Posted on

Eric van de Beek bij Café Weltschmerz over Nepnieuwsexplosie

Onze medewerker Eric van de Beek was onlangs opnieuw te gast bij Café Weltschmerz, waar hij door Teun Gautier geïnterviewd werd naar aanleiding van het recent verschenen boek Nepnieuwsexplosie, waarover Van de Beek samen met communicatiewetenschapper Tabe Bergman de redactie voerde.

Nepnieuwsexplosie is een bundel artikelen over desinformatie in de Nederlandse media. In dit boek buigt een groep kritische journalisten en academici zich over de prangende vraag wat nepnieuws is en waar het vandaan komt. Aan de hand van onder meer de oorlog in Syrië, de ramp met vlucht MH17 en de doodgezwegen Amerikaanse invloed op de Nederlandse pers, tonen de auteurs dat het zogenaamde kwaliteitsnieuws keer op keer een vervormd beeld van de werkelijkheid geeft. Journalisten dienen, vaak zonder dat zij er zelf erg in hebben, de belangen van de politieke en economische elites – niet die van de gewone burger.

De bundel bevat bijdragen van onder andere Willy Van Damme, Stan van Houcke, Arnold Karskens en Cees Hamelink. Het boek is verschenen bij Uitgeverij De Blauwe Tijger:

Nepnieuwsexplosie ~ Tabe Bergman & Eric van de Beek (red.)

 

Posted on

Propagandaoorlog rond Syrië

Een mix van onkunde, zware manipulaties en zelfs leugens, zo kan men de inhoud van de traditionele massamedia omschrijven wanneer ze de explosieve toestand rond Syrië op dit ogenblik bespreken. Qua totale onkunde scoorde zeker De Morgen de hoogste toppen, goed voor een Nobelprijs voor de nepjournalistiek.

De Morgen

Zo verscheen woensdag 11 april in De Morgen: ‘Syrische crisis houdt Trump in Washington’ van Remy Amkreutz en Pieter Gordts. Daarin schreef dat komische duo: “Verschillende ngo’s maakten zaterdagavond melding van een mogelijke gifgasaanval in Douma, de laatste stad in het Syrische Oost-Ghouta die nog in handen van de rebellen is.”

Nou, het Leger van de Islam (Jaysh al Islam) tekende de overgave van de stad zondagvoormiddag – luttele uren na die vermeende gifgasaanval – en reeds op maandag betraden leden van de Russische militaire politie die stad. Deze overgave werd al zondagmiddag in Syrië wereldkundig gemaakt en stond rond 16.00 uur die namiddag onder meer bij het persagentschap Reuters te lezen.

En op maandag begon de verhuizing van de ongeveer 15.000 leden en aanhangers van die salafistische terreurgroep. Waarna maandagmiddag de eerste leden van de Russische militaire politie en de Syrische Rode Halve Maan het gebied betraden op zoek o.m. naar de vermeende 150 doden en meer dan 1000 gewonden van die aanval ongeveer een dag voordien.

Waar zijn de duizend en meer gewonden en 150 doden van die vermeende gifgasaanval in de stad Douma? Die blijken zo te zien verdwenen. Het verhaal was afkomstig van de Witte Helmen, een door mensen van de Britse geheime dienst MI6 opgerichte en door het Westen waaronder ook Nederland gefinancierde jihadistenorganisatie. Deze lokte ons richting een derde wereldoorlog en kreeg van de stad Ieper vorig jaar nota bene een vredesprijs. Een wel heel grote schande.

 

Maar Remy Amkreutz en Pieter Gordts zijn duidelijk topjournalisten en zagen Douma opnieuw al in handen van het Leger van de Islam. Geen verbazing natuurlijk dat die krant, zoals ook De Standaard natuurlijk en praktisch alle andere Westerse massamedia, geen melding maakten van het verhaal van Rusland, de Syrische Rode Halve Maan en ook de in Damascus werkende VN-organisaties dat er tot op heden geen spoor gevonden is van dit massale aantal slachtoffers.

De OVCW

The Financial Times deed donderdag 12 april eveneens flink mee aan die propagandaoorlog. Zo schreef de vermeende Londense kwaliteitskrant: “Experts say gas attack proof will take weeks” (Specialisten zeggen dat het weken duurt voor er bewijzen zijn over die gasaanval) van David Bond en Rebecca Collard.

Zo schreven ze:

“But it was not clear if the mission (van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, nvdr.) had been granted access to the site of the alleged attack.” (“Maar het was niet duidelijk of die missie (van de OVCW, nvdr.) toegang heeft gekregen tot die plek waar die vermeende aanval plaats had”)

Dat het Syrië en Rusland zelf zijn die aandrongen op een bezoek en onderzoek door de OVCW vermelden ze niet. Ze weten dat ongetwijfeld nochtans heel goed. Zoals Rusland en de Syrische regering reeds herhaaldelijk stelden de OVCW alle bijstand te zullen verlenen die nodig is.

Rusland en Syrië vroegen de OVCW om in Syrië onderzoek te doen naar die aanval met chemische wapens, de VS en de rest van het Westen hadden geen interesse. Wat er op wijst dat deze wisten dat het verhaal over die gifgasaanval allemaal nep was. De OVCW kan nu het bewijs leveren toch professioneel te werken en geen politiek instrument van de VS te zijn.

 

Wat de krant ook niet vermelde is dat de VS en haar oorlogspartners in de VN-Veiligheidsraad hun veto stelden tegen een onderzoek door die OVCW. Gelukkig heeft de OVCW geen toestemming van de VN nodig om hier in actie te treden. En uiteraard zweeg de krant eveneens geheel over het verhaal dat er van dat massaal aantal slachtoffers tot vandaag niets is gevonden.

Excuses gezocht

Men is zich trouwens duidelijk al aan het voorbereiden op het feit dat er in Douma geen sporen zijn van die zogenaamde grootschalige gifgasaanval. Zo schrijven Bond en Collard in datzelfde artikel in The Financial Times:

“Journalists have struggled to contact people in Douma and some Syrian activists have accused the government of cutting communication lines. When phones and internet did work again it was difficult to reach anyone in the area who said they saw the attack.

