, dat het compleet afbreken hiervan onhaalbaar is.

Trump bekritiseert verpaupering steden onder Democraten

Recent is Trump – negatief – vaker het middelpunt van een mediastorm. Vaak is het riedeltje hetzelfde: Trump is per definitie racistisch. Of hij nu opkomt voor een minderheidsgroepering of niet, het maakt geen verschil. Waar Trump zich terecht zorgen maakt over de verpaupering van diverse steden, weten de media het weer zo te spinnen dat Trump weer racistische gal heeft lopen spuien. Veel Europese media nemen dit hijgerig over, zonder naar originele bronnen te kijken. In dit geval de kwestie ‘Baltimore’.

Democratische bolwerken

Baltimore is sinds eind jaren ’20 een Democratisch bolwerk. Net als enkele andere steden zoals Chicago en Detroit – die sinds de jaren ’70 Democratische bolwerken zijn – is het bijna kenmerkend dat deze steden onder het toeziend oog van Democraten enorm verpauperen. De partij die opkomt tegen armoede en kansenongelijkheid onder minderheden – volgens de (linkse) media althans – weet deze steden niet uit het slop te trekken. Sterker nog: de verpaupering begon juist vaak wanneer de Democraten controle kregen over deze steden.

Herverkiezing Trump

Trump kan eigenlijk niks goed doen in de ogen van de gevestigde orde. Alles wat Trump doet, doet hij vanuit een slechte intentie. Dit narratief heeft de media vrij succesvol weten te creëren. De Russia-hoax is aan een eind gekomen. Toch zien we dat het ‘Russische spook’ nog steeds wordt aangehaald in Europese media. Toch zijn de kansen op herverkiezing tamelijk groot. Vergeleken met 2016 heeft het establishment eigenlijk geen enkele vooruitgang geboekt. Trump lijkt eerder juist alleen maar populairder te zijn geworden n eigen land.

Democraten verwikkeld in identity politics

Dit is mede te danken aan de identity politics waarin de Democraten zichzelf hebben verwikkeld. De oude partijbonzen vechten op dit moment een strijd uit met de hard linkse jongelingen zoals Alexandria Ocasio-Cortez en Ilhan Omar. De partij lijkt zichzelf op te vreten.

Tulsi Gabbard door eigen partij gesaboteerd

De kandidaat die namens de Democraten een zinnig geluid laat horen wordt gesaboteerd door haar eigen partij en de linkse media. Tulsi Gabbard, een echte non-interventionist die vanaf dag één door alles en iedereen wordt tegengewerkt. Ook Bellingcat begint nu tegen haar te ageren omdat zij kritisch is op de Amerikaanse bemoeienis in Syrië.

In Amerika is al jaren geen normale demonstratie mogelijk

Hoe langer Trump aan de macht blijft, hoe harder de reacties zullen worden van de gevestigde orde. Toch lijkt Trump niet echt gas terug te nemen. Hij lijkt stug door te gaan met zijn kruistocht om de alomtegenwoordige rot in het systeem aan te tonen. Als het aan Trump ligt pakt hij de radicale groeperingen – en met name Antifa – direct aan. Al jaren is in Amerika geen ‘normale’ demonstratie mogelijk. In Amerika zijn deze demonstraties of soms zelfs halve oorlogssituaties het nieuwe normaal. Sinds Trump verkozen is, zijn de rode brigades een vast onderdeel van de collectieve Trump-psychose. Helemaal in de ban van Trump derangement syndrome gaan ze de straat op om iedereen die hun mening niet omarmt met geweld te intimideren.

Trump neemt Antifa op de korrel

Maar niet lang meer, volgens de POTUS. Trump hekelt al tijden het extremisme in zijn land. Nu is het, zo zegt hij, genoeg. Zou Trump het voor elkaar krijgen om vóór het einde van zijn eerste termijn Antifa (en andere extremisten) officieel als terreurorganisaties te definiëren? Dan zou de politie harder en vooral adequater kunnen optreden. En vluchten die omhooggevallen revolution larpers onmiddellijk de dichtstbijzijnde Starbucks in voor een grande soy latte.

Op vrijdag 16 augustus vindt de fundraising plaats van het nieuwe project van Sid Lukkassen voor kaartjes of een donatie zie de links:

https://www.eventbrite.nl/e/tickets-fundraiser-democratische-gewetensvorming-65321944695

https://www.voordekunst.nl/projecten/9012-sid-mei-1

Laten we het hopen. Al veel langer krijgt extreemlinks het voor elkaar door middel van intimidatiepolitiek en emoterreur hun walgelijke gedachtegoed salonfähig te maken, ook in Europa. Steden worden vernield en the powers that be doen alsof het allemaal prima is.

Een tik op de vingers is het meeste wat deze ‘activisten’ – werkloze wannabe-verzetshelden – krijgen, want de mainstream media vinden het wel dapper en dikwijls ‘terecht’ als het gaat om het ‘doel’ van de organisaties. De boodschap is namelijk nobel, of zoiets. Gelukkig zit aan de andere kant van de oceaan wel een politiek leider die dit gedrag openlijk afkeurt en noemt wat het is: terrorisme.

Posted on

Buchanan aan Trump: Verruil Bolton voor Tulsi Gabbard!

Tulsi Gabbard

In onderstaande column adviseert Pat Buchanan president Trump om zijn Nationale Veiligheidsadviseur John Bolton te dumpen en in plaats daarvan in zee te gaan met Tulsi Gabbard, die momenteel in de race om de Democratische nominatie van zich doet horen met een buitenlandbeleid dat veel lijkt op wat Trump in 2016 beloofde. Pat Buchanan is een paleoconservatief politiek commentator, was adviseur van diverse presidenten en deed ook zelf een gooi naar het presidentschap. 

“Te lang reeds hebben onze leiders het af laten weten, leidden ze ons van de ene regime change-oorlog naar de andere, leidden ze ons een nieuwe Koude Oorlog en wapenwedloop in, die ons biljoenen dollars van ons zuurverdiende belastinggeld en talloze levens kostten. Deze waanzin moet stoppen.”

Donald Trump, circa 2016? Nee, deze denunciatie van interventionisme á la John Bolton kwam van afgevaardigde Tulsi Gabbard van Hawaii tijdens het Democratische debat van woensdagavond. Met haar 38 jaar was ze de jongste kandidaat op dat podium. Gabbard vervolgde met een aanval op zowel de “president als zijn oorlogshavikenkabinet, die ons naar de rand van oorlog met Iran geleid hebben”.

“Niet de Taliban viel ons aan op 11 september”

In een verhitte woordenwisseling, reageerde afgevaardigde Tim Ryan van Ohio dat de VS zich niet uit Afghanistan terug kunnen trekken: “Toen we daar niet waren, begonnen ze vliegtuigen op onze gebouwen in te laten vliegen.” “Het was niet de Taliban die ons op 11 september aanviel”, repliceerde Tulsi Gabbard, “Al Qaida viel ons aan op 9/11. Dat is waarom ik en vele anderen militair werden, om achter Al Qaida aan te gaan, niet de Taliban.”

“In Afghanistan niet beter af dan toen oorlog begon”

Toen Ryan bleef volhouden dat de VS in Afghanistan moeten blijven, schoot Gabbard terug: “Is dat wat je de ouders van die twee soldaten die net gedood werden in Afghanistan zult vertellen? ‘Nou ja, we moeten daar gewoon blijven.’ Als militair kan ik je vertellen dat dat antwoord onacceptabel is. … We zijn in Afghanistan niet beter af dan toen die oorlog begon.”

Tulsi Gabbard wint debat met voorsprong

Tegen het einde van het debat was Tulsi Gabbard met voorsprong de winnaar in zowel de Drudge Report- als de Washington Examiner-peiling en ging ze veruit aan kop onder alle Democratische kandidaten wier namen opgezocht werden op Google. Hoewel ze minder dan zeven minuten spreektijd kreeg in een debat van twee uur, had ze die tijd niet effectiever kunnen gebruiken. Haar optreden zou de race om de Democratische nominatie op kunnen schudden. Als ze er in slaagt een paar punten boven haar 1 à 2 procent in de peilingen uit te komen, zou ze een plekje in de tweede ronde debatten veilig kunnen stellen.

Buitenlandbeleid zou zonder Tulsi Gabbard niet aan bod komen

Als ze daar bij is, zullen de gespreksleiders haar vragen stellen over buitenlandbeleid die zonder haar aanwezigheid niet eens aan de orde zouden komen. Deze vragen zullen de verborgen verdeeldheid in de Democratische Partij blootleggen. Men zou leidende Democratische kandidaten kunnen vragen te verklaren wat het Amerikaanse beleid moet zijn – niet alleen ten aanzien van Afghanistan, maar ook Irak, Syrië, Jemen, Saoedi-Arabië, Israël, Jared Kushners ‘deal van de eeuw’ en Trumps schijnbare afwijzing van de twee statenoplossing.

Als ze de tweede ronde haalt, zou Tulsi Gabbard de katalysator kunnen worden voor het soort ‘globalist versus nationalist’-debat dat uitbrak tussen Trump en de Bush-Republikeinen in 2016. Een debat dat bijdroeg aan Trumps overwinning op de conventie in Cleveland en in de presidentsverkiezingen.

Tulsi Gabbard verdeelt Democraten, maar kan ook probleem worden voor Republikeinen

Het probleem dat Gabbard vormt voor de Democraten, is dat, zoals bleek uit de woordenwisseling met Ryan, ze standpunten inneemt die haar partij verdelen. Haar rivalen geven er de voorkeur aan te praten over zaken die de partij verenigen, zoals hoe verschrikkelijk Trump is en ‘gratis’ hoger onderwijs. Als ze meer zendtijd krijgt, wordt ze ook een probleem voor de Republikeinen. Want het buitenlandbeleid dat Tulsi Gabbard voorstelt is niet ver verwijderd van het buitenlandbeleid dat Donald Trump in 2016 beloofde maar sindsdien niet waarmaakte.

Niet waargemaakte beloften

Nog altijd zijn er 2.000 Amerikaanse militairen in Syrië, 5.000 in Irak, 14.000 in Afghanistan. We verplaatsten onlangs een vliegdekschip-aanvalsgroep, B-52-bommenwerpers 1.000 militairen naar de Perzische Golf om Iran te confronteren. We staan op het punt de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken, waarmee we zouden moeten onderhandelen om een oorlog te voorkomen, sancties op te leggen.

Jared Kushner probeert een plan te verkopen om 50 miljard dollar voor de Palestijnen in te zamelen in ruil waarvoor zij van soevereiniteit af moeten zien en van hun droom van een natiestaat op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook met Jeruzalem als hoofdstad.

John Bolton praat over regime change in Caracas en zoekt de confrontatie met de “trojka van tirannie” in Cuba, Nicaragua en Venezuela. In plaats van het gesprek te zoeken met Rusland, zoals Trump beloofde, hebben we Rusland sancties opgelegd, Oekraïne bewapend, oorlogsschepen naar de Zwarte Zee gestuurd, de NAVO-aanwezigheid in het Oostzeegebied opgevoerd en door Ronald Reagan en andere presidenten tijdens de Koude Oorlog uitonderhandelde wapenbeheersingsverdragen verscheurd.

Rusland en China in elkaars armen gedreven

Het Amerikaanse beleid is er in geslaagd onze grote rivalen, Rusland en China, in elkaars armen te drijven. Die relatie is nu inniger dan die tussen Stalin en Mao in de eerste jaren van de Koude Oorlog. In juni reisde Vladimir Poetin naar Peking, waar hij en Xi Jinping elkaar ontmoeten om te waarschuwen dat in deze tijd van “toenemende mondiale instabiliteit en onzekerheid” Rusland en China “hun overleg over kwesties van strategische stabiliteit zullen verdiepen”. Xi onderscheidde Poetin met China’s nieuwe vriendschapsmedaille. Poetin reageerde: “Samenwerking met China is een van Ruslands hoogste prioriteiten en ze heeft een ongekend niveau bereikt.”

Aan het einde van de Koude Oorlog was de VS de enige overgebleven supermacht. Wie heeft deze positie kwijtgespeeld? Wie heeft ons 7.000 Amerikaanse levens en 6 biljoen dollar laten bloeden in eindeloze oorlogen in het Midden-Oosten? Wie heeft ons deze hervatting van de Koude Oorlog in geleid? Waren het soms die vervloekte ‘isolationisten’?

Posted on

2019 zal geen vrede brengen in Syrië

De maand december staat alom bekend als een periode van verrassingen en surprises en dat gold afgelopen maand zeker voor Syrië. De eerste verrassing kwam afgelopen 19 december uit Washington, waar president Trump vrolijk twitterde dat hij de in Syrië gestationeerde Amerikaanse militairen zou weghalen. Nauwelijks een week later zorgde Israël op 25 december voor een kerstsurprise door vanuit het Libanese luchtruim raketten af te vuren op doelen in de Syrische hoofdstad Damascus. Twee ontwikkelingen die in Syrië het nodige vuurwerk beloven voor het nieuwe jaar 2019.

Het besluit van Trump kwam voor objectieve kenners van de situatie niet echt als een verrassing. De Amerikaanse president had bij eerdere gelegenheden reeds aangegeven dat hij wars was van een langdurige militaire betrokkenheid bij de oorlog in Syrië. Trump kan in vele opzichten een ongeleid projectiel worden genoemd, maar hij is een expert in het aanvoelen van de ‘mood’ van de Amerikaanse kiezers. Het Amerikaanse publiek, dat in meerderheid waarschijnlijk niet eens Syrië op een kaart zou kunnen aanwijzen, is oorlogsmoe.

