Posted on

‘Hongarije helpt’ bestrijdt vluchtoorzaken ter plaatse

Hongarije helpt

Terwijl veel landen slechts met de mond de bestrijding van migratieoorzaken belijden, maakt Hongarije het concreet. Het is het hoofddoel van het Hongaarse migratiebeleid: Hongarije helpt.

Programma’s voor de bestrijding van migratieoorzaken, die andere landen slechts als een excuus voor een mislukt passief immigratiebeleid lijken te zien, zijn in Hongarije reeds lang het centrale middel van een actief beleid. De regering in Boedapest ontwikkelde projecten, die de bevolking ondersteunen in hun eigen land te blijven, zodat ze niet naar Europa hoeven te vluchten. De regering noemde het programma ‘Hongarije helpt’. Het levert hulp direct aan plaatsen die kampen met conflicten, wat de hoofdoorzaak voor de meeste politieke emigratie is.

‘Hongarije helpt’ schakelt lokale kerken in

De hulp verloopt niet via corrupte regeringen, maar doorgaans via kerken en charitatieve organisaties. Zo is de kans veel groter dat de hulp ook goed terechtkomt. Daarbij is deze manier van hulp veel goedkoper en zowel politiek als sociaal gunstiger dan het opnemen van islamitische immigranten. Die worden immers gelokt door de westerse uitkeringsstelsels, maar hebben geen interesse in integratie in de landen die hen opnemen. Ze vormen zo een gevaar voor de sociale cohesie in die landen.

Vervolgde christenen

Bovendien profiteren de leden van de wereldwijd meest vervolgde religieuze groep, de christenen, het meest van de Hongaarse hulp. Ook moet de Hongaarse hulp vooral ten goede komen van die mensen die zich de dure tocht naar Europa, met behulp van mensensmokkelaars, niet kunnen veroorloven. Naar Europa komen immers vooral die mensen, die mensensmokkelaars tienduizenden euro’s kunnen betalen.

Een nieuw bestaan opbouwen

Volgens de Hongaarse regering hielp ‘Hongarije helpt’ in slechts twee jaar 35.000 mensen om in hun land te blijven en daar een nieuw bestaan op te bouwen. Daaronder zijn vooral vervolgde christenen, die door westerse regeringen en media dikwijls genegeerd worden.

‘Hongarije helpt’ verbetert onderwijs en gezondheidszorg Nigeria

In Nigeria, waar duizenden christenen vermoord werden, stelde Hongarije het katholieke diocees Maiduguri een miljoen euro ter beschikking. Het geld wordt ingezet voor de verbetering van de onderwijs- en gezondheidszorginfrastructuur in het diocees, dat te lijden had onder herhaaldelijke aanvallen van de islamistische terroristische groepering Boko Haram. Verder ondersteunt Hongarije ook landbouwprojecten, die zich erop richten de zelfvoorzienendheid van huishoudens te verbeteren, voedselschaarste terug te dringen en ziektes te behandelen.

‘Hongarije helpt’ en kerken Ethiopië helpen Eritrese vluchtelingen

Ethiopië is een ander Afrikaans land dat Hongaarse hulp ontvangt, via diverse katholieke en protestantse kerken. Het Mai-Aini-vluchtelingenkamp kreeg 1,5 miljoen euro om onderkomens en basisvoorzieningen als schoon drinkwater, onderwijs en dergelijke voor zo’n 15.000 Eritrese vluchtelingen te bieden en hen zo te weerhouden van een verdere gevaarlijke vlucht door Libië. Ook de Ethiopisch-Orthodoxe Kerk in Addis Abeba heeft een half miljoen euro ontvangen.

Hulp aan families van slachtoffers terrorisme

Overal waar christenen in het grensgebied tussen christendom en islam in Afrika, zij het in Burkina Faso, Centraal-Afrika, Nigeria of Kameroen getroffen worden door islamistische terreur, bieden de Hongaren ook praktische hulp aan families van slachtoffers.

‘Problemen niet hierheen halen, maar hulp daar naartoe brengen’

In de persoon van Tristan Azbej heeft Hongarije een speciale bewindspersoon die voor de organisatie en verdeling van de hulp van ‘Hongarije helpt’ verantwoordelijk is. Zijn officiële titel is staatssecretaris voor de hulp aan vervolgde christenen. “Tijdens het hoogtepunt van de migratiecrisis in 2015 bekritiseerden internationale actoren de regering Orbán erom, dat ze zich streng opstelde tegenover ongedocumenteerde buitenlanders”, aldus Azbej. “Sommigen stelden dat Hongarije harteloos handelde. Onze benadering is eenvoudig: Om een alternatief voor de uitbuiting door mensensmokkelaars en de manipulaties van migratiebevorderende ngo’s te bieden, zetten we alles op alles, zodat de behoeftigen in hun thuislanden kunnen blijven. Om met premier Orbán te spreken: ‘We moeten geen problemen hierheen halen, maar hulp daarheen brengen waar ze nodig is.’ En precies daarvoor zetten wij ons in.”

Niet harteloos, wel rationeel

Westerse media en liberale politici zetten de Hongaarse premier weg als een extreemrechtse ideoloog. Zijn programma ter bestrijding van migratieoorzaken lijkt echter te functioneren en bij de mensen aan te komen die zich de migratie naar Europa niet kunnen veroorloven. De meeste Hongaren houden dit voor een rationelere benadering om met de migratiegolf die Europa sinds de opening van de Duitse grenzen in 2015 teistert om te gaan, dan wat West-Europese regeringsleiders voorstellen.


Ook in Syrië en  Irak helpt Hongarije christenen om weer een bestaan op te bouwen, bijvoorbeeld op de vlakte van Nineveh. In Epoque magazine nr. 2 verscheen een mooie reportage van Jens De Rycke hierover.

Epoque Magazine nr. 2

Posted on

#EP2019 Demonisering eurosceptici onderstreept: EU niet van binnenuit hervormbaar

Inhoudelijke leegte wordt overschreeuwd, iedere kritiek op Brussel gedemoniseerd. Het mag voor iedereen duidelijk zijn; het staat er bar slecht voor met de EU. 

De ten einde lopende campagne voor de Europese Parlementsverkiezingen van komende zondag (in de meeste lidstaten althans) wierp een ongenadig licht op de hopeloze staat van de Europese Unie. Het establishment probeert haar inhoudelijke leegte te overschreeuwen. Wie problemen als het voortdurend in crisis verkerende euro-systeem, het ontspoorde immigratiebeleid of de democratische tekorten van de EU eindelijk ter discussie wilde stellen, werd met hysterische clichés bestreden.

Polemische mottenkist

Daarbij grepen die partijen die het tot nog toe in Brussel voor het zeggen hebben diep in de polemische mottenkist. Critici werden per definitie weggezet als populistisch en anti-Europees. Geen bewering was plat genoeg om niet te berde te brengen. Bijvoorbeeld dat er zonder deze EU een nieuwe Europese oorlog waarschijnlijker zou worden. Daarbij wordt voor het gemak buiten beschouwing gelaten, dat de beide Europese hoofdvijanden van Duitsland in de Tweede Wereldoorlog, Rusland en het Verenigd Koninkrijk, ofwel nooit EU-lid waren, dan wel het zeer binnenkort waarschijnlijk niet meer zullen zijn.

Verdeeldheid

Intussen speelt de EU een belangrijke rol in het opstoken van de spanning met Rusland. Ook de Britten die hun eigen weg willen gaan, worden door Brussel niet bepaald als ‘even goede vrienden’ uitgezwaaid. Als iedereen zich nou maar zou conformeren aan wat Brussel wil, dan was er geen verdeeldheid, zo simplistisch lijkt de gedachtegang van de EU-mandarijnen.

EU ≠ Europa

Ze spreken als vanzelfsprekend over de EU als ‘Europa’ en doen daarmee alsof de landen buiten dat politieke arrangement überhaupt en per definitie niet tot ons continent en onze beschaving behoren. Alsof het alleen maar over achtergebleven buitenstaanders gaat, die men gerust negeren of slecht behandelen kan.

Zelfsacralisatie

Naar binnen heeft de zelfsacralisatie de plaats ingenomen van argumentatie en dialoog. Wie kritiek oefent, wordt als een afvallige uit de kring van de goeden uitgesloten. Die hoort eigenlijk niet in het Europees Parlement of in de Europese Raad thuis en moet zoveel mogelijk geïsoleerd worden. Tegen zulke ketters is ook meteen iedere vuile truc geoorloofd, zoals de affaire Strache nog eens duidelijk maakt.