Doctors and rescue workers, who usually speak after such attacks in Syria, were unavailable. Ahmad Tarakji, president of (the) Syrian American Medical Society (de enige organisatie die het verhaal van die gifgasaanval binnen de minuut bijna bevestigden, nvdr.), a charity that supports doctors in Syria, said that might be because people knew government forces would soon enter Douma, the last rebel holdout near the capital.”

“Journalisten hebben het moeilijk om mensen in Douma te contacteren en sommige Syrische activisten beschuldigden er de regering van het verbreken van de communicatieverbindingen. Toen telefoon en internet weer werkten was het moeilijk om iemand in dat gebied te vinden die verklaarde dat zij die aanval hadden gezien.

Dokters en hulpverleners die in Syrië na zo’n aanval gewoonlijk met de pers spreken waren niet beschikbaar. Ahmad Tarakji, voorzitter van (de) Syrisch-Amerikaanse Medische Vereniging, een liefdadigheidsinstelling die dokters in Syrië steunt, stelde dat dit zou kunnen zijn omdat mensen weten dat regeringstroepen binnenkort Douma, de laatste plek waar de rebellen standhouden, kunnen betreden.”

Men is de excuses dus al aan het voorbereiden. Rusland en Syrië vernielden alle sporen en niemand durft nog te getuigen. Waarbij men ongetwijfeld zal stellen dat veel van de getuigen gevlucht zijn of gedood om hen zo het zwijgen op te leggen. Alsof die meer dan duizend gewonden en doden plots verdwenen zijn. En alsof er ook niet zoiets bestaat als grond- en omgevingsstalen.

De oorlogsstokers

Het is dus duidelijk dat de VS en haar vazalstaten in opdracht van Israël geen interesse hebben in de feiten maar gewoon Syrië willen aanvallen. Dat ze daarmee een derde wereldoorlog riskeren is voor sommigen onder hen zelfs van geen tel.

Ook niet voor kranten als De Morgen, De Standaard, NRC, en The Financial Times. Leve de oorlog opperen de pennenlikkers van deze wereld die schaamteloos de propaganda van het Leger van de Islam overnemen. Vorig jaar was er in De Balie in Amsterdam een debat over de kwestie of de media ons naar de oorlog leiden. Het antwoord van het panel was ja. En wat we nu meemaken bewijst dat voor de volle 100%.

Het is vandaag feest in Douma, Oost-Ghouta en Damascus. De oorlogsdreiging is voorbij en het gebied werd bevrijd van die roversbendes en specialisten koppensnellen. Eindelijk is na de Russische militaire politie nu ook het leger de stad binnengetrokken.

Ondertussen loopt de spanning op maar zie je wel hier en daar enkele sprankjes hoop waar mensen pogen af te remmen. De voornaamste is hier die van generaal James Mattis, de Amerikaanse minister van Defensie. Een op dit vlak vaste waarde. Die opperde gisteren dat men nog steeds zoekt naar wat er precies gebeurde. En dan was er, verbazingwekkend, Theresa May, de Britse premier die woensdagochtend stelde dat ze meer bewijs wil zien voor men kan optreden.

Maar geen zorg, tegen de namiddag wist ze al beter en klonk ze plots anders. De druk op bepaalde dwarsliggers om toch oorlog te voeren is dan ook enorm. Men heeft na de val van Oost-Ghouta de oorlog om Syrië definitief verloren en dus zint men op bloedige weerwraak. Wie tegenspartelt duwt men in de hoek en dreigt men af. En men heeft steeds middelen om dat te doen. Wie een hond wil slaan vindt nu eenmaal altijd wel een stok.

Vermoedelijk zal het Amerikaanse antwoord als het komt echter bestaan uit aanvallen met een serie raketten. Met vliegtuigen het Syrische luchtruim betreden is immers riskant. Bij een vorige Israëlische aanval haalde Syrië een F16 neer en beschadigde men een tweede.

De aanval op maandag van Israël op Syrië gebeurde wel met vliegtuigen, naar verluidt de F15. Maar ditmaal bleven de Israëlische vliegtuigen daarom netjes boven Libanon – een land dat van het Westen geen echt afweergeschut of degelijke luchtmacht mag hebben – vanwaar men dan maar kruisraketten afvuurde waarvan trouwens het merendeel werd onderschept.

Amerikaans worstelen

Ook voert men in het geheim ongetwijfeld met Rusland gesprekken over wat wel kan en niet kan zonder dat de Russen de voor de Syrische kust opererende Amerikaanse schepen tot zinken brengen en de derde wereldoorlog start. Dit werd donderdag trouwens plots ook openbaar gemaakt.

Eventueel praat men stiekem zelfs met de Syrische regering. Niets mag een goede waarnemer verbazen. Zeker is dat velen bij de elite in de VS, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk wel bang zijn om de zaak geheel uit de hand te laten lopen.

Mohamad Alloesh, topman van het verslagen Leger van de Islam, hem rest alleen nog Saoedisch ballingschap bij zijn oom de salafistische predikant. In de provincie Idlib is na Turkije nu ook al Qaeda met de jacht begonnen op naar daar gevluchte leden van het Leger van de Islam. Veel zullen we over de familie Alloesh en hun huurlingenleger na deze week niet meer horen. Zou men hem niet beter voor een Syrische rechtbank sleuren en levenslang hard labeur bezorgen. En wat met de Witte Helmen?

 

Zo stelde Emmanuel Macron, de Franse president, gisteren dat men zich voor de aanval(len) zou beperken tot de Syrische opslagplaatsen voor chemische wapens. Maar die zijn er voor zover bekend niet eens. Niemand heeft ze ook al aangeduid, laat staan dat er bewijs voor is. Het wordt heel vermoedelijk dus een show met veel gebrul en spierballengerol.

Zoiets als het Amerikaans worstelen dus. Voldoende om te imponeren en de buitenwereld een zoveelste illusie voor te schotelen. Maar onze media zullen er wel voor zorgen dat dit spelletje komisch worstelen geloofwaardig overkomt. Daarvoor dienen ze. En Trump… die zal ogenschijnlijk zeer tevreden zijn.

De kans is echter ook heel groot dat het Amerikaans-Franse gebrul op niets zal uitdraaien. Zeker nadat de woordvoerder van Trump in de VS stelde dat die Amerikaanse aanval snel kan gebeuren maar ook niet zo heel snel en dat men niets had gezegd over een timing. Blijkbaar hebben de harde Russische woorden en het totale gebrek aan bewijsmateriaal Parijs en Washington op andere gedachten gebracht.