Trump speelde daar handig op in. En het geeft te denken dat na zijn besluit in het vrijwel voltallige Amerikaanse politieke en media-establishment een soort van collectieve hysterie uitbarstte. Uit protest diende zijn minister van Defensie James Mattis onmiddellijk zijn ontslag in. Trump werd echter de zondebok van de rampzalige Syrië-strategie van het Westen, dat er in het Midden-Oosten vaak bedenkelijke bondgenoten op nahield die de westerse politiek richting Syrië aanstuurden.

Dubbele pech

Syrië had de dubbele pech dat het sinds de Koude Oorlog tot het Russische kamp behoorde ėn een president had die in religieus opzicht tot de alawitische minderheid behoorde. Voor soennitische landen als Turkije en Saoedi-Arabië vormde de Syrische oorlog daarom een dankbare aanleiding om in Damascus eveneens een soennitisch regime te installeren. Het Westen voelde er wel voor om het pro-Russische regime in Syrië te wippen en herhaalde daarom het desastreuze scenario dat na 1979 in Afghanistan was toegepast.

Radicale islamitische milities werden gesteund en bewapend om al-Assad te verdrijven. In Afghanistan leidde dat indertijd tot de oprichting van al-Qaida. In Syrië kwam hieruit de Islamitische Staat (IS) voort. Om dit globale gevaar te elimineren werden in Syrië de Koerden ingezet, wat onder meer NAVO-bondgenoot Turkije in Russische armen dreef. Te midden van deze chaos ontwikkelde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo in de zomer van 2018 een nieuw Syrië-beleid. De Amerikanen zouden in dit land blijven totdat de laatste Iraanse milities Syrië hadden verlaten. Het idee dat 2000 Amerikaanse soldaten de naar schatting 80.000 man sterke Iraanse milities zouden kunnen dwingen om uit Syrië te vertrekken was vanaf het begin volslagen onrealistisch geweest.

Dwarsbomen van Rusland en Iran

Het Amerikaanse vertrek uit Syrië werd vrijwel over de gehele linie omschreven als een overwinning voor Iran en Rusland. Maar sinds de Russische militaire interventie in Syrië stond het reeds vast dat deze beide landen als overwinnaars uit de bus zouden komen. In tegenstelling tot het Westen hadden Moskou en Teheran namelijk vitale belangen in Syrië die ze bereid waren desnoods gewapenderhand te verdedigen. De belangrijkste vraag is daarom thans wat eigenlijk de westerse belangen in Syrië zijn? Er is een situatie ontstaan die suggereert dat het dwarsbomen van Rusland en Iran in Syrië nog de enige overgebleven doelstelling is.

Militaire situatie in de Mashreq, december 2018 (kaart: BlueHypercane761)

Terecht wordt opgemerkt dat de IS nog lang niet verslagen is, wat een reden zou zijn om de Amerikaanse militairen in Syrië te houden. Hier doet zich echter iets merkwaardigs voor waarover in de Arabische sociale media volop wordt gespeculeerd. De Amerikaanse militairen bevinden zich in het oosten van Syrië in een regio die loopt van de stad Deir al-Zor in het noorden tot al-Tanf in het zuiden vlakbij de Jordaanse grens. Dit blijkt echter precies het gebied te zijn waar de nog overgebleven IS-strijders hun toevlucht hebben gezocht en waar ze redelijk veilig lijken te zijn. Hoe kan men deze contradictie verklaren? In de Arabische wereld luidt de gangbare opinie dat de IS in Syrië net door de Verenigde Staten wordt beschermd. Buiten beschouwing latende of dit juist is of complete onzin, geeft het aan hoe in het Midden-Oosten over het Westen wordt gedacht.

Syrische Koerden

Een veelgehoord bezwaar tegen de Amerikaanse terugtrekking luidt dat hierdoor de Syrische Koerden werden verraden. Een steekhoudend argument, waarbij echter niet de realiteit uit het oog moeten worden verloren. De Syrische Koerden vochten niet tegen de IS om het Westen een plezier te doen maar omdat IS zich in regio’s bevond die de Syrische Koerden wilden integreren in hun eigen toekomstige autonome provincie Rojava. Een fata morgana omdat geen enkele staat in het Midden-Oosten dit zou toestaan, zoals het mislukte referendum over onafhankelijkheid van de Irakese Koerden bewees.

De Verenigde Staten hebben de Syrische Koerden inderdaad ingezet om IS te verslaan. Maar de Koerden hebben op hun beurt de Amerikaanse militairen gebruikt om zichzelf te beschermen omdat ze omringd zijn door hen vijandig gezinde mogendheden en milities. Zelfs als de Amerikaanse evacuatie uit Syrië langer gaat duren dan oorspronkelijk gedacht, doen de Syrische Koerden er goed aan om het op een akkoordje te gooien met de regering in Damascus. Een weinig aanlokkelijk vooruitzicht, maar alle andere opties zullen voor de Koerden desastreus uitpakken. De Turkse minister van defensie Hulusi Akar heeft reeds beloofd dat “de Syrische Koerden zullen worden begraven in de greppels die ze zelf hebben aangelegd’’.

Israël

Volgens critici betekent de Amerikaanse terugtrekking uit Syrië eveneens een ernstige aderlating voor Israël, dat zich zorgen maakt over de toenemende Iraanse activiteiten in Syrië. De Verenigde Staten hebben echter nog steeds 40.000 militairen in de regio waarvan zich zo’n 6000 in Irak bevinden. Israël zou zich eerder zorgen dienen te maken over zijn relaties met Moskou.

Nadat als een gevolg van een Israëlische luchtaanval op 18 september vorig jaar een Russisch IL-20 vliegtuig uit de lucht werd geschoten waren deze relaties reeds ernstig bekoeld. Sinds deze datum waagden Israëlische straaljagers zich niet meer in het Syrische luchtruim, maar de Israëlische aanval afgelopen Eerste Kerstdag op Damascus wakkerde de Russische woede nog verder aan. Deze aanval had twee civiele vliegtuigen die respectievelijk in Beiroet en Damascus wilden landen in direct gevaar gebracht. Volgens Russische militaire bronnen gebeurde dit met opzet, wat moeilijk te controleren valt.

Kaarten opnieuw geschud

Moskou was erin geslaagd om met zowel Iran als Israël samen te werken. Velen vroegen zich af voor welk van deze beide landen Rusland uiteindelijk zou kiezen. Alles wijst erop dat de keuze op Iran zal vallen, wat een Iraans-Israëlische confrontatie in Syrië dichterbij brengt. Dit terwijl in het noorden Turkije staat te trappelen om Syrië binnen te vallen om hier de Koerden te elimineren. De Koerden die op hun beurt steeds vaker slaags raken met de Arabische stammen in deze regio. President Trump noemde dit Syrische moeras onlangs een land van ‘’zand en dood’’. Een handjevol Amerikaanse militairen zal hierbij geen gewicht in de schaal leggen. Wie denkt dat de Syrische burgeroorlog zijn einde nadert is waarschijnlijk te optimistisch. Na de Amerikaanse terugtrekking worden de kaarten opnieuw geschud.

Posted on

“Belasting is diefstal”

Het is ieders morele plicht zo weinig mogelijk belasting te betalen, vindt belastingadviseur Toine Manders.  “Er is geen principieel verschil tussen belasting en roof.”

‘De koning van de belastingontwijking’ wordt hij wel genoemd, of ‘belastingridder’ door het zakenblad Quote. Ruim twintig jaar hielp Toine Manders kleine en middelgrote ondernemers in Nederland met het behalen van fiscale voordelen in belastingparadijzen. In 2014 werd hij op Cyprus gearresteerd op verdenking van het leiden van een illegaal trustkantoor. Hij bracht drieënhalve maand door in voorlopige hechtenis. De HJC Group, waaronder het trustkantoor HJC Cyprus en het Haags Juristen College (HJC) in Den Haag, waaraan hij sinds 1994 verbonden was, hield op te bestaan. Na ruim vierenhalf jaar is het wachten nog steeds op een rechtszaak, en dus is er nog geen enkele schuld bewezen.

Met Nozick Consulting in Zoetermeer heeft Manders zijn werk weer opgepakt. Nog steeds helpt hij het midden- en kleinbedrijf met het zoeken naar ‘creatieve oplossingen die forse besparingen opleveren’.

Omdat Manders’ naam genoemd wordt in de Panama Papers werd hij vorig jaar verhoord door de Parlementaire Ondervragingscommissie Fiscale Constructies. Fragmenten van zijn verhoor gingen viral op sociale media, en dan vooral het fragment waarin hij commissielid Renske Leijten van de SP de les las over de DDR-ideologie die hij bij haar meende te bespeuren.

Manders is meer dan een handige jongen die van belastingontwijking zijn beroep heeft weten te maken. Zijn werk is voor hem als een roeping. Als overtuigd libertariër streeft hij naar een zo klein mogelijke overheid en de afschaffing van alle belastingen. Om dit te bereiken, zet hij zich al sinds de jaren negentig in voor de Libertarische Partij (LP). Hij was voorzitter en politiek leider, en vertegenwoordigt de partij thans internationaal. Als vice-voorzitter geeft hij leiding aan de internationale koepel van libertarische partijen, the International Alliance of Libertarian Parties.

Een gesprek over onder meer postbusfirma’s op de Amsterdamse Zuidas, liberalen van de VVD die geen echte liberalen zijn, naamgenoot Toine Manders van 50Plus, de grijze draaischijftelefoon van de PTT, het Zwitserse bankgeheim, Amerikaanse robberbarons, de Europese Unie die belastingadviseurs dwingt ‘NSB’er’ te worden, de VS als ‘welfare-warfare-police state’ – en Nederlandse belastingambtenaren ‘zonder humor’en met ‘lange tenen’ die je zonder pardon in ‘een hok’ stoppen als je ze te slim af bent en de spot met ze drijft.

Belasting is diefstal. Hoezo? 

Je spreekt van diefstal als je eigendom je wordt afgenomen. Je spreekt van roof als dat gebeurt onder bedreiging van geweld. Er is geen verschil tussen belasting en roof. Want wat gebeurt er als de staat belasting heft? Dan wordt je eigendom van je afgenomen. Eerst krijg je een brief waarin je bevolen wordt geld af te staan, en als je daar niet op reageert, krijg je brieven die steeds dreigender worden. Als je dan nog steeds niet reageert, komt er iemand langs met het doel om spullen van je af te nemen. Als je die niet binnenlaat, dan komt hij terug met iemand die een pistool draagt of met twee mensen die een pistool dragen. Dan wordt er ingebroken in je huis en worden jouw spullen tegen jouw wil meegenomen. Als je je daar tegen verzet, ben je strafbaar en word je opgesloten in een hok. Als je probeert deze gang van zaken te voorkomen door geen aangifte te doen, dan ben je ook strafbaar, want op het niet doen van aangifte staat vier jaar gevangenisstraf. Dan kom je ook in een hok. Dat is dus hoe de staat aan haar geld komt.

U roept mensen op belasting te ontwijken, niet te ontduiken. Wat is het verschil? 

Belastingontduiking is het besparen van belasting door de wet te overtreden. Belastingontwijking is het besparen van belasting binnen de grenzen van de wet. Je maakt dan dus gebruik van de wettelijke mogelijkheden die er zijn. Denis Healey, voormalig Brits minister van Financiën, heeft gezegd: “Het verschil tussen belastingontduiking en belastingontwijking is de dikte van een gevangenismuur.” Ik heb die slogan vaak gebruikt tijdens mijn seminars. Maar inmiddels mogen we vaststellen dat ook als je wel degelijk binnen de grenzen van de wet blijft het toch kan gebeuren dat je aan de verkeerde kant van de gevangenismuur terecht komt. De staat heeft zich wat dat betreft een slechte verliezer getoond.

Voor u mag het verschil dan duidelijk zijn. Maar kennelijk zien het Openbaar Ministerie (OM) en de Fiscale Inlichtingen en Opsporingsdienst (FIOD) het anders. 

Dat zou betekenen dat er bij het OM en de FIOD hele eerlijke, nette, goed bedoelende mensen zijn, die oprecht dachten dat wat ik deed in strijd met de wet was. Maar ik denk niet dat dat zo is. Want er was geen bewijs en er is geen bewijs. We zijn na mijn ontvoering in januari 2014 inmiddels ruim vierenhalf jaar verder. Ze hebben tien FIOD-ambtenaren op een vliegtuig naar Cyprus gezet en alles platgelegd, computers, papieren, dossiers meegenomen, een aantal medewerkers als verdachten aangemerkt, zodat mensen bang werden en stopten met werken, en het bedrijf dezelfde dag nog werd gesloten. Ze hebben vierenhalf jaar de tijd gehad alle dossiers door te pluizen. Ze beschikken over alle cliëntengegevens, alle structuren die waren opgezet, verslagen van gesprekken die zijn gevoerd met meer dan tienduizend cliënten en potentiële cliënten. Maar tot de dag van vandaag is er nog steeds geen enkele cliënt en zelfs geen enkele potentiële client veroordeeld of überhaupt vervolgd voor belastingontduiking, witwassen of andere vergrijpen.

Velen zullen zeggen: het heffen van belastingen is volkomen legitiem, want zo hebben we het met elkaar afgesproken. Het is democratisch verankerd. Er is geen meerderheid in Tweede Kamer tegen belastingheffing.

Zo hebben we het met elkaar afgesproken? Dat hebben we helemaal niet zo met elkaar afgesproken. Ik heb die afspraak niet gemaakt. Kunt u zich herinneren die afspraak te hebben gemaakt? Het sociaal contract is een mythe, of beter gezegd, een leugen.

