Posted on

Waarom Kurz wel uitkijkt om met Groenen te regeren

Kurz

Tussen de ideeën van Angela Merkel en haar opvolger Annegret Kramp-Karrenbauer enerzijds en die van Sebastian Kurz anderzijds ligt een wereld van verschil. Afgelopen zondag bleek wel welke ideeën meer aanslaan. 

De Duitse media wilden dit echter overduidelijk niet weten. Zij hoopten naar aanleiding van de uitslag vooral op een coalitie van de ÖVP met de Groenen. Dit zou dan de blauwdruk moeten vormen voor een vergelijkbare coalitie in Duitsland. En het is waar, de FPÖ leed verlies, met name vanwege de Ibizi-affaire. De Groenen konden daarentegen hun resultaat meer dan verdrievoudigen ten opzichte van 2017. Want destijds vielen ze – mede door een afsplitsing – net onder de kiesdrempel. De verkiezingswinst van de Groenen geldt onder Duitse mainstream commentatoren als signaal dat de grote verkiezingswinnaar ÖVP nu net als Merkel naar links moet zwenken. En toenadering moet zoeken tot de Groenen.

Kiezers rechts van het midden

ÖVP-leider Kurz is echter terughoudend. Hij heeft de omvang van zijn overwinning mede te danken aan de schandalen bij de FPÖ. Maar die zullen mettertijd wegzakken. Bovendien weet hij dat hij zijn overwinning aan kiezers rechts van het midden te danken heeft. Zijn campagneboodschap was immers voor hen aantrekkelijk. De pas 33-jarige sterpoliticus heeft de Oostenrijkse zusterpartij van de CDU/CSU het beste verkiezingsresultaat in haar geschiedenis gebracht. Maar dat deed hij met een profiel dat zich nauwelijks scherper konden onderscheiden van de CDU onder Merkel.

Kloof tussen Kurz’ ÖVP en Merkels CDU

Binnenlandse veiligheid en belastingverlichting, strenge controle op en inperking van immigratie en asiel, een liberaal economisch beleid. Wie dit vergelijk met het beleid van CO2-belasting en open grenzen, kan de kloof die gaapt tussen de Duitse en Oostenrijkse christendemocratie niet missen.

Kurz schuwde rechtse samenwerking niet

Sinds afgelopen zondag is daarbij niet meer te missen, welk concept het meeste succes belooft en welk concept naar geleidelijke aftakeling leidt. Ook schuwde de ÖVP na aanvankelijke aarzeling de vorming van een rechts blok met de FPÖ niet. Een partij die men als Oostenrijkse tegenhanger van de AfD kan zien. Deze samenwerking schaadde de ÖVP klaarblijkelijk niet.

Rechtervleugel CDU gesterkt door Kurz’ overwinning

De tekenen uit Wenen scheppen derhalve de nodige problemen voor bondskanselier Angela Merkel en haar tot nog toe vlakke opvolger als CDU-leider, Annegret Kramp-Karrenbauer, die vasthoudt aan Merkels koers. De conservatieve vleugel van de CDU rond de WerteUnion ziet zich daarentegen gesterkt door het succes van Sebastian Kurz, in wie ze een geestverwant zien.

Fris imago Kurz versus Angelas Kleine Kopie

De personele component komt daar nog bij. Terwijl Kurz de frisheid en rechtlijnigheid van een stormachtig nieuw begin belichaamt, treedt AKK van begin af aan als een afgedragen kopie van Merkel. Daarmee zal een nieuw begin voor de CDU niet slagen.

Les voor AfD in FPÖ-debacle

Voor de AfD bevatten de resultaten uit Oostenrijk het impliciete advies om te werken aan het imago van een serieuze partij die zou kunnen besturen en het gekrakeel van de beginfase achter zich te laten. Zelfs de veel gevestigdere zusterpartij FPÖ heeft immers moeten ondervinden hoe zeer het beeld van mankerende ernst tot fatale verkiezingsnederlagen kan leiden.