Zo stelde Alexander Zasypkin, de Russische ambassadeur voor Libanon, eergisteren dat elke op Syrië afgeschoten raket neergehaald zal worden en hun lanceerplatformen tot doelwit zullen worden. Met andere woorden men zal de schepen, duikboten en de Amerikaanse basissen vanwaar die raketten of vliegtuigen vertrokken aanvallen. Duidelijke taal!

Opkuisen

Aan de militaire situatie op de grond zal het echter bijna zeker niets veranderen. De salafistische terreurgroepen zijn verslagen en velen zouden al naar elders zijn vertrokken. Zo maakte de Iraanse pers melding van het feit dat sinds een paar maanden duizenden jihadisten vanuit Syrië toestroomden in Afghanistan, hun buurland.

Er zijn nu nog enkele kleinere plaatsen in Syrië over waar die salafisten verzet bieden maar die worden zo opgekuist. Blijkbaar is het Syrische leger nu klaar om het gebied rond het vroegere Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmoek aan te vallen.

Deze relatief grote wijk bij de hoofdstad maar ten zuiden ervan werd bezet door ISIS en enkele met al Qaeda samenwerkende terreurgroepen. Welke dan onderling vochten. Die rebellengroepen gaven zich al over en alleen ISIS blijft er nog achter. Het leger is zich nu aan het opmaken om ook dit tot overgave te dwingen. Wat blijkens bepaalde Syrische media elk ogenblik kan starten. Een strijd van vermoedelijk een paar dagen of een week.

En daarnaast is er het grote maar op drie stadjes na bijna onbewoonde berggebied genaamd Oost-Qalamoen in het oosten van de provincie Damascus. Hier zou er volgens Syrische bronnen zelfs een akkoord voor een overgave zijn. En dan resten er nog de gebieden aan de Jordaanse en Turkse grens en een stuk in het noorden van de provincie Homs rond de stad Rastan.

En als laatste is er verder een overblijvend stuk van ISIS die schuilen in een woestijnachtig gebied aan de westelijke kant van de Eufraat. Het grootste probleem blijft echter het oosten waar de VS zich met de Britten en de Fransen nestelden. Maar ook dit lijkt in wezen overkomelijk.

De aankondiging vorige week van Donald Trump dat de VS zich uit Syrië gaan terugtrekken moet een sein zijn voor de PKK/YPG om met Damascus en Rusland te gaan onderhandelen. Veel zal er echter voor hen niet te rapen zijn. Turken, want dat zijn de YPG/PKK in essentie, die stukken van Syrië willen bezetten is voor de overgrote meerderheid van de Syriërs totaal onaanvaardbaar. Het is een no pasaran.

Neen, wat de VS blijkbaar eventueel willen doen is het afschieten van een groot pak raketten, goed voor nog wat vernieling en doden. Maar als dat Amerikaanse raketten zijn dan telt dat niet, daar spreekt of schrijft men niet over. Israël, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en de VS verloren de oorlog en kunnen hoe wraakzuchtig ze ook duidelijk zijn dat alleen maar aanvaarden. Of wil men toch een derde wereldoorlog?

Woensdag was er ook een uitzending van Café Weltschmerz, een Amsterdams initiatief waar ik en professor emeritus Dr. Kees van der Pijl van de Britse universiteit van Sussex een uur lang over de zaak praten met als interviewer Stan van Houcke. Stan van Houcke was voor zijn pensionering radiomaker voor de Nederlandse omroep VPRO. Ooit een boeiende zender. 

Posted on

“Demonisering Poetin is zeer gevaarlijk”

Marie-Thérèse ter Haar is de grande dame van de Nederlands-Russische betrekkingen. Sinds begin jaren tachtig, toen Rusland nog onderdeel uitmaakte van de Sovjet-Unie, zet ze zich in voor een beter wederzijds begrip tussen de landen. Als tolk-vertaalster en koppelaarster begeleidt zij multinationals als Shell, ABN Amro, Rabobank, Philips, Campina en Grolsch op de Russische markt. In Moskou, waar zij een deel van het jaar woont, en ook in Sint-Petersburg, maakt zij studenten aan de universiteit wegwijs in de Nederlandse taal en cultuur. In haar vrije tijd speelt zij viool in het Moskou Symfonieorkest en zet ze zich in voor de Rotary Club Moskou.

Vanuit haar tweede woonplaats Arnhem, reist Ter Haar het land door voor het verzorgen van lezingen over Rusland-gerelateerde onderwerpen, maar ook voor het geven van solovoorstellingen over de levens van de tsarina’s Catharina de Grote en Alexandra Romanov. Verder verzorgt zij culturele groepsreizen; zowel naar Rusland als naar andere voormalige sovjet-republieken.

Plaats van gesprek is Ter Haars Rusland & Oost-Europa Academie, gevestigd in een statig pand langs de Arnhemse Rijnoever. Ze is net terug van een lezing in Tilburg, voor een ondernemersvereniging, en moet duidelijk nog even stoom afblazen over de reacties die ze daar voor haar kiezen kreeg: de gebruikelijke aantijgingen over agressieve Russen die elk moment Europa kunnen binnenvallen en een dictatoriale Poetin die iedereen uit de weg ruimt die hem voor de voeten loopt.

Ter Haar: “Toen na afloop de wijn ging werken waren er tien macho-meneertjes, die allemaal hun zegje deden, waarbij de een het nog beter wist dan de ander, en ik terloops naar het hoofd geslingerd kreeg dat ik geïndoctrineerd was, het allemaal niet meer helder zag, en men zich hardop afvroeg of ik misschien door de Russische regering betaald werd. Van alle aanwezigen die het zo goed dachten te weten, was er maar één met Rusland-ervaring. Hij was één keer in het land geweest. Als toerist.”

Ter Haar benadrukt dat er veel niet in orde is in Rusland, en dat ze niks wil goedpraten wat fout is. Ze vindt alleen dat er weinig klopt van het algemene beeld dat wij in het Westen van Rusland hebben, en dat de politiek en media hiervoor verantwoordelijk zijn. “Onze berichtgeving toont weinig oog voor de achtergronden van het land”, zegt ze. “Laten we, voordat we oordelen, eerst eens onze westerse bril afzetten, en proberen in de schoenen te gaan staan van de Russen. Wij in het Westen vinden Poetin maar niks. Maar de grote meerderheid van de Russen loopt met hem weg. Die kunnen toch niet allemaal gek zijn?”