Het argument van de democratie, dat het democratisch is besloten, dat de meeste stemmen gelden, gaat ook niet op. Als je op straat twee rovers tegen het lijf loopt die zeggen: “We houden een verkiezing of je wel of niet beroofd moet worden”, en ze stemmen vervolgens met z’n tweeën voor, en jij stemt tegen, en ze zeggen dan: “Je hebt verloren, want de meeste stemmen gelden en we nemen nu jouw portemonnee af” – dan is het toch nog steeds niet gerechtvaardigd? En of die bende nu bestaat uit twee, tien, honderd of tien miljoen, het maakt voor het principe niets uit. Het principe is: Je mag niet iemands lichaam of eigendom schenden. Ieder mens heeft recht op zijn eigen lichaam en eigendom zolang hij geen inbreuk maakt op iemand anders lichaam of eigendom. De overheid schendt dat principe, op verschillende manieren, onder meer door belastingheffing en de militaire dienstplicht die nog steeds niet is afgeschaft. Ook al staat de meerderheid daar achter, dat maakt niet uit. Of iets democratisch besloten is, zegt helemaal niets over de rechtmatigheid van de daad.

Stel dat we in Nederland nog een stelsel hadden van referenda, en er zou een referendum worden gehouden over het belastingstelsel. Zou de meerderheid dan voor afschaffing stemmen?

Ik denk niet dat de meerderheid zou stemmen voor volledige afschaffing. Maar dat heeft een achtergrond.  De gemiddelde burger merkt weinig van hoge belastingdruk in Nederland. Dat komt doordat vrijwel alle belastingen worden geheven via de ondernemer, die dat maar moet doorberekenen in lagere lonen en hogere prijzen. Loonbelasting, sociale premies, BTW, accijnzen,  invoerrechten, enzovoort.

Ik herinner mij dat ik jaren geleden een artikel las over de tien grootste ergernissen van de gemiddelde Nederlander. Bovenaan stonden de gemeentelijke belastingen. Ik was heel even verbaasd.  Maar toen viel het kwartje. Het is zo’n beetje de enige belasting die niet via de ondernemer wordt geheven, maar rechtstreeks bij de belastingbetaler zelf, waarbij hij jaarlijks een enveloppe aantreft op de deurmat, met daarin een brief waarin niet staat “U krijgt geld terug”, maar waarin staat “U moet geld overmaken”. Blijkbaar maakt dat een enorm psychologisch verschil.

Ik voorspel dat er een belastingopstand zou uitbreken als belastingen die nu via de ondernemer worden geheven van het ene op het andere jaar rechtstreeks werden geheven bij de burger zelf. Mensen zouden razend en ziedend worden. Nederland heeft net als de VS haar bestaan te danken aan een belastingopstand. Nederlanders hebben een tachtigjarige oorlog gevoerd vanwege de tiende penning, die de Spaanse bezetter ons had opgelegd. Dat was een soort BTW van 10 procent.

Dus stel dat alle belastingen direct werden geheven bij de burger en er dan een referendum zou worden gehouden over belastingheffing, dan denk ik niet dat we meteen naar nul zouden gaan, maar wel dat de belastingdruk extreem veel lager zou worden dan deze nu is.  De meeste mensen denken dat belastingheffing een noodzakelijk kwaad is en dat we niet zonder kunnen.

Hoe verklaart u dat mensen denken dat we niet zonder belastingen kunnen?

Dat komt door al die met belastinggeld gesubsidieerde scholen, universiteiten en media. We zijn van generatie op generatie naar staatsscholen gegaan, met leraren die iedere maand een salaris krijgen van de overheid, en ons daarom van jongs af aan hebben geleerd dat we heel blij moeten zijn dat we leven in zo’n prachtig land als Nederland, waar we van de wieg tot aan het graf worden verzorgd, met gratis onderwijs, gezondheidszorg, wegen, enzovoort.  Zoals het spreekwoord zegt: “Wiens brood men eet, diens woord men spreekt.” 

In dictaturen mogen docenten zich verheugen in de bijzondere belangstelling van de machthebbers. Als je te overheidskritisch bent dan word je in het gunstigste geval ontslagen, en in het slechtste geval beland je in een kamp of onder de grond. Dat heeft een reden: docenten hebben een grote invloed op de publieke opinie, en dat is omdat ze les geven aan jonge mensen. Zolang mensen jong zijn, zijn ze heel plooibaar. Daar gebruiken machthebbers de stok, hier de wortel, en dat werkt veel beter: onze docenten zijn true believers.

Dat er nog geen belastingopstand is uitgebroken, zal er ook mee te maken hebben dat de overheid haar inkomsten aanwendt voor voorzieningen waar iedereen van profiteert, zoals onderwijs, gezondheidszorg en een wegennet. 

De tegenprestatie die de overheid levert, rechtvaardigt nog niet dat ze belasting heft. Het is en het blijft roof. Als we het argument serieus nemen, van “Je krijgt er toch iets voor terug?”, dan zou de melkboer ook ongevraagd melk bij je op de stoep kunnen zetten, en je een gepeperde rekening kunnen sturen, en dan kunnen zeggen: “U moet betalen, want ik heb u melk geleverd.” Een betaling mag je verlangen op basis van een overeenkomst, of als je schade is berokkend. Je kunt niet zeggen: “Ik heb geld nodig, dus u moet mij betalen in ruil voor een tegenprestatie die ik u ongevraagd lever.”

Nederlanders die moeite hebben met de hoge belastingdruk, zou voor de voeten geworpen kunnen  worden: Er is niemand die je verplicht in Nederland te blijven. 

Ja, je mag toch weg? Dat is een drogreden waar de meeste mensen intrappen. Als we dat argument serieus nemen dan zou de maffia op Sicilië ook kunnen zeggen: “Bevalt het je niet protectiegeld te betalen? We dwingen je niet om hier te blijven wonen.” Of dan zouden inbrekers in mijn huis ook kunnen zeggen: “Bevalt het je niet dat we je spulletjes meenemen? Je hoeft hier niet te blijven. Je mag weg.” Het punt is hier echter: die inbrekers zijn niet de rechtmatige eigenaren van mijn huis. Dat ben ikzelf. Dus ik hoef niet weg. Zij moeten weg. Zij hebben niets te zoeken in mijn huis. Idem dito voor de maffia op Sicilië. Zij zijn niet de rechtmatige eigenaren van Sicilië. Dus als zij een winkelier bedreigen voor protectiegeld, hoeft die winkelier niet weg. Die maffiosi moeten weg, want die hebben niets te zoeken in die winkel.

Onze huizen en winkels bevinden zich wel op het grondgebied van de Staat der Nederlanden.

De impliciete aanname van dat argument is dat de staat rechtmatig eigenaar is van alle grond, en dus alle regels mag maken op haar grond die ze maar wil. Maar dat is niet zo. De staat is nooit op een rechtmatige manier aan grond gekomen. De staat is ontstaan door roversbendes die door een gebied trokken. Die vielen een dorp binnen, de mannen werden vermoord, de vrouwen werden verkracht, het dorp werd geplunderd en in brand gestoken, en dan gingen ze door naar het volgende dorp. Totdat ze tot het inzicht kwamen: “Eigenlijk zijn we stom bezig, want als je eenmaal zo’n dorp veroverd hebt, dan kun je het toch beter gewoon bezet houden in plaats van iedereen vermoorden.” En dan dus niet eenmalig plunderen, maar structureel plunderen. Bij iedere oogst een deel van de oogst opeisen, en iedere keer als er iets verdiend wordt afpersen. Zo is het feodalisme ontstaan. De roverhoofdman werd de koning en de koning gaf zichzelf het recht belasting te heffen. Hij delegeerde de belastingheffing aan de adel en de adel stuurde mensen met zwaarden langs bij het gepeupel om belasting te heffen. Zo is de staat ontstaan. Op basis van roof. Wat ik dus tegen inbrekers mag zeggen, “Ik ga niet weg, jullie moeten weg”,  zou ik ook tegen de staat moeten kunnen zeggen.

U stelt dat het niet alleen moreel verwerpelijk is dat mensen gedwongen worden belasting te betalen, maar ook dat belastingheffing schade toebrengt. 

Zo is dat. Veel geld wordt uitgegeven aan dingen die beter überhaupt niet gedaan zouden moeten worden, zoals het voeren van oorlogen, het doden van onschuldige mensen in andere landen. De overgrote meerderheid van de libertariërs is non-interventionalist. Zij vinden dat een leger alleen mag verdedigen. Zij zijn mordicus tegen wat Amerika doet: het spelen van politieman van de wereld, soldaten sturen naar andere landen om even orde op zaken te stellen, terwijl het dan meestal een chaos wordt, zoals we hebben gezien in Irak en Libië.

In eigen land brengt de staat productieve mensen schade toe. Hoe productiever mensen zijn, hoe zwaarder ze worden belast, hoe meer ze wordt afgepakt. Wat de staat ook doet is een enorm leger van ambtenaren inhuren die voortdurend bezig zijn met het verzinnen van nieuwe regels. Het maakt voor hun niet uit dat de regeldruk al veel te hoog is. Zij zijn er voor ingehuurd om die regels te maken, dus vinden ze altijd wel iets om nieuwe regels voor te maken. Het is ook een soort vicieuze cirkel. Stap één is: de staat veroorzaakt een probleem door interventie. Stap twee is: politici en hun ambtenaren gaan nadenken over de oplossing van dit probleem. Ze vinden altijd wel een oplossing en die is eigenlijk altijd dezelfde: er moeten nog meer regels komen, want er waren er toch nog te weinig. De staat moet nog meer ingrijpen, nog meer uitgeven en er moeten nog meer ambtenaren komen. Samengevat: geef ons meer geld, geef ons meer macht, en dan lossen wij het probleem voor u op.

Al sinds het begin van de 20ste eeuw is de trend bijna altijd: een grotere overheid, meer regels, hogere staatsuitgaven, meer ambtenaren. Maar problemen worden daarmee helemaal niet opgelost, ze worden alleen maar erger. Een jaar lang word je dus schade toegebracht, je wordt als een kind behandeld, er word je van alles verboden en je wordt overal toe verplicht, en vervolgens moet je je meesters ook nog eens precies gaan vertellen wat je hebt verdiend, en plus minus de helft aan ze afstaan voor de wederdienst, de tegenprestatie die ze je hebben geleverd. De Amerikaanse libertariër Lysander Spooner zei: “Wat de staat doet is nog erger dan een struikrover die jou berooft. De struikrover laat je met rust nadat hij je heeft beroofd. Na de beroving ben  je weer vrij. Hij schrijft je niet de wet voor, vertelt je niet wat je wel en wat je niet moet doen.”

Welke problemen veroorzaakt de staat volgens u?

De overheid voert bijvoorbeeld maximumhuren en minimumlonen in, verklaart cao-lonen algemeen verbindend of stelt minimumprijzen voor melk en boter vast. Wat krijg je dan? Een verstoring van de markt. Vraag en aanbod raken uit balans. Want wat gebeurt er bij een minimumprijs voor melk en boter? Mensen gaan minder melk en boter gebruiken, maar de boeren gaan juist meer melk en boter produceren, want ze krijgen er een mooie hoge prijs voor. Met het gevolg dat er een boterberg en een melkplas ontstaan, en deze uiteindelijk gedumpt worden in de Derde Wereld.

Er is ook een enorme boete op lonen, op arbeid. Daardoor houden mensen zo weinig over. De staat zegt dan: “Jullie zijn zo zielig, jullie hebben zo weinig geld om van te leven, weet je wat? We voeren een minimumloon in en verklaren de cao-afspraken algemeen verbindend.” Het gevolg daarvan is niet alleen dat die mensen meer geld overhouden. Het gevolg is dat ze werkloos worden. Want op het moment dat iemand door de hoge belastingen het minimumloon niet kan waarmaken, een werknemer meer kost dan oplevert, dan wordt hij eenvoudig niet aangenomen.

Niet alleen overschotten, ook tekorten worden per definitie door de overheid veroorzaakt. Woningnood ontstaat doordat de staat maximumprijzen vaststelt. De wachtlijsten in de zorg ontstaan door maximumprijzen voor de zorg.

U heeft in een lezing gezegd: “Het komt voor dat de staat wel dingen doet die nuttig zijn.” Hoe moeten die dan worden betaald? Niet uit belastingheffing?

De staat besteedt ons belastinggeld inderdaad ook aan nuttige dingen, zoals zorg, onderwijs, politie, rechtspraak, infrastructuur, defensie en telecommunicatie. Maar ook daarmee moet ze ophouden. Juist omdat het veel te belangrijk is om aan de staat over te laten. Laat ik het voorbeeld geven van telecommunicatie. Want dat is een terrein waar de staat toevallig een stap terug heeft gedaan. Ze  heeft haar monopolie beëindigd. Telecommunicatie is begonnen als particulier initiatief. De telegraaf en telefoon zijn particuliere uitvindingen. Telecommunicatiebedrijven waren particulier en concurrerend. Op een gegeven moment heeft de staat het gemonopoliseerd en concurrentie verboden. Dat remde de innovatie. U herinnert zich waarschijnlijk de grijze draaischijftelefoon? Die is in de jaren ’50 ontworpen. Sinds de jaren ’60 moesten alle Nederlanders die een telefoon wilden er verplicht eentje huren van staatmonopolist PTT. Toen het monopolie werd opgeheven, in de jaren ’90, hadden we nog steeds diezelfde telefoon, maar we mochten eindelijk ook een andere telefoon gaan gebruiken. Sindsdien hebben we een enorme inhaalslag gezien op het vlak van innovatie. Nu hebben we telefoons die in feite computers zijn en die meer kunnen dan de computer waarmee mensen naar de maan gingen in 1969. De kosten zijn ook dramatisch gedaald. Vroeger toen het monopolie nog bestond, betaalde je drie gulden per minuut om naar Amerika te bellen en 19 gulden naar Afrika of Azië. Dus als je emigreerde ging je er van uit dat je nooit meer gebeld zou worden door je familie, want dat was te duur. Nu kun je voor 1, 2 of 3 eurocent per minuut de hele wereld bellen, vaak zelfs gratis met Skype en andere services.