Façademanifestaties

De afstand tussen de eurocraten en de burgers wordt op deze manier alleen maar groter. Geënsceneerde pro-EU-‘bewegingen’, zoals Pulse for Europe of de demonstraties die afgelopen zondag in Duitsland plaats vonden, doen daar niets aan af. Te eenvoudig is voor iedereen herkenbaar, dat het hier om geconstrueerde façade-manifestaties gaat, die aan de geforceerde optochten in dictaturen doen denken. De naamgeving spreekt daarbij al boekdelen; bij goede gezondheid is de polsslag immers geen onderwerp.

Van binnenuit hervormbaar?

Als deze campagne iets heeft gedaan, dan is het wel een domper zetten op de hoop dat de EU nog van binnenuit te hervormen zou zijn. Hoewel partijen als Rassemblement National, Lega en Forum voor Democratie voor deze verkiezingen hun koers hebben bijgesteld en duidelijk maken een ultieme poging te willen doen om de EU van binnenuit te hervormen in plaats van direct naar de uitgang te bewegen, worden ze nog altijd voor ‘anti-Europees’ versleten. Establishment-krachten sluiten samenwerking met zogenaamde ‘anti-Europese’ populisten op voorhand uit en zijn daarvoor desnoods bereid een monsterverbond aan te gaan.

Repressie en intimidatie

Het EU-establishment is kennelijk niet in staat om problemen als de eurocrisis of de immigratie op een manier op te lossen, waarin alle lidstaten mee kunnen komen. Dus zetten ze in op repressie en intimidatie van iedere oppositie. Deze ondemocratische opstelling – en niet het populisme – kan de EU in de komende jaren nog lelijk opbreken.

Posted on

Tegen rechts is alles geoorloofd

In hun zeer herkenbare en bemoedigende boek ‘Mit Linken leben’ wijzen Caroline Sommerfeld en Martin Lichtmesz op de debatdooddoener die links voortdurend inzet. “Nazi”, “fascist”, plus het gevreesde H-woord (Adolf). “Zonder het grote verhaal van Adolf Hitler en het nationaalsocialisme als de pseudo-Gouden Standaard van het absolute Kwaad stelt links niets voor,” schrijven Sommerfeld en Lichtmesz. “Zijn terugkeer moet absoluut voorkomen worden.” Het bewijs van hun constatering is dagelijks in de media (kranten, rtv, sociale media) te vinden. Zoals afgelopen zaterdag in Trouw. Marijn Kruk bespreekt ‘Fascisme, een waarschuwing’ van Madeleine Albright en ‘Het verraad van de intellectuelen’ van Julien Benda. Onder de kop “Fascisme is terug (maar dan anders)” trekt de recensent een aantal zeer wonderlijke conclusies.

Madeleine Albright was minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten in de jaren negentig van de vorige eeuw. Op de Balkan kunnen ze haar bloed wel drinken en de dood van duizenden dode kinderen ten gevolge van de oorlog in Irak in 2003 en daarna bagatelliseerde ze. Tegenwoordig doceert de 80-jarige internationale betrekkingen in Washington. Vanuit haar huidige en vorige functie meent ze te moeten waarschuwen voor het ‘fascisme’ dat in Europa, maar zelfs in de Verenigde Staten, aan een comeback bezig zou zijn. De vrouw die tijdens de verkiezingsstrijd in 2016 zei dat “er een speciale plek in de hel is ingericht voor vrouwen die niet op Hillary Clinton stemmen”, schrijft nu in haar boek: “Als we fascisme beschouwen als een wond uit het verleden die bijna was geheeld, is Trump in het Witte Huis zoiets als het verband losrukken en aan de korst krabben”. De typering die Albright geeft voor het herkennen van een fascistische leider luidt: “iemand die zich sterk identificeert met een hele natie of groep, zich niet bekommert om de rechten van anderen, en bereid is elk middel aan te wenden om het gewenste doel te bereiken, inclusief geweld”. Uiteraard doelt Albright hier op Orbán, Erdogan en Trump. Ironisch genoeg gaat haar definitie net zo zeer of beter op voor de beide Clintons. Die gebruikten geweld om hun doel te bereiken (critici van hun politiek, Irak, voormalig Joegoslavië, Libië), voerden een machtspolitiek op basis van identity politics en verachten die groepen die in hun ogen niet tot de gewenste minderheden behoren – de “deplorables” – en ontzegden rechten aan de ‘restjesmensen’ (Jan Antonissen) en bijvoorbeeld christelijke ondernemers. Maar het begrip ‘fascsime’ wordt voor progressieve en linkse politici, intellectuelen en activisten niet toegepast. Het is voorbehouden aan alles en iedereen die zich tegenwoordig nog rechts durft te noemen. Het mechanisme waar Sommerfeld en Lichtmesz op wijzen.

Vandaar dat Trouwrecensent Kruk de Nederlandse actualiteit erbij meent te moet betrekken en in één adem een verband legt tussen de mensen die de politiek van Orbán steunen en de ‘blokkeerfriezen’ die vorige week in Leeuwarden voor de rechter verschenen. Kruk noemt het niet letterlijk, maar de hele teneur van zijn artikel wijst erop: het zijn mensen die handelen in de geest van het fascisme. “Bedenkelijke groepsdenkers”, die “hun identiteit bóven de rechtsstaat” stellen. Dezelfde eenzijdige blik, het H-woord, de debatdooddoener, volgt hij in zijn bespreking van het boek van Julien Benda. Volgens Kruk verweet de Franse filosoof begin vorige eeuw dat de intellectuelen van die tijd tijdens de Dreyfusaffaire zich niet boven de politieke passies hadden gesteld, maar deze juist hadden aangewakkerd. Volgens Kruk doelt Benda op Maurice Barrès en Charles Maurras, “extreemrechtse schrijvers”, ergo, fascisten. Kruk noemt Benda “een uitstekende gids in deze verwarrende en verontrustende tijden. Zelfs als wij te maken hebben met blokkeerfriezen in plaats van de Dreyfusaffaire”.  Een gotspe! Voor het gemak vergeet Kruk maar even het echtpaar Webb (Sovjetunie), Sartre (China), Foucault (Iran) en Mulisch (Cuba). Intellectuelen die volledig opgingen in hun politieke passies en zo’n beetje ieder links-totalitair regime steunden. En gaat het niet om Dreyfus en blokkeerfriezen, maar om Stalin en antifa-terreur.

Want zij passen nu eenmaal niet in het betoog van Kruk, die alles ter rechterzijde weg zet met het gevreesde H-woord. “Ben je rechts, dan ben je een ‘nazi’; een ‘nazi’ is een onmens en daarmee ben je eigenlijk een ‘untermensch’, een duivel, die als een gevaarlijk virus van de rest van de samenleving geïsoleerd moet worden,” schrijven Sommerfeld en Lichtmesz. “Wie het label ‘nazi’ krijgt is vogelvrij. Als het om ‘tegen rechts’ gaat, is voor veel mensen alles geoorloofd.”

Posted on

Oekraïne en Hongarije in de clinch over taalwet

Een wet die de Oekraïense taal verplicht stelt in Oekraïense scholen leidt tot spanningen tussen Oekraïne en Hongarije. De wet regelt dat, naast de Russische, ook de Hongaarse minderheid onderwijs in het Oekraïens moet volgen in plaats van in hun moedertaal. Er wordt openlijk gesproken over het opleggen van een inreisverbod voor Oekraïne voor de Hongaarse minister die zich met het dossier moet bezighouden. Ook is er sprake van het stationeren van een extra bataljon militairen nabij de Hongaarse grens.

Het onderwerp van het geschil is een Oekraïense taalwet die eerder dit jaar is aangenomen. Waar het voor etnische minderheden voorheen mogelijk was onderwijs in eigen taal te ontvangen als tien procent van de lokale bevolking die taal sprak, is de drempel nu verhoogd naar 33% van de plaatselijke bevolking. Hoewel de moedertaal nog wel geleerd kan worden op school, worden vakken als wiskunde en geschiedenis gegeven in het Oekraïens.