Een gesprek over: de Russische presidentsverkiezingen van 18 maart, de toenemende dreiging van een oorlog met het land, en de anti-Poetin-retoriek in de Nederlandse pers en politiek.

Jij schrijft in jouw boek De Ontgoocheling – Rusland en het Westen dat de Nederlandse pers niet veel verschilt van de Russische?

Ook in Nederland worden er feiten verdraaid en belangrijke zaken weggelaten. Er is sprake van stemmingmakerij, de nuance ontbreekt. Zelden wordt een spreker aan het woord gelaten die de zaak van een andere kant belicht.

Het zijn vooral de hardliners die een podium krijgen in de media. Van kopstukken uit de VVD, PvdA en D66 tot en met NAVO-secretarissen; en van virulente Ruslandhaters tot en met betweterige parlementsleden die nog nooit in Rusland zijn geweest. Allen appelleren ze aan het Koude-Oorlog-spookbeeld van ‘De Russen komen’.

Er zijn veel westerlingen met verstand van Rusland, die begrip hebben voor de Russische positie of die kritisch zijn ten opzichte van de westerse politiek. Zij komen bij ons nauwelijks aan het woord in de media. Alleen op het internet en bij de Russische zenders Rossia 1 en RT krijgen ze de ruimte.

Wij, met onze vrije pers, gaan ervan uit dat onze nieuwsvoorziening niet gemanipuleerd wordt en onbevooroordeeld is. En daarin schuilt wel het grootste gevaar. Wij zijn zelf het slachtoffer van de grootste zelfcensuur in de westerse media sinds de Tweede Wereldoorlog.

Jij citeert in jouw boek met instemming Henry Kissinger die zich kritisch uitlaat over de ‘demonisering’ van Poetin. Zelf noem je die demonisering ‘een zeer gevaarlijke zaak’. Waarom? 

Op Kerstavond stond ik op het vliegveld in Moskou, met een reisgezelschap dat ik leidde. Het was de bedoeling dat we Kerst zouden vieren in Rusland. Ik werd er uit de rij gehaald door een douanier. Hij zei: “Uw papieren zijn niet in orde. U moet terug naar Nederland.” Ik zei: “Beste meneer, ik ben verantwoordelijk voor al die mensen die u net heeft doorgelaten. Zij staan al aan de overkant. Ik heb nooit problemen. Ik woon al dertig jaar in Rusland. Wat kan hier aan de hand zijn?” Het leek mij een eerlijke man. Geen Brezjnev-type. Dus ik dacht dat er een kans was dat ik hem nog om kon praten. Maar toen mij eenmaal duidelijk werd dat ik toch op het vliegtuig terug gezet zou worden, smeekte ik hem: “Ik ben uw land goedgezind. Hier, ik bied u 200, 300 euro om mij er door te laten.” Dat was totaal verkeerd geschoten van mij. Hij veranderde van een aardige in een boze man, die mij bulderend duidelijk maakte hoezeer het hem dwars zat dat wij vanuit het Westen de Russen steeds maar weer de les lezen en schofferen. Hij zei: “U in het Westen beschuldigt ons er van een corrupt land te zijn. En wat doet u? U probeert mij om te kopen.”
Zoals deze meneer zijn er tegenwoordig velen in Rusland. Ze pikken het niet langer, ons opgeheven vingertje, de sancties tegen hun land, onze militaire dreigementen, onze betweterigheid, onze bemoeizucht. Je ziet daaraan: De schade die wij hebben aangericht in Rusland is enorm. Rusland was eerst nog op de hand van het Westen. Ze namen een voorbeeld aan ons. Maar sinds een jaar of twee is dat helemaal aan het omdraaien. Het nationalisme neemt toe. De Russen keren zich steeds meer van ons af, en zoeken steeds meer toenadering tot China en andere niet-Westerse landen. Ze zien: In het Oosten daar gebeurt het. Daar liggen de economische kansen.

Is jou inmiddels duidelijk geworden waarom je er werd uitgepikt bij de douane?

Van de Russische ambassade in Den Haag hoorde ik achteraf dat ik niet de enige was die die dag was teruggestuurd naar Nederland. Er zat ook iemand bij van Philips en drie journalisten, waarvan twee waarschijnlijk van de Volkskrant. En waarschijnlijk had het er mee te maken dat het ‘code rood’ was voor de Russen. Op Kerstavond was bekend geworden dat de VS weer nieuwe wapens zouden leveren aan Oekraïne. 

Het is spijtig dat de verhoudingen zo verstoord zijn. Maar hoezo vind je dat ‘zeer gevaarlijk’? 

Door de demonisering van Rusland begint er een draagvlak te ontstaan voor het voeren van een oorlog. Aan beide zijden.

In de Baltische staten houdt de NAVO schietoefeningen langs de Russische grens. Er vliegen Russische bommenwerpers langs de Noorzeekust. Er hoeft maar een ongelukje te gebeuren, in Oekraïne of in Estland, iemand van de NAVO of van het Russische leger die zijn geduld verliest, of een inschattingsfout maakt, en we hebben de poppen aan het dansen.

In juli 2016 heeft Gorbatsjov nog alarmerende woorden gesproken op de Russische televisie. Hij heeft gezegd de indruk te hebben dat de NAVO voorbereidingen treft voor een aanval op Rusland.

De Amerikaanse minister van Defensie James Mattis heeft afgelopen maand gezegd Rusland en China als een grotere bedreiging te beschouwen dan terroristische groeperingen als IS en Al Qaida.

Je kunt je afvragen hoe het mogelijk is dat de Amerikanen Donald Trump tot president hebben verkozen. Maar met Hilllary Clinton was het niet beter geweest. Als minister van Buitenlandse Zaken heeft ze er alles aan gedaan om de relatie met Rusland te verstoren, niet in de laatste plaats in Oekraïne.

In het begin van de jaren ’80 werd er in Nederland nog massaal gedemonstreerd tegen de plaatsing van Amerikaanse kruisraketten. Het nummer De Bom van Doe Maar was een grote hit. Nu lijkt niemand in Nederland zich nog bewust van het gevaar van een kernoorlog. Hoe zit dat met de Russen? Zien die de ernst in van de situatie?