Ook op andere terreinen ziet u graag dat de overheid zich volledig terugtrekt?

Telecommunicatie is een voorbeeld van iets waarbij mensen met eigen ogen hebben gezien dat het beter kan zonder staatsmonopolie. Maar toch trekken ze dan niet de conclusie dat het ook wel eens zou kunnen gelden voor zorg, onderwijs en infrastructuur. Terwijl daar precies hetzelfde voor geldt. Toen ik begin jaren ’90 pleitte voor het einde van het monopolie op de telecommunicatie zeiden mensen: “Dat kan helemaal niet. Want bellen doe je via een lijn onder de grond en je gaat dan toch niet twee, drie, vier lijnen naast elkaar leggen? Het is een natuurlijk monopolie, en dat moet dan wel een staatsmonopolie zijn, want als een particuliere organisatie een monopolie krijgt dan kunnen ze vragen wat ze willen en worden we allemaal straatarm.” Zo denkt men dus nog steeds over monopolies. Als ik pleit voor het afschaffen van het monopolie op zorg, onderwijs of infrastructuur, dan zeggen mensen: “Belachelijk, dat kan helemaal niet.”

Je kunt toch wel kiezen naar welke school je kinderen gaan, welk ziekenhuis jou behandelt of wie jouw zorgkosten verzekert?

Dat klopt. Er is een heel klein beetje keuzevrijheid. Nederland is ook zeker niet het ergste land ter wereld. Er is onderzoek gedaan naar het niveau van economische vrijheid in 160 verschillende landen, en Nederland staat meestal in de top 20. Als je kijkt naar persoonlijke vrijheid, staan we zelfs in de top 5. Begrijp me niet verkeerd: Nederland is ziek. Maar de meeste landen zijn nog veel zieker dan wij. Maar dat we minder ziek zijn is geen reden om zelfgenoegzaam achterover te leunen. Als je ziek bent wil je gezond worden.

In hoeverre kan de staat zich terugtrekken? Politie, leger en rechtspraak zijn moeilijk voorstelbaar zonder overheid en belastingbetalers.

Dat is inderdaad voor veel mensen heel moeilijk te begrijpen. Voor libertariërs zijn dat ook de laatste staatsmonopolies waarvan ze afscheid willen nemen. Toch zijn die monopolies al voor een deel verdwenen. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de rechtspraak, dan zie je dat heel veel bedrijven arbitrage met elkaar afspreken. Ze leggen contractueel vast dat als ze een geschil met elkaar krijgen ze dat niet voorleggen aan de staatsrechter maar aan een arbitragecommissie. Waarom? Omdat een zaak winnen bij een staatsrechter heel veel meer tijd en geld kost dan een zaak verliezen bij een arbiter.

U bent kritisch over de Europese Unie. Hoe past dat binnen de libertarische filosofie?

Tot circa 1992 was er een ontwikkeling van het wegnemen van barrières, het verlagen en afschaffen van invoerrechten en invoerquota. De slogan was: ‘Vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen, vrijheid van vestiging’. Dat waren stappen in de goede richting. Rond 1992 was dat project grotendeels afgerond, maar in plaats dat de eurocraten zeiden: “Stuur ons naar huis”, zeiden ze: “Nu gaan we de volgende fase in.” Eerst kregen we de economische eenwording, nu krijgen we de politieke eenwording. We gaan harmoniseren: een minimumtarief invoeren voor de BTW, een gemeenschappelijke grondslag voor de vennootschapsbelasting, een minimumtarief voor de vennootschapsbelasting. Dan is er dus geen ontsnapping meer mogelijk. Dan is het niet meer mogelijk om met de voeten te stemmen door in België te gaan wonen. De Nederlandse overheid en andere overheden van EU-lidstaten kunnen dan op belastinggebied niet meer met elkaar concurreren in het voordeel van hun eigen burgers. Het is dan een soort kartel geworden van belasting heffende politici.

We leven in een wereld met zo’n tweehonderd staten. Niet zo lang geleden, na de Tweede Wereldoorlog, waren het er tachtig. Ik zie dat als een vooruitgang. Hoe meer staten, hoe kleiner het grondoppervlak. Ideaal zou zijn als de grootste staat Liechtenstein was. Dat is nu de kleinste staat ter wereld, met 35.000 inwoners, maar ook de rijkste, gecorrigeerd voor koopkracht. Miniatuurstaatjes zoals Liechtenstein, Monaco, Luxemburg, Andorra, San Marino, Singapore en in zekere zin ook Hong Kong hebben met elkaar gemeen dat ze het heel goed doen. Ze scoren zwaar bovengemiddeld in alle internationale vergelijkingen. De mensen daar zijn vrijer, hebben een hogere levensverwachting en een hoger welvaartsniveau. Hetzelfde zie je bij de belastingparadijzen: Bermuda, de Kaaiman-eilanden, Jersey, Guernsey, Isle of Man.

Zie ook de VS. De federale overheid was daar tot in de jaren ’20 van de vorige eeuw extreem klein. Je had daardoor vijftig staten die hevig met elkaar concurreerden. Daarom groeiden ze zo snel, werden alle uitvindingen daar gedaan, vertrokken alle mensen met talent naar Amerika. Daarvan is weinig overgebleven. Ruim honderd jaar geleden kwam de omslag. Amerika ontwikkelde zich van waarschijnlijk het vrijste land ter wereld tot een welfare-warfare-police state.

Zwitserland is ook een goed voorbeeld. Dat land telt 26 kantons, die met elkaar kunnen concurreren omdat de federale overheid heel weinig macht heeft, al begint dat de laatste drie jaar helaas wel te veranderen. Er zijn in Zwitsersland nog steeds kantons zonder erfbelasting en schenkbelasting, of waarbij het tarief voor de inkomstenbelasting lager wordt naarmate je productiever bent. Daarom zijn de Zwitsers nog steeds het rijkste volk ter wereld. Niet als je kijkt naar het inkomen per hoofd, maar wel naar het vermogen per hoofd.

Hoe kan het dat ministaatjes vrijer en welvarender zijn? Ligt de oorzaak werkelijk in het geringe grondoppervlak?

Stel je voor dat de wereld zou bestaan uit honderd miljoen miniatuurstaatjes. Dan wordt het makkelijker voor mensen om met hun voeten te stemmen. Als ze ontevreden zijn over de regel- en lastendruk waar ze wonen, dan is het makkelijk verhuizen naar een ander miniatuurstaatje een paar kilometer verderop waar de regel- en lastendruk lager is.

Mensen zien wel in dat concurrentie tussen bedrijven goed is, maar niet dat concurrentie tussen staten nog veel belangrijker is. Als staten met elkaar moeten concurreren dan is dat een rem op de macht van de politici. Concurrentie zorgt ervoor dat ze gedwongen worden hun tarieven en regeldruk te verlagen, om talenten en kapitaal te lokken in plaats van die te verjagen. Europa heeft in zevenhonderd jaar tijd een enorme voorspong gekregen op de rest van de wereld. De laatste tientallen jaren beginnen we die voorsprong in rap tempo te verliezen aan de Aziatische Tijgers Hong Kong, Singapore en Zuid-Korea. Hoe kan dat? Omdat Europa een lappendeken was van miniatuurstaatjes. Zo bestond Duitsland uit dertig staten. Italië uit een stuk of tien. Die concurreerden met elkaar.

U beschouwt de vrije markt als oplossing. Is daar nu juist geen overheid voor nodig? Om bijvoorbeeld kartelvorming en monopolievorming tegen te gaan?

De staat is juist zelf de übermonopolist en überkartelvormer. Als je kijkt hoe monopolies zijn ontstaan: de koning verkocht aan een handlanger een alleenrecht. Hij zei dan: “Vanaf  nu ben jij de enige die nog zout of peper mag importeren in mijn land. Alle concurrenten sluit ik voor je op in de gevangenis, maar je moet wel betalen voor dat alleenrecht.” Monopolies kunnen alleen maar ontstaan of standhouden door overheidsinterventie. Op de vrije markt zijn monopolies onmogelijk.

Op de vrije markt is het zo dat als een bedrijf binnen een bepaalde regio een gigantisch marktaandeel verovert, dat alleen maar kan door heel erg efficiënt te zijn en voor een lage prijs te werken. Want in iedere sector heb je een optimaal aantal aanbieders. We hebben bijvoorbeeld miljoenen bakkers in de wereld en we hebben maar tientallen autofabrikanten. Dat is omdat het miljarden kost om een auto te ontwikkelen. Voor een brood is heel wat minder geld nodig. Je kunt dus niet a priori zeggen: “Er moeten minimaal zoveel aanbieders zijn van een product.” Wat de optimale grootte is, is nu juist iets wat op de markt zal blijken. De consument wil een zo goed mogelijke auto of een zo goed mogelijk brood tegen een zo laag mogelijke prijs. De producenten gaan proberen marktaandeel te veroveren door te innoveren, door een steeds betere auto te bouwen tegen een zo laag mogelijke prijs. Of neem computers. Die worden steeds beter en steeds goedkoper. Omdat je daarmee je marktaandeel kunt behouden, vergroten of voorkomen dat het kleiner wordt.

Op een markt die werkelijk helemaal vrij is, kan een computerfabrikant alle andere computerfabrikanten opkopen en vervolgens de prijs flink omhoog gooien en de kwaliteit laten versloffen omdat hij met niemand meer hoeft te concurreren.

Ik ken die drogreden. Dat is een marxistische mythe. Je kunt alleen maar steeds groter worden door steeds efficiënter te worden. Als je te groot wordt en daardoor minder efficiënt wordt, en je kostprijs juist omhoog gaat omdat je bureaucratisch bent geworden, dan zul je juist marktaandeel gaan verliezen, want er zijn dan namelijk concurrenten die marktaandeel van je afsnoepen. Zelfs al zou je een natuurlijk monopolie hebben verworven, waardoor je de enige aanbieder bent geworden, bijvoorbeeld in het geval van een dorp dat zo klein is geworden dat maar één bakker de meest efficiënte oplossing is en twee bakkers niet efficiënt zouden zijn, dan betekent dat niet dat je daarvan misbruik zou kunnen maken. Want als je dat zou proberen te doen, dan is er altijd de latent aanwezige concurrentie. Want stel dat je een monopolie hebt bereikt en je denkt dat je de prijzen flink kunt verhogen en er met de pet naar kunt gooien, dan kom je er snel achter dat het zo niet werkt in de vrije markt. Want zodra je misbruik gaat maken van je monopoliepositie door een slechte service te leveren of een slecht product te bieden tegen een te hoge prijs, dan zul je merken dat er opeens een nieuwe bakker komt die marktaandeel van jou gaat afsnoepen.

Marxisten zullen dan tegenwerpen dat monopolisten nieuwe toetreders uit de markt kunnen drukken voordat ze in staat zijn geweest marktaandeel af te snoepen. Maar als bakker kun je eerst eens even offertes sturen aan alle grote klanten en zeggen: “Ik beloof dat ik een jaar lang brood zal leveren om acht uur ’s ochtends, voor deze prijs en van deze kwaliteit, maar dat doe ik pas als honderd mensen hebben getekend, eerder begin ik er niet aan.” Als dan honderd mensen hebben getekend heb je een gegarandeerde afzetmarkt, en de bakker die tot twaalf uur bleef liggen, en die zijn broden tien keer zo duur had gemaakt, zal er achter komen dat hij ten onder gaat. Want zelfs al zou hij zijn leven beteren, dan is hij te laat, want die ander heeft al zijn honderd getekende offertes liggen.

Vaak, als gewaarschuwd wordt voor monopolievorming, wordt gewezen naar personen als Rockefeller en Vanderbildt, die in het Amerika van de 19de eeuw kapitaal maakten. Ze zijn afgeschilderd als robber barons. Maar wat blijkt nou? Ze waren voortdurend bezig prijzen te verlagen. Doordat ze innoveerden, konden ze efficiënter werken, en daardoor konden ze prijzen verlagen en dat deden ze ook. Daardoor veroverden ze een groot marktaandeel en daardoor konden ze het ook behouden. Het klopt dus niet dat ze op een gemene manier marktaandeel hadden veroverd.

Amerikaanse spoorwegbedrijven hebben jarenlang hun prijzen moeten verlagen. Op een gegeven moment waren ze dat zo beu dat ze gingen lobbyen bij de federale overheid om een instantie op te zetten die de prijzen moest gaan reguleren. Dat was onder het mom van ‘in het belang van de consument’, want, zo zeiden, ze: “Het is toch belachelijk dat een pakketje versturen van New York naar Chicago goedkoper is dan een pakketje van New York naar Cleveland,dat veel dichterbij is?” De verklaring voor dat prijsverschil was echter dat er moordende concurrentie was op de spoorlijnen die van New York naar Chicago liepen. Toen die regulerende instantie er eenmaal was, gingen de prijzen omhoog.