Posted on

SPD-bolwerk Bremen wankelt

In de Duitse deelstaat Bremen mag men op 26 mei niet alleen ter stembus voor de Europese verkiezingen, maar ook om een nieuwe Bürgerschaft, het deelstaatparlement te kiezen. Decennialang was de stadstaat een vast bolwerk van de SPD. Daar zou dit voorjaar een einde aan kunnen komen.

Na de Tweede Wereldoorlog werd de Bürgerschaft van de Vrije Hanzestad Bremen al 19 maal gekozen. Daarbij was er een constante: De SPD werd steeds de grootste. Slechts eenmaal, in 1995, spande het erom. In 2015 behaalden de sociaaldemocraten weliswaar hun slechtste resultaat sinds 1945, maar ze lagen met 32,8 procent van de stemmen nog duidelijk voor op de CDU, die op 22,4 procent kwam.

CDU voor het eerst voor SPD

Voor de CDU waren Bremen en het bijbehorende kiesdistrict Bremerhaven steeds een harde noot om te kraken. Maar begin februari lag de partij in een peiling voor het eerst zowaar voor op de SPD. De percentages van respectievelijk 25 en 24 procent maakten echter ook duidelijk dat de CDU het minder van zijn eigen sterkte dan van de zwakte van de SPD moet hebben.

Vier jaar geleden nam burgemeester Jens Böhmsen na het slechte resultaat van zijn partij zijn ontslag. Nu verliezen de sociaaldemocraten volgens de peilingen nog meer steun. Ook onder nieuwe burgemeester Carsten Sieling wordt het er echter niet beter op. In 2017 lag de partij nog bij 29 procent in de peilingen, nu zijn het er dus nog 24.

CDU ook ver verwijderd van doel

Ook de CDU is overigens nog ver verwijderd van haar verkiezingsdoelstelling. Lijsttrekker Carsten Meyer-Heder wil 35 procent van de stemmen behalen. Dat lijkt volstrekt niet haalbaar. Niettemin zou de CDU-kandidaat kunnen proberen een regering te vormen als zijn partij inderdaad de grootste wordt.

Rekenkundig lijkt een linkse coalitie van SPD, Groenen en Die Linke mogelijk. De Groenen lijken met 18  procent een recordresultaat te behalen. Daarnaast is Bremen een West-Duits bolwerk van Die Linke. De socialisten komen er in de peilingen steevast boven de tien procent uit.

Meyer-Heder hoopt daarentegen een zogeheten Jamaica-coalitie te kunnen vormen met de Groenen en de liberale FDP. In de peilingen kan dit vooralsnog niet op een meerderheid rekenen, aangezien de FDP niet verder komt dan zes procent.

Onderlinge concurrentie rechts-populisten

De voorspellingen over de toekomstige machtsverhoudingen in de Bremer Bürgerschaft worden gecompliceerd door het feit dat de stemmen van Bremen en Bremerhaven apart geteld worden. Zodoende kan ook wie alleen in Bremerhaven boven de kiesdrempel van vijf procent uitkomt een zetel in het stadsparlement bemachtigen. De voormalige rechercheur Jan Timke van de rechts-populistische partij Bürger in Wut profiteerde hier de afgelopen verkiezingen van. Zijn partij concurreert enigermate met de AfD, die in deze deelstaat met interne verdeeldheid kampt en in de peilingen rond de acht procent staat.

Lijsttrekker voor de AfD is Bondsdaglid Frank Magnitz, die begin dit jaar internationaal in het nieuws kwam toen hij vermoedelijk door links-extremisten het ziekenhuis in geslagen werd. In de race om het lijsttrekkerschap won Magnitz het van de in Bremen bekende tv-journalist Hinrich Lührssen, die na zijn nederlaag prompt overstapte naar de Bürger in Wut en deze aanvoert in het district Bremen. Voor de machtsverhoudingen spelen deze onderlinge rechtse twisten nauwelijks een rol. Ook al hopen regionale media onverholen dat zowel AfD als BiW door de onderlinge concurrentie de kiesdrempel niet halen.