Eind vorige maand heeft de Hongaarse minister voor Buitenlandse Zaken Peter Szijjarto in een interview verklaard:

“Volgens internationale regelgeving kunnen aan nationale minderheden geen rechten worden ontnomen die hen al zijn toegekend (…) In een vorige wet stond dat als een minderheid 10% van de bevolking uitmaakte van een regio, dat betekende dat die taal één van de officiële talen werd van het dorp, de stad, het district of de plaats waar de leden van de minderheid de meerderheid vormden van een lokale bevolking. (…) De nieuwe wetgeving verhoogt dat naar 33% van de bevolking. Natuurlijk zullen wij ons verzetten tegen zulke veranderingen.”

Oekraïne beschouwt dit als inmenging van Hongarije in de binnenlandse aangelegenheden van Oekraïne. Des te meer daar Hongarije bekend heeft gemaakt een ministerspost te zullen creëren die gewijd is aan de ontwikkeling van Transkarpatië, het Oekraïense gebied met een grote Hongaarse minderheid grenzend aan de Hongaarse grens. Er werd door Oekraïne bekend gemaakt dat de Hongaarse minister een inreisverbod kan krijgen voor Oekraïne indien geen uitleg zal worden gegeven aan Oekraïne over de situatie. Tevens kwam op dezelfde dag nieuws naar buiten over een gesprek tussen Oekraïense minister van Defensie Stepan Poltorak en de gouverneur van Transkarpatië over het mogelijk stationeren van een extra bataljon militairen in de provincie.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken van Oekraïne legde er de nadruk op dat de opmerkingen van de Hongaarse premier Viktor Orbán over de Europese integratie en NAVO-aspiraties van Oekraïne onacceptabel zijn omdat ze af zouden wijken van het beleid van de EU en zouden doen denken aan de benadering van een agressor. Hongarije heeft vanwege de kwestie reeds de totstandkoming van enkele gezamenlijke initiatieven van Oekraïne en de NAVO tegengewerkt en besloten de Europese integratie van Oekraïne voorlopig niet te ondersteunen.

Hongarije reageerde met een verklaring dat “Oekraïne faalde om vooruitgang te maken met het toetreden tot de EU en NAVO door haar eigen schuld (…) Hongarije heeft er niets mee te maken.” Verder reageerde de pas aangestelde Hongaarse afgevaardigde voor Transkarpatië op insinuaties over zijn functie vanuit Kiev met te zeggen: “Er is geen enkele grond voor beschuldigingen (van separatisme, red.). Er zijn geen verholen separatistische bedoelingen Het doel is slecht het ondersteunen van mensen die in Transkarpatië wonen ongeacht hun nationaliteit.”

De controversiële nieuwe taalwet is niet alleen door Hongarije, maar ook door Roemenië en Rusland bekritiseerd, alsmede door de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa. Oekraïne stelt dat de wet bedoeld is om de kansen van de nationale minderheden te vergroten door ze Oekraïens te leren op school. Ook wil Oekraïne met de taalwet de invloed van Rusland op Oekraïne verminderen. Rusland beschouwt de taalwet als discriminerend. De parlementaire vergadering van de Raad van Europa nam een resolutie waarin onder andere gesteld wordt dat de wet “geen gepaste balans heeft tussen de officiële staatstaal en de talen van de nationale minderheden. (…) In het bijzonder betekent de wet een sterke beperking van de rechten als voorheen toegekend aan de ‘nationale minderheden’ aangaande hun eigen onderwijstaal.”

Oekraïne kent diverse grote etnische minderheden, doordat de Oekraïense staat relatief jong is en de grenzen tussen diverse staten in dit gebied historisch herhaaldelijk verlegd zijn. De Hongaarse minderheid in Oekraïne is vooral gevestigd in Transkarpatië, dat van 896 tot 1918 deel van Hongarije was.

Posted on

Seehofer moet eindelijk kiezen of hij Merkel blijft steunen

Wie had gedacht dat het nog weer zo spannend zou worden? Bondskanselier Merkel en haar minister van Binnenlandse Zaken zijn een dramatische confrontatiekoers ingeslagen.

Hij wil asielzoekers die zich vanuit een veilig land aan de Duitse grens melden terugsturen. Ook moet er volgens Seehofer niemand meer binnenkomen wiens asielverzoek al eens afgewezen is. Merkel wil die beide zaken uitdrukkelijk niet en ook in de toekomst iedereen binnenlaten die maar wil.

Het liefst zouden alle deelnemers aan dit conflict voor een glibberig compromis kiezen, waarin alles er uitziet alsof Seehofers eisen ingewilligd zijn, maar in werkelijkheid zo functioneert als het Merkel voor ogen staat. Op dezelfde voet verder, met andere woorden, kom binnen, kom binnen! Het ontbreekt in Berlijn momenteel echter aan de fantasie om te bedenken hoe zo’n vuil compromis er praktisch uit zou kunnen zien. Hoe moet je immers iemand half binnenlaten en half afwijzen?

In 2015 dreigde Seehofer als herhaaldelijk met een ramkoers, draaide naderhand echter steeds weer bij, wat hem de bijnaam ‘Drehhofer’ opleverde. Bepaald geen compliment. Mocht de CSU-leider deze manoeuvre kort voor de Landdagsverkiezingen in Beieren medio oktober nog eens herhalen, dat staat zijn partijgenoten in de zuidelijke deelstaat een nog groter verkiezingsdebacle te wachten dan de peilingen toch al voorspellen. In een peiling van Civey in opdracht van de Augsburger Allgemeine werd de AfD onlangs voor het eerst de op een na grootste partij in Beieren. De voor Beierse begrippen miezerige 38,8 procent die de CSU in de jongste Bondsdagsverkiezingen in Beieren binnenhaalde, zullen dan achteraf nog als een relatief goed resultaat aanvoelen. Met dit gegeven in het achterhoofd, resteren Seehofer echter maar twee opties: high noon of met de billen bloot. Het kon dus wel eens gaan knallen.

En dat terwijl de zaak in eerste instantie toch volstrekt ongevaarlijk scheen. Bij de voor haar heerlijk verlopen audiëntie die ze talkshow-presentatrice Anne Will gegund had, zei Merkel desgevraagd over Seehofers plan immers “We zijn daarover in gesprek”. Ze wilde daar “niet op vooruitgrijpen”. In gesprek? We weten uit ervaring dat dat in het Merkeliaans niets anders wil zeggen dan ‘prullenmand’. En dan nog onverhuld. Als Merkel een voorstel tenminste zachtjes te rusten wil leggen, dan zegt ze doorgaans dat dienaangaande reeds het een en ander “in gang is gezet”. Dat wil zeggen: ‘Daar hoef je geen aandacht meer aan te besteden, loopt al.’ Loopt natuurlijk helemaal niet, maar als er toch niet meer aandacht aan besteed, omdat iedereen zich weer door de bondskanselier in heeft laten zepen, dan merkt niemand het.

En nu? Stapt de CSU uit de coalitie, wanneer Seehofer aan het kortste eind trekt met zijn plannen? Stapt de CSU in de Bondsdag uit de gemeenschappelijke fractie met de CDU als Merkel de poot stijf houdt? Dat wordt spannend.

De uitzending van Anne Will afgelopen zondag was trouwens een wonderlijke gewaarwording: De toeschouwers zaten er zo aandachtig enthousiast bij als in een Amerikaanse opwekkingsdienst. Will, de bondskanselier en haar publiek versmolten tot een symbiotische eenheid van met de wereld en zichzelf tevredenen. Alsof het manna uit de hemel was verslonden de toeschouwers de zijdezachte woordwolken van hun hogepriesteres.

En toch had men dikwijls het vermoeden dat er achter de schijnbare ontspannenheid iets flakkerde, een vleug diepe onzekerheid, een vermoeden van de schone schijn van Merkels belofte van gelukzaligheid. Dit vermoeden werd echter overwonnen door het vaste, haast fanatieke verlangen om Merkel te geloven en te volgen. Wat moet er van ons worden zonder Mutti?

In onzekere tijden is de behoefte aan vaste geloofsformules bijzonder hoog, ongeacht hoe vreemd aan de werkelijkheid ze ieder redelijk mens ook voor mogen komen. In het Morgenmagazin van de Duitse publieke zender ARD was afgelopen maandag te vernemen dat de vermoedelijke moordenaar van de 14-jarige Susanna intussen naar Irak “terug gevlucht” was, waar men hem dan in de kraag vatte.