Hetzelfde is gebeurd met de luchtvaartindustrie, die is de overheid ook gaan reguleren. Dat is onder president Jimmy Carter afgeschaft, met het gevolg dat vliegen opeens veel goedkoper werd. In Europa is dat ook gebeurd. Met het Open Skies Agreement is vliegen veel goedkoper geworden. In mijn kindertijd was vliegen nog iets voor rijke mensen. Nu vlieg je voor een paar tientjes naar de Middellandse Zee.

Over het vraagstuk van de staat en de vrije markt staan libertariërs en marxisten lijnrecht tegenover elkaar. Maar van een discussie lijkt het niet te komen.

Marxisten zijn inderdaad de tegenpool. Ik heb lang geleden een keer een debat gehad met een SP’er, maar die had het marxisme eigenlijk al afgezworen.

In Nederland zijn het de VVD en de SP die gezien worden als elkaars tegenpolen. 

Illustratief voor her verschil tussen die partijen vind ik het debat dat ze met elkaar voerden over de inkomstenbelasting. In 2012 was het marginale tarief voor de inkomstenbelasting 52 procent. De SP wilde het tarief verhogen naar 60 procent en de VVD wilde het verlagen naar 51 procent. Dat is dus marge waarbinnen de discussie in Nederland zich afspeelt. Wij staan als LP zover af van de status quo dat je er voor ons geen marxist bij hoeft te halen om een beetje vuurwerk te brengen in een discussie.

Er is een andere Toine Manders. Van de partij 50Plus. Die is erg verdrietig dat hij soms verward wordt met u. Hij heeft verklaard u asociaal te vinden.

Dat mag hij vinden. Ik vind het  jammer dat ik soms met hem verward word. Hij heeft laten zien een opportunist te zijn. Toen de VVD hem geen derde termijn gunde als europarlementariër stapte hij meteen over naar 50Plus. Ik ken hem verder niet. Ik heb me nooit in hem verdiept. Iemand die is overgestapt van de VVD naar de LP heeft hem ooit uitgenodigd om met mij in debat te gaan over liberalisme. Toen zei hij dat hij dat misschien nog wel eens wilde, maar voorlopig zeker niet.

In 2014 heeft de LP niet meegedaan aan Europese verkiezingen. Deel van de reden was dat ik achter de tralies zat. Ze hebben mij opgesloten in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen. Dat was in januari 2014. In maart waren de gemeenteraadsverkiezingen en in mei de Europese verkiezingen. Even leek het erop dat twee mensen die Toine Manders heetten, zouden meedoen, ik namens de LP en hij namens 50Plus, maar daar is het dus niet van gekomen. 

Hoe plaatst u de LP in het links-rechts spectrum? De retoriek van anti-belasting en vrije markt zal velen uit de VVD-achterban aanspreken. Het idee van non-interventie de SP-achterban. De LP is ook voor het vrije verkeer van personen, het openstellen van de grenzen. Daar zal de GroenLinks-achterban van smullen.

Nolan-diagram

David Nolan, één van de oprichters van de Amerikaanse Libertarian Party, heeft gezegd: het politieke spectrum is geen links-rechts lijn. Het is tweedimensionaal. Op de linker-as heb je persoonlijke vrijheid en op de rechter-as economische vrijheid.

Mensen die links zijn, progressief of liberal, zoals ze dat in Amerika noemen, hechten weinig waarde aan economische vrijheid, maar ze zijn wel voor persoonlijke vrijheden. Ze zijn voor vrijheid van meningsuiting en godsdienst, voor een liberaler beleid op het gebied van drugs, prostitutie, pornografie en abortus.

Rechts, of conservatief, is de tegenpool. Zij willen meer economische vrijheid en dus een kleinere overheid als het gaat om de economie. Ze zijn voor lagere belastingen, minder regels, privaat eigendom, het tegengaan van staatsmonopolies. Maar als het gaat om persoonlijke vrijheid is het net andersom. Dan vinden ze dat de staat hard moet optreden tegen drugs, prostitutie, pornografie, godslastering, majesteitsschennis en het verbranden van de nationale vlag. Vaak ook zijn ze voor de militaire dienstplicht.

Helemaal onderin vinden we de communisten en fascisten. Die hechten aan geen enkele vrijheid enige waarde. Het individu moet volledig onderworpen zijn aan de staat. Als er mensen zijn die denken dat fascisten voor economische vrijheid zijn, een soort kapitalisten zijn, dan zeg ik: “Niets is minder waar.” In zowel fascistisch Italië als in Duitsland had de staat een enorme dikke vinger in de economische pap. Grootgrondbezitters of fabrieken werden niet onteigend, maar werden wel voor het karretje van de staat gespannen. Het was een geleide economie. De staat schreef voor wat die bedrijven moesten doen. Zo moesten ze zich voornamelijk inzetten voor de oorlogsindustrie.

Het centrum zien mensen als het toppunt van beschaving. Dan ben je gematigd, geen extremist, niet radicaal. Maar zoals je ziet, grenst het midden aan de communisten en fascisten. Dus zo mooi is dat midden helemaal niet. Voor het midden geldt dat er geen enkele vrijheid is die ze echt belangrijk vinden. Conservatieven zijn in elk geval nog voor een vrije markt, en liberals zijn tenminste nog voor persoonlijke vrijheden. Mensen die echt progressief, echt liberal zijn, zijn ook anti-oorlog. Dat veranderde in Amerika toen Barack Obama tot president werd gekozen. Toen vergaten ze ineens al hun anti-oorlogsideeën. Sindsdien zijn er niet zoveel echte liberals meer. De Democratische Partij in de VS is heel erg opgeschoven naar het centrum. Ze vinden geen enkele vrijheid nog echt belangrijk.

Bovenin het politieke spectrum vind je, wat we in Nederland noemen, de liberalen. De echte liberalen willen zowel meer economische als persoonlijke vrijheid.  Ze hechten aan beide vrijheden veel belang. Wat niet wegneemt dat er veel mensen zijn die zich liberaal noemen maar het niet echt zijn, omdat ze bijvoorbeeld voor een streng drugsbeleid zijn. Bij de VVD zie je dat ze zijn opgeschoven naar rechts-conservatief. Zo moet je voor de bescherming van de rechten van verdachten niet bij de VVD zijn, en ook niet voor een liberaal migratiebeleid. De VVD is dus maar tot op zekere hoogte wat de partij zegt te zijn: liberaal. Ze zitten op het grensvlak rechts-conservatief,  centrum en liberaal.

Waar vind je nou de libertariërs? Helemaal bovenin. Wij zijn heel erg liberaal, want wij willen 100 procent economische en persoonlijke vrijheid.

De liberale VVD-achterban zul je niet aanspreken met het openstellen van de grenzen. De achterban van die partij is heel erg gekant tegen immigratie.

De meeste libertariërs zeggen: “We zijn voor open grenzen, maar we erkennen tegelijk dat dit niet werkt in combinatie met het uitdelen van gratis geld, zorg, onderwijs en huizen aan immigranten. Dat zou in een libertarische samenleving niet kunnen.” Als je kijkt naar geschiedenis van de VS: tot in de jaren ’20 waren er nauwelijks immigratiebeperkingen. Er gingen mensen heen vaak zonder enige opleiding, soms zelfs analfabeten, maar niet om hun hand op te houden, maar om zichzelf productief te maken, een bestaan op te bouwen. Vaak met succes. Hun kinderen waren vaak veel welvarender dan zijzelf. Het was in een tijd dat de overheid extreem klein was, met name de federale overheid, die toen nog geen inkomstenbelasting mocht heffen. 

U heeft op BNR Nieuwsradio geadverteerd met de slogan ‘Belasting is diefstal’. Daar kwam in 2008 een einde aan. Waarom was dat?

Een anonieme persoon heeft een klacht ingediend omdat het spotje in strijd zou zijn met het goed fatsoen. De Reclame Code Commissie deed toen BNR de aanbeveling het spotje niet meer uit te zenden. Dat is Orwelliaanse newspeak voor censuur, want de Commissie pretendeert dat er sprake is van zelfregulering, dat media die reclame uitzenden zichzelf normen willen opleggen en zich daarom aansluiten bij de stichting Reclame Code. Maar de werkelijkheid is anders. De Mediawet verplicht zendgemachtigden lid te worden, en daarmee aanbevelingen te volgen. Het zijn dus geen aanbevelingen maar censuur. Alle zendgemachtigden houden zich er aan, want willen hun zendmachtiging niet verliezen.

We zijn in beroep gegaan tegen de aanbeveling. Ik heb bij het college van beroep betoogd dat de slogan niet in strijd kan zijn met het fatsoen, immers: de waarheid mag gezegd worden. Tot mijn verbazing werd de aanbeveling van Reclame Code vernietigd, omdat de commissie vond dat de slogan niet in strijd was met het fatsoen. Maar er kwam een andere aanbeveling voor in de plaats: de aanbeveling de slogan niet uit te zenden omdat deze in strijd zou zijn met de waarheid, want belasting is geen diefstal, en reclameslogans mogen niet in strijd zijn met de waarheid.

Hoe verklaart u dat u wel bent aangepakt, en niet de trustkantoren die multinationals nog steeds behulpzaam zijn met belastingontwijking in het buitenland?

Ik kan niet kijken in de hoofden van de FIOD- en OM-mensen. Ik kan alleen raden wat ze motiveert. Maar over het algemeen is het zo dat trustkantoren niet etaleren dat ze zich bezighouden met belastingontwijking. Op hun websites kom je het woord ‘belastingontwijking’ niet tegen. Überhaupt kom je daar weinig tegen over fiscaliteit. Ik daarentegen was altijd erg recht voor zijn raap. Ik gebruikte wel het woord ‘belastingontwijking’ op onze website en in brochures. Ik deed er zelfs nog een schepje bovenop met de slogan ‘Belasting is diefstal’. In interviews maakte ik ook geen geheim van mijn gedachtegoed. Ik zei dingen als: ‘De overheid is een criminele organisatie’, ‘Belasting is gelegitimeerde roof’, ‘De ondernemer is een onderdrukte minderheid’, ‘Belastingontwijking is een moreel recht en een morele plicht’. Dat vonden ze bij de fiscus ongetwijfeld niet leuk om te horen. Belastingambtenaren zijn meestal mensen zonder humor, met een goed geheugen en lange tenen. Als je daar eenmaal op getrapt hebt, dan vergeten ze dat niet. Ik waande mij veilig, want ik dacht: “Ik houd mij aan de regels, zij moeten dat ook doen, en dus zullen ze het wel doen.” Achteraf concludeer ik dat ik te naïef ben geweest. Zelfs ik heb mij nog vergist in de ongelooflijke slechtheid van de staat.

Nadat wij in 2001 waren begonnen met het aanbieden van HJC-trustdiensten, vanaf een nieuw kantoor op Cyprus, kwam er in 2004 een wet Toezicht Trustkantoren, maar die gold alleen voor trustkantoren met een zetel in Nederland. Daar viel dus HJC in Cyprus niet onder. De fiscus kon dus de informatie over mijn cliënten niet zomaar bemachtigen. Dat vonden ze waarschijnlijk heel vervelend. Dus hebben ze als oplossing bedacht: zware beschuldigingen uiten, ons een criminele organisatie noemen, zodat de overheid in Cyprus meewerkte, en ze alsnog de cliëntgegevens konden bemachtigen. 

U heeft, na uw aanvaring met de Nederlandse staat, een nieuw begin gemaakt met Nozick Consulting in Zoetermeer. Is dat een voortzetting van dezelfde activiteiten onder een andere naam?

Het is een belastingadvieskantoor voor de kleine- en middelgrote ondernemer, dat met name gericht is op de inkomsten- en vennootschapsbelasting. Ondanks de reparatiewetgeving is het ons gelukt een nieuw product te ontwikkelen voor de kleine ondernemer, waarbij alle rechtspersonen van de bedrijfsstructuur zich in Nederland bevinden.

Het ontwijken van belasting via het buitenland is niet langer iets dat u uw cliënten adviseert?

Buitenlandse structuren bieden nog steeds een groter voordeel, maar de kosten zijn ook hoger. Als je een Nederlandse structuur kiest is het voordeel iets minder groot, maar de kosten zijn een stuk lager. Er komen steeds meer regels om belastingontwijking tegen te gaan. Die maken het niet onmogelijk, maar wel lastiger en duurder, waardoor het omslagpunt, de minimale winst die je moet behalen, hoger komt te liggen. Zodat de kleinste ondernemer afvalt. Alleen de grote en middelgrote ondernemers kunnen nu nog belasting ontwijken. Ik vind dat een treurige ontwikkeling.

Hoe kijkt u aan tegen de afschaffing van de dividendbelasting? Het zijn niet de kleintjes die daarvan profiteren.

Ik ben voor afschaffing van alle belastingen, dus ook voor die op dividend. Niet alleen om principiële, morele redenen, maar ook om pragmatische redenen. De dividendbelasting is een boete op investeren. Als een buitenlandse investeerder investeert in een Nederlands bedrijf, dan krijgt hij daar een boete voor, in de vorm dus van dividendbelasting. Engeland legt die boete niet op. Dus als je kunt kiezen als buitenlandse investeerder tussen investeren in een Engels bedrijf zonder boete en een Nederlands bedrijf met boete, dan zul je eerder kiezen voor het Engelse bedrijf. Dus als je die boete afschaft dan is dat natuurlijk gunstig voor het investeringsklimaat. Het aantrekken van buitenlands kapitaal is goed de voor de economische groei en de levensstandaard. Dus uiteraard ben ik daar voor.

Als je op korte termijn kijkt, zeg je misschien: “Die buitenlandse investeerders, die voordeel genieten van de afschaffing van de Nederlandse belasting op dividend, wat hebben wij daar mee te maken? We willen wat goed is voor het Nederlandse volk.” Dat is kortzichtig. Want dat buitenlandse kapitaal draagt juist bij aan onze levensstandaard.