SPD boven federaal gemiddelde

Burgemeester Sieling vecht in de door werkloosheid en voortslepende structuurverandering gestempelde stadstaat ondertussen om zijn politieke overleven. “Hoe Bremen er op staat en dat het ook de toekomst sociaaldemocratisch geregeerd wordt, is bepalend voor de toekomst van de hele SPD”, aldus Sieling. Het gaat er in Bremen volgens de burgemeester ook om welke betekenis de SPD voor heel Duitsland nog zal hebben. Voor de slechte peilingen houdt hij tegelijk vooral de federale politiek verantwoordelijk. “De federale neerwaartse trend voor de SPD gaat ook aan Bremen niet voorbij”, aldus Sieling tegenover Radio Bremen. “We liggen echter altijd nog negen procentpunten boven het federale gemiddelde. Dat laat zien dat we goed werk doen.”

Curieuze zijinstromer

Zijn christendemocratische uitdager ziet dat anders. De nieuwszender NTV beschrijft de boomlange Carsten Meyer-Heder, die pas in maart vorig jaar CDU-lid werd, als “curieuze zijinstromer in de politiek”. De IT-ondernemer plakte nooit eerder verkiezingsposters, noch nam hij aan partijcongressen deel. Hij “komt over als een combinatie van worstelaar en shanty-koorzanger, hij spreekt ongepolijst, breekt zinnen vaak af, geeft het toe als hij iets niet weet en denkt onideologisch. Hij spreekt volgens Robert Habeck van de Groenen geen kwaad van de SPD, maar stelt op ontwapenende wijze vragen bij het clichématige politieke jargon van de concurrentie.Juist doordat hij als nieuweling in de politiek fris overkomt, zouden meer Bremers hem toevertrouwen het stof van 70 jaar daadwerkelijk aan de kant te kunnen vegen”, zo heet het in een portret van The European. De 57-jarige zal in ieder geval de SPD slapeloze nachten bezorgen.

Posted on

Wordt ‘Duitse Macron’ Merz opvolger Merkel?

Angela Merkel heeft gebruik gemaakt van haar laatste kans om het einde van haar tijdperk zelf in te luiden. In de CDU worden de kaarten opnieuw geschud. 

De grote omslag is ingezet. Met haar aankondiging dat ze in december geen kandidaat meer zal zijn voor het partijvoorzitterschap van de CDU, heeft Angela Merkel van de verkiezingen voor de landdag van Hessen een historische gebeurtenis gemaakt.

Merkel heeft weliswaar tegelijk aangekondigd tot het einde van de zittingsperiode van de huidige bondsdag bondskanselier te willen blijven. Maar niemand kan van tevoren zeggen hoe lang die periode nog duurt. Momenteel lijkt het onwaarschijnlijk, dat de volgende bondsdagverkiezingen daadwerkelijk pas op het reguliere moment in 2021 plaats zullen vinden.

Slinkende volkspartijen

De sociaaldemocratische coalitiegenoten van de CDU zijn immers gegrepen door existentiële angst. Haastig probeert SPD-leider Andrea Nahles alle verantwoordelijkheid voor de voortdurende neergang van haar partij op het imago van de grote coalitie en daarmee op de opstelling van de Unie van CDU en met name CSU te schuiven.

Dat deze manoeuvre niet werkt, heeft na Beieren de uitslag van de verkiezingen in Hessen zeer duidelijk gemaakt. De kern van de neergang van christendemocraten en sociaaldemocraten ligt dieper: Beide slinkende volkspartijen zijn er niet in geslaagd de Duitsers een beeld te schilderen van de toekomst waar ze hen naartoe willen leiden. Dat voedt de verdenking dat het hen ook helemaal niet om een ‘Duitse’ toekomst gaat, omdat ze andere plannen hebben met het grondgebied van de Bondsrepubliek die men de kiezers beter slechts mondjesmaat verklapt. Plannen zoals vervat zijn in het ‘migratiepact’ van de Verenigde Naties dat Merkel in december wil ondertekenen.