Wie “terug gevlucht” zegt, veronderstelt nog altijd dat Ali Bashar A. oorspronkelijk daadwerkelijk gevlucht zou zijn naar Duitsland. Inmiddels is echter onomstotelijk vastgesteld dat de man geenszins bescherming behoefde, maar zelf een bedreiging vormde, dat hij uit een veilig deel van de Koerdische regio van Irak met zijn clan illegaal naar Duitsland gekomen is. Voor de Duitse publieke omroep blijft hij echter een “vluchteling”, ongeacht wat hij daadwerkelijk in het schild voert.

Ontroerend, deze onverbrekelijke trouw aan de eenmaal gekozen dwaling. Vanzelfsprekend komt de ophef over deze gruwelijk moord op een zeer ongunstig moment. Zelfs Teflon-Merkel heeft geen manier gevonden om dit gevolg van haar welkomscultuur zonder kleerscheuren in de gebruikelijke woordenbrij te laten verzinken. Bij Anne Will noemde ze het “afschuwelijke voorval” een “beroep op ons allemaal om de integratie zeer serieus te nemen”.

Het is van een zelden vertoonde onbeschaamdheid. Waarom zou men iemand moeten “integreren” die sowieso uitgezet zou moeten worden? Ali Bashar A.’s asielverzoek was reeds lang voor de moord afgewezen. Het antwoord: Omdat het volstrekt om het even is, wat de uitkomst van een asielprocedure is. Omdat dat hele circus slechts voor het domme publiek opgevoerd wordt, zodat de gewone man gelooft dat alles er aan toegaat zoals je in een ‘rechtsstaat’ mag verwachten. De waarheid is echter dat het de bedoeling is dat alle asielzoekers blijven, allemaal. Daarom wil Merkel ook niet dat de weinige asielzoekers die succesvol uitgezet worden, teruggestuurd worden als ze het opnieuw proberen.

Wat de Irakees aangaat, is men ook daarom zo blij hem weer in Duitsland te hebben, omdat hem in zijn vaderland de doodstraf boven het hoofd hangt. Een onweerstaanbare boodschap aan alle voortvluchtige moordenaars, die in hun eigen land zo’n straf wacht: ‘Kom naar Duitsland!’ Men bedenke wel dat het niet weinigen zijn, die moeten vrezen door de rechter in hun landen van herkomst een straf opgelegd te krijgen die ze in Europa – ongeacht wat ze uitspoken – nooit zouden krijgen, zoals de doodstraf of een langere gevangenisstraf.

Wat bij ons in Europa komen ze er uiteraard ook niet ongestraft af. Kijk maar naar de 19-jarige Ahmet R. uit Keulen. Die heeft de 40-jarige Thomas K. zo hard tegen de grond geslagen dat hij aan een schedelbasisfractuur is overleden. K. laat zijn vrouw en twee kinderen van negen en dertien jaar oud achter. Motief van de daad? Ahmet R. wilde indruk maken op zijn vrienden, hun “respect” afdwingen. “het toebrengen van lichamelijk letsel met de dood tot gevolg”, luidde het oordeel van de rechter, die de dader na het proces op vrije voeten stelde.

Ja, dat leest u goed: Ahmet K., die een mensenleven op zijn geweten heeft, verliet de rechtszaal als vrij man. De rechter liet hem met twee jaar proeftijd wegkomen en legde hem verder een anti-agressietraining op en regelmatige drugstests. Verder krijgt hij nog een taakstraf, afval prikken in het park of grasmaaien bij de kinderopvang of iets dergelijks. Ook dergelijke vonnissen komen ongelegen voor Merkel, die immers graag over de hardheid van de rechtsstaat zwetst, wanneer er weer eens een asielzoeker een bloedspoor getrokken heeft.

Tegen Seehofers afwijs-plan tovert ze de laatste troef uit haar mouw: ‘Europa!’ Want Europees recht gaat boven Duits recht en Europa zou gebieden dat de Duitse grenzen voor iedereen openstaan, zo stelt de CDU-leider. Daar klopt weliswaar geen bal van, wat ook verklaart dat veel EU-lidstaten hier heel anders mee omgaan. Maar het Europa-argument maakt altijd veel indruk op de kiezers, bovendien is de charme van de Europese Unie voor Merkel dat de kwestie zo op de lange baan geschoven kan worden, door eindeloze onderhandelingen waar de Duitse burgers nauwelijks zicht op hebben, laat staan invloed. Daar gaat het de bondskanselier om.

Merkels fans in de studio bij Anne Will verafgoden de regeringsleider om de “evenwichtige” manier waarop ze Duitsland door de crisis leidt, de crisis die ze zelf iedere dag verder verscherpt.

Posted on

Duitslands zelfverloochenende grootheidswaan

Na het fiasco van de G7 moet ‘Europa’ zijn zaken nu zelf op orde brengen, zegt Merkel. Daarmee herhaalt ze een oude fout in een nieuw jasje.

De radeloosheid van de Duitse regering na het fiasco van de G7-top in Canada legt de essentiële zwakte van het Duitse buitenlandbeleid genadeloos bloot. Deze zwakte bestaat in de sinds de Wiedervereinigung van 1990 volgehouden weigering om echt Duitse belangen te formuleren. In plaats daarvan stonden Bonn en later Berlijn erop uitsluitend ‘Europese’ doelen na te streven, of die van ‘het Westen’, zo niet de hele mensheid. De Bondsrepubliek wilde bij het ‘wij’ horen zonder ‘ik’ te zeggen.

Dienovereenkomstig staat de Duitse regering nu hulpeloos en zonder gepaste strategie tegenover de uitdrukkelijk voor hun nationale belangen opkomende grote actoren in de wereldpolitiek – de Verenigde Staten, Rusland en China geven de algemene koers aan.

De reflexmatige reactie van Berlijn na het fiasco in Quebec versterkt deze indruk van hulpeloosheid nog: Nu moet ‘Europa’ des te meer één lijn trekken, zo stelde de bondskanselier. In de EU is echter dezelfde van renationalisering van het buitenlandbeleid op te merken als mondiaal.

In het ergste geval maakt Merkel Duitsland hiermee zelfs chantabel voor landen als Italië, wanneer de Italianen door hebben dat het de Duitsers aan een plan B ontbreekt in het geval het in ‘Europa’ niet tot een (voor Duitsland opnieuw dure) overeenkomst komt. Dat zal Rome uit weten te buiten.

Bovendien moet Berlijn in de Europese Unie eerder op leedvermaak dan op solidariteit rekenen, wanneer de Verenigde Staten de Duitse exporteconomie op de korrel zouden nemen. Dat leedvermaak heeft zijn wortels in Merkels omgang met diverse buurlanden en in het Euro-systeem en de gevolgen daarvan.

Met het open gooien van de grenzen in 2015 opereerde Merkel als solist. Geen Europese partner werd geconsulteerd. In plaats daarvan bedreigde Berlijn met behulp van Brussel de Midden- en Oost-Europese landen zelfs met represailles als ze niet veel meer asielzoekers op zouden nemen. Dit heeft voor veel verbittering gezorgd, met name in Hongarije, dat door in 2015 zijn grenzen te sluiten de Duitse bondskanselier de kop gered heeft en als dank door haar beschimpt wordt, of zoals men het in Boedapest ziet, regelrecht gechanteerd wordt: Als jullie niet meer asielzoekers opnemen, korten we jullie EU-subsidies.

Ook slaat het op de bondskanselier terug dat ze het falen van de Euro in 2012 niet wilde erkennen. Ten gevolge hiervan trekt de niet functionerende munt steeds diepere sporen door het Europese landschap. De Euro (te zwak voor Duitsland, te sterk voor veel andere landen) heeft de onbalansen in de buitenlandse handel veroorzaakt die nu ook tot de confrontatie met de VS leiden.

Een pragmatische nationale belangenpolitiek in reële uitwisseling met de partners had dit alles kunnen vermijden. Duitsland betaalt de rekening voor zijn zelfverloochenende grootheidswaan.

http://www.novini.nl/hoe-zou-een-soeverein-buitenlandbeleid-eruitzien-video/

Posted on

De Soros-machine

Het Franse liberaal-conservatieve weekblad Valeurs Actuelles bracht de afgelopen week een dossier over de Amerikaanse oligarch George Soros, met daarin een aantal artikels over politieke opvattingen van Soros en zijn rol in de ondersteuning van islamisme en immigratie naar Europa. Dit onder de titel ‘de miljardair die samenzweert tegen Frankrijk’ een krachtige kop met als doel nieuwsgierige lezers te lokken. Soros heeft overigens een moeizaam verleden met Frankrijk, tijdens zijn werk als speculant op de geldmarkt werd hij in 2005 in Hoger Beroep in het land definitief veroordeeld voor handelen met voorkennis. Zijn enorme fortuin dat hij met speculatie op verschillende markten heeft vergaard, schatte men op 8 miljard dollar nadat hij in oktober 2017 een groot deel van zijn geld (18 miljard) naar zijn Open Society Foundations (OSF) overboekte.