Ook in Rusland is het gevaar van een kernoorlog geen onderwerp van gesprek. Mensen willen er waarschijnlijk liever niet aan denken dat het met één knal afgelopen kan zijn. Het gaat het menselijk voorstellingsvermogen te boven.

Donald Trump heeft in zijn eerste persconferentie nog gewaarschuwd voor een ‘nuclear holocaust’, en de pers ervan beschuldigd het hem onmogelijk te maken de relatie met Rusland te verbeteren. Hoe verklaar jij de anti-Russische houding van de westerse media?

China en Rusland zijn opkomende machten, en de VS willen die de kop indrukken omdat ze streven naar alleenheerschappij. Zie de Wolfowitz-doctrine die ik in mijn boek noem, en Project For A New American Century. Natuurlijk speelt ook de lobby van de Amerikaanse wapenindustrie een grote rol. Die heeft er belang bij dat de spanningen tussen Oost en West in stand worden gehouden.

Wij in Nederland worden meegezogen in dat Amerikaanse verhaal van gecreëerde vijanden. We kunnen kennelijk niet onze eigen koers bepalen.

Jeltsin en later ook Poetin hebben te kennen gegeven open te staan voor een lidmaatschap van de NAVO. De toenmalige secretaris-generaal van de NAVO was voor, net als Duitsland en Frankrijk. Maar de Amerikanen waren tegen. Zij hebben de controlerende stem binnen de NAVO.

Zijn er nog andere partijen die belang hebben bij het opvoeren van de spanningen met Rusland en het afvoeren van Poetin van het politieke toneel? 

Tijdens de chaos van de jaren negentig had een club oligarchen zich het hele land toegeëigend. Toen Poetin de macht wilde terugbrengen bij de staat, en begon met het innen van achterstallige belastingbetalingen, is een aantal van die oligarchen naar het Westen gevlucht. In hun kielzog volgden personen als Masha Gessen, Bill Browder en Gary Kasparov. Die verdienen hun brood met het demoniseren van Poetin. Ze worden overal uitgenodigd, en komen overal, tot in de Balie en de Rode Hoed aan toe.

De Russen zien deze mensen als de Vijfde Kolonne. Ze zijn er heel erg allergisch voor. 

Je zegt in je boek een verschil te zien tussen de Nederlandse en de  Duitse pers.

Die vormen een positieve uitzondering. Veel vooraanstaande Duitsers pleiten in de media en in de politiek voor betere betrekkingen met Rusland en benadrukken dat de westerse waarden en vrijheid niet worden bedreigd door Rusland. De Duitsers kijken breder en minder door een NAVO-bril. Het lijkt alsof zij meer de ernst zien van een dreigende oorlog op ons continent. Zij begrijpen beter dat Rusland zich omsingeld voelt door NAVO-troepen en ze vragen zich af of de EU niet te ver is gegaan door Oekraïne binnen de Europese invloedssfeer te halen zonder Rusland hierin te kennen.

Je houdt in je boek een pleidooi voor een meer genuanceerde berichtgeving. Ben je hierover al eens in gesprek geweest met Nederlandse correspondenten en Rusland-deskundigen?

Om gericht met mensen hierover in gesprek te gaan ontbreekt mij helaas de tijd. Maar ik kom ze wel eens tegen, Hubert Smeets, Michel Krielaars en Peter d’Hamecourt. En ik heb wel eens aan ze gevraagd: “Waarom laten jullie maar steeds één kant van het verhaal horen?” Onder vier ogen is het goed praten met ze, vooral als ze een borrel op hebben. Dan erkennen ze soms zelf dat het niet deugt bij de media waarvoor ze werken. Maar op de televisie of in de krant vertellen ze weer het bekende verhaal over Rusland waar niks goed is of het deugt niet.

Wat vind je van de met belastinggeld betaalde website Raam op Rusland van Hubert Smeets en Laura Starink? Sommigen, waaronder Stan van Houcke, noemen dat een ‘anti-Ruslandwebsite’.  

Ik vind het niet te pruimen. Ik begrijp niet wat er met die mensen is gebeurd. Waarom schrijven ze alleen nog wat de Nederlandse politiek en media willen horen? Ik kon het vroeger zo goed met ze vinden. Ik kijk wel eens naar mijzelf in de spiegel; niet om mijn haar te kammen, maar met de vraag: “Ben ik misschien degene die de nuance uit het oog is verloren, in plaats van zij?” Maar ik denk dan: “Vroeger keek ik tegen ze op, omdat ze ouder waren dan ik en meer ervaren, en misschien zie ik nu pas hoe ze werkelijk zijn.”

Hubert Smeets en Laura Starink zijn nu geen correspondent meer bij het NRC. Maar hun opvolger Steven Derix is geen haar beter. In zijn artikelen ontbreekt elke nuance. Hij geeft zijn lezers de indruk dat Rusland een verschrikkelijk land is om in te leven, en dat alles de schuld is van Poetin.

Je lijkt een medestander te hebben in hoofdredactrice Eva Hartog van The Moscow Times. Zij vindt het beeld dat Nederlanders van Rusland hebben ‘zorgwekkend’ en noemt met name de lezers van NRC en de Volkskrant.

Dat ziet ze inderdaad goed. Maar in haar analyse van de Russische media zie ik dat zij echt een leerling is van Derk Sauer, de eigenaar van die krant. Ik ken hem nog van een cursus Ruslandkunde die wij gevolgd hebben, in 1993 of 1994. Ik heb respect voor hoe hij in de jaren negentig in Rusland een media-imperium heeft opgebouwd. Hij had dé persoon kunnen zijn die in Nederland het echte Rusland kon laten zien. Maar helaas. Wat ben ik teleurgesteld in hem. Het enige wat hem nog lijkt te interesseren is de vraag: “Hoe kom ik zo vaak mogelijk bij Jinek en De Wereld Draait Door?”

In navolging van Eva Hartog liet ook Pieter Waterdrinker onlangs weten dat er iets mankeert aan de berichtgeving over Rusland. Hij heeft zelfs Poetin in verdediging genomen tegen zijn westerse critici, en maakt geen gebruik meer van kwaadsprekende anonieme bronnen.