Kandidaten om Merkel op te volgen

In de CDU maken ondertussen de mogelijke opvolgers als partijleider zich gereed. Drie namen worden vooral genoemd. Na negen jaar buiten de actieve politiek – voor de schermen althans – zal ook Friedrich Merz kandidaat zijn. Velen zien in hem een ‘Duitse Macron’. Macron is erin geslaagd als een soort ‘burgerlijke revolutionair’ waargenomen te worden, terwijl hij in feite uit het zelfde hout gesneden is als de politiek-bestuurlijke elite die hij voorgaf van de troon te stoten. Inmiddels is dit spel blootgelegd.

Merz is als bestuursvoorzitter van de Duitse tak van investeringsfonds BlackRock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, die zetelt in New York, als voorzitter van de Atlantik-Brücke en als lid van de Trilaterale commissie niet minder vervlochten met de transatlantische en financiële structuren dan Macron. Hij zal pogen door zijn charisma en eloquentie de bedenkingen die sommige CDU-leden hierbij zullen hebben weg te nemen.

http://www.novini.nl/klaver-schulz-macron-politici-als-vleesgeworden-fake-news/

Oud-bondsdaglid en staatssecretaris voor de CDU, Willy Wimmer waarschuwt dat de CDU met een keuze voor Merz als partijleider volledig een afgeleide van het beleid van de Amerikaanse regering en de globalisten zou worden. Dat Merz in dienst staat van de Amerikaanse en globalistische agenda is volgens Wimmer voor iedereen zichtbaar, gezien zijn posities bij de Atlantik-Brücke en BlackRock. “De vertwijfeling in de CDU moet gigantisch zijn om een dergelijk risico met de heer Merz aan te gaan”, aldus de Merkel-criticus.

De beide overige kandidaten, Merkels favoriet Annegret Kramp-Karrenbauer en Jens Spahn, zijn anders dan Merz besmet met het jaren lange geduw en getrek rond Merkels beleid en leiderschapsstijl. Dat vermindert hun kansen om de charme van een echte frisse start uit te stralen.

Posted on

Wordt Hessen eerste Duitse deelstaat met islamitische premier?

Volker Bouffier en Tarek Al-Wazir, 2013

Komende zondag vinden in de Duitse deelstaat Hessen de tweede landdagverkiezingen van dit jaar plaats. Na het debacle in Beieren, staat vooral de federale grote coalitie op het spel.

Voor voorstanders van een multiculturele samenleving kon zondag echter wel eens een lang gekoesterde droom in vervulling gaan. Met Tarek Al-Wazir zou voor het eerst een moslim minister-president van een Duitse deelstaat kunnen worden. In de afgelopen weken hebben de Groenen, waarvoor Al-Wazir momenteel als deelstaatminister van Economische Zaken in het kabinet van Volker Bouffier (CDU) zit, flink terrein gewonnen. Kort voor de landdagverkiezingen van komende zondag liggen de Groenen in Hessen, met de wind van de Groene winst in Beieren in de rug, in de peilingen net voor de sociaaldemocraten van Thorsten Schäfer-Gümbel.

Alles wijst erop dat de CDU opnieuw de grootste partij zal worden in Hessen, maar deelstaatpremier Volker Bouffier, een vertrouweling van bondskanselier Angela Merkel, staan niet als de SPD zware verliezen te wachten. En omdat de socialistische partij Die Linke in Hessen sterker staat dan in de meeste West-Duitse deelstaten, zou een coalitie van Groenen, SPD en Linke een meerderheid kunnen krijgen.

Coalitie over links?