Over speculatie gaat het dossier dus niet, het heeft betrekking op wat er precies met het geld van het OSF gebeurt en vooral de rol van inmenging in interne politieke aangelegenheden van Europese landen. George Soros gebruikt de organisaties zonder winstoogmerk naar eigen schrijven omdat “NGO’s een onderwerp zijn waarmee de politiek zich niet bemoeit”. Evenwel is hij een graag geziene gast bij beleidsmakers van de Europese Unie en droomt van een wereld zonder grenzen, die wordt bestuurd door de economie en niet door de politiek. Een voorbeeld van het hand in hand gaan van de activiteiten van zijn NGO’s en zijn handelsgeest komt uit Oekraïne. Daar steunde Soros de oppositie tijdens de staatsgreep van 2014 en heeft vervolgens grote invloed binnen het energiebedrijf Naftogaz verworven, dat momenteel op het punt staat om te worden geprivatiseerd.

In het artikel ‘de activist voor massa-immigratie en islamisme’, heeft het tijdschrift uitgezocht dat er in Europa 5 grote programma’s lopen voor steun aan migranten en tegen racisme en islamofobie, met daarachter een complexe stroom van gelden naar onder andere islamitische en extreemlinkse organisaties. Dit past bij de opvattingen van Soros dat Europa 1 miljoen immigranten per jaar moet binnenlaten, lichtere straffen voor misdaden begaan door immigranten, grenzen moeten verdwijnen, sancties voor landen die geen migranten opnemen en het wegvegen van de westerse identiteit. Ook opvallend is zijn steun voor euthanasie en abortus in bepaalde landen. Zo richt hij zich specifiek op Ierland, door hem aangeduid als katholiek en conservatief land, waar de pro-abortus groeperingen worden ondersteund. De gedachte is hierbij dat als dit land zijn beleid hierop wijzigt dit een impact zal hebben op andere katholieke landen zoals Polen.

Inmiddels is er al enige tijd en zelfs in de Europese Unie sprake van tegenwerking, Zo heeft de Hongaarse regering wetgeving ingevoerd om dergelijke organisaties met externe geldinjecties voor 25 procent te belasten en daarnaast hun rol gepolitiseerd en onderdeel van het publieke debat gemaakt (zoals bij de laatste verkiezingen). Kortom, een interessant dossier dat nog maar de oppervlakte raakt en gezien de miljoenen aan geldstromen en de druk van de OSF op regeringen om intern het beleid te veranderen een noodzakelijk journalistiek onderwerp dat verdere uitdieping behoeft.

Lees ook:

Posted on

De VVD moet het maatschappelijk onbehagen serieus nemen

Deze voordracht vond plaats op 25 april voor VVD Drechtsteden.

In 2014 stuurde ik een vooraanstaande scouter van de VVD per email het volgende:

“De politieke uitdagingen zijn zó omvattend en groot dat twijfel ontstaat of de mensen die vandaag worden geselecteerd wel begrijpen hoe anders de machtsverhoudingen in de wereld over twintig jaar zullen liggen. Politici zullen met hardere realiteitszin naar ontwikkelingen moeten kijken; anders zal het gevolg een langzame neergang van Nederland zijn. Het gaat om intergenerationele belangen – ik vraag me echter af hoe zwaar die overweging voor zo’n selectiecommissie meetelt? Of gaat het meer om het belonen van vroegere bondgenoten?

De huidige politieke ‘elite’ heeft een postmodern en kosmopolitisch wereldbeeld en lijkt niet in staat de omvang van de crisis te bevatten waarop de West-Europese wereld afkoerst. Dat is een wereld van conflicten: cultureel (verwestering versus islam), militair (oorlog in het Oosten) en economisch: financiële instituten zijn inmiddels machtiger dan natiestaten. Terwijl het Westen een liberale visie op economie uitdraagt koopt een macht als China schaarse grondstoffen van failed states om die als drukmiddel te kunnen gebruiken.

Nederland is een polderland – hierdoor vergeten we hoe snel mensenmassa’s kunnen omslaan als de druk stevig oploopt. Denk aan een gebrekkige aansluiting tussen de opleiding van jongeren en de markt, een teruglopend voorzieningenaanbod en allochtonen die vatbaar zijn voor radicalisering. Een conflict met Rusland komt dichterbij al zal het misschien niet tot oorlog komen. De VS richt zich meer op Azië en wil het vergrijzende Europa niet meer op eigen kosten blijven beschermen.

Kortom, de voorwaarden voor een omslag beginnen langzaam vorm te krijgen; ons beleid wordt echter nog steeds gemaakt door politici uit de poldertijd. We moeten de grote geopolitieke vragen stellen en hierbij telt ieder jaar – ieder jaar brokkelt de geopolitieke status van Europese landen als Nederland verder af. Ik verneem graag of ik in dit denkwerk een rol zou kunnen spelen en ben zeer nieuwsgierig naar jouw kijk op de geschetste ontwikkelingen.”

Verbaast het u te horen dat ik vanuit het topkader niets meer heb vernomen? Terwijl we toch Trump, Brexit, het Oekraïne-referendum, het migratievraagstuk en de Turkse kwestie kregen: zaken die de elite overvielen maar waarvan de voorwaarden in Avondland en Identiteit al waren toegelicht. Onlangs vernam ik van een Kamerlid dat er achter de schermen uitvoerig is gesproken over mijn optreden bij Buitenhof.

Deugbubbel

Het Buitenhofdebat was feitelijk twee tegen één. Ik was uitgenodigd om als academicus die filosofie van de geschiedenis doceerde, het concept van het cultuurmarxisme te komen uitleggen. Voortdurend werden er spottende karikaturen van mijn argumenten gemaakt en vervolgens sloeg progressief Nederland elkaar op de schouders als zou men het debat hebben gewonnen.

De doorsnee Nederlander leeft echter in de realiteit. De kijker herkent dat de zaken die ik aankaart, veel dichter met die dagelijkse realiteit overeenstemmen dan gebruikelijk is in de roze wolk van de culturele elite of zo u wilt de deugbubbel. Dit stelde mij in dat debat voor een keuze: Óf de inhoud in – uitleggen als academicus ‘wat is cultuurmarxisme’ en kortom een verklaring geven van het ontstaan en de inhoud van het begrip, of mezelf verdedigen tegen misrepresentaties van mijn argumenten en spotaanvallen op de persoon. Ik koos ervoor om zo inhoudelijk mogelijk te blijven, wetende dat de doorsnee kijker de harde realiteit beter aanvoelt dan de jetset van de NPO. Deug-Nederland feliciteerde zichzelf maar de rest zag realiteitszin versus een roze wolk: in het Centraal Boekhuis was Avondland en Identiteit leeggekocht en er verscheen een derde druk.

Het Buitenhof-debat ging aanvankelijk uitgebreid in op de geschiedenis van Antonio Gramsci in de vroege twintigste eeuw. Toen ik even later de invloed van the New Left aankaartte, hoorde ik plots dat die geschiedenis “niet relevant zou zijn voor het heden”. Witteman zei dat hij Avondland en Identiteit niet wilde bespreken maar slingerde er toen plots een quote uit het boek in toen het gesprek qua framing de verkeerde kant dreigde op te gaan.

Knock-out argumenten

Al met al heb ik daar meerdere zaken onweersproken gezegd. Links heeft wegens de globalisering geen realistisch economisch verhaal meer te bieden. Hierom stelt links een agenda van identiteitspolitiek voor, om het taalgebruik en het denken te zuiveren van alles dat zou kunnen kwetsen: dit geeft links vandaag geen economisch maar een religieus karakter. De kerk verbiedt alles wat leuk is en links verbiedt alles wat zou kunnen kwetsen. Minderheden, zoals allochtonen en arbeiders, verlaten het linkse moederschip. Ten slotte is de ‘progressieve’ counterculture vooral schadelijk geweest voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Al deze knock-out argumenten kregen geen enkele weerspraak tijdens het debat.