De Nederlandse belastingbetaler ziet het als onrechtvaardig dat buitenlandse investeerders geen belasting hoeven te betalen.

Dat begrijp ik, en ik zou ook heel graag zien dat de belasting voor iedereen wordt verlaagd, niet alleen voor buitenlandse investeerders. Maar we moeten voorkomen dat we worden uitgespeeld tegen elkaar. Het is beter te zeggen: “Elke belastingverlaging is een stap in de goede richting, dus laten we ons niet verzetten tegen welke belastingverlaging dan ook.”

Ik ben het er verder niet mee eens dat in het geval van de afschaffing van de dividendbelasting een beperkte groep daar van profiteert, want als het investeringsklimaat verbetert dan profiteert uiteindelijk iedereen daar van in Nederland. Meer kapitaal betekent: meer machines, automatisering, innovatie en efficiency. Dat zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit en dus hogere lonen en een hogere levensstandaard. Werknemers kunnen zo steeds meer presteren in steeds minder tijd. De reden dat we niet meer zestig uur in de week werken, maar nog maar 35 uur is dat de arbeidsproductiviteit zo hard is gestegen doordat er meer kapitaal is gevormd als gevolg van een grotere economische vrijheid.

Hoe verklaart u dat de Nederlandse regering alleen buitenlandse investeerders belastingvoordeel gunt? De schatkist loopt er miljarden mee mis.

Kleine ondernemers hebben geen lobby. Grote bedrijven huren lobbyisten in en maken politieke vriendjes. Als een politicus geen politicus meer is, zoals Wim Kok, dan wordt hij commissaris bij Shell of een ander beursgenoteerd bedrijf. Gerhard Schröder tekende een contract met Gazprom, meteen nadat hij als politicus was uitgerangeerd. Dick Cheney, was minister van defensie onder Bush senior, en aansluitend CEO bij Halliburton, de grote defense contractor. Toen Bush junior werd gekozen, werd Cheney vice-president en ging hij lobbyen  om oorlog in Irak te voeren, waar Halliburton uiteindelijk een fortuin mee heeft gemaakt.

De overheid is een soort doping. Als je doping legaliseert heb je als sporter geen kans meer zonder doping. Zo ook met de overheid. Als je een groot bedrijf hebt, en je hebt een overheid die je kan maken of breken, die je subsidies kan geven of niet, die je privileges kan geven of niet – dan ga je dus lobbyen. Want als jij niet lobbyt en de concurrent wel, dan ga je uiteindelijk ten onder. Je moet vriendjes maken. Microsoft heeft heel lang niet gelobbyd, totdat ze miljardenclaim kregen wegens monopolievorming. Sindsdien zijn ze maar gaan lobbyen.

Wat ook speelt: grote bedrijven laten zich sterk leiden door regeldruk en lastendruk. Ze kunnen makkelijk met hun voeten stemmen, en zeggen: “We gaan ergens anders een nieuwe fabriek plaatsen of een nieuw hoofdkantoor.” Dus hebben politici er belang bij grote bedrijven te lokken, en niet te verjagen. Als je kijkt welke belasting is er verlaagd de afgelopen tientallen jaren, dan was dat met name de vennootschapsbelasting, van gemiddeld 48 procent in 1980 in de OESO-landen naar nu gemiddeld zo’n 23 procent. Nederland gaat deze belasting verlagen van marginaal 25 naar 21 procent. Niet zo lang geleden was dat nog 35 procent. Het is zelfs 45 procent geweest onder premier Joop den Uyl.

Nu blijkt Shell al een voorschot te hebben genomen op de afschaffing van de dividendbelasting. Het bedrijf heeft jarenlang geen belasting afgedragen. Met toestemming van de Belastingdienst. Hoe ziet u dat?

Shell heeft gedaan wat iedereen in Nederland mag doen: Je mag als belastingbetaler om een ruling vragen. Als je een brief schrijft met de vraag of jouw interpretatie van de belastingwetgeving juist is, dan is de belastinginspecteur verplicht daar antwoord op te geven. Hij hoort rechtszekerheid te verschaffen.

Shell had vroeger zowel in Nederland als Engeland een hoofdkantoor. In Engeland was geen dividendbelasting, in Nederland was die er wel. Ze wilden fuseren. Als ze dat hadden gedaan zonder afspraak met de fiscus te maken, dan zou dat betekenen dat investeerders in Shell Engeland door de fusie geconfronteerd zouden worden met de Nederlandse boete. Dan was de fusie niet doorgegaan. Dan hadden de aandeelhouders van de Engelse vestiging gezegd: “Dan maar geen fusie.” De Shell-top is toen naar de fiscus gestapt met het verhaal dat ze wilden fuseren en het hoofdkantoor in Nederland wilden vestigen. Shell heeft waarschijnlijk gezegd dat ze een mogelijkheid zagen de dividendbelasting te ontwijken en gevraagd om een handtekening als bevestiging dat de fiscus die structuur accepteerde en niet achteraf zou proberen die onderuit te halen. Het lijkt mij onwaarschijnlijk dat de oplossing die Shell had bedacht een illegale of strafbare oplossing was. Waarschijnlijk paste de oplossing binnen de grenzen van de wet.

Het probleem met rulings is wel vaak: Als je een structuur hebt die over de landsgrenzen heen gaat, als je Nederlandse belasting ontwijkt door inkomsten in het buitenland te laten vallen of vermogen in het buitenland op te bouwen, en je wilt daar een ruling over, dan krijg je die niet als kleine ondernemer. Dan zeggen ze: “Dat is fiscale grensverkenning. Daar werken we niet aan mee.” Als een multinational dezelfde ruling vraagt, dan krijgen ze wel een ruling. Maar zoals ik al zei: we hebben een nieuw product ontwikkeld, dat we binnen de Nederlandse grenzen houden, en dan kun je ook als kleine ondernemer vragen om duidelijkheid.

De postbusfirma’s op de Amsterdamse Zuidas, hoe ziet u die? De Nederlandse staat en de Nederlandse burger lijken daar niet echt wijzer van te worden.

Natuurlijk zou het geweldig zijn als Nederland een belastingparadijs was voor iedereen niet alleen voor doorstroomvennootschappen in het buitenland. Maar de Nederlandse staat en de Nederlandse burger worden er wel degelijk wijzer van. Trustkantoren in Nederland besturen ongeveer 10.000 doorstroomvennootschappen. Daarnaast heb je ook nog doorstroomvennootschappen die geen trustkantoor nodig hebben, en eigen personeel inzetten. Er gaat in die doorstroomvennootschappen ongeveer 10.000 miljard euro per jaar om. Daar wordt weinig belasting over afgedragen, maar toch evengoed nog een paar miljard per jaar. Want er zijn heel veel advocaten, belastingadviseurs, accountants en notarissen en trustkantoormedewerkers die daar een hele goede boterham aan verdienen, en daar belasting over betalen. De doorstroomvennootschappen mogen zo’n 99 procent van de winst aftrekken op de doorstroming. Maar ze moeten dus ook een percentage achterlaten in Nederland.

Wat de postbusfirma’s bijdragen aan de Nederlandse economie en aan belastinginkomsten opleveren is uitgerekend door een vereniging van trustkantoren, dus je kunt je afvragen wat ervan klopt, maar mijn punt is: Ook al zou de Nederlandse overheid er helemaal niks aan overhouden, dan moeten we het nog steeds toejuichen. Want de private sector heeft er wel baat bij, en niet alleen in Nederland, juist ook in het buitenland. Er zijn heel veel landen waar bedrijven meer overhouden, en dat betekent dat er minder geld wordt uitgegeven aan schadelijke zaken door politici en ambtenaren zoals het bombarderen van onschuldige mensen, het maken van steeds meer hinderlijke wet- en regelgeving en het ondernemen van vrijheidsondermijnende activiteiten. In plaats daarvan wordt het geld geïnvesteerd in innovatie, waardoor de levensstandaard stijgt, de levensverwachting stijgt en de economie groeit.

Omdat uw naam genoemd werd in de Panama Papers bent u afgelopen jaar verhoord door de parlementaire ondervragingscommissie Fiscale Constructies. Hoe heeft u dat ervaren? 

Het was voor mij leerzaam te kijken naar de belastingambtenaren die door de commissie werden geïnterviewd. De frustratie droop er van af toen ze het hadden over de rechtsbescherming van de belastingbetaler. Hun frustratie was dat ze vaak niet wisten om te gaan met mensen die ze ervan verdachten gebruik te maken van mooie belastingconstructies. Dan stelden ze een vragenbrief op en in plaats van dat de belastingplichtige netjes antwoordde, huurde hij een slimme adviseur in die een antwoordbrief schreef, waarin hij nauwelijks antwoord gaf en tegenvragen stelde, zoals: “Op welke wetgeving baseert u zich? Op grond waarvan bent u van mening dat mijn cliënt deze vragen moet beantwoorden?” Kortom, ze zijn zwaar gefrustreerd over de rechtsbescherming van de belastingbetaler, en dat ze dus niet alles weten.

De fiscus wil daarom een uitholling van de rechtsbescherming van belastingbetalers. Ze willen een meldingsplicht, die inmiddels al is ingevoerd op het niveau van de EU. Belastingadviseurs moeten voortaan constructies aanmelden, een soort NSB’ers worden. Ze moeten hun eigen klanten gaan aanmelden bij de overheid. Ze moeten de fiscus vertellen: “Wij hebben een belastingadvies uitgebracht en daardoor gaat mijn cliënt een bepaald belastingvoordeel genieten.” Zodat de fiscus je cliënt kan gaan lastig vallen om te kijken of ze er toch niet wat meer uit kunnen persen. Doe je dat niet, dan ben je strafbaar.

U noemde net de EU die gezorgd heeft voor een meldingsplicht. U sprak eerder over een EU-kartel van belastingheffende politici. Hoe is dat buiten de EU?

Ook op mondiaal niveau gaan we in de richting van een kartel. Er zijn inmiddels honderd landen, die een verdrag hebben getekend met elkaar om automatisch informatie uit te wisselen, dus niet op verzoek of op verdenking van belastingontduiking of een ander strafbaar feit. Tot die landen behoren ook China en Venezuela. De mensen die daar wonen wordt dus de mogelijkheid ontnomen hun vermogen verborgen te houden voor door en door corrupte overheden. Het is een herhaling van de jaren ’30. Sommige Duitse joden hadden toen hun vermogen in Zwitserland geparkeerd uit angst dat het hun afgenomen zou worden. Dat het Zwitserse bankgeheim werd ingevoerd in 1934 is geen toeval. Dat kwam doordat een aantal Zwitserse bankmedewerkers hun Duitse-joodse cliënten hadden verraden, die gegevens hadden verkocht aan de Duitse overheid. Met die joden is het slecht afgelopen. In Duitsland stond de doodstraf op belastingontduiking. De verraden cliënten van die Zwitserse bank werden dan ook ter dood veroordeeld. Dat was voor de Zwitserse overheid in 1934 reden om te zeggen: “Dit nooit meer. We gaan een bankgeheim invoeren.” Het werd toen strafbaar voor Zwitserse bankmedewerkers gegevens van cliënten te delen met derden. Dat is dus het inmiddels verguisde Zwitserse bankgeheim.

Privacy is in een kwaad daglicht gesteld. Zo van: “Als je niks te verbergen hebt, dan heb je niks te vrezen.” Maar dat is volledig onterecht. Wij hebben in West-Europa toevallig de laatste zeventig jaar een stukje beschaving opgebouwd, dat overheden niet zo maar kunnen doen wat ze willen. Daardoor zijn we een beetje naïef geworden. De overheid is onze beste vriend. Maar er zijn nog steeds heel veel mensen in de wereld voor wie geldt dat de overheid helemaal niet hun beste vriend is. Maar juist de grootste vijand.

De overheid moet je zien als de parasitaire klasse, die ons leegzuigt, een bal aan ons been is. Ze zorgt ervoor dat we korter leven. Als je kijkt naar de levensverwachting in de veertig landen met de meeste economische vrijheid, daar worden mensen gemiddeld tachtig jaar. In de veertig landen waar mensen de minste economische vrijheid hebben, worden ze gemiddeld zestig jaar. De overheden stelen in die landen dus gewoon 20 jaar van een mensenleven. Lees het boek Death By Government van Rudolph Rummel. In de twintigste eeuw zijn er naar schatting zo’n kwart miljard mensen vermoord door hun eigen overheden. Dan heb ik het nog niet eens over de mensen die zijn gesneuveld in oorlogen als gevolg van overheden die met elkaar strijd voeren. Hitler, Stalin, Mao en Pol Pot zijn bij elkaar opgeteld alleen al goed voor zo’n 150 miljoen moorden op eigen burgers.

Het is dus niet zo gek dat er zoveel mensen zijn die hun eigen overheid niet vertrouwen en verborgen proberen te houden dat ze iets hebben gespaard of opgebouwd, omdat je jezelf anders tot doelwit maakt. In landen met corrupte regimes waar de economie aan de grond zit, zijn het meestal succesvolle minderheden die als eersten worden gepakt. In Duitsland waren dat de joden en in Indonesië de Chinezen.