Bondskanselier Merkel probeerde dit vooruitzicht dan ook te gebruiken om kiezers te mobiliseren. Een dergelijke linkse coalitie is een “reële optie”, aldus Merkel. De CDU-leider riep haar partij op om alles te geven om de campagne van Bouffier te ondersteunen: “Volle kracht vooruit voor Hessen!”

De huidige deelstaatregering van CDU en Groenen in Wiesbaden functioneert “probleemloos en constructief”, dat geven zelfs christendemocraten die er op voorhand niet enthousiast voor waren toe. Daarom verraste het des te meer toen federaal partijleider van de Groenen Robert Habeck op de avond van de verkiezingen in Beieren stelde dat Bouffier een “aflopende zaak” is.

Daarachter steekt de hoop dat de Groenen uiteindelijk als winnaar uit de bus komen in Hessen. Als ze de SPD inderdaad voorbijstreven, lijkt het uitgesloten dat de SPD de CDU aan een meerderheid zal helpen. Deelstaatpremier Bouffier heeft bij zijn kiezers de reputatie van een aanpakker en iemand die echt betrokken is bij de regio, maar niet van een man van de toekomst. Zijn tegenstrever van de SPD, Schäfer-Gümbel heeft het imago van de eeuwige verliezer.

Daartegenover staat de Groene lijsttrekker Al-Wazir. Hij kwam in 1995, toen hij 24 was, de landdag in Wiesbaden binnen. Veertien jaar lang leidde hij de fractie, groeide uit tot de hardste tegenspeler van de toenmalige CDU-deelstaatpremier Roland Koch en maakte in 2008 het Ypsilanti-debacle mee, toen de SPD tevergeefs probeerde samenwerking met de Groenen en Die Linke te bereiken. Ook daarom geldt hij als niet per se een vriend van een dergelijk experiment. In 2013 voerde Al-Wazir de Groenen dan binnen in een coalitie met de voormalige aartsvijand CDU.

Rechtse oppositie

Vandaag is hij de populairste politicus van Hessen en speelt hij de grote man. Hij is bereid met alle partijen te praten, behalve de AfD natuurlijk. Hoe de AfD het in de verkiezingen gaat doen is de grote onbekende. De afdeling van die partij in Hessen geldt zelfs voor AfD-verhoudingen als moeilijk en intern verdeeld. In de maanden voor de landdagverkiezingen heeft men echter de rangen gesloten. Aan de leiding staan met Klaus Hermann en Robert Lambrou twee vertegenwoordigers van de liberaal-conservatieve vleugel, die de deelstaatpartij rustig en zonder poeha leiden. De vraag is echter of dit tijdens een verhitte campagne toereikend is. De lijst wordt aangevoerd door de Rainer Rahn, een gemeenteraadslid uit Frankfurt, die in zijn politieke loopbaan ook al voor de liberale FDP en diverse lokale partijen actief was. De partij ligt in de peilingen tussen de elf en de dertien procent, maar “De AfD zal het in Hessen nog beter doen dan in Beieren”, zo stelt Lambrou zelfverzekerd, want in Hessen zijn ze Freie Wähler een verwaarloosbare factor, terwijl ze in Beieren al tien jaar in de landdag zaten.

De Freie Wähler in Hessen schatten het zelf natuurlijk anders in en hopen juist te profiteren van de media-aandacht voor hun vrienden in Beieren, maar de opiniepeilers plaatsen hen stuk voor stuk ver onder de kiesdrempel van vijf procent.