Cultuurverandering blijft een hot topic. Zo wordt Mozart gecensureerd terwijl de politie meer bezig is met iftarren dan met boeven pakken. Moslimkinderen worden opgeroepen om zich niet Westers te kleden met het zomerse weer. Belasting op groente en fruit gaat stijgen terwijl de dividendbelasting voor multinationals is geschrapt. D66 wil het referendum dood en dan hebben we het nog niet over de transferunie waar we momenteel worden ingerommeld.

Volksopstand over Transferunie?

Dit gaat stapje voor stapje, zodat het urgentiegevoel steeds te beperkt is voor een opstand, maar Macron en Merkel hebben allang besloten dat die transferunie er komt. Op de ALDE-congressen mag Rutte nog tegengas geven voor de vorm. Hans van Baalen kennende ziet hij die transferunie ook zeker niet zitten, maar uiteindelijk zal ALDE – om de internationale verhoudingen ‘soepel te houden’ – toch tekenen onderaan de streep. En dan vlug door naar de écht belangrijke zaken, zoals die dekselse want veel-te-conservatieve Polen en Hongaren.

Via de monetaire unie zijn landen aan elkaar verslingerd maar zij hebben geen macht over elkaars nationale begrotingen en economische beleid. Die transferunie staat dus te gebeuren: het is onduidelijk hoe dit kan worden gestopt tenzij er een full blown volksopstand uitbreekt.

Hierover was laatst een gespreksavond met Thierry Baudet en Derk Jan Eppink. Eén van de vragen die ter tafel kwam was “hoe realistisch is een NEXIT?” Naar verluidt werd Baudet aan het denken gezet want hij heeft zich altijd laten kennen als – op zijn zachtst gezegd – een criticus van de EU. Maar de realiteit is wel dat wanneer je als kleine lidstaat begint te praten over NEXIT, dat er dan twee jongens bij de uitgang staan en die trekken hun handschoenen uit. Vervolgens slaan ze je en daarna slaan ze je met de kassa. Oftewel je zult worden kapotgemaakt voordat het idee goed en wel is gelanceerd in het publieke debat.

Gedisciplineerd denken over geopolitiek

Hierdoor zou een stappenschema van een gestage bevoegdheidsvermindering van de EU meer kans van slagen hebben. Dan stuit men echter op het feit dat de EU tot dusver onhervormbaar is gebleken en dat de groeiende geopolitieke blokvorming juist noodzaakt tot meer eenheid in buitenlandbeleid. Er is veel voor te zeggen om deze bittere pil dan maar te nemen en consequent dystopisch te denken. Zoals prof. David Engels doet in zijn boek Auf dem Weg ins Imperium. Maar het frame moet nu eenmaal positief zijn en hierom zullen wij in de komende jaren minder gaan horen over dystopieën en meer over Renaissances.

In hoeverre Engels’ boek nu smeuïg wegleest, daarover zijn de meningen verdeeld. Het is in ieder geval helder en systematisch: het dwingt de lezer om op een gedisciplineerde wijze na te denken over geopolitiek. Wat er ook met de EU zal gebeuren – het is evident dat West-Europa deze kar niet meer kan trekken. Groot-Brittannië heeft ruzie met de EU, met Rusland en nu ook met de VS; Frankrijk wordt kapotgestaakt en heeft te maken met banlieues. Het land kent religieuze twisten en aangrijpende veranderingen in de bevolkingssamenstelling. Duitsland vergrijst en moet eerst Oost-Duitsland uit het moeras trekken en daarna nog minstens een miljoen Afrikanen, zoals Robert Ossenblok nauwgezet heeft gedocumenteerd. België is een verhaal op zich. Italië heeft fikse schulden gekoppeld aan een enorme zwarte economie – ook dat land vergrijst in rap tempo.

Centraal-/Oost-Europa moet nu leiden

Kortom nu West-Europa in de fase van Late Empire is beland (waarover dadelijk meer), moet de toorts van Europees leiderschap aan Centraal- en Oost-Europa worden doorgegeven. Daar heerst een meer gegronde visie op migratie, islamisme en de verhoudingen tussen burgers en hun overheid. Deze landen weten wat het is om onder het juk te zitten van de Ottomanen en de communisten: op de experimenten van links-identitaire gekkies zit men daar niet te wachten.

West-Europa is ongevraagd het sociale experiment ingerold van een grootschalige migratie. Dat experiment faalt en vervolgens wordt de kritiek op het falende experiment (door Pankaj Mishra) toegeschreven aan “blanke mannen die zich voorbijgestreefd voelen” – die kortom boos zijn omdat het experiment tóch zou zijn gelukt. Dit is de catch-22 logica “maar ik ben geen racist – aha, dus u ontkent dat er een probleem is!” waar we het in West-Europa mee te schaften hebben, en die in onze afbrokkelende landen moet doorgaan voor een ‘publiek debat’. In Centraal- en Oost-Europa ontbreekt die gekkigheid en daarom zijn deze landen beter in staat om het beleid over deze existentiële kwesties vorm te geven. Het probleem is dat ze vanuit hun communistische verleden zijn gewend aan de underdog-rol en nu niet weten hoe ze het momentum kunnen aangrijpen om te leiden.

Het obsessieve gepraat over racisme verstoort iedere poging tot realistisch denkwerk. Nu weer vier piepjonge meisjes die hun universiteit willen dekoloniseren en smeken om thought police pardon diversity officers. “Wat weten zij nu van het leven?” is wat ik me hier afvraag. Wat weet ik er zelf nu van als dertiger? Kennelijk toch het een en ander – ik sta hier immers de VVD toe te spreken. Nu vind ik de benadering van Jurriaan Mulder toch constructiever dan die van de UvA meisjes. Toen hij met zijn Afrikaanse kompaan Manu een broodje at zei hij: “Wel helemaal opeten hè, de kinderen in Afrika hebben honger!” Zo kan er met een politiek-incorrect grapje toch een gesprekje ontstaan waarin serieuze thema’s worden aangesneden op een wijze die niet beladen of moralistisch is.

Puriteins moralisme tegenover rechtse humor

Dat is precies de kern van de zaak. De nieuwe realisten kennen humor en nuance: ze durven de draak te steken met heilige huisjes omdat ze met lichtheid en zelfspot in het leven staan. Maar hun tegenstander – regressief links – is precies het tegenovergestelde: dat kamp is feitelijk moralistisch, puriteins en fanatiek tot op het fundamentalistische.

Van dat moralisme nu een voorbeeld, en wel het debat tussen de Kamerleden Baudet, Becker en Sjoerdsma over gifgasaanvallen in Syrië. Baudet sprak over twee onverenigbare benaderingswijzen van geopolitiek. Gaan we met zijn allen naar een globale eenheid toe, of zijn er afgrondelijke conflicten? Zijn er universele regels die een wereldvrede mogelijk maken? Of zijn er slechts wisselende machtsverhoudingen met onherroepelijk winnaars en verliezers? Baudet concludeerde: het is een bittere pil om te slikken, maar het is beter als Assad dit conflict wint, want dat vergroot de stabiliteit van de regio.

Moralisme in geopolitiek

Becker reageerde verbeten en vanuit morele verontwaardiging. Even was er geen analist of nuchter redenerend bestuurder aan het woord, maar veeleer een ‘gelovige van de universele eenwording’. Er lag een zelotische schittering in haar ogen: daar ontvouwde zich het panaroma van Fukuyama’s Einde van de geschiedenis. Tot nu toe was het profiel van de VVD altijd nuchter no nonsense-realisme: het is pijnlijk maar waar om te zien dat Baudet in dit debat het meest realistisch is.

Het is zowel ernstig als betreurenswaardig om te constateren dat dit puriteinse moralisme nu ook naar de rechterkant van het politieke spectrum is overgeslagen. Dit is wat er gebeurt wanneer men de eigen ziel aan multinationals verkoopt en alle culturele en intellectuele vorming overlaat aan links. “Want op die thema’s zitten onze kiezers toch niet” (zo wordt geredeneerd sinds Bolkesteins aftreden). Maar de realistische stemmer, die zoekt ondertussen wel naar vorming en culturele inhoud. En in zijn vorming vindt hij Baudet.