Pieter Waterdrinker heeft lange tijd in dubio gestaan. Vertel ik wat de politiek en media willen horen? Of vertel ik een genuanceerd verhaal? Tijdens borrels heb ik hem heel vaak kritisch gehoord over de Nederlandse Ruslandverslaggeving. Maar in zijn publieke optredens praatte hij weer heel anders. Ik ben blij dat dat nu anders is. Ik heb er ook respect voor, dat hij het uiteindelijk heeft aangedurfd kleur te bekennen.

Correspondent Joost Bosman van het Financieele Dagblad stelt dat het niet zo gek is dat Rusland vaker in het nieuws komt over mensenrechtenschendingen dan bijvoorbeeld een land als Duitsland. Hij zegt: “Als Amnesty International een rapport uitbrengt over mensenrechtenschendingen in Rusland, dan kun je daar als journalist moeilijk omheen.”  

Ik snap zijn reactie. Natuurlijk moet hij daarover schrijven, en ik prijs Joost Bosman voor zijn eerlijke verslaggeving. Maar ik vind het onterecht de huidige regering daar zo hard op af te rekenen. Het land komt van achthonderd jaar achterstand. Je kunt dan toch niet in tien jaar tijd alles goedmaken wat er fout is? Je mag dan ook wel kijken wat er in de afgelopen pakweg tien jaar is verbeterd. Zoals de hervorming van het gevangeniswezen, onder Dmitri Medvedev, toen die president was.
In tegenstelling tot Joost Bosman begin ik steeds meer waardering te krijgen voor Vladimir Poetin, omdat ik steeds meer ben gaan inzien wat het betekent om een land als Rusland te besturen. Russen, maar ook veel Oost-Europeanen, beschouwen het als een vanzelfsprekendheid dat de staat voor je zorgt. Ze nemen zelf weinig initiatief, stellen zich erg afhankelijk op. Dat is iets wat wij in Nederland maar niet kunnen bevatten. Steeds als de Russische overheid maatregelen neemt, dan zien wij dat als een verdere aantasting van de vrijheid van het Russische volk. Wat we niet zien is dat die maatregelen worden genomen bij gebrek aan initiatieven vanuit de bevolking zelf.

Hoe zie jij de rol van de mensenrechtenorganisaties in de demonisering van Rusland?

Bij organisaties als Amnesty werken veel mensen van goede wil, geweldig lieve mensen. Maar ik ben mij inmiddels gaan afvragen wat de werkelijke bedoelingen zijn van sommige van die organisaties. Zoals de NGO’s van meneer George Soros. Ik heb met eigen ogen gezien hoe die in Kiev de mensen opjutten om in opstand te komen. Ik ben daardoor gaan begrijpen waarom de Russen mensenrechtenorganisaties met argwaan bekijken.

Je beschrijft in jouw boek een oud-medewerker van de AIVD die met jou op groepsreis ging naar Rusland. Hij zag dingen die er niet waren, zoals drie mannen in een zwarte auto die hem achtervolgden, en moest uiteindelijk door de Nederlandse SOS-dienst worden teruggevlogen naar Schiphol omdat hij helemaal was doorgedraaid. De paranoïde wanen van deze meneer doen mij denken aan bepaalde politici in Den Haag die overal Kremlintrollen zien.

Het is een treffende vergelijking. Die meneer Buma die zegt dat de Russen vuurtjes stoken in Nederland, en mevrouw Ollongren die vreest voor Russische beïnvloeding van de gemeenteraadsverkiezingen. Wat moet ik daar verder op zeggen? Ik kan er met mijn pet soms niet bij hoe deze mensen denken. Het is voer voor psychiaters. Minister Sergej Lavrov van Buitenlandse zaken heeft een keer grappend gezegd: “Wij Russen voelen ons gevleid dat wij de Amerikaanse presidentsverkiezingen hebben gewonnen.”

Ik probeer mij wel eens voor te stellen hoe ik zou hebben gedacht over Rusland als ik het land nooit had leren kennen. Ik denk dat het met je persoonlijkheid te maken heeft. Als iedereen in één richting praat, dan zullen de meesten denken: “Het zal wel zo zijn.” Slechts een enkeling denkt: “Klopt het wel?” Ik durf niet te zeggen dat ik tot de enkelingen had behoord. Ik kan het alleen hopen. Zo’n 95 procent van de Nederlanders die nog nooit in Rusland zijn geweest, hebben hun oordeel al klaar: “Het land deugt niet.” Het is bijna onmogelijk daar enige nuance in aan te brengen. Het is het gevolg van een jarenlange, dagelijkse stroom aan propaganda.

Op 18 maart kiezen de Russen een nieuwe president. Er zijn 14 kandidaten. Maar het wordt zo goed als zeker opnieuw Vladimir Poetin. Hoe kan dat? Jij verklaart Poetins populariteit uit de orde die hij heeft aangebracht in de chaos die zijn voorganger Jeltsin had aangericht in de jaren negentig. Toch is er de afgelopen jaren veel onvrede ontstaan over de toenemende sociale ongelijkheid, de dalende levensstandaard en diverse verkiezingen die oneerlijk zouden zijn verlopen. Hoe kan het dat geen van de kandidaten die het opneemt tegen Poetin er in slaagt daar politieke munt uit te slaan?

Dat is omdat de Russen het idee hebben dat geen van die kandidaten een plan B heeft, een geloofwaardig alternatief biedt voor de huidige koers van de regering. Bovenal zijn de Russen bang voor de zoveelste revolutie. Met het wildwest-kapitalisme van de jaren negentig nog vers in het geheugen zitten ze niet te wachten op een nieuw experiment. Ze kiezen voor safe. Voor zover ze ontevreden zijn en hopen op verbetering is die hoop niet gevestigd op andere politici maar op de huidige machthebbers.
Daar komt bij dat de meeste Russen helemaal niet geïnteresseerd zijn in politiek. Een praatcultuur zoals bij ons in Nederland, over ‘wat wil Pechthold’, ‘wat doet Rutte’ en ‘wat vinden we van Ollongren’, kennen ze daar helemaal niet. Ik zie het althans heel weinig in mijn omgeving: mensen uit de middenklasse en studenten aan de universiteit.

Al die demonstraties in Rusland lijken een ander beeld te geven. Volgens Ruslandkenner Bas van der Plas, die een aantal van die demonstraties bezocht, nemen ze al sinds enige jaren in aantal en omvang toe.