Hoewel ze in Hessen vanouds relatief sterk staan, moet de liberale FDP net als in Beieren haar best doen om terug te keren in de landdag, met zes procent ligt ze in de peilingen niet ver boven de kiesdrempel. Kennelijk opgewekt door Merkels waarschuwing voor een coalitie van Groenen, SPD en Linke, meldden de liberalen zich deze week ook ineens weer en boden zich bij CDU en Groenen aan om hen aan een meerderheid te helpen. “Er zijn tussen de CDU, de Groenen en ons ook thematische overeenkomsten”, aldus lijsttrekker Rene Rock in een interview met DPA. “Daar ligt de focus weliswaar vaak niet zo op, omdat men vooral veel met de verschillen bezig is. Maar er zijn projecten waar we helemaal niet zo ver uit elkaar liggen.”

http://www.novini.nl/merkels-laatste-kans-om-de-eer-aan-zichzelf-te-houden/

Federale coalitie op het spel

In dit getouwtrek over potentiële coalities na de verkiezingen, lijkt het van geen belang wat SPD-lijsttrekker Schäfer-Gümbel eigenlijk wil. Zijn kansen om deelstaatpremier te worden zijn gering. In de laatste peilingen staan de sociaaldemocraten op 21 procent. Binnen de partij wordt al gesteld dat als ze het in Hessen net als in Beieren nog slechter doet dan verwacht en onder de 20 procent zakt, het sowieso afgelopen is met de federale coalitie met CDU en CSU.

Posted on

Merkels laatste kans om de eer aan zichzelf te houden

Zondag eindigt de wapenstilstand die sinds de verkiezingen in Beieren van kracht is tussen de Duitse coalitiepartijen CDU, CSU en SPD. Er is dan namelijk gestemd voor de landdag van Hessen, regionale verkiezingen die ook federaal ontwikkelingen los kunnen maken.

De meesten willen anoniem blijven, maar wat onder politieke insiders in Berlijn te beluisteren valt, laat een orkaan verwachten die na de twee weken tussen de verkiezingen in Beieren en Hessen losbreekt en moeilijk te voorspellen verwoestingen aan zou kunnen richten.

Volgens het weekblad Die Zeit verwacht een vooraanstaande bron in de CDU dat komende maandag de laatste dag voor Merkel is waarop ze haar afscheid nog helemaal zelf in de hand heeft. De maandag na de verkiezingen in Hessen zou echter ook de dag kunnen worden dat een en ander uit de hand loopt, aldus de vooraanstaande CDU-politicus die zijn naam liever geheim houdt.

Donkere vermoedens

Vooraanstaande vertegenwoordigers van alle drie de coalitiepartijen, CDU, CSU en SPD, spreken sinds 14 oktober tegenover diverse Duitse media anoniem hun donkere vermoedens en soms tegenstrijdige verwachtingen uit. Niemand durft vooralsnog met naam en toenaam geciteerd te worden, om de vooruitzichten van de eigen partij in de landdagverkiezingen in Hessen niet verder te frustreren. Maar wat men anoniem zegt volstaat om het beeld te schetsen van een diep verdeelde coalitie die gedragen wordt door oude volkspartijen die op hun grondvesten schudden.

Angela Merkels oproep op het regionale partijcongres van de CDU in Thüringen afgelopen weekeinde, dat men toch met vertrouwen de toekomst tegemoet moet zien in plaats van te wroeten in de fouten van 2015, straalde een hulpeloosheid uit die men van de bondskanselier niet gewend is. In haar stem klonk een stuk vertwijfeling door.

Federale coalitie onder druk

Hoe gaat het verder met CDU, CSU en SPD, als het na Hessen klapt? De SPD lijkt haar status van volkspartij definitief verloren te hebben. Alleen een heroriëntatie op de belangen van de ‘kleine man’, verbonden met een realistisch standpunt inzake asiel en multiculturele samenleving biedt voor de sociaaldemocraten nog de kans om zich een beetje te herstellen. Maar de groenlinkse leiderskaste van de sociaaldemocraten en de gelijkgestemde media zullen dat verhinderen. Zodoende is verdere neergang onvermijdelijk.