Klassiek liberalisme uitgehold

Wat ten zeerste teleurstelt is dat zelfs het klassiek liberalisme van individuele vrijheid, nationale soevereiniteit (collectieve vrijheid) en rationalisme (vrijheid van geest), zich zo heeft laten uithollen door progressivisme: een stroming die staat voor gelijkheidsdwang, cultuurrelativisme en een overgave aan technocratische oligarchieën. Het liberalisme zoals dat vandaag bestaat heeft helaas de theologie van het christendom en het socialisme verinnerlijkt – dit wil zeggen een theologie van irrationalisme en maakbaarheidsgeloof. Hierdoor blijft van het klassiek liberalisme slechts een uitgeholde cocon over: wat resteert is een verwaterde kartel-ideologie die de belangen van multinationals omkleedt met een positieve tsjakka-vibe.

Dit kon gebeuren doordat de mensen die de posten bemanden van de conservatieve media en de klassiek liberale partijen, het product waren van een corporatistisch systeem vol vriendjespolitiek en elitaire families. Denk aan de tweehonderd van Mertens: een select gezelschap van grootindustriëlen, topambtenaren en vakbondsleiders die onder leiding van o.a. Joop den Uyl samen de knikkers verdeelden. Hun kinderen groeiden op in een bubbel buiten de realiteit en lieten zich gemakkelijk intimideren. Riep iemand eens “nazi!” dan waren deze wekelingen en softe types maandenlang bezig om zich te verontschuldigen.

Vossius & Deugballotage

Vandaag wordt ‘rechts’ echter bemand door types als Jesper Jansen. Zij komen ‘van de koude grond’ en geven er niets om hoe ze worden geframed. Dit zijn mensen met wortels in de werkende klasse die toch niet welkom zijn in de elitaire bovenlaag van onze cultuur. Want als je door een partijtop in dit land serieus wil worden genomen als gesprekspartner, dan moet je eerst laten zien dat je klassieke talen machtig bent die je op één of ander prestigieus Vossius gymnasium hebt geleerd. Stap twee om door de deugballotage te komen is dat je diezelfde klassieke talen vervolgens ironiserend kapotrelativeert omdat het toch allemaal ‘geschiedenis van blanke mannen is’. Maar om tot die tweede ronde te komen moet je dus wel eerst even laten aanvoelen dat die verfoeide culturele verfijning wél tot jouw sociale habitat behoort. Mensen als Jesper trekken echter met zero fucks given ten strijde tegen deze deug-elite. Wordt mooi!

Het eerder omschreven gevoel voor humor en nuance dat eigen is aan het nieuwe realisme heeft een oorsprong. Het uit zich ook in trolling en shitposts en referenda organiseren over nonsens-onderwerpen puur om gemeenteraadsleden te trollen. Zoals dat idee om politici in Arnhem zich te laten uitspreken over verplichte afbeeldingen van lolcats op verjaardagskaarten en discoballen in ieder overheidsgebouw. Want ja, wie werkelijk ziet wat West-Europa staat te wachten – de totale som van babyboomerschulden die worden afgeschoven op jongeren in een vergrijzende samenleving waar opwaartse sociale mobiliteit enkel nog is voorbehouden aan kosmopolieten in grootstedelijke centra omring door enclavevorming en radicalisering – kan eigenlijk alleen nog lachen om de absurditeit van de situatie. Een ironische levenshouding ontwikkel je vanzelf.

Mentale verharding

“Het zal mijn tijd wel duren, ik heb deze puinhoop niet gecreëerd, laat een ander de shit maar opruimen.” Dat is dan feitelijk de levenshouding die het meest loont – oftewel het “dikke ik” waarover Rutte sprak. Maar nu, Rutte, ga ik weer even terug naar mijzelf en naar mijn email aan die VVD-scoutingspersoon in 2014. Ik blik terug op mijn laatste vijf levensjaren en zie hoe ik beleidsmakers trakteerde op duizenden feiten, overwegingen en argumenten: tot nu toe had het nul komma nul effect om ook maar iets aan de opdoemende dystopie te veranderen. Dus ik begrijp die cynische levenshouding. “Vrouwen willen feminisme? Oké laat mijn date dan maar betalen. Wij mannen zouden vrouwen teveel overvleugelen? Wel dan ga ik ook niet ingrijpen als ik zie hoe een dronken jongedame wordt betast.” In deze situatie is mentale verharding the most sensible option.

Dát is de wereld die we nu krijgen dankzij de keuzes van de ’68-generatie. En ook dankzij de keuzes van een elite die sinds Pim Fortuyn al beter wist maar wegkeek omdat ‘de BV Nederland wel moest blijven draaien’. Let wel: een generatie met zo’n levenshouding gaat dus ook niet betalen om de shit van Afrika op te lossen. Ze zien welke deal er voor hen overblijft – hogere huren, een leeggepompte gasbubbel, hogere studieschulden en het stapelen van onbetaalde stages – en laten zich ook niet meer moralistisch chanteren. Hierom gaat voor links langzaam het licht uit en zij beseffen dit – hierom radicaliseren ze nu het nog kan, om hun vijanden zo veel mogelijk schade te berokkenen.

Geen spruitjeslucht maar wietlucht

Deze ‘vrijgevochten’ types zien zichzelf als meester en vormgever van eigen succes: zij hebben iedere band met het verleden gretig doorgesneden, want de spruitjeslucht van het ouderlijk huis mocht niet blijven kleven aan de nieuwe tuxedo van het corpsballetjesleven. Maar uiteindelijk heeft niet de spruitjeslucht de meeste schade gedaan, maar de wietlucht. Alles wat je op tafel achterlaat valt in handen van de vijand: zo redeneren zij. Niet in termen van cultureel erfgoed overdragen. Deze types zien zichzelf als ‘liberaal’ maar dromen er van om te worden aangesteld als juridisch specialist op een groot kantoor van een multinational.

Nu zien we weer hoe het voor innovatieve MKB’ers moeilijker wordt om zich juridisch te verweren wanneer het grootkapitaal hun patenten steelt. Stropdasje om, lekker upwardly mobile imago uitstralen, maar oh wee als de discussie op het migratiedossier komt. “Ik heb toch genoeg geld en connecties om die mensen nooit tegen te komen, dus ik vermijd dit onderwerp want ik kan er alleen in negatieve zin een racistisch imago aan overhouden.” Zo denkt de aangestelde liberaal. En een aangestelde liberaal is een inwendige tegenspraak: liberalisme hoort immers te staan voor eigenstandig, onafhankelijk en eigenzinnig denken.

Hofhermafrodieten

Kennelijk moet daarvoor een Nieuwe Zuil worden opgebouwd, want toen ik laatst bij Shell aankwam zei iemand: “Hoi Sid! Wat leuk dat je er bent! Laten we gaan lunchen! Maar beter niet op kantoor want je weet maar nooit wat we gaan bespreken.” Pas aangekomen bij een of andere Bakker Bart in een achtersteegje met alleen huisvrouwen en buggy’s met kinderen durfde de betreffende zijn verhaal te doen. Het kwam erop neer dat deze persoon al zes keer tevergeefs was opgewarmd voor een bevordering, terwijl in het bedrijf wel plots overal flyertjes over ‘mansplaining’ opdoken. “Het is maar goed dat er hier geen snaky corporate types rondlopen” zei ik. Of beter gezegd: hofhermafrodieten, sprekend met de oldschool humanist Baldassare Castiglione.

Hofhermafrodieten zijn gladde en manipulatieve mannen die tekenend zijn voor beschavingen waar maatschappelijke status meer met sociale netwerken samenhangt dan met de productie van tastbare welvaart. De masculiene architect bouwt een aquaduct en laat zo zien hoe hij de wereld onontwijkbaar verandert (Early Empire). Lakeien en eunuchen fluisteren de keizer in wie wel of niet tot de inner circle kan worden toegelaten: zij treden op de voorgrond in de fase van Late Empire en manipuleren de ongrijpbare relaties. De hofhermafrodiet gedijt in de bureaucratieën en  hofhuishoudingen die ontstaan wanneer urbane centra zich volzuigen met de welvaart die in de provinciën wordt gecreëerd. Waar hofhermafrodieten opduiken in de politiek gaan idealen en principes te gronde.

Rise and Fall

We hadden het al even over David Engels en zijn Rise and Fall-analyse. Wat hier gaande is kunnen we niet anders betitelen dan als ‘Late Empire’. Laatst werd ik benaderd door iemand die zei: “Sid, het spijt me, je zult het begrijpen – ik zat in de laatste maand van mijn proefperiode dus ik moest echt aan de blue pill.” Wegkijken om maar niet uit de toon te vallen op de werkvloer. Is dat nu het gezellige “ik hou van eigenwijze mensen” liberale Nederland waaraan we met zijn allen werken?