Ik herken dat niet. Op die demonstraties in Moskou en Sint-Petersburg wordt altijd flink ingezoomd, zodat het lijkt alsof ze heel groot zijn. Maar in werkelijkheid lopen er dan maar iets van 8000 mensen door de straten. Zet dat tegenover het inwonertal van Moskou: ruim 12 miljoen.

Je schrijft in jouw boek dat er in 2012 zoveel protestmarsen waren in Moskou dat het verkeer ernstig belemmerd werd, en je regelmatig te laat kwam op jouw afspraken.

Het leek toen inderdaad een doorgeslagen protestmaatschappij. Op de ene hoek stonden jonge anarchistische neo-bolsjewieken te protesteren en op een andere hoek aanhangers van Poetins partij Verenigd Rusland. Een paar stoplichten verder gingen veertig bejaarden met vlaggen van hamer en sikkel de straat over, om vervolgens bij de Doema op een protestmars van een anti-WTO beweging te stuiten. Het verkeer werd daardoor ernstig belemmerd.

Sinds een paar jaar moet je daarom een vergunning aanvragen voor demonstraties. Ik snap niet waarom wij daar in het Westen over vallen. Dat is bij ons toch ook normaal? Bij ons moet je toch ook een vergunning aanvragen om in protest de straat op te gaan? Soms krijg je zo’n vergunning niet, en als je dan toch gaat demonstreren, maakt de politie er een einde aan.

Poetin is, in tegenstelling tot zijn tegenkandidaten, iedere dag op televisie te zien. Dat zorgt er voor dat zijn populariteit groot blijft.

Die tegenkandidaten mogen van mij vaker op televisie, maar ik denk niet dat ze daarmee hun kansen vergroten. Ook bij de meeste Russen die buiten Rusland wonen is Poetin heel populair.

We horen in het Westen veel over Aleksej Navalny, die niet mee mag doen aan de verkiezingen en al een paar keer in de gevangenis is beland.

Drie jaar geleden zag ik nog wat in hem. Ik dacht: “Die doet tenminste wat. Hij heeft een leuke uitstraling. Hij vertegenwoordigt een nieuwe generatie Russen.”

Maar inmiddels is hij op de populistische toer gegaan, en roept nu dingen als: “Als ik president van Rusland wordt, dan gaan alle tsjorni, alle zwarten eruit.” (Tsjetsjenen en mensen uit de Aziatische voormalige sovjet-republieken, EvdB) Vergelijk dat met het beleid van de Russische overheid van de afgelopen tien jaar. Om het fundamentalisme onder moslims tegen te gaan is er flink geïnvesteerd in onderwijs, en ook in de ‘onderbuik van Rusland’, in de economieën daar, van de deelrepubliek Tsjetsjenië tot en met de buurlanden Kazachstan, Oezbekistan en Tadzjikistan.

Een andere presidentskandidaat waar we in het Westen veel over horen is tv-persoonlijkheid Ksenia Sobtsjak. Het NRC suggereert dat zij een verlengstuk is van Poetin en meedoet om de verkiezingen meer aanzien te geven en ook om stemmen bij de liberale partijen weg te kapen. Hoe zie jij haar kandidatuur? 

De reden dat de Westerse media haar afschilderen als een beschermeling van Poetin is omdat hij een student is geweest van Sobtsjaks vader, toen die professor was aan de Universiteit van Leningrad. En ook omdat Poetin in 1999 als premier een einde maakte aan het corruptieonderzoek dat tegen haar vader liep. Maar ik zie niet hoe Poetin belang heeft bij de kandidatuur van Ksenia Sobtsjak. Geen van de andere liberale kandidaten vormt een bedreiging voor Poetins herverkiezing. Ook Sobtsjak maakt geen enkele kans. De Russen zien haar als talkshowpresentatrice en glamourgirl. Iedereen die weet wat ervoor nodig is Rusland te besturen lacht om haar kandidatuur. Ze heeft geen enkele bestuurlijke ervaring. Ze heeft zelf ook al aangegeven dat ze weinig kans maakt Poetin op te volgen. De reden waarom ze dan toch meedoet? Ze staat graag in de belangstelling. En misschien ook om te kijken hoever ze komt. 

Jij zegt: ‘Wij wanen ons in het Westen superieur aan Rusland.’ Zijn er zaken waarvan jij zegt: Wij kunnen nog een voorbeeld nemen aan Rusland?

Op zaterdagavond lijkt het hier in de binnenstad van Arnhem een sport te zijn zoveel mogelijk MacDonalds-zakken en Coca Cola-flessen op straat te gooien. Als je op zondagochtend door de stad loopt is het een grote ravage. In Rusland zal je zoiets nergens zien. Mensen spreken elkaar er op aan dat het not done is je afval op straat te gooien.

Ik zie daarnaast dat het de norm is in Rusland om niet al te luidruchtig te praten in publieke ruimtes, zoals in restaurants, op vliegvelden, op scholen, in de metro, op vergaderingen. Dreinende peuters worden terecht gewezen. In de metro zie je jonge mensen opstaan voor ouderen en heren voor dames.

In Nederland leggen wij dat negatief uit. We zien het als een achteruitgang dat de Russen conservatiever en patriottischer worden, het gezinsleven voorop stellen en dat de kerk weer een grotere rol gaat spelen. Maar ik ervaar het als een verademing de mensen zo te zien knokken voor beschaving. Ze doen hard hun best om, na de ellende van het communisme en de chaos van de jaren negentig, hun land weer op de rails te krijgen.

Andere zaken waar we in Nederland een voorbeeld aan kunnen nemen?

De Russen zijn er trots op dat hun land geen noemenswaardige staatsschulden meer heeft. Dit in tegenstelling tot de megaschulden van de VS en de EU.

De Russen zijn ook erg gesteld op hun cultuur. De theaterzalen zitten avond na avond bomvol. Ze zijn trouw aan hun tradities, zoals Internationale Vrouwendag. Dan komt meneer Grolsch naar mij toe en die vraagt: “Wat moet ik daar toch mee? Dan wordt er zeker weer van mij verwacht dat ik aan de vrouwelijke medewerkers rozen uitdeel en gedichten van Tolstoi?” Dan zeg ik: “Dat is wel de manier om uw waardering te tonen aan de vrouwen hier, en als u daar in meegaat, dan geven ze u het beste wat ze te bieden hebben.” Maar dan zegt meneer Grolsch: “Ik wil helemaal niks met cultuur, ik wil dat het personeel mij helpt de omzet te versnellen.”