De Unie van CDU en CSU volgt deze neergang op enige afstand, maar de richting zou hen evengoed moeten alarmeren, nu de peilingen steeds verder richting 25 procent gaan. Het zal er op aankomen of Merkel de weg naar vernieuwing tijdig vrijmaakt of dat ze haar partij tot het einde dooddraaft. Hoe dan ook lijken de komende dagen tot de spannendste uit de recente Duitse politieke geschiedenis te gaan horen.

Posted on

Leve de verdeeldheid!

Veel Nederlanders vonden de afgelopen week een gratis Groene Amsterdammer in de bus. Sympathieke actie van een op zich sympathiek weekblad.

In dat nummer maakt Aukje van Roessel een analyse van het verval van de ‘brede volkspartijen’. Omdat de klassieke links/rechts-tegenstelling volgens haar niet langer opgaat, introduceert ze een nieuwe politieke verdeling: gesloten of open.

Het idee is ongetwijfeld door Popper geïnspireerd. Maar het geeft weer die onvermijdelijke liberale vooringenomenheid. Want open is goed, gesloten is slecht. Open omarmt de toekomst, gesloten staat er met de rug naar toe. Open stroomt, gesloten is dicht. Open is creatief, gesloten is star. Open is helder, gesloten is troebel. Enzovoorts.

Wat De Groene suggereert is dat gesloten staat voor alles dat slecht is: dictaturen, wijzelf, ons eigen land. Het suggereert ook dat alleen open de verdeling van ons land kan opheffen. Gesloten leidt, aldus De Groene, tot meer polarisatie.

Het weekblad is echter niet in staat, zo lijkt het, om te bedenken dat de samenleving wellicht geen behoefte meer heeft aan het opheffen van verdeeldheid, maar juist aan polarisatie, aan discussie, aan debat. Weg met het compromis.

Deze gedachte was de verrassende conclusie in de Tegenlicht-aflevering over Angela Merkel, gisteravond. Het land is het compromis zat, ze heeft geen behoefte meer aan een verbindende politicus met een zalvende boodschap. Het wil debat, het wil stellingname, het wil beginselen. Zoals politiek hoort te zijn…

Posted on

Blokfluit en curryworst – Duitse politici minachten hun eigen volk

Voorbij zijn de tijden dat prominente (West-)Duitse politici van zowel links als rechts een gezond patriottisme onderhielden. Met tenenkrommende uitingen laten regeringsleden van vandaag hun verstoorde verhouding tot de natie zien. Te midden van de immigratiechaos is dat een dodelijk gevaar voor Duitsland.

Ze hitst op en zet aan tot haat. Jutta Ditfurth (65), ooit medeoprichter van de Groenen en tegenwoordig voor een obscuur ecologisch splinterpartijtje gemeenteraadslid in Frankfurt, houdt zich niet in. Het racisme en de haat die ze op 13 oktober jongstleden van het spreekgestoelte in het Römer, het raadshuis van de financiële metropool, verbreidde, zal haar niet haar baan kosten. Ze zal niet van Facebook verbannen worden. Ze zal niet de hele verontwaardigingsmachinerie van de mainstream media over zich heen krijgen. Het gaat per slot van rekening maar om Duitsland. Sterven moet het, omdat dat geweldig zou zijn, zo citeert Jutta Ditfurth genoeglijk uit een lied van een punkband. Ze maakt geen geheim van haar sympathie voor dit soort hersenloze liedjes.

Wat gemeenteraadslid Ditfurth in alle openheid te beste geeft, zou bondskanselier Angela Merkel vanzelfsprekend nooit over de lippen komen. Haar houding tegenover de natie lijkt veeleer in een stadium aanbeland dat het midden houdt tussen onverschilligheid en minachting. Als het om geboren Duitsers gaat – autochtonen zouden we in Nederland zeggen, dan heeft Merkel het over “de mensen die hier al wat langer wonen” (in een interview in de prime time talkshow Anne Will op televisiekanaal ARD). In tegenstelling tot “hen die er nieuw bijgekomen zijn”, waarmee Merkel de heerscharen aan ‘asielzoekers’ die ze het land heeft binnengelaten bedoelt. Willekeuriger kan het niet.