Toch wordt Nederland wakker. De Nederlandse Leeuw kreeg 2.100 mensen op de been waarvan de helft jongeren. Kwam nauwelijks in de media. Had een gesubsidieerde linkse club 400 activisten verzameld, dan was het breed uitgemeten bij Buitenhof en op de voorpagina van alle kranten als ‘energieke jongerenbeweging’.

‘Linkse’ opinieredacties blazen hoog van de toren over seksuele intimidatie, maar juist daar is dit het ergst. Zie Vice, zie Francisco van Jole, zie Jelle Brandt Corstius, zie al die idioten bij Oxfam Novib, Artsen Zonder Grenzen en andere ‘goede doelen’ die seksfeestjes hielden met kwetsbare en uitgebuite inheemse vrouwen – het gedrag van deze kosmopolitische wereldverbeteraars is zowel hedonistisch als hypocriet. Achter dat uitwendige moralisme gaat een door-en-door verrot mensbeeld schuil. Dat wist u natuurlijk al: ik moest het toch even vermelden omdat mijn realistische analyse anders als ‘reactionair cultuurpessimisme’ zou worden geframed.

Rot achter de gevel

We moeten West-Europa zien als een huis. Aan de voorkant ziet het er goed uit maar achter de voorgevel is er rot en structurele bouwfouten. De generatie die nu opgroeit voelt nattigheid, want de generatie die aan de macht is heeft het geloof in transcendente waarden opgegeven. Zij proberen er voor zichzelf het beste uit te halen: een fractievoorzitter krijgt een penthouse cadeau en een senator zit tijdens de stemming over de orgaanwet in een luxe resort op een tropisch eiland. Ondertussen werd tegen een CDA-bestuurder een zaak voorbereid wegens betrokkenheid bij de bouw van het grootste drugslab aller tijden.

Juvenalis beschreef de decadentie van het antieke Rome: wat vandaag in West-Europa speelt had hij niet kunnen verzinnen in zijn meest extatische visioenen. Men kan er hooguit om lachen omdat het zo absurd én decadent is. Maar met een politieke klasse die dit voorbeeld geeft kan West-Europa niet meer leiden. Het enige wat er hier qua continuïteit wordt overgedragen, is dat de generatie van opiniemakers en journalisten die nu wordt aangesteld nóg linksliberaler is dan de voorgaande. Zoals de grote Willem Cornax onlangs schreef: geef mijn portie maar aan fikkie.

Posted on

Waarom Seehofer Beierse heimat aan Söder overlaat

Vorige week liet Horst Seehofer een belangrijke bijeenkomst aan zijn neus voorbij gaan. De partijvoorzitter van de CSU en scheidend deelstaatpremier van Beieren moest zijn deelname aan de traditionele politieke Aswoensdag afzeggen vanwege een hardnekkig griepje.

In de partij wordt sindsdien besmuikt gegist naar de gezondheidstoestand van de 68-jarige. Een dergelijke publiciteitstrekkend optreden missen partijbonzen normaliter nooit en al zeker niet in een jaar waarin verkiezingen voor de Landdag op de rol staan.

Op 14 oktober willen de christelijk-socialen hun absolute meerderheid verdedigen. Het lijkt momenteel uitgesloten dat ze daar in slagen, mede omdat Franz Josef Strauß’ maxime, dat er rechts van de CSU geen plaats voor een democratische partij mag ontstaan, veronachtzaamd is. Bij de Bondsdagverkiezingen liepen reeds veel gefrustreerde conservatieve kiezers naar de AfD over. De vooruitzichten van de CSU voor de Landdagverkiezingen zijn nauwelijks beter.

In de ogen van velen, ook van menig CSU-lid, ligt de schuld hiervoor voor een aanzienlijk deel bij Seehofer, vanwege zijn veelvuldige draaien ook wel Drehhofer genoemd. De Beierse leeuw is te vaak als vloerkleedje geëindigd, zo klinkt het aan de stamtafels in het zuiden van Duitsland. Men verwijt Seehofer het permanente toegeven van de CSU aan bondskanselier Angela Merkel in het immigratievraagstuk en het fiasco van de Bondsdagverkiezingen ten gevolge daarvan.

Gevolg is dat de meerderheid van de Beiers weinig op heeft met de verdere politieke loopbaan van de scheidend deelstaatpremier. Volgens een peiling zien ze de 68-jarige liever met pensioen gaan dan minister worden in Berlijn. Maar liefst 62,6 procent van de ondervraagden gaf er de voorkeur aan dat hij zijn politieke loopbaan zou beëindigen. 7,6 procent was van mening dat hij genoegen moest nemen met het partijvoorzitterschap alleen. Slechts 24,3 procent wilde dat hij minister in een nieuwe ‘grote coalitie’ van CDU, CSU en SPD zou worden.

Desalniettemin is Seehofer nu de beoogde minister voor Binnenlandse Zaken en Heimat. Zodat ook zijn partijinterne tegenstanders en critici er belang bij hebben dat hij naar Berlijn vertrekt, heeft Seehofer aangekondigd dat de door hem niet zeer geliefde deelstaatminister van Financiën Markus Söder hem opvolgt als deelstaatpremier.

In recente peilingen krijgt de CSU een kleine veertig procent van de stemmen, gevolgd door de SPD met zo’n 15 procent en de AfD met 12 à 13. Het lijkt er dus op dat de CSU haar absolute meerderheid van de zetels in de Landdag gaat verliezen, wat afgezien van 2008 sinds de jaren ’50 niet is voorgekomen. In zo’n geval zou de CSU een of meerdere coalitiepartners moeten vinden om een regering te vormen. Dat de CSU met de AfD in zee gaat is daarbij hoogst onwaarschijnlijk, zodat een coalitie met de SPD of de Groenen, dan wel een coalitie met de liberale FDP en de Freie Wähler tot de mogelijkheden behoort. De verkiezingen voor de Beierse Landdag vinden op 14 oktober plaats.

Aanvankelijk was de 68-jarige politicus van plan geweest nog eens kandidaat-deelstaatpremier te zijn. Met zijn wissel naar Berlijn en de alvast geregelde opvolging in München wil hij nu ten minste gezichtsverlies vermijden, niet compleet kelderen in de kiezersgunst en tegelijk nog altijd een positie bewaren om invloed uit te oefenen in de partij en de Beierse politiek. Maar precies dat vrezen veel partijvrienden in het zuiden. Met 46,8 procent ziet zelfs van de CSU-kiezers nog geen meerderheid Seehofer graag als minister in Berlijn. Zelfs onder CSU-kiezers meent 37,6 procent dat Seehofer zijn politieke carrière beter kan beëindigen.

Ook de politicoloog Ulrich von Alemann interpreteert Seehofers beoogde wissel naar Berlijn als een “verwijderingsbeslissing”. De oude rot wordt aan het eind van zijn carrière weggepromoveerd naar de federale politiek. In het verkiezingsjaar wil de Beierse regeringspartij de rijen sluiten en heeft men er dus vanaf gezien Seehofer compleet uit te schakelen. Tegelijk mag met Söder iemand met een rechtser profiel dan Drehhofer de leiding nemen, om zo de schade te beperken. Of het de AfD werkelijk zoveel wind uit de zeilen neemt zal moeten blijken.

 

Posted on

Hongarije beschuldigt Amerika van inmenging in verkiezingscampagne

De Hongaarse regering heeft donderdag het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken beschuldigd van inmenging in de Hongaarse verkiezingscampagne.

Het Hongaarse ministerie van Buitenlandse Zaken riep de hoogste Amerikaanse diplomaat in Boedapest, zaakgelastigde David Kostelancik op het matje, nadat het Bureau of Democracy, Human Rights and Labor (DRL) van het Amerikaanse ministerie op 7 november aankondigde dat het 700.000 dollar beschikbaar zou stellen “voor projecten die de toegang van burgers in Hongarije tot objectieve informatie over binnenlandse en mondiale vraagstukken vergroten”.

“We vinden dit een hele vreemde zaak, we beschouwen het als een ongebruikelijke stap onder bondgenoten”, aldus János Lázár, stafchef van premier Viktor Orbán, tijdens een persconferentie donderdag. Volgens Lázár komt het neer op “inmenging in de verkiezingscampagne”.

De eerst volgende parlementsverkiezingen in Hongarije staan op de rol voor komend voorjaar.