Daar gaat het dus mis tussen de Russen en de Nederlanders. Zij willen gewaardeerd worden om hun eigen identiteit, en wij kunnen daar maar geen begrip voor opbrengen.

Hoe is de positie van de vrouw in Rusland?

Aan de ene kant ongeëmancipeerd. Je ziet weinig mannen achter een kinderwagen lopen of een aardappeltje meeschillen. Maar aan de andere kant is de Russische vrouw veel geëmancipeerder dan de Nederlandse. In Rusland zitten er veel meer vrouwen op topfuncties. Dat is een erfenis van het communisme. De Russische vrouw is al decennialang hoogopgeleid. Ze heeft recht op een zwangerschapsverlof van een jaar en de garantie dat ze bij terugkeer op haar werk weer aan de slag kan in haar oude functie.

Wat heb jij met Catharina de Grote? Jij verbeeldt haar in jouw solovoorstellingen, en er staat een borstbeeld van haar in jouw Rusland & Oost-Europa Academie.

Er is veel dat ik in haar herken. Zij was een vrouw die leefde tussen twee culturen, de westerse en de Russische. Van Duitse prinses werd ze tsarina van Rusland. Zij stuitte op veel onbegrip van westerse tijdgenoten als Voltaire en Montesquieu, die vonden dat ze het land waarover ze regeerde niet snel genoeg hervormde. Dan schreef ze teleurgesteld: “Die filosofen en politici zitten daar in hun westerse studeerkamers en chique paleizen, en dan denken ze dat ze mij kunnen vertellen hoe ik van Rusland in een paar jaar een Europees land moet maken. Ze hebben geen idee van het grote verschil in cultuur en mentaliteit.”

Ik ervaar dat net zo. Dan zie ik zo’n Frans Timmermans, of in de VS Hillary Clinton. Het zijn geen grote filosofen als Voltaire en Montesquieu, maar ze zijn even betweterig. Ze eisen van de Russische regering dat die het land à la minute omtovert in een democratie naar westers model. Ik kan mij daar flink aan ergeren. Dat heb ik gemeen met Catharina.

Jij stelt dat Poetin een enorme populariteit geniet bij Russische vrouwen. Hoe verklaar je dat?

Het is waar. Ik schat zijn populariteit bij vrouwen op 82 procent, uit alle lagen van de bevolking, van jong tot oud. Ze hangen aan Poetin. Heel apart. Ik vraag wel eens aan de vrouwen die ik ken, bij de Rotary, in het orkest waar ik speel en op de universiteit. “Wat zien jullie toch in die man?” De antwoorden die ik dan hoor komen meestal aardig overeen: “Hij drinkt en rookt niet, hij sport, hij is een patriot, hij wil het beste voor Rusland, hij heeft ons uit de ellende geholpen en heeft ons land weer op de kaart gezet.”

Ik zeg wel eens grappend tegen mijn studentes: “Prima als je hem zo’n goede president vind. Maar je moet geen Poetin t-shirt aantrekken, want dan ga ik gillen.”


Russische media en Nederlandse Ruslandverslaggeving

Dit interview is onderdeel van een reeks interviews en artikelen van Eric van de Beek over de Russische media en de verslaggeving van Nederlandse media over Rusland. Eveneens verschenen in deze reeks:

Posted on

Voeren de media ons ten oorlog? (video)

Voor wie er niet bij kon zijn of voor wie er wel bij was en een en ander nog eens terug wil zien: Het debat in De Balie in Amsterdam afgelopen donderdag, gemodereerd door onze medewerker Eric van de Beek, is in beeld en geluid vastgelegd en inmiddels op YouTube beschikbaar.

Senior-journalisten Karel van Wolferen, Stan van Houcke en Willy Van Damme bespreken de rol die de media spelen in het ‘verkopen’ van oorlogen. Zij blikken terug op de manier waarop de oorlogen in Irak, Afghanistan en Libië aan de man zijn gebracht. En bespreken de recente berichtgeving over Rusland, Oekraïne, Syrië, Iran, Noord-Korea en China. Voeren de media ons opnieuw ten oorlog? En zo ja, hoe doen zij dit? Met welke gevolgen? Is de kans op een kernoorlog groter dan ooit?

 

Posted on

Occupy Nieuwspoort: Julian Assange was verhinderd

Udo Ulfkotte was helaas om gezondheidsredenen verhinderd en ook Julian Assange, die het voorwoord van De Wikileaks-documenten schreef, kon er helaas niet bij zijn, zo grapte Tom Zwitser van Uitgeverij De Blauwe Tijger maandag in perscentrum Nieuwspoort in Den Haag, aan het begin van de conferentie waarop naast De Wikileaks-documenten ook Ulfkottes Gekochte journalisten gepresenteerd werd.

De zaal was goed gevuld met belangstellenden, maar als om Ulfkotte stilzwijgend toe te stemmen, schitterde het journaille door afwezigheid. Voormalig politiek-verslaggever Wouke van Scherrenburg – die nog altijd Pim Fortuyns welgemeende advies om toch te gaan koken niet ter harte heeft genomen – wist van tevoren op Radio 1, zonder het boek gelezen of zelfs maar ingezien te hebben, al dat het niets was. Doorlopen mensen, hier is niets te zien!

Na enkele inleidende woorden over het verdere verloop van de conferentie, plaatste Tom Zwitser De Wikileaks-documenten in de bredere historische, politieke en sociale context. Een zeer lezenswaardige bewerking van zijn beschouwing is te lezen op de Blauwe Archipel, het online magazine van Uitgeverij De Blauwe Tijger:

Wie De Wikileaks-documenten leest gaat patronen herkennen. .. Wat Amerika in het groot doet, gebeurt hier in het klein. Misschien minder brutaal en knulliger, maar toch.

Daarna sprak oud-journalist Eric van de Beek naar aanleiding van Ulfkottes Gekochte Journalisten.

occupy-nieuwspoort-01

De Blauwe Tijger had verder Karel van Wolferen en Stan van Houcke weten te engageren om iets te zeggen naar aanleiding van de twee boeken. Dat leverde een levendige discussie op. Joost Niemöller schreef een goed beknopt verslag van het geheel van de conferentie: Leiden de media ons de oorlog in?