En als de bondskanselier zich dan toch eens over culturele waarden en nationale identiteit uitlaat, is plaatsvervangende schaamte op zijn plaats. De zorg voor de uitbreiding van de islam in Duitsland moet men volgens Merkel beantwoorden met het in ere houden van christelijke tradities. Daar zit wat in, al kun je er natuurlijk niet mee volstaan. Maar op het buitengewone partijcongres van haar CDU waar ze deze uitspraak deed vulde ze dat vervolgens in met een oproep aan haar toehoorders om met Kerst vooral samen liedjes te zingen en blokfluit te spelen. “Ik meen dat volstrekt oprecht. Anders zouden we een stuk heimat kwijtraken.” Oprecht is ten aanzien hiervan slechts de indruk hoe vals en onecht de tonen van Merkels blokfluit-statement klinken.

Dat dergelijke tenenkrommende uitlatingen in de publieke sfeer vrijwel onverschillig geaccepteerd worden, ligt er misschien aan dat er naast en achter Merkel al te veel blokfluiten het zelfde deuntje blazen, zodat je oren er van gaan suizen. Toondoof van die aanhoudende blokfluiterij is de anti-Duitse klank een vanzelfsprekendheid geworden. Zo viel minister van Binnenlandse Zaken Thomas de Maizière in een discussie over integratie en nationale cultuur niets anders te binnen dan geroosterd varkensvlees en curryworst. Dergelijke lekkernijen zal men natuurlijk ondanks de instroom van islamitische immigranten ook in de toekomst kunnen blijven eten, zo verkondigde hij genereus.

Wat een mogelijke toekomstige regeringscollega van zijn geboorteland vindt, heeft hij ook reeds duidelijk gemaakt. Martin Schulz, die in januari afzwaait als voorzitter van het Europees Parlement en genoemd wordt voor de positie van minister van Buitenlandse Zaken, wil naar eigen zeggen ook in de toekomst de EU-belangen voorop stellen. De belangen van Duitsland lijken hem minder na aan het hart te liggen.

Samenvattend kunnen we zeggen dat, ook als CDU en SPD met het oog op de verkiezingscampagne weer enigszins uit elkaar drijven qua standpunten, ze toch nog altijd een zijn in hun verachting voor het Duitse volk. Vanuit de huidige praktijk is het haast niet voor te stellen dat Willy Brandt – toch bepaald geen nationalist – ooit als leider van de sociaaldemocraten aantrad met de leuze ‘Duitsers, we kunnen trots zijn op ons land’. Dat was in de campagne voor de verkiezingen van 1972, en de SPD behaalde met 45,8 procent van de stemmen haar beste verkiezingsresultaat ooit.

Met patriottisme laten zich verkiezingen winnen. Het is een kracht die mensen er toe aan kan zetten voorbij hun eigenbelang te zien en zich in dienst te stellen van een groter goed. Natuurlijk verschillen culturen in de keuze van uitingsvormen voor hun patriottisme, zo komt het Amerikaanse patriottisme Europeanen dikwijls pathetisch voor. Maar zonder een gezonde mate aan vaderlandsliefde gaat het ook niet.

Vraag je maar eens af hoe het een onderneming zal vergaan, waarvan de leidinggevenden zich niet met het bedrijf identificeren. Stel je voor dat de inkopers halfhartig over prijzen onderhandelen, dat het de personeelchefs om het even is wie er aangenomen wordt, en dat de productieleiders meer bezig zijn met de kwaliteit van hun stropdassen dan met die van de producten van de firma. Zo’n onderneming zou binnen de kortste keren een geval voor de curator zijn. Jutta Ditfurths fantasieën over het massaal verrekken van de Duitsers zijn er niet voor nodig, om het land massieve schade toe te brengen, de onverschilligheid en minachting van CDU en SPD kunnen daartoe meer dan volstaan.