Posted on

De misplaatste lof voor John McCain

Na het recente overlijden van de Amerikaanse politicus John McCain valt het op dat er uit allerlei kwartieren plotseling lof voor hem is. Met overdreven geslijm wordt opeens gedaan alsof er enkel bewondering kon bestaan voor deze man. Zelfs de mensen die onder zijn dikwijls best lompe en achterbakse aanvallen hebben moeten lijden, worden meegezogen in deze opwelling van typisch Amerikaanse heldenverering. “Over de doden niets dan goeds,” heet het dan. Maar als de doden eigenlijk schoften waren, is het dan niet gepaster om dat eerlijk te zeggen?

McCain heeft het zelfs in zijn postuum verschenen afscheidsbrief niet nagelaten om als ware nestbevuiler zijn partijgenoot en president nog even af te vallen. Het gif zit in de angel, natuurlijk, maar bij McCain zat het gif overal. Onder het mom van zijn status als “maverick” heeft McCain zich dikwijls als een ongeleid projectiel gedragen. Wanneer het hem dan even uitkwam, viel hij zijn eigen partij doodleuk af en ging hij zijn eigen weggetje. Het is dan ook geen toeval dat de meest uitbundige loftuitingen kwamen van Democratische kopstukken en van bekende globalisten als George Soros. Het wordt al snel duidelijk waar McCain eigenlijk “stond”, en wie zijn ware vrienden en bondgenoten waren.

Toch wordt hij nu, na zijn dood, opeens op het schild gehesen door de Republikeinen. Bij Fox News is commentator Liz Peet zelfs zo ver gegaan de president op te roepen om een “groots gebaar” te maken en McCain postuum de Medal of Honor toe te kennen— de hoogste militaire onderscheiding van de Verenigde Staten. Is dat verdiend? McCain is als militair krijgsgevangene geweest, en is gefolterd. Hij is daarvoor echter destijds onderscheiden, en het bevoegde gezag vond geen reden om hem voor te dragen voor de Medal of Honor. Sedertdien heeft McCain niet bepaald dingen gedaan die hem opeens wel in aanmerking zouden doen komen. Hij is door de rangen gerezen—niet in het minst omdat zowel zijn vader als grootvader al admiraal waren, trouwens—maar heeft zich niet bijzonder verdienstelijk gemaakt.

Of we zouden natuurlijk zijn vele bewezen diensten voor het militair-industrieel complex moeten meetellen. McCain is als politicus bekend geworden als pleitbezorger van de agressieve en militaristische politiek die kenmerkend is voor het neoconservatisme. Samen met medestanders als Lindsey Graham (ook een Republikein die graag mag samenwerken met Democraten en zijn eigen “vrienden” graag een dolk in de rug steekt) heeft McCain steeds gepleit voor militaire interventies. Daarachter stak geen visie, maar een duidelijk belang: gelijk Rove, Cheney en Rumsfeld was McCain voor het interveniëren om maar te interveniëren. War is good for business, en zeker als de lobbyisten van het militair-industrieel complex weten dat ze bij jou moeten zijn.

Oprechte conservatieven zijn nooit voorstander geweest van dergelijke politiek. Het omverwerpen van figuren als Saddam Hoessein, Moeammar Khaddaffi, Hosni Moebarak en (zoals McCain beoogde) Bashar al-Assad heeft de geostrategische belangen van de VS nooit gediend. Geen van die huis-tuin-en-keuken-despoten was een echte bedreiging voor Amerika. In het vacuüm dat ontstaat nadat zo’n sterke leider omver wordt geworpen springen echter de radicalen, de jihadisten, de gekken zonder vrees of verstand.

Zonder meer onaardige doch doorgaans vrij kalme despoten werden aldus vervangen door de hondsdolle terroristen van, zeg, de Islamitische Staat of de Moslimbroederschap. Hele regio’s werden gedestabiliseerd, met menselijk lijden op grote schaal tot gevolg. Relevant detail voor Europeanen: dergelijk neoconservatief beleid heeft ook voor een groot deel de vluchtelingengolf veroorzaakt waar wij nu mee te kampen hebben. Dankjewel, John McCain!

Naast het leed voor de gebieden die door de achteloze neoconservatieven in het vuur werden gesmeten, is er natuurlijk ook nog het strategisch perspectief. McCain beweerde consequent dat iedere agressie-oorlog het belang van Amerika zou dienen. Het tegendeel is waar. De grote winnaar van de chaos in het Nabije Oosten is… Rusland. Met de VS als boeman is het gemakkelijk voor Poetin om invloed te winnen bij alle partijen die daar een rol van belang willen spelen. Dankzij de oliedomme (pun intended) neoconservatieven heeft Rusland nu meer invloed in de regio—en in de oostelijke Middelandse Zee—dan de USSR ooit mocht hopen te bereiken. Hetgeen de strategische belangen van de VS juist heeft geschaad, natuurlijk. maar daar maalde McCain duidelijk niet om.

Is het denkbaar dat McCain hetgeen was waar zijn huichelende medestanders Donald Trump van beschuldigen: een spion voor Rusland? Gebaseerd op de feiten (de beleidswensen van McCain hebben Rusland eindeloos meer geholpen dan het beleid van Trump) is dit een gedachte die men voor de grap eens mag overwegen. Het is minder belachelijk dan het “Trump-Russia collusion”-onzinverhaal.

Realistisch gezien kan men het beter cynisch overwegen: McCain vond het niet erg dat Rusland een grotere dreiging werd, want McCain wilde niets liever dan een oorlog met Rusland aanwakkeren. Hij was tenslotte voorstander van iedere denkbare oorlog, hoe schadelijk en zinloos en immoreel ook, en liefst een grootschalige oorlog— simpelweg omdat hij het goedbetaalde schandknaapje was van het militair-industrieel complex. (Dat een oorlog met Rusland heel Europa in as zou leggen vond McCain schijnbaar niet erg.)

Het mag op dit moment wel duidelijk zijn dat John McCain de lof die hem wordt toegezongen nooit heeft verdiend. Hij was een oorlogshitser die iedere morele overweging al heel lang geleden naast zich neer had gelegd. De superlatieve bejubeling is absoluut misplaatst, en krijgt zelfs kluchtige trekken. Ik zag McCain zelfs beschreven worden als “de Cato de Oudere van onze tijd”. Mijn hemel, wat een belediging voor de oude Cato, die consistent vasthield aan traditie en eer. (McCain heeft, zoals reeds beschreven, immer gekozen voor de belangen van de ‘deep state’, waar Cato de Oudere juist erom bekend stond dat hij nooit voor een karretje te spannen was.)

De vergelijking is dan dat Cato zo stelselmatig opriep tot de vernietiging van Carthago, hetgeen sommigen doet denken aan de oorlogshitserij van McCain. Het feit dat Noord-Afrika uiteindelijk de graanschuur van het Romeinse Rijk werd, roept dan weer vergelijkingen op met het belang van olie (hetgeen vaak schuilt achter de neoconservatieve oproepen tot agressie-oorlogen in de grote zandbakken van deze wereld).

Het zijn echter totaal manke vergelijkingen. De graantoevoer vanuit Africa Proconsularis werd immers pas relevant nadat het al geruime tijd een Romeinse provincie was. De reden om Carthago te verwoesten had niets te maken met het veiligstellen van dergelijke import. Het conflict tussen Rome en Cathago was geen “resource war” maar een existentiële machtsstrijd, zoals die ook bestond tussen de VS en de USSR tijdens de Koude Oorlog. Cato de oudere stond dan ook meer gelijk aan de echte ‘communistenvreters’ in de VS, die geloofden dat vrede nooit mogelijk was totdat de USSR zou vallen.

De beste ‘analoog’ voor Cato in de moderne periode is in mijn optiek Barry Goldwater. Een compromisloze reactionair met een sterke deugdethiek, die geloofde in de noodzaak van het breken van de USSR. Net als Cato werd hij weggehoond, maar zag zijn gelijk uiteindelijk bewezen. (De verkiezing van Reagan werd fameus beschreven als “it took twenty years to count the votes, and Goldwater won”.) Goldwater stond tevens bekend om zijn bloedhekel aan neoconservatieven als McCain, die hij beschreef als “the unprincipled stooges of the big conglomerates”.

Ook belangrijk: Cato de Oudere was destijds, net als Goldwater tijdens de Koude Oorlog, tegen allerlei andere oorlogen. Hij hoopte dat de vernietiging van Carthago definitief de positie van Rome zou veiligstellen, waardoor langdurige vrede mogelijk zou worden. Goldwater hoopte op precies datzelfde met betrekking tot de USSR, omdat hij wist dat de USSR bijna alle vijanden van de VS financierde. (Net zoals Carthago rebellen en huurlingen tegen Rome financierde.)

Beide mannen hadden trouwens ongelijk, en hun hoop was misplaatst. Waarom? In de VS omdat neoconservatieven als John McCain de overhand namen en talloze zinloze oorlogen begonnen. Leuk voor het militair-industrieel complex, immers. In het oude Rome maakte de vernietiging van Carthago ook geen einde aan de expansie-oorlogen, omdat opportunistische en ambitieuze Romeinen dat soort oorlogen zagen als een manier om zelf glorie te verwerven en dus hun eigen belang te dienen.

Die Romeinen waren al moreel dubieus, omdat ze hun eigen belang vóór het belang van Rome plaatsten (terwijl ze wel talloze legers verspilden aan zinloze campagnes). Ze zijn echter nog zeer deugdelijke mannen, wanneer je ze vergelijkt met een onverbeterlijke smeerlap als John McCain. Die plaatste immers niet alleen zijn eigen belang boven het landsbelang: hij handelde actief in strijd met het landsbelang.

Indien wij John McCain willen vergelijken met een Romein, dan is het nog het meest gepast om hem te vergelijken met Varus: de generaal die zijn legioenen verkwistte aan een zinloze campagne in Germania. U weet wel, de slag bij het Teutoburgerwoud. Het word gezegd dat Keizer Augustus er jaren later nog nachtmerries van had, en schreeuwend wakker werd: “Varus, ik wil mijn legioenen terug!”

Maar van Varus kan tenminste nog gezegd worden dat hij een Romein was. Na zijn abjecte falen trok hij de consequentie en stortte hij zichzelf op zijn eigen zwaard. Zo’n verlies van eer kan je niet herstellen. De mannelijke dood is dan de enige uitweg die nog rest. Beter dan een eerloos leven in schande. Een leven zoals dat van John McCain, dus. Om die reden is het misplaatst om laatstgenoemde te vergelijken met welke Romein dan ook. Zelfs de meest laaggeplaatste plebeïsche straatventer zou—terecht—op hem spugen. Wij zouden daar een voorbeeld aan mogen nemen. Liever dan zijn graf met onverdiende lof te overstelpen, zouden wij overdrachtelijk op de herinnering aan John McCain moeten spugen, en zijn naam uit ons geheugen moeten schrappen. Hij verdient niets minder dan de damnatio memoriae.

Posted on

Hoe zou een soeverein buitenlandbeleid eruitzien? (video)

In kwesties van buitenlands beleid is Europa niet leidend maar volgend. De diverse Europese landen kijken in de eerste plaats naar Amerika. De meeste Europese landen zijn dan ook aan Amerika gebonden via de NAVO of daaraan gerelateerde partnerschapsprogramma’s. Alleen al daarom kan er geen sprake zijn van een soeverein Europees buitenlandbeleid gemeenschappelijk of individueel. Als Europa een keer afwijkt van de Amerikaanse lijn, bekritiseert ze die echter slechts voorzichtig en gaat ze uiteindelijk vaak alsnog door de pomp. Hoe dan ook is het doorgaans Europa dat het meest geconfronteerd wordt met de gevolgen van het Amerikaanse beleid in het Midden-Oosten en Afrika. Zo wordt duidelijk dat de belangen van Amerika en Europa lang niet altijd samenvallen.

De vraag dringt zich dan ook op hoe een soeverein buitenlandbeleid eruit zou kunnen zien. Manuel Ochsenreiter, hoofdredacteur van het Duitse geopolitieke magazine Zuerst, formuleerde in zijn toespraak tot het Institut für Staatspolitik  getiteld ‘Rußland, USA, Europa. Von Souveränität und Hegemonie’ een antwoord op deze pertinente vraag. Bekijk de video hieronder:

Lees ook:

Posted on

Zo gaat Polen met critici van de NAVO om

Bijna twee jaar nadat hij door de Poolse Binnenlandse Veiligheidsdienst ABW ontvoerd en in hechtenis genomen werd, is vorige week eindelijk een formele beschuldiging gepubliceerd tegen de oppositiepoliticus Mateusz Piskorski.

Piskorski was van 2005 tot 2007 lid van het Poolse parlement voor de populistisch-agrarische en eurosceptische partij ‘Samoobrona RP’ (Zelfverdediging van de Republiek Polen). In 2015 richtte hij een nieuwe politieke partij ‘Zmiana’ (Verandering) op, die zich uitsprak voor samenwerking met Rusland in Europees continentaal verband en zich zodoende tegen het NAVO-lidmaatschap van Polen keerde, militaire interventies in het Midden-Oosten en Noord-Afrika en de westerse rol in de Oekraïense crisis en bekritiseerde.

Dit was tegen het been van zowel de liberale oppositie als de conservatieve regering en op 18 mei 2016 werd Piskorski dan ook ontvoerd door agenten van de binnenlandse veiligheidsdienst ABW en gevangen gezet. Hoewel er tot vorige week officiële aanklacht tegen hem was, werd zijn naam intussen wel door het slijk gehaald in de Poolse pers. Zo zou hij gespioneerd hebben voor Rusland en China.

Keer op keer werd zijn tijdelijke hechtenis verlengd en pas vorige week, bijna twee jaar na zijn ontvoering door de geheime dienst, is hij formeel in beschuldiging gesteld. In de tussentijd konden zijn familie, vrienden en politieke partij juridisch vrijwel niets voor hem doen. Nu wordt hij er formeel van beschuldigd voor de Russische en Chinese geheime diensten te hebben gewerkt en “tegen de belangen van Polen”, in feite lijkt het er vooral om te gaan dat Piskorski politiek en publicitair ageerde tegen het buitenlandbeleid van de Poolse regering inzake de NAVO, Oekraïne en de verhouding met Rusland. Eén ding staat vast, door de leider van een onwelgevallige nieuwe politieke partij gevangen te zetten en een rechtszaak op de lange baan te schuiven, heeft het Poolse establishment zich voor jaren weten te ontdoen van een echte luis in de pels op het vlak van het Poolse buitenlandbeleid.

Posted on

Drie beloftes waarop Trumps presidentschap beoordeeld zal worden

Op veel terreinen – zoals het benoemen van Scalia-achtige rechters en het steunen van Reagan-achtige belastingverlagingen – is president Trump een conventionele Republikein. Wat uitzonderlijk aan hem was in 2016, waarmee hij zich duidelijk onderscheidde van zijn GOP-rivalen, waarmee hij beslissende staten als Pennsylvania won, was zijn uniek Trumpiaanse agenda om Amerika en de Amerikanen op de eerste plaats te zetten – iets waar Bush-Republikeinen voor terugdeinsden.

Alleen Trump beloofde een einde te maken aan het generaal pardon en de grens te beveiligen met een 9 meter hoge muur om de invasie van Amerika tot staan te brengen. Alleen Trump beloofde een einde te maken aan de de-industrialisering van Amerika en onze verloren fabrieken en verloren banen terug te halen. Alleen Trump beloofde een einde te maken aan de democratie-kruistochten en ons terug te trekken uit de eindeloze oorlogen in het Midden-Oosten, waarin George Bush, Barack Obama en de oorlogspartij onze natie hadden gestort.

En van in hoeverre hij deze drie unieke Trumpiaanse beloften waarmaakt hangt zijn politieke lot af, alsmede het oordeel van de geschiedenis of hij een goede, geweldige of mislukte president was. Waar Washington staat is geen vraag. Het is er op belust Trumps presidentschap te zien mislukken, zijn agenda naar de prullenbak verwezen en Trump zelf afgezet. De hoofdstad kijkt naar Robert Mueller als de Mozes die hem kan bevrijden van de door een onbegrijpend electoraat opgelegde tiran. Hoewel Trumps steun onder zijn klootjesvolk stabiel blijft – hij krabbelt zelfs weer een beetje op in de peilingen – valt de uitkomst van de slag om hem ten val te brengen nog te bezien.

Build that wall!

Ga maar na. Trumps grensmuur werd behandeld als een desgewenst opgeefbaar prul in het GOP begrotingsakkoord groot 1,6 biljoen dollar van het Congres. Steden en hele staten roepen zich zelf uit tot toevluchtsoorden voor mensen die hier illegaal verblijven en slaan verzoeken van federale autoriteiten om te helpen bij de uitzetting van beschuldigde criminelen in de wind. Een ‘karavaan’ van duizend Centraal-Amerikanen trekt door Mexico, daarbij geholpen door de autoriteiten, en begeeft zich naar de Amerikaanse grens. Reken maar, dat wanneer ze daar aankomen, de anti-Trump media klaar zullen staan om zich te beklagen over iedere overschrijding door de grenswachters.

De hysterische reactie op het nieuws dat de volkstelling van 2020 de vraag ‘Bent u een Amerikaans staatsburger?’ bevat, maakt wel duidelijk waar dit allemaal om gaat. Amerika’s elite staat er op dat ons land moet oplossen in een nieuw Derde Wereldland dat in zijn raciale, religieuze en etnische samenstelling op de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties lijkt. Zij verachten het oude Amerika waarvan de bevolking hield.

Het zit erin dat Trump de laatste president is die zal proberen dat land te bewaren. Als hij het presidentschap achter zich laat terwijl de grens nog altijd niet veilig is, valt moeilijk in te zien wat de Derde Wereldinvasie nog kan stoppen, net zoals die zonder ophouden over de Middellandse Zee naar Europa komt. Jean Raspails De Ontscheping is geen dystopische roman meer.

De Ontscheping ~ Jean Raspail

Economisch nationalisme

En Trumps agenda van economisch nationalisme – het herstellen van de industriële dynamiek en de zelfvoorzienendheid die Amerika kende uit de tijd van Lincoln tot Reagan – ziet zich geconfronteerd met niet aflatende vijandigheid van geïnstitutionaliseerde macht.

Tegenover Trump staan bedrijfselites wier winsten en aandelenopties afhankelijk zijn van productie buiten Amerika, en de managerskaste van een Nieuwe Wereldorde die de EU, de VN, het IMF, de Wereldbank en de Wereldhandelsorganisatie runt. Maar als mondiale elites het grootste deel van de rijkdom van de naties en een aanzienlijk stuk van hun politieke macht oppotten, kun je wel aanvoelen dat ze een ongeliefd slag zijn, en ze zitten op een vulkaan.

Donald Trump spreekt werknemers van de auto-industrie toe in Michigan, maart 2017 (foto: Witte Huis).

Geen militaire avonturen meer

Het derde onderscheidende punt van Trump was zijn toezegging ons terug te trekken uit de oorlogen in het Midden-Oosten, waarin Bush en Obama ons hadden verwikkeld, en om ons buiten nieuwe oorlogen te houden. Trump beloofde ook de hand te reiken aan Vladimir Poetin en Rusland om een herleving van de Koude Oorlog te vermijden. Zij die op hem stemden, kozen voor dat buitenlandbeleid.

En als Trump zich nieuwe oorlogen met Iran of Noord-Korea in laat trekken, of 2020 bereikt terwijl Amerikaanse troepen nog altijd in Afghanistan, Irak, Syrië, Jemen en Libië vechten, zal hij waargenomen worden als op dit vlak gefaald hebbend.

http://www.novini.nl/stelt-trump-een-oorlogskabinet-samen/

Maar de weerstand van Washington om zijn visie van Amerikaanse mondiale hegemonie op te geven is breed en diep, want die visie is welhaast een bepalend kenmerk van onze buitenlandbeleidselites. Om dit op te geven zou voor hen zo ongeveer het einde zijn. De versteende reactie op Trumps suggestie vorige week dat Amerika Syrië zal verlaten nadat het kalifaat van ISIS is vernietigd, maakt wel duidelijk hoezeer hun identiteit aan deze visie hangt. Dat Trump een einde aan de burgeroorlog in Syrië zou aanvaarden, terwijl Assad nog aan de macht is, is voor hen onverdraaglijk. Maar hoe we die realiteit ongedaan zouden kunnen maken zonder duizenden Amerikaanse gevechtseenheden in te zetten in Syrië blijft onverklaard.

Conclusie

Als puntje bij paaltje komt, zal Trumps presidentschap op deze drie zaken beoordeeld worden: Heeft hij de grenzen van Amerika veiliggesteld? Heeft hij de industriële macht van Amerika hersteld? Heeft hij ons uit de bestaande neocon-oorlogen teruggetrokken en heeft hij ons buiten nieuwe gehouden?

Posted on

Stelt Trump een oorlogskabinet samen?

De laatste man die nog tussen de Verenigde Staten en oorlog met Iran in staat zou wel eens een vier-sterrengeneraal kunnen zijn die onder zijn mariniers de bijnaam ‘Mad Dog’ heeft.

Generaal James Mattis, de Amerikaanse minister van Defensie, lijkt de laatste overgeblevene te zijn in de Situation Room van het Witte Huis, die gelooft dat het nucleaire akkoord met Iran de moeite waard is om in stand te houden en dat oorlog met Iran een verschrikkelijk idee is. Afgezien van Mattis lijkt president Donald Trump echter bezig te zijn een oorlogskabinet samen te stellen.

Trump zelf heeft gezworen weg te lopen bij het nucleaire akkoord met Iran – “de slechtste deal ooit” – en in mei opnieuw sancties op te leggen. Zijn nieuwe nationale veiligheidsadviseur John Bolton, die een commentaar getiteld “Bombardeer Iran om Irans bom te stoppen” schreef, heeft eerder geroepen om preventieve aanvallen en “regime change”. De beoogde minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo noemt Iran een “wrede politiestaat”, een “despotische theocratie” en “de voorhoede van een kwaadaardig imperium dat zijn macht en invloed uitbreidt over het Midden-Oosten”.

Trumps favoriete Arabische heerser, de 32-jarige Saoedische prins Mohammed bin Salman, noemt Irans ayatollah Khamenei “de Hitler van het Midden-Oosten”. Bibi Netanyahu is monomaniakaal inzake Iran en noemt het nucleaire akkoord een bedreiging voor Israëls voortbestaan en Iran “de grootste bedreiging voor onze wereld”. De Amerikaanse ambassadeur bij de VN Nikki Haley doet al deze geluiden weerklinken.

Iran lijkt daarentegen geen oorlog te willen. VN-inspecteurs bevestigen regelmatig dat Iran zich strikt houdt aan de voorwaarden van het nucleaire akkoord. Terwijl Amerikaanse oorlogsschepen in de Perzische Golf tussen januari 2016 en augustus 2017 dikwijls in aanraking kwamen met Iraanse snelle aanvalsboten en drones, is dat nu opgehouden. Vaartuigen van beide naties opereren de laatste maanden vrijwel zonder incidenten.

Wat zou het resultaat ervan zijn als Trump het nucleaire akkoord naar de prullenbak verwijst? Ten eerste zouden de Verenigde Staten zich daarmee isoleren. China en Rusland zouden het akkoord niet afbreken, maar Iran welkom heten in hun kamp. Engeland, Frankrijk en Duitsland zouden gedwongen zijn te kiezen tussen het akkoord en de VS. En als Airbus zich gedwongen zou zien om de Iraanse orders voor honderden nieuwe vliegtuigen af te slaan, hoe zouden de Europeanen dat waarderen?

Hoe zou Noord-Korea regeren als de VS het akkoord met Iran naar de prullenbak verwijzen, als ze zouden zien hoe Iran na het accepteren van zware restricties op zijn kernprogramma en het toelaten van hinderlijke inspecties, de door de Amerikanen toegezegde voordelen ontzegd wordt? Waarom zou Pyongyang, na gezien te hebben hoe Amerika Irak aanviel, dat geen massavernietigingswapens had, en Libië, dat zijn massavernietigingswapens opgegeven had om Amerika milder te stemmen, ooit nog overwegen zijn kernwapens op te geven – temeer na het zien van de executies van de leiders van beide naties?

En als de andere vijf ondertekenaars van het akkoord met Iran zouden besluiten er, ondanks de opzegging door Amerika, aan vast te houden en Iran ermee in zou stemmen om de voorwaarden van het akkoord te onderhouden, wat doen we dan? Een casus belli zoeken om te oorlog te trekken? Waarom? Hoe vormt Iran een bedreiging voor Amerika?

Een oorlog, die gevechten tussen Amerikaanse oorlogsschepen en zwermen Iraanse torpedoboten zou inhouden, zou de Perzische Golf afsluiten voor olietransport en tot een crisis in de wereldeconomie leiden. Anti-Amerikaanse sjiitische jihadisten in Beiroet, Bagdad en Bahrein zouden Amerikaans militair personeel aan kunnen vallen. Zouden we dan, aangezien het leger en de mariniers geen manschappen hebben om Iran binnen te vallen en te bezetten, de militaire dienstplicht weer in moeten voeren? En als we zouden besluiten Iran een blokkade op te leggen en te bombarderen, dan zouden we alle anti-schipraketten en onderzeeërs uit moeten schakelen, de marine, de luchtmacht, ballistische raketten en het luchtverdedigingssysteem. En zou een preventieve aanval op Iran de bevolking van dat land niet verenigen in haat jegens ons, net zoals Japans preventieve aanval op Pearl Harbor de Amerikanen verenigde in vastberadenheid het Japanse imperium te vernietigen? Hoe zou de Dow Jones erbij staan na een aanval op Iran?

Trump werd genomineerd voor het presidentschap omdat hij beloofde ons buiten domme oorlogen te houden, oorlogen van het soort waar mensen als John Bolton en de Bush-Republikeinen ons in stortten. Na 17 jaar zijn we nog altijd verwikkeld in Afghanistan, in een poging de Taliban, die we in 2001 van de macht verdreven, ervan te weerhouden terug te keren naar Kaboel. Na onze invasie van Irak in 2003, is dat land, ooit een bolwerk tegen Iran, een sjiitische bondgenoot van Iran geworden. De rebellen die Amerika steunde in Syrië zijn verjaagd. En Bashar Assad heeft – met dank aan de steun van Rusland, Iran, Hezbollah en andere milities – zijn macht weer veiliggesteld. De Koerden die op Amerika vertrouwden zijn teruggeslagen door onze NAVO-bondgenoot Turkije in Syrië en door het Iraakse leger dat we trainden in Irak.

Wat denkt Trump, die ons verzekerde dat er geen domme oorlogen meer zouden zijn, eigenlijk? Truman en LBJ leidden ons oorlogen in die ze niet ten einde konden voeren, en beiden verloren hun presidentschap. Eisenhower en Nixon eindigden die oorlogen en werden beloond met verkiezingsoverwinningen. Na zijn klinkende overwinning in Desert Storm, werd Bush senior een tweede termijn ontzegd. Na het binnenvallen van Irak verloor Bush junior beide huizen van het Congres in 2006 en verloor zijn partij in 2008 het presidentschap aan Barack Obama als anti-oorlogskandidaat. Ooit leek Trump deze geschiedenis te begrijpen.